
8Hebikunietaltijdalseendamebeschouwd?Hebiku nietaltijdalseenzustergeëerd?Waarombedenktudan zulkekwaadaardigedingentegenmij?
9Toenzeizeglimlachendtegenme:"Debegeertenaar ondeugendheidisinjehartopgestaanLijkthetjeniet kwalijkdateenrechtvaardigeeenslechtverlangeninzijn hartheeftopkomen?"
VISIE1
1Demandiemijhadopgevoed,verkochteenjongmeisje inRome.Toenikhaarvelejarenlaterweerzag,herinnerde ikmehaarenbegonikvanhaartehoudenalseenzus EnigetijdlaterzagikhaarzichwasseninderivierdeTiber Ikstakmijnhandnaarhaaruitenhaaldehaaruithetwater.
2Entoenikhaarzag,dachtikbijmezelf:Watzouik gelukkigzijnalsikzo'nvrouwhad,zowelquaschoonheid alsquamanieren.Datdachtikbijmezelf,enikdachter verdernietmeerovernaMaarnietlangdaarna,terwijlik wandeldeenoverdezegedachtennadacht,begonikdit schepselvanGodteerenendachtikbijmezelf:watwas zijedelenmooi
3Entoenikeenkleinstukjegelopenhad,vielikinslaap Endegeestnammijmeeenvoerdemijdooreenplaats naarrechts,waarniemanddoorheenkonHetwaseen plaatstussenderotsen,zeersteilenonbegaanbaarvoor water.
4Toenikvoorbijdezeplaatswas,kwamikineenvlakte, endaarvielikopmijnknieënenbegontotdeHeerte biddenenmijnzondentebelijden.
5Enterwijlikaanhetbiddenwas,opendedehemelzich enzagikdevrouwdieikbegeerdhad,diemijvanuitde hemelbegroetteenzei:Hermas,gegroet!Enikkeekhaar aanenantwoordde:Vrouwe,watdoetuhier?Zij antwoorddemij:Ikbenhierheengekomenomuvoorde Heervanzondetebeschuldigen.
6Mevrouw,zeiik,wiltumijovertuigen?Nee,zeize,maar luisternaardewoordendieikugasprekenGod,dieinde hemelwoontenalledingenuithetnietsheeftgemaakten vermenigvuldigdterwillevanzijnheiligekerk,is vertoorndopuomdatutegenmijgezondigdhebt
7Enikantwoorddehaar:Vrouwe,alsiktegenugezondigd heb,zegmijdanwaar,opwelkeplaatsofwanneerikooit eenongepastofoneerlijkwoordtegenugesprokenheb?
10Hetisinderdaadeenzonde,enweleenzeergrotezonde, voorzoiemand;wanteenrechtvaardigmensdenktwat rechtvaardigis.Enzolanghijdatdoetenoprechtwandelt, zaldeHEERindehemelhemgunstiggezindzijninalzijn zaken.
11Maarzijdiekwaadinhunhartkoesteren,brengende doodengevangenschapoverzichheen;envooralzijdiede tegenwoordigewereldliefhebbenenroemeninhun rijkdom,engeenachtslaanopdegoededingendiekomen zullen;hunzieldwaaltrondenweetnietwaarheentegaan 12Ditgeldtvoormensenmeteendubbelegeest,dieniet opdeHeervertrouwenenhuneigenlevenverachtenen verwaarlozen
13MaarbidtotdeHeer,enHijzaluwzondengenezen,en dezondenvanuwhelehuisgezinenvanalzijnheiligen
14Zodrazedezewoordenhadgesproken,slotende hemelenzichenwerdikvolkomenovermanddoorverdriet envrees.Ikzeibijmezelf:alsditmijalszondewordt aangerekend,hoekanikdangeredworden?
15OfhoezouikooitdeHeerkunnensmekenom vergevingvoormijnveleengrotezonden?Metwelke woordenzouikHemkunnenvragenommijgenadigtezijn?
16Terwijlikhierovernadachteninmezelfoverpeinsde, zie,erwerdeenstoeltegenovermijgeplaatst,gemaaktvan dewitstewol,zohelderalssneeuw
17Enerkwameenoudevrouwineenstralendgewaad, meteenboekinhaarhand,enzijgingalleenzittenen groettemijmetdewoorden:Hermas,gegroet!Enik,vol verdrietenwenend,antwoordde:Gegroet,Vrouwe!
18Enzijzeitegenmij:Waarombenjezobedroefd, Hermas,diealtijdgeduldig,bescheidenenopgewektwas? Ikantwoorddehaar:Vrouwe,eenvoortreffelijkevrouw heeftmijverwetendatiktegenhaargezondigdheb 19Zijantwoordde:‘Datisverrevaneendienstmaagdvan God.Maarmisschienisdiegedachtewelinuwhart
opgekomenWanteendergelijkegedachtemaaktde dienstmaagdenvanGodinderdaadschuldigaanzonde.’
20Zo'nverwerpelijkegedachtehoortnietineendienaar vanGodteleven,enookhijdiedoordeGeestbeproefdis, magniethetkwadebegeren.VooralHermas,diezich onthoudtvanallezondigebegeertenenvolisvaneenvoud engroteonschuld,behoortdaarniettoe
21MaardeHEERisnietzozeerboosopuomwillevan uzelf,alswelvanwegeuwfamilie,diekwaadheeftgedaan tegendeHEERentegenhunouders
22Enomdatuuitgenegenheidvooruwzonenuw huisgenotenniethebtvermaand,maarhenhebtlatenleven ingoddeloosheid,isdeHEEREtoornigopu.MaarHijzal allekwadengenezendieinuwhuiswordenbegaanWant doorhunzondenenongerechtighedenbentuvolledig verzonkeninwereldsezaken.
23MaarnuheeftdebarmhartigheidGodszichoveruen uwhuisontfermdenugrotelijksvertroostAlleenwatu betreft,dwaalnietaf,maarweeskalmenvertroostuw huisgenoten
24Zoalseenarbeiderdiezijnwerkaflevertenhetaanbiedt aanwiehijwil,zozultu,doorelkedagteonderwijzenwat rechtvaardigis,eengrotezondeafsnijdenHouddaarom nietopuwkinderentevermanen,wantdeHeerweetdatzij zichvanganserhartezullenbekereneninhetboekdes levensgeschrevenzullenworden
25Entoenzeditgezegdhad,voegdezeeraantoe:‘Wilje naarmeluisterenalsikvoorlees?’Ikantwoorddehaar: ‘Vrouwe,jagraag’
26Luisterdan,zeize,enzeopendehetboekenlas, glorieus,grootsenwonderbaarlijk,dingenvoordieikniet inmijngeheugenkonbewarenWanthetwaren verschrikkelijkewoorden,diegeenmenskonverdragen
27Tochhebikhaarlaatstewoordeninmijnherinnering bewaard,wanthetwarenermaarweinig,maarzewaren vangrootnutvoorons
28ZiedemachtigeHeer,diedoorzijnonzichtbarekracht enmetzijnuitmuntendewijsheiddewereldheeftgemaakt, endoorzijnglorierijkeraadzijnschepselheeftverfraaid, endoorhetwoordvanzijnkrachtdehemelheeftvastgezet endeaardeopdewaterenheeftgegrondvest;endoordeze machtigekrachtzijnheiligeKerkheeftgesticht,dieHij heeftgezegend.
29Zie,Hijzaldehemel,debergen,deheuvelsendezeeën wegnemen,enalleszalvoorzijnuitverkorenenopeen vlaktewordengelegd,opdatHijhundebeloftedieHij heeftgedaan,metveeleerenvreugdezalnakomen,alszij degebodenvanGod,diezijmetgrootgeloofhebben ontvangen,zullenbewaren
30Toenzijklaarwasmetlezenenopstonduithaarstoel, zie,daarkwamenvierjongemannenaan,diedestoelnaar hetoostendroegen.
31Enzijriepmijbijzich,raaktemijnborstaanenzei tegenmij:Heeftmijnlezingubehaagd?Ikantwoordde: Vrouwe,dezelaatstedingenbevallenmij,maarwateraan voorafgingwasstrengenmoeilijk
32Zijzeidetotmij:Dezelaatstedingenzijnvoorde rechtvaardigen,maardevoorgaandevoordeopstandige mensenenheidenen
33Terwijlzijmetmijsprak,kwamenertweemannennaar haartoe,namenhaarophunschoudersenliepennaarde plaatswaardestoelaandeoostkantstond
34Enzegingvrolijkweg;enterwijlzewegging,zeize tegenmij:Hermas,weesnietontmoedigd.
VISIE2
1TerwijlikopwegwasnaarCuma,ongeveerrond dezelfdetijdalshetjaarervoor,begonikmedevisiete herinnerendieiktoenhadgehad.Enopnieuwvoerdede geestmemeeenbrachtmenaardezelfdeplekwaarikhet jaarervoorwasgeweest
2Entoenikopdieplaatsgekomenwas,vielikopmijn knieënneerenbegontotdeHeertebiddenenzijnnaamte verheerlijken,omdathijmijwaardighadgeachtenmijn vroegerezondenaanmijhadgeopenbaard
3Toeniknahetgebedwasopgestaan,zagikdeoude vrouwdieikhetvorigejaarhadgezien,rechtvoormij lopenenlezenineenboek
4Enzijzeitegenmij:‘Kuntudezedingenaande uitverkorenenvanGodvertellen?’Ikantwoorddehaar: ‘Vrouwe,ikkanaldiedingennietonthouden,maargeef mijhetboek,danzalikzeopschrijven’
5Neemhet,zegtze,enzorgervoordatjehetweeraanmij teruggeeft
6Zodraikhetontvangenhad,gingiknaareenapart gedeeltevanhetveldenschreefelkeletterover,wantik vondgeenlettergrepen
7Zodraikklaarwasmetwaterinhetboekgeschreven stond,werdhetboekplotselinguitmijnhandgerukt,maar doorwie,datzagikniet
8NavijftiendagenvastenendeHeermetalleernst smeekten,werdmijdebetekenisvanhetschrift geopenbaardHetschriftluiddealsvolgt:
9Uwnageslacht,oHermas!heeftgezondigdtegendeHeer enheeftzijnoudersverradendoorzijngrotegoddeloosheid. Enzijzijndeverradersvanhunoudersgenoemdenzijnin hunverraaddoorgegaan
10Ennuhebbenzijontuchtaanhunanderezonden toegevoegd,endeonreinheidvanhunslechtheid;zo hebbenzijdemaatvanhunongerechtigheidvolgemaakt Maarberispuwzonenmetaldezewoorden,enookuw vrouw,dieuwzusterzalzijn;enlaathaarlerenhaartong tebeheersen,waarmeezijlastert
11Enwanneerzijdithoort,zalzijzichinhoudenen barmhartigheidontvangen
12Enookzijzullenonderrichtworden,wanneeruhen terechtwijstmetdezewoorden,diedeHeeruheeftbevolen teopenbaren
13Danzullenhunzondenvergevenworden,diezij vroegerbegaanhebben,endezondenvanalleheiligendie totopdezedaggezondigdhebben;alszijzichvanharte bekerenenalletwijfelsuithunhartverwijderen
14WantdeHEERheeftbijzijnheerlijkheidgezworen overzijnuitverkorenenenheeftditnubepaald:alsiemand nunogzondigt,zalhijnietgeredworden
15Wantdebekeringvanderechtvaardigenheeftzijneinde; dedagenvanbekeringzijnvervuldvooralleheiligen;maar voordeheideneniserbekeringtotaandelaatstedag.
16Umoetdaaromtegenhendieoverdekerkgesteldzijn zeggen:datzijhunwegeninrechtvaardigheidordenen, opdatzijdebeloftetenvolleenmetveelheerlijkheid mogenontvangen
17Stadaaromvastberadenvast,gijdierechtvaardigheid bedrijft,enblijfdatdoen,opdatuwheengaanmetde heiligeengelenzalzijn
18Gelukkigzijallendiedegrotebeproevingdievoorhen ligtzullendoorstaan,eniederdiezijnlevennietzal verloochenen
19WantdeHEERheeftbijzijnZoongezworendatwie zijnZoonenHemverloochentuitvreesvoorzijnleven, Hemookzalverloochenenindetoekomstigewereld
20MaarwieHemnooitzullenverloochenen,diezalHijin zijngrotebarmhartigheidgunstiggezindzijn
21Maarjij,Hermas!Denknietaandeslechtedadendieje zonenhebbenbegaan,enverwaarloosjezusniet,maar zorgervoordatzezichbekerenvanhunvroegerezonden
22Wantzijzullendoordezeleeronderwezenworden,als unietletopwatzijverkeerdhebbengedaan.
23Wantdeherinneringaanhetkwaadbrengtdedood voort,maarhetvergetenervanheteeuwigeleven
24Maargij,okluizenaars!hebtveelaardseellende geledenvanwegedeovertredingenvanuwhuis,omdatgij henhebtverwaarloosdalszakendieuniettoekwamen;en gijzijtgeheelinbeslaggenomendooruwbelangrijketaak.
25Maarjuistdaaromzuljebehoudenworden:omdatje nietbentafgewekenvandelevendeGod,enjeeenvouden jebijzonderezelfbeheersingzullenjebeschermen,alsje daarinvolhardt
26Ja,zijzullenallenreddendiezulkedingendoenenin onschuldeneenvoudwandelen.
27Zijdievanditsoortzijn,zullenallegoddeloosheid overwinnenenstandhoudentotheteeuwigeleven
28Gelukkigzijnallendiedegerechtigheiddoen:zijzullen vooreeuwigniettegrondegaan
29Maargijzultzeggen:Zie,erkomteengrotebeproeving Indienhetugoeddunkt,verloochenHemdanopnieuw.
30DeHEEREisnabijhendiezichtotHembekeren,zoals geschrevenstaatinhetboekvanHeldamenModal,dietot deIsraëlietenindewoestijnprofeteerden.
31Bovendien,broeders,werdmij,terwijliksliep,dooreen knappejongemangeopenbaard:‘Watvindtuvandieoude vrouwvanwieuhetboekhebtontvangen?Wieiszij?’Ik antwoordde:‘EenSibylle’
32Uvergistzich,zeihij,zijishetnietIkantwoordde: Wieiszijdan,heer?Hijantwoorddemij:Hetisde gemeentevanGod
33Enikzeitegenhem:Waaromzietzijerdanouduit? Daaromiszij,zeihij,eenoudevrouw,omdatzijdeeerste vandehelescheppingwasendewereldvoorhaargemaakt is.
34DaarnazagikthuisinmijneigenhuiseenvisioenDe oudevrouwdieikeerderhadgezien,kwamnaarmetoeen vroegofikhaarboekalaandeouderlingenvande gemeentehadgegeven.Ikantwoorddedatikdatnogniet hadgedaan
35Zijantwoordde:‘Jehebtgoedgehandeld,wantikhebje nogeenaantaldingentevertellenMaarwanneerikalmijn woordenhebuitgesproken,zullenzeduidelijkworden begrependoordeuitverkorenen.’
36EnuzulttweeboekenschrijveneneréénnaarClemens enéénnaarGraptesturenClemenszalhetnaarde buitenlandsestedensturen,omdathethemistoegestaandat tedoen;maarGraptezaldeweduwenenwezenvermanen
37Maarjijzultindezestadvoorlezen,samenmetde ouderlingenvandegemeente.
VISIE3
1Hetvisioendatikzag,broeders,wasdit:
2NadatikvaakhadgevastentotdeHeerhadgebedendat HijmijdeopenbaringzouopenbarendieHijmijdoorde oudevrouwhadbeloofd,verscheenzijdiezelfdenachtaan mijenzeitegenmij:
3Omdatjejezelfzoverdruktenzograagalleswiltweten, gadannaarhetveldwaarjewilt,enrondhetzesdeuurzal Ikaanjeverschijnenenjelatenzienwatjemoetzien.
4Ikvroeghaar:"Vrouwe,naarwelkdeelvanhetveldwilt ukomen?"Zeantwoordde:"Waarumaarwilt,alsumaar eengoedeenafgelegenplekuitkiest."Envoordatikkon beginnenmetsprekenenhaardeplekkonnoemen,zeize tegenme:"Ikzalkomenwaarumaarwilt"
5Ikwasdus,broeders,ophetveld,enikhieldmijaande urenengingnaardeplaatswaarikhaarhadopgedragente komen
6Enikzageenbankstaan,diebestonduiteenlinnen kussen,endaaroverheenlageenkleedvanfijnlinnen
7Toenikzagdatdezedingenzogeordendwarenendater niemandopdieplekwas,begonikmeteverbazen,enmijn harenrezenovereind,eneensoortafschuwbekroopme; wantikwasalleen
8Maartoenikweertotmezelfwasgekomen,ende heerlijkheidvanGadindachtigdacht,enmoedvattend,viel ikopmijnknieënenbegonopnieuwmijnzondente belijdenzoalsvoorheen.
9Terwijlikhiermeebezigwas,kwamdeoudevrouw daarheenmetdezesjongemannendieikeerderhadgezien Zestondenachtermijterwijlikaanhetbiddenwasen hoordemijbiddenenmijnzondenaandeHeerbelijden 10Enzeraaktemeaanenzei:‘Bidnunietalleenmeer voorjezonden,maarookvoorgerechtigheid,zodatjedeel vanhaarinjehuismagontvangen’
11Enzijtildemijvandieplaatsop,nammijbijdehand enbrachtmijnaardezetel;enzijzeitegende jongemannen:Gaheenenbouw
12Zodrazijvertrokkenwarenenwijalleenwaren,zeizij tegenmij:Gahierzitten.Ikantwoorddehaar:Vrouwe,laat deoudsteneerstgaanzittenZijantwoordde:Gazitten zoalsikuzeg
13Entoenikaanderechterkantwildegaanzitten,stondze datniettoe,maargebaardemethaarhanddatikaande linkerkantmoestgaanzitten.
14Terwijlikhierovernadachtenvolverdrietwasdatze menietaanderechterkantwildelatenzitten,zeizetegen me:Hermes,waarombenjezobedroefd?
15DeplaatsaanderechterhandisvoorhendieGodal bereikthebbenenomwillevanzijnnaamgeledenhebben Maarerisnogveelvoorjoutedoen,voordatjij,Banat,bij henplaatsneemt
16Maargazodoorinjeoprechtheid,enjezultmethen samenzitten,zoalsalleanderendiehunwerkdoenende lastdragendiezijgedragenhebben
17Ikzeitegenhaar:Vrouwe,ikzouwillenwetenwatze hebbengeleden.Luisterdan,zeize:wildedieren, geselingen,gevangenschapenkruisenomwillevanzijn naam
18Daarombehoortderechterhandvandeheiligheidaan hentoe,enaanallendieomwillevandenaamvanGod zullenlijden;maardelinkerhandbehoortaanderest
19Degavenendebeloftenkomenechterbeidentoe,zowel hendieaanderechterhandzittenalshendieaande linkerhandzitten;alleenhebbenzijdieaanderechterhand zittenenigeeerbovendeanderen
20Maarjijverlangternaarommethenaanderechterhand tezitten,entochhebjeveelgebrekenMaarjezultvanje gebrekengereinigdworden,evenalsallendieniettwijfelen, gereinigdzullenwordenvanallezondendiezijtotop hedenbegaanhebben
21Entoenzeditgezegdhad,zouzevertrokkenzijn.
22Daaromvielikvoorhaarneerenbegonhaar,innaam vandeHeer,tesmekendatzijmijhetvisioenzoutonendat zijhadbeloofd.
23Toenpaktezemeweerbijdehand,tildemeopenliet meopdestoelaandelinkerkantzittenZehieldeen blinkendetoverstafomhoogenzeitegenme:Ziejedat groteding?Ikantwoordde:Mevrouw,ikzieniets
24Zijantwoordde:Zietuniettegenoverueengrotetoren, dieophetwaterisgebouwd,metheldere,vierkantestenen?
25Wantdetorenwerdopeenpleingebouwddoordezezes jongemannendiemethaarmeegekomenwaren
26Maarveleduizendenanderemannenbrachtenstenen; sommigenhaaldenzeuitdediepte,anderendroegenzevan degrondengavenzeaandezesjongemannenEnzij namenzemeeenbouwden.
27Watbetreftdestenendieuitdedieptewarengehaald, diewerdenallemaalinhetgebouwverwerktZewaren namelijkgepolijstenhunvierkantenpastenpreciesop elkaar,zodatdeenesteenzonaadloosopdeandere aanslootdatergeenruimtetezienwaswaarze samenkwamen,waardoordeheletoreneruitzagalsofhijuit éénstuksteenwasgebouwd
28Maarwatdeanderestenenbetreftdievandegrond warengehaald,sommigewerdenafgewezen,andere werdeninhetgebouwverwerkt
29Watbetreftdestenendiewerdenafgekeurd,sommige werdenweggesnedenenopeenafstandvandetoren weggegooid;maarveleandereblevenrondomdetoren liggen,diezenietbijdebouwgebruikten
30Sommigestenenwarenruw,anderehaddenspleten, weeranderewarenwitenrond,ennietgeschiktvoorde bouwvandetoren
31Maarikzagdeoverigestenen,dievandetorenafwaren geworpen,opdewegvallenZeblevennietopdeweg, maarwerdenvandewegweggeroldenkwamenopeen eenzameplaatsterecht
32Anderenzagikinhetvuurvallenenverbranden;weer anderenvielenvlakbijhetwater,maarkondenzicherniet inrollen,hoewelzeerheelgraaginwildenvallen.
33Entoenzijmijdezedingenhadlatenzien,wildezij weggaanMaarikzeitegenhaar:Mevrouw,wathebik eraanomdezedingentezienenniettebegrijpenwatze betekenen?
34Zijantwoorddeenzeitegenmij:‘Ubentzeersluw, omdatuernaarverlangtdedingentewetendiebetrekking hebbenopdetoren’‘Ja,’zeiik,‘Vrouwe,opdatikzeaan debroederskanbekendmaken,zodatzijzichkunnen verheugenen,doordezedingentehoren,Godmetgrote eerkunnenverheerlijken’
35Toenzeize:Velenzullenhenhoren,enwanneerzijhen gehoordhebben,zullensommigenzichverheugenen anderenhuilenMaarookdezenzullenzichverheugenals zijzichbekeren.
36Luisterdusnaarwatikgazeggenoverdegelijkenisvan detoren,enblijfdaarnanietlangerbijmijaandringenover deopenbaring
37Wantdezeopenbaringenhebbeneeneinde,wanneerze vervuldwordenMaarjijmoetnietophoudenmethet verlangennaaropenbaringen,wantjebentzeerdringend
38Watbetreftdetorendieuzietbouwen,datbenikzelf, namelijkdekerk,dieuzowelnualsvroegerisverschenen Vraagdaaromwatuwiltoverdetoren,enikzalhetu openbaren,zodatuzichkuntverheugenmetdeheiligen
39Ikzeitegenhaar:Mevrouw,omdatumijooitwaardig hebtgeachtomvanudeopenbaringvanaldezedingente ontvangen,moetuzemijverklaren
40Zijantwoorddemij:Alwatgeschiktisomaanu geopenbaardteworden,zalgeopenbaardworden.Laatuw hartbijdeHeerzijnentwijfelniet,alwatuzultzien 41Ikvroeghaar:"Vrouwe,waaromisdetorenophet watergebouwd?"Zeantwoordde:"Ikhebjealeerder gezegddathetheelverstandigwasomgrondignaarhet gebouwteinformeren,daaromzuljedewaarheidvinden" 42Luisterdaaromwaaromdetorenophetwateris gebouwd:omdatuwlevendoorhetwaterwordtenzal wordengeredWanthijisgegrondvestophetwoordvan dealmachtigeeneerbiedwaardigenaamenwordt ondersteunddoordeonzichtbarekrachtendeugdvanGod 43Enikantwoorddehaar:Ditiszeerbewonderenswaardig, maarmevrouw,wiezijndiezesjongemannendieaanhet bouwenzijn?
44'DatzijndeengelenvanGod,'zeize,'diealseersten warenaangesteldenaanwiedeHeeralzijnschepselen heefttoevertrouwdomzetevormenenoptebouwenen eroverteheersenWantdoorhenzaldebouwvandetoren voltooidworden.'
45Enwiezijndeanderendiehunstenenbrengen?
46OokzijzijndeheiligeengelenvandeHeer,maarde anderenzijnvoortreffelijkerdandeze.Daaromzullenzij, wanneerdeheletorengebouwdis,sameneenfeestmaal houdenbijdetorenenGodverheerlijken,omdatdetoren voltooidis.
47Ikvroeghaar:‘Ikwilgraagwetenwatdetoestandvan destenenisenwathunbetekenisis’
48Zijantwoorddemij:Benjijdanverhevenbovenalle anderen,datditaanjougeopenbaardzouworden?Wanter zijnanderendieouderzijndanjijendieverhevenzijn bovenjou,aanwiedezevisioenengeopenbaardzouden moetenworden
49MaaropdatdenaamvanGodverheerlijktmogeworden, isenzaldezeaanugeopenbaardworden,tenbehoevevan hendietwijfeleneninhunhartnadenkenofdezedingen welzozijn
50Zeghundataldezedingenwaarzijn,endaternietsin isdatnietwaaris,maardatzeallemaalvastenwaarachtig zijn.
51Luisternunaardestenendieinhetgebouwliggen
52Devierkante,wittestenendieperfectopelkaar aansluiten,zijndeapostelen,bisschoppen,kerklerarenen dienaren,diedoorGodsgenadezijngekomen,de uitverkorenenvanGodhebbenbestuurd,onderwezenenop
heiligeenbescheidenwijzehebbengediend,zowelhendie zijnontslapenalshendienogleven;endiealtijdmethen eensgezindzijngeweest,vredeinzichzelfhebbengehaden naarelkaarhebbengeluisterd.
53Daaromkomenhunvoegenbijdebouwvandetoren preciesopelkaaraan
54Zijdieuitdedieptezijngehaaldeninhetgebouwzijn geplaatst,enwiervoegenovereenkomenmetdeandere stenendiealgebouwdzijn,zijnzijdiereedszijnontslapen enhebbengeledenomwillevandenaamvandeHeer
55Enwelkeanderestenen,mevrouw,wordeneruitde aardegehaald?Ikzouwillenwetenwelkedatzijn
56Zijantwoordde:Deongepolijste,onbewerktevruchten zijndoorGodgoedgekeurd,omdatzijdewetvandeHEER hebbengevolgdenhunwegennaarzijngebodenhebben gericht.
57Zijdienaardebouwvandetorengebrachtendaar geplaatstworden,zijndejongereninhetgeloofende gelovigen.Enzijwordendoordeengelenaangespoordom goedtedoen,omdatergeenongerechtigheidinhen gevondenwordt
58Maarwiezijndegenendiezijverworpenhebbenen naastdetorenhebbenneergelegd?
59Zijzijnzijdiegezondigdhebbenenbereidzijnzichte bekeren;daaromwordenzijnietvervandetorengeworpen, wantzijzullennuttigzijnvoordebouw,alszijzich bekeren
60Zijdiezichnognietbekeerdhebben,zullen,alszijzich bekeren,sterkwordeninhetgeloof;datwilzeggen,alszij zichnubekeren,terwijldetorennoggebouwdwordtWant alsdetorenafis,zalergeenplaatsmeervoorhenzijn, maarzullenzijverworpenworden;wantalleenhijdienual indetorenverblijft,heeftditvoorrecht
61Maarweetuwiezijzijndiewerdenweggesnedenen vervandetorenwerdenweggeworpen?Vrouwe,zeiik,ik wilhetgraagweten
62Zijzijnkinderenvandeongerechtigheid,diealleenin huichelarijgeloofdenenzichnietvanhunslechtewegen afkeerden;daaromzullenzijnietgeredworden,omdatzij doorhunzondenvangeenenkelnutzijnbijdeopbouw.
63Daaromwordenzijuitgeroeidenverweggeworpen, vanwegedetoornvandeHeer,enomdatzijHemtottoorn tegenhenhebbengeprovoceerd.
64Watbetreftdeveleanderestenendiejeronddetoren hebtzienliggen,maarnietindegebouwenhebtzien plaatsen:deruwestenenzijnvanhendiedewaarheidwel hebbengekend,maarernietinzijnvolhardenzichnietbij deheiligenhebbenaangesloten,endaaromnuttelooszijn.
65Degenendiegespletenzijn,zijnzijdieonenigheidin hunhartkoesterentegenelkaarennietinvredeleven;die vriendelijkzijnwanneerzebijhunbroederszijn,maar zodrazevanelkaargescheidenzijn,blijfthun boosaardigheidinhunhartvoortbestaan:ditzijndespleten dieindiestenentezienzijn
66Zijdieverminktenkortzijn,zijnzijdiewelgeloven, maarnogsteedsingrotematevolgoddeloosheidzijn; daaromzijnzijverminktennietgeheel.
67Maarwelkewitte,rondestenenzijner,dame,enwelke zijnnietgeschiktvoordebouwvandetoren?
68Zijantwoorddemij:Hoelangzuljenogzodwaasen onverstandigblijven,allesvragenennietsbegrijpen?
69Zijzijnmensendieweliswaargeloofhebben,maar tegelijkertijdookderijkdommenvandezewereldbezitten. Wanneererdanmoeilijkhedenontstaan,verloochenenzij deHeervanwegehunrijkdomenhandel.
70Ikantwoorddehaar:Wanneerzullenzijdannuttigzijn voordeHeer?Wanneerhunrijkdom,waaraanzijhun vreugdevinden,zalwordenweggenomen,danzullenzij nuttigzijnvoordeHeer,voordeopbouwvanzijnhuis.
71Wantzoalseenrondesteennietvierkantkanwordenals ernieteenstukjevanafwordtgesnedenenerietsvanaf wordtgehaald,zokunnenderijkenindezewereldnietvan nutzijnvoordeHeeralshunrijkdommennietworden afgeschaafd.
72Leerdituiteigenervaring:toenjerijkwas,wasje nutteloos,maarnubenjenuttigengeschiktvoorhetleven datjehebtgekozen,wantookjijwasooiteenvandie stenen
73Watbetreftdeoverigestenendiejevervandetorenzag weggeworpen,dieopdewegroldenenvandewegaf roldennaarverlatenplekken,datzijnmensendie weliswaargeloofdhebben,maardoorhuntwijfeldeware weghebbenverlaten,indeveronderstellingdatzeeen beterewegkondenvindenMaarzedwalenrondenzijn ellendig,zegaandesolatepadenop
74Endiestenendieinhetvuurvielenenverbrandwerden, datzijnzijdievoorgoedvandelevendeGodzijn afgeweken;enhetkomtnooitinhunhartopomzichte bekeren,vanwegehungehechtheidaanhunlustenende goddeloosheiddiezijbegaan
75Enwatzijndeoverigendiebijhetwatervielenenniet inhetwaterkondenrollen?
76Zijzijndegenendiehetwoordgehoordhebbenen bereidwarenzichindenaamvandeHeertelatendopen, maardie,doordegroteheiligheiddiedewaarheidvereist inoverwegingtenemen,zichhebbenafgewendenhun zondigebegeertenweergevolgd
77Zobeëindigdezijdeuitlegoverdetoren.
78Maarik,dienogsteedsaandrong,vroeghaar:Iserdan nogkansopberouwvooraldiestenendiezozijn weggegooidennietgeschiktwarenvoordebouwvande toren?Zullenzijdannogeenplaatsvindenindezetoren?
79'Zekunnenzichbekeren,'zeize,'maarzekunnendeze torennietbinnengaan;zezullenineenveellagererang wordengeplaatst,enditpasnadatzezijnverdruktende dagenvanhunzondenhebbenvervuld'
80Endaaromzullenzijwordenweggehaald,omdatzijhet woordvangerechtigheidhebbenontvangen;endanzullen zijvanhunbenauwdhedenwordenverlost,alszijinhun harteenwaarbesefhebbenvanwatzijverkeerdhebben gedaan
81Maaralszijditbesefnietinhunharthebben,zullenzij nietgeredwordenvanwegedehardheidvanhunhart.
82Toenikhaardusoveraldezedingenhadondervraagd, zeizetegenme:'Wiljenogietsanderszien?'Enomdatik datgraagwildezien,werdikheelopgewekt
83Zijkeekmijdusaan,glimlachteeenbeetjeenzeitegen mij:Zietuzevenvrouwenronddetoren?Mevrouw,zeiik, ikzieze
84Dezetoren,antwoorddeze,wordtdoorhenondersteund, overeenkomstighetbevelvandeHeer;luisterdaaromnaar degevolgenervan
85Deeerstevanhen,diemethaarhandvasthoudt,heet Geloof;doorhaarzullendeuitverkorenengeredworden. Devolgende,diegegordisenermannelijkuitziet,heet Onthouding;zijisdedochtervanGeloof.
86Wiehaardusvolgt,zalzijnhelelevengelukkigzijn, wanthijzalzichonthoudenvanalleslechtewerken,inde overtuigingdatalshijzichvanallebegeerteweerhoudt,hij deerfgenaamvanheteeuwigelevenzalzijn.Enwatzijn dieanderevijfdan,mevrouw?vroegik
87'Zijzijn,'antwoorddeze,'elkaarsdochtersDeeerste heetEenvoud,devolgendeOnschuld,dederde Bescheidenheid,danGehoorzaamheidendelaatsteLiefde Wanneerjedusdewerkenvanhunmoederhebtvolbracht, zuljeinstaatzijnallestedoen'
88'Mevrouw,'zeiik,'ikzouwillenwetenwelkespecifieke deugdelkvandezebezit.'
89Luisterdan,antwoorddeze;zehebbengelijkedeugden, enhundeugdenzijnmetelkaarverwevenenvolgenelkaar opzoalszevannaturezijn.
90Uithetgeloofkomtonthoudingvoort;uitonthouding eenvoud;uiteenvoudonschuld;uitonschuld bescheidenheid;uitbescheidenheiddisciplineen naastenliefdeDaaromzijndewerkenvandezenheilig, reinenrechtvaardig
91Wiehendientenzichaanhunwerkenhoudt,zalinde torenwonen,samenmetdeheiligenvanGod
92Toenvroegikhaarnaardetijden,ofheteindenunabij was;
93Maarzijriepluid:‘Odwaas!Ziejedannietdatdetoren noginaanbouwis?Wanneerdetorenvoltooidengebouwd zalzijn,zalhijeeneindehebben;enhijzalspoedig voltooidzijn’
94MaarstelmegeenvragenmeerWatgezegdis,zalvoor jouenalleheiligenvoldoendezijntotverkwikkingvan julliegeestWantdezedingenzijnnietalleenaanjou geopenbaard,maarookopdatjijzeaanallenbekendzou maken.
95Wantdaarom,oHermes,moetjenadriedagendeze woordenbegrijpendieikbegintotjetespreken,zodatjeze kuntsprekenindeorenvandeheiligen.Wanneerzijze gehoordengedaanhebben,zullenzijgereinigdwordenvan hunongerechtigheden,enjijsamenmethen
96Luisterdannaarmij,mijnzonen.Ikhebuopgevoedin veeleenvoud,oprechtheidenbescheidenheid,uitliefde voorGodDieliefdeisopuneergedaaldingerechtigheid, opdatugeheiligdengerechtvaardigdzouwordenvanalle zondeenongerechtigheidMaaruzultnietophoudenmet uwslechtedaden.
97Luisterdaaromnaarmij,enweesvredigmetelkaar,en bezoekelkaar,enontvangelkaar,enhebdeschepselenvan Godnietalleenvooruzelf
98Geefroyaalaandebehoeftigen.Wantsommigenkrijgen doorteroyaaleteneenziekteinhunvleesenbrengen schadeaanhunlichaam;terwijlhetvleesvananderendie geenvoedselhebben,verdort,omdatzenietvoldoende voedselkrijgen,enhunlichaamwordtverteerd
99Daaromisdezeonmatigheidschadelijkvoorjullie,die welhebben,endienietdelenmethendiegebreklijden Bereidjevoorophetoordeeldatoverjulliezalkomen
100Julliediedemeestvooraanstaandenzijn,zoekde hongerigenop,terwijldetorennognietafisWantalsde
toreneenmaalafis,zullenjulliebereidzijngoedtedoen, enzullenjullieergeenplaatsinvinden.
101Weesdaaromopjehoede,gijdieroemtinuwrijkdom, opdatzijdiegebreklijdennietzuchten,enhungeklaagtot Godopstijgt,engijmetuwbezittingenbuitendepoortvan detorenwordtgesloten
102Zie,ikwaarschuwu,dieoverdekerkbentaangesteld endehoogsteambtenliefhebt:weesnietzoalszijdie kwaaddoen
103Enzijdragenhungifinderdaadindozenmetzichmee, maarjulliebewarenjulliegifenverderfinjulliehartenen willenhetnietreinigenenjullieverstandnietvermengen meteenreinhart,opdatjulliegenademogenvindenbijde GroteKoning
104Letop,mijnkinderen,datjullieverdeeldheidjullie niethetlevenkost.Hoezullenjulliedeuitverkorenenvan Godonderwijzen,alsjulliezelfgeencorrectieontvangen?
Vermaanelkaardaaromenweesvredigonderelkaar,zodat ik,staandevoorjullievader,rekenschapvanjulliekan afleggenaandeHeer
105Entoenzehaargesprekmetmijhadbeëindigd, kwamendezesjongemannendiedetorenhaddengebouwd endroegenhaarnaardetoren;envieranderennamende zetelwaarzijophadgezetenengingenookweernaarde toren.Ikzaghungezichtenniet,wantzestondenmethun rugnaarmijtoe
106Toenzewegging,vroegikhaarofzemewilde vertellenwatdebetekeniswasvandedriegedaanten waarinzeaanmijwasverschenen
107Maarzijantwoorddemij:overdezedingenmoetje iemandandersvragen,zodatzejegeopenbaardkunnen worden
108Nu,broeders,inheteerstevisioenvanvorigjaar verscheenzijaanmij,zeeroudenzittendopeenstoel.
109Ineenandervisioenhadzeweliswaareenjeugdig gezicht,maarhaarhuidenhaarwarenoud;maarzesprak staandmetmijenwasopgewekterdandeeerstekeer.
110Inhetderdevisioenwaszeinalleopzichtenveel jongerenaantrekkelijkomtezien;alleenhadzehethaar vaneenouderevrouw;tochzagzeeropgewektuitenzat zeopeenzetel
111Ikwasdaaromzeerbedroefdoverdezedingen,totdat ikhetvisioenzoubegrijpen.
112Daaromzagikdezelfdeoudevrouwineennachtelijk visioentegenmijzeggen:Elkgebedbehoeftvernedering Vastdaarom,enjezultvandeHeerlerenwatjevraagt.Ik hebdaaromopeendaggevast
113Diezelfdenachtverscheenereenjongemanaanmijen zei:Waaromverlangjezovaaknaaropenbaringeninje gebeden?Leteropdatjedoorveeltevragenjelichaam nietschaadtLaatdezeopenbaringenjevoldoendezijn 114Kunjenogbelangrijkereopenbaringenziendandieje alhebtontvangen?
115IkantwoorddeenzeidetotHem:Heer,ikvraagslechts ééndinginverbandmetdedriegestaltenvandeoude vrouwdieaanmijverschenen,opdatdeOpenbaring volkomenmogezijn.
116Hijantwoorddemij:Ubentnietzonderinzicht,maar uwtwijfelsmakenudat,omdatuuwhartnietbijdeHeer hebt.
117Ikantwoorddeenzei:Maardezedingenzullenwij nauwkeurigervanuleren
118Luisterdan,zegthij,naardecijferswaaroveru navraagdoet.
119Eninheteerstevisioenverscheenzijaanuinde gedaantevaneenoudevrouwdieopeenstoelzat,omdat uwoudegeestverzwaktenkrachtelooswas,vanwegeuw zwakhedenendetwijfelinuwhart
120Wantzoalsdeouderengeenhoopmeerhebbenop vernieuwingennietsandersverwachtendanhunheengaan, zohebbenjullieje,verzwaktdoorjulliewereldse bezigheden,overgegevenaanluiheidenjulliezorgvoorde Heernietvanjezelfafgewend;jullieverstandis vertroebeldenjulliewordenoudinjulliedroefheid 121Maarmeneer,ikzouwelwillenwetenwaaromzeop eenstoelzat?
122Hijantwoordde:omdatiederdiezwakis,vanwegezijn zwakheidopeenstoelzit,opdatzijnzwakheidondersteund wordtZiedaaromdeafbeeldingvanheteerstevisioen
123Inhettweedevisioenzaguhaarstaan,meteenjeugdig gezichtenvrolijkerdanvoorheen;maarhaarvleesenhaar haarwarenoudLuister,zeihij,ooknaardezegelijkenis
124Wanneeriemandoudwordt,wanhoopthijaanzichzelf vanwegezijnzwakteenarmoede,enverwachthijniets andersdandelaatstedagvanzijnleven
125Maarplotselingwordthemeenerfenisnagelaten,en hijhoortervanenstaatop;enopgewektgeworden, ontvangthijnieuwekrachtEnnuzithijnietmeer,maar staathijop,enishijverlostvanzijnvroegereverdriet;en hijzitnietlanger,maarhandeltmoedig.
126UhebtdusdeopenbaringgehoorddieGoduheeft geopenbaard,omdatHijmedelijdenmetuhadenuwgeest vernieuwdheeft.Uhebtuwzwakhedenafgelegd,kracht ontvangenenbentsterkgewordeninhetgeloofEnGod heeftzichverheugdoveruwkracht
127DaaromheeftHijudebouwvandetorenlatenzien,en Hijzalunoganderedingenlatenzien,alsumetheeluw hartvredemetelkaarhebt
128Maarinhetderdevisioenzaguhaarnogjonger,mooi envrolijk,meteenkalmgezicht
129Wanthetisalsofeenblijdeboodschaptothemkomt dieverdrietigis.Hijvergeetmeteenzijndroefheidenletop nietsandersdanopdeblijdeboodschapdiehijgehoord heeftMaarhijwordtgetroostenzijngeestwordt vernieuwddoordeblijdschapdiehijheeftontvangen.Zo zijnookjullieverkwiktinjegeest,toenjulliedezegoede dingenzagen
130Enomdatuhaaropeenbankzagzitten,duidtdatop eenstevigepositie;wanteenbankheeftvierpotenenstaat stevig.Enzelfsdewereldzelfwordtdoordevier elementengedragen
131Wiezichdusvolkomenbekeert,zaljongzijn;enwie zichmetheelzijnhartvanzijnzondenafkeert,zal gevestigdworden.
132NuudeOpenbaringvolledighebtontvangen,vraag dannietlangeromverdereopenbaring
133Maaralserietsgeopenbaardmoetworden,danzalhet aanubekendgemaaktworden
VISIE4
1Twintigdagennahetvorigevisioenzagikeenvisioen, broeders;eenvoorafbeeldingvandeverdrukkingdienabij isIkwandeldeopdewegvanhetveld
2Vanafdeopenbarewegnaardeplaatswaarikheenging, ishetongeveertienstadiën;hetiseenwegdiemaarweinig gebruiktwordt
3Enterwijlikalleenwandelde,smeekteikdeHeerdatHij deopenbaringenzoubevestigendieHijmijdoorzijn heiligeKerkhadgetoond
4EnHijzouberouwschenkenaanalZijndienarendie aanstoothaddengenomen,opdatZijngroteen eerbiedwaardigenaamverheerlijktzouworden,enomdat HijmijwaardigachtteomZijnwonderenaantetonen,en opdatikHemzouerenenHemzoudanken
5Enzie,eenstemantwoorddemij:‘Twijfelniet,Hermas’ Daarombegoniknatedenkenenzeiikbijmezelf: waaromzouiktwijfelen,nuikzodoordeHeerben aangesteldenzulkeheerlijkedingenhebgezien?
6Ikwasnogmaareenkleineindjeverdergelopen, broeders,toenikplotselingstofzagopstijgennaarde hemelIkvroegmeaf:komtersomseenkuddeveeaandie zo'nstofwolkveroorzaakt?
7Hetwasongeveereenfurlong(200meter)vanmij verwijderdEnzie,ikzaghetstofsteedshogeropstijgen, zodatikbegontevermoedendaterietsbijzondersaande handwas
8Endezonscheeneven,enzie,ikzageengrootbeest,als eenwalvis,enerkwamenvurigesprinkhanenuitzijnbek.
Hetbeestwasongeveerhonderdvoethoogenhadeenkop alseengroteaardenpot
9IkbegontehuilenenbadtotdeHeerdatHijmijhiervan zouverlossenToenherinnerdeikmehetwoorddatikhad gehoord:Twijfelniet,Hermas
10Daarom,broeders,bekleedmethetgoddelijkegeloofen denkendaanwiemijgrotedingenheeftgeleerd,hebik mijzelflichamelijkovergeleverdaanhetbeest
11Hetbeestkwamzosneldichterbij,alsofhetinéénklap eenhelestadkonverslinden
12Iknaderdehetdier,enhetstrektezijnhelelichaamuit opdegrondenstaknietsandersuitdanzijntong,en bewoogzichgeenenkelekeertotdatikerhelemaalvoorbij wasgegaan
13Hetbeesthadvierkleurenopzijnkop:eerstzwart, daarnaroodenbloedrood,vervolgensgoudkleurigenten slottewit
14Nadatikervoorbijwasgelopenenongeveernegen meterverderwasgegaan,zagikeenjongevrouw,prachtig gekleedalsofzenetuithaarbruidskamerwasgekomen, geheelinhetwit,metwitteschoenenaan,eensluierover haargezichtenglanzendhaar
15Nuwistikdoormijneerderevisioenendathetdekerk was,endaaromwerdiknogopgewekterZegroetteme met:Weesgegroet,omens!Ikgroettehaarterugmet: Vrouwe,weesgegroet!
16Zijantwoorddemij:‘Isunietsoverkomen,omens?’Ik antwoordde:‘Vrouwe,ikhebeenbeestgeziendateenheel volkleektekunnenverslinden,maardoordekrachtvan Godendoorzijnbijzonderegenadebenikeraan ontkomen’
17'Jebentergoedaanontkomen,'zeize,'omdatjealje zorgenopGodhebtgeworpenenjehartvoorhemhebt geopend,indeovertuigingdatjedoorniemandandersdan doorzijngroteeneerbiedwaardigenaamveiligzouzijn.'
18DaaromzonddeHEERzijnengel,dieoverhetbeest gesteldis,Hegringeheten,enhieldzijnbekdicht,zodat
hetjounietzouverslindenJijbentaaneengrote beproevingontkomendoorjegeloof,enomdatjeniet twijfeldeaanzo'nverschrikkelijkbeest
19GadaaromheenenverteldeuitverkorenenvanGodde grotedingendieHijvooruheeftgedaan.Enzegtegenhen datditbeesteensymboolisvandebeproevingdiegaat komen
20Alsuzichdusvoorbereidhebt,kuntueraanontkomen, alsuwhartreinenonberispelijkis,enalsuGodderestvan uwlevenzonderklagendient
21WerpaljezorgenopdeHeer,enHijzalzeleiden GeloofinGod,jullietwijfelaars,wantHijkanallesdoen; Hijkanzijntoornvanjullieafwendenenjulliehulpen beschermingzenden
22Weedetwijfelaars,degenendiedezewoordenhorenen zeverachten:hetzoubetervoorhenzijngeweestalsze nietgeborenwaren
23Toenvroegikhaarnaardevierkleurendiehetbeestop zijnkophad.Maarzijantwoordde:‘Jebentwelerg nieuwsgierig,wantjevraagthiernaar’Maarikzeitegen haar:‘Vrouwe,laatmezienwatzezijn’
24Luister,zeize;hetzwartdatjezag,duidtopdewereld waarinjewoontDevurigeenbloederigekleurbetekent datdittijdperkdoorvuurenbloedvernietigdmoetworden 25Jullie,dieeraanontkomenzijn,behorentothetgouden deelWantzoalsgouddoorhetvuurbeproefdwordten vruchtbaarblijkt,zowordenookjulliebeproefd,dieonder demensenvandezewereldwonen.
26Zijdievolhardentotheteindeendoordezebeproeving beproefdworden,zullengereinigdwordenZoalsgoud doordezebeproevinggereinigdwordtenzijn onzuiverhedenverliest,zozultookualleverdrieten zorgenafwerpenenreingemaaktwordenvoordebouw vandetoren.
27Maardewittekleurduidtopdetijdvandetoekomstige wereld,waarindeuitverkorenenvanGodzullenwonen; wantdeuitverkorenenvanGodzullenreinenvlekkeloos zijntotheteeuwigeleven
28Daarommoetudezedingenblijvenzeggenindeoren vandeheiligen.Hierzietueenvoorafbeeldingvande groteverdrukkingdiekomenzal;die,alsuhetwilt,vooru geenenkelprobleemzalzijnHouddaaromdedingendie ikugezegdhebingedachten.
29Toenzeditgezegdhad,gingzeweg,maarikzagniet waarheenzegingPlotselinghoordeikechtereengeluiden keerdeikbevreesdterug,wantikdachtdathetbeestopme afkwam