Departement Zorg
T 02 553 34 34
contact.zorginspectie@vlaanderen.be www.zorginspectie.be - www.departementzorg.be
INSPECTIEVERSLAG: WOONZORGCENTRUM
INRICHTENDE MACHT
Naam Zorgbedrijf Antwerpen
Type entiteit Rechtspersoon
Rechtsvorm Ver.OCMW
Ondernemingsnummer 0809699184
Adres Ballaarstraat 35, 2018 Antwerpen
INSPECTIEPUNT
Naam Eksterlaer
HCO-nummer 3303
Adres Vuurwerkstraat 80, 2100 Antwerpen
Dossiernummer 105.105
INSPECTIE
Datum laatste vaststelling 23/06/2025
Verslagnummer ZI-2025-01999
Inspecteur Pien Vervoort
INSPECTIEBEZOEK
Eksterlaer
Onaangekondigde inspectie op 18/06/2025 (09:15-14:00)
Gesprekspartners Heidi Casters, directeur Jan Henderieckx, buurtzorgmanager
Bram Luyten, regio directeur
Yves Martin, manager paramedische diensten
Franky Van Cauwenberghe, Q-partner Verschillende bewoners en medewerkers

LEESWIJZER
Situering Zorginspectie
Zorginspectie maakt deel uit van het Departement Zorg van de Vlaamse overheid en is bevoegd voor het toezicht op:
• organisaties die door het Departement of door de andere agentschappen van het beleidsdomein Welzijn, Volksgezondheid en Gezin erkend, vergund, geattesteerd of gesubsidieerd worden;
• persoonlijke budgetten en hulpmiddelen toegekend aan personen met een handicap;
• personen of organisaties waarvan redelijkerwijze kan worden vermoed dat ze als zorgverlener, hulpverlener of voorziening optreden.
De Vlaamse overheid heeft ervoor gekozen om de inspectiefunctie te scheiden van de vergunnings-, erkennings- en subsidiëringsfunctie. De functiescheiding tussen inspecteren en rapporteren enerzijds en beslissen over de gevolgen anderzijds, maakt dat Zorginspectie haar opdracht zo objectief, onpartijdig en onafhankelijk mogelijk kan vervullen.
Wat is de opdracht van Zorginspectie?
De kernopdrachten van Zorginspectie zijn:
• toezicht houden op de naleving van gestelde eisen;
• concrete beleidsadvisering op basis van de inspectievaststellingen;
• een beeld schetsen van een hele sector op basis van inspectievaststellingen.
Hierdoor wil Zorginspectie een bijdrage leveren aan:
• het verbeteren van de kwaliteit van de zorg- en dienstverlening van de voorzieningen;
• het rechtmatig besteden van overheidsmiddelen;
• een optimale beleidsvoorbereiding en -evaluatie.
Hoe werkt Zorginspectie?
Zorginspectie voert haar inspectiebezoeken uit en stelt haar inspectieverslagen op conform de bepalingen van het decreet van 19 januari 2018 houdende het overheidstoezicht in het kader van het gezondheids- en welzijnsbeleid.
Bij het opstellen en het verspreiden van haar verslagen houdt Zorginspectie rekening met de privacy van alle betrokken partijen.
Meer informatie over de toepasselijke regels is te vinden op de website van de Gegevensbeschermingsautoriteit: www.gegevensbeschermingsautoriteit.be
Meer informatie is te vinden op onze website: www.zorginspectie.be.
Binnen 30 dagen na de laatste vaststelling in het kader van het toezicht ontvangt het inspectiepunt en (in voorkomend geval) de klachtindiener het ontwerpverslag. Daarbij wordt de mogelijkheid geboden omgedurende een periode van 14 kalenderdagen - schriftelijk te reageren op onjuistheden in het ontwerp van het inspectieverslag.
Verslagen waaruit de persoonsgegevens zijn verwijderd, zijn geschikt voor ruimere verspreiding. Zij kunnen worden opgevraagd via: openbaarheid.zorginspectie@vlaanderen.be of via het online invulformulier op de website.
Methodiek
De inspecties vinden plaats in de voorziening. De meeste inspecties vinden plaats overdag, op weekdagen, maar kunnen -indien relevant- ook op mindergebruikelijke momenten zoals 's avonds, 's nachts en tijdens het weekend plaatsvinden. De inspecties kunnen zowel aangekondigd als niet aangekondigd plaatsvinden.
Tijdens de inspectiebezoeken gaat Zorginspectie voornamelijk na of de voorwaarden aanwezig zijn om kwaliteit van zorg en veiligheid te garanderen. Het toezicht van Zorginspectie is gericht op het concreet aftoetsen van de regelgeving en dit op structuur-, proces- en resultaatsniveau.
Zorginspectie is niet bevoegd om de correctheid van medische instructies en de correcte uitvoering van verpleegtechnische, paramedische en zorgkundige handelingen te beoordelen. Zorginspectie gaat evenmin na of alle voorwaarden van de regelgeving m.b.t. de gezondheidsberoepen werden nageleefd.
De inspecteur hanteert een gestructureerd en intern afgestemd inspectie-instrument. Niet alle items komen tijdens elk inspectiebezoek aan bod. De keuze van de bevraagde items wordt bepaald door de finaliteit van het inspectiebezoek en door wat er zich tijdens het inspectiebezoek aandient.
Afhankelijk van de bevraagde items baseert de inspecteur zich voor zijn vaststellingen op verschillende bronnen zoals:
• observaties;
• bevraging van medewerkers en verantwoordelijken;
• inzage in documenten;
• bevraging gebruikers.
Verslag
Inhoud inspectieverslag
Het inspectieverslag is een weergave van de vaststellingen van de inspecteur tijdens het inspectiebezoek. In het verslag wordt een objectief beeld gegeven over de mate waarin de geïnspecteerde voorziening voldoet aan de gestelde erkenningsvoorwaarden en de kwaliteitseisen.
Opbouw van het verslag
Per geïnspecteerde (deel-) module staan volgende elementen in het verslag:
• een toelichting met de vaststellingen van de inspecteur;
• naleving regelgeving: nieuwe, bestaande of weggewerkte inbreuken
• aandachtspunten.
In de aandachtspunten wordt de aandacht gevestigd op elementen die de kwaliteit van leven en/ of de veiligheid van de gebruikers kunnen verbeteren maar die niet opgenomen zijn in de regelgeving.
Reactiemogelijkheid
De voorziening en -indien van toepassing- de klachtindiener krijgen de mogelijkheid om te reageren op onjuistheden in het ontwerpverslag. Op basis van de reactie kan het ontwerpverslag aangepast worden. Op dat moment wordt het ontwerpverslag een definitief verslag. Het definitief verslag wordt bezorgd aan de voorziening, aan afdeling Woonzorg van het Departement Zorg en -indien van toepassing- de klachtindiener. Afdeling Woonzorg van het Departement Zorg staat in voor de verdere opvolging van het dossier.
Toegepaste regelgeving
De regelgeving die van toepassing is op de voorzieningen is terug te vinden op de website van de afdeling Woonzorg binnen het Departement Zorg.
Gebruikte afkortingen
AP aandachtspunt
AW assistentiewoning
BE bijkomende erkenning
BVR Besluit Vlaamse Regering
CVH centrum voor herstelverblijf
CVK centrum voor kortverblijf
CDV centrum voor dagverzorging
CDO centrum voor dagopvang
CRA coördinerend en raadgevend arts
DG dienst gezinszorg
GAW groep van assistentiewoningen
HVP hoofdverpleegkundige(n)
IB inbreuk
LDC lokaal dienstencentrum
NAH niet aangeboren hersenletsels
NB niet beoordeeld
NTB niet te beoordelen
NVT niet van toepassing
SAW sociale assistentiewoningen
SFG serviceflatgebouw
SMK sectorspecifieke minimale kwaliteitseisen
WA woonassistent
VP verpleegkundige(n)
VSB Vlaamse sociale bescherming
VTE voltijds equivalent
WCD woningcomplex met dienstverlening
WGL woongelegenheid
WZC Woonzorgcentrum
WZD woonzorgdecreet
WZL-plan woonzorgleefplan
ZO-plan zorg- en ondersteuningsplan
SITUERING
Erkenningsgegevens WZC
Capaciteit WZC-erkenning
Momenteel is de afdeling op het gelijkvloers niet in gebruik omwille van een tekort aan personeel.
Andere erkenningen en toelatingen
Capaciteit CVK- erkenning
Inspectiebezoek
De inspectie vond plaats naar aanleiding van:
• het structureel toezicht
Directie WZC
Naam:
Heidi Casters
Heidi Casters en Jan Henderieckx nemen samen de directiefunctie op van WZC Europasquare en WZC Eksterlaer.
124
2
WZC Eksterlaer is de vervangingsnieuwbouw voor WZC De Tol. De historische inbreuken (m.u.v. infrastructuur) van de laatste inspectie in WZC De Tol (07/05/2018) werden opgevolgd.
PROFIEL EN AANTAL BEWONERS
• Vaststellingen op basis van de bewonerslijst op datum van het inspectiebezoek.
• Om het aantal bewoners met het dementiesyndroom te bepalen, werden de bewoners die op de Katzschaal een D of CD scoren en de bewoners die een 3 of 4 scoren op de items oriëntatie in tijd en ruimte, samengeteld.
Bezettingsgegevens
Totaal aantal bewoners WZC
bezetting (*)
(*) Totale bezetting = aantal opgenomen bewoners in het WZC en het CVK + het aantal afwezige bewoners + het aantal andere gebruikers waarvoor geen aparte personeelsequipe ingezet wordt.
Aantal gebruikers (bv. bewoners aangemeld herstelverblijf) waarvoor er volgens de gesprekspartners een aparte personeelsequipe is.
De erkende capaciteit van het woonzorgcentrum wordt gerespecteerd.
Katz scores
Katz scores bewoners WZC (en andere gebruikers waarvoor geen aparte personeelsequipe ingezet wordt)
Totaal aantal WZC = 98
Katz scores bewoners CVK
Totaal aantal CVK = 1
Totaal aantal bewoners met Katz score
bewoners zonder Katz
Profiel bewoners
Nieuw vastgestelde inbreuk(en)
Er werden geen nieuwe inbreuken vastgesteld.
OMKADERING
PERSONEELSFORMATIE
• Vaststelling op basis van het nazicht van:
o de personeelslijst en de uurroosters voor de maanden mei en juni 2025
o documenten m.b.t. de tewerkstelling van jobstudenten en interimmedewerkers voor een referentieperiode die loopt van de dag voor het inspectiebezoek tot 30 dagen terug.
Algemene erkenningsvoorwaarden (BVR 28/06/2019, bijlage 11, art. 45) en bijkomende erkenningsvoorwaarden indien erkenning NAH (KB 21/09/2004, bijlage 3, NAH bijlage 3, D, a).
Functie Totaal aantal vte medewerkers (*) Vereist aantal vte WZC (*)
teamverantwoordelijke(n)
reactivering(***) /
Administratieve medewerker(s) 2,05 / Logistieke medewerker(s) 1,98 / Stafmedewerkers 0,75 / (*) Effectief en vereist personeel in functie van het aantal bewoners en de Katz scores. (**) Aantal vte verpleegkundigen inclusief het aantal vte hoofdverpleegkundigen. (***) Indien de voorziening een NAH erkenning heeft moet de voorziening (voor 30 bewoners NAH) minstens 2,5 vte personeelsleden voor reactivering in dienst hebben. Hiervan moet minimum 1 vte worden opgenomen door een kinesitherapeut en/of ergotherapeut en/of logopedist.
• Stagiairs en personeelsleden die langdurig afwezig zijn, worden niet meegerekend in bovenstaande tabel.
• Enkel indien het woonzorgcentrum minimum een voltijdse hoofdverpleegkundige in dienst heeft kan er voor de bijkomende vte geopteerd worden voor het inzetten van teamverantwoordelijken die geen verpleegkundige zijn. Naast de hoofdverpleegkundige (1 vte) zijn er twee ergotherapeuten (1,8 vte) en een orthopedagoog (0,90 vte) die de taak van teamverantwoordelijke opnemen.
• Het tekort aan medewerkers levenseindezorg wordt gedeeltelijk gecompenseerd (0,06 vte) door het surplus aan medewerkers reactivering.
• Bij personeel reactivering werden bij de categorie 'andere' de medewerkers levensbeschouwelijke
zorg (0,18 vte) en een diëtist (0,50 vte) geteld.
• De manager groepspraktijk (0,25 vte) en de buurtzorgmanager (0,50 vte) werden bij stafmedewerkers geteld.
• Jobstudenten zonder visum werden voor 1,98 vte meegerekend bij de logistieke medewerkers.
Substitutieregel
Tekort verpleegkundigen 4,56
Maximum aantal vte verpleegkundigen die mogen vervangen worden door een medewerker met een andere kwalificatie (*) 4,06
Aantal vte verpleegkundigen vervangen door een medewerker met een diploma zoals vermeld in art. 45, §2, 8° 0,00
Aantal vte verpleegkundigen vervangen door een zorgkundige 4,06
Resterend tekort verpleegkundigen na toepassing van de substitutieregel. 0,50 (*) De voorziening maakt gebruik van de substitutieregel (BVR 28/06/2019, bijlage 11, art. 45, §2, 9°). Deze regel stelt dat, indien de verpleegkundige 24u-permanentie gewaarborgd is, 20 % van het vereiste aantal vte verpleegkundigen (of 30 % indien minstens 7 vte verpleegkundigen in dienst) kan vervangen worden door een ander personeelslid met een kwalificatie opgesomd in art. 45, §2, 8°. Bij gebrek aan deze personeelsleden, mogen verpleegkundigen vervangen worden door zorgkundigen ten belope van 1,2 vte zorgkundige voor 1 vte verpleegkundige.
Personeelscategorieën
• In onderstaande tabel wordt een overzicht gegeven van de mate waarin de voorziening, voor verpleegkundigen en zorgkundigen, een beroep doet op enerzijds loontrekkend of statutair personeel en anderzijds medewerkers met een ander statuut. Ja Nee
De voorziening doet (voor verpleegkundigen en zorgkundigen) beroep op medewerkers met een ander statuut.
De inzet van de medewerkers met ander statuut werd door de voorziening aangetoond en werd mee opgenomen in bovenstaand overzicht van de personeelsformatie.
Verpleegkundigen (*) Zorgkundigen (*)
in loondienst of statutair
verpleegkundigen / zorgkundigen
Personeel in loondienst bij een andere voorziening
Personeel tewerkgesteld in het kader van projectsourcing of projectstaffing
(*)Voor medewerkers die structureel in de voorziening worden ingezet wordt het effectief aantal vte medewerkers op de dag van het inspectiebezoek weergegeven. Voor medewerkers die occasioneel worden ingeschakeld wordt het gemiddelde vermeld van de inzet tijdens de referentieperiode van 30 dagen voorafgaand aan het inspectiebezoek.
Nieuw vastgestelde inbreuk(en)
• Er zijn onvoldoende begeleiders wonen en leven. - BVR 28/06/2019, bijlage 11, art. 45, §1, 3°.
o Vaststellingen 18/06/2025: er was een tekort van 0,20 vte aan begeleiders wonen en leven.
• Er zijn onvoldoende medewerkers inzake levenseindezorg – BVR 28/06/2019, bijlage 11, art. 45, §2.
o Vaststellingen 18/06/2025: er was een tekort van 0,20 vte aan medewerkers inzake levenseindezorg.
• Er zijn onvoldoende verpleegkundigen. - BVR 28/06/2019, bijlage 11, art. 45, §2.
o Vaststellingen 18/06/2025: er was een tekort van 0,50 vte aan verpleegkundigen.
INFRASTRUCTUUR
• Vaststellingen op basis van observaties tijdens de rondgang in het gebouw. Volgende gedeelten werden bezocht: enkele bewonerskamers en gemeenschappelijke ruimten op het gelijkvloers, de eerste, tweede, derde en vierde verdieping.
• Tijdens dit inspectiebezoek werd deze module niet volledig bevraagd. Indien er tijdens voorgaande inspectiebezoeken inbreuken of aandachtspunten werden vastgesteld, werd de remediëring hiervan nagegaan. Nieuwe inbreuken/ aandachtspunten die werden vastgesteld, worden eveneens vermeld.
BESCHRIJVING INFRASTRUCTUUR
Regelgeving van toepassing:
• WZC na 2017
Andere woonzorgvoorzieningen op de site
• CVK
TOEGANKELIJKHEID
Nieuw vastgestelde inbreuk(en)
• Niet alle voor de bewoners toegankelijke ruimtes zijn rolstoeltoegankelijk - BVR 28/06/2019, bijlage 11, art. 51, 17° en 26°.
o Vaststellingen 18/06/2025: in de bezochte gemeenschappelijke badkamers op de eerste, tweede en derde verdieping was de wastafel niet onderrijdbaar. Sinds 1 januari 2020 is voor alle WZC en CVK type 1 een specifieke erkenningsvoorwaarde ingevoerd over de rolstoeltoegankelijkheid van alle sanitaire ruimten, waaronder de wastafel die onderrijdbaar dient te zijn.
HANDHYGIËNE
HANDHYGIËNE
IN DE PRAKTIJK
Wastafels en producten
• Handhygiëne is de meest doeltreffende algemene maatregel ter preventie van zorginfecties en de verspreiding van (multiresistente) micro-organismen (o.a. bacteriën, virussen en schimmels). Handen kunnen enkel op een efficiënte manier gewassen en ontsmet worden indien aan onderstaande basisvoorwaarden inzake handhygiëne is voldaan.
• Vaststellingen op basis van de observaties tijdens de rondgang.
Er is een wastafel beschikbaar in:
de gemeenschappelijke toiletten
de gemeenschappelijke badkamers
de verpleegpost
de personeelstoiletten.
Aantal gecontroleerde ruimtes
Bij elke wastafel in het gemeenschappelijk sanitair, de verpleegpost en de personeelstoiletten beschikt men over: Aantal gecontroleerde wastafels
vloeibare zeep
dispenser met papieren wegwerphanddoekjes
aangepaste vuilbak (niet met de hand te bedienen).
Er is handalcohol beschikbaar: Ja Nee NB bij elke bewonerskamer ● in elke verpleegpost
in de gemeenschappelijke leefruimtes.
Niet bij elke bewonerskamer was handalcohol in de onmiddellijke nabijheid aanwezig.
Nieuw vastgestelde inbreuk(en)
• Er is niet bij elke bewonerskamer handalcohol beschikbaar voor het zorgpersoneel - BVR 28/06/2019, bijlage 11, art. 23, art. 26, 1ste lid, 8° en 2de lid.
o Vaststellingen 18/06/2025: niet bij elke bewonerskamer was handalcohol in de onmiddellijke nabijheid aanwezig.
Medewerkers
• Vaststellingen op basis van de observaties tijdens de rondgang.
De algemeen geldende basisvoorschriften inzake handhygiëne worden in de praktijk door de medewerkers nageleefd:
• geen armbanden, ringen, uurwerken ter hoogte van de handen en polsen/ voorarmen
• verzorgde en kortgeknipte nagels
• geen nagellak of kunstnagels (inclusief gelen harsnagels)
Aantal geobserveerde medewerkers Ja Nee NB NVT
• werkkledij met korte mouwen. 8 8 0 0 0
Nieuw vastgestelde inbreuk(en) Er werden geen nieuwe inbreuken vastgesteld.
MEDICATIEVEILIGHEID
• Medicatiebeheer en -bedeling zijn een complex gegeven waarbij het WZC een veelheid aan richtlijnen dient te respecteren. Zorginspectie kan niet alle aspecten in één bevraging aan bod laten komen. Onderstaande items zijn relevant maar niet allesomvattend.
Bij de bevraging komen elementen aan bod waarvan de vaststellingen dossiergebonden zijn. Deze elementen worden daarom steekproefsgewijs nagegaan. Elementen die niet dossiergebonden zijn en eerder betrekking hebben op een algemene werkwijze worden op voorzienings- of afdelingsniveau beoordeeld.
• Vaststellingen op basis van:
o een steekproef van de woonzorgleefplannen
o een steekproef van de medicatiefiches
o het medicatieopslag- en bedelingssysteem
o de klaargezette medicatie via steekproef
o bijkomende registraties inzake medicatie
o observaties tijdens de rondgang.
In het woonzorgleefplan zijn de bijzonderheden m.b.t. het toedienen van de medicatie terug te vinden (vb. onder toezicht, eigen beheer, pletten, nuchter, afwijkend tijdstip,...) (geen tegenindicaties).
De informatie m.b.t. het toedienen van de medicatie kan geconsulteerd worden op het moment van toedienen.
Aantal gecontroleerde medicatiefiches
Op de medicatiefiche worden voor "medicatie indien nodig" (voorgeschreven door de arts) de indicatie, de dosis, de maximum dosis per 24u en het interval voor toediening vermeld.
Aantal gecontroleerde dossiers
Het klaarzetten van de medicatie wordt consequent geregistreerd.
Het toedienen van de medicatie wordt consequent geregistreerd.
Het aantal toegediende eenheden insuline bij een variabel schema wordt consequent geregistreerd.
Bij één bewoner werd de medicatie van 12u op dag van inspectie om 10u45 als toegediend geregistreerd. De medicatie was nog aanwezig in de medicatiekar.
Bij één bewoner met een variabel insuline schema werden de extra toegediende eenheden niet steeds genoteerd. Voor vier gecontroleerde momenten was er één keer een consequente registratie van het aantal
toegediende eenheden insuline.
Aantal bewoners waarvoor de medicatie, die werd klaargezet, vergeleken werd met de medicatiefiche
De klaargezette medicatie stemt overeen met de medicatiefiche.
Medicatie die vooraf wordt klaargezet, blijft identificeerbaar tot op het moment van toedienen.
Tijdens het nazicht van een steekproef van de medicatie werd enkel medicatie aangetroffen met een vervaldatum die nog niet verstreken is.
Men hanteert een systeem om de openingsdatum van geneesmiddelen met beperkte houdbaarheid na opening (vb. oogdruppels, neusdruppels) op te volgen.
Aantal gecontroleerde medicatiepletter( s)/pillensnijder(s)
De medicatiepletter(s)/pillensnijder(s) bevat(ten) geen medicatieresten.
Er zijn schriftelijke richtlijnen m.b.t. de grenswaarden voor de temperatuur van de koelkast waarin medicatie bewaard wordt.
Aantal gecontroleerde koelkasten
De temperatuur van de koelkast waarin medicatie bewaard wordt, wordt opgevolgd.
Nieuw vastgestelde inbreuk(en)
• Het toedienen van de medicatie wordt niet consequent geregistreerd - BVR 28/06/2019, bijlage 11, art. 23, art. 29, 2°, e en art. 30, 2°, h.
o Vaststellingen 18/06/2025: bij één van de vier gecontroleerde dossiers was er geen consequente registratie van de toegediende medicatie.
• Het totaal aantal toegediende eenheden insuline bij een variabel schema wordt niet consequent geregistreerd - BVR 28/06/2019, bijlage 11, art. 23, art. 29, 2°, e en art. 30, 2°, h.
o Vaststellingen 18/06/2025: bij het enige gecontroleerd dossier was er geen consequente registratie van het aantal eenheden insuline bij een bewoner met een variabel schema.