Departement Zorg
T 02 553 34 34
contact.zorginspectie@vlaanderen.be www.zorginspectie.be - www.departementzorg.be
INSPECTIEVERSLAG: GROEP VAN ASSISTENTIEWONINGEN
INRICHTENDE MACHT
Naam Zorgbedrijf Antwerpen
Type entiteit Rechtspersoon
Rechtsvorm Ver.OCMW
Ondernemingsnummer 0809699184
Adres Ballaarstraat 35, 2018 Antwerpen
INSPECTIEPUNT
Naam Emile Verhaeren
HCO-nummer 27909
Adres Emile Verhaerenlaan 20, 2050 Antwerpen
Dossiernummer 102.246
INSPECTIE
Datum laatste vaststelling 15/07/2025
Verslagnummer ZI-2025-02463
Inspecteur Ilse Van der Auwera
INSPECTIEBEZOEK
Emile Verhaeren
Aangekondigde inspectie op 14/07/2025 (10:00-12:00)
Gesprekspartners Thierry Severi, buurtzorgmanager Sandra Eeckhout, buurtzorgcoördinator

LEESWIJZER
Situering Zorginspectie
Zorginspectie maakt deel uit van het Departement Zorg van de Vlaamse overheid en is bevoegd voor het toezicht op:
• organisaties die door het Departement of door de andere agentschappen van het beleidsdomein Welzijn, Volksgezondheid en Gezin erkend, vergund, geattesteerd of gesubsidieerd worden;
• persoonlijke budgetten en hulpmiddelen toegekend aan personen met een handicap;
• personen of organisaties waarvan redelijkerwijze kan worden vermoed dat ze als zorgverlener, hulpverlener of voorziening optreden.
De Vlaamse overheid heeft ervoor gekozen om de inspectiefunctie te scheiden van de vergunnings-, erkennings- en subsidiëringsfunctie. De functiescheiding tussen inspecteren en rapporteren enerzijds en beslissen over de gevolgen anderzijds, maakt dat Zorginspectie haar opdracht zo objectief, onpartijdig en onafhankelijk mogelijk kan vervullen.
Wat is de opdracht van Zorginspectie?
De kernopdrachten van Zorginspectie zijn:
• toezicht houden op de naleving van gestelde eisen;
• concrete beleidsadvisering op basis van de inspectievaststellingen;
• een beeld schetsen van een hele sector op basis van inspectievaststellingen.
Hierdoor wil Zorginspectie een bijdrage leveren aan:
• het verbeteren van de kwaliteit van de zorg- en dienstverlening van de voorzieningen;
• het rechtmatig besteden van overheidsmiddelen;
• een optimale beleidsvoorbereiding en -evaluatie.
Hoe werkt Zorginspectie?
Zorginspectie voert haar inspectiebezoeken uit en stelt haar inspectieverslagen op conform de bepalingen van het decreet van 19 januari 2018 houdende het overheidstoezicht in het kader van het gezondheids- en welzijnsbeleid.
Bij het opstellen en het verspreiden van haar verslagen houdt Zorginspectie rekening met de privacy van alle betrokken partijen.
Meer informatie over de toepasselijke regels is te vinden op de website van de Gegevensbeschermingsautoriteit: www.gegevensbeschermingsautoriteit.be Meer informatie is te vinden op onze website: www.zorginspectie.be.
Binnen 30 dagen na de laatste vaststelling in het kader van het toezicht ontvangt het inspectiepunt en (in voorkomend geval) de klachtindiener het ontwerpverslag. Daarbij wordt de mogelijkheid geboden omgedurende een periode van 14 kalenderdagen - schriftelijk te reageren op onjuistheden in het ontwerp van het inspectieverslag.
Verslagen waaruit de persoonsgegevens zijn verwijderd, zijn geschikt voor ruimere verspreiding. Zij kunnen worden opgevraagd via: openbaarheid.zorginspectie@vlaanderen.be of via het online invulformulier op de website.
Methodiek
De inspecties vinden plaats in de voorziening.
De meeste inspecties vinden plaats overdag, op weekdagen, maar kunnen -indien relevant- ook op mindergebruikelijke momenten zoals 's avonds, 's nachts en tijdens het weekend plaatsvinden. De inspecties kunnen
Inspectieverslag Emile Verhaeren
zowel aangekondigd als niet aangekondigd plaatsvinden.
Tijdens de inspectiebezoeken gaat Zorginspectie voornamelijk na of de voorwaarden aanwezig zijn om kwaliteit van zorg en veiligheid te garanderen. Het toezicht van Zorginspectie is gericht op het concreet aftoetsen van de regelgeving en dit op structuur-, proces- en resultaatsniveau.
Zorginspectie is niet bevoegd om de correctheid van medische instructies en de correcte uitvoering van verpleegtechnische, paramedische en zorgkundige handelingen te beoordelen. Zorginspectie gaat evenmin na of alle voorwaarden van de regelgeving m.b.t. de gezondheidsberoepen werden nageleefd.
De inspecteur hanteert een gestructureerd en intern afgestemd inspectie-instrument. Niet alle items komen tijdens elk inspectiebezoek aan bod. De keuze van de bevraagde items wordt bepaald door de finaliteit van het inspectiebezoek en door wat er zich tijdens het inspectiebezoek aandient.
Afhankelijk van de bevraagde items baseert de inspecteur zich voor zijn vaststellingen op verschillende bronnen zoals:
• observaties;
• bevraging van medewerkers en verantwoordelijken;
• inzage in documenten;
• bevraging gebruikers.
Verslag
Inhoud inspectieverslag
Het inspectieverslag is een weergave van de vaststellingen van de inspecteur tijdens het inspectiebezoek. In het verslag wordt een objectief beeld gegeven over de mate waarin de geïnspecteerde voorziening voldoet aan de gestelde erkenningsvoorwaarden en de kwaliteitseisen.
Opbouw van het verslag
Per geïnspecteerde (deel-) module staan volgende elementen in het verslag:
• een toelichting met de vaststellingen van de inspecteur;
• naleving regelgeving;
• aandachtspunten.
In de aandachtspunten wordt de aandacht gevestigd op elementen die de kwaliteit van leven en/ of de veiligheid van de gebruikers kunnen verbeteren maar die niet opgenomen zijn in de regelgeving.
Reactiemogelijkheid
De voorziening en -indien van toepassing- de klachtindiener krijgen de mogelijkheid om te reageren op onjuistheden in het ontwerpverslag. Op basis van de reactie kan het ontwerpverslag aangepast worden. Op dat moment wordt het ontwerpverslag een definitief verslag. Het definitief verslag wordt bezorgd aan de voorziening, aan afdeling Woonzorg van het Departement Zorg en -indien van toepassing- de klachtindiener. Afdeling Woonzorg van het Departement Zorg staat in voor de verdere opvolging van het dossier.
Toegepaste regelgeving
De regelgeving die van toepassing is op de voorzieningen is terug te vinden op de website van de afdeling Woonzorg binnen het Departement Zorg.
Gebruikte afkortingen
AP aandachtspunt
AW assistentiewoning
BE bijkomende erkenning
CVH centrum voor herstelverblijf
CVK centrum voor kortverblijf
CDV centrum voor dagverzorging
CDO centrum voor dagopvang
CRA coördinerend en raadgevend arts
DG dienst gezinszorgdienst
GAW groep van assistentiewoningen
HVP hoofdverpleegkundige(n)
IB inbreuk
LDC lokaal dienstencentrum
NAH niet aangeboren hersenletsels
NB niet beoordeeld
NTB niet te beoordelen
NVT niet van toepassing
SAW sociale assistentiewoningen
SFG serviceflatgebouw
SMK sectorspecifieke minimale kwaliteitseisen
VP verpleegkundige(n)
VTE voltijds equivalent
WA woonassistent
WCD woningcomplex met dienstverlening
WZD woonzorgdecreet
ZK zorgkundige(n)
ERKENNINGSGEGEVENS EN SITUERING INSPECTIEBEZOEK
SITUERING
INSPECTIEBEZOEK
Het inspectiebezoek vond plaats naar aanleiding van
• een structureel toezicht
ERKENNINGSGEGEVENS
De voorziening is erkend voor 48 assistentiewoningen.
TYPE GAW
• Het betreft een autonoom GAW (geen functionele samenwerking m.b.t. het voorzien van de woonassistent en/of permanentie en/of crisis- en overbruggingszorg met een WZC op dezelfde site).
• Alle assistentiewoningen zijn eigendom van de beheersinstantie.
De assistentiewoningen kunnen worden gehuurd of de bewoners kunnen woonrechtcertificaten aankopen. De woningen blijven steeds eigendom van het Zorgbedrijf
GEBRUIKERS
• Vaststellingen op basis van:
o bewonerslijst
o bewonersdossiers
o observaties tijdens de rondgang
AANTAL GEBRUIKERS
Aantal bewoonde assistentiewoningen 37
Aantal gebruikers 50
De erkende capaciteit wordt gerespecteerd.
PROFIEL GEBRUIKERS
De zelfredzaamheid van de gebruikers wordt opgevolgd.
Nee NB
Kandidaat bewoners komen terecht bij de klantendienst van het Zorgbedrijf die de mogelijkheden en beperkingen van de kandidaat bevragen.
Van zodra een bewoner de overeenkomst heeft ondertekend wordt hij verder opgevolgd door de buurtzorgcoördinator en de administratieve medewerker van het lokale dienstencentrum.
Voor elke bewoner wordt een gebruikersdossier opgemaakt waarin alle relevante info wordt genoteerd.
De zelfredzaamheid van de bewoners wordt opgevolgd doorheen de persoonlijke contacten bij het onthaal, de maaltijden of de activiteiten in het lokale dienstencentrum. Bij technische mankementen wordt een bezoek gebracht aan de woning, alsook bij het vervangen van de batterijen van het alarmsysteem.
De buurtzorgcoördinator licht toe dat er een grote sociale controle is tussen de bewoners onderling en dat men als er iets misloopt snel signalen ontvangt van de medebewoners.
De zelfredzaamheid wordt verder ook opgevolgd door de opvolging van de noodoproepen en de contacten met de medewerkers van de thuiszorg.
Het aantal AW dat wordt bewoond door gebruikers jonger dan 65 jaar bedraagt maximum 25% van het totaal aantal erkende AW.
Er zijn 4 bewoners jonger dan 65 jaar.
Nieuw vastgestelde inbreuk(en)
Er werden geen nieuwe inbreuken vastgesteld.
●
INFRASTRUCTUUR
BESCHRIJVING INFRASTRUCTUUR
Regelgeving van toepassing
Op de infrastructuur is volgende regelgeving van toepassing: BVR 28/06/2019, bijlage 10
Infrastructuur algemeen
Andere woonzorgvoorzieningen op de site:
• WZC
• LDC
• GAW Louis Paul Boon, GAW Carel Van Mander, GAW Ernest Claes: in totaal (Emile Verhaeren inbegrepen) 130 assistentiewoningen.
Wijzigingen infrastructuur: geen
Geplande wijzigingen: geen
Algemene beschrijving van het gebouw:
De GAW bestaat uit 3 bokken met telkens 4 bouwlagen. Elke verdieping telt 4 assistentiewoningen. Tussen de 3 blokken liggen private tuinzones en gemeenschappelijke delen met o.a. een fietsenberging. Er zijn in totaal 9 verschillende types assistentiewoningen, variërend in oppervlakte tussen 50 m² en 70m². Alle types beschikken over hetzelfde basiscomfort en dezelfde basisuitrusting. Het verschil zit in de oppervlakte, het aantal slaapkamers en het al of niet beschikken over een tuin of terras.
ERKENNINGSVOORWAARDEN INFRASTRUCTUUR BVR 28/06/2019,
• Vaststellingen op basis van: o observaties tijdens de rondgang in het gebouw; volgende gedeelten werden bezocht: appartement op het gelijkvloers en op de eerste verdieping.
Assistentiewoningen
Elke assistentiewoning bestaat tenminste uit:
• een leefruimte
• een keuken
• een afzonderlijke slaapruimte
• een afzonderlijke sanitaire ruimte met toilet en bad- of douchegelegenheid.
De nettovloeroppervlakte van de leefruimte, de slaapruimte en de keuken bedraagt in totaal ten minste 40m².
De oppervlakte varieert tussen 50m² en 70 m².
Ja Nee NB
Ja Nee NB
De bewoner heeft zowel vanuit de leefruimte als vanuit de slaapruimte via een raam ongehinderd zicht op de buitenwereld.
De assistentiewoning, met inbegrip van de sanitaire ruimte, is rolstoeltoegankelijk:
• geen drempels aan de ingang van de assistentiewoningen, tussen kamers of bij de toegang naar een terras of andere buitenruimte
• sanitaire ruimte die ruim genoeg is om met een rolstoel binnen te rijden en de bewoner indien nodig door een begeleider bij te laten staan
• geen meubilair onder de wastafel
• lichtschakelaars en andere bedieningsknoppen zijn zodanig geplaatst dat ze ook voor een rolstoelgebruiker gemakkelijk bereikbaar zijn
• aangepaste spiegel
• een rolstoeltoegankelijke douche (in de vloer verzonken, geen hoogteverschil).
Ja Nee NB
Standaard is er een meubel voorzien onder de wastafel. Indien de bewoner rolstoelgebonden is, worden wastafel en meubel verwijderd en wordt een andere wastafel voorzien.
Ja Nee NB
In elke assistentiewoning is er minimaal aansluiting op tv, internet en telefoon mogelijk.
Nieuw vastgestelde inbreuk(en)
Er werden geen nieuwe inbreuken vastgesteld.
Gemeenschappelijke leefruimte
Ja Nee NB
Er is een gemeenschappelijke leefruimte in de gebouwen van de groep van assistentiewoningen of in een gebouw dat functioneel één geheel vormt met de groep van assistentiewoningen en dat te voet bereikbaar is voor de bewoners (maximaal 300 m afstand). ●
De bewoners kunnen terecht in de gebouwen van het lokale dienstencentrum op dezelfde site.
Ja Nee NB NVT
De totale ontmoetingsruimte heeft een oppervlakte van minstens 20 m². Vanaf dertien assistentiewoningen, wordt die oppervlakte uitgebreid met 1,50 m² per bijkomende assistentiewoning.
De ontmoetingsruimte is elke weekdag beschikbaar voor de bewoners en tijdens het weekend op verzoek.
Op elke verdieping waar een gemeenschappelijke leefruimte is, is er minstens één rolstoeltoegankelijke toiletruimte.
In de gemeenschappelijke toiletten is er een spiegel voorzien. In de gemeenschappelijke rolstoeltoegankelijke toiletten is deze spiegel aangepast of aanpasbaar aan rolstoelgebruikers (aangepaste hoogte of kantelbaar).
Nieuw vastgestelde inbreuk(en)
Er werden geen nieuwe inbreuken vastgesteld.
Toegankelijkheid
Ja Nee NB NVT
De gemeenschappelijke delen van het gebouw (voor de beoordeling van de rolstoeltoegankelijkheid van de assistentiewoningen -> zie hoger bij assistentiewoningen) zijn rolstoeltoegankelijk. Indien er niveauverschillen zijn die niet kunnen vermeden worden, worden deze ondervangen. ● Ja Nee NB NVT
In alle voor de gebruikers toegankelijke gemeenschappelijke ruimtes worden niveauverschillen, zoals treden, trappen en andere hindernissen, vermeden. Als die niveauverschillen niet vermeden kunnen worden, worden ze gesignaleerd. ● Ja Nee NB NVT
Elk gebouw dat twee of meer bouwlagen telt, die voor de gebruikers toegankelijk zijn, beschikt minstens over een lift. Minstens één lift is geschikt voor het vervoer van een rolstoelgebruiker met begeleider. ● Ja Nee NB NVT
De gangen hebben, na afwerking van de wanden en met inbegrip van de ruimte voor plinten en leuningen, een vrije doorgangsbreedte van minimaal 1,5 meter.
Nieuw vastgestelde inbreuk(en)
Er werden geen nieuwe inbreuken vastgesteld.
Leuningen en handgrepen
●
Om zich te verplaatsen in het gebouw kunnen de gebruikers zich behelpen met leuningen en handgrepen: Ja Nee NB in de gangen (aan beide zijden) ● in de individuele sanitaire ruimtes (aan beide zijden van het toilet) ● in de gemeenschappelijke sanitaire ruimtes (in de rolstoeltoegankelijke sanitaire ruimtes aan beide zijden van het toilet, in de niet rolstoeltoegankelijke sanitaire ruimtes minstens aan één zijde).
● Er zijn geen gangen. Per verdieping zijn er telkens 4 assistentiewoningen die uitgeven op een hal.
Nieuw vastgestelde inbreuk(en)
Er werden geen nieuwe inbreuken vastgesteld.
Oproepsysteem
Er is een aangepast oproepsysteem
Ja Nee NB NVT in de assistentiewoningen ●
De bewoners beschikken over een draagbaar oproepsysteem (naar keuze hanger of polsband). in de gemeenschappelijke delen. ●
In het gebouw zijn geen gemeenschappelijke delen.
Er is permanent een oproepsysteem aanwezig dat gemakkelijk bereikbaar is voor de bewoner:
Ja Nee NB NVT in de individuele sanitaire ruimtes ● in de gemeenschappelijke sanitaire ruimtes. ● In het gebouw zijn geen gemeenschappelijke delen.
Nieuw vastgestelde inbreuk(en)
Er werden geen nieuwe inbreuken vastgesteld.
Onderhoud
De gebouwen en de lokalen worden regelmatig en correct onderhouden: Ja Nee NB dagelijks onderhoud ● structureel onderhoud ●
Nieuw vastgestelde inbreuk(en)
Er werden geen nieuwe inbreuken vastgesteld.
Informatie voor bewoners
Ja Nee NB
De gegevens over de Woonzorglijn worden op een zichtbare plaats opgehangen. ●
De informatie over de dagprijs wordt geafficheerd op een centrale plaats die toegankelijk is voor alle bewoners, bezoekers en personeelsleden. ●
Nieuw vastgestelde inbreuk(en)
Er werden geen nieuwe inbreuken vastgesteld.
OMKADERING
• Vaststellingen op basis van: o toelichting woonassistent Ja Nee NB
Er werd een woonassistent aangesteld. ●
De woonassistent is minstens één keer per week aanwezig. ●
De woonassistent is dagelijks tijdens de kantooruren aanspreekbaar voor de bewoners van de GAW. ●
De buurtzorgcoördinator (1vte) staat in voor het opvolgen van de bewoners van alle GAW's op de site. Zij wordt hierin bijgestaan door de administratief medewerker (0,8 vte).
Zij zijn beide tijdens de kantooruren doorlopend aanwezig in het dienstencentrum en stemmen hun afwezigheden onderling op mekaar af.
Indien beiden afwezig zijn kan de buurtzorgmanager inspringen als back-up.
Buiten de kantooruren kunnen de bewoners 24u/24u terecht bij de klantendienst van het Zorgbedrijf.
Nieuw vastgestelde inbreuk(en)
Er werden geen nieuwe inbreuken vastgesteld.