Departement Zorg
T 02 553 34 34
contact.zorginspectie@vlaanderen.be www.zorginspectie.be - www.departementzorg.be
INSPECTIEVERSLAG: GROEP VAN ASSISTENTIEWONINGEN
INRICHTENDE MACHT
Naam Zorgbedrijf Antwerpen
Type entiteit Rechtspersoon
Rechtsvorm Ver.OCMW
Ondernemingsnummer 0809699184
Adres Ballaarstraat 35, 2018 Antwerpen
INSPECTIEPUNT
Naam De Fontein
HCO-nummer 28186
Adres Fonteinstraat 31, 2140 Antwerpen
Dossiernummer 104.205
INSPECTIE
Datum laatste vaststelling 09/07/2025
Verslagnummer ZI-2025-02307
Inspecteur Ilse Van der Auwera
INSPECTIEBEZOEK
De Fontein
Aangekondigde inspectie op 03/07/2025 (10:00-12:00)
Gesprekspartners tine janssen, buurtzorgcoördinator
Sigrid De Schepper, buurtzorgmanager een bewoner

LEESWIJZER
Situering Zorginspectie
Zorginspectie maakt deel uit van het Departement Zorg van de Vlaamse overheid en is bevoegd voor het toezicht op:
• organisaties die door het Departement of door de andere agentschappen van het beleidsdomein Welzijn, Volksgezondheid en Gezin erkend, vergund, geattesteerd of gesubsidieerd worden;
• persoonlijke budgetten en hulpmiddelen toegekend aan personen met een handicap;
• personen of organisaties waarvan redelijkerwijze kan worden vermoed dat ze als zorgverlener, hulpverlener of voorziening optreden.
De Vlaamse overheid heeft ervoor gekozen om de inspectiefunctie te scheiden van de vergunnings-, erkennings- en subsidiëringsfunctie. De functiescheiding tussen inspecteren en rapporteren enerzijds en beslissen over de gevolgen anderzijds, maakt dat Zorginspectie haar opdracht zo objectief, onpartijdig en onafhankelijk mogelijk kan vervullen.
Wat is de opdracht van Zorginspectie?
De kernopdrachten van Zorginspectie zijn:
• toezicht houden op de naleving van gestelde eisen;
• concrete beleidsadvisering op basis van de inspectievaststellingen;
• een beeld schetsen van een hele sector op basis van inspectievaststellingen.
Hierdoor wil Zorginspectie een bijdrage leveren aan:
• het verbeteren van de kwaliteit van de zorg- en dienstverlening van de voorzieningen;
• het rechtmatig besteden van overheidsmiddelen;
• een optimale beleidsvoorbereiding en -evaluatie.
Hoe werkt Zorginspectie?
Zorginspectie voert haar inspectiebezoeken uit en stelt haar inspectieverslagen op conform de bepalingen van het decreet van 19 januari 2018 houdende het overheidstoezicht in het kader van het gezondheids- en welzijnsbeleid.
Bij het opstellen en het verspreiden van haar verslagen houdt Zorginspectie rekening met de privacy van alle betrokken partijen.
Meer informatie over de toepasselijke regels is te vinden op de website van de Gegevensbeschermingsautoriteit: www.gegevensbeschermingsautoriteit.be Meer informatie is te vinden op onze website: www.zorginspectie.be.
Binnen 30 dagen na de laatste vaststelling in het kader van het toezicht ontvangt het inspectiepunt en (in voorkomend geval) de klachtindiener het ontwerpverslag. Daarbij wordt de mogelijkheid geboden omgedurende een periode van 14 kalenderdagen - schriftelijk te reageren op onjuistheden in het ontwerp van het inspectieverslag.
Verslagen waaruit de persoonsgegevens zijn verwijderd, zijn geschikt voor ruimere verspreiding. Zij kunnen worden opgevraagd via: openbaarheid.zorginspectie@vlaanderen.be of via het online invulformulier op de website.
Methodiek
De inspecties vinden plaats in de voorziening.
De meeste inspecties vinden plaats overdag, op weekdagen, maar kunnen -indien relevant- ook op mindergebruikelijke momenten zoals 's avonds, 's nachts en tijdens het weekend plaatsvinden. De inspecties kunnen
Inspectieverslag De Fontein
zowel aangekondigd als niet aangekondigd plaatsvinden.
Tijdens de inspectiebezoeken gaat Zorginspectie voornamelijk na of de voorwaarden aanwezig zijn om kwaliteit van zorg en veiligheid te garanderen. Het toezicht van Zorginspectie is gericht op het concreet aftoetsen van de regelgeving en dit op structuur-, proces- en resultaatsniveau.
Zorginspectie is niet bevoegd om de correctheid van medische instructies en de correcte uitvoering van verpleegtechnische, paramedische en zorgkundige handelingen te beoordelen. Zorginspectie gaat evenmin na of alle voorwaarden van de regelgeving m.b.t. de gezondheidsberoepen werden nageleefd.
De inspecteur hanteert een gestructureerd en intern afgestemd inspectie-instrument. Niet alle items komen tijdens elk inspectiebezoek aan bod. De keuze van de bevraagde items wordt bepaald door de finaliteit van het inspectiebezoek en door wat er zich tijdens het inspectiebezoek aandient.
Afhankelijk van de bevraagde items baseert de inspecteur zich voor zijn vaststellingen op verschillende bronnen zoals:
• observaties;
• bevraging van medewerkers en verantwoordelijken;
• inzage in documenten;
• bevraging gebruikers.
Verslag
Inhoud inspectieverslag
Het inspectieverslag is een weergave van de vaststellingen van de inspecteur tijdens het inspectiebezoek. In het verslag wordt een objectief beeld gegeven over de mate waarin de geïnspecteerde voorziening voldoet aan de gestelde erkenningsvoorwaarden en de kwaliteitseisen.
Opbouw van het verslag
Per geïnspecteerde (deel-) module staan volgende elementen in het verslag:
• een toelichting met de vaststellingen van de inspecteur;
• naleving regelgeving;
• aandachtspunten.
In de aandachtspunten wordt de aandacht gevestigd op elementen die de kwaliteit van leven en/ of de veiligheid van de gebruikers kunnen verbeteren maar die niet opgenomen zijn in de regelgeving.
Reactiemogelijkheid
De voorziening en -indien van toepassing- de klachtindiener krijgen de mogelijkheid om te reageren op onjuistheden in het ontwerpverslag. Op basis van de reactie kan het ontwerpverslag aangepast worden. Op dat moment wordt het ontwerpverslag een definitief verslag. Het definitief verslag wordt bezorgd aan de voorziening, aan afdeling Woonzorg van het Departement Zorg en -indien van toepassing- de klachtindiener. Afdeling Woonzorg van het Departement Zorg staat in voor de verdere opvolging van het dossier.
Toegepaste regelgeving
De regelgeving die van toepassing is op de voorzieningen is terug te vinden op de website van de afdeling Woonzorg binnen het Departement Zorg.
Gebruikte afkortingen
AP aandachtspunt
AW assistentiewoning
BE bijkomende erkenning
CVH centrum voor herstelverblijf
CVK centrum voor kortverblijf
CDV centrum voor dagverzorging
CDO centrum voor dagopvang
CRA coördinerend en raadgevend arts
DG dienst gezinszorgdienst
GAW groep van assistentiewoningen
HVP hoofdverpleegkundige(n)
IB inbreuk
LDC lokaal dienstencentrum
NAH niet aangeboren hersenletsels
NB niet beoordeeld
NTB niet te beoordelen
NVT niet van toepassing
SAW sociale assistentiewoningen
SFG serviceflatgebouw
SMK sectorspecifieke minimale kwaliteitseisen
VP verpleegkundige(n)
VTE voltijds equivalent
WA woonassistent
WCD woningcomplex met dienstverlening
WZD woonzorgdecreet
ZK zorgkundige(n)
ERKENNINGSGEGEVENS EN SITUERING INSPECTIEBEZOEK
SITUERING INSPECTIEBEZOEK
Het inspectiebezoek vond plaats naar aanleiding van
• een structureel toezicht
ERKENNINGSGEGEVENS
De voorziening is erkend voor 168 assistentiewoningen.
TYPE GAW
• Het betreft een autonoom GAW (geen functionele samenwerking m.b.t. het voorzien van de woonassistent en/of permanentie en/of crisis- en overbruggingszorg met een WZC op dezelfde site).
• Alle assistentiewoningen zijn eigendom van de beheersinstantie.
GEBRUIKERS
• Vaststellingen op basis van:
o bewonerslijst
o bewonersdossiers
o observaties tijdens de rondgang
AANTAL GEBRUIKERS
Aantal bewoonde assistentiewoningen
167
Aantal gebruikers 172
De erkende capaciteit wordt gerespecteerd.
PROFIEL GEBRUIKERS
De zelfredzaamheid van de gebruikers wordt opgevolgd.
Het opvolgen van de zelfredzaamheid van de bewoners behoort tot het takenpakket van de buurtzorgcoördinator.
Jaarlijks vraagt men aan de bewoners om een geactualiseerde Katzscore voor te leggen.
Nee NB
De zelfredzaamheid wordt opgevolgd doorheen de persoonlijke contacten met de bewoners in de assistentiewoning, het lokale dienstencentrum of aan het onthaal.
Minstens om de 3 maanden bezoekt men elke woning om de rookmelders te testen.
Verder volgt men de situatie van de bewoners ook op via de signalen van zorgverleners, buren, familie en via de opvolging van de noodoproepen.
Er wordt een gebruikersdossier opgemaakt voor elke bewoner waarin alle relevante informatie wordt genoteerd.
Het aantal AW dat wordt bewoond door gebruikers jonger dan 65 jaar bedraagt maximum 25% van het totaal aantal erkende AW.
10% van de bewoners zijn jonger dan 65 jaar.
Een groot deel van de bewoners van de GAW werden doorverwezen door het CAW, vaak gaat het om alleenstaanden met weinig omkadering en een achtergrond van dakloosheid en/of verslaving.
Nieuw vastgestelde inbreuk(en)
Er werden geen nieuwe inbreuken vastgesteld.
INFRASTRUCTUUR
BESCHRIJVING
INFRASTRUCTUUR
Regelgeving van toepassing
Op de infrastructuur is volgende regelgeving van toepassing: BVR 28/06/2019, bijlage 10
Infrastructuur algemeen
Andere woonzorgvoorzieningen op de site:
• LDC
Wijzigingen infrastructuur:
Bij nieuwe inhuring wordt een assistentiewoning opgefrist.
Geplande wijzigingen:
Er zijn plannen voor de realisatie van een vervangingsnieuwbouw voor zowel GAW als LDC. De start van de werken wordt voorzien binnen 5 jaar.
Algemene beschrijving van het gebouw:
GAW De Fontein bestaat uit 2 gebouwen, elk bestaande uit 8 bouwlagen.
De assistentiewoningen bevinden zich op de verdiepingen. Op het gelijkvloers van het gebouw met nr. 31 is het LDC De Fontein ondergebracht, op het gelijkvloers van het andere gebouw bevindt zich een sociaal centrum.
ERKENNINGSVOORWAARDEN INFRASTRUCTUUR BVR 28/06/2019, BIJLAGE 10
• Vaststellingen op basis van: o observaties tijdens de rondgang in het gebouw; volgende gedeelten werden bezocht: gelijkvloers lokalen dienstencentrum en 1 assistentiewoning.
Assistentiewoningen
Elke assistentiewoning bestaat tenminste uit:
• een leefruimte
• een keuken
• een afzonderlijke slaapruimte
• een afzonderlijke sanitaire ruimte met toilet en bad- of douchegelegenheid. ●
Alle assistentiewoningen zijn identiek en bestaan uit:
• leefruimte met keukenhoek
• badkamer met douche
• slaapkamer
• terras.
De nettovloeroppervlakte van de leefruimte, de slaapruimte en de keuken bedraagt in totaal ten minste 40m².
De nettovloeroppervlakte van de assistentiewoningen (zonder badkamer) bedraagt 34m².
De bewoner heeft zowel vanuit de leefruimte als vanuit de slaapruimte via een raam ongehinderd zicht op de buitenwereld.
De assistentiewoning, met inbegrip van de sanitaire ruimte, is rolstoeltoegankelijk:
• geen drempels aan de ingang van de assistentiewoningen, tussen kamers of bij de toegang naar een terras of andere buitenruimte
• sanitaire ruimte die ruim genoeg is om met een rolstoel binnen te rijden en de bewoner indien nodig door een begeleider bij te laten staan
• geen meubilair onder de wastafel
• lichtschakelaars en andere bedieningsknoppen zijn zodanig geplaatst dat ze ook voor een rolstoelgebruiker gemakkelijk bereikbaar zijn
• aangepaste spiegel
• een rolstoeltoegankelijke douche (in de vloer verzonken, geen hoogteverschil).
De douche is niet in de vloer verzonken er is een kleine niveauverschil. Ook aan de toegang tot het terras is er een niveauverschil.
In elke assistentiewoning is er minimaal aansluiting op tv, internet en telefoon mogelijk.
Nieuw vastgestelde inbreuk(en)
• Niet alle assistentiewoningen voldoen aan de voorwaarden m.b.t. rolstoeltoegankelijkheid (BVR 28/06/2019, bijlage 10, art. 38).
o Vaststellingen 03/07/2025: de douches zijn niet in de vloer verzonken, er is een klein niveauverschil. Ook aan de toegang tot het terras is er een niveauverschil.
• Niet alle assistentiewoningen voldoen aan de voorwaarde m.b.t. de nettovloeroppervlakte (BVR 28/06/2019, bijlage 10, art. 38).
o Vaststellingen 03/07/2025: de nettovloeroppervlakte van de assistentiewoningen (zonder badkamer) bedraagt 34m².
Gemeenschappelijke leefruimte
Er is een gemeenschappelijke leefruimte in de gebouwen van de groep van assistentiewoningen of in een gebouw dat functioneel één geheel vormt met de groep van assistentiewoningen en dat te voet bereikbaar is voor de bewoners (maximaal 300 m afstand).
Ja Nee NB
●
De bewoners kunnen gebruik maken van de lokalen van het dienstencentrum De Fontein. Het dienstencentrum is gelegen op het gelijkvloers van het gebouw met nr. 31.
De totale ontmoetingsruimte heeft een oppervlakte van minstens 20 m². Vanaf dertien assistentiewoningen, wordt die oppervlakte uitgebreid met 1,50 m² per bijkomende assistentiewoning.
De ontmoetingsruimte is elke weekdag beschikbaar voor de bewoners en tijdens het weekend op verzoek.
Op elke verdieping waar een gemeenschappelijke leefruimte is, is er minstens één rolstoeltoegankelijke toiletruimte.
In de gemeenschappelijke toiletten is er een spiegel voorzien. In de gemeenschappelijke rolstoeltoegankelijke toiletten is deze spiegel aangepast of aanpasbaar aan rolstoelgebruikers (aangepaste hoogte of kantelbaar).
Nieuw vastgestelde inbreuk(en)
Er werden geen nieuwe inbreuken vastgesteld.
Toegankelijkheid
De gemeenschappelijke delen van het gebouw (voor de beoordeling van de rolstoeltoegankelijkheid van de assistentiewoningen -> zie hoger bij assistentiewoningen) zijn rolstoeltoegankelijk. Indien er niveauverschillen zijn die niet kunnen vermeden worden, worden deze ondervangen.
In alle voor de gebruikers toegankelijke gemeenschappelijke ruimtes worden niveauverschillen, zoals treden, trappen en andere hindernissen, vermeden. Als die niveauverschillen niet vermeden kunnen worden, worden ze gesignaleerd.
Elk gebouw dat twee of meer bouwlagen telt, die voor de gebruikers toegankelijk zijn, beschikt minstens over een lift. Minstens één lift is geschikt voor het vervoer van een rolstoelgebruiker met begeleider.
De gangen hebben, na afwerking van de wanden en met inbegrip van de ruimte voor plinten en leuningen, een vrije doorgangsbreedte van minimaal 1,5 meter.
Nieuw vastgestelde inbreuk(en)
Er werden geen nieuwe inbreuken vastgesteld.
Leuningen en handgrepen
Ja Nee NB NVT
Ja Nee NB NVT
Ja Nee NB NVT
Om zich te verplaatsen in het gebouw kunnen de gebruikers zich behelpen met leuningen en handgrepen: Ja Nee NB in de gangen (aan beide zijden) ●
in de individuele sanitaire ruimtes (aan beide zijden van het toilet)
● in de gemeenschappelijke sanitaire ruimtes (in de rolstoeltoegankelijke sanitaire ruimtes aan beide zijden van het toilet, in de niet rolstoeltoegankelijke sanitaire ruimtes minstens aan één zijde).
●
Nieuw vastgestelde inbreuk(en)
• In de gangen werden niet overal waar nodig aan beide zijden leuningen aangebracht (BVR 28/06/2019, bijlage 10, art. 37, 9°).
o Vaststellingen 03/07/2025: er werden geen leuningen voorzien in de gangen.
• Niet in alle individuele sanitaire ruimtes werden voldoende handgrepen aangebracht (BVR 28/06/2019, bijlage 10, art. 37, 9°).
o Vaststellingen 03/07/2025: men voorziet standaard geen 2 armsteunen, enkel indien de bewoner erom vraagt wordt een tweede armsteun geplaatst.
Oproepsysteem
Er is een aangepast oproepsysteem
Ja Nee NB NVT in de assistentiewoningen
●
De bewoners hebben een draagbaar oproepsysteem. in de gemeenschappelijke delen. ●
Er is permanent een oproepsysteem aanwezig dat gemakkelijk bereikbaar is voor de bewoner:
Ja Nee NB NVT in de individuele sanitaire ruimtes
●
● in de gemeenschappelijke sanitaire ruimtes.
Nieuw vastgestelde inbreuk(en)
Er werden geen nieuwe inbreuken vastgesteld.
Onderhoud
De gebouwen en de lokalen worden regelmatig en correct onderhouden: Ja Nee NB dagelijks onderhoud ● structureel onderhoud ●
Nieuw vastgestelde inbreuk(en)
Er werden geen nieuwe inbreuken vastgesteld.
Informatie voor bewoners
De gegevens over de Woonzorglijn worden op een zichtbare plaats opgehangen.
Ja Nee NB
● De informatie over de dagprijs wordt geafficheerd op een centrale plaats die toegankelijk is voor alle bewoners, bezoekers en personeelsleden.
Nieuw vastgestelde inbreuk(en)
Er werden geen nieuwe inbreuken vastgesteld.
●
OMKADERING
• Vaststellingen op basis van: o toelichting woonassistent Ja Nee NB
Er werd een woonassistent aangesteld. ●
De woonassistent is minstens één keer per week aanwezig. ●
De woonassistent is dagelijks tijdens de kantooruren aanspreekbaar voor de bewoners van de GAW. ●
Er werd een voltijdse woonassistent aangesteld. Zij volgt zowel de bewoners van de GAW De Fontein als van de GAW Hoge Weg op.
Als zij afwezig is kunnen de bewoners terecht bij de buurtzorgcoördinator (1 vte ) of de administratieve medewerker (1 vte).
Nieuw vastgestelde inbreuk(en)
Er werden geen nieuwe inbreuken vastgesteld.