Skip to main content

Witteveen+Bos Jaarverslag 2025

Page 1


Ingenieurswerk mensenwerk

Jaarverslag 2025

Samenspel

In 2025 heeft Witteveen+Bos samen met opdrachtgevers en partners via ruim 4.500 projecten waarde toegevoegd aan biosfeer, economie en maatschappij.

Vanuit deskundigheid en nieuwsgierigheid werkten we samen aan opgaven die ertoe doen. In het samenspel van het verbinden van expertises en het verleggen van grenzen ontstaat meer dan de som der delen. Zo maken we gezamenlijk meer impact.

Afgelopen jaar werkten we vanuit de drie strategische pijlers van onze nieuwe koers: Talent en kennis, Organisatie en cultuur, en Portfolio.

In dit Jaarverslag 2025 delen we onze resultaten en de zes impactthema’s waar we ons voor inzetten. Ook maak je kennis met de mensen achter Witteveen+Bos.

Veel leesplezier!

Vooruitgang door verandering

Verslag van het directieteam

De uitdagingen waarvoor we als maatschappij staan gesteld, zijn legio. Denk aan klimaatverandering, netcongestie, druk op de ruimte, vluchtelingenproblematiek, internationale conflicten en biodiversiteit. Ondanks de dynamische wereld waarin we ons bevinden, hebben we een succesvol jaar achter de rug. Zowel financieel, als in de impact die we maken. Dit komt omdat we al 80 jaar onze eigen koers varen. Met inmiddels 1.710 gemotiveerde collega’s werkten we in 54 landen met opdrachtgevers en partners aan 4.509 projecten die bijdragen aan een gezonde biosfeer, maatschappij en economie.

In 2026 vieren we ons 80‑jarig jubileum. In de acht decennia dat we bestaan hebben generaties Witteveen+Bos’ers een stevige kennisbasis opgebouwd. Gevoed door duurzame relaties waarmee we samen leren, ontwikkelen en nieuwe inzichten tot leven brengen. Dat leidde tot innovaties zoals eDNA, waarmee we in 2025 de Vernufteling wonnen, en tot een stabiele financiële groei, wat het afgelopen jaar werd beloond met de Cobouw50 Award voor het ‘Best presterende ingenieursbureau’.

Dit is het resultaat van de kracht van ons collectief. Collega’s die elke dag met deskundigheid en nieuwsgierigheid werken aan opgaven die ertoe doen. Opdrachtgevers die ons het vertrouwen geven om samen grenzen te verleggen en samenwerkings en (onderzoeks)partners die hun expertise met de onze verbinden. Het succes van 2025 weerspiegelt zich in onze resultaten, waarin we een eigen omzet van EUR 196,7 miljoen en een nettoresultaat van EUR 22,5 miljoen neerzetten. Deze cijfers vormen niet alleen een financiële prestatie, ze bevestigen de waardering voor ons werk en de waarde van het fundament dat we samen hebben opgebouwd. Dat blijven we koesteren en gaan we de komende jaren gericht versterken.

De beweging en resultaten van 2025 geven een goed beeld van hoe we ons als organisatie ontwikkelen. In het vervolg van dit verslag gaan we in op de koers die hieraan richting geeft: hoe we onze strategische doelen in 2025 verder hebben verdiept, hoe de drie pijlers Talent en kennis, Organisatie en cultuur, en Portfolio ons werk sturen en hoe dit zichtbaar wordt in de ontwikkeling van onze organisatie.

De

organisatiewie we zijn en wat we doen

Witteveen+Bos is een wereldwijd opererend advies en ingenieursbureau dat ingenieuze oplossingen biedt voor gezonde biosfeer, maatschappij en economie. We willen met onze projecten een positieve impact maken op het gebied van energie, infrastructuur, klimaatadaptatie, leefomgeving, water en bouw. Daarmee geven we vorm aan toekomstbestendige basisinfrastructuren en aan de transities die nodig zijn voor het functioneren, het welzijn en de welvaart van onze maatschappij.

Organisatiestructuur

Witteveen+Bos N.V. is een structuurvennootschap en handelt conform de hieraan gestelde vereisten. De dagelijkse leiding is in handen van de achtkoppige directie. De Raad van Commissarissen bewaakt de continuïteit van het bedrijf door extern toezicht te houden. We werken dichtbij onze opdrachtgevers, projecten, samenwerkingspartners en de arbeidsmarkt.

Onze productmarktcombinaties (PMC’s) zijn verantwoordelijk voor een gezond portfolio aan projecten en opdrachtgevers. De PMC’s zijn geclusterd binnen vier businesslines met de volgende kennisgebieden: Infrastructure and Mobility (IM), Built Environment (BE), Deltas, Coasts and Rivers (DCR) en Energy, Water and Environment (EWE). De businesslines en bestuurders worden geadviseerd en ondersteund door de afdelingen Communicatie, Facility Management (FM), Financiën,

Informatiemanagement en digital support (IMDS), Juridische zaken en kwaliteit (JZK), ICT en HR. De afdelingen zijn bedrijfsbreed verantwoordelijk voor het soepele verloop van onze bedrijfsprocessen. Samen met de businesslines vormen zij een netwerk waarin collega’s vanuit diverse landen en verschillende disciplines samenwerken.

Onze opdrachtgevers zijn zowel publieke organisaties (rijksoverheid, provincies, gemeenten, waterschappen), semipublieke organisaties (netbeheerders, drinkwaterbedrijven, spoor en havenautoriteiten) als private organisaties (aannemers, architecten en ingenieursbureaus en industrie). Witteveen+Bos bedient deze markten vanuit tien kantoren in Nederland, vanuit kantoren in België, Indonesië, Kazachstan, Letland, Panama, Singapore, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Arabische Emiraten en via diverse nationale en internationale samenwerkingen en joint ventures. Een deel van onze kantoren heeft de status van zelfstandige rechtspersoon binnen de Witteveen+Bos‑groep, andere kantoren functioneren als nevenvestigingen.

Verantwoord zakendoen

Onze wijze van zakendoen staat beschreven in onze bedrijfscode. Alle Witteveen+Bos’ers wereldwijd handelen

professioneel en integer, in lijn met deze bedrijfscode. We ondersteunen compliance op diverse manieren, waaronder het organiseren van trainingen, dilemmadiscussies en assessments. De bedrijfscode verbindt onze waarden en overtuigingen met de OESO ‑ richtlijnen voor multinationale ondernemingen. Witteveen+Bos is lid van de United Nations Global Compact (UNGC): we onderschrijven nadrukkelijk de tien principes van de UNGC op het gebied van mensen en arbeidsrechten, milieu en anticorruptie. Witteveen+Bos spant zich in voor het naleven van mensenrechten in de gehele keten waarin wij actief zijn. Concreet betekent dit zorgdragen voor een veilige en eerlijke werkomgeving voor alle individuen, waarin geen ruimte is voor discriminatie. We onderschrijven actief de Modern Slavery Act. De uitgangspunten hiervan zijn opgenomen in onze bedrijfsprocessen en aanbestedings en projectselectiecriteria.

Veilig en verantwoord ondernemen

We blijven werken aan (digitale) veiligheid in de volle breedte van onze organisatie, onder andere via de Safety Culture Ladder trede 4, VCA‑normering en de doorontwikkeling van ons managementsysteem. Daarnaast geven we invulling aan onze SROI‑verantwoordelijkheden, waarbij we onder meer kansen creëren voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt.

Terugblik 2025

Een jaar van groei, gerichte investeringen en versterking van onze fundamenten

Doorontwikkeling van onze strategische doelen Blijvende impact vraagt om vernieuwing en bewuste keuzes. In de afgelopen jaren hebben we onze koers gezamenlijk verfijnd en versterkt. In 2024 formuleerden we de eerste contouren van onze aangescherpte strategie. In 2025 bouwden we daarop voort door deze koers verder te verdiepen en concreter te maken.

Deze aangescherpte koers wordt gedragen door onze drie strategische pijlers. Met de pijler ‘Portfolio’ richten we ons op het bundelen en doelgericht inzetten van onze kennis en expertise voor de opgaven waar we de grootste maatschappelijke waarde kunnen creëren en een gezond rendement kunnen realiseren. Bij de pijler ‘Talent en kennis’ begint het bij onze mensen: door talent te ontwikkelen, te ondersteunen en te behouden, en waar nodig gericht te werven, blijven we bouwen aan een sterke en toekomstbestendige kennisbasis. Binnen de pijler ‘Organisatie en cultuur’ richten we ons op hoe we samenwerken,

Portfolio - Impact als kompas

Ons portfolio vormt het hart van waar wij als Witteveen+Bos waarde creëren. In 2025 werkten we aan ruim 4.500 projecten, uiteenlopend in schaal, complexiteit en geografische context. Klimaatverandering, de energietransitie, druk op ruimte en infrastructuur, verlies aan biodiversiteit en toegang tot schoon drinkwater vragen om oplossingen die lokaal passen en gebruikmaken van internationaal ontwikkelde kennis en ervaring. De maatschappelijke vraagstukken waarop wij ons richten, spelen zich af in een steeds complexere wereld. Die breedte vraagt om gerichte keuzes. Met de pijler Portfolio sturen we daarom bewust op de inzet van onze kennis en capaciteit: op die maatschappelijke opgaven waar wij aantoonbaar impact kunnen maken en tegelijkertijd een gezond rendement realiseren. Sturen op portfolio‑impact betekent voor Witteveen+Bos daarom: kiezen voor die opgaven waar wij, vanuit verschillende landen en contexten, aantoonbaar waarde kunnen toevoegen, voldoende rendement kunnen maken en de kracht van het collectief van Witteveen+Bos kunnen benutten.

Om deze focus concreet te maken hebben wij ons portfolio in 2025 geordend langs zes impactthema’s: Gezonde habitats, Duurzame mobiliteit en infrastructuur, Energietransitie, Klimaatadaptatie, Schoon drinkwater en sanitatie en

Duurzaam gebouwde omgeving. Deze impactthema’s verbinden urgente maatschappelijke opgaven met onze strategische ambities en kennisposities. Ze vormen het kompas voor onze projectkeuzes, voor investeringen in expertise en innovatie en voor de verdere ontwikkeling van onze (internationale) samenwerking.

Impactthema’s in de praktijk

In 2025 namen we per impactthema onze marktpositie kritisch onder de loep en gingen in gesprek met opdrachtgevers en collega’s. Door elk impactthema te toetsen op synergie, maatschappelijke impact en rendement, kregen we helder zicht op waar onze kracht ligt, waar ruimte is om te groeien en hoe we onze innovatie en expertise het beste kunnen inzetten in de toekomst. In de onderstaande voorbeelden wordt zichtbaar hoe deze impactthema’s in de praktijk samenkomen in projecten en innovaties.

Energietransitie

Binnen het impactthema Energietransitie werken wij aan een betrouwbare en toekomstbestendige energievoorziening. De overgang naar duurzame energie vraagt onder andere om uitbreiding en verzwaring van netwerken en hoogspanningsstations, waarbij verschillende disciplines en belangen samenkomen. Een voorbeeld hiervan is onze samenwerking binnen het consortium

E MERGE, waarin wij expertises bundelen om complexe energieinfrastructuurprojecten integraal en beheersbaar te realiseren. Daarnaast ontwikkelden wij de tool TIP, die iteratief ontwerpen van energiesystemen mogelijk maakt, omdat de impact van ontwerpkeuzes in het energiesysteem op infrastructuur en ruimte direct inzichtelijk wordt gemaakt.

Gezonde habitats

Onze impactthema’s staan niet los van elkaar en raken elkaar in de praktijk regelmatig. Dat wordt onder meer zichtbaar in de wisselwerking tussen de impactthema’s Energietransitie en Gezonde habitats. Zo doen wij samen met diverse partijen onderzoek naar de invloed van elektromagnetische velden van stroomkabels op de zeebodem op haaien en roggensoorten, om beter te begrijpen hoe toenemende energie infrastructuur het gedrag en de oriëntatie van deze elektriciteitsgevoelige dieren beïnvloedt. Binnen het impactthema Gezonde habitats richten we ons op het versterken en beschermen van biodiversiteit en ecosystemen, met een integrale blik op de verschillende systemen en hun onderlinge samenhang. Zo brengen we met de ontwikkeling van eDNA analyse op basis van één watersample het onderwaterleven in beeld en leggen we de relatie met toxische druk. Deze innovatie maakt gerichtere maatregelen tegen biodiversiteitsverlies mogelijk en werd in 2025 bekroond met De Vernufteling van Koninklijke NLingenieurs.

Schoon drinkwater en sanitatie

Inzicht in biodiversiteit en toxische belasting is ook van belang voor waterkwaliteit. Binnen het impactthema Schoon drinkwater en sanitatie werken we aan toekomstbestendige waterketens. Zo ondersteunen we onder meer waterschap Vechtstromen bij de aanpassing van meerdere rioolwaterzuiveringen, zodat het effluent bijdraagt aan het behalen van de doelen van de Kaderrichtlijn Water (KRW). Daarnaast zijn wij partner in CLC Water, waarin innovatieve technische oplossingen worden ingezet om effluent effectiever en economischer na te zuiveren en waterschappen te ondersteunen bij het voldoen aan Europese waterkwaliteitsrichtlijnen.

Klimaatadaptatie

Binnen het impactthema Klimaatadaptatie werken wij aan het klimaatbestendig inrichten van de leefomgeving, zodat natuur, water en samenleving kunnen meebewegen met klimaatverandering. In 2025 werkten we aan verschillende projecten en innovaties binnen dit thema. Zo ontwikkelden we samen met STOWA de stresstest waterkwaliteit, waarmee waterbeheerders beter inzicht krijgen in kwetsbaarheden en gerichte maatregelen kunnen treffen om de gevolgen van klimaatverandering op waterkwaliteit te beperken. Daarnaast werkten we aan mangroveherstelprojecten, onder andere in Sei Jang (Bintan, Indonesië). Met een integrale systeemanalyse,

ecologische expertise en nauwe samenwerking met lokale stakeholders droegen we bij aan het herstel van mangroves en aan een veerkrachtige kustzone, met positieve effecten voor biodiversiteit en de leefomgeving.

Duurzame mobiliteit en infrastructuur

Goed functionerende infrastructuur vormt een randvoorwaarde voor het functioneren van de maatschappij. Met het impactthema Duurzame mobiliteit en infrastructuur dragen wij bij aan het bereikbaar, veilig en toekomstbestendig houden van vitale netwerken. In opdracht van Havenbedrijf Rotterdam werken wij aan de verbreding van het Yangtzekanaal, waarbij we binnen dit project samen onderzoeken en pilots uitvoeren op het gebied van onder meer grond en materiaalgebruik, schoon en emissieloos bouwen en het toepassen van innovatieve materialen zoals geopolymeerbeton. Daarnaast werken wij binnen Project Tunnelrenovaties Zuid Holland (PTZ), vanuit het consortium Tunnel Engineering Consultants (TEC), aan het toekomstbestendig maken van bestaande tunnels, met nadruk op gezamenlijk leren en verbeteren om de grote vervangings en renovatieopgave beheersbaar aan te pakken.

Duurzaam gebouwde omgeving

De samenhang tussen energie, water, natuur en infrastructuur komt uiteindelijk samen in de manier waarop we onze leefomgeving inrichten. Binnen het impactthema Duurzaam gebouwde omgeving werken wij aan leefomgevingen waarin wonen, werken, bereikbaarheid en natuur in balans zijn. Een voorbeeld hiervan is de

gebiedsontwikkeling Wilderszijde in Bergschenhoek, waar wij de gemeente Lansingerland ondersteunen bij het realiseren van circa 3.000 woningen in een klimaatadaptieve en natuurinclusieve wijk, waarin water, groen en verstedelijking elkaar versterken. In de sterk versteende stad Antwerpen wordt het steeds moeilijker om periodes van droogte en steeds intensere buien op te vangen. Daarom werken we samen met De Urbanisten en Common Ground voor de gemeente plannen uit om de wijken Stadspark, Brederode, Kiel en Tentoonstellingswijk klimaatrobuuster te maken.

Strategische versterking van ons portfolio: overname van Maidl Tunnelconsultants GmbH (MTC) Een belangrijke stap binnen onze portfoliostrategie in 2025 was de overname van Maidl Tunnelconsultants GmbH (MTC). MTC is wereldwijd bekend als hoogwaardig bureau voor engineering, consultancy en (monitoring)software voor geboorde tunnels, en geldt als een van de grondleggers van de moderne geboorde tunnelbouw.

Door de nieuwe samenwerking is in 2025 voortvarend gestart met het uitwisselen van capaciteit en het delen van specialistische kennis. Daarnaast investeert Witteveen+Bos in de doorontwikkeling van MTC’s realtime datamanagementsysteem PROCON, waarmee we een stap zetten in de verdere digitalisering van onze tunnelprojecten. De geïntegreerde kennis, ervaring en internationale reputatie rondom geboorde tunnels versterkt onze internationale propositie en biedt concrete mogelijkheden om het marktaandeel van TEC te vergroten in de wereldwijde tunnelmarkt.

Talent en kennis

Onze impact ontstaat door de mensen die het werk doen én de omstandigheden die we creëren om kennis te ontwikkelen. De kracht van Witteveen+Bos zit in het samenspel van onze collega’s die hun expertise delen, elkaar versterken en samen oplossingen ontwikkelen voor maatschappelijke opgaven.

Aantrekken en binden van talent

Net als in 2024 is Witteveen+Bos in 2025 ondanks de krappe arbeidsmarkt opnieuw gegroeid; van 1.577 collega’s eind 2024 naar 1.710 collega’s eind 2025. Hierbij gaat het om autonome groei. Dankzij ons profiel, de samenwerking met onderwijsinstellingen en de brede ontwikkelingsmogelijkheden weten we veelbelovend talent aan ons te binden. De instroom wordt bovendien steeds diverser (in achtergrond, nationaliteit en gender), wat aansluit bij onze wens om verschillende perspectieven en ervaringen in onze projecten te benutten. Nadat we afgelopen jaren stappen hebben gezet in taalbeleid, werving en selectie, benoemingen, ontwikkelmogelijkheden en arbeidsvoorwaarden, is het verder bevorderen van de doorstroming van divers talent een belangrijk aandachtspunt voor de komende tijd.

De uitstroom kwam bedrijfsbreed uit rond de 10,3 % met verschillen tussen landen (bijvoorbeeld 9,3 % in Nederland en 12,6 % in België). De groei van het aantal medewerkers bedroeg Witteveen+Bos breed 18,75 %. In alle onderdelen van het bedrijf zien we dat de continuïteit van teams behouden blijft en dat nieuwe collega’s zich snel thuis voelen in onze manier van werken.

Een gezonde en stimulerende werkomgeving In 2025 zagen we een daling van het ziekteverzuim (naar 3,28 %) en positieve scores in onze vernieuwde PulseCheck, een periodieke meting van bevlogenheid en vitaliteit die we ontwikkelden met Hogeschool Saxion. Tegelijkertijd zien we verschillen onder collega’s. Deze verschillen onderstrepen dat een gezonde, veilige en stimulerende werkomgeving blijvend aandacht vraagt. Dat vraagt om maatwerk: we kijken steeds vaker per medewerker wat nodig is om duurzaam, met plezier en in balans te kunnen werken. In 2025 hebben we verder geïnvesteerd in een veilige, inclusieve en professionele werkomgeving, met aandacht voor sociale veiligheid, duidelijke kaders, werkdruk en energiebalans.

Organisatie en cultuur

In 2025 hebben we verder gewerkt aan een manier van organiseren die past bij wie we zijn: een netwerk van betrokken professionals die verantwoordelijkheid nemen, snel schakelen en met ondernemerschap werken aan complexe vraagstukken. Onze cellenstructuur, het sterke gevoel van eigenaarschap en de open, informele manier van samenwerken geven ons wendbaarheid en veerkracht. Tegelijkertijd vraagt onze groei om meer afstemming en ondersteuning, zodat we als één Witteveen+Bos kunnen blijven samenwerken.

Aanscherping van het bestuursmodel in een groeiende organisatie

In 2025 is het bestuursmodel aangescherpt om beter aan te sluiten bij de schaal en complexiteit van onze organisatie. Het directieteam bestaat uit acht leden: twee statutaire directeuren

‘Wanneer ondernemerschap, kennis en samenwerking samenkomen, vergroot dit prestaties, plezier, innovaties en maatschappelijke impact.’

(de algemeen directeur en de directeur bedrijfsvoering) en zes titulair directeuren (directeur Innovatie en transformatie, de vier businessline‑directeuren en de directeur van Witteveen+Bos België). Onze cellenstructuur biedt veel ruimte voor ondernemerschap en direct contact met opdrachtgevers, maar door onze groei nemen de afhankelijkheden tussen teams, afdelingen en landen toe. Het aangescherpte bestuursmodel zorgt daarom voor kortere lijnen in besluitvorming en maakt het makkelijker om strategische keuzes sneller en consistenter door te vertalen naar de dagelijkse praktijk. Dat helpt de businesslines, PMC’s en afdelingen om als één Witteveen+Bos koers te houden.

Innovatie en transformatie

Innovatie en transformatie zijn nodig om mee te bewegen met de snelheid waarmee onze omgeving verandert. Om deze thema’s stevig te verankeren, hebben we in 2025 een

directeur Innovatie en transformatie aangesteld. Dit biedt richting en structuur aan het ontwikkelen en opschalen van vernieuwende werkwijzen en digitale toepassingen.

Digitalisering in de praktijk

In het kader van onze digitale transitie hebben we in 2025 verder uitvoering gegeven aan IT visie en AI strategie, waarbij collega’s uit digitaliseringsteams uit afdelingen en business bij elkaar zijn gebracht. Zij werken nu vanuit een centraal team aan de verdere ontwikkeling van onze digitale dienstverlening en het onderliggende data‑ en IT‑fundament. We investeerden in IT‑voorzieningen zoals een dataplatform, toegang en beveiliging, inclusief bijbehorende beleidskaders voor informatiebeveiliging. Daarnaast brachten we de digitale kennisposities binnen de organisatie in kaart en werkten we gericht aan het vergroten van de AI‑vaardigheden van onze medewerkers.

Deze stappen leidden tot concrete verbeteringen in het dagelijks werk. De randvoorwaarden voor verdere opschaling zijn versterkt door de hernieuwde ISO 27001‑certificering en de ondertekening van het Digitaal Stelsel Gebouwde Omgeving (DSGO) op niveau 2.

Biodiversiteit en klimaat

Ook in ons programma Biodiversiteit en klimaat is geïnvesteerd. In 2025 hebben we stappen gezet om ons klimaatbeleid verder te versterken. Zo zijn we gestart met een pilot om klimaateffecten in projecten beter te meten, verdiepten we onze kennis over biodiversiteit in het ontwerpproces en werkten we transitiepaden uit voor beton, staal en grondverzet. Met de Climate Academy en de community daaromheen wordt kennis breed gedeeld. Het programmateam is opnieuw ingericht om in de volgende fase te focussen op toepassing en borging.

Ook hebben we in 2025 de bedrijfsvoering verder verduurzaamd. Onze huisvesting ontwikkelde mee met onze duurzame ambities, met een nieuwe circulaire locatie in Arnhem, een duurzame verhuizing in Den Haag, een vernieuwd kantoor in Amsterdam en extra werkplekken in Utrecht voor de groei van de organisatie. Daarnaast introduceerden we een nieuw mobiliteitsconcept dat collega’s ondersteunt bij het kiezen uit duurzamere vervoersopties, met als doel onze reisgerelateerde klimaatimpact verder te verlagen.

Uitgebreide financiële toelichting

De groei van onze organisatie in mensen, projecten, expertise en organisatieontwikkeling is terug te zien in onze financiële resultaten. We sloten 2025 af met een nettoresultaat van EUR 22,5 miljoen en een omzetstijging van 14 %. Ondanks dat het nettoresultaat iets lager ligt dan in 2024, zijn het cijfers waar we trots op zijn. Wel zagen we in 2025 dat de kosten harder stegen dan de omzet. Dit laat zich verklaren door de gerichte investeringen in geld en tijd die we deden in de digitaliseringsagenda, het Biodiversiteit en klimaatprogramma, een nieuwe vestiging in Arnhem en de overname van MTC. Een andere factor is de relatief flinke personele groei, waarbij de loonkosten eerst toenemen en de declarabiliteit pas later volgt. Deze ontwikkelingen drukken het resultaat op de korte termijn, maar versterken het fundament voor de komende jaren. Verder zien we dat het in sommige markten lastiger is om onze tarieven te realiseren en goede projectresultaten te behalen.

Gerichte investeringen voor onze toekomst De investeringen in 2025 vergden een aanzienlijke opschaling van capaciteit. Financieel betekende dit vooral hogere loonkosten door het aantrekken en inwerken van extra experts en het vergroten van specialistische teams. Daarnaast namen de interne ontwikkeluren toe, omdat voor deze programma’s structureel tijd nodig was voor kennisopbouw, experimenteren, scholing en het doorontwikkelen van methoden, systemen en digitale toepassingen.

Het gaat hier om kosten die voorafgaan aan waardecreatie: noodzakelijke voorbereidingsjaren waarin we bouwen aan kennis, systemen en capaciteit die in toekomstige jaren hun rendement moeten laten zien. Hiermee is de financiële impact direct gekoppeld aan onze strategische keuze om te investeren in organisatieontwikkeling, vernieuwingskracht en toekomstbestendigheid.

Een substantieel deel van onze investeringen in 2025 ging naar de overname van Maidl Tunnelconsultants GmbH, die op 18 maart 2025 werd geëffectueerd. Witteveen+Bos heeft een belang van 90 % in MTC verworven. Een strategische

beslissing die zowel financiële middelen als inspanningen op het gebied van aankoppelen en samenwerken vergde, en daarmee eveneens impact had op het resultaat.

Tot slot is er in 2025 een aantal onvoorziene bijzondere uitgaven verricht die drukten op het resultaat. Er is bijvoorbeeld een bijdrage geleverd aan het Witteveen+Bos Pensioenfonds voor advieskosten rondom het nieuwe pensioenstelsel.

Het Witteveen+Bos Pensioenfonds bereidt de overgang naar het nieuwe pensioenstelsel voor. De gedane bijdrage is toereikend om deze overgang zorgvuldig te realiseren. Wij verwachten geen aanvullende bijdragen te hoeven doen. In december 2025 heeft een roadshow plaatsgevonden om medewerkers van Witteveen+Bos te informeren over een evenwichtige overgang naar de nieuwe pensioenregeling.

Productiviteit, onderhanden werk en financiële aandachtspunten

Ook met een forse groei van het aantal collega’s en toename van de complexiteit in projecten bleef onze productiviteit op het begrote niveau, een teken dat onze teams professioneel en effectief samenwerken. De toename in het aantal collega’s, in combinatie met het behalen van het begrote productiviteitsniveau, zorgde ervoor dat we voldoende declarabele capaciteit hadden om de omzetgroei van 14 % te realiseren. Ondanks de omzetgroei is de stand van de onderhanden projecten in 2025 afgenomen. Toch is het saldo eind 2025 nog steeds (te) hoog, zeker in vergelijking met onze omzet ten opzichte van andere advies en ingenieursbureaus. Dit onderstreept het belang van projectbeheersing, tijdig factureren en nauwe samenwerking tussen projectteams en stafafdelingen.

Ook is in 2025 gebleken dat liquiditeit extra aandacht vraagt. Desondanks bleef onze financiële positie solide en toekomstbestendig.

Om deze thema’s beter te beheersen, zijn in 2025 al belangrijke stappen gezet. Tijdens de maandelijkse PMC‑gesprekken kijken we inmiddels breder naar projecten: niet alleen naar de financiële voortgang, maar ook naar

aanvullende niet‑financiële risico’s die impact kunnen hebben op voorspelbaarheid en resultaat. In 2026 zetten we dit verder kracht bij met interne campagnes rondom financieel bewustzijn en de doorontwikkeling van onze dashboarding. Daarnaast blijft winstgevendheid in projecten nadrukkelijk onder de aandacht.

Liquiditeit en balansverhoudingen

De langlopende schulden namen toe door de financiering van de overname van MTC. Dit resulteerde in een lichte daling van onze solvabiliteit (van 47,9 % naar 44,7 %) en een current ratio die daalde van 1,76 naar 1,64.

Gedurende het jaar is geïnvesteerd in de overname van MTC, in verschillende (nieuwe) kantoren en is een bijdrage geleverd aan het pensioenfonds. Uit het kasstroomoverzicht blijkt onder meer dat de dividenduitkering in 2025 EUR 5 miljoen hoger lag dan in 2024. Met name na de dividenduitkering is er sprake van een significante daling van de kasstroom. Om die reden zijn de kasstroomontwikkelingen gedurende het jaar nauwgezet gemonitord en worden kasuitgaven zorgvuldig afgewogen.

Participatiesysteem: stabiliteit als randvoorwaarde

Stabiele winst en daarmee een stabiel dividend en een stabiele koers zijn van belang voor de continuïteit van ons

participatiesysteem. Dit stelt Witteveen+Bos op langere termijn in staat om haar groei mede zelf te financieren door emissie van aandelen naast het aantrekken van bancair krediet. In 2025 deden we een emissie voor een waarde van EUR 1,9 miljoen. Het bedrijfsresultaat wordt, na een winstuitkering voor alle medewerkers, in de vorm van dividend aan alle aandeelhouders uitgekeerd. Deze wijze van winstdeling onderstreept een diepe overtuiging: iedereen die het succes van Witteveen+Bos mogelijk heeft gemaakt, heeft de mogelijkheid om mee te delen in het succes. Daarnaast stimuleert het ons om van elk jaar een succes te maken en niet te leunen op successen uit het verleden. Maar omdat onze organisatie blijft groeien, vraagt het participatiesysteem de komende jaren om aandacht voor een gezonde balans.

Samen werken aan solide risicobeheersing In algemene zin is Witteveen+Bos terughoudend in het aangaan van risico’s. In projecten streeft Witteveen+Bos naar een redelijke beperking van de aansprakelijkheid jegens haar opdrachtgevers. Monitoring van projecten en contracten door de afdeling Juridische zaken en kwaliteit draagt bij aan de beperking van risico’s. Alle nieuwe collega’s volgen een e ‑ learning cursus gericht op risicobewustzijn op het gebied van integriteit en compliance. Het in toenemende mate werken aan digitale oplossingen

vraagt uitbreiding van ons risicobeheersingsmodel. Op het gebied van Enterprise Risk Management heeft Witteveen+Bos de afgelopen jaren al stappen gezet, echter nog wel gesegmenteerd binnen het bedrijf. In het afgelopen jaar zijn initiatieven gelanceerd om het tot dan toe gefragmenteerde risicomanagement verder te integreren en te versterken. Deze doorontwikkeling zetten we in 2026 voort.

Uit hoofde van onze bedrijfsvoering is of kan Witteveen+Bos betrokken zijn of worden bij claims, procedures en onderzoeken, met mogelijke financiële en/of andere gevolgen. Witteveen+Bos verwacht dat mogelijke negatieve financiële ontwikkelingen ultimo 2025 toereikend zijn voorzien.

Ter beheersing van de financiële risico’s werken wij wereldwijd samen binnen dezelfde projectadministratie en wordt de financiële administratie voor de entiteiten in één geïntegreerd systeem gevoerd. We werken continu aan het verbeteren van de informatievoorziening, mede door de inzet van visualisatietools, waardoor informatie actueel en tijd en locatieonafhankelijk beschikbaar is.

Om valutarisico’s te beperken, worden contracten zoveel mogelijk in euro of US dollar afgesloten. Daarnaast worden contracten met onderaannemers zoveel mogelijk in dezelfde valuta afgesloten.

Verslag

Toprisico’s

Sterke groei van de organisatie

Te sterke groei van de organisatie kan resulteren in het verlies van de eigen identiteit, verwatering van de bedrijfscultuur en verhoogde uitstroom, waardoor het behoud van kernwaarden en medewerkersbinding wordt bedreigd.

Sterke focus op de publieke sector

Te sterke afhankelijkheid van en focus op de publieke sector in Nederland en België leidt tot afnemende wendbaarheid naar andere sectoren (onder andere private opdrachtgevers) en maakt de organisatie kwetsbaar voor politieke koerswijzigingen en bezuinigingen, met als risico dalende werkvoorraad en afnemende winstgevendheid.

Toenemende risico-exposure in projecten

De combinatie van grotere, complexere projecten en ‘juridisering’ van de context waarin we zakendoen leidt, zeker in een internationale omgeving, tot verhoogde blootstelling aan claims, compliance ‑ risico’s en reputatieschade.

Stijgend werkkapitaal

Een stijgend werkkapitaal beïnvloedt de liquiditeit en solvabiliteit negatief, waardoor investeringsruimte en groeimogelijkheden beperkt worden en aandelenemissies noodzakelijk kunnen zijn, wat kan leiden tot verwatering van het aandeel.

Geopolitieke instabiliteit

Betrokkenheid van Nederland bij gewapende conflicten (zoals in EU of NAVO verband) kan leiden tot abrupt stilvallende projecten, dalende overheidsbudgetten en verstoring van nutsvoorzieningen, met directe consequenties voor continuïteit en bedrijfsvoering.

Gezien de verschillende (wereldwijde) onzekerheden blijven we de komende jaren behoedzaam opereren. Voor 2026 blijven we aandacht besteden aan het behoud van economische waarde op lange termijn, door adaptief te blijven met behoud van productiviteit en kostenbeheersing. Witteveen+Bos is in staat flexibel in te spelen op maatschappelijke ontwikkelingen. Onze organisatiestructuur, gebaseerd op PMC’s, stelt ons in staat om marktontwikkelingen snel te signaleren en onze dienstverlening daarop aan te passen. Ondernemerschap is laag in de organisatie verankerd, wat samenwerking tussen PMC’s en businesslines bevordert.

Het management heeft de risico’s zoals opgenomen in het kader hiernaast aangemerkt als momenteel het meest relevant en ziet erop toe dat deze zorgvuldig worden gevolgd en indien nodig worden gemitigeerd.

Niet-financiële prestatie-indicatoren

De recente Omnibusversoepelingen binnen de CSRD hebben ertoe geleid dat Witteveen+Bos niet langer binnen de drempel voor verplichte CSRD rapportage valt. Dat betekent echter niet dat onze verantwoordelijkheid verandert. Het bestuur ziet dit eerder als een uitnodiging om bewust te kiezen hoe we duurzaamheidsinformatie zó opnemen in onze verslaggeving dat het richting geeft, vertrouwen versterkt en de administratieve last beheersbaar blijft.

In de komende jaren zullen we daarom rapporteren conform het VSME kader, dat beter aansluit bij de schaal van onze organisatie en ruimte biedt om duurzaamheid stap voor stap te integreren in de jaarrekening. Twee sporen staan daarbij centraal. Enerzijds willen we ESG onderwerpen nadrukkelijk verbinden met onze strategie en waardecreatie, zodat duurzame prestaties onderdeel zijn van bestuur, dialoog en besluitvorming. Anderzijds kiezen we voor een kernset aan KPI’s, gedragen door bestaande systemen en betrouwbare data, zodat rapportage uitvoerbaar blijft en tegelijkertijd richting geeft.

Voor het komende jaarverslag wordt verder uitgewerkt hoe geïntegreerde rapportering vorm krijgt binnen VSME,

en hoe we de juiste balans vinden tussen transparantie, proportionaliteit en onze ambitie om duurzaamheid serieus en accountable te verankeren.

Daarnaast stuurt Witteveen+Bos op prestaties met behulp van niet ‑ financiële indicatoren, conform de drie eerder genoemde strategische pijlers.

Vooruitblik 2026

Voor 2026 houden we de aandacht gericht op behoud van economische waarde op lange termijn: adaptief blijven, productiviteit verhogen, kosten beheersen en onze risico ‑ infrastructuur verder versterken.

Daarnaast heeft de directie besloten om W+B Caspian LLP in 2026 te herorganiseren naar een Front Office. Een belangrijk element daarin is het behoud van onze ontwerplicentie met een minimale bezetting, waarbij we de mogelijkheid openhouden om op te schalen wanneer marktomstandigheden verbeteren. Administratieve en HR taken worden waar mogelijk uitbesteed om operationele efficiëntie te waarborgen en kosten te beheersen.

Corporate governance

De directie van Witteveen+Bos werd in 2025 gevormd door de twee statutair directeuren Wouter Bijman en Maarten‑Kees van Breukelen. Samen met Marc Scheres, Leonie Koops, Edgar Rijsdijk, Harry Mols, Evelien Peeters en Hannie Dierx vormen zij het directieteam. De Raad van Commissarissen bestaat uit Peter Reinders, Angelique Heckman, Daniëlle van der Sluijs en Roland van Dijk. Met deze samenstelling heeft Witteveen+Bos een evenwichtige bezetting tussen mannen en vrouwen in zowel het directieteam als de RvC.

Witteveen+Bos streeft ernaar dat de man‑vrouwverhouding in de verschillende managementlagen een goede afspiegeling is van haar populatie. In het directieteam was in 2025 de verhouding mannen en vrouwen 5 om 3. De verdeling onder de PMC‑leiders betreft 37 mannen en 7 vrouwen en onder de afdelingshoofden was de verhouding 4 mannen en 3 vrouwen. De streefwaardes zijn daarmee nog niet overal behaald. Het blijft een punt van voortdurende aandacht in onze benoemingsprocedures.

Het jaar 2026 en verder

In 2026 richten we ons op het verder aanscherpen van onze impactthema’s en de kennis en innovatie die daarvoor nodig is. Research & Development (R&D) is

primair ingebed in onze projecten en worden uitgevoerd in nauwe samenwerking met onze opdrachtgevers. We versterken onze marktpositie door bewuste keuzes in projecten en investeren in klantrelaties en multidisciplinaire samenwerking. Daar hoort ook het identificeren van ontwikkelpunten bij in de aanwezige kennis, expertise en vaardigheden. In 2025 zijn we daarom gestart met het opstellen van een kennisagenda die we in 2026 verder uitwerken naar ontwikkelpaden voor cruciale rollen. We investeren in vaardigheden die passen bij een datagedreven, professionele organisatie en blijven aandacht geven aan een gezonde, inclusieve werkomgeving. Dat gaat verder dan technische expertise: ook procesregie, verandermanagement en interdisciplinaire samenwerking worden steeds belangrijker.

AI speelt hierin een groeiende rol. We brengen in kaart welke taken en rollen door technologie veranderen en welke nieuwe competenties nodig zijn om toekomstbestendig te blijven. In 2026 blijven we processen optimaliseren, versterken we de samenhang in innovatie en digitalisering en verduurzamen we onze bedrijfsvoering door te investeren in een projectportal. Voor de hierboven genoemde investeringen verwachten wij geen aanvullende externe financiering nodig te hebben. We blijven investeren in veiligheid, verbinding en een cultuur waarin collega’s zich ontwikkelen en met plezier en vertrouwen samen werken aan onze opgaven.

Voor 2026 voorzien we een beperkte kwantitatieve groei. We verwachten een personele groei van 5 % of minder. We kiezen nadrukkelijk voor kwalitatieve groei: beter in wat we doen, hoe we samenwerken en welke maatschappelijke en economische impact we maken, met blijvende aandacht voor liquiditeit en rendement. Door gericht en cyclisch portfoliomanagement behouden we grip, balans en samenhang tussen PMC’s en sturen we op synergie, impact en beheersbaarheid. Dat doen we in een cultuur van ondernemerschap, vertrouwen en verbinding.

In 2026 vieren we ons 80‑jarig bestaan. Die mijlpaal onderstreept de kracht van het collectief dat Witteveen+Bos al generaties lang vormt en geeft extra betekenis aan onze ambitie om ook in de toekomst als één organisatie waarde toe te voegen voor opdrachtgevers en samenleving. Met vertrouwen bouwen wij zo verder aan een toekomstbestendig Witteveen+Bos.

Deventer, 23 maart 2026

Directieteam van Witteveen+Bos N.V.

Wouter Bijman, Maarten Kees van Breukelen, Edgar Rijsdijk, Evelien Peeters, Hannie Dierx, Harry Mols, Leonie Koops, Marc Scheres

Verslag Raad van Commissarissen

Met dit verslag geeft de Raad van Commissarissen (RvC) van Witteveen+Bos N.V. de stakeholders van Witteveen+Bos inzicht in de wijze waarop zij haar toezichthoudende taak in 2025 heeft ingevuld.

Terugkijkend was 2025 voor Witteveen+Bos een goed jaar in een complexe context Witteveen+Bos kan terugkijken op een goed jaar in een omgeving die nationaal en internationaal onverminderd dynamisch was. Nationaal was er beperkte voortgang waar te nemen op voor Witteveen+Bos relevante dossiers als woningbouw en stikstofproblematiek.

Internationaal bleef de geopolitieke situatie gespannen, met onder meer gevolgen voor het denken over nationale veiligheid.

Tegen deze achtergrond heeft Witteveen+Bos het jaar 2025 sterk afgesloten. Zowel de omzet als het aantal medewerkers ontwikkelden zich positief, de financiële resultaten lagen in lijn met de begroting en de orderportefeuille bleef goed gevuld. Er werden diverse aansprekende opdrachten verworven, onder meer binnen de energietransitie, wat bijdraagt aan een stabiele basis voor de komende jaren.

Goede samenwerking met het directieteam

De RvC kijkt met tevredenheid terug op de samenwerking met het directieteam (DT) in 2025. Deze kenmerkte zich door een goede balans tussen verdieping op strategische onderwerpen, onder andere in themasessies, en aandacht voor operationele zaken in het reguliere overleg.

In 2025 stonden verschillende strategische gespreksonderwerpen centraal, waaronder de visie op de toekomst, de daarbij behorende strategie op langere termijn en het best passende bestuursmodel. Met de instelling van het DT is hierin een stap gezet.

Dit team zorgt ervoor dat signalen en vraagstukken vanuit de organisatie sneller en integraler aan de directietafel worden besproken. Daarmee draagt het bij aan de kwaliteit van de besluitvorming, zowel binnen het DT als in de interactie met de RvC.

Afgelopen jaar zijn op de strategische onderwerpen belangrijke stappen gezet. De ontwikkeling van de strategie verloopt daarbij bewust stapsgewijs. De uitgevoerde portfolioanalyse, die inzicht geeft in zowel maatschappelijke impact als duurzaam rendement van de dienstverlening, ondersteunt het maken van toekomstige strategische keuzes. De RvC ziet dat het DT hierbij zorgvuldig balanceert tussen het geven van strategische richting en het behoud van het diep in de organisatie verankerde ondernemerschap en de bijbehorende keuzevrijheden. Andere bouwstenen voor de verdere ontwikkeling van de strategie, zoals HR beleid, ICT ontwikkelingen en verkenningen van mogelijke aanvullende diensten, kregen aandacht in themasessies tussen DT en RvC.

De meer operationele gespreksonderwerpen kwamen aan bod in de reguliere bijeenkomsten. Daarbij ging het onder meer om de bezettingsgraad (D score), het kapitaalbeslag en de ontwikkeling van de liquiditeit. Het DT besteedt hier structureel aandacht aan, wat aansluit bij het belang van deze onderwerpen voor de verdere ontwikkeling van Witteveen+Bos.

Gerichte aandacht voor digitalisering, zowel in de dienstverlening als in de interne organisatie, blijft van belang. Witteveen+Bos heeft daar in 2025 stappen

in gezet door een CTO rol toe te voegen aan het DT. Deze rol richt zich op strategische transities (klimaat, biodiversiteit, digitalisering) en versterkt innovatie binnen de businesslines door deze te ondersteunen en te verbinden. Ook bleek het mogelijk om voldoende talent aan te trekken. Daarbij geldt dat groei geen doel op zich is, maar steeds in relatie staat tot de strategische ambities van de organisatie. Witteveen+Bos blijft daarnaast aandacht besteden aan veiligheid, kwaliteit, compliance en digitalisering, waarbij het DT op deze terreinen gericht beleid voert.

Ook met de ondernemingsraad voerde de RvC in 2025 tweemaal overleg. Daarbij kwamen onder meer het diversiteitsbeleid en het spanningsveld aan de orde tussen enerzijds handelingsvrijheid voor leidinggevenden diep in de organisatie en anderzijds de behoefte aan meer structuur om ogenschijnlijke willekeur te voorkomen.

De continuïteit van de RvC is geborgd

Gedurende 2025 was de RvC stabiel van samenstelling. De continuïteit van het functioneren van de RvC was hiermee gegarandeerd. De samenwerking binnen de RvC was constructief.

Vooruitblik naar 2026

Voor 2026 zijn er voor de RvC meerdere aanknopingspunten om de rol als toezichthouder en als gesprekspartner vorm te geven. Immers, het DT zal zich onder meer richten op de verdere concretisering van de strategische koers en de daaruit volgende keuzes rond diensten, markten en talentontwikkeling. Ook blijft aandacht uitgaan naar de verdere ontwikkeling van het DT, zowel in de onderlinge samenwerking als in de verbinding met de organisatie, en naar het effectief aansturen van de operationele prestaties. De RvC ziet het als een belangrijk aandachtspunt om heldere en breed gedragen strategische keuzes te combineren met de wendbaarheid die nodig is in de dagelijkse praktijk.

De RvC ondersteunt het voorstel tot winstbestemming

De RvC heeft de jaarrekening besproken met het DT en er is overleg met de accountant geweest. Mede op basis hiervan kunnen wij de Algemene Vergadering van Aandeelhouders voorstellen de jaarrekening vast te stellen en de statutaire directie décharge te verlenen voor het door hen gevoerde bestuur en beleid, en de RvC décharge te verlenen voor de door haar uitgevoerde toezichthoudende taak.

Op basis van de overwegingen van en de gemaakte analyses door het DT is duidelijk dat de continuïteit van de onderneming is gewaarborgd bij het tot stand komen van het winstbestemmingsvoorstel van het directieteam. De RvC ondersteunt dan ook dit voorstel.

Wij danken het DT van Witteveen+Bos. Het DT heeft dit jaar concrete stappen gezet op weg naar een effectief bestuursmodel en een strategisch raamwerk. In 2026 volgt verdere invulling en implementatie. Hiermee is een stevige basis gelegd voor de continuïteit van de onderneming. Onze dank gaat ook uit naar alle medewerkers, die met hun betrokkenheid, inzet en vakmanschap essentieel waren voor het behaalde resultaat over 2025. Tevens dankt de RvC de ondernemingsraad voor de open en constructieve dialoog in het afgelopen jaar. Tot slot danken wij de opdrachtgevers voor het vertrouwen dat zij opnieuw in Witteveen+Bos hebben gesteld.

De RvC ziet op grond van het bovenstaande met vertrouwen uit naar 2026, een jaar van voortdurende ontwikkeling voor Witteveen+Bos en haar medewerkers.

Deventer, 23 maart 2026

Raad van Commissarissen

Peter Reinders (voorzitter)

Angelique Heckman

Daniëlle van der Sluijs

Roland van Dijk

Strategische pijlers

als anker

In dit jaarverslag gebruiken we onze nieuwe strategie als kapstok. We rapporteren langs de drie strategische pijlers: Talent en kennis, Organisatie en cultuur en Portfolio.

In het hoofdstuk Talent en kennis staan we stil bij onze mensen. We beschrijven hoe Witteveen+Bos door het ontwikkelen, ondersteunen en behouden van talent, en waar nodig gericht werven, blijft bouwen aan een sterke en toekomstbestendige kennisbasis. Een selectie van onze talenten vanuit de breedte van ons bedrijf laten zien wie ze zijn en wat hen motiveert.

Hoe Witteveen+Bos samenwerkt, zich organiseert en vernieuwt, lees je in het hoofdstuk Organisatie en cultuur. We bespreken hoe we zorgen dat onze organisatie wendbaar blijft en goed ingericht is voor de opgaven van nu en straks.

En wat dit ons allemaal gebracht heeft, is te lezen in het laatste hoofdstuk Economische waarde, waar de financiële rapportages over boekjaar 2025 zijn te vinden. Leeswijzer

Ons portfolio is het hart van Witteveen+Bos. In het hoofdstuk Portfolio staan we stil bij de meer dan 4.500 projecten die we wereldwijd uitvoerden in 2025. We laten zien hoe deze projecten concreet bijdragen aan oplossingen voor maatschappelijke uitdagingen en hoe zij samenkomen binnen onze zes impactthema’s. Zo maken we zichtbaar welke impact we met onze kennis en projecten realiseren voor opdrachtgevers, omgeving en samenleving.

Strategische pijler

Talent en kennis

Synergie in talent en kennis benutten

In onze aangescherpte strategie is Talent en kennis een van de strategische pijlers. Onze mensen zijn de drijvende kracht achter onze ambitie om als bedrijf impact te maken met ingenieuze oplossingen voor maatschappelijke uitdagingen. De sleutel ligt bij onze medewerkers én bij de omgeving die we samen met opdrachtgevers en samenwerkingspartners creëren om kennis te laten stromen. Daarmee geven we talent de ruimte om zich te ontwikkelen en stimuleren we impact door samenwerking en kennisdeling. In 2025 hebben wereldwijd 1.710 collega’s op deze manier hun kennis en ervaring ingezet.

Arbeidsmarktpositie

In personele zin hebben we net als in 2024 wereldwijd een forse groei doorgemaakt van 1.578 medewerkers eind 2024 tot 1.710 medewerkers aan het einde van 2025. Afgezien van de groei door de overname van Maidl Tunnelconsultants, gaat het voornamelijk om autonome groei. In een krappe arbeidsmarkt lukt het ons goed om mensen voor Witteveen+Bos te interesseren. Dat doen we onder meer door in de landen waar we kantoren hebben in samenwerking met hogescholen en universiteiten een actieve bijdrage te leveren aan onderwijs en het bieden van stage‑ en afstudeerplekken.

De afgelopen jaren is de instroom van Witteveen+Bos steeds diverser geworden, in termen van opleidingsachtergrond, nationaliteit en m/v verhouding.

Het aantrekken van mensen met een diversiteit aan achtergronden past bij de wens om verschillende perspectieven, kennis en ervaringen in te kunnen brengen in de oplossingen die wij ontwerpen en bedenken.

De hoge instroom is net als in 2024 gepaard gegaan met een relatief lage uitstroom (onder de 10 %), wat een indicatie is dat we collega’s goed weten te binden.

totaal aantal medewerkers

1.710

(2024: 1.578)

totaal aantal fte’s

1.563

(2024: 1.429)

man/vrouwverhouding

65/35

(2024: 66/34)

landen met vestigingen

(2024: 9) 9

in dienst medewerkers uit dienst medewerkers

295

162

(2024: 265) (2024: 138)

Stimulerende en gezonde werkomgeving voor iedereen Anders dan in andere jaren, zagen we een personele groei gecombineerd met een bovengemiddeld hoge productiviteit en een dalend ziekteverzuim (voortschrijdend verzuim bij WBRi 3,3 %). Het is ons gelukt om nieuwe collega’s op een prettige en gezonde manier in te zetten in onze projecten. Dat wordt onderstreept door de vernieuwde PulseCheck meting van november die we in samenwerking met Saxion Hogeschool hebben ontwikkeld. Collega’s geven gemiddeld hun vitaliteit het rapportcijfer 7,0 en hun bevlogenheid een 7,7. Dat zijn mooie cijfers, maar waar er collega’s zijn die boven dit gemiddelde scoren zijn er ook die hun vitaliteit en/of bevlogenheid lager waarderen. Daarom blijven we werken aan een omgeving waarin voor iedereen de kwaliteit van de arbeid hoog is en waarin de omstandigheden optimaal zijn voor mensen om bij te dragen aan onze ontwerpen en adviezen.

We streven er daarbij naar dat de diversiteit in ons personeelsbestand zich ook laat vertalen in een afspiegeling in leidende rollen in (project)management, expertise, markt en ons participatiesysteem. Daar hebben we in bijvoorbeeld taalbeleid, werving en selectie, benoemingen, ontwikkelmogelijkheden en arbeidsvoorwaarden al expliciet aandacht voor.

Kennisontwikkeling

In 2025 hebben we een aantal acties ondernomen die ons een goed uitgangspunt geven voor de verdere operationele uitwerking van de strategische pijler Talent en kennis. Zo zijn er grote stappen gezet in het versterken van leren en ontwikkelen binnen projecten. De visie dat leren het meest effectief is wanneer het plaatsvindt in de dagelijkse praktijk – learning in the flow of work – is verder verankerd in onze organisatie. Dit blijkt onder meer uit de doorontwikkeling van de PLUSschool, die nu nog beter aansluit op de behoeften van ontwerpers, constructeurs en projectteams. Maar ook onderwerpen gekoppeld aan onze bedrijfsbrede programma’s als digitalisering, biodiversiteit en klimaat en leiderschap zijn geïntegreerd in het leeraanbod, waardoor medewerkers direct relevante kennis en vaardigheden kunnen toepassen in hun projecten.

Learning in the flow of work

In steeds meer langjarige projecten waarderen opdrachtgevers en samenwerkingspartners onze kijk op leren en ontwikkelen binnen een project. Zo merken we in projecten waarin veel gelijkwaardige objecten ontworpen of herzien moeten worden, dat het organiseren van kennisdeling en borging over projectteams heen, leidt tot betere en snellere resultaten.

(2024: 129)

(2024: 145)

(2024: 274)

gemiddeld aantal trainingsuren per medewerker deelnemers interne opleidingen (2024: 1.150)

23,23 1.588

3,3 %

ziekteverzuim (2024: 3,4%)

Of dat de natuurlijke W+B kijk op leren en ontwikkelen in een project kan leiden tot loopbaanontwikkeling in verschillende rollen binnen hetzelfde project.

Het afgelopen jaar is het Handboek Leren in Projecten breed onder de aandacht gebracht. Dit handboek biedt praktische tools en methodieken om leren bewust en laagdrempelig te maken binnen projectteams. Denk aan reflectiemomenten, het delen van successen en fouten, en het stimuleren van een growth mindset. Projectleiders en teamleden worden actief aangemoedigd om tijd vrij te maken voor reflectie en feedback, wat bijdraagt aan een cultuur van continu leren en verbeteren.

Daarnaast is er meer aandacht gekomen voor loopbaanontwikkeling binnen projecten. Het loopbaankompas, voortkomend uit een samenwerking tussen de businesslines, HR adviseurs en Learning & Development helpen medewerkers hun eigen ontwikkelpad te bepalen en te bespreken met hun leidinggevende. Dit sluit aan bij het toenemende bewustzijn rondom loopbaanpaden en het belang van goede gespreksvoering over ontwikkeling, voor collega’s in verschillende levensfases. Ook bij

inschrijvingen op tenders/opdrachten merken wij dat onze aandacht voor loopbaanontwikkeling binnen een (langjarig)project wordt gewaardeerd door onze opdrachtgevers.

investering opleidingen in euro

1.580.745

(2024: 1.059.526)

Agenda voor domeinkennis en vaardigheden Om effectief te kunnen zijn in onze impactthema’s voorzagen we een inspanning om te komen tot een kennisagenda. Daarin hebben we beperkt vooruitgang geboekt, omdat we eerst meer diepgang willen bereiken in onze analyse van de impactthema’s en de contexten waarin we opereren. Door daar langer bij stil te staan, wordt ook duidelijker wat de kennisagenda overkoepelend en op de specifieke impactthema’s moet zijn. Wat we in ieder geval hebben geconstateerd, is dat we naast een kennisagenda moeten ontwikkelen op ‘harde’ kennis, ook een agenda moeten ontwikkelen op vaardigheden, zoals informatievaardigheden (prompt engineering, computational thinking), inschatten van risico’s, procesregie en verandermanagement.

Van klimaat naar mensen

Talenten

Tvarita Shivakumar

‘Kleine stappen doen ertoe’

‘Hoe sneeuw kraakt onder je voeten en zacht voelt in je hand, dat heb ik pas kortgeleden ontdekt. Weersverschijnselen fascineren me. Als kind keek ik altijd omhoog, en maakte ik me al zorgen over de opwarming van de aarde. Toen ik laatst voor het eerst in een sneeuwstorm stond, voelde ik me weer dat jonge meisje vol verwondering. Met het verschil dat ik me nu ook in mijn werk met klimaat en energie mag bezighouden.’

‘Ik ben geboren in India en opgegroeid in Singapore. Tijdens mijn master Energy and Environmental Sciences ontdekte ik hoe wetenschap en beleid samenkomen in klimaatvraagstukken. Mijn afstudeeronderzoek richtte zich op atmosferische klimaatmodellering. Ik werkte aan het verbeteren van modellen die menselijke uitstoot in Europa analyseren. Door zuurstofsignaturen toe te voegen aan bestaande emissiemodellen kon beter worden berekend hoe emissies zich in de atmosfeer gedragen en worden opgenomen. Hoewel ik veel plezier heb in die mathematische analyses, realiseerde ik me ook vrij snel dat technische kennis alleen niet genoeg is. Uiteindelijk draait de energietransitie om mensen: hoe zorg je dat oplossingen ook echt worden toegepast en gedragen?’

Zichtbare resultaten

‘Na mijn studie begon ik bij Witteveen+Bos in Singapore en sinds kort werk ik in Nederland. Vanuit hier werken we aan een nieuw district heating netwerk in Sheffield, het Verenigd Koninkrijk, dat de stad uiteindelijk van duurzame warmte moet voorzien. Zulke projecten zijn uitdagend omdat regelgeving, techniek en verschillende belangen samenkomen. Tegelijk is het precies wat dit werk zo interessant maakt: je werkt aan iets dat je later daadwerkelijk kunt zien functioneren. In mijn rol houd ik me veel bezig met projectmanagement. Dat had ik vooraf niet verwacht, maar het blijkt goed bij me te passen. Ik leer hoe je teams aanstuurt, budgetten beheert en mensen samenbrengt om een project vooruit te helpen. Tegelijk blijf ik graag betrokken bij de technische analyses, bijvoorbeeld het maken van kaarten en het verbinden van datasets, om de beste oplossingen te vinden voor de complexe puzzels waarmee we te maken hebben.’

Complexe materie begrijpelijk maken

‘Wat me motiveert, is het idee dat kleine stappen ertoe doen. Je kunt niet altijd meteen een heel systeem veranderen, maar je kunt wel beginnen met één project, één oplossing of soms zelfs één persoon verder helpen. Uiteindelijk zijn het mensen die de energietransitie mogelijk maken. Als we complexe technische verhalen begrijpelijk kunnen uitleggen en vertrouwen opbouwen bij opdrachtgevers en stakeholders, kunnen projecten echt in beweging komen. Daar wil ik me de komende jaren voor blijven inzetten.’

‘Onze taak is ook om de complexiteit te reduceren’

‘Als projectmanager beweeg ik voortdurend met de dynamiek van projecten mee. Die gaan nooit in een rechte lijn en alles wat je onderweg tegenkomt, is onderdeel van het spel. Ik zie het ook als onze taak om de complexiteit voor alle belanghebbenden te reduceren. Om over te brengen: als je aan deze knop draait of dit besluit, dan zijn dit de gevolgen.

‘De laatste vijftien jaar doe ik alleen nog grote, integrale projecten. Op dit moment speelt vooral de energietransitie; de energie van windparken op zee aan land krijgen, het net versterken en nieuwe infrastructuur realiseren voor waterstof en CO2. Hoe complexer het wordt, hoe leuker ik het vind. De schaalsprongen in de omvang van projecten vormen de markeerpunten van mijn carrière. Bij elk nieuw level denk je: dit kan ik niet overzien. Maar dan lukt het toch en maak je een ontwikkelingssprong, waarna zich vroeg of laat een nog groter of complexer project aandient.’

Benieuwd naar het hele verhaal van Patrick? Lees het op www.witteveenbos.com/nl/stories/employee portrait patrick mulder

‘Ik wil laten zien dat het wél kan’

‘Toen ik koos voor werktuigbouwkunde aan de TU Delft wist ik: ik wil mijn technische kennis inzetten voor het verduurzamen van Nederland. Wat me aanspreekt aan techniek, is dat je dingen feitelijk kloppend kunt maken. Over de beste aanpak kun je discussiëren, maar uiteindelijk moet je samen vaststellen wat technisch klopt. In de praktijk blijkt dat soms ingewikkelder dan ik dacht.’

‘Tijdens mijn studie merkte ik hoe belangrijk ik het vind om theorie en praktijk te combineren. Ik raakte betrokken bij de ontwikkeling van een raceauto op waterstof, als mechanical engineer. Mijn focus lag op het zo efficiënt mogelijk inrichten van het accupakket. Ontzettend leuk om te doen. Tegelijk vervulde ik een communicatierol en deed ik PR bij evenementen. Dan sprak ik mensen die minder optimistisch waren over duurzaamheid. Toen ontdekte ik voor het eerst hoe belangrijk communicatie is in dit werk.’

Benieuwd naar het hele verhaal van Juul?

Lees het op www.witteveenbos.com/nl/stories/employee portrait juul schuurmans

Patrick Mulder
‘Het

financiële plaatje vertelt nooit het hele verhaal’

‘Bij een training kreeg ik een kaartje van een collega: ‘Kyra geeft innovatieve adviezen’. Dat vond ik verrassend, ik zie mezelf niet per se als innovatief. Toch voelde het als een mooi compliment. Als head of finance heb ik een andere aanpak dan mijn voorgangers. Het is prettig om te merken dat collega’s daarvoor openstaan.’

‘Vanuit mijn financiële hart wil ik snel de details in, de complexiteit overzien. Maar de kunst is om die complexiteit terug te brengen tot iets begrijpelijks, zodat je de verbinding kunt maken met de rest van de organisatie. Ik sta open voor meningen van anderen en ik laat die meewegen in mijn beslissingen, om goede keuzes te maken en draagvlak te creëren binnen alle onderdelen van de organisatie. Ik vind het belangrijk om altijd te onderzoeken wat ons bindt, omdat ik geloof dat je daarmee de beste uitkomst bereikt. Het financiële plaatje vertelt nooit het hele verhaal. In het grote geheel draait het om balans. En om die te bewaken, moet je je verdiepen in elkaars belevingswereld.’

Benieuwd naar het hele verhaal van Kyra?

Lees het op www.witteveenbos.com/nl/stories/employee portrait kyra den ouden

‘Als systemen te ingewikkeld

worden, ontstaan er risico’s’

‘Projectleiders krijgen in projecten te maken met steeds meer eisen rond kwaliteit, veiligheid, milieu en informatiebeveiliging. Mijn rol als hoofd kwaliteitszaken is om ervoor te zorgen dat zij daar ook echt mee uit de voeten kunnen. Want als systemen te ingewikkeld worden, helpen ze niemand meer. Dan ontstaan juist risico’s.’

‘Ik werkte al op het lab toen ik in deeltijd Milieukunde ging studeren. Daar lag altijd al mijn belangstelling, omdat ik opgroeide met de Veluwe als achtertuin. Later stapte ik over naar advieswerk, waar ik betrokken raakte bij kwaliteitsmanagement en certificering. Ik heb jarenlang audits uitgevoerd bij een certificerende instelling die wereldwijd actief was. Daar heb ik veel van geleerd: je ziet hoe verschillend bedrijven omgaan met kwaliteit en veiligheid en leert uiteenlopende mensen en visies kennen.

Benieuwd naar het hele verhaal van Harry?

Lees het op www.witteveenbos.com/nl/stories/employee portrait harry leerkes

Kyra den Ouden
Harry Leerkes

Talenten

Nooit precies volgens plan

‘Ik merkte al snel dat ik meer generalist ben dan specialist. Daarom combineer ik mijn inhoudelijke expertise nu met de rollen van projectleider en groepsleider. Het kan wel een uitdaging zijn om daartussen te schakelen. De focus die je nodig hebt voor inhoudelijk werk wordt regelmatig onderbroken. Tegelijk maakt die afwisseling mijn werk juist interessant. Als team hebben we nauwe banden met universiteiten en zijn we betrokken bij verschillende pilots om technologieën voor de toekomst te onderzoeken. Pilots gaan vrijwel nooit precies volgens plan: je doet veel dingen voor de eerste keer en moet steeds opnieuw een denkproces in. Dat maakt het ontzettend leuk. De komende jaren wil ik routinematig werk verder automatiseren, zodat er meer tijd vrijkomt voor de grote water vraagstukken van de toekomst.’

Hergebruik van water

Tiza Spit

‘Water

heeft waarde. Dat moeten we gaan

voelen’

‘Mijn vader werkt ook in de watersector. Ik heb echt mijn best gedaan om niet hetzelfde te doen als hij, maar na twee andere studies kwam ik er toch op uit. Tijdens een meeloopdag bij civiele techniek voelde ik: dit klopt. In water komt alles samen: duurzaamheid, gezondheid en maatschappelijke relevantie. Daar wil ik aan bijdragen.’

‘We werken, in opdracht van Brabant Water, aan een pilot om zeewater geschikt te maken als drinkwaterbron in Noord Brabant. In dat project passen we omgekeerde osmose toe: water wordt onder hoge druk door een membraan geperst, waardoor zout en andere mineralen worden verwijderd. Hoe schaal je zo’n pilot op naar een full scale? En wat doe je met de reststroom? Dat vraagt niet alleen om techniek, maar ook om juridische en ecologische afwegingen. Het mooie is dat al die kennis binnen Witteveen+Bos beschikbaar is. Zo’n zeewaterproject is technisch uitdagend en heel interessant om aan te werken. Maar als je mij vraagt wat de meest logische volgende stap is, dan zie ik nog meer in hergebruik van water. We gebruiken elke dag enorme hoeveelheden water die we, als we beter zouden zuiveren, opnieuw kunnen gebruiken. Dat is een constante bron.’

Water herwaarderen

‘We hebben in Nederland ongelooflijk goed drinkwater, maar we nemen het voor lief. Op social media zie je zelfs filmpjes waarin zogenaamd wordt bewezen dat kraanwater gevaarlijk is. Daar kan ik me kwaad om maken. Het tegendeel is namelijk waar, ons drinkwater is van enorm hoge kwaliteit. Water is eigenlijk te goedkoop voor hoe waardevol het is. Als we bewust met water om blijven gaan en het echt op waarde gaan schatten, kunnen we het ook voor de toekomst blijven garanderen.’

‘Het vak van constructeur leent zich perfect voor programmeren’

‘Ik begon bij Bouwkunde, wilde architect worden. Maar al snel miste ik de aandacht voor technische vaardigheden: kan dit eigenlijk wel? Ik wilde niet degene zijn die iets moois ontwerpt dat later moet worden uitgekleed omdat het constructief niet haalbaar blijkt. Als ik echt grenzen wilde opzoeken, moest ik begrijpen waar die lagen. Daarom ben ik overgestapt naar Civiele Techniek.’

‘Het was een harde overgang. Ineens bestonden mijn dagen uit berekeningen maken. Als constructeur versimpel je de werkelijkheid in een berekening. De kunst zit ‘m in het toepassen van de juiste versimpeling, die conservatief is zonder iets over het hoofd te zien. Zodra dit staat is de rest eigenlijk één grote flowchart. Je verandert de startwaarden, rekent, controleert en doorloopt telkens dezelfde procedure. Daarom leent het zich perfect voor programmeren.

Benieuwd naar het hele verhaal van Rayaan? Lees het op www.witteveenbos.com/nl/stories/employee portrait rayaan ajouz

‘Dit vakgebied wordt niet altijd vanzelfsprekend begrepen’

‘Iedereen wil een schone maakindustrie, maar die kun je niet los zien van chemie en gevaarlijke stoffen. Dat is het spanningsveld waarin ik werk. Als je gevaarlijke stoffen per definitie uitsluit, mis je kansen en smoor je innovatieve technologie in de kiem.’

‘Natuurlijk brengt werken met zulke stoffen risico’s met zich mee. Maar als je alle risico’s wilt uitsluiten, kom je tot de ultieme voorzorg … en gebeurt er uiteindelijk niets. Daar zit voor mij de kern: risico’s scherp krijgen, belangen afwegen en onderbouwen hoe innovaties verantwoord kunnen doorgaan. Dat vraagt data, kennis van stofeigenschappen en jurisprudentie, en soms ook creativiteit. Ik wil precies begrijpen waar iets vandaan komt; pas dan kun je er ook echt goed over adviseren. En wat als er geen norm is? Hoe onderbouw je dan wat verantwoord is?

Benieuwd naar het hele verhaal van Jan Willem? Lees het op www.witteveenbos.com/nl/stories/employee portrait jan willem slaa

Rayaan Ajouz
Jan Willem Slaa

‘Mijn werk vraagt om luisteren en goed aanvoelen wat er speelt’

‘Mijn rol in het thema kwaliteit is eigenlijk bij toeval ontstaan. Er stond een audit gepland die niet optimaal was voorbereid en ik had ruimte in mijn agenda. In drie dagen leverde ik, samen met een collega, een handboek op. Zo ontdekte ik dat kwaliteit mooie handvatten biedt om werkzaamheden beter en eenvoudiger in te richten.’

‘Ik heb biologie gestudeerd en werkte eerst inhoudelijk aan bodemonderzoeksprojecten. Maar na dat handboek heb ik geleidelijk een interne overstap gemaakt. Het idee dat ik processen kon verbeteren en collega’s kon helpen om hun werk makkelijker te doen, gaf me uiteindelijk meer voldoening. En dat is minder onlogisch dan het misschien lijkt: als kwaliteitsverantwoordelijke moet ik het geheel kunnen overzien en verbanden leggen. Systeemdenken is iets wat mij van nature ligt en ook tijdens mijn studie biologie goed van pas kwam.’

Benieuwd naar het hele verhaal van Ruth? Lees het op www.witteveenbos.com/nl/verhalen/medewerkersverhaal ruth cartuyvels

‘Als je het systeem begrijpt, kun je de juiste dingen doen’

‘Ik ben altijd bezig met het grotere geheel. Of het nu gaat om waterkwaliteit, biodiversiteit of de manier waarop we samenwerken: pas als je begrijpt hoe een systeem werkt, kun je de juiste dingen doen.’

‘Die brede blik had ik al vroeg. Als kind luisterde ik graag mee met gesprekken van volwassenen en was ik geïnteresseerd in maatschappelijke onderwerpen. De ramp in Tsjernobyl maakte veel indruk, dat was het begin van mijn milieubesef. Ik koos dan ook voor milieuwetenschappen, zodat ik bèta en gamma aspecten kon combineren. In die tijd zag ik op verschillende plekken in de wereld hoe ernstig waterproblemen kunnen zijn, onder andere in Siberië en op de Filipijnen. Het werd me steeds meer duidelijk dat water nooit op zichzelf staat. Het gaat altijd over systemen en over de maatschappelijke context waarin die systemen functioneren.’

Benieuwd naar het hele verhaal van Sebastiaan?

Lees het op www.witteveenbos.com/nl/verhalen/medewerkersverhaal sebastiaan schep

Ruth Cartuyvels
Sebastiaan Schep

Strategische pijler

Organisatie en cultuur

Vooruitgang door verandering

Impact met ons klimaatbeleid

Binnen de strategische pijler Organisatie en cultuur is onze visie op biodiversiteit en klimaat een belangrijk aspect. In 2022 hebben we dit geformaliseerd in het

Sinds de oprichting van Witteveen+Bos in 1946 door dhr. Willem Witteveen en dhr. Goosen Bos is ondernemerschap een van onze belangrijkste kernwaarden. Ondernemen vraagt soms ook om het bijstellen van de koers wanneer de omstandigheden daarom vragen. De wereld om ons heen is de afgelopen jaren snel veranderd en als organisatie veranderen we mee. Zo hebben we in 2025 niet alleen een aangescherpte koers neergezet, ook het bestuursmodel van onze organisatie is gewijzigd. Met de aanstelling van een directeur Bedrijfsvoering en een directeur Innovatie en transformatie is aandacht en continuïteit voor deze onderwerpen niet alleen goed geborgd, maar krijgen ze ook een extra impuls, zodat we als organisatie wendbaar blijven en goed gesteld staan voor de opgaven van deze tijd. Urgente maatschappelijke opgaven die ook binnen onze organisatie aandacht vragen - zowel als het gaat om onze eigen bedrijfsvoering, als in onze projecten en advisering - zijn de afname van biodiversiteit, de klimaatverandering en digitalisering. klimaatbeleid van ons bedrijf, dat binnen het programma Biodiversiteit en klimaat hier zijn praktische uitvoer kent. Ook het afgelopen jaar hebben we via dat programma verdere stappen gezet in het versterken van kennis, inzicht en handelingsperspectief.

Aantal projecten waaraan is gewerkt 2025

4.509

Aantal landen waar deze projecten zich bevinden

Aantal afgeronde projecten

2.231 > 4.677 51 2.260

De aandacht lag op het ontwikkelen van methoden om de impact van duurzame maatregelen op onze bedrijfsvoering beter te meten en te monitoren. De aandacht ging ook naar het toepassen van biodiversiteit in het ontwerpproces. Daarnaast zijn de transitiepaden voor beton, staal en grondverzet verder uitgewerkt. Deze bieden richting en houvast voor zowel onze eigen mensen als samenwerkingspartners in de verduurzaming van de fysieke leefomgeving. Via onder meer onze nieuw opgerichte interne Climate Academy en bijbehorende community is kennis gedeeld en verdiept. In lijn met deze ontwikkeling is het programmateam Biodiversiteit en klimaat in 2025 opnieuw samengesteld, passend bij de volgende fase waarin kennistoepassing, borging en verdere verdieping centraal staan.

Ook de ontwikkeling van onze huisvesting weerspiegelt de bredere ambities op het gebied van duurzaamheid. In Arnhem openden we een duurzame, nieuwe locatie boven het centraal station, voorzien van een circulaire kantoorinrichting. Met de toevoeging van Arnhem aan ons kantorenportfolio sluiten we tevens aan bij de behoefte van onze medewerkers om een werkplek dichtbij huis te hebben waar samengewerkt kan worden met collega’s en samenwerkingspartners. In Den Haag is een verhuizing gerealiseerd naar een duurzaam kantoorgebouw op loopafstand van de diverse stations. Ook buiten Nederland hebben we gewerkt aan duurzame huisvesting: zo is de laatste maanden van 2025 in België gestart met de verbouwing van een grotere, duurzame vestiging in Gent.

Witteveen+Bos neemt ook stappen om de mobiliteit van medewerkers duurzamer in te richten met als doel onze reisgerelateerde klimaatimpact verder te verlagen. In 2025 is daarom een start gemaakt met de implementatie van het Mobility as a Service concept in Nederland waarbij medewerkers eenvoudig reizen kunnen plannen met diverse duurzame modaliteiten. De voortgang bleef echter achter bij de oorspronkelijke ambitie, onder meer door technische uitdagingen in de benodigde datakoppelingen. Hierdoor wordt een deel van de implementatie doorgeschoven naar 2026.

Nieuwe stappen op het gebied van digitalisering

In 2025 is verdere invulling gegeven aan de organisatiebrede ontwikkeling op het gebied van digitalisering en innovatie. Met de aanstelling van een directeur Innovatie en transformatie is de aandacht voor samenhang, prioritering en opschaling versterkt. Binnen de transformatiezone wordt geëxperimenteerd met nieuwe toepassingen en werkwijzen, met als doel kansrijke initiatieven gecontroleerd te laten doorgroeien.

De focus lag in 2025 op het gezamenlijk formuleren en uitvoeren van digitaliseringsopgaven, in combinatie met een governance en overlegstructuur die beter aansluit bij het innovatieve karakter van digitalisering. Binnen de businesslines en afdelingen zijn digitaliseringsteams actief, die onderling afstemmen via een centraal overleg voor projectoverstijgende vraagstukken.

Tegelijkertijd blijven we investeren in het versterken van de digitale basis. Systemen en infrastructuur, waaronder een centrale datavoorziening waarin we onze bedrijfsdata verzamelen en beschikbaar stellen binnen de organisatie, zijn verder ontwikkeld. Beleidskaders op het gebied

van onder meer het verantwoord gebruik van artificial intelligence en veilig omgaan met informatie, binnen de kaders van ISO 27001, zijn aangescherpt met aandacht voor het veiligheidsbewustzijn in de organisatie. Daarnaast is de digitale kennispositie van de organisatie in kaart gebracht om zodoende richting te geven aan verdere kennisontwikkeling.

Deze stappen hebben geleid tot zichtbare verbeteringen in het dagelijks werk, zoals nieuwe en verbeterde digitale toepassingen. Volledige opschaling en brede adoptie vragen echter tijd. Een gedeeld eindbeeld en gezamenlijke vasthoudendheid blijven bepalend voor het tempo waarin verdere stappen kunnen worden gezet.

Belangrijke randvoorwaarden hiervoor zijn in 2025 versterkt door de hernieuwde certificering voor ISO 27001 en de ondertekening van het Digitaal Stelsel Gebouwde Omgeving (DSGO) op niveau 2. Daarmee wordt invulling gegeven aan de ambitie om digitale samenwerking en gegevensuitwisseling structureel te verankeren in projecten en diensten.

Veiligheid in projecten

Als adviseurs en ingenieurs dragen wij actief bij aan het veiliger maken van de bouwsector. In onze ontwerpen, maar ook tijdens de bouwfase, door toezicht te houden of door als

directievoerder op te treden. Als ondertekenaar van de Governance Code Veiligheid in de Bouw en deelnemer in de kopgroep van de Code is veiligheidsbewustzijn onderwerp in al ons handelen. Medewerkers worden getraind in dit bewustzijn, maar veiligheidsbewustzijn is ook een verplichting in onze aanbestedingen en contracten. In mei 2025 organiseerde Witteveen+Bos uiterst succesvol het Veiligheidsontbijt van de Governance Code. Daarin lichtte Witteveen+Bos directeur Wouter Bijman in een persoonlijke verhaal toe wat de bron was van zijn veiligheidsbewustzijn, en is in verschillende workshops met de vertegenwoordigers van de gehele bouwketen gesproken over constructieve veiligheid. Door middel van interne audits, werkplekinspecties en personal safety checks krijgen we een goed beeld van de omstandigheden waarin medewerkers, maar ook onze dienstenleveranciers en derden, op de projecten werken en van hun veiligheidsbewustzijn. De resultaten van deze audits en inspecties zijn input voor verbeteringen van onze processen en trainings en bewustwordingsprogramma’s.

Een veilige werkomgeving

In 2025 is het concept van het wereldwijde arbo en veiligheidsbeleid afgestemd met zowel de managing directors van de entiteiten buiten Nederland als met de programma’s rond sociale veiligheid en welzijn. Resultaat is een verbeterd wereldwijd beleid voor Gezond en Veilig werken dat in 2026 op alle Witteveen+Bos vestigingen wordt geïmplementeerd.

In 2025 zijn er geen ernstige ongevallen geweest. We hebben zeven ongevallen gehad, waarvan vier met letsel. Eén van deze ongevallen heeft geleid tot verzuim langer dan één dag. Naast deze zeven arbeidsongevallen zijn er negen ongevallen tijdens woon werk verkeer gemeld. De reguliere interne en certificeringsaudits voor de Safety Culture Ladder en VCA** hebben plaatsgevonden met een goed resultaat; de certificeringen zijn gecontinueerd. Begin 2025 is in Singapore na een audit het niveau van het bestaande bizSAFE‑ certificaat, een lokaal veiligheidsladdercertificaat, verhoogd van trede twee naar trede drie (van vijf).

SROI

Ons Social Return On Investment (SROI) beleid is erop gericht om meer werkgelegenheid te scheppen voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Sommige van onze overheidsopdrachten brengen SROI verplichtingen met zich mee. De SROI aanpak stoelt op vier pijlers: ‘werk’, ‘onderwijs’, ‘maatschappelijke en sociale activiteiten’ en ‘inkoop’ in Nederland.

Binnen de pijler ‘werk’ hebben we in oktober een carrièremarkt voor topsporters georganiseerd op ons Utrechtse kantoor, samen met stichting De SportMaatschappij. Voormalig topsporters hebben ook een afstand tot de arbeidsmarkt. Tegen de tijd dat zij hun sportcarrière beëindigen, zijn zij ondanks hun gemiddeld hogere leeftijd te zien als starter op de arbeidsmarkt: ze hebben vaak wel de studie, maar niet de ervaring. Met hun achtergrond en mentaliteit kunnen ze een heel waardevolle aanvulling voor een team zijn, hebben we

als bedrijf ervaren. Vanuit dat inzicht faciliteren we graag de ontmoeting tussen onze zakelijke relaties en (ex ‑ )sporters die op zoek zijn naar een maatschappelijke carrière. In het kader van ‘jong geleerd, oud gedaan’ lieten we in april tijdens het Makersfestival in Zwolle jeugdige bezoekers kennismaken met techniek. Kinderen konden meedoen aan een racespel door een rioolwaterzuivering of met een VR bril rondlopen op de projectlocatie van een nieuwe brug.

Integer en betrokken werken

Bij Witteveen+Bos werken we integer en streven we naar betrokkenheid voor al onze stakeholders. Onze verantwoordelijkheden en werkwijze zijn vastgelegd in onze bedrijfscode, die wereldwijd door al onze medewerkers wordt nageleefd. We ondersteunen naleving door middel van trainingen, dilemmasessies en toetsingen. Onze bedrijfscode is onder meer gebaseerd op de OESO richtlijnen voor multinationale ondernemingen en de tien principes van de United Nations Global Compact (UNGC) op het gebied van mensenrechten, arbeidsrechten, milieu en anti corruptie. We zetten ons in voor naleving van mensenrechten in de gehele keten, wat betekent dat we zorgen voor een veilige en eerlijke werkomgeving zonder discriminatie en dat we alleen willen samenwerken met leveranciers die eerlijke arbeidspraktijken ondersteunen.

ESG-rapportage: VSME

De recente Omnibusversoepelingen binnen de CSRD hebben ertoe geleid dat Witteveen+Bos niet langer binnen de drempel voor verplichte CSRD‑rapportage valt. In de komende jaren rapporteren we daarom volgens de vrijwillige VSME standaard, die beter aansluit bij de schaal van onze organisatie en ruimte biedt om duurzaamheid stap voor stap te integreren in jaarverslag. Het geeft ons de tijd om onze systemen er beter op aan te passen en onze data op een lijn te krijgen, zodat rapportage uitvoerbaar blijft en tegelijkertijd richting geeft. We streven naar een transparante, geïntegreerde rapportage, die duidelijkheid geeft over onze duurzaamheidsdoelen en prestaties, waarbij de administratieve last beheersbaar blijft.

SCOPE 1

zakelijk verkeer met bedrijfsauto’s gasverbruik

SCOPE TOTAAL

SCOPE 2

elektra stadsverwarming

zakelijk verkeer met elektrische bedrijfsauto’s

SCOPE 3

woon-werkverkeer met privéauto’s

woon-werkverkeer openbaar vervoer woon-werkverkeer met bedrijfsauto’s

zakelijk verkeer met privéauto’s

zakelijk openbaar vervoer vliegreizen papierverbruik

2.210

KENGETALLEN BEDRIJFSVOERING

openbaar vervoer zakelijk en woon werk in km

8.260.553

(2024: 7.813.046)

zakelijk

7.281.902

(2024: 6.809.056)

woon‑werk

978.651

(2024: 1.003.990)

zakelijk verkeer met privéauto’s in km

2.278.235

(2024: 2.806.270)

zakelijk verkeer met bedrijfsauto’s in km

stadsverwarming (heet / koud water in gigajoule)

2.067

(2024: 2.076)

gasverbruik kantoren in m 3

87.200

(2024: 162.395)

vliegreizen in km

1.851.411

(2024: 2.591.616)

(2024: 685.616)

zakelijk verkeer met bedrijfsauto’s in liters

(2024: 95.683)

zakelijk verkeer met bedrijfsauto’s in kWh

841.117 78.356 209.639

(2024: 195.308)

papierverbruik in kg

4.105

(2024: 3.688)

elektriciteit in kWh

1.910.957

(2024: 1.706.839)

woon werkverkeer met privéauto’s in km

1.809.412

(2024: 1.557.164)

woon werkverkeer met bedrijfsauto’s in liter

2.031

(2023: 3.466)

Portfolio

Impactthema’s

Of het nu gaat om duurzaamheid, leefbaarheid of sociale vraagstukken: we geloven dat verandering begint met concrete initiatieven die vooruitgang mogelijk maken. Met onze projecten dragen we bij aan de grote maatschappelijke opgaven van deze tijd.

Aantoonbaar waarde toevoegen

Met de pijler Portfolio sturen we bewust op de inzet van onze kennis en capaciteit: op die maatschappelijke opgaven waar wij impact kunnen maken en tegelijkertijd een gezond rendement realiseren. Sturen op portfolio impact betekent voor Witteveen+Bos daarom: kiezen voor die opgaven waar wij, vanuit verschillende landen en contexten, aantoonbaar waarde kunnen toevoegen.

In 2025 hebben we daarom ons projectenportfolio geordend langs zes impactthema’s: Gezonde habitats, Duurzame mobiliteit en infrastructuur, Energietransitie, Klimaatadaptatie, Schoon drinkwater en sanitatie, en Duurzaam gebouwde omgeving. Deze impactthema’s verbinden urgente maatschappelijke opgaven met onze strategische ambities en kennisposities. Ze vormen het kompas voor onze projectkeuzes, voor investeringen in expertise en innovatie en voor de verdere ontwikkeling van onze (internationale) samenwerking.

Duurzame mobiliteit en infrastructuur

Energietransitie

Impactthema’s in de praktijk

De maatschappelijke opgaven waar we aan werken zijn vaak te groot en complex om alleen op te lossen. We zijn onderdeel van een netwerk van partners, opdrachtgevers, organisaties, en gemeenschappen. Om écht impact te maken is samenwerking en dus kennis van dat zakelijke ecosysteem cruciaal. In 2025 zetten we hierin stappen door per impactthema onze marktpositie kritisch onder de loep te nemen. We gingen in gesprek met opdrachtgevers en collega’s. Door elk impactthema te toetsen op synergie, maatschappelijke impact en rendement, kregen we helder zicht op waar onze kracht ligt, waar ruimte is om te groeien en hoe we onze innovatie en expertise het beste kunnen inzetten in de toekomst. Op de volgende pagina wordt zichtbaar hoe deze impactthema’s in de praktijk tot uitdrukking komen in projecten en innovaties en gevormd worden door samen te werken.

Klimaatadaptatie

Duurzaam gebouwde omgeving

Schoon drinkwater en sanitatie

Gezonde habitats

Duurzame mobiliteit en infrastructuur

Met het impactthema Duurzame mobiliteit zetten we onze ontwerpkracht in om het vergroten en verbeteren van mobiliteit en infrastructuur op zo duurzaam mogelijke wijze aan te pakken. Dat betekent dat gezondheidsaspecten, CO₂uitstoot en kwaliteit van de leefomgeving net zo worden meegewogen als bereikbaarheid en betaalbaarheid. Bij de verbreding van het Yangtzekanaal in de Rotterdamse haven is daarom intensief samengewerkt met de opdrachtgever om tot innovatieve, CO₂-arme materiaaloplossingen te komen. Bij de renovatieopgave van vijf Zuid-Hollandse verkeerstunnels is het nodig om vaart te maken. De tunnels zijn aan het einde van hun levensduur, maar zijn belangrijk voor de bereikbaarheid in de regio. Ze worden daarom parallel aangepakt, waarbij kennisdeling essentieel is voor het welslagen.

Verbreding Yangtzekanaal Maasvlakte

Economische groei hoeft verduurzaming niet in de weg te staan. Dat bewijst de verbreding van het Yangtzekanaal, een van de belangrijkste vaarwegen op de Maasvlakte in Rotterdam. Via het raamcontract maritieme i-diensten werken we samen met Havenbedrijf Rotterdam en de door het havenbedrijf gecontracteerde aannemers aan het implementeren van duurzame maatregelen in het ontwerp en tijdens de bouw.

Het wordt steeds drukker in de Rotterdamse haven. En de containerschepen die de haven in en uitvaren worden steeds groter. Om die schepen meer ruimte te geven elkaar veilig te passeren heeft Havenbedrijf Rotterdam besloten om de vaarweg van het kanaal over de gehele lengte te verbreden en

te verdiepen. Om dit mogelijk te maken worden er twee nieuwe kademuren ontwikkeld, waarbij de ambitie om de CO₂ ‑ footprint te verlagen een belangrijke drijfveer is.

Implementeren duurzame maatregelen

Dat doen we bijvoorbeeld door de inzet van slimme tools en MKI CO₂ analyses om goede alternatieve afwegingen te maken en materiaal te besparen, het integreren van walstroom of Autonome Stroomvoorzieningen in projecten, en te adviseren over duurzame gunningscriteria. Met Havenbedrijf Rotterdam werken we aan onderzoeken en pilots, zoals grond en materiaalonderzoek, schoon en emissieloos bouwen en het gebruik van innovatieve materialen zoals geopolymeerbeton.

Lees meer

Project Tunnelrenovatie Zuid-Holland

Als gevolg van de verstedelijking en bevolkingsgroei neemt de verkeersintensiteit op de Nederlandse wegen steeds meer toe. Dat heeft ook gevolgen voor de bestaande infrastructuur, waaronder de tunnels, waarvan de meeste aan het eind van de vorige eeuw zijn aangelegd.

De doorstroom van verkeer door die tunnels moet zo veilig en zo vlot mogelijk verlopen. Om steden ook in de toekomst bereikbaar te houden en de verkeersveiligheid te garanderen, worden in Zuid Holland tot 2032 vijf tunnels van Rijkswaterstaat gerenoveerd. TEC (Tunnel Engineering Consultants), sinds 1988 het permanente samenwerkingsverband van Haskoning en Witteveen+Bos, zorgt er samen met opdrachtgever Rijkswaterstaat voor dat deze tunnels in Zuid Holland ook de komende 30 jaar veilig en beschikbaar blijven.

Afstemming en integraal werken

Ruim drie jaar is TEC nu onderweg binnen het Project Tunnelrenovatie Zuid ‑ Holland (PTZ) en tot nu toe is iedere mijlpaal gehaald. Denk hierbij aan de gunning van het werk van de Noordtunnel of de start van de contractvoorbereiding van de Beneluxtunnel. Dit jaar hebben we vijf rijkstunnels in verschillende fases aangepakt. Dat vergt de nodige afstemming en integraal werken met elkaar.

Efficiënter werken door portfolio-aanpak

Voor PTZ hanteren we een portfolio aanpak, wat inhoudt dat we meerdere tunnels gebundeld en dakpansgewijs aanpakken. Hiermee kunnen we een versnelling doorvoeren voor de ontwerp en renovatiewerkzaamheden. In portfolio 1 pakken we de Noordtunnel (A15), de Beneluxtunnel (A4) en de 2e Heinenoordtunnel (A29) aan. In portfolio 2 staan de Drechttunnel (A16) en de Sijtwendetunnel (N14) op het programma. Waar we voorheen zeven jaar deden over de renovatie van één tunnel, kunnen we dat met de portfolio aanpak terugbrengen tot circa vier jaar. Dat is, samen met onze dakpansgewijze aanpak, een methode waarbij de tunnels achter elkaar worden gerenoveerd en ook voor een deel parallel lopen qua planning ‑ een belangrijk voordeel.

Lees meer

Energietransitie

Binnen het impactthema Energietransitie zijn de uitdagingen enorm, en de onzekerheden ook. Onze werkzaamheden variëren van het opstellen van impactscenario’s en advisering bij RES’en tot ontwerpen voor hoogspanningsstations en stakeholdermanagement. Voor TenneT werken we vanuit het samenwerkingsverband E-MERGE aan verschillende projecten die voortvloeien uit de verzwaring van het elektriciteitsnet. Met onze digitale tool TIP maken we het iteratief ontwerpen van energiesystemen mogelijk voor beleidsmedewerkers, adviseurs en planologen die op gemeentelijke, regionale of provinciale schaal aan het energiesysteem en bijbehorende ruimtelijke vraagstukken werken.

De mega-opgave van TenneT

De energietransitie zorgt voor een enorme vraag naar uitbreiding en verzwaring van het elektriciteitsnet. TenneT investeert tot 2040 circa EUR 65 miljard in nieuwe hoogspanningsstations, kabels, verbindingen en projecten die circulariteit en biodiversiteit stimuleren.

Binnen deze opgave werkt E MERGE (Witteveen+Bos, Antea Group, Bilfinger) aan grote integrale trajecten, zoals nieuwe hoogspanningsstations in Emmen en de 380 kV‑verbinding in Noord‑Holland Noord.

Groeiende vraag

Deze projecten moeten de capaciteit aanzienlijk vergroten om aan de groeiende vraag naar duurzame energie te voldoen.

Overlappende werksporen

Door de complexiteit lopen planologie, techniek, milieuonderzoek en participatie parallel. De doorlooptijd bedraagt 10 12 jaar, waarvan het grootste deel in de plan en ontwerpfase zit. Om te versnellen werken TenneT en E MERGE aan een integrale aanpak met overlappende werksporen, betere projectfaseovergangen en standaardisatie van ontwerpen. Ook worden leveranciers eerder betrokken.

Daarnaast bieden automatisering en AI kansen om repetitieve taken te verminderen en zo tijd en maatschappelijke kosten te besparen.

Lees meer

Menselijke factor

‘Professionaliteit vormt het fundament van iedere succesvolle samenwerking, maar wederzijds vertrouwen, gedeelde waarden en een gezamenlijk gevoel van verantwoordelijkheid zijn net zo belangrijk.’ Abdirezak Ljatifi, Category Manager EU ‑ 300 bij TenneT, ziet, naast een professionele aanpak, de menselijke factor als doorslaggevend voor het realiseren van projecten binnen planning, budget en vastgestelde kwaliteitsnormen. ‘In de startfase wordt bewust geïnvesteerd in het opbouwen van wederzijds begrip, het leren kennen van elkaars werkwijzen en inzicht in elkaars belangen, beperkingen en verwachtingen. Dit voorkomt onduidelijkheden in latere projectfasen en vergroot de voorspelbaarheid van uitvoering en resultaat. Uiteindelijk staat het gezamenlijke doel centraal: het tijdig en betaalbaar realiseren van projecten die bijdragen aan een betrouwbare en duurzame energievoorziening.’

Datagedreven keuzes als fundament voor duurzaam regionaal energiesysteem

Richting geven aan een duurzaam energiesysteem vraagt om het goede gesprek tussen overheden, netbeheerders en energie-intensieve sectoren. De Tool voor Integraal Programmeren (TIP) maakt iteratief ontwerpen van energiesystemen mogelijk, met centraal de interacties tussen energiedragers, sectoren, schaalniveaus en impact op infrastructuur.

Regionaal energiesysteem

De TIP is bedoeld voor beleidsmedewerkers, ‑adviseurs en (energie)planologen die op gemeentelijke, regionale en provinciale schaal aan het energiesysteem en gerelateerde ruimtelijke vraagstukken werken. De TIP ondersteunt bij het integraal programmeren van het regionale energiesysteem. De ontwerptool helpt het inzicht te krijgen in de impact van beleidsplannen op het regionale energiesysteem voor de (middel)lange termijn (2040 en 2050).

De TIP focust op beleidsvelden, waar een decentrale overheid handelingsperspectief heeft en helpt om de impact van keuzes en keuzeruimte omtrent deze onderwerpen te verkennen.

We werken toe naar een platform met gedeelde standaarden waarin provincies, gemeentes, netbeheerders en andere stakeholders hun visie op het toekomstige energiesysteem kunnen klaarzetten en aanpassen. Om vervolgens met elkaar benodigde netinvesteringen te prioriteren en actiegericht beleid te ontwikkelen voor duurzame opwek van energie, de inrichting van energie intensieve sectoren en inzet van flexibiliteit.

Tools als TIP zijn noodzaak voor succesvolle energietransitie

In de zomer van 2025 is een gebruikersonderzoek uitgevoerd onder ambtenaren van gemeenten, provincies, regio’s en netbeheerders. De conclusie: tooling als de TIP kan in kwaliteit, snelheid en kostenefficiëntie een belangrijke bijdrage leveren aan het integraal gebiedsgericht programmeren van het energiesysteem.

Tooling helpt om complexe informatie begrijpelijk te maken. Op verschillende schaalniveaus wordt de impact van keuzes zichtbaar, waarbij deze keuzes en de complexe energiedata al dan niet worden vertaald in visualisaties.

Dit helpt beleidsmakers, bestuurders en andere stakeholders om optimaal geïnformeerd het inhoudelijke gesprek te voeren en tot gedragen, onderbouwde keuzes te komen voor integraal gebiedsgericht programmeren.

Doorontwikkelen met partners

De eerste versie van de TIP is nu live en wordt doorontwikkeld voor specifieke gebruikers.

Daarnaast blijkt uit een recent gebruikersonderzoek, gecoördineerd door het Samenwerkingsprogramma Integraal Programmeren (SP IPE), dat tooling zoals de TIP noodzakelijk is voor diverse gebruikersvragen en een belangrijke bijdrage kan leveren aan processen en producten van integraal gebiedsgericht programmeren van het energiesysteem. Een van de aanbevelingen van SP IPE is verdere doorontwikkeling en inbedding centraal te coördineren.

Lees meer

Klimaatadaptie

Klimaatadaptatie gaat om aanpassingen op lange- en kortetermijnveranderingen in onze omgeving. Het gaat over bestand zijn tegen overstromingen, maar ook over behoud van waterkwaliteit. Ook dit impactthema heeft veel overlap met andere impactthema’s. De stresstesten voor waterkwaliteit en biodiversiteit die we hebben ontwikkeld zijn daar een treffende illustratie van. Met de uitkomsten krijgen waterbeheerders, terreinbeheerders en overheden handvatten voor verbetermaatregelen. De jarenlange ervaring die we met mangroveherstel hebben opgedaan, werpen op diverse plekken hun vruchten af; zowel tegen kusterosie als voor biodiversiteit worden goede resultaten geboekt, zoals het Indonesische Sei Jang.

Stresstesten

De biodiversiteit onderwater en bovenwater staat in Nederland onder druk door klimaatverandering. Actie is gevraagd, maar waar begin je? Witteveen+Bos heeft samen met partners twee stresstesten ontwikkeld: één voor waterkwaliteit en één voor biodiversiteit. Deze testen helpen bij het beantwoorden van een essentiële vraag: welke wateren en gebieden zijn gevoelig voor klimaatverandering en welke zijn robuuster?

De Stresstest Waterkwaliteit is door Witteveen+Bos ontwikkeld samen met Ambient in opdracht van STOWA, voor toepassing binnen het DPRA (Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie). Hiermee hebben waterbeheerders lokale overheden, waterschappen en rijksoverheid een handzame tool om klimaatgerelateerde kwetsbaarheden in hun watersystemen in kaart te brengen.

Kwetsbaar

De Stresstest Waterkwaliteit heeft zijn waarde in de praktijk al bewezen in projecten van onder meer hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier, waterschap Amstel, Gooi en Vecht, de provincie Overijssel en Rijkswaterstaat. RWS heeft samen met Rijkswaterstaatregio’s en Witteveen+Bos voor alle 54 KRW waterlichamen de klimaatkwetsbaarheden onderzocht. Uit de test bleek dat alle waterlichamen kwetsbaar tot zeer kwetsbaar zijn. De oorzaken per watersysteem verschillen sterk, maar opvallend vaak komen dezelfde factoren

bovendrijven. Zoals: een hoge nutriëntenbelasting, toxische druk, een beperkte ruimte voor ecologie en het ontbreken van natuurlijke dynamiek.

Biodiversiteit

De tweede test is de Stresstest Biodiversiteit die Witteveen+Bos in opdracht van het ministerie van landbouw, visserij, voedselzekerheid en natuur ontwikkelt. In deze test wordt de kwetsbaarheid van biodiversiteit voor klimaatverandering op basis van de abiotische factoren in beeld gebracht. De stresstest werkt methodisch hetzelfde als de Stresstest Waterkwaliteit. Alleen wordt nu gekeken of de voorwaardelijke condities voor terrestrische flora en fauna voldoende zijn om een gezonde habitat te vormen, nu en in de toekomst.

Hoge zandgronden

De test is ontwikkeld voor heel Nederland, maar eerst uitgewerkt voor toepassing op hoge zandgronden. In de nabije toekomst wordt deze Stresstest Biodiversiteit vrijwel zeker aangepast naar en daarmee ingezet voor andere bodems zoals kleigronden.

Solide fundament

Witteveen+Bos draagt met het ontwikkelen van beide testen in belangrijke mate bij aan behoud en bescherming van onze natuur: zowel boven‑ als onderwater. De stresstesten vormen een solide fundament waarop waterbeheerders, terreinbeheerder en overheden in brede zin handvatten krijgen om huidige en toekomstige uitdagingen aan te pakken.

Lees meer

Nature-based Solutions: robuuste basis voor succesvol mangroveherstel

De vierjaars-evaluatie van het mangroveherstelproject in Sei Jang, Bintan (Indonesië) heeft eind 2025 bijzondere resultaten opgeleverd. Monitoring met onder meer satellite monitoring technology toonde aan dat 66 % van de aangeplante mangroves is aangeslagen; een bovengemiddelde aanwas. Het project heeft bovendien meerwaarde gecreëerd voor de lokale biodiversiteit en samenleving.

Witteveen+Bos beschikt over jarenlange ervaring met het aanplanten van mangroves, bijvoorbeeld door de projecten voor semipermeabele zeeweringen in Demak (Indonesië) om kusterosie tegen te gaan. Nature based Solutions zijn een belangrijk fundament voor het succesvol herstellen van mangroves. Succesvolle aanplant vraagt om een systeemaanpak waarbij alle aspecten van het ecosysteem aan bod komen, zoals hydrologische, ecologische, historische en maatschappelijke factoren. Werken met de natuur in plaats van ertegen is cruciaal om duurzaamheid voor de langere termijn te bereiken.

Nature+

Het herstelproject in Sei Jang kent zijn oorsprong in 2020. Jaïr Smits, de toenmalige managing director van Witteveen+Bos Singapore, formuleerde het doel om het kantoor van Witteveen+Bos South East Asia CO₂ neutraal te maken: ‘Dit wilden we per se niet doen door emissierechten te kopen, maar door in te zetten op natuurvermeerdering of Nature+, zoals wij dat noemen. Daarom besloten we om een mangroveherstelproject op te zetten. Mangroves zijn een van de meest koolstofrijke ecosystemen ter wereld. Op de lange termijn kunnen ze fungeren als koolstofputten.’

Lees meer

Duurzaam gebouwde omgeving

Vanuit het impactthema Duurzaam gebouwde omgeving willen we de synergie vergroten binnen de projecten en samenwerkingen die te maken hebben met bijvoorbeeld gebiedsinrichtingen, gebouwen, ecologie, planstudies, infrastructuur, ondergrond en energiesystemen. In project Wilderszijde, een nieuw woongebied dat net ten noorden van Rotterdam in ontwikkeling is, komen veel van deze aspecten samen. In de wijkplannen voor Antwerpen gaat het juist om de uitdaging een bestaande stedelijke omgeving zodanig in te richten dat deze beter bestand is tegen de toenemende klimatologische uitdagingen.

Gebiedsontwikkeling

woonwijk Wilderszijde

Wilderszijde is een gebiedsontwikkeling in Bergschenhoek, net ten noorden van Rotterdam, waar circa 3.000 woningen worden gerealiseerd.

De gemeente Lansingerland formuleerde voor deze woonwijk ambitieuze duurzaamheidsambities en heeft Witteveen+Bos geselecteerd om Wilderszijde klimaatadaptief en natuurinclusief in te richten.

Wilderszijde bestaat uit zestien buurten die tussen 2024 en 2028 worden gerealiseerd. De opdracht binnen dit project voor Witteveen+Bos is veelomvattend: het maken van het integraal ontwerp voor de openbare ruimte, van de hoofdinfrastructuur en van de kunstwerken. Ook hebben we in opdracht van de ontwikkelaars het ecologisch inrichtingsplan voor de bouwvelden verzorgd. In alle gevallen op zo’n manier dat leven, wonen en natuur elkaar versterken.

Lees meer

Gemeente Lansingerland: klimaatadaptatie

centraal

‘Als gemeente Lansingerland hebben we vanaf dag een klimaatadaptatie en natuurinclusiviteit centraal gezet voor Wilderszijde’, vertelt Bregje van Spaendonck, projectleider Gebiedsontwikkeling Wilderszijde van de gemeente Lansingerland.

Witteveen+Bos is de spin in het web geweest bij het vertalen van de ambities van het Convenant Klimaatadaptief Bouwen naar gebiedsontwikkeling in de praktijk.‘De uitgangspunten in het convenant zijn volgens de trechtermethode concreet gemaakt. Hierbij is rekening gehouden met beleidsregels en MER‑ verplichtingen. De natuurinclusieve maatregelenmatrix bood en biedt belangrijke houvast bij de keuzes.’

‘Het is uniek dat Witteveen+Bos niet met één definitieve oplossing per opgave komt. In plaats daarvan analyseren experts de doelen met een integrale blik en vertalen deze naar verschillende keuzes en scenario’s. Met inzicht in de voor‑ en nadelen. Zo kom je als projectteam tot de beste oplossingen met maximale synergie en bouw je met elkaar aan integraliteit en duurzaamheid.’

Wijkplannen Water & Groen

Antwerpen

De effecten van klimaatverandering worden in de stad versterkt ervaren door de grote verhardingsgraad. Verstedelijking gaat ook gepaard met een verlies aan biodiversiteit. De effecten op de leefomgeving zijn groot. Stad Antwerpen bereidt zich voor op de toekomst. Met wijkplannen anticipeert zij op toekomstige ontwikkelingen en worden de ambities uit het Waterplan, Droogtestudie, Klimaatplan en Groenplan geconcretiseerd. In dit project wordt per stadsgebied een gefaseerd en onderbouwd plan uitgewerkt. Het gaat in eerste instantie om de wijken Stadspark, Brederode, Kiel en Tentoonstellingswijk. Momenteel loopt een derde opdracht om een Wijkplan te maken voor de wijken Oud-Berchem-Zurenborg en Borgerhout.

Witteveen+Bos ontwerpt samen met ontwerpbureau De Urbanisten en communicatiepartner Common Ground aan de plannen waarmee de Antwerpse wijken klimaatrobuuster moeten worden.

Vito Timmerman werkt vanuit De Urbanisten samen met Ben Catry, projectmanager bij Witteveen+Bos. Vito is als projectleider betrokken bij het opstellen van het derde wijkplan, voor Oud Berchem Zurenborg en Borgerhout. Vito: ‘We zoeken samen met de klant, Stad Antwerpen, naar hoe we de resultaten van de plannen kunnen gebruiken voor verandering in de wijk. Hoe kunnen we dit het makkelijkste maken voor de stad? Het product van onze inspanningen is een veelomvattend document, maar uiteindelijk gaat het erom wat uitgevoerd kan worden voor een betere klimaatbestendigheid van de stad.’

Ambities

Ben Catry: ‘Met de plannen geven we concreet aan hoe en waar blauw en groen een strategische en kwalitatieve plaats kunnen krijgen. De herinrichting

van het stedelijk gebied zal enerzijds wateroverlast voorkomen bij de steeds vaker en intenser optredende stortbuien. Anderzijds leidt het vasthouden en bufferen van water ook tot een grotere voeding van het grondwater, waardoor het droogte bestrijdt.’ Gebruiksgroen zorgt daarnaast voor de reductie van hittestress door schaduwwerking en verdamping. Zo kunnen inwoners tijdens hete zomerdagen voldoende koelteplekken vinden. De koelteplekken worden op doordachte locaties eveneens verbonden door groene gordels, waardoor een ecologische corridor ontstaat. Deze groene sproeten en assen versterken de stad kwalitatief en werken een biodiversiteitsverhoging in de hand. Tot slot vergroot de zichtbaar en tastbaarheid van ecologische structuren de belevingswaarde ervan.

Gefaseerd plan

Het plan is opgedeeld in vier fasen. De eerste fase is het maken van een uitvoerige analyse en het lokaliseren van mogelijke knelpunten. De volgende stap is het schetsen van scenario’s waarin de vooropgestelde ambities geconcretiseerd worden en worden doorgerekend op effectiviteit. Op basis van de effectieve oplossingsrichtingen wordt een dan geconcretiseerd plan als inzichtelijke systeem en visiekaart opgesteld. De strategieën worden tenslotte in een actieplan opgenomen, waarbij ook een communicatieplan hoort.

Vito: ‘Het is belangrijk dat het project binnen de stad wordt gedragen. In de eerste plaats moeten ambtenaren achter de plannen staan. In een latere fase, als de plannen op straatniveau worden uitgevoerd, komt er meer participatie bij kijken. Ook de inwoners moeten we meekrijgen. Stad Antwerpen gaat alleen over de publieke gronden, maar we hopen ook dat er vanuit de private ruimtes aan de plannen kan worden bijgedragen. Het is aan het projectteam om inzichtelijk te maken in hoeverre de ambities maakbaar zijn.’

Lees meer

Schoon drinkwater en sanitatie

Drinkwater is wereldwijd in meerdere opzichten een uitdaging. De beschikbaarheid ervan, nu en op termijn, en de kwaliteit ervan. Hetzelfde geldt voor oppervlaktewater. Met name waterschappen staan hiervoor aan de lat. Binnen het impactthema Schoon water en sanitatie helpen we Waterschap Vechtstromen bij het aanpakken van acht rioolwateringszuiveringsinstallaties (rwzi’s), om ervoor te zorgen dat deze voldoen aan de Europese Kaderrichtlijn Water. Ook werkt Witteveen+Bos aan grootschalige slibvergistingsprojecten voor enkele rioolwaterzuiveringen. Hiermee wordt groengas geproduceerd, dat via het aardgasnetwerk kan worden gedistribueerd.

Centrale slibvergisting:

stap naar voren in de energietransitie

Waterschappen spelen een groeiende rol in de energietransitie door rioolslib te vergisten tot biogas, dat na opwaardering als groengas kan worden ingevoed in het aardgasnet. Door slibvergisting te centraliseren in plaats van op individuele rwzi’s uit te voeren, kunnen aanzienlijke efficiëntie- en duurzaamheidsvoordelen worden behaald. Volgens onderzoek van de Unie van Waterschappen (2022) kan centralisatie de groengasproductie met een factor 2,5 verhogen.

Waterschap Vallei en Veluwe realiseert deze opgave momenteel met de Centrale SlibVergisting (CSV) Ede. Deze gaat vanaf 2027 slib van meerdere zuiveringen in de regio verwerken. De installatie levert voldoende groengas voor circa 2.200 huishoudens en vangt CO₂ af voor verkoop. Het project wordt gerealiseerd door CLC Water*, waarin opdrachtgever en opdrachtnemers in bouwteamverband

intensief samenwerken. Dit versnelt het ontwerptraject en verkleint risico’s. Belangrijke ontwerpuitdagingen, zoals aangepaste silo afmetingen door hoogtebeperkingen, worden vroegtijdig gezamenlijk opgelost.

Betere flow

Een cruciaal inzicht uit eerdere projecten is het nauw verweven van vergunningstrajecten met het ontwerp. Door al in een vroeg stadium rekening te houden met onzekerheden en ruimte in het ontwerp op te nemen, kunnen problemen na vergunningaanvraag worden voorkomen. Los van het technische proces staat het menselijke aspect bovenaan. Regelmatig contact is nodig voor de afstemming, maar ook voor teambuilding. Als de partners binnen het bouwteam oog hebben voor elkaars belangen, leidt dit tot een betere ‘flow’ in het ontwerpproces.

Lees meer

* Samenwerkingsverband tussen ADS Groep, Nijhuis Saur Industries (niet betrokken bij dit project), Witteveen+Bos, Pannekoek GWW en Moekotte, ondersteund door Iv.

KRW: schoon water

Waterschap Vechtstromen

Waterschap Vechtstromen, actief in Gelderland, Overijssel en Drenthe, pakt een deel van haar 23 rwzi’s aan, zodat het effluent conform is aan de KRW-streefwaarden. Voor acht zuiveringen werkt het waterschap samen met Haskoning en Witteveen+Bos in een unieke, programmatische aanpak waarin parallel wordt gewerkt aan deze projecten.

De waterkwaliteit in Nederland staat onder druk door de uitstoot van fosfaten en stikstof, die leiden tot algengroei, zuurstoftekort en biodiversiteitsverlies. Vanuit de Europese

Kaderrichtlijn Water (KRW) nemen waterschappen maatregelen om de kwaliteit van oppervlakte en grondwater te verbeteren. Dit kan deels doordat rwzi’s zonodig worden aangepast zodat deze meer fosfaten (fosfor) en stikstof kunnen verwijderen.

Standaard bouwblokken

De samenwerking wijkt af van het traditionele opdrachtgever/opdrachtnemermodel. Er is gekozen voor een integraal programmateam, aangevuld met projectteams per locatie en een centraal reviewteam van het waterschap. Succesvolle samenwerking vereist regelmatige afstemming, flexibiliteit, een gedeelde fysieke en digitale werkomgeving, en vooral vertrouwen in elkaars expertise.

Waar mogelijk worden binnen het programma standaard bouwblokken ontwikkeld (zoals zand en doekenfilters), die later per locatie verder worden uitgewerkt. Deze standaardisatie vraagt aanvankelijk meer tijd en energie, maar levert later tijdwinst op. Inmiddels zijn de definitieve ontwerpen voor de rwzi’s in Hengelo, Goor en Denekamp gereed en zijn de eerste bouwwerkzaamheden gestart. Volgens planning zijn uiterlijk 1 januari 2028 alle zuiveringen operationeel.

Lees meer

Een goed begin is het halve werk

‘De programmatische aanpak waarbij we onder meer met standaard bouwblokken werken, kost aanvankelijk meer tijd dan een maataanpak voor elke zuivering. Later in het proces boeken we juist tijdwinst’, aldus Jeroen Ensink op Reimer, die vanuit waterschap Vechtstromen in verschillende rollen betrokken is bij het programma.

Hiervoor zijn diverse bouwblokken ontwikkeld, zoals voor het slibindikgebouw, het doeken en zandfilter en voor methanolopslag. Inmiddels heeft een bouwblok ook zijn weg gevonden in een zuivering die niet in het programma is meegenomen. ‘Dat is een mooie bijvangst. Het scheelt tijd en moeite als de blokken breder worden uitgerold. Het schept duidelijkheid in de organisatie en we hoeven niet elke keer het wiel opnieuw uit te vinden.’

Gezonde habitats

Ecosystemen zijn complexe stelsels met veel samenhang en afhankelijkheden, die in gevaar komen door menselijke activiteiten. Binnen het impactthema Gezonde habitats is een grondige kennis nodig van die systemen. Dat fundamentele begrip wordt in enkele van onze projecten opgebouwd. Zoals in het project eDNA meets toxiciteit en in het onderzoek naar de effecten van antropogene elektromagnetische velden op het onderwaterleven.

De invloed van elektromagnetische velden op vissen

Annemiek Hermans heeft haar PhD naar de effecten van elektromagnetische velden op haaien en roggen afgerond. Zowel vanuit haar projecten bij Witteveen+Bos als haar onderzoek bij Wageningen University & Research (WUR) komt Annemiek regelmatig in contact met Niels Kinneging. Niels is bij Rijkswaterstaat verantwoordelijk voor Descriptor 11 uit de Kaderrichtlijn Mariene Strategie (KRM). Dit is Europese wetgeving ter bescherming van de ecosystemen en biodiversiteit van oceanen, zeeën en kusten.

Descriptor 11 (D11) gaat over het toevoegen van energie in water, zoals bijvoorbeeld gebeurt bij (het aanleggen van) windparken en kabels. Dat resulteert onder meer in onderwatergeluid en elektromagnetische velden (EMV). Met zijn natuurkundestudie en fascinatie voor geluid als achtergrond was deze opdracht Niels op het lijf geschreven, toen hij er in 2013 bij betrokken raakte. Niels: ‘D11 is in 2008 als laatste onderwerp aan de KRM toegevoegd en is daarmee relatief nieuw. Dat betekent dat er eerst heel veel kennis ontwikkeld moet worden, voordat je natuurbeschermende maatregelen kan bedenken. Die kennisontwikkeling gebeurt wat mij betreft bij voorkeur in de gouden driehoek: overheid

samen met kennisinstellingen en universiteiten, en marktpartijen. Kennis en ervaring moet van de een naar de ander stromen en dat is wat ik probeer aan te jagen.’

Kinderschoenen

De kennisontwikkeling voor D11 begon bij het onderwerp onderwatergeluid. Daar zijn elektromagnetische velden later aan toegevoegd. Het EMV kennisgebied staat nog in de kinderschoenen. Annemiek: ‘Bij Witteveen+Bos mocht ik rond 2019 de groep Mariene ecologie opzetten. Toen moesten we natuurlijk op zoek naar opdrachten om onze portfolio mee op te bouwen. We hadden aan Rijkswaterstaat een offerte uitgebracht voor onderzoek naar impulsgeluid. Die opdracht ging niet naar ons, terwijl we heel erg ons best hadden gedaan om op de vraag aan te sluiten. Daarom heb ik contact gezocht met Niels, om te begrijpen wat we een volgende keer beter zouden kunnen doen. Toen bleek dat de inhoud wel goed was, maar dat we het op tarief verloren hadden.’

Daarmee was wel het lijntje gelegd en er volgden andere opdrachtmogelijkheden. Niels: ‘Dat EMV zou worden toegevoegd aan D11 voelde ik al enige tijd aankomen en het leek mij goed als Nederland het voortouw zou nemen in die kennisontwikkeling. Ik heb Annemiek gevraagd om een adviesrapport hiervoor te schrijven.’ Het leidde tot opdrachten voor haar groep bij Witteveen+Bos, die naast geluid nu ook over EMV gaat. En het bood een bijzonder onderzoeksonderwerp voor haar promotietraject bij WUR.

Domeinkennis

Het onderzoek naar vissoorten die gevoelig zijn voor elektrische en magnetische velden en de gevolgen van de aanleg van windparken en stroomkabels op het mariene milieu heet ElasmoPower. Dat wordt uitgevoerd door een consortium waar ook Witteveen+Bos deel van uitmaakt. Niels heeft zitting in de stuurgroep, en is daarmee een goede sparringpartner voor Annemiek: ‘Hij heeft ontzettend veel domeinkennis over zijn dossier en dat is bijzonder in een organisatie waar kennis vaak geoutsourcet is. Zijn combinatie van technische en ecologische kennis is wel uniek.’ Niels: ‘Het klopt dat ik door de inhoud word gedreven. Daarom ben ik na een loopbaan van 40 jaar nog steeds met geluid bezig. Het verveelt nog steeds niet. Die vrijheid heb ik bij Rijkswaterstaat altijd gekregen. Er is veel bereikt op het gebied van geluidsonderzoek, daar ben ik ook echt tevreden over, maar we zijn er nog lang niet.’

Annemiek: ‘Soms denk ik dat het traag gaat, maar als je dan omkijkt zie je dat er al best veel is gebeurd. Wat enorm helpt, zeker ook in een niche ‑ onderwerp als dit, is dat je kan samenwerken met iemand bij wie je kan zeggen wat je echt denkt. Die zo nodig ook kritisch kan zijn op de inhoud. Dit is het soort duurzame relaties dat we vanuit Witteveen+Bos nastreven, want op die manier kom je sneller tot de kern.’

Lees meer

Systeemkennis opbouwen met eDNA

Vruchtbare samenwerkingen komen vaak voort uit een persoonlijke klik. Mensen met de juiste kennis of een passend netwerk, die elkaar vinden in een intrinsieke drijfveer, een gemeenschappelijke ambitie. Alweer een decennium geleden ontmoetten Kees van Bochove van Datura Environmental Solutions en Sebastiaan Schep van Witteveen+Bos elkaar op een inspirerend STOWAcongres over innovatieve technieken. Sebastiaan, met zijn kennis van waterbeheer en ecosystemen en Kees, met zijn laboratoriumachtergrond en kennis van DNA-analyse, vonden elkaar in het systeemdenken. Ze hadden al snel het idee dat hun gecombineerde kennis wel eens interessant zou kunnen zijn voor water- en natuurbeheerders.

Kees: ‘Dan ben ik ook een doener. Ik ben al snel na ons gesprek en wat appjes heen en weer over geschikte locaties, watermonsters gaan nemen om te kijken wat voor data deze opleveren. Dat was in het voorjaar van 2016.’ Sebastiaan: ‘En in december zaten we al met een aantal waterbeheerders om tafel om het testen van waterkwaliteit met eDNA te pitchen.’

Betrokkenheid

Sebastiaan vindt het belangrijk om het ontwikkelingswerk vervolgens zoveel mogelijk als normaal betaald project vorm te geven: ‘Dat vergroot de betrokkenheid enorm en dwingt de betrokkenen om richting toepassing te denken.’ Het vinden van opdrachtgevers die willen betalen voor innovaties kan lastig zijn, maar zeven waterbeheerders bleken direct voor het idee te porren. Enthousiasme en vertrouwen in het idee en het vroegtijdig betrekken van waterbeheerders zijn hierbij succesfactoren.

Tien jaar later hebben vrijwel alle waterschappen tenminste een jaar meegedaan. Door samen met deze waterschappen de techniek verder te ontwikkelen, is de weg naar de praktijk gevonden. De kers op de taart is dat Hoogheemraadschap van Delfland eDNA vanaf 2027 regulier wil inzetten. Innoveren kan dus, maar je moet een lange adem hebben. Sebastiaan:

‘Het leunt vaak wel op enkele fanatieke kartrekkers. Ik denk wel eens dat we de tijd die in het leuren gaat zitten, ook aan de inhoud hadden kunnen besteden, maar zo werkt dat dus niet.’

Grote lijn

Een goede samenwerking staat of valt met vertrouwen. Zaken als budgetverdeling kunnen soms lastig zijn, maar het is essentieel om erop te durven vertrouwen dat de ander ook zijn nek uitsteekt voor het project. Soms gaat er wat mis, bijvoorbeeld bij een bemonstering of in de data uitwisseling, maar het is ook mensenwerk. Kees: ‘We weten van elkaar dat we beiden die drive hebben om het beter te doen. Niemand zit erbij met de intentie om de zaken mis te laten gaan. Je hebt elkaar nodig en we maken de dingen naar elkaar toe ook waar.’ Sebastiaan: ‘Je moet vooral ook de grote lijn blijven zien: elkaar niet afrekenen op balverlies, maar kijken naar het mooie doelpunt.’

Sebastiaan: ‘De mogelijkheden reiken zoveel verder dan alleen oppervlaktewater. Je kan ook eDNA uit de bodem en de lucht halen, of uit drinkwater en het riool. Bij Witteveen+Bos hebben we nu een eDNA ‑ kernteam opgezet om te kijken naar welke mogelijkheden er nog meer zijn en waarop we de komende tijd willen inzetten. Kees: ‘Omdat wij niet zo’n grote club zijn bij Datura, moeten we kiezen waarop we inzetten. De komende twee jaar focussen we met onze eDNA techniek op vleermuizen en bodemkwaliteit. De verdieping van de techniek gaat nog wel even door, dat is ook onze kracht. Witteveen+Bos helpt ons om op meerdere onderwerpen aangehaakt te blijven.’

Ondernemerschap

De samenwerking die ontstond na die toevallige ontmoeting van tien jaar geleden heeft dus geresulteerd in een succesvolle innovatie, bekroond met de Vernufteling. En Sebastiaan en Kees staan eigenlijk nog maar aan het begin van veel moois. Dat is naast de persoonlijke klik ook te danken aan het ondernemerschap van beide mannen. Aan hun denken vanuit de mogelijkheden. Daarvoor moet je verder kijken dan de bubbel van je eigen bedrijf of opdrachtgevers. Of zoals Sebastiaan het zegt: ‘Als je achter je bureau gaat zitten, is er geen kans op toevallige ontmoetingen.’

Lees meer

Economische waarde

Financiële basis

Witteveen+Bos investeert bewust in innovatie, digitalisering, verduurzaming en in de ontwikkeling van mensen en organisatie. Een gezonde financiële basis is daarvoor onmisbaar en stelt ons in staat om strategische keuzes, zoals internationale uitbreiding en acquisities, te financieren en op lange termijn waarde te blijven creëren.

totale omzet in duizenden euro’s

224.747

196.686

Gezonde resultaten

eigen omzet in duizenden euro’s (2024: 174.701)

nettoresultaat in duizenden euro’s (2024: 23.281)

22.475 (2024: 198.685)

In 2025 realiseerden we een omzetstijging van 14 % en een nettoresultaat van EUR 22,5 miljoen. Hoewel het nettoresultaat iets lager ligt dan in 2024, zijn het cijfers waar we trots op zijn. De kosten stegen namelijk harder dan de omzet, vooral door gerichte investeringen, een relatief sterke personele groei (waardoor loonkosten voorlopen op declarabiliteit) en bijzondere uitgaven zoals advieskosten voor het pensioenfonds.

Gerichte investeringen voor de toekomst In 2025 is fors geïnvesteerd in de digitaliseringsagenda, het Biodiversiteit en klimaatprogramma, nieuwe vestigingen en de acquisitie van Maidl Tunnelconsultants GmbH (90 % belang, effectief per 18 maart 2025). Deze investeringen vergden extra capaciteit en meer interne ontwikkeluren; kosten die voorafgaan aan toekomstige waardecreatie en het versterken van onze strategische positie.

Productiviteit, onderhanden werk en aandachtspunten

Onze productiviteit bleef op begroot niveau, wat erop wijst dat teams effectief samenwerken. Wel vroeg liquiditeit om extra aandacht en het saldo van de onderhanden projecten bleef aan de hoge kant, ondanks een daling in 2025. Beheersing van werkkapitaal, tijdig factureren en projectbeheersing blijven daarmee belangrijke aandachtspunten.

Beheersmaatregelen en vooruitblik

In 2025 zijn stappen gezet om risico’s en projectvoortgang breder te monitoren tijdens PMC gesprekken. In 2026 wordt dit versterkt met interne campagnes voor financieel bewustzijn, verbeterde dashboarding en blijvende aandacht voor winstgevendheid per project. De financiële positie was solide en bleef toekomstbestendig.

Geconsolideerde balans (vóór resultaatbestemming)

(bedragen in duizenden euro’s)

Instructie voor de lezer

De samengevatte jaarrekening is een verkorte versie van de geconsolideerde jaarrekening 2025 van Witteveen+Bos N.V. Deze samengevatte jaarrekening bevat niet alle informatie die in de volledige jaarrekening wordt verstrekt en dient gelezen te worden in samenhang met de volledige jaarrekening, waaronder de daarin opgenomen waarderingsgrondslagen en toelichting op de onderscheiden posten. De jaarrekening 2025 van Witteveen+Bos N.V. is te verkrijgen bij de vennootschap.

Uitgangspunten bij de opstelling van de geconsolideerde balans, winst- en verliesrekening en andere financiële overzichten

De geconsolideerde jaarrekening van Witteveen+Bos N.V., waaraan deze samengevatte jaarrekening is ontleend, is opgesteld in overeenstemming met Titel 9 Boek 2 van het in Nederland geldende Burgerlijk Wetboek.

Wijziging in de grondslagen voor financiële verslaggeving

Vanaf 2025 verwerkt de onderneming joint ventures volgens de nettovermogenswaardemethode in plaats van proportionele consolidatie; zie de geconsolideerde jaarrekening voor volledige toelichtingen en grondslagen voor financiële verslaggeving.

Geconsolideerde winst- en verliesrekening

Geconsolideerd kasstroomoverzicht

(bedragen in duizenden euro’s)

Samengevatte jaarrekening Witteveen+Bos N.V. 2025

Verklaring van de onafhankelijke accountant

Aan de Raad van Commissarissen en directie van Witteveen+Bos N.V.

Ons oordeel

De samengevatte jaarrekening 2025 (hierna ‘de samengevatte jaarrekening) van Witteveen+Bos N.V. te Deventer is ontleend aan de gecontroleerde jaarrekening 2025 van Witteveen+Bos N.V.

Naar ons oordeel is de bijgesloten samengevatte jaarrekening in alle van materieel belang zijnde aspecten consistent met de gecontroleerde jaarrekening 2025 van Witteveen+Bos N.V. op basis van de grondslagen zoals beschreven in de toelichting.

De samengevatte jaarrekening bestaat uit:

1. De geconsolideerde balans per 31 december 2025.

2. De geconsolideerde winst en verliesrekening over 2025.

3. Het geconsolideerd kasstroomoverzicht 2025.

Samengevatte jaarrekening

De samengevatte jaarrekening bevat niet alle toelichtingen die zijn vereist op basis van Titel 9 Boek 2 BW. Het kennisnemen van de samengevatte jaarrekening en onze verklaring daarbij kan derhalve niet in de plaats treden van het kennisnemen van de gecontroleerde jaarrekening van Witteveen+Bos N.V. en onze controleverklaring daarbij gedateerd op 23 maart 2026.

De gecontroleerde jaarrekening en onze controleverklaring daarbij

Wij hebben een goedkeurend oordeel verstrekt bij de gecontroleerde jaarrekening 2025 van Witteveen+Bos N.V. in onze controleverklaring van 23 maart 2026.

Verantwoordelijkheden van de directie en de raad van commissarissen voor de samengevatte jaarcijfers

De directie is verantwoordelijk voor het opstellen van de samengevatte jaarcijfers op basis van de grondslagen zoals beschreven in de toelichting. De Raad van Commissarissen is verantwoordelijk voor het uitoefenen van toezicht op het proces van financiële verslaggeving van de vennootschap.

Onze verantwoordelijkheden

Onze verantwoordelijkheid is het geven van een oordeel of de samengevatte jaarcijfers in alle van materieel belang zijnde aspecten consistent is met de gecontroleerde jaarrekening op basis van onze werkzaamheden, uitgevoerd in overeenstemming met Nederlands recht, waaronder de Nederlandse Standaard 810 ‘Opdrachten om te rapporteren betreffende samengevatte financiële overzichten’.

Utrecht, 23 maart 2026

Deloitte Accountants B.V.

drs. S. Bakker RA

Financiële gezondheid

De financiering van de overname van MTC leidde tot hogere langlopende schulden. Dit resulteerde in een lichte daling van de solvabiliteit (van 47,9 % naar 44,7 %) en de current ratio (van 1,76 naar 1,64). Ondanks deze ontwikkelingen blijft onze balansfundering passend voor de gekozen groeistrategie, met aandacht voor het reduceren van het onderhanden werk en het verbeteren van liquiditeitsmanagement.

solvabiliteit in procenten

44,7 %

(2024: 47,9 %)

bedrijfsresultaat in duizenden euro’s

29.513

(2024: 30.597)

Participatiesysteem

nettowinstmarge in procenten

(2024: 11,7 %) 10,0 %

De aandelen van Witteveen+Bos zijn sinds 1992 in handen van haar medewerkers. Het participatiesysteem helpt ons om onze missie te vervullen. Het stimuleert ons ondernemerschap, verhoogt de betrokkenheid en draagt bij aan de langetermijncontinuïteit van Witteveen+Bos. Voor een gezond participatiesysteem is het belangrijk om (ook in de toekomst) voldoende aandelen beschikbaar te hebben voor nieuwe toetreders en voldoende ruimte te scheppen voor nieuwe partners. Het participatiesysteem is om deze reden in meer dan 30 jaar fors gegroeid, waarbij het bedrijf in handen is van 984 participanten (19,0 % van het totaal aantal aandelen), 133 partners (27,5 %), 28 premiumpartners (17,8 %) en 21 seniorpartners (35,7 %). Dit is de situatie per 1 juli 2025.

Colofon Redactie

Witteveen+Bos

Ontwerp en vormgeving

Houdbaar

Beeldmateriaal

Witteveen+Bos

Viorica Cernica

Gerrit Vermeulen

Fonger de Vlas

DMP

Shutterstock

Beeldbank Rijkswaterstaat

Havenbedrijf Rotterdam

Bureau Beeldtaal

Met dank aan alle opdrachtgevers, samenwerkingspartners en collega’s

Witteveen+Bos N.V.

Leeuwenbrug 8

Postbus 233

7400 AE Deventer

t 0570 69 79 11

e info@witteveenbos.com

i www.witteveenbos.com

KvK: 38020751

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook