Skip to main content

Inkijk Ongedocumenteerd verzet

Page 1


ONGEDOCUMENTEERD VERZET

ACTIES VAN MENSEN ZONDER PAPIEREN

Ontwerp omslag en binnenwerk: Ariel Sosa

Fotografie: Lara Meguid

Mazirel Pers is een imprint van Walburg Pers.

ISBN 9 78 94 6456 668 0 NUR 745 | 747

© 2026 de auteurs, p/a Uitgeversmaatschappij Walburg Pers, Zutphen

© 2026 Uitgeversmaatschappij Walburg Pers, Zutphen www.mazirelpers.nl

Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of enige andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.

Zoveel mogelijk is getracht de eventuele rechthebbenden van de afbeeldingen te achterhalen. Rechthebbenden die in dit verband niet zijn benaderd wordt verzocht zich met de uitgever in verbinding te stellen.

INHOUDSOPGAVE

(On)gedocumenteerd verzet, een inleiding

Malou Lintmeijer en Savannah Koolen

Bruin, trans en ongedocumenteerd —

Mijn decennium van verzet tegen het systeem

Alejandra Ortiz

Amsterdam City Rights: een blauwdruk voor verbinding

Hidaya Nampiima en Savannah Koolen

Deportatievluchten en hoe ze te stoppen

Riccardo Biggi en Elena D’Onofrio

Marion Grace: ‘Als je onrecht ziet, moet je er iets aan doen’

Ama Boahene

Vluchtelingen in Libië: strijden voor rechten op twee continenten

Matilde Moro en Lucrezia Tiberio

Uiteindelijk zijn we allemaal gelukszoekers

Tonya Sudiono

De ware prijs van schone huizen

Riccardo Biggi

Saied Al Karim: ‘Ik kan er geen mooier verhaal van maken dan het is’

Rowan Blijd

Hoe de kraakbeweging meer openbreekt

dan alleen deuren

Beau Boer

Kinderen voorop: het kinderpardon en het kerkasiel

Malou Lintmeijer

De macht van symbolen of symbolen van macht? Een gecompliceerd liefdesverhaal van kunst en politiek

Ariel Sosa

Matige mensen

Seada Nourhussen

Hoe huishoudelijk werkers en zorgverleners de Spaanse arbeidswetgeving veranderden

Mayra Alejandra Margffoy Tuay

Hidaya Nampiima: ‘Migratie is niet gisteren begonnen’

Rowan Blijd

Thuiskomen bij elkaar: verhalen over radicale solidariteit

Joset van der Hoeven

Tussen de wereld zoals hij is en zoals hij zou moeten zijn

Karel Smouter

Geloof en geld: Drie religieuze gemeenschappen bieden een reddingslijn

Thaís Matos

Het oranje hoofdbandje — wit illegaal in Amsterdam

Tuba Kilinc

Je staat een pas aangekomen vluchteling bij in het nieuwe Nederland (en waar je dan op moet letten)

Chris Keulemans

Erbij horen begint met gezien worden

Eunice de Asis

Mensen en begrippen — omdat taal ertoe doet

Malou Lintmeijer en Savannah Koolen

Over de auteurs

(ON)GEDOCUMENTEERD VERZET, EEN INLEIDING

‘Mijn naam is Hidaya Nampiima. Ik ben een asielzoeker, een vluchteling, een migrant en een moslim. Ik draag een hoofddoekje. Ik ben als zwarte vrouw trots lid van de LGBTQIgemeenschap. Ik representeer alles dat Geert Wilders haat.’

Aan het woord is activist Hidaya Nampiima tijdens een demonstratie op de Dam, een paar dagen nadat de Partij Voor de Vrijheid (PVV) onder leiding van Geert Wilders de verkiezingen heeft gewonnen in november 2023. ‘Ik hoef je niet uit te leggen dat ik bang ben, nu ik weet dat Geert Wilders en meerdere partijen met xenofobe ideeën onze verkiezingen hebben gewonnen. Ik zeg “onze”, omdat ik hier ben. Ik zal, en kan niet vertrekken.’

Al vanaf de jaren dat zij ongedocumenteerd was, gaat Hidaya voorop in het protest voor basisrechten voor ongedocumenteerde mensen. Het is bijzonder dat ze zich uitspreekt. Het anti-immigratiebeleid van de afgelopen jaren zorgt ervoor dat de meest gemarginaliseerde groep in Nederland op dit moment liever onzichtbaar blijft.

Veel ongedocumenteerde mensen en mensen in een asielprocedure voelen een grote angst om op te komen voor hun rechten. Dat zien wij dagelijks terug op het kantoor van Here to Support. Als Amsterdamse NGO met een internationaal netwerk komen we sinds 2013 op voor de belangen en positie van ongedocumenteerde mensen. Er is vanuit deze gemeenschappen veel verzet tegen het overheidsbeleid, maar veel ervan is niet gedocumenteerd.

Voor dit boek gingen wij op zoek naar de vele vormen die verzet en solidariteit kunnen aannemen van mensen met en zonder papieren. Van praktische handleidingen tot persoonlijke verhalen. Deze grassroots-vormen van protest bieden hoop en perspectief voor iedereen die ook in actie wil komen. Want hoewel politici ons graag anders willen doen geloven: migratie stopt niet met het opwerpen van grenzen.

Ook in andere landen binnen Europa wordt verzet geboden. Daarover lees je in de bijdragen van het Europese platform Unbias the News.

Van onzichtbaar naar zichtbaar

Het Amsterdamse ‘Wij zijn Hier’-collectief werd opgericht in 2012. Deze groep van Amsterdammers met en zonder papieren kraakte een leegstaande een

Illustratie: Rossel Chaslie.

kerk in de wijk Bos en Lommer. Uiteindelijk zouden ze de ‘Vluchtkerk’ meer dan zes maanden bezetten – een protest tegen het inhumane asielbeleid voor afgewezen asielzoekers.

De vluchtelingen deden zelf het woord richting de pers. Ze spraken met politici, met burgemeester Van der Laan en op podia tijdens grote demonstraties. Door zichtbaar te zijn, dwong de groep af dat er over en vooral met hen gesproken werd. Na de Vluchtkerk verhuisde de groep nog minstens 45 keer van kraakpand naar kraakpand, meestal trokken ze in een grote bonte stoet door de stad. Zo zichtbaar mogelijk zijn als collectief, dat was de strategie. Daarnaast wilde ‘Wij Zijn Hier’ bewustwording creëren bij een breder publiek over mensen in de stad zonder papieren.

Verschillende kerken, hulporganisaties, buurtgenoten en activisten stonden om hen heen. Zo ontstond Here to Support vanuit het ‘Wij Zijn Hier’-collectief. Wij hielpen mee met het kraken van panden en het vergroten van de zichtbaarheid in de media.

En het werkte. Vrijwel elke nationale krant of nieuwstelevisieprogramma schonk aandacht aan de bewoners van de Vluchtkerk. Uiteindelijk leidde de media-aandacht tot veel politieke druk. Binnen de Partij van de Arbeid (PvdA) werd heftig gedebatteerd over het schrappen van het voorstel tot het strafbaar stellen van illegaliteit uit het regeerakkoord in 2013, en Nederland werd verplicht tot het bieden van opvang aan ongedocumenteerde mensen: de bed-bad-broodregeling.

Angst en verzet

Maar nu is er dus angst, en die angst is niet vreemd. Hij wordt gecreëerd door het xenofobische narratief en het vergaande anti-immigratiebeleid van zowel Nederland als Europa. De onversneden retoriek en de onbeschaamde uitspraken over asielzoekers, vluchtelingen en mensen met een migratieachtergrond zijn de afgelopen jaren extreem toegenomen. Momenteel wordt er zelfs gepleit voor strafbaarstelling van illegaliteit en het criminaliseren van hulp.

Maar de angst – hoe begrijpelijk ook – is ook gevaarlijk: wanneer mensen niet meer durven op te komen voor hun eigen rechten maar afhankelijk zijn van de protesten van derden, is dat zorgwekkend. Verandering wordt altijd bottom-up gevoerd, vanuit mensen die onrecht zelf aan den lijve ondervinden en in opstand komen.

Yoonis Osman Nuur, woordvoerder van ‘Wij zijn Hier’, schreef in 2014 het essay ‘We exist’ over het protest van het collectief. Daarin schrijft Nuur: ‘Niemand zei dat dit gemakkelijk zou zijn. Er zijn sterke mannen, dappere vrouwen en geweldige supporters nodig om onze zaak vooruit te blijven helpen. Samen kunnen we de wereld veranderen.’

Over dit boek

Ongedocumenteerd verzet bundelt de kracht van alle mensen die hun angst opzij zetten. Het is een ode aan iedereen die vanuit een positie zonder papieren is gaan vechten voor gelijke rechten.

Dit boek doet een oproep om solidair te zijn met mensen zonder papieren: door te protesteren, een luisterend oor of onderdak te bieden, te doneren, kraken en schrijven. Chris Keulemans, Marion Grace, Joset van der Hoeven en Saied Al Karim laten je zien wat jij kunt doen om radicaal solidair te zijn.

Ook kijken we over de grens: wat kunnen we leren van het grootschalige protest van arbeidsmigranten in Spanje, waar nu wetten in de maak zijn om mensen zonder papieren te regulariseren?

De manier waarop over ongedocumenteerde mensen en mensen met een migratieachtergrond in de media wordt geschreven, speelt een cruciale rol in de algemene beeldvorming. We laten het belang van taal zien in een essay en Karel Smouter (hoofdredacteur Trouw) reflecteert op de rol van de krant. Ariel Sosa, ontwerper van dit boek, beschrijft in een vlammend essay de relatie van kunst en macht.

In 2013 kregen ongedocumenteerde kinderen dankzij het kinderpardon verblijfsrecht. In dit boek zijn meerdere artikelen te vinden over het belang van regularisatie en verschillende vormen van campagnes waarna een grote groep mensen verblijfsrecht kreeg, met onder andere een persoonlijk essay van Tuba Kilnc over hoe haar kinderjaren als dochter van een ‘witte illegaal’ haar vormde.

Bij het samenstellen van deze bundel kwamen wij erachter hoeveel ongedocumenteerd verzet er vanuit verschillende gemeenschappen is georganiseerd. Het boek vormt dan ook een startpunt om meer verhalen te documenteren en te vertellen. Zodat mensen zonder papieren structureel zichtbaarder worden in Nederland. En zodat de strijd om gelijke rechten breed gedragen wordt.

Lees en kom in verzet!

Here to Support

BRUIN, TRANS EN ONGEDOCUMENTEERD

– MIJN DECENNIUM VAN

VERZET TEGEN HET SYSTEEM

ALEJANDRA ORTIZ

Van buitenaf gezien lijkt het misschien alsof ik een ideaal leven leid. Ik heb een plek die ik thuis noem, een groep vrienden die me consequent – in woord en daad – laten zien wat gemeenschap en gekozen familie werkelijk betekenen, en een liefdevolle en ondersteunende partner wiens eigen familie mij in hun midden heeft opgenomen en geaccepteerd. Ik doe elke dag werk waar ik van hou en ik word nog betaald ook.

Ik heb een boek geschreven en werk momenteel aan een tweede. Ik heb meegewerkt aan invloedrijke reportages over het snijvlak van transidentiteit, armoede, migratie en sekswerk. Ik heb evenementen georganiseerd, onder meer in het Rijksmuseum en voor de universiteit van Leiden en Maastricht, en heb prijzen gewonnen voor mijn inzet voor de gemeenschap. Ik ben medeoprichter van projecten zoals Papaya Kuir en T-Huis, die zich actief inzetten voor het verbeteren van het leven van vluchtelingen en transgemeenschappen.

Als bruine transgender Latina, voormalig sekswerker en vluchteling die in 2015 in Nederland aankwam, ziet mijn leven er van buitenaf misschien uit alsof ik het ‘gemaakt’ heb. In werkelijkheid heb ik het grootste deel van mijn verblijf hier in Nederland ofwel vastgezeten in een juridisch niemandsland óf was ik ongedocumenteerd. Pas onlangs heb ik een verblijfsstatus gekregen: het recht om in dit land te wonen, werken, studeren en eindelijk een toekomst te plannen.

Het grootste deel van mijn leven heb ik zonder wettelijke erkenning geleefd, in welk land dan ook. Eerst in mijn thuisland Mexico, waar ik uit eerste hand mishandeling ondervond, puur omdat en alleen omdat ik het waagde te bestaan als queer persoon. Toen ik er eenmaal in geslaagd was om te transformeren, weigerde de Mexicaanse staat om mijn identiteit als transvrouw te erkennen. Vervolgens in de Verenigde Staten, waar ik naartoe vluchtte op zoek naar een beter leven en vrijheid – je zou kunnen zeggen dat ook ik mijn ‘Amerikaanse droom’ najoeg. Ik heb me daar nooit welkom gevoeld. Trans en ongedocumenteerd zijn betekende dat er maar weinig deuren voor me open gingen, waardoor ik weer moest vertrekken.

En dus vroeg ik in 2015 asiel aan in Nederland. Het werd een juridische procedure die uitmondde in een tweeënhalf jaar durend gevecht over en weer met een systeem dat mijn aanspraak om hier te zijn verwierp. Het leidde ertoe dat ik van 2018 tot begin 2021 zonder papieren leefde tot ik voor de tweede keer asiel aanvroeg.

De tweede procedure duurde tot februari 2025, toen ik – mede dankzij mijn liefhebbende partner en een ondersteunende advocaat – eindelijk legaal

Illustratie: Ariel Sosa.

in Nederland mocht verblijven. Het markeerde het einde van bijna tien jaar leven in een juridisch niemandsland, als ‘sans-papiers’ – pendelend tussen asielzoekerscentra (AZC’s) of steeds op een andere plek moeten verblijven, bij vrienden of op huurkamers.

Paradoxaal genoeg was het juist tijdens deze periode van ontworteling in Amsterdam dat ik, rennend van hot naar her, een bijzondere groep vrienden ontmoette die mij hebben gered – op meer manieren dan ik kan benoemen. Dat heeft me in staat gesteld mijn memoires te schrijven: De waarheid zal me bevrijden (2022, Lebowski).

Maar voordat ik terugkeer naar de verontrustende en angstaanjagende politieke ontwikkelingen in Nederland en wereldwijd, neem ik je mee terug naar een van de vele dagen dat ik geen papieren had en gewoon probeerde mij in leven te houden en bij zinnen te blijven.

November 2020

Ik word om zeven uur wakker van de telefoonwekker. Nauwelijks geslapen. Nog afgezien van het constante geluid van de televisie beneden – altijd op het hoogste volume – zit er sinds enkele maanden iets op mijn borst, een harde knobbel die pijn doet en me bang maakt. En als dat me niet wakker houdt, is het wel de steeds groter wordende angst voor de dag van morgen. Dit is mijn zesde echte huis sinds ik ruim twee jaar geleden het AZC heb verlaten. Dat wil zeggen: als je de banken, vloermatten en huizen waar ik verbleef terwijl de eigenaren op vakantie waren, niet meetelt.

Ik doe het gordijn open en kijk uit het raam. Het regent hard.

Terwijl de pandemie Nederland teisterde, logeerde ik bij een vriend. Helaas maakte de lockdown ons tot vijanden. Wat volgde was een parade van tijdelijk onderdak: een week hier, drie maanden daar. Eén keer heb ik gesmeekt om een noodbed. De gemeenteambtenaar bekeek mijn paspoort en sneerde: ‘Mensen zoals jij komen hier niet voor in aanmerking.’

Ik kwam uit een land dat niet op hun lijst van ‘goedgekeurde crises’ stond. Ja, transgender zijn bracht unieke uitdagingen met zich mee, maar Mexicaans zijn bracht geen enkele hulp. Het feit dat Mexico op hun koloniale checklist ontbrak, bezegelde mijn lot – de wrede tegenstrijdigheden van intersectionaliteit gingen aan deze ambtenaar voorbij. Toen voegde ze er met een plichtmatige stem vol medelijden aan toe: ‘Jij bent zo sterk.’

Nu zit ik hier, in dit pittoreske huis met twee verdiepingen in Floradorp in Amsterdam-Noord. De huur is laag, zolang ik mij aan drie regels houd: geen mannen toegestaan, de vloeren schrobben en de hospita gezelschap houden (een oudere Frans-Algerijnse vrouw die terugverlangt naar de tijd dat Algiers het Parijs van Afrika was). Omdat ze last heeft van tinnitus en bijna doof is, staat de tv keihard aan tot drie of vier uur ’s nachts (tot het moment dat de buren aan haar deur kloppen om te klagen). Ik weet nooit zeker of de luide tv echt vanwege haar gehoor is, of gewoon om de leegte van haar eenzame leven te vullen.

Op slechte dagen spuugt ze haar gal uit over migranten die banen inpikken en de sociale voorzieningen misbruiken, terwijl ze links en rechts baby’s verwekken. Op goede dagen zit ze kettingrokend te klagen over haar ondankbare kinderen die haar uit hun leven hebben gebannen en haar zijn vergeten. Ja, dit leven met haar kan soms verstikkend zijn, maar het is in ieder geval veiliger dan afhankelijk te zijn van mannen die onderdak bieden in ruil voor onderdanigheid – totdat ze jou inruilen voor iemand anders.

Opeens schijnt er zonlicht door de zware, vuile gordijnen.

Na een kopje koffie fiets ik over het IJ naar het café in Amsterdam-Oost waar ik drie ochtenden per week schoonmaak; daarna ga ik door naar het huis van een lief homostel in IJburg, veertigers. Ik werk stiekem een croissant uit de voorraadkast naar binnen. Vóór de pandemie paste ik op kinderen van expats. Toen de lockdowns ingingen vielen al dit soort baantjes weg. Toen alles weer open ging, kon ik om de een of andere reden niet meer oppassen. Sekswerk was een overlevingsmogelijkheid, ik had het eerder gedaan in Mexico en Amerika, maar inmiddels voelde ik me te oud en te roestig om te tippelen. Maar gelukkig, toen ik bijna het dieptepunt had bereikt, wierp een Hondurese vriendin mij een reddingslijn toe: ‘Kom samen met mij huizen schoonmaken.’ Dus nu heb ik vier huizen plus dit cafébaantje.

Als ik klaar ben met werken, is de lucht betrokken. Al gauw begint het weer te regenen. Mijn maag knort, ik ga sneller fietsen. Deze keer naar Boost, een ontmoetingsplek voor nieuwkomers met een vluchtelingenachtergrond, aan de Wibautstraat.

Bij Boost krijg ik – gratis – een warme en heerlijke lunch (maandag tot en met vrijdag, wat een zegen). Na de maaltijd ga ik naar de Nederlandse les boven. Ze bieden bij Boost gratis Nederlandse en Engelse taalles, fiets-, computer- én naailes. Om nu te zeggen dat ik sowieso al veel Nederlands versta, nou nee, maar dankzij deze routine raak ik niet zo snel in paniek. Om half

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook