Voedingscentrum | De erkende autoriteit op het gebied van gezond, veilig en duurzaam eten
Verzadigde vetzuren en het risico op hart- en vaatziekten Factsheet
Verzadigde vetzuren verhogen het LDLcholesterol (LDL-c) gehalte in je bloed. Het LDL-c is een risicofactor voor het ontstaan van coronaire hartziekten, een vorm van hart- en vaatziekten. Het advies is daarom om zo min mogelijk verzadigde vetzuren te eten. In ieder geval niet meer dan 10 procent van de energie (kcal) die je eet. Door voedingsmiddelen met veel verzadigde vetzuren in je voeding te vervangen door voedingsmiddelen met veel onverzadigde vetzuren, verlaag je het LDL-c in je bloed en daarmee het risico op hart- en vaatziekten. Het Voedingscentrum baseert deze adviezen op wetenschappelijke consensus. In het geval van consensus is de meerderheid van de internationale, gespecialiseerde wetenschappers het met elkaar eens over de interpretatie van het relevante beschikbare onderzoek. In Nederland brengt het onafhankelijke wetenschappelijke adviesorgaan de Gezondheidsraad deze consensus in kaart. Onze adviezen baseren we op de Richtlijnen goede voeding 20151 en de geldende voedingsnormen voor verzadigde vetzuren uit 20012 van de Gezondheidsraad. Aanvullend maken we gebruik van consensusdocumenten van internationale organisaties, zoals de voedselveiligheidsautoriteit EFSA3, of van wetenschappelijk onderbouwde behandelrichtlijnen van het Nederlands Huisartsengenootschap NHG.4 In deze factsheet legt het Voedingscentrum uit wat de onderbouwing is van de adviezen over verzadigd vet.