Uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/109
Vlaamse overheid Beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie Afdeling openbaarheid van bestuur Havenlaan 88, bus 20 1000 BRUSSEL T : 02 553 57 25 Mail: openbaarheid@vlaanderen.be Dossiernummer: OVB/2022/109
DE BEROEPSINSTANTIE - Afdeling openbaarheid van bestuur Bevoegdheid beroepsinstantie Bestuursdecreet van 7 december 2018, titel II, hoofdstuk 3, afdeling 6. Besluit van de Vlaamse Regering van 19 juli 2007 tot oprichting van de beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie. Voorafgaande procedure Op 29 januari 2022 diende xxx een verzoek in bij de provincie Oost-Vlaanderen om informatie te verlenen over de vergunningen van de volgende bedrijven: - xxx - xxx - xxx In het kader van de regelgeving betreffende de openbaarheid van bestuur vraagt de verzoeker op 29 januari 2022 het volgende: “1° alle u bekende geurstudies sedert 2010 met betrekking tot dit deze bedrijven; 2° alle verzoeken tot schorsing of tot opheffing van de milieuvergunningen/omgevings-vergunningen van deze bedrijven dan wel tot bijstelling van de omgevingsvergunningsvoorwaarden; 3° alle correspondentie die werd gevoerd tussen de deputatie en de respectievelijke bedrijven met betrekking tot de geurproblematiek sedert 1 januari 2015; 4° de communicatie met de Afdeling Handhaving over deze bedrijven sedert 1 januari 2015; 5° het aantal u bekende klachten tegenover de respectievelijke bedrijven sedert 1 januari 2015. Na de vraag van de provincie op 14 februari 2022 om het verzoek te specificeren/vervolledigen, ontving zij op 21 februari 2022 deze verduidelijking. Op 11 maart 2022 weigerde de provincie de openbaarmaking van de gevraagde documenten.
www.vlaanderen.be
Op 6 april 2022 diende xxx beroep in tegen deze weigeringsbeslissing d.d. 11 maart 2022. Dit beroep werd geregistreerd op 7 april 2022. Ontvankelijkheid van het beroep Het oorspronkelijke verzoek dateert van 29 januari 2022. De in beroep aangevochten beslissing van de provincie Oost-Vlaanderen van 11 maart 2022 maakt melding van de beroepsmogelijkheden en -modaliteiten, zoals voorgeschreven in artikel II.43, §1, derde lid van het Bestuursdecreet. Het ingediende beroep van verzoeker d.d. 6 april 2022 is ingesteld binnen de decretaal voorgeschreven termijn, conform artikel II.48, §1, derde lid van het Bestuursdecreet. Het beroep wordt bijgevolg als ontvankelijk beschouwd. Gegrondheid van het beroep Overeenkomstig artikel II.31, eerste lid Bestuursdecreet heeft het recht op passieve openbaarheid betrekking op bestuursdocumenten. Op grond van deze bepaling is elke instantie in principe verplicht aan eenieder die erom verzoekt inzage te geven in, uitleg te verschaffen over of een afschrift te bezorgen van de gewenste bestuursdocumenten. De openbaarmaking kan slechts geweigerd worden mits toepassing wordt gemaakt van één of meerdere uitzonderingen, zoals gestipuleerd in de artikelen II.33 tot en met II.39 van voormeld decreet.
1.
Bestreden beslissing
Omdat de provincie Oost-Vlaanderen het verzoek zeer algemeen geformuleerd achtte, werd door xxx op 21 februari 2022 ingegaan op de vraag om zijn verzoek te verduidelijken (zie blauwe tekst hieronder). 1° alle u bekende geurstudies sedert 2010 met betrekking tot deze bedrijven Dit lijkt ons duidelijk. Het betreft alle geurstudies die in uw bezit zijn van de 3 bedrijven sedert 1 januari 2010. Op deze vraag werd nog niet geantwoord. Een (bij voorkeur elektronische) kopie van de stukken hieronder in geel aangeduid 2° alle verzoeken tot schorsing of tot opheffing van de milieuvergunningen/omgevingsvergunningen van deze bedrijven dan wel tot bijstelling van de omgevingsvergunningsvoorwaarden; Ook dat is o.i. duidelijk. Het betreft verzoeken van de deputatie dan wel derden (zoals klagers of een gemeente) tot schorsing /opheffing dan wel tot bijstelling van de vergunningen van de 3 bedrijven. Uit uw antwoord is onduidelijk of de vragen om bijstelling kwam van het betrokken bedrijf zelf, dan wel van de deputatie of derden; 3° alle correspondentie die werd gevoerd tussen de deputatie en de respectievelijke bedrijven met betrekking tot de geurproblematiek sedert 1januari 2015; Er wordt enkel gevraagd om communicatie van de deputatie zelf, niet van provinciale diensten; 4° de communicatie met de Afdeling Handhaving over deze bedrijven sedert 1 januari 2015; Gepreciseerd wordt dat het enkel gaat over communicatie aangaande geurhinder; 5° het aantal u bekende klachten tegenover de respectievelijke bedrijven sedert 1 januari 2015.
https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur
uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/109
pagina 2 van 9
Gepreciseerd wordt dat het enkel gaat over klachten aangaande geurhinder. Hier volstaat een cijfer voor elk van de 3 bedrijven en als dat te moeilijk is, de melding enkele/tientallen/honderden/duizenden. Ook na deze verduidelijking oordeelt de provincie dat het openbaarheidsverzoek kennelijk onredelijk en te algemeen geformuleerd blijft. Het openbaarheidsverzoek heeft volgens de provincie betrekking op tientallen dossiers van vergunningverlening of bijstelling van milieuvoorwaarden. Het doornemen van al deze dossiers om na te gaan of daarin klachten met betrekking tot geur, dan wel geurstudies aanwezig zijn, vereist een gedetailleerde screening van elk dossierstuk, waarvan het overgrote deel niet digitaal beschikbaar is. Dergelijk onderzoek kan in alle redelijkheid niet van de provinciale diensten worden verwacht, zo wordt er gesteld. Het zou voor de provinciale diensten een onredelijk zware last met zich meebrengen, waardoor de normale werking van de diensten in het gedrang zou komen. In het licht daarvan wijst de provincie er op dat de dienst Omgevingsvergunningen van de provincie bij het behandelen van dossiers aan strikte vervaltermijnen is gebonden, die omwille van een vertraagde behandeling, niet kunnen worden verlengd. Het is dus essentieel dat de dienst Omgevingsvergunningen haar kerntaken naar behoren kan blijven uitoefenen. In die omstandigheden, en gelet het feit dat het openbaarheidsverzoek nog steeds te algemeen en onredelijk geformuleerd wordt geacht, zou ook het ter plaatse inkijken van de dossiers een onredelijk zware last van de provinciale diensten met zich meebrengen. Het openbaarheidsverzoek wordt bijgevolg met toepassing van artikel II.33, 1° Bestuursdecreet geweigerd. Het openbaarheidsverzoek wordt echter ook met toepassing van de uitzonderingsgronden uit artikel II.35, 4° en artikel II.36, § 1, 8° Bestuursdecreet geweigerd, namelijk het niet opwegen van het belang van de openbaarheid tegen het belang van de rechtspleging in een burgerlijk of administratief rechtsgeding en de mogelijkheid om een eerlijk proces te krijgen. Bij dagvaarding van 11 februari 2022 werd de provincie Oost-Vlaanderen samen met de stad Dendermonde en het Vlaamse Gewest door xxx gedagvaard om voor de Rechtbank van Eerste Aanleg van Oost-Vlaanderen, afdeling Dendermonde te verschijnen. Er wordt op basis van artikel 1382 BW een integrale schadevergoeding gevorderd voor de schade die door de beslissing van de deputatie tot schorsing van de milieu- en omgevingsvergunningen van xxx van 16 december 2021 zou zijn ontstaan. In het kader van die procedure beroept xxx zich onder meer op een ongelijke behandeling ten opzichte van andere bedrijven op het grondgebied van de provincie. Het openbaarheidsverzoek is klaarblijkelijk met die kritiek verwant. Gelet op de dagvaarding en de vordering tot integrale schadevergoeding is de provincie genoodzaakt haar belangen (met inbegrip van haar financiële belangen) te verdedigen. De wapengelijkheid betreft een essentieel gegeven in de rechten van verdediging van de provincie. De provincie treedt in die procedure op om de wettigheid van haar beslissing te verdedigen, die zij heeft genomen in het kader van haar bevoegdheden om milieuhinder op haar grondgebied te vermijden, en om aldus het algemeen belang te dienen. Het belang van de openbaarheid is in dit geval daarentegen louter een privaat belang van de verzoeker, dat in casu tegen het voormelde algemeen belang niet kan opwegen volgens de provincie. Het openbaarheidsverzoek wordt bijgevolg ook met toepassing van artikel II.35, 4° en artikel II.36, § 1, 8° Bestuursdecreet geweigerd.
2. Inhoud van het beroepschrift De beroeper werpt op dat de nodige concrete afwegingen van belangen ontbreken in de bestreden beslissing. De ingeroepen uitzonderingsgronden zijn geen absolute weigeringsgronden en moeten volgens de beroeper wijken voor het aanzienlijke belang waartegenover xxx en haar werknemers staan, alsook het recht van de maatschappij om een helder inzicht te krijgen in het geurbeleid van de deputatie.
https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur
uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/109
pagina 3 van 9
De beroeper betwist de ingeroepen kennelijke onredelijkheid. Deze stelt dat de vraag duidelijk werd afgelijnd tot 3 bedrijven, de geurproblematiek en tot verzoeken tot schorsing of tot opheffing van de milieuvergunningen/omgevingsvergunningen van de 3 bedrijven dan wel tot bijstelling van de omgevingsvergunningsvoorwaarden op initiatief van de deputatie of derden. Ook een voorstel van de beroeper om langs te komen voor inzage zou afgewezen zijn. Als slechts een deel van de bestuursdocumenten gedigitaliseerd zou zijn, wenst de beroeper minstens van dat deel de inwilliging van haar openbaarheidsverzoek te bekomen. Volgens de beroeper valt niet in te zien hoe de openbaarmaking van de aangevraagde documenten het recht op een eerlijk proces van de provincie Oost-Vlaanderen in de aansprakelijkheidsprocedure in het gedrang kan brengen. Minstens kan volgens de beroeper gesteld worden dat zeker niet alle aangevraagde informatie delicaat is voor de provincie Oost-Vlaanderen in het licht van de aansprakelijkheidsprocedure. Dit is volgens de beroeper alleszins niet het geval voor deze informatie: - alle u bekende geurstudies sedert 2010 met betrekking tot deze bedrijven; - de toelichting of de vragen om bijstelling kwamen van het betrokken bedrijf zelf, dan wel van de deputatie of derden; - een inschatting van het aantal bekende klachten wegens geurhinder tegenover de respectievelijke bedrijven sedert 1 januari 2015.
3. Toelichting door de provincie Oost-Vlaanderen Op 15 april 2022 wijst de provincie, na een vraag tot toelichting bij de bestreden beslissing d.d. 11 maart 2022 , de beroepsinstantie er op dat zij op 29 januari 2022 met betrekking tot vraag 2 van het oorspronkelijk verzoek reeds een antwoord bezorgde aan de beroeper. De provincie bezorgt de beroepsinstantie een afschrift van dit antwoord met een overzicht per bedrijf van de relevante vergunningsdossiers sinds 2010, dat ook de verzoeken tot bijstelling, schorsing of opheffing van de milieu-/omgevingsvergunningen bevat. De provincie vroeg voorts aan xxx om zijn vraag te specificeren/vervolledigen en aan te geven in welke documenten hij concreet inzage wenst te verkrijgen. De vraag om informatie (1e, 3e, 4e en 5e streepje) werd kennelijk onredelijk en op te algemene wijze geformuleerd geacht. Er wordt nog meegedeeld aan de verzoeker dat hij uiteraard zelf dossiers op de provinciale dienst kan komen inkijken en de stukken kan kopiëren die hij wenst te verkrijgen. In dat geval dient hij duidelijk aan te geven welke dossiers hij wenst in te kijken. De provincie herhaalt op 15 april 2022 tegenover de beroepsinstantie de motieven van de bestreden weigering: - Artikel II.33, 1° Bestuursdecreet: de aanvraag blijft kennelijk onredelijk of op een te algemene wijze geformuleerd, na een verzoek van de betrokken instantie tot herformulering van de eerste aanvraag: In de beslissing van 11 maart 2022 werd concreet gemotiveerd dat het openbaarheidsverzoek betrekking heeft op tientallen dossiers van vergunningverlening of bijstelling van milieuvoorwaarden. Het doornemen van al die dossiers om na te gaan of daarin klachten met betrekking tot geur, dan wel geurstudies aanwezig zijn, vereist een gedetailleerde screening van elk dossierstuk, waarvan het overgrote deel niet digitaal beschikbaar is. Dergelijk onderzoek kan in alle redelijkheid niet van de provinciale diensten worden verwacht. Het zou voor de provinciale diensten een onredelijk zware last met zich meebrengen, waardoor
https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur
uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/109
pagina 4 van 9
de normale werking van de diensten in het gedrang zou komen. In het licht daarvan wijst de provincie er op dat de dienst Omgevingsvergunningen van de provincie bij het behandelen van dossiers aan strikte vervaltermijnen is gebonden, die omwille van een vertraagde behandeling, niet kunnen worden verlengd. Het is dus essentieel dat de dienst Omgevingsvergunningen haar kerntaken naar behoren kan blijven uitoefenen. In die omstandigheden, en gelet het feit dat het verzoek nog steeds te algemeen en onredelijk geformuleerd is, zou ook het ter plaatse inkijken van de dossiers een onredelijk zware last van de provinciale diensten met zich meebrengen. Verder licht de provincie toe aan de beroepsinstantie dat per bedrijf tientallen beslissingen dienen te worden gescreend (de printscreens van de dossierlijsten per bedrijf worden ter staving als bijlage toegevoegd): - Voor xxx gaat het om 37 vergunningsdossiers; - Voor xxx om 43 vergunningsdossiers ; - Voor xxx om 47 vergunningsdossiers. Enkel voor dossiers van na 2008 zijn de beslissingen (en enkel de beslissingen) bij de provincie digitaal beschikbaar, evenwel in een niet-doorzoekbare versie (scans van de papieren beslissingen). Dat wil zeggen dat die beslissingen moeten worden gescreend op de vraag of in het dossier dat tot die beslissing aanleiding heeft gegeven een geurstudie aanwezig is, dan wel of in het kader daarvan geurklachten werden ingediend. Er mag worden geschat dat het doornemen van een dergelijke beslissing gemiddeld 15 minuten in beslag zal nemen. Het doornemen van 127 beslissingen, neemt dus al gauw een 30-tal uren in beslag. Indien blijkt dat in het onderliggende dossier een geurstudie aanwezig zou moeten zijn, dient een medewerker in het archief van de provincie het dossier op te zoeken, de geurstudie te selecteren, en bovendien ofwel op papier te kopiëren, dan wel te digitaliseren, opdat de studie aan de beroepsindiener overgemaakt zou kunnen worden. Die geurstudie dient dan bovendien nog te worden gescreend op de aanwezigheid van persoonsgegevens, dan wel commerciële geheime informatie van de betrokken onderneming, of andere uitzonderingsgronden op de openbaarheid van bestuur. Is dergelijke informatie aanwezig, dan dient die in het document te worden geblindeerd. Dit alles neemt gemakkelijk anderhalf uur in beslag. Indien dus slechts in 15% van de dossiers een geurstudie aanwezig zou zijn, neemt dit nogmaals ongeveer 28 uren in beslag. Indien in een worst case scenario quasi alle dossiers een geurstudie zouden bevatten komt dit neer op 190 uren. Slechts sinds de oprichting van het Omgevingsloket en de inwerkingtreding van het Omgevingsvergunningsdecreet in 2017 zijn ook de vergunningsaanvragen digitaal beschikbaar. Voor die dossiers zal de opzoeking of een geurstudie aanwezig is minder tijd in beslag nemen. Die tijd kan geraamd worden op 15 min tot 30 min per dossier (doornemen lijst dossierstukken, en zo nodig screening van de geurstudie op andere uitzonderingsgronden op de openbaarheid van bestuur). Uit bovenstaande toelichting moet blijken dat het openbaarheidsverzoek wel degelijk een onredelijke werklast voor de diensten van de provincie tot gevolg heeft. Een dergelijke werklast mag van de provinciale diensten als gevolg van een openbaarheidsverzoek niet worden gevraagd. Daar komt nog bij dat de opzoeking dient te gebeuren door de medewerkers van de dienst Omgevingsvergunningen van de provincie. Het uitvoeren van de bovenvermelde handelingen zal de tijdige behandeling van de vergunningsdossiers die bij de provincie aanhangig zijn vertragen, wat gelet op de vervaltermijnen uit het Omgevingsvergunningsdecreet onaanvaardbaar is, aldus de provincie. - Artikel II.35, 4° en II.36, § 1, 8° van het Bestuursdecreet: Het belang van de openbaarheid weegt niet op tegen het belang van de rechtspleging in een burgerlijk of administratief rechtsgeding en de mogelijkheid om een eerlijk proces te krijgen: In de brief van 11 maart 2022 werd het op vandaag hangend rechtsgeding voldoende toegelicht. Die procedure werd door de
https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur
uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/109
pagina 5 van 9
beroepsindiener zelf geïnitieerd. De provincie is daardoor genoodzaakt haar belangen (zoals haar financiële belangen, maar tevens haar belang om in de toekomst nog voldoende daadkrachtig te kunnen optreden in vergelijkbare dossiers) in rechte te verdedigen. In dergelijke procedures zijn de rechten van verdediging van de provincie volgens haar net zo beschermenswaardig als de rechten van verdediging van een private partij, i.e. de zogenaamde wapengelijkheid. Het kan niet van de provincie worden gevraagd dat zij potentieel haar eigen procedurele belangen schaadt omdat zij verplicht wordt aan een openbaarheidsverzoek tegemoet te komen. Overigens blijkt uit de samenloop met de gerechtelijke procedure die door xxx werd geïnitieerd en onderhavig administratief beroep duidelijk dat xxx stukken poogt te verzamelen waaruit enig schadeverwekkend gedrag van de provincie, quod non, zou blijken, om deze vervolgens in de gerechtelijke procedure in te brengen. Het belang van de openbaarheid in hoofde van xxx (i.e. verzameling van stukken in het licht van de gerechtelijke procedure) werd tegen de volgende belangen afgewogen, waaruit volgens de provincie blijkt dat het belang van de openbaarheid in casu niet kan primeren: - De deugdelijke werking van de dienst Omgevingsvergunningen van de provincie. Gelet op het Omgevingsvergunningsdecreet is de deputatie voor de behandeling van dossiers aan vervaltermijnen gebonden. De provincie kan zich derhalve niet veroorloven dienaangaande enige vertraging op te lopen; - Het belang van de adequate uitoefening van de bevoegdheden van de provincie inzake milieubeleid, waaronder het nemen van maatregelen om milieuhinder op haar grondgebied te vermijden. Een impact op de werklast zal ook dergelijke dossiers, en het noodzakelijk optreden van de provincie vertragen, wat niet kan worden aanvaard, gelet op het risico voor mens en milieu (wat deel uitmaakt van het algemeen belang); - Het is essentieel dat de provincie haar kerntaken kan blijven uitoefenen; - Het belang van de wapengelijkheid in hoofde van de provincie, wat een fundamenteel rechtsbeginsel is. xxx heeft bovendien, door het initiëren van een gerechtelijke procedure geoordeeld reeds over voldoende argumenten te beschikken om haar rechten voor de rechter te verdedigen. In elk geval zou een raadpleging van de gevraagde procedurestukken ook geen fout in hoofde van de deputatie kunnen aanwijzen in de procedure die tot de schorsing van de vergunningen van xxx heeft geleid. De behandeling van dossiers van andere bedrijven heeft in dat opzicht geen relevantie. Er is immers geen gelijkheid in een eventuele illegaliteit, aldus de provincie.
4. Standpunt van de beroepsinstantie De beroepsinstantie dient te verwijzen naar haar eerdere beslissing d.d. 8 april 2022 met het kenmerk OVB/2022/081. In dit dossier tekende dezelfde beroeper beroep aan tegen een beslissing van de stad Dendermonde naar aanleiding van een gelijkaardig openbaarheidsverzoek, specifiek met betrekking tot het bedrijf xxx. Er dient gewezen te worden op de procedure lopende voor de Rechtbank van Eerste Aanleg te Dendermonde waarbij de provincie Oost-Vlaanderen samen met de stad Dendermonde en het Vlaamse Gewest gedagvaard werden namens xxx. Aanleiding hiertoe vormt de beslissing van de deputatie d.d. 16 december 2021 waarbij er werd overgegaan tot de schorsing van de omgevingsvergunning van xxx. In de dagvaarding d.d. 11 februari 2022 (i.e. kort na het aanvankelijk openbaarheidsverzoek d.d. 29 januari 2022) is er reeds sprake van een beweerde ongelijke behandeling tussen xxx en andere bedrijven die geurgevoelige activiteiten uitoefenen binnen de provincie zoals het bedrijf xxx, met betrekking tot dewelke de kwestieuze documenten en informatie worden opgevraagd. De bestuursdocumenten die de beroeper in het kader van het Bestuursdecreet heeft opgevraagd moeten duidelijk dienen binnen de procedure die werd aangespannen door de beroeper voor de burgerlijke
https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur
uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/109
pagina 6 van 9
rechtbank te Dendermonde. De beroeper wil in casu documenten bekomen om na te gaan hoe andere bedrijven als xxx beoordeeld werden in vergelijking met xxx. De beroeper wil ook beoordelen of de deputatie bij de schorsing van de omgevingsvergunning van xxx zich al dan niet heeft laten leiden door het schepencollege van Dendermonde dat (in tegenstelling tot de afdeling Handhaving van het departement Omgeving) wél zou geadviseerd hebben om de omgevingsvergunning van xxx te schorsen. De beroepsinstantie dient na te gaan of er in casu toepassing kan worden gemaakt van de uitzonderingsgrond voorzien in artikel II.35, 4° (andere dan milieu-informatie) en II.36, § 1, 8° (milieuinformatie 1) van het Bestuursdecreet. Op basis van deze artikelen moet een aanvraag tot openbaarmaking van (milieu-)informatie worden afgewezen als het belang van de openbaarheid niet opweegt tegen de bescherming van de rechtspleging in een burgerlijk of administratief rechtsgeding en de mogelijkheid een eerlijk proces te verkrijgen. Deze uitzonderingsgrond beoogt het eerlijk verloop van de rechtspleging te vrijwaren. Een essentieel onderdeel van het recht op een eerlijk proces is het beginsel van de “gelijkheid der wapens in een proces”. Dit beginsel van de wapengelijkheid houdt in dat elke partij het recht heeft haar argumenten te doen gelden in omstandigheden die haar niet benadelen ten opzichte van de tegenpartij. De bestaansreden van voormelde uitzonderingsgrond ligt vooral bij het verhinderen dat de openbaarheid van bestuur waaraan één partij onderworpen is, afbreuk zou doen aan de wapengelijkheid. Zonder deze uitzonderingsgrond zou één partij op grond van de openbaarheid van bestuur kunnen worden verplicht stukken in het gerechtelijk debat te brengen die tegen haar (of een andere aan openbaarheid onderworpen bestuursinstantie) zouden kunnen pleiten, daar waar de andere partij enkel die elementen die haar eis ondersteunen, kenbaar mag maken om het oordeel van de rechter te beïnvloeden. De bedoelde uitzonderingsgrond mag evenwel niet op een abstracte manier worden ingeroepen zodat concreet moet worden aangetoond dat de gevraagde bestuursdocumenten verband houden met een bestaand rechtsgeding en tegen een bestuursinstantie kunnen worden aangewend. De beroepsinstantie stelt in casu vast dat de verzoeker het Vlaamse Gewest, de provincie Oost-Vlaanderen en de stad Dendermonde gedagvaard heeft naar aanleiding van de beslissing van de deputatie d.d. 16 december 2021 om over te gaan tot schorsing van de omgevingsvergunning en dat de openbaarheidsverzoeken van xxx duidelijk daarin kaderen. xxx beroept zich onder meer op een ongelijke behandeling ten opzichte van andere bedrijven op het grondgebied van de provincie Oost-Vlaanderen of de stad Dendermonde. De beroeper wil in casu documenten bekomen om na te gaan hoe andere bedrijven beoordeeld werd in vergelijking met xxx. Wanneer zou blijken uit de betreffende correspondentie of de opgevraagde documenten dat xxx veel strenger beoordeeld werd dan andre bedrijven, zal de beroeper dit als argumentatie kunnen aanhalen in de procedure die werd ingesteld tegen onder meer de provincie Oost-Vlaanderen. De inhoud van de geweigerde bestuursdocumenten zou volgens provincie als dermate gevoelig kunnen beschouwd worden in die zin dat deze documenten kunnen aangewend worden door de beroeper om eigen standpunten kracht bij te zetten bij de lopende procedure bij de Rechtbank van Eerste Aanleg te Dendermonde en dit ten nadele van de gedaagden, waaronder de provincie Oost-Vlaanderen. De beroeper lijkt een eigen, particulier belang na te streven met het oog op de hangende procedure. Dit kan derhalve tot de conclusie leiden dat het belang van de openbaarheid van de bestuursdocumenten in dit specifieke geval niet opweegt tegen het belang van de uitzonderingsgrond inzake het hangende burgerlijke
1 Het Bestuursdecreet maakt, wat betreft de uitzonderingen op het recht op openbaarheid, een onderscheid naargelang het gaat om een aanvraag tot openbaarmaking die betrekking heeft op milieu-informatie dan wel op andere informatie. Artikel I.4, 11° van het Bestuursdecreet somt gedetailleerd op wat onder milieuinformatie moet verstaan worden.
https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur
uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/109
pagina 7 van 9
rechtsgeding. De openbaarmaking ten koste van het beschermde belang mag maar worden bevolen als daarmee het algemeen openbaar belang gediend wordt. Tevens weigert de provincie Oost-Vlaanderen de openbaarmaking op grond van artikel II.33, 1° van het Bestuursdecreet. Het opzoeken van alle documenten zou een zwaar administratief werk betekenen waardoor waardoor de deugdelijke werking van de dienst Omgevingsvergunningen van de provincie gedwarsboomd zou worden. Dit artikel stipuleert dat, tenzij het belang van de openbaarheid primeert, de overheidsinstanties, vermeld in artikel II.28, §1 van het Bestuursdecreet, een aanvraag mogen afwijzen als de aanvraag kennelijk onredelijk blijft of op een te algemene wijze geformuleerd blijft, na een verzoek van de betrokken instantie tot herformulering van de eerste aanvraag als vermeld in artikel II.42 van dat decreet. Er werd enkel gewezen op de omvang van het vereiste opzoekwerk. Het is pas nadat de aanvraag opnieuw te algemeen geformuleerd zou zijn of de aanvrager hier niet zou op ingaan, dat de aanvraag op grond van artikel II.33, 1° Bestuursdecreet kan worden afgewezen. In casu verduidelijkte de beroeper zijn verzoek op 21 februari 2022 maar ook daarna bleef het verzoek volgens de provincie té ruim. Het mag echter voldoende duidelijk zijn dat de beroeper de gevraagde bestuursdocumenten en informatie, indien deze dienst kunnen doen binnen een betoog over de vermeende ongelijke behandeling van bedrijven met een geurproblematiek, zal willen aanwenden in de hangende gerechtelijke procedure bij de burgerlijke rechtbank te Dendermonde. Ook indien het voor de provincie voorlopig nog onduidelijk zou zijn hoe de bestuursdocumenten door de raadsman van xxx precies zullen geïnterpreteerd of gebruikt worden in de gerechtelijke procedure, volstaat het om op grond van de betreffende uitzonderingsgrond de openbaarmaking ervan te weigeren. Elke bijkomende informatie aan xxx zou de belangen van de provincie kunnen schaden nu het onduidelijk is hoe een burgerlijke rechtbank die documenten zal interpreteren of hoe xxx dit in de procedure zou brengen. Omwille van de motieven van de beroeper en de duidelijke verwevenheid van de opgevraagde documenten met het bovenvermelde hangende rechtsgeding, ligt het onherroepelijk vast dat de beroeper de gevraagde informatie met betrekking tot de omgang met geurhinder bij de bedrijven xxx wil inschakelen in het geding. Hierbij kan de positie van de provincie bemoeilijkt worden. De beroeper gaf duidelijk aan dat hij een vermeende ongelijke behandeling tussen xxx en andere bedrijven aan de kaak wil stellen. Van de provincie kan niet verwacht worden dat zij hier actief aan bijdraagt door in te gaan op het openbaarheidsverzoek van de beroeper. Bovendien heeft de rechter in het kader van de lopende procedure nog steeds de mogelijkheid hem/haar de stukken te laten voorleggen die nodig worden geacht om een onderbouwd oordeel te kunnen vellen. Op dat ogenblik kan de provincie er nog toe gehouden worden om (bepaalde van) de gevraagde bestuursdocumenten in de procedure te brengen. Het beroep wordt daarom als ongegrond beschouwd. Na beraadslaging,
BESLUIT: Het beroepschrift van xxx d.d. 6 april 2022 tegen de weigeringsbeslissing van de provincie Oost-Vlaanderen om bestuursdocumenten en informatie te verlenen aangaande de vergunningen van de bedrijven xxx wordt als ontvankelijk doch ongegrond beschouwd. Brussel, 6 mei 2022
https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur
uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/109
pagina 8 van 9
Voor de beroepsinstantie, afdeling openbaarheid van bestuur, Bruno ASSCHERICKX Voorzitter
https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur
uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/109
pagina 9 van 9