Uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/058
Vlaamse overheid Beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie Afdeling openbaarheid van bestuur Havenlaan 88, bus 20 1000 BRUSSEL T : 02 553 57 25 Mail: openbaarheid@vlaanderen.be Dossiernummer: OVB/2022/058
DE BEROEPSINSTANTIE - Afdeling openbaarheid van bestuur Bevoegdheid beroepsinstantie Bestuursdecreet van 7 december 2018, titel II, hoofdstuk 3, afdeling 6. Besluit van de Vlaamse Regering van 19 juli 2007 tot oprichting van de beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie. Voorafgaande procedure Op 20 januari 2022 diende xxx (hierna: verzoeker), een verzoek in bij de stad Oostende om een afschrift te krijgen van de overeenkomsten met de Groep Versluys inzake de voorwaarden waaronder deze kan bouwen op de Oosteroever - Vuurtorendok Zuid. Op 1 maart 2022 diende verzoeker beroep in bij de beroepsinstantie tegen het uitblijven van een inhoudelijk antwoord op zijn verzoek. Op 2 maart 2022 werd het beroepschrift door de beroepsinstantie geregistreerd. Ontvankelijkheid van het beroep Op 20 januari 2022 werd het oorspronkelijk verzoekschrift ingediend. Op 1 maart 2022 diende verzoeker beroep in bij de beroepsinstantie openbaarheid van bestuur, tegen het uitblijven van een inhoudelijk antwoord van de stad Oostende. Aangezien de stad Oostende niet tijdig gereageerd heeft op het oorspronkelijke openbaarheidsverzoek, heeft de termijn om beroep in te dienen conform artikel II.48 van het Bestuursdecreet geen aanvang genomen.
www.vlaanderen.be
Het beroepschrift van verzoeker d.d. 1 maart 2022 is bijgevolg tijdig ingediend en wordt als ontvankelijk beschouwd. Gegrondheid van het beroep Overeenkomstig artikel II.31, eerste lid Bestuursdecreet heeft het recht op passieve openbaarheid betrekking op bestuursdocumenten. Op grond van deze bepaling is elke instantie in principe verplicht aan eenieder die erom verzoekt inzage te geven in, uitleg te verschaffen over of een afschrift te bezorgen van de gewenste bestuursdocumenten. De openbaarmaking kan slechts geweigerd worden mits toepassing wordt gemaakt van één of meerdere uitzonderingen, zoals gestipuleerd in de artikelen II.33 tot en met II.39 van voormeld decreet.
1.
Inhoud van het beroepschrift
Via het indienen van het beroep beoogt verzoeker alsnog de gevraagde documenten te verkrijgen.
2. Toelichting door de stad Oostende Om met volle kennis van zaken over het ingestelde beroep te kunnen oordelen, heeft de beroepsinstantie op 8 maart 2022 de stad Oostende gevraagd om de betrokken documenten over te maken, alsook enige toelichting te geven betreffende het ingestelde beroep. De stad Oostende heeft op 18 maart geantwoord aan de beroepsinstantie en merkt daarbij vooreerst op dat de stad de aanvraag van verzoeker “tot op heden” niet heeft geweigerd. Vervolgens geeft de stad Oostende aan dat de betrokken aanvraag van verzoeker, bij ontvangst ervan werd overgemaakt aan de dienst ruimtelijke planning. De aanvraag werd initieel gekoppeld aan de publieke raadplegingsronde van de procedure van het ruimtelijk uitvoeringsplan, maar werd bij nader onderzoek behandeld als een openbaarheidsverzoek. Verder stelt de stad Oostende uitdrukkelijk dat de gevraagde stukken niet in het bezit van de stad zijn: “De
gronden werden door het Autonoom Gemeentebedrijf Stadsvernieuwing Oostende [AGSO] aan Groep Versluys verkocht. Overeenkomstig artikel II.40, §1 van het Bestuursdecreet van 7 december 2018 heeft de stad deze aanvraag doorgestuurd naar het AGSO.” De stad besluit dat de aanvraag bijgevolg werd doorgestuurd naar AGSO, zijnde een autonoom gemeentebedrijf met rechtspersoonlijkheid, en vermeldt daarbij het e-mailadres van AGSO bij wie meer toelichting hierover kan verkregen worden. Dit alles werd tevens gecommuniceerd aan verzoeker. Als bijlage voegt de stad Oostende de brief d.d. 17 maart 2022 aan verzoeker waarmee aan verzoeker deze informatie werd gegeven. Gelet op deze toelichting van de stad Oostende, komt het thans aan de beroepsinstantie toe om te oordelen over het ingestelde beroep.
https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur
uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/058
pagina 2 van 3
3. Standpunt van de beroepsinstantie Uit de toelichting die de beroepsinstantie op 18 maart 2022 van de stad Oostende mocht ontvangen, blijkt zeer uitdrukkelijk dat de stad niet over de gevraagde documenten beschikt. Nu een openbaarheidsverzoek enkel maar betrekking kan hebben op informatie die in het bezit is van een overheidsinstantie, zoals omschreven in artikel I.4, 3° van het Bestuursdecreet, dient het beroep voor wat betreft de opgevraagde stukken bijgevolg als ongegrond te worden beschouwd. Volledigheidshalve wordt opgemerkt dat de stad Oostende rekening heeft gehouden met de doorstuurverplichting van artikel II.40, §1, tweede lid van het Bestuursdecreet door, zij het pas na ongeveer twee maanden na de indiening van het oorspronkelijke verzoekschrift, de vraag van verzoeker door te sturen naar AGSO. De beroepsinstantie heeft overigens kennis kunnen nemen van de brief d.d. 17 maart 2022 van de stad Oostende aan verzoeker. In deze brief vermeldt de stad ook het e-mailadres van de contactpersoon bij AGSO, zodat de stad tevens aan de verplichting van artikel II.6, tweede lid van het Bestuursdecreet heeft voldaan. Deze bepaling verplicht instanties om personen die informatie zoeken, daarbij behulpzaam te zijn (behulpzaamheidsverplichting). Na beraadslaging,
BESLUIT: Het beroepschrift van xxx tegen het uitblijven van een inhoudelijk antwoord van de stad Oostende op zijn oorspronkelijk verzoek d.d. 20 januari 2022 om een afschrift te krijgen van de overeenkomsten met Groep Versluys inzake de voorwaarden waaronder deze kan bouwen op de Oosteroever - Vuurtorendok Zuid, wordt als ontvankelijk doch ongegrond beschouwd. Brussel, 28 maart 2022 Voor de beroepsinstantie, afdeling openbaarheid van bestuur, Bruno ASSCHERICKX Voorzitter
https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur
uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/058
pagina 3 van 3