Skip to main content

Vlaanderen_herleeft_rapport_maatschappelijk_relancecomité_samenvatting.pdf

Page 1

Vlaams Maatschappelijk Relancecomité

‘Vlaanderen herleeft’ - Aanbevelingen voor maatschappelijke relance naar aanleiding van COVID-19 Samenvatting INLEIDING De coronacrisis heeft onze samenleving dooreengeschud. De schade aan het maatschappelijk weefsel is zeer groot. Inkomensverlies, stijgende werkloosheid en de verwachting dat armoede zal toenemen, het verlies van duizenden levens, onbeantwoorde ‘niet-COVID’-gezondheidsproblemen, onvoldoende beschikbare sociale hulp, meer eenzaamheid, angst, depressie, verslavingen en (intrafamiliaal) geweld, leerachterstand bij kinderen en een groeiende leerkloof tussen ‘kansrijke’ en ‘kansarme’ kinderen, beperkingen in vrijetijds- en cultuurbeleving en in het verenigingsleven, verlies van toegang tot publieke ruimte,… Tegelijkertijd waren er ook positieve evoluties, zoals een versnelde digitalisering, veel innovatie in onderwijs, een grotere betrokkenheid en solidariteit, meer lichaamsbeweging in de vrije tijd en in de natuur, toenemende waardering voor essentiële beroepen, meer spontane samenwerking en sociaal ondernemerschap in diverse sectoren, minder autoverkeer, omgevingslawaai en luchtverontreiniging, enzovoort. De komende maanden zullen nog meer gegevens ons bereiken. Eind mei 2020 richtte de Vlaamse Regering het Maatschappelijk Relancecomité (MRC) op met de vraag aanbevelingen te formuleren om de samenleving snel en goed te laten hernemen (korte termijn), en ze zelfs te verbeteren tegenover vroeger (lange termijn), daarbij ook verder bouwend op de positieve evoluties die men zag. De Vlaamse Regering stelde ook de vraag naar aanbevelingen met betrekking tot een eventuele nieuwe golf van COVID-19 met als doel de schade aan het maatschappelijk weefsel in te perken. Het MRC bestond uit 9 experten en 9 afgevaardigden van de bevoegde Vlaamse ministers. Gedurende 7 weken werd gewerkt aan de drie groepen van aanbevelingen. De experten droegen de verantwoordelijkheid voor de inhoud ervan, terwijl de afgevaardigden van de ministers als klankbord fungeerden. Er waren ook 3 formele contacten met het economische relancecomité. Het proces werd inhoudelijk en administratief begeleid door Idea Consult. Dit advies is groepswerk en weerspiegelt zo maximaal mogelijk de mening van alle experten. Dit betekent evenwel niet dat elke expert zich

Vlaams Maatschappelijk Relancecomité – Aanbevelingen voor de Vlaamse Regering – 13 juli 2020 – Samenvatting

1


individueel verbindt tot het geheel. Binnen de tijdsdruk voor deze opdracht en gezien de brede inhoudelijke scope, was het niet mogelijk om over alle onderwerpen en aanbevelingen een discussie ten gronde te voeren. Het is de betrachting om samen met de aanbevelingen van het economische relancecomité bij te dragen tot één gezamenlijke relance en verbetering van onze welvaart en ons welzijn, en optimaal voorbereid te zijn wanneer een nieuwe golf van COVID-19 of een gelijkaardige pandemie indien die zich nog zou voordoen. AANBEVELINGEN VOOR DE RELANCE De aanbevelingen van het MRC werden gestructureerd volgens 5 overkoepelende thema’s en 5 sectorgerelateerde thema’s.

5 overkoepelende thema’s

5 sector-gerelateerde thema’s

Digitalisering als facilitator

Zorg en welzijn

Een innoverende overheid

Onderwijs en een leven lang leren

Communicatie en inspraak

Arbeidsmarkt en sociaal beleid

Inclusief denken

Cultuur, recreatie en toerisme

Sterk onderbouwd beleid

Wonen, publieke ruimte en mobiliteit

Voor elk van die thema’s formuleerde het MRC hoofdaanbevelingen, telkens met een omschrijving van het ‘wat’ (wat dient er te gebeuren?), het ‘hoe’ (sub-aanbevelingen met concrete actiepunten) en het ‘waarom’ (de onderbouwing van de aanbeveling). In totaal zijn er 35 hoofdaanbevelingen. Hieronder beschrijven we de voornaamste accenten die het MRC legt per thema. Telkens geven we een drietal aanbevelingen ter illustratie. Het onderstaande overzicht is dus niet volledig maar geeft wel aan in welke richting de aanbevelingen gaan.

Digitalisering als facilitator COVID-19 leidde tot een ongeziene versnelling van de digitalisering in onze samenleving. Maar niet iedereen is mee, en niet iedereen kan evengoed omgaan met het digitale. Het MRC stelt dat de digitalisering niet enkel een katalysator van economische groei is maar ook dat zij moet leiden tot een betere kwaliteit van leven. Het is inderdaad de bedoeling dat het digitale ons helpt een beter leven te leiden en niet dat we ons leven laten leiden door het digitale. De nadruk binnen dit thema ligt op einclusie, waarbij iedereen niet alleen toegang heeft tot digitale toepassingen, maar ook over de nodige technische en sociale vaardigheden beschikt om efficiënt en evenwichtig met het digitale te kunnen omgaan. 

Digitale inclusie (‘e-inclusie’) gericht op toegang tot digitale middelen en op technische en sociale vaardigheden voor een breed scala aan doelgroepen, georganiseerd op lokaal niveau.

Vlaams Maatschappelijk Relancecomité – Aanbevelingen voor de Vlaamse Regering – 13 juli 2020 – Samenvatting

2


Digitale versnelling in het onderwijs: elk kind een laptop of tablet en gerichte acties om iedereen toegang te kunnen geven tot het internet.

Een ambitieus innovatie- en implementatieprogramma voor de digitale transformatie van alle maatschappelijke sectoren.

Een innoverende overheid Tijdens de crisis was er een ongeziene stroom aan creativiteit en samenwerking te merken. Er ontstond veerkracht en ondernemerschap bij burgers, bedrijven en organisaties. Plots was het mogelijk om de regels even aan de kant te schuiven en er ontstonden creatieve, solidaire, voluntaristische manieren van werken en samenwerken. Het is belangrijk om die energie vast te houden voor de realisatie van de toekomstambities die het beleid voor ogen heeft. Onze aanbevelingen ter zake gaan dan ook in de richting van een overheid die vooral kaders creëert en doelen stelt, via een regelluwe benadering de creatieve kracht van de lokale gemeenschap en de buurt voluit benut, en samenwerking en afstemming binnen én tussen sectoren stimuleert. 

Het lokale niveau als eerste bestuursniveau meer verantwoordelijkheid en bevoegdheden geven en verder investeren in bestuurskracht, intergemeentelijke samenwerking (uitwisseling van ‘beste praktijken’) en schaalvergroting.

Een regelluwe benadering (onder andere via ‘schrapsessies’ om regels af te schaffen) als hefboom voor ondernemerschap en (sociale) innovatie en minder administratieve verplichtingen in alle sectoren.

Nieuwe instrumenten inzetten voor de coproductie met burgers en samenleving (onderhandeling, inspraak, gedragsbeïnvloeding of ‘nudging’, proeftuinen,...).

Communicatie Tijdens deze COVID-periode werd en wordt het communicatiebeleid van de verschillende overheden stevig op de proef gesteld. Uit cijfers blijkt een verdubbeling van de belangstelling in nieuwsinformatie. Dit onderstreept meteen het belang van duidelijke en transparante adviezen en beslissingen die vertrouwen wekken. Het MRC beveelt beleidsmakers dan ook aan om op alle niveaus toegankelijke en correcte informatie te verzekeren. Dit werkt niet alleen hoopgevend, maar ook motiverend. 

Gebruik maken van inzichten uit de gedragswetenschappen die mensen aanzetten om de adviezen op te volgen en te blijven volhouden.

Verdere investeringen in (sociale) mediawijsheid via diverse kanalen, om mensen in staat te stellen kritisch om te gaan met berichtgeving via de klassieke mediakanalen en via sociale media.

Investeren in een breed samenwerkingsprogramma met zoveel mogelijk mediapartijen, om de betrouwbaarheid, diversiteit en vindbaarheid van informatie beter te waarborgen.

Vlaams Maatschappelijk Relancecomité – Aanbevelingen voor de Vlaamse Regering – 13 juli 2020 – Samenvatting

3


Inclusief denken De crisis raakte verschillende groepen in de samenleving op een verschillende manier en de meest kwetsbare groepen werden het sterkst geraakt. Bij de uitwerking van herstelmaatregelen moet bijzondere en systematische aandacht naar hen gaan. In een goede samenleving valt niemand uit de boot. Het verbeteren van de kwaliteit van leven van kwetsbare groepen en specifiek naar hen toe gerichte oplossingen zijn daarom een prioriteit doorheen alle sectoren. 

Het actief en systematisch uitreiken naar mensen met een hulpnood die onder de radar blijft, georganiseerd binnen de lokale gemeenschap en in samenwerking tussen welzijns- en zorgprofessionals en vrijwilligers.

Actievere detectie van mensen die in armoede dreigen te vervallen via sociale werking en buurtwerking.

Een benadering van mensen in kwetsbare situaties via vertrouwenspersonen met een brede expertise en die zich op hun beurt laten bijstaan door diverse vakspecialisten.

Sterk onderbouwd beleid COVID-19 toont de meerwaarde van een beleid gebaseerd op data. Tal van instanties en sectoren gingen bijkomende informatie verzamelen over de impact van de pandemie, en deze informatie werd actief gebruikt voor het onderbouwen van beleidsmaatregelen en initiatieven binnen sectoren en organisaties. Op sommige punten werden ook hiaten in de data vastgesteld, en de beschikbare informatie was niet steeds evenwichtig verdeeld. Daarom pleit het MRC voor een beleid op basis van een evenwichtige benadering via diverse wetenschappen, praktijkervaring en bevraging van de burgers. Het beleid dient de vinger aan de pols te houden inzake de kwaliteit van leven van de mensen en de kwaliteit van de samenleving en permanent bij te sturen om een duurzame verbetering te realiseren. 

Een meer structurele inbreng van wetenschappelijke expertise in beleidsvoorbereiding en beleidssturing.

Het opstellen en hanteren van een maatschappelijk ‘dashboard’ gebaseerd op directe, representatieve en tijdige dataverzameling.

De ‘spending reviews’ die opgenomen zijn in het regeerakkoord systematisch toepassen op maatschappelijke investeringen om op die manier de economische gevolgen van (gebrek aan) investeren in welzijn beter in kaart brengen.

Zorg en welzijn COVID-19 toonde hoe belangrijk welzijn en gezondheid zijn. Ouderen werden veruit het zwaarst getroffen door de ziekte. Angst, depressies en andere geestelijke gezondheidsproblemen namen toe. Voor veel mensen werd de nodige hulp uitgesteld en talrijke problemen bleven onder de radar. De crisis leerde ons ook dat samenwerken tot betere resultaten leidt en dat we de regels die zo’n samenwerking tegenhouden of inefficiënt laten verlopen beter in vraag stellen. We zagen ook een sterke toename van tele-zorg, ondersteund door het beleid. Tot slot kwam de kracht van goed buurt- en vrijwilligerswerk

Vlaams Maatschappelijk Relancecomité – Aanbevelingen voor de Vlaamse Regering – 13 juli 2020 – Samenvatting

4


sterk naar voor. De nadruk van de aanbevelingen ligt op meer pro-actief werken, het samenwerken in de sector, meer buurtwerk, op het bevorderen van de geestelijke gezondheid, en op structurele lange termijn oplossingen om de kwaliteit, toegankelijkheid en duurzaamheid van de sector te verbeteren en te vrijwaren. 

Het structureel en niet via eenmalige ingrepen opwaarderen van de zorgberoepen.

Naar een betere en meer efficiënte samenwerking en afstemming tussen gezondheidszorg en welzijnszorg in een regelluwe omgeving.

Een evolutie van woonzorgcentra naar woonzorghuizen, meer kleinschalig maar ook meer ingebed in de samenleving.

Meer investeren in het behouden van fysieke en geestelijke gezondheid.

Onderwijs en een leven lang leren Tijdens de lockdown werden de scholen grotendeels gesloten. De leer- en evaluatieactiviteiten werden deels gecompenseerd door de organisatie van (digitaal) afstandsonderwijs maar wel met grote (kwaliteits)verschillen tussen scholen. En niet elk kind kon bereikt worden. Het belang van goed onderwijs en goed schoolbestuur werd door de crisis op scherp gesteld. Maar ook het belang van een leven lang leren werd duidelijk. Leren is zowel bevorderlijk voor het welzijn van mensen als voor de welvaart. Men creëert zo competenties die in een evoluerende en veranderende economie nodig zijn. Levenslang leren moet voor iedereen een evidentie worden. Het MRC pleit ervoor dat in de scholen de cognitieve vaardigheden en welzijn hand in hand moeten gaan, dat iedereen de digitale mogelijkheden volop moet kunnen benutten, en dat leren nog meer op maat van het kind of de jongere moet gebeuren. Professionalisering, onderwijsinvesteringen en autonomie moeten het lerarenberoep versterken, ondersteund door op data gebaseerde onderwijskwaliteitszorg. 

Remediëren van de leerachterstand via (niet verplichte) zomer-, herfst- en winterscholen, met een belangrijke recreatieve component en gezamenlijke inzet van de lokale gemeenschap om deze aantrekkelijk te maken.

Meer scholen met het statuut ‘warme school’. In zo’n school laat teamwerking toe om talenten te ontwikkelen, leergoesting te creëren, en welzijn en leervermogen elkaar te laten versterken.

Lerende levensloopbaan: voor iedereen een individuele leerrekening (‘leerportefeuille’) die verder reikt dan enkel het ‘leerplichtonderwijs’, die flexibele leerwegen en ook informeel leren omvat.

Arbeidsmarkt en sociaal beleid Wanneer de technische werkloosheid overgaat in permanent jobverlies dreigen meer mensen aansluiting bij de arbeidsmarkt te verliezen. Hen aan het werk houden is dan ook essentieel. Door ontwrichting van de arbeidsmarkt is dat niet evident. Enerzijds zijn er sectoren die het meer dan ooit moeilijk zullen hebben. Anderzijds is er een grote vraag vanuit knelpuntsectoren en toekomstsectoren (zorg, digitaal, ecologie, …). Maar dit biedt ook kansen. Mensen heroriënteren richting toekomst- en knelpuntsectoren op basis van bestaande en nieuw aangeleerde competenties is daarom nodig en

Vlaams Maatschappelijk Relancecomité – Aanbevelingen voor de Vlaamse Regering – 13 juli 2020 – Samenvatting

5


wenselijk. Maar ook meer gerichte maatregelen, in plaats van algemene, om werken aantrekkelijk te maken evenals een betere afstemming tussen gevraagde en beschikbare competenties over de sectoren heen zijn aangewezen. Ook vragen we aandacht voor het werkbaar maken van werk. 

Herbekijken van de Vlaamse jobbonus en de middelen beter inzetten naar werkprikkels maar ook naar het vermijden van werkende armoede (bijvoorbeeld door betere kinderopvang, hogere sociale toeslagen in het Groeipakket, meer toegankelijke huurpremies, sociale voordelen op basis van inkomen i.p.v. statuut).

Een competentiecheck en het matchen op de arbeidsmarkt van competenties eerder dan van diploma’s.

Het uitbreiden van de werkbaarheidscheque, die bedrijven toelaat de kwaliteit van werk te evalueren en te verbeteren.

Cultuur, recreatie en toerisme Binnen de domeinen cultuur en recreatie heeft COVID-19, zoals in andere sectoren, twee gezichten laten zien. Enerzijds een quasi volledige sluiting van cultuur-, sport- en andere vrijetijdsinfrastructuren; anderzijds werd een bijzondere creativiteit en veerkracht getoond met nieuwe praktijken als resultaat. Vanuit het belang van cultuur en recreatie voor de samenleving pleit het MRC voor het ondersteunen van lokaal initiatief om mensen op een veilige manier van vrije tijd te laten genieten. Daarnaast is er een pleidooi voor een versterkte samenwerking lokaal-bovenlokaal (koepels en steunpunten) om een toekomstgerichte werking te ontwikkelen in het licht van belangrijke evoluties als superdiversiteit, digitalisering, ecologie, enzovoort. De maatregelen i.v.m. buitenlands toerisme bieden een opportuniteit om de toeristische aantrekkelijkheid van Vlaanderen in ons land te verhogen en uit te dragen. 

Versnelde uitrol van de (digitale) UiTPAS met cultuurkrediet voor mensen met een laag inkomen en jongeren, uit te geven bij lokale organisatoren.

Nieuwe digitale vormen van cultuur en recreatie bestendigen en gezamenlijke distributieplatformen en reserveringssystemen invoeren voor de cultuur- en recreatiesector.

Het introduceren van het label ‘vakantiegemeente’ voor dag- en of verblijfstoerisme.

Wonen, omgeving en mobiliteit De crisis toonde aan hoe belangrijk woon- en leefomstandigheden zijn in het algemeen en de toegang tot publieke en groene ruimte in het bijzonder. Het is essentieel om iedereen goede woonomstandigheden te geven en de leefkwaliteit in dorpen en steden verder te versterken. Een belangrijke positieve evolutie is dat veel meer mensen in hun vrije tijd aan het bewegen gingen (vooral wandelen, joggen en fietsen). Deze gedragswijziging biedt een opportuniteit om op verder te bouwen. 

Naar een het concept '15-minutenstad' in onze steden en gemeenten: een aaneenschakeling van lokale gemeenschappen waar mensen in een kwartier stappen of fietsen over een zo compleet mogelijk aanbod van diensten en groen beschikken.

Vlaams Maatschappelijk Relancecomité – Aanbevelingen voor de Vlaamse Regering – 13 juli 2020 – Samenvatting

6


Ruimte creëren door ruimte te delen (gebruik van gebouwen en plekken voor meerdere functies) en de betrokkenen inspraak geven bij het creëren van publieke ruimte.

Verschuiving in de budgetten voor wegenaanleg naar fietsinfrastructuur.

WAT BIJ EEN VOLGENDE GOLF? We formuleerden, zoals al aangegeven, ook een pakket aan maatregelen om bij een eventuele nieuwe golf van COVID-19 de schade in te perken. Het MRC pleit daarbij voor een grondige afweging van alle epidemiologische, gezondheids- en maatschappelijke aspecten. Op basis van de huidige inzichten stellen we als standaard voorop dat maatschappelijke diensten niet mogen sluiten. Via een aanpak gebaseerd op een combinatie van Maskers, Afstand respecteren, Testen en tracen, Handhygiëne en Sociale verantwoordelijkheid (MATHS) kan men dat realiseren. Wanneer sluiten toch – op basis van genoemde afweging – gedeeltelijk of lokaal nodig is, dan dient men via duidelijke richtlijnen voorbereid te zijn voor het digitale aanbod en het actief uitreiken naar mensen en samenwerkingen stimuleren (zie ook de regelluwe benadering). We vragen ook communicatie die waakzaamheid en solidariteit cultiveert in plaats van angst, en die meer op maat is van de verschillende doelgroepen.

Vlaams Maatschappelijk Relancecomité – Aanbevelingen voor de Vlaamse Regering – 13 juli 2020 – Samenvatting

7


FINALE BEDENKINGEN Tot slot verklaren we graag het beeld dat we op de voorpagina van het rapport hanteren. ‘We zijn open’ staat niet alleen voor onze aanbeveling inzake het standaard open houden van diensten. Het wijst ook op een samenleving waar men meer uitreikt naar de anderen, die inclusief is, die samenwerking bevordert, die onnodige regels laat vallen, en die open staat voor het innovatieve en het creatieve. Het beeld illustreert ook de vraag naar ‘ontkokering’: het wegnemen van de silo’s tussen de sectoren. Onderwijs, zorg- en welzijn, huisvesting, sociale diensten, arbeid, de leefomgeving, mobiliteit, … het zijn allemaal factoren die onze kwaliteit van leven beïnvloeden, en heel vaak zijn ze met elkaar verweven. Kwaliteit van leven zit in elk beleidsdomein. Een betere samenwerking tussen alle sectoren (‘intersectorale samenwerking’) is daarom essentieel. Het beleid kan daarin het goede voorbeeld geven. De coronacrisis heeft niet alleen onze samenleving dooreengeschud, ze heeft ons ook wakker geschud. Deze aanbevelingen gaan daarom verder dan enkel de draad weer opnemen. Ze geven een aanzet tot het verbeteren van onze samenleving in het belang van alle mensen van elke leeftijd, gender en achtergrond. Sommige van de aanbevelingen vragen een verschuiving in budgetten of verhogen de efficiëntie, waardoor geen extra geld nodig is. Andere aanbevelingen vragen wel extra investeringen die zich weliswaar kunnen terugverdienen. Het is belangrijk om de opbrengsten van die investeringen in te schatten en in kaart te brengen. De aanbevelingen van het MRC zijn gericht op een betere kwaliteit van leven van de mensen. Vaak wordt gesteld – en terecht – dat meer welvaart kan zorgen voor meer welzijn. Maar het omgekeerde geldt ook: meer investeren in welzijn zorgt voor een samenleving met meer creatieve, betrokken en bevlogen mensen, voor minder geweld, uitsluiting of ongelijkheid, en op die manier … voor meer welvaart. De finale vraag is niet wanneer we van deze pandemie verlost zullen zijn maar wat we hieruit geleerd zullen hebben. Wat als we de daadkracht rond COVID-19 ook zouden kunnen etaleren bij andere samenlevingsproblemen? __________________________________________________________________________________ De 9 experten van het maatschappelijk Relancecomité zijn (in alfabetische volgorde): 

Lieven Annemans (voorzitter), expert gezondheids- en welzijnseconomie (UGent en VUB);

Pieter Ballon, expert interneteconomie en slimme steden (VUB/imec);

Sabine Bourgeois, expert integrale jeugdhulp (Oranjehuis);

Wouter Duyck, expert onderwijs en opleidingsvoorzitter psychologie (UGent);

Elke Hermans, expert mobiliteit en toerisme (UHasselt);

Ive Marx, expert sociaal-economisch beleid (Universiteit Antwerpen);

Alexandra Smarandescu, expert kind- en jongerenperspectief (Vlaamse Jeugdraad);

Liesbet Stevens, expert familiale en seksuologische wetenschappen en strafrecht (KULeuven);

Inge Vervotte, expert gezondheidszorg en welzijn (Emmaüs groep).

Vlaams Maatschappelijk Relancecomité – Aanbevelingen voor de Vlaamse Regering – 13 juli 2020 – Samenvatting

8


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook