Skip to main content

dossier 2020-038.pdf

Page 1

Uitspraak beroepsinstantie OVB/2020/038

Vlaamse overheid Beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie Afdeling openbaarheid van bestuur Havenlaan 88, bus 20 1000 BRUSSEL T : 02 553 57 25 Mail: openbaarheid@vlaanderen.be Dossiernummer: OVB/2020/038

DE BEROEPSINSTANTIE - Afdeling openbaarheid van bestuur Bevoegdheid beroepsinstantie Bestuursdecreet van 7 december 2018, titel II, hoofdstuk 3, afdeling 6. Besluit van de Vlaamse Regering van 19 juli 2007 tot oprichting van de beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie. Voorafgaande procedure Op 8 januari 2020 diende xxx een verzoek in bij de gemeente Puurs-Sint-Amands tot het bekomen van een aantal afschriften in het kader van openbaarheid van bestuur: het verhoor van xxx tijdens de hoorzitting en het PV van verhoor van zijn cliënt met verslag van xxx. Op 28 januari 2020 besliste de gemeente Puurs-Sint-Amands tot gedeeltelijk weigeren van de opgevraagde documenten. Op 3 februari 2020 diende xxx beroep in bij de beroepsinstantie tegen voormelde beslissing van de gemeente Puurs-Sint-Amands. Dit beroep werd geregistreerd op 4 februari 2020. Op 5 maart 2020 werd de termijn om uitspraak te doen in beroep conform artikel II.50, §1, tweede lid van het Bestuursdecreet verlengd. Ontvankelijkheid van het beroep De aangevochten beslissing van 28 januari 2020 van de gemeente Puurs-Sint-Amands maakt melding van de beroepsmogelijkheden en -modaliteiten, zoals voorgeschreven in artikel II.43, §1, derde lid van het Bestuursdecreet. Het beroepschrift van 3 februari 2020 is tijdig en ontvankelijk.

www.vlaanderen.be


Gegrondheid van het beroep Overeenkomstig artikel II.31, eerste lid Bestuursdecreet heeft het recht op passieve openbaarheid betrekking op bestuursdocumenten. Op grond van deze bepaling is elke instantie in principe verplicht aan eenieder die erom verzoekt inzage te geven in, uitleg te verschaffen over of een afschrift te bezorgen van de gewenste bestuursdocumenten. De openbaarmaking kan slechts geweigerd worden mits toepassing wordt gemaakt van één of meerdere uitzonderingen, zoals gestipuleerd in de artikelen II.33 tot en met II.39 van voormeld decreet.

1.

Het oorspronkelijk verzoek

In zijn oorspronkelijk verzoek van 8 januari 2020 vroeg xxx : • “het verhoor van xxx tijdens de hoorzitting van 9u20; • Het PV van verhoor met verslag van xxx, onder alle voorbehoud, waarop ik commentaar zal uiten.”

2. De bestreden beslissing In haar beslissing van 28 januari 2020 liet de gemeente aan verzoeker weten dat het PV van verhoor van xxx met verslag van xxx werd ingewilligd en reeds ter post werd aangeboden. Verder weigerde zij een afschrift te verlenen van het PV van verhoor van xxx aangezien dit document uitsluitend ten behoeve van de administratieve sanctie werd opgesteld en er momenteel verschillende gerechtelijke procedures hangende zijn.

3. Inhoud van het beroepschrift Volgens beroeper kan een PV van verhoor hoe dan ook nooit worden beschouwd als een bestuursdocument dat uitsluitend is opgesteld voor het opleggen van een administratieve sanctie. Het is een maatregel van bestuursrecht die de burgemeester van de gemeente neemt in het kader van de veiligheid en gezondheid van de onroerende goederen in zijn gemeente. Vervolgens voorziet de Vlaamse Wooncode wat er nadien kan gebeuren, na de betreffende onbewoonbaarof ongeschiktheidsverklaring - die op zich ook het voorwerp uitmaakt van een mogelijk administratief beroep. Dit heeft niet onmiddellijk tot gevolg dat er sprake is van enige bestuursrechtelijke boete. xxx neemt dan ook geen genoegen met voormelde beslissing van 28 januari 2020 en wenst met de hulp van de beroepsinstantie alsnog een afschrift van het PV van verhoor van xxx te ontvangen.

4. Toelichting door de gemeente De gemeente Puurs-Sint-Amands handhaaft haar standpunt en blijft de openbaarmaking van het PV van de hoorzitting van xxx weigeren op grond van artikel II. 34, 4° en artikel II. 35, 4° van het Bestuursdecreet.

//////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////// // https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur

uitspraak beroepsinstantie OVB/2020/038

pagina 2 van 4


5. Standpunt van de beroepsinstantie De gemeente steunt haar weigering onder andere op artikel II. 35, 4° van het Bestuursdecreet aangezien inmiddels verschillende rechtsgedingen aanhangig zijn: een strafrechtelijke procedure door Wooninspectie, een burgerlijke procedure tussen de eigenaar en de huurder en een burgerlijke procedure tussen de eigenaar en de gemeente over de procedure kwaliteitsbewaking. Op basis van artikel II.35, 4° van het Bestuursdecreet moet een aanvraag tot openbaarmaking immers worden afgewezen als het belang van de openbaarheid niet opweegt tegen de bescherming van de rechtspleging in een burgerlijk of administratief rechtsgeding en de mogelijkheid een eerlijk proces te verkrijgen. Deze uitzonderingsgrond beoogt het eerlijk verloop van de rechtspleging te vrijwaren. Een essentieel onderdeel van het recht op een eerlijk proces is het beginsel van de “gelijkheid der wapens in een proces”. Dit beginsel van de wapengelijkheid houdt in dat elke partij het recht heeft haar argumenten te doen gelden in omstandigheden die haar niet benadelen ten opzichte van de tegenpartij. De bestaansreden van voormelde uitzonderingsgrond ligt vooral bij het verhinderen dat de openbaarheid van bestuur waaraan één partij onderworpen is, afbreuk zou doen aan de wapengelijkheid. Zonder deze uitzonderingsgrond zou één partij op grond van de openbaarheid van bestuur kunnen worden verplicht stukken in het gerechtelijk debat te brengen die tegen haar (of een andere aan openbaarheid onderworpen bestuursinstantie) zouden kunnen pleiten, daar waar de andere partij enkel die elementen die haar eis ondersteunen, kenbaar mag maken om het oordeel van de rechter te beïnvloeden. Deze uitzonderingsgrond is een correctief op de openbaarheid om te beletten dat een instantie zou worden verplicht in een rechtsgeding de tegenpartij informatie ter beschikking te stellen die vervolgens tegen haar (of een andere aan openbaarheid onderworpen bestuursinstantie) wordt uitgespeeld. De bedoelde uitzonderingsgrond mag evenwel niet op een abstracte manier worden ingeroepen zodat concreet moet worden aangetoond dat het gevraagde bestuursdocument verband houdt met een bestaand rechtsgeding en tegen een bestuursinstantie kan worden aangewend. In casu heeft de beroepsinstantie kunnen vaststellen dat het voorwerp van het huidig verzoek, zijnde het proces-verbaal van de hoorzitting van de huurster duidelijk gelinkt kan worden aan het voorwerp van de verschillende rechtsgedingen die momenteel hangende zijn. Nu blijkt dat verzoeker en de gemeente eveneens verwikkeld zijn in een rechtszaak over de procedure kwaliteitsbewaking acht de beroepsinstantie het redelijkerwijze niet ondenkbaar dat het opgevraagde bestuursdocument wordt aangewend in de lopende gerechtelijke procedure. De toetsing van de concrete situatie aan de finaliteit van de betrokken uitzonderingsgrond leidt tot de conclusie dat het belang van de openbaarheid in dit specifieke geval niet opweegt tegen het belang van de ingeroepen uitzonderingsgrond. De beroepsinstantie is van oordeel dat de belangenafweging waartoe artikel II.35, 4° van het Bestuursdecreet als relatieve uitzonderingsgrond verplicht, in casu niet tot een

//////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////// // https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur

uitspraak beroepsinstantie OVB/2020/038

pagina 3 van 4


oordeel in het voordeel van de beroeper leidt. De openbaarmaking ten koste van het beschermde belang mag maar worden bevolen als daarmee het algemeen belang gediend wordt, wat in casu niet het geval is. Vanuit deze overweging dient de beroepsinstantie te besluiten dat het beroep als ongegrond dient te worden beschouwd.

Na beraadslaging,

BESLUIT: Het beroepschrift van xxx d.d. 3 februari 2020 wordt ontvankelijk en ongegrond beschouwd. Brussel, 19 maart 2020 Voor de beroepsinstantie, afdeling openbaarheid van bestuur, voor de voorzitter, afwezig,

An Van Acker Lid van de beroepsinstantie

//////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////// // https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur

uitspraak beroepsinstantie OVB/2020/038

pagina 4 van 4


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
dossier 2020-038.pdf by Vlaanderen-be - Issuu