Ondernemingsplan 2021 Departement Mobiliteit en Openbare Werken
Ondernemingsplan 2021
Departement Mobiliteit en Openbare Werken
Inhoud Vooraf ....................................................................................................................................................................................................... 5 Inleiding ..................................................................................................................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. Deel 1: Projecten geven invulling aan onze ambities .............................................................................................................. 8 Portfolio ‘Business’ realiseert de beleidsnota ............................................................................................................................ 8 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8.
SD 1: Investeren in de capaciteit en de betrouwbaarheid van onze vervoersnetwerken ........................................ 8 SD 2: Inzetten op combimobiliteit en basisbereikbaarheid voor personenvervoer ...................................................... 9 SD 3: Naar een goed verknoopt logistiek netwerk en optimaal ontsloten internationale knooppunten.......... 9 SD 4: Naar een slachtoffervrij vervoerssysteem .............................................................................................................................10 SD 5: Motiveren en prikkelen tot gedragsverandering en een nieuwe mobiliteits- en logistieke cultuur .......10 SD 6: Naar een slimmere en innovatievere infrastructuur ....................................................................................................... 11 SD 7: Aandacht voor een evenwichtige en duurzame multifunctionaliteit van ons transportnetwerk.......... 11 SD 8: Expertise delen en nieuwe samenwerkingen aangaan ................................................................................................... 11
Portfolio ‘Interne Werking’ stroomlijnt onze Interne Organisatie ................................................................................... 13 9. 10. 11. 12. 13. 14. 15. 16. 17. 18. 19.
Ambitie 1: Efficiënte, kwaliteitsvolle en digitale dienstverlening .......................................................................................... 13 Ambitie 2: Coherente en consistente communicatie ...................................................................................................................14 Ambitie 3: Gericht partnerschap ...................................................................................... Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. Ambitie 5: Toekomstgerichte werkgever ..........................................................................................................................................15 Ambitie 6: Kennisdeling en informatiebeheer ................................................................................................................................. 16 Ambitie 7: Kennisschakelaar op gebied van data .......................................................................................................................... 17 Ambitie 8: Resultaatgerichte begroting ............................................................................................................................................. 17 Ambitie 9: Focus op resultaten en kerntaken .................................................................................................................................18 Ambitie 10: Vastleggen duidelijke rollen en verantwoordelijkheden .................................................................................18 Ambitie 11: Departementale 5-jaren planning interne werking .............................................................................................18 Ambitie 12: Integraal PPPM ........................................................................................................................................................................ 19
Portfolio ‘Xperta’ bouwt een expertenorganisatie uit ........................................................................................................ 21 20. 21. 22. 23. 24. 25. 26. 27. 28. 29.
Ambitie 1: Xperta wil een proactief, afgestemd en kwaliteitsvol dienstenaanbod verzekeren............................. 21 Ambitie 2: Xperta wil een uniek aanspreekpunt voor klanten zijn ..................................................................................... 21 Ambitie 3: Xperta profileert zich als multidisciplinair expertisecentrum ........................................................................ 22 Ambitie 4: Xperta wil een rol opnemen als regisseur en proactieve spelverdeler ...................................................... 23 Ambitie 5: Xperta zet in op kwaliteitsbewaking en normdefinitie ..................................................................................... 24 Ambitie 6: Xperta beheert en faciliteert informatie- en kennisdatabanken .................................................................. 24 Ambitie 7: Xperta schaart zich achter een business model van aanvullende financiering ..................................... 25 Ambitie 8: Xperta wil structurele partnerschappen aangaan ............................................................................................... 25 Ambitie 9: Xperta streeft naar een state-of-the-art instrumentarium ............................................................................ 26 Ambitie 10: Xperta zet proactief in op toegepast onderzoek, ontwikkeling en innovatie ...................................... 27
Deel 1: Op weg naar optimale en betrouwbare processen ................................................................................................. 30 Proceskaart .......................................................................................................................................................................................... 30 Procesmatig werken 2021 ................................................................................................................................................................. 31
3
Lijst Projecten Portfolio Business .................................................................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. Lijst Projecten Interne Werking ....................................................................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. Lijst Projecten Xperta ......................................................................................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. Financiële planning 2021 ...................................................................................................Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. GIP ............................................................................................................................................................................................................ 36 Personeelsbesparingen ..................................................................................................................................................................... 38 Personeelsplan ..................................................................................................................................................................................... 40 Welzijnsbeleid ...................................................................................................................................................................................... 44 Diversiteit .............................................................................................................................................................................................. 45
4
Vooraf Het Beleidsdomein Mobiliteit en Openbare Werken: Samenwerken vanuit eigen sterkte De ondernemingsplannen van de verschillende entiteiten van het Beleidsdomein geven aan wat de geplande realisaties zijn van hun organisaties. Daarmee dragen ze elkeen bij aan het beleid van de Minister. Maar veel initiatieven overstijgen de administratieve grenzen. Om dit te benadrukken, wordt dit ‘Vooraf’ aan elk ondernemingsplan toegevoegd. Daarmee wordt de wil en de nood aan samenwerking binnen het Beleidsdomein in de verf gezet. Vlaanderen kent heel wat uitdagingen op het gebied van mobiliteit en openbare werken. We streven naar een toekomst met slimme infrastructuur, duurzaam mobiliteitsgedrag en vlot en veilig verkeer. Een toekomst ook waarin Vlaanderen beschermd is tegen overstromingen. Het Beleidsdomein Mobiliteit en Openbare Werken (MOW) verbindt er zich toe om totaaloplossingen te zoeken voor deze uitdagingen. Daar werken we samen aan, met alle zeven entiteiten binnen het beleidsdomein MOW: - het departement Mobiliteiten Openbare Werken - het agentschap Wegen en Verkeer - het agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust - de Vlaamse Waterweg nv - VVM De Lijn - De Werkvennootschap - LANTIS
Concreet zal in netwerkvorm gefocust worden op beleidsvoorbereiding: beleidsplannen en beleidsmaatregelen zullen samen worden ontwikkeld, uitgevoerd en opgevolgd, vanuit een gemeenschappelijke verantwoordelijkheid voor het hele beleidsdomein. Het Managementcomité van het Beleidsdomein MOW (MCB) – samengesteld uit de leidende ambtenaren van de zeven entiteiten – fungeert als de strategische eindverantwoordelijke voor dit initiatief. Het MCB heeft het engagement genomen om samen te (net)werken en zo met één stem naar buiten te komen.
5
HOE Medewerkers uit de verschillende entiteiten werken samen om een integraal beleid te ontwikkelen dat nauw verweven is met de uitvoering. Die samenwerking kan op twee manieren vorm krijgen, namelijk door middel van kenniscellen en MCB-projecten. Kenniscellen zijn permanente samenwerkingsverbanden in netwerkvorm, die visievorming op (middel)lange termijn nastreven. Zij werken entiteitsoverschrijdend rond specifieke thema's, daarbij ondersteund door het Managementcomité van het Beleidsdomein MOW (MCB). In elke kenniscel worden medewerkers van het departement samengebracht met medewerkers uit uitvoerende entiteiten. Ze werken autonoom met een gemeenschappelijke doelstelling. Bedoeling hierbij is dat medewerkers hun eigen expertise inbrengen om mee het beleidsdomeinbreed beleid vorm te geven. MCB-projecten zijn tijdelijke, resultaatsgerichte samenwerkingsverbanden waarbij meerdere entiteiten van het beleidsdomein MOW samen een duidelijke opdracht of doelstelling realiseren en zo samen een concreet eindproduct neerzetten. Een MCB-project wordt gekenmerkt door twee criteria: het strategische belang van het project en het feit dat meerdere entiteiten betrokken zijn cq. impact hebben op of ondervinden van het resultaat. Over de portfolio van MCB-projecten wordt maandelijks gerapporteerd aan het MCB. Naast deze projecten werden in het kader van de operationalisering van het Regeerakkoord in 2020 nog een hele reeks samenwerkingsinitiatieven opgestart (onder meer rond drones, grondbalans, uniforme adviesverlening, complexe projecten en minder hinder-beleid).
GEINTEGREERD INVESTERINGSPROGRAMMA (GIP) Het Geïntegreerd Investeringsprogramma (GIP) wordt ingezet met als doel de investeringen en structureel onderhoud van het beleidsdomein gerichter en efficiënter te plannen. het GIP geeft een overzichtelijk beeld van alle investeringen in het beleidsdomein. We zorgen hiermee voor een betere afstemming van geplande investeringen op de beleidsprioriteiten en voor een
6
vroegtijdige afstemming van de investeringen van de verschillende entiteiten. Het GIP geeft tevens een beter zicht op de middelen die nodig zijn om de beleidsprioriteiten te kunnen realiseren. Het multidisciplinair en beleidsdomeinbrede GIP-projectteam wordt aangestuurd door het departement MOW (als één van de MCB-projecten). Samen komen we tot de opmaak van een geïntegreerd meerjarenprogramma en wordt de opvolging van de verschillende investeringen gemeenschappelijk verzekerd. Ook worden de vervoerregio’s en lokale besturen actiever betrokken bij de opmaak van het GIP. Dit laat de lokale overheden toe het eigen investeringsbeleid af te stemmen in functie van gezamenlijke beleidsprioriteiten. In 2021 zal er vooral ingezet worden op een verdere professionalisering van een plannings- en realisatietool waarin naast het aanbestedingsproces en vastlegging ook het uitvoeringsproces in kaart zal gebracht worden. De entiteiten houden het volgende vastleggings- en aanbestedingsritme aan: • • •
30 juni: 30% vastleggingsgraad - 50% aanbestedingsgraad 30 september: 60% vastleggingsgraad - 75% aanbestedingsgraad 31 december: 100% vastleggingsgraad – 100% aanbestedingsgraad”.
RELANCE 2021-2022 Het Relanceplan moet de Vlaamse welvaart en het welzijn van de Vlamingen helpen versterken na corona. De Vlaamse Regering maakt 4,3 miljard euro vrij voor haar relanceplan. Hiervan wordt 885 miljoen euro door de Vlaamse Regering aan het beleidsdomein MOW toevertrouwd. Naast de regulier voorziene opdrachten voor het beleidsdomein ontfermen de verschillende entiteiten van het beleidsdomein zich samen over een gerichte besteding van deze relancemiddelen. Deze middelen bieden de mogelijkheid om de door corona getroffen bouwsector wind in de zeilen te geven. Dit is meteen een win-win om bepaalde beleidsambities zoals ook opgenomen in de Vlaamse Mobiliteitsvisie 2040 versneld te realiseren. Het betreft drie voornaamste pijlers: fietsinfrastructuur, verkeersveiligheid en duurzaamheid. Het merendeel van de middelen wordt besteed via een bijkomende toevoeging van initiatieven aan het GIP.
7
Deel 1: Projecten geven invulling aan onze ambities Portfolio ‘Business’ realiseert de beleidsnota
1.
SD 1: INVESTEREN IN DE CAPACITEIT EN DE BETROUWBAARHEID VAN ONZE VERVOERSNETWERKEN Investeren in netwerken en knooppunten om zo geïntegreerde en gekoppelde netwerken te komen is één van de vier prioritaire beleidsthema’s uit de Vlaamse Mobiliteitsvisie 2040. Prioriteiten in deze legislatuur zijn grote investeringsprojecten, verbetering van de verkeersveiligheid, professioneel asset management en de kwaliteit van de fietsinfrastructuur. We streven bovendien naar een snelle realisatie van deze investeringsprojecten. We nemen daarom de administratieve procedures voor aanbesteding en vergunning onder de loep en zorgen voor een vlottere afwikkeling. Het geïntegreerd investeringsprogramma (GIP) wordt verder geprofessionaliseerd; het geldt als enige formele referentie voor investeringen in het beleidsdomein Mobiliteit en Openbare Werken (MOW). Voor de grootste infrastructuurwerken (op de korte en middellange termijn) wordt in 2021 de meest aangewezen financierings- en aanbestedingswijze onderzocht. Zo bekijken we de haalbaarheid van PPS-projecten en evalueren we de verschillende uitvoeringsvormen voor een concreet publiek investeringsproject. We kijken in 2021 ook naar de procedure complexe projecten, het identificeren van de knelpunten en naar de procedure rond grondverwerving om de realisatie van investeringsprojecten sneller te gaan realiseren. Het GIP is een belangrijk instrument om binnen het beleidsdomein de investeringen op elkaar af te stemmen en de link tussen het beleid en de uitvoering te verzekeren. Het departement heeft in het GIP een regierol. In 2021 focussen we onder andere op de plannings- en realisatietool die het GIP mee vorm geeft en op de link met de begroting.
8
2.
SD 2: INZETTEN OP COMBIMOBILITEIT EN BASISBEREIKBAARHEID VOOR PERSONENVERVOER Veilig en vlot verkeer is een topprioriteit. De aanpak van de congestie op het wegennet, meer duurzaamheid en een betere levenskwaliteit. We doen dit via een ‘modal shift’ van de auto naar andere, meer duurzame vervoersmiddelen: stappen, trappen ((e-)step, (e-)fiets of speed pedelec), deelsystemen en openbaar en collectief personenvervoer. We werken aan de uitbouw van een multimodaal vervoerssysteem dat zoveel mogelijk uitgaat van het STOP-principe. Basisbereikbaarheid staat hier centraal als onze visie op een vraaggestuurde mobiliteit en een meer efficiënt vervoerssysteem. In 2021 wordt de regelgeving inzake de oprichting van de vervoersautoriteit uitgewerkt en zal de opdracht van de mobiliteitscentrale toegewezen worden aan de meest gunstige kandidaat. Verder worden projecten opgestart – verdergezet – over: • Fietsdeelsystemen • Evaluatie en vervolgtraject pendelfonds • Geoloket fiets • …
3.
SD 3: NAAR EEN GOED VERKNOOPT LOGISTIEK NETWERK EN OPTIMAAL ONTSLOTEN INTERNATIONALE KNOOPPUNTEN Voor een efficiënte organisatie van de logistiek zijn goed verknoopte modale netwerken nodig. Hierdoor nemen de keuzemogelijkheden voor de ondernemingen/verladers toe om goederen te vervoeren, de reistijd te verkorten en beter gebruik te maken van de beschikbare vervoerscapaciteit. Een project dat hierbinnen kadert, en ook in 2021 verder gezet wordt is het proefproject rond LZV’s. Dit tweede proefproject loopt tot en met 2024. In 2020 wordt een tussentijds rapport gemaakt en in 2024 een eindrapport. Hiervoor houden we jaarlijks in september een bevraging. Het doel is om een antwoord te krijgen over de veiligheid, de reversed modal shift en de (positieve) impact op lucht en klimaat. Ook het opmaken van de visie rond pijpleidingen werkt mee aan deze doelstelling. Er wordt in 2021 verder gewerkt aan de uitwerking van een visie om deze modus sterker aan te haken aan het mobiliteitsbeleid. Pijpleidingen worden vanuit een grensoverschrijdend perspectief bekeken. Onze zee- en luchthavens zijn de internationale toegangspoorten tot Vlaanderen. Het zijn motoren van onze economie. Daarom willen we de competitiviteit en het marktaandeel van onze havens behouden en versterken. Wat betreft de luchthavens gaan we in 2021 (onder andere) - in samenspraak met de stakeholders - een visienota opmaken voor de Vlaamse regionale luchthavens, vervolgens
9
worden de masterplannen opgemaakt voor deze luchthavens. Ook werken we verder aan de realisatie van de fusie tussen de LOM Antwerpen en de LOM Oostende-Brugge. Het Vlaams havenbeleid krijgt vorm via een Vlaamse Havennota, die de krijtlijnen uitzet van een nieuw havenbeleid dat vormgeeft aan nieuwe uitdagingen. En binnen de nieuwe havenstrategie werken we nauw en gestructureerd samen met de havenbesturen aan de aanpak van diverse nieuwe uitdagingen. Het Complex Project ECA bevindt zich in de uitwerkingsfase tot eind 2022. Ook het complex project nieuwe sluis Zeebrugge doorloopt momenteel de uitwerkingsfase die moet uitmonden in een definitief projectbesluit eind 2023.
4. SD 4: NAAR EEN SLACHTOFFERVRIJ VERVOERSSYSTEEM Het verhogen van de verkeersveiligheid is een absolute topprioriteit. Het fietsbeleid vormt hierbij een speerpunt. We investeren zowel in infrastructuur als in maatregelen die het gedrag positief beïnvloeden. We voeren campagnes en werken aan een levenslange leerlijn inzake verkeers- en mobiliteitseducatie om de verkeersmentaliteit en het gedrag van de weggebruikers positief te beïnvloeden. In het kader van de modal en mental shift is het belangrijk om zoveel mogelijk mensen te stimuleren om te stappen en te trappen. Dit moet voor iedereen in absolute veiligheid kunnen gebeuren. De subsidie voor schoolroutes die in 2021 uitgewerkt zal worden gaat deze doelstelling mee realiseren. In dit kader blijft ook het identificeren en aanpakken van gevaarlijke punten langs gewestwegen een continu aandachtspunt. Bijkomend zoeken we verder naar een goede manier om tot de detectie van grijze punten te komen. We werken, conform het decreet Basisbereikbaarheid, binnen een Taskforce Verkeersveiligheidsplan onder leiding van de minister aan de actualisering van het Vlaams verkeersveiligheidsplan met nieuwe accenten en aandachtspunten. We zullen dit plan in 2021 voorstellen.
5. SD 5: MOTIVEREN EN PRIKKELEN TOT GEDRAGSVERANDERING EN EEN NIEUWE MOBILITEITSEN LOGISTIEKE CULTUUR We maken Vlaanderen klaar voor de mobiliteit van de toekomst; onze infrastructuur en voer- en vaartuigen moeten daarom slimmer en innovatiever worden. Digitalisering, automatisering en innovatie zijn de krachtlijnen. We schakelen een versnelling hoger wat betreft autonoom rijden of geconnecteerde mobiliteit. Onder andere het Mobilidata-programma geeft hier invulling aan. Met het Mobilidataprogramma zetten we in op de uitrol van intelligente verkeersregelinstallaties, C-ITS diensten, O&O naar next generation smart mobility applicaties, en beleidsondersteunende applicaties. Het departement MOW focust op de opvolging van het Mobilidata-programma, waakt er over
10
dat alles in lijn ligt met de beleidsdoelstellingen, neemt deel aan de programmameetings en stuurgroepmeetings, zorgt voor de realisatie van een 'mobiliteits- en milieu-indicator' met o.a. opmaak ontsluitingsplatform ANPR-data. Er wordt een ontsluitingsplatform ontwikkeld om de ANPR-data van de federale politie beschikbaar te maken. Vervolgens worden deze data, samen met dubbele lussen verwerkt en wordt bekeken welke methodologie best gebruikt wordt om de data te verwerken tot voertuigkm voor Vlaanderen op jaarbasis.
6.
SD 6: NAAR EEN SLIMMERE EN INNOVATIEVERE INFRASTRUCTUUR Investeringen in ‘slimme’ infrastructuur bereiden ons voor op de mobiliteit van de toekomst. We zetten in op de toepassing van nieuwe technologie in bestaande en nieuwe netwerken. We blijven nieuwe ontwikkelingen en technologieën op de voet opvolgen. Het strategisch multimodaal ITS-actieplan wordt in het kader hiervan in 2021 verder uitgewerkt. Met het ITS-actieplan maken we het vervoer van morgen intelligent, duurzaam, efficiënt en veilig door het gebruik van de meest geschikte data en innovatieve technologieën. Daarnaast is ITS een horizontaal thema dat zowel voor personenvervoer als goederenvervoer kan bijdragen tot de mobiliteits- en transportdoelstellingen. We slaan hiervoor de handen in elkaar met constructeurs, data-operatoren en -leveranciers, onderzoeksinstellingen, vervoersoperatoren en andere overheden. Ook werken we verder aan een nieuwe en robuuste wegencategorisering. In 2021 willen we hiervoor een advies op ontwerp hoofdwegennet en voorstel selectie dragende netwerk door vervoerregioraden realiseren
7.
SD 7: AANDACHT VOOR EEN EVENWICHTIGE EN DUURZAME MULTIFUNCTIONALITEIT VAN ONS TRANSPORTNETWERK Verder is een evenwichtige en duurzame multifunctionaliteit van ons transportnetwerk een prioriteit. We versterken de waterbeleving in Vlaanderen, onder meer door de uitvoering van de stroomgebiedbeheersplannen. In 2021 wordt, in het kader van het geactualiseerde Sigmaplan, verder gewerkt aan verschillende projecten, die Vlaanderen beter beschermen tegen overstromingen en de vallei-natuur activeren. Het ‘Actieplan Droogte en Wateroverlast – 20192021’ en de ‘Blue Deal’ worden verder uitgevoerd. Voor de vergroening van de binnenvaart en de vermindering van de milieudruk, nemen we deel aan het Europese CLINSH-project (Clean Inland Shipping). Dit project loopt tot november 2021 en werkt aan een betere emissie-inventarisatie en de doorrekening van vergroeningsscenario’s.
8. SD 8: EXPERTISE DELEN EN NIEUWE SAMENWERKINGEN AANGAAN De bevoegdheid voor mobiliteit en logistiek in ons land is verdeeld. Samenwerking is dus cruciaal: binnen de Vlaamse Regering, met de federale overheid, met de andere gewesten en met steden en gemeenten. Binnen het MOW hechten we eveneens veel waarde aan een nauwe samenwerking met andere entiteiten. We voeren een actief buitenlandbeleid gericht op onze
11
strategische grensoverschrijdende mobiliteitsdossiers en delen onze expertise. Om onze plannen te realiseren is een breed draagvlak bij burgers en in de sector fundamenteel. Daarom onderbouwen we ons beleid met dataverzameling en onderzoek. We zetten hiervoor sterke samenwerkingsverbanden op met de onderzoekswereld en verschillende andere stakeholders. Onze beleidsdoelstellingen worden nauwgezet opgevolgd via een goede monitoring en evaluatie, om beter onderbouwde (op data gebaseerde) beleidsmaatregelen te nemen. We willen binnen onze omgeving de vinger aan de pols houden, we doen dit onder andere door te investeren in data. Het onderzoek verplaatsingsgedrag (OVG) is hier een voorbeeld van. OVG – versie 6 - wordt verder gezet in 2021. O.a. het veldwerk dat hierbij komt kijken willen we verder zetten, al moeten we daar rekening houden met de covid-19 impact. De opmaak van het bestek van OVG – versie 7 – zal ook in 2021 opgestart worden.
12
Portfolio ‘Interne Werking’ stroomlijnt onze Interne Organisatie
9.
AMBITIE 1: EFFICIËNTE, KWALITEITSVOLLE EN DIGITALE DIENSTVERLENING We verzekeren dat onze dienstverlening efficiënt en kwaliteitsvol is, oog heeft voor de noden van onze klanten en geconcretiseerd wordt in duidelijke afspraken. Om onze dienstverlening op die manier te kunnen uitbouwen, zetten we in op de principes van Radicaal Digitaal. De prioriteit wordt gegeven aan de diensten met een hoge impact op een groot deel van de burgers en/of klanten. In 2021 zetten we daartoe verder in op de Digitalisering van het Thema Rijopleiding en vakbekwaamheid, dat reeds in 2020 werd opgestart. Dit project heeft als doel om de bestaande processen te optimaliseren, de procesflow te automatiseren, formulieren te digitaliseren en de bestaande Cronos-toepassing te vervangen door in te zetten op authentieke bronnen, webservices, toepassingen (CRM, Skryv, … ), bouwstenen (eFormulieren, digitale handtekenmap, eBox … ) en het Burgerprofiel. We dragen in 2021 eveneens bij aan een efficiënte, kwaliteitsvolle en digitale dienstverlening door het digitaliseren van het inspectieproces van de cel Technische Keuring en het realiseren van verplichte gegevensuitwisseling met lidstaten via MoveHUB. Dit binnen de architecturale standaard die reeds werd opgezet voor de beleidsuitvoerende processen. De huidige werking impliceert namelijk zeer veel manueel en dus foutgevoelig werk. Bovendien is de informatie over het proces versnipperd binnen de organisatie en is er geen gestructureerde dataopslag waardoor verlies van informatie mogelijk is en informatie niet efficiënt kan worden teruggevonden. Het inzetten op de digitalisering en de gegevensuitwisseling zal hieraan een oplossing bieden. Daarnaast starten we in 2021 ook met de uitvoering van de optimalisering van de beleidsuitvoerende processen. Van oktober 2019 tot maart 2020 liep het project ‘Optimalisatie Beleidsuitvoerende Processen’. Bedoeling van dit project was gemeenschappelijk processtappen uit de verschillende beleidsuitvoerende processen te identificeren en een uniformering van deze
13
gemeenschappelijke processtappen te bepalen. Er werd rond 4 blokken gewerkt: (aan)vraag en dossierbehandeling, administratieve ondersteuning, financiële afhandeling en het goedkeuringsproces. Voor deze blokken werd telkens een toekomstige aanpak uitgetekend. Het eindrapport hiervan wordt nu geoperationaliseerd door het opzetten van een programma. In 2021 willen we hiertoe een aanpak voor de governance van het programma uitwerken en laten valideren, een roadmap opstellen waarin de verschillende deelprojecten en onderlinge afhankelijkheden in kaart worden gebracht en prioriteiten worden gesteld, en willen we een Enterprise architectuur ICT voor de optimalisering van de beleidsuitvoerende processen opzetten.
10. AMBITIE 2: COHERENTE EN CONSISTENTE COMMUNICATIE We verzekeren dat onze communicatie via de verschillende kanalen (webplatform, contactpunt, woordvoerder, persbericht, sociale media,…) steeds coherent, consistent, volledig en actueel is, op basis van eenduidige afspraken. Deze afspraken maken een duidelijk onderscheid tussen de verschillende niveau's (centraal, projectgerelateerd, individueel) en de rollen en verantwoordelijkheden. Alle voor de burger en/of onze klanten relevante informatie over onze dienstverlening en/of projecten is aanwezig op het Webplatform. Binnen elk project wordt de online communicatie van de relevante informatie een vast onderdeel. In 2021 focussen we op een aantal projecten die bijdragen aan deze ambitie. Vooreerst willen we in het project Communicatiestrategie, dat doorloopt vanuit 2020, een binnen het departement gedragen identiteit uitwerken, die we vertalen naar een concreet communicatiebeleid rond interne communicatie, pers en digitale communicatie. Een andere bijdrage zal worden geleverd door het technisch uitbouwen van een vernieuwd platform (Intranet) voor interne communicatie, informatie en kennis, dit inclusief een gefaseerde migratie van de informatie van het bestaande platform en het uitbouwen van een governancestructuur. Onze bedrijfscultuur evolueert, waardoor samenwerken nog belangrijker wordt, ook op afstand. Zeker in deze Coronatijden. Bovendien vergroten ook veranderingen in de werkomgeving (PTOW, resultaatgericht werken) en de snel evoluerende Microsoft 365omgeving van de Vlaamse Overheid en het departement MOW de behoeften aan kwalitatieve en gebruiksvriendelijke werkinformatie en communicatie in het digitale domein. Het huidige intranet (dat in 2018 werd uitgerold) kan maar gedeeltelijk aan die behoeften beantwoorden. In 2020 centraliseerden we al delen van de online informatie van het departement op het Webplatform Vlaanderen. In 2021 breiden we dit Webplatform verder uit door bijkomende informatieblokken toe te voegen. Op de planning voor 2021 staan de entiteitensites,
14
beleidsuitvoering en mobiliteitsbeleid. Ook de ondersteuning van lokale besturen en mobiliteitsprojecten worden mogelijk toegevoegd aan het Webplatform. Vorig jaar startten we reeds met het optimaliseren van het Contactpunt MOW. Dit project blijven we doortrekken tot in 2021, met als doel het opzetten van een duidelijk en performant aanspreekpunt voor burgers en medewerkers voor vragen, meldingen en klachten over het departement MOW. Ook de bijhorende rapportering aan management en belanghebbende afdelingen over thema’s in vragen en klachten nemen we mee. Zo willen we de dialoog tussen burger en het departement blijven bevorderen om op een structurele en onderbouwde manier te werken aan een betere dienstverlening en tot betere beleidsvorming te komen. De rapportering zal ons in staat stellen om onze werking te optimaliseren en in te spelen op leemtes in onze communicatie.
11. AMBITIE 5: TOEKOMSTGERICHTE WERKGEVER We willen een toekomstgerichte en aantrekkelijke werkgever zijn, steunende op een duurzame organisatiecultuur met een groeiend persoonlijk en gemeenschappelijk bewustzijn. We stimuleren al onze personeelsleden om zich permanent verder te ontwikkelen tot gedreven medewerkers, vertrekkende vanuit hun persoonlijke ambities en kwaliteiten en de behoeften van de organisatie. Onze leidinggevenden dagen we uit om steeds invulling te geven aan de 4 rollen van leiderschap (Leider, Manager, Coach, Ondernemer). We voeren een actief Welzijnsbeleid. Een toekomstgerichte en aantrekkelijke werkgever zorgt voor een goed onthaal van nieuwe medewerkers. Niet enkel op de eerste werkdag, maar ook in de weken of maanden voorafgaand aan de indiensttreding en de eerste werkdagen na de opstart. In het project Onthaalbeleid zorgen we daarom niet enkel voor een proces ‘vooronthaal’ (preboarding) dat o.a. bestaat uit de administratieve en logistieke voorbereiding en het aanduiden van een peter/meter, maar ook voor een proces ‘onthaal’ dat gericht is op de concrete opvang van een nieuwkomer op de eerste werkdag(en). Om nieuwe medewerkers te integreren ontwikkelen we ook een geharmoniseerd en geprofessionaliseerd integratieproces, waarin afdelingsspecifieke accenten mogelijk zijn. We werken ook de nodige ondersteunende tools uit. Een toekomstgerichte werkgever is eveneens bekommerd om het welzijn van haar medewerkers. Daartoe werken we in 2021 middels het project Aanwezigheidsbeleid – preventie een preventief welzijnsbeleid uit voor het departement, ontwikkelen bijhorende tools die generiek toepasbaar zijn voor het gehele departement en reiken deze aan onze afdelingen en medewerkers aan. Dit ter verbetering van het welzijn en werkvermogen van onze personeelsleden.
15
In 2020 werkten we reeds aan het verder ontwikkelen van PTOW op basis van de omzendbrief “Plaats- en tijdsonafhankelijk werken”. Dit project zal ook in 2021 doorlopen, met de coronacrisis als versneller van een volledige herevaluatie van het huidige PTOW-kader. Het maximale telewerken tijdens de lockdownperiode heeft ons nl. doen nadenken over activity based werken. In combinatie met de geplande verhuis naar Kantoor 2023 komt de evolutie naar het Nieuwe Werken daarmee in een stroomversnelling. In een eerste fase van het project wordt een post-corona kader uitgewerkt voor plaats- en tijdsonafhankelijk werken. In een tweede fase nemen we het kader als input mee voor het opmaken en uitvoeren van een implementatieplan. In een derde fase voeren we een traject uit rond Het Nieuwe Werken. We focussen hierbij op de 3 B’s van Het Nieuwe Werken: Bricks, Bytes en Behaviour. Verder finaliseren we in 2021 in het project FUCLA de ontwerp functiebeschrijvingen van de functies van het departement.
12. AMBITIE 6: KENNISDELING EN INFORMATIEBEHEER We zorgen dat de medewerkers beschikken over de noodzakelijke informatie voor hun takenpakket. Hiervoor maken we de expertise van elke medewerker bekend en formuleren we duidelijke afspraken over het bewaren, beheren en ter beschikking stellen van de aanwezige informatie. We willen een lerende organisatie zijn en stimuleren daarom netwerking en netwerkmomenten. We voeren een actief onthaalbeleid voor nieuwe collega’s. In 2023 verhuizen de afdelingen vanuit het Ferrarisgebouw naar een nieuw kantoorgebouw binnen het project ‘Kantoor 2023’. In dat nieuwe gebouw gelden nieuwe principes i.v.m. kantoorinrichting waardoor de werking van de afdelingen geïmpacteerd wordt. Zo geldt er o.a. een nulnorm voor papieren archief. De archieven van het Ferrarisgebouw kunnen dus niet meeverhuizen. In 2021 bereiden we deze verhuis al voor door in te zetten op een verdere digitalisering. In het project Archiefbeheer Ferraris verwerken we het papieren archief conform de regelgeving rond Archiefbeheer en bepalen we of papieren archieven hetzij worden vernietigd, overgedragen naar Het Depot in Vilvoorde of gedigitaliseerd worden. Een van de knelpunten bij de verdere digitalisering zijn processen waar tot op heden een deel van de cruciale informatie voor de uitvoering van het proces op papier wordt beheerd. En één van de meest kritische processen van het departement omvat het beheer van kunstwerken (in geval van calamiteiten) waarbij een bouwdossier van het kunstwerk snel beschikbaar moet zijn. Dit kan nu door de analoge bouwdossiers dicht bij de werkplek te bewaren. In de toekomst moet dit in digitale vorm. In 2020 werd onderzocht werd hiervoor een scenario uitgewerkt (cruciale te digitaliseren documenten bepaald, aanpak uitvoering bepaald) Het project Digitaal Bouwdossier Fase Uitvoering brengt dit scenario in uitvoering en heeft dus tot doel om alle bouwdossiers van EBS
16
(gedeeltelijk) in te scannen en de papieren dossiers voor bewaring onder te brengen in het Depot van Vilvoorde. Dergelijke digitaliseringsprojecten kunnen kostelijk en omvangrijk zijn. Daarom wordt in 2021 ook voor andere archiefonderdelen eerst een bewaar- en/of digitaliseringscenario bepaald worden. Via het project Digitalisering archieven – keuze scenario’s wordt dit concreet gedaan voor de collectie luchtfoto’s, de collectie “prijsadviezen”, de collectie van de afdeling Organisatie. Ten slotte migreren we in het project Migratie DMV naar DAV een aantal documentcollecties van DMS naar DAV. Een belangrijke rol in informatiebeheer is ook weggelegd voor de AVG. Ook het departement MOW zet hier in 2021 verder op in. Zo werd binnen de Vlaamse Overheid een Informatieclassificatie model ontworpen met als doelstelling een gestandaardiseerd beleid te voeren op het gebied van informatieclassificatie en informatiebeveiliging bij de Vlaamse instanties. De informatieclassificatie werkt met 5 klassen waaraan telkens minimale maatregelen zijn gekoppeld. Om te weten welke extra maatregelen we met het departement nog dienen te nemen, en dus om zo compliant te zijn met de minimale maatregelen, is een analyse nodig van de toepassingen om zo een zicht te krijgen op de investeringen die we in de toekomst nog dienen te doen. Deze analyse maakt deel uit van het project Gap analyse minimale maatregelen, dat reeds in 2020 werd opgestart. In dit project willen we finaal komen tot goedgekeurde bijkomende maatregelen. Om alle acties in het kader van de GDPR te centraliseren en alle verplichte registraties in het kader van de GDPR in 1 systeem te registeren, waardoor ook koppelingen (waar nodig) mogelijk zijn, onderzoeken we welke tools hiertoe kunnen bijdragen, selecteerden we in 2020 een tool en loopt dit project in 2021 door met de uitrol in de organisatie. Dat zal ons in staat stellen om op eenvoudige wijze de naleving van de AVG te kunnen aantonen aan de toezichthoudende autoriteiten.
13. AMBITIE 7: KENNISSCHAKELAAR OP GEBIED VAN DATA We bieden onze data als open data aan ter ondersteuning van de beleidsrealisatie. We baseren het beleid en de beleidsrealisatie op operationele data uit de maatschappij. We waken erover dat we de vereiste data effectief verkrijgen. We bieden de data op een gestandaardiseerde manier aan. We beheren enkel die data, die niet elders kan georganiseerd worden. Voor deze ambitie werden voor 2021 geen projecten weerhouden.
14. AMBITIE 8: RESULTAATGERICHTE BEGROTING We stellen onze begroting op vertrekkende vanuit de beoogde resultaten zowel wat onze reguliere werking (processen) als onze projecten betreft. Op deze manier verzekeren we de
17
samenhang tussen onze inhoudelijke doelstellingen, organisatiedoelstellingen en financiële middelen. Door een adequate opvolging van de besteding van de middelen waarborgen we een optimale aanwending en maximalisatie van de resultaten. Specifiek voor deze ambitie werden voor 2021 geen projecten weerhouden. Het project WHY 2021 (ambitie 12) heeft wel een bijdrage aan deze ambitie..
15. AMBITIE 9: FOCUS OP RESULTATEN EN KERNTAKEN We houden periodiek een kerntakendebat om onze opdracht scherp te stellen. Vanuit onze maatschappelijke opdracht denken we voortdurend na over onze dienstverlening aan onze klanten, definiëren we de cruciale processen en verfijnen we desgevallend de structuur van onze organisatie. Om hieraan bij te dragen, willen we in het project Kerntakendebat tegen het einde van 2021 een gedocumenteerd proces uitwerken voor het bepalen en evalueren van onze kerntaken. We zetten ook verder in op het project Opmaak Departementaal portfolio van projecten 20212025, dat in 2020 reeds werd opgestart. De focus in 2021 ligt op het uitbouwen van de business portfolio op basis van de bevindingen van een pilootfase.
16. Ambitie 10: Vastleggen duidelijke rollen en verantwoordelijkheden Op het niveau van elk proces creëren we duidelijkheid en heldere afspraken over ieders rol en verantwoordelijkheid. Als departement nemen we een sterke regierol en dienstverleningsrol op binnen het beleidsdomein op basis van een duidelijke afbakening van rollen en verantwoordelijkheden in de samenwerking met de entiteiten van MOW (binnen processen / projecten / programma / …). Specifiek voor deze ambitie werden voor 2021 geen projecten weerhouden. Het project WHY 2021 (ambitie 12) heeft wel een bijdrage aan deze ambitie.
17. AMBITIE 11: DEPARTEMENTALE 5-JAREN PLANNING INTERNE WERKING We definiëren de doelstellingen en ambities van het departement binnen een globaal 5-jaren plan. We concretiseren hierin tevens een expliciete planning voor BCM, informatiebeheer- en veiligheid, communicatie, facilitybeleid, ICT-beleid, HR-beleid, welzijnsbeleid, innovatiebeleid,
18
kwaliteitsbeleid,… Op het niveau van de afdelingen operationaliseren we dit plan op basis van specifieke doelstellingen. Vanuit de PMO structuur wordt de nodige ondersteuning geboden en worden aangepaste instrumenten aangereikt op niveau van de afdelingen, projecten en processen. Specifiek voor deze ambitie werden voor 2021 geen projecten weerhouden. Het project WHY 2021 (ambitie 12) heeft wel een bijdrage aan deze ambitie.
18. AMBITIE 12: INTEGRAAL PPPM We passen binnen het departement afgestemde methodologieën toe voor het beheer van onze portfolio('s), projecten en processen. We bouwen een genetwerkte en strategische PMOstructuur uit op het niveau van het departement en van elke afdeling. Deze PMO-structuur definieert en bewaakt de afgestemde methodologieën en biedt de nodige ondersteuning bij de toepassing ervan. De PMO- structuur staat in voor de opvolging van het 5-jaren plan, het beheer van de portfolio's en processen. De opvolging van deze portfolio verzekert inzicht in de voortgang van de onderliggende projecten en de realisatie van het beoogde beleid. Het portfoliobeheer betekent in die zin een solide basis voor de samenwerking met de minister en regering. We beheersen alle ondersteunende processen (boekhouding, juridisch, HR, ICT, logistiek, rapportering, communicatie, …) op basis van duidelijke performantie-indicatoren. De processen worden geanalyseerd, vereenvoudigd, gedocumenteerd en gealigneerd op de overkoepelende processen van de centrale entiteiten (AGO, AIV, HFB, VLAIO, DKB, DFB). De beoogde performantie wordt binnen samenwerkingsovereenkomsten geëxpliciteerd. In 2021 zetten we voor deze ambitie in op het programma WHY. Dit programma bundelt alle projecten en initiatieven die rond projectmatig en procesmatig werken een belangrijk raakvlak hebben binnen het departement. Het betreft o.a. doelstellingenbeheer, project- en portfoliobeheer, procesmatig werken, begroting en financiële planning en monitoring, inkoopen contractbeheer, tooling en rapportering. Waar voor deze projecten en initiatieven het accent in 2020 vooral lag op definiëren en opmaken (inrichten), zal dit in 2021 liggen op realiseren, integreren en uitrollen. Dit vergt een onderlinge afstemming bij de verdere uitwerking en invoering, samen met een omvangrijk veranderingsbeheer zodat alle medewerkers begrijpen waarom op project- en procesmatig werken wordt ingezet, alle actoren hun rol en verantwoordelijkheid inzake kunnen opnemen en we de maturiteit inzake project- en procesmatig werken kunnen verhogen. In 2021 willen we daartoe gefaseerd verschillende werkbare en operationele producten opleveren in de volgende sporen:
19
• • • • • • •
Spoor 1: Project- en portfoliobeheer Spoor 2: Proceswerking Spoor 3: Doelstellingenbeheer Spoor 4: Begroting financiële planning en monitorring Spoor 5: Inkoop- en contractbeheer Spoor 6: ICT Spoor 7: PPPM Change management
Het programma WHY zal dit geheel coördineren en opvolgen. Ook in de komende jaren zal het programma telkens een specifieke invulling en doelstellingen krijgen. Om de continuïteit in de activiteiten voor het portfoliobeheer en de projectondersteuning voor de portfolio Interne Werking te verzekeren, wordt middels het project Portfoliobeheerder Interne Werking in 2021 eveneens een portfoliobeheerder en projectondersteuner ingezet. Via het project CO&GO Sharepoint procesinrichting blijven we ook de projectwerking verzekeren van het CO&GO programma (SharePoint Online en SharePoint On premise) waarin processen worden gedigitaliseerd aan de hand van SharePoint
20
Portfolio ‘Xperta’ bouwt een expertenorganisatie uit
19. AMBITIE 1: XPERTA WIL EEN PROACTIEF, AFGESTEMD EN KWALITEITSVOL DIENSTENAANBOD VERZEKEREN Klanten kunnen rekenen op producten en diensten die onderbouwd en maximaal afgestemd zijn op de behoeften. Deze diensten en producten zijn omschreven binnen een omvattende producten dienstencataloog of projectspecifieke overeenkomsten waarbij duidelijke afspraken worden gehanteerd. De kwaliteitsvereisten zijn expliciet vastgelegd in de beschrijving ervan. Xperta overlegt ook regelmatig met haar klanten over de dienstverlening om samen de werkmethode voor de toekomst te bepalen. Ze reikt hierbij innovatieve diensten en producten aan waarvan de toegevoegde waarde kan worden aangetoond. In 2020 werd bij EBS gestart met het project ‘Praktische toepassing BIM’ naar aanleiding van het BIM-MCB-project. Er is nog een implementatie binnen EBS te voorzien, meer bepaald met 3D-modellering. De klassikale opleidingen, die omwille van Corona werden uitgesteld, zullen normaliter plaatsvinden begin 2021. Dit project draagt ook bij aan de ambitie 10 (zie verder). Daarnaast dragen we in 2021 bij aan een proactief, afgestemd en kwaliteitsvol dienstenaanbod via het project ‘Geotechnische lagenopbouw-tool’. Doel van dit project is om een gebruiksvriendelijke tool ter beschikking stellen, voor internen en externen, voor enerzijds het intekenen van een grondlagenopbouw met een set van geotechnische karakteristieken en anderzijds met exportmogelijkheden naar een tabel met geotechnische karakteristieken.
20. AMBITIE 2: XPERTA WIL EEN UNIEK AANSPREEKPUNT VOOR KLANTEN ZIJN Klanten begeleiden en ondersteunen om hun behoeften uit te drukken, daar draait het om. Hierbij positioneert Xperta zich als primaire gesprekspartner binnen het beleidsdomein voor alle vragen in relatie tot haar expertise. Als aanspreekpunt wil Xperta instaan voor een belangrijke lastenverlaging voor klanten en met een multidisciplinaire dienstverlening toegevoegde waarde bieden. Zo wil het een preferente rol spelen in de omgang met klanten en belanghebbenden. Het
21
unieke aanspreekpunt van Xperta staat, als dossierbeheerder, in voor de interne dispatching en opvolging van de product- of dienstaanvragen van de klanten naar de verschillende afdelingen. Voor deze ambitie werden voor 2021 geen projecten weerhouden.
21. Ambitie 3: XPERTA PROFILEERT ZICH ALS MULTIDISCIPLINAIR EXPERTISECENTRUM Xperta biedt de juiste inzichten, zowel globaal als binnen elk van de disciplines afzonderlijk. Dit laat toe om zowel reactieve als proactieve beleids- en beheersbeslissingen te nemen. Xperta bouwt haar expertise permanent verder uit en investeert hiertoe o.a. in de ontwikkeling van eigen medewerkers tot erkende experten en in de verrijking van beschikbare informatie en kennis. Als expertisecentrum wil Xperta de Vlaamse overheid ondersteunen in haar maatschappelijke rol als beleidsmaker en als bouwheer en beheerder van weg- en waterweginfrastructuur. Tegelijk draagt Xperta bij tot een hoger kennisniveau binnen de sector. Binnen haar expertisedomeinen draagt ze voor het maatschappelijk belang, het gebruik van openbare middelen op een correcte, onafhankelijke en efficiënte manier en voor de gelijke behandeling van private partners. In 2019 is het meerjarig project ‘Uitrol kennisdomeinen voor rapporten Waterbouwkundig Laboratorium’ aangevat. Om beter te kunnen inspelen op vragen van de klanten wil WL de rapporten gaan indelen op basis van kennisdomeinen (thema's). Ook de startende WLonderzoeker krijgt hierdoor een duidelijker literatuurbeeld over bepaalde thema's, wat het inwerken in de materie zal vergemakkelijken. Bovendien springen kennisleemtes meer in het oog zodat ook hier de nodige inhaalbeweging voor kan ondernomen worden. Verder wordt er voor de ambitie ‘Expertisecentrum’ in 2021 ingezet op 2 nieuwe projecten: ‘Tool competentiemanagement Geotechniek’ en ‘Inventarisatie Wetenschappelijke data Waterbouwkundig Laboratorium’. Door middel van het project ‘Tool competentiemanagement Geotechniek’ willen we een competentiebeheerssysteem uitbouwen waar conform de normeisen ISO9001 en ISO17025 de expertise van medewerkers in kaart wordt gebracht. Het doel van het project ‘Inventarisatie Wetenschappelijke data Waterbouwkundig Laboratorium’ is het realiseren van een geconsolideerde inventaris van de wetenschappelijke data die het Waterbouwkundig Laboratorium in haar bezit heeft, getoetst aan internationale standaarden. Dit project draagt ook bij aan de ambitie 6 (zie verder).
22
22. AMBITIE 4: XPERTA WIL EEN ROL OPNEMEN ALS REGISSEUR EN PROACTIEVE SPELVERDELER In aansluiting op de regierol van het departement, groeit Xperta verder uit tot een proactieve spelverdeler binnen haar expertisedomeinen, waarbij andere publieke en private actoren actief worden betrokken binnen haar dienstverlening. Xperta wil een wendbare en betrouwbare partner zijn voor klanten o.a. door de dienstverleningscapaciteit structureel te versterken met private partners, die onder de verantwoordelijkheid en/of aansturing van Xperta werken. Hierbij draagt Xperta expliciet zorg voor het maatschappelijk belang en verzekert dat haar diensten ook bij calamiteiten inzetbaar zijn. In 2021 zetten we voor deze ambitie in op 3 projecten: ‘Raamcontract keuringentoezichten’, ‘Ontwikkelen visie beheer kunstwerken’ en ‘Raamcontract studies’. Doelstellingen per project zijn: Gegunde raamovereenkomst voor het uitvoeren van keuringen en toezichten van EBS; Gepubliceerd dienstorder voor beheer van de kunstwerken; Gegunde raamovereenkomst voor het uitvoeren van studies van EBS.
23
23. AMBITIE 5: XPERTA ZET IN OP KWALITEITSBEWAKING EN NORMDEFINITIE Om de kwaliteit van haar producten en diensten te verzekeren investeert Xperta in een integraal kwaliteitssysteem, accreditatie, periodieke systeemaudits en/of systematische bevraging bij klanten. Samen met de markt definieert Xperta de methoden, voorschriften, normen en eisen. Xperta staat garant voor De kwaliteit van de uitgevoerde studies en adviezen, door haar en haar partners, wordt zo gegarandeerd. Xperta streeft een actieve rol na binnen erkenningsprocessen, certificering en andere initiatieven die tot doel hebben om de kwaliteit in de sector te verbeteren. De onderstaande projecten worden verdergezet in 2021. Een eerste project dat bijdraagt aan deze ambitie is ‘Aligneren geotechnische laboproeven op Europese Normen’. Dit betreft een meerjarig project. De normen, methodes en proefresultaten, vermeld in de Dienstencataloog Xperta en volgens dewelke het laboratorium van Geotechniek zijn dienstverlening aanbiedt, worden gealigneerd op de meest recente Europese regelgeving. Een ander project is ‘Richtlijn geotechnische boringen’. Xperta heeft de ambitie samen met de markt, de methoden, voorschriften, normen en eisen te definiëren volgens dewelke producten tot stand komen en diensten geleverd worden, door haar en haar partners. Doel is de kwaliteit binnen de sector te verbeteren. In dat kader is er nood aan richtlijnen boringen en grondsoortbenaming die, als aanvulling op de norm, een kwalitatieve uitvoering binnen de sector moet bevorderen. Het laatste project dat zal bijdragen aan de realisatie van deze ambitie is ‘Actualiseren leidraad overheidsopdrachten’. De Leidraad Overheidsopdrachten is een hulpmiddel in boekvorm, zowel op papier als digitaal ter beschikking gesteld, omtrent de juridische regels inzake overheidsopdrachten. Deze leidraad geeft invulling aan de tweedelijnsondersteuning overheidsopdrachten vanuit het departement MOW voor alle entiteiten van het beleidsdomein MOW en wil een praktisch bruikbare juridische gids zijn voor alle medewerkers van het beleidsdomein die op het terrein te maken hebben met overheidsopdrachten. Het project beoogt enerzijds de inhoudelijke actualisatie van de leidraad en anderzijds een optimalisatie van de digitale ontsluiting.
24. AMBITIE 6: XPERTA BEHEERT EN FACILITEERT INFORMATIE- EN KENNISDATABANKEN Als regisseur consolideert Xperta de unieke, gevalideerde en gecontroleerde data in globale en toegankelijke databanken. Die data werden doorheen de jaren opgebouwd en verder verworven
24
door eigen onderzoek of in samenwerking met andere actoren. Xperta staat in voor het beheer en het ontsluiten van deze databanken ten behoeve van diverse belanghebbenden uit de publieke, academische of private sector. Er wordt in 2021 voor de ambitie ‘Informatie- en kennisdatabanken’ ingezet op volgende projecten: Het project ‘MEDIAAN – Kostendatabank’ betreft de voorbereiding van een nieuw instrument, de zgn. Kostendatabank. Dit is een databank waarmee economische informatie, zoals (1) prijzen van leveranciers voor de levering van materialen, van verhuurders voor de verhuur van materieel en van onderaannemers voor de uitvoering van bouwwerkzaamheden, (2) rendementen en tijdsnormen met betrekking tot de uitvoering van bouwwerkzaamheden en (3) diverse prijscalculatiewaarden, zal worden verzameld, verwerkt en ontsloten. De ruwe data is afkomstig uit verschillende interne en externe bronnen. Dit project draagt ook bij aan de ambitie 9 (zie verder). Het samenwerkingsverband Databank Ondergrond Vlaanderen heeft in 2019 zijn lange termijn visie geactualiseerd. In 2020 zijn alle partners de doelstellingen die hierin geformuleerd werden beginnen uit te voeren. Daardoor zullen alle boringen en in de toekomst ook de sonderingen, uitgevoerd in Vlaanderen, in de databank ingevoerd worden. Een framework om de kwaliteit van de data te waarborgen is noodzakelijk. De afdeling Geotechniek wil daarin zijn regie- en expert-rol opnemen. De afdeling Geotechniek, als partner in DOV, stelt via het project ‘Opzetten kwaliteitsraamwerk data DOV sonderingen en boringen’ mee een kwaliteitsraamwerk op voor het aanleveren van data sonderingen en boringen. Data zijn afkomstig zowel van Geotechniek als van externen. Het programma ‘Migratie Geosy’s beoogt het volledige migratietraject voor het geheel aan Geosys-modules in gebruik bij Geotechniek. Via het project ‘Programma Migratie Geosys Volumemassa, Watergehalte, SA’ dient de module m.b.t. verwerking/berekening van Volumemassa-Watergehalte op grondmonsters gemigreerd te worden.
25. AMBITIE 7: XPERTA SCHAART ZICH ACHTER EEN BUSINESS MODEL VAN AANVULLENDE FINANCIERING Om haar dienstverlening verder uit te bouwen in een context van duurzame partnerschappen, beoogt Xperta een specifiek structureel kader uit te bouwen. Daarbij kunnen onderzoeken en investeringen aanvullend financieel ondersteund worden door de belanghebbenden, zonder dat dit een inbreuk zou zijn op de onafhankelijke en maatschappelijke positie van Xperta. Voor deze ambitie werden voor 2021 geen projecten weerhouden.
26. AMBITIE 8: XPERTA WIL STRUCTURELE PARTNERSCHAPPEN AANGAAN
25
Binnen haar expertisedomeinen wil Xperta structurele partnerschappen aangaan met nationale en internationale actoren, gericht op het uitwisselen van kennis en informatie en ter bevordering van innovatie. Xperta ondersteunt, via haar expertise, de ontwikkeling van vrijwillige kwaliteitsmerken ter bevordering van de kwaliteit van producten en diensten in een Belgische context. In 2021 wordt er voor de ambitie ‘Partnerschappen’ opnieuw ingezet op het project ‘Interregproject POLDER2C's’. Dit betreft een meerjarig Europees project. De ontpoldering van de Hedwige- en Prosperpolder biedt een kans voor het uitvoeren van dijksterkteproeven en -oefeningen op bestaande dijken. Na overleg met de beheerders hebben het Waterbouwkundig Laboratorium en STOWA (NL) een samenwerkingsovereenkomst opgesteld voor het gezamenlijk voorbereiden en uitvoeren van dergelijke proeven, en het samen brengen van de daarvoor benodigde en geïnteresseerde partijen uit België en Nederland. De hoofddoelstelling van dit project zijn: kennisontwikkeling dijksterkte en faalmechanismen (bres, overslag en overloop), vergroten/opbouwen ervaring bij beheerders en andere betrokken t.a.v. aanpak calamiteiten onder extreme omstandigheden. Dit project draagt ook bij aan de ambitie 10 (zie verder).
27. AMBITIE 9: XPERTA STREEFT NAAR EEN STATE-OF-THE-ART INSTRUMENTARIUM Xperta zet actief in op het verwerven, ontwikkelen en implementeren van gespecialiseerde en toekomstgerichte onderzoeks- en meetinfrastructuur, systemen en instrumentaria. Ze investeert in domeinspecifieke platformen en methoden die toegevoegde waarde creëren vanuit een datagedreven aanpak.
In 2021 dragen onderstaande projecten bij aan de ambitie ‘State-of-the-art instrumentarium’: Het ‘e-Procurement programma’ voor het beleidsdomein MOW is een samenwerkingsovereenkomst met de verschillende entiteiten van MOW voor de applicaties eDelta, Verwijlintresten, MOTOR, e-Contracting, ESB, eRIO en Bestekbewerker. Voor 2021 wordt de applicatie e-Contracting aangepast zodat ook opdrachten met bestellingen en verlengbare opdrachten worden ondersteund. Bedoeling is dat de dossierstukken i.k.v. de facturatiestroom voor alle opdrachten volledig digitaal kunnen verlopen. Voor eDelta is er een lijst van wijzigingsaanvragen. In samenspraak met de verschillende entiteiten is hieruit een selectie gemaakt om in 2021 te realiseren. eRIO volgt hoofdzakelijk de wijzigingen in eDelta. Op de servicebus voorzien we extra koppelingen met Postenboek en DistrictCenter. Daarnaast werd er gevraagd om systematisch functionaliteiten vanuit eDelta via webservice beschikbaar te stellen. Daarnaast dringen zich enkele technische ingrepen op: servicebus verhuizen naar de cloud en oracle databank vervangen door postgres databank. Dit project draagt ook bij aan de ambitie 6.
26
Geotechniek heeft een groot aantal monitoringsactiviteiten waarbij veel data gegenereerd wordt. Teneinde een efficiënte en (indien nodig) real-time verwerking van de data mogelijk te maken werd GISMO ontwikkeld. Oorspronkelijk ontwikkeld voor 3 types metingen, wordt deze tool via het project ‘Uitbouw GISMO monitoringstool ‘verder ontwikkeld om ook de inclinometer-monitoringsresultaten te kunnen ontsluiten. De Vlaamse waterweg wenst al haar peilmeters (+- 75 locaties) ter hoogte van bestaande kunstwerken over te dragen aan WL-HIC. Doelstellingen van ‘Overname peilmeetnet De Vlaamse Waterweg’ zijn: realisatie nieuwe meetpost in Aalst, gevalideerde tijdreeksen voor waterinfo en Visuris. Het project ‘Bouw nieuwe grote golfgoot’ omvat de bouw van een nieuwe state-of-the-art grote golfgoot ter vervanging van de versleten golfgoot en golfschot, met geoptimaliseerde dimensies en mogelijkheden. De oude golfgoot werd afgebroken wegens het feit dat de structuur en de randapparatuur versleten was. Er kon nog onvoldoende nauwkeurigheid gegarandeerd worden. ‘Ontwerp en bouw tweede sleeptank in MOC Oostende’ loopt over meerdere jaren. In Oostende werd het MOC (Maritiem Onderzoeks Centrum) gebouwd. De bouw werd opgeleverd in 2019. Nu dienen de technische installaties gebouwd te worden. Doelstelling van dit project is tegen 2022 een operationele sleeptank in het MOC. Het ‘GIS Programma-Infrastructuur’ verwerkt de meer technische componenten en innovatie van het GIS Programma binnen de AWS Cloud omgeving alsook implementaties van het project Projectintegraties. Deelprojecten zijn: GIS Dataplatform, GIS Viewer, Proof of Concept (PoC). Het ‘GIS Programma-Projectintegraties’ verwerkt het integreren van de reeds voltooide componenten (GIS bouwstenen) van het GIS Programma in GIS-projecten die lopende zijn in het departement (onboarding). Deelprojecten zijn: FietsGIS, GIP, Vervoerregio’s, FotogrammetrieTopografie, Ongevallen GIS, iAsset, Verkeersmodellen, Mobipunten, INSPIRE, Kennis Netwerk Dijken en Studies Explosieven.
28. AMBITIE 10: XPERTA ZET PROACTIEF IN OP TOEGEPAST ONDERZOEK, ONTWIKKELING EN INNOVATIE Dat doet Xperta om toekomstige klantenvragen te kunnen beantwoorden en een toekomstgerichte aanpak binnen elk van de disciplines te verzekeren. Xperta werkt hierbij ook nauw samen met de academische wereld en onderzoeksinstellingen als initiatiefnemer, trekker of deelnemer binnen specifieke onderzoeksprojecten. Hierbij komt het erop aan om te focussen op de noden van klanten en belanghebbenden, de ambities van de organisatie en het groeitraject van de medewerkers. Xperta draagt ook bij tot het uittesten van nieuwe technieken om, buiten enige gedrevenheid door winst of sectorbelang, de kwaliteit en de toegevoegde waarde ervan te kunnen bevestigen in functie van het maatschappelijk belang.
27
Volgende projecten zullen in 2021 bijdragen aan de ambitie ‘Onderzoek, ontwikkeling en innovatie’: In 2021 loopt het project ‘Satellietbeelden beheer kunstwerken‘ verder door. De doelstelling is om de verplaatsingen, bekomen uit de INSAR-analyse te gebruiken als aanvulling of vervanging van de 3/4/5-jaarlijkse topografische opmetingen om zo een betere controle te hebben op de staat van de vervorming van de bruggen, om meer doelgerichte metingen te kunnen uitvoeren en zo tot een beter beheer van de bruggen te komen. We willen via ‘Predictief onderhoud sluizen’, gestart in 2020, onderzoeken of de goede werking van sluisdeuren gemonitord en preventief kan bijgestuurd worden door gebruik te maken van alle mogelijke data op en rond de omgeving van de sluisdeur. Het project heeft tot doelstelling om aan de hand van datacaptatie en data-analyse op de sluisdeuren van Evergem na te gaan of we voorspellende variabelen kunnen ontdekken die toekomstige schade of een ongewenste gebruik/werking kunnen identificeren. Als we dit experiment kunnen bewijzen, kunnen we dergelijke voorspellende modellen gaan gebruiken op andere sluizen en kunnen we predicitief onderhoud voorzien op deze sluisdeuren. ‘Ontwikkeling Iflow versie met realistische geometrieën’ is een meerjarig project. Het Waterbouwkundig Laboratorium heeft in samenwerking met TU Delft het model iFlow ontwikkeld. iFlow is een geïdealiseerd computermodel dat bepaalde vereenvoudigingen toestaat waardoor simulaties heel snel verlopen en resultaten op gestructureerde wijze kunnen worden geanalyseerd in termen van oorzakelijke verbanden. Onlangs is er gestart met een doctoraatsonderzoek waarbinnen de uitbreiding van iFlow met realistische geometrieën wordt gerealiseerd. Met dit model zal de driedimensionale waterbeweging, zoutverdeling en sedimenttransport van de Schelde worden bestudeerd. Door mee te stappen in deze ontwikkeling krijgt het WL een strategisch voordeel ten opzichte van marktpartijen en verstevigt zij haar internationale positie als expertisecentrum voor geïdealiseerd modelleren. Het project ‘Conceptuele ramingsmodellen voor infrastructuur’ zal opstarten in 2021. Het bouwen, onderhouden en herstellen van wegen, waterwegen, kunstwerken en andere constructies die door het beleidsdomein Mobiliteit en Openbare Werken worden beheerd, vereist het ramen van de investering. Deze ramingen zijn nodig vanaf het definiëren van de behoefte tot en met het beslissen over de gunning van opdrachten. Het ontwikkelen en gebruiken van conceptuele ramingsmodellen past in de ambitie van het beleidsdomein Mobiliteit en Openbare Werken om het zgn. asset management te structureren en te verbeteren. Doel van dit project is het ontwikkelen van twee conceptuele ramingsmodellen, waarvan één volledig in-house bij ATO en één via externe advies- en ingenieursbureaus i.s.m. ATO.
28
29
Deel 1: Op weg naar optimale en betrouwbare processen Dagdagelijks zijn we als departement bezig met het vervullen van ‘onze taken’. Om een overzicht te hebben van wat deze ‘taken’ in praktijk inhouden en of deze taken effectief en efficiënt worden ingevuld, zullen we als organisatie meer moeten evolueren naar een organisatie die procesmatig werken hoog in het vaandel draagt. Een engagement dat medewerking vraagt van alle medewerkers!
De zin van procesmatig werken DMOW wil evolueren naar een gestroomlijnde proceswerking en organisatie. De vooropgestelde doelstellingen en voordelen zijn o.a. meer klantgerichtheid, inzichten in hoe processen bijdragen tot doelen, focus op de kerntaken en continue (proces)verbetering. In een context van besparingen is de leuze ‘meer met minder’ (dit is niet gelijk aan ‘hetzelfde met minder’!) een drijfveer om in te zetten op inzichtelijke processen op niveau van het departement. Hoe kunnen we ervoor zorgen dat we de juiste taken doen en die taken die niets of weinig bijdragen tot de doelstellingen schrappen.
Proceskaart Om een complex departement met experten in beweging deskundig te beheren en verder te ontwikkelen, verzamelen we relevante informatie over onze processen in één proceskaart. De proceskaart wordt (minstens) één keer per jaar geactualiseerd en gevalideerd door de directieraad.
30
In de proceskaart maken we een onderscheid tussen management processen, ondersteunende processen en kernprocessen. Ieder hoofdproces is onderverdeeld in productieprocessen en verder in basisprocessen. Per proces wordt er metadata toegevoegd zoals input, output en belanghebbenden om snel een overzicht te krijgen van onze dagelijkse werking over afdelingen heen. De proceskaart is het kader voor onderliggende kwaliteitsdocumentatie zoals procesbeschrijvingen, instructies, sjablonen, …
Procesmatig werken 2021 We bouwen verder op de visie opgenomen in de leeswijzer van het OP 2020 waarbij we stellen dat procesmatig werken impliceert dat we alle activiteiten die bijdragen tot de kwaliteitsvolle output zo effectief en efficiënt uitvoeren, zodat onze klant (intern of extern) tevreden is met het resultaat. Procesmatig werken zorgt voor duidelijkheid bij de medewerkers, wat leidt tot een grotere tevredenheid. Door de stroomlijning van onze werking zorgen we voor een uniform DMOW kwaliteitslabel. In 2021 leggen we daarnaast nog de volgende klemtonen. Tools en ondersteuning
31
Om dit procesmatig werken aan te zwengelen en te verankeren binnen het departement zetten we in op de leidraad procesmatig werken en actieve ondersteuning van proceseigenaars. De leidraad is klaar als ontwerp om getest te worden. Dit gebeurt enerzijds door de proces-cel en de kwaliteitsverantwoordelijken van Xperta. Anderzijds is het ook de bedoeling om deze leidraad door alle proceseigenaars te laten gebruiken in functie van de eigen noden. Deze leidraad is een handig instrument waarbij men gebruik maakt van technieken en templates die erg toegankelijk zijn opgesteld. Elke fase wordt ingeleid met de doelstelling, de mogelijke output en het belang ervan in het geheel. Voor bepaalde complexe of belangrijke optimalisatietrajecten kunnen proceseigenaars beroep doen op de proces-cel voor ondersteuning en begeleiding bij het doorlopen van één of meerdere fases uit de leidraad. Verhogen van de maturiteit In samenspraak met de afdelingshoofden wordt er een plan van aanpak op maat opgemaakt om het maturiteitsniveau, dat vandaag erg verschillend is tussen de afdelingen, te verhogen in het licht van een departementsbrede cultuur van procesmatig werken. Deze road- of groeimap zal preciseren welke processen in scope worden genomen en in welk van de 3 levels kan ingestapt worden.
32
Per level is duidelijk wat de doelstelling is. Level 1: • Het is duidelijk wie de proceseigenaar en processponsor is en wat deze rollen inhouden. • Beide rollen kennen de leidraad procesmatig werken. • Het schildpaddiagram is ingevuld en de procesdocumentatie is beschikbaar. Level 2: • Het proces wordt minstens jaarlijks geëvalueerd (of wanneer een probleem/knelpunt zichstelt) om mogelijke verbeteropportuniteiten te identificeren. • Verbetervoorstellen worden op regelmatige basis geformuleerd en de nodige acties om deze te bereiken worden opgestart en opgevolgd. • Procesindicatoren worden gedefinieerd om op te volgen in welke mate de geformuleerde doelstellingen van het proces efficiënt en effectief behaald werden. Level 3: • De procesindicatoren worden frequent gerapporteerd en opgevolgd. • De processen worden continu geoptimaliseerd door het continu en autonoom toepassen van de verschillende fases van de leidraad procesmatig werken, incl. operationeel risicobeheer. End-to-end denken en zichtbaarheid van de klant In het ontwikkelen van deze cultuur van procesmatig werken beklemtonen we graag twee invalshoeken:
33
1. Het end-to- end denken: processen lopen door en over afdelingen heen. Hoe maken we duidelijk dat wat bij de ene medewerker begint, door een andere collega wordt verdergezet en dat we dus allemaal een stuk verantwoordelijkheid dragen. Met andere woorden: hoe stimuleren we het keten-denken? 2. Het klant-denken: wat we doen, doen we voor belanghebbenden: burgers, bedrijven, organisaties, collega’s binnen het departement of het beleidsdomein, enz. Hoe maken we hen zichtbaar in het proces en hoe zorgen we ervoor dat ons aanbod een meerwaarde betekent?
Outputindicatoren – next level We verzamelen vandaag consequent outputindicatoren en rapporteren ze op kwartaalbasis aan de directie. We merken een grote rapporteringsbereidheid binnen het departement.
We gaan intussen een stap verder door over de indicatoren in dialoog te gaan: wat betekent een daling? Een stijging of status quo? Wat zegt de trend ons? Meten we wat we willen weten en doen we daar dan iets mee? We ontwikkelen aan de hand van een piloot binnen Xperta een format om ook andere proceseigenaars deze reflectie te laten maken. Ook de leidraad procesmatig werken kan hier toegepast worden en zorgt ervoor dat we de cirkel van continue verbetering rond maken.
Goedgekeurd, Getekend door:Lydia Peeters (Signature) Getekend op:2021-06-29 09:38:17 +02:0 Reden:Ik keur dit document goed
Lydia Peeters Vlaams Minister van Mobiliteit en Openbare Werken
34
Bijlages
35
GIP Uittreksel GIP met de projecten waarvan het Departement de regie opneemt: Project 5.1-c Complex project Nieuwe Sluis Zeebrugge Cofinanciering Spoor 1-a.1. Investeren in infrastructuur havens - Antwerpen linkeroever 1-a.3. Investeren in infrastructuur havens - Gent 1-a.5. Investeren in infrastructuur havens - Zeebrugge 1-c.1. Investeren in sluizen - Boudewijn- en Van Cauwelaertsluis 1-c.6. Investeren in sluizen - Kieldrechtsluis 1-c.9. Investeren in sluizen - Royerssluis 1-b.1. Investeren in infrastructuur luchthavens - Antwerpen 1-c.2. Investeren in sluizen - Berendrecht- en Zandvlietsluis 1-c.7. Investeren in sluizen - Nieuwe Sluis Terneuzen 2.2-a.1. Patrimoniumbeheer algemene zaken - Antwerpen linkeroever 2.2-b.1. Patrimoniumbeheer natuurdoelstellingen havens - Antwerpen linkeroever 3.2-a. Onderhoudsbaggerwerken maritieme toegang 3.2-a. Onderhoudsbaggerwerken maritieme toegang 3.2-b. Technisch vaarwegbeheer 4.3-a. Technische ondersteuning - beheer raamovereenkomsten 5.1-a. Complex project Extra Containercapaciteit Antwerpen 5.1-c Complex project Nieuwe Sluis Zeebrugge 1-a.4. Investeren in infrastructuur havens - Oostende 1-b.2. Investeren in infrastructuur luchthavens - Oostende 1-c.5. Investeren in sluizen - Kallosluis
Hoofd Doelstelling Budget 2021 Toegankelijkheid Econ. Poorten € 9.062.000,00 Multi/synchromodaliteit/Combimobiliteit/ € 6.000.000,00 Informatie-connectiviteit - ITS Toegankelijkheid Econ. Poorten € 1.000.000,00 Toegankelijkheid Econ. Poorten € 4.328.000,00 Toegankelijkheid Econ. Poorten € 5.500.000,00 Toegankelijkheid Econ. Poorten € 2.883.145,00 Toegankelijkheid Econ. Poorten € 18.055.000,00 Toegankelijkheid Econ. Poorten € 13.080.000,00 Betrouwbaar & Bedrijfszeker € 25.450.000,00 Toegankelijkheid Econ. Poorten € 8.679.000,00 Toegankelijkheid Econ. Poorten € 19.669.000,00 Toegankelijkheid Econ. Poorten € 231.000,00 Toegankelijkheid Econ. Poorten € 1.032.000,00 Toegankelijkheid Econ. Poorten € 113.000.000,00 Toegankelijkheid Econ. Poorten € 14.000.000,00 Toegankelijkheid Econ. Poorten € 3.000.000,00 Toegankelijkheid Econ. Poorten € 3.150.000,00 Toegankelijkheid Econ. Poorten € 7.565.000,00 Toegankelijkheid Econ. Poorten € 27.000.000,00 Betrouwbaar & Bedrijfszeker € 10.110.000,00 Betrouwbaar & Bedrijfszeker € 13.330.000,00 Toegankelijkheid Econ. Poorten € 7.431.000,00
36
2.2-b.3. Patrimoniumbeheer natuurdoelstellingen havens - Gent 3.3 Slibverwerking 3.3 Slibverwerking 5.1-b. Complex project Kustvisie 2.2-b.0. Patrimoniumbeheer natuurdoelstellingen havens - Antwerpen 1-c.3. Investeren in sluizen - Demeysluis 2.2-b.5. Patrimoniumbeheer natuurdoelstellingen havens - Zeebrugge 2.2-b.5. Patrimoniumbeheer natuurdoelstellingen havens - Zeebrugge 2.2-d.3. Patrimoniumbeheer - exploitatie - Gent Stationsomgeving Mechelen
Toegankelijkheid Econ. Poorten Toegankelijkheid Econ. Poorten Toegankelijkheid Econ. Poorten Toegankelijkheid Econ. Poorten Toegankelijkheid Econ. Poorten Toegankelijkheid Econ. Poorten Toegankelijkheid Econ. Poorten Toegankelijkheid Econ. Poorten Toegankelijkheid Econ. Poorten Multi/synchromodaliteit/Combimobiliteit/ Informatie-connectiviteit - ITS
37
€ € € € € € € € € €
434.000,00 28.673.487,00 5.523.513,00 1.500.000,00 2.200.000,00 2.540.000,00 150.000,00 150.000,00 75.000,00 10.000.000,00
Personeelsbesparingen Er werd bij de start van de regeerperiode 2019-2024 een nieuwe personeels- en budgettaire besparing aan de entiteiten van de Vlaamse overheid opgelegd. Voor het Departement MOW werd een nieuwe personeels- en budgettaire besparing opgelegd ten belope van respectievelijk 37 koppen en 1.924.000 € aan loonkrediet tegen eind 2024. Hierna gaat het overzicht:
Koppen Budget
2020 7 364.000 €
2021 7 364.000 €
2022 7 364.000 €
2023 8 416 000 €
2024 8 416 000 €
TOTAAL 37 1.924.000 €
Het budgettaire pad zal conform bovenstaand overzicht uitgevoerd worden op jaarbasis bij de begrotingsopmaak. De realisatie van de personeelsbesparing (koppen) zal op VO-niveau gemonitord worden ten opzichte van de einddoelstelling en niet aan de hand van jaarlijkse doelstellingen. Dit laat het Departement MOW toe om de personeelsbesparing volgens de eigen demografische realiteit uit te voeren. Het Departement MOW heeft in de vorige legislatuur haar personeelsbestand teruggebracht van 756 koppen in 2014 tot 681 koppen eind 2019, waarbij de vooropgestelde besparing vanuit de Vlaamse Regering van 691 koppen gehaald werd. Het departement realiseerde daarmee een besparing van 8% na een eerdere besparing van 7% in de periode 2009-2014. Op 10 jaar tijd (2014 – 2024) zal het Departement met 15% afgeslankt zijn; op 15 jaar tijd (2009 – 2024) met 23%. Het departement heeft serieuze inspanningen geleverd om invulling te geven aan de generieke besparingsopdracht van de Vlaamse regering tijdens de voorbije legislatuur die deze legislatuur worden verdergezet.
Ondanks de consequente toepassing van de besparingsopdracht (en toepassing van een restrictief en selectief vervangingsbeleid en optimalisatietrajecten) blijft de noodzaak om voldoende expertise te verankeren (in lijn met de missie – visie van het departement ‘Expertise in beweging’). Het gaat hierbij
38
om (nieuwe) expertise ingevolge extra bevoegdheden voortkomend uit de zesde staatshervorming, het versterken van de rol van het departement binnen het traject Beleidscapaciteit en het blijvend invullen van de kerntaken. Diepgaande expertenkennis kan niet zomaar uitbesteed worden. worden.
39
Personeelsplan Het Departement MOW werkte in het voorjaar 2018 reeds een geactualiseerd personeelsplan (PEP) uit op basis van een zo objectief mogelijke en onderbouwde inschatting van de nodige personeelscapaciteit. De inschatting van de personeelsbehoeften is gestart vanuit de departementale processen, aangevuld met de interne en externe uitdagingen waar de huidige organisatie voor staat.
Het personeelsplan fungeert als gevalideerd kader voor beslissingen m.b.t. wervingen en personeelsbewegingen dat maximaal geënt is op de structuur- en procesoptimalisatie-trajecten van het departement/de afdelingen. Bij de inschatting van de personeelsbehoeften heeft het departement ervoor gekozen de kritische functies voor de uitvoering van haar opdrachten en doelstellingen veilig te stellen en de meest acute personeelsnoden in te vullen binnen de drie prioritaire domeinen: bevoegdheden zesde staatshervorming, versterken beleidscapaciteit, en versterken kerntaken en interne werking. Het Departement MOW opereert binnen strakke budgettaire contouren gelet op de besparingsdoelstellingen opgelegd door de Vlaamse Regering. Het uitgewerkte personeelsplan op kruissnelheid geeft een personeelsbehoefte van 621 VTE aan voor het huidige takenpakket. De invulling op datum van 01/11/2020 bedraagt 578,5 VTE wat wijst op een kloof van 43 VTE (zie personeelsplan hierbij). Een aantal beslissingen sinds de PEP-oefening 2018 met een verruiming van de bevoegdheden maken een update van het personeelsplan noodzakelijk. De verruiming en opnemen van bijkomende bevoegdheden door het Departement MOW zullen een impact hebben op het personeelsplan en de personeelsbudgetten. Enkele voorbeelden: •
Bevoegdheden 6de staatshervorming, o.a. o Een uitspraak van de Raad van State bevestigt dat onderstaande bevoegdheden ook tot de Gewesten zal behoren met impact op de personeelsbehoeften: de bevoegdheid ‘Toegang tot de markt’ en ‘Toegang tot het beroep’, de controle op het vervoer van goederen en personen, tachografen en snelheidsbegrenzers, rijgeschiktheid van beroepschauffeurs, o Bijkomende taken met betrekking tot de homologatie van voertuigen.
40
•
•
•
•
Clean Power for Transport (CPT). In de Vlaamse klimaat/energie/luchtbeleidsplannen 2030 wordt de opmaak van een CPT-visie met bijhorend actieplan 2021-2025 aangekondigd. Deze visie en actieplan moeten de klimaat- en energie-ambities vertalen in concrete doelstellingen en beleidsmaatregelen. De beslissing van de Vlaamse Regering van 3 april over de aanduiding van de verantwoordelijke entiteiten van de maatregelen uit het Vlaams Energie en Klimaatplan (VEKP) duidt dMOW aan als verantwoordelijke entiteit voor het CPTbeleid. Decreet Basisbereikbaarheid: met de inwerkingtreding van het decreet basisbereikbaarheid op 22 juni 2019 heeft de Vlaamse Regering de overkoepelende mobiliteitsregie in de eerste plaats toegewezen aan het modusneutrale Departement Mobiliteit en Openbare Werken. N.a.v. het Decreet Gemeentewegen dd. 1 september 2019 staat het departement MOW in enerzijds voor de advisering van gemeenten, meer bepaald m.b.t. gemeentelijke beleidskaders, gemeentelijke rooilijnplannen en grafische plannen voor de opheffing van gemeentewegen en anderzijds voor de beoordeling van beroepsdossiers en het opstellen van een gemotiveerde beroepsbeslissing . Asset Management: De weg- en waterweginfrastructuur, kunstwerken (bruggen, tunnels, duikers) en rollend materieel (bussen en trams) die in beheer zijn binnen het beleidsdomein Mobiliteit en Openbare Werken, vormen de ruggengraat van het Vlaamse mobiliteits- en waterbeheersingssysteem. Deze assets moeten dan ook met de nodige zorg behandeld worden via ‘Asset Management’ waarin ook het Departement MOW een belangrijke rol in te vervullen heeft. Voor de beheerders binnen het beleidsdomein komt dit neer op een geïntegreerde benadering met als doel een maximale waarde te creëren over de hele levenscyclus en dit voor alle stakeholders. Een analyse van de toestand van deze assets leidt echter tot de conclusie dat actie zich opdringt wil Vlaanderen haar rol als economische poort van- en naar Europa blijvend vervullen. De piek aan nieuwbouw in de jaren 60-70 heeft hiervoor de fundamenten gelegd. Door die ouderdomspiek in combinatie met het groeiende onderhoudstekort maakt dat er een aanzienlijke onderhoudsachterstand is ontstaan. Bijna 1 op de 5 assets, namelijk 17%, heeft het einde van haar economische levensduur bereikt of zelfs overschreden of voldoet neer meer aan de kwaliteitseisen. Deze assets kunnen, op termijn enkel operationeel en veilig blijven mits verhoogde kosten en structurele ingrepen. De toestand van deze asset portefeuille weer op peil brengen, impliceert een investering en menselijke middelen ook voor het Departement MOW.
Het Departement MOW voert met respect voor de generieke personeelsbesparing een restrictief en selectief vervangingsbeleid. Elke vacature kan maar worden opgestart na periodieke toetsing t.a.v. het personeelsplan als kader én na beslissing van de secretaris-generaal op voorwaarde dat de vacature kadert binnen de kerntaken van het departement en/of noodzakelijk is voor de continuïteit van de dienstverlening.
41
Binnen de ambitie ‘Toekomstgericht werkgeverschap’ heeft het Departement Mow zich tot doel gesteld de opmaak van een strategisch en toekomstgericht meerjaren-personeelsplan conform het kader dat VO-breed zal worden opgelegd (zie Beleidsnota HR 2019 – 2024), onderbouwd met kwantitatieve en kwalitatieve parameters en dynamisch i.f.v. een efficiënte personeelsinzet. Het project ‘Strategisch Personeelsplan’ is opgenomen in de Portfolio Interne Werking van het Departement Mow en staat geprogrammeerd voor uitvoering in 2022.
42
Personeelsplan DMOW* Type functies (update 01/11/2020)
Personeelsbezetting versus Personeelsbehoeften
graad
Huidige personeelsbezetting (brongegevens: 01/11/2020) - in VTE
Totaal personeelsbehoeften 2020-2021 - in VTE
N
2
2
N-1 afdelingshoofd
9
9
N-1 Projectleider
1
1
Hoofdadviseur (terugvalgraad)
3
3
Senior adviseur
3
3
Adviseur
32,3
32,3
Adviseur-informaticus
1
1
Adviseur-ingenieur
16,9
16,9
Directeur
5,8
5,8
Directeur-ingenieur
3
4
Hoofdadviseur (terugvalgraad)
1
1
Adjunct van de directeur
180,1
199,1
Informaticus
11,6
12,6
Ingenieur
78,9
83,9
Leidinggevend hoofddeskundige
1
1
Senior hoofddeskundige
1
1
Hoofddeskundige
14,7
14,7
Hoofdprogrammeur
0
0
Deskundige
111,1
125,1
Programmeur
2,8
3,8
Senior hoofdmedewerker
0
0
Hoofdmedewerker
11,2
11,2
Hoofdtechnicus
9,3
9,3
Medewerker
47
48
Technicus
19
20
Hoofdassistent
2,4
2,4
Speciaal hoofdassistent
2,8
2,8
Technisch hoofdassistent
1
1
Assistent
2,6
2,6
Technisch assistent
4
4
578,5
621,5
*excl luchthavenpersoneel ter beschikking gesteld aan LEM: 83,3 VTE
43
Welzijnsbeleid In uitvoering van de Welzijnswet van 4 augustus 1996 stelt de werkgever, in overleg met de leden van de hiërarchische lijn en de diensten voor Preventie en Bescherming op het werk, een globaal preventieplan op voor een termijn van vijf jaar. In het globaal preventieplan worden de te ontwikkelen en toe te passen preventieactiviteiten geprogrammeerd. Dit vijfjaarlijks perspectief heeft als doel een samenhangend welzijnsbeleid te voeren op het werk. De directie van het Departement is zich terdege bewust van de risico's van het ondernemen. Bij het streven naar de vooropgestelde ondernemingsdoelstellingen wenst het Departement in geen geval de welzijnsaspecten van de werknemers en alle andere betrokkenen, uit het oog te verliezen. Het Departement streeft naar conformiteit met de reglementeringen welzijn op het werk en zal ook zoveel mogelijk de normen en het goed ondernemerschap toepassen. De betrokkenheid en voorbeeldrol van het management zijn hierbij essentieel. Elke persoon binnen onze organisatie wordt aangemoedigd om zijn steentje bij te dragen en aldus samen te werken aan een gezonde en veilige werksituatie. Het beleid inzake welzijn op het werk sluit aan bij de Missie en Visie van het DMOW. Zoals opgenomen in de “Beleidsverklaring ‘Welzijn op het werk’ DMOW” zal welzijn dan ook altijd de hoogste prioriteit hebben. Alle redelijke en aanvaardbare stappen zullen ondernomen worden opdat de doelstellingen, die in het kader van het welzijnsbeleid worden gesteld, worden bereikt. Gelet op de taken van de personeelsleden zijn het aantal en de ernst van de risico’s zeer divers. Deze risico’s dienen in kaart gebracht, beperkt en beheerst te worden. Audit Vlaanderen besloot in haar Beleidsgericht rapport dd. 9 december 2019 dat het Departement MOW beschikt over een gecoördineerde aanpak van het (welzijns)beleid tot het voorkomen van arbeidsongevallen (afgestemd op de specifieke risico’s binnen de verschillende afdelingen).
Jaaractieplan 2021: In uitvoering van het globaal preventieplan stelt het departement, in overleg met de leden van de hiërarchische lijn en de diensten voor preventie en bescherming op het werk, een jaaractieplan op ter bevordering van het welzijn op het werk tijdens het volgende dienstjaar. Het Jaaractieplan voor 2021 bevat alle acties die het departement en de verschillende afdelingen zullen ondernemen ter bevordering van het welzijn. Via maandelijkse rapportering wordt de Directieraad op de hoogte gehouden van de evolutie en de resultaten. Aanwezigheidsbeleid: Binnen de ambitie toekomstgericht werkgeverschap bevestigde de Directieraad tevens het voeren van een actief welzijnsbeleid. Dit concretiseert zich o.a. in het project Aanwezigheidsbeleid binnen de Portfolio Interne Werking
44
Het aanwezigheidsbeleid vormt een totaalproject waarbij het departement MOW inzet op 2 sporen: 1. Preventie: inzetten op duurzame aanwezigheid en inzetbaarheid van werknemers. We willen zorgen voor tevreden en veerkrachtige werknemers die met goesting werken. 2.
Ziekte en re-integratie
Het project beoogt een gezamenlijke visie op het aanwezigheidsbeleid, een kader rond ziekte en re-integratie (incl. afgestemd proces/procedure) en ondersteunend instrumentarium ten behoeve van leidinggevenden en personeelsleden.
Psychosociaal welzijn:
Binnen het departement werd een bevraging rond psychosociale risico’s uitgevoerd. De resultaten van deze RAPSY zullen door elk afdelingshoofd binnen zijn of haar afdeling gecommuniceerd worden. Elk afdelingshoofd zal beoordelen of en welke acties er binnen zijn of haar afdeling genomen worden.
Diversiteit De Vlaamse overheid zet sterk in op gelijke kansen en diversiteit en wil hierin een voorbeeldrol in de maatschappij opnemen. Als Departement MOW willen we hieraan bijdragen en erop toe zien dat er voldoende maatregelen genomen worden ter bevordering van diversiteit. Onderstaande doelstellingen dragen aan deze ambitie bij. DOELSTELLINGEN EN HIERAAN GEKOPPELDE ACTIES 2021 Het Departement MOW werkt loyaal mee aan de doelstelling van de Vlaamse overheid om een afspiegeling van de maatschappij te zijn met een democratische legitimiteit en een voorbeeldrol als werkgever. We gaan voor een geïntegreerd HR-beleid via een inclusieve benadering van diversiteit, gelijke kansen en kansengroepen. Het Gelijke Kansen en Diversiteitsbeleid van het Departement MOW is geïntegreerd in een duurzaam personeelsbeleid waarbij alle aanwezige talenten efficiënt en effectief worden ingezet in functie van de organisatiedoelstellingen. Daarbij primeert het persoonlijk welzijn op het registreren en monitoren van de personeelsleden uit de kansengroepen op de werkvloer. Er wordt gefocust op de omkadering op de werkvloer van personeelsleden uit de kansengroepen. Het Departement MOW zet in op diverse sporen:
45
Verankeren van inclusief diversiteitsbeleid in de organisatie Het Departement MOW houdt bij de screening en optimalisering van haar HR-processen rekening met diversiteitsaspecten. Specifiek op vlak van Rekrutering & Selectie het faciliteren van instroom van personeelsleden behorend tot kansengroepen door o.a. het leveren van informatie over de procedure van de erkenning van buitenlandse diploma’s in vacatureberichten, de opname diversiteitsparagraaf in vacatureberichten, extra aandacht voor neutraal, helder en toegankelijk taalgebruik in vacatureberichten, de vermelding van de mogelijkheid om redelijke aanpassingen te vragen tijdens de selectie,… Het Departement MOW ondersteunt anderstalige personeelsleden in het versterken van hun kennis van het Nederlands en extra taalverwerving door de mogelijkheid te bieden van opleidingen. Tevens ondersteunt ze AgO in het onderzoek naar het optimaliseren van de slaagkansen van anderstaligen in het taalexamen bij Selor. Bij het opzetten van het onthaalbeleid van nieuwe medewerkers zal aandacht gaan naar aspecten van diversiteit en discriminatie. Het aanwezigheidsbeleid houdt rekening met de (re-)integratie van personeelsleden met een handicap of chronische ziekte. Verder hebben we aandacht voor een leeftijdsbewust personeelsbeleid, waarbij ook de leidinggevenden gesensibiliseerd worden. We zetten in op sensibilisering rond diversiteit We verspreiden en maken reclame voor VO-brede diversiteitsacties via onze communicatiekanalen. Ondersteunen van het persoonlijk welzijn: I.f.v. het persoonlijk welzijn en werkbaar werk, hecht het Departement MOW belang aan de omkadering van personeelsleden uit de kansengroepen op de werkvloer. Het Departement MOW biedt ondersteuning aan personeelsleden met een handicap of chronische ziekte, hun leidinggevenden en teams. HR begeleidt medewerkers bij de aanvraag van een erkenning (arbeids)handicap of chronische ziekte. Het brengt het integratieprotocol extra onder de aandacht en zorgt in overleg met het personeelslid en de leidinggevende voor ondersteuning bij de opmaak van een integratieprotocol met tewerkstellingsondersteunende maatregelen (TOM) i.f.v. redelijke materiële en immateriële aanpassingen en werkafspraken die ervoor zorgen dat personeelsleden in de beste omstandigheden kunnen blijven werken. Aanbieden van stageplaatsen: Het Departement MOW wil de kansen van kansengroepen tot integratie op de arbeidsmarkt helpen te versterken door te voorzien in ervaringsstages bij MOW (bv. beroepsverkennende stages in het kader van begeleiding/opleiding door personen met een arbeidshandicap, personen met migratieachtergrond, …)
46
We bekijken een stage-aanvraag via de Dienst Diversiteitbeleid grondig en toetsen dit af bij onze afdelingen. Het Departement MOW tracht tijdens de vakantiemaanden in te zetten op de tewerkstelling van jobstudenten behorend tot de kansengroepen in samenwerking met de Dienst Diversiteit van de VO
Bijdrage aan VO-brede diversiteitsacties: We spelen in op VO-brede diversiteitsacties en kijken waar het opportuun is om dit intern extra te benadrukken. De diversiteitsambtenaar van DMOW neemt deel aan de Commissies Diversiteit en waar mogelijk aan andere netwerken of workshops, georganiseerd door de Dienst Diversiteitsbeleid. Indien nodig stuurt de diversiteitsambtenaar een plaatsvervanger naar de commissie en andere evenementen.
Om een kwalitatieve aanpak te kunnen garanderen worden de acties gefaseerd opgenomen.
47
Colofon
COPYRIGHT
© 2020 - Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, door middel van druk, fotokopieën, geautomatiseerde gegevensbestanden of op welke andere wijze ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.
OMSLAGFOTO
Jelle Vermeersch
PUBLICATIEDATUM
Januari 2021
UITGEVER
ir. Filip Boelaert secretaris-generaal Vlaamse Overheid, Departement Mobiliteit en Openbare Werken
OPMAAK RCA/URL
www.rca.be
48