Uitspraak beroepsinstantie OVB/2021/397
Vlaamse overheid Beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie Afdeling openbaarheid van bestuur Havenlaan 88, bus 20 1000 BRUSSEL T : 02 553 57 25 Mail: openbaarheid@vlaanderen.be
Dossiernummer: OVB/2021/397
DE BEROEPSINSTANTIE - Afdeling openbaarheid van bestuur Bevoegdheid beroepsinstantie Bestuursdecreet van 7 december 2018, titel II, hoofdstuk 3, afdeling 6. Besluit van de Vlaamse Regering van 19 juli 2007 tot oprichting van de beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie.
Voorafgaande procedure Op 14 oktober 2021 diende xxx (hierna vermeld als: verzoeker), een verzoek in bij de Vlaamse Overheid, beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur, waarbij werd verzocht om een afschrift te verlenen van de zorgvolmacht waarvan sprake in de beslissing 2020/057 van de beroepsinstantie openbaarheid van bestuur, waarover de beroepsinstantie op 24 maart 2020 algemeen aangeeft dat 'een zorgvolmacht (via een lastgeving) enkel toelaat specifieke of algemene handelingen te stellen met betrekking tot het vermogen' en 'dat dit iets geheel anders is dan het verlenen van een toestemming om toegang te verkrijgen tot een zorgdossier'. Op 19 oktober 2021 weigerde het Departement Kanselarij en Buitenlandse Zaken bij de Vlaamse overheid een afschrift van het gevraagde document. Op 22 oktober 2021 diende verzoeker beroep in bij de beroepsinstantie tegen de voormelde weigeringsbeslissing vanwege het Departement Kanselarij en Buitenlandse Zaken bij de Vlaamse overheid. Dit beroep werd geregistreerd op 25 oktober 2021. Ontvankelijkheid van het beroep Het oorspronkelijke verzoek tot openbaarmaking dateert van 14 oktober 2021.
www.vlaanderen.be
De weigeringsbeslissing van het Departement Kanselarij en Buitenlandse Zaken bij de Vlaamse overheid d.d. 19 oktober 2021 maakt melding van de beroepsmogelijkheid en -modaliteiten, zoals bepaald in het Bestuursdecreet. Het beroepschrift d.d. 22 oktober 2021 werd tijdig ingediend en is bijgevolg ontvankelijk. Gegrondheid van het beroep Overeenkomstig artikel II.31, eerste lid Bestuursdecreet heeft het recht op passieve openbaarheid betrekking op bestuursdocumenten. Op grond van deze bepaling is elke instantie in principe verplicht aan eenieder die erom verzoekt inzage te geven in, uitleg te verschaffen over of een afschrift te bezorgen van de gewenste bestuursdocumenten. De openbaarmaking kan slechts geweigerd worden mits toepassing wordt gemaakt van één of meerdere uitzonderingen, zoals gestipuleerd in de artikelen II.33 tot en met II.39 van voormeld decreet.
1.
Bestreden beslissing
Het openbaarheidsverzoek van verzoeker werd afgewezen door het Departement Kanselarij en Buitenlandse Zaken bij de Vlaamse overheid, omdat de opgevraagde informatie kadert in de afhandeling van een beroepsdossier van de beroepsinstantie, meer bepaald dossier OVB/2020/057. Artikel II.34, 3° Bestuursdecreet voorziet dat een aanvraag tot openbaarmaking moet afgewezen worden als die openbaarmaking afbreuk doet aan het geheim van de beraadslagingen van de Vlaamse Regering en van de verantwoordelijke overheden die ervan afhangen.
2. Inhoud van het beroepschrift Verzoeker tekent beroep aan tegen de voormelde weigeringsbeslissing en verwijst daarbij naar de volgende argumenten: “In de beslissing 2020/057 geeft de beroepsinstantie een definitie over een zorgvolmacht die schijnbaar los staat van de inhoud die is verwoord in de zorgvolmacht. De beroepsinstantie verwoord het als volgt: ‘een zorgvolmacht (via een lastgeving) enkel toelaat specifieke of algemene handelingen te stellen met betrekking tot het vermogen’. Enkel door de inhoud terzake te kennen van de door de beroepsinstantie beoordeelde zorgvolmacht kan begrepen worden wat de betekenis is van de beslissing van de beroepsinstantie op alle zorgvolmachten waarin tevens rechten zijn verleend aan de lasthebber om ook toegang te verkrijgen tot persoonlijke informatie. Vanuit mijn oogpunt betreft de vraag dus enkel de vereiste verhelderende informatie noodzakelijk om de impact van de beslissing 2020/57 (die onomwonden stelt dat op alle zorgvolmachten in Vlaanderen via een lastgeving enkel toelaat specifieke of algemene handelingen te stellen met betrekking tot het vermogen) op zorgvolmachten in Vlaanderen te kennen. De vraag betreft dus niet het geheim van het onderzoek maar wel aanvullende info op een onzorgvuldige omschrijving van een beslissing.”
https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur
uitspraak beroepsinstantie OVB/2021/397
pagina 2 van 4
Verzoeker vraagt dan ook om zijn openbaarheidsverzoek in te willigen.
3. Standpunt van de beroepsinstantie De beroepsinstantie stelt vast dat verzoeker in zijn oorspronkelijke aanvraag d.d. 14 oktober 2021, gericht aan de beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur, verzocht om een afschrift te verlenen van een specifiek document dat verband houdt met de afhandeling van een beroepsdossier van de beroepsinstantie, meer bepaald dossier OVB/2020/057. De beroepsinstantie kan zich enkel maar kan aansluiten bij de redenering, zoals deze werd uiteengezet in de beslissing van het departement Kanselarij en Buitenlandse Zaken bij de Vlaamse overheid d.d. 19 oktober 2021. Artikel II.34, 3° Bestuursdecreet voorziet immers dat een aanvraag tot openbaarmaking moet afgewezen worden als die openbaarmaking afbreuk doet aan het geheim van de beraadslagingen van de Vlaamse Regering en van de verantwoordelijke overheden die ervan afhangen, aan het geheim van de beraadslagingen van de organen van het Vlaams Parlement evenals aan het bij wet of decreet bepaalde geheim van beraadslagingen van de organen van de instanties, genoemd in artikel II.28, §1 van het Bestuursdecreet. De beroepsinstantie wijst erop dat in artikel II.34, 3° Bestuursdecreet het geheim van de beraadslagingen van de verantwoordelijke overheden en organen die afhangen van de Vlaamse Regering wordt vastgesteld. De beroepsinstantie, afdeling openbaarheid van bestuur, is een bij decreet opgerichte interne administratieve beroepscommissie binnen de Vlaamse overheid en wordt derhalve als een orgaan beschouwd dat afhangt van de Vlaamse Regering. Bovendien is het zo dat ook impliciet, omwille van de taakstelling zoals omschreven in het Bestuursdecreet en het uitvoeringsbesluit van 19 juli 2007, dient te worden uitgegaan van de geheimhouding van de beraadslagingen van de beroepsinstantie, afdeling openbaarheid van bestuur. Daarnaast is eveneens uitdrukkelijk in artikel 11 van het besluit van de Vlaamse Regering van 19 juli 2007 tot oprichting van de beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie voorzien dat de beraadslagingen alsook alle informatie die verkregen wordt in het kader van de werking van de beroepsinstantie vertrouwelijk zijn. In de voormelde bepaling wordt dus heel expliciet aangegeven dat dus niet enkel de beraadslaging van de beroepsinstantie als vertrouwelijk is te bestempelen, doch dat dit evenzeer geldt voor alle informatie die verkregen wordt in het kader van de werking van de beroepsinstantie. De beroepsinstantie stelt vast dat in casu door verzoeker werd gevraagd naar de openbaarmaking van een document dat verband houdt met de afhandeling van een beroepsdossier van de beroepsinstantie, meer bepaald dossier OVB/2020/057. In artikel 11 van het BVR van 19 juli 2007 is niet enkel het geheim van de beraadslaging van de beroepsinstantie voorzien, doch ook van alle informatie die wordt verkregen in het kader van de werking van de beroepsinstantie. Het document dat nu in casu door verzoeker wordt opgevraagd, heeft effectief betrekking op informatie die door de beroepsinstantie werd ingewonnen bij de betrokken bestuursinstantie naar aanleiding van de inhoudelijke afhandeling van beroepsdossier OVB/2020/057. Daarom is de beroepsinstantie dan ook van oordeel dat deze informatie dan ook dient afgeschermd te worden, aangezien het gaat om informatie die
https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur
uitspraak beroepsinstantie OVB/2021/397
pagina 3 van 4
wel degelijk werd verkregen in het kader van de werking van de beroepsinstantie en de afhandeling van een concreet beroepsdossier. De beroepsinstantie concludeert daarom, op grond van artikel II.34, 3° Bestuursdecreet, in samenhang met artikel 11 van het besluit van de Vlaamse Regering van 19 juli 2007 tot oprichting van de beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie, dat het gevraagde document uit het beroepsdossier OVB/2020/057 niet openbaar kan worden gemaakt. Het ingestelde beroep moet dan ook als ongegrond worden beschouwd.
Na beraadslaging,
BESLUIT: Het beroepschrift van xxx d.d. 22 oktober 2021 tegen de weigeringsbeslissing van het Departement Kanselarij en Buitenlandse Zaken bij de Vlaamse overheid wordt als ontvankelijk doch ongegrond beschouwd. Brussel, 10 november 2021
Voor de beroepsinstantie, afdeling openbaarheid van bestuur,
Bruno ASSCHERICKX Voorzitter
https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur
uitspraak beroepsinstantie OVB/2021/397
pagina 4 van 4