Skip to main content

dossier 2022-179.pdf

Page 1

Uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/179

Vlaamse overheid Beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie Afdeling openbaarheid van bestuur Havenlaan 88, bus 20 1000 BRUSSEL T : 02 553 57 25 Mail: openbaarheid@vlaanderen.be Dossiernummer: OVB/2021/179

DE BEROEPSINSTANTIE - Afdeling openbaarheid van bestuur Bevoegdheid beroepsinstantie Bestuursdecreet van 7 december 2018, titel II, hoofdstuk 3, afdeling 6. Besluit van de Vlaamse Regering van 19 juli 2007 tot oprichting van de beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie. Voorafgaande procedure Op 3 mei 2022 diende xxx (hierna vermeld als: verzoeker), een verzoek in bij de gemeente Asse met een aantal vragen om uitleg en om een afschrift te bekomen van de bij de gemeente Asse ingediende klachten met betrekking tot de door verzoeker geplaatste afsluitingspalen op een perceel langs xxx. Op 10 mei 2022 beantwoordde de gemeente de verschillende vragen maar bezorgde geen afschrift van de ingediende klachten. Op 31 mei 2022 diende verzoeker beroep in bij de beroepsinstantie tegen de beslissing van de gemeente Asse tot weigering van een afschrift van de ingediende klachten. Dit beroep werd geregistreerd op 31 mei 2022. Ontvankelijkheid van het beroep Het oorspronkelijke verzoek dateert van 3 mei 2022. De beslissing van de gemeente Asse dateert van 10 mei 2022. Deze beslissing maakt geen melding van de beroepsmogelijkheid en -modaliteiten, zoals voorgeschreven in artikel II.43, §1, derde lid van het Bestuursdecreet. De beroepstermijn vangt pas aan vier maanden na de kennisgeving van de beslissing.

www.vlaanderen.be


Het beroepschrift van verzoeker d.d. 31 mei 2022 is tijdig ingediend en ontvankelijk. Gegrondheid van het beroep Overeenkomstig artikel II.31, eerste lid Bestuursdecreet heeft het recht op passieve openbaarheid betrekking op bestuursdocumenten. Op grond van deze bepaling is elke instantie in principe verplicht aan eenieder die erom verzoekt inzage te geven in, uitleg te verschaffen over of een afschrift te bezorgen van de gewenste bestuursdocumenten. De openbaarmaking kan slechts geweigerd worden mits toepassing wordt gemaakt van één of meerdere uitzonderingen, zoals gestipuleerd in de artikelen II.33 tot en met II.39 van voormeld decreet.

1.

De bestreden beslissing

De gemeente Asse beantwoordt de verschillende vragen om uitleg betreffende de door verzoeker geplaatste afsluitingspalen, maar bezorgt geen afschrift van de ingediende klachten.

2. Inhoud van het beroepschrift Aangezien verzoeker geen afschrift ontving van de ingediende klachten met betrekking tot de door hem geplaatste afsluitingspalen op een perceel langs xxx, ziet hij zich genoodzaakt beroep in te stellen bij de beroepsinstantie. Beroeper wenst alsnog een afschrift van de ingediende klachten te ontvangen.

3. Toelichting door de gemeente Asse Om met kennis van zaken het beroep te kunnen beoordelen contacteerde de beroepsinstantie de gemeente Asse voor de nodige toelichting bij het ingestelde beroep. De gemeente bezorgde aan de beroepsinstantie een afschrift van de per mail ingediende klacht en meldde dat deze klacht door een vergetelheid niet was bijgevoegd in zijn mail van 10 mei 2022 toen de mail van verzoeker werd beantwoord. De gemeente had ook nog een tweede klacht ter zake ontvangen maar dat was een anonieme telefonische klacht.

4. Standpunt van de beroepsinstantie De beroepsinstantie ontving een afschrift van de bij de gemeente Asse ingediende klacht inzake de door verzoeker geplaatste afsluitingspalen op een perceel langs xxx. De gemeente Asse laat weten dat de klachtindiener niet instemt met het openbaar maken van zijn persoonsgegevens. De naam, het mailadres en de adresgegevens van de klachtindiener vallen volgens het oordeel van de beroepsinstantie onder de uitzonderingsgrond van artikel II. 34, 2° Bestuursdecreet, dat als volgt luidt: Tenzij de aanvraag betrekking heeft op milieu-informatie, wijzen de overheidsinstanties, vermeld in artikel II.28, §1, een aanvraag tot openbaarmaking af als: 2° de openbaarmaking afbreuk doet aan de bescherming van de persoonlijke levenssfeer, tenzij de betrokken persoon met de openbaarmaking instemt. Hoewel het hier om een absolute uitzonderingsgrond gaat waardoor er geen belangenafweging moet plaatsvinden tussen het door de uitzonderingsgrond beschermde belang met het belang van de openbaarheid, vertoont de in artikel II.34, 2° van het Bestuursdecreet voorziene uitzonderingsgrond niettemin een relatief aspect. De decreetgever was weliswaar van oordeel dat er geen afweging vereist is

https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur

uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/179

pagina 2 van 4


met het openbaar belang dat met de openbaarheid is gediend, maar wijst er desondanks op dat telkens en in concreto geoordeeld moet worden of er al dan niet een inbreuk is gepleegd op de bescherming van de persoonlijke levenssfeer (Vlaams Parlement, Parl. St. 2017-2018, nr. 1656/1, blz. 58). Artikel 22 van de Grondwet waarborgt uitdrukkelijk het recht op eerbiediging van het privéleven, net zoals artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens dit doet. De bedoeling en het fundamentele uitgangspunt van de in artikel II.34, 2° van het Bestuursdecreet bedoelde uitzonderingsgrond bestaat er precies in om het aan iedereen toegekende grondwettelijke recht op de eerbiediging van zijn privéleven te beschermen. De naam, het adres en de mailgegevens van natuurlijke personen behoren ontegensprekelijk tot de persoonlijke levenssfeer en het privéleven van de betrokkenen. Het vrijgeven van deze gegevens zou wel degelijk een inbreuk uitmaken op de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer van die personen. Het privéleven vormt de kern van de persoonlijke levenssfeer (F. SCHRAM, Het decreet openbaarheid van bestuur. Een juridische analyse in historisch perspectief, Brugge, Vanden Broele, 247; Concl. Adv.Gen. bij HvJ 8 april 2014, nr. C-293/12, Digital Rights Ireland Ltd, nr. 61). Het openbaar maken van deze gegevens heeft aldus betrekking op de kern van een belang – het door artikel 22 van de Grondwet en het door artikel 8 EVRM aan eenieder toegekende recht op eerbiediging van zijn privéleven – dat de uitzonderingsgrond uit artikel II.34, 2° van het Bestuursdecreet wenst te beschermen tegen de openbaarheid van bestuur (RvS, nr. 234.609 dd. 2 mei 2016). Namen, mailadressen en adressen zijn ongetwijfeld informatie waarvan de openbaarmaking afbreuk zou doen aan de persoonlijke levenssfeer. Het Bestuursdecreet voorziet weliswaar dat men aan de betrokken persoon de instemming kan vragen om deze alsnog openbaar te maken, wat in casu door de betrokken persoon evenwel werd geweigerd. Artikel II.45 van het Bestuursdecreet bepaalt dat een bestuursdocument gedeeltelijk wordt openbaar gemaakt als informatie waarop een uitzondering van toepassing is als vermeld in afdeling 3 of waarvoor de verplichting geldt inzake het aantonen van het belang, vermeld in artikel II.40, § 3, tweede lid, samen met andere informatie in een bestuursdocument opgenomen is, en het mogelijk is om de informatie die niet openbaar kan gemaakt worden, te scheiden van de andere informatie. Aangezien de naam, het mailadres en adres eenvoudig kunnen worden geschrapt in het ingediende klachtbericht, beschouwt de beroepsinstantie het beroep wat dit onderdeel betreft gedeeltelijk gegrond. De beroepsinstantie neemt kennis van het feit dat de tweede klacht louter mondeling via de telefoon werd gecommuniceerd aan de gemeente Asse. Volgens de in artikel I.4.3° van het Bestuursdecreet geformuleerde definitie van een bestuursdocument kan een vraag in het kader van openbaarheid van bestuur slechts betrekking hebben op bestaande documenten. Aangezien in casu de tweede klacht een louter mondelinge klacht via de telefoon betreft waar verder geen nota van werd genomen, kan de gemeente geen document overmaken. Bij gebrek aan een bestaand document met betrekking tot de tweede mondelinge klacht dient het beroep wat dit onderdeel betreft ongegrond te worden verklaard. Na beraadslaging,

BESLUIT:

https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur

uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/179

pagina 3 van 4


Het beroepschrift van xxx d.d. 31 mei 2022 tegen de beslissing van de gemeente Asse wordt als ontvankelijk en gedeeltelijk gegrond en gedeeltelijk ongegrond beschouwd. Bijgevolg dient de gemeente Asse een afschrift te bezorgen van de ingediende klacht, mits weglating van de naam, het mailadres en adres van de klachtindiener.

Geen toestemming tot hergebruik van bestuursdocumenten In zoverre dit beroep gegrond werd verklaard, geldt dat deze inwilliging van de aanvraag tot openbaarmaking GEEN toestemming inhoudt om de gevraagde bestuursdocumenten te hergebruiken, als vermeld in titel II, hoofdstuk 4 van het Bestuursdecreet van 7 december 2018 (zie artikel II.44, §3, van het Bestuursdecreet). Brussel, 13 juni 2022 Voor de beroepsinstantie, afdeling openbaarheid van bestuur, Bruno ASSCHERICKX Voorzitter

https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur

uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/179

pagina 4 van 4


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
dossier 2022-179.pdf by Vlaanderen-be - Issuu