Skip to main content

dossier 2022-023.pdf

Page 1

Uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/023

Vlaamse overheid Beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie Afdeling openbaarheid van bestuur Havenlaan 88, bus 20 1000 BRUSSEL T : 02 553 57 25 Mail: openbaarheid@vlaanderen.be Dossiernummer: OVB/2022/023

DE BEROEPSINSTANTIE - Afdeling openbaarheid van bestuur Bevoegdheid beroepsinstantie Bestuursdecreet van 7 december 2018, titel II, hoofdstuk 3, afdeling 6. Besluit van de Vlaamse Regering van 19 juli 2007 tot oprichting van de beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie. Voorafgaande procedure Op 20 december 2021 diende xxx, een verzoek in bij de gemeente Grobbendonk om een afschrift te krijgen van de bestaande verkavelingsvergunning, de eventuele latere wijzigingen en de plannen xxx, het uitgevoerde buurtonderzoek en het onderzoek naar andere mogelijke bouwplaatsen op de verkaveling of elders. Op 20 januari 2022 diende verzoeker beroep in bij de beroepsinstantie wegens ontstentenis van beslissing vanwege de gemeente Grobbendonk. Het beroepschrift werd door de beroepsinstantie geregistreerd op 20 januari 2022. Ontvankelijkheid van het beroep Op 20 december 2021 werd het oorspronkelijk verzoekschrift ingediend. Op 20 januari 2022 diende verzoeker beroep in bij de beroepsinstantie openbaarheid van bestuur, tegen het uitblijven van een antwoord van de gemeente Grobbendonk. Aangezien de gemeente Grobbendonk niet tijdig gereageerd heeft op het oorspronkelijke openbaarheidsverzoek, heeft de termijn om beroep in te dienen conform artikel II.48 van het Bestuursdecreet geen aanvang genomen.

www.vlaanderen.be


Het beroepschrift van verzoeker d.d. 20 januari 2022 is bijgevolg tijdig ingediend en wordt als ontvankelijk beschouwd. Gegrondheid van het beroep Overeenkomstig artikel II.31, eerste lid Bestuursdecreet heeft het recht op passieve openbaarheid betrekking op bestuursdocumenten. Op grond van deze bepaling is elke instantie in principe verplicht aan eenieder die erom verzoekt inzage te geven in, uitleg te verschaffen over of een afschrift te bezorgen van de gewenste bestuursdocumenten. De openbaarmaking kan slechts geweigerd worden mits toepassing wordt gemaakt van één of meerdere uitzonderingen, zoals gestipuleerd in de artikelen II.33 tot en met II.39 van voormeld decreet.

1.

Inhoud van het beroepschrift

Via het indienen van het beroep beoogt verzoeker alsnog de gevraagde documenten te verkrijgen.

2. Toelichting door de gemeente Grobbendonk De gemeente Grobbendonk heeft aan de beroepsinstantie op 8 februari 2022 het verkavelingsplan en de verkavelingsvergunning overgemaakt als beschikbare documenten die het bestuur bezit betreffende dit openbaarheidsdossier. De gemeente Grobbendonk voert daarbij aan dat er geen uitzonderingsgronden van toepassing zijn op dit openbaarheidsverzoek, behalve dan deze van de kennelijke onredelijkheid gekoppeld aan het misbruik van recht, waarbij de gemeente verwijst naar de eerdere uitspraak van de beroepsinstantie in de dossiers OVB/2021/194-195-196, met dezelfde verzoeker. De gemeente stelt dat ook het huidige beroep in dezelfde zin dient beoordeeld te worden, aangezien de modus operandi van verzoeker sindsdien niet is gewijzigd.

3. Beoordeling door de beroepsinstantie In de eerdere beslissing in de dossiers OVB/2021/194-195-196 had de beroepsinstantie inderdaad vastgesteld dat verzoeker met zijn openbaarheidsverzoeken bij de gemeente Grobbendonk systematisch en op korte tijd heel wat documenten en gegevens opvroeg. En dat het duidelijk was dat al deze verzoeken in het kader van openbaarheid van bestuur onnoemelijk veel tijd kosten voor het gemeentebestuur en zo ook de normale werking van de administratie in het gedrang brengen. De gemeente Grobbendonk had daarbij concrete cijfergegevens inzake het aantal aanvragen en de vereiste personeelsinzet aangereikt op basis waarvan de beroepsinstantie tot de kennelijke onredelijkheid en het misbruik van recht heeft besloten. De beroepsinstantie was in de vermelde dossiers OVB/2021/194-195-196 bovendien van oordeel dat de toen voorliggende verzoeken inzake openbaarmaking ook niet op zich beoordeeld moeten worden, maar eveneens in het licht van de totaliteit van de vorige vragen tot openbaarmaking van bestuursdocumenten die door verzoeker werden gesteld aan de gemeente Grobbendonk: “Hierbij valt op dat die verzoeken binnen

een erg kort tijdsbestek werden en worden ingediend en verzoeker daarnaast de gemeente nog frequent contacteert met allerhande vragen om uitleg en informatie. De beroepsinstantie kan redelijkerwijze

https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur

uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/023

pagina 2 van 5


aannemen dat de afhandeling van de openbaarheidsverzoeken, omwille van hun aanhoudend en opeenvolgend karakter arbeidsintensief en tijdrovend is voor de gemeente Grobbendonk. Dit alles zorgt ervoor dat het de beroepsinstantie bijgevolg aannemelijk voorkomt dat zulks de normale werking van de gemeente verstoort. Deze systematische vragen, die in bepaalde gevallen ook zeer ruim zijn geformuleerd en waarbij er bijvoorbeeld ook vragen uit eerdere verzoeken worden hernomen of herinneringen worden gestuurd waar ook nieuwe vragen worden bijgevoegd, neemt kennelijk onredelijke proporties aan.” Omwille van het ontbreken van concrete cijfergegevens inzake aantal openbaarheidsverzoeken de laatste maanden, en de vereiste personeelsinzet van de gemeentelijke diensten om deze verzoeken te behandelen, vermag de beroepsinstantie in huidig dossier echter niet besluiten tot de kennelijke onredelijkheid van het verzoek, temeer daar het thans om twee eenvoudig te versturen bestuursdocumenten gaat. Het grondwettelijke recht op openbaarheid van bestuur is een instrument dat de burgers moet toelaten controle uit te oefenen op het handelen van een overheidsinstantie. Het moet de burgers in staat stellen de rechtmatigheid van het overheidsoptreden te beoordelen en met kennis van zaken te beslissen of er grond bestaat dat optreden in rechte aan te vechten. Verzoeker heeft aldus het volste recht om gebruik te maken van de openbaarheid van bestuur om het doen en laten van bepaalde bestuursinstanties betreffende aangelegenheden die hij zich ter harte heeft genomen, na te gaan. Hij is er evenwel niet van ontslagen om zijn rechten op redelijke en zorgvuldige wijze uit te oefenen: het belang dat de verzoeker heeft bij de uitoefening van zijn rechten, moet in redelijke verhouding staan met de gevolgen voor de werking van de betrokken overheidsinstantie. Het misbruik van recht is een uitzonderingsgrond die onder toepassing van artikel II.33, 1° van het Bestuursdecreet kan worden ingeroepen en die de aanvraag tot openbaarmaking “kennelijk onredelijk” maakt. De vraag wanneer repetitieve aanvragen tot openbaarmaking de grens van de kennelijke onredelijkheid overschrijden, is zeer delicaat en moeilijk en daar moet, het uitgangspunt indachtig dat de uitzonderingsgronden op de openbaarheid restrictief moeten worden geïnterpreteerd en toegepast, heel behoedzaam mee worden omgegaan. Op grond van de toelichting d.d. 8 februari 2022 van de gemeente Grobbendonk, kan de beroepsinstantie aldus niet besluiten dat in casu de grenzen van de kennelijke onredelijkheid werden overschreden en dat er sprake is van misbruik van recht. Daargelaten de vraag of het huidige openbaarheidsverzoek, beschouwd binnen het geheel van de openbaarheidsverzoeken van dezelfde verzoeker, effectief als kennelijk onredelijk zou moeten worden beschouwd, stelt de beroepsinstantie in casu vast dat er thans onvoldoende concrete gegevens werden bijgebracht om de kennelijke onredelijkheid en het misbruik van recht aan te tonen. De beroepsinstantie beschikt derhalve niet over de nodige gegevens om tot de effectieve kennelijke onredelijkheid, zoals beweerd door de gemeente, te besluiten. Het zal van de gemeente Grobbendonk overigens slechts een bijzonder geringe personeelsinzet vergen om de beschikbare documenten, zijnde de betrokken verkavelingsvoorschriften en het verkavelingsplan (inplantingsplan), aan verzoeker te bezorgen. Wat dit laatste betreft (inplantingsplan) rijst nog wel de vraag of het betrokken plan als een originele creatie in de zin van de auteurswet te beschouwen is, dit wil zeggen een intellectuele creatie, eigen aan de maker ervan. In bevestigend geval kan er, behoudens toestemming van de auteur ervan, geen afschrift van worden overhandigd. In het Bestuursdecreet komt de bescherming van het auteursrecht niet als uitzondering voor. De intellectuele eigendom is volgens artikel 6, §1, VI, lid 5, 7° van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, een federale aangelegenheid. Het ontbreken van regels op het vlak van de bescherming van intellectuele rechten, waaronder het auteursrecht, is een gevolg van de onbevoegdheid

https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur

uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/023

pagina 3 van 5


van de decreetgever. Echter, het Bestuursdecreet laat de federale regelgeving betreffende de intellectuele rechten onverlet, en overheidsinstanties dienen bijgevolg de federale regelgeving te eerbiedigen bij het nemen van beslissingen over aanvragen tot openbaarmaking. Uit artikel XI.165 en volgende van het Wetboek van economisch recht, volgt dat het recht om een werk van letterkunde of kunst te reproduceren op welke wijze en in welke vorm ook, direct of indirect, tijdelijk of duurzaam, volledig of gedeeltelijk, uitsluitend is voorbehouden aan de auteur. De plannen genieten de bescherming van het auteursrecht indien ze van oorspronkelijkheid getuigen, wat inhoudt dat het werk de persoonlijke stempel draagt van de auteur. De bescherming ontstaat van rechtswege. Het betrokken plan is echter niet meer dan een inplantingsplan, zonder weergave van de gedetailleerde inrichting van de gebouwen, en getuigt niet van de nodige originaliteit en het vereiste individuele karakter om door het auteursrecht te worden beschermd. Bijgevolg houdt de overhandiging van een afschrift van dit plan, zonder toestemming van de auteur ervan, geen schending in van het auteursrecht De beroepsinstantie is ten slotte van oordeel dat er geen andere wettelijke of decretale weigeringsgronden voorhanden zijn die zich verzetten tegen de openbaarmaking van de gevraagde bestuursdocumenten. Gelet op het voorgaande wordt het beroepschrift als gegrond beschouwd. Na beraadslaging,

BESLUIT: Het beroepschrift van xxx d.d. 20 januari 2022 tegen de ontstentenis van beslissing van de gemeente Grobbendonk betreffende het op 20 december 2021 geformuleerde openbaarheidsverzoek wordt als ontvankelijk en gegrond beschouwd. Bijgevolg dient de gemeente Grobbendonk een afschrift van de beschikbare bestuursdocumenten, zijnde de verkavelingsvoorschriften en het verkavelingsplan (inplantingsplan) over te maken aan verzoeker. Geen toestemming tot hergebruik van bestuursdocumenten

In zoverre dit beroep gegrond werd verklaard, geldt dat deze inwilliging van de aanvraag tot openbaarmaking GEEN toestemming inhoudt om de gevraagde bestuursdocumenten te hergebruiken, als vermeld in titel II, hoofdstuk 4 van het Bestuursdecreet van 7 december 2018 (zie artikel II.44, §3, van het Bestuursdecreet). Brussel, 18 februari 2022 Voor de beroepsinstantie, afdeling openbaarheid van bestuur,

https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur

uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/023

pagina 4 van 5


Bruno ASSCHERICKX Voorzitter

https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur

uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/023

pagina 5 van 5


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
dossier 2022-023.pdf by Vlaanderen-be - Issuu