Uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/144
Vlaamse overheid Beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie Afdeling openbaarheid van bestuur Havenlaan 88, bus 20 1000 BRUSSEL T : 02 553 57 25 Mail: openbaarheid@vlaanderen.be Dossiernummer: OVB/2022/144
DE BEROEPSINSTANTIE - Afdeling openbaarheid van bestuur Bevoegdheid beroepsinstantie Bestuursdecreet van 7 december 2018, titel II, hoofdstuk 3, afdeling 6. Besluit van de Vlaamse Regering van 19 juli 2007 tot oprichting van de beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie. Voorafgaande procedure Op 13 april 2022 diende xxx (hierna vermeld als: verzoeker), een verzoek in bij het agentschap Wonen Vlaanderen om een afschrift te bekomen van het volledig technisch verslag van de woningcontrole van het door SVK Meetjesland verhuurde pand gelegen xxx. Op 21 april 2022 werd verzoeker gevraagd zijn belang aan te tonen om het gevraagde stuk vrij te geven. Aangezien verzoeker niet op dit verzoek wou ingaan, weigerde het agentschap Wonen Vlaanderen het gevraagde technisch verslag. Op 28 april 2022 diende verzoeker beroep in bij de beroepsinstantie tegen de beslissing van het agentschap Wonen Vlaanderen tot weigering van het technisch verslag. Dit beroep werd geregistreerd op 2 mei 2022. Ontvankelijkheid van het beroep Het oorspronkelijke verzoek dateert van 13 april 2022. De beslissing van het agentschap Wonen Vlaanderen dateert van 21 april 2022. Deze beslissing maakt melding van de beroepsmogelijkheid en -modaliteiten, zoals voorgeschreven in artikel II.43, §1, derde lid van het Bestuursdecreet. Het beroepschrift van verzoeker d.d. 28 april 2022 is tijdig ingediend en ontvankelijk. Gegrondheid van het beroep
www.vlaanderen.be
Overeenkomstig artikel II.31, eerste lid Bestuursdecreet heeft het recht op passieve openbaarheid betrekking op bestuursdocumenten. Op grond van deze bepaling is elke instantie in principe verplicht aan eenieder die erom verzoekt inzage te geven in, uitleg te verschaffen over of een afschrift te bezorgen van de gewenste bestuursdocumenten. De openbaarmaking kan slechts geweigerd worden mits toepassing wordt gemaakt van één of meerdere uitzonderingen, zoals gestipuleerd in de artikelen II.33 tot en met II.39 van voormeld decreet.
1.
De bestreden beslissing
Het agentschap Wonen Vlaanderen weigert de openbaarmaking van het technisch verslag van het pand gelegen te xxx, bij gebrek aan aangetoond belang door verzoeker. Het agentschap Wonen Vlaanderen verklaarde nader dat een technisch verslag een waardeoordeel bevat over de levenssituatie en levenskwaliteit van een woning wat ook als informatie van persoonlijke aard wordt gezien. De loutere bewering kandidaat-huurder te zijn, kan door het agentschap niet worden geverifieerd en werd dan ook niet weerhouden.
2. Inhoud van het beroepschrift Beroeper vraagt de beslissing van het agentschap Wonen Vlaanderen om te vormen en een afschrift te verlenen van het gevraagde technisch verslag.
3. Toelichting door het agentschap Wonen Vlaanderen Om met kennis van zaken het beroep te kunnen beoordelen contacteerde de beroepsinstantie het agentschap Wonen Vlaanderen voor de nodige toelichting bij het ingestelde beroep. Op 3 en 6 mei 2022 bezorgde het agentschap het technisch verslag in kwestie, alsook de nodige toelichting. Het agentschap Wonen Vlaanderen handhaaft bovendien haar standpunt zoals uiteengezet in de beslissing van 21 april 2022 en verwijst hiervoor naar het advies van de van de Gegevensbeschermingsautoriteit dd. 27 februari 2019. Uit dit advies citeert het agentschap Wonen Vlaanderen volgende randnummers :
“16. Het technisch verslag bevat persoonsgegevens in de zin dat het informatie geeft over een persoon die respectievelijk een zakelijk recht heeft op een woning die eventueel niet conform is, of een persoon die deze woning verhuurt of bewoont. Deze informatie kan voor de drie categorieën en in het bijzonder voor de bewoners stigmatiserend zijn 17. De Autoriteit wijst er op, dat al gaat het in principe over gebreken aan de wooninfrastructuur, in de rand daarvan elementen uit het privé leven en gezinsleven van de bewoners kunnen worden vermeld, met name de personen die door deze regelgeving zouden moeten worden beschermd. 18. Dit is vooral mogelijk doordat in de modellen toch rubrieken staan die vrij kunnen ingevuld worden door de woningcontroleur. Bovendien is het mogelijk dat er bijlagen aan het verslag worden toegevoegd al zijn er in de modellen geen verwijzingen naar bijlagen opgenomen. Er moet over worden gewaakt dat geen verwerking van bepaalde persoonsgegevens wordt voorzien (beschrijvingen van situaties of afbeeldingen), die niet zouden voldoen aan de proportionaliteitseis van artikel 5, c), AVG. Bovendien moet de toegang tot de gegevensbeperkt worden tot wat nodig is voor elke categorie bestemmelingen.”. Op basis van voormelde randnummers oordeelt het agentschap Wonen Vlaanderen als volgt :
https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur
uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/144
pagina 2 van 5
“De GBA lijkt hier te zeggen dat de technische gegevens uit het technisch verslag beschrijvingen kunnen
zijn van het privé leven van de bewoner en dat hiertoe vooral risico bestaat als de gebreken in de vrije velden nader beschreven worden. We nemen het standpunt in dat, naast persoonlijke identificatiegegevens, ook alle technische gegevens in het technisch verslag te beschouwen zijn als persoonsgegevens. De redenering is dat deze gegevens in verband kunnen gebracht worden met een persoon en dat de verwerking van persoonsgegevens net die bescherming uitmaakt van de persoonlijke levenssfeer waaraan volgens art. II.34, 2° van het Bestuursdecreet geen afbreuk mag gedaan worden bij openbaarmaking.” 4. Standpunt van de beroepsinstantie
De beroepsinstantie gaat niet akkoord met voormelde interpretatie van het agentschap Wonen Vlaanderen. Zoals reeds uiteengezet in haar beslissing met kenmerk OVB/2020/279, is de beroepsinstantie van oordeel dat het agentschap Wonen-Vlaanderen met betrekking tot verzoeken over technische verslagen ten onrechte het belang van verzoeker vraagt. We hernemen hier dan ook het oordeel van de beroepsinstantie zoals uiteengezet in voormeld beroepsdossier : “Vooreerst stelt de beroepsinstantie vast dat de in casu bevraagde bestuursinstantie, het agentschap Wonen-Vlaanderen, het Bestuursdecreet verkeerd interpreteert wat het vereiste belang betreft in het kader van openbaarheid van bestuur. Artikel II.40, §3 van het Bestuursdecreet stelt immers uitdrukkelijk dat de aanvrager geen belang hoeft aan te tonen tenzij de aanvraag betrekking heeft op informatie van persoonlijke aard. Informatie van persoonlijke aard definieert het Bestuursdecreet als informatie die betrekking heeft op een beoordeling of een waardeoordeel, of die de beschrijving van een gedrag bevat van een bij name genoemd of een gemakkelijk identificeerbare natuurlijke persoon. De beroepsinstantie merkt op dat de in deze verslagen vermelde gegevens hoofdzakelijk de staat van de woning beschrijven. De technische verslagen handelen in principe over de gebreken aan de wooninfrastructuur. Dergelijke verslagen omvatten dan ook geen waardeoordeel of beschrijving van een gedrag van een natuurlijk persoon. Naast de identificatie van het gebouw en de woonentiteit vermeldt het technisch verslag ook de identificatiegegevens van de houder van het zakelijk recht op de woning. De daar vermelde gegevens (zoals de naam en voornaam, het adres, het rijksregisternummer en de aard van het zakelijk recht) zijn persoonsgegevens die op grond van artikel II.34, 2° van het Bestuursdecreet inzake de bescherming van de persoonlijke levenssfeer kunnen worden afgeschermd. Een naam van een natuurlijk persoon, zijn adres of rijksregisternummer en of hij zijn woning in volle eigendom of in vruchtgebruik heeft, zijn duidelijk gegevens die de persoonlijke levenssfeer raken, maar deze gegevens houden helemaal geen waardeoordeel of een beschrijving van een gedrag in. Gegevens die de persoonlijke levenssfeer raken en informatie met betrekking tot een waardeoordeel of een gedrag van een persoon zijn dan ook twee totaal van elkaar te onderscheiden gegevens. De vermelding in een opgevraagd bestuursdocument van gegevens die de persoonlijke levenssfeer raken, rechtvaardigt dan ook niet dat verzoeker een belang bij zijn openbaarheidsverzoek moet aantonen. Integendeel.” De Gegevensbeschermingsautoriteit (GVA) stelt in hier haar advies dd. 27 februari 2019 enkel dat • een technisch verslag informatie geeft over een persoon die een zakelijk recht heeft op een woning die eventueel niet conform is en dat deze informatie stigmatiserend kan zijn;
https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur
uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/144
pagina 3 van 5
• •
het technische verslag in principe handelt over gebreken aan de wooninfrastructuur en dat in de rand daarvan elementen uit het privé leven van de bewoners kunnen worden vermeld; dit mogelijk is in de rubrieken die vrij kunnen ingevuld worden door de woningcontroleur. En dat er moet over worden gewaakt dat geen verwerking van bepaalde persoonsgegevens wordt voorzien.
Vertrekkende vanuit deze door de GVA geschetste hypothetische situaties (waarin de technische gegevens uit het technisch verslag beschrijvingen van het privé leven van de bewoner kunnen bevatten) concluderen dat alle technische gegevens in het technisch verslag te beschouwen zijn als persoonsgegevens acht de beroepsinstantie dan ook een brug te ver. In casu is het technisch verslag bovendien zeer beknopt en bevat het naast de gegevens van de eigenaars (naam, adres en rijksregisternummer) amper informatie. Met betrekking tot voormelde persoonsgegevens verwijst de beroepsinstantie naar artikel II.34.2° van het Bestuursdecreet, dat bepaalt dat een overheidsinstantie het verzoek voor wat betreft andere dan milieuinformatie afwijst als de openbaarmaking afbreuk doet aan de bescherming van de persoonlijke levenssfeer, tenzij de betrokken persoon met de openbaarmaking instemt. Hoewel het hier om een absolute uitzonderingsgrond gaat waardoor er geen belangenafweging moet plaatsvinden tussen het door de uitzonderingsgrond beschermde belang met het belang van de openbaarheid, vertoont de in artikel II.34, 2° van het Bestuursdecreet voorziene uitzonderingsgrond niettemin een relatief aspect. De decreetgever was weliswaar van oordeel dat er geen afweging vereist is met het openbaar belang dat met de openbaarheid is gediend, maar wijst er desondanks op dat telkens en in concreto geoordeeld moet worden of er al dan niet een inbreuk is gepleegd op de bescherming van de persoonlijke levenssfeer (Vlaams Parlement, Parl. St. 2017-2018, nr.1656/1, blz.58). Artikel 22 van de Grondwet waarborgt uitdrukkelijk het recht op eerbiediging van het privéleven, net zoals artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens dit doet. De bedoeling en het fundamentele uitgangspunt van de in artikel II.34, 2° van het Bestuursdecreet bedoelde uitzonderingsgrond bestaat er precies in om het aan iedereen toegekende grondwettelijke recht op de eerbiediging van zijn privéleven te beschermen. De beroepsinstantie merkt op dat bij onderzoek naar de uitzonderingsgrond met betrekking tot de persoonlijke levenssfeer moet worden nagegaan of er al dan niet sprake is van informatie in een bestuursdocument die op de persoonlijke levenssfeer betrekking heeft. De beroepsinstantie stelt vast dat het in casu gaat om namen, adressen en rijksregisternummers. Deze gegevens behoren wel degelijk tot de persoonlijke levenssfeer van de betrokken personen. Het vrijgeven van deze gegevens zou een inbreuk uitmaken op de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer van die personen. Het privéleven vormt de kern van de persoonlijke levenssfeer (F. SCHRAM, Het decreet openbaarheid van bestuur. Een juridische analyse in historisch perspectief, Brugge, Vanden Broele, 247; Concl. Adv.Gen. bij HvJ 8 april 2014, nr. C-293/12, Digital Rights Ireland Ltd, nr. 61). Het openbaar maken van voormelde gegevens heeft aldus betrekking op de kern van een belang – het door artikel 22 van de Grondwet en het door artikel 8 EVRM aan eenieder toegekende recht op eerbiediging van zijn privéleven – dat de uitzonderingsgrond uit artikel II.34, 2° van het Bestuursdecreet wenst te beschermen tegen de openbaarheid van bestuur (RvS, nr. 234.609 dd. 2 mei 2016). Artikel II.34,2° van het Bestuursdecreet bepaalt dat mits toestemming van de betrokkene zijn gegevens wel openbaar kunnen worden gemaakt maar in casu heeft beroeper uitdrukkelijk in zijn aanvraag aangegeven dat de persoonsgegevens mogen worden weggelaten zodat de beroepsinstantie er vanuit gaat dat deze gegevens geen onderdeel uitmaken van zijn verzoek of beroep.
https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur
uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/144
pagina 4 van 5
Artikel II.45, §2 van het Bestuursdecreet bepaalt dat een bestuursdocument gedeeltelijk openbaar wordt gemaakt als informatie waarop een uitzondering van toepassing is als vermeld in afdeling 3 of waarvoor de verplichting geldt inzake het aantonen van het belang, vermeld in artikel II.40, § 3, tweede lid, samen met andere informatie in een bestuursdocument opgenomen is, en het mogelijk is om de informatie die niet openbaar kan gemaakt worden, te scheiden van de andere informatie. Aangezien de beschermde gegevens die de persoonlijke levenssfeer enkel vermeld staan in de daartoe bestemde velden van het verslag op pagina 1, kunnen deze eenvoudig worden weggelaten of geschrapt. Aangezien de overige in het technisch verslag vermelde informatie geen elementen bevat die stigmatiserend zijn voor de betrokkenen noch het privéleven raken van betrokkenen is de beroepsinstantie van oordeel dat het agentschap Wonen Vlaanderen te onrechte het opgevraagde technisch verslag weigerde bij gebrek aan aangetoond persoonlijk belang van verzoeker. Aangezien er verder geen andere uitzonderingsgronden de openbaarheid van het technisch verslag met betrekking tot de woning gelegen te xxx beletten, wordt het beroep gegrond verklaard. Na beraadslaging,
BESLUIT: Het beroepschrift van xxx d.d. 28 april 2022 tegen de beslissing van het agentschap Wonen Vlaanderen dd. 21 april 2022 wordt als ontvankelijk en gegrond beschouwd. Bijgevolg dient een afschrift verstrekt te worden van het technisch verslag van de woning gelegen te xxx, mits weglating van de erin vermelde persoonsgegevens.
Geen toestemming tot hergebruik van bestuursdocumenten In zoverre dit beroep geheel of gedeeltelijk gegrond werd verklaard, geldt dat deze inwilliging van de aanvraag tot openbaarmaking GEEN toestemming inhoudt om het/de gevraagde bestuursdocument(en) te hergebruiken, als vermeld in titel II, hoofdstuk 4 van het Bestuursdecreet van 7 december 2018. Brussel, 1 juni 2022 Voor de beroepsinstantie, afdeling openbaarheid van bestuur, Bruno ASSCHERICKX Voorzitter
https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur
uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/144
pagina 5 van 5