Landinrichting Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid
Gentse Kanaalzone Koppelingsgebieden - fase 2 Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid Gecoรถrdineerde versie eindvoorstel inrichtingsplan mei 2015
Landinrichting Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid Colofon Uitvoerder: Vlaamse Landmaatschappij Vestiging Gent, Virginie Lovelinggebouw Koningin Maria Hendrikaplein 70 postbus 75 - 9000 Gent Tel. 09 244 85 00 www.vlm.be Onder begeleiding van de planbegeleidingsgroep opgericht voor het inrichtingsproject landinrichting ‘Gentse Kanaalzone, koppelingsgebieden - fase 2’
Eindredactie:
Leen Van Nieuwerburgh
Coverfoto:
VLM fotoarchief - www.vlm.be
Datum rapport mei 2015
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
INHOUD DEEL 1. INLEIDING .................................................................................................................................3 1.1. Inleiding .....................................................................................................................................3 1.1.1. Kader .....................................................................................................................................3 1.1.2. Leeswijzer ..............................................................................................................................3 1.2. Situering opdracht .....................................................................................................................4 1.2.1. Historiek .................................................................................................................................4 1.2.2. Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 1 en het landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone-koppelingsgebieden, fase 2 ...............................4 1.2.3. Inrichtingsplannen .................................................................................................................5 1.3.
Inspraak en adviesprocedures ..................................................................................................5
DEEL 2. PROJECTSITUERING ...............................................................................................................7 2.1.
Ligging en afbakening van het plangebied ...............................................................................7
2.2. Gebiedsbeschrijving ..................................................................................................................8 2.2.1. Fysische kenmerken..............................................................................................................8 2.2.2. Landschap .............................................................................................................................9 2.2.3. Natuur ..................................................................................................................................11 2.2.4. Landbouw ............................................................................................................................11 2.2.5. Archeologie ..........................................................................................................................12 2.2.6. Recreatief medegebruik ......................................................................................................12 2.3.
Juridische en beleidsmatige aspecten ....................................................................................13
DEEL 3. PROJECTBESCHRIJVING ......................................................................................................21 3.1.
Analyse bestaande wegenstructuur ........................................................................................21
3.2. Visie.........................................................................................................................................22 3.2.1. Buffering door aanleg van bos ............................................................................................23 3.2.2. Open landbouwgebied met zicht op de omgeving ..............................................................24 3.2.3. Doorgaand fietspad Langerbrugge-Doornzele ....................................................................24 3.2.4. Een opgewaardeerd en visueel aantrekkelijk landschap ...................................................25 3.2.5. Natuurontwikkelingszone met vochtig rietland, wilgenstruweel en spontane ontwikkeling .26 3.3.
Inrichtingsmaatregelen ............................................................................................................26
3.4. Planeffecten en milderende maatregelen ...............................................................................34 3.4.1. Landbouw ............................................................................................................................34 DEEL 4. UITVOERINGSPROGRAMMA ................................................................................................35 DEEL 5. FINANCIERINGSPLAN ...........................................................................................................36 LITERATUUR .........................................................................................................................................39
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
1
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
TABELLEN Tabel 1: Tabel 2:
Juridische en beleidsmatige randvoorwaarden (stand van zaken: april 2012) ....................14 Kostenraming .......................................................................................................................33
Tabel 3: Tabel 4:
Kostenraming werken en grondverwerving per uitvoerende partner ...................................38 Kostenraming werken en grondverwerving per financierende partner ................................38
Tabel 5:
Overzicht financieringsplan ..................................................................................................38
FIGUREN Figuur 1: Figuur 2:
Aanleg fietspad t.h.v. bestaande veldweg (Hospitaaldreef) .................................................31 Aanleg nieuw tracé langs stort van Electrabel .....................................................................31
KAARTEN Kaart 1: Kaart 2: Kaart 3: Kaart 4: Kaart 5:
Situering Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone Situering koppelingsgebieden Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid RUP Landbouwtypologie Biologische waarderingskaart
PLANNEN Plan 1 Plan 2 Plan 3 Plan 4
Visie Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost Inrichtingsplan Doornzele-Zuid Grondverwerving
BIJLAGEN Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3
2
Doornsnede fietspad Kerkbrugge-Oost Inrichting knooppunten Watertoets
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
DEEL 1. INLEIDING 1.1. Inleiding 1.1.1. Kader Het decreet van 21 december 1998 De wettelijke basis voor landinrichting wordt gegeven door de artikelen 6bis en 11 t.e.m. 14 van het decreet van 21 december 1988 houdende de oprichting van de Vlaamse Landmaatschappij zoals aangevuld met het decreet van 22 november 1995 en gewijzigd bij decreten van 8 december 2000, 19 juli 2002, 7 mei 2004 en 19 mei 2006. Het Besluit van de Vlaamse Regering van 28 mei 2004 Het voorliggend inrichtingsplan werd opgemaakt in toepassing van het Besluit van de Vlaamse Regering van 28 mei 2004 betreffende de procedure tot opmaak van landinrichtingsplannen en houdende de opheffing van het Besluit van de Vlaamse Regering van 6 juni 1996 houdende nadere regelen betreffende de landinrichting en houdende de wijziging van het Besluit van de Vlaamse Regering van 17 maart 1998 houdende de subsidiëring van de landinrichtingswerken, gewijzigd bij Besluit van de Vlaamse Regering van 7 maart 2008 en 10 oktober 2008. Dit besluit definieert de landinrichtingsplannen en regelt de procedures van adviesverlening en goedkeuring van de plannen. Het subsidiebesluit De partners die bijdragen tot de uitvoering van dit inrichtingsplan, kunnen daarvoor een tussenkomst van het Vlaamse Gewest bekomen conform het Besluit van de Vlaamse Regering van 17 maart 1998 houdende subsidiëring van de landinrichtingswerken, gewijzigd bij Besluit van de Vlaamse Regering van 28 mei 2004 en van 10 oktober 2008. De subsidiëring van landinrichtingswerken uitgevoerd door gemeenten of provincies wordt nader bepaald bij Ministerieel Besluit van 12 april 2006 houdende subsidiëring van landinrichtingswerken uitgevoerd door gemeenten of provincies.
1.1.2. Leeswijzer Dit voorliggend ontwerp van inrichtingsplan is opgebouwd uit vijf delen. Deel één omvat een algemene inleiding met het kader en de situering van de opdracht. Tevens komt de inspraak- en adviesprocedure aan bod. Deel twee brengt de projectsituering van het plangebied. Hierbij wordt ingegaan op de ligging en afbakening van het gebied, de fysische gebiedsbeschrijving en de juridische en beleidsmatige aspecten.
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
3
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
Deel drie beschrijft de vooropgestelde inrichting van het plangebied. Uitgaande van de gebiedsopties, zoals opgenomen in het planprogramma, worden deze verder verfijnd tot een gebiedsgericht inrichtingsconcept. Daarna wordt dit concept vertaald in concrete inrichtingsmaatregelen. Deel vier omvat het uitvoeringsprogramma. Dit omvat een overzicht van alle partnerschappen die binnen dit inrichtingsplan werden afgesproken. Ze hebben betrekking op de grondverwerving, de uitvoering van de inrichtingsmaatregelen en het beheer achteraf. De raming van de kosten van het volledige project en de verdeling ervan over de verschillende partners worden ten slotte overzichtelijk weergegeven in deel vijf, het financieringsplan.
1.2. Situering opdracht 1.2.1.
Historiek
In 1993 werd op initiatief van de provincie Oost-Vlaanderen het ROM-project opgestart. ROM staat voor Ruimtelijke Ordening en Milieu en verwijst naar de wens om meer afstemming tussen Ruimtelijke Ordening en Milieu te realiseren. De visie op de ontwikkeling van het havengebied Gent is in 1996 tot een streefbeeld uitgewerkt. De Vlaamse regeerakkoorden van 9 juli 1999 en van 19 juni 2004 geeft aan dat voor elk havengebied in Vlaanderen een strategisch plan en een ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) moet worden opgesteld. Het opgestelde streefbeeld en de resultaten van bijkomende onderzoeken en verdere onderbouwing van dit streefbeeld zijn de basis voor het strategisch plan voor de Gentse Kanaalzone “Wel-varende kanaalzone, kwalitatieve groei vóór de nieuwe sluis en in stroomversnelling erna” (mei 2007). Het strategisch plan is door de bevoegde raden goedgekeurd en aansluitend aan de Vlaamse minister bevoegd voor havenbeleid overgemaakt. Het RUP “Afbakening zeehavengebied Gent/inrichting R4-oost en R4-west” is definitief vastgesteld op 15 juli 2005. Het RUP “Afbakening zeehavengebied Gent, fase 2” is definitief vastgesteld op 20 juli 2012. Parallel met de goedkeuring van dit RUP werd het landinrichtingsproject “Gentse Kanaalzone-koppelingsgebieden, fase 2” goedgekeurd.
1.2.2. Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone-Koppelingsgebieden, fase 1 en het landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone-koppelingsgebieden, fase 2 In het hierboven geschetste kader kreeg de Vlaamse Landmaatschappij met de beslissingen van 11 juni 2004 en 25 juni 2004 van de Vlaamse Regering de opdracht om een landinrichtingsproject voor de Gentse Kanaalzone uit te werken, om een grondenbank op te richten en om deel te nemen aan alle formele en informele overlegorganen.
4
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
Het eerste landinrichtingsproject werd goedgekeurd door de Vlaamse Regering op 24 februari 2006. Het landinrichtingsproject fase 2 werd goedgekeurd op 20 juli 2012, parallel met de goedkeuring van het RUP afbakening zeehavengebied Gent, fase 2. De eerste stap voor de uitwerking van een landinrichtingsproject houdt de oprichting in van een planbegeleidingsgroep. Deze werd voor de eerste fase opgericht op 26 september 2006. Op 18 maart 2013 kreeg de planbegeleidingsgroep voor het landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone-koppelingsgebieden, fase 1 ook de opdracht om de planvorming van de inrichtingsplannen voor het landinrichtingsproject, Gentse Kanaalzone-koppelingsgebieden, fase 2 te begeleiden.
1.2.3.
Inrichtingsplannen
Na de goedkeuring van het landinrichtingsproject wordt dit uitgewerkt in meerdere inrichtingsplannen. Volgens artikel 9 van het Besluit van de Vlaamse Regering van 28 mei 2004 omvat het inrichtingsplan de uitwerking van maatregelen, handelingen en werken die nodig zijn om het inrichtingsproject landinrichting te realiseren. Een inrichtingsplan omvat ook een uitvoeringsprogramma en financieringsplan dat de verantwoordelijke partners voor uitvoering en financiering aanwijst en de taken op elkaar afstemt. Het financieringsplan brengt het kostenplaatje in beeld samen met de financieringsmodaliteiten. Dit rapport betreft het inrichtingsplan “Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid”, een eerste landinrichtingsplan voor het landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone-koppelingsgebieden, fase 2.
1.3. Inspraak en adviesprocedures Het inrichtingsplan wordt ingevolge de regelgeving opgemaakt door de Vlaamse Landmaatschappij, onder begeleiding van de planbegeleidingsgroep die door de Vlaamse minister bevoegd voor landinrichting werd opgericht op 26 september 2006 en bijgesteld op 17 september 2007, 28 april 2009, 11 mei 2010 en 13 december 2010 en 18 maart 2013 ter begeleiding van het landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone-Koppelingsgebieden, fase 1. Met het Ministerieel Besluit van 18 maart 2013 kreeg de planbegeleidingsgroep eveneens de opdracht de planvorming van het landinrichtingsproject fase 2 te begeleiden. De planbegeleidingsgroep is samengesteld uit vertegenwoordigers van de betrokken administraties van het Vlaamse Gewest (LNE, DLV, MOW, RWO, ANB, ALV, AI, VMM, VLM), vertegenwoordigers van het provinciebestuur Oost-Vlaanderen en de gemeenten Evergem en Zelzate en de stad Gent, vertegenwoordigers van terreinbeherende natuurverenigingen en doelgroepen bos, landbouw, recreatie en industrie, en deskundigen van de betrokken bewonersgroepen, Polder Moervaart en Zuidlede en Watering De Burggravenstroom.
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
5
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
Het voorliggend voorstel van inrichtingsplan werd, conform de regelgeving, onderworpen aan een adviesprocedure. Deze ving aan met de kennisgeving van dit inrichtingsplan aan de Commissie voor landinrichting op 6 mei 2013. Het ontwerp van inrichtingsplan KerkbruggeOost en Doornzele-Zuid werd onderworpen aan een advies van het provinciebestuur OostVlaanderen, de gemeente Evergem en het Havenbedrijf Gent. Daarbij besliste het College van burgemeester en schepenen het inrichtingsplan gedurende 30 dagen (22 mei 2013 tot 22 juni 2013) ter inzage te leggen in het gemeentenhuis. De opmerkingen en bezwaren werden gevoegd bij het advies van de gemeenteraad. Op basis van deze adviezen werd het ontwerp van inrichtingsplan onder begeleiding van de planbegeleidingsgroep aangepast in het voorliggend eindvoorstel van inrichtingsplan. Dit eindvoorstel van inrichtingsplan wordt geadviseerd door de Commissie voor landinrichting, waarna het -bij positief advies- ter goedkeuring aan de minister bevoegd voor landinrichting wordt bezorgd.
6
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
DEEL 2. PROJECTSITUERING 2.1. Ligging en afbakening van het plangebied
Kaarten 1 en 2
De koppelingsgebieden Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid liggen op de linkeroever van het kanaal Gent-Terneuzen, ten oosten van de Doornzeelsestraat en ten westen van het industrieterrein de Grote Nest. Beide gebieden vormen een buffer tussen het industrieterrein Grote Nest en de woonkernen van Doornzele en Kerkbrugge. Deze in te richten zones liggen op grondgebied van de gemeente Evergem. Het koppelingsgebied Kerkbrugge-Oost heeft een oppervlakte van 17,8 ha. Dit gebied is deels in landbouwgebruik, deels bebost en deels ruig terrein. De directe omgeving wordt gekenmerkt door: – – – –
de verkaveling langs de Platanenstraat en de waardevolle tuinwijk Herryville in het westen; een onbebouwd deel met bestemming parkgebied dat aansluit bij de parkzone van het koppelingsgebied Langerbrugge-Zuid; de hoge, afgewerkte stortberg van Kronos ten zuidoosten van het koppelingsgebied en het zeehaventerrein De Nest in het oosten; de bedrijvensite met o.m. het SEVESO-bedrijf Kronos aan de oostrand (bedrijf en deponie).
Het koppelingsgebied Doornzele-Zuid heeft een oppervlakte van 29,6 ha en is grotendeels in landbouwgebruik. De directe omgeving wordt gekenmerkt door: – –
–
–
ten noorden, aan de zijde van het dorp, de veeleer rafelige rand met zonevreemde gebouwen, met een zicht op de forse groenmassa van Doornzele Dries; ten oosten van het koppelingsgebied de bedding van de voormalige spoorlijn 55, met noordwaarts een bijbehorende fietsverbinding aansluitend bij het koppelingsgebied Doornzele-kanaalzijde. in de zuidrand van het gebied, vlak bij de woninggroep aan Herrystraat en zonder enige vorm van buffering, het reeds ontwikkelde deel van het zeehaventerrein Langerbruggekaai tussen spoor en kanaal met iets verderop meerdere SEVESObedrijven; daarop aansluitend, in de zuidrand van het gebied, het te ontwikkelen zeehaventerrein De Nest, momenteel in ontwikkeling.
Beide koppelingsgebieden zijn rechtstreeks met elkaar gelinkt door de aangelegde bufferberm rond het industrieterrein De Nest. Deze koppelingsgebieden, samen met de bufferberm en de koppelingsgebieden Langerbrugge-Zuid en Doornzele-Kanaalzijde, maken deel uit van het groen raamwerk tussen het veer van Langerbrugge en het veer van Ter Donk.
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
7
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
2.2. Gebiedsbeschrijving 2.2.1.
Fysische kenmerken
2.2.1.1. Reliëf Het plangebied ligt in het centraal gedeelte van de Vlaamse zandstreek, meer bepaald in de Vlaamse Vallei, een laag en vlak gebied met een ca. 20 tot 30 m dikke pleistocene opvulling en een matig tot uitgesproken microreliëf. De Vlaamse Vallei wordt gekenmerkt door een afwisseling van WZW-ONO-gerichte zandruggen gescheiden door zwakke depressies. De stuifzandrug Maldegem-Stekene en de Moervaartdepressie ten zuiden daarvan zijn de meest opvallende. Het gebied is vlak met een gemiddelde hoogte van 6 m TAW. De meest zuidelijke zandige opduiking in de gemeente Evergem herbergt vier deelgemeenten, nl. Belzele, Evergem, Kerkbrugge en Doornzele. De eerste drie zijn door de jaren heen sterk met elkaar vergroeid geraakt. De kern van Evergem kende hoofdzakelijk uitbreidingen op de zandrug, zodat een brede oost-west gerichte woonband ontstond, die nog slechts door korte stukjes lintbebouwing van de kernen van Belzele en Kerkbrugge gescheiden wordt. Het lint dat Kerkbrugge met Doornzele verbindt over diezelfde zandrug, is langer en heeft nog een meer open karakter. De zandrug met de kernen van Belzele, Evergem en Kerkbrugge/Langerbrugge wordt aan de noordzijde begrensd door de depressie van de Hindeplasbeek en aan de zuidzijde door deze van de Oude Kale. In de koppelingsgebieden zijn nauwelijks natuurlijke reliëfverschillen aanwezig. Structurerende reliëfelementen in het gebied zijn het afgewerkt en ontoegankelijk vliegasstort in Kerkbrugge-Oost en de verhoogde bufferberm rond het te ontwikkelen industriegebied De Nest. De afgewerkte stortberg rond Kronos is tevens een opvallend reliëfelement dat visueel dominant aanwezig is in het gebied.
2.2.1.2. Bodem Het gebied is gelegen in de Vlaamse Vallei. Dit is een glaciale erosievallei die opgevuld is met zandig materiaal. Het materiaal aan de oppervlakte wordt dekzand genoemd en heeft hier een gemiddelde hoogte van 6 meter. De bodem in het studiegebied bestaat voornamelijk uit matig droge en matig natte zandgronden (Z). In het zuiden van Kerkbrugge-Oost en het zuiden van Doornzele-Zuid bevinden zich enkele nattere gronden die bestaan uit lemig zand (S) en zandleem (P).
8
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
2.2.1.3. Water Hydrografie en oppervlakte- en grondwaterkwaliteit Beide gebieden behoren tot het bekken van de Gentse Kanalen en liggen binnen het werkgebied van de watering van de Burggravenstroom. Het deelbekken Burggravenstroom omvat waterlopen die enerzijds uitmonden in het kanaal Gent-Terneuzen en anderzijds in het Schipdonkkanaal. In het plangebied draagt het kanaal Gent-Terneuzen sterk bij tot de drainage van de omliggende gebieden. Het volledige koppelingsgebied watert af naar het kanaal Gent-Terneuzen. In het koppelingsgebied zijn enkele herkenbare afwateringsgrachten aanwezig. Het kanaal Gent-Terneuzen is de enige bevaarbare waterloop aan de rand van het koppelingsgebied. Dit is de slagader van de haven van Gent en heeft een belangrijke afwaterende functie. Het kanaal Gent-Terneuzen wordt beheerd door de Afdeling Maritieme Toegang van het Vlaamse Gewest. In het projectgebied bevinden zich geen gecategoriseerde waterlopen. Kerkbrugge-Oost behoort tot de VHA-zone Kanaal Gent-Terneuzen van Leie Binnenstad/Benedenschelde Monding Moervaart (zone 132). Doornzele-Zuid behoort grotendeels tot dezelfde VHA-zone, maar een beperkt noordelijk deel behoort tot de VHAzone Kanaal Gent-Terneuzen van monding Moervaart tot monding in Schelde (zone 137). Het hele plangebied wordt gekenmerkt door vrij hoge grondwaterstanden in winter en zomer. Een zone met natte gronden situeert zich in het zuidelijk deel van Kerkbrugge-Oost. Voor het overige deel bestaat het gebied uit matig natte tot matig droge zandbodems. Oppervlaktewaterkwaliteit Het meetnet oppervlaktewaterkwaliteit van de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) bevat géén meetpunten in of grenzend aan beide koppelingsgebieden.
2.2.2.
Landschap
Historiek Kerkbrugge en Langerbrugge, evenals Doornzele, zijn ontstaan op hoger gelegen dekzandruggen langs een prehistorisch wegtracé, o.a. de huidige Kluizensesteenweg en de Burggravenlaan. Op de Ferrariskaart (1775) is te zien dat deze natuurlijke west-oost gerichte landschappelijke structuren zijn doorsneden door de slingerende Sassegemvaart (gegraven in 1547, nu het Kanaal Gent-Terneuzen), als zoveelste poging om een directe verbinding met de zee te verkrijgen. De naam Kerkbrugge verwijst naar de brug die verbinding gaf met de kerk, vermeld in 1235 en aangelegd over de Durme (nu de Kale) door de Sint-Baafsabdij als verbinding tussen haar twee belangrijke domeinen Sloten en Marca.
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
9
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
Landschapsvisuele typering De omgeving van beide koppelingsgebieden behoort tot het traditioneel landschap van het straatdorpengebied van Waarschoot en ligt in een overgangsgebied van het Meetjesland in het westen en het straatdorpengebied in het oosten. Het is een overwegend vlak gebied met gemengde land- en tuinbouw en een grote dichtheid van bewoning langs de wegen, die het gebied compartimenteren. De straatdorpen zijn onderling vaak verbonden met sterke lintbebouwing en het gebied is vrij versnipperd met weinig weidse zichten. Het koppelingsgebied Kerkbrugge-Oost is een relatief versnipperd gebied met aanzienlijke reliëfverschillen. Centraal in het gebied ligt een veldweg (Hospitaaldreef). In het koppelingsgebied komen geen gebouwen voor. Tussen deze veldweg en de woonkern Kerkbrugge / tuinwijk Herryville / Tuinwijklaan ligt een vlak gebied met akkers met centraal, rond een afwateringsgracht, een nat perceel met rieten wilgenopslag. Vanaf deze plaats in zuidelijke richting biedt het gebied een mooi zicht op de elektriciteitscentrale van Langerbrugge en haar schoorsteen. Ten oosten van deze veldweg, aansluitend bij het koppelingsgebied Langerbrugge-zuid, ligt een verruigd, lager gelegen perceel tussen twee opgehoogde stortplaatsen. Dit gebied wordt overspannen door twee hoogspanningsleidingen. Aansluitend bij de bebouwing langs Doornzeelsestraat bevindt zich een groot L-vormig, ca. 7 m opgehoogd voormalig sintelstort waarvan ongeveer een vierde is bebost. Dit gebied sluit aan op de Varenbergstraat. Doornzele-Zuid is een nagenoeg vlak en grotendeels open gebied. Het gebied is grotendeels in landbouwgebruik. Er komt een bosje voor en een beperkt aantal kleine landschapselementen (KLE). Het gebied wordt omzoomd door een aantal straten: de Wildestraat en de Wulgestraat in het zuiden en de Groenweg en de Lochtingstraat in het noorden. Dwars door het gebied loopt de Straetmansdreef. In het koppelingsgebied is nagenoeg geen bebouwing aanwezig, met uitzondering van een geïsoleerde zonevreemde woning aan Straetmansdreef en een woning langs de Kooistraat die aansluit bij een groep van een negental kleine woningen langs de Herrystraat in het aangrenzend industriegebied. Het gebied is overspannen met een hoogspanningsleiding. Vanuit het gebied is er een beeldbepalend zicht op de koeltoren en schoorsteen van de elektriciteitscentrale van Rodenhuize aan de overzijde van het kanaal Gent-Terneuzen.
10
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
2.2.3.
Natuur
Kaart 5
De natuurwaarden in het gebied zijn zéér beperkt. In Kerkbrugge-Oost is het opgehoogd en afgewerkt stort van Electrabel volgens de biologische waarderingskaart gekarteerd als waardevol element (lsb): een populierenaanplant met ondergroei van struikgewas op droge grond. Verder vind je centraal in het gebied een brede natte zone rond een perceelsgracht met rietvegetatie en opslag van wilgenstruweel. In de bermen langs de centrale veldweg is er spontane opslag van bomen en struiken (eik, kornoelje, es, enz.). In Doornzele-Zuid zijn er volgens de biologische waarderingskaart nagenoeg geen waardevolle elementen aanwezig, afgezien van één waardevolle bomenrij en één brede houtkant. In het noorden is een naaldhoudaanplant van grove den zonder ondergroei (pa) aanwezig.
2.2.4.
Landbouw
Kaart 4
De beschrijving van de landbouwbedrijven en landbouwpercelen betrokken bij het inrichtingsproject is gebaseerd op ALV-gegevens van 2012 en mestbankgegevens van 2010. De totale oppervlakte van de betrokken landbouwpercelen, geheel of gedeeltelijke gelegen in het koppelingsgebied, bedraagt 40 ha. Binnen het projectgebied gaat het om 33 ha. Het betreft in totaal veertig percelen die door vijftien bedrijven worden gebruikt. De betrokken bedrijven hebben hun bedrijfszetel in Evergem (11 van de 15 bedrijven) of in een buurgemeente (4 van de 15 bedrijven). Er liggen geen huiskavels in het projectgebied. Op ongeveer 25 ha wordt maïs geteeld, op ongeveer 10 ha grasland en op 2 ha worden granen geteeld. Op 35,5 ha van de 40 ha worden toeslagrechten geactiveerd. Zes van de vijftien betrokken bedrijven gebruiken minder dan 1 ha in het projectgebied, drie bedrijven gebruiken er tussen 1 en 2 ha, drie bedrijven gebruiken er tussen 2 en 5 ha en drie bedrijven gebruiken er tussen 5 en 8 ha. Ongeveer 23 ha gronden worden gebruikt door veeteeltbedrijven (melkvee, vleesvee of een combinatie van beide). Ongeveer 8 ha worden gebruikt door akkerbouwbedrijven en zo’n 7 ha worden gebruikt door hobbybedrijven.
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
11
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
2.2.5.
Archeologie
Binnen het projectgebied is er slechts één gekende archeologische vindplaats (CAI 159886). Het betreft hier verschillende sporen die werden aangetroffen bij de archeologische begeleiding van de aardgasleiding VTN II. De sporen kunnen worden gedateerd in de middeleeuwen en recenter. In de directe nabijheid van het projectgebied (minder dan 500 m) werd uitgebreid archeologisch onderzoek uitgevoerd naar aanleiding van de realisatie van industrieterrein Evergem – De Nest, gelegen ten westen tussen het projectgebied en het kanaal Gent-Terneuzen. Daarbij werden verschillende gelijkaardige sporen aangetroffen. Belangrijker is de mesolithische site die hierbij werd aangetroffen en die later werd opgegraven. Aangezien de bodemtypes waarop deze site aangetroffen werd ook doorlopen in het projectgebied, zal er voldoende aandacht moeten worden besteed aan de detectie van mogelijk aanwezige steentijdsites.
2.2.6.
Recreatief medegebruik
In Evergem liggen verschillende fiets- en wandelroutes die de recreant leiden langs de dorpskernen. Het fietsroutenetwerk Meetjesland loopt langs de ingerichte bufferberm Doornzele-Zuid. In het gebied zijn geen specifieke recreatieve elementen, maar het gebied heeft wel zijn functie als schakel naar verschillende recreatieve elementen in de omgeving: – – –
12
het ontmoetingscentrum De Burggraeve in Kerkbrugge met speelterrein en parking en het ontmoetingscentrum Ter Gulden Celle op Doornzeledries; de Dries van Doornzele fungeert als centrale ontspanningsruimte voor de bewoners van Doornzele. Er is een speelpleintje en een locatie voor boogschieten aanwezig; de koppelingsgebieden in ontwikkeling in de nabijheid van het plangebied, koppelingsgebied Doornzele-Noord, parkgebied Langerbrugge-Zuid en parkgebied DoornzeleKanaalzijde, zullen een attractieve rol vervullen voor passieve recreatie. Samen met Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid zullen ze een gevarieerd groen lint van afwisselend bossen, natuur, landbouw en parken vormen als buffer en verbindingsgebied tussen de woonkernen en industriegebieden. Zo zullen zij een recreatieve meerwaarde bieden aan de bewoners. Het koppelingsgebied Doornzele-Noord zal een aantrekkelijk en gevarieerd bos- en natuurgebied worden voor de wandelaar en fietser. Er worden enkele natuurlijke speelzones voorzien in de te bebossen delen. De uitvoering van deze werken op terrein is gepland vanaf 2014. Het koppelingsgebied Doornzele-kanaalzijde wordt een speelbos met natuurlijke spelelementen en een zicht op het kanaal. Meer zuidwaarts zal het koppelingsgebied Langerbrugge-Zuid fungeren als park met gevarieerde functies zoals wandelen, spelen, natuureducatie, enz. Voor deze twee laatste gebieden worden technische plannen opgemaakt en is de uitvoering gepland vanaf 2015.
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
2.3. Juridische en beleidsmatige aspecten Volgende tabel geeft een overzicht van juridische en beleidsmatige randvoorwaarden waarvan de relevantie voor het project en het plangebied werd bekeken. Juridische en beleidsmatige randvoorwaarden die relevant werden geacht ( ), worden in de kolom “Bespreking van relevantie” besproken; de laatste kolom geeft, waar relevant, aan waar dit onderdeel verder in de tekst wordt besproken. Randvoorwaarden die niet relevant worden geacht ( ), komen verder niet meer aan bod. De cursief aangeduide elementen zijn minder relevant voor de planvorming, maar zijn belangrijk bij de uitvoering van de werken.
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
13
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
Tabel 1: Juridische en beleidsmatige randvoorwaarden (stand van zaken: april 2012) Juridische en beleidsmatige randvoorwaarden
Relevant
Bespreking van de relevantie
Verwijzing
RUIMTELIJKE ORDENING Ruimtelijk Ordeningsrecht Gewestplan
In het plangebied werd het gewestplan overschreven door het RUP afbakening zeehavengebied Gent – fase 2 (20 juli 2012).
RUP 1ste fase
RUP Afbakening zeehavengebied Gent – Inrichting R4-Oost en R4-West, 15 juli 2005. Relevant gezien link met de nabijgelegen koppelingsgebieden Langerbrugge-Zuid en Doornzele-Kanaalzijde
RUP 2de fase
RUP Afbakening zeehavengebied Gent – fase 2, 20 juli 2012 Bestemming plangebied: Kerkbrugge-Oost: art.3 bosgebied – koppelingsgebied, art.8 gemengd openruimtegebied en art.3 bosgebied – koppelingsgebied met overdruk art.4 bosbuffer met dijk en mogelijkheid voor dienstverlenende bedrijven;
Kaart 3
Doornzele-Zuid: voornamelijk art.7 agrarisch gebied – koppelingsgebied en daarnaast in de randzone art.3 bosgebied – koppelingsgebied en in de oostrand art.9 bufferdijk. BPA, APA Stedenbouwkundige vergunning
Bij realisatie van de maatregelen zoals omschreven in deel 3
Deel 3
Structuurplannen Vlaanderen
Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen: algemeen relevant, vermelding haven Gent als economische poort voor Vlaanderen.
Provincie
Ruimtelijk Structuurplan Oost-Vlaanderen: algemeen relevant, vermelding dat Gentse haven als multimodale economische poort dient te worden ontwikkeld.
Gemeente
GRSP Evergem: de leefbaarheid van de havendorpen en de gescheiden afwikkeling van het havenverkeer en het dorpenverkeer wordt als een belangrijk gegeven beschouwd.
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
14
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
Juridische en beleidsmatige randvoorwaarden
Relevant
Strategisch plan Gentse Kanaalzone
Bespreking van de relevantie
Verwijzing
Dit plan met kernbeslissingen geeft een beeld van de gewenste toekomstige situatie in de kanaalzone. Voor de kanaaldorpen Kerkbrugge-Langerbrugge en Doornzele zijn volgende elementen in het strategisch plan opgenomen: vanuit het principe van efficiënt ruimtegebruik staat in dit strategisch plan een verweving van functies voorop. Dit betekent onder meer dat de kanaaldorpen Langerbrugge en Doornzele als leefbare woonomgeving worden gehandhaafd. De nodige maatregelen worden genomen om verbetering en kwaliteit in deze kanaaldorpen na te streven.
GROND- EN OPPERVLAKTEWATER Decreet integraal waterbeleid Bekkenbeheerplannen en Deelbekkenbeheerplannen
Het plangebied ligt binnen het bekken Gentse Kanalen en deelbekken Burggravenstroom.
Watertoets
Algemeen van toepassing. Dit document wordt opgemaakt op basis van het eindvoorstel van dit inrichtingsplan.
Wet op de onbevaarbare waterlopen Wet op Polders en Wateringen Machtiging voor het werken aan waterlopen
Het volledige plangebied behoort tot de Watering Burggravenstroom. Binnen het plangebied is de watering verantwoordelijk voor de ruimings-, onderhouds- en herstellingswerken aan deze waterloop van 4de categorie.
Decreet houdende maatregelen inzake productie van drinkwater uit oppervlaktewater Bescherming van oppervlaktewateren bestemd voor productie van drinkwater
Het plangebied maakt geen deel uit van een oppervlaktewaterwingebied.
Decreet houdende maatregelen inzake het grondwaterbeheer Bescherming waterwingebieden
Het plangebied maakt geen deel uit van een grondwaterwingebied.
Grondwaterwinning
Het project heeft geen impact op grondwaterwinning.
BODEM Decreet betreffende de voorkoming en het beheer van afvalstoffen Voorwaarden m.b.t. bagger- en ruimingsspecie en uitgraven bodem
Deze voorwaarden zullen worden gerespecteerd bij het ruimen van de grachten en bij ander grondverzet (zie deel 3).
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
Deel 3
15
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
Juridische en beleidsmatige randvoorwaarden
Relevant
Bespreking van de relevantie
Verwijzing
Decreet betreffende de bodemsanering en de bodembescherming Voorwaarden en procedures m.b.t. grondverzet
Deze voorwaarden worden gerespecteerd bij werken met grondverzet (zie deel 3).
Bodemattest
Dit attest wordt aangevraagd bij de aankoop en verkoop van gronden
Gebruiksbeperkingen en voorzorgsmaatregelen bij verontreinigde gronden
Kan relevant zijn indien in het kader van werken wordt gestoten op verontreinigde gronden.
Deel 3
Erosiebesluit/Mid Term Review Tegengaan van bodemerosie
In het plangebied bevinden zich geen erosiegevoelige gronden.
MILIEUBELEID EN MER
SEVESO-richtlijn
Ten zuidoosten van het projectgebied bevindt zich het SEVESO-bedrijf Kronos Europe NV. In het omgevingsveiligheidsrapport van het bedrijf worden het individuele en het groepsrisico berekend. Bij de opmaak van het inrichtingsplan voor Kerkbrugge-Oost dient rekening te worden gehouden met de hieraan verbonden gevolgen voor het bedrijf.
Milieubeleidsplannen Provinciale en gemeentelijke Milieubeleidsplannen
Algemeen relevant
MER-decreet MER-(screenings)plicht
Geen MER-plichtige werken, wel MER op strategisch plan Haven Gent.
NATUUR Decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu Stand still/Zorgplicht
Algemeen van toepassing: binnen het voorliggend project mag geen vermijdbare schade aan de natuur worden veroorzaakt. Niet-vermijdbare schade dient te worden gecompenseerd.
VEN
Het plangebied maakt geen deel uit van een VEN-gebied.
Speciale beschermingszones
Binnen het plangebied zijn geen speciale beschermingszones.
Natuurrichtplan
Binnen het plangebied zijn geen natuurrichtplannen opgemaakt.
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
16
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
Juridische en beleidsmatige randvoorwaarden
Relevant
Bespreking van de relevantie
Wijzigen van vegetaties en kleine landschapselementen
Mogelijks zullen KLE’s in het gebied verdwijnen i.f.v. de aanleg van de fietsverbinding. Dit zal worden aangegeven in het technisch plan dat wordt opgemaakt ter voorbereiding van de uitvoering van de werken en aanvraag bouwvergunning.
Vlaamse of erkende reservaten
Er ligt geen erkend reservaat in het plangebied.
Verwijzing
Natuurbeleidsplannen Gemeentelijk/Provinciaal natuurontwikkelingsplan
Evergem heeft een gemeentelijk natuurontwikkelingsplan. De elementen uit dit plan werden mee opgenomen in het strategisch plan.
BOS Bosdecreet Criteria duurzaam bosbeheer
Niet relevant
Algemene verbodsbepalingen
Niet relevant
Ontbossingen
In het kader van voorliggend inrichtingsplan worden geen ontbossingen voorzien.
Kapvergunning
Kan relevant zijn in fase van uitvoering (zie deel 3). Dit zal worden aangegeven bij de opmaak van het technisch plan ter voorbereiding van de uitvoering van de werken en aanvraag bouwvergunning
Bosbeheersplan
In het plangebied is geen bosbeheerplan van kracht.
Toegankelijkheid
Niet relevant
Bosgroepen
Het plangebied valt binnen het werkingsgebied van de bosgroep Oost-VlaanderenNoord.
Deel 3
Veldwetboek Bebossing van landbouwgronden
Het inrichtingsplan voorziet geen bebossing van landbouwgronden.
LANDBOUW Decreet houdende de bescherming van water tegen de verontreiniging van nitraten uit agrarische bronnen (Mestdecreet). Bemestingsnormen
Algemeen relevant
MTR-verordening Randvoorwaarden m.b.t. ruilen en/of herverkaveling van gronden in landbouwgebruik
Ruilen of herverkavelen van gronden in landbouwgebruik wordt niet voorzien.
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
17
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
Juridische en beleidsmatige randvoorwaarden
Relevant
Bespreking van de relevantie
Verwijzing
LANDSCHAP EN CULTUURHISTORIE Decreet betreffende de landschapszorg Beschermde landschappen
Er zijn geen beschermde landschappen in het plangebied. Ten noorden van het plangebied is Doornzeledries beschermd als landschap
Ankerplaatsen (definitief aangeduid) en erfgoedlandschappen
Niet aanwezig in het plangebied.
Decreet tot bescherming van monumenten, stads- en dorpsgezichten Beschermde monumenten, stadsen dorpsgezichten
In de nabijheid van het plangebied: het tuindorp Herryville (dorpsgezicht), de oude elektriciteitscentrale van Electrabel (monument), de stenen windmolen op Doornzele Dries (monument)
Inventaris van het bouwkundig erfgoed
Volgende zaken in de nabijheid van het plangebied zijn opgenomen in de inventaris: Tuinwijk Herryville met Velodroom, Te Geetschuur, Hoeve losstaande bestanddelen ca.1800 (Doornzeelsestraat 24A).
ARCHEOLOGIE Decreet houdende bescherming van het archeologisch patrimonium Meldingsplicht
Bij werken met grondverzet.
Deel 3
Stedenbouwkundige vergunning – advies erfgoedconsulent
Bij werken met grondverzet.
Deel 3
RECREATIE Beleid recreatie en toerisme Beleidsplannen recreatie en toerisme
Niet aanwezig in het plangebied.
JACHT Jachtdecreet
In het zuiden van Kerkbrugge-Oost is de erkende wildbeheerseenheid “Rond Kale Lieve Burggrave” actief.
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
18
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
Juridische en beleidsmatige randvoorwaarden
Relevant
Bespreking van de relevantie
Verwijzing
LICHT
Lichtplan Gent
Dit beleidsplan kent geen officieel statuut. De gemeente Evergem verwijst bij haar advies naar haar beslissing. ‘Het College van Burgemeester en Schepenen van de gemeente Evergem heeft in zitting van 17 december 2012 goedkeuring gehecht aan het lichtplan van de Gentse Kanaalzone en gesteld dat zij de richtlijnen zullen opvolgen waar zij dit nodig achten.’
WEGEN EN WATERLOPEN Statuut van wegen, waterlopen en leidingen
Het gebied wordt in het westen begrensd door de gewestelijke weg Doornzeelsestraat en in het oosten door de Langerbruggekaai. In het zuiden wordt het gebied begrensd door de gemeentelijke weg Tuinwijk. De overige wegen grenzend in het plangebied zijn de gemeentelijke wegen Grote Nest, Straetmansdreef, Wildestraat, Kooistraat en Herrystraat.
MOBILITEITSBELEID Decreet betreffende de mobiliteitsconvenants Mobiliteitsplannen
Evergem heeft een mobiliteitsplan.
Raamplan onderliggend wegennet
Algemeen relevant
Raamplan R4-west
Het plangebied grenst niet aan de R4.
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
19
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
Gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan “afbakening Zeehavengebied Gent, fase 2” – fase 2” Kaart 3 De Vlaamse Regering heeft op 20 juli 2012 dit GRUP definitief vastgesteld. In dit plan voert de Vlaamse regering bestemmingswijzigingen en inrichtingsvoorschriften door in onder meer zeven koppelingsgebieden binnen het havengebied. De koppelingsgebieden Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid werden in dit tweede GRUP herbestemd. Kerkbrugge-Oost Uit de visie en krachtlijnen in de toelichtingsnota bij het GRUP blijkt dat het koppelingsgebied Kerkbrugge-Oost zich moet ontwikkelen, in aansluiting op de beide aanleunende koppelingsgebieden Doornzeelsestraat en Langerbrugge-Zuid, tot een stevige beboste buffer voor het zeehaventerrein met de cluster milieubelastende activiteiten. Daarnaast ligt een open landbouwgebied dat zichten op de waardevolle architecturale gehelen in de omgeving openhoudt en versterkt. De visie wordt vertaald naar krachtlijnen voor de ruimtelijke ontwikkeling. In deze krachtlijnen wordt onder meer aandacht besteed aan: – de dichte stevige bosbuffer aan de hele oostzijde en doorlopend parallel aan de Doornzeelsestraat; – het open landbouwgebied in de westzijde met doorkijken vanaf de Doornzeelsestraat en op de waardevolle architecturale gehelen van de tuinwijk en de elektriciteitscentrale; – het doorgaande fietspad Langerbrugge – Doornzele; – de voorziene ontsluiting van de bedrijvencluster aan de Gentstraat. Doornzele-Zuid Uit de visie en krachtlijnen in de toelichtingsnota bij het GRUP blijkt dat het koppelingsgebied Doornzele-Zuid moet ontwikkelen, in aansluiting op de koppelingsgebieden Kerkbrugge-Oost en Doornzele-kanaalzijde, tot een geheel van opeenvolgende bufferende bosjes ten opzichte van het zeehaventerrein met een cluster milieubelastende activiteiten. In dit koppelingsgebied bevindt zich een overwegend open landbouwgebied. De fietsas van de westelijke dorpenroute doorkruist het gebied. De visie wordt vertaald naar krachtlijnen voor de ruimtelijke ontwikkeling. In deze krachtlijnen wordt onder meer aandacht besteed aan: – het geheel van de bufferende bosjes nabij het zeehaventerrein en de verschillende woninggroepen, aansluitend bij de beboste berm met beperkte dienstverlenende activiteiten, richting Doornzeelsestraat; – het hoofdzakelijk open landbouwgebied omheen deze bosjes en woninggroepen; – het doorgaande fietspad Langerbrugge – Doornzele van de westelijke dorpenroute; – het doorlopende zeehaventerrein Langerbruggekaai- Bruggeman ten oosten van het spoortracé.
20
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
DEEL 3. PROJECTBESCHRIJVING De bestaande ruimtelijke structuur van het gebied ligt aan de grondslag van de opties die genomen worden voor de inrichting van de koppelingsgebieden Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid.
3.1. Analyse bestaande wegenstructuur De verbindende fietsroute tussen het veer van Langerbrugge en het veer van Ter Donk loopt vandaag via de Kluizensesteenweg, waar momenteel geen fietspad aanwezig is. De Burggravenlaan heeft een vrijliggend fietspad en de Doornzeelsestraat een smal fietspad direct aansluitend aan de rijweg. Vanuit Kerkbrugge kan worden aangesloten op dit fietspad via de zijstraten van de Burggravenlaan en Doornzeelsestraat. Vanuit de koppelingsgebieden Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid kan dit fietspad worden genomen via de Hospitaaldreef, de Varenbergstraat en de Wildestraat/Wulgestraat. Dit plan beoogt een veilig alternatief voor de bestaande fiestroute tussen het veer van Langerbrugge en dit van Ter Donk door de aanleg van een vrijliggend fietspad. Deze infrastructuur zal in het zuiden aansluiten op de veilige fietsverbinding die wordt gerealiseerd bij de uitvoering van het inrichtingsplan Langerbrugge-Zuid. In het noorden zal deze fietsverbinding aansluiten op de Wildestraat en de Wulgestraat om dan zijn verder verloop te kennen langs de oude spoorwegbedding.
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
21
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
3.2. Visie (zie plan 1) Kerkbrugge-Oost en DoornzeleZuid als buffer voor de Grote Nest en als verbindende schakel tussen belangrijke groengebieden. Voortbouwend op de visie van het GRUP ontwikkelen Kerkbrugge-Oost en Doorznele-Zuid tot buffergebieden met een verbindende functie tussen de koppelingsgebieden Langerbrugge-Zuid, Doornzele-Kanaalzijde en Doornzele-Noord en de omliggende industriegebieden. Ze zijn een schakel in het netwerk van groengebieden rond de westelijke kanaaloever. In het zuiden van dit gebied, ten noorden van het Veer Langerbrugge vinden we het parkgebied Langerbrugge-Zuid met aansluitend het Kasteel Ten Boekel. In relatie met de dorpskern van Kerkbrugge en Langerbrugge vormt dit gebied een aantrekkelijk en tevens sterk bufferend parkgebied (functies park, speelbos, natuur). Het koppelingsgebied Kerkbrugge-Oost fungeert als uitloper van het parkgebied, met meer extensieve functies (bos, landbouw en natuur), een sterk bufferende functie en een visuele link met de beschermde tuinwijk. Ten noorden van het industrieterrein Grote Nest fungeert een verhoogde berm, met verspreid poelen en bosjes, als buffer voor de woningen langs de Doornzeelsestraat en tevens als verbinding tussen Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid. Het koppelingsgebied Doornzele-Zuid behoudt grotendeels zijn landbouwfunctie, met in de zuidelijke rand enkele verspreide bufferende bosjes. Verder noordwaarts sluit dit gebied aan op het park Doornzele-Kanaalzijde en verder richting Doornzele op het koppelingsgebied Doornzele-Noord, met uitgestrekte bossen en ecologisch ingerichte oevers langs het Molenvaardeken. Naast het feit dat de gebieden ruimtelijk met elkaar verbonden zijn, vormt het bovenlokaal fietspad de verbindende schakel doorheen al deze gebieden, samen met een netwerk aan wandelpaden en verbindingen met dorpskernen.
22
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
3.2.1.
Buffering door aanleg van bos In het koppelingsgebied KerkbruggeOost wordt de buffering versterkt door de aanleg van een stevige bosbuffer aan de oostzijde van het gebied en parallel aan de Doornzeelsestraat.
In Doornzele-Zuid zal een geheel van bufferende bosjes aansluiten bij de beboste berm.
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
23
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
3.2.2.
Open landbouwgebied met zicht op de omgeving In Kerkbrugge-Oost wordt gestreefd naar een open landbouwgebied met doorkijken vanaf de Doornzeelsestraat, met zicht op de waardevolle architecturale gehelen van de tuinwijk en de electriciteitscentrale. In Doornzele-Zuid wordt het hoofzakelijk open landbouwgebied opgewaardeerd met kleine landschapselementen langs wegen, waterloop en percelen.
3.2.3.
Doorgaand fietspad Langerbrugge-Doornzele In Kerbrugge-Oost wordt het doorgaand fietspad gerealiseerd in combinatie met lokale wandepaden.
24
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
In Doornzele-Zuid wordt het doorgaand fietspad, dat deel uitmaakt van de westelijke dorpenroute, vervolledigd.
3.2.4.
Een opgewaardeerd en visueel aantrekkelijk landschap
In beide koppelingsgebieden wordt het landschap maximaal opgeladen met kleine landschapselementen langs paden, grachten en landbouwkavels.
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
25
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
3.2.5.
Natuurontwikkelingszone met vochtig rietland, wilgenstruweel en spontane ontwikkeling In Kerkbrugge-Oost wordt een natuurontwikkelingszone ingericht met vochtige biotopen als deel van de natuurcompensaties in de haven.
3.3. Inrichtingsmaatregelen Uitvoeringseenheid 1.
Plan 1
Ontwikkelen bosbuffer
Ontwikkelen bosbuffer Kerkbrugge-Oost Een groot deel van het gebied zal worden ingericht als bos, waar mogelijk met recreatief medegebruik door aanleg van een wandelpad. Een deel van het Electrabelstort werd reeds aangeplant i.k.v. een experiment van de Gentse Universiteit. Samen met Electrabel zal worden bekeken in hoeverre de overige delen van het stort kunnen worden bebost. Voor de realisatie van deze boszone wordt gekozen voor aanplant met inheems bosgoed. In de aanplantingen worden open plekken voorzien om spontane ontwikkeling een kans te geven. Er wordt een voldoende brede bosrand voorzien (mantel-zoomvegetatie). Grondoverschotten afkomstig van de aanleg van de natuurzone in Kerkbrugge kunnen worden verwerkt in het nog niet opgehoogde terrein van de bosbuffer.
26
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
Aanplant bufferende bosjes Doornzele-Zuid In Doornzele-Zuid worden in functie van de buffering van de woonkern ten aanzien van het industrieterrein Grote Nest strategisch veldbosjes aangeplant. Hierbij wordt gekozen voor de aanplant met inheems bosgoed. Waar nodig zal een afscherming met landbouwpercelen worden voorzien d.m.v. akkerpalen en/of een gracht.
In een bosgebiedje langs de Kooistraat staat een bewoonde woning. De eigenaar zal de mogelijkheid geboden worden zijn woning met omliggende grond te verkopen in functie van de realisatie van dit bufferbosje. Om deze bosbuffers te kunnen realiseren, is grondverwerving vereist. Een deel van deze gronden is in eigendom van Electrabel. In Doornzele-Zuid zijn de gronden in eigendom van private personen en in gebruik door de landbouwsector. Nr. 1.1.
Maatregel Grondverwerving bosbuffer
Financiering AMT
Uitvoering
Beheer
VLM
De grondverwerving gebeurt door de VLM en wordt gefinancierd door het Vlaamse Gewest, afdeling Maritieme Toegang. Nr. 1.2.
Maatregel Inrichten bosbuffer
Financiering
Uitvoering
Beheer
AMT
VLM
AMT
De inrichting van deze boszone zal worden gefinancierd door het Vlaams Gewest, afdeling Maritieme Toegang. Na realisatie door VLM van de hierboven omschreven maatregelen, zal AMT eveneens instaan voor het beheer.
Uitvoeringseenheid 2.
Ontwikkelen landschap en natuur
Inrichting knooppunten In het kader van de overkoepelende fietsroute doorheen de Gentse kanaalzone die de fietsers langs de verschillende koppelingsgebieden brengt, worden in deze koppelinsgebieden twee knooppunten voorzien. Het eerste knooppunt bevindt zich op het kruispunt van de Tuinwijklaan en het aan te leggen lange-afstand-fietspad in het koppelingsgebied Kerkbrugge-Oost. Het tweede knooppunt bevindt zich ter hoogte van het kruispunt Groenstraat, Wildestraat en Doornzeelsestraat. De knooppunten worden ingericht conform de huisstijl voor de koppelingsgebieden (zie bijlage 2). Ze worden voorzien van een infobord met informatie over het parkgebied, één of meerdere betonnen zitbanken met enkele speels ingeplante betonblokken, een solitaire boom en eventueel fietsstaanders.
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
27
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
Knooppunt Kerkbrugge-Oost
Voor het knooppunt in Kerkbrugge-Oost gaat bijzondere aandacht uit naar de verkeersveilige oversteek van het fietspad met de Tuinwijklaan. In het kader van het technisch ontwerp zal samen met het gemeentebestuur worden onderzocht in hoeverre de Tuinwijklaan richting Gentweg afgesloten kan worden voor doorgaand autoverkeer nadat de ontsluiting van de bedrijventerreinen vanaf de Langerbruggekaai gerealiseerd zal zijn. Indien dit niet mogelijk blijkt, dient een verkeersveilige oversteek te worden voorzien in de vorm van bv. een verhoogd verkeersplateau en/of signalisatie. Knooppunt Doornzele-Zuid
Voor het knooppunt in Doornzele wordt analoog aan de inrichting van de reeds gerealiseerde bufferberm een poel/natte zone aangelegd in combinatie met een aantrekkelijke beplanting
Aanplant kleine landschapselementen In beide koppelingsgebieden (vooral in Doornzele-Zuid) wordt het landschap maximaal opgeladen met kleine landschapselementen (KLE) langs paden, grachten en landbouwkavels. Een deel van deze landschapselementen zal worden aangeplant in het kader van dit inrichtingsplan. Op private percelen zal in overleg met de betrokken landbouwers worden gekeken waar bijkomend houtkanten, knotbomen of hoogstammige bomen kunnen worden aangeplant. Voor deze aanplant in de agrarische gebieden van de koppelingsgebieden kunnen aanvullend aan de reguliere subsidies via beheerovereenkomsten en subsidies van de gemeenten, middelen worden geboden uit het landschapsfonds dat werd opgericht in het kader van het ECO²-project*. Kleine landschapselementen Kerkbrugge-Oost In Kerkbrugge-Oost is het resterende landbouwgebied erg klein. De aanplant van kleine landschapselementen beperkt zich bijgevolg tot het verder aanvullen van de houtkant langs de Tuinwijklaan en de aanplant van een houtkant of bomenrij langs de noordelijke grens van het landbouwgebied.
*
ECO²: Dit project was een Europees project dat liep van 2009 tot 2011. In het kader van dit project werd in de Gentse Kanaalzone een landschapsfonds opgericht. Dit fonds kwam er via een samenwerkingsverband tussen bewoners, landbouwers en de bedrijven van de Gentse Kanaalzone. Dit fonds werd gespijsd door giften van Gentse havenbedrijven (www.ecokwadraat.be).
28
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
Aanplant kleine landschapselementen Doornzele-Zuid In Doornzele-Zuid zijn er weinig tot géén kleine landschapelementen aanwezig en dringt een bijkomende bufferende aanplant zich op om de visuele hinder van omliggende hoogspanningsmasten en geplande industriële ontwikkelingen te beperken. De nadruk zal liggen op de aanplant langs de centrale waterloop en langs wegen. Wandelpad tuinwijk Herryville-buffer en inrichting gracht De gracht tussen de natuurzone en het landbouwgebied wordt natuurtechnisch ingericht met licht hellende oevers aan de zuidzijde. De bestaande wilgenopslag wordt behouden en afgezet. Bijkomend wordt een beekbegeleidende beplanting voorzien. In functie van het beheer zal de gracht na inrichting maximaal 7 meter breed zijn. Met dergelijke breedte is het voor de beheerder mogelijk om vanaf één zijde van de gracht te ruimen. Langs de zuidzijde van deze gracht wordt een verbindend wandelpad aangelegd tussen de woonwijk en het lange-afstand-fietspad. Dit pad wordt aangelegd in halfverharding. Landschappelijke inkleding lange afstand fietspad Dit fietspad is het sluitstuk van een drie kilometer lang fietspad tussen het veer van Langerbrugge en het veer van Ter Donk. In Kerkbrugge-Oost zal dit fietspad aan de westzijde worden begeleid door een onderbroken hoogstammige bomenrij afgewisseld met spontane opslag van struiken. Op die manier blijft het zicht op het gebied en de tuinwijk behouden vanaf het fietspad. Langs de andere zijde van het fietspad zullen groepen struiken worden aangeplant afgewisseld met een brede zoom die zo een gevarieerde overgang biedt naar de bosbuffer. Ter hoogte van de achtertuinen en weiden van de woningen aan de Doornzeelsestraat zal een afsluiting worden voorzien om de privacy van de bewoners te garanderen. Tussen de afsluiting en het fietspad zal een brede struikenrij worden aangeplant, afgewisseld met hoogstammige bomen. De bestaande bomen in het tracé, waaronder enkele waardevolle eiken, worden behouden en mee ingebed in de beplanting langs het fietspad. In Doornzele-Zuid wordt dit fietspad begeleid door een hoogstammige bomenrij langs één zijde, daar waar de berm voldoende breed is.
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
29
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
Nr. 2.1.
Maatregel Landschappelijke inkleding
Financiering
Uitvoering
Beheer
Evergem / Havenbedrijf Gent / LI
VLM
Evergem
Deze inrichting zal worden gefinancierd door de gemeente Evergem, het Havenbedrijf Gent en worden aangevuld met middelen van het Vlaamse Gewest via subsidies landinrichting. Na realisatie van de hierboven omschreven maatregelen door VLM, zal de gemeente Evergem instaan voor het beheer van deze landschappelijke inrichting. Inrichting natuurzone Dit laag gelegen natte weiland wordt ingericht als rietland met vochtig wilgen- en of elzenstruweel. Dit rietland wordt gerealiseerd met het oog op natuurcompensatie van verboden te wijzigen vegetatie en zal voor ongeveer 1 ha deel uitmaken van de natuurcompensatie voor de Gentse haven. In deze zone bevindt zich een hoogspanningspiloon die ten allen tijde toegankelijk dient te blijven voor onderhoud. Dit zal worden voorzien in het technisch ontwerp. Om deze natuurzone te kunnen realiseren, is grondverwerving vereist. Dit perceel is momenteel in eigendom van Electrabel. Nr. 2.2.
Maatregel Grondverwerving natuurzone
Financiering
Uitvoering
AMT
VLM
Beheer
De grondverwerving gebeurt door de VLM en wordt gefinancierd door het Vlaamse Gewest, afdeling Maritieme Toegang. Nr. 2.3.
Maatregel Inrichten natuurzone
Financiering
Uitvoering
Beheer
Havenbedrijf Gent
VLM
Havenbedrijf Gent
De inrichting van deze natuurzone zal worden gefinancierd door het Havenbedrijf Gent. Na realisatie door VLM van de hierboven omschreven maatregelen, zal de afdeling Maritieme Toegang (Vlaamse Gewest) instaan voor het beheer. Uitvoeringseenheid 3.
Realisatie lange-afstands-fietspad
De fietsroute doorheen beide koppelingsgebieden is een onderdeel van het lange-afstands-fietspad door de kanaalzone en langs de kanaaldorpen. Het fietspad sluit in het noorden aan op de Wildestraat, de Wulgenstraat en het fietstracé op de oude spoorwegbedding langs het koppelingsgebied Doornzele-Kanalzijde. In zuidelijke richting sluit het pad aan op het fietspad in het parkgebied Langerbrugge-Zuid en verder richting het veer van Langerbrugge. Het pad wordt uitgevoerd in beton en zal 2,5 à 3 meter breed zijn.
30
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
Aanleg bovenlokaal fietspad deels op bestaande veldweg In Kerkbrugge-Oost wordt het fietspad gelegd op het tracé van de buurtweg Hospitaaldreef. Waar mogelijk wordt de bestaande steenslagfundering behouden. De afwatering van het fietspad kan gebeuren via de bestaande langsgrachten, die mee worden geïntegreerd in de inrichting. Het fietspad zal in noordelijke richting aansluiting geven op de Doornzeelsestraat. Net voorbij het stort zal het fietspad in oostelijke richting verbinding geven met het reeds aangelegde fietspad rond de Grote Nest (ter hoogte van de Varenbergstraat). Hiervoor zal een strook van ongeveer 8 meer verworven moeten worden langs de gracht en het stort van Electrabel. Het fietspad zal worden afgescheiden van de weiden en tuinen door middel van een afsluiting en een groenscherm.
Figuur 1:
Aanleg fietspad t.h.v. bestaande veldweg (Hospitaaldreef)
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
31
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
Figuur 2:
Aanleg nieuw tracé langs stort van Electrabel
Aanleg bovenlokaal fietspad Wildestraat – Wulgestraat In Doornzele-Zuid zal het reeds aangelegde en momenteel doodlopende fietspad van de bufferberm worden doorgetrokken tot aan de Wildestraat. De Wildestraat is momenteel een steenslagweg en zal worden ingericht met een 3 meter brede betonverharding. Er wordt geopteerd om de Wildestraat af te sluiten voor doorgaand verkeer. De toegang tot de zonevreemde woning en de landbouwpercelen dient echter mogelijk te blijven. Hiervoor zal in het kader van het technisch ontwerp een oplossing worden gezocht. Meer oostwaarts sluit het fietspad aan op de Wulgestraat. Hier is geen specifieke inrichting voorzien. Ter hoogte van de Slockstraat zal in het kader van het koppelingsgebied Doornzele-Kanaalzijde het fietspad verder worden doorgetrokken op het tracé van de oude spoorwegbedding. Hier zal eveneens een knooppunt worden ingericht als toegang tot het parkgebied Doornzele-kanaalzijde. Nr. 3.1
Maatregel Grondverwerving langeafstand-fietspad
Financiering
Uitvoering
Evergem / LI
VLM
Beheer
De grondverwerving voor dit fietspad gebeurt door VLM en wordt gefinancierd door de gemeente Evergem en het Vlaamse Gewest via subsidies landinrichting. Nr.
Maatregel
Financiering
Uitvoering
Beheer
3.2
Aanleg lange afstand fietspad
Provinciebestuur Oost-Vlaanderen
VLM/provincie Oost-Vlaanderen
Gemeente Evergem
Dit fietspad zal worden uitgevoerd door VLM waarbij het provinciebestuur Oost-Vlaanderen als medebouwheer optreedt. Zij financiert dit pad met middelen die ter beschikking worden gesteld voor lange-afstand-fietstrajecten (LAF). Na realisatie zal dit fietspad worden beheerd door het gemeentebestuur van Evergem.
32
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
Tabel 2: Kostenraming Uitvoeringse enheid/ uitvoerende partner
Uitvoering
Code
Maatregel
Uitvoeringseenheid 1: Ontwikkelen bosbuffer Grondverwerving VLM 2014-2016 1.1. bosbuffer VLM 2016 1.2. Inrichten bosbuffer Uitvoeringseenheid 2: Ontwikkelen landschap en natuur Grondverwerving VLM 2014-2016 2.1. natuurzone Landschappelijke VLM 2016 2.2. inkleding VLM 2016 2.3. Inrichten natuurzone Uitvoeringseenheid 3: Realisatie fietspad Grondverwerving VLM 2014-2016 3.1. lange-afstandfietspad VLM / proAanleg lange afstand 2016 3.2. vinciebestuur fietspad Technisch ontwerp VLM 2015 lange-afstandfietspad Totaal
Financierende partners
Beheer
Eenheid
Hoeveelheid
Eenheidsprijs
Totaal (€) excl. BTW
Algemene kosten (10%)
BTW (21%)
*
Algemeen totaal (€) incl. kosten en BTW
AMT
AMT
m²
88.804
958.028
AMT
AMT
m²
88.804
AMT
AMT
m²
8.500
Evergem/HG/LI
Evergem
m²
7.660
9,50
72.770
7.277
16.810
96.857
HG
HG
m²
8.500
6,00
51.000
5.100
11.781
67.881
Evergem/LI
Evergem
m²
4.086
Provinciebestuur
Evergem
lm
1.532
3,00
266.412
26.641
61.541
*
354.594
59.500
*
146.704 130,00
199.160
Evergem/HG/LI 589.342
41.824
240.984
19.916
4.182
24.098
58.934
136.138
1.948.646
Gebruikte afkortingen: lm = lopende meter m² = vierkante meter LI = Vlaamse Gewest via subsidies landinrichting AMT = Vlaamse Gewest via middelen afdeling Maritieme Toegang VLM = Vlaamse Landmaatschappij HG = Havenbedrijf Gent *= de te verwerven percelen en delen van percelen hebben een verschillende waarde
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
33
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
Beheer Het beheer van deze gebieden wordt gegarandeerd door de verantwoordelijke beheerders zoals aangegeven in de tabellen. In functie van het beheer wordt een beheerplan opgemaakt als leidraad voor de beheerder. Via een jaarlijkse opvolgvergadering wordt dit beheer opgevolgd en indien nodig bijgestuurd.
3.4. Planeffecten en milderende maatregelen 3.4.1.
Landbouw
Planeffecten Om de inrichting van het koppelingsgebied te realiseren, wordt de aankoop van ongeveer 7ha landbouwareaal voorzien. Hierbij zijn 7 landbouwers betrokken. Twee landbouwers verliezen minder dan 0,5 ha en vier landbouwers verliezen tussen 0,5 en 1 ha. Voor één landbouwer betekent de grondverwerving een verlies van 3,5 ha of 7 procent van de totale bedrijfsoppervlakte. Het verlies van de gronden kan verschillende gevolgen hebben voor de betrokken bedrijven: – daling van het inkomen en de inkomenssteun (toeslagrechten); – een verlies aan gronden voor de mestafzet; – een tekort aan gronden om de ruwvoeders zelf te telen.
Milderende maatregelen De Vlaamse Regering heeft op 23 december 2011 de “Grondenbank Gentse Kanaalzone” opgericht en deze werd officieel van kracht bij de ondertekening in maart 2012. Deze is in beheer bij de Vlaamse Landmaatschappij. Deze grondenbank vervangt de overeenkomst grondenbank van 28 juli 2006. De huidige overeenkomst omvat ten aanzien van de vorige overeenkomst extra flankerende maatregelen voor de landbouwsector. De basisgedachte van een grondenbank is dat actieve jonge landbouwers, de zogenaamde “blijvers”, in principe op dezelfde manier hun beroep kunnen blijven uitoefenen als vóór hun onteigening. Een blijver is een landbouwer in hoofdberoep die zijn landbouwactiviteiten wil voortzetten en die landbouwgoederen in eigendom of pacht heeft in het gebied dat verworven dient te worden voor andere doeleinden dan de huidige grondgebonden landbouw. Bij de verwerving wordt aan de blijvers de keuze gegeven tussen: – een aanbod van evenwaardige landbouwgrond in eigendom of in pacht, voor zover deze voorhanden is, ter compensatie van de onteigende of uitgewonnen grond; – een financiële regeling voor diegenen die hun landbouwactiviteiten in het gebied willen stopzetten en hun gronden in het gebied en mogelijks ook buiten het gebied willen verkopen aan de grondenbank.
34
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
DEEL 4. UITVOERINGSPROGRAMMA Het inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid voorziet dat de Vlaamse minister bevoegd voor landinrichting met de goedkeuring van onderhavig inrichtingsplan: De Vlaamse Landmaatschappij, overeenkomstig art. 13§4 van het decreet van 21 december 1988, belast met:
Op het domein toebehorende aan of toe te bedelen aan de afdeling Maritieme Toegang van het Vlaams Gewest:
grondverwerving bosbuffer (via onteigening) (maatregel 1.1.)
inrichten bosbuffer (maatregel 1.2.)
grondverwerving natuurzone (maatregel 2.1)
inrichten natuurzone (maatregel 2.3)
Waarbij de werken na de definitieve oplevering worden overgedragen aan de afdeling Maritieme Toegang van het Vlaamse Gewest. Waarbij het beheer voor maatregel 1.2 vanaf de definitieve oplevering van de werken gebeurt door de afdeling Maritieme Toegang van het Vlaamse Gewest en het beheer voor maatregel 2.3 gebeurt door het Havenbedrijf Gent. Waarbij de gronden worden overgedragen aan de afdeling Maritieme Toegang van het Vlaamse Gewest. De gronden worden verworven in de periode 2014-2016. De uitvoering van de werken kan starten zodra de grond verworven is door VLM. Er wordt gestreefd naar een uitvoering vanaf 2016. Op het domein toebehorende aan of toe te bedelen aan de gemeente Evergem:
landschappelijke inkleding (maatregel 2.2.)
grondverwerving lange-afstand-fietspad (via onteigening) (maatregel 3.1.)
aanleg lange-afstand-fietspad (maatregel 3.2.)
Waarbij de werken na de definitieve oplevering worden overgedragen aan de gemeente Evergem. Waarbij het beheer van de ingerichte zone vanaf de definitieve oplevering van de werken gebeurt door de gemeente Evergem. Waarbij de gronden worden overgedragen aan de gemeente Evergem. Voor de maatregel 3.2. treedt de provincie Oost-Vlaanderen als medebouwheer op. De gronden worden verworven in de periode 2014-2016. De uitvoering van de werken kan starten zodra de grond verworven is door VLM. Er wordt gestreefd naar een uitvoering vanaf 2016.
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
35
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
DEEL 5. FINANCIERINGSPLAN Vlaamse Landmaatschappij Op gronden die door de afdeling Maritieme Toegang zullen worden beheerd –
Maatregel 1.1.
grondverwerving bosbuffer
–
Maatregel 1.2.
inrichten bosbuffer
–
Maatregel 2.1.
grondverwerving natuurzone
–
Maatregel 2.3.
inrichten natuurzone
Raming van de kosten Algemene kosten 10% BTW 21% (op kosten en algemene kosten)
€ € €
317.412 31.741 73.322
Grondverwerving
€
1.017.528
Totaal
€
1.440.003
Aandeel van het Vlaamse Gewest – afdeling Maritieme Toegang (100% van maatregelen 1.1., 1.2. en 2.1.)
€
1.372.122
Aandeel van het Havenbedrijf Gent (100% van maatregel 2.3.)
€
67.881
Op gronden die door de gemeente Evergem zullen worden beheerd –
Maatregel 2.2.
landschappelijke inkleding
–
Maatregel 3.1.
grondverwerving lange-afstand-fietspad
–
Maatregel 3.2.
inzake aanleg lange-afstand-fietspad (algemene kosten 10%)
Raming van de kosten Algemene kosten 10% BTW 21% (op kosten en algemene kosten)
€ € €
72.770 27.193 20.992
Grondverwerving
€
146.704
Totaal
€
267.659
36
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
Ten laste van het Vlaamse Gewest, als subsidie aan de Vlaamse Landmaatschappij in toepassing van art.4 van het subsidiebesluit, 100% van het bedrag dat niet ten laste wordt genomen door de gemeente Evergem en Havenbedrijf Gent (50% van de totale kostprijs van maatregelen 2.2. en 3.1. en van de algemene kosten van maatregel 3.2.)
€
133.829
Aandeel van de gemeente Evergem (40% van maatregel 2.2. en van de algemene kosten van maatregel 3.2 en 50% van maatregel 3.1.)
€
121.734
Aandeel van het havenbedrijf Gent (10% van maatregel 2.2. en van de algemene kosten van maatregel 3.2.)
€
12.096
Provinciebestuur Oost-Vlaanderen Op gronden die door de gemeente Evergem zullen worden beheerd –
Maatregel 3.2.
inzake aanleg lange-afstand-fietspad (exclusief algemene kosten 10%)
Raming van de kosten BTW 21% (enkel op kosten)
€ €
199.160 41.824
Totaal
€
240.984
Aandeel van het provinciebestuur Oost-Vlaanderen (100% van maatregel 1.3.)
€
240.984
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
37
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
Tabel 3: Kostenraming werken en grondverwerving per uitvoerende partner Uitvoerende Partner
Kostenraming werken incl. kosten en BTW (EUR)
Grondverwerving (EUR)
Vlaamse Landmaatschappij
543.430
1.164.232
Provinciebestuur Oost-Vlaanderen
240.984
Totaal
784.414
1.164.232
Totaal (EUR) 1.707.662 240.984 1.948.646
Tabel 4: Kostenraming werken en grondverwerving per financierende partner
Vlaamse Gewest (subs. LI)
Kostenraming werken incl. kosten en BTW (EUR) 60.477
Afdeling Maritieme Toegang
354.594
Provinciebestuur Oost-Vlaanderen
240.984
240.984
Gemeente Evergem
48.382
73.352
121.734
Havenbedrijf Gent
79.977
79.977
Financierende Partner
Grondverwerving (EUR)
784.414
Totaal
Totaal (EUR)
73.352
133.829
1.017.528
1.372.122
1.164.232
1.948.646
Tabel 5: Overzicht financieringsplan Partner
Raming subsidie LI Vlaamse Gewest (EUR)
Raming aandeel partner (EUR) 1.372.122
Afdeling Maritieme Toegang
Provinciebestuur Oost-Vlaanderen
240.984
133.829
121.734
79.977
Gemeente Evergem Havenbedrijf Gent Totaal Algemeen totaal project
38
133.829
1.814.817 1.948.646
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
LITERATUUR Atlas der buurtwegen (GISOOST) Centrale Archeologische Inventaris (CAI): http://cai.erfgoed.net/ Devriendt, I. et.al. 2010, Evergem-Nest, Mesolithic habitation in the harbour of Ghent: a preliminary report, in: Notae Praehistoricae, 30, pp. 23-28. Devriendt, I. et al. 2011, Evergem - De Nest. Rapportage van het archeologisch onderzoek van enkele steentijdvindplaatsen en van een laatmiddeleeuws greppelsysteem, GATErapport 13. Digitale versie van de Bodemkaart van Vlaanderen, IWT, uitgave 2001 (OC GISVlaanderen). Digitale versie van de Ferrariskaart Evergem (2002). Gemeentelijk Ruimtelijk Structuurplan. Gent (2003). Gemeentelijk Ruimtelijk structuurplan. Gysels, H., (1993). De Landschappen van Vlaanderen en zuidelijk Nederland. HAVIK, Heel Archeologisch Vlaanderen in Kaart. Databank van de luchtfotografische prospecties van de Vakgroep Archeologie & Oude Geschiedenis van Europa, Universiteit Gent. [algemene info: http://www.vioe.be/nl/uploads/b56.pdf] Laloo, P. & Blanchaert, H, 2010. Evergem-Nest. Archeologisch booronderzoek maart - april 2010, GATE - rapport 3b. Laloo, P. & Blanchaert, H. 2010, Evergem-Nest. Archeologisch proefsleuvenonderzoek 03/02 - 12/03/2010, GATE - rapport 3a. Louis, A., Sanders, J. en Tavernier, R. (1986). Bodemkaart van België. Verklarende tekst. uitgegeven onder auspiciën van het Instituut tot aanmoediging van het Wetenschappelijk Onderzoek in de Nijverheid en Landbouw (I.W.O.N.L.). Mervis, D. & Van Couwenberghe, B. 2012, Werfbegeleiding VTN II aardgas vervoerleiding. Deeltracé zeehavengebied Gent, Antea Group. Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, Departement Leefmilieu en Infrastructuur (1997). Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen. Administratie Ruimtelijke Ordening, Huisvesting, Monumenten en Landschappen. Afdeling Ruimtelijke Planning, Brussel. 594 p. Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap (2005). Gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan, Afbakening zeehavengebied Gent, Inrichting R4-oost en R4-west. Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap (2012). Gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan, Afbakening zeehavengebied Gent, fase 2.
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
39
Landinrichtingsproject Gentse Kanaalzone – Koppelingsgebieden, fase 2
OVAM (2006). Leidraad en algemene code van goede praktijk bagger- en ruimingsspecie. 64-p. Project Gentse kanaalzone (2007). Strategisch plan voor de Gentse kanaalzone. Provincie Oost-Vlaanderen (2003). Provinciaal Ruimtelijk Structuurplan Oost-Vlaanderen. Definitief vastgesteld door de provincieraad op 10 december 2003. 495 p. Vanhee, D. 2011, Jaarverslag 2010. Kale-Leie Archeologische Dienst, pp. 40-45. Vanhee, D. 2011, Jaarverslag 2010. Kale-Leie Archeologische Dienst, pp. 72-77.
KAARTEN/CD-ROM’S Digitale Vectoriële versie van de bodemkaart van België, schaal 1/20000. IWT (OC -GISVlaanderen). Digitale vectoriële versie van de waterlopen van de Vlaamse Hydrologische atlas. MVG-LINAminal-Water (OC GIS-Vlaanderen). Digitale Vectoriële versie van het gewestplan, schaal 1/10.000. MVG-LIN-AROHMRuimtelijke Planning, toestand april 2002 (OC GIS Vlaanderen). Landschapsatlas, uitgave 2001. OC GIS Vlaanderen. Mestbankaangifte 2011 over bedrijfssituatie 2010 (Mestbank) Rasterversie Topografische kaart NGI schaal 1/10000, uitgave 1978–1993 (OC GISVlaanderen). Registratie 2011 van de gebruikspercelen (Mestbank). Topografische kaart van Vlaanderen en Brussel, NGI, aangemaakt tussen 1986 en 1990 (OC GIS-Vlaanderen). Topografische kaart van Vlaanderen en Brussel, NGI, aangemaakt tussen 1991 en 2001 (OC GIS-Vlaanderen).
40
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid – Eindvoorstel
N ED E R LA N D
Sint- Laureins Asse ne de
Kaprijke
Ee klo
Wac hte be ke
Waa rschoot Zom erge m
Moer beke
13 Ze le
Deste lbe rgen La arne
Sint- Ma rtens-Latem De P inte Naza reth
Waa sm unste r
Loke ren
Loc hristi Gent
Nevele
Sint- Niklaa s
Eve rgem
Love nde gem
Deinze
Stekene
Ze lzate
Me relbeke
Me lle
Wettere n
Ber la re
10 Denderm onde
Wiche le n
6
Aalst
Le de
11
5 3
9
4 8 14
15
1 2
7
16
12
bron:Topografische kaart 1/100.000, ras ter,
NGI, Opname 2001 – 2006; © Nationaal
0
500 1.000
2.000
Geografisc h Ins tituut
3.000 Meters
aangemaakt op: 11/02/2013
Landinrichting
Kerkbrugge-Oost en D o o r n ze l e - Z ui d GENTSE KANAALZONE Koppelingsgebieden, fase 2 Eindvoorstel inrichtingsplan
Kaart 1: Situering Gentse Kanaalzone
Afbakening Z eehavengebied Gent
Koppelingsgebieden Fase 1 1 2 3 4 5
Desteldonk-Noord Desteldonk-Zuid Rieme-Zuid Doornzele-Noord Rieme-Oos t
6 Rieme-Noord 7 Langerbrugge-Zuid
Fase 2
11 Zelzate-Zuid 12 Oostakker-Noord
8 Doornzele-Kanaalzijde 13 Klein Rusland-West 9 Sint-Kruis -Winkel-Zuid 14 Doornzele-Zuid
10 Klein Rusland-Oost
15 Kerk brugge-Oos t
16 Langerbrugsestraat-Z uid
±
!
!
!
!
!
!
!
S
!
! !
EN
AT
AT
!
RAA
T IN G
AT ST R A
!
T ER S
LOC H
T
! !
AT
E
TR A MS
TJ AA
Doornzele !
Z
E
K
N R
EN
F
!
GR O
EE
AAT
AT
!
D
K
!
K OO IS T
EG E N
RA
E NW
S
S
S TR
EG
E
A
O
T AA
TM
H
Lochristi
T ES
T AA
!
R ST
A
E EL
Oostakker
W
G UL
TR KS
!
N
R ST
DE
R
IL
O
W
O
Desteldonk
E NS TR A Langerbrugge AT
OC SL
!
D
Everge Z W Em D
RW
T
N OO
!
RAA
Wondelgem
R IN G VIJ F
S TR A
T RA R IJ S
K OP
AA
GR
T
RN
TR RS
AL
DE
VE GA
Doornzele
Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid
W
H AC
N
IE
D IN G
F
ZON
Wachtebeke
OR
DR
LE ZE
U WE
EE
Rie me
DO
N
S
!
DR
Ertvelde
OR
IE
BRO
D IJ
Oosteeklo
DO
DR
IN VE R B
AB
Zelzate
LE ZE
! EK A U IZ DE
NH
T R AA
RO
DS T
!
RAA T
AI
! ER R Y ST H ! !
F IN
!
LA N
!
! !
Bedrijventerrein Grote Nest
!
EVERGEM
!
!
n
!
-T er n
I A
LS
T
!
EE
A
eu ze
! A EK G
Kerkbrugge
N
G
E
R
!
!
B EN
al
T
!
T
TR
Ka na
AA
!
TR
AA
T
!
AA
GENT
!
B EU
!
KE
!
N ST
IC
AS TR
AA T
R
RA
LA
C
!
N ST
H
ES
TR
!
E EIK
AT
A
A
T
RA
BE LG
D R
OV
A
D
!
GR
K
IE
IJ
N
W
!
IN
E
G
E
!
TU
AT
!
!
!
aangemaakt op:11/02/2013
!
F EE
provincie Oos t-Vlaanderen, opname 2006,
AGIV & Provincie Oost-Vlaanderen (AGIV, 2007)
! !
Landinrichting !
Kerkbrugge-Oost en D o o r n ze l e - Z ui d !
!
!
GENTSE KANAALZONE Koppelingsgebieden, fase 2 Eindvoorstel inrichtingsplan Kaart 2: Situering koppelingsgebied Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid
Afbake nin g Zee have nge bie d Ge nt
!
!
Kop pe ling sgeb ied K er kb rug ge -Oo st
!
Kop pe ling sgeb ied Do orn zele -Zuid Bufferb erm (r eed s in ge richt) !
!
Gem een te gre ns
AA YL
bron: Digitale versie van de Orthofoto’s , middens chalig, kleur,
ED
G
KE NN
E
!
DR
300 Meters
TW
!
NS
200
N
HN
MA
N
ER
0 50 100
G
E
JO
S EN
TR
IE P
NS NE
GS
!
ER
TA
Ge nt
B
R
U
G
!
R VA
A PL
LA
O
Z
A
!
O
N
TR
!
D
R
ES
±
!
!
!
! !
! !
!
!
A rt .9
!
!
!!
!
!
t .2 Ar
>
!
>
3
!
.2 5
!
B
A rt .3
B
!
!
B
A rt .2 4
!
!
A rt .3
A rt .3
!
1
!
B
!
!
!!
A rt .3
>
!
!
!
EVERGEM
!
!
A rt .7
A rt .3
B
A
! !
!
AG
A rt
.2 rt
3
!
A rt .3
A rt .2
!
B
A rt .4
Ar t .2
Z
!
Ar t .2
3
A rt .1 3
!
3
!
!
A rt .2 4
!
A rt .2 5
! !
1
!
.2 rt
!
A
! !
>
!
!
uz en
!
!
!
!
3
!
! A
A rt .5
!
!
Ka na
!
!
! !
!
>
!
rt .2
3
! !
>
P
al G
.2 rt
!
A
!
A rt .8
en t-
.2 1
!
A rt
GO
Te rn e
!
!
B
A rt .3
GENT
!
! ! !
>
!
!
A
bron: Digitale versie van topografische kaart 1/10.000,
.2 rt
raster, zwartwit, NGI, opname 1991-2008 (AGIV)
!
9
RUP Afbakening Zeehav engebied Gent fas e 2
! 300 Meters
!
!
200
(20/07/2012)
>
0 50 100
aangemaakt op: 25/02/2013
Âą
!
Landinrichting !
Kerkbrugge-Oost en D o o r n ze l e - Z ui d !
!
Gewe ste lijk Ruimte lijk uitvoe ring spla n (RUP) B
!
! !
Kaart 3: RUP
AG
GO
!
>
Eindvoorstel inrichtingsplan
Art. 4
P
>
GENTSE KANAALZONE Koppelingsgebieden, fase 2
Art. 3
Z
>
Art. 5
Bosbuffer m et dijk en mogelijk heid v oor dienstv erlenende bedrijven
Parkgebied
Art. 7
Agraris ch gebied
Art. 9
Bufferdijk
Art. 8
Gemengd openruimtegebied
Art. 13 Gebied voor zeehaven- en watergebonden bedrijv en Art. 21 Verbinding v oor langzaam verkeer Art. 23 Hoogspanningsleiding Art. 24 Enkelvoudige leiding
>
Afbakening zeehavengebied Gent
Bosgebied
Art. 25 Leidingstraat
Art. 29 Aan te leggen ontsluitings weg voor bedrijventerrein
!
Gemeentegrens
!
!
!
!
!
!
!
!
! ! !
!
Doornzele
!
!
!
! !
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
! !
! !
!
!
!
!
!
! !
!
!
!
!
! !
!
! !
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
! !
!
!
!
!
! !
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
! !
!
!
!
!
!
!
!
EVERGEM
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
! !
!
!
-T er n
!
!
! !
Kerkbrugge
!
!
!!
!
!
!
!
! !
!
Ge nt
!
!
al
!
!
!
!
!
! !
!
!
Ka na
!
!
!
!
eu ze
!
n
!
!
!
!
!
! ! !
!
!
GENT
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
! ! ! !
bron: Digitale v ersie van topografische kaart 1/10.000,
! 300 Meters
raster, zwartwit, NGI, opname 1991-2008 (AGIV)
aangemaakt op: 19/02/2013
!
200
!
0 50 100
Âą
!
!
Landinrichting !
Kerkbrugge-Oost en D o o r n ze l e - Z ui d !
!
!
!
!
gespecialiseerd akkerbouwbedrijf bedrijf met combinaties van veeteelt
!
gespecialiseerd melkveebedrijf
gespecialiseerd vleesveebedrijf
! !
!
!
GENTSE KANAALZONE Koppelingsgebieden, fase 2 Eindvoorstel inrichtingsplan Kaart 4: Landbouwtypologie
hobbybedrijf/klein bedrijf
Koppelingsgebied Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid Afbakening zeehavengebied Gent
!
Gemeentegrens
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
! ! !
! !
Doornzele
! !
!
! !
!
!
!
!
! !
!
!
!
!
!
!
!
!
ua
!
!
!
!
!
!
ui
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
hp+ ui
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
bl
!
!
!
! !
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
! !
!
bs
!
EVERGEM
hp ua !
!
!
!
!
!
ur
!
ua
ua
!
!
hp ! ui
!
bs
n
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
kq
!
!
ua
pa
!
!
ua
!
!
!
hp
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
! !
!
!
!
!
Te rn e
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
! !
al G
!
!
!
Ka na
!
!
!
bs
en t-
! !
!
!
!
!
! !
!
lsb
!
!
kz
!
!
!!
hx !
bs
!
!
ur !
!
Kerkbrugge
!
ur ! !
!
uz en
!
! !
!
!
! !
!
! !
!
!
!
!
!
!
!
! ! !
hp
GENT
!
!
bs hp kha uv
!
!
kbp
!
! ! !
bron: Digitale versie van topografische kaart 1/10.000, raster,
!
zwartwit, NGI, opname 1991-2008 (AGIV) VectoriĂŤle vers ie van de Biologische waarderingskaart,
! 300 Meters
versie 2, toestand september 2010, INBO, AGIV aangemaakt op: 12/02/2013
!
200
!
0 50 100
Âą
!
!
!
Kerkbrugge-Oost en D o o r n ze l e - Z ui d
!
!
!
!
Landinrichting !
!
!
GENTSE KANAALZONE Koppelingsgebieden, fase 2 !
Eindvoorstel inrichtingsplan
Kaart 5: Biologische waarderingskaart
biologisch minder waardevol
!
!
Koppelingsgebied Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid Afbakening zeehavengebied Gent Gemeentegrens
complex van biologisch minder waardevolle en w aardevolle elementen complex van biologisch minder waardevolle, waardevolle en zeer waardevolle elementen biologisch waardevol
biologisch zeer waardevol Opgehoogde bufferberm, bwk niet relevant
!
!
!
RICHTING DOORNZELEDRIES EN KOPPELINGSGEBIEDEN DOORNZELE -NOORD EN RIEME-ZUID
KOPPELINGSGEBIED DOORNZELE-KANAALZIJDE
Do
or
nz ee
lse
str
aa t
KOPPELINGSGEBIED DOORNZELE-ZUID
MASSIEVE BUFFERBERM
INDUSTRIEGEBIED GROTE NEST
FIETSPAD DOORHEEN DE KOPPELINGSGEBIEDEN
at stra
se
eel rnz
ZE
N
Doo
AL
GE
NT -TE
RN
EU
KOPPELINGSGEBIED KERKBRUGGE-OOST
KA
NA
TUINWIJK HERRYVILLE
KOPPELINGSGEBIED LANGERBRUGGE ZUID
PARK TEN BOEKEL (privaat)
AFGEWERKTE STORTBERG
TEN BOEKEL
KASTEEL
RICHTING LANGERBRUGGE-EILAND/HAVEN/ VEER VAN LANGERBRUGGE
Landinrichting Kerkbrugge-Oost & Doornzele-Zuid
GENTSE KANAALZONE
Koppelingsgebieden, Fase 2
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid eindvoorstel Plan 1: Visie
± aangemaakt op: 14 februari 2013
Fietspad Grote Nest (reeds gerealiseerd)
at
Te bebossen
tra
ze
orn
Do
es els
Stort: Behoud bestaande toestand
Bebost stort INDUSTRIETERREIN GROTE NEST
f ree end tan Pla
Landbouwgebied
aanleg vochtig moeras/rietland
Te bebossen Tu inw i
jk
Tuinwijk
DORPSKERN KERKBRUGGE-LANGERBRUGGE TUINWIJK HERRYVILLE
Stortberg Kronos
ONTWIKKELEN BOSBUFFER AANLEG FIETSPAD -verbinding met Doornzeelsestraat -verbinding met bufferberm
AANLEG FIETSPAD OP BESTAANDE VELDWEG MET BOMEN EN LOSSEN STRUIKEN 1/5800
Landinrichting Kerkbrugge-Oost & Doornzele-Zuid
GENTSE KANAALZONE
Koppelingsgebieden, Fase 2
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid Ontwerp Plan 2: inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost
INRICHTING KNOOPPUNT
AANPLANT KLE’S
WANDELPAD TUINWIJK-BUFFER EN ECOLOGISCHE INRICHTING GRACHT
INRICHTING NATUURZONE
± aangemaakt op: 14 februari 2013
DOORNZELE DRIES
KOPPELINGSGEBIED DOORNZELE - NOORD
t erijstraa Brouw
WOONKERN DOORNZELE
se
l zee
orn
Do
at stra
RICHTING TER DONK EN DOORNZELE-DRIES
Kop
at
at erstra
stra
g htin Loc
t aa str
lse
or
Do
ee nz
t aa str
SPO
lse
ee nz
EG
Landbouwgebied
ORW
or Do
Groen weg
t aa str lde Wi
t raa
est
lg Wu
at
stra
lde Wi
BUFFERBERM (reeds gerealiseerd)
Aansluiting op bestaand fietspad en bufferberm rond Grote Nest
Aanplant bufferend bosje bij ontwikkeling industrieterrein Grote Nest
AANPLANT BUFFERENDE BOSJES
INRICHTING KNOOPPUNT MET POEL
AANLEG FIETSPAD OP BESTAAND WEGTRACE 1/7000
Landinrichting Kerkbrugge-Oost & Doornzele-Zuid
GENTSE KANAALZONE
Koppelingsgebieden, Fase 2
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid Ontwerp Plan 3: inrichtingsplan Doornzele-Zuid
AANPLANT KLEINE LANDSCHAPSELEMENTEN LANGS GRACHT
AANSLUITING FIETSPAD OP OUDE SPOORWEG EN PARKGEBIED DOORNZELE-KANAALZIJDE
± aangemaakt op: 14 februari 2013
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
! ! !
! !
! !
!
!
!
! !
!
! !
!
!
!
!
!
!
!
! !
! !
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
! !
!
! !
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
! !
!
!
!
!
!
!
!
! !
!
EVERGEM
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!!
!
!
!
!
!
!
!
!
! !
!
!
!
!
!
!
!
!
!
! !
!
!
-T er n
!
!
! !
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!!
!
!
!
!
!
!
!
Ka na al
!
!
!
! !
! !
!
!
!
!
Ge nt
!
!
!
!
eu
!
! !
!
ze n
!
!
! !
!
! !
!
! !
!
!
! !
!
! !
!
! ! !
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
GENT
!
!
!
!
! ! ! ! ! ! 200
400
!
br on:T opogr afi s c hek aar t 1/ 100. 000,r as ter , NGI ,Opname2001– 2006;Nati onaal Geogr afi s chI nsti tu u t aangemaak t op:1 1/ 02/ 2013
600 Meter s
±
!
Landinrichting
!
100
!
0
Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid !
!
!
!
!
!
!
!
!
!
!
Plan 4: Grondverwerving
!
GENTSEKANAALZONE Koppel i ngsgebi eden,fase2 I nr i c hti ngs pl anKer kbr u ggeOost enDoor nzel eZu i d ei ndv oor stel
!
Koppel i ngsgebi edenKer kbr u ggeOost enDoor nzel eZu i d T ev er w er v engr onden Afbakeni ngzeehav engebi edGent
!
!
Gemeentegr ens
!
!
Aanleg nieuw tracé langs stort van Electrabel
Aanleg fietspad t.h.v. bestaande veldweg (Hospitaaldreef)
schaal: nvt.
Landinrichting Kerkbrugge-Oost & Doornzele-Zuid
GENTSE KANAALZONE
Koppelingsgebieden, Fase 2
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid Eindvoorstel
± aangemaakt op: 14 februari 2013
Foto: knooppunt in Desteldonk, Koemeersweg (aanleg 2012, VLM)
Landinrichting Kerkbrugge-Oost & Doornzele-Zuid
GENTSE KANAALZONE
Koppelingsgebieden, Fase 2
Inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid Eindvoorstel Bijlage 2: Inrichting knooppunten
aangemaakt op: 25 maart 2013
BIJLAGE 3: W ATERTOETS OP DE GEPLANDE WERKZAAMHEDEN 1. INLEIDING Het decreet betreffende het integraal waterbeleid van 18 juli 2003 (B.S. 14/11/2003 – verder decreet IWB) creëert het juridisch en organisatorisch kader waarbinnen het waterbeleid in Vlaanderen moet gevoerd worden. Het decreet IWB artikel 8 §1 stelt: “De overheid die moet beslissen over een vergunning, een plan of programma zoals vermeld in §5, draagt er zorg voor, door het weigeren van de vergunning of door goedkeuring te weigeren aan het plan of programma dan wel door het opleggen van gepaste voorwaarden of aanpassingen aan het plan of programma, dat geen schadelijk effect ontstaat of zoveel mogelijk wordt beperkt en, indien dit niet mogelijk is, dat het schadelijk effect wordt hersteld of, in de gevallen van de vermindering van de infiltratie van hemelwater of de vermindering van ruimte voor het watersysteem, gecompenseerd.” Een schadelijk effect wordt in het decreet IWB artikel 3 §2 17° gedefinieerd als: “ieder betekenisvol nadelig effect op het milieu dat voortvloeit uit een verandering van de toestand van watersystemen of bestanddelen ervan die wordt teweeggebracht door een menselijke activiteit; die effecten omvatten mede effecten op de gezondheid van de mens en de veiligheid van de vergunde of vergund geachte woningen en bedrijfsgebouwen, gelegen buiten overstromingsgebieden, op het duurzaam gebruik van water door de mens, op de fauna, de flora, de bodem, de lucht, het water, het klimaat, het landschap en het onroerend erfgoed, alsmede de samenhang tussen een of meer van deze elementen.” De uitvoering van de watertoets wordt geregeld in het besluit van 20 juli 2006 van de Vlaamse Regering tot vaststelling van nadere regels voor de toepassing van de watertoets, tot aanwijzing van de adviesinstantie en tot vaststelling van nadere regels voor de adviesprocedure bij de watertoets, vermeld in artikel 8 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid (BS 31 oktober 2006). Het is een formele verplichting voor de overheid die het plan of programma moet goedkeuren, of die de vergunning moet afleveren. De watertoets stimuleert echter de opsteller van het plan of programma of de initiatiefnemer van een activiteit om in het prille stadium van het proces na te denken over de gevolgen voor het watersysteem. Het is dus ook een preventief instrument. Dit rapport bevat de voor het inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid de analyse en evaluatie van de effecten op het watersysteem en de voorwaarden om dat effect te vermijden, te beperken, te herstellen of te compenseren, de zogenaamde elementen voor het uitvoeren van de watertoets. 2. SITUERING PROJECT Een uitgebreide situering (hydrografisch, juridisch,…) is te vinden “deel 2: Projectsituering”. De visie en de voorziene inrichtingsmaatregelen voor het project worden beschreven in “deel 3: Projectbeschrijving”. 3. TOETSING IMPACT VAN DE MAATREGELEN OP HET WATERSYSTEEM De maatregelen zijn gegroepeerd volgens de types van de beoordelingsschema’s van het uitvoeringsbesluit watertoets artikel 3 §1 (BVR 20 juli 2006): 1. 2. 3. 4. 5.
verhardingen & constructies; wijziging van vegetatie; reliëfwijziging; buffer- of infiltratievoorzieningen; lozingen op rioleringsstelsel, oppervlaktewater of grondwater;
6. grondwaterwinning; 7. wijziging van de bedding en structuurkwaliteit waterloop 8. andere Acties die niet in te delen zijn volgens deze categorieën, worden ondergebracht onder “8. andere”. Sommige ingrepen kunnen in principe in meerdere categorieën thuishoren, maar worden voor de eenvoudigheid slechts één maal vermeld. Een toetsing van de maatregelen in verband met een impact op het watersysteem gebeurt door middel van:
de lokalisatie ten opzichte van de watertoetskaarten; de doelstellingen en de beginselen van het Decreet Integraal Waterbeleid.
De terreinacties worden dus eerst gesitueerd ten opzichte van de watertoetskaarten. Volgende liggingen worden onderscheiden: OG: Overstromingsgevoelige IN: Infiltratiegevoelige WB: Winterbedkaart gebieden (effectief-mogelijk) gebieden
GW: Grondwaterstromingsgevoelige gebieden
ER: gebieden
Erosiegevoelige H: Hellingkaart
Vervolgens worden alle criteria getoetst aan de doelstellingen en beginselen van het decreet integraal waterbeleid. De toetsing gebeurt door gebruik te maken van een standaard invultabel (zie verder):
het vakje groen arceren indien de actie aan de doelstelling voldoet of een uitwerking is van de doelstelling of beginsel het vakje rood arceren indien er een mogelijk knelpunt kan ontstaan met de doelstelling of het beginsel
Doelstellingen van het decreet IWB (art. 5)
D1: Het grond- en oppervlaktewater op een zodanige manier beschermen, verbeteren en herstellen dat tegen eind 2015 een goede toestand van de watersystemen wordt bereikt. D2: De verontreiniging van oppervlakte- en grondwater voorkomen en verminderen. D3: De voorraden aan oppervlakte- en grondwater duurzaam beheren en gebruiken. D4: De verdere achteruitgang van aquatische ecosystemen, van rechtstreeks van waterlichamen afhankelijke terrestrische ecosystemen en van waterrijke gebieden voorkomen.
D5: De aquatische ecosystemen en rechtstreeks van waterlichamen afhankelijke terrestrische ecosystemen in specifieke gebieden verbeteren en herstellen. D6: Het beheer van hemelwater en oppervlaktewater organiseren. D7: De landerosie, de aanvoer van sedimenten naar het oppervlaktewater en het door menselijke ingrepen veroorzaakt transport en afzetting van slib en sediment terugdringen. D8: De waterwegen beheren en ontwikkelen met het oog op de bevordering van een milieuvriendelijker transportmodus van personen en goederen via de waterwegen, het realiseren van de intermodaliteit met de andere vervoersmiddelen en het bevorderen van de internationale verbindingsfunctie ervan. D9: De diverse functies binnen een watersysteem en de onderlinge verbanden integraal afwegen. D10: De betrokkenheid van de mens met het watersysteem bevorderen, waaronder het verhogen van de belevingswaarde in stedelijk gebied en vormen van zachte recreatie.
Beginselen van het decreet IWB (art. 6)
B1: Het standstill beginsel. Voorkomen dat de toestand van het watersysteem verslechtert. B2: Het preventiebeginsel. Optreden om schadelijke effecten te voorkomen, eerder dan die achteraf te moeten herstellen. B3: Het bronbeginsel. Preventieve maatregelen aan de bron nemen. B4: Het voorzorgsbeginsel. Het treffen van maatregelen ter voorkoming van schadelijke effecten niet uitstellen omdat na afweging een oorzakelijk verband tussen het handelen of het nalaten en de gevolgen ervan niet volledig door wetenschappelijk onderzoek is aangetoond. B5: Het beginsel dat “de vervuiler betaalt”. De kosten voor maatregelen ter voorkoming, vermindering en bestrijding van schadelijke effecten en de kosten voor het herstellen van deze schade zijn voor rekening van de veroorzaker. B6: Het kostenterugwinningsbeginsel. De kosten voor waterdiensten in rekening brengen. B7: Het herstelbeginsel. Schadelijke effecten voor zover mogelijk herstellen tot de van toepassing zijnde referentieniveaus. B8: Het participatiebeginsel. Aan de burgers vroeg, tijdig en doeltreffend inspraak verlenen bij het voorbereiden, het vaststellen, het uitvoeren, het opvolgen en het evalueren van het integraal waterbeleid. B9: Het beginsel van hoog beschermingsniveau. Een zo hoog mogelijk beschermingsniveau nastreven van de aquatische ecosystemen, de rechtstreeks afhankelijke terrestrische ecosystemen en de waterrijke gebieden, zonder het multifunctionele gebruik van de watersystemen uit het oog te verliezen. B10: Het beginsel dat het watersysteem één van de ordenende principes is in de ruimtelijke ordening. B11: Het beginsel van de evaluatie ex ante. Een voorafgaande, systematische en grondige evaluatie van de gevolgen van het integraal waterbeleid op het milieu en de samenleving en voor de uitvoerende en handhavende instanties uitvoeren is nodig.
4. SELECTIE VAN DE TERREINACTIES DIE MOGELIJK EEN IMPACT HEBBEN OP HET WATERSYSTEEM
In tabel 1 worden de terreinacties met een mogelijke impact op het watersysteem gecategoriseerd volgens bovenstaande beoordelingsschema (cfr. Punt 3) waar van toepassing. Deze worden verder besproken in punt 5. Op sommige terreinacties is het beoordelingsschema niet van toepassing om verscheidene redenen (geen of minieme impact of watersysteem, geen verandering t.o.v. huidige situatie, …) maatregel
terreinactie
1.2.
Inrichten bosbuffer
2.1.
Landschappelijke inkleding
2.3. 3.2.
Inrichten natuurzone Aanleg langeafstands-fietspad
Ontwikkelen bosbuffer Kerkbrugge-Oost Aanplant bufferende bosjes Doornzele-Zuid Inrichting knooppunten Aanplant kleine landschapselementen Wandelpad tuinwijk Herryville-buffer en inrichting gracht Landschappelijke inkleding lange afstand fietspad Inrichting natuurzone Aanleg bovenlokaal fietspad op bestaande veldweg en langs tuinen Aanleg bovenlokaal fietspad Wildestraat - Wulgestraat
Type volgens beoordelingsschem a 2,4 2,4 n.v.t. 2 1,7
2 2 1
1
5. TOETSING IMPACT VAN DE TERREINACTIES OP HET WATERSYSTEEM 5.1. Situering op watertoetskaarten
I.
Overstromingsgevoelige gebieden
Slechts een zeer klein deel van de koppelingsgebieden is gecategoriseerd als mogelijk overstromingsgevoelig. In Kerkbrugge-Oost wordt dit deel ingericht als natte natuurzone terwijl bufferende bosjes worden voorzien in Doornzele-Zuid. Natuurlijke overstromingen blijven mogelijk.
II.
Infiltratiegevoelige bodems
De koppelingsgebieden worden voor een groot deel als “infiltratiegevoelig� beschouwd. Dat betekend dat het gebied grotendeels geschikt is voor de infiltratie van regenwater. De geplande inrichtingsmaatregelen versterken deze geschiktheid nog verder.
III.
Erosiegevoelige gebieden en hellingenkaart
Het plangebied ligt in het centraal gedeelte van de Vlaamse zandstreek. Het gebied is vlak en reliÍfverschillen zijn nauwelijks aanwezig. Erosiegevoelige randen van wegen worden ingericht met KLE’s die kunnen fungeren als bufferstroken. Erosiegevoeligheid vormt hier dus zeker geen knelpunt.
IV.
Grondwaterstromingsgevoelige gebieden
Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid zijn matig gevoelig voor grondwaterstroming. De voorziene maatregelen in de inrichting zijn echter eerder oppervlakkig en hebben nauwelijks of geen invloed op de grondwaterstroming.
Het plangebied behoort niet tot het winterbed van een grote rivier.
5.2. Toetsing aan de doelstellingen en beginselen uit het DIWB 5.2.1. Verhardingen en constructies Maatregel
2.1.
Titel
Landschappelijke inkleding
Beschrijving
Een verbindend wandelpad tussen de woonwijk en het lange-afstandsfietspad zal worden aangelegd in halfverharding. (de inrichting van de gracht wordt verder behandeld).
Watergevoelig e gebieden
OG: mogelijk overstroming s-gevoelig
Doelstellingen IWB
D1
Beginselen IWB
B1
D2 B2
IN: infiltratiegevoelig
D3 B3
GW: zeer grondwaterstromingsgevoelig
D4 B4
D5 B5
D6 B6
D7 B7
WB: behoort niet tot het winterbed van een grote rivier
ER:niet erosiegevoelig
D8
B8
B9
D9
D10
B10
B11
Aandachtspun De aanleg betreft een aanleg in halfverharding die plaatselijke infiltratie van ten hemelwater toelaat.
Maatregel
3.2.
Titel
Aanleg lange afstand fietspad
Beschrijving
In Kerkbrugge Oost zal een bestaande veldweg in steenslag verhard worden met beton. Tussen deze weg en het bestaande fietspad rond De Nest wordt een volledig nieuw tracé in beton aangelegd langsheen de storten van Electrabel. In Doornzele-Zuid zal het bestaande betonnen fietspad rond de Nest doorgetrokken worden tot aan de Wildestraat. De Wildestraat is momenteel een steenslagweg en zal ingericht worden met een betonverharding.
Watergevoelig e gebieden
OG: mogelijk overstroming s-gevoelig
Doelstellingen IWB
D1
Beginselen IWB
B1
D2 B2
IN: infiltratiegevoelig
D3 B3
GW: zeer grondwaterstromingsgevoelig
D4 B4
D5 B5
D6 B6
D7 B7
WB: behoort niet tot het winterbed van een grote rivier
ER:niet erosiegevoelig
B8
D8 B9
D9
D10
B10
B11
De aanleg betreft een fietspad in betonverharding. In Kerkbrugge-Oost zal de verhoogde afvoer opgevangen worden door de bestaande Aandachtspun langsgrachten die natuurtechnisch zullen worden ingericht. In Doornzeleten Zuid worden géén bijkomende infiltratievoorzieningen voorzien, maar de licht verhoogde afvoer wordt ruimschoots opgevangen door de verhoogde buffercapaciteit (oa. heraanleg bermen)van het plangebied.
5.2.2. Wijzigen van vegetatie Maatregel
1.2.
Titel
Inrichten bosbuffer
Beschrijving
Een groot deel van het gebied zal worden ingericht als bos, waar mogelijk met recreatief medegebruik door aanleg van een wandelpad. Er wordt een voldoende brede bosrand voorzien.
Watergevoelig e gebieden
OG: mogelijk overstroming s-gevoelig
Doelstellingen IWB
D1
Beginselen IWB
B1
D2 B2
IN: infiltratiegevoelig
D3 B3
GW: zeer grondwaterstromingsgevoelig
D4 B4
D5 B5
D6 B6
D7 B7
WB: behoort niet tot het winterbed van een grote rivier
ER:niet erosiegevoelig
D8
B8
B9
D9
D10
B10
B11
Maatregelen of Het vergroten van het bosareaal zorgt voor een grotere berging en infiltratie aandachtspun van hemelwater en verkleint de afvoer van sedimenten naar de ten oppervlaktewaterlichamen.
Maatregel
2.1.
Titel
Landschappelijke inkleding
Beschrijving
In beide koppelingsgebieden wordt het landschap maximaal opgeladen met kleine landschapselementen (KLE) langs de paden, grachten en landbouwkavels. Daarnaast wordt langs het lange afstandsfietspad een hoogstammige bomenrij voorzien alsook groepen struiken afgewisseld met brede zoom.
Watergevoelig e gebieden
OG: mogelijk overstroming s-gevoelig
Doelstellingen IWB
D1
Beginselen IWB
B1
D2 B2
IN: infiltratiegevoelig
D3 B3
GW: zeer grondwaterstromingsgevoelig
D4 B4
D5 B5
D6 B6
ER:niet erosiegevoelig
D7 B7
WB: behoort niet tot het winterbed van een grote rivier
B8
D8 B9
D9
D10
B10
B11
Er wordt aangenomen dat de aanplantingen een positieve invloed zullen Maatregelen of hebben op de waterretentie en de uitspoeling van sedimenten. Op de aandachtspun hiervoor afgebeelde erosiegevoeligheidskaart kwamen de bestaande ten wegen als gevoelig naar voor, in die context kunnen KLE’s soelaas bieden.
Maatregel
2.3.
Titel
Inrichting natuurzone
Beschrijving
In Kerkbrugge-Oost wordt een natuurontwikkelingszone ingericht met vochtige biotopen. Dit laag gelegen natte weiland wordt ingericht als rietland met vochtig wilgen- en of elzenstruweel.
Watergevoelig e gebieden
OG: mogelijk overstroming s-gevoelig
Doelstellingen IWB
D1
Beginselen IWB
B1
IN: infiltratiegevoelig
D2 B2
D3 B3
GW: zeer grondwaterstromingsgevoelig
D4 B4
D5 B5
D6 B6
D7 B7
WB: behoort niet tot het winterbed van een grote rivier
ER:niet erosiegevoelig
B8
D8 B9
D9
D10
B10
B11
Aandachtspun In deze zone is een grotere berging en infiltratie van hemelwater mogelijk, ten vochtige natuurontwikkeling wordt gestimuleerd.
5.2.3. ReliĂŤfwijzigingen n.v.t. 5.2.4. Buffer- of infiltratievoorzieningen De bosaanplantingen in Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid en in mindere mate ook de inrichting van de knooppunten (natte zone/poel knooppunt Doornzele) dragen bij tot buffering en infiltratie van hemelwater. De toetsing van deze terreinacties staan vermeld in punt 2. 5.2.5. Lozingen op rioleringsstelsel, oppervlaktewater of grondwater n.v.t. 5.2.6. Grondwaterwinning n.v.t.
5.2.7. Wijziging van de bedding en structuurkwaliteit waterloop Uitvoerings 2.1. -eenheid Titel
Landschappelijke inkleding
Beschrijving
Samen met de aanleg van een verbindend wandelpad (zie hierboven) wordt de gracht tussen de natuurzone en het landbouwgebied natuurtechnisch ingericht samen met beek begeleidende beplanting.
Watergevoelig e gebieden
OG: niet overstroming s-gevoelig
Doelstellingen IWB
D1
Beginselen IWB
B1
D2 B2
IN: niet infiltratiegevoelig
D3 B3
GW: zeer grondwaterstromingsgevoelig
D4 B4
D5 B5
D6 B6
ER:niet erosiegevoelig
D7 B7
WB: behoort niet tot het winterbed van een grote rivier
B8
D8 B9
D9
D10
B10
B11
Natuurtechnische inrichting draagt bij aan het ecologisch herstel van de Aandachtspun waterloop en verhoogt het waterbergend vermogen (bij dit deel van de ten waterloop)l.
5.2.8. Andere n.v.t.
6. EINDCONCLUSIE De voorgestelde acties van het voorliggende inrichtingsplan veroorzaken over het algemeen geen ongewenste effecten op het watersysteem. De gedeeltelijke omvorming tot bosgebied zorgt voor een aanzienlijk grotere buffering. De aanleg van verhardingen en wegen is minimaal, en waar mogelijk wordt reeds aanwezige infrastructuur gebruikt. Het project heeft in zijn globaliteit geen negatief effect op het watersysteem. Op basis van deze argumenten wordt het voorliggende inrichtingsplan Kerkbrugge-Oost en Doornzele-Zuid verenigbaar geacht met de doelstellingen van artikel 5 en de beginselen van artikel 6 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid.