Skip to main content

ODA-rapport_2010_NL.pdf

Page 1

HET VLAAMSE ODA-RAPPORT • 2010 ONTWIKKELINGSRELEVANTE UITGAVEN VAN DE VLAAMSE OVERHEID IN 2010


Het Vlaamse ODA-Rapport 2010


Verantwoordelijke uitgever: Koen Verlaeckt, secretaris-generaal, Boudewijnlaan 30 b 80, 1000 Brussel Redactie: Simon Calcoen Layout: Ingrid van Rintel, Simon Calcoen Druk: Agentschap voor Facilitair Management, Digitale drukkerij Depotnummer: D/2011/3241/064 http://iv.vlaanderen.be


Inhoudsopgave 1. Inleiding ............................................................................................................................. 6 1.1

Internationale context: de 0,7% doelstelling ............................................................ 7

1.2

Europese context .................................................................................................... 8

1.3

Nationale context .................................................................................................... 9

2. Methodologische toelichting .............................................................................................10 2.1.

Bijdragen die niet conform de OESO-DAC directive zijn .........................................10

2.2.

Bijdragen die conform de OESO-DAC directive zijn ...............................................10

3. Analyse van de Vlaamse ODA .........................................................................................12 3.1

Overzicht ................................................................................................................12

3.2

Bestedingspatroon van de Vlaamse ODA ..............................................................14

3.3

Bestedingspatroon van de Vlaamse ontwikkelingssamenwerking ..........................18

3.4

De Vlaamse ODA in perspectief .............................................................................22

4. Bilaterale samenwerking ..................................................................................................26 4.1

Zuid-Afrika ..............................................................................................................28

5.2

Mozambique...........................................................................................................33

5.3

Malawi ....................................................................................................................35

5.4

Andere landen ........................................................................................................38

5. Multilaterale samenwerking ..............................................................................................40 6. Indirecte samenwerking ....................................................................................................48 6.1

Gemeentelijke ontwikkelingssamenwerking ...........................................................50

6.2

Sensibilisering & educatie ......................................................................................51

6.3

Handel en ontwikkeling ..........................................................................................52

6.4

Vlaams Fonds Tropisch Bos ...................................................................................54

6.5

Vlaams Partnerschap Water voor Ontwikkeling ......................................................58

6.6

Wetenschappelijke instellingen ..............................................................................61

6.7

Studiebeurzen ........................................................................................................63

6.8

Steun aan ngo’s en andere indirecte samenwerking ..............................................65

6.9

Varia ......................................................................................................................66

7. Noodhulp en humanitaire bijstand ....................................................................................70

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

4


Het Vlaamse ODA Rapport 2010

5


1. Inleiding Het Vlaamse ODA Rapport 2010 bevat een overzicht van de reële uitgaven die in het kalenderjaar 2010 door de Vlaamse overheid aan ontwikkelingshulp werden besteed . Deze uitgaven voldoen aan de officiële criteria voor ontwikkelingssamenwerking (Official Development Assistance of kortweg ‘ODA’) zoals internationaal vastgelegd door de 24 leden van het Ontwikkelingscomité (DAC) van de OESO. Een betalingsinterventie is ODA indien het aan elk van de volgende vier voorwaarden voldoet: 1. 2. 3. 4.

Official: het betreft een besteding die strikt afkomstig is uit overheidsgelden Development: economische en sociale ontwikkeling is de hoofddoelstelling Assistance: het is hulp (bvb. geen commerciële transactie aan marktvoorwaarden) De hulp gaat naar een land (of groep landen) of internationale instelling op de DAC-lijst.1

Naast financiële transfers vallen ook technische coöperatie en ontwikkelingsgerichte leningen (met een giftelement van minimum 25%) onder ODA. Transfers via NGO’s worden als ODA geteld indien deze door overheidsinstanties gefinancierd worden. Daarentegen telt militaire hulp sinds het einde van de Koude Oorlog niet langer als ODA. Schuldkwijtscheldingen verbonden met exportkredieten worden dan wel weer als ODA geboekt. Vanaf 1979 en 1991 worden respectievelijk administratiekosten in donorlanden en de kost in eigen land van vluchtelingen en asielzoekers aangerekend als ODA.2 Geconfronteerd met deze internationale rapporteringpraktijk engageert Vlaanderen zich om deze oefening zo transparant en eerlijk mogelijk te houden. Weliswaar is het voor een substatelijke donor onmogelijk om militaire operaties of repatriëringskosten van vluchtelingen door te rekenen. Via het Kaderdecreet (art. 5 §2) verbindt Vlaanderen zich er bovendien toe strikt ongebonden hulp te leveren. Om die reden werd in totaal 3.668.511 euro aan vnl. handelsgerelateerde steun bewust niet in dit ODA rapport opgenomen. Ten slotte werden in 2010 geen concessionele leningen en schuldkwijtscheldingen als een ontwikkelingsinstrument ingezet. Conform de OESO/DAC-criteria bestaat de totale Vlaamse ODA enerzijds uit de bestedingen van de Vlaamse ontwikkelingssamenwerking, d.w.z. de betalingen vanuit de eigenlijke begroting voor ontwikkelingssamenwerking. Anderzijds financieren ook verschillende andere beleidsdomeinen activiteiten die volgens de OESO/DAC als officiële ontwikkelingshulp aanrekenbaar zijn. De Vlaamse ODA en de begroting ontwikkelingssamenwerking mogen dan ook niet met elkaar verward worden. De oorspronkelijke aanleiding voor het verzamelen van de Vlaamse ODA uitgaven, is een vraag van de federale Directie-Generaal Ontwikkelingssamenwerking (DGOS). Deze administratie verzamelt gelijkaardige gegevens van alle Belgische overheden, telt ze bij elkaar op om ze vervolgens naar het Ontwikkelingscomité van de OESO in Parijs door te sturen. De OESO/DAC groepeert ’s werelds belangrijkste bilaterale donoren en zij vraagt jaarlijks bij alle OESO-lidstaten de cijfers voor officiële ontwikkelingssamenwerking op. De rangschikking volgens het percentage van het BNI dat de donoren het afgelopen jaar aan ODA hebben besteed, is één van de meest bekende analyses die deze organisatie verricht. Met de komst van het kaderdecreet inzake ontwikkelingssamenwerking van 22 juni 2007 is het ODA rapport naar een decretaal verplichte rapportering aan het Vlaams Parlement geëvolueerd. Het rapport krijgt in het kaderdecreet bovendien een tweeledige rol toebedeeld. Enerzijds betreft het een rapportering over de maatregelen die de Vlaamse Regering onderneemt om een eigen bijdrage te leveren aan de internationaal aanvaarde doelstelling om het equivalent van minstens 0,7% van het BNI aan ODA te besteden (art. 23, 24). Anderzijds vormt het Vlaamse ODA rapport een beleidsinstrument om de doelstelling van beleidscoherentie voor ontwikkeling aan af te toetsen (art. 3 §1).

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

6


Tevens zullen deze cijfers opgenomen worden in de volgende editie van de Vlaamse Regionale Indicatoren (VRIND), die voor elk beleidsdomein van de Vlaamse overheid een aantal kwantitatieve en kwalitatieve metingen weergeeft.3 Maar ook bij vele middenveldorganisaties wekken de cijfers interesse. Zo bestudeert 11.11.11 (de koepelorganisatie van ngo’s) het rapport bij het opstellen van haar jaarrapport aangaande de Europese, Belgische en Vlaamse ontwikkelingssamenwerking.

1.1

Internationale context: de 0,7% doelstelling

Het ontwikkelingscomité van de OESO verzamelt sinds 1961 – exact 50 jaar geleden – alle financiële stromen van OESO-landen naar ontwikkelingslanden. Speciale aandacht ging daarbij naar overheidsfondsen in het kader van ontwikkelingssamenwerking. Het DAC bepaalde in 1969 voor het eerst een definitie van ODA. De definitie van ODA werd doorheen de jaren verfijnd tot de huidige 75-bladzijden lijvige richtlijn. De officiële ontwikkelingshulp wordt traditioneel in verhouding tot het Bruto Nationaal Inkomen (BNI) van de donorlanden gemeten. Op de Algemene Vergadering van de VN van oktober 1970 namen de lidstaten resolutie 2626 aan, waarin de industrielanden zich ertoe verbonden 0,7% van hun BNI te investeren in ontwikkelingssamenwerking, en dit tegen 1975. Tot op heden werd deze doelstelling niet bereikt. Individueel behaalden vijf Europese landen wel dit streefcijfer; het gaat om Zweden, Noorwegen, Luxemburg, Denemarken en Nederland.

Historisch verloop van de wereldwijde ODA $140.000

0,6%

$120.000

0,5%

$100.000 0,4% $80.000 0,3% $60.000 0,2% $40.000 $20.000

0,1%

$-

0,0% 2008 2006 2004 2002 2000 1998 1996 1994 1992 1990 1988 1986 1984 1982 1980 1978 1976 1974 1972 1970 1968 1966 1964 1962 1960

ODA in miljoenen USD (constante prijzen 2008)

ODA als aandeel van het BNI

Vooral in het begin van de jaren ’90 kende de ODA een sterke achteruitgang. Onder impuls van de Millennium-Ontwikkelingsdoelen (2000), de Monterrey Financing for Development Conference en enkele G8- en VN-toppen kan men opnieuw een stijging van de ODA vaststellen vanaf 2000. Gelet op de geldwaarde en de wisselkoersen van 2008, steeg de totale ODA in 2009 met minder dan 1% t.o.v. 2008. Volgens de projecties van de OESO-DAC zal de gemiddelde besteding voor 2010 in de buurt komen van 0,32% van het BNI, ofwel $126 miljard. Dat zou neerkomen op een stijging van $6 miljard t.o.v. 2009.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

7


De ‘grote donoren’ blijken relatief weinig bij te dragen in verhouding tot het BNI. VS, Japan en Canada staan in voor respectievelijk 0,18%, 0,22% en 0,33% van hun BNI.4 Opmerkelijk is dat net deze grote donoren deel uitmaken van de G8, die in 2005 in Gleneagles opriep om te hulp tegen 2010 op te drijven naar $130 miljard (geldwaarde 2004). Voor de Gleneagles-doelstelling ontstond naar schatting een kloof van ongeveer $17 miljard (geldwaarde 2004). Onderstaande grafiek leert dat de samenstelling van de ODA volgens bestedingskanaal stilaan terugveert naar de samenstelling van begin de jaren 2000, hetzij met een iets groter aandeel aan humanitaire hulpverlening. De grote golf aan schuldkwijtscheldingsoperaties is weggeëbd, zodat we een duidelijker beeld krijgen op reële bestedingen voor ontwikkelingssamenwerking. Van 2000 tot 2003 en van 2005 tot 2007 bleef de ODA verminderd met schuldkwijtschelding min of meer constant. De totale ODA in de periode 2000-2009 volgens bestedingskanaal (Cte prijs 2008, USD miljarden)5

Recent focussen de engagementen van de donoren zich sterker op het effectiever maken van de bestedingen i.p.v. het formuleren van een nieuwe kwantitatieve doelstelling. Binnen deze periode (2010-2015) moet vooral blijken in hoeverre voorgaande engagementen worden nagekomen. Toch heeft de G20 (de groep van 19 landen + de EU die gezamenlijk 90% van het wereldBBP beslaan) zich in april 2009 als reactie op de financiële crisis tot een aantal ontwikkelingsgerichte maatregelen geëngageerd. Dit engagement besloeg de mobilisatie van $50 miljard om sociale beschermingsmaatregelen te treffen, handel te stimuleren en ontwikkeling veilig te stellen in lage inkomenslanden. Daarnaast zou binnen 2 à 3 jaar $6 miljard worden vrijgemaakt in additionele giften en flexibele financiering voor de armste landen.

1.2

Europese context

De Europese Unie staat in voor 60% van de wereldwijde Officiële Ontwikkelingshulp (ODA). Daarmee is ze de grootste donorengemeenschap ter wereld. 2010 was een belangrijk jaar voor de EU-lidstaten, die in 2005 gezamenlijk beloofden om tegen 2010 in totaal 0,56% van het BNI te besteden aan ontwikkelingssamenwerking - waaronder minimaal 0,51% van het BNI voor oude lidstaten en 0,17% van het BNI voor nieuwe lidstaten. In een volgende stap, tegen 2015, moet de EU als geheel de 0,7%-norm bereiken. Hoewel de ODA-registratie van de EU-lidstaten nog niet is afgerond, wijst de algemene trend in de richting van een toename. Gebaseerd op de voorafgaande schattingen, zou de EU-27 in 2010 Het Vlaamse ODA Rapport 2010

8


gezamenlijk 0,45% à 0,46% van haar inkomens aan ontwikkelingshulp hebben ingezet. In 2009 tikte de EU nog af op 0,42% van het BNI. In de 15 oude EU-landen zouden de ODA-cijfers (in reële waarde van 2005) 10,2 miljard euro lager uitvallen dan de engagementen. 90% van dit tekort valt te verklaren door een kloof tussen intenties en realisaties van Frankrijk (-1,5 miljard euro), Duitsland (-2,7 miljard euro) en Italië (-4,9 miljard euro). Binnen de EU 12 behalen Malta en Cyprus de 0,17%-doelstelling. Dit geldt niet voor de overige 10 nieuwe lidstaten. Vier EU-lidstaten – Zweden, Luxemburg, Nederland en Denemarken – spendeerden in 2009 0,8% (of meer) van hun BNI aan ontwikkeling. De twee laatstgenoemde landen zijn van plan dit niveau te handhaven. Luxemburg en Zweden willen hun bijdrage nog verder uitbreiden. Sommige lidstaten (UK, Cyprus, Ierland en België) planden voor 2010 meer ambitieuze nationale doelstellingen dan zoals voorzien onder de Europese belofte. Hoewel er sinds de financiële crisis minder politieke zekerheid is over het behalen van deze streefcijfers, kan met zekerheid worden gesteld dat de Europese doelstelling ook voor deze landen gehaald zal worden. Hetzelfde geldt voor Finland. Hoewel nog ver verwijderd van de afgesproken doelstellingen, hebben Griekenland en Portugal belangrijke stappen gepland om de ODA op te drijven. Gelet op de financiële crisis in beide landen is het weinig waarschijnlijk dat deze plannen in 2010 ook effectief gerealiseerd zijn. De neerwaartse trend in Oostenrijk in 2009, zou in 2010 gedeeltelijk zijn tenietgedaan. Italië is het enige EU-land dat een significante vermindering (van 1 miljard euro) doorvoerde in 2010.6

1.3

Nationale context

De Belgische ODA bestaat zowel uit de bijdragen vanuit de begroting van het directoraatgeneraal ontwikkelingssamenwerking als andere federale overheidsdiensten (buitenlandse zaken, financiën, fedasil,…); de bijdragen vanuit de regio’s, gemeenten en provincies; schuldkwijtscheldingen; vrijwillige en verplichte bijdragen aan internationale instellingen; … De Belgische regering heeft zichzelf de wettelijke verplichting opgelegd om tegen 2010 minstens 0,7% van het BNI te besteden aan ontwikkelingshulp.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

9


2. Methodologische toelichting Alvorens het overzicht te brengen van alle ontwikkelingsrelevante bijdragen, willen we de nodige transparantie aan de dag leggen voor wat betreft de gehanteerde methodologie. Bij de registratie wordt de richtlijn van de OESO DAC toegepast. Tijdens de registratie van alle ontwikkelingsrelevante uitgaven werd in een vroeg stadium contact opgenomen met de federale overheidsdienst voor ontwikkelingssamenwerking (DGOS). Samen met de federale vertegenwoordiger van de OESO-DAC Working Group on Statistics werd elke uitgave grondig gescreend op conformiteit met de OESO-DAC Reporting Directive.

2.1. Bijdragen die niet conform de OESO-DAC directive zijn EĂŠn multilateraal verdrag (9582 euro aan AEWA) bleek niet te zijn opgenomen in de lijst van ODA-ontvangende organisaties en werd verwijderd uit de berekening van de totale ODA.

2.2. Bijdragen die conform de OESO-DAC directive zijn Volgende bijdragen voldoen wel aan de ODA-criteria, maar werden bewust niet opgenomen in de rapportering, omdat ze een aankoopverplichting bij Vlaamse consultants of bedrijven veronderstellen. De Vlaamse ontwikkelingssamenwerking dient volgens het kaderdecreet strikt ongebonden te zijn. Door de toepassing van het Kaderdecreet bij de ODA-rapportering werd de totale Vlaamse ODA in 2010 verminderd met 3.668.511 euro. Deze vermindering heeft betrekking op de volgende bijdragen.

1. Subsidie voor uitrustingsgoederen Uit het besluit van de Vlaamse Regering van 11 februari 2000 tot vaststelling van de criteria, de voorwaarden en de nadere regelen aangaande de terbeschikkingstelling van Vlaamse uitrustingsgoederen ter bevordering van de export, blijkt dat de uitrustingsgoederen niet meer dan 30% goederen van buitenlandse oorsprong mogen bevatten. Dit veronderstelt een specifieke aankoopverplichting, waardoor de subsidie beantwoordt aan de definitie van gebonden hulp. Om die reden werd 3.019.467 euro aan subsidies voor uitrustingsgoederen niet als ODA geregistreerd in 2010.

2. Subsidie voor haalbaarheidsstudies Uit het besluit van de Vlaamse Regering tot toekenning van subsidies voor haalbaarheidsstudies met betrekking tot bouw- en milieuprojecten in het buitenland met Vlaamse betrokkenheid van 31 maart 2006 blijkt dat de haalbaarheidsstudie moet worden uitgevoerd door de exploitatiezetel van een onderneming die in het Vlaamse Gewest gevestigd is. Dit veronderstelt een specifieke aankoopverplichting, waardoor de subsidie beantwoordt aan de definitie van gebonden hulp. Om die reden werd 649.044 euro aan subsidies voor haalbaarheidsstudies niet als ODA geregistreerd in 2010.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

10


2.3. Indeling bilaterale, multilaterale en indirecte samenwerking Een interventie wordt aan de OESO-DAC overgemaakt als ‘bilaterale hulp’ in volgende gevallen: - Het gaat het om een financiële transactie van de Vlaamse overheid naar een overheid uit een land dat op de OESO-DAC lijst staat van ontvangende landen. - Het gaat om directe, indirecte of multilaterale ontwikkelingshulp die een concrete uitvoering is van de onderling (door beide overheden) goedgekeurde strategienota’s. - Het project wordt behandeld in het jaarlijks overleg met het partnerland. Een interventie wordt aan de OESO-DAC overgemaakt als ‘multilaterale hulp’ in volgende gevallen: - Core-funding aan een internationale organisatie (in casu VN-instellingen of de OESO) - Geoormerkte steun aan een internationale organisatie, waarvan de geografische focus niet is vastgelegd (cfr projecten van UNESCO en de Internationale Arbeidsorganisatie) - Steun via een multilaterale organisatie aan een partnerland van de Vlaamse ontwikkelingssamenwerking, zonder dat het project een concrete uitvoering is van de onderling goedgekeurde strategienota’s of behandeld wordt op de jaarlijkse consultatie met de partner - Steun aan een organisatie (indirecte hulp) waarbij er meer dan één begunstigd land is Een interventie wordt aan de OESO-DAC overgemaakt als ‘indirecte hulp’ in volgende gevallen: - de Vlaamse Regering zorgt voor de financiering of medefinanciering van activiteiten in het kader van het ontwikkelingsbeleid van een indirecte actor (een ngo, een vzw, academische instelling, een gemeente of een andere organisatie) - Een financiële transactie aan een indirecte actor, gekoppeld aan de concrete uitvoering van een bepaalde beleidsdoelstelling van de Vlaamse ontwikkelingssamenwerking (in casu hoofdzakelijk van toepassing op de noordwerking) - Steun verleend via een ngo, een vzw of een andere organisatie aan een partnerland van de Vlaamse ontwikkelingssamenwerking, zonder dat het project een concrete uitvoering is van de onderling goedgekeurde strategienota’s of behandeld wordt op de jaarlijkse consultatie met de partner

=> Voorbeelden uit het ODA rapport 2010 om de concrete toepassing te illustreren: - De Internationale Arbeidsorganisatie (IAO) is een multilaterale VN-instelling. In samenspraak met de Zuid-Afrikaanse autoriteiten werd besloten IAO in te schakelen bij de uitvoering van de strategienota met Zuid-Afrika. De IAO stimuleert waardig werk in de provincie Vrijstaat, waarbij IAO voortbouwt op de prioriteiten van het provinciale en de gemeentelijke besturen. Dit valt onder ‘bilaterale hulp’ en niet onder ‘multilaterale hulp’. - Het Instituut voor Tropische Geneeskunde Antwerpen (ITG) ontvangt een subsidie voor algemene personeelskosten en werkingsen uitrustingsuitgaven. Volgens de beheersovereenkomst dient 40% daarvan naar Hoger Technisch Onderwijs te gaan en 40% naar wetenschappelijk onderzoek. De resterende 20% gaat naar maatschappelijke dienstverlening ten voordele van arme doelgroepen in ontwikkelingslanden. Deze subsidie valt onder ‘indirecte hulp’. Het ITG wordt echter ook ingeschakeld in het geïntegreerde netwerk ter bestrijding van hiv/aids/soa in de provincie Tete (Mozambique). Dit is een concrete uitvoering van de onderling afgesproken strategienota’s, en werd in overleg met de partner vastgelegd. Deze bijdrage wordt dan ook onder ‘bilaterale hulp’ gecategoriseerd. - Het Rode Kruis investeert in rampenpreventie door het lanceren van een handleiding voor eerstehulpverlening op maat van de lokale afdelingen van het Rode Kruis in Mozambique en Malawi. Gezien dit project zich richt op meer dan één land, wordt dit geregistreerd als ‘multilaterale hulp’.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

11


3. Analyse van de Vlaamse ODA 3.1

Overzicht

De Vlaamse ODA voor 2010 bedraagt 48.117.307 euro. Daarvan wordt 13,7 miljoen euro of 29% gespendeerd in het kader van de bilaterale samenwerking, d.w.z. vormen van samenwerking die gebaseerd zijn op een overeenkomst tussen de Vlaamse Regering en een partnerland van de Vlaamse ontwikkelingssamenwerking. Ongeveer 46% van de uitgaven voor bilaterale samenwerking in 2010 gaat naar programma’s en projecten in Malawi. Zuid-Afrika ontving 3,6 miljoen euro. Voor de samenwerking met Mozambique werd dit jaar 3,4 miljoen euro uitbetaald. In 2010 werden een aantal multilaterale instellingen ingezet bij de uitvoering van het bilateraal ontwikkelingsbeleid. Deze organisaties zijn daarom niet opgenomen in de categorie ‘multilaterale samenwerking’, maar zijn opgelijst in de subcategorie ‘Bi-Multi’. In hoofdstuk 4 volgt de exacte samenstelling van de bestedingen voor bilaterale hulp. De multilaterale samenwerking vertegenwoordigt 7,9 miljoen euro of 16% van de Vlaamse ODA in 2010. Vlaanderen heeft relaties ontwikkeld met een aantal internationale organisaties, zoals de UNESCO, het VN-Kinderfonds (UNICEF), het Wereldvoedselprogramma, het VN Agentschap voor Palestijnse Vluchtelingen,… Verscheidene bijdragen aan deze instellingen zijn geoormerkt voor Zuidelijk Afrika (subregionaal) of de partnerlanden van de Vlaamse ontwikkelingssamenwerking. Hoofdstuk 5 behandelt de verdeling van de bestedingen voor multilaterale hulp. De indirecte samenwerking is goed voor 22,1 miljoen euro of 46% van de Vlaamse ODA. Het betreft vormen van samenwerking waarbij de Vlaamse Regering zorgt voor de financiering of medefinanciering van activiteiten in het kader van het ontwikkelingsbeleid van een indirecte actor. Denk hierbij aan niet-gouvernementele organisaties, internationale instellingen, universiteiten en wetenschappelijke instellingen, en gemeente- en provinciebesturen. De hoofdmoot van de indirecte samenwerking, 14 miljoen euro, gaat naar de structurele financiering van wetenschappelijke instellingen, zoals het Instituut voor Tropische Geneeskunde Antwerpen (ITG) en het Instituut voor Ontwikkelingsbeleid- en Beheer (IOB). Andere voorname uitgavenposten in 2010 zijn onder meer steun aan ngo’s en/of vzw’s (1,9 miljoen euro), sensibilisering- en ontwikkelingseducatie (1,5 miljoen euro), de gemeentelijke convenants ontwikkelingssamenwerking (1,4 miljoen euro), studiebeurzen (861.625 euro) en initiatieven inzake handel en ontwikkeling (1.115.659 euro). De onderverdeling volgens uitgavenpost van de indirecte samenwerking wordt in hoofdstuk 6 verduidelijkt. Vlaanderen verleent in het kader van de internationale samenwerking ook bijstand aan gebieden die door rampspoed van natuurlijke of menselijke oorsprong werden getroffen. Noodhulp en humanitaire bijstand vertegenwoordigt 1,8 miljoen euro of 3,7% van de ODA-uitgaven in 2010. Een verdeling volgens hulpinterventie volgt in hoofdstuk 7. Ten slotte worden zowel door het Departement internationaal Vlaanderen als door het Agentschap administratieve kosten geboekt, noodzakelijk om het beleid en de uitvoering de ontwikkelingssamenwerking tot stand te brengen. In 2010 beliep deze kost 5% van de totale ODA. De toewijzing volgens categorie (bilaterale, multilaterale en indirecte steun) werd in het voorgaande methodologische hoofdstuk geëxpliciteerd. Op de volgende bladzijde volgt een overzichtstabel voor de Vlaamse ODA bestedingen in 2010.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

12


Samenstelling van de Vlaamse ODA 2010 (in euro) Bilaterale samenwerking

13.718.628

Zuid-Afrika

3.611.644

Mozambique

3.360.417

Malawi

6.320.566

Andere

426.000

Waarvan Bi-Multi:

Multilaterale samenwerking

7.853.873

Verenigde Naties Kinderfonds (UNICEF)

3.123.906

UNESCO

2.212.662

Universiteit van de Verenigde Naties (UNU-CRIS)

967.000

Wereldvoedselprogramma van de VN (WFP)

884.000

VN Agentschap voor Palestijnse Vluchtelingen (UNRWA)

150.000

World Agroforestry Centre (ICRAF)

164.465

Rode Kruis Vlaanderen

125.000

Wereldgezondheidsorganisatie (WGO)

84.224

Milieuprogramma van de Verenigde Naties (UNEP)

75.461

Klimaatverdrag voor klimaatverandering (UNFCCC)

52.223

Andere

14.932

Indirecte samenwerking

22.136.460

Wetenschappelijke instellingen

14.046.892

Steun aan ngo’s en/of vzw’s

1.994.556

Sensibilisatie en ontwikkelingseducatie

1.552.069

Gemeentelijke convenants ontwikkelingssamenwerking

1.396.083

Handel en ontwikkeling

1.115.659

Beurzen

861.625

Vlaams Partnerschap Water voor Ontwikkeling

447.562

Vlaams Fonds Tropisch Bos

246.727

Andere

475.285

Noodhulp en humanitaire bijstand

1.807.910

Administratieve- en werkingskosten

2.579.505

Vlaams Agentschap voor Internationale Samenwerking Departement internationaal Vlaanderen

2.327.813 251.691

48.117.307

Totale Vlaamse ODA

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

13


3.2

Bestedingspatroon van de Vlaamse ODA

De Vlaamse ODA kan verder opgesplitst worden volgens begunstigde actor, ontvangend land, sector, en Millennium-Ontwikkelingsdoelen.

3.2.1. Begunstigden 33% van de Vlaamse ODA in 2010 werd aan wetenschappelijke instellingen en universiteiten uitbetaald. Het betreft niet enkel indirecte steun voor ontwikkelingsrelevant onderzoek. Wetenschappelijke instellingen zoals het Instituut voor Tropische Geneeskunde Antwerpen (ITG) en gespecialiseerde instellingen binnen de Universiteit Gent worden ook ingeschakeld in de bilaterale ontwikkelingssamenwerking in Mozambique. De Verenigde Naties en aanverwante instellingen schrijven 21% van de Vlaamse ODA 2010 op hun conto. Het betreft niet enkel bijdragen in het kader van multilaterale samenwerking. UNAIDS treedt bijvoorbeeld ook op als uitvoerende actor binnen de bilaterale samenwerking met Mozambique. Voorts ontvangen VN-organisaties financiering voor het verlenen van humanitaire bijstand. In totaal werd 19% van de Vlaamse ODA rechtstreeks aan de overheden van Zuid-Afrika, Mozambique en Malawi uitbetaald. Niet-gouvernementele organisaties (NGO’s) ontvingen 18,1%. Dit percentage is de som van het aandeel Vlaamse en nationale NGO’s (14%), internationale NGO’s (0,59%), en lokale NGO’s in het Zuiden (3,60%). Ten slotte gaat 2,5% van de ODA naar Vlaamse steden en gemeenten. Deze subsidies zijn afkomstig uit de begroting ontwikkelingssamenwerking.

Indeling van de Vlaamse ODA 2010 volgens actor Wetenschappelijke instellingen VN en aanverwante instellingen

2%

4%

6%

33%

Overheden

14% Vlaamse ngo's en/of vzw's Andere

19% 21%

Steden en gemeenten Lokale ngo's Internationale ngo's

De meeste bijdragen zijn gericht op een hulpactie binnen een landengroep of één specifiek land. De volgende blz. geeft de totale ODA weer van alle alle betalingsinterventies in 2010 voor de tien grootste ontvangers - dus ongeacht of het om bilaterale-, mulilaterale- of indirecte hulp, dan wel om noodhulp gaat.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

14


Top 10 ontvangende landen/regio's landen/regio's van Vlaamse ODA 2010

% ODA

Malawi

7.819.937 € 16,25%

Mozambique

4.972.225 € 10,33%

Zuid-Afrika

3.853.363 €

8,01%

502.757 €

1,04%

India

1.267.220 €

2,63%

Haïti

620.000 €

1,29%

Chili

333.820 €

0,69%

Burundi

300.000 €

0,62%

Burkina Faso

300.000 €

0,62%

Pakistan

269.960 €

0,56%

Zuidelijk Afrika (subregionaal)

35%

De prioritaire partnerlanden en regio zijn, met 35% van de totale ODA, de grootste ontvangers van ODA in 2010. Indien we abstractie maken van de uitgaven in het kader van de noordwerking, vertegenwoordigen deze landen 68% van de totale ODA voor de Zuidwerking. De ODA aan deze concentratielanden kan verder volgens begunstigde actor worden doorgelicht:

Samenstelling van de ODA 2010 in de Vlaamse partnerlanden Zuid-Afrika

Overheden

Malawi

Verenigde Naties en aanverwante instellingen

Mozambique

Wetenschappelijke instellingen

Zuidelijk Afrika

Ngo's

0%

Andere

50%

100%

In Malawi verliep 53% van de betalingen van overheid tot overheid. Daarnaast werd 34% overgebracht via de VN Voedsel- en Landbouworganisatie (FAO), het VN Kinderfonds (UNICEF) en het VN programma aangaande HIV/AIDS (UNAIDS). 12% van de betalingen verliep via ngo’s. Uit de verdeling van bestedingskanalen blijkt dat in Mozambique gebruik wordt wordt gemaakt van de portefeuillebenadering, met een evenwichtige verdeling tussen transfers via de overheid, multilaterale instellingen en wetenschappelijke instellingen.

In Zuid-Afrika wordt 71% van de ODA rechtstreeks van overheid tot overheid uitbetaald. De overige bestedingen verlopen voornamelijk via ngo’s. Regionale projecten in Zuidelijk Afrika verliepen bijna exclusief via NGO’s.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

15


3.2.2. Sectoren Hieronder volgt de besteding van de Vlaamse ODA per sector. Het systeem voor de codering van de sectoren werd op punt gesteld door het Ontwikkelingscomité van de OESO en laat toe sectorinformatie van alle donoren te vergelijken. Een sector geeft een beschrijving van de economische of sociale structuur waarop de finaliteit van een interventie betrekking heeft. Wetenschappelijk onderzoek

Indeling van de Vlaamse ODA 2010 volgens OESO/DAC classificatie

Gezondheid Onderwijs Sensibilisatie

3%

2% 2% 3%

4%

13%

Humanitaire hulp

4% Landbouw en veeteelt

5% 25% 15%

Administratieve kosten

NGO Handel en industrie

3% 6%

15%

Overheid & civiele maatschappij Sociale infrastructuur Watervoorziening en sanering Andere classificatie

De Vlaamse ODA wordt geconcentreerd rond de sectoren gezondheid (26%), landbouw en veeteelt (15%) en onderwijs (15%). De steun aan wetenschappelijk onderzoek (13%) vormt ook steeds een voorname categorie. Voorts blijken ook ontwikkelingseducatie en - sensibilisatie (6%) relatief belangrijke sectoren in termen van ODA. De restcategorie ‘Andere classificatie’ (4%) bevat kleinere uitgaven in de sectoren energie, bosbouw, transport en opslag, watervoorziening, watervoorziening, Bosbouw, Toerisme, Milieubescherming,…

3.2.3 Millennium-Ontwikkelingsdoelen Op gelijkaardige wijze kan de Vlaamse ODA worden ingedeeld volgens bijdrage aan de realisatie van de Millennium-Ontwikkelingsdoelen (MDG’s). Alle ODA uitgaven die niet specifiek gerelateerd zijn aan één van de MDG’s worden ondergebracht bij MDG 1 of MDG 8. Aan deze systematiek ligt de gedachte ten grondslag dat in principe alle uitgaven die als ODA gekwalificeerd worden bijdragen aan armoedevermindering of het partnerschap voor ontwikkeling. Zoals grafisch wordt weergegeven, zet Vlaanderen vooral in op MDG 1 (20%), MDG’s 4-6 (28%) en MDG 8 (23%).

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

16


Indeling van de Vlaamse ODA 2010 volgens MDG MDG 1: Honger en armoede MDG 2: Basisonderwijs

20%

23%

MDG 4 - 6: Gezondheid 11%

18% MDG 7: Duurzaam leefmilieu 28%

MDG 8: Mondiaal partnerschap voor ontwikkeling

3.2.4 Herkomst Vlaamse ODA-bijdrage In 2010 leverden 9 departementen een bijdrage tot de Vlaamse ODA. Drie beleidsdomeinen stonden in voor 94,2% van de Vlaamse ODA: ODA: internationaal Vlaanderen (IV), Onderwijs en Vorming (OV) en Economie, Wetenschap en Innovatie (EWI).

Procentuele verdeling van de ODA volgens departement WVG

100%

RWO

7% 80%

8%

10%

35%

31%

60%

DAR

11%

10,3%

LV

35% MOW

32% 32,3%

40%

51%

54%

20%

WSE

CJSM

47% 48%

0%

51,6%

LNE

EWI

2006

2007

OV 2008

IV

2009 2010

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

17


3.3

Bestedingspatroon van de Vlaamse ontwikkelingssamenwerking

De ODA-cijfers en de begroting ontwikkelingssamenwerking ontwikkelingssamenwerking mogen niet met elkaar worden verward. Zoals hierboven vermeld vormen de bestedingen van de Vlaamse ontwikkelingssamenwerking een deel van de totale Vlaamse ODA. De Vlaamse ODA bevat namelijk bestedingen uit meerdere beleidsdomeinen van de Vlaamse overheid – transfers die volgens de regels van de OESO/DAC ontwikkelingsrelevant zijn. Bovendien weerspiegelt de begroting de beschikbare kredieten voor vastleggingen, terwijl het ODA-cijfer enkel rekening houdt met reële betalingen. Het onderscheid tussen Vlaamse ODA en de begroting voor ontwikkelingssamenwerking wordt hieronder geïllustreerd.

Vlaamse ODA en de begroting ontwikkelingssamenwerking € 50.000.000 € 45.000.000 € 40.000.000 € 35.000.000 € 30.000.000 € 25.000.000 € 20.000.000 € 15.000.000 € 10.000.000 € 5.000.000 €0

Vlaamse ODA

De begroting voor ontwikkelingssamenwerking (initieel)

In dit onderdeel (3.3) gaan we dieper in op de effectieve betalingen uit die begroting. Het Vlaams Agentschap voor Internationale Samenwerking (VAIS) staat in voor de uitvoering van deze begroting.

3.3.1. Begunstigden Overheden in Zuid-Afrika, Mozambique en Malawi maken aanspraak op 36% van de bestedingen binnen de begroting ontwikkelingssamenwerking. Ngo’s nemen ongeveer één vierde in van de totale besteding, terwijl VN instellingen 18% vertegenwoordigen. vertegenwoordigen. Opvallend is de evolutie van de bijdrage aan het VN Kinderfonds (UNICEF) die verdriedubbelde verdriedubbelde (van 335.224 euro in 2008 naar 1.142.001 euro in 2009, naar 2.487.406 euro in 2010). Steden en gemeenten ontvangen 5% van de uitgaven op de begroting voor ontwikkelingssamenwerking. Het geringe aandeel voor wetenschappelijke instellingen (3%) contrasteert met het grote aandeel dat binnen de totale ODA werd opgemeten (33%). Instellingen die ontwikkelingsrelevant onderzoek verrichten worden vooral vanuit de vakdepartementen EWI en OV ondersteund.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

18


Indeling Vlaamse ontwikkelingssamenwerking 2010 volgens actor Overheden VN en aanverwante instellingen Vlaamse ngo's en/of vzw's

36%

Andere

18%

22% 11% 5%

4%

Steden en gemeenten Wetenschappelijke instellingen

0%

20%

Lokale ngo's 40%

60%

80%

100%

Internationale ngo's

3.3.2. Sectoren In vergelijking met de totale Vlaamse ODA meten we een sterker doorgedreven sectorale concentratie binnen de uitgaven vanuit de Vlaamse ontwikkelingssamenwerking. De focale sectoren landbouw & veeteelt (30%) en gezondheid (26%) zijn te koppelen aan de effectieve betalingen. Daarnaast vinden we een aantal kerntaken terug van het Vlaams Agentschap voor Internationale Samenwerking, met name sensibilisatie (12%), (12%), de dossierbehandeling aangaande humanitaire hulpverlening (7%), ondersteuning van NGO’s (5%) (5%) o.m. door middel van de subsidies voor loonkosten van de personeelsleden in gewezen dacdac-statuut. De totale administratieve kosten vertegenwoordigen 10% van de bestedingen.

Indeling van de Vlaamse ontwikkelings-samenwerking 2010 volgens OESO/DAC classificatie Gezondheid Landbouw en veeteelt Sensibilisatie Administratieve kosten

26%

30%

Humanitaire Hulp

12% 10% 7% 5%5%

Steun aan NGO's Handel en industrie

0%

20%

40%

60%

Watervoorziening en sanering Andere classificatie

80%

100%

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

19


3.3.3. Millennium-Ontwikkelingsdoelen De begroting ontwikkelingssamenwerking kent een grotere concentratie op MDG’s dan de totale ODA. De bijdragen vallen te herleiden tot MDG 1 (41%), MDG’s 4-6 (29%) en MDG 8 (25%)

Indeling Vlaamse ontwikkelingssamenwerking volgens MDG

MDG 1: Honger en armoede

MDG 4 - 6: Gezondheid

41%

29%

6%

25% MDG 7: Duurzaam leefmilieu MDG 8: Mondiaal partnerschap voor ontwikkeling

0%

20%

40%

60%

80%

100%

3.3.4. Evolutie van de vastleggingen en uitbetalingen op de basisallocatie voor zuidwerking Uit de evolutie van de vastleggingen van de kredieten 2010 voor de Zuidwerking binnen de begroting voor ontwikkelingssamenwerking (DE 110), 110), blijkt dat de gemiddelde budgettaire omvang van de gefinancierde interventies terug afneemt, na een periode van constante stijging tussen 2004 en 2008. Op een totaal bedrag van 19.742.912 euro werden 27 vastleggingen genomen. Oorzaken van het dalende gemiddelde vastleggingsbedrag zijn het apart uitsplitsen van bankkosten (1.784 €) en het vastleggen van 13 projecten met een omvang lager dan (of gelijk) aan 100.000 euro.

Evolutie van het vastleggingsbedrag Zuidwerking 1.600.000 €

27

1.453.656 1.317.494

1.400.000 € 1.200.000 €

1.120.162 845.925

731.219

800.000 € 600.000 €

22

962.665

1.000.000 €

gemiddeld bedrag per vastlegging

17 aantal vastleggingen

450.480

400.000 €

12

200.000 € 7

0€ 2004

2005

2006

2007

2008

2009

2010

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

20


Een vastlegging omsluit de totale kost van een project. Dit wordt vervolgens opgedeeld in één of meerdere betalingsschijven die de donor uitbetaalt naargelang de vooruitgang van de uitvoering op het terrein. De plotse daling van het gemiddelde vastleggingsbedrag is niet op te maken uit de evolutie van het gemiddelde uitbetalingsbedrag voor de Zuidwerking binnen de begroting voor ontwikkelingssamenwerking (DE 110). Dit bedrag maakte een sterke klim tussen 2006 en 2008. Sindsdien blijft de gemiddelde betaling in de Zuidwerking gestaag toenemen met ongeveer 10.000 euro per jaar.

Evolutie van het bedrag per betalingsbedrag Zuidwerking 500.000 € 450.000 € 400.000 € 350.000 € 300.000 € 250.000 € 200.000 € 150.000 € 100.000 € 50.000 € 0€

414.800 € 425.698 € 435.609 €

302.803 € Gemiddelde grootte betaling

183.150 €

2006

2007

2008

2009

2010

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

21


3.4

De Vlaamse ODA in perspectief

3.4.1. Verloop van de ODA sinds 2004 Binnen de periode 2004-2009 steeg de ODA met 70%, respectievelijk van 28,9 naar 49,5 miljoen euro. Deze evolutie werd niet voortgezet in 2010, omdat omdat de ODA dat jaar afnam met 1,4 miljoen euro t.o.v. de ODA in 2009. De krimp in de staafdiagram valt niet op te maken uit de bestedingen vanuit de begroting voor ontwikkelingssamenwerking, die toenam met 2,8 miljoen euro. Tussen 2009 en 2010 is het aandeel van uitgaven vanuit de begroting OS dan ook toegenomen van 43% naar 48% van de totale ODA.

Samenstelling van de Vlaamse ODA '04-'10 € 60.000.000

0,25%

€ 50.000.000

0,20% 14.617.006 € 10.806.779 €

€ 40.000.000 10.444.339 €

€ 30.000.000 4.880.348 €

€ 20.000.000 10.340.929 €

5.742.354 €

10.527.148 €

12.967.529 €

0,15% 14.046.892 €

6.315.672 €

14.463.756 € 12.016.536 €

0,10%

13.357.556 €

10.695.948 € 23.263.637 € 18.158.945 €

€ 10.000.000

0,05%

20.463.483 € 17.075.223 €

15.031.364 € 13.842.477 €

13.680.145 €

€-

0,00% 2004

2005

2006

2007

2008

2009

2010

Andere ODA-aanrekenbare uitgaven Financiering van wetenschappelijke instellingen en universiteiten Vlaamse Ontwikkelingssamenwerking Aandeel ODA in totale Vlaamse overheidsuitgaven

3.4.2 Aandeel van budgetsteun binnen de Vlaamse ODA Binnen de overlegfora aangaande hulpeffectiviteit wordt sterk nadruk gelegd op het belang van budgetsteun op de begroting van het ontvangende land. Budgetsteun garandeert in principe een maximale afstemming op de beleidsprioriteiten van het ontvangend land. De ontvangende overheid staat zelf in voor de uitvoering en legt verantwoording af aan de bevolking en de donoren. Een donor die inzet op budgethulp, harmoniseert haar hulp binnen de donorgemeenschap. De begrotingsmiddelen van de verschillende donoren worden immers samengebracht in één fonds en donoren spreken bij voorkeur met één stem bij de opvolging van de uitvoering. Op die manier kunnen kleine donoren de transactiekosten voor ontvangende landen beperken.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

22


Bovenstaande grafiek geeft het aandeel begrotingssteun in de totale ODA van een donor in het jaar 2008 weer.7 Voor Vlaanderen werd zowel het aandeel in 2008 als in 2010 weergegeven. Zowel in 2008 als in 2010 heeft de Vlaamse overheid 4 miljoen euro geĂŻnvesteerd in begrotingssteun. In 2008 ging 9,2% van de ODA naar begrotingssteun; in 2010 ging het om 8,3%. De relatieve daling valt te verklaren door een stijging van de ODA van 43,4 miljoen euro naar 48,1 miljoen euro. In 2008 werd het aandeel begrotingshulp binnen de totale besteding voor ontwikkelingshulp in Vlaanderen geĂŤvenaard door het aandeel van Frankrijk, Nieuw-Zeeland en de Europese Commissie.

3.4.3. Vlaanderen als donor in de internationale context De bijdrage vanuit Vlaanderen kan binnen de partnerlanden van de Vlaamse ontwikkelingssamenwerking worden vergeleken met die van andere donoren. Gezien de ODA van andere donoren voor 2010 op het moment van schrijven nog niet beschikbaar is, loopt de vergelijking tot 2009.8 Vlaamse ODA in de partnerlanden 2006 2007 2008 Zuid-Afrika Vlaamse ODA Plaats donorranking % v/d totale ODA Mozambique Vlaamse ODA Plaats donorranking % v/d totale ODA Malawi Vlaamse ODA Plaats donorranking % v/d totale ODA

2009

6.501.692 14 1,50%

3.361.431 15 0,78%

4.508.559 15 0,74%

3.921.056 12 0,65%

2.821.004 19 0,39%

5.572.563 19 0,71%

6.996.654 19 0,75%

5.325.919 19 0,57%

750.000 18 0,25%

1.640.000 13 0,57%

710.510 16 0,23%

5.572.745 9 1,70%

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

23


De bilaterale ODA aan Zuid-Afrika steeg de afgelopen vier jaren met meer dan 200 miljoen USD. Toch blijft de positie in de donorranking van Vlaanderen ongeveer constant. Dit wijst op een grotere bijdrage van de grootste donoren in Zuid-Afrika. In Mozambique behoudt Vlaanderen de 19de plaats van de bilaterale donoren. De Vlaamse ODA aan Malawi kent een sterke opgang. Naar alle waarschijnlijkheid zal Vlaanderen ook in 2010 eindigen in de top-10 van bilaterale donoren.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

24


Het Vlaamse ODA Rapport 2010

25


4. Bilaterale samenwerking Het kaderdecreet inzake ontwikkelingssamenwerking omschrijft bilaterale samenwerking als die vormen van samenwerking die door de Vlaamse Regering gefinancierd worden en die op een overeenkomst tussen de Vlaamse Regering en een partnerland van de Vlaamse ontwikkelingssamenwerking gebaseerd zijn. Dit zijn landen uit het Zuiden, vertegenwoordigd door hun overheden, die voor de Vlaamse ontwikkelingssamenwerking als prioritair worden beschouwd. Naast de centrale overheid van de partnerlanden kunnen eventueel, en voor zover dat door de wetgeving of door de centrale overheid van het partnerland wordt toegestaan, ook deelstaten en regionale overheden partners van de Vlaamse ontwikkelingssamenwerking zijn. De Vlaamse ontwikkelingssamenwerking heeft momenteel drie partnerlanden: Zuid-Afrika, Mozambique en Malawi.

Zuid-Afrika De Vlaamse ontwikkelingssamenwerking is in 1994 met Zuid-Afrika als eerste partnerland gestart. Op een decennium tijd is de samenwerking grondig gewijzigd: van louter steun aan ngo’s actief in Zuid-Afrika tot rechtstreekse samenwerking met de Zuidafrikaanse overheden. De ontwikkelingssamenwerking tussen Vlaanderen en Zuid-Afrika ligt vast in een bilateraal akkoord, een Memorandum of Understanding (MOU) en een strategienota die de samenwerkingsprioriteiten over een periode van vijf jaar vastlegt. Momenteel is de strategienota 2005-2009 van kracht, goedgekeurd door de Vlaamse Regering op 22 april 2005. Op basis van de resultaten van de tussentijdse evaluatie bekrachtigden Vlaanderen en Zuid Afrika de verlenging van de lopende strategienota met twee jaar. Het rapport van de evaluatie werd conform het kaderdecreet aan het Vlaams Parlement ter beschikking gesteld. Elk van de drie provincies heeft in de strategienota zijn prioritaire sectoren naar voren geschoven. In KwaZulu-Natal is dat landbouw en voedselzekerheid; in Limpopo duurzame jobcreatie in de landbouw en in Vrijstaat jobcreatie in kleine en middelgrote ondernemingen. Op jaarbasis wordt gemiddeld een bedrag van 1,5 miljoen euro per provincie per jaar voorzien in de begroting.

Mozambique De ontwikkelingssamenwerking tussen Vlaanderen en Mozambique is in 2002 van start gegaan. In 2004 hebben Vlaanderen en Mozambique een Memorandum of Understanding (MOU) gesloten over gezondheid. Het MOU heeft tot doel de strijd tegen HIV/aids te versterken. De strategienota (2006-2010) bevestigt dat de focus van de samenwerking op gezondheid blijft liggen. Op 18 juli 2008 keurde de Vlaamse Regering het Memorandum of Understanding met betrekking tot de sectorspecifieke budgetsteun aan Mozambique (PROSAUDE II) goed. Dit vervangt het Memorandum van 12 november 2003, waarbij een eengemaakt financieringsmechanisme voor hulp aan de gezondheidssector wordt gecreĂŤerd. Jaarlijks wordt via het fonds 2 miljoen voor het Sociaal Economisch Plan Gezondheidszorg van de Mozambikaanse regering besteed. In 2010 werd in totaal 2 miljoen euro in het gemeenschappelijk sectorfonds gestort. In totaal ging 3,2 miljoen euro naar de gezondheidssector.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

26


Malawi Op 28 april 2006 koos de Vlaamse Regering Malawi als derde partnerland van de Vlaamse ontwikkelingssamenwerking. In januari 2007 werd vervolgens een Memorandum of Understanding ondertekend. Dit Memorandum biedt een kader om de ontwikkelingsplannen van de Malawische overheid te ondersteunen met als doel armoedebestrijding en economische groei te realiseren, zoals beschreven in de Malawi Growth & Development Strategy. Uit de verkennende missies bleek duidelijk dat de prioriteiten van Malawi bij landbouw en voedselzekerheid liggen. Op vraag van de partner heeft Vlaanderen ervoor gekozen om in de landbouw- en gezondheidssector te gaan samenwerken. Op 7 november 2008 werd tevens een strategienota 2009-2013 opgesteld en goedgekeurd. Bij het uitwerken van nieuwe initiatieven zal Vlaanderen streven naar donorcoĂśrdinatie en aansluiting zoeken bij acties van andere donoren. In 2010 werd 2.000.000 euro in het gemeenschappelijk sectorfonds voor gezondheid overgemaakt. Samen met Rode Kruis Vlaanderen en UNAIDS werd verder geĂŻnvesteerd in capaciteitsopbouw voor basisgezondheidszorg en de aanpak van de kwetsbaarheid van jonge vrouwen en meisjes ten opzichte van HIV-besmetting. In de landbouwsector werd het ondersteuningsprogramma voor extensiediensten verder uitgevoerd. Deze moeten op korte termijn het tekort aan veeartsen, landbouwspecialisten en landbouwadviseurs in de districten Kasungu en Mzimba door middel van volwaardige, kwaliteitsvolle opleidingen aanpakken. In samenwerking met de VN Landbouw en Voedselorganisatie (FAO) biedt Vlaanderen een geĂŻntegreerd pakket van diensten aan ter verbetering van de voedsel- en voedingszekerheid van 29.000 voedselonzekere gezinnen in Malawi. Tezelfdertijd ondersteunt Vlaanderen ook nog zes initiatieven van vier verschillende Malawiaanse overheidsinstellingen die allen ondersteunende dienstverlening aan kleine landbouwers leveren om hun landbouwpraktijk en andere economische activiteiten te verbeteren.

Andere landen In 1995 ondertekenden Vlaanderen en Chili een samenwerkingsverdrag. Chili is voor het algemeen Vlaams buitenlandse beleid de enige partner in Latijns-Amerika waarmee op een structurele manier binnen verschillende domeinen wordt samengewerkt. In 2010 werden een aantal projecten in Chili ondersteund die gericht waren op economische ontwikkeling en ruraal toerisme. Departement Onderwijs en Vorming en Departement internationaal Vlaanderen steunden het kleuter - en lager onderwijs in het binnenland van Suriname via onder meer nucleuscentra.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

27


4.1

Zuid-Afrika

Beleidsdomein Entiteit

Internationaal Vlaanderen Vlaams Agentschap voor Internationale Samenwerking

Empowerment for food security programme 2005-2009 Begunstigde Department of Agriculture and environmental Affairs (DAEA) Land Zuid-Afrika Subsidie 4.500.000 € Vastleggingsjaar 2007 Betaling in 2010 1.500.000 € Dit project focust op de verbetering van levensomstandigheden van arme huishoudens door verhoging van de voedselzekerheid in vier districten in Kwazulu Natal. Er wordt gewerkt aan verhoging van de landbouwproductie, verbeteren van de toegang tot voedsel (zowel via verbeteren van de markttoegang als via het stimuleren van alternatieve inkomensverwerving waardoor eten kan gekocht worden) en verbetering van de voedselopname (gerelateerd aan voedingsopname en kwaliteit van het dagelijkse diëet). Het programma word geïmplementeerd vanuit de lokale gemeentes. Op die manier wordt er getracht de resultaten van het programma rechtstreeks op huishoudelijk niveau te brengen. Agribusiness development academy programme Begunstigde Limpopo Department Of Agriculture Land Zuid-Afrika Subsidie 1.500.000 € Vastleggingsjaar 2006 Betaling in 2010 750.000 € Het project richt zich op de verbetering van de levensomstandigheden in de landelijke gebieden van de provincie Limpopo. Tijdens de verschillende fases van de marktketen voor landbouwproducten, tekenen nieuwe landbouwers en ondernemers betere resultaten op. Dit wordt gefaciliteerd door te investeren in agro-business management, het ontwikkelen van plattelandstoerisme, het verbeteren van het aanbod van diensten, het ondersteunen van landbouwverenigingen en het tot stand brengen van een leercultuur d.m.v. kennismanagement. Creëren van werkgelegenheid via de ontwikkeling van kleine en middelgrote ondernemingen Begunstigde Internationale Arbeidsorganisatie (IAO) Land Zuid-Afrika Subsidie 4.500.000 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 250.000 € Algemeen richt IAO zich op het creëren van waardige en groene jobopportuniteiten voor sociaal benadeelde groepen in de provincie Vrijstaat. Hierbij worden vier doelstellingen nagestreefd: 1. Het voeden van een sterke cultuur van ondernemersschap bij jongeren in de provincie Vrijstaat, met specifieke aandacht voor vrouwen en gehandicapten. 2. Het creëren van een bevorderlijk beleids- en regelgevend kader voor de opstart en werking van KMO’s in Vrijstaat 3. Het versterken van de capaciteit van lokale organisaties om te voorzien in sectorspecifieke bedrijfsontwikkelingsdiensten (BDS) gericht op KMO’s 4. Het stimuleren van het begrip van BDS onder beginnende jonge ondernemers en hun werknemers

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

28


Beleidsdomein Entiteit

Onderwijs en Vorming Departement Onderwijs en Vorming

Early Childhood Development in the Free State Begunstigde Free State Department of Education Land Zuid-Afrika Subsidie 425.947 € Vastleggingsjaar 2007 Betaling in 2010 85.189 € Dit project is een vervolgproject op de eerste fase (2004-2008) gericht op het verbeteren van de opleidingskwaliteit en gezondheidsontwikkeling bij 100 gemeenschapsscholen in de Vrijstaat. De tweede fase is de implementatiefase met inhoudelijke en wetenschappelijke verdieping van enkele thema’s. De aandacht ligt vooral op het implementeren van het nieuwe curriculum bij grote groepen praktijkmensen en het verduurzamen en verspreiden van de opgebouwde kennis en ervaringen. Support for FS Foundation Phase learners with barriers to Language Learning Begunstigde The Culture of Learning Association Land Zuid-Afrika Subsidie 138.834 € Vastleggingsjaar 2007 Betaling in 2010 13.883 € Dit project sluit aan bij het Language-of-Learning-and-Teaching-project. Het legt evenwel eerder de nadruk op het effectief onderwijzen van talen voor kinderen met leermoeilijkheden en biedt hiervoor een gespecialiseerd ondersteuningsprogramma aan. Educational Support to develop environmental management in primary schools in South Africa Begunstigde Vrije Universiteit Brussel vakgroep menselijke ecologie Land Zuid-Afrika Subsidie 149.956 € Vastleggingsjaar 2008 Betaling in 2010 67.480 € Het project beoogt een milieuzorgsysteem in te voeren in 60 basisscholen in Noord-Gauteng, Limpopo en Vrijstaat. Het is een vervolgproject op twee eerdere projecten, gesubsidieerd door het departement Leefmilieu, Natuur en Energie (LNE). Academic Literacy Support Project Begunstigde The Culture of Learning Association Land Zuid-Afrika Subsidie 353.207 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 194.264 € Dit project wil werken aan kwaliteitsvol onderwijs met een focus op taal en wiskunde in een meertalige context. Men zal onder andere interventiestrategieën ontwikkelen ter bevordering van geletterdheid en gecijferdheid, leerkrachten en leerlingen ondersteunen voor de ontwikkeling van academische geletterdheid in talen en wiskunde, enz. Foundation Phase Development Project: Literacy, Numeracy, Life Skills in Kwazulu Natal Begunstigde The Culture of Learning Association Land Zuid-Afrika Subsidie 350.000 Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 87.500 € Dit project wil werken aan kwaliteitsvol onderwijs met een focus op het trainen van leerkrachten en directeuren mbt literacy, numeracy en life skills. Dit wil men bewerkstelligen dmv een lead educator component en een ward expansion component.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

29


Beleidsdomein Entiteit

Internationaal Vlaanderen Departement internationaal Vlaanderen

SAPLATO 2: Sharing SMME Development Experience Begunstigde South African Department of Environmental Affairs and Tourism Land Zuid-Afrika en Mozambique Subsidie 99.375 € 2010 Betaling in 2010 90.000 € SAPLATO streeft naar duurzame economische capaciteitsopbouw en ontwikkeling van de ZuidAfrikaanse KMO's. Via de uitwisseling van de ervaring in Vlaanderen in de ontwikkeling van KMO's en het PLATO-lidmaatschapconcept, wordt aan economische capaciteitsversterking gewerkt. Op het einde van de rit, dit is na 24 maanden, moeten de deelnemende bedrijven in een betere situatie verkeren dan bij de start van het project. De deelnemende ondernemer moet zich gesterkt voelen in het leiden van haar/zijn onderneming. Het opvolgproject dat Voka - Kamer van Koophandel Antwerpen heeft uitgewerkt kan op een substantiële Zuid-Afrikaanse co- financiering (67% van de totale kost) rekenen. Dit programma maakt deel uit van het samenwerkingsprogramma tussen ZuidAfrika en Vlaanderen

Beleidsdomein Entiteit

Economie, Wetenschappen en Innovatie Agentschap Economie

Entrepreneurship training for prospective entrepreneurs in Kwazulu-Natal Departement Onderwijs van de provincie KwaZulu-Natal, Umgungundlovu FET Begunstigde college en KZN FET College, Syntra Midden-Vlaanderen Vzw Land Zuid-Afrika Subsidie 105.000 € Vastleggingsjaar 2006 Betaling in 2010 21.000 € Het doel van dit project is het Vlaams model voor ondernemerstraining te vertalen naar de ZuidAfrikaanse situatie. Het wordt georganiseerd door Syntra Midden-Vlaanderen vzw en het Departement Onderwijs van de provincie KwaZulu-Natal, Umgungundlovu FET college en KZN FET College. Institioneel en structureel: Het project ontwikkelt een structuur waarin hedendaagse training worden georganiseerd binnen de bestaande instellingen van het onderwijsdepartement van KwaZulu-Natal. Er worden educatieve programma’s en syllabussen voorzien voor twee types trainingen: de train-thetrainer cursus en de ondernemersschaptraining. Het project schept de educatieve omgeving en biedt mogelijkheden aan om toekomstige ondernemers in Kwazulu Natal te trainen. Door de integratie binnen de bestaande institutionele kaders zullen de resultaten langdurig aanwezig zijn. Ntataise project - hand holding of smme’s in South Africa Begunstigde Small Enterprise Development Agency (SEDA), Unizo Internationaal vzw Land Zuid-Afrika Subsidie 238.517 € Vastleggingsjaar 2006 Betaling in 2010 42.388 € Dit project behelst de transfer van know-how van UNIZO naar het SEDA network door introductie, implementatie en disseminatie van de Vlaamse expertise met volgende doelstelling: 1/ Capaciteitsopbouw van het SEDA netwerk zodat deze kunnen rekenen op gekwalificeerde uitvoerders en een technische staff die in staat is een antwoord te bieden op de economische ontwikkelingen (specifiek toegespitst op kleine ondernemingen). 2/ Promotie van de ondernemingsgeest in ZuidAfrika, door de implementatie van pilootprojecten ten voordele van de creatie van bedrijfsgerichte ondersteunende diensten voor KMO’s. 3/ Creatie van bilaterale contacten aangaande KM(M)O steun.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

30


Beleidsdomein Entiteit

Cultuur, Jeugd, Sport en Media Agentschap Kunsten en Erfgoed

Fostering Community Centres: Bathsa-Youth Dunia Globe vzw Begunstigde Subsidie 40.000 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 8.000 € Onder deze vzw ressorteert de band ‘Internationals’. Zij wilden door de ervaringen en contacten op hun succesvolle tournee door Zuid-Afrika een nieuw hoofdstuk inslaan. Zij zetten nu een project op rond de murga, een soort fanfare met als peilers muziek, dans en woord. Op die manier willen ze het positieve ‘wijkgevoel’ stimuleren. Poppunt Begunstigde Subsidie 40.000 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 8.000 € Dit project focust op de intermediairen van het Zuid-Afrikaanse muziekveld. Via een vorm van laagdrempelige ‘train the trainer’ cursussen en het verspreiden van een publicatie in de gemeenschapscentra wil men de capaciteit van lokale muzikanten verhogen. Daarnaast zal men de muziekopnamefaciliteiten verbeteren en workshops voor DJ’s en andere muzikanten organiseren. FARO Begunstigde Subsidie 40.000 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 8.000 € Het FARO wil een interactief spel met immaterieel erfgoed ontwikkelen, gebaseerd op de resultaten van de UNESCO conventie. Het spel wil niet alleen mondelinge geschiedenis rond apartheid vastleggen maar ook capaciteitsontwikkeling in de sector bevorderen en intergenerationele contacten stimuleren. De uitkomst van de workshops zal dan de basis moeten vormen voor een participatieve theatervoorstelling. Archidee vzw Begunstigde Subsidie 65.000 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 13.000 € Deze organisatie heeft al een lange geschiedenis in Zuid-Afrika en heeft een nauwe kruisbestuiving met één van de geselecteerde gemeenschapscentra. Binnen het project willen zij vooral in de gemeenschapscentra lokaal geëngageerd danstheater ontwikkelen.

Beleidsdomein Entiteit

Cultuur, Jeugd, Sport en Media Agentschap Sociaal-Cultureel Werk voor Jeugd en Volwassenen Fostering Community Centres: Bathsa-Youth

Danspunt Begunstigde Subsidie 40.000 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 8.000 € Naar analogie met hun interculturele werking voor amateur-dansers in Vlaanderen wil deze organisatie in Zuid-Afrika lokale dansers gaan begeleiden. Daarbij zet Danspunt vooral in op ‘urban dance’. Bovendien willen ze ook uitwisselingsmomenten met Vlaamse dansers en gezelschappen voorzien en toewerken naar een toonmoment. Crossroads vzw Begunstigde Subsidie 40.000 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 8.000 € Deze organisatie ondersteunt de werking van het Vlaams -Zuid-Afrikaanse muziekproject ‘Zuiderwind’. In de gemeenschapscentra wil men meer logistieke ondersteuning bieden om lokaal zangtalent mogelijkheden te bieden. Er zijn ook zangstages voorzien en men wil vooral meisjes, die nu in ZA tot de groep ‘positief gediscrimineerden’ behoren’, technisch opleiden om muziek optredens meer professioneel te kunnen begeleiden. Vlaamse Amateurmuziekorganisatie Begunstigde Subsidie 40.000 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 8.000 € VLAMO werkt samen met de National Field Band Foundation aan het opzetten van lokale Field Bands voor jongeren. VLAMO levert vooral expertise aan de trainers. Via de Field Bands wordt aan de ontwikkeling van ‘life skills’ gedaan en worden thema’s zoals aids besproken.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

31


Beleidsdomein Entiteit

Cultuur, Jeugd, Sport en Media Departement Cultuur, Jeugd, Sport en Media Fostering Community Centres: Bathsa-Youth

Vlaams Instituut voor Sportbeheer en Recreatiebeleid vzw (Buurtsport) Begunstigde Subsidie 40.000 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 8.000 € BuurtSport is een Vlaamse campagne onder de vleugels van het Vlaams Instituut voor Sportbeheer en Recreatiebeleid en valt onder de bevoegdheid van de Vlaamse Minister van Cultuur, Jeugd en Sport. Buurtsport heeft een project uitgewerkt waarbij de promotie van bewegen en sport centraal staan. Er worden een aantal mogelijke initiatieven voorgesteld, die in samenwerking met de gemeenschapscentra en inspelend op de lokale behoeften verder zullen uitgewerkt worden. Het doel is een programma opzetten waarbij uiteindelijk de lokale bevolking zelfstandig sportprogramma’s kan opzetten vanuit een lokaal vast gegeven van de sportmaterialen uitleendienst. Deze dienst kan gekoppeld worden aan een al bestaand initiatief. National Youth Commission Begunstigde Subsidie 58.000 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 58.000 € In het laatste jaar van het Batsha-jeugd programma werd aan het NYDA de opdracht gegeven een slotconferentie op te zetten. Daarnaast werd ook aan de projectcoördinator een aanvullende opdracht gegeven in het licht van de afronding en evaluatie van het volledige programma. National Youth Commission Begunstigde Subsidie 114.000 Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 91.200 € De Vlaamse overheid voorziet voor de duur van het Community Centers-project een jaarlijkse een toelage voor de NYDA (voorheen NYC genaamd) voor het managen van de gehele samenwerking, de jaarlijkse werking van de vier centra en de cursussen voor capaciteitsontwikkeling. Voor deze taken wordt bij de NYDA (NYC) een Vlaamse projectcoördinator aangesteld 4 Zuid-Afrikaanse Gemeenschapscentra Begunstigde Subsidie 440.000 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 242.000 € De Vlaamse Regering wil via de ‘adoptie’ van vier lokale gemeenschapscentra, het lokale cultuuren jeugdbeleid in Zuid-Afrika helpen ontwikkelen. Doelpubliek is in eerste instantie de jeugd en met hen en voor hen wordt een werking in de velden kunsten, erfgoed, socio-culturele werking en sport opgezet. De kern van het project bestaat erin dat de lokale gemeenschapscentra de nodige capaciteiten opbouwen voor het ontwikkelen en realiseren van hun eigen werking. Het is de bedoeling dat de vier geselecteerde centra op het einde van het project voorbeelden worden van geïntegreerde en succesvolle gemeenschapscentra. Bovendien kunnen de opgeleiden als het ware fungeren als multiplicatoren die capaciteitsontwikkeling promoten en uitdragen bij de alle actoren die met de gemeenschapscentra in aanraking komen. Via de activiteiten in de gemeenschapscentra en de cursus voor capaciteitsontwikkeling kunnen actoren die betrokken zijn bij lokaal jeugdbeleid geïnformeerd en gesensibiliseerd worden. De geselecteerde centra moeten ook een schakelfunctie krijgen in het lokale cultuur- en jeugdbeleid, op die manier kunnen de competenties en betrokkenheid van de lokale actoren verhoogd worden.

Beleidsdomeinen Ruimtelijke Ordening, Woonbeleid en Onroerend Erfgoed Entiteit Departement Ruimtelijke Ordening, Woonbeleid en Onroerend Erfgoed Delivery of social housing units for low income earners in the E'thekwini Metropolitan Council Begunstigde Social Housing Company Land Zuid-Afrika Subsidie 487.400 € Vastleggingsjaar 2002 Betaling in 2010 48.740 € Het project verleent huisvesting aan Zuid-Afrikanen die geen aanspraak maken op een hypothecaire lening. SOHCO heeft twee braakliggende terreinen in de gemeenschap van eThekweni opgekocht als werkterrein voor haar projecten aangaande sociale huisvesting. Samen zullen deze centraal gelegen locaties huisvesting geven aan 487 appartementswoningen in gebouwen met twee, drie of vier etages. Daarnaast kocht SOHCO in de buurt van het Albert Park in Durban een gebouw voor kantoor- en residentieel gebruik, goed voor 142 appartementswoningen. Deze drie locaties samen hebben dus meer dan 500 woonplaatsen opgeleverd.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

32


5.2

Mozambique

Beleidsdomein Entiteit

Internationaal Vlaanderen Vlaams Agentschap voor Internationale Samenwerking

Bijdrage aan Prosaúde voor uitvoering gezondheidsplan 2010 Begunstigde Ministerio Da Saude Land Mozambique Subsidie 2.000.000 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 2.000.000 € Bijdrage aan het gemeenschappelijk fonds voor steun aan de gezondheidssector, in het kader van de Sector Wide Approach (SWAp) voor de uitvoering van het Sociaal-Economisch Plan, Sector Gezondheid, 2010 van de Mozambikaanse Regering. Hierin worden enkele prioriteiten voor de gezondheidssector vastgelegd: 1 omgevingsfactoren, 2 lokale participatie, 3capaciteitsopbouw, 4 management en 5 steun aan gezondheidsinfrastructuur Geïntegreerd netwerk voor de bestrijding van HIV/aids/soa in de provincie Tete Begunstigde Instituut voor Tropische Geneeskunde Antwerpen (ITG) Subsidie 1.353.551 € Vastleggingsjaar 2007 Betaling in 2010 410.663 € Begunstigde Internationaal Centrum voor Reproductieve Gezondheid (ICRH/UGent) Subsidie 1.356.600 € Vastleggingsjaar 2007 Betaling in 2010 325.955 € Het project heeft als algemeen doel de capaciteit van de Provinciale Gezondheidsdiensten van de provincie Tete (DPS Tete) te verbeteren inzake een kwaliteitsvolle behandeling van HIV/aids/soa. Het model van het “geïntegreerd netwerk” voor de dienstverlening inzake HIV/aids, dat in het strategisch plan HIV/aids/soa (2004-2009) voor de gezondheidssector beschreven wordt, blijft toepasselijk, maar krijgt een andere invulling. De klemtoon ligt nu meer op de integratie van HIV/aids-diensten in de algemene gezondheidsdiensten. In december 2006 is de provincie Tete begonnnen met de decentralisatie naar alle districten van de diensten voor de behandeling met antiretrovirale therapie. Het is de bedoeling van het project om op het einde (is niet gehaald geworden) de diensten voor HIV/aids/soa volledig over te dragen aan het provinciaal hospitaal van Tete. De activiteiten betreffende de preventie van verticale transmissie zullen versterkt en gedecentraliseerd worden zodat ze heel de provincie bereiken. Het provinciaal hospitaal blijft een referentiehospitaal.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

33


Steun voor Human-Resources-for-Health-programma van WHO Mozambique Begunstigde Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) Land Mozambique Subsidie 587.600 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 293.800 € De WGO beoogt de ondersteuning van het Ministerie van Volksgezondheid om het bestand van gezondheidspersoneel uit te breiden om zo betere gezondheidsdiensten te kunnen bieden en de gezondheidgerelateerde millenniumdoelstellingen te halen. Aanpak van de groeiende vervrouwelijking van hiv/aids-epidemie in Mozambique Begunstigde Joint United Nations Programme on HIV/AIDS (UNAIDS) Land Mozambique Subsidie 815.000 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 160.000 € Het aanpakken van de toenemende vervrouwelijking van de HIV / AIDS-epidemie en de specifieke kwetsbaarheid van vrouwen en jonge meisjes met HIV. Door middel van het voorliggende project wenst UNAIDS in samenwerking met de Mozambikaanse overheid en met de steun van een aantal VN-actoren een multisectoraal 'Nationaal Actieplan inzake Vrouwen en AIDS' bij te stellen. Dit actieplan zal een strategie uitstippelen om de kwetsbaarheid van vrouwen en meisjes ten aanzien van de epidemie te beperken. Ieder VN-agentschap zal in zijn specifiek domein en in samenwerking met de overheid en lokale actoren een aspect van deze strategie ontwikkelen en uitvoeren. Er zal aandacht gaan naar het inzamelen en analyseren van gender-specifieke gegevens om de evolutie van de epidemie te kunnen inschatten. Aansluitend wordt de ontwikkeling van een nationale mediacampagne en de versterking van niet-gouvernementele organisaties die rond vrouwen en HIV/AIDS werken voorgesteld. Piloot Aquacultuurproject in Mozambique Begunstigde Universiteit Gent - Laboratorium Voor Aquacultuur En Artemia Reference Center Land Mozambique Subsidie 98.005 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 50.000 € De algemene doelstelling van het aquacultuurproject in Mozambique, is het overdragen van de essentiële wetenschappelijke en technische know-how aan de Mozambicaanse partner, nodig voor de ontwikkeling van de aquacultuursector in het land.

Beleidsdomein Entiteit

Internationaal Vlaanderen Departement internationaal Vlaanderen

Maputo Community Based Tourism Begunstigde International Trade Centre (ITC) Land Mozambique Subsidie 150.000 € Vastleggingsjaar 2007 Betaling in 2010 120.000 € Binnenin het Mozambikaanse Nationale Instituut voor Toerisme (INATUR) en het ministerie voor toerisme wordt aan capaciteitsversterking gedaan door opleiding te bieden aan toerismeambtenaren van de tien provincies. Dit moet toelaten de Mozambikaanse toeristische faciliteiten in kaart te brengen. Voortbouwend op de realisatie van een modern curriculum in de toeristische sector, worden INATUR-medewerkers getraind om op hun beurt medewerkers binnenin hun lokale afdelingen te trainen. INATUR wordt verder versterkt voor het begeleiden van reisleiders, het ontwikkelen van reizen, het inspelen op internationale markten door het trainen van productontwikkeling en marketingstrategieën en het linken van toeristische websites aan reisbegeleiders in Mozambique.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

34


5.3

Malawi

Beleidsdomein Entiteit

Internationaal Vlaanderen Vlaams Agentschap voor Internationale Samenwerking

Bijdrage aan de SWAp in de gezondheidssector van Malawi Begunstigde Ministry Of Health Malawi Land Malawi 2.000.000 € 2009 1.000.000 € Subsidie Vastleggingsjaar Betaling in 2010 2.000.000 € 2009 1.000.000 € Doel is alle Malawiers een basisgezondheidspakket aan te bieden. Dat houdt een minimum aan diensten in die gratis aan de ganse bevolking wordt aangeboden. Sinds 2004 wordt het POW op nationaal niveau en districtsniveau uitgevoerd samen met donoren. Het PoW omvat pijlers: - Ontwikkeling van menselijk kapitaal binnen de sector - Geneesmiddelen en medische benodigdheden - Essentile/basisgezondheidsvoorzieningen - Infrastructuur - Routinewerkzaamheden op dienstverleningsniveau - Centrale werkzaamheden waaronder beleids- en systeemontwikkeling Capaciteitsontwikkeling op gemeenschaps- en nationaal niveau voor de aanpak van de kwetsbaarheid van jonge vrouwen en meisjes ten opzichte van HIV-besmetting Begunstigde Joint United Nations Programme on HIV/AIDS (UNAIDS) Land Malawi Subsidie 2.000.000 Vastleggingsjaar 2006 Betaling in 2010 250.000 € UNAIDS zal bijdragen tot de realisatie van een Nationaal Actieplan voor vrouwen en meisjes op het vlak van HIV/AIDS. Het plan dient o.a. de kwetsbaarheid van vrouwen en meisjes ten opzichte van HIV-besmetting te doen afnemen en de toegang tot gezondheidsvoorzieningen en socio-economische dienstverlening te verbeteren. Basisgezondheidszorg en capaciteitsopbouw in Kasungu, Malawi Begunstigde Rode Kruis - Vlaanderen Internationaal Vzw Land Malawi Subsidie 500.000 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 205.000 € Met dit project wil Vlaanderen tegen het einde van 2012 bijdragen tot een betere basisgezondheidszorg van 7000 gezinnen in Kasungu. De activiteiten kunnen teruggebracht worden tot volgende resultaatsgebieden: 1.Verbetering van duurzaam drinkwater, sanitair en hygiënische praktijken 2. De kwetsbaarheid tegenover HIV en AIDS doen afnemen 3. Het sterftecijfer als gevolg van malaria doen afnemen 4. De moeder- en kindsterfte doen afnemen 5. Capaciteitsopbouw van eerstehulpverleners (vrijwilligers) en het Rode Kruis-personeel 6. Algemene capaciteitsopbouw van Malawi Red Cross Society Bijdrage voor een verbeterde voedselzekerheid- en voedingssituatie in Malawi Begunstigde Voedsel en Landbouworganisatie van de Verenigde Naties (FAO) Land Malawi Subsidie 4.100.000 € Vastleggingsjaar 2007 Betaling in 2010 1.010.000 € Doelstelling is het verbeteren van de voedselzekerheid in twee districten in Malawi (Kasungu en Mzimba) en het stroomlijnen van de beleidsplannen om een betere impact te hebben op de voedingsstatus in Malawi. Tegen het einde van jaar 3 dient de capaciteit van de projectuitvoerende organisaties voldoende zijn om in de het ganse district een geïntegreerd pakket van diensten aan te bieden ter verbetering van de voedsel- en voedingszekerheid. Hierbij wordt technische assistentie aangeboden aan de overheid van Malawi en de ontwikkelingspartners om beleid inzake voedselzekerheid en landbouw en de programma's meer te richten op verbetering van de voedingszekerheid

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

35


Materiaalontwikkeling voor landbouwvoorlichting via institutionele capaciteitsopbouw Begunstigde Department Of Agricultural Extension Services Land Malawi Subsidie 2.000.000 Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 1.173.212 € Met dit project wil Vlaanderen bijdragen tot een geheel van verbeterde voorlichtingsdiensten voor kleine boeren. Het project zal vooral focussen op een betere toegang tot landbouwinformatie voor de boeren in het land. Om deze doelstelling te bereiken zal het programma materiaalontwikkeling bevorderen binnen het Departement voor landbouwvoorlichters. Dit moet zich in een verbeterde voedselproductie bij de boeren en dus ook in verbeterde levensomstandigheden vertalen. De ontwikkeling van het voorlichtingsmateriaal wordt centraal gezet in dit project. Er werd beslist om in te zetten op die methodieken en materialen die het meest aantal boeren kunnen bereiken waaronder ook boeren die in afgelegen gebieden wonen. Support to agricultural extension training and services Begunstigde Small Scale Livestock Promotion Programme Subsidie 694.906 € Vastleggingsjaar 2008 Betaling in 2010 278.000 € Begunstigde Natural Resources College Subsidie 695.700 € Vastleggingsjaar 2008 Betaling in 2010 278.280 € Begunstigde Department Of Animal Health And Livestock Development Subsidie 989.200 € Vastleggingsjaar 2008 Betaling in 2010 395.680 € Begunstigde Department Of Agricultural Extension Services Subsidie 752.990 € Vastleggingsjaar 2008 Betaling in 2010 301.196 € De algemene doelstelling is het ondersteunen van de extensiediensten die aan de boeren geleverd worden zodat hun activiteiten verbeterd worden, zowel het boeren zelf als de kleinschalige economische activiteiten die ze uitvoeren. De competenties van de extensiewerkers worden daarom verbeterd. Daarvoor zal in eerste instantie de capaciteit van de 3 landbouwscholen, de 2 betrokken departementen, namelijk Departement van Extensie en het Departement of Animal Health and Livestock (Gezondheid van dieren en vee) en een ngo die reeds goede ervaring op dit terrein heeft, verhoogd worden. Bovendien zal ook het trainingmateriaal voor de extensiewerkers in de scholen en bij de trainingsinstituten voor de boeren geüpgrade worden. Dan zullen deze instellingen in staat zijn een meer holistisch pakket van extensiediensten aan te bieden aan de boeren. Leidersfiguren bij de boeren zullen voorzien worden van het nodige materiaal alsook boerentechnici, zodanig dat zij instaan voor de kennisoverdracht naar de boeren binnen een bepaalde gemeenschap. Die zullen dankzij de overgedragen kennis een hogere voedselproductie kunnen bereiken en hun levensomstandigheden verbeteren. Elke actor zal zijn specifieke bijdrage leveren tot het welslagen van het programma. Haalbaarheidsstudie: early warning systems/satellietdata/instrumenten ontwikkelen voor impact naar landgebruik Begunstigde Vlaamse instelling voor technologisch onderzoek (VITO) Land Malawi Subsidie 57.106 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 17.131 € Het doel van de studie is een beter inzicht te verwerven in de ruimtelijk dynamische aspecten van de landbouw in Malawi teneinde de beschikbare informatie voor toekomstige en huidige landbouwgerelateerde interventies te verbeteren.

Ondersteuning van hiv/aids diagnostiek in de dream centra in Malawi Begunstigde Viva Afrika Vzw Land Malawi Subsidie 146.775 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 44.030 € Doel is de verbetering van de diagnostiek voor follow-up van de HIV/AIDS-infectie. Er worden 7500 analyses voor CD4 bepaling en 7500 analyses met bepaling van de virale lading gerealiseerd.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

36


Verbeteren van de praktische trainingfaciliteiten in Natural Resources College Begunstigde Natural Resources College Land Malawi Subsidie 90.189 € Vastleggingsjaar 2007 Betaling in 2010 18.037 € Bijdragen tot de ontwikkeling van de veeteeltsector in Malawi dankzij betere training, d.m.v. het opknappen van laboratoria en dierenkliniek Versterken van de zuivelsector voor kleine boeren in Malawi Begunstigde Malawi Milk Producers Association Land Malawi Subsidie 500.000 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 150.000 € Via dit project wil Vlaanderen de zuivelsector in het centrum en het noorden van Malawi versterken. Het project zal gedurende 4 jaar werken op volgende 4 resultaatsgebieden: 1. capaciteitsopbouw en training van de boeren en de Melkinzamelingsgroepen. Nieuwe en bestaande boeren zullen getraind worden in marketing, hygiëne en kwaliteitscontrole. 2. versterken van de capaciteit van de lokale verenigingen, o.m. door training in management 3. verbeteren van de technische dienstverlening, wat betreft informatie over welzijn van de dieren, voeding, artificiële inseminatie, schuurconstructie etc. 4. verhogen van het aantal runderen, via allerlei trainingen en het op punt stellen van registratiesystemen Verhogen van de inkomens van kleinschalige koffieboeren via duurzame koffieproductiesystemen Begunstigde Mzuzu Coffee Planters Cooperative Union Limited Land Malawi Subsidie 500.000 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 200.000 € Dit projectvoorstel streeft ernaar de levensomstandigheden van kleinschalige koffieboeren te verbeteren door diversificatie van de inkomens. Heel concreet wil dit project tegen het einde van jaar 3 verbeterde levensomstandigheden hebben bereikt voor 3000 koffieboeren (2600 bestaande boeren en 400 nieuwe). Dat moet zich uiten in verhoogde inkomens, verbetering in de woonomstandigheden en sociale verworvenheden.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

37


5.4

Andere landen

Beleidsdomein Entiteit

Internationaal Vlaanderen Departement internationaal Vlaanderen

De ontwikkeling van Etno- en Ruraal Toerisme in Chol Chol en Lumaco in de Chileense 9de Regio Begunstigde Universidad de la Frontera (UFRO) Land Chili Subsidie 145.000 € Vastleggingsjaar 2008 Betaling in 2010 138.000 € De bedoeling van het project is om de ontwikkeling van Etno- en Ruraal Toerisme in de gemeenten Lumaco en Cholchol op een duurzame wijze tot stand te brengen. Het project beoogt heel duidelijk een samenwerking tussen de privé-sector en de (lokale) overheid. Gestiona Consulores Ltda: Integraal Programma voor ondersteuning ondernemingscapaciteiten van kleine micro-ondernemers van Mapuche-afkomst in 9de regio (Araucanië) Begunstigde Gestiona Land Chili Subsidie 106.000 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 75.000 € Het economisch - ondersteuningsprogramma kwam tot stand als één van de resultaten van het "Social Responsibility and Sustainability Plan in the Araucanía Region" dat ontwikkeld werd in de loop van 2008 en waarbij meer dan 450 sleutelfiguren uit de regio betrokken waren. Uit dit plan werd een groep van prioriteiten geselecteerd die bepalend zijn voor de "Regional Strategy for Development 2010-2020". Het project zal de opstelling van een werkplan inhouden met inbegrip van alle prioritaire acties die moeten ondernomen worden binnen 6 projecten aangaande ondernemersinitiatieven. Ook het formuleren van een Integraal Ontwikkelingsplan is van groot belang bij deze programma’s. De onderscheiden productieve projecten met de micro-ondernemers zullen daarbij ondersteund worden door projecten die de organisatiekracht van de gemeenschappen zullen versterken en verbeteren. Rüpü Pewen - El sendero de las Araucarias Begunstigde Universidad de la Frontera (UFRO) Land Chili Subsidie 145.000 Vastleggingsjaar 2008 Betaling in 2010 63.000 € De ontwikkeling van ruraal ecotoerisme met een maximale participatie van de gemeenschappen, zowel Mapuche als niet-Mapuche in de gemeenten Lonquimay en Curacautín en met respect voor de Pewenche-cultuur is het uitgangspunt van dit project. Binnen de ontwikkeling van het rurale toerisme in de 9de Regio is er tot nog toe nauwelijks rekening gehouden met de culturele eigenheid van de Pewenches. Het project “Rüpü Pewen – El sendero de las Araucarias” (de route van de Araucariabomen) vertrekt juist van deze culturele eigenheid van de Pewenches. De belangrijkste objectieven van dit project zijn drieërlei: 1. De uitbouw van een ontwikkelingsmodel van cultureel en “gemeenschaps-” toerisme door Pewenche ondernemers in de Andeszone van de Araucanía-regio. 2. Een economisch complementair alternatief aanbieden en uitbouwen dat de productiviteit van de urbane en rurale gemeenschappen reactiveert en de levenskwaliteit bevordert. 3. De derde grote doelstelling is om een homologeerbaar model op te zetten voor andere gebieden met de mogelijkheid om tot integratie te komen op middellange en lange termijn.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

38


Verbetering van de toegang tot kwaliteitsonderwijs in het Maroni-rivierbekken in Oost Suriname Begunstigde UNICEF (Belgisch Comité) Land Suriname Subsidie 130.000 € Vastleggingsjaar 2008 Betaling in 2010 110.000 € Het project wil de toegang en de kwaliteit van de onderwijsvoorzieningen in het binnenland en dan meebepaald in het Maroni Rivierbekken gevoelig verhogen. Bovendien zijn er twee andere belangrijke doelstellingen van dit project: 1, De technische capaciteiten van de serviceproviders verhogen en eveneens het verhogen van de kennis en het begrip van de lokale gemeenschappen inzake de positieve impact van onderwijsmogelijkheden op de kwaliteit van hun leven. In de praktijk betekent dit opleiding en vorming van de leraars, school-administraties, ouders en lerarenopleiders om een betere onderwijskwaliteit te bereiken. Er zullen ook inspanningen geleverd worden om klassen en leraarsbehuizing aan te passen alsook de creatie van kindvriendelijke schoolomgeving. 2, Het verhogen van de sociale cohesie op lokaal niveau met de actieve deelname en samenwerking tussen de verschillende serviceproviders van de onderscheiden sociale diensten en de leden van de gemeenschappen Capaciteitsontwikkeling voor beter onderwijs in het binnenland van Suriname Begunstigde Vlaamse Vereniging voor Ontwikkelingssamenwerking en Technische Bijstand (VVOB) Land Suriname Subsidie 123.901 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 40.000 € PROGRESS is een samenwerkingswerkingsverband tussen het Ministerie van Onderwijs en Volksontwikkeling (MINOV) en de Vlaamse Vereniging voor Ontwikkelingssamenwerking en Technische Bijstand (VVOB). PROGRESS staat voor Programma Effectievere Scholen Suriname. Het programma werkt aan de verbetering van het kleuter - en lager onderwijs in het binnenland via onder meer nucleuscentra. Als pilootproject zijn twee nucleuscentra opgeleverd. Het is de bedoeling dat de nucleuscentra fungeren als krachtige kennis- en vormingsinstituten op het gebied van formele en niet formele educatie.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

39


5. Multilaterale samenwerking Het kaderdecreet inzake ontwikkelingssamenwerking omschrijft multilaterale samenwerking als vormen van samenwerking waarbij de Vlaamse Regering zorgt voor de financiering of medefinanciering van activiteiten in het kader van het ontwikkelingsbeleid van een multilaterale organisatie. Dit zijn intergouvernementele organisaties, met inbegrip van de Europese instellingen en van internationale organisaties voor regionale samenwerking van landen in het Zuiden. Vlaanderen heeft structurele relaties ontwikkeld met een aantal internationale organisaties, bijvoorbeeld de Internationale Arbeidsorganisatie (IAO), de Wereldgezondheidsorganisatie (WGO), de Voedsel en Landbouworganisatie (FAO), UNESCO, en het Gemeenschappelijke Programma van de VN voor de Strijd tegen HIV/aids (UNAIDS). De bijdragen aan deze VNinstellingen zijn grotendeels geoormerkt voor Zuidelijk Afrika, met name de lidstaten van de Zuidelijk Afrikaanse Ontwikkelingsgemeenschap (SADC) of de partnerlanden van de Vlaamse ontwikkelingssamenwerking. Multilaterale instellingen die in 2010 werden ingeschakeld voor de uitvoering van het bilateraal ontwikkelingsbeleid in de partnerlanden zijn opgenomen in het voorgaande hoofdstuk.

Wereldvoedselprogramma van de Verenigde Naties (WFP) Sinds de voedselcrisis van 2008 levert Vlaanderen jaarlijks een bijdrage van 1.000.000 euro aan het WFP. Deze bijdrage werd vanaf 2009 geoormerkt op de regio Zuidelijk Afrika, met het oog op de geografische concentratie binnen het regionaal beleid aangaande voedselzekerheid.

Wereldgezondheidsorganisatie (WGO) De Vlaamse overheid is op verschillende wijzen bij de activiteiten van de WGO betrokken. Afgevaardigden nemen jaarlijks deel aan de institutionele vergaderingen van de organisatie. De Vlaamse gezondheidsdoelstellingen zijn gebaseerd op de WGO-strategie “Gezondheid voor allen”. De Vlaamse overheid steunt sinds 2001 de technische samenwerking van de WGO. Om de samenwerking van een structureel beleidskader te voorzien werd op 9 april 2008 een samenwerkingsakkoord met de organisatie ondertekend. Deze trad op 1 augustus 2008 in voege.

UNESCO Op 6 maart 1998 ondertekenden de Vlaamse Regering en de UNESCO een samenwerkingsakkoord dat de basis vormt van de Vlaamse financiële steun aan onderzoeksprojecten. Deze projecten kaderen in de publiek bepaalde onderzoeksstrategie van de UNESCO. Vlaanderen kan hierbij eigen (internationale) expertise inbrengen. In 1999 werd ter uitvoering van dit akkoord het Vlaams UNESCO-Trustfonds Wetenschappen (kortweg “FUST”) opgericht, ter bevordering van de wetenschappelijke activiteiten van de UNESCO. Daarnaast wordt ook het algemeen Vlaams UNESCO Trustfonds gesteund. De besteding van de bijdragen uit dit fonds gebeurt in overleg met de Vlaamse overheid. De Vlaamse Regering financiert eveneens de huisvesting en ondersteuning van het International Oceanographic Data and Information Exchange (IODE) Project Office van de Intergouvernementele Oceanografische Commissie (IOC) van de UNESCO.

UNICEF (Belgisch comité) De samenwerking tussen UNICEF als internationale organisatie en Vlaanderen is in hoofdzaak gericht op de financiële ondersteuning van projecten. Naast de noodhulp die via UNICEF geleverd wordt kan ook de steun van het Departement Onderwijs en Vorming vermeld worden. Eind 2007 ondertekenden UNICEF (Belgisch comité) en de toenmalige minister van Onderwijs een intentieverklaring over een structurele samenwerking voor de periode 2008-2011. Hierin

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

40


kadert een subsidie van de Vlaamse minister van Onderwijs aan drie onderwijsprojecten in Malawi, Mozambique en India voor ongeveer 2,5 miljoen euro per jaar. De projecten hebben tot doel alle basisscholen in de beoogde regio’s om te vormen tot ‘kindvriendelijke scholen’. Deze ‘kindvriendelijke scholen’ moeten het resultaat zijn van een kwaliteitsimpuls op verschillende niveaus: de overheid, de schoolomgeving (materiaal en infrastructuur) en de leerkrachten. Een kindvriendelijke school wil een gezonde, fysiek en emotioneel veilige en psychologisch stimulerende omgeving creëren voor elk kind, met een focus op meisjes en kwetsbare kinderen. De kinderen krijgen expliciet een stem in de uitvoering van de projecten: participatie van kinderen – ook de jongste – is een belangrijk element in de strategie van UNICEF.

Andere In 2010 waren er eveneens kleinere uitbetalingen aan de OESO en core-bijdragen aan internationale verdragen en instellingen zoals bijvoorbeeld de International Seed Testing Organisation (ISTA) en het Protocol van Montreal. Er zijn geen middelen uit het Vlaamse trustfonds met de Internationale Arbeidsorganisatie getransfereerd naar projecten in 2010.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

41


Beleidsdomein Entiteit

Internationaal Vlaanderen Vlaams Agentschap voor Internationale Samenwerking

Response to high food prices Begunstigde Wereldvoedselprogramma van de Verenigde Naties (WFP) Subsidie 1.000.000 € Vastleggingsjaar 2008 Betaling in 2010 100.000 € Bestrijding van de wereldvoedselcrisis door middel van structurele en specifieke interventies gericht op kwetsbare bevolkingsgroepen. De kwaliteitsverbetering van eerstehulpverlening in Zuidelijk Afrika door de introductie van de African First Aid Materials Begunstigde Rode Kruis Vlaanderen Land Malawi en Mozambique Subsidie 498.764 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 125.000 € Het doel van dit project is om naar analogie met de European First Aid Manual (EFAM), een Afrikaanse tegenhanger te testen en in te voeren in 2 Vlaamse partnerlanden. De richtlijnen werden samen met een tiental Afrikaanse experts ontwikkeld en in deze fase wil het Rode Kruis Vlaanderen via een testfase een evidence-based preventiecomponent toevoegen aan de ontwikkelde richtlijnen. De algemene doelstelling is de individuele burger en gemeenschappen in Zuidelijk Afrika weerbaarder maken tegen de gevaren waaraan ze dagelijks worden blootgesteld zoals ongevallen, rampen, epidemieën en besmettelijke ziekten en het aantal dodelijke slachtoffers beperken door eerste hulp toe te dienen tot er aangepaste medische hulp kan toegediend worden Community Agroforestry Tree Seeds Banks (CATS Banks): Building Agroforestry Scaling up Platform for Diversifying Liveli Begunstigde World Agroforestry Centre (ICRAF) Land Malawi en Mozambique Subsidie 319.710 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 127.884 € Bedoeling van dit project is om de algemene levensomstandigheden van een aantal lokale gemeenschappen te verbeteren in Malawi en Mozambique. Het project zal daartoe bijdragen door deze gemeenschappen een aantal agrobosbouwtoepassingen aan te leren zodat deze kunnen geïntegreerd worden in de gangbare landbouwsystemen. Verder zal het project zich inzetten voor de organisatie van het CATSbank-systeem met de bedoeling de bevoorrading en verspreiding van kiemplasma voor bomen te verbeteren. Op deze manier hoopt het project het tekort aan boomzaden voor de agrobosbouw te kunnen verhelpen. De lange termijneffecten van dit project zijn van zowel agro-ecologische als socio-economische aard. Ze zullen onder meer bijdragen tot een verbetering van de voedselzekerheid, biodiversiteit, de bescherming tegen erosie, een efficiënter gebruik van natuurlijke hulpbronnen en bodemnutriënten, het bevorderen van diversificatie van gewassen en inkomsten uit de landbouw. WASH: Verbeteren van de toegang tot veilig water, sanitair en hygiëne in Malawi Begunstigde UNICEF (Belgisch comité) Land Malawi Subsidie 2.000.000 Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 800.000 € Volgende specifieke doelstellingen worden nagestreeft: - De toegang tot veilig water aan de armste en minst bereikte gemeenschappen verhogen, namelijk binnen een wandelafstand van 500m en/of in scholen binnen 200m. -Toegang voor scholen en gemeenschappen tot sanitatiefaciliteiten verhogen waaronder handwasfaciliteiten. - De capaciteit van lokale autoriteiten en civiele organisaties versterken om geïntegreerde water, sanitaire- en hygiëne-interventies efficiënt en effectief te plannen, uit te voeren, monitoren en evalueren. -Hygiëne op huishoudelijk, gemeenschap- en schoolniveau promoten dankzij participatieve methoden en massacommunicatie.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

42


Purchase for progress (P4P) - Mozambique Begunstigde VN Wereldvoedselprogramma (WFP) Land Mozambique Subsidie 980.000 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 784.000 € Het WFP zal de capaciteit van kleine boeren versterken om toegang tot de markt te bekomen, om zo hun inkomen en voedselzekerheid te doen toenemen. Door het verhogen van het verkoopsvolume van maïs en bonen van goede kwaliteit, wil men instaan voor een hoger netto-inkomen van de kleine boeren. De voorziening van silo’s, gemeenschappelijke opslagplaatsen en basisuitrustingspakketten speelt hierbij een belangrijke rol bij het overbruggen van voedselonzekere periodes.

Beleidsdomein Entiteit

Internationaal Vlaanderen Departement internationaal Vlaanderen

Comprehensive Cervical Cancer Control: A guide for Essential Practice Begunstigde Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) Land Zes Afrikaanse landen Subsidie 84.224 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 84.224 € In 2003 en 2004 heeft de Vlaamse overheid bijgedragen tot een publicatie aangaande baarmoederhalskanker. De publicatie is ondertussen wereldwijd verspreid in 6 WGO werktalen en blijkt zeer succesvol te zijn als referentiedocument voor gezondheidswerkers op het terrein alsook als onderdeel van nationale programma’s ter preventie, detectie en behandeling van baarmoederhalskanker in verschillende landen. Met deze subsidie wordt de eerste projectfase tot het actualiseren van de publicatie ondersteund. Budgetsteun aan het VN agentschap voor Palestijnse vluchtelingen Begunstigde VN agentschap voor Palestijnse vluchtelingen (UNRWA) Land Palestijnse gebieden Subsidie 500.000 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 150.000 € UNRWA is een VN-Agentschap dat zich specifiek richt op de verlening van humanitaire bijstand aan de Palestijnse vluchtelingen in het Midden-Oosten, en staat in voor de distributie van o.a. voedsel, onderdak en kleding, en de voorziening van onderwijs, gezondheidszorgen, tewerkstelling, en andere diensten. OCDE Investment Compact Programme Begunstigde Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) Land Palestijnse gebieden Subsidie 100.000 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 10.000 € Het Investment Compact Programme heeft als visie dat het herstel van de vrede, stabiliteit en welvaart in Zuid-Oost-Europa slechts haalbaar is als de economische, institutionele en administratieve organisatie van de staten het algemene vertrouwen wekken dat beslissingen in overeenstemming met de regelgeving worden genomen en dat de besluitvorming raadpleegbaar en controleerbaar is. De doelstelling van het ICP is een stevige fundering leggen voor duurzame groei en ontwikkeling in die regio. Het ICP is gebaseerd op het begrip dat buitenlandse en nationale investeringen aan de basis liggen van een succesvolle herstel- en groeipolitiek. Dat betekent dat de landen investeringen moeten aantrekken door een gediversifieerde aanpak op economisch gebied.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

43


Beleidsdomein Entiteit

Onderwijs en Vorming Departement Onderwijs en Vorming

Child friendly schools for Africa (Mozambique) Begunstigde UNICEF (Belgisch Comité) Land Mozambique 534.695 € 2009 53.470 € Subsidie Vastleggingsjaar Betaling in 2010 645.006 € 2010 508.505 € De bedoeling van het project is om van alle basisscholen in Changara (ongeveer 100) “Child Friendly Schools” te maken. Alle scholen moeten voldoende basisinfrastructuur hebben om kwaliteitsvol onderwijs te kunnen geven aan alle kinderen uit het district (ongeveer 45.000 kinderen), ook weeskinderen en andere kwetsbare kinderen. Hiertoe zullen scholen een “minimumkwaliteitspakket” krijgen, met als componenten onder andere een vorming in kindgeoriënteerd lesgeven, het herstellen van beschadigde klaslokalen, de uitbouw van gescheiden sanitaire voorzieningen voor jongens en meisjes, een focus op het aanleren van levensvaardigheden, sociale mobilisatie om onderwijs voor meisjes en HIV-preventie te promoten en de gezondheidsscreening van kinderen op school. De gemeenschappen in Changara worden actief betrokken bij het beheer van scholen. Child Friendly Schools in Malawi Begunstigde UNICEF (Belgisch Comité) Land Malawi 568.034 € 2009 56.803 € Subsidie Vastleggingsjaar Betaling in 2010 554.520 € 499.068 € De vele onderwijsnoden in Malawi zullen gelenigd worden door tussenkomsten in de districten Mwanza, Neno, Blanytre Rural, Dedza, Kasungu, Nsanje en Thyolo. Hier zal men de capaciteit van 150 scholen versterken zodat kinderen, en in het bijzonder meisjes, zich inschrijven en hun basisschool afmaken. In 20 scholen zal daarenboven een kindvriendelijke leeromgeving gecreëerd worden door te voorzien in educatief materiaal voor leerlingen en leerkrachten, klaslokalen, schoolbanken, latrines en waterputten. Bovendien zal het “Child Friendly Schools”-model geïnstitutionaliseerd worden in alle basisscholen in Malawi. Quality Elementary Education through social inclusion in Orissa (India) Begunstigde UNICEF (Belgisch Comité) Land India 1.470.127 € 2009 147.013 € Subsidie Vastleggingsjaar Betaling in 2010 1.176.775 € 2010 1.059.047 € Dit project sluit aan bij het kleinere project in Koraput, maar het is veel breder opgezet. De activiteiten in het kader van dit project zijn gericht op 3 dimensies: bewustmaking van de gemeenschap rond het belang van onderwijs voor inheemse meisjes, sociale inclusie (een betere toegankelijkheid tot kwaliteitsvol onderwijs voor iedereen), capaciteitsopbouw bij deelstaat en districten op het vlak van de planning en opvolging van initiatieven die ondernomen worden rond onderwijs voor meisjes.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

44


Beleidsdomein Entiteit

Economie, Wetenschap en innovatie Departement Economie, Wetenschap en innovatie

Ocean Teacher Academy: a human capacity development framework for IOC/IODE Ocean Data and Information Networks Begunstigde United Nations Educational, Scientific and Cultural Organization (UNESCO) Subsidie 1.105.874 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 294.450 € De doelstelling van OTA is het opstarten van een centrale faciliteit die trainingsprogramma’s met betrekking tot oceanografische gegevens en informatiebeheer en de hieraan gekoppelde ontwikkeling van producten en diensten zal verstrekken en op die manier bijdragen tot het duurzame beheer van oceanen en kustgebieden in Afrika en andere gebieden. UNESCO-IODE Project Office - Vlaams Instituut voor de Zee Begunstigde Vlaams Instituut voor de Zee (VLIZ) Subsidie 600.000 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 600.000 € Subsidie aan het Vlaams Instituut voor de Zee (VLIZ) voor de huisvesting en ondersteuning van het International Oceanographic Data and Information Exchange (IODE) Project Office van de Intergouvernementele Oceanografische Commissie (IOC) van de UNESCO. De IOC, opgericht in 1960, is het belangrijkste orgaan binnen de Verenigde Naties dat zich toelegt op de studie van de zeeën en de oceanen. Momenteel maken 130 landen, waaronder België, deel uit van de IOC. De IOC heeft tot doel om internationale samenwerking te promoten en programma’s te coördineren op het gebied van oceaan- en zeewetenschappelijk onderzoek. Via haar activiteiten wenst de IOC de kennis van het mariene systeem te vergroten en aan te wenden voor de verbetering van het beheer, de duurzame ontwikkeling en de bescherming van het mariene milieu. Het Vlaams Instituut voor de Zee (VLIZ) en de Beheerseenheid voor het Mathematisch Model van de Noordzee (BMM) zijn respectievelijk regionaal en nationaal datacentrum binnen het IODE-programma. Integrated data and information products and services Begunstigde United Nations Educational, Scientific and Cultural Organization (UNESCO) Land Algerije Subsidie 2.545.722 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 803.052 € De algemene doelstelling is het duurzame beheer van natuurlijke hulpbronnen in mariene en kustgebieden te bevorderen, alsook het verminderen van de risico's van aan de oceanen gekoppelde gevaren, gebaseerd op correcte wetenschappelijke kennis. Dit zal worden bereikt door het versterken van het pan-Afrikaanse netwerk van het Nationale Oceanografische Data Centra (NODCs), en verwante marine instellingen, als duurzaam mechanisme voor het toepassen van gegevens, informatie en producten in marien en kustbeheer in Afrika. Subsidie aan de United Nations University (UNU) in het kader van het programma regionale integratiestudies Begunstigde United Nations University (UNU-CRIS) Subsidie 967.000 € Vastleggingsjaar Betaling in 2010 967.000 € Sinds het werkingsjaar 2001 ontvangt de Universiteit van de Verenigde Naties (United Nations University – UNU) van de Vlaamse Gemeenschap een jaarlijkse subsidie voor de uitvoering van het opleidings- en onderzoeksprogramma “Vergelijkende Regionale Integratiestudies” (Comparative Regional Integration Studies – CRIS). De modaliteiten voor het toekennen van deze subsidie gedurende de werkingsperiode 2005 – 2009 zitten vervat in het vierde “Memorandum of Understanding” van 6 juli 2005 tussen de Vlaamse Regering, de Universiteit van de Verenigde Naties en het Europacollege.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

45


Flanders UNESCO Science Trustfonds (FUST) Jaarlijks voorziet de Vlaamse overheid een bijdrage aan het UNESCO Trustfonds Wetenschappen. Vanuit dit fonds worden projecten ondersteund, die zijn toegekend in overleg met de Vlaamse overheid. Overeenkomstig artikel 2 §6 van het samenwerkingsakkoord 2004 – 2009 tussen de Vlaamse Regering en de UNESCO vallen al deze projecten binnen de actieradius van het specifieke programma Sciences, Environment and Sustainable Development van de UNESCO. De registratie van deze projecten gebeurt op basis van de effectieve transfers uit het fonds. De omzetting van dollar naar euro gebeurt volgens de binnen OESO-DAC overeengekomen koers. Caribbean Marine Atlas Landen Caraïben Betaling 103.813 € De Caraïben staan onder een stijgende druk vanuit een combinatie van antropogene en natuurlijke bedreigingen. Een belangrijke beperking aan efficiënt en geïntegreerd beheer van deze gebieden is beperkte beschikbaarheid van gegevens en informatie evenals van aangewezen gegevens en informatiehulpmiddelen geweest. Het algemene doel is een duurzame kust- en marien beheer te bevorderen, alsook de risico's van aan de oceaan verwante gevaren te verminderen, gebaseerd op correcte wetenschappelijke kennis. Hierbij zal in het Caribische Mariene Atlas (CMA) project zich toeleggen op het identificeren van de beschikbare geo-gerefereerde datasets, deze te verzamelen en te organiseren in een atlas van milieuthema's voor het Caribische gebied, ondersteund door de IODE en ICAM programma’s van de Intergouvernementele Oceanografische Commissie (IOC). De Atlas zal als interactief instrument worden ontwikkeld voor het ondersteunen van een duurzaam en geïntegreerd beheer van kust- en mariene gebieden in de Caribische regio. Southeast Pacific data and Information Network in support to Integrated Coastal Area Management - SPINCAM Landen Chili, Colombia, Ecuador, Panama en Peru Betaling 166.931 € Algemene doelstellingen van het project zijn: 1. het ondersteunen van het uitbouwen van en het verhogen van de effectiviteit van integraal kustzonebeheer (ICAM) door het versterken van de capaciteit m.b.t. data- en informatiebeheer, kennis, communicatie en netwerking op nationaal en regionaal niveau; 2. het verbeteren van het informatieaanbod m.b.t. de status van de hulpbronnen in kustgebieden en het beheer van het gebruik hiervan door alle betrokkenen (gaande van de beleidsmakers tot de bredere gemeenschap). Het ontwikkelen van de SPINCAM-informatiesystemen op regionaal en nationaal niveau is complementair aan de bestaande milieu-informatienetwerken. SPINCAM levert specifieke meetbare informatie aan de eindgebruikers om de impact van de socio-economische in de kustgebieden alsook de toestand van het milieu tengevolge van deze menselijk activiteiten in de kustzone op te volgen. Elk van de betrokken lidstaten hecht een groot belang aan de uitwerking van een gezamenlijke benadering en leveren hiervoor een belangrijke bijdrage. Sustainable Management of Marginal Drylands - SUMAMAD–II Bolivië, Burkina Faso, China, Egypte, India, I.R. Landen Iran, Jordanië, Pakistan, Syrië, Tunesië, Bedrag 244.416 € Oezbekistan Het SUMAMAD project bevordert onderzoek en versterkt capaciteitsopbouw in ontwikkelingslanden om woestijnvorming te bestrijden. Hierbij wordt naar mogelijkheden gezocht voor het aanmoedigen van alternatieve inkomstengenererende activiteiten - door diversificatie van inkomens, zoals ecotoerisme, ambachtelijk producties, voeders, geneesmiddelen, dieetdiversificatie - om de toenemende druk op de traditionele landbouw in ‘marginal drylands’ te verminderen. Hiertoe brengt SUMAMAD Afrikaanse wetenschappers samen met wetenschappers van Azië, Arabische Staten, Latijns Amerika en Europa om de kennisoverdracht met betrekking tot beheer van droge gebieden te bevorderen.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

46


Beleidsdomein Entiteit

Leefmilieu, Natuur en Energie Departement Leefmilieu, Natuur en Energie

Corebijdragen aan internationale organisaties UNEP UNEP UNEP UNEP UNEP UNEP UNFCCC UNFCCC

Verdrag van Wenen ter bescherming van de ozonlaag Protocol van Montreal Conventie Biologische diversiteit Cartagena protocol Bazel conventie grensoverschrijdende overbrenging van gevaarlijk afval Verdrag van Stockholm - POP's Raamverdrag Klimaat Kyoto protocol

Beleidsdomein Entiteit

Betaling in 2010 1.396 € 11.527 €

26.571 € 8.718 € 12.863 € 14.385 € 28.640 € 23.583 €

Landbouw en Visserij Agentschap voor Landbouw en Visserij

Corebijdragen aan internationale organisaties International Seed Testing Organisation (ISTA)

Betaling in 2010 4.932 €

verbetering toegang tot en de beschikbaarheid van kwaliteitsvolle leercursussen over agroforestry Begunstigde World Agroforestry Centre (ICRAF) Land Kenia Subsidie 100.000 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 36.581 € Het project heeft als voornaamste doel een reeks van wetenschappelijk onderbouwde online introductielessen over agroforestry te ondersteunen, met bijhorende leercursussen die door leraars en trainers geïnteresseerd in de promotie van agroforestry als een duurzame benadering van landgebruik kunnen gebruikt worden. Verder voorziet het project ook in een introductieworkshop voor de nationale partners in 7 betrokken landen en in de verder opvolging hiervan.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

47


6. Indirecte samenwerking Het kaderdecreet inzake ontwikkelingssamenwerking omschrijft indirecte samenwerking als vormen van samenwerking waarbij de Vlaamse Regering zorgt voor de financiering of medefinanciering van activiteiten in het kader van het ontwikkelingsbeleid van een indirecte actor, met uitzondering van noodhulp en humanitaire bijstand. Dit zijn instellingen en organisaties zoals niet-gouvernementele organisaties, universiteiten en wetenschappelijke instellingen, vakbonden, private instellingen en gemeente- en provinciebesturen. Volgende categorieĂŤn worden onder de indirecte samenwerking ondergebracht.

Gemeentelijke ontwikkelingssamenwerking De Vlaamse convenants gemeentelijke ontwikkelingssamenwerking werden opgestart in 2001 als een drie jaar durend pilootproject. Via jaarlijkse overeenkomsten werden lokale besturen aangemoedigd een eigen beleid ontwikkelingssamenwerking uit te bouwen. In 2004 werd dit beleid decretaal verankerd. Sindsdien kunnen steden en gemeenten convenanten met een looptijd van 3 jaar afsluiten. Er bestaan twee types: enerzijds de algemene convenant, die het lokaal beleid ontwikkelingssamenwerking centraal stelt, en anderzijds de convenant directe samenwerking, die de stedenband met een gemeente in het Zuiden ondersteunt. De Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten (VVSG) wordt ingeschakeld om convenanten te ondersteunen, vormen en begeleiden bij de uitwerking van het beleid ontwikkelingssamenwerking.

Sensibilisering en ontwikkelingseducatie De Vlaamse Regering wil bijdragen tot de creatie van een draagvlak voor internationale samenwerking en de ontwikkeling van een houding van internationale solidariteit in het perspectief van een duurzame mondiale samenleving. In 2004 werd het beleid inzake ontwikkelingseducatie decretaal verankerd. Ontwikkelingseducatie wordt in het decreet opgevat als een activiteit die zich richt op het ontwikkelen van inzichten, houdingen en gedragingen van mensen opdat zij zouden meewerken aan de uitbouw van een meer solidaire en duurzame mondiale samenleving. Dat houdt zowel individuele als collectieve acties in. Jaarlijks lanceert het VAIS een oproep voor het indienen van ontwikkelingseducatieprojecten. Daarnaast stimuleert het VAIS aandacht voor het Zuiden in de media door structurele ondersteuning van IPS en Mo* Magazine en de jaarlijkse Noord-Zuid persprijs. In 2008 sloot de Vlaamse Regering met Wereldmediahuis vzw (VU Mo*magazine) en Inter Press Sevice (IPS) een beheersovereenkomst af. Omdat een groot deel van de doelstellingen gemeenschappelijk zijn voor beide organisaties, werd voor de realisatie van 3 subsidies gekozen voor een gezamenlijke beheersovereenkomst.

Handel en ontwikkeling Vlaanderen subsidieert de vzw Ex-Change, een uitzendplatform voor bedrijfsleiders en andere deskundigen die vrijwillig en tijdelijk naar het Zuiden gaan om consultancydiensten te leveren. Daar bevorderen ze via kadervorming en trajectbegeleiding een vruchtbaar ondernemersklimaat. Vlaanderen verleent een subsidie aan de vzw, onder voorwaarde dat 30% van wat Ex-Change onderneemt zich binnen de drie partnerlanden bevindt. Het Vlaams Waarborgfonds, dat in 2005 werd opgericht, steunt Vlaamse ontwikkelingsfondsen die geld lenen aan microfinancieringsinstellingen in het Zuiden. Dankzij kleinschalige leningen krijgen lokale boeren, marktvrouwen en jongvolwassenen de kans om een handel of eenmanszaak op te richten. Microfinanciering is dan ook een krachtig middel om pro-poor groei te realiseren. In 2010 werd beslist om bovenop de jaarlijkse bijdrage van 248.000 euro een extra bijdrage van 550.000 euro te storten in het fonds. Alleen wanneer een effectieve transfer is gemaakt vanuit het fonds kan dit als ODA geregistreerd worden. Dit was in 2010 het geval bij de uitbetaling van de waarborg aan de microfinancieringsinstelling ACME in HaĂŻti.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

48


Vlaams Fonds Tropisch Bos In 2002 richtte de Vlaamse Regering een Vlaams fonds voor het behoud van het Tropisch Bos op. Het fonds is een voorbeeld van hoe Vlaanderen verschillende van zijn internationale engagementen rond biodiversiteit en duurzaam bosbeheer omzet in concrete daden. Het fonds wil inzetten op bebossings- en herbebossingsprojecten in de context van het Kyoto protocol, en tegelijk er nog meer naar streven dat dergelijke projecten een wezenlijke bijdrage leveren voor biodiversiteitsbehoud en de sociale ontwikkeling van de betrokken bevolkingsgroepen. Het Agentschap voor Natuur en Bos en de Vlaamse VZW Groenhart beheren het fonds.

Vlaams Partnerschap Water voor Ontwikkeling Het Vlaams Partnerschap Water voor Ontwikkeling is een op Wereldwaterdag 2004 gelanceerd samenwerkingsverband tussen een aantal Vlaamse NGO’s, bedrijven, (onderwijs)instellingen en de Vlaamse overheid. Vlaanderen engageerde zich om zich in te schakelen in de MillenniumOntwikkelingsdoelstelling die het aantal mensen dat geen toegang heeft tot zuiver water met de helft te helpen verminderen tegen 2015. Als concreet en duidelijk doel houdt het Partnerschap voor ogen om tegen 2015 evenveel mensen in derdewereldlanden aan water en/of sanitatie te helpen, als er inwoners zijn in Vlaanderen. Jaarlijks lanceert de Vlaams minister van Leefmilieu en Natuur een oproep voor water- en sanitatieprojectvoorstellen in het Zuiden.

Wetenschappelijke instellingen Wetenschap en innovatie spelen een belangrijke rol bij de capaciteitsopbouw in landen in ontwikkeling. De Vlaamse overheid heeft bij de ondersteuning van wetenschappelijke samenwerking met ontwikkelingslanden steeds de voorkeur gegeven aan initiatieven die gekoppeld zijn aan activiteiten van multilaterale instellingen zoals UNESCO, UNIDO of WHO. Op deze wijze kan met een relatief beperkt budget een maximale impact worden verkregen. Naast het Vlaams UNESCO-Trustfond Wetenschappen heeft de Vlaamse overheid in het recente verleden ook kortetermijnfinanciering toegekend aan het Instituut voor Plantenbiotechnologie voor Ontwikkelingslanden (IPBO) en het Internationaal Centrum voor Reproductieve Gezondheid (ICRH). Op 6 juli 2007 keurde de Vlaamse Regering de beheersovereenkomsten 2007-2011 met het IPBO en het ICRH goed. Vanuit het beleidsdomein Onderwijs en Vorming wordt structurele financiering voorzien voor de werking van het Instituut voor Tropische Geneeskunde Antwerpen en het Instituut voor Ontwikkelingsbeleid en -beheer.

Studiebeurzen De Vlaamse overheid kent jaarlijks verschillende beurzen toe aan studenten uit ontwikkelingslanden om seminaries, opleidingen en programma’s in Vlaanderen te volgen. Onder meer het Antwerp/Flanders Port Training Center (APEC) en het Institute of Transport and Maritime Management Antwerp (ITMMA) spelen een belangrijke rol in de overdracht van havenen transportgerelateerde kennis vanuit Vlaanderen naar het Zuiden. Beursstudenten die de opleiding in Vlaanderen volgen, beschikken over een visum voor de duur van de opleiding. Dit is een garantie opdat de opgedane knowhow terug wordt ingezet in het ontwikkelingsland van herkomst. Verder financiert Vlaanderen WES vzw voor de organisatie van de opleiding “Sustainable Tourism Destination Management” die zich richt op professionelen uit Zuidelijk Afrika.

Steun aan NGO’s en VZW’s De Vlaamse Vereniging voor Ontwikkelingssamenwerking en Technische Bijstand (VVOB) ontvangt structurele financiering van de Vlaamse overheid ter ondersteuning van de maatschappelijke zetel. Ook verschillende andere Vlaamse NGO’s ontvangen loonsubsidies in het kader van het Vlaams Intersectoraal Akkoord Social Profit of DAC & Gesco tewerkstellingsprogramma’s.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

49


6.1

Gemeentelijke ontwikkelingssamenwerking

Beleidsdomein Entiteit

Internationaal Vlaanderen Vlaams Agentschap voor Internationale Samenwerking

Gemeente/Stad

Stedenband

Aalst Balen Beringen Bierbeek Bornem Brasschaat Brussel Diepenbeek Dilbeek Edegem Essen Etterbeek Evergem Genk Gent Harelbeke Hasselt Herent Ieper Izegem Kokzijde Kortrijk Leuven

/ / /

Lommel Maaseik Mechelen Merelbeke Middelkerke Mol Oostende Roeselaere Sint-Niklaas Sint-Truiden Turnhout Waregem Westerlo Zemst Zoersel

70.500 € 59.250 € 59.250 € 141.000 € 110.150 € 141.000 € 141.000 € 93.000 € 153.300 € 118.500 € 133.500 € 112.000 € 140.800 € 156.000 € 156.000 € 133.500 € 141.000 € 141.000 € 141.000 € 45.800 € 116.800 € 141.000 € 125.000 €

Betaling in 2010 19.213 € 9.269 € 6.738 € 36.191 € 43.443 € 34.045 € 44.974 € 22.436 € 43.419 € 34.280 € 37.135 € 22.697 € 45.702 € 46.644 € 50.439 € 37.398 € 47.724 € 42.523 € 37.202 € 15.691 € 42.000 € 42.087 € 19.509 €

133.500 €

42.122 €

59.250 € 141.000 € 85.500 € 101.500 € 117.200 € 138.000 € 86.500 € 91.050 € 118.500 € 121.775 € 141.000 € 70.500 € 135.000 € 86.700 €

18.750 € 45.492 € 22.000 € 23.077 € 33.778 € 45.000 € 14.080 € 20.566 € 39.390 € 35.845 € 48.693 € 10.700 € 28.560 € 14.500 €

Vastlegging

San Felipe de Ona (Ecuador) Nquthu (Zuid-Afrika) Tarija (Bolivië) Kinshasa (DR Congo) / Stellenbosch (Zuid-Afrika) San Jeronimo (Peru) Witzenberg (Zuid-Afrika) Essaouira (Marokko) Guaranda (Ecuador) Francistown (Botswana) Manguang (Zuid-Afrika) / Outat-Ouad-El-Hadj (Marokko) Regio Sahakok (Guatemala) Wa (Ghana) / Albina (Suriname) Cebu City (Filipijnen) / Ongwediva (Namibië) en Ciudad Dario (Nicaragua) / Sucre (Bolivië) / / Santo Tomás (Nicaragua) Banjul (Gambia) / Tambacounda (Senegal) Nueva Guinea (Nicaragua) Hanzhong (China) Ngarama (Rwanda) / Sonkone (Senegal) /

Ondersteuning, vormings- en begeleidingsprogramma van het gemeentelijk Convenantbeleid inzake ontwikkelingssamenwerking Begunstigde Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten (VVSG) 173.748 € 2009 40.212 € Subsidie Vastleggingsjaar Betaling in 2010 176.748 € 2010 132.561 €

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

50


6.2

Sensibilisering & educatie

Beleidsdomein Entiteit

Internationaal Vlaanderen Vlaams Agentschap voor Internationale Samenwerking

Begunstigde

Titel

11.11.11 Vzw Broederlijk Delen Chris De Stoop Djapo Djapo Educatief Theater Antwerpen Globelink Green Groenhart Katholieke Hogeschool Limburg Kidscam Kinderrechtenhuis Max Havelaar Plan Belgie Platform Handicap & Ontwikkelingssamenwerking Protos Scouts En Gidsen Vlaanderen Studio Globo Trias Vormen Vredeseilanden Wereldsolidariteit Wereldwerkplaats Zuiddag Vzw

Vastlegging

Gemeenschappelijke publiekscampagne klimaat Milieu- en Noord-Zuidbeweging De Zuidprik "genoeg gepraat, tijd voor een klimaatdaad" Noord-Zuid persprijs: De Braziliaanse gevangenisbendes 2015 IK LOOP MEE! GPS richting toekomst

Betaling in 2010

137.933 €

55.173 €

180.000 €

72.000 €

5.000 €

5.000 €

182.500 € 151.097 €

18.068 € 60.439 €

Wapenland

163.525 €

65.410 €

Jongerenforum over de klimaatverandering Greenergy Educatief traject voor toekomstige vakwerkers in de houtsector over bos en klimaat in mondiale context

46.925 € 134.209 €

867 € 53.684 €

176.897 €

70.759 €

81.700 €

32.680 €

Met eerlijke handel de wereld rond Jongeren tegen onvaardbare kinderarbeid FairTradeGemeenten 2009-2010 "Geef ons een doel" ("Give us a Goal")

17.288 € 182.495 € 92.779 € 138.874 €

4.311 € 36.499 € 27.833 € 27.775 €

Toegankelijke ontwikkelingseducatie voor personen met een sensoriele handicap

170.000 €

68.287 €

De Zuid-Noord Klimaatspiegel

114.635 €

45.854 €

Rafiki

112.135 €

44.854 €

119.704 €

47.882 €

25.500 € 180.000 € 113.254 € 60.000 € 182.500 € 137.111 €

5.100 € 36.000 € 45.302 € 24.000 € 36.500 € 27.422 €

Collaboration and Development in Health Care

Saved by the bell - schoolbellen voor het recht op onderwijs Jongerenbewegingen en ontwikkelingssamenwerking My Netlog, Your Netlog, Our Rights! Jonge boeren kunnen de wereld redden Olympische spelen en fundamentele arbeidsrechten Voorbeelden uit het Zuiden Klop eens een dagje voor het zuiden

Het programma ‘Scholenbanden’ Begunstigde Vlaamse Vereniging voor Ontwikkelingssamenwerking en Technische Bijstand Subsidie 379.000 € Vastleggingsjaar 2008 Betaling in 2010 132.000 € Door de toenemende globalisering groeide de interesse voor samenwerking tussen scholen in het Noorden (de materieel welvarende landen) en scholen in het Zuiden (de landen met een lagere materiële welvaart). Als ontwikkelingsorganisatie gespecialiseerd in onderwijs wil VVOB scholen helpen hun internationale samenwerking op een kwaliteitsvolle manier vorm te geven. Het initiatief en de manier waarop de internationale samenwerking precies vorm krijgt blijft bij de scholen.

Tegemoetkoming in de werkingskosten voor de nieuwsdienst en de kosten voor de productie en verdeling van het e-zine Begunstigde IPS Vlaanderen Subsidie 149.796 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 119.837 €

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

51


Tegemoetkoming in de werkingskosten voor de nieuwsdienst en de kosten voor de productie en verdeling van het e-zine Begunstigde Wereldmediahuis vzw Subsidie 141.831 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 28.366 € Verdere ontwikkeling van de nieuwssite MO*/IPS Begunstigde IPS Vlaanderen Subsidie 88.768 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 71.014 € Tegemoetkoming in de kosten voor redactionele ondersteuning van Mo* Magazine Begunstigde IPS Vlaanderen 141.831 € 2009 28.366 € Subsidie Vastleggingsjaar Betaling in 2010 88.992 € 2009 17.798 € Tegemoetkoming in de kosten voor redactionele ondersteuning van Mo* Magazine Begunstigde Wereldmediahuis vzw Subsidie 149.796 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 119.837 €

Beleidsdomein Entiteit

Onderwijs en vorming Departement Onderwijs en Vorming

Schoolpartnerschappen tussen Vlaamse en Marokkaanse scholen Begunstigde Verschillende Vlaamse en Marokkaanse scholen Land Marokko 126.000 € 2009 9.754 € Subsidie Vastleggingsjaar Betaling in 2010 126.000 € 2010 113.400 € De bedoeling van het project is te komen tot een interculturele uitwisseling tussen de Vlaamse en de Marokkaanse scholen, op basis van vakoverschrijdend werken, waarbij de identiteit- en verdraagzaamheidontwikkeling centraal staat en moet bijdragen tot het creëren van een kritisch maatschappelijk bewustzijn dat gestoeld is op respect, gelijkwaardigheid en diversiteit. Iedere deelnemende school ontvangt 7000 euro subsidie voor de uitvoering van het project.

6.3

Handel en ontwikkeling

Beleidsdomein Entiteit

Internationaal Vlaanderen Vlaams Agentschap voor Internationale Samenwerking

Ex-Change, Vlaams uitzendplatform voor experts Begunstigde Ex-Change vzw 370.036 € 2009 94.612 € Subsidie 30.997 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 30.870 € 430.292 € 2010 312.939 € Ex-Change ondersteunt KMO’s in meer dan 20 ontwikkelingslanden. De dienstverlenging bevindt zich in een zevental sectoren gaande van toerisme en landbouw tot energie en waterbeheer. Ex-Change heeft als lokale organisatie dan ook een belangrijk netwerk binnen de Vlaamse KMO-wereld. Deze werd in het recente verleden geconcretiseerd d.m.v. samenwerkingsakkoorden met o.a. de Boerenbond, VKW, VOKA en Unizo. Kwaliteitszorg staat centraal om de markttoegang van ontwikkelingslanden te verbeteren, evenals een goede kennis van marketing en de verscheidene uitvoermogelijkheden naar bepaalde landen en regio’s. Het is dan ook niet verwonderlijk dat een groot deel van de aanvragen door KMO’s in het Zuiden zich dan ook richten tot de kwaliteitsverbetering van hun producten en interne werking. Minimaal 30% van de missies worden uitgevoerd in Malawi, Mozambique of Zuid-Afrika.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

52


Verwerking en vermarkting van zonnebloemolie geproduceerd door rurale boerenfamilies Begunstigde Vredeseilanden Land Tanzania Subsidie 155.595 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 62.238 € Vredeseilanden wil volgende doelstellingen realiseren: - Het verbeteren van het inkomen, tegen 2012, voor 7.000 familiale boeren, via een verhoogde productie van zonnebloem en actieve deelname door de familiale boeren in de vermarkting van de zonnebloemolie. - Het ontwikkelen, tegen 2012, van een gecertificeerd (door Tanzania Bureau of Standards - TBS) en gemerkt zonnebloemolieproduct, geproduceerd door georganiseerde familiale boeren met het oog op de binnenlandse markt. Een partnerfonds voor Oxfam Wereldwinkels Begunstigde Oxfam Wereldwinkels Land Meerdere (Afrika) Subsidie 100.000 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 75.000 € Via de oprichting van een partnerfonds slaagt Oxfam-Wereldwinkels er in de noodzakelijke middelen te vergaren om in te gaan op vragen en opportuniteiten tot ondersteuning van Fairtrade landbouwproducenten uit het Zuiden. Alleviating poverty and increasing market opportunities among Southern African Small Holder Farmers through Sustainable Begunstigde Rainforest Alliance Land Zuidelijk Afrika Subsidie 300.000 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 120.000 € Armoedebestrijding in Zuidelijk Afrika door te bouwen aan markten met toegevoegde waarde voor duurzame thee, koffie, cacao en rooibos, door verhoogd concurrentievermogen, markttoegang, en de opbouw van 'best practices' voor ecologische en sociale duurzaamheid, via Rainforest Alliancecertificatie.

Building on a sustainable tea supply chain in Southern Africa Begunstigde Solidaridad Land Zuid-Afrika, Mozambique en Zimbabwe Subsidie 300.000 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 120.000 € Dit project bevat volgende specifieke doelstellingen: 1. Het bewustzijn over ecologisch, economisch en sociaal handelen doen toenemen, en vertrouwen creëren tussen nationale stakeholders voor samenwerking op lange termijn, dmv een nationaal consultatieproces. 2. Toegang tot markten en voordelen van Utz-certificatie doen toenemen, zowel voor kleine boeren als voor arbeiders op plantages. Uitwinning waarborg aan Incofin cvso voor hun participatie aan ACME Begunstigde ACME S.A. Land Haïti Subsidie 300.000 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 300.000 € Dekking van het politiek risico, n.a.v. de zware aardbeving in Haiti, Port-au-Prince, op 12 januari 2010, waarbij een zeer groot deel van de kantoren en klanten van ACME zwaar werden getroffen.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

53


6.4

Vlaams Fonds Tropisch Bos

Beleidsdomein Entiteit

Leefmilieu, Natuur en Energie Agentschap voor Natuur en Bos

Gemengde herbebossing voor het herstel van gedegradeerde gronden Begunstigde Profafor Land Ecuador (Nabón, Oña en Saraguro in Azuay en Loja) Subsidie 59.784 € Vastleggingsjaar 2007 Betaling in 2010 11.957 € Het project beoogt de uitwerking van 3 Project Design Documents (PDD), volgens de ENCOFOR modules, voor kleinschalige herbebossingen, om de verwoestijning tegen te gaan en duurzame ontwikkeling te bevorderen. De te beplanten zone werd verlaten en is onderhevig aan erosie door het ontbreken van vegetatie. De voornaamste economische activiteit van de omliggende gemeenschappen is landbouw, met zeer lage productiviteit. Voor de herbebossing stelt men een mix voor van 30% inheemse - en 70% geïntroduceerde planten. Integraal beheer voor de bescherming van het Shuar territorium Arutam te Macas Begunstigde Fundación Natura Land Ecuador Subsidie 98.277 € Vastleggingsjaar 2007 Betaling in 2010 37.765 € Het project beoogt de uitvoering van een geïntegreerd systeem van goed beheer en herstel van het bos, aanplantingen, geïntegreerd bos- en weidebeheer en land- en bosbouwsystemen, en de waardering en recuperatie van traditionele duurzame landbouwpraktijken in een viertal gemeenschappen van het territorium Cordillera del Cóndor: Tiwintza, San Juan Bosco, Limón en Gualaquiza. Concreet zullen volgende resultaten nagestreefd worden: het terugdringen van de ontbossinggraad met 1/6, het beheer van 80 ha onder traditionele aja systemen (200 families) in combinatie met boomsoorten voor houtgebruik, de uitvoering van 40 ha agroforestry (80 families) en 50 ha sylvopastorale systemen en de aanplanting van 80 ha kleine percelen met boomsoorten voor houtgebruik. Duurzaam bosbeheer in 3 inheemse gemeenschappen in het Amazonewoud Begunstigde Aider Land Peru Subsidie 55.540 € Vastleggingsjaar 2007 Betaling in 2010 11.108 € Het project van AIDER beoogt de versteviging van het duurzaam bosbeheer door 3 inheemse shipibo konibo gemeenschappen in de regio Ucayali om ontbossing en bosdegradatie te vermijden en de basis te leggen voor de formulering van een REDD project. REDD (Reduced Emissions from Deforestation and Forest Degradation) projecten zijn erop gericht om de ontbossing en degradatie van bossen tegen te gaan via een mechanisme van betaling voor ‘milieudiensten’. De bescherming van het bos voorkomt de uitstoot van broeikasgassen (de milieudienst) en zo de klimaatsverandering. Aangepaste herbebossing voor specifieke omgevingen in Entre Rios en Padcaya Begunstigde CADEMA Land Bolivië Subsidie 46.384 € Vastleggingsjaar 2007 Betaling in 2010 3.409 € In dit project zal een PDD opgesteld worden voor de herbebossing van gedegradeerde terreinen in de subandine regio van Bolivia. De herbebossing voor houtvoorziening zal de druk op het nog bestaand bos in de regio verminderen. Op dit moment vormt de tijdsduur tussen de begininvestering bij aanplanting en de uiteindelijke opbrengst het grootste obstakel voor de gemeenschappen, organisaties en lokale autoriteiten om aan te vangen met het aanplanten. De koolstofmarkt kan deze drempel wegnemen en ervoor zorgen dat tijdens de duurtijd van de rotatie toch op korte en middellange termijn inkomsten kunnen gegenereerd worden. De herbebossing zal een positieve invloed hebben op de biodiversiteit en de erosie van de gedegradeerde gronden een halt toeroepen.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

54


Herbebossing en beheer van primair bos ter herstel van gedegradeerde gronden in het kader van CDM Begunstigde PROLIM Land Chili (Chiloë) Subsidie 70.195 € Vastleggingsjaar 2008 Betaling in 2010 21.059 € Het voorgestelde project is gelegen in de sector Coipomó, gemeenschap Ancud op het eiland Chiloë. Houtkap voor brandhout en houtskool voorziet in meer dan 80% van de inkomsten van de lokale boerenfamilies, een ander deel van de inkomsten is afkomstig uit veeteelt (melk/vlees). Deze houtkap brengt het aanwezige natuurlijke bos in gevaar en het grote aandeel van deze activiteit in het totale inkomen van de families maakt hen zeer kwetsbaar. Het project wil een impuls geven aan de economische en sociale ontwikkeling van 20 arme boerenfamilies en tegelijkertijd de biodiversiteit beschermen. Hiervoor zullen kleine brandhoutaanplantingen met Eucalyptus opgezet worden, een duurzaam beheer van het natuurlijke bos nagestreefd worden en graasweiden verbeterd. Algemeen wordt het bestaand bos van 20x 10ha duurzaam beheerd, 20 x 2 ha per familie aangeplant en 20x 4 ha graasweiden verbeterd. Het project speelt de rol van pilootproject voor kleine boseigenaars om nationale plannen rond herbebossing binnen de CDM mee vorm te geven. Promotie en commercialisatie van hout afkomstig van duurzaam beheerd bos, Pastaza Begunstigde Fundación Servicio Forestal Amazónico (SFA) Land Ecuador Subsidie 68.476 € Vastleggingsjaar 2006 Betaling in 2010 9.748 € Het project beoogt de promotie van duurzaam bosbeheer en de commercialisatie van hout uit duurzaam beheerde bossen door het opzetten van een verzamelcentrum voor de verkoop van hout (als voorloper voor latere boscertificering) en de training van bosbouwers in het beheer van pioniersbossen op basis van natuurlijke regeneratie, met het oog op de promotie van deze alternatieve regeneratiemethode in de regio. De doelgroep van het project is de kleine houtproducent (zowel kolonisten als indianen), die hulp krijgen bij het beheer van hun bossen en door de opstart van een verzamelcentrum hun producten kunnen commercialiseren en betere prijzen hiervoor zullen krijgen. De voornaamste projectactiviteiten bestaan uit de installatie van het verzamelcentrum zowel qua infrastructuur als qua capaciteitsopbouw en ten tweede het uitbreiden van duurzaam beheer van pioniersbossen met natuurlijke regeneratie. Duurzaam beheer van de natuurlijke bosgrondstoffen onder REDD schema in de Shuar gemeenschap Shaime, Bosque protector Alto Nangaritza, Zamora Chichipe, Ecuador Begunstigde PROFAFOR Land Ecuador Subsidie 74.500 € Vastleggingsjaar 2008 Betaling in 2010 29.800 € De integriteit van het Bosque Protector Nangaritza, gelegen in het Zuiden van Ecuador (gebergte- en voorgebergtebos), in de bufferzone van het Nationaal Park Podocarpus wordt door allerlei bedreigingen (infrastructuur, illegale houtkap, mijnbouw en sociale landrechtenconflicten) aangetast. De doelstelling van het project is een piloot REDD project op te zetten voor de vrijwillige koolstofmarkt volgens de ENCOFOR procedures, onder het Voluntay Carbon Standard schema en naar de CCB standaarden voor duurzaam projectontwerp. Het project incorporeert activiteiten van duurzaam bosbeheer, strijd tegen illegale houtkap en verbetering van agroforestry praktijken in het terrotorium van de Shuar gemeenschap Shaime (7.600 ha). Participatieve uitwerking en uitvoering van een groene buffer voor Cubilán te Biblian Begunstigde Ecohomode Land Equador Subsidie 78.398 € Vastleggingsjaar 2007 Betaling in 2010 15.680 € Het project wil bijdragen aan de bescherming van de overblijvende andiene vegetatie van de waterbekkens van twee lokale rivieren. Dit zal gebeuren door het uitwerken van een groene gordel voor het kanton Biblián in samenwerking met de lokale bevolking. De groene gordel zal het beschermingsbos Cubilán verbinden met het beschermingsbos Machangará Tomebamba. Het project voorziet in een landgebruikplanning en zonering, verbetering van graasweiden door o.a. het toepassen van sylvopastorale systemen (begrazing en bomen), en de samenwerking tussen de verschillende boerenorganisaties, gemeenschappen en de lokale overheid.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

55


Duurzaam beheer van natuurlijke rubberbossen door inheemse gemeenschappen in het Amazonewoud Begunstigde Camera Nacional Forestal Land Peru Subsidie 37.690 € Vastleggingsjaar 2007 Betaling in 2010 6.990 € In dit project zal gewerkt worden aan het duurzaam beheer van natuurlijke rubberbossen (Hevea brasiliensis, Shiringa) in de inheemse gemeenschap Sinchi Roca. Deze gemeenschap van cashibo cacataibo indianen beschikt over een territorium van een kleine 50.000 ha, waarvan 38.000 ha onder beheer volgens de FSC standaarden. Het is de bedoeling om daarenboven nog eens 10.000 ha rubberbos duurzaam te beheren voor de productie van hoogkwalitatieve natuurlijke rubber. Kleine rurale landeigenaars voor de mitigatie van de klimaatsverandering, Región de la Aruacanía Begunstigde CODEFF Chili Land Chili Subsidie 75.889 € Vastleggingsjaar 2008 Betaling in 2010 22.767 € Door de ontwikkeling van een PDD voor kleinschalige bebossing- en herbebossingsactiviteiten in het kader van de CDM zal het mogelijk worden om met kleine rurale landeigenaars (300 families, voor de overgrote meerderheid van Mapuche origine) in de regio de la Araucanía de rivieroevers van het bekken van de rivier Toltén te herstellen door het aanplanten van inheemse soorten over een totale lengte van 150 km langsheen de gedegradeerde oevers. Daarnaast wil men ook werk maken van dendro-energetische aanplantingen (grenen, Eucalyptus en andere inheemse soorten als Nothofagus). Al de aanplantingen worden uitgevoerd op de terreinen van de kleine landeigenaars. De inkomsten die via koolstofkredieten gegenereerd kunnen worden, kunnen dan instaan voor het nodige beheer van de aanplantingen. Tegelijkertijd kunnen de aanplantingen op middellange termijn brandhout leveren en op lange termijn constructiehout. Er is geen gevaar voor discontinuïteit dankzij de wettelijke context (Ley 701), die eigenaars verplicht gekapte delen te herplanten. Herbebossing en herstel van de degradeerde bufferzone van het nationaal reservaat Villarica Begunstigde Corporación Mapuche Lonko Kilapang Land Chili Subsidie 69.975 € Vastleggingsjaar 2006 Betaling in 2010 13.995 € Het objectief van dit project is om een proces van duurzame herbebossing, recuperatie en bescherming van ontboste en ondertussen gedegradeerde gronden in de bufferzone van het Nationaal Reservaat Villarrica te ontwikkelen met behulp van de tussenkomst van het VFTB en de beschikbare subsidies voor bosrecuperatie van de Chileense Overheid. De projectactiviteiten bestaan vooral uit de opstart en opstellen van contracten, capaciteitsopbouw, bevoorrading van plantmateriaal, installeren van afsluitingen, bemesten, beschermen van opervlaktestromen en de monitoring van de overlevingskansen van de aangebrachte planten. De doelgroep van het project zijn kleine landeigenaars “Mapuches” van de gemeenschap Curarrehue, één van de armste gemeenschappen in Chili waarvan de helft van de populatie onder de armoedegrens leeft. Agroforestry ter voorkoming van de ontbossing van tropisch regenwoud in de regio Ixiamas, La Paz Begunstigde Fun Ecología de la Tierra Land Bolivië Subsidie 46.977 € Vastleggingsjaar 2008 Betaling in 2010 14.093 € In het noorden van het departement La Paz, in de provincie Abel Iturralde wordt migratielandbouw bedreven. Na een eerste ontbossing en enkele jaren gewassenteelt, worden de gronden bij gebrek aan vruchtbaarheid terug aan hun lot overgelaten en nieuwe gronden opgezocht om hetzelfde systeem toe te passen.Het project wil op een 600-tal ha, samengesteld uit kleine percelen van lokale boeren jaarlijks 20 ha agroforestrysystemen opzetten en aantonen hoe, naast de verbetering van de levensomstandigheden van deze lokale gemeenschappen, deze systemen kunnen bijdragen tot een vermindering van de ontbossing en duurzame ontwikkelingsprocessen genereren. Het projectvoorstel combineert REDD en A/R in 1 project en het aangevraagde budget staat in voor de ontwikkeling van een PDD voor dit project en de aanplanting van de eerste 20 ha.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

56


Duurzaam beheer van de natuurlijke grondstoffen in de invloedszones van het Nationaal Park Anmi Madidi en het Biosfeer-reservaat Pilon Lajas, Beni-La Paz Begunstigde Fundación Centro Técnico Forestal (CETEFOR), Prisa Land Bolivië Subsidie 69.995 € Vastleggingsjaar 2006 Betaling in 2010 9.392 € De Tropische zone van de departementen Beni en La Paz in Bolivië, is een regio waar sinds de jaren ’70 zeer veel kolonisten, afkomstig uit de hoger gelegen interandiene valleien en de altiplano, zich komen vestigen. Deze kolonisatietendens werd bovendien de laatste 20 jaar nog versterkt door de intensificatie van de armoede en de verslechtering van mijn- en landbouwcondities hoger in de Andes met een enorme druk op de tropische wouden in deze zone als gevolg. Het gebruik van traditionele landbouwmethodes waarbij bossen worden gekapt en afgebrand om er nadien monoculturen van gewassen als rijst, maïs, maniok en bananen te planten heeft geleid tot de ontbossing van gigantische oppervlakten en zelfs de invasie van beschermde gebieden. Het project spitst zich toe op het verspreiden en de educatie van duurzame (agro)forestry-praktijken bij zowel kolonisten als inheemse bevolkingsgroepen in een gebied tussen twee natuurreservaten. Duurzaam beheer van de natuurlijke grondstoffen moet op deze manier een halt toe roepen aan het oprukkende ontbossingsfront in de richting van deze beschermde reservaten. Duurzaam oogsten en commercialiseren van de Brazilnoot afkomstig uit de bossen Nationaal Reservaat Tambopata en Nationaal Park Bahuaja Sonene, Madre de Dios Begunstigde Asociación para la Conservación de la Cuenca Amazónica (ACCA) Land Peru Subsidie 60.775 € Vastleggingsjaar 2006 Betaling in 2010 9.748 € De Brazilnootbossen zijn natuurlijke bossen met niet-houtige opbrengsten die zich enkel uitstrekken over specifieke delen van de Peruaanse (Madre de Dios), Braziliaanse en Boliviaanse Amazone. De noten die deze bomen voortbrengen hebben een zeer hoge voedingswaarde en kennen bovendien een stabiele internationale markt. De Brazilnootbossen bedekken een totale oppervlakte van ongeveer 2,5 miljoen hectare, zijn het habitat van vele endemische soorten maar worden bovendien ook sterk bedreigd. Met het duurzame beheer van deze bossen in het Nationaal Reservaat Tambopata en het Nationaal Park Bahuaja Sonene wil het project bijdragen tot de bescherming van deze bossen en zijn grote biodiversiteit. Activiteiten die moeten leiden tot verbeterde opbrengstsystemen worden ingepast en 27 vrouwen zullen worden opgeleid voor de productie van gecertificeerde gepelde noten, waar deze vroeger ongepeld werden verkocht. Door de certificering van hun hele vermarktingsketen zullen competitievere producten verkregen worden voor zowel de lokale als internationale markt. Een verbetering die niet alleen een direct effect heeft op het behoud van de bossen en de biodiversiteit maar bovendien ook een duidelijk voorbeeld kan zijn van hoe een goed beheer van natuurlijke rijkdommen kan leiden tot verbeterde economische opbrengsten. Instellen van sociaalecologische maatregelen voor het duurzaam beheer van de natuurlijke grondstoffen en water in Pastaza Begunstigde CODEAMA Land Ecuador Subsidie 60.480 € Vastleggingsjaar 2008 Betaling in 2010 18.144 € Het voorgestelde project wil in de Ecuadoraanse Amazone, in het gebied van 5.000 ha dat gelegen is tussen 2 National Parken (PN Sangay en PN Llangates), in de regio rond Puyo bijdragen aan de bescherming en het duurzaam beheer van de nog aanwezige primaire en secundaire bossen. De activiteiten die moeten bijdragen tot een duurzamer gebruik van de natuurlijke grondstoffen zijn: een participatieve landgebruiksplanning, capaciteitsopbouw in alternatieve productiesystemen en sensibilisatie rond watervoorziening in de steden, theoretische en praktische capaciteitsopbouw rond bosbeheer, bosexploitatie, boswetgeving en herbebossing. Concreet zullen met de opgedane kennis en capaciteiten eveneens gedegradeerde terreinen (50 ha) en kritische zones voor de watervoorziening (21 ha) hersteld worden, en 18 kleinschalige voorbeeld agroforestrysystemen opgezet. Daarnaast zal er aan een rollend incentive-fonds gewerkt worden en een toekomstig systeem voor payment for environmental services.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

57


Alternatieve bosproductiesystemen en landbestemmingsplanning ter reductie van de ontbossing van het bos Tumbesino Begunstigde NCI Land Ecuador Subsidie 36.913 € Vastleggingsjaar 2008 Betaling in 2010 11.074 € De prijsverhoging van vele voedselgewassen omwille van de stijgende vraag naar biobrandstoffen veroorzaakt wereldwijd allerlei problemen van ecologische en socio-economische aard. In Latijns Amerika heeft de prijsstijging van maïs ervoor gezorgd dat vele koffieboeren hun schaduwkoffieplantages en andere bossen gekapt hebben voor deze lucratieve onduurzame praktijken. In het Zuiden van Ecuador heeft de maïs door klimatologische omstandigheden echter niet opgebracht wat ervan verwacht werd. Het gevolg is dus ontbossing, maar geen bijkomende inkomsten en verderzetting van niet duurzame praktijken. Het project wil werken aan een alternatief beheer voor het microbekken Papalongo (2.100 ha), alwaar de boerengemeenschappen en de gemeente werken om hun watervoorziening te vrijwaren. Er zijn twee onderdelen in dit project: 1) De zonificatie en participatieve landbestemmingsplanning van het microbekken om de verschillende overblijvende natuurlijke bossen te identificeren en zo bij te dragen aan het vermijden van hun ontbossing; en 2) De herbebossing met inheemse soorten, waaronder Tara (Caesalpinia spinosa), agroforestrysystemen met koffie en fruitbomen om zo de inkomsten van de lokale gemeenschappen te verhogen en te diversifiëren. De voorgestelde alternatieven kunnen concurreren met maïs. De voorgestelde alternatieven zullen bijdragen tot vastlegging van koolstof, vermijden van ontbossing en bescherming van de watervoorziening.

6.5

Vlaams Partnerschap Water voor Ontwikkeling

Beleidsdomein Entiteit

Leefmilieu, Natuur en Energie Departement Leefmilieu, Natuur en Energie

Water is leven Begunstigde Vrienden van Burkina Faso Land Burkina Faso Subsidie 100.254 € Vastleggingsjaar 2008 Betaling in 2010 40.000 € De VZW Vrienden van Burkina Faso plaatst manuele waterpompen in Burkina Faso, met de nodige aandacht voor hygiëne. Na 10 jaar toezicht onder coördinatie door de VZW dient er binnen de bevolking voldoende opleiding en kennis opgebouwd te zijn voor volledige overdracht, via de oprichting van een lokaal comité en zo mogelijk via het betalen van een kleine bijdrage door de lokale bevolking. Drinkwatervoorziening en verbetering van de hygiëne en sanitair in Noord - en West-Ghana Begunstigde FOS Socialistische Solidariteit Land Ghana (Laribanga, Ahwia en Wiawso Township) Subsidie 98.795 € Vastleggingsjaar 2007 Betaling in 2010 19.755 € Dit project van het Fonds voor Ontwikkelingsamenwerking (FOS VZW) heeft tot doel om enerzijds de dorpsgemeenschappen van Laribanga en Ahwia toegang te verlenen tot water en anderzijds een verbetering van sanitair en hygiëne in het Wiawso Township door een degelijk systeem van afvalinzameling en –beheer, in het noorden en westen van Ghana. De twee gebieden liggen in rurale regio’s waar gebrek is aan toegang tot water en degelijk sanitair. De activiteiten die zullen ontwikkeld om deze toestand te verbeteren zijn: het boren van waterputten, de constructie van bovengrondse reservoirs, de installatie buizen voor de distributie van water naar 10 geschikte plaatsen, organisatie van een opleiding in waterbeheer en sanitaire verbeteringen, de levering vuilnisbakken en afvalinzameling. Er wordt samengewerkt met de lokale watervoorzieningmaatschappijen, plaatselijke autoriteiten (Districtsraad Sefwi Wiawso), dorpshoofden en leden van commissies. Technische expertise wordt ingebracht door de TMVW en de evaluatie wordt getrokken door het Departement Menselijke Ecologie van de VUB. Het project zal 24 maanden duren en bereikt 3.500 mensen voor voorziening van drinkwater en 7.500 mensen voor sanitaire verbeteringen. Indirect gaat het over respectievelijk 6.500 en 15.000 mensen.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

58


Water- en sanitatieproject in 20 kleine dorpen in Warangal, Andhra Pradesh, India Begunstigde Caritas International Land India Subsidie 70.000 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 28.000 € Dit project wil de toegang tot gezond drinkbaar water en tot sanitaire voorzieningen in 20 dorpen verbeteren. De activiteiten bestaan uit voorlichtingsbijeenkomsten en capaciteitsversterkende programma’s met de doelgroep om goede praktijken (best practices) m.b.t. hygiëne en gezondheid toe te passen. De belangrijkste activiteiten van het project zijn het hervullen met regenwater van open waterputten, uitdiepen van waterreservoirs, constructie van regenwaterputten, constructie van regenwateropvangsystemen op daken, reparatie van handpompen, constructie van individuele toiletten per gezin, verbeteren van afvoersystemen met de constructie van sterfputten, gemeenschappelijke afvalputten, muggenbestrijding en het aanleggen van afvoerkanalen. Water en sanitatieproject Bonkoukou-Niger Begunstigde Ninafri Land Niger Subsidie 45.000 € Vastleggingsjaar 2008 Betaling in 2010 7.583 € Het doel van dit project is een waterboring te realiseren, een bijhorende pomp te plaatsen en de bestaande sanitaire voorzieningen te vernieuwen van het CSI (centre de santé intégré) in het dorp Boukoukou in Niger. Gezien de voorbeeldfunctie van een CSI inzake hygiëne en sanitatie, worden er geregeld sensibiliseringscursussen rond dit onderwerp gegeven. Drinkwatervoorziening in het dorp Wélia Mbounka Begunstigde Bevrijde Wereld Land Senegal Subsidie 108.092 € Vastleggingsjaar 2008 Betaling in 2010 43.000 € Dit project zal de toegang tot drinkbaar water realiseren in het dorp Wélia Mbounka. Water zal toegankelijk gemaakt worden voor de ganse gemeenschap door het realiseren van een putboring, een watertoren en een waterleidingsnetwerk met tappunten. Het project kadert in een ruimer programma rond voedselzekerheid en watervoorziening dat Bevrijde Wereld, samen met haar partnerorganisaties FODDE en GADEC in de regio uitvoert in de periode 2005-2010. Sensibilisatie rond hygiëne en sanitatie gebeurt vanuit een ander programma door FODDE. Herstel van het toevoer- en distributienetwerk van stromend water in Bwamanda Begunstigde CDI Bwamanda Land Democratische Republiek Congo Subsidie 141.150 € Vastleggingsjaar 2008 Betaling in 2010 56.000 € Het waterdistributienetwerk en de sanitaire infrastructuur van het pilootcentrum Bwamanda, die sinds 40 jaar bestaan maar ernstig werden beschadigd tijdens de oorlogsjaren, zijn tot op heden niet hersteld. Het voorgestelde project beoogt de installatie van een modern toevoer- en distributienetwerk voor drinkwater in Bwamanda. Integraal waterbeheer in de binnendelta van de Niger (fase 4) Begunstigde Protos Land Mali Subsidie 45.000 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 18.000 € De doelstelling van het project is de levensomstandigheden van de bevolking van de betrokken 18 gemeenten te verbeteren door middel van de bouw van waterpunten en sanitaire infrastructuur. Gekoppeld aan de bouw van deze voorzieningen wordt verder gewerkt op het versterken van de beheercapaciteiten van de drinkwatercomités van de al bestaande en de te bouwen infrastructuur, de 18 gemeentebesturen, de technische gedeconcentreerde staatsdiensten en een zestal lokale NGO’s. Daarnaast willen de partners van het project de concepten van Integraal Waterbeheer (IWB) verder helpen implementeren in de binnendelta.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

59


Sanitatie en beheer van drinkwater in de volkswijken van Toamasina Begunstigde Protos Land Madagascar Subsidie 50.000 € Vastleggingsjaar 2008 Betaling in 2010 20.000 € Dit pilootproject beoogt toegang tot drinkwater voor 2.000 personen en voorziet sanitaire voorzieningen, vorming en bewustmaking, van 300 families en de leerlingen van de betrokken wijken. Daarnaast worden de lokale actoren verterkt in hun betrokkenheid bij het beheer van drinkwater en sanitatie. Tenslotte wordt een actieplan uitgewerkt en aan financiers voorgelegd om de ervaringen op grotere schaal uit te breiden. Sanering van drinkwatervoorziening in Monrovia Begunstigde Ecorem Land Liberia Subsidie 69.825 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 13.965 € De basisdoelstellingen van dit project van zijn: 1/ Een aantal eenvoudige technieken te ontwikkelen om de bevolking die geen toegang heeft tot leidingwater toch te voorzien van veilig drinkwater. 2/ De bevolking te sensibiliseren omtrent het belang van sanitaire voorzieningen, afvalbeheer en afvalwaterbehandeling. Duurzame drinkwatervoorziening en integraal waterbeheer in Ecuador Begunstigde Protos Land Ecuador Subsidie 50.000 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 20.000 € Dit project streeft naar het verbeteren van de levensomstandigheden van minder begoede bevolkingsgroepen door duurzame toegang tot drinkwater en sanitatie en conservatie van de watervoorraden in 6 kantons van Ecuador. Daartoe wordt gewerkt aan (1) toegang tot drinkbaar water en basissanitair, (2) duurzame beheerstructuren voor rurale drinkwatervoorziening en (3) consolidatie en toepassing van modellen voor integraal waterbeheer en stroombekkenbeheer. “Schoon water, schone handen”: Watervoorzieningsproject voor de bevolking van Mateko Begunstigde Caritas International Land Democratische Republiek Congo Subsidie 28.800 € Vastleggingsjaar 2007 Betaling in 2010 3.698 € Het project van Caritas International is gelokaliseerd in de provincie Bandundu, Congo. De algemene doelstelling van het project is de gezondheidstoestand van de bevolking verbeteren door te zorgen voor veilig drinkwater, een sanitaire infrastructuur en vorming rond hygiëne. Dit zal concreet gebeuren door het aanleggen van 10 bronnen, de bouw van een sanitair blok en vormingen inzake hygiëne in het vormingshuis. Via de nieuw aangelegde bronnen van het project zullen 3.000 gezinnen in 10 dorpen (15.000 mensen) worden bereikt, wat 50 % van de bevolking in de beoogde regio MatekoKalo-Mangai vertegenwoordigt. Het gedeelte “vorming” richt zich op 1.000 mensen. Het gaat hier voornamelijk om vrouwen die de opgedane kennis vervolgens toepassen binnen het gezin. De impact op de gezondheidstoestand van de kinderen zal het grootst zijn. De plaatselijke bevolking wordt grondig betrokken bij de planning en inplanting van de bronnen en wordt ingeschakeld en opgeleid voor de constructie en het onderhoud van de bronnen. Het project duurt 18 maanden en bereikt 15.000 mensen voor watervoorziening en 1.500 voor sanitatie- en hygiënevorming. Drinkwater en sanitatie in de volkswijken van het District Bamako Begunstigde Protos Land Mali Subsidie 150.000 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 60.000 € De doelstelling van dit project is de levensomstandigheden te verbeteren van de bevolking in de achtergestelde wijken van 2 gemeentes in het district Bamako waarbij 12.000 personen toegang verwerven tot drinkwater en 8.000 tot basissanitatie, en waarbij de basis wordt gelegd voor uitbreiding naar ongeveer 100.000 mensen.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

60


Duurzame toegang tot drinkwater, sanitaire voorzieningen en hygiëne in Malawi Begunstigde UNICEF (Belgisch comité) Land Malawi Subsidie 134.080 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 53.500 € In lijn met de “Malawi Growth and Development Strategy”, wil dit project bijdragen om de toegang tot drinkwater duurzaam te verhogen. Daarbij wordt gewerkt op 3 vlakken: 1/ verhogen van de toegang tot drinkwater ; 2/ het bewustzijn van het belang van hygiëne stimuleren in de gemeenschappen om te komen tot duurzame gedragsverandering die watergerelateerde ziektes voorkomen; 3/ gebruiken van de projectresultaten voor het creëren van een bijkomend draagvlak in Vlaanderen Drinkwatervoorziening en verbetering van de hygiëne en afvalverwerking in Karni in het Lambussi-Karni District en Kitase in de Akuapim South Municipality Begunstigde FOS Land Ghana Subsidie 110.154 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 44.062 € Dit project heeft tot doel om de menselijke gezondheid en de levenskwaliteit van Karni en Kitase gemeenschappen te verbeteren door het leveren van een goede kwaliteit drinkwater en het creëren van verbeterde gezondheids- en sanitaire levensomstandigheden. Daartoe wordt geïnvesteerd in het boren en mechaniseren van twee waterputten in de twee gemeenschappen, constructie van twee bovengrondse waterreservoirs, aanleg van een buizenstelsel voor de waterverdeling en opleiding in beheer van drinkwaterfaciliteiten, hygiëne en afvalverwerking. Water en sanitatie gebonden dienstverlening in Toamasina, Madagascar Begunstigde Protos Land Madagascar Subsidie 50.000 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 20.000 € Dit project wil de water- en sanitatiegebonden basisdienstverlening duurzaam verbeteren voor de inwoners van de populaire wijken van Toamasina. Het project is een vervolg op het pilootproject dat werd opgestart begin 2009 en waar sterk werd samengewerkt met het lokale publieke drinkwaterbedrijf Jirama. Na een eerste beperkt engagement in stedelijk milieu wordt getracht te komen tot een directe verhoging van het aantal drinkwatergebruikers en eigenaars van basissanitair.

6.6

Wetenschappelijke instellingen

Beleidsdomein Entiteit

Onderwijs en Vorming Agentschap Hoger Onderwijs en Volwassenenonderwijs

Subsidie aan het Instituut voor Tropische Geneeskunde Antwerpen Begunstigde Instituut voor Tropische Geneeskunde Antwerpen (ITG) 10.151.000 € De jaarlijkse subsidie aan het Prins Leopold Instituut voor Tropische Geneeskunde van Antwerpen (ITG) heeft een decretale grondslag in het decreet van 18 mei 1999 betreffende sommige instellingen van postinitieel onderwijs, wetenschappelijk onderzoek en wetenschappelijke dienstverlening. Deze subsidie strekt tot dekking van de personeelskosten en werkings- en uitrustingsuitgaven. Het ITG verstrekt postinitieel onderwijs en wetenschappelijke dienstverlening en verricht wetenschappelijk onderzoek op het vlak van de tropische geneeskunde. In de beheersovereenkomst tussen het ITG en het Vlaams Ministerie van Onderwijs zijn nadere voorwaarden uitgewerkt met betrekking tot de werkzaamheden van deze instelling. In 2009 werd 10.151.000 euro geïnvesteerd in het ITG. Volgens de beheersovereenkomst dient 40% daarvan naar Hoger Technisch Onderwijs te gaan en 40% naar wetenschappelijk onderzoek. De resterende 20% gaat naar maatschappelijke dienstverlening ten voordele van arme doelgroepen in ontwikkelingslanden. Subsidie

10.151.000 €

Vastleggingsjaar

2010

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

Betaling in 2010

61


Subsidie aan het Instituut voor Ontwikkelingsbeleid en -beheer Begunstigde Instituut voor Ontwikkelingsbeleid en -Beheer (IOB) Subsidie 2.075.000 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 2.075.000 € Op basis van artikel 169quater van het decreet van 12 juni 1991 betreffende de universiteiten in de Vlaamse Gemeenschap draagt de Vlaamse Gemeenschap bij in de financiering van het Instituut voor Ontwikkelingsbeleid en -beheer (IOB), dat in de schoot van de Universiteit Antwerpen is opgericht. De opdracht van het IOB is het organiseren en verschaffen van postinitieel onderwijs, verrichten van wetenschappelijk onderzoek en verstrekken van wetenschappelijke dienstverlening op het gebied van de economische, politieke en sociale aspecten van het ontwikkelingsbeleid en -beheer. In de beheersovereenkomst die met het IOB is afgesloten zijn de decretale verplichtingen nader ingevuld en werden er concrete uitvoeringswijzen opgenomen.

Beleidsdomein Entiteit

Economie, Wetenschap en innovatie Departement Economie, Wetenschap en Innovatie

Steun aan het IPBO Begunstigde Instituut voor Plantenbiotechnologie voor Ontwikkelingslanden (IPBO/UGent) Subsidie 83.000 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 71.000 € Het Instituut voor Plantenbiotechnologie voor Ontwikkelingslanden (IPBO) werd in 2000 opgericht aan de Universiteit Gent op initiatief van Em. Prof. Marc Van Montagu. Het doel van het Instituut is om onderzoeksprojecten uit te voeren op gewassen van ontwikkelingslanden, aanbodgedreven technologietransfer te organiseren en in te gaan op de vraag van ontwikkelingslanden om in contact te komen met het bestaande aanbod aan technologische kennis in de geïndustrialiseerde wereld. De activiteiten richten zich naar plantenbiotechnologie en de toepassing hiervan in de voedselvoorziening. Voorbeelden zijn het verbouwen van traditionele lokale gewassen die beter bestand zijn tegen stress (droge en schrale gronden, tolerantie tegen hoog aluminiumgehalte, etc.) of die een hoog gehalte hebben aan bepaalde stoffen die ontbreken in de lokale voeding (vitamine A, geneeskrachtige stoffen, etc.). Het Vlaams Gewest en de Universiteit Gent ondertekenden op 10 juni 2004 een eerste overeenkomst betreffende de ondersteuning van het IPBO. Hiermee verkreeg het Instituut middelen voor het opstellen van een strategisch en financieel plan gericht op de structurele samenwerking tussen het IPBO en het International Centre for Genetic Engineering and Biotechnology (ICGEB). Het ICGEB is opgericht onder de auspiciën van de United Nations Industrial Development Organisation (UNIDO). Deze instelling is gericht op het uitvoeren en coördineren van onderzoek en training in moleculaire biologie en biotechnologie, met bijzondere aandacht voor de noden van de ontwikkelingslanden. De werkingstoelage van het IPBO in 2007 bedraagt 100.000 euro. Dit bedrag vermindert jaarlijks met 9.000 euro tot en met 2011. Steun aan ICRH Begunstigde Internationaal Centrum voor Reproductieve Gezondheid (ICRH/UGent) Subsidie 72.000 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 58.000 € Het Internationaal Centrum voor Reproductieve Gezondheid (ICRH) is een multidisciplinair centrum dat werkt vanuit de faculteit geneeskunde en gezondheidswetenschappen aan de Universiteit Gent. Het werd opgericht in 1994 als resultaat van de International Conference on Population and Development (ICPD, Cairo 1994). Sedert 2004 wordt het ICRH erkend door de Wereldgezondheidsorganisatie als WHO Collaborating Centre for Research on Sexual and Reproductive Health. Naast onderzoek en training is ICRH ook actief in ontwikkelingsprojecten in Afrika, Azië en Latijns-Amerika en dit in samenwerking met verschillende andere universiteiten en internationale organisaties, zoals onder meer de Universiteit Antwerpen, het Instituut voor Tropische Geneeskunde (ITG), Artsen Zonder Grenzen en Sensoa. ICRH wil de erkenning van reproductieve gezondheid voor mannen en vrouwen als een fundamenteel mensenrecht. Het Centrum geeft technische bijstand geeft aan nationale en internationale administraties voor gezondheid en ontwikkeling op het vlak van HIV, seksueel overdraagbare aandoeningen, gezinsplanning en seksueel en geslachtsgebonden geweld.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

62


Steun aan CTU (ITG) Begunstigde Instituut voor Tropische Geneeskunde Antwerpen (ITG) Subsidie 1.750.000 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 1.600.000 € The Clinical Trial Unit (CTU) is een interdepartementale cel met als doel de voorziening van technische steun aan de departementen van het Instituut voor Tropische Geneeskunde bij het ontwerp, implementatie, coördinatie, monitoring, databeheer, statistische analyses van technische proeven en interventieonderzoek, om gezondheidsproblemen in ontwikkelingslanden aan te pakken.

Beleidsdomein Entiteit

Internationaal Vlaanderen Departement internationaal Vlaanderen

Personeelskosten voor het uitvoeren van wetenschappelijk onderzoek Begunstigde Het Vlaams Steunpunt Buitenlands Beleid, Toerisme en Recreatie Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 71.892 € Enkel de kosten voor het onderzoek in het kader van ontwikkelingssamenwerking werden hierbij verrekend. UNESCO-UNU Leerstoel over Regionale Integratie, Migratie en Vrij Verkeer van Personen Begunstigde UNU-CRIS Land Zuidelijk Afrika Subsidie 25.000 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 20.000 € De Leerstoel zal zich voornamelijk richten op de mogelijkheden en uitdagingen van regionale integratie, de sociale dimensie van regionale integratie, migratie en in het bijzonder vrij verkeer van personen binnen Zuid-Afrika en de Zuid-Afrikaanse regio. Het samenwerkingverband tussen verschillende partners en netwerken zal een reeks kaderrichtlijnen voor lokale vertegenwoordigers voortbrengen. Deze richtlijnen gaan de belangrijkste uitdagingen benadrukken die moeten worden aangekaart met betrekking tot vrij verkeer van personen. Ook zullen zij een efficiënte respons, die in verschillende contexten geïmplementeerd kan worden, onderlijnen. Dankzij het samenbrengen van academici, overheden, regionale organisaties, ngo's en privé organisaties, zal de UNESCO-UNU Leerstoel als denktank en bruggenbouwer functioneren. Via ondermeer onderzoek, opleiding en capacity building zal hij zijn knowhow delen met als doel vrij verkeer van personen in het Zuid-Afrikaanse regio tastbaar te maken, de controversiële debatten te doen afnemen, en een open en probleemoplossende communicatie te bekomen.

6.7

Studiebeurzen

Beleidsdomein Entiteit

Internationaal Vlaanderen Departement internationaal Vlaanderen

Institute of Transport and Maritime Management (ITMMA) Subsidie 137.600 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 91.400 € Toekenning van beurzen aan buitenlandse studenten voor hun deelname aan het master na master “Programme in Transport and Maritime Management” van het Antwerpse Institute of Transport and Maritime Management (ITMMA). (9.140 euro voor Indonesië, 9.140 voor Panama, 18.280 euro voor Cambodja, 18.280 euro voor Vietnam, 9.140 euro voor China en 9.140 euro voor Brazilië) Subsidie 50.000 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 40.000 € Toekenning van beurzen aan Zuid-Afrikaanse studenten in het kader van het behalen van een Postgraduate Diploma in Transport and Logistics Management.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

63


Scholarships for APEC port related short course Betaling in 2010 126.000 € Het standaardprogramma bestaat uit vijftien cursussen. De beurs bestaat uit twee grote luiken: het inschrijvingsgeld enerzijds en de verblijfkosten anderzijds. Per beurs wordt een bedrag van 3.000 euro toegekend. Beurzen werden toegekend aan studenten uit Brazilië (21), Chili (3), Indonesië (10), Jordanië (4), China (3), Burundië (1) Sustainable Tourist Destination Management 2007 en 2009 Begunstigde WES vzw Land Zuidelijk Afrika 124.614 € 2009 19.873 € Subsidie Vastleggingsjaar Betaling in 2010 110.000 € 2010 90.000 € WES vzw is werkzaam op het terrein van de regionale en lokale economische ontwikkeling. WES treedt op als een gespecialiseerde kennispartner en voert onderzoeks- en adviesopdrachten uit voor openbare besturen en private organisaties in binnen- en buitenland. WES richt zich daarbij op een aantal geselecteerde marktniches zoals toerisme, milieuonderzoek, ruimtelijke ordening en training. Het Departement internationaal Vlaanderen subsidieert WES voor de organisatie van de opleiding “Sustainable Tourism Destination Management”. Het gaat over een cursus van zes weken te Brugge die zich richt op professionelen van nationale toeristische organisaties en van lokale incoming tour operators uit ontwikkelingslanden. De cursus staat met name open voor deelnemers uit zes landen in Zuidelijk Afrika: Zuid-Afrika, Mozambique, Namibië, Lesotho, Botswana en Swaziland. De doelstelling is kennis opbouwen inzake de huidige aanpak op het vlak van beheer van toeristische bestemmingen en duurzame projectontwikkeling enerzijds, en het uitwisselen van ervaring, nieuwe ideeën en strategieën met collega’s uit diverse landen anderzijds. De cursus maakt deel uit van het werkprogramma dat Zuid-Afrika en Vlaanderen onderling zijn overeengekomen.

Beleidsdomein Entiteit

Mobiliteit en Openbare werken Departement Mobiliteit en Openbare werken

Scholarships for APEC port related short course Betaling in 2010 253.200 € In 2010 werden 80 beurzen toegekend voor APEC port related short courses (36 voor China, 13 voor India, 10 voor Vietnam, 4 voor Ivoorkust, telkens 3 voor Thailand, Cambodja en Laos, 2 voor Jordanië en telkens één voor Ghana, Kenia, Indonesië, Mexico, Marokko en Cuba) Fellowships for International PIANC – COPEDEC VIII Conference, Chennai India, February 2012 Subsidie 40.000 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 40.000 € PIANC - COPEDEC heeft als doel een forum te vormen waar technologie en kennis inzake kust- en havenbouw in landen in ontwikkeling kunnen uitgewisseld worden met geïndustrialiseerde landen en tussen landen in ontwikkeling onderling. De voornaamste activiteit van het IOC en het LOC bestaat in het inrichten van een vierjaarlijkse conferentie, die plaats moet vinden in een ontwikkelingsland, en waarvoor fellowships worden uitgereikt voor deelnemers uit landen in ontwikkeling. Op die wijze waren tijdens de voorbije zeven congressen (Colombo, Beijing, Mombassa, Rio de Janeiro, Kaapstad, Colombo en Dubai) telkens meer dan de helft van de 400 tot 500 deelnemers experten uit landen in ontwikkeling. De World Association for Waterborne Transport Infrastructure (PIANC), met zetel te Brussel, organiseert in februari 2012 de achtste PIANC – COPEDEC (Coastal and Port Engineering in Developing Countries) conferentie in Chennai, India. Vlaanderen wenst voor dit congres 50 fellowships toe te kennen voor deelnemers uit ontwikkelingslanden aan 2.500 US$ / fellow, zijnde 125.000 US$ of 90.000 Euro (1 US$ = 0,72 Euro). Hiervan werd in 2009 een eerste schijf van 10.000 Euro uitbetaald en wordt thans een tweede schijf ten bedrage van 40.000 Euro uitbetaald.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

64


Beleidsdomein Entiteit

Onderwijs en Vorming Agentschap Hoger Onderwijs en Volwassenenonderwijs

Studiebeurzen en uitwisseling van lectoren Betalingen in 2010 Uitwisseling lectoren: 33.200 € Studiebeurzen: 167.953 € De toekenning van beurzen in het kader van bilaterale akkoorden gebeurt op basis van de werkprogramma's die uitvoering geven aan deze akkoorden. Zij bepalen het aantal toe te kennen beurzen en de algemene en financiële voorwaarden. De algemene en financiële voorwaarden zijn voor alle landen gelijk en werden vastgelegd in een besluit van de Vlaamse Regering van 27 maart 1991. Het aantal toe te kennen beurzen varieert van land tot land. De beurzen aan de studenten uit de volgende landen zijn ODA-aanrekenbaar: China (9), Egypte (3), India (3), Marokko (3), Mexico (10). In 2009 waren er uitbetalingen voor de uitwisseling van lectoren naar: China (2), India (1).

6.8

Steun aan NGO’s en andere indirecte samenwerking

Beleidsdomein Entiteit

Internationaal Vlaanderen Vlaams Agentschap voor Internationale Samenwerking

Subsidies in het kader van het Vlaams Intersectoraal Akkoord Social Profit Subsidie 814.873 € Vastleggingsjaar 2008-2009 Betaling in 2010 727.388 € Tegemoetkoming in de loonkosten van de personeelsleden in gewezen DAC-statuut: OxfamWereldwinkel Antwerpen, Atol Vzw, Vredeseilanden, Solidariteitsfonds Vzw, Trias Vzw, OxfamWereldwinkel Kortrijk, Oxfam-Wereldwinkel Hasselt Vzw, Broederlijk Delen, Oxfam-Wereldwinkel SintTruiden, Wereldsolidariteit Limburg, Oxfam-Wereldwinkel Tielt, Geneeskunde Voor De Derde Wereld Vzw, IPIS Vzw, Ucos Vzw Vlaamse Vereniging voor Ontwikkelingssamenwerking en Technische Bijstand (VVOB) 250.000 € 2010 200.000 € Subsidie Vastleggingsjaar Betaling in 2010 250.000 € 2009 250.000 € Tegemoetkoming in de werkingskosten van de maatschappelijke zetel. Algemene werkingssubsidie Music Fund Begunstigde Music Fund Subsidie 15.000 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 12.000 € In het algemeen werkt de organisatie op de integratie van cultuur en ontwikkelingssamenwerking vanuit 3 sporen : 1- het inzamelen van muziekinstrumenten over heel Europa en deze transporteren naar ontwikkelingslanden en conflictgebieden; 2- de oprichting van muziekscholen waarvan er een aantal ook beschikken over herstelateliers. In dit kader leiden experten uit Europa lokale mensen op om instrumenten te onderhouden en herstellen; 3- via stages (voltijdse opleidingen van 1 jaar) worden opleidingsmogelijkheden geboden bij Europese instrumentenbouwers. Er werden reeds projecten gerealiseerd in het Midden Oosten, Mozambique (Maputo) en de DR Congo. In 2010 worden drie muziekscholen partner van de organisatie : Melodi Music Trust in Soweto, de Universidade Eduardo Mondlane in Maputo en Muziekschool le Grillon (Congo).

Beleidsdomein Entiteit

Cultuur, Jeugd, Sport, Media Agentschap Kunsten en Erfgoed

Algemene werkingssubsidie Music Fund Begunstigde Music Fund 25.000 € Subsidie Vastleggingsjaar 15.000 € (zie supra)

2009 2010

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

Betaling in 2010

5.000 € 12.000 €

65


Beleidsdomein Entiteit

Werk en Sociale Economie Vlaams Subsidieagentschap voor Werk en Sociale Economie

Tewerkstellingsprogramma's (DAC & Gesco) bij NGO's Betaling in 2010 788.168 € Loonsubsidies aan NGO's in het kader van het Derde Arbeidscircuit (DAC) en Gesubsidieerde Contractuelen binnen het veralgemeend stelsel (Gesco's). NGO's: Fonds voor Ontwikkelingssamenwerking Brussel, ATOS Hasselt, Conseil de la Jeunesse Catholique Brussel, Oxfam Belgique Brussel, Les Magasins du Monde Oxfam Brussel, GRESEA, Koepel van de NoordZuidbeweging-11.11.11 Brussel, Latijns-Amerikaanse Federatie Antwerpen, Oxfam Wereldwinkel (Antwerpen, Gent, Brugge en Roesalare), Centrum Mundiale Vorming-De Zevende Wereld Alken, DJAPO Leuven, Vredeseilanden Coopibo Leuven

6.9

Varia

Beleidsdomein Entiteit

Cultuur, Jeugd, Sport, Media Agentschap Kunsten en Erfgoed

TIPA Begunstigde Vrienden van Tibet Land Tibet Subsidie 10.000 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 restauratie en aankleding van het TIPA museum in Dharamsala - India

2.000 €

Samenwerking KVS - Congo Begunstigde Koninklijke Vlaamse Schouwburg Land Democratische Republiek Congo 62.500 € 2009 62.500 € Subsidie Vastleggingsjaar Betaling in 2010 60.000 € 2010 48.000 € Een samenwerkingsproject opgezet en gecoördineerd door de Koninklijke Vlaamse Schouwburg brengt verschillende Vlaamse en Congolese artiesten uit diverse disciplines bij elkaar voor ervaringsuitwisseling en capaciteitsopbouw. Er worden vormingen, workshops, en gezamenlijke producties voorzien. Er wordt ook geïnvesteerd in materiële uitrusting.

Beleidsdomein Entiteit

Mobiliteit en Openbare werken Departement Mobiliteit en Openbare werken

Capacity building Vietnam Inland Waterway Administration to protect the Environment Begunstigde VUB - Human Ecology Department Land Vietnam Subsidie 40.130 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 40.130 € De economische ontwikkeling en dus ook de haven- en binnenvaartontwikkeling van Vietnam kent een ongekende groei. De gevolgen voor het milieu zouden dan ook rampzalig kunnen zijn, indien niet tegelijkertijd aan "environmental capacity building" wordt gedaan. Dit wordt door de internationale gemeenschap dan ook als een hoge prioriteit beschouwd inzake internationale samenwerking. Het specifieke objectief van dit project is dan ook, in het kader van de geplande oprichting van een “Environmental Management and Inspection Service within VIWA” specifieke aandacht te besteden aan capaciteitsversterking van de lokale experten inzake de milieuaspecten van binnenvaartprojecten wat aldus moet leiden tot een duurzame ontwikkeling. Tijdens de besprekingen van het nieuwe samenwerkingsprogramma 2008 – 2010 tussen MoT Vietnam en MOW Vlaanderen in het kader van het afgesloten vriendschapsakkoord werd door het Ministry of Transport van Vietnam uitdrukkelijk gevraagd om deze bijstand te verlenen.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

66


Navigation Training and Research Centre, Vientiane, Lao PDR Begunstigde Ministry of Public works and Transport, Lao PDR Land Laos Subsidie 25.000 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 25.000 € Op uitdrukkelijk verzoek van het Ministry of Public Works and Transport – Waterway Department (MPWT - WAD) van de People’s Democratic Republic of Laos verleent Vlaanderen bijstand bij het opstarten van een “Navigation Training Center” in Vientiane. In 2006 werd hiervoor met betoelaging van Vlaanderen een formuleringsstudie (met opmaak referentietermen) uitgevoerd. Upgrade of the training facilities of VINAMARINE’s Maritime Colleges Begunstigde Vietnam Maritime Administration (VINAMARINE), Ministry of Transport, Vietnam Land Vietnam Subsidie 40.000 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 40.000 € Deze bijdrage wordt voorzien voor de uitrusting van Maritime College no. 1, Hai Phong met een Elibrary en een practical workshop en het voorzien van fire fighting and live saving equipment voor Maritime College no. 2, Ho Chi Minh City. Door een gebrek aan kredieten zijn de faciliteiten en de infrastructuur van deze scholen armzalig en verouderd. Tijdens de besprekingen van het nieuwe samenwerkingsprogramma 2008 – 2010 tussen MoT Vietnam en MOW Vlaanderen in het kader van het afgesloten vriendschapsakkoord (1996) werd door het Ministry of Transport van Vietnam uitdrukkelijk gevraagd om deze bijstand te verlenen. Improving and updating syllabus and curriculum for captains and boat engineers for inland waterway vessels Begunstigde Vietnam Inland Waterway Administration (VIWA), Ministry of Transport, Vietnam Land Vietnam Subsidie 35.000 Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 35.000 € Bijstand wordt verleend bij het upgraden van de curricula en syllabussen voor de opleiding van kapiteins en motoristen in de binnenvaart door de beroepsscholen van VIWA. De economische ontwikkeling en dus ook de haven- en binnenvaartontwikkeling van Vietnam kent een ongekende groei. De opleiding van kapiteins en motoristen in de binnenvaart is dan ook van essentieel belang voor de veiligheid van de scheepvaart. VIWA heeft dan ook de bedoeling moderne curricula en syllabussen op te maken voor haar binnenvaart – beroepsscholen, waarbij Vlaanderen ook haar inbreng zal leveren onder vorm van capacity building van de lokale experten inzake binnenvaart wat aldus moet leiden tot een duurzame ontwikkeling Monitoring and Evaluation of the installed Wind Turbine in the Port of Sihanoukville Begunstigde Port Authority of Sihanoukville (PAS) Land Cambodja Subsidie 10.000 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 10.000 € In 2002 werd een haalbaarheidsstudie uitgevoerd naar de aanwezige windenergie en de kosten-baten van de installatie van een windturbine in de haven van Sihanoukville. In september 2009 werd de windturbine geïnstalleerd voor een totale studie- en investeringskost van 837.000 Euro, waaraan voor circa 40% werd bijgedragen door departement MOW, 25% werd bijgedragen door het EU Asia pro Eco programma en 35% werd bijgedragen door de Port Authority of Sihanoukville. Het Havenbedrijf heeft thans gevraagd om een bijkomende bijdrage voor het monitoren en evalueren van de werking van de windturbine gedurende één jaar in samenwerking met een Vlaams consulentenbureau. Door een daadwerkelijke promotie van milieuvriendelijke energie in dit ontwikkelingsland, welke volledig in lijn ligt met de prioriteitspolitiek van de Cambodjaanse regering, werden mogelijkheden gecreëerd om sneller naar alternatieve energievormen te grijpen dan de traditionele thermische centrales. Door het accent te leggen op de milieuvriendelijkheid van het project wordt aandacht besteed aan een duurzame ontwikkeling van dit land.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

67


Capacity building for designing and constructing bank protections along the Mekong River in the Lao PDR Begunstigde Waterway Department, Ministry of Public Works and Transport, Lao PDR Land Laos Subsidie 10.000 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 10.000 € Oeverbescherming teneinde voortschrijdende oevererosie tegen te gaan zijn voor de Laotiaanse bevolking van uitzonderlijk belang. Ten behoeve van ontwerponderzoek dient Laos nog steeds beroep te doen op het buitenland. Nieuwe basis-uitrusting en capacity building van de divisie "oeververdedigingen" in het ministerie lijken dan ook primordiaal in dit project. In een eerste fase van dit project (2002-2003) werd op uitdrukkelijk Laotiaans verzoek voorzien dat Vlaanderen zou nagaan hoe het Laos zou kunnen bijstaan in het ontwerpen en berekenen van oeverbeschermingen en kleine rivier-havens / landingsplaatsen van overzetboten langs de Mekong rivier. In een tweede fase, opgestart in 2006 werd de eigenlijke training en opleiding opgezet. Capacity building Cambodian Maritime, Port and Inland Waterway Transport Legislation Begunstigde Ministry of Public Works and Transport (MPWT), Royal government of Cambodia Land Cambodja Subsidie 22.600 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 22.600 € Cambodja wenst in het kader van de economische heropbouw zijn scheepvaartsector te reactiveren, maar beschikt niet over de vereiste wetgeving en opleidingsmogelijkheden. Met dit project wordt aan capaciteitsopbouw door bijstand te bieden bij de opmaak van maritieme en havenwetgeving, alsook bij de opmaak van een “Waste management plan fors ships” en de opmaak van “Safety regulations for ferries”

Beleidsdomein Entiteit

Onderwijs en Vorming Departement Onderwijs en Vorming

Quality Improvement in Medicine Studies at Eduardo Mondlane University (UEM), Maputo Begunstigde Universiteit Gent vakgroep huisartsengeneeskunde Land Mozambique Subsidie 400.143 € Vastleggingsjaar 2008 Betaling in 2010 160.055 € Dit project wil de artsenopleiding aan de UEM verbeteren door een aantal belangrijke principes zoals studentgericht en probleemoplossend leren ingang te laten vinden. In augustus 2008 werd het algemeen kader goedgekeurd voor een nieuw curriculum voor de artsenopleiding. Dit project wil het proces van verdere curriculumontwikkeling versterken en verduurzamen. Support for Basic Education in Lambussie in the Upper West Region of Ghana. Begunstigde FOS – Socialistische solidariteit Land Ghana Subsidie 60.000 € Vastleggingsjaar 2007 Betaling in 2010 20.000 € Het project wil bijstand geven aan de gemeenschappen uit Lambussie bij het verschaffen van kwaliteitsvol onderwijs zonder belemmeringen.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

68


Het Vlaamse ODA Rapport 2010

69


7. Noodhulp & humanitaire bijstand Vlaanderen verleent in het kader van de internationale samenwerking bijstand aan gebieden die getroffen worden door rampspoed van natuurlijke of menselijke oorsprong. Het kan ook gaan over een cumulatie van structurele problemen verbonden aan oorlogen, hongersnood, bevolkings-verplaatsingen, vluchtelingenstromen of epidemieën. De situatie moet van dien aard zijn dat de lokale overheid of een internationale organisatie hulp vraagt aan de internationale gemeenschap. De humanitaire acties worden bij voorkeur uitgevoerd door NGO’s of internationale organisaties die ervaring hebben op het domein van noodhulpverlening.

Beleidsdomein Entiteit

Internationaal Vlaanderen Vlaams Agentschap voor Internationale Samenwerking

Noodhulp voor slachtoffers overstromingen in Mongolie Begunstigde Caritas International Land Mongolië Subsidie 50.000 € Vastleggingsjaar 2009

Betaling in 2010

4.951 €

Hulp aan de slachtoffers van de overstroming in Namibië Begunstigde Rode Kruis - Vlaanderen Internationaal Vzw Land Namibië Subsidie 99.999 € Vastleggingsjaar 2009

Betaling in 2010

9.999 €

Music for Life: gezinnen en moeders op de vlucht weer samen brengen Begunstigde Rode Kruis - Vlaanderen Internationaal Vzw Land onbepaald Subsidie 257.500 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010

51.500 €

Music for Life: Stop malaria. Laat de wereld niet in de steek Begunstigde Rode Kruis - Vlaanderen Internationaal Vzw Land Burundi Subsidie 300.000 € Vastleggingsjaar 2009

Betaling in 2010

300.000 €

Coordineren en logistiek ondersteunen van de Vlaamse deskundigheid voor het verlenen van medische humanitaire hulp in het Zuiden Begunstigde Vlaamse Medische Interventie (V-Med) Subsidie 80.000 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 80.000 € Noodhulp n.a.v. overstromingen en aardverschuivingen Begunstigde Rode Kruis - Vlaanderen Internationaal Vzw Land Filipijnen Subsidie 120.000 € Vastleggingsjaar 2009

Betaling in 2010

120.000 €

Humanitaire hulp aan de slachtoffers van de overstromingen als gevolg van hevige regen in Ouagadougou Begunstigde UNICEF (Belgisch Comité) Land Burkina Faso Subsidie 260.000 € Vastleggingsjaar 2009 Betaling in 2010 260.000 € Steun aan de noodhulpinterventies voor de slachtoffers van de aardbeving in Haïti Begunstigde Belgisch Consortium voor Noodhulpsituaties vzw Land Haïti Subsidie 300.000 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

270.000 €

70


Noodhulpprogramma overstromingen Pakistan Begunstigde Rode Kruis - Vlaanderen Internationaal Vzw Land Pakistan Subsidie 149.990 € Vastleggingsjaar 2010

Betaling in 2010

135.000 €

Steun aan Angolese vluchtelingen Begunstigde UNHCR (United Nations High Commissioner For Refugees) Land Angola Subsidie 121.500 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010

121.500 €

Precaire voedselsituatie in Tsjaad Begunstigde UNICEF (Belgisch Comité) Land Tjaad Subsidie 100.000 € Vastleggingsjaar

2010

Betaling in 2010

90.000 €

Noodhulpprogramma ten voordele van de slachtoffers van de voedselcrisis in Niger Begunstigde Caritas International Land Niger Subsidie 100.000 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010

90.000 €

Hulp aan de slachtoffers van de aardbevingen in Malawi Begunstigde Rode Kruis - Vlaanderen Internationaal Vzw Land Malawi Subsidie 100.000 € Vastleggingsjaar 2010

90.000 €

Betaling in 2010

Structurele heropbouw van de microfinancieringsinstelling ACME, na de aardbeving 12/01/2010 Begunstigde ACME Land Haïti Subsidie 50.000 € Vastleggingsjaar 2010 Betaling in 2010 50.000 €

Beleidsdomein Entiteit

Leefmilieu, Natuur en Energie Departement Leefmilieu, Natuur en Energie

Music for life – de wereld schreeuwt om drinkwater Begunstigde Rode Kruis - Vlaanderen Internationaal Vzw Land Ivoorkust Subsidie 150.000 € Vastleggingsjaar 2007

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

Betaling in 2010

20.931 €

71


Het Vlaamse ODA Rapport 2010

72


Het Vlaamse ODA Rapport 2010

73


Aanvraag gedrukte exemplaren Gedrukte exemplaren van het Vlaamse ODA-rapport kunnen bij het Departement internationaal Vlaanderen aangevraagd worden. De contactpersoon binnen de afdeling beleid kan op volgende manier bereikt worden: • • • •

e-mail : telefoon : fax : post :

simon.calcoen@iv.vlaanderen.be 02-553 60 45 02-553 51 01 Boudewijnlaan 30, B-1000 Brussel

Eindnoten 1

De richtlijnen voor de ODA-rapportering zijn terug te vinden op

http://www.oecd.org/document/4/0,3343,en_2649_34447_1918532_1_1_1_1,00.html 2

Walraet, A, Internationale ontwikkelingssamenwerking 2005-2006, Vakgroep Studie van de Derde Wereld (hoorcollege van 12 oktober 2005) 3 VRIND publicaties zijn online beschikbaar op http://www4.vlaanderen.be/dar/svr/Publicaties/Pages/Publicaties.aspx 4

OECD-DAC, DAC Members’ Commitments and Performance: Summary Table of OECD Secretariat Projections, april 2010. 5 MDG Gap Task Force Report 2010: Development at a Critical Juncture, New York, 2010 6 SEC(2010) 420: Financing for Development - Annual progress report 2010 7 United Nations Department of Economic and Social Affairs, Development cooperation for the MDG’s: maximizing results, New York, 2010, blz.19 8 De Europese Commissie wordt niet als een bilaterale donor beschouwd. Bij de samenstelling van de ranking werd deze dan ook niet opgenomen.

Het Vlaamse ODA Rapport 2010

74


iv.vlaanderen.be


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
ODA-rapport_2010_NL.pdf by Vlaanderen-be - Issuu