Uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/148
Vlaamse overheid Beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie Afdeling openbaarheid van bestuur Havenlaan 88, bus 20 1000 BRUSSEL T : 02 553 57 25 Mail: openbaarheid@vlaanderen.be Dossiernummer: OVB/2022/148
DE BEROEPSINSTANTIE - Afdeling openbaarheid van bestuur Bevoegdheid beroepsinstantie Bestuursdecreet van 7 december 2018, titel II, hoofdstuk 3, afdeling 6. Besluit van de Vlaamse Regering van 19 juli 2007 tot oprichting van de beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie. Voorafgaande procedure Op 5 april 2022 diende xxx (verder: verzoeker) een verzoek in bij het centraal kerkbestuur Evergem (verder: CKB Evergem) om inzage in en afschrift van de beslissing van de Centrale kerkraad van 6 november 2014 met betrekking tot xxx. Op 29 april 2022 heeft het CKB Evergem het openbaarheidsverzoek afgewezen. Verzoeker diende op 2 mei 2022 beroep in bij de beroepsinstantie tegen de weigeringsbeslissing van het CKB Evergem. Het beroepschrift werd geregistreerd op 3 mei 2022. Ontvankelijkheid van het beroep Het oorspronkelijke verzoek dateert van 5 april 2022. De in beroep aangevochten beslissing van het CKB Evergem van 29 april 2022 maakt geen melding van de beroepstermijn, zoals voorgeschreven in artikel II.43, §1, derde lid van het Bestuursdecreet, zodat de beroepstermijn pas aanvangt vier maanden na kennisgeving van de beslissing. Het ingediende beroep van 2 mei 2022 is ingesteld binnen de decretaal voorgeschreven termijn, conform artikel II.48, §1, derde lid van het Bestuursdecreet en is bijgevolg ontvankelijk.
www.vlaanderen.be
Gegrondheid van het beroep Overeenkomstig artikel II.31, eerste lid Bestuursdecreet heeft het recht op passieve openbaarheid betrekking op bestuursdocumenten. Op grond van deze bepaling is elke instantie in principe verplicht aan eenieder die erom verzoekt inzage te geven in, uitleg te verschaffen over of een afschrift te bezorgen van de gewenste bestuursdocumenten. De openbaarmaking kan slechts geweigerd worden mits toepassing wordt gemaakt van één of meerdere uitzonderingen, zoals gestipuleerd in de artikelen II.33 tot en met II.39 van voormeld decreet.
1.
Bestreden beslissing
Het CKB Evergem wees het openbaarheidsverzoek van verzoeker af aangezien in het opgevraagde besluit de uurregelingen en wedden van alle xxx vermeld staan. Dergelijke gegevens zijn volgens de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) persoonsgegevens en vallen dus onder de uitzonderingen van artikel II. 34 2° Bestuursdecreet.
2. Inhoud van het beroepschrift Verzoeker dient beroep in tegen deze weigeringsbeslissing en verklaart dat xxx. Het betreft een beslissing van de Centrale Kerkraad over een bediende van deze kerkfabriek, xxx die reeds meerdere jaren door de kerkfabriek van Ertvelde werd aangesteld als xxx daar xxx De overdracht van het personeel namelijk xxx werd besproken in de zitting van de kerkraad van 2 december 2014 maar er werd door de Centrale Kerkraad toen niets vermeld over het loon van die over te dragen personeelsleden en xxx werd niet meer betaald voor zijn werkuren in de kerk van Ertvelde sedert 00/01/2015 (sic), met als gevolg dat xxx, aldus verzoeker.
3. Toelichting door het CKB Evergem Om voldoende geïnformeerd te kunnen oordelen heeft de beroepsinstantie het CKB Evergem om een reactie gevraagd. Op 4 mei 2022 bezorgde het CKB Evergem de beroepsinstantie het gevraagde document en stelde dat zij alle gegevens doorgespeeld hebben die ze konden doorspelen en voldoende bewijs gegeven hebben dat xxx wel degelijk betaald werd door het CKB in 2015. Het doorgeven van de concrete weddegegevens is nooit ter sprake gekomen in de aanvraag van xxx, aldus het CKB Evergem. Het is voor CKB niet duidelijk of zij hem deze zomaar mogen doorspelen.
4. Beoordeling door de beroepsinstantie De beroepsinstantie wijst er vooreerst op dat het document waarin verzoeker inzage wenst te verkrijgen, een beslissing van het CKB Evergem, een bestuursdocument is in de zin van artikel I.4, 3° van het Bestuursdecreet, dit wil zeggen: alle informatie, ongeacht de drager ervan, die in het bezit is van een overheidsinstantie. Aangezien het CKB Evergem het betreffende stuk bezit, komt dit bijgevolg principieel voor openbaarmaking in aanmerking. Waar het CKB Evergem zich verder beroept op de AVG om de openbaarheidsaanvraag af te wijzen, moet worden opgemerkt dat een vraag om toegang tot bestuursdocumenten dient te worden beoordeeld in het licht van de toepasselijke openbaarheidsregels en niet in het licht van de AVG. Beide reguleringskaders zijn algemeen van aard en beogen andere doelstellingen. Ze hebben hun eigen organen die bevoegd zijn binnen
https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur
uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/148
pagina 2 van 4
een eigen regelgevend kader. Wanneer de beroepsinstantie zich dient uit te spreken over een vraag om de toegang tot een bestuursdocument dient zij die aanvraag te beoordelen in het licht van de uitzonderingsgronden die opgenomen zijn in de toepasselijke openbaarheidswetgeving en niet op grond van een wetgeving die hieraan vreemd is. De AVG heeft dus geen impact op de voorliggende zaak die een vraag naar openbaarheid betreft. Verzoeker wenst inzage in en afschrift van een beslissing van 6 november 2014 met betrekking tot de aanstelling van xxx in 2015, het totaalbudget dat hiervoor uitgetrokken wordt, en de verdeling ervan over de verschillende kerkfabrieken van de gemeente. De beroepsinstantie heeft vastgesteld dat dit document de loonlast/onkostenvergoeding per jaar voor de verschillende xxx bevat.
namen
van
en
de
totale
Artikel II.34 2° van het Bestuursdecreet bepaalt dat een verzoek tot openbaarmaking moet worden afgewezen indien de openbaarmaking afbreuk zou doen aan de bescherming van de persoonlijke levenssfeer. Hoewel het hier om een absolute uitzonderingsgrond gaat, waardoor er geen belangenafweging moet plaatsvinden tussen het door de uitzonderingsgrond beschermde belang met het belang van de openbaarheid, vertoont de in artikel II.34, 2° van het Bestuursdecreet bedoelde uitzonderingsgrond niettemin een relatief aspect. De decreetgever is weliswaar van oordeel dat er geen afweging vereist is met het openbaar belang dat met de openbaarheid is gediend (wat nogmaals uitdrukkelijk werd bevestigd in een recent arrest van de Raad van State, RvS, arrest nr. 243.607 van 7 februari 2019, TBP 2019/6, 339: “Zoals reeds overwogen, moet er geen belangenafweging plaatsvinden tussen het door de uitzonderingsgrond beschermde belang met het belang van de openbaarheid, en de weigering tot openbaarmaking moet niet door deze belangenafweging worden gemotiveerd.”), maar wijst er desondanks op dat telkens en in concreto geoordeeld moet worden of er al dan niet een inbreuk is gepleegd op de bescherming van de persoonlijke levenssfeer (Vlaams Parlement, Parl. St. 2017-2018, nr. 1656/1, blz.58). Artikel 22 van de Grondwet waarborgt uitdrukkelijk het recht op eerbiediging van het privéleven, net zoals artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens dit doet. De bedoeling en het fundamentele uitgangspunt van de in artikel II.34, 2° van het Bestuursdecreet bedoelde uitzonderingsgrond bestaat er precies in om het aan iedereen toegekende grondwettelijke recht op de eerbiediging van zijn privéleven te beschermen. De beroepsinstantie merkt op dat bij het onderzoek naar de uitzonderingsgrond met betrekking tot de persoonlijke levenssfeer moet worden nagegaan of er al dan niet sprake is van informatie in een bestuursdocument die op de persoonlijke levenssfeer betrekking heeft. Een loonbrief behoort ontegensprekelijk tot het privéleven van de betrokkene en het privéleven vormt de kern van de persoonlijke levenssfeer (F. SCHRAM, Het decreet openbaarheid van bestuur. Een juridische analyse in historisch perspectief, Brugge, Vanden Broele, 247; Concl. Adv.Gen. bij HvJ 8 april 2014, nr. C-293/12, Digital Rights Ireland Ltd, nr. 61). Het openbaar maken van dit gegeven heeft aldus betrekking op de kern van een belang – het door artikel 22 van de Grondwet en het door artikel 8 EVRM aan eenieder toegekende recht op eerbiediging van zijn privéleven – dat de uitzonderingsgrond uit artikel II.34, 2°, van het Bestuursdecreet wenst te beschermen tegen de openbaarheid van bestuur (RvS, nr. 234.609 dd. 2 mei 2016). De beroepsinstantie is dan ook van oordeel dat de openbaarmaking van de individuele gegevens van xxx (namen en loon/vergoeding) afbreuk doet aan het recht op eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer van die natuurlijke personen en dat deze gegevens, behoudens toestemming van de betrokkenen, dan ook moet worden afgeschermd in toepassing van artikel II.34, 2° van het Bestuursdecreet. Artikel II.50 §1, 3° Bestuursdecreet voorziet weliswaar dat, wanneer de bestuursinstantie dit heeft nagelaten, de
https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur
uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/148
pagina 3 van 4
beroepsinstantie zelf de betrokkenen om toestemming vraagt, maar gelet op het ontbreken van contactgegevens heeft de beroepsinstantie daarvan afgezien. De beroepsinstantie is van oordeel dat de overige informatie in de betrokken beslissing wel openbaar mag gemaakt worden, aangezien deze enkel algemene informatie bevat met betrekking tot de regeling van xxx in de verschillende kerken van de gemeente. Hier zijn geen uitzonderingsgronden van het Bestuursdecreet op van toepassing. Het beroepschrift dient bijgevolg als gedeeltelijk gegrond, gedeeltelijk ongegrond te worden beschouwd. Na beraadslaging,
BESLUIT: Het beroepschrift van xxx d.d. 2 mei 2022 tegen de weigeringsbeslissing van het CKB Evergem d.d. 29 april 2022 wordt als ontvankelijk en als gedeeltelijk gegrond beschouwd. Bijgevolg dient het CKB de beslissing van 6 november 2014 openbaar te maken aan verzoeker door er inzage en afschrift van te geven, met uitzondering van de namen van xxx en de aan hen individueel toegekende verloningen/onkostenvergoedingen.
Geen toestemming tot hergebruik van bestuursdocumenten In zoverre dit beroep geheel of gedeeltelijk gegrond werd verklaard, geldt dat deze inwilliging van de aanvraag tot openbaarmaking GEEN toestemming inhoudt om het/de gevraagde bestuursdocument(en) te hergebruiken, als vermeld in titel II, hoofdstuk 4 van het Bestuursdecreet van 7 december 2018. Brussel, 16 mei 2022 Voor de beroepsinstantie, afdeling openbaarheid van bestuur, Bruno ASSCHERICKX Voorzitter
https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur
uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/148
pagina 4 van 4