OVAM.
AFVAL-, BODEM- EN DUURZAAM MATERIALENBELEID VOOR DE PROFESSIONAL SEPTEMBER 2020 | editie 33
4
STRENGERE INZAMELPLICHT VOOR BEDRIJVEN VANAF 2021
11
KRINGLOOPSECTOR BESTAAT 25 JAAR
16
TERREIN FORD GENK KLAAR VOOR NIEUW VERHAAL
Vlaander Vlaanderen
is materiaalbewust 1 OVAM.LINK | Titel
ovamlink_september_2020.indd 1
24/09/20 16:26
Colofon
Het nieuwe normaal
Verantwoordelijke uitgever en hoofdredacteur Jan Verheyen en Ine Wenmaekers
Beste lezer,
Redactieraad Jan Verheyen, Frank Van Swalm, John Wante, Tuur Hawinkel, Pieter Vervinckt, Nathalie Van Trier, Chloé Vanhecke, Liesbet Van Ackeleyen, Elke Celen, Anne D’haese, Stefan Van Geenhoven, Raf Engels
De zomer van 2020 zullen we niet snel vergeten. Misschien hebt u uw vakantieplannen aangepast of bent u noodgedwongen thuisgebleven in uw beperkte bubbel. En het heeft er alle schijn van dat een terugkeer naar ons oude leven niet voor meteen is. Mondmaskers, handgels en social distancing zijn het nieuwe normaal. Maar er is ook goed nieuws. Een ‘nieuw normaal’, zo leren gedragswetenschappers ons, is een uitgelezen opportuniteit om nieuwe gewoonten en doelstellingen aan te leren. Een goed moment dus om de zorg voor ons leefmilieu verder op te schroeven en onze afhankelijkheid van primaire grondstoffen onder controle te houden. Vanaf januari 2021 zijn grote bedrijven verplicht om etensresten en keukenafval afzonderlijk in te zamelen; vanaf 2023 geldt dat ook voor huishoudens en kleine bedrijven (pagina 4). Laat dat binnenkort het nieuwe normaal zijn. Bij bedrijven en huishoudens kunnen we namelijk nog tonnen restafval besparen. En meer en betere selectieve inzameling stuwt de productie van hernieuwbare grondstoffen zoals compost en biogas de hoogte in. Nog bemoedigend afvalnieuws: deze zomer kreeg de OVAM groen licht om van start te gaan met een ambitieus Europees project dat oplossingen voor het kunststofafvalprobleem zal ontwikkelen (pagina 15). Het project zal ongetwijfeld een boost geven aan het nog prille Vlaamse kunststoffenplan. Eén oude gewoonte moet u zeker niet afleren: uw bezoek aan de Kringwinkel. De kringloopsector viert dit jaar haar 25ste verjaardag (pagina 11). De sector maakt onze economie minder afhankelijk van nieuwe grondstoffen, zorgt voor veerkracht en biedt een sociaal alternatief voor wie minder vermogend is – dat hebben we tijdens de coronacrisis gemerkt. Kortom, de sector kan een cruciale rol spelen in de omslag naar een circulaire economie en bij de economische relance. Ook bodemsanering en brownfieldherontwikkeling hebben daarin een belangrijke functie. De start van de sanering en herontwikkeling van de Renaultsite in Vilvoorde zorgt voor broodnodige investeringen in milieu en economie. Investeringen die meteen ook een nieuwe toekomst voor de terreinen in het vooruitzicht stellen. Hetzelfde gold eerder al voor die andere oude autofabriek, Ford Genk (pagina 16). Elke crisis brengt opportuniteiten met zich mee. Laten we die met beide handen grijpen om er op tal van vlakken een succesvolle, maar vooral gezonde toekomst van te maken. Veel leesplezier! Henny De Baets Administrateur-generaal 2
Redactieadres OVAM, Stationsstraat 110, 2800 Mechelen, ovam.link@ovam.be Foto’s De Kringwinkel, Herw!n, Genk Green Logistics, VLAIO, Eva Gutscoven (PTArchitecten), Shutterstock, Mooimakers Redactie en realisatie wearepantarein.be Wettelijk depotnummer D/2020/5024/11 Oplage 3000 ex. De meningen die derden in dit magazine vertolken, vallen buiten de verantwoordelijkheid van de OVAM. Gegevens uit dit magazine mag u overnemen mits de bron wordt vermeld. De OVAM en de bij deze uitgave betrokken redactie en medewerkers aanvaarden geen aansprakelijkheid voor gevolgen die zouden kunnen ontstaan uit het gebruik van in deze uitgave opgenomen informatie.
Meer weten? De OVAM is geïnteresseerd in uw vragen, opmerkingen en suggesties.
SCHRIJF ONS VIA OVAM.LINK@OVAM.BE www.facebook/ovam.be @PersAtOVAM
OVAM.LINK | Voorwoord
ovamlink_september_2020.indd 2
24/09/20 16:26
AFVAL RE CYCLE RE N
4
GE ZONDE G R OND
8
Proefproject rond bewustzijn bodemkwaliteit afgerond
“Grote bedrijven moeten keukenafval apart inzamelen vanaf 2021”
CIR CU LAIR E E CONOM IE
DU U R ZAAM M AT E R IALE NG EBR U IK
11
15
Nieuw Europees project moet afvalberg doen slinken
Kringloopsector bestaat 25 jaar
RU I M T E REC Y C LEREN
16
Terrein Ford Genk klaar voor nieuw verhaal
AFVAL R E CYCLE R E N
20
Dit was de zomerlook van 2020
OVAM.LINK | Inhoud
ovamlink_september_2020.indd 3
3
24/09/20 16:27
INZAMELPLICHT VOOR BEDRIJVEN WORDT VERSTRENGD
VANAF 2021 MOETEN GROTERE BEDRIJVEN HUN KEUKENAFVAL APART SORTEREN 4
Nogal wat Vlamingen en bedrijven gooien hun keukenafval en etensresten nog bij het restafval. Daar komt binnenkort verandering in. Vanaf volgend jaar zijn grotere bedrijven verplicht hun keukenafval apart te sorteren. Tegen eind 2023 moeten ook huishoudens en kleine bedrijven de omslag maken.
OVAM.LINK | Afval recycleren
ovamlink_september_2020.indd 4
24/09/20 16:27
AFVAL RE CYCLE RE N
“Tegen 2030 moeten we minstens 50 procent van de recycleerbare fractie van het huishoudelijke en bedrijfsafval bijkomend recycleren” Luc Goeteyn
Luc Goeteyn: “We voeren de verplichting in twee fases in. Vanaf 1 januari 2021 moeten onder meer grotere bedrijven, die regelmatig en minstens één keer per week een warme maaltijd serveren, hun keukenafval apart sorteren. Het gaat bijvoorbeeld om bedrijven met meer dan 100 werknemers, onderwijsinstellingen met minstens 300 leerlingen en ook supermarkten met een verkoopoppervlakte van minstens 400 vierkante meter.”
De verplichting is het gevolg van de Europese kaderrichtlijn Afval die twee jaar geleden van kracht werd. Daarin staat dat alle lidstaten tegen eind 2023 hun keukenafval, etensresten en verpakte voedingswaren afzonderlijk moeten inzamelen en recycleren. Welke gevolgen dat heeft voor bedrijven en huishoudens, vragen we aan Luc Goeteyn, afdelingshoofd bij de OVAM.
Gefaseerde aanpak Hoe gaan we in Vlaanderen te werk?
“Vanaf eind 2023 mogen ook huishoudens en kleine bedrijven hun keukenafval, etensresten en voedingswaren niet meer bij het restafval gooien. We kozen voor een gefaseerde uitrol omdat de overstap voor grotere bedrijven als gevolg van schaalvoordelen logistiek efficiënter te organiseren is. Bij kleinere bedrijven is de situatie anders, aangezien een klein bedrijf kan kiezen voor een private ophaler of kan aansluiten bij de gemeentelijke selectieve inzameling van keukenafval en etensresten. Niet elke gemeente zamelt die afvalstroom apart in. De OVAM zal daarom een werkgroep oprichten om in overleg met alle stakeholders duidelijkheid te scheppen over de opties die gemeenten hebben
om aan de Europese verplichting van eind 2023 te voldoen.” Waarom is het belangrijk om keukenafval en etensresten apart in te zamelen? “Uit sorteeranalyses weten we dat grosso modo de helft van het restafval in principe nog uit recycleerbare materialen bestaat. Zonde dus dat het onverbiddelijk in de verbrandingsoven verdwijnt. Ongeveer de helft van dat recycleerbare deel bestaat uit keukenafval en etensresten. Als we dat afval apart sorteren, slaan we twee vliegen in één klap: meer afval krijgt een nuttige toepassing en we verminderen ons restafval. De doelstellingen voor restafval zijn gemeente per gemeente vastgelegd, maar over het algemeen willen we tegen 2022 10 procent minder huishoudelijk restafval produceren en 15 procent minder bedrijfsrestafval. Bovendien wil de Vlaamse Regering tegen 2030 50 procent van de recycleerbare fractie van het huishoudelijke en bedrijfsafval bijkomend recycleren, bovenop wat we nu al recycleren. De selectieve inzameling van keukenafval en etensresten moet een belangrijke bijdrage leveren aan het realiseren van die doelstellingen.” OVAM.LINK | Afval recycleren
ovamlink_september_2020.indd 5
5
24/09/20 16:27
“Vanaf eind 2023 mogen ook kleinere bedrijven en huishoudens hun keukenafval en etensresten niet meer bij het restafval gooien” Luc Goeteyn
Kringloop sluiten Op welke manier kunnen keukenafval en etensresten gerecycleerd worden? “Alles begint bij het voorkomen van voedselverlies. Verpakte levensmiddelen uit de retail die niet tijdig verkocht worden (zoals zuivel of koekjes) kunnen vaak wel nog verwerkt worden in diervoeder. Keukenafval en etensresten worden benut door compostering of vergisting. Omdat compost de bodem beschermt tegen erosie en uitdroging (een steeds groter probleem in Vlaanderen) wint het gebruik aan belang. Hoogwaardige en kwalitatieve compost kan in potgrond turf vervangen. Een goede zaak voor het klimaat, want turf is een primair materiaal dat na winning uit veengronden versneld ontbindt en op die manier veel broeikasgassen loslaat. Pas als we het afval niet als materiaal kunnen benutten, komt het in aanmerking als energiebron. Bijvoorbeeld door het als basis te gebruiken voor biobrandstoffen.”
Experimentele projecten Kunnen keukenafval en etensresten – en bij uitbreiding 6
ook andere biomassastromen – dienen voor meer innovatieve toepassingen? “Daar wordt onderzoek naar verricht in Vlaanderen. Zo bekijken experts of het mogelijk is om op grote schaal natuurlijke kleurstoffen en antioxidanten uit fruit te halen en te vermarkten. Er loopt ook een onderzoek naar de economische haalbaarheid van het inzetten van insecten die heterogene biomassa omzetten in eiwitten, vetten, chitine en organische meststoffen. Er zijn dus tal van opties om biomassa innovatief te hergebruiken. Die projecten zitten wel nog in de pilootfase.” “Er lopen initiatieven om berm- en grasmaaisel in te zetten in de papierindustrie. Er wordt dus hard gezocht naar mogelijke materiaaltoepassingen
van biomassa, zoals dat in Vlaanderen al langer gebeurt voor houtafval. Dat wordt op grote schaal ingezet als grondstof bij de productie van spaanplaten.” “Ook via het innovatieprogramma van Catalisti, de speerpuntcluster Chemie en Kunststoffen, kunnen innovatieve technologieën ondersteuning krijgen. Het doel van dat programma – dat Moonshot heet – is om oplossingen te ontwikkelen die bijdragen aan een koolstofneutrale industrie tegen 2050. Een deel van het Moonshot-initiatief richt zich op biogebaseerde toepassingen. Ook met het Europese LIFE Integrated Project rond kunststoffen (zie pagina 15) willen we middelen los weken voor biogebaseerde materialen die een alternatief kunnen bieden voor plastics.”
OVAM.LINK | Afval recycleren
ovamlink_september_2020.indd 6
24/09/20 16:27
ACTIEPLAN VOEDSELVERLIES EN BIOMASSA LEVERT BELANGRIJKE BIJDRAGE AAN VLAAMSE KLIMAATDOELSTELLING Vlaanderen is een van de internationale koplopers op het vlak van duurzaam beheer van voedselverlies en biomassa, maar alles kan beter. Daarom heeft de OVAM een nieuw actieplan opgesteld. In het actieplan Voedselverlies en Biomassa(rest)stromen Circulair 20212025 heeft de OVAM de Europese verplichtingen rond biomassa en voedselverlies opgenomen. Maar het plan gaat veel verder. Zo onderzoekt de OVAM hoe het samen met de relevante stakeholders het nauwkeuriger sorteren en inzamelen van keukenafval en etensresten kan vergemakkelijken, hoe ze meer kunnen inzetten op het voorkomen van voedselverlies en hoe ze hoogwaardigere valorisatie kunnen stimuleren.
325 000 ton minder CO2-eq Aangezien het plan een besparing van 325 000 ton CO2-eq kan opleveren voor de kringloop van voedselverlies, levert het een belangrijke bijdrage aan de doelstelling die geformuleerd is in het Vlaams Energieen Klimaatplan rond broeikasgassen in de sectoren die niet onder het emissierechtensysteem vallen, namelijk gebouwen, transport, landbouw en een klein deel van de industrie. Concreet engageert Vlaanderen zich om tegen 2030 35 procent minder broeikasgassen uit te stoten ten opzichte van 2005. Kort samengevat: door het plan uit te voeren, zijn we een stapje dichter bij het behalen van die Vlaamse doelstelling. Waarom is het voorkomen van voedselverlies en het zoeken naar innovatieve toepassingen zo belangrijk?
Het ontwerp van het actieplan wordt tot eind september voorgelegd aan het publiek en aan de Milieu- en Natuurraad van Vlaanderen (Minaraad), de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen (SERV) en de Strategische Adviesraad voor Landbouw en Visserij (SALV).
“Door tegen 2025 de voedselverliezen met 30 procent te reduceren in de ganse keten (van producent tot en met consument, red.), kunnen we in Vlaanderen tot 325 000 ton CO2- equivalent besparen. We vermijden dat keukenafval en etensresten worden verbrand door preventie of door ze te gebruiken als grondstof of compost. Om die significante CO2-besparing ook werkelijk te realiseren, hebben we een concreet actieplan opgesteld (zie kader).” Meer informatie over welke bedrijven onder de nieuwe sorteerverplichting vallen, vindt u op ovam.be/keukenafval. OVAM.LINK | Afval recycleren
ovamlink_september_2020.indd 7
7
24/09/20 16:27
GE ZONDE G R OND
PROEFPROJECT RUIMTELIJKE ONTWIKKELING
“RUIMTELIJKE PLANNERS EN BODEMEXPERTS MOETEN VAKER ROND DE TAFEL ZITTEN” Nog voor ruimtelijke planners nadenken over de herinrichting van een terrein, controleren ze best even hoe het zit met de bodemkwaliteit. Toch is het nog geen standaardpraktijk. Welke uitdagingen brengt die aanpak met zich mee? Dat onderzochten de OVAM en consultancybedrijf Antea Group in het kader van een pilootproject van het Oost-Vlaams Kerngebied in Lievegem.
8
OVAM.LINK | Gezonde grond
ovamlink_september_2020.indd 8
24/09/20 16:27
“De OVAM-databank over bodemkwaliteit levert een schat aan informatie op” Kristel Lauryssen, Antea Group
Lievegem klinkt u misschien niet bekend in de oren. Achter de naam gaan de Oost-Vlaamse gemeenten Lovendegem, Zomergem en Waarschoot schuil, die in 2018 gefusioneerd zijn. Marten Dugernier, manager business development en innovation bij Antea Group: “Door die nieuwe situatie was Lievegem op zoek naar een eigen identiteit. Samen met PT Architecten gingen we praten met de bevolking, analyseerden we de omgeving … Onze conclusie was duidelijk: open ruimte en water vormen de gedeelde identiteit van de gemeente.” Verschillende waterlopen stromen vanuit Lievegem naar het drinkwaterproductiecentrum van Kluizen, van waaruit belangrijke delen van Oost-Vlaanderen van drinkwater worden voorzien. Elke dag wordt er zo’n 60 miljoen liter naar de omgeving gepompt. “We ontdekten dat er zelfs nu al een ‘waterstrijd’ is tussen de natuur, de landbouw en de drinkwaterproductie in de regio. Met het oog op de toekomst en de verwachte bevolkingsgroei (zie kader), raadden we dan ook aan om zoveel mogelijk natte natuur aan te leggen en geen nieuwe open ruimte aan te snijden. In Lievegem is er nog voldoende ruimte beschikbaar om de toekomstige bevolking te huisvesten.”
Bodemdatabank Een boeiende case, maar wat is de link met de OVAM? Inge De Vrieze, projectmanager bij de OVAM: “Bij water denken we meteen aan bodemkwaliteit. Dit project leek ons de ideale kans om te onderzoeken hoe we het bewustzijn rond bodemkwaliteit bij ruimtelijke planners kunnen vergroten. Hoe zorgen we er met andere woorden voor dat zij een automatische reflex kweken om – voordat ze nog maar een lijn op papier zetten – meer informatie over de bodemkwaliteit van het terrein in te winnen?” Antea Group nam de proef op de som en dook in de databank van de OVAM. Kristel Lauryssen, senior adviseur bij Antea Group: “De databank levert een schat aan informatie op. We ontdekten dat er op bepaalde plekken, die cruciaal zijn voor de watervoorziening, mogelijk nog een verontreiniging aanwezig is in de bodem. Ook zijn er terreinen bij die nog voor de allereerste keer onderzocht moeten worden. Tot de jaren zestig had Waarschoot bijvoorbeeld een bloeiende textielnijverheid. Dergelijke activiteiten doen bij bodemexperts onmiddellijk een alarmbel afgaan.”
Interpretatie In een tweede stap onderzocht Antea Group of bepaalde toekomstige maatregelen, zoals het aanleggen van open grachten of blauwgroene straten, tot bijkomende risico’s voor de volksgezondheid of het ecosysteem kunnen leiden, of dat een verontreiniging zich door de geplande maatregelen verder kan verspreiden. “Dat was geen gemakkelijke oefening. Het vraagt heel wat kennis en expertise om de bodemdata op een correcte manier te lezen en te interpreteren. Bovendien moet je vaak ver teruggaan in de tijd om precies te weten te komen over welke verontreiniging het gaat”, zegt Kristel Lauryssen. Kunnen we wel verwachten van ruimtelijke planners dat ze dat werk doen? “Nee, daarvoor hebben we niet de juiste kennis”, aldus Marten Dugernier. “Het is de bedoeling dat er bij ons een alarmbel afgaat als we merken dat een terrein verontreinigd is of nog niet onderzocht is. Dan moeten we meteen de hulp inschakelen van een bodemdeskundige.”
Samenwerking Inge De Vrieze: “Ik zou zelfs nog verder gaan. Nog voor er plannen worden getekend, moeten de bodemexpert en de ruimtelijke planner samen rond de tafel gaan zitten. Die kennisuitwisseling is cruciaal om met een brede blik naar bodem te kijken en co-creatief tot nieuwe oplossingen te komen. En dat werkt in twee richtingen. Een geplande herontwikkeling kan een hefboom vormen om de nodige
“Ruimtelijk planners zouden de reflex moeten kweken om van bij het begin meer informatie over de bodemkwaliteit van het terrein in te winnen” Inge De Vrieze, OVAM OVAM.LINK | Gezonde grond
ovamlink_september_2020.indd 9
9
24/09/20 16:27
stappen te zetten rond bodemonderzoek en -sanering. Maar een bodemonderzoek of -sanering kan op zich ook leiden tot de herwaardering van een terrein of de benutting van een leegstaand gebouw.” “In het kader van onze campagne De Grote Grondvraag spraken we tegelijkertijd met milieu- en stedenbouwkundig ambtenaren. Ook bij hen is het besef gegroeid dat ze veel van elkaar kunnen leren. Ruimtevraagstukken kan je alleen oplossen met een combinatie van brede expertise op verschillende domeinen en een goede kennis van de omgeving.”
Vervolg? Het proefproject is dan wel afgerond, maar het verhaal stopt hier niet. De OVAM gaat op zoek naar steden en gemeenten met verschillende ruimtelijke uitdagingen om een vergelijkbaar traject op te zetten. Kristel Lauryssen: “Het is belangrijk om deze manier van samenwerken te blijven toepassen. Want eigenlijk brengt de OVAM die boodschap al jaren. Door het zoveel mogelijk in de praktijk te brengen, zal het bewustzijn rond bodemkwaliteit bij ruimtelijke planners groeien.” Daar is nu ook een momentum voor. Marten Dugernier: “Met de Blue Deal van Vlaams minister van Omgeving Zuhal Demir zullen steeds meer waterbeheerprojecten uit de grond worden gestampt. Dat is een heel goede zaak, maar we moeten ervoor zorgen dat er ook voldoende aandacht gaat naar een gezonde grond.”
DE TOEKOMSTIGE UITDAGINGEN VAN DE RUIMERE REGIO GENT In 2018 lanceerde het Oost-Vlaams Kerngebied (OVK) een oproep aan lokale actoren om met innovatieve ideeën of ruimtelijke uitdagingen op de proppen te komen. Die moeten het OVK inspireren om een duurzaam ruimtelijk beleid te ontwikkelen. In de 23 gemeenten in de ruimere Gentse regio – het Oost-Vlaams Kerngebied – verwachten ze tegen 2050 een bevolkingsgroei van 10 tot 25 procent. Het OVK ziet de voorspelde bevolkingstoename als een kans om een nieuw ruimtelijk beleid uit te bouwen waarin transities op het vlak van open ruimte, bereikbaarheid, zorg, circulaire economie en energie centraal staan. Om out-of-the-boxideeën te sprokkelen, lanceerde het OVK samen met de Internationale Architectuur Biennale Rotterdam een oproep aan lokale actoren om vernieuwende en duurzame projecten in te sturen. Drie projecten uit Eeklo, Merelbeke en Lievegem kwamen als winnaars uit de bus. Multidisciplinaire studieteams gingen aan de slag en koppelden de transities aan vernieuwende lokale projecten. Vanaf november is het materiaal van de studies beschikbaar op de website meermensenmeertoekomst.be.
“Met de Blue Deal zullen steeds meer waterbeheerprojecten uit de grond worden gestampt. Maar er moet ook voldoende aandacht gaan naar een gezonde grond” Marten Dugernier, Antea Group 10
OVAM.LINK | Gezonde grond
ovamlink_september_2020.indd 10
24/09/20 16:27
DU U R ZAAM M AT E RIALENGE BRUIK
KRINGLOOPSECTOR BESTAAT 25 JAAR
“WIJ ZIJN EEN ROLMODEL VOOR SOCIALE EN CIRCULAIRE ONDERNEMINGEN” Kringwinkels zijn populairder dan ooit. In 2018 haalde De Kringwinkel een omzet van 61 miljoen euro. Terwijl vroeger alleen kansarme families langsgingen in kringloopwinkels, koopt iedereen nu meubels en kleding tweedehands. Wat is het geheim achter het succes van de sector, die dit jaar 25 jaar bestaat? In de jaren tachtig doken her en der de eerste kringloopwinkels op. Enkele OCMW’s en sociale en milieuorganisaties haalden grofvuil op aan huis, herstelden de bruikbare spullen en verkochten ze opnieuw. De mosterd voor het concept haalden ze in Nederland. Decennia later zijn die kleinschalige initiatieven uitgegroeid tot een volwaardige sociale circulaire-economiesector, gebaseerd op een uniek model dat tot ver buiten Vlaanderen op interesse kan rekenen.
Snelle professionalisering In het buitenland vind je natuurlijk ook tweedehandswinkels en kringloopcen-
tra. Maar die hebben vaak commerciële motieven. Of het gaat om liefdadigheidswinkels, die rekenen op de hulp van vrijwilligers. Eva Verraes, directeur van HERW!N, de koepel van sociale circulaire ondernemers: “In Vlaanderen lag van bij het begin de focus op jobcreatie voor langdurig werklozen en kwetsbare mensen. Al snel groeide het besef dat we ook financieel gezond moesten worden. De Koepel van Vlaamse Kringloopcentra (KVK) heeft toen de handen uit de mouwen gestoken om de sector te professionaliseren. Dat betekende een kwaliteitsvolle dienstverlening uitbouwen, in alle uithoeken van Vlaanderen. We lanceerden in 2002 ook een her-
kenbaar merk: De Kringwinkel. Al die inspanningen hebben ervoor gezorgd dat we vandaag staan waar we staan.”
Belangrijke taak Een bondgenoot van het eerste uur was volgens Verraes de OVAM. Veroniek Lemahieu van het team lokale besturen van de OVAM: “We hadden meteen door dat de kringloopcentra een ontzettend belangrijke taak vervulden. Daarom beslisten we om hen op te nemen in het toenmalige afvalstoffenbeleid. In overleg met de KVK gingen we na hoe we de professionalisering en uniformisering van de dagelijkse werking van de sector konden ondersteunen.” Op dat vlak was 1995 een belangrijk jaar. “Vanaf toen konden individuele opstartende vzw’s een subsidie voor vier jaar aanvragen bij de OVAM”, zegt Lemahieu. Die startsubsidie bestaat inmiddels niet meer. Nu OVAM.LINK | Duurzaam materialengebruik
ovamlink_september_2020.indd 11
11
24/09/20 16:27
kan elke erkende winkel een subsidie aanvragen. De erkennings- en subsidiëringsvoorwaarden zijn bepaald in het besluit van de Vlaamse Regering van 2005. “In ruil voor de erkenning en subsidie rapporteren de kringloopcentra hun jaarresultaten aan ons. Dat betekent dat we een goed zicht hebben op hoeveel ton meubels, speelgoed, kleding … Vlamingen schenken en hergebruiken. Dat cijfermateriaal wordt in geen enkel ander land zo in detail opgevolgd. De cijfers worden aangewend voor onderzoek en zijn ook een belangrijke toetssteen om beleidsbeslissingen te nemen en te evalueren.”
Erkenning Het besluit van 2005 dat de erkenning en subsidiëring regelt, zorgde ook voor een gegarandeerde dienstverlening in heel Vlaanderen. Met zo’n erkenning krijgt een kringloopcentrum een verzorgingsgebied toegewezen waar het gratis herbruikbare goederen inzamelt en ophaalt bij de burgers en bedrijven. Het bevoegde centrum kan in zijn gebied ook winkels en brengpunten openen. Zo’n erkenning is erg waardevol voor de kringloopcentra, zegt Wouter Goetstouwers, algemeen coördinator van Kringwinkel West. “De subsidie die we krijgen dekt maar 1 procent van onze werkingskosten. Toch vinden we de subsidie, en vooral de erkenning, erg belangrijk. Die zorgt ervoor dat we aangeduid worden als hét aanspreekpunt rond hergebruik voor (lokale) overheden voor een bepaalde regio.”
Nauwe samenwerking De nauwe samenwerking tussen de gemeenten en de erkende kringloopwinkels is typisch Vlaams. Veroniek Lemahieu: “In het Afvalstoffenplan Huishoudelijk Afval 1991-1995 stond dat gemeenten verplicht waren om het 12
grofvuil minstens twee keer per jaar aan huis op te halen en de bruikbare materialen eruit te sorteren. Aangezien kringloopcentra daar al ervaring mee hadden, schakelden gemeenten hen geregeld in.”
zelfs, we gaan voor 10 kilogram hergebruik tegen 2025. We boren daarvoor nieuwe niches aan (zie kader) en zetten in op een omnichannel approach, om de consumenten zowel online als in de winkel beter te bedienen.”
“Daarna werd de samenwerking met de lokale besturen deels verankerd in het VLAREMA: alle lokale besturen zijn sindsdien verplicht om een overeenkomst te sluiten met het kringloopcentrum uit hun stad of regio. In een samenwerkingsovereenkomst staat onder andere welke vergoeding kringloopcentra krijgen voor de ingezamelde goederen.”
Veerkrachtige circulaire economie
10 kilogram Anders dan in andere landen krijgt de sector concrete doelstellingen opgelegd. Zo heeft de OVAM de sector opgedragen om tegen 2022 7 kilogram hergebruik per persoon te realiseren. Wouter Goetstouwers: “Dat wordt een hele uitdaging. Spullen – zoals speelgoed – worden alsmaar lichter en de kwaliteit van bijvoorbeeld textiel daalt jaar na jaar. Het zal ook nodig zijn om extra mankracht in te schakelen. Niet elk maatwerkbedrijf kan zomaar uitbreiden. Toch denk ik dat het ons zal lukken. Er is nog veel groeipotentieel. Zo kunnen we nog meer inzetten op textielinzameling.” Eva Verraes deelt die mening: “We gaan die doelstelling zeker halen. Meer
Tijdens de coronacrisis groeide bij velen het besef dat de kringloopsector erg waardevol is. Veroniek Lemahieu: “Onze beperkte productiecapaciteit en strategische voorraden brachten ons land in de problemen. Maar hoe meer we de kringloopeconomie uitbouwen, hoe minder afhankelijk we worden van goederen uit het buitenland. Meer inzetten op de transitie naar een circulaire economie is dus een mogelijke manier om ons uit de crisis te loodsen en onze economie sterker, minder afhankelijk en veerkrachtiger te maken. En de kringwinkelsector en die van de sociale werkplaatsen is voor de OVAM nog steeds de officiële partner wat betreft hergebruik en een belangrijke voortrekker van de lokale circulaire economie. De OVAM faciliteert en ondersteunt hen met nieuwe kansen om hun werking te verruimen en aan te passen aan de noden van de circulaire economie.” Eva Verraes: “Er is meer dan ooit een sense of urgency dat we zo niet verder kunnen en dat we onze economie volledig circulair moeten maken. En lokale
OVAM.LINK | Duurzaam materialengebruik
ovamlink_september_2020.indd 12
24/09/20 16:27
besturen beseffen meer en meer dat wij deel uitmaken van de oplossing. We willen ook niet langer alleen gezien worden als een sector die de afvalberg doet slinken. We moeten ook een plaatsje krijgen in de circulaire economie. Toen de koepel van de kringwinkelsector en die van de sociale werkplaatsen in 2019 samensmolten, kozen we dan ook voor de naam HERW!N: we herwinnen talent en grondstoffen. Met onze activiteiten rond hergebruik en de herwinning van grondstoffen doen we de lokale CO2-uitstoot sterk dalen. Zo dragen we ons steentje bij aan de Vlaamse klimaatdoelstellingen. Door onze focus op de kwetsbaren in onze samenleving helpen we ook de Sustainable Development Goals te halen. De kringloopsector is met andere woorden uitgegroeid tot een rolmodel voor sociale en circulaire ondernemingen.” ovam.be/kringloopcentrazorgen-voor-hergebruik herwin.be dekringwinkel.be
ovamlink_september_2020.indd 13
DE VIJF MEEST INGRIJPENDE ONTWIKKELINGEN VAN DE LAATSTE 25 JAAR De kringloopsector viert dit jaar haar zilveren jubileum. Wat zijn de grootste veranderingen die in die vijfentwintig jaar hebben plaatsgevonden? Schaalvergroting
Grondstoffen herwinnen
Wat begon als een kleinschalig initiatief is uitgegroeid tot een sector met een omzet van 61 miljoen euro, 162 winkels en 6 miljoen klanten. Wouter Goetstouwers van Kringwinkel West: “In 1998 startten we met één winkel. Nu hebben we er vier: in Diksmuide, Ieper, Poperinge en Veurne.”
Hergebruik blijft met stip op nummer één staan. Eva Verraes van HERW!N: “Daarnaast zetten we nieuwe trajecten op om goederen te upcyclen of er nieuwe grondstoffen uit te winnen. We hebben een project lopen rond textiel en eentje rond bouwmaterialen.”
Meer dan hergebruik
Nieuwe niches
Het ophalen, inzamelen en sorteren van nog bruikbare goederen is nog altijd de belangrijkste missie van de kringloopcentra. Maar intussen zijn daar heel wat taken bijgekomen. Goetstouwers: “Mensen kunnen bij De Kringwinkels terecht om hun fietsen te laten herstellen in een Fietspunt. Ook elektronica, meubels en speelgoed herstellen we. We zijn zelfs een overslagcentrum geworden voor de inzameling van afgedankte elektrische en elektronische apparatuur. Dat doen we in opdracht van Recupel. Sommige kringloopcentra zijn ook een sorteercentrum voor textiel, dat ze uit straatcontainers halen en via huis-aan-huisinzamelingen. Kringwinkels zijn er trouwens ook voor bedrijven. Zo halen we oud kantoormeubilair op.”
Sinds enkele jaren experimenteren kringloopcentra met andere niches. Goetstouwers: “In de Blijzaak van De Kringwinkel ’t Rad bijvoorbeeld verkopen ze wat luxueuzere spullen. In Kilomeet-winkels worden dan weer zaken die niet verkocht raken in Kringwinkels per kilo of per meter aan een sterk verlaagde prijs aangeboden.”
Automatisering Hoewel de sector vooral steunt op maatwerkbedrijven, is automatisering ook hier niet weg te denken. Goetstouwers: “Meer en meer kringloopcentra maken gebruik van lopendebandsystemen om spullen uit te sorteren. Sommige kringloopcentra zetten ook mobiele wasstraten in om herbruikbare bekers te reinigen.”
13
24/09/20 16:27
14
OVAM.LINK | Duurzaam materialengebruik
ovamlink_september_2020.indd 14
24/09/20 16:27
NIEUW EUROPEES PROJECT MOET AFVALBERG DOEN SLINKEN
Samen met zes partners werkt de OVAM de komende zeven jaar aan een nieuw LIFEproject: C-MARTLIFE. Een ambitieus traject om tot oplossingen te komen voor het afvalprobleem.
LIFE: FINANCIËLE STEUN VOOR MILIEU, NATUUR EN KLIMAAT Enkele decennia geleden riep de EU het LIFE-programma in het leven, een financieel instrument om projecten rond milieu, natuurbescherming en klimaatactie te ondersteunen. Om de uitvoering van beleidsplannen op regionaal of nationaal niveau te versnellen, lanceerde de EU in 2014 de Geïntegreerde Projecten rond natuur, water, lucht, afval, klimaatmitigatie en klimaatadaptatie. Het C-MARTLIFE-project is zo’n geïntegreerd project, gericht op het realiseren van de doelstellingen van het afvalbeleid. Ook bredere doelen voor milieu, natuur en klimaat worden meegenomen.
CIR CU LAIR E E CONOMIE
Wat?
C-MARTLIFE staat voor ‘Circular Material Approach on Residual Waste Targets and a Litter Free Environment’.
Wie?
OVAM, Go4Circle, Fost Plus, Valipac, VVSGInterafval, VLACO en Westtoer. De OVAM is de trekker van het project.
Periode? 2020-2027
Acties?
• Plastics verminderen en efficiënt gebruiken: door enerzijds consumenten te overtuigen om hun consumptiepatronen te veranderen en anderzijds producenten te stimuleren om de principes van ecodesign toe te passen. • Een duurzame recyclagemarkt creëren voor plastics: door de selectieve inzameling op te schalen, performantere sorteerinstallaties te bouwen, de kringlopen te zuiveren (bijvoorbeeld door plastics te weren uit compost) … • De keten sluiten van heel wat goederen die plastics bevatten (verpakkingen, textiel, hygiëneproducten …) en in de bouwsector. • Marien zwerfvuil voorkomen en opruimen. De nauwkeurige uitvoering van de Europese richtlijn voor single-use plastics is hier een sleutelactie. • Een transparant monitoringsysteem voor afvalstoffen uitbouwen dat ons inzicht geeft in de afval- en materiaalstromen en zo de effectiviteit van ons beleid kan verhogen. • Interregionale en internationale samenwerking bevorderen. Bepaalde partners binnen het project zijn actief op federaal niveau. De acties beperken zich dus niet tot Vlaanderen. De oplossing van talloze problemen ligt ook ver buiten Vlaanderen. Om zowel de Vlaamse als de Europese doelstellingen te halen, zijn dan ook acties op internationaal niveau nodig.
Doel?
Het uitvoeringsplan Kunststoffen 2020-2025, dat dit voorjaar werd goedgekeurd, mee helpen realiseren. Omdat het gebruik van kunststoffen zo wijdverspreid is, zal de realisatie van dit project ook bijdragen aan het bereiken van de doelstellingen uit het uitvoeringsplan Huishoudelijk afval en gelijkaardig bedrijfsafval, het actieplan Voedselverlies en biomassa(rest) stromen, het Klimaatplan … 15
ovamlink_september_2020.indd 15
24/09/20 16:27
TERREIN FORD GENK KLAAR VOOR EEN NIEUW VERHAAL Acht jaar na de aankondiging van de sluiting van Ford Genk worden de gebouwen van de oude fabriek afgebroken om plaats te maken voor nieuwe bedrijvigheid en open ruimte. We reconstrueren met enkele hoofdrolspelers wat er sinds 2012 is gebeurd en praten met de huidige eigenaars over hun toekomstplannen. 16
OVAM.LINK | Ruimte recycleren
ovamlink_september_2020.indd 16
24/09/20 16:27
RU IM T E REC Y C LEREN
Na Renault Vilvoorde in 1997 (zie kader) en Opel Antwerpen in 2010 kondigde Ford Motor Company in 2012 aan dat het de deuren van haar Genkse fabriek over twee jaar zou sluiten. Op het moment dat de laatste wagen van de band rolde, werd het politiek akkoord tussen de Vlaamse Regering en de Amerikaanse autobouwer gefinaliseerd. In dat akkoord stond onder andere dat het terrein van 134 hectare in handen kwam van de Vlaamse overheid. In ruil nam de overheid alle verplichtingen over.
Werkgelegenheid & groene ruimte Ford kreeg een jaar de tijd om de gebouwen leeg te halen. In januari 2016 werd de Vlaamse overheid officieel eigenaar van het terrein. Toenmalig Vlaams minister van Werk en Economie Muyters kreeg het dossier toegewezen en riep de hulp in van het Agentschap Innoveren en Ondernemen (VLAIO). Ivo van Hauten, accountmanager Ruimtelijke Economie bij VLAIO: “Eerst en vooral bogen we ons over
de vraag wat we met de gebouwen, waarvan de eerste steen in 1962 werd gelegd, zouden doen. Samen met Stad Genk, De Vlaamse Waterweg, Flanders Investment and Trade en het kabinet van toenmalig Vlaams minister van Werk, Economie, Innovatie en Sport Philippe Muyters beslisten we om alles af te breken en het terrein een duurzame en toekomstgerichte invulling te geven. Werkgelegenheid en groene ruimte zouden er hand in hand gaan. Die visie mondde uit in het Masterplan Ford Genk.” OVAM.LINK | Ruimte recycleren
ovamlink_september_2020.indd 17
17
24/09/20 16:27
De zone van Genk Green Logistics bevindt zich links (omlijnd in het rood), de zone aan het Albertkanaal ligt rechts (omlijnd in het blauw). Het groene gedeelte is de middenstrook.
De site werd opgedeeld in drie zones (zie kaartje). “Twee stukken hebben we voorbehouden voor bedrijfsactiviteiten, de middenstrook wordt publiek domein. De middenstrook en de zone van 50 hectare die aan het Albertkanaal ligt, kwam in handen van De Vlaamse Waterweg. Die heeft veel ervaring met de herontwikkeling van zulke terreinen. De derde zone wilden we laten herontwikkelen door een private speler, via een brownfieldconvenant.”
Bodemsanering bijna achter de rug Vooraleer er op de terreinen opnieuw gebouwd kon worden, was een grondige bodemsanering nodig. De middenstrook en een deel van de zone die wordt herontwikkeld waren immers zwaar verontreinigd met minerale oliën en BTEX (een groep aromatische koolwaterstoffen). Boven18
dien zat de verontreiniging erg diep. Zoals steeds moest de OVAM de bodemsaneringsprojecten beoordelen en conform verklaren. Annelies Van Gucht van de OVAM: “We gaven erg grondige feedback op ontwerprapporten zodat de goedkeuring van de bodemsaneringsprojecten zo vlot mogelijk verliep en de sanering snel kon opstarten. Door die proactieve aanpak werd de bodem gesaneerd nog voor het brownfieldconvenant werd ondertekend. Dat is uitzonderlijk hoor, meestal schiet het project pas uit de startblokken als het convenant is goedgekeurd. Maar aangezien het dossier belangrijk is voor de werkgelegenheid in de buurt, hebben de nieuwe eigenaars daar niet op gewacht.” De saneringswerken zijn nog niet helemaal achter de rug. “De verontreiniging in het grondwater moet nog worden aangepakt. Maar dat kan nog
gebeuren als de bedrijfsactiviteiten al zijn opgestart.”
“Referentie op vlak van duurzaamheid” Op het terrein dat via het convenant herontwikkeld wordt, komt een multimodaal gebouwencomplex. Vastgoedvennootschap Genk Green Logistics, met Intervest en Group Machiels als aandeelhouders, hebben het terrein gekocht en het brownfieldconvenant ondertekend. Dat betekent onder andere dat ze het terrein duurzaam moeten herontwikkelen. Luc Kiebooms, commercieel directeur van Intervest: “Het bedrijventerrein moet een referentie worden op het vlak van duurzaamheid. We willen de gebouwen voorzien van energiemanagementsystemen, zonnepanelen. We zullen ook een waterrecuperatiesysteem installeren en een
OVAM.LINK | Ruimte recycleren
ovamlink_september_2020.indd 18
24/09/20 16:27
STARTSCHOT VOOR SANERING EN HERONTWIKKELING RENAULTSITE innovatief afval- en energiebeleid op poten zetten. Het is de bedoeling om er een CO2-neutraal bedrijventerrein van te maken.”
Groene logistiek Wesley Mazzei, verantwoordelijke Industrieel Vastgoed en Logistiek bij Group Machiels: “De eerste twee units van elk circa 10 000 vierkante meter worden nog dit jaar opgeleverd. De indeling is erg flexibel waardoor meerdere units aaneen kunnen schakelen. Ideaal dus als opslag- of productieruimte voor bijvoorbeeld de e-commercesector of logistieke bedrijven.” De nieuwe bedrijven die zich daar vestigen, zullen gebruik kunnen maken van duurzame transportmodaliteiten. Zo zullen zij het merendeel van de goederen kunnen transporteren via het Albertkanaal en per spoor. Er wordt ook een verbindingsweg aangelegd tussen het terrein en de containerterminal die gebouwd wordt aan het kanaal.
Eerbetoon Tussen de zone aan het Albertkanaal en het terrein van Genk Green Logistics komt een groene middenstrook. Jim Hiemeleers, projectingenieur Projectontwikkeling & Kenniscentrum vastgoed bij De Vlaamse Waterweg: “We trekken hier resoluut de kaart van ontharding, al worden er natuurlijk wel verbindingswegen aangelegd naar het Albertkanaal en de spoorweg. We voorzien een hemelwaterbuffering, groene parkings en waterpartijen. De natuur wordt ook hersteld door opnieuw heide aan te planten. De werken starten in 2021 en we schatten dat de groene strook klaar zal zijn in 2023.” De herinnering aan Ford Genk wordt trouwens niet helemaal uitgevaagd. “We gaan een van de iconische hallen demonteren”, vertelt Hiemeleers. “Nadat de onderdelen zijn behandeld, bouwen we de hal opnieuw op. Weliswaar als een open constructie waar je helemaal kunt doorkijken. Het is een eerbetoon aan het verleden.” ovam.be/brownfields
In augustus is de OVAM, in samenwerking met projectontwikkelaar MG Real Estate, gestart met de ambtshalve sanering van de ernstig verontreinigde terreinen van Renault Vilvoorde. De werken zullen ongeveer vier jaar duren. De site achter het station van Vilvoorde werd tot 1997 gebruikt voor het transport van Renault-voertuigen naar de Verenigde Staten. In de toekomst zal er zowel ruimte zijn voor bedrijven als voor woningen. Bij de herontwikkeling worden groene zones gecreëerd, een extra troef voor ondernemingen en gezinnen om zich hier te vestigen.
Grond wordt hergebruikt Eerst moet het terrein nog grondig gesaneerd worden. Uit onderzoek van de OVAM blijkt dat zowel de bodem als het grondwater zwaar verontreinigd zijn. De bron van de verontreiniging is een historisch huishoudelijk afvalstort, maar er zijn ook hoge concentraties aan benzeen gevonden waarvan de oorsprong onbekend is. De saneringswerken zijn erg ingrijpend: de verontreinigde grond wordt afgegraven tot op een diepte van 4 meter. Omdat de modernste technieken worden gebruikt, zal naar schatting 80 procent van de grond ter plaatse gereinigd en hergebruikt kunnen worden. De werken zullen zo’n vier jaar in beslag nemen. Om de sanering en herontwikkeling optimaal op elkaar af te stemmen, sloot de OVAM een overeenkomst met Abies One (MG Real Estate Group). De vastgoedgroep investeert 13 miljoen euro in het project. De Vlaamse Regering maakte in december 2018 al 10 miljoen euro middelen vrij. OVAM.LINK | Ruimte recycleren
ovamlink_september_2020.indd 19
19
24/09/20 16:27
AFVAL RE CYCLE RE N
DIT WAS DE ZOMERLOOK VAN 2020 Deze zomer doken overal in het straatbeeld prachtige posters op van hippe modellen in modieuze outfits. Allemaal droegen ze speciale accessoires. Geen dure handtassen, maar zakjes of blikjes. Met haar zomercampagne riep Mooimakers afval in de vuilnisbak gooien uit tot dé modetrend van 2020. De Mooimakers-zomercampagne werd op jong en oud losgelaten via sociale media, een radiospot, opvallende posters en COVID-proof evenementen. De link met mode is niet lukraak gekozen. Grietje Huveneers, communicatiemedewerker bij Mooimakers: “De zomer is het seizoen van zien en gezien worden. Iedereen trekt z’n mooiste outfits aan. En hoe mooier het weer, hoe meer volk er buiten komt. Helaas betekent dat ook dat er meer zwerfvuil achterblijft. Afval thuislaten door een drinkbus of brooddoos mee te nemen, afval mee naar huis nemen of het in de vuilnisbak gooien is dé look waar iedereen mee staat.”
On the catwalk Fashionista Tiany Kiriloff gaf de aftrap van de campagne in Antwerpen, de modehoofdstad van Vlaanderen. Op een meterslange catwalk kon iedereen die dat wou zijn of haar ‘ik gooi mijn afval in de vuilnisbak’-poses op de gevoelige plaat laten vastleggen. De catwalk streek ook neer in Gent, Genk, Brugge, Leuven en Hasselt. Daarnaast doken op een tiental plaatsen – waaronder toeristische trekpleisters aan de kust – photobooths op. Door hun foto te delen op sociale media met de hashtag #zomerlook2020 maakten deelnemers elke week kans om een professionele fotoshoot te winnen. OVAM.LINK | Afval recycleren
ovamlink_september_2020.indd 20
24/09/20 16:27