13_159_10 WL rapporten
Ontwikkeling LATIS 4 Deelrapport 3e Update van de schadefuncties DEPARTEMENT MOBILITEIT & OPENBARE WERKEN
waterbouwkundiglaboratorium.be
Ontwikkeling LATIS 4 Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties
Beullens, J.; Broidioi, S.; De Sutter, R.; De Maeyer, P.; Pereira, F.; Mostaert, F.
Cover figuur © Vlaamse overheid, Departement Mobiliteit en Openbare Werken, Waterbouwkundig Laboratorium Juridische kennisgeving Het Waterbouwkundig Laboratorium is van mening dat de informatie en standpunten in dit rapport onderbouwd worden door de op het moment van schrijven beschikbare gegevens en kennis. De standpunten in deze publicatie zijn deze van het Waterbouwkundig Laboratorium en geven niet noodzakelijk de mening weer van de Vlaamse overheid of één van haar instellingen. Het Waterbouwkundig Laboratorium noch iedere persoon of bedrijf optredend namens het Waterbouwkundig Laboratorium is aansprakelijk voor het gebruik dat gemaakt wordt van de informatie uit dit rapport of voor verlies of schade die eruit voortvloeit. Copyright en wijze van citeren © Vlaamse overheid, Departement Mobiliteit en Openbare Werken, Waterbouwkundig Laboratorium 2021 D/2021/3241/219 Deze publicatie dient als volgt geciteerd te worden: Beullens, J.; Broidioi, S.; De Sutter, R.; De Maeyer, P.; Pereira, F.; Mostaert, F. (2021). Ontwikkeling LATIS 4: Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties. Versie 1.0. WL Rapporten, 13_159_10. Waterbouwkundig Laboratorium: Antwerpen Overname uit en verwijzingen naar deze publicatie worden aangemoedigd, mits correcte bronvermelding. Documentidentificatie Opdrachtgever: Trefwoorden (3-5): Kennisdomeinen: Tekst (p.): Vertrouwelijk:
Waterbouwkundig Laboratorium Ref.: WL2021R13_159_10 LATIS, overstromingen, schadefunctie Waterbeheer > Risico>Overstromingen > Numerieke modelleringen 24 Bijlagen (p.): 4 ܈Nee ܈Online beschikbaar
Auteur(s):
Beullens, J.; Broidioi, S.; De Sutter, R.; De Maeyer, P.
Controle Naam Revisor(en):
Handtekening
Getekend door:Fernando Pereira (Signat Getekend op:2021-10-18 15:28:09 +02:0 Reden:Ik keur dit document goed
Pereira Fernando Getekend door:Fernando Pereira (Signat Getekend op:2021-10-18 15:28:53 +02:0 Reden:Ik keur dit document goed
Projectleider:
Pereira Fernando
Goedkeuring Mostaert, F. Afdelingshoofd:
F-WL-PP10-1 Versie 6 Geldig vanaf 01/10/2016
Voor het afdelingshoofd, afwezig Patrik Peeters, Ingenieur, belast met de leiding van de afdeling Waterbouwkundig Laboratorium
Getekend door:Patrik Peeters (Signature) Getekend op:2021-10-18 17:15:53 +02:0 Reden:Ik keur dit document goed
Ontwikkeling LATIS 4 - Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties
Abstract In het kader van de uitbouw van het risico-instrumentarium ten behoeve van de EU-overstromingsrichtlijn zal LATIS 4.0 ontwikkeld worden. Deze nieuwe versie van de risico-software implementeert in vergelijking met de vorige versies enkele methodologische verbeteringen en enkele nieuwe modules. Zo is er een nieuwe methodologie uitgewerkt voor de schadeberekening aan wegen en spoorwegen en is het mogelijk om naast de economische schade en het aantal slachtoffers nu ook de sociale-, de culturele- en de ecologische impact van een overstroming te bepalen. Verder werden alle basiskaarten geactualiseerd, wat een nieuw BLP tot gevolg had en werden ook alle schadewaarden geactualiseerd. In dit rapport zullen de schadefuncties voor woningen, inboedel, voertuigen, recreatie, akkerland, weiland, wegen en spoorwegen, industrie, zendinstallaties en ondergrondse parkeergarages onder de loep genomen worden en vergeleken worden met andere internationaal gebruikte schadefuncties. Na overleg met experten werd er besloten om twee schadefuncties aan te passen. Enerzijds de schadefunctie voor woningen en anderzijds de schadefunctie voor wegen en spoorwegen.
Definitieve versie
WL2021R13_159_10
III
F-WL-PP10-1 Versie 6 Geldig vanaf 01/10/2016
Ontwikkeling LATIS 4 - Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties
Inhoudstafel Abstract ............................................................................................................................................................ III Inhoudstafel....................................................................................................................................................... V Lijst van de tabellen .......................................................................................................................................... VI Lijst van de figuren .......................................................................................................................................... VII 1
Inleiding ..................................................................................................................................................... 1
2
Schadefuncties LATIS ................................................................................................................................. 2 2.1
Schadefunctie zoet water woningen .................................................................................................. 2
2.2
Schadefunctie inboedel....................................................................................................................... 5
2.3
Schadefunctie zoet water voertuigen ................................................................................................. 6
2.4
Schadefunctie recreatie ...................................................................................................................... 7
2.5
Schadefunctie landbouw..................................................................................................................... 9
2.6
Schadefunctie weiland ...................................................................................................................... 10
2.7
Schadefunctie wegen en spoorwegen .............................................................................................. 11
2.8
Schadefunctie industrie .................................................................................................................... 12
2.9
Schadefunctie zendinstallaties.......................................................................................................... 14
2.10
Schadefunctie ondergrondse parkeergarage ................................................................................ 15
2.11
Schadefuncties zout water ............................................................................................................ 15
2.11.1
Schadefunctie zout water woningen ..................................................................................... 15
2.11.2
Schadefunctie zout water voertuigen .................................................................................... 17
2.11.3
Schadefunctie zout water landbouw, weiland en recreatie .................................................. 18
2.12
Indirecte schade ............................................................................................................................ 18
2.12.1
Indirecte schade woningen en inboedels .............................................................................. 18
2.12.2
Indirecte schade industrie...................................................................................................... 20
2.13
Drempelwaarden LATIS ................................................................................................................. 21
3
Besluit ...................................................................................................................................................... 22
4
Referentielijst .......................................................................................................................................... 24
BIJLAGE 1
Tabelweergave schadefuncties LATIS 3.0 (deel 1) ..................................................................... B1
BIJLAGE 2
– Tabelweergave schadefunctie LATIS 3.0 (deel 2) ................................................................... B2
BIJLAGE 3
– Tabelweergave schadefuncties LATIS 4.0 (deel 1) .................................................................. B3
BIJLAGE 4
– Tabelweergave schadefuncties LATIS 4.0 (deel 2) .................................................................. B4
Definitieve versie
WL2021R13_159_10
V
Ontwikkeling LATIS 4 - Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties
Lijst van de tabellen Tabel 1 - schadefuncties voor woningen voor zoet en zout water ................................................................. 16 Tabel 2 - Indirecte schade woningen en inboedels ......................................................................................... 19 Tabel 3 - Indirecte schade industrie ................................................................................................................ 20 Tabel 4 - Overzicht aanpassingen schadefuncties ........................................................................................... 22
VI
WL2021R13_159_10
Definitieve versie
Ontwikkeling LATIS 4 - Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties
Lijst van de figuren Figuur 1 Schadefunctie woningen LATIS 3.0 en Nederland (blauw) en gemiddelde schadefunctie woningen internationaal (groen) ....................................................................................................................................... 3 Figuur 2 Schadefunctie woningen LATIS 4.0...................................................................................................... 4 Figuur 3 - Schadefunctie inboedel LATIS 3.0 en Nederland (blauw) en gemiddelde schadefunctie inboedel internationaal (groen) ....................................................................................................................................... 5 Figuur 4 - Schadefunctie voertuigen LATIS 3.0 .................................................................................................. 6 Figuur 5 - Schadefunctie voertuigen Nederland (blauw) en schadefunctie voertuigen HAZUS (groen)........... 7 Figuur 6 - Schadefunctie recreatie LATIS 3.0 ..................................................................................................... 8 Figuur 7 - Schadefunctie recreatie Nederland................................................................................................... 8 Figuur 8 - Schadefunctie landbouw LATIS 3.0 ................................................................................................... 9 Figuur 9 - Schadefunctie weiland LATIS 3.0..................................................................................................... 10 Figuur 10 - Schadefunctie wegen en spoorwegen LATIS 3.0 ........................................................................... 11 Figuur 11 - Nieuw voorgestelde schadefunctie wegen en spoorwegen Nederland ....................................... 12 Figuur 12 - Schadefunctie industrie LATIS 3.0 ................................................................................................. 13 Figuur 13 - Schadefunctie industrie Nederland (blauw) en gemiddelde schadefunctie industrie (groen) links en afzonderlijke internationale schadefuncties industrie rechts. ................................................................... 13 Figuur 14 - Schadefunctie zendinstallaties LATIS 3.0 ...................................................................................... 14 Figuur 15 - Schadefunctie ondergrondse parkeergarages LATIS 3.0 ............................................................... 15 Figuur 16 - Schadefunctie woningen LATIS 3.0 en LATIS 4.0 (zoet & zout) ..................................................... 17 Figuur 17 - Schadefunctie voertuigen (zoet & zout)........................................................................................ 17 Figuur 18 - Schadefuncties LATIS 4.0 ............................................................................................................... 23
Definitieve versie
WL2021R13_159_10
VII
Ontwikkeling LATIS 4 - Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties
1 Inleiding In de huidige versie van LATIS wordt de economische schade en het aantal slachtoffers bij overstromingen bepaald op basis van landgebruiksinformatie, socio-economische data en schadefuncties (ook verdrinkingsfuncties genoemd wanneer het specifiek over slachtoffers gaat). De landgebruiksinformatie geeft de ligging van gebouwen, wegen, akkerland, weiland, … aan en wordt gecombineerd met de socioeconomische data die de waarde van de verschillende landgebruikscategorieën bevat. Door deze combinatie kan een maximale schadekaart opgesteld worden die de schade weergeeft die zou optreden als een overstroming de verschillende types landgebruik volledig zou vernietigen. Aan de hand van schadefuncties die de werkelijke schade bij verschillende waterdieptes aangeven, kunnen de maximale schadekaarten gecombineerd worden met overstromingskaarten om zo tot werkelijke schadekaarten te komen bij die bepaalde overstroming. Door deze laatste werkelijke schadekaarten voor verschillende terugkeerperiodes aan te maken en te integreren met de risicoformule, wordt het economisch risico berekend. Voor het berekenen van het slachtofferrisico wordt een analoge methodologie gebruikt, alleen wordt hierbij geen gebruik gemaakt van schadefuncties gebaseerd op waterdieptes maar van verdrinkingsfuncties gebaseerd op stroomsnelheid, stijgsnelheid en waterdiepte. In het kader van de Europese Overstromingsrichtlijn (Richtlijn 2007/60/EG) wordt LATIS 4.0 ontwikkeld. Deze nieuwe versie van de risico-software zal in vergelijking met de vorige versie drie nieuwe modules bevatten: een module voor het berekenen van de sociale impact, een module voor het berekenen van de culturele impact en een module voor het berekenen van de ecologische impact van overstromingen. Verder werden er ook enkele methodologische verbeteringen uitgevoerd. De schadefuncties die momenteel gebruikt worden in LATIS 3.0 dateren reeds uit 2002. In LATIS bestaat de mogelijkheid om schades en risico’s te bepalen zowel bij overstromingen met zoet water als met zou water. Voor de klasse woningen en voertuigen bestaat er namelijk een afzonderlijke schadefunctie voor zoet en zout water. Bij de andere LATIS klassen wordt voor zoet en zout water dezelfde schadefunctie gebruikt. Voor de klassen recreatie, landbouw en weiland is de maximale schadewaarde verschillend, afhankelijk van het feit of het gaat om een overstroming met zoet water of één met zout water. In de literatuur werd nagegaan of er eventueel updates mogelijk zijn van de schadefuncties. Het grootste deel van de schadefuncties die momenteel gebruikt worden in Vlaanderen, zijn overgenomen uit Nederland. Eind 2015 bracht Deltares een rapport uit waarbij alle gebruikte schadefuncties (in Nederland maakt men geen onderscheid tussen zoet en zout water), waarvan sommige reeds recenter waren dan 2002, in het Nederlandse model vergeleken werden met de overeenkomstige schadefuncties uit de internationale literatuur. Na een “expert judgement” resulteerde dit in een update van enkele schadefuncties (De Bruijn et al., 2015). In dit rapport zullen de schadefuncties uit het Vlaamse model vergeleken worden met de update van de schadefuncties uit het rapport van De Bruijn et al. (2015). Alle functies werden afzonderlijk voorgelegd aan experten en al dan niet aangepast.
Definitieve versie
WL2021R13_159_10
1
Ontwikkeling LATIS 4 - Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties
2 Schadefuncties LATIS Om de werkelijke schade uit te drukken werden functies opgesteld die het verband tussen de waterdiepte en de schadefactor aangeven. Deze functies worden ook wel de schadefuncties genoemd. In Vlaanderen zijn er te weinig gegevens voor handen om op empirische wijze schadefuncties af te leiden. Daarom wordt gebruik gemaakt van, in hoofdzaak, Nederlandse schadefuncties. Momenteel wordt er in LATIS 3.0 gebruik gemaakt van 15 schadefuncties: -
1 schadefunctie voor woningen bij zoet water
-
1 schadefunctie voor inboedel
-
1 schadefunctie voor voertuigen bij zoet water
-
4 schadefuncties voor industrie
-
1 schadefunctie voor recreatie
-
1 schadefunctie voor akkerland
-
1 schadefunctie voor weiland
-
1 gezamenlijke schadefunctie voor wegen en spoorwegen
-
1 schadefunctie voor zendinstallaties
-
1 schadefunctie voor ondergrondse parkeergarages
-
1 schadefunctie voor woningen bij zout water
-
1 schadefunctie voor voertuigen bij zout water
Alle schadefuncties die gebruikt worden in LATIS 3.0 en gebruikt zullen worden in LATIS 4.0 worden in tabelweergave weergegeven in Bijlage 1, 2, 3 en 4.
2.1 Schadefunctie zoet water woningen De schadefunctie voor woningen die momenteel in LATIS 3.0 toegepast wordt, heeft betrekking op de woning zelf, niet op de inboedel en dateert uit 2001 (Van der Sande, 2001). Deze functie wordt eveneens gebruikt voor puntelementen kastelen, rusthuizen en schoolgebouwen. α=
α=
𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣 0 ≤ d ≤ 100
𝑑𝑑 − 0,01
𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣 100 ≤ d ≤ 200
33 ∗ 10000
𝑑𝑑 − 0,64
𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣 300 ≤ d ≤ 400
24 ∗ 10000
α=
32 ∗ 10000
d = waterdiepte uitgedrukt in cm
𝑑𝑑
6 ∗ 10000
α= α=
2
5 ∗ 10000
α=1
𝑑𝑑 − 0,37 𝑑𝑑 − 0,6
𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣 200 ≤ d ≤ 300 𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣 400 ≤ d ≤ 500 𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣 500 ≤ d
WL2021R13_159_10
Definitieve versie
Ontwikkeling LATIS 4 - Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties
In Nederland maakt men altijd gebruik van 4 verschillende schadefuncties voor woningen. Er wordt namelijk een onderscheid gemaakt tussen 4 woningtypes: 1) “Single-family houses” en “Farms”: dit zijn onder andere bungalows, herenhuizen, villa’s, rijwoningen en boerderijen. De schadefunctie die voor dit type gebruikt wordt, wordt in Vlaanderen gebruikt voor alle woningen (Figuur 1). 2) “Low-rise buildings”: dit zijn onder andere maisonnettes en residentiële ruimtes boven winkels. 3) “Middle-range apartment buildings”: dit zijn gebouwen met minder dan 4 verdiepingen. 4) “High-rise apartment buildings”: dit zijn gebouwen met meer dan 4 verdiepingen. Figuur 1 toont enerzijds de schadefunctie voor “Single-family houses” en “Farms” in het blauw (stemt overeen met de schadefunctie voor woningen die momenteel in LATIS 3.0 wordt gebruikt) en anderzijds een gemiddelde schadefunctie van verschillende schadefuncties voor woningen die internationaal gebruikt worden: Gauderis (2012), FLEMO (Kreibich, 2010), HAZUS (FEMA, 2009), MCM (Penning-Rowsell, 2005), Rhine Atlas (ICPR, 2001) en Tebodin (Sluijs, 2000). Single-family houses en Farm houses
Gemiddelde woningen internationaal
1 0,9 0,8
Schadefactor (α)
0,7 0,6 0,5 0,4 0,3 0,2 0,1 0 0
50
100
150
200
250
300
350
400
450
500
Waterdiepte (cm) Figuur 1 Schadefunctie woningen LATIS 3.0 en Nederland (blauw) en gemiddelde schadefunctie woningen internationaal (groen)
De eerste 2 meter is de schadefactor dubbel zo groot bij de gemiddelde schadefunctie als bij de schadefunctie die gebruikt wordt in Nederland en Vlaanderen. Tussen 2 en 5 meter is er sterke stijging van de blauwe functie en bij 5 meter wordt de maximale schade bereikt. Deze stijging is te wijten aan het feit dat er in Nederland en Vlaanderen verwacht wordt dat huizen instorten bij hoge waterdieptes. In de internationale literatuur gaat men niet uit van dit principe, waardoor bij 5 m slechts 50% van de maximale schade bereikt is. In Nederland werd besloten dat verder onderzoek noodzakelijk is en werd gekozen om de huidige schadefunctie te behouden. De experten in Vlaanderen opteren ervoor om de maximale potentiële schade weer te geven. De nieuwe schadefunctie voor woningen in Vlaanderen zal gevormd worden door een combinatie van de twee bovenstaande functies. Eerst zal de groene functie gevolgd worden tot op het moment dat beide schadefuncties elkaar snijden. Vanaf dat moment zal de blauwe functie gevolgd worden. Dit leidt tot een nieuwe schadefunctie die getoond wordt in Figuur 2 en in bijlage 2 in tabelvorm. De Definitieve versie
WL2021R13_159_10
3
Ontwikkeling LATIS 4 - Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties
schadefunctie is enkel beschikbaar in tabelvorm omdat de nieuwe schadefunctie een combinatie is van verschillende schadefuncties. Het overnemen van de groene schadefunctie voor het eerste deel zal leiden tot bijna een verdubbeling van de schadewaarden voor de eerste 2 meter.
1 0,9 0,8
Schadefactor (α)
0,7 0,6 0,5 0,4 0,3 0,2 0,1 0 0
50
100
150
200
250
300
350
400
450
500
Waterdiepte (cm) Figuur 2 Schadefunctie woningen LATIS 4.0
In Vlaanderen wordt er momenteel nog geen onderscheid gemaakt tussen verschillende woningtypes, zoals dit wel het geval is in Nederland. In de toekomst kan er gekeken worden of deze mogelijkheid bestaat. Door gebruik te maken van het 3D GRB, dat de hoogte als attribuut bezit, zou het mogelijk moeten zijn om een onderscheid te maken tussen verschillende woningtypes. Vervolgens is het mogelijk om afzonderlijke schadefuncties te gebruiken voor deze verschillende woningtypes. In Beullens et al. (2017) wordt een vergelijking gemaakt tussen de twee schadefuncties, door met beide functies een LATIS berekening uit te voeren voor 2 studiegebieden. Bij een T1000 overstroming van de Dender in Geraardsbergen ligt de schade duidelijk hoger met de nieuwe schadefunctie dan met de oude schadefunctie (121 miljoen euro t.o.v. 115 miljoen euro). De hogere schadewaarden worden enkel berekend in de landgebruiksklassen die de schadefunctie voor woningen volgen (residentiële gebouwen, scholen en rusthuizen). Ook voor een T100 overstroming van de Ijzer wordt een toename vastgesteld, al is deze wel een stuk kleiner (12 miljoen euro t.o.v. 12,2 miljoen euro).
4
WL2021R13_159_10
Definitieve versie
Ontwikkeling LATIS 4 - Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties
2.2 Schadefunctie inboedel De schadefunctie voor de inboedel in LATIS 3.0 wordt toegepast voor het berekenen van de werkelijke schade aan de inboedel en is overgenomen uit Van der Sande (2001). α=
α= α= α= d = waterdiepte uitgedrukt in cm
47 ∗ 10000
𝑑𝑑
𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣 0 ≤ d ≤ 100
3 ∗ 10000
𝑑𝑑 + 0,44 𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣 100 ≤ d ≤ 200
17 ∗ 10000
𝑑𝑑 + 0,15
16 ∗ 10000
α=1
𝑑𝑑 + 0,18
𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣 200 ≤ d ≤ 300 𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣 300 ≤ d ≤ 500 𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣 500 ≤ d
Figuur 3 toont enerzijds de schadefunctie voor inboedel voor “Single-family houses” en “Farms” in het blauw (stemt overeen met de schadefunctie voor inboedel in LATIS 3.0) en anderzijds een gemiddelde schadefunctie van verschillende schadefuncties voor inboedel die internationaal gebruikt worden: Gauderis (2012), FLEMO (Kreibich, 2010), HAZUS (FEMA, 2009), MCM (Penning-Rowsell, 2005), Rhine Atlas (ICPR, 2001) en Tebodin (Sluijs, 2000). Single-family houses en Farm houses
Gemiddelde inboedel internationaal
1 0,9 0,8
Schadefactor (α)
0,7 0,6 0,5 0,4 0,3 0,2 0,1 0 0
50
100
150
200
250
300
350
400
450
500
Waterdiepte (cm) Figuur 3 - Schadefunctie inboedel LATIS 3.0 en Nederland (blauw) en gemiddelde schadefunctie inboedel internationaal (groen)
De schadefunctie voor inboedel, die gebruikt wordt in Nederland en Vlaanderen (blauwe functie), toont de eerste meter een sterke stijging. Dit komt omdat de meeste inboedel laag tegen de grond staat. Tussen 1 en 2 meter zal er zich minder inboedel bevinden. Vanaf 2,5 m loopt de schade weer sterk op omdat de inboedel op de tweede verdieping dan geraakt wordt. Deze schadefunctie geeft aan dat bij een waterdiepte van 5 m
Definitieve versie
WL2021R13_159_10
5
Ontwikkeling LATIS 4 - Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties
de maximale schade voor inboedel bereikt is. In de internationale literatuur (groene functie) loopt de schade in het begin ook sterk op, maar de maximale schade wordt nooit bereikt. In Nederland werd besloten dat de maximale schade aan inboedel wel bereikt kan worden en dus blijft de schadefunctie behouden zoals ze is. Ook in Vlaanderen werd er door de experten besloten om de huidige schadefunctie voor inboedel te behouden.
2.3 Schadefunctie zoet water voertuigen Voor voertuigen wordt de maximale schade reeds bereikt bij 200 cm (Figuur 4). Deze functie wordt in LATIS 3.0 toegepast op de klasse voertuigen die verdeeld worden over de bebouwing, industrie en infrastructuur. De functie werd overgenomen uit Van der Sande (2001). α= d = waterdiepte uitgedrukt in cm
5 ∗ 𝑑𝑑 1000
𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣 0 ≤ d ≤ 200
α=1
𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣 200 ≤ d
1 0,9 0,8
Schadefactor (α)
0,7 0,6 0,5 0,4 0,3 0,2 0,1 0 0
50
100
150
200
250
300
350
400
450
500
Waterdiepte (cm) Figuur 4 - Schadefunctie voertuigen LATIS 3.0
Figuur 5 toont enerzijds de schadefunctie voor voertuigen die momenteel gebruikt wordt in Nederland (blauw) en anderzijds de schadefunctie voor voertuigen die momenteel gebruikt wordt in de USA (groen). De schadefunctie die gebruikt wordt in Nederland is verschillend van deze die gebruikt wordt in Vlaanderen.
6
WL2021R13_159_10
Definitieve versie
Ontwikkeling LATIS 4 - Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties
Figuur 5 - Schadefunctie voertuigen Nederland (blauw) en schadefunctie voertuigen HAZUS (groen)
De Nederlandse schadefunctie geeft aan dat voertuigen de eerste halve meter geen schade oplopen. Vanaf dan neemt de schade lineair toe. Bij 5 m is 80% van de maximale schade aan voertuigen bereikt. In de USA daarentegen loopt het voertuig de eerste halve meter al 20% van de maximale schade op. Daarna stijgt de schade nog sneller en bij een waterdiepte van 1 m is de maximale schade bereikt. In Nederland hebben de experten besloten dat de schadefunctie uit de USA meer realistisch is en dat deze gebruikt zal worden als de nieuwe schadefunctie voor voertuigen in het Nederlandse model. De schadefunctie voor voertuigen in Vlaanderen (Figuur 4) heeft een lineair verloop en de maximale schade wordt bereikt bij een waterdiepte van 2 m. Samen met de experten werd besloten om geen aanpassingen te doen aan deze functie en de schadefunctie voor voertuigen te behouden.
2.4 Schadefunctie recreatie De schadefunctie voor recreatie in LATIS 3.0 bereikt haar maximum reeds bij een waterdiepte van 50 cm (Figuur 6). De reden hiervoor is dat het, in hoofdzaak, enkel gaat om opruimkosten en kleine herstellingen. De gebouwen en infrastructuren op deze domeinen zijn al vervat in de klasse infrastructuur. α= d = waterdiepte uitgedrukt in cm
Definitieve versie
2 ∗ 100
α=1
𝑑𝑑
𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣 0 ≤ d ≤ 50 𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣𝑣 50 ≤ d
WL2021R13_159_10
7
Ontwikkeling LATIS 4 - Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties
1 0,9
Schadefactor (α)
0,8 0,7 0,6 0,5 0,4 0,3 0,2 0,1 0 0
50
100
150
200
250
300
350
400
450
500
Waterdiepte (cm) Figuur 6 - Schadefunctie recreatie LATIS 3.0
Figuur 7 toont de schadefunctie voor recreatie die gebruikt wordt in Nederland. Deze functie wordt in Nederland ook gebruikt voor akkerland en weiland. De schadefunctie loopt minder snel op dan deze gebruikt in Vlaanderen, omwille van de definitie van het bodemgebruik. In Nederland bevat de klasse recreatie ook de gebouwen en infrastructuren op de recreatiegebieden, waardoor de maximale schade minder snel bereikt zal worden. d d d α = MIN( ; 0,24 ∗ + 0,4; 0,07 ∗ + 0,75; 1) 100 100 100 d = waterdiepte uitgedrukt in cm 1
0,9 0,8 Schadefactor (α)
0,7 0,6 0,5 0,4 0,3 0,2 0,1 0 0
50
100
150
200
250
300
350
400
450
500
Waterdiepte (cm) Figuur 7 - Schadefunctie recreatie Nederland
Zowel in Nederland als in Vlaanderen werd er besloten om geen aanpassingen te doen aan deze functies en de functies te behouden.
8
WL2021R13_159_10
Definitieve versie
Ontwikkeling LATIS 4 - Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties
2.5 Schadefunctie landbouw In de eerste versies van LATIS werd voor landbouw dezelfde schadefunctie gebruikt als deze in Nederland (Figuur 7). Sinds 2008 wordt er gebruik gemaakt van een andere schadefunctie (Deckers et al., 2008): Groenten en fruit, aardappelen en suikerbieten worden bij een overstroming volledig vernietigd, ongeacht de waterhoogte. De verschillende graangewassen kunnen nog geoogst worden bij een geringe waterdiepte (weliswaar met een opbrengstverlies van 50%) maar er wordt vanuit gegaan dat die ook vernietigd zijn wanneer er meer dan 25 cm water is. Aangezien het aangeraden is om slechts met één schadefunctie te werken voor akkerland werden deze waarden geaggregeerd volgens de totale oppervlakte in Vlaanderen van de verschillende gewassen (± 9 miljoen ha graangewassen en ± 24 miljoen ha andere gewassen). Het resultaat is onderstaande schadefunctie (Figuur 8): 0 cm = 0% schade; 1 tot 25 cm = 86% schade; 26 of meer cm 100% schade (Deckers et al., 2008). 1 0,9 0,8
Schadefactor (α)
0,7 0,6 0,5 0,4 0,3 0,2 0,1 0 0
50
100
150
200
250
300
350
400
450
500
Waterdiepte (cm) Figuur 8 - Schadefunctie landbouw LATIS 3.0
In Nederland behouden ze de schadefunctie voor recreatie (Figuur 7) als schadefunctie voor akkerland. In Vlaanderen besloten de experten om de schadefunctie voor landbouw, gebruikt in LATIS 3.0 (Figuur 8), te behouden als schadefunctie voor akkerland.
Definitieve versie
WL2021R13_159_10
9
Ontwikkeling LATIS 4 - Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties
2.6 Schadefunctie weiland In de eerste versies van LATIS werd voor weiland dezelfde schadefunctie gebruikt als deze in Nederland voor landbouw (Figuur 7). Sinds 2008 wordt er gebruik gemaakt van een andere schadefunctie (Deckers et al., 2008). Grassen hebben een zeer lage gewashoogte en het gras zal bij zeer lage waterstanden reeds bedekt worden met een sliblaag. Daarom werd de schadefunctie voor weiland herwerkt tot een binaire functie (Figuur 9). Als er geen water is, is de werkelijke schade 0% van de maximale schade; als de waterhoogte minstens 1 cm is, dan is de werkelijke schade 100% (Deckers et al., 2008). 1 0,9 0,8
Schadefactor (α)
0,7 0,6 0,5 0,4 0,3 0,2 0,1 0 0
50
100
150
200
250
300
350
400
450
500
Waterdiepte (cm) Figuur 9 - Schadefunctie weiland LATIS 3.0
In Nederland behouden ze Figuur 7als schadefunctie voor weiland. In Vlaanderen besloten de experten om de bestaande schadefunctie voor weiland (Figuur 9) te behouden als schadefunctie voor weiland.
10
WL2021R13_159_10
Definitieve versie
Ontwikkeling LATIS 4 - Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties
2.7 Schadefunctie wegen en spoorwegen De schadefunctie voor wegen en spoorwegen in LATIS 3.0 (Figuur 10) werd overgenomen van de Technische Adviescommissie Waterkeringen (TAW). Deze functie is beschreven in Vrisou van Eck et al. (1999): α = MIN(0,28 ∗
d = waterdiepte uitgedrukt in cm
d d ; 0,18 ∗ + 0,1; 1) 100 100
1 0,9 0,8
Schadefactor (α)
0,7 0,6 0,5 0,4 0,3 0,2 0,1 0 0
50
100
150
200
250
300
350
400
450
500
Waterdiepte (cm) Figuur 10 - Schadefunctie wegen en spoorwegen LATIS 3.0
In Nederland zal er gebruik gemaakt worden van een nieuwe schadefunctie voor wegen en spoorwegen (Figuur 11). Deze nieuwe schadefunctie werd gevormd op basis van een systematische expert judgement benadering zoals togepast in de MCM (Penning-Roswell et al, 2005). Er wordt vanuit gegaan dat de meeste schade optreedt in de eerste meters waterdiepte aangezien de potentiële schade bestaat uit verkeerslichten, installaties en opruim. De nieuwe functie stijgt traag omdat de wegen niet kwetsbaar zijn voor zeer lage waterdieptes (< 25 cm). Dan neemt de schade sterk toe omdat de elektrische infrastructuur geraakt wordt. Daarna wordt de functie minder steil omdat het additionele water de schade niet meer aanzienlijk zal beïnvloeden.
Definitieve versie
WL2021R13_159_10
11
Ontwikkeling LATIS 4 - Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties
1 0,9 0,8
Schadefactor (α)
0,7 0,6 0,5 0,4 0,3 0,2 0,1 0 0
50
100
150
200
250
300
350
400
450
500
Waterdiepte (cm) Figuur 11 - Nieuw voorgestelde schadefunctie wegen en spoorwegen Nederland
Beide schadefuncties (Figuur 10 en Figuur 11) werden voorgelegd aan Agentschap Wegen en Verkeer (AWV) en Infrabel om na te gaan naar welke functie hun voorkeur uitging. Zowel AWV als Infrabel stelden dat de schadefunctie van Figuur 11 meer realistisch is en dus wordt deze functie, net zoals in Nederland, de nieuwe schadefunctie voor wegen en spoorwegen. In Beullens et al. (2017) wordt ook een vergelijking gemaakt tussen beide functies. Bij een T1000 overstroming van de Dender in Geraardsbergen ligt de schade duidelijk hoger met de nieuwe schadefunctie dan met de oude schadefunctie (119 miljoen euro t.o.v. 115 miljoen euro). De hogere schadewaarden worden enkel berekend in de landgebruiksklasse die de schadefunctie voor wegen en spoorwegen volgt (wegen en spoorwegen). Ook voor een T100 overstroming van de Ijzer wordt een toename vastgesteld (13 miljoen euro t.o.v. 12 miljoen euro).
2.8 Schadefunctie industrie Voor de klasse industrie wordt er in LATIS 3.0 gebruik gemaakt van 3 schadefuncties voor 4 verschillende nijverheidstypes (Figuur 12): 1) Schadefunctie voor nijverheidstype fabriek en werkplaats 2) Schadefunctie voor nijverheidstype zware industrie 3) Schadefunctie voor nijverheidstype overige industrie Deze functies zijn niet, zoals de meeste functies, overgenomen uit Nederland, maar wel uit Groot-Brittannië (Penning-Rowsell et al., 2005). De 16 industrietypes die gebruikt worden binnen LATIS werden elk gekoppeld aan 1 nijverheidstype op basis van “expert judgement”.
12
WL2021R13_159_10
Definitieve versie
Ontwikkeling LATIS 4 - Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties
Schadefunctie Fabriek en werkplaats
Schadefunctie Zware industrie
0
200
Schadefunctie Overige Industrie
1 0,9
Schadefactor (α)
0,8 0,7 0,6 0,5 0,4 0,3 0,2 0,1 0 50
100
150
250
300
350
400
450
500
Waterdiepte (cm) Figuur 12 - Schadefunctie industrie LATIS 3.0
Figuur 13 toont links de schadefunctie voor industrie (blauw) die gebruikt wordt in Nederland en de gemiddelde schadefunctie (groen) van alle afzonderlijke schadefuncties (rechts) uit de internationale literatuur. In Nederland wordt er slechts 1 functie voor industrie gebruikt, terwijl in Vlaanderen 3 functies gebruikt worden.
Figuur 13 - Schadefunctie industrie Nederland (blauw) en gemiddelde schadefunctie industrie (groen) links en afzonderlijke internationale schadefuncties industrie rechts.
In Nederland werd er voor de huidige schadefunctie voor industrie een goed alternatief gevonden met de Tebodin functies. Sluijs et al. (2000) maakt een onderscheid tussen 18 verschillende industrietypes en elk type heeft zijn eigen schadefunctie. De Bruijn et al. (2015) verkiest om het gemiddelde te bepalen van al deze 18 functies en deze te gebruiken als nieuwe schadefunctie voor industrie in Nederland (Figuur 13, groene functie rechter figuur). Deze functie volgt meer het patroon van de andere schadefuncties voor industrie uit de internationale literatuur. Opvallend is dat de maximale schade niet bereikt wordt.
Definitieve versie
WL2021R13_159_10
13
Ontwikkeling LATIS 4 - Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties
In Vlaanderen besloten de experten dat de maximale schade wel bereikt kan worden en dat de drie functies die momenteel gebruikt worden een hogere graad van detail geven dan één gemiddelde functie. Hierdoor zullen de schadefuncties voor industrie die momenteel gebruikt worden, behouden blijven. In de toekomst is het mogelijk om de 3 schadefuncties uit te breiden naar de 18 Tebodin functies om die detailgraad te verhogen. Een aanpassing in de raster laag industrie zal ervoor zorgen dat ook andere bestanden van het BLP opnieuw aangepast zullen moeten worden, want het industrie raster vormt een inputbestand voor andere modules. Hierdoor zullen deze modules opnieuw doorlopen moeten worden. Overschakelen naar 18 schadefuncties voor industrie zal ook leiden tot aanpassingen in de code. Deze update paste niet meer in het tijdsbestek van deze studie.
2.9 Schadefunctie zendinstallaties Voor zendinstallaties wordt een afzonderlijke schadefunctie gebruikt (Figuur 14). Zij leiden schade als hun infrastructuur aan de pyloon te maken heeft met wateroverlast. De functie is overgenomen uit Vrisou van Eck et al. (1999) en deze functie zal behouden blijven. α = MIN(0,8 ∗
d d ; 0,34 ∗ + 0,15; 1) 100 100
100
200
d = waterdiepte uitgedrukt in cm 1 0,9 0,8
Schadefactor (α)
0,7 0,6 0,5 0,4 0,3 0,2 0,1 0 0
50
150
250
300
350
400
450
500
Waterdiepte (cm) Figuur 14 - Schadefunctie zendinstallaties LATIS 3.0
14
WL2021R13_159_10
Definitieve versie
Ontwikkeling LATIS 4 - Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties
2.10 Schadefunctie ondergrondse parkeergarage De schadefunctie voor ondergrondse parkeergarages is een binaire functie (Figuur 15) en zal ook behouden blijven. Geen schade als er geen water is, een schade gelijk aan de vervangingswaarde (schadecoëfficiënt = 1) indien er water is. Voor ondergrondse parkeergarages wordt wel gekeken naar een mogelijke drempel waar het water over moet alvorens de garage in te stromen. Deze drempelhoogten t.o.v. het maaiveld worden in een afzonderlijk bestand aan de modellering toegevoegd. 1 0,9 0,8
Schadefactor (α)
0,7 0,6 0,5 0,4 0,3 0,2 0,1 0 0
50
100
150
200
250
300
350
400
450
500
Waterdiepte (cm) Figuur 15 - Schadefunctie ondergrondse parkeergarages LATIS 3.0
2.11 Schadefuncties zout water De schade bepaald met behulp van bovenstaande functies vertrok van de veronderstelling dat het ging om schade ten gevolge van overstromingen uit rivieren waarvan het debiet (grotendeels) bepaald werd door de neerslag. Het water in deze rivieren (hoewel zeker niet altijd even proper) kan zoet verondersteld worden. Indien we te maken hebben met overstromingen vanuit de zee of met water uit tijdgebonden delen van rivieren, is deze veronderstelling niet altijd meer geldig. De schade die optreedt door zout water zal in een aantal gevallen namelijk groter zijn dan wanneer het over zoet water gaat. Vanneuville et al. (2003) kwam tot de conclusie dat de schade aan woningen, voertuigen, recreatie, landbouw en weiland ten gevolge van zout en zoet water niet gelijk kan worden verondersteld. Voor alle andere klassen is de schade voor zoet en zout water dezelfde. 2.11.1 Schadefunctie zout water woningen De schadefunctie voor woningen ten gevolge van zout water werd opgesteld door de verhouding van de schadefactor voor zout water en deze voor zoet water (uit Penning-Rowsell et al, 2003) te nemen (recentere bron werd niet teruggevonden) en deze te vermenigvuldigen met de schadefactor voor nieuwe schade aan woningen voor zoet water voor LATIS 4.0 (Tabel 1). Voor waterdiepten groter dan 3.25 meter (waarvoor geen gegevens beschikbaar zijn in Penning-Rowsell et al. 2003) is gekeken naar de verhouding in de buurt van 3 meter. Als benadering werd gekozen voor een factor 1,3 als verschil tussen de schadefunctie voor zoet en
Definitieve versie
WL2021R13_159_10
15
Ontwikkeling LATIS 4 - Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties
zout water. De schadefunctie voor LATIS 3.0 en LATIS 4.0 voor zowel zoet als zout water worden weergegeven in Figuur 16. Tabel 1 - schadefuncties voor woningen voor zoet en zout water
16
Diepteklasse (m)
Verhouding zout/zoet water (Penning-Rowsell et al, 2003)
Woningen (zoet)
Woningen (zout)
[0.01; 0.26[
3
0.00
0.00
[0.26; 0.51[
1.8181818
0.06
0.11
[0.51; 0.76[
1.6428571
0.08
0.13
[0.76; 1.01[
1.5
0.09
0.14
[1.01; 1.26[
1.4705882
0.11
0.16
[1.26; 1.51[
1.4210526
0.13
0.18
[1.51; 1.76[
1.3809524
0.14
0.19
[1.76; 2.01[
1.3913043
0.17
0.24
[2.01; 2.26[
1.44
0.20
0.29
[2.26; 2.51[
1.4444444
0.23
0.33
[2.51; 2.76[
1.3666667
0.26
0.36
[2.76; 3.01[
1.3030303
0.29
0.38
[3.01; 3.26[
1.2857143
0.35
0.45
[3.26; 3.51[
1.3
0.43
0.56
[3.51; 3.76[
1.3
0.52
0.68
[3.76; 4.01[
1.3
0.60
0.78
[4.01; 4.26[
1.3
0.68
0.88
[4.26; 4.51[
1.3
0.76
0.99
[4.51; 4.76[
1.3
0.84
1.00
[4.76; 5.01[
1.3
0.92
1.00
[5.01; ∞[
1.3
1.00
1.00
WL2021R13_159_10
Definitieve versie
Ontwikkeling LATIS 4 - Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties
Schadefunctie Woningen zoet LATIS 3.0 Schadefunctie woningen zout LATIS 3.0 Schadefunctie Woningen zoet LATIS 4.0
Schadefactor (α)
Schadefunctie Woningen zout LATIS 4.0 1 0,9 0,8 0,7 0,6 0,5 0,4 0,3 0,2 0,1 0 0
50
100
150
200
250
300
350
400
450
500
Waterdiepte (cm) Figuur 16 - Schadefunctie woningen LATIS 3.0 en LATIS 4.0 (zoet & zout)
2.11.2 Schadefunctie zout water voertuigen De schade aan voertuigen ten gevolge van zout water is beschreven in Vrisou van Eck et al. (1999). α = MIN(0,17 ∗
d = waterdiepte uitgedrukt in cm
d d d − 0,03; 0,72 ∗ − 0,3; 0,31 ∗ + 0,1; 1) 100 100 100
De schadefunctie zal net zoals deze voor zoet water behouden blijven, omwille van het feit dat er geen recentere informatiebronnen teruggevonden werden. Beide schadefuncties worden weergegeven in Figuur 17. Schadefunctie Voertuigen zoet
Schadefunctie Voertuigen zout
1 0,9
Schadefactor (α)
0,8 0,7 0,6 0,5 0,4 0,3 0,2 0,1 0 0
50
100
150
200
250
300
350
400
450
500
Waterdiepte (cm) Figuur 17 - Schadefunctie voertuigen (zoet & zout)
Definitieve versie
WL2021R13_159_10
17
Ontwikkeling LATIS 4 - Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties
2.11.3 Schadefunctie zout water landbouw, weiland en recreatie Onderstaande methodologie dateert uit 2003 (Vanneuville et al., 2003) en zal ook in LATIS 4 gevolgd worden, omwille van het feit dat er geen nieuwe bronnen beschikbaar zijn. De schade aan de landbouw ten gevolge van zout water is beschreven in Wösten 2002. Een aantal redenen worden aangegeven waarom de schade ten gevolge van zout water groter is dan deze ten gevolge van zoet water doordat het een bepaalde tijd duurt voor het zoute water is uitgespoeld. De belangrijkste zijn: -
Structuurbederf van de bodem Verschillende zoutgevoeligheid van de gewassen
De schadefunctie die het verband geeft tussen het aandeel van de potentiële schade en de waterdiepte weergeeft wordt hier niet aangepast, maar de maximaal potentiële schade wordt aangepast. Aangezien gewerkt wordt met gemiddelden wordt een gemiddelde zoutgevoeligheid van de gewassen verondersteld en een gemiddeld structuurbederf. Een overstroming met zout water heeft tot gevolg dat de oogst van het jaar volgend op de overstroming en zelfs de daaropvolgende jaren minder zal zijn dan zonder deze overstroming met zout water. Het herstel van de bodem kan in praktijk sterk versneld worden door kalk toe te voegen. Deze kosten zijn dan ook in rekening gebracht. De aanpassing van de potentiële maximale schade bestaat dan uit een verdubbeling van de schade ten gevolge van zoet water (waarbij de schadefunctie behouden blijft) vermeerderd met een vast bedrag van €0,05/m² voor het toedienen van kalk om het structuurherstel te versnellen en de effecten van de overstroming weg te werken na twee jaar (vandaar de verdubbeling van de maximale schade). Voor schade aan weiland gebeurt dit op exact dezelfde manier. De schade aan recreatie is zeer klein (€0.03/m²). De schade ten gevolge van zout water is eveneens klein, maar in Wösten (2002) wordt melding gemaakt van een laag slib die afgezet is en van het viltig zijn van de bodem. Arbitrair, doch evenwel naar analogie met de schade aan de landbouw en het weiland, wordt de maximale schade aan recreatie vermenigvuldigd met een factor 2. Al deze bewerkingen zijn geïmplementeerd in de LATIS broncode. Hierbij moet wel vermeld worden dat het bodemgebruik recreatie exclusief de grote infrastructuren en gebouwen is die op deze terreinen staan. De schade hieraan wordt berekend met een hogere potentiële schade, namelijk de maximale schade aan infrastructuren en gebouwen die een stuk hoger ligt dan deze van recreatie.
2.12 Indirecte schade 2.12.1 Indirecte schade woningen en inboedels Behalve de directe schade wordt voor woningen ook een indirecte schade in rekening gebracht, voornamelijk de opruimkosten. De indirecte schade wordt bepaald als percentage van de directe schade en in functie van de waterdiepte. Bij een kleine schade (lage waterstand) zal het relatieve aandeel van de opruimkosten groter zijn dan bij grote schade (hoge waterstand). De indirecte schade bedraagt 15% van de directe schade bij een initieel kleine schade en 1% van de directe schade wanneer deze gelijk is aan het totale verlies van de woning en inboedel (Grigg et al., 1976). Aangezien er directe schade is aan het gebouw zelf en aan de inboedel, dient hiervan een combinatie gemaakt te worden voor het berekenen van de indirecte schade (Tabel 2): 𝐼𝐼𝐼𝐼𝐼𝐼𝐼𝐼𝐼𝐼𝐼𝐼𝐼𝐼𝐼𝐼𝐼𝐼 𝑠𝑠𝑠𝑠ℎ𝑎𝑎𝑎𝑎𝑎𝑎 (%) = 𝑏𝑏 + �1 −
2∗ 𝛼𝛼𝑤𝑤𝑤𝑤𝑤𝑤 + 𝛼𝛼𝑖𝑖𝑖𝑖𝑖𝑖 �∗ 3
(𝑎𝑎 − 𝑏𝑏) met:
α: een factor die de directe schade weergeeft als fractie van de maximale schade, schadefactor van de schadefunctie woningen zoet en de schadefunctie inboedels wordt hiervoor gebruikt.
18
WL2021R13_159_10
Definitieve versie
Ontwikkeling LATIS 4 - Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties
a = 15: percentage van de directe schade bij een initieel kleine schade b = 1: percentage van de directe schade bij een totaal verlies van woning en inboedel De redenering achter het gebruik van de coëfficiënten a en b heeft te maken met het feit dat bij een lichte overstroming (beperkte waterdiepte) de opruimkosten een relatief groot aandeel hebben in de totale kosten. Meubels en goederen zijn misschien wel beschadigd, maar niet totaal verloren en kunnen door opkuisen nog (tijdelijk) verder gebruikt worden. Bij grotere waterdiepte is de schade groter, en zullen verschillende goederen totaal verloren zijn, waardoor er niet meer geïnvesteerd moet worden in opruimen maar de goederen volledig weggegooid worden. Tabel 2 - Indirecte schade woningen en inboedels
Diepteklasse (m)
αwon
αinb
Indirecte schade (%)
[0.01; 0.26[
0
0
15.00
[0.26; 0.51[
0.06
0.12
13.88
[0.51; 0.76[
0.08
0.24
13.13
[0.76; 1.01[
0.09
0.35
12.53
[1.01; 1.26[
0.11
0.47
11.78
[1.26; 1.51[
0.13
0.48
11.55
[1.51; 1.76[
0.14
0.49
11.41
[1.76; 2.01[
0.17
0.49
11.13
[2.01; 2.26[
0.2
0.5
10.80
[2.26; 2.51[
0.23
0.54
10.33
[2.51; 2.76[
0.26
0.58
9.87
[2.76; 3.01[
0.29
0.62
9.40
[3.01; 3.26[
0.35
0.66
8.65
[3.26; 3.51[
0.43
0.7
7.72
[3.51; 3.76[
0.52
0.75
6.65
[3.76; 4.01[
0.6
0.79
5.71
[4.01; 4.26[
0.68
0.83
4.78
[4.26; 4.51[
0.76
0.87
3.85
[4.51; 4.76[
0.84
0.92
2.87
[4.76; 5.01[
0.92
0.96
1.93
[5.01; ∞[
1
1
1.00
Definitieve versie
WL2021R13_159_10
19
Ontwikkeling LATIS 4 - Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties
2.12.2 Indirecte schade industrie Ook bij de industrie worden er indirecte kosten in rekening gebracht. Deze hebben betrekking op productieverliezen en opruimkosten. Volgens Grigg et al. (1976) bedraagt de indirecte schade tussen 35% (bij volledig verlies) en 45% (bij initieel kleine schade) van de directe schade. Het is moeilijk hiervoor betere cijfers te vinden die voldoende statistisch relevant zijn, daar verondersteld kan worden dat er zeer grote individuele verschillen tussen verschillende bedrijfssectoren zijn. De indirecte schade (Tabel 3) uitdrukken (in % van de directe schade) kan door gebruik te maken van onderstaande formule: 𝑖𝑖𝑖𝑖𝑖𝑖𝑖𝑖𝑖𝑖𝑖𝑖𝑖𝑖𝑖𝑖𝑖𝑖 𝑠𝑠𝑠𝑠ℎ𝑎𝑎𝑎𝑎𝑎𝑎 (%) = 𝑏𝑏 + (1 − 𝛼𝛼) ∗ (𝑎𝑎 − 𝑏𝑏) met:
α: een factor die de directe schade weergeeft als fractie van de maximale schade. De schadefactor van de schadefunctie Overige Industrie wordt hiervoor gebruikt a = 45: percentage van de directe schade bij een initieel kleine schade b = 35: percentage van de directe schade bij totale verlies van woning en inboedel De redenering achter het gebruik van een variabele functie voor de indirecte schade is analoog aan deze voor de indirecte schade bij woningen en inboedels. Bij een beperkte waterdiepte kan door opkuis een deel van de goederen nog (tijdelijk) gebruikt worden. Ook voor de productieverliezen geldt dat de periode waarin niet geproduceerd kan worden slechts beperkt afhankelijk is van de waterhoogte. Relatief gezien is de indirecte schade dus belangrijker bij eerder kleine waterdieptes. De totale schade (directe en indirecte) neemt evenwel toe met de waterdiepte. Tabel 3 - Indirecte schade industrie
20
Diepteklasse (m)
αind
Indirecte schade (%)
[0.01; 0.26[
0
45
[0.26; 0.51[
0
45
[0.51; 0.76[
0.1
44
[0.76; 1.01[
0.2
43
[1.01; 1.26[
0.3
42
[1.26; 1.51[
0.4
41
[1.51; 1.76[
0.5
40
[1.76; 2.01[
0.6
39
[2.01; 2.26[
0.7
38
[2.26; 2.51[
0.8
37
[2.51; 2.76[
0.83
36.7
[2.76; 3.01[
0.85
36.5
[3.01; 3.26[
0.88
36.2
WL2021R13_159_10
Definitieve versie
Ontwikkeling LATIS 4 - Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties
[3.26; 3.51[
0.9
36
[3.51; 3.76[
0.93
35.7
[3.76; 4.01[
0.95
35.5
[4.01; 4.26[
0.98
35.2
[4.26; 4.51[
1
35
[4.51; 4.76[
1
35
[4.76; 5.01[
1
35
[5.01; ∞[
1
35
2.13 Drempelwaarden LATIS De relaties – schadefuncties – zijn afgeleid uit expert judgement en bevragingen, waarbij aan de mensen letterlijk gevraagd werd naar de waterhoogte boven de drempel. Voor een aantal objecten wordt deze drempel niet gelijk gesteld aan het maaiveldniveau. Dit is het geval voor woningen, industrie en wegen. Voor woningen wordt een drempel ingebracht van 25 cm. Dit komt overeen met 1 hoogteklasse na conservatieve indeling van de waterhoogte. De werkelijke drempel ligt dus ergens tussen de 1 en 25 cm. Voor industrie ligt deze drempel tussen 26 en 50 cm, ofwel 2 hoogteklassen na indeling van de waterdiepte. Voor wegen is de redenering verschillend. Voor een kleine waterstand boven een weg (ook hier worden 2 klassen, ofwel 50 cm genomen, wat in werkelijkheid betekent een drempel van 26 tot 50 cm) wordt deze verondersteld schaderesistent te zijn. Ook bij hevige regenval staat er soms water op de weg zonder dat dit tot schade leidt. Dit geldt niet voor de spoorwegen aangezien een groot gedeelte van de elektrische, schadegevoelige componenten zich tussen de sporen of het oppervlak bevinden. Voor wegen en spoorwegen wordt dezelfde schadefunctie gebruikt. Om de drempel bij wegen te bekomen, wordt de waterdiepte bij wegen verminderd met 50 cm. Deze bewerking gebeurt in de LATIS broncode. Ook voor sociale –en culturele schade wordt er in de overstromingsindex een drempel opgenomen. Er wordt namelijk vanuit gegaan dat zolang er geen water in de woning of het cultureel gebouw staat er ook geen sociale en/of culturele schade zal zijn. De drempel wordt net zoals bij de woningen ingesteld op 25 cm.
Definitieve versie
WL2021R13_159_10
21
Ontwikkeling LATIS 4 - Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties
3 Besluit In het rapport van De Bruijn et al. (2015) werden de schadefuncties die gebruikt worden in het Nederlandse model vergeleken met de internationaal gebruikte schadefuncties en al dan niet aangepast. Deze schadefuncties werden voorgelegd aan de experten en vergeleken met de schadefuncties die gebruikt worden in het Vlaamse model (LATIS). Op basis van “expert judgement” werden drie schadefuncties aangepast, de schadefunctie voor woningen (zoet & zout) en deze voor wegen en spoorwegen. Een overzicht van de wijzigingen worden in onderstaande tabel samengevat (zie Tabel 4). Tabel 4 - Overzicht aanpassingen schadefuncties
Type Vlaanderen schadefunctie
Nederland
Vlaanderen = Nederland
Woningen (zoet & zout)
Behouden
Nee
Aangepast Combinatie van de huidige schadefunctie en de gemiddelde schadefunctie voor woningen uit de internationale literatuur. Zout op basis van zout/zout verhouding
Inboedel
Behouden
Behouden
Ja
Voertuigen
Behouden
Aangepast
Nee
Behouden
Behouden
Nee
Weiland en Behouden akkerland
Behouden
Nee
Wegen en Aangepast spoorwegen Nederlandse overgenomen
Aangepast
Ja
(zoet & zout) Recreatie
Industrie
functie Op basis systematische judgement
Behouden
Aangepast
Afkomstig uit Groot-Brittanië
Tebodin functies
van expert Nee
Alle schadefuncties die momenteel gebruikt worden in LATIS (degene met een * zijn aangepast) worden getoond in onderstaande figuur (Figuur 18):
22
WL2021R13_159_10
Definitieve versie
Ontwikkeling LATIS 4 - Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties
Figuur 18 - Schadefuncties LATIS 4.0
Definitieve versie
WL2021R13_159_10
23
Ontwikkeling LATIS 4 - Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties
4 Referentielijst Beullens, J.; Broidioi, S. (2017). LATIS – Vergelijking BLP 2011 en BLP 2016 en vergelijking schadefuncties. “WL Memo”, WL2017R13_159-11. Waterbouwkundig Laboratorium: Borgerhout, België & Universiteit Gent, België. 13p. De Bruijn, K.; Wagenaar, D.; Slager, K.; de Bel, M.; Burzel, A. (2015). Updated and improved method for flood damage assessment: SSM2015 (version 2). Deltares. Deckers, P.; Vanneuville, W.; De Maeyer, Ph. (2008). Effect van bresgevoeligheid op het overstromingsrisico en verdere verbetering van de risicomethodologie, optimalisatie unieke relatie waterstand – schade (landbouw). “WL Adviezen”, 779/05. Waterbouwkundig Laboratorium: Borgerhout, België & Universiteit Gent, België. 57p. FEMA (2009). HAZUS-MH MR4 Technical Manual, USA. Gauderius, J. (2012). Verbetering schadebepaling buitendijkse bedrijven Rijnmond-Drechtsteden. Discussiememo waarderingsprincipes schade bedrijven. Rebel Group. Grigg, N.S.; Botham, L.H.; Rice, L.; Shoemaker, W.J.; Tucker, L.S. (1976) Urban drainage and flood control projects – economic, legal and financial aspects. Hydrology Papers. Colorado State University, Fort Collins, Colorado, nr 85. ICPR (2001). Atlas of danger and potential damage due to extreme floods of the Rhine, International Commission Protection of the Rhine, Koblenz, Germany. Kreibich, H.; Seifert, I.; Merz, B.; Thieken, A. (2010). Development of FLEMOcs – A new model for the estimation of flood losses in companies. Hydrological Sciences Journal, 55, 1302-1314, 2010. Penning-Rowsell E.; Johnson, C.; Tunstall S.; Tapsell, S.; Morris, J.; Chatterton, J.; Coker, A.; Green, C. (2003). The benefits of flood and coastal defence: techniques and data for 2003, Flood Hazard Research Centre, Middlesex University. Penning-Rowsell, E.; Johnson, C.; Tunstall, S.; Tapsell, S.; Morris, J.; Chatterton, J.; Green, C. (2005). The Benefits of Flood and Coastal Risk Management: A Handbook of Assessment Techniques. Flood hazard research Centre, Middlesex University Press, pp. 238. Sluijs, L., Snuverink, M., van den Berg, K., Wiertz, A. (2000). Schadecurves industrie ten gevolge van overstroming. Tebodin. Van der Sande, C. (2001). River Flood Damage Assessment using IKONOS Imagery, i.s.m. European Commission, JRC, Space Applications Institute, EGEO Unit, Natural Hazards Project, Flood Damage and Flood Hazard Assessment, Ispra (Italy). Vanneuville, W.; Maeghe, K.; De Maeyer, Ph.; Mostaert, F. (2003). Risicobenadering bij waterbeheersingsplannen – Schade ten gevolge van zout water, UGent Vakgroep Geografie, Gent, in opdracht van Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap – LIN – AWZ – Afdeling Waterbouwkundig Laboratorium en hydrologisch onderzoek. Vrisou van Eck, N., Kok, M. & Vrouwenvelder, A.C.W.M. (1999). Standaardmethode Schade en Slachtoffers als gevolg van overstromingen – deel 2: Achtergronden, HKV LIJN IN WATER en TNO Bouw in opdracht van RWS-DWW. Wösten, J.H.M. (2002). Inschatting extra economische landbouwschade bij een overstroming met zout in plaats van met zoet water, Alterra, Wageningen.
24
WL2021R13_159_10
Definitieve versie
Ontwikkeling LATIS 4 - Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties
BIJLAGE 1
Tabelweergave schadefuncties LATIS 3.0 (deel 1)
Diepteklasse (m)
Woningen (zoet)1
Wonigen (zout)2
Inboedel3
Voertuigen (zoet)4
Voertuigen (zout)5
Recreatie6
Akkerland7
Weiland8
Wegen en spoorwegen9
[0.01; 0.26[ [0.26; 0.51[ [0.51; 0.76[ [0.76; 1.01[ [1.01; 1.26[ [1.26; 1.51[ [1.51; 1.76[ [1.76; 2.01[ [2.01; 2.26[ [2.26; 2.51[ [2.51; 2.76[ [2.76; 3.01[ [3.01; 3.26[ [3.26; 3.51[ [3.51; 3.76[ [3.76; 4.01[ [4.01; 4.26[ [4.26; 4.51[ [4.51; 4.76[ [4.76; 5.01[ [5.01; ∞[
0 0.01 0.03 0.04 0.05 0.06 0.08 0.09 0.11 0.17 0.23 0.29 0.35 0.43 0.52 0.6 0.68 0.76 0.84 0.92 1
0.02 0.05 0.06 0.07 0.09 0.11 0.13 0.16 0.25 0.31 0.38 0.45 0.56 0.68 0.78 0.88 0.99 1 1 1 1
0 0.12 0.24 0.35 0.47 0.48 0.49 0.49 0.5 0.54 0.58 0.62 0.66 0.7 0.75 0.79 0.83 0.87 0.92 0.96 1
0.13 0.25 0.38 0.5 0.63 0.75 0.88 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1
0.13 0.25 0.91 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1
0.5 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1
0.86 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1
1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1
0.07 0.14 0.21 0.28 0.33 0.37 0.42 0.46 0.51 0.55 0.6 0.64 0.69 0.73 0.78 0.82 0.87 0.91 0.96 1 1
1: won_dir.rcl; 2: won_dir_zout.rcl; 3: inb_dir.rcl; 4: auto_dir.rcl; 5: auto_dir_zout.rcl; 6: recr_dir.rcl; 7: alfa_akkerland_v2.rcl; 8: alfa_weiland_v2.rcl; 9: alpha_spoor.rcl;
Definitieve versie
WL2021R13_159_10
B1
Ontwikkeling LATIS 4 - Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties
BIJLAGE 2
– Tabelweergave schadefunctie LATIS 3.0 (deel 2)
Diepteklasse (m)
Industrie: Fabriek10
Industrie: Werkplaats11
Industrie: Zware industrie12
Industrie: Overige industrie13
Zendinstallaties14
Ondergrondse parkeergarages15
[0.01; 0.26[ [0.26; 0.51[ [0.51; 0.76[ [0.76; 1.01[ [1.01; 1.26[ [1.26; 1.51[ [1.51; 1.76[ [1.76; 2.01[ [2.01; 2.26[ [2.26; 2.51[ [2.51; 2.76[ [2.76; 3.01[ [3.01; 3.26[ [3.26; 3.51[ [3.51; 3.76[ [3.76; 4.01[ [4.01; 4.26[ [4.26; 4.51[ [4.51; 4.76[ [4.76; 5.01[ [5.01; ∞[
0 0 0.21 0.46 0.63 0.73 0.8 0.85 0.88 0.91 0.93 0.95 0.97 1 1 1 1 1 1 1 1
0 0 0.21 0.46 0.63 0.73 0.8 0.85 0.88 0.91 0.93 0.95 0.97 1 1 1 1 1 1 1 1
0 0 0.01 0.08 0.25 0.35 0.47 0.58 0.67 0.73 0.78 0.84 0.94 1 1 1 1 1 1 1 1
0 0 0.1 0.2 0.3 0.4 0.5 0.6 0.7 0.8 0.83 0.85 0.88 0.9 0.93 0.95 0.98 1 1 1 1
0.24 0.32 0.41 0.49 0.57 0.66 0.74 0.82 0.91 0.98 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1
1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1
10: alfa_fabriek.rcl; 11: alfa_werkplaats.rcl; 12: alfa_zware_industrie.rcl; 13: ind_opp_dir.rcl; 14: a_elek_comm_v3.rcl; 15: a_metro_park_v3.rcl
Definitieve versie
WL2021R13_159_10
B2
Ontwikkeling LATIS 4 - Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties
BIJLAGE 3
– Tabelweergave schadefuncties LATIS 4.0 (deel 1)
Diepteklasse (m)
Woningen (zoet)1
Wonigen (zout)2
Inboedel3
Voertuigen (zoet)4
Voertuigen (zout)5
Recreatie6
Akkerland7
Weiland8
Wegen en spoorwegen9
[0.01; 0.26[ [0.26; 0.51[ [0.51; 0.76[ [0.76; 1.01[ [1.01; 1.26[ [1.26; 1.51[ [1.51; 1.76[ [1.76; 2.01[ [2.01; 2.26[ [2.26; 2.51[ [2.51; 2.76[ [2.76; 3.01[ [3.01; 3.26[ [3.26; 3.51[ [3.51; 3.76[ [3.76; 4.01[ [4.01; 4.26[ [4.26; 4.51[ [4.51; 4.76[ [4.76; 5.01[ [5.01; ∞[
0 0.06 0.08 0.09 0.11 0.13 0.14 0.17 0.2 0.23 0.26 0.29 0.35 0.43 0.52 0.6 0.68 0.76 0.84 0.92 1
0 0.13 0.14 0.16 0.18 0.19 0.24 0.29 0.33 0.36 0.38 0.45 0.56 0.68 0.78 0.88 0.99 1 1 1 1
0 0.12 0.24 0.35 0.47 0.48 0.49 0.49 0.5 0.54 0.58 0.62 0.66 0.7 0.75 0.79 0.83 0.87 0.92 0.96 1
0.13 0.25 0.38 0.5 0.63 0.75 0.88 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1
0.13 0.25 0.91 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1
0.5 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1
0.86 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1
1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1
0 0.04 0.25 0.43 0.58 0.645 0.71 0.75 0.79 0.815 0.84 0.865 0.89 0.91 0.93 0.95 0.97 0.978 0.985 0.993 1
1: schadefunctie_woningen.rcl; 2: schadefunctie_woningen_zout.rcl; 3: schadefunctie_inboedel.rcl; 4: schadefunctie_voertuigen.rcl; 5: schadefunctie_voertuigen_zout.rcl; 6: schadefunctie_recreatie.rcl; 7: schadefunctie_akkerland.rcl; 8: schadefunctie_weiland.rcl; 9: schadefunctie_wegen_spoorwegen.rcl; Definitieve versie
WL2021R13_159_10
B3
Ontwikkeling LATIS 4 - Deelrapport 3e: Update van de schadefuncties
BIJLAGE 4
– Tabelweergave schadefuncties LATIS 4.0 (deel 2)
Diepteklasse (m)
Industrie: Fabriek10
Industrie: Werkplaats11
Industrie: Zware industrie12
Industrie: Overige industrie13
Zendinstallaties14
Ondergrondse parkeergarages15
[0.01; 0.26[ [0.26; 0.51[ [0.51; 0.76[ [0.76; 1.01[ [1.01; 1.26[ [1.26; 1.51[ [1.51; 1.76[ [1.76; 2.01[ [2.01; 2.26[ [2.26; 2.51[ [2.51; 2.76[ [2.76; 3.01[ [3.01; 3.26[ [3.26; 3.51[ [3.51; 3.76[ [3.76; 4.01[ [4.01; 4.26[ [4.26; 4.51[ [4.51; 4.76[ [4.76; 5.01[ [5.01; ∞[
0 0 0.21 0.46 0.63 0.73 0.8 0.85 0.88 0.91 0.93 0.95 0.97 1 1 1 1 1 1 1 1
0 0 0.21 0.46 0.63 0.73 0.8 0.85 0.88 0.91 0.93 0.95 0.97 1 1 1 1 1 1 1 1
0 0 0.01 0.08 0.25 0.35 0.47 0.58 0.67 0.73 0.78 0.84 0.94 1 1 1 1 1 1 1 1
0 0 0.1 0.2 0.3 0.4 0.5 0.6 0.7 0.8 0.83 0.85 0.88 0.9 0.93 0.95 0.98 1 1 1 1
0.24 0.32 0.41 0.49 0.57 0.66 0.74 0.82 0.91 0.98 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1
1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1
10: schadefunctie_fabriek.rcl; 11: schadefunctie_werkplaats.rcl; 12: schadefunctie_zware_industrie.rcl; 13: schadefunctie_overige_industrie.rcl; 14 schadefunctie_zendinstallatie.rcl; 15: schadefunctie_parkeergarage.rcl Definitieve versie
WL2021R13_159_10
B4
DEPARTEMENT MOBILITEIT & OPENBARE WERKEN Waterbouwkundig Laboratorium Berchemlei 115, 2140 Antwerpen T +32 (0)3 224 60 35 F +32 (0)3 224 60 36 waterbouwkundiglabo@vlaanderen.be www.waterbouwkundiglaboratorium.be