1
Vlaanderen
is onderwijs & vorming
RAPPORT
ONTHAALONDERWIJS
2014-2015 en 2015-2016
AGODI
AGENTSCHAP VOOR ONDERWIJSDIENSTEN
www.onderwijs.vlaanderen.be
COLOFON Eindredactie Sara De Meerleer en Delphine Strobbe AgODi, Basisonderwijs, DKO en CLB – Scholen en Leerlingen Peter Bex en Veerle Merckaert AgODi, Secundair Onderwijs – Scholen en Leerlingen
Met medewerking van Stany Criel AgODi, Secundair Onderwijs – Scholen en Leerlingen Els De Wint AgODi, Basisonderwijs, DKO en CLB – Scholen en Leerlingen
Verantwoordelijke uitgever Guy Janssens Administrateur-generaal; Agentschap voor Onderwijsdiensten (AgODi)
Depotnummer D/2016/3241/266 Lay-out en fotografie Kim Baele
Inhoudstafel
Inleiding....................................................................................................................................................................................................................3 Hoofdstuk 1: Regelgeving....................................................................................................................................................................................6 1.1 Voltijds secundair onderwijs..................................................................................................................................................................6 1.2 Deeltijds beroepssecundair onderwijs..............................................................................................................................................8 1.3 Gewoon basisonderwijs..........................................................................................................................................................................9 Hoofdstuk 2: Cijfers............................................................................................................................................................................................13 2.1 Leerlingen...................................................................................................................................................................................................13 2.2. Problematische afwezigheden.........................................................................................................................................................25 2.3. Doorstroming in het secundair onderwijs..................................................................................................................................28 2.4 Behaalde studieresultaten.................................................................................................................................................................. 34 2.4.1 Attest van regelmatige lesbijwoning na de onthaalklas................................................................................................. 34 2.4.2 Studieresultaten na doorstroming in het reguliere onderwijs..................................................................................... 35 2.5 Scholen.......................................................................................................................................................................................................40 2.5.1 Programmaties onthaalonderwijs in het voltijds secundair onderwijs...................................................................40 2.5.2 Organiserende scholen in het voltijds secundair onderwijs........................................................................................42 2.5.3 Organiserende centra in het deeltijds onderwijs.............................................................................................................. 43 2.5.4 Organiserende scholen in het basisonderwijs................................................................................................................... 45 2.6 Afwijkingen............................................................................................................................................................................................... 45 2.6.1 Aantallen voltijds secundair onderwijs................................................................................................................................. 45 2.6.2 Aantallen deeltijds beroepssecundair onderwijs.............................................................................................................. 46 Hoofdstuk 3: Een verhoogde instroom vluchtelingen: hoe heeft AgODi gereageerd?.............................................................50 3.1 Situering: Situatie in september 2015.............................................................................................................................................50 3.2 Tweesporenbeleid.................................................................................................................................................................................. 53 3.2..1 Spoor 1: uitbreiding van het ondersteuningsaanbod voor scholen........................................................................... 53 3.2..2 Spoor 2: een ondersteuningsaanbod op vraag en op maat....................................................................................... 56 3.3 Monitoring................................................................................................................................................................................................58 3.4 Vooruitblik................................................................................................................................................................................................60 Besluit en aanbevelingen................................................................................................................................................................................62
3
Inleiding
In dit rapport wordt het belangrijkste cijfermateriaal over de leerlingen en de scholen van het onthaalonderwijs in de schooljaren 2014-2015 en 2015-2016 gebundeld. Naast een beschrijvende analyse van de cijfergegevensbevat het rapport ook een schets van de relevante wetgeving. In het schooljaar 2015-2016 werd Vlaanderen geconfronteerd met een verhoogde instroom van vluchtelingen. Dit rapport beschrijft ook hoe AgODi hierop reageerde. We ronden af met een aantal conclusies. De cijfers en informatie in dit rapport zijn afkomstig uit de volgende bronnen: - de inschrijvings- en leerlingengegevens in Discimus; - de meldingen van afwezigheden in Discimus; - het overzicht van de afwijkingsaanvragen dbso; - voor het basisonderwijs de geverifieerde gegevens van scholen en scholengemeenschappen. Deze databanken worden gevoed met informatie die de onderwijsinstellingen ons bezorgen. Voor de gegevens in dit rapport werden de databanken bevraagd aan het einde van de maand september na afloop van het schooljaar; tenzij anders vermeld. Tenzij anders vermeld hebben de cijfergegevers steeds enkel betrekking op het aantal regelmatige leerlingen (zie glossarium). In het basisonderwijs slaan de weergegeven cijfers enkel om het aantal gefinancierde anderstalige nieuwkomers. De regelgeving rond anderstalige nieuwkomers is in het basisonderwijs anders dan in het secundair onderwijs. Daarover leest u meer in het eerste hoofdstuk. Ook de gegevensverzameling verloopt voor beide niveaus op een verschillende manier. Omdat voor het basisonderwijs minder gegevens voorhanden zijn, zal dit niveau in vergelijking met het secundair ook minder uitvoerig besproken worden. ¡ Wanneer er in het rapport wordt gesproken over het basisonderwijs en het voltijds secundair onderwijs, gaat het enkel over het gewoon onderwijs. In het buitengewoon basis- en secundair onderwijs wordt immers geen onthaalonderwijs georganiseerd.
4
5
6
Hoofdstuk 1 Regelgeving 1.1 Voltijds secundair onderwijs De regelgeving voor het onthaalonderwijs voor anderstalige nieuwkomers in het voltijds secundair onderwijs is vastgelegd in de Codex Secundair Onderwijs1 en in het Besluit van de Vlaamse Regering van 24 mei 2002 2 en is verder verduidelijkt in de omzendbrief SO 75.3 Het onthaalonderwijs heeft tot doel Nederlandsonkundige leerlingen, die onlangs in België zijn aangekomen, op te vangen en hen zo snel mogelijk Nederlands te leren. Zo kunnen ze zich integreren in de onderwijsvorm en studierichting die het nauwst aansluit bij hun individuele capaciteiten. Het onthaalonderwijs moet het voor deze leerlingen mogelijk maken hun studie in het reguliere secundair onderwijs met succes voort te zetten. Een anderstalige nieuwkomer kan als regelmatige leerling tot het onthaalonderwijs toegelaten worden als hij voldoet aan de volgende voorwaarden: - Uiterlijk op 31 december volgend op het begin van het schooljaar enerzijds minimaal 12 jaar en anderzijds geen 18 jaar geworden zijn; - Een nieuwkomer zijn, dat wil zeggen maximaal één jaar ononderbroken in België verblijven; - Het Nederlands niet als moedertaal of thuistaal hebben; - De onderwijstaal onvoldoende beheersen om met goed gevolg de lessen bij te wonen in een instelling met het Nederlands als onderwijstaal; - Maximaal negen maanden ingeschreven zijn (juli en augustus niet inbegrepen) in een onderwijsinstelling met het Nederlands als onderwijstaal. Voor individuele leerlingen kan er in uitzonderlijke omstandigheden van de eerste, de tweede en de vijfde toelatingsvoorwaarde worden afgeweken. Tot 1 september 2014 moesten scholen een aanvraag doen bij het Agentschap voor Onderwijsdiensten (AgODi) om een afwijking te bekomen. Er werden zeer veel afwijkingen aangevraagd voor leerlingen die langer dan negen maanden ingeschreven zijn in het Vlaams onderwijs. Het ging hier vaak om (semi) analfabeten of kinderen met weinig of geen schoolse voorkennis.
1 http://data-onderwijs.vlaanderen.be/edulex/document.aspx?docid=14289 2 http://data-onderwijs.vlaanderen.be/edulex/document.aspx?docid=13293 3 http://data-onderwijs.vlaanderen.be/edulex/document.aspx?docid=13123
7
Scholen waren van oordeel dat voor veel van deze OKAN-leerlingen één jaar onthaalonderwijs te weinig was om voldoende Nederlands te leren om met goed gevolg het reguliere onderwijs verder te zetten. Deze afwijkingsaanvragen werden daarom doorgaans goedgekeurd. Om de scholen te ontheffen van deze administratieve belasting is vanaf 1 september 2014 de bevoegdheid om af te wijken van de drie toelatingsvoorwaarden voor het voltijds secundair onderwijs bij de toelatingsklassenraad gelegd. De toelatingsklassenraad moet aan de onderstaande voorwaarden voldoen om de afwijking toe te kunnen staan: - Elke beslissing van de toelatingsklassenraad moet worden gemotiveerd. - De beslissing moet worden genomen binnen 25 lesdagen na de start van de regelmatige lesbijwoning. - De toelatingsklassenraad wordt samengesteld uit alle stemgerechtigde leden (de directeur of zijn/haar afgevaardigde en minstens drie leden van het onderwijzend personeel), alsook een afgevaardigde van het Centrum voor Leerlingenbegeleiding (CLB). Vanaf 1 september 2014 wordt aan het einde van de volledige effectieve periode onthaalonderwijs een attest van regelmatige lesbijwoning uitgereikt. Dit betekent dat het attest wordt uitgereikt op het moment dat de leerling klaar is om door te stromen naar het vervolgonderwijs. Dit attest geeft recht op vrijstelling van de inburgeringsplicht in het kader van het Vlaams inburgerings- en integratiebeleid. De programmatie van een onthaaljaar vereist altijd een goedkeuring van de Vlaamse Regering4. Dit is enkel van toepassing wanneer een nieuwe scholengemeenschap wenst te starten met onthaalonderwijs. Binnen een scholengemeenschap die reeds onthaalonderwijs aanbiedt, kan steeds bijkomend onthaalonderwijs aangeboden worden zonder dat dit een nieuwe programmatieaanvraag is. Het is dan ook de scholengemeenschap die namens haar school of scholen een gemotiveerde aanvraag tot oprichting van onthaalonderwijs moet indienen. Gelet op de maatschappelijke context en de behoefte aan bijkomend aanbod onthaalonderwijs werd tijdens het schooljaar 2015-2016 het besluit over de organisatie van onthaalonderwijs voor anderstalige nieuwkomers in het gewoon voltijds secundair onderwijs gewijzigd. Rekening houdend met de verwachte verhoogde instroom van anderstalige nieuwkomers moet er, waar nodig en flexibel, extra capaciteit kunnen worden voorzien. Daardoor werd de programmatieregeling door de decreetgever versoepeld, wat de opstart van het onthaaljaar doorheen het ganse schooljaar mogelijk maakt. Ook voor scholen die niet behoren tot een scholengemeenschap werd het programmeren van een onthaaljaar mogelijk gemaakt. Het schoolbestuur van de school dient dan de programmatieaanvraag in. Scholen die onthaalonderwijs organiseren, hebben recht op een specifiek urenpakket van 2,5 uur per anderstalige nieuwkomer. Telkens als het aantal anderstalige nieuwkomers met vier toeneemt, verspreid over de organiserende school of scholen, kan de scholengemeenschap een herberekening van het pakket uren-leraar aanvragen. Telkens als het aantal anderstalige nieuwkomers met vier afneemt, moet de scholengemeenschap een herberekening van het pakket uren-leraar aanvragen. Sinds schooljaar 2015-2016 kent AgODi het specifiek pakket uren-leraar automatisch toe aan de contactschool op basis van de registraties van de leerlingen in Discimus. Hierdoor hoeven de scholen niet meer zelf een aanvraag te doen.
4
Codex Secundair Onderwijs, art. 179/3
8
De OKAN-leerlingen worden eveneens in rekening gebracht bij de leerlingentelling op de eerste lesdag van februari voor het vaststellen van het reguliere urenpakket van de school of scholen. Daarnaast heeft elke contactschool van een scholengemeenschap of schoolbestuur die in aanmerking komt voor de organisatie van onthaalonderwijs recht op 22 uren-leraar om gewezen anderstalige nieuwkomers te ondersteunen tijdens en na de overstap naar het reguliere onderwijs. Als de school of scholengemeenschap stopt met het inrichten van een onthaaljaar kan er nog gedurende 3 schooljaren volgend op het stopzetten worden gerekend op deze 22 uren-leraar. De Vlaamse Regering wijzigt het financieringsmechanisme voor de vervolgschoolcoaches vanaf het schooljaar 2016-2017. Elke contactschool van een scholengemeenschap en elke school met onthaalonderwijs buiten een scholengemeenschap krijgt 0,9 uren-leraar per regelmatige anderstalige nieuwkomer in het onthaaljaar of onthaaljaren van de scholengemeenschap op de eerste lesdag van februari van het voorafgaande schooljaar. De opdracht van de vervolgschoolcoach is eveneens verbreed, zodat vanaf 1 september 2016 ook meer kan worden ingezet op expertise-opbouw en –overdracht in het vervolgonderwijs. Voor schoolbesturen of scholengemeenschappen die in de loop van het schooljaar starten met onthaalonderwijs, is er een andere teldatum mogelijk voor het vaststellen van het reguliere urenpakket en het aantal uren-leraar vervolgschoolcoach. Als er na de eerste lesdag van februari is gestart met het inrichten van onthaalonderwijs, is de teldatum tijdens het betrokken schooljaar de eerste lesdag van juni.
1.2 Deeltijds beroepssecundair onderwijs Sinds de invoering van het stelsel van leren en werken5 is de regelgeving wat betreft het onthaalonderwijs in het DBSO vervat in het decreet betreffende het stelsel van leren en werken in de Vlaamse Gemeenschap6. Deze regelgeving wordt verder verduidelijkt in de omzendbrief SO/2008/08 met betrekking tot leren en werken7. Elk Centrum voor Deeltijds Onderwijs (CDO) kan onthaalonderwijs inrichten. In het deeltijds onderwijs geldt er geen minimumaantal ingeschreven nieuwkomers. Het deeltijds onthaalonderwijs is een specifiek en tijdelijk onderwijsaanbod dat anderstalige nieuwkomers voorbereidt op betere doorstroming naar arbeidsdeelname. Het onderwijsaanbod is gericht op taalvaardigheid, inburgering en zelfredzaamheid. Het onthaalonderwijs is geĂŻntegreerd in de opleiding. Per anderstalige nieuwkomer wordt bovenop het reguliere urenpakket 1,2 uren leraar toegekend om onthaalonderwijs te organiseren. Deze toekenning is beperkt tot de periode van inschrijving. Ook de anderstalige nieuwkomers die een persoonlijk ontwikkelingstraject8 volgen, komen daarvoor in aanmerking. Bij elke wijziging van het aantal anderstalige nieuwkomers gebeurt een herberekening van het specifieke pakket uren-leraar. Deze uren-leraar worden sinds 1 5 Zie glossarium 6 http://data-onderwijs.vlaanderen.be/edulex/document.aspx?docid=14032 7 http://data-onderwijs.vlaanderen.be/edulex/document.aspx?docid=14006 8 Zie glossarium
9
september 2015 automatisch aan het CDO toegekend op basis van de registraties van de leerlingen in Discimus. Net als in het voltijds secundair onderwijs hoeven de CDO’s hiervoor dus geen aanvraag meer te doen bij AgODi. Om toegelaten te worden tot het onthaalonderwijs DBSO, mag de leerling niet meer voltijds leerplichtig zijn en moet hij aan de volgende voorwaarden voldoen: - Een nieuwkomer zijn, dat wil zeggen maximaal één jaar ononderbroken in België verblijven; - Het Nederlands niet als moedertaal of thuistaal hebben; - maximaal negen maanden ingeschreven zijn of geweest zijn - de maanden juli en augustus niet inbegrepen in een onderwijsinstelling met het Nederlands als onderwijstaal; - Het Nederlands onvoldoende beheersen om deeltijds beroepssecundair onderwijs met goed gevolg te doorlopen; - Op 31 december na het begin van het schooljaar de leeftijd van achttien jaar nog niet hebben bereikt. AgODi kan in uitzonderlijke en bijzondere omstandigheden afwijkingen verlenen op de eerste, derde en vijfde voorwaarde. Vanaf het schooljaar 2016-2017 ligt de bevoegdheid om af te wijken van deze voorwaarden ook bij de klassenraad en niet meer bij AgODi.
1.3 Gewoon basisonderwijs De regelgeving over het onthaalonderwijs voor anderstalige nieuwkomers in het gewoon basisonderwijs wordt verduidelijkt in de omzendbrief BaO 2006/03 van 30 juni 20069. Om toegelaten te worden tot het onthaalonderwijs in het basisonderwijs, moet de leerling aan een aantal voorwaarden voldoen: - - - -
5 jaar of ouder zijn (of ten laatste op 31 december van het lopende schooljaar 5 jaar worden); Het Nederlands niet als moedertaal of thuistaal hebben; Onvoldoende de onderwijstaal beheersen om met goed gevolg de lessen te kunnen volgen; Maximaal 9 maanden ingeschreven zijn in een school met het Nederlands als onderwijstaal (vakantiemaanden juli en augustus niet meegerekend); - Een nieuwkomer zijn, d.w.z. maximaal één jaar ononderbroken in België verblijven. In het basisonderwijs kunnen daarop geen afwijkingen verleend worden. Bij de procedure om in aanmerking te komen voor de organisatie van onthaalonderwijs, kiezen scholen uit het basisonderwijs ervoor om te tellen per school of per scholengemeenschap. Een school die deel uitmaakt van een scholengemeenschap kan er toch voor kiezen om op schoolniveau te tellen en niet mee te doen met de aanvraag op scholengemeenschapniveau. Eenmaal gekozen kan de school tijdens het schooljaar niet van systeem veranderen. Als er geteld wordt per school, wordt er gefinancierd of gesubsidieerd op de volgende wijze: -
-
Voor autonome kleuterscholen of autonome lagere scholen met maar één vestigingsplaats moeten ten minste vier anderstalige nieuwkomers als regelmatige leerling ingeschreven zijn op de eerste schooldag van september of in de loop van het schooljaar. Voor alle andere scholen uit het basisonderwijs moeten ten minste zes anderstalige nieuwkomers als regelmatige leerling ingeschreven zijn op de eerste schooldag van september of in de loop van het
9 De wettelijke basis voor deze omzendbrief zit vervat in het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997 : artikel 138§1, 3°; het besluit van de Vlaamse regering van 17 juni 1997 betreffende de personeelsformatie in het gewoon basisonderwijs: artikel 21 tot en met 23 en het besluit van de Vlaamse regering van 22 september 1998 zoals gewijzigd door het besluit van de Vlaamse regering van 8 februari 2002 betreffende de toelage voor anderstalige nieuwkomers.
10
schooljaar. - Een school kan bijkomende lestijden anderstalige nieuwkomers inrichten als in de loop van het schooljaar het aantal anderstalige nieuwkomers stijgt met minstens vier ten opzichte van de vorige aanvraag. - De financiering of subsidiëring wordt stopgezet als het aantal anderstalige nieuwkomers daalt onder de twee. - Scholen die onthaalonderwijs aanbieden, hebben recht op twee aanvullende lestijden. Voor elke anderstalige nieuwkomer krijgt de school daar anderhalve lestijd bij. Als er geteld wordt per scholengemeenschap, wordt er gefinancierd of gesubsidieerd op de volgende wijze: - Als op de eerste schooldag van september of in de loop van het schooljaar ten minste twaalf anderstalige nieuwkomers als regelmatige leerling ingeschreven zijn in alle scholen van de scholengemeenschap samen. Scholen van de scholengemeenschap die kiezen om op schoolniveau te tellen, worden hierbij niet meegenomen. -
- -
De scholen binnen de scholengemeenschap kunnen bijkomende lestijden anderstalige nieuwkomers inrichten als in de loop van het schooljaar het aantal anderstalige nieuwkomers stijgt met minstens vier ten opzichte van de vorige aanvraag. De financiering of subsidiëring van aanvullende lestijden per scholengemeenschap wordt stopgezet als het totaal aantal anderstalige nieuwkomers dat ingeschreven is, daalt onder de vier. Het aantal aanvullende lestijden dat wordt gefinancierd of gesubsidieerd op het niveau van de scholengemeenschap is anderhalve lestijd per anderstalige nieuwkomer. De aanvullende lestijden worden berekend op het niveau van de scholengemeenschap maar toegekend op schoolniveau.
In het basisonderwijs is er ook opvang voorzien voor gewezen anderstalige nieuwkomers. Dit zijn leerlingen uit het basisonderwijs die in het voorafgaande schooljaar anderstalige nieuwkomers waren én onthaalonderwijs hebben genoten. Voor de opvang van gewezen anderstalige nieuwkomers wordt er voor het volledige schooljaar één lestijd gefinancierd of gesubsidieerd per gewezen anderstalige nieuwkomer die ingeschreven is op de eerste schooldag van oktober van het lopende schooljaar. Om die lestijden te verkrijgen, zijn er geen minimumnormen vastgelegd. Zodra de school één gewezen anderstalige nieuwkomer telt, heeft de school recht op één aanvullende lestijd. Ten gevolge van de verhoogde instroom van vluchtelingenkinderen signaleerden scholen dat zij met de reguliere middelen de instroom van kleuters anderstalige nieuwkomers onvoldoende konden opvangen. De Vlaamse Regering besliste toen om deze scholen te ondersteunen met een extra toelage van 950 euro. De extra toelage kon uitsluitend worden aangewend voor activiteiten in het kleuteronderwijs in het kader van initiatie in en versterking van het Nederlands voor de schooljaren 2015-2016 en 2016-2017. Om recht te hebben op deze extra toelage euro in het kader van een stijgend aantal leerlingen met als thuistaal niet de onderwijstaal, moeten scholen aan bepaalde criteria voldoen: 1° de school kent op de eerste schooldag van februari 2016 een stijging van het aantal kleuters die voldoen aan het leerlingenkenmerk thuistaal niet-Nederlands (TNN) ten opzichte van de teldag voor de berekening van het werkingsbudget voor schooljaar 2015-2016
11
OF 2° de school telt op de eerste schooldag van februari 2016 minstens één leerling die uiterlijk op 31 december van het lopende schooljaar jonger dan vijf jaar is en die op de eerste schooldag van februari 2016, gelijktijdig aan de volgende voorwaarden voldoet: a) hij is een nieuwkomer, dit wil zeggen dat hij pas vanaf 1 juli 2015 of later in België verblijft; b) hij heeft niet het Nederlands als thuistaal of moedertaal; c) hij beheerst onvoldoende de onderwijstaal om met goed gevolg de lessen te kunnen volgen; d) hij is maximaal negen maanden ingeschreven, vakantiemaanden juli en augustus niet inbegrepen, in een school met het Nederlands als onderwijstaal. Aangezien een kleuter zowel aan criterium 1 als 2 kan voldoen, wordt de toelage per school enkel gegeven voor de groep waar het criterium in de school het sterkste telt, m.a.w. ofwel voor de stijging van het aantal kleuters met thuistaal niet - Nederlands (1) ofwel voor de groep anderstalige nieuwkomers bij kleuters (2). Er waren 1079 scholen waar op 01/02/2016 de stijging van het aantal kleuters TNN groter was dan het aantal kleuters AN. In totaal ging het om 4.840 leerlingen voor wie elk een toelage van 950 euro werd betaald. Dit geeft een totaal van 4.598.000 euro. In 189 scholen was de aanwezigheid van kleuters AN op 1/2/2016 groter of gelijk aan de stijging van het aantal kleuters TNN. Het ging over 436 leerlingen en dus een bedrag van 414.200 euro. In totaal werd dus 5.012.200,00 euro toegekend aan 1.268 scholen. Deze scholen ontvingen een bedrag variërend van € 950,00 tot € 58.900,00 euro. Ter compensatie van de verhoogde instroom van anderstalige kleuters na 1 februari 2016 werd er ook een hertelling van de lestijden voor schooljaar 2016-2017 in het gewoon kleuteronderwijs op 1 juni 2016 georganiseerd. De criteria van de extra toelagen waren ook van toepassing voor deze extra lestijden. De stijging van de kleuters met TNN werd vergeleken tussen 1 februari en 1 juni. Om in aanmerking te komen voor AN moest de kleuter aan de voorwaarden voldoen op 1 juni. In 879 scholen was de stijging TNN groter dan het aantal kleuters AN op 1/6/2016. Het ging in totaal om 4.151 leerlingen die 1.272 lestijden genereerden. In 13 scholen was de aanwezigheid van kleuters AN groter of gelijk aan de stijging van het aantal kleuters met TNN. Dit ging om 30 leerlingen die 13 lestijden genereerden. In totaal konden 892 scholen 1.285 extra lestijden inrichten. De extra lestijden per school varieerden van 1 lestijd tot maximum 10 lestijden.
12
13
Hoofdstuk 2 Cijfers
2.1 Leerlingen Aantal leerlingen Voltijds secundair onderwijs 2011-2012
2012-2013
2013-2014
2014-2015
2015-2016
Regelmatige leerlingen
3120
2665
2291
2502
4111
Vrije leerlingen
32
37
35
2
1
Totaal
3152
2702
2326
2504
4112
Tabel 1: Overzicht van het aantal OKAN-leerlingen in het voltijds secundair onderwijs op 1 februari
Sinds het schooljaar 2007-2008 steeg elk jaar het aantal OKAN-leerlingen. Tijdens de schooljaren 2012-2013 en 2013-2014 daalde voor het eerst het aantal OKAN-leerlingen. Het daaropvolgende schooljaar stellen we opnieuw een stijging vast. Die stijging zet zich in schooljaar 2015-2016 nog sterker door tengevolge van de verhoogde instroom van vluchtelingenkinderen. Vanaf het schooljaar 2014-2015 merken we ook een opmerkelijke daling van het aantal vrije leerlingen ten opzichte van de voorgaande schooljaren. Deze daling gaat gepaard met het overgaan van de bevoegdheid om af te wijken van de toelatingsvoorwaarden naar de toelatingsklassenraad. Aandeel OKAN-leerlingen t.o.v. schoolbevolking 2011-2012 2012-2013 2013-2014 2014-2015
0,73% 0,63% 0,54% 0,59%
2015-2016
0,97%
Tabel 2: Overzicht van het aandeel regelmatige OKAN-leerllingen in de de totale schoolbevolkingvann het gewoon voltijds secundair onderwijs op 1 februari
Ook bij het procentuele aandeel onthaalleerlingen is de lichte stijging in het schooljaar 2014-2015 en de sterke stijging in het schooljaar 2015-2016 waarneembaar. Figuur 1 bevat de evolutie van het aantal OKAN-leerlingen in het voltijds gewoon secundair onderwijs tijdens de
14
schooljaren 2014-2015 en 2015-2016. Tijdens het schooljaar 2014-2015 zien we een geleidelijke stijging van het aantal leerlingen gedurende het hele schooljaar. Het leerlingenaantal lag op elk moment tijdens schooljaar 2015-2016 hoger dan op hetzelfde moment in schooljaar 2014-2015. Tijdens de maanden september en januari van dat schooljaar was er een heel erg scherpe stijging van het leerlingenaantal op te merken. Tijdens de beide schooljaren komen er nauwelijks nog leerlingen bij in de maand juni.
Figuur 1: Maandelijkse evolutie van het aantal anderstalige nieuwkomers in het gewoon voltijds secundair onderwijs tijdens schooljaren 2014-2015 en 2015-2016
Deeltijds beroepssecundair onderwijs 2011-2012
2012-2013
2013-2014
2014-2015
2015-2016
Regelmatige leerlingen
97
146
110
42
68
Vrije leerlingen
0
0
0
1
2
Totaal
97
146
110
43
70
Tabel 3: Overzicht van het aantal OKAN-leerlingen in het deeltijds beroepssecundair onderwijs op 1 februari
Vanaf het schooljaar 2008-2009 kan elk centrum voor deeltijds onderwijs onthaalonderwijs inrichten. Er geldt geen minimumaantal leerlingen. Het aantal OKAN-leerlingen in het deeltijds onderwijs is jaar na jaar sterk gestegen tot en met schooljaar 2012-2013. In het schooljaar 2014-2015 stellen we een zeer sterke daling vast terwijl in het voltijds
15
secundair op dat moment een lichte stijging waarneembaar is. Het laatste schooljaar stellen we wel opnieuw een lichte stijging vast in het aantal onthaalleerlingen deeltijds beroepssecundair onderwijs. Deze stijging is echter veel minder uitgesproken dan in het voltijds secundair onderwijs. Aandeel OKAN-leerlingen t.o.v. schoolbevolking 2011-2012
0,96%
2012-2013
1,69%
2013-2014
1,24%
2014-2015
0,48%
2015-2016
0,78%
Tabel 4: Overzicht van het aandeel regelmatige OKAN-leerllingen ten opzichte van de totale schoolbevolking in het deeltijds beroepssecundair onderwijs op 1 februari.
In het schooljaar 2014-2015 merken we ook in procentuele cijfers een sterke daling van het aandeel anderstalige nieuwkomers, alsook opnieuw een stijging in het schooljaar 2015-2016. Gewoon basisonderwijs 2011-2012
2012-2013
2013-2014
2014-2015
2015-2016
3173
2511
2286
2368
4111
Tabel 5: Overzicht van het aantal anderstalige nieuwkomers in het gewoon basisonderwijs op 1 juli.
Net als in het secundair onderwijs, kent het basisonderwijs in de schooljaren 2012-2013 en 2013-2014 een terugval van het aantal anderstalige nieuwkomers. In 2014-2015 stellen we ook hier opnieuw een stijging vast die zich in 2015-2016 nog sterker doorzet tengevolge van de verhoogde instroom van vluchtelingenkinderen. Aandeel anderstalige nieuwkomers t.o.v. schoolbevolking 2011-2012
0,82%
2012-2013
0,64%
2013-2014
0,57%
2014-2015
0,57 %
2015-2016
0,97 %
Tabel 6: Overzicht van het aandeel anderstalige nieuwkomers in de de totale schoolbevolking van het gewoon lager onderwijs.
Het aandeel anderstalige nieuwkomers in de totale schoolbevolking van het gewoon lager onderwijs was sinds 20122013 in dalende lijn. In schooljaar 2014-2015 stagneerde het aandeel van anderstalige nieuwkomers maar in 2015-2016 zien we terug een sterke toename.
16
Figuur 2: Maandelijkse evolutie van het aantall anderstalige nieuwkomers in het basisonderwijs tijdens het schooljaar 2014-2015 en 2015-2016.
Wanneer we de maandelijkse evolutie van het aantal anderstalige nieuwkomers tijdens de afgelopen twee schooljaren bekijken (zie figuur 2), dan stellen we telkens een gestage groei vast. Tijdens het schooljaar 2015-2016 was deze aangroei aanzienlijk groter. Het verschil tussen het begin en einde van het schooljaar bedroeg toen meer dan 2.600 anderstalige leerlingen. Tijdens het schooljaar 2014-2015 bedroeg dit verschil minder dan de helft (1 200 anderstalige leerlingen). Tenzij anders aangegeven baseren we ons voor het secundair onderwijs op de cijfers van 1 februari en voor het basisonderwijs van 1 juli. 04
17
Aantal leerlingen naar geslacht Voltijds secundair onderwijs 2011-2012
2012-2013
2013-2014
2014-2015
2015-2016
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
M
1864
59,7 %
1593
59,8 %
1208
52,7%
1374
54,9%
2690
65,4%
V
1256
40,3 %
1072
40,2 %
1083
47,3%
1128
45,1%
1421
34,6%
Totaal
3120
100 %
2665
100 %
2291
100%
2502
100%
4111
100%
Tabel 7: Overzicht van het aantal regelmatige OKAN-leerlingen in het voltijds secundair onderwijs op 1 februari volgens geslacht
In het schooljaar 2014-2015 zien we een kleine toename in het aantal jongens binnen het onthaalonderwijs. Het volgende schooljaar, m.n. 2015-2016, is het aandeel jongens in het onthaalonderwijs met meer dan 10% toegenomen in vergelijking met het vorige schooljaar. Het aandeel van de meisjes is slechts 34,6%. Deeltijds beroepssecundair onderwijs 2011-2012
2012-2013
2013-2014
2014-2015
2015-2016
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
M
84
86,6 %
131
89,7 %
99
90 %
33
78,6%
55
80,9%
V
13
13,4 %
15
10,3 %
11
10 %
9
21,4%
13
19,1%
Totaal
97
100 %
146
100 %
110
100 %
42
100%
68
100%
Tabel 8: Overzicht van het aantal OKAN-leerlingen in het deeltijds secundair onderwijs op 1 februari volgens geslacht
De verdeling tussen jongens en meisjes in het onthaalonderwijs in het deeltijds onderwijs schommelt wat over de jaren heen, maar jongens vormen telkens de grootste groep. Ook in het reguliere deeltijds beroepssecundair onderwijs zitten aanzienlijk meer jongens dan meisjes (twee derde van de leerlingen is een jongen10).
10 http://www.ond.vlaanderen.be/onderwijsstatistieken/2014-2015/statistischjaarboek2014-2015/publicatiestatistischjaarboek2014-2015.htm2013/ publicatiestatistischjaarboek2012-2013.htm
18
Aantal leerlingen naar leeftijd11 Voltijds secundair onderwijs12 2011-2012
2012-2013
2013-2014
2014-2015
2015-2016
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
+18-jarigen
4
0,1 %
2
0,1 %
2
0,1 %
18
0,7%
41
1,0%
18-jarigen
53
1,7 %
72
2,7 %
76
3,3 %
127
5,1%
168
4,1%
17-jarigen
542
17,4 %
502
18,8 %
367
16,0 %
360
14,4%
625
15,2%
16-jarigen
619
19,9 %
521
19,6 %
388
16,9 %
401
16,0%
915
22,2%
15-jarigen
541
17,3 %
439
16,5 %
361
15,8 %
380
15;2%
692
16,8%
14-jarigen
509
16,3 %
401
15,1 %
396
17,3 %
434
17;3%
585
14,2%
13-jarigen
466
14,9 %
390
14,6 %
380
16,6 %
387
15,5%
546
13,3%
12-jarigen
386
12,4 %
337
12,6 %
293
12,8 %
342
13,7%
455
11,1%
11-jarigen
0
0,0 %
1
28
1,2 %
51
2;0%
81
2,0%
-11-jarigen
0
0,0 %
0
0,0 %
0
0,0 %
2
0,1%
3
0,1%
Totaal
3120
100%
2665
100 %
2291
100 %
2502
100%
4111
100%
0,0 %
Tabel 9: Overzicht van het aantal OKAN-leerlingen in het voltijds secundair onderwijs op 1 februari volgens leeftijd, zoals opgenomen in de databank van AgODi op 21/10/2016.
De leerlingen zijn vrij gelijkmatig verdeeld over de verschillende leeftijden heen. We zien alleen wat minder 18-jarigen. Vanaf het schooljaar 2014-2015 stellen we vast dat het aantal 11-jarige en 18-jarige okan-leerlingen is toegenomen. Er zijn 2 categoriĂŤn die duidelijk toenemen, m.n. -11-jarigen en +18- jarigen. Dit laatste is deels te verklaren doordat de bevoegdheid om af te wijken van de toelatingsvoorwaarden bij de toelatingsklassenraad ligt. AgODi keurde geen afwijkingen voor -11-jarige en +18-jarige OKAN-leerlingen goed. We zien dat de toelatingsklassenraden voor een aantal leerlingen wel een afwijking toekennen. Deels zal de toename van +18-jarigen ook te verklaren zijn door de uitgevoerde botscans. In een aantal gevallen worden leerlingen die bij inschrijving minderjarig zijn, meerderjarig na het uitvoeren van de botscan13. 11 Op basis van het geboortejaar, bijv. de 12-jarigen voor het schooljaar 2015-2016 zijn leerlingen geboren in 2003. 12 In vorige rapporten werden de +18-jarige leerlingen mee opgenomen bij de 18-jarige leerlingen. In dit rapport hebben we deze leerlingen in een aparte categorie vermeld. Bovendien stellen we vast dat er intussen lichte verschuivingen zijn gebeurd. Dit is te verklaren doordat er voor een aantal leerlingen initieel twijfel is over de leeftijd. Het gebeurt dan ook dat de officiĂŤle leeftijd van OKAN-leerlingen nog wordt aangepast. De cijfers in deze tabel kunnen dan ook verschillen van deze opgenomen in vorige rapporten. 13 https://www.dekamer.be/kvvcr/showpage.cfm?section=qrva&language=nl&cfm=qrvaXml. cfm?legislat=54&dossierID=54-b063-885-0456-2015201607144.xml http://justitie.belgium.be/nl/themas_en_dossiers/kinderen_en_jongeren/niet-begeleide_minderjarige_vreemdelingen/dienst_voogdij
19
Deeltijds beroepssecundair onderwijs 2011-2012
2012-2013
2013-2014
2014-2015
2015-2016
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
18-jarigen
13
13,4 %
26
17,8 %
25
22,7 %
8
19,0%
1
1,5%
17-jarigen
51
52,6 %
88
60,3 %
63
57,3 %
25
59,6%
52
76,5%
16-jarigen
29
29,9 %
29
19,9 %
22
20 %
8
19,0%
13
19,1%
15-jarigen
4
4,1 %
3
2%
0
0%
1
2,4%
2
2,9%
Totaal
97
100 %
146
100 %
110
100 %
42
100 %
68
100 %
Tabel 10: Overzicht van het aantal OKAN-leerlingen in het deeltijds secundair onderwijs op 1 februari volgens leeftijd
De meeste OKAN-leerlingen in het DBSO zijn 17 jaar oud. In schooljaar 2015-2016 zaten er, in tegenstelling tot de voorgaande schooljaren, nauwelijks 18-jarigen in het DBSO. Nationaliteit leerlingen De onderstaande tabel bevat het aantal leerlingen per nationaliteit. We namen per schooljaar de tien meest voorkomende nationaliteiten op. Naast het absoluut aantal leerlingen geeft de tabel ook steeds het percentage weer ten opzichte van het totale aantal regelmatige leerlingen in het onthaalonderwijs. Voltijds secundair onderwijs 2011-2012
2012-2013
2013-2014
2014-2015
2015-2016
Afghanistan (502 – 16,1%)
Afghanistan (422 – 15,8%)
Afghanistan (203 – 8,9%)
Afghanistan (217 – 8,7%)
Afghanistan (1127 27,4%)
Bulgarije (151 – 4,8%)
België (156 – 5,9%)
Polen (176 – 7,7%)
Polen (152 – 6,1%)
Syrië (564 – 13,7%)
België (149 – 4,8%)
Polen (141 – 5,3%)
Ghana (116 – 5,1%)
Bulgarije (142 – 5,7%)
Irak (325 – 7,9%)
Polen (143 – 4,6%)
Bulgarije (137 5,1%)
Bulgarije (113 – 4,9%)
Syrië (127 – 5,1%)
Bulgarije (151 – 3,7%)
Irak (140 - 4,5%)
Marokko (124 – 4,7%)
Roemenië (109 – 4,8%)
België (118 – 4,7%)
Polen (137 – 3,3%)
Marokko (118 – 3,8%)
Irak (113 – 4,2%)
Spanje (103 – 4,5%)
Roemenië (117 – 4,7%)
Somalië (130 – 3,2%)
Turkije (114 – 3,7%)
Turkije (104 – 3,9%)
Marokko (101 – 4,4%)
Ghana (116 – 4,6%)
Roemenië (100 – 3,2%)
Roemenië (103 – 3,9%)
Roemenië (120 – 2,9%)
België (84 – 3,7%)
Spanje (104 – 4,2%)
Ghana (115 – 2,8%)
Servië (98 – 3,1%)
Spanje (83 – 3,1%)
Irak (82 – 3,6%)
Marokko (96 – 3,8%)
België (113 – 2,7%)
Rusland (88 – 2,8%)
Ghana (81 – 3,0%)
Turkije (68 – 3,0%)
Somalië (78 – 3,1%)
Spanje (106 - 2,6%)
Tabel 11: Overzicht van de 10 meest voorkomende nationaliteiten bij OKAN-leerlingen op 1 februari
20
De Afghaanse nationaliteit is al jaren de meest voorkomende nationaliteit in het onthaalonderwijs. In het schooljaar 2015-2016 steeg het aandeel leerlingen van de Afghaanse nationaliteit spectaculair tot zo’n 27 % van het totaal aantal OKAN-leerlingen. In schooljaar 2015-2016 zien we eveneens een sterke stijging van leerlingen met de Syrische en Iraakse nationaliteit. Opvallend is dat Somalië de laatste 2 schooljaren in de top 10 verschijnt. Daarnaast zijn de Oost-Europese nationaliteiten ieder jaar sterk vertegenwoordigd in het onthaalonderwijs. Op 1 februari 2016 volgden er leerlingen van 111 verschillende nationaliteiten onthaalonderwijs. Deeltijds beroepssecundair onderwijs
Hieronder vindt u per schooljaar de vijf meest voorkomende nationaliteiten bij OKAN-leerlingen in het DBSO. 2011-2012
2012-2013
2013-2014
2014-2015
2015-2016
Afghanistan (21)
Afghanistan (79)
Afghanistan (61)
Afghanistan (10)
Afghanistan (12)
Roemenië (10)
Bangladesh (6)
Polen (5)
Spanje (5)
Eritrea (10)
Bulgarije (8)
Irak (5)
Turkije (4)
Bulgarije (4) / Polen (4)
België (5)
Bulgarije (4)
Marokko (2) / Roemenië (2) / Slovenië (2) / Turkije (2)
Bulgarije (4) / Polen (4)
België (4)
Albanië (1) / België (1) / Irak (1) / Pakistan (1) /…
Ghana (3) / Marokko (3) / Syrië (3)
België (4)
Servië (3) / Slovakije (3)
Macedonië (5)
Pakistan (5)
Tabel 12: Overzicht van de meest voorkomende nationaliteiten bij OKAN-leerlingen DBSO op 1 februari
Net als in het onthaalonderwijs in het voltijds onderwijs is ook bij het deeltijds beroepssecundair onderwijs de Afghaanse nationaliteit de meest voorkomende nationaliteit. Opvallend is dat Eritrea in het schooljaar 2015-2016 verschijnt in de top 5. In het voltijds onthaalonderwijs komt deze nationaliteit niet voor in het overzicht. Het kleine leerlingenaantal in OKAN DBSO maakt het moeilijk om algemene conclusies te trekken.
21
Aantal leerlingen per provincie14 Voltijds secundair onderwijs Provincie
2011-2012
2012-2013
2013-2014
2014-2015
2015-2016
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Antwerpen
1250
40,1 %
1122
42,0 %
979
42,7 %
1049
41,9 %
1417
34,5 %
Brussels Hoofdstedelijk Gewest
195
6,3 %
168
6,3 %
160
7,0 %
181
7,2 %
254
6,2 %
Limburg
408
13,1 %
292
11,0 %
209
9,1 %
232
9,3 %
523
12,7 %
Oost-Vlaanderen
664
21,3 %
577
21,7 %
504
22,0 %
555
22,2 %
949
23,1 %
Vlaams-Brabant
216
6,9 %
186
7%
154
6,7 %
170
6,8 %
273
6,6 %
West-Vlaanderen
387
12,4 %
320
12,0 %
285
12,4 %
315
12,6 %
695
16,9 %
Totaal
3120
100 %
2665
100 %
2291
100 %
2502
100 %
4111
100 %
Tabel 13: Overzicht van het aantal OKAN-leerlingen in het voltijds secundair onderwijs per provincie op 1 februari
De verdeling van OKAN-leerlingen over de provincies is vrij stabiel doorheen de jaren. Antwerpen is steeds koploper wat betreft het aantal onthaalleerlingen, op de tweede plaats vinden we steevast Oost-Vlaanderen terug. In schooljaar 2015-2016 daalt het procentueel aandeel OKAN-leerlingen in de provincie Antwerpen. In de provincies WestVlaanderen en Limburg zien we een stijging. Als we een blik werpen op het totale aantal buitenlanders15 per provincie zien we dat (in absolute cijfers) de meeste buitenlanders wonen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (365.574 buitenlanders) gevolgd door de provincie Antwerpen (166.004 buitenlanders)16. Dit stemt niet helemaal overeen met het beeld dat we zien in het onthaalonderwijs. We zien dat er, in vergelijking met het totale aantal buitenlanders, vrij weinig leerlingen in Brussel doorstromen naar het Nederlandstalige onthaalonderwijs. Waarschijnlijk kiezen veel buitenlanders voor het Franstalig onderwijs.
14 Aantal leerlingen per provincie op basis van de school waar ze ingeschreven zijn. Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is, hoewel dit geen provincie is, apart opgenomen. 15 Personen met een andere nationaliteit dan de Belgische 16 Gegevens op 1 januari 2011 - https://bestat.economie.fgov.be/bestat/crosstable.xhtml?datasource=57e25cc5-a72b-4844-81cd-b270ba138476
22
Deeltijds beroepssecundair onderwijs
Provincie
2011-2012
2012-2013
2013-2014
2014-2015
2015-2016
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Antwerpen
25
25,8 %
61
41,8 %
31
28,2 %
12
28,6 %
19
27,9 %
Brussels Hoofdstedelijk Gewest
20
20,6 %
9
6,2 %
7
6,4 %
4
9,5 %
22
32,4%
Limburg
12
12,4 %
20
13,7 %
13
11,8 %
6
14,3 %
3
4,4 %
OostVlaanderen
34
35,1 %
40
27,4 %
28
25,5 %
18
42,8 %
19
27,9 %
Vlaams-Brabant
0
/
0
0%
7
6,4 %
/
0%
/
0%
WestVlaanderen
6
6,2 %
16
11 %
24
21,8 %
2
4,8 %
5
7,4 %
Totaal
97
100 %
146
100 %
110
100 %
42
100 %
68
100 %
Tabel 14: Overzicht van het aantal OKAN-leerlingen in het deeltijds beroepssecundair onderwijs per provincie op 1 februari
Het kleine leerlingenaantal in OKAN DBSO maakt het moeilijk om algemene conclusies te trekken. Doorheen de jaren volgen de meeste leerlingen in OKAN DBSO in de provincies Antwerpen en Oost-Vlaanderen. In schooljaar 2015-2016 volgen de meeste OKAN-leerlingen in het DBSO les in het Brussels hoofdstedelijk Gewest. Gewoon basisonderwijs Provincie
2011-2012
2012-2013
2013-2014
2014-2015
2015-2016
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
1427
45,0 %
1148
45,7 %
1086
47,5 %
1094
46,2 %
1514
36,8 %
70
2,2 %
74
2,9 %
57
2,5 %
104
4,4 %
173
4,2 %
0
0,0%
0
0,0%
0
0,0%
0
0,0%
0
0,0%
Limburg
299
9,4 %
190
7,6 %
158
6,9 %
171
7,2 %
509
Oost-Vlaanderen
710
22,4 %
585
23,3 %
518
22,7 %
560
824
Vlaams-Brabant
278
8,8 %
182
7,2 %
185
8,1 %
178
420
10,2 %
West-Vlaanderen
389
12,3 %
332
13,2 %
282
12,3 %
261
23,7 % 7,5 % 11,0 %
12,4 % 20,1 %
671
16,3 %
Totaal
3173
100 %
2511
100 %
2286
100 %
2368
100 %
4111
100 %
Antwerpen Brussels Hoofdstedelijk Gewest Henegouwen17
Tabel 15: Overzicht van het aantal anderstalige nieuwkomers in het gewoon basisonderwijs per provincie op 1 juli
17 In Komen-Waasten, een stad in de provincie Henegouwen, is er ĂŠĂŠn Nederlandstalige basisschool, nl. GO! De Taalkoffer. Deze basisschool wordt erkend en gefinancierd door de Vlaamse Gemeenschap.
23
De provincie Antwerpen telt veruit het hoogste aantal anderstalige nieuwkomers. Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest telt nog altijd het minst aantal anderstalige nieuwkomers. Voor alle provincies zien we in 2012-2013 een daling van het aantal anderstalige nieuwkomers die zich daarna nog lichtjes doorzette of min of meer stabiliseerde. De sterke stijging van het aantal anderstalige nieuwkomers in 2015-2016 manifesteert zich terug in alle provincies. Het aandeel anderstalige nieuwkomers dat in de provincie Antwerpen school loopt (van 46% naar 37%), is in dit schooljaar ook voor het eerst gedaald; dit ten voordele van het aandeel dat schoolloopt in de provincies Limburg (van 7% naar 12%) en West-Vlaanderen (van 11% naar 16%). Aantal leerlingen naar onderwijsnet Voltijds secundair onderwijs 2011-2012
2012-2013
2013-2014
2014-2015
2015-2016
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Gemeenschapsonderwijs
1006
32,2 %
816
30,6 %
693
30,2 %
730
29,2 %
1351
32,9 %
Officieel gesubsidieerd onderwijs
782
25,1 %
707
26,5 %
649
28,3 %
678
27,1 %
835
20,3 %
Vrij gesubsidieerd onderwijs
1332
42,7 %
1142
42,9 %
949
41,4 %
1094
43,7 %
1925
46,8 %
Totaal
3120
100 %
2665
100 %
2291
100 %
2502
100 %
4111
100 %
Tabel 16: Overzicht van het aantal OKAN-leerlingen volgens onderwijsnet op 1 februari
De meeste OKAN-leerlingen volgen onthaalonderwijs in het vrij gesubsidieerd onderwijs, gevolgd door het gemeenschapsonderwijs en het officieel gesubsidieerd onderwijs. Doorheen de jaren is de verhouding tussen de onderwijsnetten vrij stabiel. In het schooljaar 2015-2016 stellen we echter vast dat het procentueel aandeel van het officieel gesubsidieerd onderwijs daaltterwijl dit in het Gemeenschapsonderwijs en het vrij gesubsidieerd onderwijs stijgt.
24
Deeltijds beroepssecundair onderwijs 2011-2012
2012-2013
2013-2014
2014-2015
2015-2016
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Gemeenschapsonderwijs
12
12,4 %
24
16,4 %
2
1,8 %
9
1,8 %
6
8,8 %
Officieel gesubsidieerd onderwijs
17
17,5 %
11
7,5 %
7
6,4 %
/
6,4 %
1
1,5 %
Vrij gesubsidieerd onderwijs
68
70,1 %
111
76,0 %
101
91,8 %
33
91,8 %
61
89,7 %
Totaal
97
100 %
146
100 %
110
100 %
42
100 %
68
100 %
Tabel 17: Overzicht van het aantal OKAN-leerlingen volgens onderwijsnet
In het deeltijds beroepssecundair onderwijs vinden we het merendeel van de leerlingen terug in het vrij gesubsidieerd onderwijs. Gewoon basisonderwijs
2011-2012
2012-2013
Aantal
% op totaal
Aantal
Gemeenschapsonderwijs
890
28,0 %
734
Officieel gesubsidieerd onderwijs
825
26,0 %
Vrij gesubsidieerd onderwijs
1458
Totaal
3173
2013-2014 % op totaal
2014-2015
2015-2016
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
29,2 %
665
29,1 %
636
26,9 %
1064
25,9 %
596
23,7 %
574
25,1 %
626
26,4 %
1027
25,0 %
46,0 %
1181
47,0 %
1047
45,8 %
1106
46,7 %
2020
49,1 %
100 %
2511
100 %
2286
100 %
2368
100 %
4111
100 %
Tabel 18: Overzicht van het aantal anderstalige nieuwkomers in het basisonderwijs volgens onderwijsnet op 1 juli.
25
Het aantal anderstalige nieuwkomers ging voor alle onderwijsnetten in dalende lijn tot en met het schooljaar 20132014. Vanaf 2014-2015 stijgen de aantallen opnieuw (uitgezonderd het GO!), met een zeer uitgesproken stijging in 2015-2016. De meerderheid van de anderstalige nieuwkomers zit nog steeds in het vrij gesubsidieerd onderwijs. Bijna de helft van alle anderstalige nieuwkomers zijn hier terug te vinden (49,1%). Daarna volgt het Gemeenschapsonderwijs met 25,9% van alle anderstalige nieuwkomers. Tenslotte zit een kwart van het totaal aantal anderstalige nieuwkomers in het officieel gesubsidieerd onderwijs.
2.2. Problematische afwezigheden Algemeen De regelgeving over de opvolging van afwezigheden is terug te vinden in het besluit over de controle op inschrijvingen van leerlingen in het secundair onderwijs.18 In dit besluit onderscheidt men drie categorieĂŤn van afwezigheden: - afwezigheden die van rechtswege gewettigd zijn; - afwezigheden die gewettigd kunnen worden door de school; - problematische afwezigheden. Meer informatie over problematische afwezigheden in het basis- en secundair onderwijs vindt u in het rapport leerplicht.1.9. In eerste instantie is de school verantwoordelijk voor de begeleiding en de opvolging van problematische afwezigheden. Vanaf de eerste problematische afwezigheid moet zij in contact treden met de ouders. Vanaf 10 halve dagen is inschakeling van het betrokken CLB en het opmaken van een begeleidingsdossier verplicht..20 Vanaf het schooljaar 20132014 sturen scholen alle afwezigheidscodes door naar AgODi via DISCIMUS. Hierdoor heeft AgODi zicht op alle leerlingen die 30 halve dagen problematisch afwezig zijn. Voltijds secundair onderwijs21
Aantal meldingen
Aantal lln in voltijds OKAN (regelmatig)
% op aantal leerlingen in voltijds OKAN
% op aantal PA in voltijds gewoon SO
% PA in voltijds gewoon SO
2011-2012
212
3120
6,8 %
7,1 %
0,8 %
2012-2013
259
2665
9,7 %
8,0 %
0,9 %
2013-2014
236
2291
10,3 %
6,4 %
1%
2014-2015
301
2502
12,0 %
6,8 %
1,2 %
2015-2016
666
4111
16,2%
12,2 %
1,6 %
Tabel 19: Overzicht van het aantal meldingen van problematische afwezigheden op 30/6 bij OKAN-leerlingen in het voltijds secundair onderwijs.
tal
18 19 20 21
Besluit van de Vlaamse Regering van 16 september 1997 betreffende de controle op inschrijvingen van leerlingen in het secundair onderwijs. gentschap voor Onderwijsdiensten (AgODi), Rapport leerplicht: wie is er niet als de schoolbel rinkelt? Evaluatie 2013-2014, Brussel. Sinds 1 september 2016 is dit verplicht zodra de leerling 5 halv dagen problematisch afwezig is. Wanneer we in dit rapport het aantal problematisch afwezige leerlingen vergelijken met de schoolbevolking, vergelijken we steeds het totaal aantal leerlingen met 30 B-codes in de loop van het schooljaar met het aantal leerlingen op 1 februari van dat schooljaar.
26
Het aantal meldingen van problematische afwezigheden is in het schooljaar 2015-2016 meer dan verdubbeld. Als het aandeel van de OKAN-leerlingen met een melding van problematische afwezigheid wordt bekeken, stijgt dit jaar na jaar tot 16,2 %. Het aandeel van de OKAN-leerlingen in het totaal aantal problematische afwezigheden schommelt tussen 6,4 % en 12,2 %. Dit percentage is aanzienlijk hoger dan in het gewoon voltijds secundair onderwijs. De populatie OKANleerlingen maakt immers maar 0,97 % uit van de schoolbevolking in het voltijds secundair onderwijs. Diverse oorzaken kunnen aan de basis liggen van het hoge aandeel meldingen bij de OKAN-leerlingen. Naast oorzaken die eveneens voorkomen bij spijbelaars in het reguliere onderwijs (zoals schoolmoeheid, schoolloopbaanproblemen, familiale problemen), vermoeden we dat er ook oorzaken zijn die meer aanwezig zijn bij deze doelgroep. We denken onder meer aan de precaire leefomstandigheden van vluchtelingen, en in het bijzonder niet-begeleide minderjarigen en de eruit voortvloeiende financiĂŤle druk. Het is ook mogelijk dat scholen in sommige gevallen de leerling nog even ingeschreven houden, maar dat de leerling in kwestie alweer naar het buitenland is vertrokken of naar een ander asielcentrum werd overgeplaatst. Deeltijds beroepssecundair onderwijs
Aantal meldingen
Aantal lln (regelmatig)
% op aantal leerlingen in OKAN DBSO
% op aantal meldingen PA in DBSO
% PA in DBSO
2011-2012
23
97
23,7 %
1,1 %
37,5 %
2012-2013
41
146
28 %
2,1 %
34,8 %
2013-2014
27
110
24,5 %
1,3 %
41,1 %
2014-2015
18
42
42,9%
0,9 %
45,5 %
2015-2016
23
68
33,8 %
1,1 %
49,4 %
Tabel 20: Overzicht van het aantal meldingen van problematische afwezigheden op 30/6 bij OKAN-leerlingen in het deeltijds beroepssecundair onderwijs.
Aangezien het aantal meldingen van problematische afwezigheden in het DBSO om een kleine groep leerlingen gaat, is het moeilijk om algemene conclusies te trekken. Toch zien we dat het percentage OKAN-leerlingen met een melding van problematische afwezigheid hoog ligt in het deeltijds beroepssecundair onderwijs. Dit beeld komt overeen met het reguliere DBSO, waar het percentage leerlingen met een melding van problematische afwezigheid nog hoger ligt.
27
PA-meldingen per leeftijd Voltijds secundair onderwijs 2011-2012
2012-2013
2013-2014
2014-2015
2015-2016
9
12
20
29
41
17-jarigen
58
84
66
84
167
16-jarigen
38
79
47
54
170
15-jarigen
43
32
27
41
112
14-jarigen
26
24
31
37
81
13-jarigen
20
15
30
27
42
12-jarigen
18
13
13
22
45
11-jarigen en -11-jarigen
0
0
2
7
8
Totaal
212
259
236
301
666
18-jarigen en +18-jarigen
Tabel 21: Overzicht van het aantal meldingen van problematische afwezigheden bij OKAN-leerlingen in het voltijds secundair onderwijs volgens leeftijd.
Over de jaren heen vormen de 16- en de 17-jarigen de grootste groep onder de OKAN-leerlingen met een melding problematische afwezigheid. Het laatste schooljaar is er ook een serieuze stijging bij de 14- en de 15-jarigen vast te stellen. Deeltijds beroepssecundair onderwijs 2011-2012
2012-2013
2013-2014
2014-2015
2015-2016
18-jarigen
0
7
8
4
0
17-jarigen
14
23
14
8
19
16-jarigen
7
9
5
6
4
15-jarigen
2
2
0
0
0
Totaal
23
41
27
18
23
Tabel 22: Overzicht van het aantal meldingen van problematische afwezigheden bij OKAN-leerlingen in het deeltijds secundair onderwijs volgens leeftijd
28
In OKAN DBSO zijn de meeste leerlingen met een melding problematische afwezigheid 17-jarigen. PA-meldingen per provincie Voltijds secundair onderwijs De onderstaande tabel bevat per provincie en voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (BHG) het aantal leerlingen dat werd gemeld als problematisch afwezig.
Provincie
2011-2012
Aantal
% op aantal OKANlln.
2012-2013
Aantal
% op aantal OKANlln.
2013-2014
Aantal
% op aantal OKANlln.
2014-2015
Aantal
% op aantal OKANlln.
2015-2016
Aantal
% op aantal OKANlln.
Antwerpen
88
7,0 %
87
7,8 %
83
8,5 %
115
11,0 %
251
17,7 %
Brussels Hoofdstedelijk Gewest
17
8,7 %
27
16,1 %
19
11,9 %
27
14,9 %
64
25,2 %
Limburg
25
6,1 %
29
9,9 %
34
16,3 %
30
12,9%
91
17,4 %
Oost-Vlaanderen
50
7,5 %
65
11,3 %
51
10,1 %
73
13,2 %
112
11,8 %
Vlaams-Brabant
9
4,2 %
23
12,4 %
20
13,0 %
18
10,6 %
34
12,5 %
West-Vlaanderen
23
5,9 %
28
8,8 %
29
10,2 %
38
12,1%
114
16,4 %
Totaal
212
6,8 %
259
9,7 %
236
10,3 %
301
12,0 %
666
16,2 %
Tabel 23: Overzicht van het aantal meldingen problematische afwezigheden bij OKAN-leerlingen in het secundair onderwijs volgens provincie en het BHG
De stijging van het aandeel problematisch afwezige leerlingen in OKAN wordt ook weerspiegeld in de cijfers per provincie. Over het algemeen stijgen zowel de aantallen als de percentages van problematisch afwezige OKAN-leerlingen per provincie en voor het BHG. In relatieve cijfers zien we de afgelopen twee schooljaren een sterke stijging in Antwerpen, het BHG en West-Vlaanderen.
2.3. Doorstroming in het secundair onderwijs In dit hoofdstuk bekijken we de doorstroomgegevens van de OKAN-leerlingen. Hiervoor gaan we steeds na waar de leerlingen die op 1 februari waren ingeschreven in OKAN, les volgen op 1 oktober van het daaropvolgende schooljaar. Onder schooljaar 2015-2016 vindt u steeds terug waar de leerlingen die op 1 februari 2016 les volgden in het onthaalonderwijs op 1 oktober 2016 waren ingeschreven. Dit is analoog voor de voorgaande schooljaren.
29
De gegevens van 2015-2016 in dit hoofdstuk zijn opgemaakt op basis van de gegevens zoals deze op 13 oktober 2016 waren opgenomen in de databank van AgODi. Het is mogelijk dat deze gegevens nog licht wijzigen naar aanleiding van verificatie en laattijdige registraties in Discimus door de scholen. Sc
Binnen de onthaalschool In de onderstaande tabel vindt u een overzicht van het aantal leerlingen dat na het volgen van een jaar onthaalonderwijs doorstroomt binnen dezelfde school. 2011-2012
Aantal leerlingen in dezelfde school
2012-2013
2013-2014
2014-2015
2015-2016
Aantal
% op aantal OKAN- lln.
Aantal
% op
Aantal
% op
Aantal
% op
Aantal
% op
838
26,0 %
784
27,9 %
805
33,5 %
702
27,6 %
1306
31,3%
Tabel 24: Overzicht van aantal leerlingen dat doorstroomt binnen dezelfde school in het voltijds en in het deeltijds onderwijs.
Onder deze leerlingen bevinden zich ook de leerlingen die opnieuw onthaalonderwijs volgen (omdat zij nog geen volledig schooljaar onthaalonderwijs gevolgd hebben of omdat zij een afwijking op deze voorwaarde verkregen) wat betekent dat de hier besproken cijfers slaan op een ruimere categorie dan enkel de ‘doorstromers’. Het aandeel van het aantal leerlingen dat na het onthaalonderwijs les blijft volgen in de eigen school schommelt een beetje doorheen de jaren. Het ging in schooljaar 2015-2016 om iets minder dan 1/3 van alle OKAN-leerlingen. Binnen de scholengemeenschap In de onderstaande tabel vindt u een overzicht van het aantal leerlingen dat na het volgen van een jaar onthaalonderwijs doorstroomt naar een school binnen dezelfde scholengemeenschap. 2011-2012
Aantal leerlingen in dezelfde school
Aantal
% op aantal OKANlln.
1328
41,3%
2012-2013
Aantal
% op aantal OKANlln.
1212
43,1%
2013-2014
2014-2015
Aantal
% op aantal OKANlln.
Aantal
1186
49,4%
1197
2015-2016
% op aantal OKAN- lln.
Aantal
% op aantal OKANlln.
47,1 %
1935
46,3 %
Tabel 25: Overzicht van aantal leerlingen dat doorstroomt binnen dezelfde scholengemeenschap in het voltijds en in het deeltijds onderwijs.
30
Het aandeel leerlingen dat is doorgestroomd binnen de scholenegemeenschap, steeg tot en met schooljaar 2013-2014. De laatste twee schooljaren is dit aandeel opnieuw licht gedaald en ligt dit tussen de 45 en 50 %.
Kenmerken van de doorstroom Hoofdstructuur22 De onderstaande tabel bevat de doorgestroomde leerlingen naar hoofdstructuur.
2011-2012
Aantal
% op aantal OKANlln.
Voltijds
1972
Deeltijds
2012-2013
Aantal
% op aantal OKANlln.
61,3%
1720
361
11,2%
Buso
85
Gewoon basisonderwijs
2013-2014
2014-2015
Aantal
% op aantal OKANlln.
Aantal
61,2 %
1616
67,3%
1804
340
12,1 %
211
8,8%
2,6 %
98
3,5 %
74
3
0,1 %
2
0,1 %
Buitengewoon basisonderwijs
0
0,0 %
0
Syntra
4
0,1 %
Totaal
2425
Afgevallen
792
% op aantal OKANlln.
2015-2016
Aantal
% op aantal OKANlln.
70,9 %
3014
72,1 %
162
6,4%
273
6,5 %
3,1 %
65
2,6%
57
1,4 %
1
0,1 %
3
0,1%
2
0,0 %
0,0 %
3
0,1 %
3
0,1%
1
0,0 %
8
0,3 %
8
0,3 %
5
0,2%
2
0,0 %
75,4 %
2168
77,1 %
1913
79,7 %
2042
80,3 %
3349
80,1 %
24,6 %
643
22,9 %
488
20,3 %
502
19,7 %
830
19,9 %
Tabel 26: Overzicht van de doorstroming van leerlingen die het vorige schooljaar ingeschreven waren in OKAN (voltijds + deeltijds) volgens huidige hoofdstructuur
Het merendeel van de leerlingen stroomt door naar het voltijds secundair onderwijs. Dit aandeel is de laatste twee schooljaren licht gestegen. Het aandeel dat doorstroomt naar het deeltijds onderwijs en het BuSO is de laatste twee schooljaren dan weer teruggelopen. Tijdens de laatste drie schooljaren vonden we zo’n 20 % van de leerlingen niet meer terug in het leerplichtonderwijs. Een aantal van deze leerlingen konden we niet terugvinden omdat ze zonder INSZ-nummer (rijksregisternummer of BIS-nummer) waren ingeschreven in de onthaalklas. Ter vergelijking: in het secundair onderwijs zat in schooljaar 2013-2014 93,5% van de leerlingen in het voltijds secundair onderwijs, 2,0% in het deeltijds onderwijs en 4,5% in het buitengewoon onderwijs.23
22 Zie glossarium 23 Voorpublicatie Statistisch jaarboek van het Vlaams onderwijs – schooljaar 2015-2016 http://www.ond.vlaanderen.be/ onderwijsstatistieken/2015-2016/statistischjaarboek2015-2016/publicatiestatistischjaarboek2015-2016.htm
31
Wanneer we enkel rekening houden met de OKAN-leerlingen die we terugvinden in het leerplichtonderwijs, valt op dat het aantal gewezen OKAN-leerlingen in het voltijds secundair onderwijs ongeveer even groot is. Gewezen OKAN-leerlingen gaan in verhouding wel minder naar het buitengewoon secundair onderwijs en meer naar het deeltijds onderwijs. Onderwijsvorm Als we enkel kijken naar leerlingen die doorstromen binnen het voltijds gewoon secundair onderwijs, krijgen we de volgende verdeling:
2011-2012
2012-2013
2013-2014
2014-2015
2015-2016 % op aantal
Aantal
% op aantal doorge-
Aantal
% op aantal doorge-
Aantal
% op aantal doorge-
Aantal
% op aantal doorge-
Aantal
doorgestroomde lln. in voltijds SO
OKAN
508
25,8%
369
21,5%
464
28,7%
482
26,7%
1480
49,1 %
1e graad
662
33,6%
568
33,0 %
519
32,1%
569
31,5%
624
20,7 %
ASO
95
4,8%
117
6,8%
77
4,8%
94
5,2%
146
4,8 %
BSO
461
23,4%
439
25,5%
353
21,8%
439
24,3%
445
14,8 %
KSO
9
0,5%
12
0,7%
14
0,9%
15
0,8%
15
0,5 %
TSO
234
11,9%
214
12,4%
189
11,7%
203
11,3%
302
10,0 %
HBO
3
0,2%
1
0,1%
0
0,0%
2
0,1%
2
0,1 %
Tabel 27: Overzicht van de doorstroming van leerlingen die het vorige schooljaar ingeschreven waren in OKAN volgens huidige onderwijsvorm
OKAN en de eerste graad zijn geen onderwijsvormen maar worden vermeld voor de volledigheid. Het percentage leerlingen dat een schooljaar later opnieuw onthaalonderwijs volgt, is in schooljaar 2015-2016 spectaculair gestegen ten opzichte van de voorgaande jaren. Tussen de leerlingen die opnieuw onthaalonderwijs volgden, zitten ook de leerlingen die later in het schooljaar instroomden, maar wel meetelden op teldatum 1 februari. Die leerlingen kunnen nog een onthaaljaar volgen aangezien ze nog geen negen maanden ingeschreven waren in het onthaalonderwijs. Deze stijging hangt dus mogelijk samen met de erg sterke instroom in OKAN tijdens schooljaar 2015-2016 en in de maand januari in het bijzonder (zie figuur 1). De voorgaande schooljaren volgde ongeveer een kwart van de leerlingen die onthaalonderwijs volgden en het jaar nadien les volgden in het voltijds secundair onderwijs opnieuw onthaalonderwijs. In vergelijking met de voorgaande schooljaren zien we voor 2015-2016 een daling van het aandeel leerlingen dat is doorgestroomd naar de eerste graad en het BSO, ook al stromen nog altijd de meeste leerlingen hiernaar door. In de andere andere onderwijsvormen bleef het aandeel doorgestroomde leerlingen min of meer stabiel.
32
Graad 2011-2012
Aantal
% op aantal doorgestroomde lln. in voltijds SO
OKAN
662
1e graad
2012-2013
Aantal
% op aantal doorgestroomde lln. in voltijds SO
33,6 %
369
508
25,8 %
2e graad
711
3e graad
2013-2014
2014-2015
2015-2016
Aantal
% op aantal doorge-
Aantal
% op aantal doorgestroomde lln. in voltijds SO
28,7 %
482
26,7%
1480
49,1 %
519
32,1 %
569
31,5%
624
20,7 %
40,1%
534
33,0%
638
35,5%
750
24,9 %
87
5,1%
88
5,4%
98
5,4%
142
4,7 %
0,6%
5
0,3%
11
0,7%
15
0,8%
16
0,5 %
0,2%
1
0,1%
0
0%
2
0,1%
2
0,1 %
Aantal
% op aantal doorge-
21,5 %
464
568
33 %
36,0%
690
76
3,8%
modulair
12
HBO
3
Tabel 28: Overzicht van de doorstroming van leerlingen die het vorige schooljaar ingeschreven waren in OKAN (voltijds + deeltijds) volgens graad in het huidige schooljaar
Ook hier zien we het effect van het gestegen aandeel leerlingen dat naar OKAN is doorgestroomd. Het aandeel leerlingen dat is doorgestroomd naar de tweede graad is in schooljaar 2015-2016 gedaald in vergelijking met de voorgaande schooljaren.
33
Studiegebied Opnieuw abstractie makend van de leerlingen in het Buso, het DBSO, Syntra en hier ook de onthaalklas en de eerste graad krijgen we de volgende verdeling:
2011-2012
2012-2013
2013-2014
2014-2015
2015-2016
ASO24
95
116
77
94
145
Auto
10
6
10
19
15
Beeldende kunsten
9
11
14
15
14
Bouw
14
20
9
20
16
Chemie
13
13
23
11
35
Decoratieve technieken
11
11
8
13
11
Fotografie
0
3
4
1
2
Grafische technieken/ grafische communicatie en media
4
7
7
5
7
Handel
147
124
100
105
147
Hout
14
16
8
13
12
Juwelen
4
0
0
2
1
Koeling en warmte
1
2
0
1
2
Land- en tuinbouw
2
1
3
6
6
Lichaamsverzorging
57
45
35
33
34
Maatschappelijke veiligheid
0
0
1
0
1
Maritieme opleidingen
0
2
1
1
0
Mechanica - elektriciteit
177
151
122
148
166
Mode
11
8
7
15
15
190
188
159
200
211
Podiumkunsten
0
1
0
0
1
Sport
8
9
12
5
19
Tandtechnieken
0
0
1
0
2
Toerisme
12
29
14
20
22
Voeding
22
20
18
26
26
Personenzorg
Tabel 29: Overzicht van de doorstroming van leerlingen die het vorige schooljaar ingeschreven waren in OKAN volgens studiegebied in het huidige schooljaar
24 De cijfers kunnen verschillen van deze in tabel 29; dit verschil is te wijten aan de leerlingen van de studierichting Sport ASO. Deze studierichting valt onder ASO als onderwijsvorm maar wordt ingedeeld in het studiegebied Sport i.p.v. het studiegebied ASO.
34
De meest populaire studiegebieden voor gewezen OKAN-leerlingen over de jaren heen zijn handel, mechanica-elektriciteit en personenzorg. Daarnaast stromen heel wat gewezen OKAN-leerlingen door naar het ASO en naar het studiegebied lichaamsverzorging.
Basisonderwijs In het basisonderwijs bestaan geen aparte onthaalklassen, de onthaalleerlingen worden al van bij de inschrijving opgenomen in het reguliere onderwijs. De doorstroming naar het reguliere onderwijs is dus voor het basisonderwijs niet van toepassing.
2.4 Behaalde studieresultaten 2.4.1 Attest van regelmatige lesbijwoning na de onthaalklas Vanaf 1 september 2014 wordt aan het einde van de volledige effectieve periode onthaalonderwijs een attest van regelmatige lesbijwoning uitgereikt. Dit betekent dat het attest wordt uitgereikt op het moment dat de leerling klaar is om door te stromen naar het vervolgonderwijs. Sinds schooljaar 2015-2016 nemen scholen deze studiebewijzen ook op in de zending studiebewijzen. Voor het schooljaar 2014-2015 beschikken we dus niet over deze gegevens. We merken dat het correct registreren van deze studiebewijzen voor zowel de scholen als de softwareleveranciers in het schooljaar 2015-2016 nog niet zo vlot verliep. Het is dus belangrijk om deze cijfers met de nodige voorzichtigheid te bekijken. De onderstaande tabel bevat het aantal geregistreerde attesten van regelmatige lesbijwoning in het schooljaar 20152016 naar provincie. De tabel bevat eveneens het percentage ten opzichte van het aantal regelmatige leerlingen in het voltijds secundair onderwijs op 1 februari.25.
Voltijds secundair onderwijs Provincie
Aantal
% t.o.v. aantal regelmatige leerlingen op 01/02/2016
Antwerpen
1028
72,5%
Brussels Hoofdstedelijk Gewest
249
98,0%
Limburg
210
40,2%
Oost-Vlaanderen
578
60,9%
Vlaams-Brabant
203
74,4%
West-Vlaanderen Totaal
331 2599
47,6% 63,2%
Tabel 30: Overzicht van het aantal geregistreerde attesten van regelmatige lesbijwoning in het voltijds secundair onderwijs per provincie (toestand in de databank op 21/10/2016).
25 De percentages vergelijken het leerlingenaantal op 1 februari met het aantal uitgereikte attesten van regelmatige lesbijwoning gedurende het volledige schooljaar. Leerlingen kunnen een attest van regelmatige lesbijwoning hebben behaald, maar niet op 1 februari ingeschreven zijn geweest in OKAN.
35
Scholen registreren voor heel wat OKAN-leerlingen dat zij een attest van regelmatige lesbijwoning hebben behaald. Vooral in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest hebben zeer veel leerlingen dit attest behaald volgens de registraties van de school. De onderstaande tabel bevat het aantal geregistreerde attesten van regelmatige lesbijwoning in het schooljaar 20152016 naar onderwijsnet. De tabel bevat eveneens het percentage ten opzichte van het aantal regelmatige leerlingen in het voltijds secundair onderwijs op 1 februari.26 Onderwijsnet
Aantal
Gemeenschapsonderwijs
655
% t.o.v. aantal regelmatige leerlingen op 01/02/2016 48,5%
Officieel gesubsidieerd onderwijs
657
78,7%
Vrij gesubsidieerd onderwijs
1287
66,9%
Totaal
2599
63,2%
Tabel 31: Overzicht van het aantal geregistreerde attesten van regelmatige lesbijwoning in het voltijds secundair onderwijs per onderwijsnet (toestand in de databank op 21/10/2016).
In het officieel gesubsidieerd onderwijs geven scholen aan dat veel leerlingen een attest van regelmatige lesbijwoning hebben behaald.
2.4.2 Studieresultaten na doorstroming in het reguliere onderwijs De gegevens in dit hoofdstuk hebben telkens betrekking op de leerlingen die op 1 februari onthaalonderwijs volgden en op 30 juni het daaropvolgende schooljaar een studiebewijs of attest behaalden. De gegevens van de studiebewijzen behaald op 30 juni 2016 in dit hoofdstuk zijn opgemaakt op basis van de gegevens zoals deze op op 13 oktober 2016 waren opgenomen in de databank van AgODi. Het is mogelijk dat deze gegevens nog licht wijzigen naar aanleiding van verificatie en laattijdige registraties door de scholen. Van de 2.291 regelmatige leerlingen die op 1 februari 2014 onthaalonderwijs volgden, beschikken we van 1.700 leerlingen (74,2 %) over informatie omtrent het eventueel behaalde studiebewijs of attest op 30 juni 2015. Van deze leerlingen volgden 14 leerlingen voltijds modulair beroepsonderwijs. Deze leerlingen laten we verder buiten beschouwing, omdat we op basis van de beschikbare gegevens niet voor al deze leerlingen kunnen uitmaken of zij geslaagd zijn.
26 De percentages vergelijken het leerlingenaantal op 1 februari met het aantal uitgereikte attesten van regelmatige lesbijwoning gedurende het volledige schooljaar. Leerlingen kunnen een attest van regelmatige lesbijwoning hebben behaald, maar niet op 1 februari ingeschreven zijn geweest in OKAN.
36
Van de 1.686 resterende leerlingen behaalden 985 leerlingen (58,4 %) in het voltijds en deeltijds beroepssecundair onderwijs (niet-OKAN) een gunstige attestering of studiebekrachtiging (A-attest of B-attest, getuigschrift 2de graad, studiegetuigschrift 3de graad, diploma secundair onderwijs of certificaat DBSO27). Van de 2.502 regelmatige leerlingen die op 1 februari 2015 onthaalonderwijs volgden, beschikken we van 1.849 leerlingen (73,9 %) over informatie omtrent het eventueel behaalde studiebewijs of attest op 30 juni 2016. Van deze leerlingen volgden 16 leerlingen voltijds modulair beroepsonderwijs. Deze leerlingen laten we verder buiten beschouwing, omdat we op basis van de beschikbare gegevens niet voor al deze leerlingen kunnen uitmaken of zij geslaagd zijn. Van de 1.833 resterende leerlingen behaalden 1.134 leerlingen (61,9 %) in het voltijds en deeltijds beroepssecundair onderwijs een gunstige attestering of studiebekrachtiging (A-attest of B-attest, getuigschrift 2de graad, studiegetuigschrift 3de graad, diploma secundair onderwijs of certificaat DBSO28). De onderstaande tabel bevat het overzicht van het aantal leerlingen dat na doorstroming uit het onthaalonderwijs een studiebewijs of attest behaalde in het voltijds gewoon secundair onderwijs. We kijken hiervoor naar leerlingen in OKAN tijdens de schooljaren 2013-2014 en 2014-2015.
Aantal leerlingen met studiebekrachtiging op 30/06/2015
% t.o.v. aantal leerlingen met studiebekrachtiging in het voltijds SO op 30/06/2015
% t.o.v. aantal regelmatige leerlingen OKAN op 01/02/2014
Aantal leerlingen met studiebekrachtiging op 30/06/2016
% t.o.v. aantal leerlingen met studiebekrachtiging in het voltijds SO op 30/06/2016
% t.o.v. aantal regelmatige leerlingen OKAN op 01/02/2015
A-attest
812
55,5 %
35,4 %
983
59,5 %
39,3 %
B-attest Diploma secundair onderwijs
118
8,1 %
5,2 %
119
7,2 %
4,8 %
1
0,1 %
0,0 %
1
0,1 %
0,0 %
1
0,1 %
0,0 %
0
0,0 %
0,0 %
Attest van regelmatige lesbijwoning onthaalklas
345
23,6 %
15,1 %
371
22,5 %
14,8 %
C-attest
178
12,2 %
7,8 %
165
9,9 %
6,6 %
0
0,0 %
0,0 %
2
0,1 %
0,1 %
8
0,5 %
0,3 %
11
0,7 %
0,4 %
Studiebewijs/attest
Studiegetuigschrift 2de leerjaar 3de graad
Attest van verworven bekwaamheden Beslissing uitgesteld29
Tabel 32: Overzicht van de behaalde attesten en studiebewijzen in het voltijds secundair onderwijs van leerlingen die het vorige schooljaar ingeschreven waren in OKAN. 27 Leerlingen die een getuigschrift van de eerste of de tweede graad in het voltijds secundair onderwijs behaald hebben, worden hier niet apart verrekend, aangezien deze leerlingen ook een A-attest of B-attest behalen. In het DBSO worden alle leerlingen die minstens ĂŠĂŠn van de vermelde studiebewijzen behaalden meegerekend. Ook met leerlingen die eventueel een deelcertificaat DBSO behalen is in dit cijfer geen rekening gehouden. 28 Zie voetnoot 27. 29 Voor deze leerlingen werd nog geen beslissing genomen, omdat zij een flexibel leertraject volgden.
37
Van de leerlingen die na hun onthaaljaar het schooljaar beëindigen in het voltijds secundair onderwijs, behaalde zo’n 55 % op 30 juni 2015 een A-attest. Het volgende schooljaar stijgt dit aantal naar bijna 60 %. Aan het einde van beide schooljaren behaalde minder dan één op tien van deze leerlingen een B-attest. Daarnaast zien we dat in beide schooljaren meer dan 20 procent van deze leerlingen een attest van regelmatige lesbijwoning ontvangt na opnieuw het onthaalonderwijs te hebben gevolgd. Ongeveer één op tien leerlingen slaagt niet. In de onderstaande tabel is terug te vinden hoeveel gewezen OKAN-leerlingen een bepaalde studiebekrachtiging behaalden in het DBSO. Net zoals voor het voltijds, bekijken we de leerlingen in OKAN tijdens de schooljaren 2013-2014 en 2014-2015.
Studiebewijs/ attest
Aantal30
% t.o.v. aantal leerlingen met
% t.o.v. aantal regelmatige leerlingen OKAN op 01/02/2014
Aantal31
% t.o.v. aantal leerlingen met
% t.o.v. aantal regelmatige leerlingen OKAN op 01/02/2015
Getuigschrift 2de graad
30
13,5 %
1,3 %
14
7,7 %
0,6 %
Studiegetuigschrift 3de graad
0
0,0 %
0,0 %
1
0,6 %
0,0 %
Certificaat DBSO
42
18,8 %
1,8 %
25
13,8 %
1,0 %
Niet geslaagd
85
38,1 %
3,7 %
86
47,5 %
3,4 %
Andere DBSO32
85
38,1 %
3,7 %
64
35,4 %
2,6 %
Tabel 33: Overzicht van de behaalde attesten en studiebewijzen in het DBSO van leerlingen die het vorige schooljaar ingeschreven waren in OKAN
Op 30 juni 2015 beëindigden 223 leerlingen het schooljaar na het onthaaljaar in het DBSO en op 30 juni 2016 waren dit er 181. Van deze leerlingen behaalde bijna 20 % op 30 juni 2015 een certificaat in het DBSO. Bijna 15 % van deze leerlingen behaalde toen een getuigschrift of studiegetuigschrift. Op 30 juni 2016 zakte het aandeel leerlingen dat een cerificaat of (studie)getuigschrift behaalde resp. naar onder de 15 % en onder de 10 %. Opvallend is dat aan het einde van beide schooljaren meer dan drie kwart van de leerlingen geen studiebekrachtiging behaalt in het schooljaar na het onthaaljaar (al heeft een aantal van deze leerlingen mogelijk een deelcertificaat behaald). De onderstaande twee tabellen geven per onderwijsvorm en voor de eerste graad weer welke studiebekrachtiging de gewezen OKAN-leerlingen behaalden. Leerlingen die hun studiebekrachtiging in het OKAN-jaar behaalden zijn niet opgenomen in deze tabellen. 1ste graad Aantal A-attest
381
% op totaal 74,4 %
ASO Aantal 47
% op totaal 66,2 %
TSO
106
% op totaal 58,9 %
KSO
11
% op totaal 78,6 %
BSO Aantal 267
% op totaal 78,3 %
Totaal
812
% op totaal 72,6 %
30 Het totaal aantal leerlingen komt niet overeen met de som van alle aantallen leerlingen die een studiebewijs of attest behaald hebben. Sommige leerlingen behalen immers twee studiebewijzen (bijv. getuigschrift van de 2de graad en een certificaat). 31 Zie voetnoot 30 32 Deze leerlingen hebben mogelijk een deelcertificaat behaald in het DBSO.
38
B-attest
58
11,3 %
10
14,1 %
36
20,0 %
2
14,3 %
Studiegetuigschrift 3de graad Diploma secundair onderwijs
12
3,5 %
118
10,6 %
1
0,3 %
1
0,1 %
0
0,0 %
0
0,0 %
0
0,0 %
1
0,3 %
1
0,1 %
C-attest
72
14,1 %
14
19,7 %
35
19,4 %
1
7,1 %
56
16,4 %
178
15,9 %
Beslis-sing uitgesteld
1
0,2 %
0
0,0 %
3
1,7 %
0
0,0 %
4
1,2 %
8
0,7 %
Totaal
512
100%
71
100 %
180
100 %
14
100 %
341
100 %
1118
100 %
Tabel 34: Overzicht van de behaalde attesten en studiebewijzen op 30/06/2015 in het voltijds secundair onderwijs van leerlingen die op 01/02/2014 waren in OKAN per onderwijsvorm
1ste graad
ASO
TSO
KSO
BSO
Totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
A-attest
450
78,1 %
64
75,3 %
116
61,1 %
10
76,9 %
343
82,3 %
983
76,7 %
B-attest
59
10,2 %
11
12,9 %
35
18,4 %
3
23,1 %
11
2,6 %
119
9,3 %
1
1,2 %
0
0,0%
0
0,0%
0
0,0%
1
0,1 %
Diploma secundair onderwijs Attest van verworven bekwaamheden
1
0,2 %
0
0,0%
0
0,0%
0
0,0%
1
0,2 %
2
0,2 %
C-attest
62
10,8 %
8
9,4 %
34
17,9 %
0
0,0%
61
14,6 %
165
12,9 %
Beslissing uitgesteld
4
0,7 %
1
1,2 %
5
2,6 %
0
0,0%
1
0,2 %
11
0,9 %
Totaal
576
100 %
85
100 %
190
100 %
13
100 %
417
100 %
1281
100 %
Tabel 35: Overzicht van de behaalde attesten en studiebewijzen op 30/06/2016 in het voltijds secundair onderwijs van leerlingen die op 01/02/2015 waren in OKAN per onderwijsvorm
Van alle leerlingen die naar het voltijds secundair onderwijs, met uitzondering van OKAN, doorstromen, behaalt ongeveer drie vierde een A-attest. Ongeveer 10 % behaalt een B-attest. Het aantal leerlingen met een C-attest daalde van 15% op 30 juni 2015 naar 12 % op 30 juni 2016. In alle onderwijsvormen, alsook in de eerste graad, ligt het aandeel uitgereikte A-attesten hoger op 30 juni 2016 dan op 30 juni 2015. In het TSO ligt het aandeel A-attesten opvallend lager dan in de andere onderwijsvormen en de eerste graad. In de beide schooljaren behaalde telkens ĂŠĂŠn leerling het diploma secundair onderwijs.
39
De onderstaande tabellen bevatten per provincie en voor het BHG de studiebekrachtiging die de gewezen OKANleerlingen behaalden op 30 juni 2015 en 30 juni 2016.
Limburg
OostVlaanderen
Antwerpen
WestVlaanderen
VlaamsBrabant
BHG
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
A-attest
71
56, 3 %
320
51,2 %
194
66,0 %
118
64,3 %
61
51,7 %
48
47,5 %
B-attest
15
11,9 %
52
8,3 %
12
4,1 %
10
5,0 %
17
14,4 %
12
11,9 %
Diploma secundair onderwijs
0
0,0 %
0
0,0 %
0
0,0 %
0
0,0 %
0
0,0 %
1
1,0 %
Studiegetuigschrift 3de graad
0
0,0 %
0
0,0 %
1
0,3 %
0
0,0 %
0
0,0 %
0
0,0 %
Attest van regelmatige lesbijwoning OKAN
28
22,2 %
167
26,7 %
56
19,0 %
47
23,6 %
23
19,5 %
24
23,8 %
C-attest
12
9,5 %
79
12,6 %
30
10,2 %
24
12,1 %
17
14,4 %
16
15,8 %
Beslissing uitgesteld
0
0,0 %
7
1,1 %
1
0,3 %
0
0,0 %
0
0,0 %
0
0,0 %
Totaal
126
100 %
625
100 %
294
100 %
199
100 %
118
100 %
101
100 %
Tabel 36: Overzicht van de behaalde attesten en studiebewijzen op 30/06/2015 in het voltijds secundair onderwijs van leerlingen die op 01/02/2014 ingeschreven waren in OKAN per provincie en het BHG.
Limburg
Antwerpen
OostVlaanderen
WestVlaanderen
VlaamsBrabant
BHG
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
A-attest
80
58,8 %
385
54,9 %
234
63,2 %
147
68,7 %
89
62,7 %
48
53,9 %
B-attest
10
7,4 %
46
6,6 %
23
6,2 %
14
6,5 %
13
9,2 %
13
14,6 %
Diploma secundair onderwijs
0
0,0 %
1
0,1 %
0
0,0 %
0
0,0 %
0
0,0 %
0
0,0 %
Attest van verworven
0
0,0 %
0
0,0 %
2
0,5 %
0
0,0 %
0
0,0 %
0
0,0 %
40
Attest van regelmatige lesbijwoning OKAN
35
25,7 %
196
28,0 %
69
18,6 %
35
16,4 %
18
12,7 %
18
20,2 %
C-attest
11
8,1 %
63
9,0 %
41
11,1 %
18
8,4 %
22
15,5 %
10
11,2 %
Beslissing uitgesteld
0
0,0 %
10
1,4 %
1
0,3 %
0
0,0 %
0
0,0 %
0
0,0 %
Totaal
136
100 %
701
100 %
370
100 %
214
100 %
142
100 %
89
100 %
Tabel 37: Overzicht van de behaalde attesten en studiebewijzen op 30/06/2016 in het voltijds secundair onderwijs van leerlingen die op 01/02/2015 ingeschreven waren in OKAN per provincie en het BHG.
Het percentage A-attesten aan het einde van de beide schooljaren ligt het hoogst in de provincies Oost-Vlaanderen en West-Vlaanderen en het laagst in het BHG. In de provincie Vlaams-Brabant zien we een opvallende stijging van het aantal A-attesten op 30 juni 2016 in vergelijking met 30 juni 2015. Deze stijging gaat gepaard met een daling van het relatieve aantal B-attesten en attesten van regelmatige lesbijwoning OKAN. In de provincie Antwerpen voltooien veel leerlingen het schooljaar na OKAN opnieuw in het onthaalonderwijs.
2.5 Scholen 2.5.1 Programmaties onthaalonderwijs in het voltijds secundair onderwijs Een scholengemeenschap die wenst te starten met het inrichten van onthaalonderwijs, moet hiervoor een programmatieaanvraag indienen. Deze programmatieaanvraag moest uiterlijk op 1 mei van het voorafgaand schooljaar worden ingediend. Tegen 1 mei 2015 diende één scholengemeenschap een aanvraag in met het oog op een start aan het begin van het schooljaar 2015-2016. De Vlaamse Regering keurde deze programmatieaanvraag niet goed. Naar aanleiding van de verhoogde instroom van vluchtelingen in Vlaanderen, keurde het Vlaams parlement het Decreet van 13 november 2015 houdende dringende tijdelijke maatregelen in het kader van een stijgend aantal anderstalige kleuters en inzake flexibilisering van de programmatiemogelijkheden onthaalonderwijs voor anderstalige nieuwkomers in het secundair onderwijs goed. Met dit decreet versoepelde de programmatieregeling voor het voltijds onthaalonderwijs voor anderstalige nieuwkomers, waardoor de opstart van het onthaaljaar doorheen het ganse schooljaar mogelijk werd. Ook voor scholen die niet behoren tot een scholengemeenschap werd het programmeren van een onthaaljaar mogelijk gemaakt. Het schoolbestuur van de school dient dan de programmatieaanvraag in. In de loop van het schooljaar 2015-2016 dienden 30 scholengemeenschappen en schoolbesturen een programmatieaanvraag in. In de tabel hieronder vindt u een overzicht van de ingediende programmatieaanvragen en de beslissingen van de Vlaamse Regering.
41
1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30
Naam scholengemeenschap
Beslissing van de Vlaamse Regering
SG Brugge-Oostkust SGKSO Veurne-Westkust SG Westhoek SGKSO Leopoldsburg SGKSO Sint Michiel SGKSO De Bron Gent SG Waasland 17 SGSO Leuven SG Dendermonde – Hamme SG GO Brussel Scholengemeenschap Archipel SGKSO J.B. David Lier SGKSO Kardinaal Cardijn SGKSO Kogeka SGKSO Sint-Quintinus Vzw Diksmuide SGKSO De Heide SGKSO Houtland SGKSO Oost-Brabant SGKSO WICO SGSO Midden-Brabant SG Oostende SGKSO Diest-Tessenderlo SG Geraardsb.-Brakel-Herzele-Zottegem SGKSO Oostkust SGKSO Drieklank SGVGSO Beveren en Bazel SG Steinerscholen SO SGKSO Haacht SGKSO Sint-Maartensscholen Ieper
Toegestaan Toegestaan Toegestaan Toegestaan Toegestaan Niet toegestaan Toegestaan Toegestaan Toegestaan Toegestaan Toegestaan Toegestaan Toegestaan Toegestaan Toegestaan Toegestaan Toegestaan Toegestaan Toegestaan Toegestaan Toegestaan Toegestaan Toegestaan Toegestaan Toegestaan onder voorwaarden Toegestaan Toegestaan Toelating met ingang van 1 september 2016 Niet toegestaan Niet toegestaan
Tabel 38: Overzicht van de programmatieaanvragen in het schooljaar 2015-2016
Van de 30 ingestuurde programmatieaanvragen keurde de Vlaamse Regering 27 programmatieaanvragen goed, waarvan één onder voorwaarden en één die toelating kreeg om met het onthaalonderwijs te starten vanaf 1 september 2016. Twee programmatieaanvragen werden niet toegestaan. De Vlaamse Regering heeft nog geen beslissing genomen over de programmatieaanvraag van SGKSO Sint-Maartensscholen Ieper. 23 scholengemeenschappen zijn in het schooljaar 2015-2016 ook effectief gestart met het inrichten van een onthaalklas. SG Oostende, SGKSO Oostkust, Vzw Diksmuide en SG Steinerscholen SO zijn niet meer gestart tijdens schooljaar 2015-2016.
42
2.5.2 Organiserende scholen in het voltijds secundair onderwijs Naast de programmaties zijn er in het schooljaar 2015-2016 binnen scholengemeenschappen die reeds onthaalonderwijs aanbieden, bijkomende scholen gestart met het aanbieden van onthaalonderwijs. Dit kan steeds zonder programmatieaanvraag. In de onderstaande tabel vindt u het aantal scholen dat op 1 februari 2016 onthaalonderwijs aanbood per provincie (en BHG) en per onderwijsnet.
Antwerpen Brussels Hoofdstedelijk Gewest Limburg Oost-Vlaanderen Vlaams-Brabant West-Vlaanderen Totaal
Gemeenschapsonderwijs
Officieel gesubsidieerd onderwijs
Vrij gesubsidieerd onderwijs
Totaal
7
3
5
15
1
1
1
3
4 4 1 5 22
2 2 1
3 13 4 8 34
9 19 6 13 65
9
Tabel 39: Overzicht van het aantal organiserende scholen per provincie en per onderwijsnet op 1 februari 2016
Op 1 februari 2016 waren er 65 scholen die onthaalonderwijs voor anderstalige nieuwkomers inrichtten. Het vrij onderwijs richtte in absolute aantallen het meeste onthaalonderwijs in, m.n. in 34 OKAN-scholen. Het Gemeenschapsonderwijs staat op de tweede plaats en op de derde plaats komt het officieel gesubsidieerd onderwijs. Het grootste aantal onthaalscholen vinden we terug in de provincie Oost-Vlaanderen, gevolgd door de provincies Antwerpen en WestVlaanderen. Opvallend is dat de provincie Antwerpen het meeste onthaalleerlingen telt, maar niet het grootste aantal OKAN-scholen. Ook na 1 februari 2016 was het scholenlandschap nog steeds in beweging. Een aantal scholen startten nog met onthaalonderwijs, maar er zijn ook scholen gestopt als gevolg van de sluiting van bepaalde collectieve opvangcentra.
Aantal vestigingsplaatsen Antwerpen Brussels Hoofdstedelijk Gewest Limburg Oost-Vlaanderen Vlaams-Brabant West-Vlaanderen Totaal Tabel 40: Overzicht van het aantal vestigingsplaatsen per provincie op 1 februari 2016
18 3 10 27 6 13 77
43
Op 1 februari 2016 werd er op 77 vestigingsplaatsen onthaalonderwijs aangeboden. Voornamelijk in de provincie OostVlaanderen ligt het aantal vestigingsplaatsen gevoelig hoger dan het aantal scholen. 2.5.3 Organiserende centra in het deeltijds onderwijs De programmatieregels gelden niet voor het deeltijds beroepssecundair onderwijs. Ieder CDO ontvangt OKAN-middelen als het een anderstalgie nieuwkomer inschrijft. Gemeenschapsonderwijs
Officieel gesubsidieerd onderwijs
Vrij gesubsidieerd onderwijs
Totaal
2
0
2
4
0
0
1
1
1 0 0 0 3
1 0 0 0 1
1 2 0 3 9
3 2 0 3 13
Antwerpen Brussels Hoofdstedelijk Gewest Limburg Oost-Vlaanderen Vlaams-Brabant West-Vlaanderen Totaal
Tabel 41:Overzicht van het aantal organiserende centra per provincie en per onderwijsnet op 1 februari 2016
In het schooljaar 2015-2016 organiseerden 13 van de 47 CDO’s onthaalonderwijs. Het vrij onderwijs richt in absolute aantallen het meeste onthaalonderwijs in met 9 centra. Het Gemeenschapsonderwijs staat op de tweede plaats en op de derde plaats komt het officieel gesubsidieerd onderwijs met slechts één centrum. De meeste centra die onthaalonderwijs aanbieden, vinden we terug in de provincie Antwerpen, gevolgd door Limburg en West-Vlaanderen. In Vlaams-Brabant is er geen enkel centrum dat onthaalonderwijs inricht.
2.5.4 Organiserende scholen in het basisonderwijs Basisonderwijs
Antwerpen Brussels Hoofdstedelijk Gewest Limburg
53
Officieel Gesubsidieerd Onderwijs 55
1
15
2
18
17
2
39
58
Oost-Vlaanderen
31
19
60
110
Vlaams-Brabant
22
15
37
74
West-Vlaanderen Totaal
37 161
8 114
60 283
105 558
Gemeenschapsonderwijs
Tabel 42: Overzicht van de basisscholen die onthaalonderwijs inrichten op 1 juli 2016.
Gesubsidieerd Onderwijs
Totaal
85
193
44
In het lager onderwijs waren er in het schooljaar 2015-2016 558 scholen met anderstalige nieuwkomers. In het basisonderwijs worden anderstalige nieuwkomers geĂŻntegreerd binnen het reguliere onderwijs. Er wordt geen aparte klas voor ingericht zoals in het secundair onderwijs. Afhankelijk van de manier waarop de school de anderstalige nieuwkomers telt (per school of per scholengemeenschap), kunnen al lestijden verkregen worden vanaf vier, zes of twaalf anderstalige nieuwkomers. Voor basisscholen is het dus makkelijker om de norm te halen. In de provincie Antwerpen zijn veruit de meeste scholen gelegen die onthaalonderwijs inrichten in de basisschool, gevolgd door Oost- en West-Vlaanderen. De provincie Antwerpen heeft ook het grootste aantal scholen in het basisonderwijs. In 2015-2016 werd het grootste deel onthaalonderwijs georganiseerd in het vrij gesubsidieerd onderwijs, gevolgd door het Gemeenschapsonderwijs. Het officieel gesubsidieerd onderwijs heeft het minst grote aandeel in scholen waar onthaalonderwijs wordt ingericht.
School SG
2011-2012 166 247
2012-2013 136 224
2013-2014 130 306
2014-2015 120 230
2015-2016 197 362
Tabel 43: Overzicht van basisscholen die anderstalige nieuwkomers tellen per school en per scholengemeenschap op 1 juli.
Bij de procedure om in aanmerking te komen voor de organisatie van onthaalonderwijs kunnen basisscholen sinds 1 september 2006 kiezen om te tellen per school of per scholengemeenschap. We merken echter dat steeds meer scholen hun anderstalige nieuwkomers tellen per scholengemeenschap. Het is opnieuw duidelijk dat er tijdens schooljaar 2015-2016 opmerkelijk meer scholen zijn die anderstalige nieuwkomers tellen in vergelijking met de voorgaande schooljaren.
45
2.6 Afwijkingen In dit hoofdstuk zullen we dieper ingaan op de afwijkingen op de toelatingsvoorwaarden (voor de regelgeving: zie hoofdstuk 1). Dit hoofdstuk handelt uitsluitend over het secundair onderwijs, aangezien in het basisonderwijs afwijkingen op de toelatingsvoorwaarden niet mogelijk zijn. Naar de betreffende toelatingsvoorwaarden wordt verder verwezen aan de hand van het cijfer bij de betreffende toelatingsvoorwaarde (1,2 en 5 in het voltijds onderwijs en 1,3 en 5 in het DBSO, zie hieronder). Sinds 1 september 2014 ligt de bevoegdheid om een afwijking op de toelatingsvoorwaarden te verlenen in het voltijds secundair onderwijs uitsluitend bij de toelatingsklassenraad. Sinds het schooljaar 2015-2016 registreren de scholen per leerling in Discimus of ze een afwijking hebben toegekend. Voor schooljaar 2014-2015 beschikken we niet over deze gegevens. 2.6.1 Voltijds secundair onderwijs De bevoegdheid om afwijkingen op de toelatingsvoorwaarden toe te kennen ligt niet langer bij AgODi, maar bij de toelatingsklassenraad. Doordat de bevoegdheid bij de toelatingsklassenraad ligt, kunnen we dit punt niet meer uitgebreid toelichten. Bij het merendeel van de onthaalleerlingen kunnen we niet nagaan van welke toelatingsvoorwaarden er werd afgeweken. Tijdens de voorgaande jaren zagen we dat de meest gevraagde afwijkingen steeds betrekking hebben op een combinatie van de toelatingsvoorwaarden 2 en 5. Dat deze combinatie vaak voorkomt is niet geheel onlogisch, omdat leerlingen die langer dan 9 maanden het Vlaams onderwijs gevolgd hebben, vaak ook langer dan één jaar in België verblijven. Ook kunnen we niet meer nagaan waarom een bepaalde afwijking positief of negatief werd beoordeeld. Gezien het aantal vrije leerlingen erg beperkt is (zie tabel 1), kunnen we concluderen dat zowat alle leerlingen die OKAN volgen met een afwijking op de toelatingsvoorwaarden een goedkeuring kregen van de toelatingsklassenraad. Van de 4.111 leerlingen die op 1 februari 2016 ingeschreven waren in het onthaalonderwijs, waren er 574 die van de toelatingsklassenraad een afwijking hadden verkregen op de toelatingsvoorwaarden. Dit komt overeen met 14,0 % van het totale aantal leerlingen op dat moment. De onderstaande tabel bevat het totaal aantal afwijkingen over het gehele schooljaar tijdens de laatste vijf schooljaren. Zoals reeds eerder aangegeven, beschikken we niet over deze gegevens voor het schooljaar 2014-2015. We zetten het totale aantal afwijkingen ook af tegen het leerlingenaantal op 1 februari.
46
2011-2012
Aantal afwijkingen
2012-2013
Aantal
% t.o.v. aantal leerlingen op 01/02
386
12,4 %
2013-2014
Aantal
% t.o.v. aantal leerlingen op 01/02
523
19,6 %
2014-2015
Aantal
% t.o.v. aantal leerlingen op 01/02
500
21,8 %
2015-2016
Aantal
% t.o.v. aantal leerlingen op 01/02
Aantal
% t.o.v. aantal leerlingen op 01/02
/
/
816
19,8 %
Tabel 44: Overzicht van de toegekende afwijkingen in het voltijds secundair onderwijs
In het schooljaar 2015-2016 zien we een opvallende stijging van het aantal afwijkingsaanvragen ten opzichte van de voorgaande schooljaren. De sterke stijging van het leerlingenaantal in OKAN in schooljaar 2015-2016 betekent logischerwijze dat er ook meer leerlingen zijn voor wie een afwijking mogelijk is. Daarnaast is het mogelijk dat de overdracht om afwijkingen te verlenen op de toelatingsvoorwaarden van AgODi naar de toelatingsklassenraad geleid heeft tot een aantal bijkomende toegekende afwijkingen. Toch zien we dat het aantal afwijkingen ten opzichte van het leerlingenaantal op 1 februari sinds schooljaar 2012-2013 ongeveer stabiel blijft. 2.6.2 Deeltijds beroepssecundair onderwijs In het deeltijds beroepssecundair onderwijs (DBSO) worden jongeren als anderstalige nieuwkomer beschouwd als ze aan de volgende voorwaarden voldoen: 1) een nieuwkomer zijn, dat wil zeggen maximaal één jaar ononderbroken in België verblijven; 2) het Nederlands niet als moedertaal of thuistaal hebben; 3) maximaal negen maanden ingeschreven zijn, de maanden juli en augustus niet inbegrepen, in een school of centrum met het Nederlands als onderwijstaal; 4) het Nederlands onvoldoende beheersen om deeltijds beroepssecundair onderwijs met goed gevolg te doorlopen; 5) op 31 december volgend op de aanvang van het schooljaar de leeftijd van 18 jaar nog niet hebben bereikt. Op vraag van het centrum kan van de eerste, de derde en de vijfde toelatingsvoorwaarde worden afgeweken. Het centrum moest daarvoor een aanvraag richten aan AgODi dat vergezeld is van een gemotiveerd advies van het CLB. Vanaf het schooljaar 2016-2017 ligt de bevoegdheid om af te wijken van deze voorwaarden ook in het DBSO bij de klassenraad en niet meer bij AgODi.
Deeltijds
2011-2012
2012-2013
2013-2014
67
154
153
Tabel 45: Overzicht van de gevraagde afwijkingen in het deeltijds secundair onderwijs
2014-2015
2015-2016
58
43
47
De daling van het aantal onthaalleerlingen in de CDO’s zien we ook weerspiegeld in het aantal afwijkingsaanvragen. De onderstaande tabel geeft de gevraagde afwijkingen weer per toelatingsvoorwaarde. 2012-2013
2013-2014
2014-2015
Aantal
% op totaal
Aantal
% op totaal
12 0 9 93 1 0 39 154
7,8% 0,0% 5,8% 60,4% 0,6% 0,0% 25,3% 100,0%
2 0 3 86 6 0 56 153
1,3% 0,0% 2,0% 56,2% 3,9% 0,0% 36,6% 100,0%
1 3 5 1 en 3 1 en 5 3 en 5 1, 3 en 5 Totaal
Aantal
4 3 4 25 4 0 18 58
2015-2016
% op totaal
Aantal
% op totaal
6,9% 5,2% 6,9% 43,1% 6,9% 0,0% 31,0% 100,0%
0 0 0 39 0 0 4 43
0,0% 0,0% 0,0% 90,7% 0,0% 0,0% 9,3% 100,0%
Tabel 46: Overzicht van de gevraagde afwijkingen per (combinatie van) toelatingsvoorwaarde(n) in het deeltijds secundair onderwijs
In het deeltijds onthaalonderwijs hebben de meeste afwijkingen betrekking op meer dan één toelatingsvoorwaarde. Bijna alle onthaalleerlingen hadden in het schooljaar 2015-2016 een afwijkingsaanvraag nodig voor de toelatingsvoorwaarden 1 en 3. De onderstaande tabel geeft weer hoe vaak een afwijking werd aangevraagd voor iedere toelatingsvoorwaarde. Toelatingsvoorwaarde(n)
2012-2013
2013-2014
2014-2015
2015-2016
1
145
94,2%
150
98,0%
52
88,1%
43
100%
3
132
85,7%
142
92,8%
47
79,7%
43
100%
5
49
31,8%
65
42,5%
25
42,4%
4
9,3%
Tabel 47: Overzicht van aantal keren dat een afwijking op een toelatingsvoorwaarde werd aangevraagd
Opnieuw stellen we vast dat alle afwijkingsaanvragen in het deeltijds onderwijs betrekking hebben op toelatings voorwaarden 1 en 3. Als we het aantal positieve en negatieve beslissingen bekijken per punt, krijgen we het volgende beeld.
48
1 3 5 1 en 3
2012-2013
2013-2014
2014-2015
2015-2016
+
12
2
4
0
-
0
0
0
0
+
0
0
3
0
-
0
0
0
0
+
6
2
2
0
-
3
1
2
0
+
78
69
17
32
-
15
17
8
7
+
1
1
1
0
-
0
5
3
0
+
0
0
0
0
-
0
0
0
0
+
23
29
5
0
-
16
27
13
4
Totaal
+
120
103
32
32
Totaal
-
34
50
26
11
154
153
58
43
1 en 5 3 en 5 1, 3 en 5
Totaal
Tabel 48: Overzicht van de positieve en negatieve beslissingen over afwijkingen op de toelatingsvoorwaarden in het deeltijds secundair onderwijs
Het aandeel leerlingen dat niet van rechtswege beantwoordt aan de toelatingsvoorwaarden ligt veel hoger in het DBSO dan in de onthaalklas in het voltijds onderwijs (in schooljaar 2015-2016 47,1 % ten opzichte van het aantal leerlingen op 01/02). De meerderheid van de afwijkingsaanvragen wordt positief beantwoord. Uit de afwijkingsaanvragen blijkt dat de betrokken leerlingen nog steeds kampen met ernstige taalproblemen. Het gaat voornamelijk om leerlingen uit de onthaalklas voltijds secundair onderwijs die al iets langer in BelgiÍ verblijven en de overstap maken naar het deeltijds onderwijs, maar nog steeds het Nederlands niet voldoende machtig zijn. Opvallend is het aantal negatief beoordeelde afwijkingsaanvragen. Misschien ligt dat aan het feit dat veel CDO’s nog niet zo goed vertrouwd zijn met het aanvragen van afwijkingen en de behandeling ervan.
49
50
Hoofdstuk 3: Een verhoogde instroom vluchtelingen: hoe heeft AgODi gereageerd?
3.1 Situatie in september 2015 -
5.166 asielvragen in september 2015
“2015 was voor de asielaanvragen een recordjaar. Het Commissariaat-Generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen noteerde 35.476 asielaanvragen. De stijging van het aantal asielaanvragen startte in mei 2015 en bereikte een piek in september toen 5.166 personen een eerste asielaanvraag indienden. Vanaf oktober 2015 daalde het aantal asielaanvragen licht, maar ook in de laatste maanden van 2015 noteren we telkens bijna 4.000 aanvragen per maand.”33 -
Meer dan 600 extra anderstalige nieuwkomers in het basisonderwijs en secundair onderwijs
De tabellen eerder in dit rapport geven aan dat het aantal anderstalige nieuwkomers zowel in het basisonderwijs als in het secundair onderwijs in september 2015 sterk gestegen is ten opzichte van september 2014. -
Wat we niet weten
Wat niemand op dat moment weet, is hoeveel vluchtelingen nog asiel zullen aanvragen in België. Ook op de vraag hoe lang de verhoogde instroom van vluchtelingen nog zal duren, dient iedereen het antwoord schuldig te blijven. Wat wel duidelijk is, is dat de bezettingsgraad van de bestaande opvanginitiatieven van Fedasil 100% bedraagt. Een uitbreiding van het opvangnetwerk op korte termijn dringt zich op. In september 2015 is het nog onduidelijk waar deze uitbreiding zal gerealiseerd worden. Waar zullen de vluchtelingen opgevangen worden? Ook op de vragen of en hoe we het recht op onderwijs van de kinderen van deze vluchtelingen zullen kunnen realiseren, moeten we in september 2015 het antwoord schuldig blijven.
33 Agentschap voor Integratie en Inburgering; Monitoring asielinstroom: asielaanvragen, capaciteit opvang en profiel van de opgevangen asiel-zoekers, Nota in het kader van de coördinatieopdracht monitoring asielinstroom van het Agentschap Integratie en Inburgering, Publicatiedatum: 15 januari 2016
51
-
Recht op onderwijs: regelgevend kader en beschikbare instrumenten
Overeenkomstig artikel 28 van het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind heeft elke minderjarige recht op onderwijs, ongeacht zijn verblijfsstatus. Een belangrijk instrument om dit recht op onderwijs te garanderen is artikel 37bis van het decreet basisonderwijs en artikel 110 van de codex secundair onderwijs, die bepalen dat elk kind recht heeft op inschrijving in de school naar keuze. De wet betreffende de leerplicht (1983) stelt dat voor elke minderjarige van vreemde nationaliteit die immigreert de bepalingen inzake leerplicht gelden vanaf de zestigste dag na de registratie in het vreemdelingen-, wacht- of in het bevolkingsregister. Voor de opvang van (gewezen) anderstalige nieuwkomers zijn er verschillende maatregelen waar basis- en secundaire scholen bij de start van het schooljaar 2015-2016 beroep kunnen op doen: - Basisscholen kunnen aanvullende lestijden anderstalige nieuwkomers en extra werkingsmiddelen krijgen. - Secundaire scholen kunnen een onthaaljaar voor anderstalige nieuwkomers programmeren (OKAN) (zie eerder) De Lokale Overlegplatforms (LOP) hebben sinds de oprichting in 2002 een decretale opdracht inzake het maken van afspraken over de opvang, het aanbod en de toeleiding van leerlingen naar het onthaalonderwijs voor anderstalige nieuwkomers en de opvolging van gewezen anderstalige nieuwkomers. In Vlaanderen zijn er 70 LOP’s. Op basis van de signalen die we van verschillende belanghebbenden krijgen, werd al snel duidelijk dat deze instrumenten onvoldoende antwoord boden op de gesignaleerde noden. -
CoĂśrdinerend overleg met belanghebbenden
Op initiatief van minister van Onderwijs Hilde Crevits vindt op 29 september 2015 een eerste coĂśrdinerend overleg plaats met alle belanghebbenden.
52
Figuur 3: Overzicht deelnemers gecoördineerd overleg34
Het doel van dit overleg is: - Uitwisselen van informatie; - Van nabij opvolgen van signalen; - Maken van afspraken. Eén van de voornaamste conclusies van dit eerste overleg is dat het voeren van een tweesporenbeleid zich opdringt: - Spoor 1: aanpassing van de regelgeving en extra financiële ondersteuning voor scholen; - Spoor 2: ondersteuning van de school- en lokale besturen bij het aanwenden van de beschikbare middelen. Het overleg komt nog samen op 7/12/15, 14/03/16 en 13/06/16. De voorbereiding en het secretariaat van dit overleg wordt door AgODi verzorgd.
34 Kanselarij en Bestuur: transversaal bestuur - integratiebeleid; VVSG: Vlaamse Vereniging van Steden en Gemeenten; AHOVOKS: Agentschap voor Hoger Onderwijs, Volwassenenonderwijs, Kwalificaties en Studietoelagen; Welzijn: Jongerenwelzijn – Voorzieningenbeleid
53
3.2 Tweesporenbeleid 3.2.1 Spoor 1: aanpassing van de regelgeving en extra financiĂŤle ondersteuning voor scholen In het eerste hoofdstuk van dit rapport zijn de wijzigingen aan de bestaande regelgeving over onthaalonderwijs ten gevolge van de verhoogde instroom van vluchtelingenkinderen reeds aangegeven. We beperken ons hier tot de bijkomende subsidiestromen die werden voorzien voor een adequate opvang van de vluchtelingenkinderen in de scholen: - Huursubsidies voor de installatie van tijdelijke modulaire units; - Subsidies voor vervoer van de kinderen vanuit de opvanginitiatieven naar de basisscholen.
- Huursubsidies voor modulaire units Schoolbesturen signaleren niet altijd over voldoende fysieke capaciteit te beschikken om de extra instroom van leerlingen die vluchteling zijn te huisvesten. De Vlaamse Regering beslist daarom om huursubsidies te voorzien. Als een school of vestigingsplaats tijdelijk de capaciteit wil uitbreiden in het kader van de noodopvang voor kinderen van asielzoekers en vluchtelingen kan het schoolbestuur een aanvraag indienen voor de subsidiĂŤring en financiering van de huur van tijdelijke modulaire units. Alle kosten die gepaard gaan met de installatie van deze tijdelijke modulaire units voor noodopvang, worden volledig vergoed. De units worden gesubsidieerd en gefinancierd voor een periode van minimaal drie en maximaal 24 maanden met als einddatum 31 december 2017. Het is mogelijk om in de contracten een clausule tot verlenging op te nemen. Die verlenging situeert zich ook binnen de termijn van 24 maanden met als einddatum 31 december 2017. Op 12 oktober 2015 komt de taskforce tijdelijke modulaire units asiel een eerste keer samen. Deze taksforce is samengesteld uit een vertegenwoordiger van het kabinet van de minister van onderwijs Hilde Crevits, van AGIOn, van AgODi en van het Departement Onderwijs en Vorming. In overleg met de onderwijskoepels en het GO! wordt de aanvraagprocedure verder uitgewerkt. AgODi zit deze taskforce voor en verzorgt ook het secretariaat. Op 19 januari 2016 wordt het digitaal aanvraagdossier en het voorbeeld van bestek gepubliceerd op de website van AgODi en AGION. Er verschijnt ook een bericht in Schooldirect. De onderwijskoepels worden eveneens op de hoogte gebracht. In totaal worden in de tweede helft van het schooljaar 2015-2016 nog 10 subsidiedossiers ingediend, 2 aanvraagdossiers zijn door de initiatiefnemer terug ingetrokken.
54
Datum ontvangst dossier
Naam school
Aantal lln
Ten vroegste recht op huursubsidies o.v.v. effectieve plaatsing
Dossier
Aanvrager
Ravels (01)
Gemeentebestuur van Ravels
OGO
25/01/16
GBS
77
1/02/16
Lint (02)
GO! scholen groep KLA4
GO
16/02/16
BS De Wilg Lint
20
1/04/16
Kortrijk (06)
GO! scholen groep Mandel GO en Leie
16/02/16
GO Midden-school 2 Kortrijk
45
1/03/16
Beveren (05)
GO! scholen groep Waasland
GO
16/02/16
GO! atheneum Beveren-Waas
23
12/02/16
A’pen (03)
Scholen groep 1 Antwerpen Antigon
GO
16/02/16
GO! basis-school 30 De Spits A’pen
1/08/16
Brussel (07)
Rudolf Steiner school Brussel
VGO
10/03/16
Rudolf Steinerschool Brussel
26
15/03/16
Belsele (08)
Gemeentebestuur van Sint-Niklaas
OGO
6/04/16
GBS
32
1/09/16
A’pen (04)
Scholen groep 1 Antwerpen Antigon
GO
16/02/16
GO! Atheneum A’pen
60
1/8/2016
Lier (09)
GO! scholen groep KLA4
GO
31/05/16
24
1/9/2016
Kortrijk (10)
GO! Tech. Atheneum’t Spui Lier
VZW KBK
VGO
21/06/2016
Sint-JozefsInstituut Kortrijk
20
1/9/2016
Tabel 49: Aantal subsidieaanvraagdossiers voor modulaire units volgens status dossier – 08/09/16
-
Subsidies van vervoer tussen basisscholen en collectieve opvanginitiatieven
De toeleiding van anderstalige nieuwkomers naar scholen loopt in een aantal regio’s vertraging op omdat het vervoer van de leerlingen vanuit de vaak afgelegen collectieve opvanginitiatieven naar de scholen niet georganiseerd geraakt. Tussen 25 januari 2016 en 5 februari 2016 organiseert AgODi in elke regio die een probleem inzake vervoer signaleert een overleg met de belanghebbenden in functie van de opmaak van een vervoersplan en ter voorbereiding van een aanvraag tot projectsubsidies voor vervoer.
55
Dit overleg verloopt volgens een vast stramien: - - - - -
Oplijsten van ervaren problemen inzake vervoer Oplijsten van reeds ondernomen stappen om tegemoet te komen aan de problemen Oplijsten van mogelijke alternatieven + voor- en nadelen Behouden van de piste(s) van voorkeur Afspraken maken inzake opvolging
Concreet vindt er overleg plaats in volgende regio’s: Ravels – Turnhout-Arendonk, Sint-Niklaas –Westakkers, KalloBeveren – Zwijndrecht; Houthalen-Helchteren; Lommel; Vilvoorde; Koksijde. Aan dit overleg neemt ook telkens een vertegenwoordiger van het lokale bestuur, van het collectief opvanginitiatief en De Lijn deel. Om tegemoet te komen aan de gesignaleerde problemen sluit Minister van Onderwijs Hilde Crevits in februari 2016 een akkoord met Staatssecretaris voor Asiel en Migratie Theo Francken waarbij de federale overheid zich engageert om alle kosten voor leerlingenvervoer binnen een straal van vier kilometer voor zijn rekening te nemen. Alle kosten voor leerlingenvervoer verder dan vier kilometer worden door de Vlaamse Overheid gedragen. Om financiële ondersteuning te kunnen aanvragen voor de organisatie van het leerlingenvervoer tussen de collectieve opvangvoorzieningen en de basisscholen, wordt een gezamenlijke subsidieaanvraag uitgewerkt. Collectieve opvanginitiatieven kunnen de aanvraag indienen bij het Departement Onderwijs en Vorming. Een ambtelijke commissie beoordeelt de dossiers en verdeelt de kosten overeenkomstig de gemaakte afspraken tussen beide bestuursniveaus. Deze commissie is samengesteld uit telkens een vertegenwoordiger van het kabinet van de Minister van Onderwijs, van het kabinet van de Staatssecretaris voor Asiel en Migratie, van het departement Onderwijs en Vorming, van Fedasil en van AgODi. Op 19 februari 2016 keurt de Vlaamse Regering de herschikking van middelen vanuit ‘algemeen provisioneel vluchtelingenproblematiek’ naar ‘budget leerlingenvervoer in het kader van de asielcrisis’ goed. Op 11 maart 2016 komt de ambtelijke commissie vervoer voor het eerst samen om de dossiers te beoordelen.
56
Dossier
Ontvankelijk
Vlaams
Federaal
Periode
Westakkers
JA
34.737 euro
NVT
11/04/2016 t.e.m. 30/06/2016
Vilvoorde
JA
NVT
23.842 euro
01/01/2016 t.e.m. 30/06/2016
Lommel Deel 1
JA
7020 euro
7650 euro
23/02/2016 t.e.m. 29/04/2016 (Vlaams) 18/02/2016 t.e.m. 29/04/2016 (Federaal)
Lommel Deel 2
JA
NVT
1330 euro
28/01/2016 t.e.m. 17/02/2016
Koksijde Deel 1
JA
NVT
25.935 euro
01/01/2016 t.e.m. 30/06/2016
Houthalen-Helchteren
JA
6.464 euro
21.008 euro
01/01/2016 t.e.m. 30/06/2016
Tabel 50: Goedgekeurde dossiers vervoer - september 2016
Voor het vervoer van leerlingen van en naar de secundaire scholen wordt geen subsidieregeling voorzien. Voor deze leerlingen wordt gebruik gemaakt van het aanbod van De Lijn. Alle signalen in verband met problemen die AgODi hierover ontvangt, worden aan contactpersonen bij De Lijn bezorgd die ook instaan voor de verdere opvolging. 3.2.2 Spoor 2: een ondersteuningsaanbod op vraag en op maat Op 1 oktober 2015 stuurt AgODi een brief naar alle burgemeesters van gemeenten met een collectief opvanginitiatief. In deze brief wordt het ondersteuningsaanbod vanuit het agentschap bekend gemaakt. Op 8 oktober 2015 ontvangen ook alle andere gemeenten deze brief. Op 12 oktober 2015 worden ook de provinciegouverneurs geĂŻnformeerd over het ondersteuningsaanbod van AgODi. -
Een ondersteuningsaanbod op vraag
Voor een vlotte opvang en toeleiding van kinderen van vluchtelingen naar het onderwijs, moet lokaal naar een antwoord worden gezocht op volgende vragen: - Hoe groot is de instroom en wat is het profiel van de anderstalige nieuwkomers die zullen instromen in het onderwijs? - Wat is de huidige capaciteit van de scholen in de buurt en in welke mate kan deze capaciteit nog worden uitgebreid (binnen de eigen schoolmuren of elders)? - Op welke omkadering en werkingsmiddelen kunnen de scholen een beroep doen? - In welke scholen kunnen deze kinderen worden ingeschreven en waar zal men de lessen organiseren? De ondersteuning vanuit AgODi verloopt vraaggestuurd: School- en lokale besturen kunnen een beroep doen op AgODi voor vragen over het regelgevend kader inzake inschrijvingsrecht, de organisatie van het onthaalonderwijs en de oprichting van nieuwe vestigingsplaatsen; - AgODi kan ook doorverwijzen naar naburige lokale overlegplatforms die ervaring hebben met de opvang en toeleiding van anderstalige nieuwkomers en/of naar schoolbesturen die ervaring hebben met onthaalonderwijs; -
57
AgODi kan doorverwijzen naar derden die de schoolbesturen mee kunnen ondersteunen in de (pedagogische en didactische) opvang van deze kinderen: pedagogische begeleidingsdiensten en clb’s maar ook sociale tolken, vluchtelingenwerk, verenigingen van etnisch-culturele minderheden, de integratiesector ...; - Ten aanzien van de lokale besturen formuleert AgODi een aanbod om het lokale overleg te faciliteren en onderwijsverstrekkers met elkaar in gesprek te brengen. Ervaringen met de werking van de lokale overlegplatforms leren dat lokaal overleg uitermate belangrijk is voor een vlotte opvang en toeleiding van kinderen van vluchtelingen naar de scholen. Op dit overleg kunnen afspraken worden gemaakt over de opvang en spreiding van deze kinderen over de verschillende scholen in de regio en kunnen ervaringen met het onthaalbeleid worden uitgewisseld. -
-
Een ondersteuningsaanbod op maat
In de ondersteuning vanuit AgODi staat maatwerk centraal. Deze ondersteuning kan variëren van het beantwoorden van allerhande vragen via mail, telefoon… tot het ter plaatse mee helpen voorbereiden van vergaderingen of aanwezig zijn bij informatievergaderingen voor scholen en buurtbewoners om vragen te beantwoorden. We onderscheiden drie soorten van ondersteuningsacties vanuit AgODi - Ondersteuning van de LOP’s, - Ondersteuning buiten LOP-gebied - Deelname aan vergaderingen georganiseerd door derden Ondersteuning van de LOP’s Zeventig LOP’s worden ondersteund door een LOP-deskundige. Elk LOP heeft een decretale opdracht inzake het maken van afspraken inzake de opvang, het aanbod en de toeleiding van leerlingen naar het onthaalonderwijs voor anderstalige nieuwkomers en de opvolging van gewezen anderstalige nieuwkomers. Hieruit volgt dat heel wat LOP’s reeds een lange traditie hebben inzake het maken van afspraken over de toeleiding van anderstalige nieuwkomers naar het onthaalonderwijs. Op het hoogtepunt van de verhoogde instroom van vluchtelingen zijn 31 van de 57 collectieve opvanginitiatieven gelegen in LOP-gebied. Ter ondersteuning van de LOP-deskundigen wordt een overzichtsdocument opgesteld waarin belangrijke aandachtspunten worden opgelijst bij het maken van afspraken over de toeleiding van anderstalige nieuwkomers vanuit de voorzieningen naar het onderwijsveld. Dit document wordt doorheen het hele schooljaar aangevuld en biedt de LOP-deskundigen een concrete houvast. Op het deskundigenoverleg, een maandelijkse bijeenkomst met alle LOP-deskundigen, vormden de ontwikkelingen naar aanleiding van de verhoogde instroom een vast agendapunt. Andere initiatieven ter ondersteuning van de LOP-deskundigen: ervaringsuitwisseling, infosessie ‘Focus op niet-begeleideminderjarige-vluchtelingen (NBMV)’ in samenwerking met Fedasil en Minor-Ndako35,… Naast het ondersteunen van de LOP-deskundigen, wordt AgODi ook gevraagd om toelichting te geven bij het regelgevend kader en het ondersteuningsaanbod vanuit AgODi op informatievergaderingen georganiseerd in LOP-gebied: 18/09/15 – Leopoldsburg, 17/11/15 – Dendermonde, 03/12/15 – Sint-Pieters-Woluwe.
35
Voorziening binnen de Integrale Jeugdhulp voor niet-begeleide-minderjarige-vluchtelingen (NBMV)
58
Ondersteuning buiten LOP-gebied 26 van de 57 collectieve opvanginitiatieven voor vluchtelingen zijn gelegen buiten het werkingsgebied van een LOP. Ook hier kunnen lokale besturen en schoolbesturen een beroep doen op de ondersteuning vanuit AgODi. Agodi ontvangt vragen naar informatie vanuit volgende gemeenten: Ternat, Blankenberge, Alken, Damme, Mechelen, Strombeek , Zeebrugge , Vilvoorde, Zemst, Zele, Alveringem , Dilbeek, Kappelle-op-den-Bos, Denderleeuw en Maldegem. In 12 gemeenten geeft AgODi op uitnodiging een mondelinge toelichting. In negen van deze gemeenten wordt daarna nog verder een beroep gedaan op ondersteuning van een LOP-deskundige: 06/10/15 – Ravels (toelichting met verdere ondersteuning door LOP-deskundige); 17/11/15 – Maaseik (toelichting), 19/11/15 – Scherpenheuvel (toelichtingmet verdere ondersteuning door LOP-deskundige), 23/11/15 – Sijsele (toelichting met verdere ondersteuning door LOP-deskundige); 24/11/15 – Geel (toelichting); 16/12/2015 - Poelkapelle – (toelichting met verdere ondersteuning door LOP deskundige),;16/12/15 - Dilbeek (toelichting met verdere ondersteuning door LOP deskundige); 28/12/15 – Lommel (toelichting met verdere ondersteuning door LOP-deskundige); januari 2016 - Overijse (toelichting met verdere ondersteuning door LOP-deskundige); 26/01/16 - Diksmuide (toelichting met verdere ondersteuning door LOPdeskundige); 04/02/16 - Zaventem (toelichting met verdere ondersteuning door LOP-deskundige); Bredene (toelichting me ondersteuning door LOP deskundige). In andere regio’s werd dan weer rechtstreeks beroep gedaan op de expertise van een deskundige van een naburige LOP-regio zonder tussenkomst van AgODi. De focus van de ondersteuning lag telkens op het maken van afspraken over de toeleiding van vluchtelingenkinderen naar het onthaalonderwijs en het informeren over de regelgeving en de financiële ondersteuning voor scholen. Deelname aan vergaderingen georganiseerd door derden AgODi licht het regelgevend kader en ondersteuningsaanbod toe op twee informatievergaderingen over de asielcrisis in lokale context, georganiseerd door VVSG voor personeel van gemeenten en OCMW: 17/11/15 – Leuven., 26/11/15 – Gent. AgODi licht het regelgevend kader en ondersteuningsaanbod ook toe op informatievergaderingen georganiseerd door de provinciegouverneurs voor hun lokale besturen en korpschefs: 01/10/15 – Brugge (West-Vlaanderen); 29/10/15 – Leuven (Vlaams-Brabant); 25/11/15 – Gent (Oost-Vlaanderen); 1/12/15 – Ranst (Antwerpen).
59
3.3 Monitoring Netwerk van contactpersonen AgODi beschikt al snel over een uitgebreid netwerk van contactpersonen. Dit enerzijds in het kader van haar opdracht om het secretariaat te verzorgen van het coördinerend overleg met alle belanghebbenden dat wordt georganiseerd op initiatief van de minister van Onderwijs Hilde Crevits. Anderzijds in het kader van haar opdracht om lokale besturen te ondersteunen in de opmaak van een vervoersdossier ter voorbereiding van de subsidieregeling. AgODi zet ook sterk in op het investeren in de contacten met Fedasil en het Rode Kruis om de ontwikkelingen m.b.t. het openen van nieuwe opvanginitiatieven van nabij te kunnen opvolgen. Daarnaast hecht AgODi veel belang aan het delen van haar informatie met alle betrokkenen ter ondersteuning van de lokale (school)besturen. Tal van lokale besturen en schoolbesturen zien zich bij de opening van een nieuw opvanginitiatief immers geconfronteerd met uitdagingen die veel vragen oproepen waar zij het antwoord schuldig moeten op blijven. Ter illustratie van de intensiteit van de contacten vanuit AgODi met Fedasil: 4/12/16: uitwisseling contactgegevens centrumverantwoordelijken & LOP- deskundigen, 9/12/16: verdere planning schooljaar (verhuisbewegingen opening centra – sluiten centra);16/12/15: afspraken over ondersteuning door een LOP-deskundige naar aanleiding van de opening van een centrum voor niet-begeleide-minderjarige-vluchtelingen (NBMV) in Overijse; 28/12/15: afspraken over ondersteuning door LOP-deskundige naar aanleiding van de opening van het collectief initiatief in Lommel;11/01/16: verdere planning schooljaar (verhuisbewegingen - opening centra – sluiten centra);26/02/16: afstemmingsvergadering AgODi – Agentschap voor Integratie en Inburgering – Fedasil;29/02/16: verdere planning schooljaar (verhuisbewegingen - opening centra – sluiten centra);1/03/16: verdere planning schooljaar (verhuisbewegingen - opening centra – sluiten centra)02/03/16: welke ondersteuning inzake onderwijs (bv. schoolkosten) voorziet Fedasil voor jongeren in leeftijdstwijfel (jongeren waarbij er twijfel bestaat over het al niet minderjarig zijn);04/03/16: toelichting Fedasil voor LOP deskundigen over situatie NBMV;04/03/16: verdere planning schooljaar (verhuisbewegingen - opening centra – sluiten centra);14/03/16: verdere planning schooljaar (verhuisbewegingen - opening centra – sluiten centra);15/03/16: toelichting ondersteuningsaanbod op infovergadering Fedasil voor private opvangcentra;12/04/16: verhuis van leerlingen uit Lommel naar Knesselare – ondersteuning nodig bij toeleiding naar onderwijs;19/04/16: verdere planning schooljaar (verhuisbewegingen- opening centra – sluiten centra);10/05/16: stand van zaken afbouwplan;2/06/16: stand van zaken afbouwplan;04/08/16: stand van zaken afbouwplan; 20/08/201630/08/2016: communicatie rond afbouw/sluiting;25/08/16: stand van zaken afbouw/sluiting;28/06/16: afbouwplan en communicatie naar scholen; 30/08/2016: overleg i.v.m afbouw en verdere communicatie via e-mail Delen van cijfergegevens Aan de leden van het coördinerend overleg voorgezeten door de minister van Onderwijs Hilde Crevits, worden op regelmatige basis cijfers van Fedasil en het Agentschap Integratie en Inburgering bezorgd over de
60
opvangcapaciteit in de opvangvoorzieningen in de gemeenten en het profiel en de leeftijdsstructuur van de asielzoekers. Updates: 12/10/15 , 25/10/15, 13/11/15 , 18/12/15, 10/01/16, 20/01/16, 23/01/16, 08/02/16, 29/02/16, 07/03/16, 25/03/16, 09/05/16, 31/05/16 Daarnaast ontvangen de leden van dit overleg op regelmatige basis een cijferdossier vanuit AgODi over het aantal anderstalige nieuwkomers in het gewoon basisonderwijs en het gewoon voltijds secundair onderwijs. Het cijferdossier wordt ook gepubliceerd op de website van AgODi. Updates: 20/01/16;20/02/16;25/03/16;09/05/16;31/05/16;27/06/16; 6/07/16.
3.4 Situatie in juli 2016 De vier grote vragen bij de start van het schooljaar zijn ondertussen beantwoord: - De verhoogde instroom is gestopt; - Het aantal asielaanvragen daalt; - De locaties van de collectieve opvanginitiatieven zijn gekend; - Scholen hebben grote inspanningen geleverd om alle kinderen in te schrijven. - Het laagste aantal asielaanvragen sinds januari 2015 “De eerste zes maanden van 2016 daalde het aantal personen dat asiel aanvroeg. Juni noteert met 1.089 het laagste aantal sinds januari 2015.36”, - 2 700 anderstalige nieuwkomers meer dan juni 2015 In juni 2016 is het duidelijk dat alle scholen Vlaanderenbreed inspanningen hebben gedaan om voor elke leerling het recht op onderwijs te kunnen garanderen. Dit blijkt uit de grote stijgingen in de leerlingenaantallen in het onthaalonderwijs die we eerder in hoofdstuk 2 van dit rapport al beschreven. - Beslissing tot sluiting van 30 tijdelijke opvanginitiatieven: nieuwe vragen Naar aanleiding van de dalende instroom beslist de Federale Regering op 3 juni 2016 om naar aanleiding van het dalend aantal asielaanvragen in België, het opvangnetwerk van Fedasil af te bouwen. In de tweede jaarhelft van 2016 en in 2017 zal Fedasil 30 collectieve opvanginitiatieven sluiten. Op 7 juni 2016 stuurt AgODi een eerste e-mail naar Fedasil waarin een aantal bezorgdheden worden geformuleerd met betrekking tot de impact van het afbouwplan op de minderjarige asielzoekers. Indien minderjarigen naar aanleiding van de afbouw van de opvangcapaciteit aan een ander opvanginitiatief worden toegewezen, dan dringt de minister van Onderwijs erop aan dat dit bij voorkeur gebeurt naar een opvanginitiatief in de buurt zodat de continuïteit van de schoolloopbaan kan gegarandeerd worden. Indien dit niet mogelijk is en de verhuis naar een andere opvanginitiatief een schoolverandering met zich zal meebrengen, dan vraagt de minister om rekening
36 Agentschap voor Integratie en Inburgering; Monitoring asielinstroom: asielaanvragen, capaciteit opvang en profiel van de opgevangen asielzoekers, Nota in het kader van de coördinatieopdracht monitoring asielinstroom van het Agentschap Integratie en Inburgering, Publicatiedatum: 25 augustus 2016
61
te houden met volgende punten: - Bij voorkeur kunnen de leerlingen het nieuwe schooljaar starten in de nieuwe school zodat ze niet midden in een schooljaar gedwongen worden van school te veranderen. - Bij voorkeur worden de scholen waar de leerlingen schoollopen nog voor het einde van het schooljaar geïnformeerd over de verhuis van de leerlingen zodat zij gepast afscheid kunnen nemen van hun medeleerlingen. - Aandacht voor de overdracht van informatie m.b.t. het verloop van de schoolcarrière tussen de betrokken opvanginitiatieven.
Het blijft ook onduidelijk hoe de overdracht van informatie m.b.t. de schoolloopbaan gebeurt voor kinderen die vanuit een collectief opvanginitiatief verhuizen naar een lokaal opvanginitiatief. Op het coördinerend overleg met de belanghebbenden van 13 juni 2016 formuleren de deelnemers nog de aanvullende bezorgdheid dat leerlingen, ten gevolge van de verhuis naar een ander opvanginitiatief, toch minstens school kunnen blijven lopen in dezelfde landstaal. Bij de start van de zomervakantie is het duidelijk dat hoewel de instroom gedaald is, er nog heel wat uitdagingen op de scholen blijven afkomen. De minister engageert zich om het coördinerend overleg met de belanghebbenden ook in 2016-2017 op regelmatige basis te laten samenkomen. Ook in 2016-2017 zullen de scholen en het beleid op de ondersteuning van AgODi kunnen rekenen.
62
Besluit en aanbevelingen
Stijgende leerlingenaantallen In 2015 werden er in BelgiĂŤ een recordaantal asielaanvragen gedaan. Deze sterke stijging van het aantal asielzoekers zien we ook weerspiegeld in de leerlingenaantallen in het onthaalonderwijs. Zowel in het basis- als in het secundair onderwijs stegen de leerlingenaantallen spectaculair tijdens schooljaar 2015-2016. Schooljaar 2015-2016 was een schooljaar dat uitzonderlijk veel uitdagingen met zich mee heeft gebracht voor het onthaalonderwijs. Aan het begin van het schooljaar bleek dat er een verhoogde instroom te verwachten viel, maar waren er nog erg veel onduidelijkheden. Zoals uit dit rapport blijkt, zijn er heel wat maatregelen genomen, en is het OKAN-aanbod sterk uitgebreid, zowel in het basis- als in het secundair onderwijs. Door de bereidheid van zoveel Vlaamse scholen om een aanbod in onthaalonderwijs te voorzien, heeft het Vlaams onderwijs kunnen voldoen aan de gestegen nood aan onthaalonderwijs. Dit vertaalt zich ook in een stijging van het aantal scholen met een OKAN-aanbod. Aan het einde van het schooljaar bleek dat een aantal collectieve opvangcentra zouden sluiten. Deze evolutie brengt weer nieuwe uitdagingen met zich mee. Zo zal het voor scholen in de buurt van dergelijke centra moeilijk zijn om alle leerkrachten in de onthaalklas te blijven tewerkstellen, als het leerlingenaantal zou dalen. Leerlinggebonden kenmerken Wanneer we naar het profiel van de leerlingen kijken, zien we dat een aantal evoluties die we tijdens de voorgaande schooljaren reeds zagen, zich tijdens schooljaar 2015-2016 sterker hebben doorgezet. Tijdens de afgelopen vijf schooljaren was de meest voorkomende nationaliteit onder de leerlingen in het onthaalonderwijs in het voltijds secundair onderwijs telkens de Afghaanse. Het aandeel Afghaanse leerlingen steeg tijdens schooljaar 2015-2016 evenwel spectaculair. Meer dan een kwart van de leerlingen had de Afghaanse nationaliteit. Daarnaast zien we dat het aantal leerlingen met de Syrische en Irakese nationaliteit sterk toenam. De laatste vijf schooljaren lag het aantal mannelijke OKAN-leerlingen steeds hoger. Maar tijdens het schooljaar 20152016 steeg hun aandeel tot bijna 65 %. Wat het aantal leerlingen per provincie betreft, zien we in 2015-2016 een verschuiving ten opzichte van de voorgaande schooljaren. Zowel in het basisonderwijs als in het voltijds secundair onderwijs zien we dat het aandeel leerlingen daalt in Antwerpen en stijgt in West-Vlaanderen en Limburg. De opening en/of uitbreiding van een aantal grote collectieve opvangcentra in deze provincies heeft hier wellicht een belangrijke rol in gespeeld.
63
Problematische afwezigheden Ook in voorgaande OKAN-rapporten meldden we een hoog aantal meldingen problematische afwezigheden bij de OKAN-leerlingen in ver¬gelijking met het reguliere onderwijs. Tijdens het schooljaar 2015-2016 is het aantal meldingen problematische afwezigheden in OKAN in het voltijds secundair onderwijs sterk gestegen, niet enkel in absolute cijfers, maar ook ten opzichte van het totale aantal leerlingen in OKAN. We vermoeden dat de precaire situatie waarin veel OKAN-leerlingen leven hier een rol in spelen. De OKAN-leerlingen vormen een bijzonder kwetsbare doelgroep. Daarnaast is het mogelijk dat de verhuisbewegingen ertoe geleid hebben dat een aantal leerlingen nog als problematisch afwezig werd geregistreerd terwijl deze leerlingen reeds verhuisd waren. Alleszins is een goede samenwerking tussen scholen, CLB en externe betrokkenen van vitaal belang voor deze leerlingen. Doorstroming en studiebewijzen Iets minder dan één derde van de OKAN-leerlingen volgt het schooljaar na het OKAN-jaar nog steeds les in dezelfde school. Wanneer we kijken naar het aantal OKAN-leerlingen dat het volgende schooljaar nog in dezelfde scholengemeenschap naar school gaat, stijgt dit tot iets minder dan de helft. Iets meer dan één vijfde van de OKAN-leerlingen vinden we het volgende schooljaar niet meer terug in het secundair onderwijs. Het is mogelijk dat deze leerlingen opnieuw naar het buitenland zijn of les volgen in het volwassenenonderwijs. Van de leerlingen die opnieuw les volgen in het secundair onderwijs, zitten de meeste leerlingen opnieuw in de OKAN-klas, in de eerste graad of in het BSO. Het aantal gewezen OKAN-leerlingen dat in het begin van schooljaar 2016-2017 opnieuw les volgt in het OKAN-jaar is fors gestegen ten opzichte van vorige schooljaren, in absolute aantallen, maar ook in vergelijking met het totale aantal leerlingen dat is doorgestroomd binnen het voltijds secundair onderwijs. Van bijna drie vierde van de OKAN-leerlingen vinden we het volgende schooljaar ook informatie terug over de behaalde studiebewijzen. Van alle leerlingen die een studiebewijs behaalden in het secundair onderwijs, behaalde ongeveer zes leerlingen op tien een gunstige attestering of studiebekrachtiging. In het voltijds onderwijs behaalt zo’n 65 % van de leerlingen een dergelijke gunstige attestering of studiebekrachtiging. Op 30 juni 2016 zien we in vergelijking met 30 juni 2015 een lichte stijging van het aandeel behaalde A-attesten, gecombineerd met een lichte daling van het aandeel B- en C-attsten en attesten regelmatige lesbijwoning OKAN. Van de leerlingen in het DBSO behaalt minder dan drie op de tien leerlingen een certificaat of een studiebewijs. Op 30 juni 2016 daalt dit naar iets meer dan één vijfde. Mogelijk behaalde een aantal van deze leerlingen wel een deelcertificaat. Afwijkingen op de toelatingsvoorwaarden Sinds 1 september 2014 ligt de bevoegdheid om een afwijking te verlenen in het voltijds secundair onderwijs bij de toelatingsklassenraad.
64
In schooljaar 2015-2016 lag het aantal toegekende afwijkingen een stuk hoger dan in de jaren dat AgODi de afwijkingen nog toekende. Hoewel het mogelijk is dat de klassenraad meer afwijkingen toekent, zien we dat het aantal afwijkingen ongeveer stabiel is gebleven ten opzichte van het leerlingenaantal. Het lijkt er dan ook op dat de stijging voornamelijk valt toe te schrijven aan de sterke stijging van het leerlingenaantal. Samenwerking tussen belanghebbenden: het belang van verbindend werken Ook in de toekomst zal AgODi de lokale ontwikkelingen (in het opvangmodel van Fedasil én in de scholen) blijven monitoren. Zo verwachten we een grotere uitstroom naar lokale opvanginitiatieven (LOI’s). Deze evolutie biedt veel kansen voor integratie van de vluchtelingen maar betekent ook een grotere spreiding. Scholen in regio’s zonder ervaring met nieuwkomers zullen de komende maanden misschien hun eerste anderstalige nieuwkomers verwelkomen. Het is belangrijk dat deze scholen als zij vragen hebben snel de weg vinden naar ondersteunende diensten en regio’s met meer ervaring. AgODi stelt daarom ook in 2016-2017 zijn expertise en netwerk van contactpersonen actief ter beschikking van lokale besturen en schoolbesturen opdat de juiste linken kunnen worden gelegd, hierbij steeds het subsidiariteitsprincipe indachtig. In andere regio’s wordt in uitrol van het afbouwplan in 2016-2017 een collectief opvanginitiatief gesloten. Ongetwijfeld hebben deze regio’s heel wat geleerd uit hun ervaringen. AgODi zal bekijken hoe de ervaringen van deze regio’s kunnen worden meegenomen in het formuleren van een aantal aandachtspunten voor het beleid ter voorbereiding van een eventuele nieuwe verhoogde instroom in de toekomst. Het coördinerend overleg met alle belanghebbenden blijft hier een centrale rol in spelen.
65
Glossarium
Deeltijds beroepssecundair onderwijs: Het deeltijds beroepssecundair onderwijs (DBSO) is een systeem van leren en werken, waarbij een jongere de combinatie maakt tussen leren op school en werkplekleren. Gewezen anderstalige nieuwkomer: Sommige scholen hebben te maken met een grote diversiteit in de populatie van anderstalige nieuwkomers. De ene anderstalige nieuwkomer krijgt het Nederlands vlugger onder de knie dan andere. Om hieraan tegemoet te komen wordt in het basisonderwijs ondersteuning voorzien door middel van een vervolgjaar. Naast het ‘echte’ onthaalonderwijs voor één volledig schoojaar kan ondersteuning geboden worden voor het vervolgjaar dat onmiddellijk moet aansluiten op het onthaaljaar. Hoofdstructuur: Dit is het niveau, soort onderwijs en soort programma waar de leerling les volgt: gewoon kleuteronderwijs, buitengewoon kleuteronderwijs, gewoon lager onderwijs, buitengewoon lager onderwijs, gewoon voltijds secundair onderwijs, deeltijds beroepssecundair onderwijs, deeltijds secundair zeevisserijonderwijs, buitengewoon secundair onderwijs. Onderwijsnetten: Traditioneel worden er drie netten onderscheiden: het gemeenschapsonderwijs (met als schoolbestuur het gemeenschapsonderwijs, een Vlaamse openbare instelling met rechtspersoonlijkheid), het gesubsidieerd officieel onderwijs (omvat de gemeentescholen, stedelijke scholen en provinciale scholen, als schoolbestuur achtereenvolgens gemeentebesturen, stadsbesturen en provinciebesturen) en het gesubsidieerd vrij onderwijs (georganiseerd op privé-initiatief, door een privépersoon of een privé-organisatie, het schoolbestuur is vaak een VZW). Onderwijsniveau: De indeling van het leerplichtonderwijs in kleuteronderwijs, lager onderwijs en secundair onderwijs. Onderwijsvormen (opdeling in de 2e, 3e graad secundair onderwijs, Se-n-Se, HBO): Het algemeen secundair onderwijs, het beroepssecundair onderwijs, het kunstsecundair onderwijs en het technisch secundair onderwijs. Onthaalonderwijs voor anderstalige nieuwkomers: Dit onderwijs heeft tot doel Nederlandsonkundige leerlingen die onlangs in België zijn aangekomen, op te vangen, hen zo snel mogelijk Nederlands te leren en hen te integreren in de onderwijsvorm en studierichting die het nauwst aansluit bij de individuele capaciteiten van deze anderstalige nieuwkomer. Het onthaalonderwijs bevat daarom eerst een onthaaljaar, waarbij de leerling gedurende een schooljaar intensief Nederlands krijgt. Na het onthaaljaar worden deze leerlingen verder ondersteund, begeleid en opgevolgd. Persoonlijk ontwikkelingstraject: Persoonlijke ontwikkelingstrajecten zijn trajecten voor jongeren uit het deeltijds onderwijs die nog niet klaar zijn om te gaan werken. Ze kunnen er op eigen tempo werken aan een aantal vaardigheden. Problematische afwezigheid: Dit is een afwezigheid waarvoor ofwel geen, ofwel laattijdig een geldige verantwoording (medisch attest, briefje ouders …) werd ingediend. Regelmatige leerling: Een regelmatige leerling is een leerling die voldoet aan de toelatingsvoorwaarden en die het geheel van de
66
vorming van het leerjaar waarvoor hij is ingeschreven werkelijk en regelmatig volgt voor de volledige duur van het schooljaar, behalve in geval van gewettigde afwezigheid. Een regelmatige leerling komt in aanmerking voor financiering/subsidiëring, schoolbevolkingsnormen en voor het behalen van een officieel studiebewijs. Studiegebied: Dit is een groep van structuuronderdelen op basis van een inhoudelijke verwantschap en, in het technisch en beroepssecundair onderwijs, eveneens op basis van een behoefte aan eenzelfde onderwijsinfrastructuur en een uitweg naar eenzelfde beroepssector. Syntra: SYNTRA biedt ongeveer 200 opleidingen in de leertijd en meer dan 500 ondernemersopleidingen, onderverdeeld in 28 sectoren. De leertijd is een opleidingssysteem van ‘Werken en Leren’. Cursisten volgen 4 dagen een vak in een onderneming die past bij hun keuze van beroepsopleiding. Daarnaast volgen cursisten 1 dag per week een theoretische opleiding in een SYNTRA-campus. Voltijds secundair onderwijs: Dit is onderwijs dat aan regelmatige leerlingen wordt verstrekt gedurende veertig weken per jaar naar rata van ten minste achtentwintig wekelijkse lesuren. Vrije leerling: Een vrije leerling is een leerling die niet voldoet aan de voorwaarden van regelmatige leerling (zie definitie regelmatige leerling). De inschrijving van een vrije leerling is niet onderworpen aan door de Vlaamse overheid bepaalde normen en omvat dan ook uitsluitend een onderlinge overeenkomst tussen de betrokken inrichtende macht of de schooldirectie en de ouders of de meerderjarige leerling zelf. Een vrije leerling komt noch in aanmerking voor financiering/ subsidiëring, schoolbevolkingsnormen noch voor het behalen van een officieel studiebewijs. Een vrije leerling beantwoordt wel aan de bepalingen inzake de leerplicht op voorwaarde dat, zoals een regelmatige leerling, het geheel van de vorming wordt gevolgd.
67
Afkortingenlijst
AgODi: Agentschap voor Onderwijsdiensten AN: Anderstalige nieuwkomer ASO: Algemeen secundair onderwijs BaO: Gewoon basisonderwijs TSO: Technisch secundair onderwijs BSO: Beroepssecundair onderwijs BuSO: Buitengewoon secundair onderwijs CDO: Centrum voor deeltijds onderwijs CLB: Centrum voor leerlingenbegeleiding DBSO: Deeltijds beroepssecundair onderwijs GAN: Gewezen anderstalige nieuwkomer HBO: Hoger beroepsonderwijs KSO: Kunstsecundair onderwijs OKAN: Onthaalklas (onthaalonderwijs) voor anderstalige nieuwkomers PA: Problematische afwezigheid
68
Overzicht van tabellen
Tabel 1: Overzicht van het aantal OKAN-leerlingen in het voltijds secundair onderwijs op 1 februari....................................................................13 Tabel 2: Overzicht van het aandeel regelmatige OKAN-leerllingen ten opzichte van de totale schoolbevolking in het gewoon voltijds secundair onderwijs op 1 februari....................................................................................................................................................................................................13 Tabel 3: Overzicht van het aantal OKAN-leerlingen in het deeltijds beroepssecundair onderwijs op 1 februari............................................14 Tabel 4: Overzicht van het aandeel regelmatige OKAN-leerllingen ten opzichte van de totale schoolbevolking in het deeltijds beroepssecundair onderwijs op 1 februari...................................................................................................................................................................................................15 Tabel 5: Overzicht van het aantal anderstalige nieuwkomers in het gewoon basisonderwijs op 1 juli................................................................. 15 Tabel 6: Overzicht van het aandeel anderstalige nieuwkomers t.o.v. de totale schoolbevolking in het gewoon lager onderwijs..............................................................................................................................................................................................................................................................................................................15 Tabel 7: Overzicht van het aantal regelmatige OKAN-leerlingen in het voltijds secundair onderwijs op 1 februari volgens geslacht.............................................................................................................................................................................................................................................................................................17 Tabel 8: Overzicht van het aantal OKAN-leerlingen in het deeltijds secundair onderwijs op 1 februari volgens geslacht...................17 Tabel 9: Overzicht van het aantal OKAN-leerlingen in het voltijds secundair onderwijs op 1 februari volgens leeftijd, zoals opgenomen in de databank van AgODi op 21/10/2016.........................................................................................................................................................................................18 Tabel 10: Overzicht van het aantal OKAN-leerlingen in het deeltijds secundair onderwijs op 1 februari volgens leeftijd.................... 19 Tabel 11: Overzicht van de 10 meest voorkomende nationaliteiten bij OKAN-leerlingen op 1 februari....................................................................19 Tabel 12: Overzicht van de meest voorkomende nationaliteiten bij OKAN-leerlingen DBSO op 1 februari.........................................................20 Tabel 13: Overzicht van het aantal OKAN-leerlingen in het voltijds secundair onderwijs per provincie op 1 februari.............................. 21 Tabel 14: Overzicht van het aantal OKAN-leerlingen in het deeltijds beroepssecundair onderwijs per provincie op 1 februari.....22 Tabel 15: Overzicht van het aantal anderstalige nieuwkomers in het gewoon basisonderwijs per provincie op 1 juli...........................22 Tabel 16: Overzicht van het aantal OKAN-leerlingen volgens onderwijsnet op 1 februari..................................................................................................23 Tabel 17: Overzicht van het aantal OKAN-leerlingen volgens onderwijsnet......................................................................................................................................24 Tabel 18: Overzicht van het aantal anderstalige nieuwkomers in het basisonderwijs volgens onderwijsnet op 1 juli.......................... 24 Tabel 19: Overzicht van het aantal meldingen van problematische afwezigheden op 30/6 bij OKAN-leerlingen in het voltijds secundair onderwijs..................................................................................................................................................................................................................................................................................25
69
Tabel 20: Overzicht van het aantal meldingen van problematische afwezigheden op 30/6 bij OKAN-leerlingen in het deeltijds beroepssecundair onderwijs......................................................................................................................................................................................................................................26 Tabel 21: Overzicht van het aantal meldingen van problematische afwezigheden bij OKAN-leerlingen in het voltijds secundair onderwijs volgens leeftijd.........................................................................................................................................................................................................................................27 Tabel 22: Overzicht van het aantal meldingen van problematische afwezigheden bij OKAN-leerlingen in het deeltijds secundair onderwijs volgens leeftijd.........................................................................................................................................................................................................................................27 Tabel 23: Overzicht van het aantal meldingen problematische afwezigheden bij OKAN-leerlingen in het secundair onderwijs volgens provincie...........................................................................................................................................................................................................................................................................................28 Tabel 24: Overzicht van aantal leerlingen dat doorstroomt binnen dezelfde school in het voltijds en in het deeltijds onderwijs.....................................................................................................................................................................................................................................................................................29 Tabel 25: Overzicht van aantal leerlingen dat doorstroomt binnen dezelfde scholengemeenschap in het voltijds en in het deeltijds onderwijs...........................................................................................................................................................................................................................................................................29 Tabel 26: Overzicht van de doorstroming van leerlingen die het vorige schooljaar ingeschreven waren in OKAN (voltijds + deeltijds) volgens huidige hoofdstructuur................................................................................................................................................................................................30 Tabel 27: Overzicht van de doorstroming van leerlingen die het vorige schooljaar ingeschreven waren in OKAN volgens huidige onderwijsvorm.......................................................................................................................................................................................................................................................31 Tabel 28: Overzicht van de doorstroming van leerlingen die het vorige schooljaar ingeschreven waren in OKAN (voltijds + deeltijds) volgens graad in het huidige schooljaar..........................................................................................................................................................................32 Tabel 29: Overzicht van de doorstroming van leerlingen die het vorige schooljaar ingeschreven waren in OKAN volgens studiegebied in het huidige schooljaar.............................................................................................................................................................................................................33 Tabel 30: Overzicht van het aantal geregistreerde attesten van regelmatige lesbijwoning in het voltijds secundair onderwijs per provincie (toestand in de databank op 21/10/2016)............................................................................................................................................................34 Tabel 31: Overzicht van het aantal geregistreerde attesten van regelmatige lesbijwoning in het voltijds secundair onderwijs per onderwijsnet (toestand in de databank op 21/10/2016)................................................................................................................................................35 Tabel 32: Overzicht van de behaalde attesten en studiebewijzen in het voltijds secundair onderwijs van leerlingen die het vorige schooljaar ingeschreven waren in OKAN........................................................................................................................................................................................36 Tabel 33: Overzicht van de behaalde attesten en studiebewijzen in het DBSO van leerlingen die het vorige schooljaar ingeschreven waren in OKAN.............................................................................................................................................................................................................................................................37 Tabel 34: Overzicht van de behaalde attesten en studiebewijzen op 30/06/2015 in het voltijds secundair onderwijs van leerlingen die op 01/02/2014 waren in OKAN per onderwijsvorm.........................................................................................................................37 Tabel 35: Overzicht van de behaalde attesten en studiebewijzen op 30/06/2016 in het voltijds secundair onderwijs van leerlingen die op 01/02/2015 waren in OKAN per onderwijsvorm....................................................................................................................................................38 Tabel 36: Overzicht van de behaalde attesten en studiebewijzen op 30/06/2015 in het voltijds secundair onderwijs van leerlingen die op 01/02/2014 ingeschreven waren in OKAN per provincie en het BHG.................................................................................................39 Tabel 37: Overzicht van de behaalde attesten en studiebewijzen op 30/06/2016 in het voltijds secundair onderwijs van leerlingen die op 01/02/2015 ingeschreven waren in OKAN per provincie en het BHG..............................................................................................39
70
Tabel 38: Overzicht van de programmatieaanvragen in het schooljaar 2015-2016..................................................................................................................41 Tabel 39: Overzicht van het aantal organiserende scholen per provincie en per onderwijsnet op 1 februari 2016.................................42 Tabel 40: Overzicht van het aantal vestigingsplaatsen per provincie op 1 februari 2016..................................................................................................42 Tabel 41: Overzicht van het aantal organiserende centra per provincie en per onderwijsnet op 1 februari 2016.....................................43 Tabel 42: Overzicht van de basisscholen die onthaalonderwijs inrichten op 1 juli 2016.......................................................................................................43 Tabel 43: Overzicht van basisscholen die anderstalige nieuwkomers tellen per school en per scholengemeenschap op 1 juli......44 Tabel 44: Overzicht van de toegekende afwijkingen in het voltijds secundair onderwijs..................................................................................................46 Tabel 45: Overzicht van de gevraagde afwijkingen in het deeltijds secundair onderwijs.................................................................................................46 Tabel 46: Overzicht van de gevraagde afwijkingen per (combinatie van) toelatingsvoorwaarde(n) in het deeltijds secundair onderwijs...................................................................................................................................................................................................................................................................................47 Tabel 47: Overzicht van aantal keren dat een afwijking op een toelatingsvoorwaarde werd aangevraagd.................................................47 Tabel 48: Overzicht van de positieve en negatieve beslissingen over afwijkingen op de toelatingsvoorwaarden in het deeltijds secundair onderwijs..........................................................................................................................................................................................................................................................48 Tabel 49: Aantal subsidieaanvraagdossiers voor modulaire units volgens status dossier – 08/09/16................................................................54 Tabel 50: Goedgekeurde dossiers vervoer - september 2016........................................................................................................................................................................56
71
Overzicht van figuren
Figuur 1: Maandelijkse evolutie van het aantal anderstalige nieuwkomers in het gewoon voltijds secundair onderwijs tijdens schooljaren 2014-2015 en 2015-2016.....................................................................................................................................................................................................................14 Figuur 2: Maandelijkse evolutie van het aantall anderstalige nieuwkomers in het basisonderwijs tijdens het schooljaar 2014-2015 en 2015-2016........................................................................................................................................................................................................................................................................16 Figuur 3: Overzicht deelnemers gecoรถrdineerd overleg......................................................................................................................................................................................52
72
AGODI
AGENTSCHAP VOOR ONDERWIJSDIENSTEN