VIONA-OPROEP VOOR EEN STUDIEOPDRACHT, 1/2/2011
De organisatie van een evaluatie van de structurele EAD-projecten als onderdeel van het impulsbeleid Evenredige Arbeidsdeelname en Diversiteit van de Vlaamse Regering 1. Probleemstelling In de beleidsbrief 2011 van de minister bevoegd voor Werk wordt de nood geformuleerd aan een tijdige evaluatie van de structurele EAD projecten van de sociale partners en de eigenorganisaties van kansengroepen. Aangezien de huidige protocolperiode van deze structurele EAD-projecten loopt tot en met februari 2012, werd beslist om op zeer korte termijn te starten met die evaluatie. De structurele projecten vormen een van de beleidsmaatregelen van het impulsbeleid evenredige arbeidsdeelname en diversiteit, naast de maatregelen diversiteitsplannen en diversiteitsprojecten. Er zijn vier grotere structurele projecten die met middelen van het Vlaams impulsbeleid EAD van de Vlaamse Overheid worden gefinancierd: -
-
Jobkanaal bij de werkgeversorganisaties UNIZO, VERSO VOKA en VKW De werking van diversiteitsconsulenten bij de vakbonden ABVV, ACLVB en ACV De werking van de taskforce allochtonen en werk bij het minderhedenforum in samenhang met de inzet van activeringsconsulenten via een 8-tal federaties van allochtonen verenigingen Het gebruikersoverleg Handicap, Chronische Ziekte en Arbeid bij de organisatie GRIP en het verbonden steunpunt handicap en arbeid.
De structurele projecten hebben volgende doelstellingen: - creĂŤren van draagvlak m.b.t. diversiteit op de werkvloer - bij elkaar brengen van vraag en aanbod met het oog op een betere inschakeling van kansengroepen - professionele beleidspartner zijn in advies en overleg Meer informatie over het EAD-beleid vindt u op: http://www.werk.be/beleid/div/. Informatie over de structurele projecten is te vinden op: http://www.werk.be/beleid/div/structureel.htm. De eigenlijke protocols kunnen bij het departement WSE worden opgevraagd.
1-02-2011 VIONA-oproep studieopdracht De organisatie van een evaluatie van de structurele EAD-projecten als onderdeel van het impulsbeleid Evenredige Arbeidsdeelname en Diversiteit van de Vlaamse Regering
1
2. Onderzoeksvragen Centrale vragen waarop de evaluatie een antwoord moet bieden zijn: : - In welke mate slagen de structurele EAD projecten erin om de doelstellingen zoals die opgenomen zijn in de protocollen en in jaarprogramma’s te realiseren? Dit betreft een evaluatie op het niveau van de individuele projecten. - In welke mate dragen de projecten bij tot het realiseren van de Vlaamse doelstellingen m.b.t. het streven naar evenredige arbeidsdeelname en diversiteit en de relevante doelstellingen van het pact 2020 inzake de stijging van de werkzaamheidsgraad bij kansengroepen en het bevorderen van de werkbaarheid en van een duurzaam HR- en organisatiebeleid in ondernemingen? Dit betreft een evaluatie over de projecten heen (metaniveau). Meer specifiek biedt de evaluatie een antwoord op volgende vragen: Op projectniveau: 1. In welke mate zijn de structurele EAD projecten in de protocolperiode (2009-2012) geslaagd in het realiseren van de gestelde doelstellingen (protocoltekst en jaarprogramma’s) zowel op kwantitatief als op kwalitatief vlak ? 2. Welke zijn de belangrijkste sterke punten en knelpunten m.b.t. elk project, intern en in relatie tot de andere actoren ? 3. Wat is het oordeel over de verhouding van inzet aan middelen en de gerealiseerde output van het project? 4. In welke mate was/is er samenwerking tussen de actoren uit de structurele projecten en andere relevante partners, zoals de projectontwikkelaars EAD (evenredige arbeidsdeelname en diversiteit) en L&W (leeftijd en werk) die ingebed zijn in de ERSVs en de sectorconsulenten diversiteit. 5. Wat zijn beleidsaanbevelingen?
Over de projecten heen, op metaniveau: 1. In welke mate hebben de structurele projecten bijgedragen tot de specifieke beleidsdoelstellingen (creëren draagvlak, bij mekaar brengen vraag-aanbod, partner in advies en overleg) en de algemene beleidsdoelstelling tot het realiseren van een grotere arbeidsdeelname van kansengroepen op de arbeidsmarkt (pact 2020 en EAD doelstellingen)? 2. In welke mate is dit op een efficiënte wijze gebeurd? 3. Wat zijn de beleidsaanbevelingen?
1-02-2011 VIONA-oproep studieopdracht De organisatie van een evaluatie van de structurele EAD-projecten als onderdeel van het impulsbeleid Evenredige Arbeidsdeelname en Diversiteit van de Vlaamse Regering
2
3. Aanpak Voor de wetenschappelijke aanpak van de evaluatie wordt beroep gedaan op een externe partner. Die staat in voor: 1. Het uitvoeren van de globale evaluatie. Die wordt zodanig aangepakt dat een antwoord wordt geboden op de onderzoeksvragen in paragraaf 2. We verwachten van de onderzoekers een voorstel tot methodologie op dit vlak. 2. In de protocols tussen de Vlaamse overheid en de sociale partners m.b.t. de structurele projecten is een zelfevaluatie voorzien. Die wil de opdrachtgever meenemen als element in het gehele evaluatieopzet. De externe partner staat in voor het inbouwen van de zelfevaluatie in het gehele evaluatieopzet en het organiseren ervan. 3. De opdrachtgever wenst tevens dat relevante stakeholders worden betrokken in de evaluatie. Dit kan via interviews of andere instrumenten. Voorbeelden van stakeholders zijn: departement WSE, kabinet Werk, VDAB, projectontwikkelaars, sectorconsulenten diversiteit, Centrum voor Gelijke kansen en Racismebestrijding, ‌.
De evaluatie wordt opgevolgd via een stuurgroep bestaande uit leden van het kabinet Werk en het departement WSE.
4. Timing kandidaatstelling en opdracht Projectvoorstellen dienen uiterlijk op maandag 21 februari 2011 om 10u elektronisch via mail (in een Word-versie) te worden ingediend bij het departement WSE, gericht aan: ann.vandencruyce@wse.vlaanderen.be en johan.troch@wse.vlaanderen.be . De projectindieners zullen uiterlijk op vrijdag 25 februari 2011 worden geïnformeerd over de selectie en de gunning. De timing is stringent: dit project dient te starten op 1 maart 2011. Tegen 31 mei 2011 dienen de eerste resultaten te worden voorgelegd. Tegen 30 juni dient de evaluatie volledig te worden afgerond en dienen de definitieve resultaten (oplevering evaluatierapport) te worden opgeleverd aan de opdrachtgever. Deze opdracht is een opdracht voor diensten in de zin van art. 5 van de wet van 24.12.1993. De gunning van deze opdracht gebeurt via een onderhandelingsprocedure zonder bekendmaking, als bepaald in artikel 17, §1, Wet van 24.12.1993.
1-02-2011 VIONA-oproep studieopdracht De organisatie van een evaluatie van de structurele EAD-projecten als onderdeel van het impulsbeleid Evenredige Arbeidsdeelname en Diversiteit van de Vlaamse Regering
3
5. Inhoud van het voorstel Projectvoorstellen (opgemaakt in Word) bevatten een inhoudelijk en een financieel onderdeel. en dienen de volgende elementen te bevatten: 1) titel van het projectvoorstel 2) vermelding van de promotor(en)/uitvoerder(s): naam, instelling, onderzoekseenheid, contactadres, telefoonnummer en e-mailadres 3) een omschrijving van het studieproject (op max. 5 pagina’s concreet en nauwkeurig aangeven hoe de opdracht zal opgevat en aangepakt worden, welke evaluatiemethodologie en stappen worden voorgesteld) 4) een gedetailleerd tijdschema 5) aangeven van expertise en kwaliteitsgaranties 6) een financieel plan met een oplijsting van de kostenstructuur en raming der kosten (exclusief én inclusief BTW en overhead; de financiering van studieopdrachten door VIONA bedraagt altijd minder dan 65.000 euro (exclusief BTW) Voor deze studieopdracht wordt als richtprijs een bedrag van 50.000 euro (excl. BTW) vooropgesteld. 7) op maximum 3 blz. een beknopte curriculum vitae van de onderzoeksverantwoordelijken met vermelding van de relevante onderzoeksprojecten en publicaties die zij reeds over dit thema hebben verricht.
6. Toewijzing en gunningmodaliteiten De ingediende voorstellen zullen door een door het departement WSE samengestelde stuurgroep worden beoordeeld op de volgende criteria: aansluiting bij de onderzoeksvragen en doelstellingen uit de oproep, helderheid van de aanpak en de planning, expertise en kwaliteit van het onderzoeksteam, de prijs.
7. Financiering Voor deze opdracht wordt als richtprijs een bedrag van 50.000 euro exclusief BTW vooropgesteld. Voormeld bedrag wordt uitgekeerd: nadat het eindrapport conform de afspraken is opgeleverd en door de opdrachtgever goed is bevonden; mits voorleggen bij het departement WSE van de nodige stavingstukken ter verantwoording van de kosten, ten laatste één maand na afloop van het project. De volgende kosten mogen aangerekend worden binnen de voorziene enveloppe: loonkosten van het daadwerkelijk ingezet wetenschappelijk personeel op het onder zoek op basis van de ingeschatte onderzoeksmaanden; persoonsgebonden werkingskosten: werkingsmiddelen, administratieve ondersteuning en eventuele universitaire overhead. De persoonsgebonden werkingskosten worden forfaitair begroot en afgerekend op maximaal 33 % van de respectieve en begrote en de reële personeelskosten wetenschappelijk personeel en omvat de overhead van maximaal 10 % die de universiteiten gewoonlijk aanrekenen; 1-02-2011 VIONA-oproep studieopdracht De organisatie van een evaluatie van de structurele EAD-projecten als onderdeel van het impulsbeleid Evenredige Arbeidsdeelname en Diversiteit van de Vlaamse Regering
4
-
projectspecifieke kosten: uitzonderlijke en projectspecifieke werkingsmiddelen. Het betreft uitzonderlijke kosten inherent aan de opdracht en zijn altijd te bewijzen.
Financiële en inhoudelijke rapporten moeten worden ingediend op het volgende adres, op de wijze zoals hierboven beschreven: Vlaams Ministerie van Werk en Sociale Economie Departement Werk en Sociale Economie – Afdeling Werkgelegenheidsbeleid t.a.v. mevrouw Ann Van den Cruyce (afdelingshoofd) Koning Albert II-laan 35, bus 20 - 16de verdieping 1030 Brussel
8. Bijkomende informatie Bijkomende informatie over deze opdracht kan u krijgen bij: Inhoudelijke vragen over de concrete opdracht: Informatie over deze opdracht kan u krijgen bij: - Anneleen Peeters, kabinet Werk, tel 02-5526765, anneleen.peeters@vlaanderen.be - Ann Van den Cruyce, departement WSE, tel 02-5534458, ann.vandencruyce@wse.vlaanderen.be - Erik Samoy, departement WSE, tel 02-5534027, erik.samoy@wse.vlaanderen.be - Han de Bruijn, departement WSE, tel 02-5534438, han.debruijn@wse.vlaanderen.be - Michiel Van de Voorde, departement WSE, tel 02-5534032, michiel.vandevoorde@wse.vlaanderen.be Contactpersonen m.b.t. de procedure en inhoudelijke rapportering: Departement Werk en Sociale Economie, Koning Albert II-laan 35, bus 20 - 16de verdieping, 1030 Brussel Johan Troch, tel. 02-553 44 18, johan.troch@wse.vlaanderen.be Ann Van den Cruyce, tel. 02-553 44 58, ann.vandencruyce@wse.vlaanderen.be Contactpersoon m.b.t. de financiële rapportering: Departement Werk en Sociale Economie, Koning Albert II-laan 35, bus 20 - 16de verdieping, 1030 Brussel Johan Troch, tel. 02-553 44 18
1-02-2011 VIONA-oproep studieopdracht De organisatie van een evaluatie van de structurele EAD-projecten als onderdeel van het impulsbeleid Evenredige Arbeidsdeelname en Diversiteit van de Vlaamse Regering
5