Skip to main content

dossier 2022-050.pdf

Page 1

Uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/050

Vlaamse overheid Beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie Afdeling openbaarheid van bestuur Havenlaan 88, bus 20 1000 BRUSSEL T : 02 553 57 25 Mail: openbaarheid@vlaanderen.be Dossiernummer: OVB/2022/050

DE BEROEPSINSTANTIE - Afdeling openbaarheid van bestuur Bevoegdheid beroepsinstantie Bestuursdecreet van 7 december 2018, titel II, hoofdstuk 3, afdeling 6. Besluit van de Vlaamse Regering van 19 juli 2007 tot oprichting van de beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie. Voorafgaande procedure Op 20 januari 2022 diende xxx (hierna vermeld als: verzoekster), een verzoek in bij het agentschap Opgroeien en bij Pleegzorg provincie Antwerpen om een afschrift te verlenen van het A-document in dossier xxx met betrekking tot xxx. Op 21 januari 2022 werd voormeld openbaarheidsverzoek afgewezen door het agentschap Opgroeien. Vanuit Pleegzorg provincie Antwerpen werd niet gereageerd op voormeld openbaarheidsverzoek. Met een mail d.d. 21 februari 2022 heeft verzoekster nu beroep ingesteld tegen de voormelde weigeringsbeslissing vanwege het agentschap Opgroeien en tegen de ontstentenis van beslissing vanwege Pleegzorg provincie Antwerpen. Ontvankelijkheid van het beroep De oorspronkelijke verzoeken tot openbaarmaking dateren van 20 januari 2022. De beslissing van het agentschap Opgroeien dateert van 21 januari 2022. Deze beslissing maakt geen melding van de beroepsmogelijkheid en -modaliteiten, zoals voorgeschreven in artikel II.43, §1, derde lid van het Bestuursdecreet. De beroepstermijn vangt bijgevolg pas aan vier maanden na kennisgeving van de beslissing.

www.vlaanderen.be


Daarnaast was op 21 februari 2022, de datum van het beroep, de in artikel II.43, § 1, 2e lid van het Bestuursdecreet bepaalde beslissingstermijn van 20 kalenderdagen voor Pleegzorg provincie Antwerpen verstreken, zonder dat verzoekster een beslissing had ontvangen aangaande haar openbaarheidsverzoek. Het beroepschrift van verzoekster d.d. 21 februari 2022 is dan ook tijdig ingediend, zowel ten aanzien van het agentschap Opgroeien als ten aanzien van Pleegzorg provincie Antwerpen. De beroepsinstantie stelt vast dat het door verzoekster opgevraagde document ontegensprekelijk informatie van persoonlijke aard bevat. Voor de openbaarmaking van informatie van persoonlijke aard, moet verzoekster, conform artikel II.40, §3 van het Bestuursdecreet, aantonen dat zij rechtstreeks en persoonlijk in haar rechtssituatie kan worden geraakt door ofwel (1) de informatie, (2) de beslissing waarop de informatie betrekking heeft of (3) de beslissing ter voorbereiding waarvan het document dat de informatie bevat, werd opgesteld. In datzelfde artikel II.40, §3, in fine van het Bestuursdecreet wordt echter vermeld dat dit belang niet moet worden aangetoond indien de informatie van persoonlijke aard over de aanvrager zelf handelt. In casu wordt door de beroepsinstantie vastgesteld dat sommige informatie van persoonlijke aard uit het opgevraagde document betrekking heeft op verzoekster zelf en dat zij derhalve over het vereiste belang beschikt. Andere informatie van persoonlijke aard in het opgevraagde document houdt verband met de andere leden van het gezin, waarvan de beroepsinstantie van oordeel is dat verzoekster in casu ook wel degelijk het vereiste belang kan aantonen, zoals voorzien in voormeld artikel II.40, §3 van het Bestuursdecreet. Het ingediende beroepschrift wordt bijgevolg dan ook als ontvankelijk beschouwd. Gegrondheid van het beroep Overeenkomstig artikel II.31, eerste lid Bestuursdecreet heeft het recht op passieve openbaarheid betrekking op bestuursdocumenten. Op grond van deze bepaling is elke instantie in principe verplicht aan eenieder die erom verzoekt inzage te geven in, uitleg te verschaffen over of een afschrift te bezorgen van de gewenste bestuursdocumenten. De openbaarmaking kan slechts geweigerd worden mits toepassing wordt gemaakt van één of meerdere uitzonderingen, zoals gestipuleerd in de artikelen II.33 tot en met II.39 van voormeld decreet.

1.

Bestreden beslissing

In de beslissing van het agentschap Opgroeien d.d. 21 januari 2022 wordt gesteld dat zij al enkele keren werden gecontacteerd betreffende dit dossier. Er wordt op gewezen dat iedere betrokken persoon toegang heeft tot het A-document voor wat zijn/haar deel betreft. Zonder toestemming van de jongere, kunnen zij niet zomaar het volledige A-document vrijgeven. Vanuit de Pleegzorg provincie Antwerpen werd niet meer gereageerd op het openbaarheidsverzoek d.d. 20 januari 2022.

2. Inhoud van het beroepschrift Verzoekster stelt in haar beroepschrift dat ze een afschrift wenst te bekomen van het volledige A-document in dit dossier.

https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur

uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/050

pagina 2 van 4


3. Standpunt van de beroepsinstantie De beroepsinstantie heeft zowel contact opgenomen met het agentschap Opgroeien als met de Pleegzorg provincie Antwerpen. Uit de ingewonnen informatie is gebleken dat de inhoud van het gevraagde A-document (het aanvraagdocument bij Jongerenwelzijn met alle gegevens die hulpverleners en de intersectorale toegangspoort nodig hebben om in te schatten welke hulp iemand exact nodig heeft of wie je zou kunnen helpen) in dossier xxx met betrekking tot xxx, voor wat betreft de informatie met betrekking tot verzoekster zelf, reeds aan haar werd bezorgd en dit zowel vanuit het agentschap Opgroeien als vanuit Pleegzorg provincie Antwerpen. Vanuit Pleezorg provincie Antwerpen werd het deel van het A-document in voormeld dossier met de informatie met betrekking tot verzoekster via mail d.d. 2 november 2020 al toegestuurd aan verzoekster. Vanuit het Agentschap Opgroeien werd dit zeer recent nogmaals opgestuurd via mail d.d. 22 februari 2022. De beroepsinstantie kreeg een afschrift van beide voormelde mails en kon dus zelf vaststellen dat het ingestelde beroep, wat dit onderdeel betreft (de informatie met betrekking tot verzoekster zelf in het opgevraagde A-document van xxx), dan ook als zonder voorwerp moet worden beschouwd. Zowel vanuit het agentschap Opgroeien als vanuit de Pleegzorg provincie Antwerpen wordt verwezen naar de bepalingen van het decreet van 12 juli 2013 betreffende de integrale jeugdhulp en de daarin opgenomen geheimhoudingsverplichting om de openbaarmaking van het integrale opgevraagde A-document in dit dossier niet toe te staan. De beroepsinstantie is eveneens van oordeel dat het integrale A-document in dossier xxx met betrekking tot xxx, niet openbaar kan gemaakt worden in toepassing van artikel II.34, 1° van het Bestuursdecreet. Deze uitzonderingsgrond legt de bestuursinstanties op om een aanvraag tot openbaarmaking, voor zover die geen betrekking heeft op milieu-informatie, af te wijzen als de openbaarmaking afbreuk doet aan de geheimhoudingsverplichting, vastgesteld in een aangelegenheid waarvoor de Vlaamse Gemeenschap of het Vlaamse Gewest bevoegd is. Zowel het agentschap Opgroeien als Pleegzorg provincie Antwerpen zijn gehouden aan de naleving van het decreet van 12 juli 2013 betreffende de integrale jeugdhulp bij de afhandeling van aanvraagdossiers inzake pleegzorg. De beroepsinstantie verwijst in dat verband in het bijzonder naar de decretale geheimhoudingsverplichting die uitdrukkelijk is voorzien in artikel 7 van het decreet van 12 juli 2013 betreffende de integrale jeugdhulp: “Met behoud van de toepassing van artikel 72 tot en met 76, waaronder het gezamenlijk en gedeeld

beroepsgeheim, zijn alle personen die hun medewerking verlenen aan de toepassing van dit decreet, gebonden door de geheimhoudingsplicht met betrekking tot de gegevens waarvan ze bij de uitoefening van hun opdracht kennis krijgen en die daarmee verband houden. Elke overtreding van dit artikel wordt gestraft met gevangenisstraf van acht dagen tot zes maanden en met een geldboete van honderd euro tot vijfhonderd euro.” Omwille van voormelde geheimhoudingsverplichting moet de informatie die voorkomt in het opgevraagde A-document in dit dossier en die werd verstrekt door andere personen dan verzoekster zelf, geheim gehouden worden. De geheimhoudingsplicht slaat niet enkel op alles wat verteld wordt door de aanvrager om hulp maar op alles wat vertrouwelijk is en in het kader van de uitoefening van een staat of beroep vernomen of vastgesteld werd (feiten, gedragingen, meningen, uitlatingen,…).

https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur

uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/050

pagina 3 van 4


Het doel van voormelde geheimhoudingsverplichting bestaat erin dat de vertrouwelijke gegevens die circuleren binnen het agentschap Opgroeien en Pleegzorg provincie Antwerpen, vertrouwelijk blijven en niet ter kennis kunnen komen van derden (verzoekster wordt beschouwd als een derde ten aanzien van xxx in een hulpverleningsdossier), gelet op de bescherming van de persoonlijke levenssfeer van alle betrokkenen en het delicate karakter van de informatie die zich bevindt bij voormelde instanties. Gelet op de aard van de informatie die in casu wordt opgevraagd door verzoekster en het delicate dossier, bestaat er voor de beroepsinstantie geen enkele twijfel over dat het hier gaat om zeer vertrouwelijke informatie met betrekking tot de aanvrager voor hulp in dit dossier, xxx. Dit geldt niet voor de informatie die enkel en alleen betrekking heeft op verzoekster zelf, maar daarover werd hiervoor al uiteengezet dat verzoekster die info al eerder had ontvangen. De beroepsinstantie moet dan ook concluderen dat er inderdaad een decretale geheimhoudingsplicht werd ingeschreven in het decreet van 12 juli 2013 betreffende de integrale jeugdhulp. Op grond daarvan mag aan verzoekster uit het dossier van xxx (buiten de informatie die enkel slaat op verzoekster zelf) geen informatie worden vrijgeven omtrent gegevens die personeelsleden van het agentschap Opgroeien en Pleegzorg provincie Antwerpen ter kennis zijn gekomen op grond van hun functie of beroep. De beroepsinstantie kan in casu enkel maar vaststellen dat de door verzoekster gevraagde informatie hieronder valt: het A-document in het dossier xxx met betrekking tot xxx valt onmiskenbaar onder de hiervoor vermelde geheimhoudingsverplichting van de personeelsleden van zowel het agentschap Opgroeien als Pleegzorg provincie Antwerpen en die vertrouwelijke informatie kan derhalve niet openbaar gemaakt worden. Artikel II.34, 1° van het Bestuursdecreet formuleert een absolute uitzonderingsgrond. De vaststelling dat de openbaarmaking afbreuk doet aan de decretaal voorziene geheimhoudingsplicht volstaat om de aanvraag af te wijzen, zonder dat het belang van de openbaarheid daartegen kan worden ingebracht. De beroepsinstantie is daarom van oordeel dat om voormelde redenen (decretale geheimhoudingsverplichting) de openbaarmaking van het integraal opgevraagde A-document uit het dossier xxx met betrekking tot xxx niet kan worden toegestaan. Het ingestelde beroep wordt voor dit onderdeel dan ook als ongegrond beschouwd. Na beraadslaging,

BESLUIT: Het beroepschrift van xxx d.d. 21 februari 2022 tegen enerzijds de beslissing van het agentschap Opgroeien d.d. 21 januari 2021 en anderzijds de ontstentenis van beslissing vanwege Pleegzorg provincie Antwerpen wordt als ontvankelijk en deels zonder voorwerp en deels ongegrond beschouwd. Brussel, 23 maart 2022 Voor de beroepsinstantie, afdeling openbaarheid van bestuur, Bruno ASSCHERICKX Voorzitter

https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur

uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/050

pagina 4 van 4


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
dossier 2022-050.pdf by Vlaanderen-be - Issuu