Vlaanderen is milieu
luchtkwaliteit in laakdal en Geel 2014
Vlaamse MilieuMaatschappij
www.vmm.be
DOCUMENTBESCHRIJVING Titel Luchtkwaliteit in Laakdal en Geel in 2014 Samenstellers Afdeling Lucht, Milieu en Communicatie, VMM Dienst lucht, team Specifieke Studies Inhoud Dit rapport beschrijft de luchtkwaliteit in de omgeving van Laakdal en Geel aan de hand van metingen van stikstofoxides en vluchtige organische stoffen die zijn uitgevoerd in de periode van 1 januari 2014 tot en met 31 december 2014, op de meetplaatsen LD01 en LD02. Naast de resultaten van 2014 bespreekt dit rapport ook de trend van de luchtkwaliteit in deze regio. Wijze van refereren Vlaamse Milieumaatschappij (2015), Luchtkwaliteit in Laakdal en Geel in 2014 Verantwoordelijke uitgever Michiel Van Peteghem, Vlaamse Milieumaatschappij Vragen in verband met dit rapport Vlaamse Milieumaatschappij Dokter De Moorstraat 24-26 9300 Aalst Tel: 053 72 62 10 info@vmm.be Depotnummer D/2015/6871/031
\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 2
Luchtkwaliteit in Laakdal en Geel in 2014
SAMENVATTING Sinds 2000 volgt de VMM de luchtkwaliteit op in de regio Geel-Laakdal, in functie van het bedrijf BP Chembel. Dit rapport beschrijft: — — — — —
de ligging van de twee meetplaatsen, LD01 in Laakdal en LD02 in Geel; de concentraties van stikstofoxides (NO, NO2) en benzeen, tolueen, ethylbenzeen en de xylenen (BTEX) op beide meetplaatsen; de toetsing van de resultaten aan de regelgeving; de trend over de laatste jaren; de emissies van NOx en BTEX door BP Chembel.
Voor NO2 was er in de meetperiode 2000-2014 geen enkele overschrijding van de Europese grenswaarden op beide meetplaatsen. Op LD01 vertoonden de concentraties een lichte daling in de periode 2004-2014. De dalende trend van NO2-concentraties op LD02 zette zich vanaf 2012 verder na een periode van vijf jaar waarbij de concentraties een schommelend verloop hadden. De NO2-pollutierozen tonen vooral de bijdrage van het wegverkeer. De NO2-emissies kenden een dalend verloop. Voor NO zijn er geen normen. Voor de gemiddelde NO-concentraties was er over de jaren heen een lichte daling van zowel de jaargemiddelden als de hogere percentielen. De benzeenconcentraties respecteerden op beide meetplaatsen de Europese grenswaarde van 5 µg/m³ over de hele meetperiode. Ook bleven de concentraties op beide meetplaatsen ver beneden de VLAREMdaggrenswaarde van 50 µg/m³ benzeen als 98ste percentiel. Voor tolueen kregen we een gelijkaardig beeld, de richtwaarden van de Wereldgezondheidsorganisatie (WGO) bleven ruimschoots gerespecteerd. De trend van de BTEX-metingen op LD01 was dalend in de periode 2004 tot en met 2010. Vanaf 2011 volgden de concentraties eerder een licht schommelend verloop. Over de hele periode daalden de totale BTEX-concentraties met een factor 3. De trend van de metingen op LD02 gaf een ander beeld, hier vertoonden de concentraties over de gehele periode een schommelend verloop. De laatste drie jaar is een gestage daling merkbaar. De pollutierozen van benzeen, ethylbenzeen en de xylenen tonen een duidelijke industriële aanvoer vanuit die sectoren waarin BP Chembel ligt. De pollutieroos van tolueen wijst vooral op een bijdrage van het wegverkeer. De emissies van benzeen en de xyleenisomeren kenden een licht dalende trend de voorbije 10 jaar.
\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in Laakdal en Geel in 2014
3
INHOUD 1 Situering ........................................................................................................................................................ 6 2 Het meetnet .................................................................................................................................................. 7 3 Regelgeving ................................................................................................................................................... 9 3.1 Stikstofdioxide – NO2 ............................................................................................................................. 9 3.2 Vluchtige organische stoffen – BTEX ...................................................................................................... 9 4 Meetresultaten............................................................................................................................................11 4.1 Meteo ...................................................................................................................................................11 4.2 Stikstofoxiden – NO en NO2 .................................................................................................................12 4.2.1 Pollutierozen van NO2 op LD01 en LD02 ......................................................................................15 4.2.2 Emissies NOx.................................................................................................................................15 4.3 Vluchtige organische stoffen – BTEX ....................................................................................................16 4.3.1 Pollutierozen BTEX .......................................................................................................................19 4.3.2 Emissies BTEX ...............................................................................................................................24 5 Besluit ..........................................................................................................................................................27 bijlage 1
Informatie over geacrediteerde metingen (normen ISO/IEC 17025:2005) ..................................29
\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 4
Luchtkwaliteit in Laakdal en Geel in 2014
LIJST VAN TABELLEN Tabel 1: Beschrijving van de meetapparatuur.................................................................................................... 7 Tabel 2: Eigenschappen meetplaats LD01 .......................................................................................................... 7 Tabel 3: Eigenschappen meetplaats LD02 .......................................................................................................... 8 Tabel 4: Grens- en alarmdrempelwaarden voor NO2 (richtlijn 2008/50/EG)..................................................... 9 Tabel 5: Richtwaarden voor NO2 (WGO 2005) ................................................................................................... 9 Tabel 6: Grens- en richtwaarden voor BTEX.....................................................................................................10 Tabel 7: Procentuele verdeling van de windrichting ........................................................................................11 Tabel 8: Belangrijkste statistische parameters (µg/m³) op basis van uurwaarden voor BTEX-concentraties op LD01 in de periode 2011- 2014 ........................................................................................................................17 Tabel 9: Belangrijkste statistische parameters (µg/m³) op basis van uurwaarden voor BTEX-concentraties op LD02 in de periode 2011-2014 .........................................................................................................................18
LIJST VAN FIGUREN Figuur 1: Ligging meetplaatsen LD01 en LD02 ................................................................................................... 8 Figuur 2: Windrozen .........................................................................................................................................12 Figuur 3: Evolutie NO-concentraties op LD01, periode 2004-2014 .................................................................13 Figuur 4: Evolutie NO-concentraties op LD02, periode 2004-2014 .................................................................13 Figuur 5: Evolutie NO2-concentraties op LD01, periode 2004-2014 ................................................................14 Figuur 6: Evolutie NO2-concentraties op LD02, periode 2004-2014 ................................................................14 Figuur 7: Pollutierozen NO2 op LD01 en LD02 in 2014 .....................................................................................15 Figuur 8: Evolutie emissies NOx (als NO2) door BP Chembel in Laakdal en NO2-jaargemiddelden op LD01 en LD02 voor de periode 2004-2013 .....................................................................................................................16 Figuur 9: Evolutie BTEX-concentraties op LD01 in de periode 2004-2014 .......................................................19 Figuur 10: Evolutie BTEX-concentraties op LD02 in de periode 2004-2014 .....................................................19 Figuur 11: Pollutierozen benzeen op LD01 en LD02 in 2014 ............................................................................21 Figuur 12: Pollutierozen tolueen op LD01 en LD02 in 2014 .............................................................................21 Figuur 13: Pollutieroos ethylbenzeen op LD01 en LD02 in 2014 .....................................................................22 Figuur 14: Pollutieroos o-xyleen op LD01 en LD02 in 2014..............................................................................23 Figuur 15: Pollutierozen m+p-xyleen op LD01 en LD02 in 2014 ......................................................................23 Figuur 16: Emissies benzeen door BP Chembel in Laakdal en benzeenjaargemiddelde op LD02 in de periode 2004-2013.........................................................................................................................................................25 Figuur 17: Emissies tolueen door BP Chembel in Laakdal en tolueenjaargemiddelde op LD02 in de periode 2004-2013.........................................................................................................................................................25 Figuur 18: Emissies xyleenisomeren door BP Chembel in Laakdal en xyleenisomerenjaargemiddelde op LD02 in de periode 2004-2013 ..................................................................................................................................26
\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in Laakdal en Geel in 2014
5
1 SITUERING De VMM meet de luchtkwaliteit in Geel-Laakdal sinds 2000 om de luchtkwaliteit in de omgeving van BP Chembel te onderzoeken. De VMM installeerde een meetstation op meetplaats LD01. Deze meetplaats ligt aan de Heikantstraat in de woonzone van Eindhout-Laakdal, op 400 meter ten zuidwesten van het bedrijf. Dit gebeurde in overleg met de afdeling Milieu-inspectie van het Departement Leefmilieu, Natuur en Energie (DLNE), het bedrijf BP Chembel en de gemeentebesturen van Geel en Laakdal. Tussen het bedrijf en de meetplaats ligt de autoweg E313 Antwerpen-Hasselt-Luik. In de loop van 2002 werd een tweede meetstation opgericht ten noordoosten van het bedrijvencomplex, op meetplaats LD02. Dit meetstation werd aangekocht door BP Chembel en het bedrijf staat eveneens in voor de uitbatingkosten. De uitbating van de meetapparatuur en de validatie van de meetgegevens gebeurt door de VMM. Op deze meetplaats meet de VMM dezelfde parameters als op de meetplaats LD01.
\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 6
Luchtkwaliteit in Laakdal en Geel in 2014
2 HET MEETNET Beide meetplaatsen zijn uitgerust met automatische monitoren die volgende parameters continu meten: — —
stikstofoxiden (NO, NO2, NOX); BTEX (benzeen, tolueen, ethylbenzeen, m-, p- en o-xyleen).
Tabel 1 toont een overzicht van de gemeten parameters en de gebruikte apparatuur. Meer informatie is terug te vinden op de website www.vmm.be. Sinds 2011 is de dienst lucht van de VMM geaccrediteerd door de Belgische accreditatie-instelling (BELAC) voor de bemonstering en analyse van stikstofoxiden. Dit is een attest dat verklaart dat de bemonstering en analyses van de VMM voldoen aan strenge kwaliteitsvoorschriften. De VMM beschikt nog niet over een accreditatie voor BTEX-componenten. De specificaties over onder meer het meetprincipe en de meetonzekerheid zijn opgenomen in bijlage 1. Tabel 1: Beschrijving van de meetapparatuur
Parameter
Type meting
Toestel
NOX
Automatische monitor
TEI 42 C / Thermo 42i
BTEX
Automatische monitor
Synspec GC955
Tabel 2: Eigenschappen meetplaats LD01
Code Meetplaats
Postnr Gemeente
LD01
2430
Laakdal
Bedrijf
Adres Heikantstraat
Lambertcoördinaten X-coörd Y-coörd 19452
20016
start werking maart 2000
Ligging t.o.v. de meetplaats
Afstand t.o.v. de meetplaats
BP Chembel
300° - 360° en 0° - 70°
400 meter (20°) (tot bedrijfsgrens)
Autoweg E313: Antwerpen-Hasselt
280° - 360° en 0° - 90°
100 meter (20°)
70° - 100°
1.000 meter
Verbindingsweg naar autoweg E313
\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in Laakdal en Geel in 2014
7
Tabel 3: Eigenschappen meetplaats LD02
Lambertcoördinaten
Code Meetplaats
Postnr
Gemeente
LD02
2440
Geel
Bedrijf
Adres Hezemeerheide
X-coörd
Y-coörd
start werking
19573
20150
mei 2002
Ligging t.o.v. de meetplaats
Afstand t.o.v. de meetplaats
BP Chembel
200° - 250°
900-1.800 meter
Verbindingsweg naar autoweg E313
100° - 180°
400 meter
Autoweg E313: Antwerpen-Hasselt
170° - 190°
1.300 meter
Figuur 1: Ligging meetplaatsen LD01 en LD02
\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 8
Luchtkwaliteit in Laakdal en Geel in 2014
3 REGELGEVING De concentraties van de polluenten werden vergeleken met een aantal grens- en richtwaarden gehanteerd op regionaal en internationaal vlak. De Europese Commissie definieerde grenswaarden voor NO2 en benzeen. Voor NO2 is er ook een Europese alarmdrempel. De Wereldgezondheidsorganisatie (WGO) bepaalde bovendien richtwaarden voor NO2 en tolueen. Deze richtwaarden zijn op zich niet bindend en hebben als doel de risico’s van gezondheidsschade door luchtverontreiniging te beperken. Ze zijn meestal strenger dan de Europese grens- of streefwaarden. Bij de definiëring van de Europese grens- of streefwaarden wordt immers niet alleen rekening gehouden met de gezondheidseffecten, maar ook met de technische haalbaarheid en de economische consequenties van de opgelegde concentratieniveaus.
3.1 Stikstofdioxide – NO2 Tabel 4 toont een overzicht van de grens- en alarmdrempelwaarden die van toepassing zijn voor NO2. Tabel 4: Grens- en alarmdrempelwaarden voor NO2 (richtlijn 2008/50/EG)
Europese wetgeving
Doelstelling
EU-UURGRENSWAARDE
200 µg/m³ max. 18 overschrijdingen per jaar
EU-JAARGRENSWAARDE
40 µg/m³
ALARMDREMPEL op basis van uren
400 µg/m³ gedurende 3 opeenvolgende uren
De Europese regelgeving uit Tabel 4 is gebaseerd op de richtlijnen opgesteld door de WGO, zie Tabel 5. In tegenstelling tot de Europese regelgeving definieert de WGO geen alarmdrempel en laat ze geen enkele overschrijding van het uurgemiddelde van 200 μg/m³ toe. Tabel 5: Richtwaarden voor NO2 (WGO 2005)
Richtwaarden WGO
Doelstelling
WGO - UURRICHTWAARDE
200 µg/m³
WGO - JAARRICHTWAARDE
40 µg/m³
3.2 Vluchtige organische stoffen – BTEX Tabel 6 geeft een overzicht van de grens- en richtwaarden voor BTEX.
\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in Laakdal en Geel in 2014
9
Tabel 6: Grens- en richtwaarden voor BTEX
Polluent: type regulering Benzeen: GRENSWAARDE als 98ste percentiel in het beschouwde jaar op basis van dagwaarden (VLAREM titel II) Benzeen: GRENSWAARDE als jaargemiddelde in het beschouwde jaar op basis van dagwaarden (richtlijn 2008/50/EG) Tolueen: RICHTWAARDE op halfuurbasis (WGO) Tolueen: RICHTWAARDE als weekgemiddelde (WGO)
Doelstelling 50 µg/m³ 5 µg/m³ 1.000 µg/m³ 260 µg/m³
\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 10
Luchtkwaliteit in Laakdal en Geel in 2014
4 MEETRESULTATEN Dit hoofdstuk beschrijft de meetwaarden van NO, NO2 en BTEX tijdens de periode 2004 tot en met 2014. De meetresultaten werden getoetst aan de Europese grenswaarden en de WGO-richtwaarden. Zowel het verloop van de gemeten concentraties als de door het bedrijf gerapporteerde emissies worden besproken en met elkaar vergeleken.
4.1 Meteo De weersomstandigheden (windrichting, windsnelheid, neerslag, …) hebben een grote invloed op de concentraties die gemeten worden op een meetplaats. De VMM plaatst zijn meetplaatsen zoveel mogelijk in de sector van de meest voorkomende windrichting ten opzichte van de gekende bronnen. De windrichting kan grafisch voorgesteld worden door windrozen, die geven de verdeling van de windrichting weer over een bepaalde periode. Elke windroos is in 36 segmenten onderverdeeld, dus per 10° windrichting. Voor alle windrozen werd het aantal halfuursgemiddelden op een totaal van 1.000 (= promille) per segment uitgezet. De windrichting werd voor alle meetplaatsen gemeten op 30 meter hoogte. Aangezien de meteo niet ter plekke gemeten wordt, gebruiken we de gegevens van de dichtstbijzijnde VMM-meteomast namelijk op de meetplaats Antwerpen-Luchtbal. Tabel 7 toont de verdeling van de windrichting per jaar voor de meteomast in Antwerpen-Luchtbal en deze in Gent. Figuur 2 toont een visuele voorstelling van de windrozen voor de meteomast in Antwerpen-Luchtbal. De tabel en figuur tonen dat de meest voorkomende windrichting in Vlaanderen een zuidwestenwind is. In 2013 was er iets meer wind uit het noordoosten dan in 2011 en 2012. Ook in 2014 was zuidwestenwind de meest voorkomende windrichting. Tabel 7: Procentuele verdeling van de windrichting
Antwerpen Luchtbal Gent Antwerpen Luchtbal
2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 2012 2013 2014
Sector 355° - 85° NO 20 % 20 % 23 % 21 % 22 % 28 % 20 % 18 % 28 % 18 %
Sector 85° - 175° ZO 17 % 18 % 7% 14 % 16 % 16 % 17 % 15 % 14 % 22 %
Sector 175° - 265° ZW 40 % 43 % 49 % 48 % 41 % 34 % 46 % 48 % 41 % 44 %
Sector 265° - 355° NW 23 % 18 % 21 % 16 % 20 % 22 % 16 % 19 % 18 % 17 %
\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in Laakdal en Geel in 2014
11
Figuur 2: Windrozen
4.2 Stikstofoxiden – NO en NO2 Figuur 3 tot en met Figuur 6 tonen de jaargemiddelden en de percentielen P50, P90 en P98 van de uurgemiddelde NO- en NO2-concentraties in de periode 2004-2014 op de meetplaatsen LD01 en LD02. De P50 en het jaargemiddelde tonen de modale concentraties. De P90 en P98 tonen de piekconcentraties. Wegens technische problemen was er respectievelijk in 2011 58% en in 2012 78% van de data beschikbaar op de meetplaats LD01.
\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 12
Luchtkwaliteit in Laakdal en Geel in 2014
Figuur 3: Evolutie NO-concentraties op LD01, periode 2004-2014
NO in Laakdal (meetplaats LD01) NO-concentratie op LD01 (µg/m³)
120
100 80
60 40 20
11
9
9
10
8
13
9
8
8
8
6
0
2004
2005
2006
2007 P50
2008
2009
P90
2010
2011 2012 (58%) (78%) Jaargem.
P98
2013
2014
In 2011 zijn 58% en in 2012 zijn 78% van de meetgegevens beschikbaar wegens technische problemen.
Figuur 4: Evolutie NO-concentraties op LD02, periode 2004-2014
NO-concentratie op LD02 (µg/m³)
NO in Geel (meetplaats LD02) 80
60
40
20
8
6
8
8
6
6
7
6
6
5
5
0
2004 (79%)
2005
2006
2007 P50
2008 P90
2009
2010 P98
2011
2012
2013
2014
Jaargem.
In 2004 zijn 79% van de meetgegevens beschikbaar.
Voor NO is er geen wetgeving. In 2014 bedroeg het NO-jaargemiddelde op LD01 6 µg/m³, op LD02 was dit 5 µg/m³. De gemeten concentraties waren op beide locaties niet verhoogd tegenover andere meetlocaties in Vlaanderen. Voor het NO-gemiddelde was er over de jaren heen een lichte daling van zowel de jaargemiddelden als de hogere percentielen. De piekconcentraties liggen de laatste drie jaar op beide meetplaatsen lager dan de periode daarvoor.
\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in Laakdal en Geel in 2014
13
Figuur 5: Evolutie NO2-concentraties op LD01, periode 2004-2014
NO2-cocnetratie in LD01 (µg/m³)
NO2 in Laakdal (meetplaats LD01) 80 60 40
30
30
29
29
27
28
26
27
24
24
20
21
0 2004
2005
2006
2007
P50
2008
P90
2009
P98
2010
2011 (58%)
Jaargem.
2012 2013 2014 (78%) jaargrenswaarde
In 2011 zijn 58% en in 2012 zijn 78% van de meetgegevens beschikbaar wegens technische problemen.
Figuur 6: Evolutie NO2-concentraties op LD02, periode 2004-2014
NO2-cocnetratie in LD02 (µg/m³)
NO2 in Geel (meetplaats LD02) 80 60 40 27
26
26
25
24
25
23
24
24
23
20
21
0 2004 (79%)
2005
2006
2007
P50
P90
2008 P98
2009
2010 Jaargem.
2011
2012
2013
2014
jaargrenswaarde
In 2004 zijn 79% van de meetgegevens beschikbaar.
Figuur 5 toont dat er op LD01 een licht dalende trend van de NO2-concentraties was in de periode 2004-2014, zowel voor de jaargemiddelden als voor de hogere percentielen. De gemeten concentraties respecteerden alle jaar- en uurgrenswaarden gedurende de hele periode. Op LD02, getoond in Figuur 6, stelden we een licht dalend verloop van de NO2-concentraties vast, vooral in het eerste deel van de meetperiode. Tussen 2007 en 2012 vertoonden de concentraties een eerder licht schommelend verloop, zowel in de jaargemiddelden als in de hogere percentielen. Sinds 2012 lijkt een gestage daling van zowel de NO2-jaargemiddelden, de mediaan als de hogere percentielen ingezet. Ook op deze locatie waren er geen overschrijdingen van de uur- of jaargrenswaarden sinds de start van de metingen. \\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 14
Luchtkwaliteit in Laakdal en Geel in 2014
4.2.1 Pollutierozen van NO2 op LD01 en LD02 Pollutierozen tonen de gemeten concentraties volgens de op dat moment heersende windrichting. Potentiële vervuilende bronnen kunnen op die manier geïdentificeerd worden. Figuur 7 toont de pollutierozen van NO2 voor de meetplaatsen LD01 en LD02 in 2014. De pollutieroos van NO2 voor LD01 in Laakdal toont een verspreid beeld met een verhoging in de noordwestelijke over de noordelijke tot en met de zuidoostelijke sector. De autoweg E313 en de industriële emissies beïnvloeden hier de pollutieroos. De pollutieroos van NO2 voor LD02 in Geel toont een verhoging in de zuidoostelijke sector. Deze verhoging was afkomstig van het verkeer op de E313 en de nabijgelegen verbindingsweg. Figuur 7: Pollutierozen NO2 op LD01 en LD02 in 2014
4.2.2 Emissies NOx De VMM verzamelt, inventariseert en rapporteert de emissies van onder meer NOx (als NO2) op basis van door de bedrijven aangeleverde cijfers en eigen berekeningen. Figuur 8 toont de evolutie van de emissies NOx (als NO2) door BP Chembel in Laakdal en de NOx-jaargemiddelden op LD01 en LD02 in de periode 2004-2013. De emissies van NOx (als NO2) door BP Chembel in Laakdal kenden een sterke daling in 2008. Deze daling doet zich voor in de emissies van één stookinstallatie namelijk ketel D. In 2008 werd voor die ketel de bepalingsmethode gewijzigd. In de plaats van berekeningen op basis van steekproefsgewijze metingen werd vanaf dan een continue meting in gebruik genomen. Sindsdien is er een geleidelijke, verdere daling merkbaar. Deze daling van emissies is toe te schrijven aan het afnemend gebruik van procesgas en het toenemend gebruik van biogas voor de stookinstallaties. Eind 2012 is ketel D uit dienst genomen. \\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in Laakdal en Geel in 2014
15
Figuur 8 toont dat ook de gemeten concentraties daalden, maar deze daling is minder scherp afgebakend en kent een meer schommelend verloop dan de daling van de emissies. Een mogelijke verklaring is de invloed van het verkeer. Figuur 8: Evolutie emissies NOx (als NO2) door BP Chembel in Laakdal en NO2-jaargemiddelden op LD01 en LD02 voor de periode 2004-2013
35
600
30
500
25
400
20
300
15
200
10
100
5
0
NO2-jaargemiddelden (µg/m³)
Emissie NOx (als NO2) (ton/jaar)
Emissies NOx BP Chembel 700
0 2004
2005
2006
2007
Emissie NOx (als NO2)
2008
2009
2010
2011
2012
2013
NO2-gemiddelde (LD01 en LD02)
4.3 Vluchtige organische stoffen – BTEX Tabel 8 en Tabel 9 tonen een overzicht van het jaargemiddelde, het 50ste, 90ste en het 98ste percentiel van de uurgemiddelde BTEX-concentraties op LD01 en LD02 in 2011 tot en met 2014. De P50 en het gemiddelde zijn maten voor de gemiddelde concentratie, de P90 en P98 zijn maten voor hoge piekconcentraties.
\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 16
Luchtkwaliteit in Laakdal en Geel in 2014
Tabel 8: Belangrijkste statistische parameters (µg/m³) op basis van uurwaarden voor BTEX-concentraties op LD01 in de periode 2011- 2014
Jaartal
Statistische parameter
Benzeen
Tolueen
Ethylbenzeen
O-xyleen
M+p-xyleen
2011
Gemiddelde (93% data)
0,5
1,0
0,2
0,2
1,1
50ste percentiel
0,3
0,5
0,1
0,1
0,2
90ste percentiel
1,2
2,1
0,3
0,3
2,6
98ste percentiel
2,4
5,6
0,9
1,2
8,5
Gemiddelde (72% data)
0,6
0,9
0,1
0,1
0,9
50ste percentiel
0,4
0,5
0,1
0,1
0,1
90ste percentiel
1,1
1,9
0,2
0,2
1,9
98ste percentiel
2,3
4,5
0,8
0,8
7,2 1,30
#
2012
2013
2014
Gemiddelde
0,55 *
0,76 *
0,14 °
0,13
#
50ste percentiel
0,31 *
0,44 *
0,06 °
0,05
#
0,14
#
90ste percentiel
1,24 *
1,74 *
0,24 °
0,24
#
3,44
#
98ste percentiel
2,47 *
3,72 *
0,83 °
0,90
#
11,23
#
0,96
i
0,20 ~
0,21 ~
1,30 ~
0,66
i
0,06 ~
0,06 ~
0,26 ~
2,06
i
0,33 ~
0,37 ~
2,69 ~
3,82
i
1,04 ~
1,48 ~
9,08 ~
Gemiddelde 50ste percentiel 90ste percentiel 98ste percentiel
0,50
i
0,29
i
1,05
i
2,42
i
*84 % van de data beschikbaar; ° 78 % van de data beschikbaar; # 80 % van de data beschikbaar; i 81 % data beschikbaar; ~ 75 % van de data beschikbaar.
\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in Laakdal en Geel in 2014
17
Tabel 9: Belangrijkste statistische parameters (µg/m³) op basis van uurwaarden voor BTEX-concentraties op LD02 in de periode 2011-2014
Jaartal
Statistische parameter
Benzeen
2011
Gemiddelde (39% data)
1,0
1,4
50ste percentiel
0,7
90ste percentiel 2012
2013
2014
Tolueen Ethylbenzeen
O-xyleen
M+p-xyleen
0,3
0,4
1,7
0,9
0,1
0,1
0,5
2,0
2,9
0,6
0,7
4,6
98ste percentiel
3,7
6,2
2,2
2,8
12,3
Gemiddelde (89% data)
0,9
1,3
0,4
0,5
1,7
50ste percentiel
0,7
0,8
0,1
0,1
0,5
90ste percentiel
1,8
2,5
0,7
1,1
3,9
98ste percentiel
3,3
5,6
3,8
5,3
13,8
Gemiddelde (66% data)
0,87
1,04
0,30
0,36
1,38
50ste percentiel
0,57
0,64
0,06
0,06
0,34
90ste percentiel
1,86
2,26
0,55
0,61
3,62
98ste percentiel
3,54
4,23
2,52
3,52
10,82
Gemiddelde
0,53
ii
1,07
i
0,34
§
0,44
#
1,18
§
50ste percentiel
0,36
ii
0,77
i
0,08
§
0,10
#
0,27
§
90ste percentiel
1,11
ii
2,30
i
0,58
§
0,92
#
2,51
§
98ste percentiel
2,08
ii
3,97
i
3,15
§
3,94
#
9,89
§
ii: 82 % van de data beschikbaar; i 81 % data beschikbaar; § 79 % data beschikbaar; # 80 % data beschikbaar.
Uit de tabellen volgt dat de jaargemiddelden voor benzeen op beide meetplaatsen de Europese grenswaarde ruim respecteerden. Ook bleven de gemeten concentraties ver beneden de daggrenswaarde van 50 µg/m³ benzeen als 98ste percentiel. Voor tolueen kregen we een gelijkaardig beeld, de richtwaarden van de WGO bleven ruimschoots gerespecteerd. Figuur 9 en Figuur 10 tonen de jaargemiddelden voor de meetperiode 2004-2014.
\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 18
Luchtkwaliteit in Laakdal en Geel in 2014
Figuur 9: Evolutie BTEX-concentraties op LD01 in de periode 2004-2014
Jaargemiddelde BTEX op LD01 (µg/m³)
BTEX 40LD01: evolutie 12 10 8 6 4 2
0 2004 (98%)
2005 (87%)
benzeen
2006 (83%)
tolueen
2007 (0%)
2008 (24%)
eth.benzeen
2009 (93%) o-xyleen
2010 (93%)
2011 (94%)
m-xyleen
2012 (72%) p-xyleen
2013 (84%)
2014 (81%)
m+p-xyleen
% beschikbare data tussen haakjes
Figuur 10: Evolutie BTEX-concentraties op LD02 in de periode 2004-2014
Jaargemiddelde BTEX op LD02 (µg/m³)
BTEX 40LD02: evolutie 12 10 8 6
4 2 0 2004 (80%)
2005 (69%)
2006 (97%)
benzeen
2007 (85%)
tolueen
2008 (97%)
2009 (85%)
eth.benzeen
2010 (39%)
o-xyleen
2011 (86%)
2012 (89%)
2013 (66%)
2014 (82%)
m+p-xyleen
% beschikbare data tussen haakjes
De metingen op LD01 toonden een dalende trend in de concentraties van 2004 tot en met 2010. Daarna kenden de concentraties een licht schommelend verloop. Over de hele periode daalden de totale BTEX-concentraties met een factor 3. De evolutie van de metingen op LD02 gaf een ander beeld, hier vertoonden de concentraties eerder een schommelend verloop met merkbaar hogere concentraties in de periode 2006-2009 dan de periode 2010-2014. De laatste drie jaar was een gestage daling te merken.
4.3.1 Pollutierozen BTEX Pollutierozen tonen de gemeten concentraties volgens de op dat moment heersende windrichting. Potentiële vervuilende bronnen kunnen op die manier geïdentificeerd worden. De pollutierozen van \\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in Laakdal en Geel in 2014
19
de afzonderlijke BTEX-componenten voor de meetplaatsen LD01 en LD02 worden getoond in Figuur 11 tot en met Figuur 15.
\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 20
Luchtkwaliteit in Laakdal en Geel in 2014
Figuur 11: Pollutierozen benzeen op LD01 en LD02 in 2014
Figuur 12: Pollutierozen tolueen op LD01 en LD02 in 2014
\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in Laakdal en Geel in 2014
21
Figuur 13: Pollutieroos ethylbenzeen op LD01 en LD02 in 2014
\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 22
Luchtkwaliteit in Laakdal en Geel in 2014
Figuur 14: Pollutieroos o-xyleen op LD01 en LD02 in 2014
Figuur 15: Pollutierozen m+p-xyleen op LD01 en LD02 in 2014
\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in Laakdal en Geel in 2014
23
Voor tolueen tonen de pollutierozen dat de concentraties vooral door het wegverkeer worden beĂŻnvloed. De naburige chemische industrie levert hier geen significante bijdrage. Dit is wel het geval voor benzeen, ethylbenzeen en de xylenen met een duidelijke aanvoer uit de sector waarin het bedrijf gelegen is.
4.3.2 Emissies BTEX De VMM verzamelt, inventariseert en rapporteert onder meer de emissies van benzeen, tolueen en xyleenisomeren (m-xyleen, p-xyleen en o-xyleen) op basis van aangeleverde cijfers door de bedrijven en eigen berekeningen. Figuur 16 tot en met Figuur 18 tonen de emissies van benzeen, tolueen en xyleenisomeren door BP Chembel in Laakdal. In deze figuren tonen we ook de concentraties gemeten op LD02, die in de meest voorkomende windrichting van het bedrijf ligt. Voor de benzeenemissies was er na een stijgend verloop tot 2007 een dalende trend zichtbaar, met uitzondering van 2010, met eveneens een hoge emissie. Het benzeenjaargemiddelde gemeten op LD02 volgde grotendeels deze trend. Een daling van de gerapporteerde emissies uit de installatie voor gezuiverd tereftaalzuur (PTA-3) resulteert in een zichtbare daling van de totale benzeenemissies in 2012. Deze daling van de emissies geeft echter geen bijkomende daling van de concentratie in de omgevingslucht. De tolueenemissie kende eerst een schommelend verloop. In de periode 2010-2012 was echter een geleidelijke lichte daling zichtbaar. De gemeten tolueenconcentraties fluctueerden sterk. Er was geen duidelijke relatie tussen de gemeten concentraties en de emissies merkbaar. De emissie van de xyleenisomeren kende een eerder dalende trend die ook terug te vinden is in de concentraties gemeten in de omgevingslucht. Het verloop van de emissies komt niet overeen met het verloop van de gemiddelde som van de isomeren.
\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 24
Luchtkwaliteit in Laakdal en Geel in 2014
Figuur 16: Emissies benzeen door BP Chembel in Laakdal en benzeenjaargemiddelde op LD02 in de periode 2004-2013
Benzeenemissie BP Chembel 8
2,4
6
1,8 1,5
4
1,2 0,9
2
0,6
benzeengemiddelde (µg/m³)
benzeenemissies (ton/jaar)
2,1
0,3 0
0 2004
2005
2006
2007
2008
benzeen emissie
2009
2010
2011
2012
2013
benzeen LD02
Figuur 17: Emissies tolueen door BP Chembel in Laakdal en tolueenjaargemiddelde op LD02 in de periode 2004-2013
Tolueenemissie BP Chembel 9
3
7 6
2
5 4
3
1
2
tolueengemiddelde (µg/m³)
tolueenemissie (ton/jaar)
8
1 0
0
2004
2005
2006
2007
2008
tolueenemissie
2009
2010
2011
2012
2013
tolueen LD02
\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in Laakdal en Geel in 2014
25
50
5,0
40
4,0
30
3,0
20
2,0
10
1,0
0
som m-p- en o-xyleenisomerenconcentratie (Âľg/mÂł)
xyleen-isomerenemissie (ton/jaar)
Figuur 18: Emissies xyleenisomeren door BP Chembel in Laakdal en xyleenisomerenjaargemiddelde op LD02 in de periode 2004-2013
0,0 2004
2005
2006
2007
2008
xyleen-isomerenemissie
2009
2010
2011
2012
2013
xyleen isomeren LD02
\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 26
Luchtkwaliteit in Laakdal en Geel in 2014
5 BESLUIT NO en NO2 Voor de NO- en NO2-concentraties kunnen we het volgende besluiten: — — — — —
er is geen overschrijding van de Europese grenswaarde voor NO2; de concentraties dalen op de meetplaatsen in Geel en Laakdal; de concentraties zijn niet verhoogd ten opzichte van andere meetlocaties in Vlaanderen; de emissies dalen door afnemend gebruik van procesgas en toenemend gebruik van biogas; de pollutierozen van NO en NO2 tonen vooral de bijdrage door wegverkeer.
Vluchtige organische stoffen – BTEX Voor de BTEX-concentraties kunnen we het volgende besluiten: — — — — — —
de Europese grenswaarde voor benzeen werd gerespecteerd; de VLAREM-daggrenswaarde voor benzeen werd gerespecteerd; de WGO-richtwaarde voor tolueen werd gerespecteerd; de concentraties dalen op beide meetplaatsen; er is een duidelijke industriële aanvoer zichtbaar in de pollutierozen van benzeen, ethylbenzeen en xylenen; de pollutierozen voor tolueen tonen vooral de bijdrage door wegverkeer.
\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in Laakdal en Geel in 2014
27
BIJLAGEN
\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ 28
Luchtkwaliteit in Laakdal en Geel in 2014
parameter
SAROAD code
Eenheid
toesteltype
meetprincipe analyse
volgens norm
meetonzekerheid
bepaling meetonzekerheid
onder accreditatie
uitbesteding
type approval
bijlage 1 Informatie over geacrediteerde metingen (normen ISO/IEC 17025:2005)
benzeen
45201
µg/m³
Synspec GC 955-600
fotoïonisatiedetector (PID)
-
-
-
nee
nee
n.v.t.
tolueen
45202
µg/m³
Synspec GC 955-600
fotoïonisatiedetector (PID)
-
-
-
nee
nee
n.v.t.
ethylbenzeen
45203
µg/m³
Synspec GC 955-600
fotoïonisatiedetector (PID)
-
-
-
nee
nee
n.v.t.
m+p-xyleen
45109
µg/m³
Synspec GC 955-600
fotoïonisatiedetector (PID)
-
-
-
nee
nee
n.v.t.
o-xyleen
45204
µg/m³
Synspec GC 955-600
fotoïonisatiedetector (PID)
-
-
-
nee
nee
n.v.t.
NO
42601
µg/m³
TS 42i
chemiluminescentie
EN14211
-
-
ja
1
nee
ja
NO2
42602
µg/m³
TS 42i
chemiluminescentie
EN14211
15% bij uurgemiddelde van 200 µg/m³; 15% bij jaargemiddelde van 40 µg/m³
volgens EN14211
ja
1
nee
ja
1
: BELAC 456-TEST - VMM Dienst Lucht
\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ Luchtkwaliteit in Laakdal en Geel in 2014
29
Vlaamse milieumaatschappij
Dokter De moorstraat 24-26
9300 aalst
www.vmm.be