Skip to main content

Onderwijs_in_Vlaanderen_2001.pdf

Page 1

onderwijscovergrijs

22-06-2001

13:16

Pagina 3

Onderwijs in Vlaanderen Een brede kijk op het Vlaamse onderwijslandschap

Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap Departement Onderwijs 2001


onderwijscovergrijs

22-06-2001

13:16

Pagina 4


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 1

Onderwijs in Vlaanderen Een brede kijk op het Vlaamse onderwijslandschap

Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap Departement Onderwijs 2001


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 2

1.

Situering van Vlaanderen


onderwijs in Vlaanderen def

1.1.

22-06-2001

13:19

Pagina 3

Vlaanderen in België en Europa

1.2.

Vlaanderen als deelstaat

Vlaanderen is het noordelijke, Nederlands-

De naam Vlaanderen dekt eigenlijk 2 ladingen.

sprekende deel van België. Het heeft een centrale

De benaming wordt immers gebruikt om het

ligging te midden van de belangrijkste West-

geheel aan te duiden waarin de Vlaamse

Europese industriegebieden.

Gemeenschap én het Vlaamse Gewest zijn

Vlaanderen heeft ongeveer 5,8 miljoen inwoners.

samengevoegd.

Brussel is de hoofdstad van Vlaanderen, maar

• Het Vlaamse Gewest is het stuk grond-

ook van België en van Europa.

gebied dat het Nederlandse taalgebied omvat: de provincies West- en Oost-Vlaanderen, Antwerpen, Limburg en Vlaams-Brabant. Het Vlaamse Gewest is er bevoegd voor de zogenaamde grond-gebonden materies. Dit zijn beleidsdomeinen zoals economie, infrastructuur, landbouw, leefmilieu en werkgelegenheid. • De Vlaamse Gemeenschap verzamelt de inwoners van het Nederlandse taalgebied en de Nederlandstaligen in Brussel. De Vlaamse Gemeenschap is bevoegd voor de zogenaamde persoonsgebonden materies. Dit zijn beleidsdomeinen waarbij de dienstverlening aan de bevolking nauw samenhangt met de taal waarin dat moet gebeuren. Concreet gaat het over onderwijs, welzijn, volksgezondheid en cultuur. Vlaanderen heeft ervoor gekozen om het parlement en de regering van het Vlaamse Gewest en die van de Vlaamse Gemeenschap samen te voegen tot één Vlaams Parlement en één Vlaamse regering. In Vlaanderen oefent dus één en dezelfde overheid zowel de gewestbevoegdheden als de gemeenschapsbevoegdheden uit. Dankzij die ingreep zit de politieke besluitvorming voor de Vlamingen eenvoudiger in elkaar dan voor de Franstaligen in het zuiden van het land, die wél een afzonderlijke gewesten gemeenschapsoverheid hebben. De instellingen zijn aan Vlaamse zijde dus anders gestructureerd dan die aan Franstalige zijde. Daarom wordt het Belgische federale model ook wel een asymmetrisch model genoemd.

3


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 4

1.3.

Maximale armslag, ook voor onderwijsmateries

Naast de Vlaamse Gemeenschap en het Vlaamse

In alle beleidsdomeinen waarvoor Vlaanderen

Gewest zijn er in de federale structuur nog twee

bevoegd is, heeft de Vlaamse overheid een maxi-

gemeenschappen en twee gewesten:

male autonomie. Dat komt doordat de Vlaamse

• het Waalse Gewest dat het Franse en

overheid en de federale overheid op gelijke voet

Duitse taalgebied beslaat met de provincies

staan en hun bevoegdheden niet overlappen.

Waals-Brabant, Henegouwen, Luik, Namen

Voor elk beleidsdomein treedt dus maar 1 over-

en Luxemburg;

heid op als wetgever. Inmenging door een andere

• het Brussels Hoofdstedelijk Gewest

overheid is in principe uitgesloten. Doordat dit

dat samenvalt met het tweetalige gebied

systeem de kans op conflicten tussen de verschil-

Brussel-Hoofdstad, waar beide talen volgens

lende overheden veel kleiner maakt, is het ook

de grondwet op gelijke voet moeten worden

een belangrijke factor in de politieke stabiliteit.

behandeld; • de Franse Gemeenschap die de

De bevoegdheden inzake onderwijs berusten bij

inwoners van het Franse taalgebied en de

de gemeenschappen. Elke gemeenschap beschikt

Franstaligen in het Brussels Hoofdstedelijk

dus over een eigen educatief systeem.

Gewest groepeert;

Binnen de Vlaamse regering is de Vlaamse

• de Duitstalige Gemeenschap die de

minister van Onderwijs verantwoordelijk voor

circa 70.000 inwoners van het Duitse taal-

bijna alle aspecten van het onderwijsbeleid van

gebied verzamelt.

het kleuter- tot en met het universitair onderwijs. De minister staat aan het hoofd van het

Noordzee

departement Onderwijs van het Ministerie van

Nederland

de Vlaamse Gemeenschap. v l a a n d e r e n

Duitsland

De federale overheid is inzake onderwijs nog slechts bevoegd voor de pensioenen van de

brussel personeelsleden van de onderwijsinstellingen, het vastleggen van de leerplicht*1 en het bepalen wallonië

van de minimumvoorwaarden voor het behalen duitstalige gemeenschap

van een diploma.

Frankrijk Luxemburg 1 Alle termen gevolgd door een sterretje worden elders in de publicatie verder toegelicht. Termen die naar onderwijsniveaus verwijzen, krijgen geen sterretje. Voor meer uitleg over de

Het federaliseringproces is een langzaam proces

onderwijsniveaus kan u deel 2.2 (pp.12-24) raadplegen.

van politiek overleg geweest dat bijna een kwarteeuw heeft geduurd. Tussen 1970 en 1993 keurde het federale parlement 4 staatshervormingen goed. In die periode kregen de deelstaten stap voor stap een eigen regering, een eigen parlement en een eigen administratie. Tegelijk werden de bevoegdheden van de deelstaten stelselmatig uitgebreid. Daarbij werd gestreefd naar homogene bevoegdheidspakketten die een helder en rechtlijnig beleid mogelijk maken.

4


onderwijs in Vlaanderen def

1.4.

22-06-2001

13:19

Pagina 5

Een kleine regio met een grote schoolbevolking

In onderstaande grafieken vindt u gegevens over de schoolbevolking in het voltijds onderwijs per onderwijsniveau en in de permanente vorming. Grafiek 1: Schoolbevolking in het voltijds onder-

Grafiek 2: Schoolbevolking permanente vorming

wijs per onderwijsniveau (schooljaar 1999-2000)

(schooljaar 1999-2000) 200 000

500 000 434 272

431 027

170 063 139 487

400 000 300 000

150 000 240 654

100 000

200 000 48 882

98 536 100 000

50 000

16 907 16 902

56 740

0

0 basisonderwijs

secundair onderwijs

volwassenenonderwijs

hoger onderwijs

deeltijds kunstonderwijs

kleuteronderwijs

onderwijs voor sociale promotie (secundair)

lager onderwijs

onderwijs voor sociale promotie (hoger)

hogescholenonderwijs

Basiseducatie

universitair onderwijs

bis (Begeleid individueel Studeren)

Binnen de jonge Vlaamse bevolkingsgroep (25tot 34-jarigen) heeft 77% minstens een diploma secundair onderwijs behaald. Hiermee scoort het Vlaamse Gewest in 1998 beduidend beter dan het gemiddelde oeso-land, waar 72% van deze leeftijdsgroep het secundair onderwijs voltooid heeft. Gedurende de jaren ‘90 is er op dat vlak heel wat vooruitgang geboekt. De achterstand die Vlaanderen had inzake scholingsgraad werd in snel tempo opgehaald. Terwijl in 1990 55% van de Vlaamse 25-34-jarigen minstens een diploma secundair onderwijs bezat, was dit cijfer in 1994 al gestegen tot 69% en bereikte het in 1998 zoals reeds gezegd 77%. Toch beëindigen nog steeds te veel jongeren de leerplicht zonder getuigschrift of diploma. Met het project modularisering* probeert men deze tendens om te buigen.

5


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 6

2.

Onderwijs in Vlaanderen


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 7

2.1.1. Leerplicht voor alle kinderen

tot 18 jaar De Belgische grondwet bepaalt dat iedereen 2.1.

Algemene principes

recht heeft op onderwijs, met eerbied voor de fundamentele rechten en vrijheden. Om dit leerrecht voor alle kinderen te garanderen, is er ook een leerplicht. De leerplicht begint op 1 september van het jaar waarin een kind 6 jaar wordt en duurt 12 volle schooljaren. Vanaf 15 jaar (in sommige gevallen 16) kan een jongere deeltijds leren en deeltijds werken en zo aan de leerplicht voldoen. De meerderheid van de leerlingen blijft evenwel voltijds onderwijs volgen. De leerplicht eindigt op het einde van het schooljaar van het jaar waarin de leerling 18 jaar wordt of wanneer het diploma secundair onderwijs wordt behaald (ongeacht de leeftijd). Alle kinderen die in België verblijven, zijn leerplichtig, dus ook kinderen met een vreemde nationaliteit. Kinderen die illegaal in het land zijn, hebben eveneens recht op inschrijving in een school. Zij hebben er dezelfde rechten als ‘legale’ leerlingen. Leerplicht is evenwel geen schoolplicht. Dit betekent dat kinderen om te leren niet naar school moeten gaan: er is ook huisonderwijs mogelijk. Ouders die hiervoor kiezen (in de praktijk zijn dit er weinig) moeten dit wel meedelen aan het departement Onderwijs. De overheid controleert immers of alle leerplichtige leerlingen effectief aan de leerplicht voldoen. Indien uit deze leerplichtcontrole blijkt dat dit voor een bepaald kind niet het geval is, kunnen de ouders door de rechtbank gestraft worden. In de praktijk probeert men om via begeleiding (b.v. door het centrum voor leerlingenbegeleiding*) repressieve acties te vermijden. Kinderen die onmogelijk onderwijs kunnen volgen, voornamelijk omwille van een zware handicap, kunnen vrijstelling van leerplicht krijgen. De Belgische grondwet bepaalt ook dat de toegang tot het onderwijs kosteloos is tot het einde van de leerplicht. Basis- en secundaire scholen die door de overheid gefinancierd of gesubsidieerd worden, mogen dus geen inschrijvingsgeld vragen. Ook de toegang tot het

7


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 8

Vlaamse kleuteronderwijs is gratis, ook al valt dit

gevestigd zijn in gebouwen die bewoonbaar,

niet onder het leerplichtonderwijs.

veilig en voldoende net zijn, enzoverder.

• In het basisonderwijs is het uitgangspunt dat

2 Vanaf 1 september

de ouders niet moeten betalen voor schoolbe-

Naast de vrijheid om onderwijs te organiseren,

nodigdheden en activiteiten die essentieel zijn

waarborgt de grondwet ook de keuzevrijheid van

voor het bereiken van de eindtermen*. Met

de ouders. De ouders en hun kinderen moeten

vragen en klachten hierover kunnen ouders

over een school van hun keuze kunnen beschik-

terecht bij de Commissie Laakbare Praktijken2.

ken op een redelijke afstand van de woonplaats.

• In het secundair onderwijs kan de school 2.1.3. Onderwijsnetten

2001 wordt de

een bijdrage aan de ouders vragen voor

Commissie Laakbare

didactisch materiaal en voor bepaalde

Praktijken vervangen

activiteiten. De gevraagde bijdrage moet

Vaak nemen de onderwijsnetten, als represen-

door de Commissie

verantwoord worden. Over deze bijdrage

tatieve vereniging van inrichtende machten,

Zorgvuldig Bestuur.

hebben ouders vooraf inspraak via een

bepaalde verantwoordelijkheden van de inrich-

Ouders zullen er

participatieraad*.

tende macht over; ze stellen eigen leerplannen

terecht kunnen met

Voor het secundair (en het hoger onderwijs)

en lesroosters op. Hierdoor staan de betrokken

vragen en klachten,

bestaat een stelsel van studi etoelagen voor

inrichtende machten een deel van hun auto-

zowel over het basis-

ouders met een laag inkomen. Om voor een stu-

nomie af aan de netten.

als over het secundair

dietoelage in aanmerking te komen moet de

onderwijs.

student voldoen aan de nationaliteitsvereiste

Traditioneel worden er 3 onderwijsnetten onder-

en aan een aantal studie- en financiële voor-

scheiden:

waarden. Een aanvraag tot studietoelage moet

• het gemeenschapson derwijs (go) is het

ten laatste op 31 oktober van het jaar waarin het

onderwijs dat door de openbare instelling het

school- of academiejaar* begint, ingediend zijn.

Gemeenschapsonderwijs georganiseerd wordt in opdracht van de Vlaamse Gemeenschap.

2.1.2. Vrijheid van onderwijs

Het gemeenschapsonderwijs is door de grondwet verplicht tot neutraliteit. Dit wil zeggen

Ook vrijheid van onderwijs is een grondwettelijk

dat de religieuze, filo-sofische of ideologische

recht in België. Elke natuurlijke persoon of

overtuiging van de ouders en de leerlingen gerespecteerd moet worden;

rechtspersoon heeft met andere woorden het recht onderwijs te organiseren en daarvoor

• het gesubsi di eerd offici eel on derwijs (ogo) omvat het gemeentelijk onderwijs,

instellingen op te richten.

georganiseerd door de gemeentebesturen, en Het begrip i n richten de macht (of school-

het provinciaal onderwijs, georganiseerd door

bestuur) is een sleutelbegrip in de organisatie

de provinciebesturen. De inrichtende machten

van het onderwijs in Vlaanderen. Hiermee wordt

van dit onderwijs zijn verenigd in 2 koepels,

de overheid, de natuurlijke persoon of de rechts-

het Onderwijssecretariaat van de Steden en

persoon bedoeld die verantwoordelijk is voor

gemeenten van de Vlaamse Gemeenschap

één of meer onderwijsinstellingen.

(ovsg) en de Cel voor het Vlaams Provinciaal Onderwijs (cvpo).

De inrichtende machten beschikken over een ruime autonomie. Ze zijn bijvoorbeeld totaal

• het gesubsi di eerd vrij on derwijs (vgo)

vrij in de keuze van hun onderwijsmethoden. Ze

is het onderwijs dat op privé-initiatief, door

kunnen ook hun eigen leerplannen en lesroosters

een privé-persoon of privé-organisatie georga-

vastleggen en stellen zelf hun personeel aan.

niseerd wordt. De inrichtende macht is vaak

Maar scholen die erkend of financieel gesteund

een vereniging zonder winstoogmerk (vzw).

willen worden door de overheid, moeten wel een

Het vrij onderwijs bestaat hoofdzakelijk uit

aantal bepalingen naleven. Zo moeten deze

katholieke scholen. Zij zijn verenigd in een

scholen voldoende uitgerust zijn en beschikken

koepel: het Vlaams Secretariaat van het

over genoeg didactisch materiaal. Ze moeten

Katholiek Onderwijs (vsko). Daarnaast zijn er 8


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 9

2.1.4. Financiering van het onderwijs

ook protestantse, joodse, orthodoxe, islamitische, … scholen mogelijk. Naast deze confessionele scholen zijn er ook scholen die niet aan

De Vlaamse onderwijsbegroting sensu stricto,

een godsdienst gebonden zijn. Voorbeelden

uitgedrukt in beschikbare beleidskredieten,

zijn de Freinetscholen, de Montessorischolen

bedroeg voor 2000 6,51 miljard eur (= 262,7 mil-

en de Steinerscholen die specifieke pedagogi-

jard bef). Dit komt neer op 42% van de totale

sche methoden toepassen. Zij worden ook

Vlaamse begrotingsmiddelen en betekent sinds

methodescholen genoemd.

1989 een gemiddelde nominale stijging met 4% per jaar. De aangepaste begroting 2001 bedraagt

Een klein aantal scholen in Vlaanderen is niet erkend door de overheid. Dit zijn de zogenaamde

6,83 miljard eur (= 275,7 miljard bef) of een stij-

privéscholen. Zij kunnen niet gefinancierd of

ging met 4,9% ten opzichte van 2000.

gesubsidieerd worden door de overheid. niet-onderwijsniveaugebonden

Het onderwijs dat voor en door de overheid

9,2%

wordt georganiseerd (het gemeenschapsonder-

permanente vorming 3 9% 3,9% % universitair onderwijs

wijs en het gemeentelijk en provinciaal onder-

basisonderwijs 28,6%

wijs), wordt het offici eel on derwijs

8,9%

genoemd; het onderwijs dat door het derde net

7,9%

hogescholenonderwijs

wordt verstrekt, heet het vrij on derwijs. secundair onderwijs 41,5%

In onderstaande tabel vindt u een verdeling van de leerlingen over de verschillende onderwijsnetten heen, waaruit blijkt dat het overgrote deel van de Vlaamse leerlingen naar het gesubsidi-

Diagram 2: Het onderwijsbudget per onderwijs-

eerd (vrij) onderwijs gaan.

niveau

werking 9,1% hoger onderwijs 16,2%

go 14,4%

3% investeringen 2,8% andere

vgo 68,8% ogo 16,8%

salarissen 68,9%

Diagram 1: Verdeling van de leerlingen over de

Diagram 3: Onderwijsbegroting per uitgaven-

netten in het basis- en secundair onderwijs

categorie

(schooljaar 1999-2000) Het gemeenschapsonderwijs, georganiseerd voor de Vlaamse Gemeenschap, ontvangt jaarlijks een dotatie. Daarnaast subsidieert de Vlaamse Gemeenschap de provincies, (verenigingen van) gemeenten of andere publiekrechterlijke personen of private personen die onderwijs organiseren volgens de wettelijke normen. De Vlaamse Gemeenschap neemt de personeels9


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 10

kost voor haar rekening. Via financiering of

Ook voor de hogescholen werd de lijn van

subsidiëring ontvangt de inrichtende macht

deregulering doorgetrokken, met het hoge-

financiële middelen voor de werking van de

scholendecreet van 1994. De hogescholen

scholen en internaten.

dragen de verantwoordelijkheid voor de financiële enveloppe die hen jaarlijks wordt toe-

2.1.5. Op weg naar autonomie

gekend. De overheid verwacht van de hogescholen een resultaatgericht management:

De Vlaamse beleidsvoerders hebben het onder-

het ontwikkelen van een visie, het formuleren

wijs een nieuwe impuls willen geven door de

van een meerjarenstrategie, het geven van

verantwoordelijkheid meer bij de onderwijsver-

duidelijke werkrichtlijnen en het ontwikkelen

strekkers te leggen en de gebruikers zoveel

van curricula.

mogelijk mee verantwoordelijk te maken. Dit

De universiteiten en hogescholen staan onder

proces van lokale responsabilisering is op alle

controle van de inspectie van Financiën en

onderwijsniveaus ingezet. Op deze weg naar

van de regeringscommissaris die het beleid

autonomie zijn de hogescholen en de universitei-

toetsen aan de wettelijke voorschriften. De

ten reeds verder gevorderd dan de basis- en

instellingen zijn tevens verplicht interne kwa-

secundaire scholen. We overlopen de evolutie per

liteitszorg* door te voeren en mee te werken

studieniveau:

aan externe controle.

• het decreet basisonderwijs van 25 februari

Via de jaarrekeningen en de jaarverslagen

1997 laat aan de schoolbesturen toe, mits

lichten de universiteiten en hogescholen de

inachtname van de ontwikkelingsdoelen en

Vlaamse overheid in over hun financieel

eindtermen*, zelf hun leerplannen, hande-

beheer en de mate waarin de (onderwijs-)

lings- en schoolwerkplannen op te stellen. Ook

werkzaamheden behoorlijk hebben uit-

de didactische werkvormen of pedagogische

gevoerd.

methodes kiezen scholen vrij. Er blijven wel strikte voorwaarden waaraan scholen moeten

2.1.6. De rechtspositie van het personeel

voldoen m.b.t. de financiering, de betoelaging van salarissen, het werkingsbudget en de

De rechtspositie garandeert de personeelsleden

investeringsmiddelen;

rechtszekerheid en biedt hen een zekere stabi-

• het proces van decentralisatie zette zich in het

liteit van betrekking. Ze bevat de grondregels in

secundair onderwijs in de jaren ’80 in. Terwijl

verband met de aanwerving, benoeming, selec-

de autonomie van het gesubsidieerd onder-

tie, bevordering en tucht. Dit betekent dat de

wijs* eerder historisch gegroeid was, werd dit

invulling van de onderwijsloopbaan voor de per-

proces in het gemeenschapsonderwijs*

soneelsleden van het basis-, het secundair, het

bewerkstelligd door een bijzonder decreet van

buitengewoon, het deeltijds kunstonderwijs, het

1988 waarin de lokale raden* beslissingsbe-

onderwijs voor sociale promotie, de clb’s* en de

voegdheid verkregen inzake personeelsbeleid,

internaten dient te verlopen binnen de grenzen

financieel en materieel beleid en werd verder

afgebakend door de decreten rechtspositie van 27

doorgetrokken in het bijzonder decreet van

maart 1991 van het gesubsidieerd onderwijs en

1998;

van het gemeenschapsonderwijs. Voor de perso-

• het universiteitsdecreet van 12 juni 1991 kent

neelsleden van de hogescholen en de universitei-

aan de universiteiten een grote autonomie

ten werd de optie genomen om een aparte

toe. De overheid geeft de vereiste financiële

rechtspositie te creëren.

middelen en stelt de universiteiten verantwoordelijk voor het aanwenden ervan. Voor

Eens aangesteld, wordt de mogelijkheid voorzien

het personeelsbeleid legt de overheid enkel

om onder bepaalde voorwaarden een personeels-

het kader vast. De invulling van de curricula is

lid in een betrekking vast te benoemen. Een

eveneens de verantwoordelijkheid van elke

vaste benoemi ng garandeert werk- en loon-

universiteit.

zekerheid. Ze geeft ook recht op een hele reeks 10


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 11

2.1.7. Organisatie van het school- en

verlofstelsels, ziekteverlof en een overheids-

academiejaar

pensioen. Dit pensioen is voordeliger dan een pensioen in het privé-stelsel omdat het

Voor het basis- en secundair onderwijs begint het

beschouwd wordt als een uitgesteld loon.

schooljaar op 1 september; het eindigt in theorie Vlaamse scholen krijgen steeds meer autonomie

op 31 augustus. Omwille van de zomervakantie

om een eigen personeelsbeleid te voeren. Zij wor-

(1 juli - 31 augustus) eindigt het schooljaar in de

den aangemoedigd een hrm-beleid te voeren dat

praktijk echter op 30 juni. De school is gedurende

stoelt op begeleiding, aanmoediging en bijstu-

182 dagen per schooljaar open.

ring. Een eerste voorzichtige stap in dit beleid is

In het basisonderwijs krijgen de leerlingen per

de invoering van functiebeschrijvingen en de

week 28 lestijden van 50 minuten onderwijs- en

weerslag daarvan op de taakinvulling en de

opvoedingsactiviteiten. In het secundair onder-

prestatieregeling van de leerkrachten. Zo wordt

wijs moeten per week minimaal 28 lesuren van

voor het basisonderwijs de opdracht niet meer

50 minuten georganiseerd worden, maximaal

uitsluitend in lestijden uitgedrukt, maar wordt

mogen dit 36 wekelijkse lesuren zijn. De verschil-

de totale schoolopdracht uitgedrukt.

len worden bepaald door de leerjaren en de onderwijsvormen. Nagenoeg alle scholen organi-

Vlaanderen past het algemeen beginsel van

seren minimaal 32 lesuren per week.

inspraak van personeelsleden toe. De publiekrechtelijke onderwijsinstellingen kennen een

De lessen worden gelijkmatig gespreid over 5

syndicaal overleg dat de regels volgt van het

dagen, van maandag tot vrijdag. De woensdag-

overleg tussen de overheid en het personeel dat

namiddag is vrij.

bij de overheid is tewerkgesteld. Voor de privaat-

De lessen vangen ten vroegste aan om 8 uur en

rechtelijke onderwijsinstellingen is in de onder-

eindigen ten vroegste om 15 uur en ten laatste

wijsregelgeving een aangepaste inspraakrege-

om 17 uur. De middagpauze duurt minstens 50

ling vastgelegd die schoolbesturen* ertoe ver-

minuten.

plicht beslissingen die het personeel aanbelangen vooraf te overleggen. In beide stelsels krijgen

In het hoger onderwijs start het academiejaar,

de vertegenwoordigers van het personeel een

naargelang de opleiding, tussen half september

ontslagbescherming en faciliteiten die hen moe-

en 1 oktober.

ten toelaten hun functie te kunnen uitoefenen in

Alle opleidingen starten de eerste dag van het

volle onafhankelijkheid. De inspraakregeling

academiejaar, waardoor het niet mogelijk is later

werd aangepast aan de schaalvergroting.

op het jaar met een opleiding te beginnen. Het Vlaams hoger onderwijs kent (nog) geen modu-

Op Vlaams niveau nemen de representatieve

lair* systeem, maar wel een studiejarensysteem.

vakverenigingen deel aan het overleg met de

Dit betekent dat elk opleidingsprogramma een

Vlaamse regering bij alle hervormingen die de

vast omlijnd basiscurriculum heeft, verspreid

personeelsleden aanbelangen. Dit overleg is dus

over verschillende academiejaren. Ondanks de

niet beperkt tot alleen maar de arbeidsvoor-

invoering van het ects3-systeem, de mogelijk-

3

waarden, maar vindt plaats bij elk wetgevend

heid van een individueel jaarprogramma (iaj) en

ECTS:

initiatief dat het personeel raakt. De arbeidsvoor-

de vele keuzevakken, blijven heel wat opleidings-

European (Course)

waarden worden vastgelegd in tussen de over-

onderdelen verplicht en is het slagen in een stu-

Credit Transfer

heid en de representatieve vakbonden onderhan-

diejaar de voorwaarde om te slagen in het daar-

System.

delde collectieve arbeidsovereenkomsten*.

opvolgende jaar.

De representatieve vakbonden hebben ook zitting in de Vlaamse Onderwijsraad*.

11


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 12

2.2.1 Onderwijsstructuur Onderstaand schema toont de structuur van het Vlaamse onderwijs. Het omvat het basisonder2.2 Onderwijsniveaus

wijs, het secundair onderwijs en het hoger onderwijs. 4 HOGER ONDERWIJS SECUNDAIR ONDERWIJS 4 Naast de onderwijsniveaus die in het schema opgenomen zijn, bestaan er ook nog onderwijsvormen in het kader van permanente vorming (deeltijds kunstonderwijs en volwassenenonderwijs met het onderwijs voor sociale promotie, begeleid indi-

HOGER ONDERWIJS

vidueel studeren (bis) en basiseducatie).

27

18 UNIVERSITAIR ONDERWIJS

HOGESCHOLENONDERWIJS

Beroeps (2)

18 16

Algemeen

Kunst

Technisch

DEELTIJDS

16 14

Algemeen

Kunst

Technisch

12

Beroepsvoorbereidend

A

B 1ste graad

(1) Onderwijs van 12

de 3de graad met vrucht heeft beëindigd of geslaagd is in een toelatingsexamen, heeft toegang tot de 4de graad beroepsonderwijs.

BASISONDERWIJS

(2) Iedereen die het tweede leerjaar van

Beroeps

2de graad

14

academisch niveau.

Beroeps

3de graad

6 LAGER ONDERWIJS 6

2,5 KLEUTERONDERWIJS theoretische leeftijd

12

BUITENGEWOON ONDERWIJS

SECUNDAIR ONDERWIJS

4de graad


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 13

2.2.2 Het basisonderwijs

Sinds enkele jaren stijgt de schoolbevolking in het gewoon lager onderwijs telkens met meer

•

Structuur en organisatie

dan 1 procent. Ook hier vormen de jongens nog

Het basisonderwijs omvat het kleuteronderwijs

net de meerderheid (51%). Het gesubsidieerd vrij

en het lager onderwijs. In een basisschool wordt

onderwijs* neemt bijna 64% van de leerlingen

kleuter- én lager onderwijs gegeven, in een auto-

voor zijn rekening.

nome kleuterschool alleen kleuteronderwijs, in een autonome lagere school alleen lager onder-

Het buitengewoon basisonderwijs is bedoeld

wijs.

voor kinderen die, tijdelijk of permanent, speciale

Hoewel kleuter- en lager onderwijs structureel

hulp nodig hebben. Dit kan zijn omwille van een

gezien los van elkaar staan, tracht men tussen

lichamelijke of geestelijke handicap, omwille van

beide een vloeiende overgang te realiseren.

ernstige gedrags- of emotionele problemen of omwille van zware leerstoornissen. Het buiten-

Er is gewoon en buitengewoon basisonderwijs.

gewoon basisonderwijs is ingedeeld in 8 types,

Het gewoon kleuteronderwijs is toegankelijk

aangepast aan de opvoedings- en onderwijsbe-

voor kinderen van 2,5 tot 6 jaar. Tussen 2,5 en 3

hoeften van een bepaalde groep kinderen:

jaar kunnen kinderen in het gewoon kleuteron-

• type 1: kinderen met een licht mentale handicap;

derwijs enkel instappen op 6 momenten in de

• type 2: kinderen met een matige of

loop van het schooljaar* (namelijk op de eerste schooldag na elk van de 5 vakantieperiodes en op

ernstige mentale handicap; • type 3: kinderen met ernstige emotionele

de eerste schooldag van februari). Kinderen

en/of gedragsproblemen;

vanaf 3 jaar kunnen op elk moment van het schooljaar instappen. In het buitengewoon kleu-

• type 4: kinderen met een fysieke handicap;

teronderwijs gelden de instapdata evenmin.

• type 5: kinderen die opgenomen zijn in een

In het gewoon kleuteronderwijs waren er in het schooljaar 1999-2000 238.887 kleuters ingeschre-

ziekenhuis of op medische gronden verblijven in een preventorium; • type 6: kinderen met een visuele handicap;

ven. De jongens vormen de meerderheid (51,1%). Ongeveer tweederden van de kleuters loopt

• type 7: kinderen met een auditieve handicap;

school in het gesubsidieerd vrij onderwijs*.

• type 8: kinderen met ernstige leerstoornissen.

In het gewoon kleuteronderwijs kunnen kinde-

Een school voor buitengewoon basisonderwijs

ren die op 6-jarige leeftijd nog niet rijp zijn om

kan één of meer types organiseren. Type 1 en

naar het lager onderwijs over te stappen, nog een

type 8 worden niet ingericht in het buitenge-

jaar langer in het kleuteronderwijs doorbrengen.

woon kleuteronderwijs.

In het buitengewoon kleuteronderwijs kan de

In het schooljaar 1999-2000 volgden 1.767 kleu-

overstap naar het lager onderwijs 2 jaar uitge-

ters les in het buitengewoon kleuteronderwijs.

steld worden.

Van alle kleuters (gewoon en buitengewoon onderwijs samen) volgt 0,74% buitengewoon

Het gewoon lager onderwijs is bedoeld voor kin-

onderwijs. Het leerlingenaantal in het buitenge-

deren van 6 tot 12 jaar en omvat 6 aaneensluiten-

woon lager onderwijs neemt elk jaar toe met 3 à

de leerjaren. Het begin van het lager onderwijs

4%. In het schooljaar 1999-2000 waren er 25.727

valt gewoonlijk samen met het begin van de leer-

leerlingen ingeschreven. In het lager onderwijs

plicht*, namelijk 6 jaar. Dit is ook de leeftijd

(gewoon en buitengewoon samen) volgt momen-

waarop de weinige kinderen die geen kleuteron-

teel 5,92% van de leerlingen buitengewoon

derwijs gevolgd hebben gewoonlijk instappen in

onderwijs.

de lagere school. Een kind kan minimaal 5 en

Het buitengewoon lager onderwijs duurt in prin-

maximaal 8 jaar in het gewoon lager onderwijs

cipe 7 jaar. De normale overgang naar het secun-

doorbrengen.

dair onderwijs is in het buitengewoon lager

Het aantal leerlingen in het gewoon lager onder-

onderwijs dus voorzien op 13 jaar, maar een kind

wijs bedroeg in het schooljaar 1999-2000 408.545.

kan maximaal 9 jaar in het buitengewoon lager

13


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 14

onderwijs doorbrengen. Kinderen die 15 jaar wor-

De overheid legt geen minima of maxima op

den vóór 1 januari van het lopende schooljaar

inzake het aantal leerlingen per klas. Scholen

kunnen geen lager onderwijs meer volgen.

beslissen zelf hoe ze de leerlingen in groepen indelen. Hoewel andere indelingen mogelijk zijn,

Het geïntegreerd basison derwijs is een

werken de meeste basisscholen met een jaarklas-

samenwerking tussen gewoon basisonderwijs en

sensysteem. Vaak heeft elke klas een eigen (kleu-

buitengewoon onderwijs. Dit onderwijs is

ter)onderwijzer.

bedoeld om kinderen met een handicap of met leer- en opvoedingsmoeilijkheden de lessen of

•

activiteiten te laten volgen in een school voor

Hoewel het kleuteronderwijs niet verplicht is,

gewoon onderwijs, mits hulp vanuit het buiten-

wordt het in Vlaanderen door bijna alle leerlin-

gewoon onderwijs. Dit kan tijdelijk of permanent

gen gevolgd. Dat in Vlaanderen, in vergelijking

zijn en het kan gaan om een gedeelte van de les-

met andere landen, kleuters heel vroeg naar

sen of om alle lessen. Net zoals bij andere maat-

school kunnen gaan, betekent vooral een stimu-

regelen (zorgverbreding, speciale onderwijsleer-

lans voor kinderen uit kansarme milieus.

middelen,…) is de bedoeling van het geïntegreerd

In het kleuteronderwijs werkt men aan de veel-

onderwijs om zoveel mogelijk leerlingen de kans

zijdige vorming van de kinderen en stimuleert

te geven gewoon onderwijs te volgen. In het

men de spontane groei naar rijpheid voor de

schooljaar 1999-2000 volgden 1.120 leerlingen

lagere school. Het kind krijgt er vaardigheden

geïntegreerd onderwijs.

(zoals taalverwerving, ontwikkeling van de

Inhoud

motoriek, sociale vaardigheden,…) en de eerste Het aantal leerkrachten in het basisonderwijs is

wereldverkennende inhouden aangeleerd. Het

afhankelijk van het lestijden pakket. Het

lager onderwijs bouwt hierop verder.

lestijdenpakket is het totaal aantal lestijden dat

De volgende leergebieden komen minimaal

een school gefinancierd of gesubsidieerd krijgt

aan bod:

van de overheid. Dit lestijdenpakket bestaat uit

• lichamelijke opvoeding;

lestijden volgens de schalen die berekend wor-

• muzische vorming;

den op basis van het aantal leerlingen op een

• Nederlands;

bepaalde teldatum, en aanvullende lestijden. De

• wereldoriëntatie;

aanvullende lestijden hebben te maken met

• wiskundige initiatie.

lestijden voor godsdienst/niet-confessionele

Waar mogelijk wordt gezocht naar samenhang

zedenleer/cultuurbeschouwing en - in het

tussen de verschillende leergebieden. Sinds

gewoon basisonderwijs - voor de opvang van

1 september 1998 zijn de ontwikkelingsdoelen*

anderstalige nieuwkomers*. In het buitengewoon

voor het gewoon kleuteronderwijs van kracht.

basisonderwijs kunnen daar lestijden bijkomen voor geïntegreerd onderwijs, voor permanent

In het gewoon lager onderwijs omvat het onder-

onderwijs aan huis (voor kinderen die niet naar

wijsaanbod dezelfde leergebieden als in het

school kunnen gaan) en voor scholen met een

gewoon kleuteronderwijs, eveneens waar moge-

specifieke expertise die werken rond zwaar of

lijk in samenhang. Wiskundige oriëntatie is er

meervoudig gehandicapten. Daarnaast kunnen

wel vervangen door wiskunde. Als leergebied-

er nog bijkomende lestijden gegeven worden

overschrijdende thema’s worden ‘leren leren’ en

voor scholen die vrijwillig gefuseerd zijn en voor

‘sociale vaardigheden’ aangeboden.

tijdelijk onderwijs aan huis voor langdurig zieke

Sinds 1 september 1998 zijn de eindtermen* voor

kinderen. Boven op dit alles kunnen nog extra

het gewoon lager onderwijs van kracht.

lestijden voor tijdelijke projecten (onderwijsvoorrang* en - in het gewoon basisonderwijs - zorg-

Voor het buitengewoon basisonderwijs gelden

verbreding*) komen.

ontwikkelingsdoelen. Momenteel zijn er reeds ontwikkelingsdoelen uitgewerkt voor type 2 en type 8. 14


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 15

Aan het einde van het basisonderwijs krijgen de

2.2.3 Het secundair onderwijs

leerlingen die de doelen van het leerplan bereikt hebben een getuigschrift basisonderwijs. Ook in

•

het buitengewoon basisonderwijs kunnen kinde-

Het secundair onderwijs is bedoeld voor jongeren

ren in bepaalde gevallen een getuigschrift beko-

van 12 tot 18 jaar. In het secundair onderwijs zijn

men. Dit getuigschrift heeft dan dezelfde waarde

alle scholen gemengd, op enkele uitzonderingen

als een getuigschrift dat behaald is in het

in het gesubsidieerd vrij onderwijs* na. De over-

gewoon basisonderwijs.

heid legt aan de vrije scholen wel geen verplich-

Algemeen

ting tot gemengd onderwijs op.

•

Rechten van ouders

In het basisonderwijs zijn aan de ouders decre-

•

taal uitdrukkelijk een aantal rechten met betrek-

Het secundair onderwijs wordt gevolgd door

king tot de schoolloopbaan van hun kinderen

415.253 leerlingen, waarvan een kleine meerder-

toegekend. Zo kiezen ouders vrij de school voor

heid jongens zijn (50,7%). De dalende trend van

hun kind. Officiële basisscholen kunnen kinde-

de laatste jaren zet zich ook in het schooljaar

ren die aan de toelatingsvoorwaarden voldoen

1999-2000 door (-1,2%). Driekwart van de leerlin-

niet weigeren. Vrije basisscholen kunnen dit wel,

gen volgt les in het gesubsidieerd vrij onderwijs.

Inhoud, structuur en organisatie

mits ze dit schriftelijk motiveren aan de ouders binnen de 4 kalenderdagen en de weigering niet

Het voltijds secundair onderwijs wordt sedert

gebaseerd is op redenen die onbetamelijk en in

1989 georganiseerd volgens de een h ei ds-

strijd met de menselijke waardigheid zijn. Het is

structuur waarin aan de basisvorming veel

de rechtbank die oordeelt welke redenen als

belang gehecht wordt. Deze eenheidsstructuur

onbetamelijk of in strijd met de menselijke

omvat graden, onderwijsvormen en studierich-

waardigheid beschouwd moeten worden.

tingen. De definitieve studiekeuze wordt uitge-

De overheid wil dat alleen kinderen die het echt

steld tot de tweede graad zodat de leerlingen

nodig hebben in het buitengewoon onderwijs

eerst met zoveel mogelijk vakken kunnen ken-

terechtkomen. Daarom is voor elke toelating tot

nismaken. Het merendeel van de lesuren wordt

dit onderwijs een inschrijvingsverslag vereist,

in de eerste graad besteed aan basisvorming

waaruit blijkt dat buitengewoon onderwijs voor

en bestaat uit:

het kind noodzakelijk is en welk type buitenge-

• Nederlands;

woon onderwijs geschikt is. Zonder dergelijk

• Frans en eventueel Engels;

inschrijvingsverslag kunnen ouders hun kind

• wiskunde;

niet in het buitengewoon onderwijs inschrijven.

• geschiedenis;

Anderzijds kunnen ouders waarvan het kind ver-

• aardrijkskunde;

wezen wordt naar het buitengewoon basisonder-

• artistieke opvoeding;

wijs, beslissen om hun kind toch gewoon basis-

• wetenschappen;

onderwijs te laten volgen.

• technologische opvoeding;

Ouders kunnen hun kind op elk moment van het

• lichamelijke opvoeding;

schooljaar* van school laten veranderen.

• godsdienst of zedenleer.

De verhouding tussen school en ouders wordt mee bepaald door het schoolreglement, waarin

Vanaf de tweede graad worden 4 verschillen-

allerlei afspraken opgenomen zijn. In het vrij

de onderwijsvormen onderscheiden, waarbinnen

onderwijs* tekenen de ouders het schoolregle-

de leerling voor een bepaalde studierichting kan

ment voor akkoord, in het officieel* basisonder-

kiezen. Een aantal studierichtingen gaat pas van

wijs enkel voor kennisname.

start in de derde of zelfs in de vierde graad (voornamelijk verpleegkunde). • In het algemeen secundair onderwijs (aso) wordt de nadruk gelegd op een ruime algemene vorming die vooral een stevige basis biedt 15


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 16

voor het volgen van hoger onderwijs. 39,3%

onderwijsoverheid legt, met uitzondering van

van de leerlingen volgt aso (schooljaar 1999-

enkele basisregels, geen normen op het vlak van

2000).

leerlingenbeoordeling op. De inspectie* oefent

• In het technisch secundair onderwijs (tso) gaat de aandacht vooral naar algemene en

via de doorlichting wel controle uit op de kwaliteit van de evaluatie.

technisch-theoretische vakken. Na het tso kan de jongere een beroep uitoefenen of overstap-

Jongeren waarvan de fysieke, psychologische,

pen naar het hoger onderwijs. Bij deze oplei-

sociale of intellectuele ontwikkeling belemmerd

ding horen ook praktijklessen. 31,8% van de

wordt door een handicap, leer- of opvoedingsmo-

leerlingen volgt tso (schooljaar 1999-2000).

gelijkheden kunnen terecht in het buitengewoon

• In het kunstsecundair onderwijs (kso) wordt een algemene, ruime vorming gekop-

manent speciale hulp en aangepast onderwijs

peld aan actieve kunstbeoefening. Na het kso

nodig. Het is de bedoeling, de leerling via een

kan de jongere een beroep uitoefenen of over-

geïndividualiseerd pedagogisch en didactisch

stappen naar het hoger onderwijs. 1,7% van de

aanbod zo optimaal mogelijk te integreren in het

leerlingen volgt kso (schooljaar 1999-2000).

onderwijsmilieu en in de maatschappij. De leer-

• Het beroepssecundair onderwijs (bso) is

6

onderwijs. Deze jongeren hebben tijdelijk of per-

jaren in het buitengewoon secundair onderwijs

een praktijkgerichte onderwijsvorm waarin de

(buso) komen zelden overeen met de schoolja-

jongere naast algemene vorming vooral een

ren* in het gewoon secundair onderwijs. Een

specifiek beroep aanleert. 27,2% van de leerlin-

leerling gaat immers pas over naar een volgende

gen volgt bso (inclusief de leerlingen in de

‘leerfase’ als hij/zij daar klaar voor is. De onder-

vierde graad bso) (schooljaar 1999-2000).

wijstypes6 die gelden voor het buitengewoon basisonderwijs, zijn dezelfde als voor het secun-

Zie p. 13.

In de tweede en de derde graad is er een

dair onderwijs behalve type 8 dat niet georgani-

gemeenschappelijk en een optioneel deel. In het

seerd wordt op secundair onderwijsniveau. In het

optioneel gedeelte wordt de basisvorming aange-

buitengewoon secundair onderwijs worden

vuld met een brede waaier van studiemogelijk-

opleidingsvormen georganiseerd volgens het type

heden. In de derde graad kan de specifieke vor-

en volgens de mogelijkheden van de leerling:

ming nog verfijnd worden met het oog op de uit-

• oplei di ngsvorm 1 geeft een sociale vor-

eindelijke beroepskeuze of de eventuele studie-

ming met het oog op de integratie in een

plannen in het hoger onderwijs.

beschermd leefmilieu;

Een leerling behaalt het diploma secundair

• oplei di ngsvorm 2 geeft een algemene en

onderwijs na het met vrucht beëindigen van zes

sociale vorming en een arbeidstraining met

5

jaar aso, tso of kso of zeven jaar bso5.

het oog op integratie in een beschermd leef-

Voor meer details: zie

Met een diploma secundair onderwijs, in om het

en arbeidsmilieu;

schema onderwijs-

even welke school, onderwijsvorm of studierich-

structuur (p.12).

ting behaald, heeft de jongere onbeperkt toegang

• oplei di ngsvorm 3 geeft een algemene sociale en beroepsvorming met het oog op integratie in een gewoon leef- en werkmilieu;

tot het hoger onderwijs.

• oplei di ngsvorm 4 geeft een voorbereiding De delibererende klassen raad beslist of een

op een studie in het hoger onderwijs en op

leerling al dan niet slaagt m.a.w. of een leerling

integratie in het actieve leven.

in voldoende mate de doelstellingen die in het

Binnen iedere opleidingsvorm is de organisatie

leerplan zijn opgenomen, heeft bereikt. De klas-

en het aanbod aangepast aan de specifieke

senraad bestaat uit de directeur en alle leerkrach-

onderwijs- en opvoedingsbehoeften van elke

ten die aan de betrokken leerling lesgeven. Alle

leerling afzonderlijk.

leerjaren worden bekrachtigd door een oriënte-

In het voltijds secundair onderwijs volgt 3,7% van

ringsattest, een getuigschrift, een studiegetuig-

de leerlingen buitengewoon onderwijs. Net zoals

schrift of een diploma. De inrichtende machten*

voor de andere onderwijsvormen trekt ook hier

kunnen zelf hun evaluatiemethodes kiezen. De

het vrije net* de meeste leerlingen aan, nl. 64%. 16


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 17

Met de hulp van deskundigen uit het buitenge-

de leerling ten goede komen. Sinds 1991 moet bij-

woon onderwijs kunnen jongeren met een han-

voorbeeld elke secundaire school voor gewoon

dicap ook worden opgevangen in een school voor

onderwijs een schoolreglement hebben. Het

gewoon secundair onderwijs via het systeem van

schoolreglement is een document dat de weder-

geïntegreerd onderwijs (gon)*. In het schooljaar

zijdse rechten en plichten regelt van ouders en

1999-2000 volgden 456 leerlingen in het secun-

leerlingen enerzijds en het schoolbestuur ander-

dair onderwijs geïntegreerd onderwijs.

zijds. Eveneens worden daarin de geldende regels voor orde en tucht en voor de beroepsprocedure

Vanaf de leeftijd van 15 of 16 jaar kan de leerling

betreffende examenresultaten vermeld. Dit

overstappen naar een deeltijds systeem. Jongeren

reglement moet vooraf besproken worden in de

kunnen hiervoor een opleiding volgen in het

participatieraad of schoolraad* waar ook de

deeltijds beroepssecundair onderwijs (dbso). Ze

ouders in vertegenwoordigd zijn.

kunnen ook ingaan op het aanbod van de leertijd

Momenteel klinkt de vraag steeds luider om de

van de middenstandsopleiding of op een initia-

rechten en plichten van leerlingen te bundelen

tief van de deeltijds erkende vorming.

in een rechtspositie voor de leerling en om min-

DBSO wordt in een centrum voor deeltijds onder-

derjarigen - naast hun ouders - zélf een rol te

wijs ingericht. De leerlingen volgen 15 lesuren

laten spelen bij de uitoefening van hun onder-

per week. Het is de bedoeling de opleiding aan te

wijsrechten.

vullen met een tewerkstelling die bij voorkeur aansluit bij de opleiding in het centrum. Via deze

2.2.4 Het hoger onderwijs

onderwijsvorm is het mogelijk een kwalificatiegetuigschrift te behalen dat evenwel niet gelijk-

De algemene toelatingsvoorwaarde voor het

waardig is met het diploma dat wordt uitgereikt

hoger onderwijs in Vlaanderen is het Vlaamse

aan het einde van het voltijds beroepssecundair

diploma van secundair onderwijs.

onderwijs. Leerlingen die een praktische oplei-

Vlaanderen kent geen numerus clausus, maar er

ding wensen voor een beroep als zelfstandige,

zijn wel toelatingsexamens voor elke student die

kunnen een leerovereenkomst afsluiten met een

de hogescholenopleidingen licentiaat in de nau-

ondernemingshoofd-opleider. De leerovereen-

tische wetenschappen en meester (in een bepaal-

komst voorziet in 4 dagen praktijkopleiding bij

de kunstrichting) of een universitaire opleiding

een kleine of middelgrote onderneming (kmo) of

tot burgerlijk ingenieur, burgerlijk ingenieur-

zelfstandige en in 1 dag theoretische vorming per

architect, tandarts en arts wil aanvatten.

week. Wie op het einde van de opleiding slaagt,

Een buitenlands diploma erkend dankzij een

ontvangt een getuigschrift ‘leertijd’.

Vlaams decreet, een Belgische wet, een Europese

In het schooljaar 1999-2000 waren 5.276 leerlin-

richtlijn of een internationale overeenkomst,

gen (15 tot 18 jaar) in het dbso ingeschreven. Het

geeft rechtstreeks toegang tot een basisopleiding

dbso voor 18 tot 25-jarigen werd gevolgd door

van een hogeschool of universiteit.

449 leerlingen.

• •

Hoger onderwijs verstrekt door de hogescholen

Inspraak

In het secundair onderwijs is een school sinds 1

Het decreet van 13 juli 1994 betreffende de hoge-

januari 2000 verplicht een leerlingenraad op

scholen in de Vlaamse Gemeenschap betekende

te richten als één derde van de leerlingen hierom

een omwenteling voor het hoger onderwijs bui-

vraagt. Deze raad heeft een adviserende bevoegd-

ten de universiteit.

heid voor alle aangelegenheden die de leerlingen

De 164 bestaande autonome instellingen voor

rechtstreeks aanbelangen. De raad moet ook van

hoger onderwijs met volledig leerplan fuseerden

de directie de nodige informatie en infrastructu-

op 1 september 1995 tot 29 hogescholen. De rela-

rele en administratieve ondersteuning krijgen.

tie tussen de overheid en de hogescholen veran-

De voorbije jaren zijn in de regelgeving wel meer

derde zeer fundamenteel. De vroegere centralisti-

bepalingen opgenomen die de rechtspositie van

sche detailregulering ruimde plaats voor een

17


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 18

kaderregelgeving die een evenwichtige combina-

(leraren)opleidingen organiseren. Daarnaast kun-

tie beoogt van ruime autonomie* en verantwoor-

nen ze ook posthogeschoolvorming inrichten.

delijkheid voor de hogescholen. De hogescholen

Posthogeschoolvorming bestaat in de regel uit

ontvangen een globale enveloppe voor de

cursussen van beperkte omvang, gefocust op bij-

bekostiging van hun personeelsbeleid en algeme-

scholing en navorming.

ne werking.

In het academiejaar 1999-2000 telde het hogescholenonderwijs 98.536 studenten. Het aantal

De opdracht van de hogescholen werd verruimd

vrouwelijke studenten blijft de laatste jaren stij-

zodat de hogescholen flexibel en adequaat kun-

gen en maakt momenteel 53,6% van de totale

nen beantwoorden aan de behoeften en uitda-

studentenpopulatie aan de hogescholen uit.

gingen van de maatschappij van vandaag en morgen. Naast het aanbieden van onderwijs,

De basisopleidingen kunnen georganiseerd wor-

behoren ook toegepast wetenschappelijk onder-

den in 11 studiegebieden.

zoek en maatschappelijke dienstverlening tot de

De basisopleidingen beslaan ofwel 1 cyclus (3

kerntaken van de hogescholen. De nieuwe regel-

jaar) ofwel 2 cycli (normaal elk van 2 jaar). De

geving biedt tenslotte ook het kader waarbinnen

tweede cyclus van de basisopleidingen handels-

de hogescholen zich op internationaal vlak kun-

ingenieur, architect, licentiaat in productontwik-

nen profileren. De hogescholen getuigen van het

keling, meester in productdesign en meester in

zinvol invullen van hun missie door het afleggen

muziek is ingedeeld in 3 studiejaren.

van publieke verantwoording en door het uitbou-

Binnen een zelfde basisopleiding zijn opties

wen van een systeem van interne en externe

mogelijk. Met uitzondering van de opleidingen

kwaliteitszorg*. De overheid evalueert de kwa-

van de studiegebieden audiovisuele en beelden-

liteit van deze processen.

de kunst, muziek en dramatische kunst en onderwijs is een optie geënt op een gemeenschappe-

De hogescholen kunnen basisopleidingen, initië-

lijke stam van ten minste eenderde en ten hoog-

le (leraren)opleidingen en voortgezette

ste tweederden van het opleidingsprogramma.

Basisoplei di ngen Studiegebieden die zowel

Studiegebied dat enkel

Studiegebieden die enkel

opleidingen van 1 als van

opleiding van 1 cyclus

opleidingen van 2 cycli

2 cycli bevatten

bevat

bevatten

architectuur

sociaalagogisch werk

productontwikkeling

audiovisuele en beeldende kunst

toegepaste taalkunde

biotechniek gezondheidszorg handelswetenschappen en bedrijfskunde industriële wetenschappen en technologie muziek en dramatische kunst onderwijs

18


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 19

De basisoplei di ngen van 1 cyclus zijn

Een initiële lerarenopleiding van 1 cyclus leidt

gericht op het verwerven van beroepsvaardighe-

studenten op tot kleuteronderwijzer, onderwijzer

den, gestoeld op wetenschappelijke onderbouw-

of geaggregeerde voor het onderwijs - groep 1

de kennis. De bedoeling is de studenten een prak-

(leraar secundair onderwijs in de eerste en twee-

tische beroepsvaardigheid bij te brengen zodat ze

de graad).

na hun studie een beroep kunnen uitoefenen. In

De hogescholen die basisopleidingen van 2 cycli

het academiejaar 1999-2000 waren 71.849 stu-

organiseren in het studiegebied handelsweten-

denten ingeschreven in een opleiding van 1

schappen en bedrijfskunde, in het studiegebied

cyclus. Dit maakt 72,9% van het totaal aantal

audiovisuele en beeldende kunst of in het studie-

hogeschoolstudenten uit. Vooral vrouwelijke stu-

gebied muziek en dramatische kunst, kunnen

denten zijn in deze opleidingen van 1 cyclus

aansluitend bij deze basisopleidingen een initiële

terug te vinden (58,4%).

lerarenopleiding van academisch niveau organi-

De basisoplei di ngen van 2 cycli zijn van

seren. De houders van het diploma geaggregeer-

academisch niveau en gestoeld op wetenschap-

de voor het onderwijs - groep 2 kunnen leraar

pelijke kennis. In het geheel dragen ze bij tot de

secundair onderwijs in de tweede en derde (en

algemeen menselijke vorming en zijn ze in het

vierde) graad worden.

bijzonder gericht op de toepassing van de weten-

De voortgezette lerarenoplei di ngen

schappen, het zelfstandig denken en het ontwik-

hebben tot doel de mobiliteit in het ambt van

kelen van de creativiteit. 26.687 studenten (27,1%

een leraar te bevorderen. Zo kan onder meer een

van de totale studentenbevolking in de hoge-

kleuteronderwijzer via de voortgezette leraren-

scholen) volgden een dergelijke opleiding in het

opleiding ook onderwijzer worden. Enkel houders

academiejaar 1999-2000. Mannelijke studenten

van een diploma van een initiële lerarenoplei-

vormen in deze opleidingen van 2 cycli de meer-

ding kunnen een voortgezette lerarenopleiding

derheid (59,4%).

volgen. In het academiejaar 1999-2000 volgden 16.095

De voortgezette opleidingen omvatten minstens

studenten een initiële lerarenopleiding, 409 stu-

1 studiejaar, dat ook deeltijds kan georganiseerd

denten een initiële lerarenopleiding van acade-

worden. Ze sluiten aan bij de basisopleidingen

misch niveau en 926 studenten een voortgezette

van het hoger onderwijs; ze zijn gericht op een

lerarenopleiding.

aanvulling of verbreding van de basisopleiding of op de uitdieping van of een bijzondere specia-

De studi eomvang bedraagt per studiejaar ten-

lisatie in een studiegebied. Ze zijn enkel toegan-

minste 1.500 en ten hoogste 1.800 uren. Het gaat

kelijk voor studenten die reeds een diploma van

hier om de feitelijke studiebelasting van de stu-

het hoger onderwijs behaalden. De hogescholen

dent, waarin niet alleen de contacturen begrepen

bepalen autonoom het aantal en de aard van hun

zijn. In samenspraak met de studenten moet

voortgezette opleidingen. De maatschappelijke

men nagaan of de theoretische studiebelasting

waarde van deze diploma’s hangt nauw samen

overeenstemt met de reële.

met de kwaliteit van de opleiding. In het acade-

De hogeschool bepaalt zelf voor elke opleiding de

miejaar 1999-2000 volgden 1.359 studenten een

vorm en de inhoud van de opleidingsprogram-

voortgezette opleiding.

ma’s. Het opleidingsprogramma bestaat uit een samenhangend geheel van onderwijs- en andere

De structuur van de lerarenopleiding wijzigde

studieactiviteiten gericht op de verwezenlijking

grondig in 1997 (decreet van 16 april 1996).

van welomschreven doelstellingen inzake ken-

De lerarenopleidingen worden ingedeeld in:

nis, inzicht, vaardigheden en attitudes waarover

• initiële lerarenopleidingen,

de student die de opleiding voltooit, dient te

• initiële lerarenopleidingen van academisch

beschikken. Het hogeschoolbestuur deelt elke

niveau,

opleiding in studiejaren in. Elk studiejaar omvat

• voortgezette lerarenopleidingen.

een samenhangend geheel van onderwijs- en andere studieactiviteiten. 19


onderwijs in Vlaanderen def

•

22-06-2001

13:19

Pagina 20

Hoger onderwijs verstrekt door de

In het academiejaar 1999-2000 bedroeg het aan-

universiteiten

tal hoofdinschrijvingen 63.482.

Het decreet van 12 juni 1991 betreffende de universiteiten in de Vlaamse Gemeenschap beoog-

Universitaire opleidingen worden gekenmerkt

de een fundamentele hervorming van het uni-

door de integratie van onderwijs en wetenschap-

versitair onderwijs. De verhouding tussen de uni-

pelijk onderzoek. Het academisch onderwijs is

versiteiten en de overheid werd geherdefinieerd

gestoeld op het fundamenteel wetenschappelijk

in termen van meer autonomie* en financiële

onderzoek en draagt in zijn geheel bij tot de alge-

verantwoordelijkheid voor de universiteiten.

meen menselijke vorming en bereidt de student voor op de zelfstandige beoefening van de

Vlaanderen telt 6 universiteiten: de Katholieke

wetenschap of toepassing van de wetenschappe-

Universiteit Brussel, de Katholieke Universiteit

lijke kennis.

Leuven, het Limburgs Universitair Centrum, de Universiteit Antwerpen, de Universiteit Gent en

Het universiteitsbestuur stelt voor elke opleiding

de Vrije Universiteit Brussel.

zelf een opleidingsprogramma vast. Dit bestaat

De Universiteit Antwerpen kent een confederale

uit een samenhangend geheel van onderwijs- en

structuur en is een vereniging van het

andere studieactiviteiten gericht op de verwezen-

Universitair Centrum Antwerpen, de

lijking van welomschreven doelstellingen inzake

Universitaire Instelling Antwerpen en de

kennis, inzicht, vaardigheden en attitudes waar-

Universitaire Faculteiten Sint-Ignatius.

over de afgestudeerde dient te beschikken.

Het Limburgs Universitair Centrum en de

Het universiteitsbestuur dient wel bepaalde

Nederlandse Universiteit Maastricht hebben

opleidingsprogramma’s af te stemmen op de

samen met de Vlaamse overheid en de

wettelijke, decretale of Europese vastgelegde

Nederlandse overheid de transnationale

voorwaarden i.v.m. (de toegang tot) een beroep.

Universiteit Limburg opgericht in het kader van de groeiende internationalisering van het univer-

De universiteiten kunnen basisopleidingen orga-

sitair onderwijs en de vorming van een Europese

niseren in 18 studiegebieden. Deze omvatten

kennisunie.

ongeveer 80 erkende opleidingsprogramma’s. Studenten kunnen voltijds of deeltijds een uni-

De Vlaamse overheid wees 3 kerntaken toe aan

versitaire opleiding volgen. In het academiejaar

de universiteit als geheel.

1999-2000 bedroeg het aantal hoofdinschrijvin-

7

Een universiteit is een instelling die, in het

gen 56.740 7. Vrouwelijke studenten maken de

In deze cijfers zijn

belang van de samenleving, terzelfdertijd werk-

meerderheid uit (53,3%).

de inschrijvingen

zaam is op het gebied van het academisch onder-

aan de Koninklijke

wijs, het wetenschappelijk onderzoek en de

Militaire School en

wetenschappelijke dienstverlening.

de Protestantse

Via de jaarrekeningen en de jaarverslagen

Theologische Faculteit

(publieke verantwoording) lichten de universitei-

niet inbegrepen.

ten de Vlaamse overheid onder meer in over hun

Studi egebi eden wijsbegeerte en moraalwetenschappen godsgeleerdheid, godsdienstwetenschappen en kerkelijk recht

verwezenlijkingen en beleidsopties.

taal- en letterkunde De universiteiten bieden basisopleidingen, voort-

geschiedenis

gezette academische opleidingen (aanvullende

archeologie en kunstwetenschappen

en gespecialiseerde), academische lerarenopleidingen, huisartsenopleidingen en doctoraatsop-

rechten, notariaat en criminologische

leidingen aan. De universiteiten kunnen daar-

wetenschappen

naast ook postacademische vorming inrichten, bestaande uit cursussen van beperkte omvang,

psychologische en pedagogische

gericht op bijscholing en navorming allerhande.

wetenschappen 20


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 21

economische en toegepaste economische

Een specialisatieopleiding is gericht op de uitdie-

wetenschappen

ping van of bijzondere verdeskundiging in een studiegebied. De opleiding bestaat voor ten min-

politieke en sociale wetenschappen

ste tweederde uit opleidingsonderdelen die niet voorkomen in de basisopleiding. De opleiding

sociale gezondheidswetenschappen

wordt bekrachtigd met de academische graad

lichamelijke opvoeding, revalidatie-

gediplomeerde in de gespecialiseerde studies

wetenschappen en kinesitherapie

(GGS).

wetenschappen Een academische lerarenopleiding wordt afge-

toegepaste wetenschappen

rond met het diploma ‘geaggregeerde voor het onderwijs - groep 2’. Studenten in de tweede

toegepaste biologische wetenschappen

cyclus van een universitaire basisopleiding kun-

geneeskunde

nen deze academische lerarenopleiding al volgen, maar het diploma ‘geaggregeerde voor het

tandheelkunde

onderwijs - groep 2’ kan pas uitgereikt worden na

diergeneeskunde

het behalen van het tweede cyclus diploma.

farmaceutische wetenschappen De doctoraatsopleiding is gericht op de voorbereiding van een doctoraatsproefschrift. De basisopleidingen zijn opgedeeld in 2 cycli.

De doctoraatsopleiding wordt bekrachtigd

De eerste cyclus wordt afgerond met het

met een getuigschrift. Het doctoraat op proef-

diploma van kandidaat en kent een studieduur

schrift (na de openbare verdediging van het

van 2 jaar. Voor de opleiding arts en dierenarts

proefschrift) wordt bekrachtigd met de aca-

telt de eerste cyclus 3 jaren.

demische graad van ‘doctor’. Houders van

De tweede cyclus kent meestal een studie-

universitaire diploma’s van de tweede cyclus

duur van 2 jaar. Voor bepaalde opleidingen telt

en houders van specifieke hogescholen-

de tweede cyclus echter 3 of zelfs 4 (cf. arts) jaren.

diploma’s van 2 cycli (licentiaat in de handels-

De meeste opleidingen worden afgerond met het

wetenschappen en handelsingenieur) hebben

diploma licentiaat. Een aantal andere opleidin-

rechtstreeks toegang tot de doctoraats-

gen kennen echter een specifieke einddiploma-

opleiding. Houders van andere hogescholen-

benaming, zoals apotheker, arts, bio-ingenieur,

diploma’s van 2 cycli kunnen via een toelatings-

burgerlijk ingenieur, burgerlijk ingenieur-archi-

examen ook de toegang verwerven.

tect, dierenarts, handelsingenieur en tandarts. In het licht van de Sorbonne- en

De studi eomvang bedraagt per studiejaar ten-

Bolognaverklaring zal de huidige structuur zeker

minste 1.500 en ten hoogste 1.800 uren. Het gaat

aangepast worden. De besprekingen over de con-

hier om de feitelijke studiebelasting van de stu-

crete toepassing van de principes in de

dent, met inbegrip van hoor- en werkcolleges, het

Verklaring zijn volop aan de gang.

redigeren van scripties, onderzoeksopdrachten, seminariewerken, stages, de individuele verwer-

De voortgezette academische opleidingen om-

king van de leerstof en de examens(voorberei-

vatten aanvullende opleidingen en specialisatie-

ding). De raming van elk opleidingsonderdeel

opleidingen.

gebeurt in samenspraak met de studenten en

Een aanvullende opleiding is gericht op een aan-

regelmatig wordt nagaan of de theoretische stu-

vulling of verbreding van één of meerdere acade-

diebelasting klopt.

mische opleidingen van de tweede cyclus. De opleiding wordt bekrachtigd met de academische graad gediplomeerde in de aanvullende studies (gas). 21


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 22

2.2.5 Permanente vorming

Ongeveer 140.000 cursisten volgen dko; de meeste zijn jonger dan 18 jaar.

•

Het deeltijds kunstonderwijs (dko)

Het deeltijds kunstonderwijs beoogt de kunst-

Het deeltijds kunstonderwijs staat momenteel

zinnige vorming van de mens en wil zo een bij-

voor grote uitdagingen. De Vlaamse regering

drage leveren tot zijn totale persoonlijkheidsvor-

wenst een vereenvoudiging en modernisering

ming. De deelnemer leert kunst in al zijn uitings-

van de regelgeving, schaalvergroting voor een

vormen kritisch benaderen en beleven en deze

rationeler beheer en meer autonomie voor de

kunstvormen ook zélf beoefenen, individueel of

inrichtende machten (schoolbesturen) door te

in groep (b.v. in een orkest, een dansgroep of een

voeren. Tegelijkertijd streeft ze naar een grotere

toneelgezelschap).

responsabilisering en het profileren van het com-

Daarnaast biedt het deeltijds kunstonderwijs aan

plementair karakter van het deeltijds kunst-

jongeren die kiezen voor een professionele artis-

onderwijs ten overstaan van het reguliere dag-

tieke loopbaan, de mogelijkheid om zich grondig

onderwijs.

voor te bereiden op het hoger kunstonderwijs. Tenslotte is het deeltijds kunstonderwijs een

•

belangrijke schakel in een kwaliteitsvol sociaal-

In Vlaanderen zijn er diverse publiek gefinancier-

cultureel leven.

de onderwijs-, opleidings- en vormingsvoorzie-

Het volwassenenonderwijs

ningen voor volwassenen. Het departement Het dko is aanvullend onderwijs dat zich richt

Onderwijs is verantwoordelijk voor een substan-

tot kinderen, jongeren en volwassenen die zich

tieel deel van dit aanbod aan deeltijds volwasse-

op vrijwillige basis inschrijven en hiervoor een

nenonderwijs.

inschrijvingsgeld betalen.

Binnen het deeltijds volwassenenonderwijs

In het deeltijds kunstonderwijs zijn er 4 verschil-

onderscheidt men 3 verschillende onderwijs-

lende studierichtingen: beeldende kunst, muziek,

vormen: het onderwijs voor sociale promotie,

woordkunst en dans. Elke studierichting heeft

begeleid individueel studeren (BIS) en de basis-

een eigen structuur met graden en opties die

educatie.

wettelijk vastgelegd zijn. Kinderen kunnen vanaf 6 jaar starten in de stu-

Met een bereik van ruim 150.000 cursisten is het

dierichting beeldende kunst. Voor de studierich-

onderwijs voor sociale promotie de belangrijkste

tingen muziek, woordkunst en dans is de begin-

poot binnen het volwassenenonderwijs.

leeftijd 8 jaar.

Het onderwijs voor sociale promotie is onderwijs

Elke studierichting bestaat uit verschillende gra-

naast of los van de initiële onderwijsloopbaan en

den: lagere graad, middelbare graad en hogere

heeft tot doel aan de cursisten kennis, vaardighe-

graad. Enkel in de studierichting beeldende

den en attitudes bij te brengen. Dit kan nuttig

kunst bestaat ook nog een specialisatiegraad. Bij

zijn voor het maatschappelijk functioneren, het

het succesvol beëindigen van elke graad ont-

deelnemen aan verder onderwijs, de uitoefening

vangt men een getuigschrift dat aangeeft welk

van een beroep of het beheersen van een taal.

niveau men bereikt heeft.

Het stelt de cursist in staat een erkend diploma, getuigschrift of certificaat te behalen.

Het deeltijds kunstonderwijs wordt aangeboden

Cursisten moeten in het verleden aan de voltijdse

in 71% van de gemeenten in Vlaanderen en het

leerplicht* voldaan hebben en naargelang de

Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Deze onderwijs-

gekozen cursus voldoen aan specifieke toela-

vorm is dus goed verspreid.

tingsvoorwaarden. De cursist betaalt een bijdrage

De sector omvat momenteel 166 instellingen,

die afhankelijk is van het aantal uren van de

waarvan 100 voor muziek, woordkunst en dans

opleiding. In bepaalde gevallen is echter vrijstel-

en 66 voor beeldende kunst. 88% van de instel-

ling mogelijk.

lingen behoort tot het stedelijk* en gemeentelijk*

Het onderwijs voor sociale promotie wordt ver-

onderwijs.

strekt door erkende en gefinancierde of gesubsi22


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 23

dieerde centra voor volwassenenonderwijs, inge-

Inhoudelijk wordt verder gewerkt aan de uit-

richt door het gemeenschapsonderwijs, steden en

bouw van de modulaire structuur.

gemeenten, provincies of door vzw’s. Momenteel

In de nabije toekomst zal in het volwassenenon-

zijn er 133 centra voor volwassenenonderwijs

derwijs een modulaire structuur operationeel

gespreid over Vlaanderen en het Brussel

worden die volledig compatibel is met de modu-

Hoofdstedelijk Gewest.

laire structuur uit het voltijds secundair onderwijs.

Het aanbod van het onderwijs voor sociale pro-

Ook het gecombi n eerd on derwijs staat op

motie is zeer divers en ruim. Het wordt georgani-

het programma. Dit is een combinatie van con-

seerd op het niveau secundair onderwijs (33 stu-

tactonderwijs en afstandsonderwijs.

diegebieden) en op het niveau van het hoger onderwijs van het korte type (8 categorieën).

Begeleid individueel studeren (bis) maakt indivi-

Men hanteert twee organisatiemodellen:

dueel studeren mogelijk. Dit type onderwijs komt

•

•

de li n eai re oplei di ngen: deze opleidin-

tegemoet aan de levenssituatie van de volwasse-

gen omvatten één of meerdere leerjaren. De

ne. De cursist moet zich niet verplaatsen: het

lessen zijn gespreid over 32 tot 40 weken in

onderwijs komt naar hem toe. Bis overbrugt

de periode van begin september tot einde

afstanden, is spreidbaar in de tijd en vooral zeer

juni;

flexibel. De cursist heeft zijn studietempo zelf

de modulai re oplei di ngen: de leerstof

volledig in handen.

wordt onderverdeeld in een aantal modules

De bis-opleiding maakt gebruik van een schrifte-

waar theorie en praktijk geïntegreerd gege-

lijke onderwijsformule, gedrukte cursussen aan-

ven worden. Een verdere opdeling in eenhe-

gevuld met het nodige didactische materiaal. Een

den stelt de cursist in staat zelf zijn/haar stu-

cursus bestaat uit een aantal lespakketten en

diepakket te bepalen. De cursist heeft op die

huistaken. De huistaken worden verbeterd door

manier de duur van zijn studie in handen.

een mentor, die waar nodig ook nog extra uitleg

Een modulaire opleiding kan over een heel

geeft.

jaar of een gedeelte ervan gespreid worden.

De tijd die nodig is om een bis-cursus af te wer-

Elk centrum voor volwassenenonderwijs is

ken is afhankelijk van verschillende factoren: het

vrij de spreiding van de opleidingen te

aantal lespakketten per cursus, het volume per

bepalen.

lespakket, de moeilijkheidsgraad van de leerstof, de studietijd waarover de cursist beschikt, …

Sinds de hervorming van 1999 (decreet van 2

Daarom bestaat er geen verplichte termijn waar-

maart 1999) moet het volwassenenonderwijs

binnen een bis-cursus moet beëindigd worden.

vlotter en accurater kunnen ingaan op de indivi-

De toegang tot deze onderwijsvorm is volledig

duele noden en de behoeften van het bedrijfsle-

vrij. Er worden geen speciale voorwaarden

ven in elke regio. Het decreet leidde reeds tot een

gesteld qua leeftijd of behaalde diploma’s. Wel

belangrijk aantal fusies van instellingen, zodat

dient er een bescheiden inschrijvingsgeld

een eerste belangrijke stap gezet is op weg naar

betaald te worden. Het bedrag is afhankelijk van

schaalvergroting. Hierdoor zullen zij zich als vol-

het aantal lespakketten waaruit de cursus is

waardige partners kunnen opstellen in relatie tot

opgebouwd. In bepaalde gevallen is echter vrij-

de andere onderwijsverstrekkers en het bedrijfs-

stelling mogelijk.

leven in de regio.

Bis omvat momenteel 7 studiegebieden: talen,

De hervorming van het onderwijs voor sociale

wiskunde, economie, administratie, informatica,

promotie had tot nu toe hoofdzakelijk betrekking

wetenschappen en techniek. Daarnaast zijn er

op het secundair niveau. Momenteel wordt

nog enkele cursussen die niet in deze studiege-

gewerkt aan de integratie van het hoger onder-

bieden kunnen ondergebracht worden.

wijs voor sociale promotie in het hogescholenonderwijs.

De laatste jaren onderging het afstandsonderwijs een ware gedaanteverwisseling waardoor deze 23


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 24

vorm van onderwijs een nieuwe dynamiek kreeg.

of professionele situaties en volwaardig te parti-

De nieuwe naam bis staat symbool voor deze

ciperen aan de huidige samenleving.

hervorming met een sterke stijging van het aantal inschrijvingen tot gevolg. Resultaten van deze

In Vlaanderen bestaan er 29 centra voor basis-

modernisering zijn:

educatie. Deze centra streven naar een breed en

• digitalisering: alle cursussen zijn nu op

gevarieerd aanbod basiseducatie met verschillen-

elektronische drager beschikbaar en worden

de programmasporen, die evenwichtig en in

in functie van de vraag en het studietempo

onderlinge samenhang worden aangeboden. Het

van de cursist automatisch via een ‘printing-

gaat om de volgende onderdelen:

on-demand’-systeem afgedrukt.

• taal- en rekenvaardigheden: het verwerven of

In de toekomst zullen een aantal cursussen

verbeteren van lees- en schrijfvaardigheden,

via het internet aangeboden worden in een

spreek- en luistervaardigheden in het

zogenaamde elektronische leeromgeving.

Nederlands als moedertaal en als tweede taal.

Dit garandeert een combinatie van interacti-

Zo spelen de centra een belangrijke rol bij het

viteit tussen aangeboden lesmateriaal en

leren van Nederlands aan allochtonen. Voor de

cursist, maar ook tussen mentor en cursist en

allochtonen bestaan er ook cursussen alfabeti-

tussen cursisten onderling. Ervaringsgericht

sering in eigen taal (Turks en Arabisch);

leren en constructivisme zijn de sleutelwoor-

• sociale kennis en vaardigheden en maatschap-

den in dit nieuw pedagogisch concept.

pelijke oriëntatie. Dit is het verwerven van

• een modern marketingbeleid: een logo en een

competenties die nodig zijn voor de verschil-

gestroomlijnde vormgeving voor het cursus-

lende rollen die men in het sociale leven

materiaal zorgen voor een herkenbaar bis-

opneemt en die elementair zijn om als redza-

beeld. Er werd een call-center geïnstalleerd

me en weerbare volwassene te functioneren;

waar de potentiële cursist via een gratis tele-

• oriëntatie en voorbereiding op verder leren,

foonnummer alle informatie over bis kan krijgen. Inschrijven kan via dit call-center maar

beroepsopleiding of werk; • activering en toeleiding. Dit zijn de activitei-

ook on-line via de website.

ten en programma’s om potentiële deelnemers te motiveren tot deelname aan de basis-

Sommige mensen hebben problemen met lezen,

educatie.

schrijven of rekenen. Of ze missen andere basisvaardigheden om het in onze veeleisende samen-

De basiseducatie bereikt momenteel ca. 18.000

leving te kunnen redden.

cursisten. Ongeveer evenveel Belgen als niet-

Via de basiseducatie kunnen zij de opgelopen

Belgen participeren in de basiseducatie. De meer-

achterstand inhalen en volwaardig aan het maat-

derheid (ca. 60%) zijn vrouwen. Vooral cursussen

schappelijk leven deelnemen. De overheid wil op

in taalvaardigheid hebben een groot succes (80%

deze manier een bijdrage leveren in het bestrij-

van het totaal aantal deelnemersuren).

den van de dualisering van de samenleving.

In tegenstelling tot het onderwijs voor sociale

De basiseducatie richt zich tot laaggeschoolde

promotie en het bis, worden de cursussen in de

volwassenen d.w.z. meerderjarigen die niet

basiseducatie gratis aangeboden.

beschikken over een getuigschrift van het lager onderwijs of een getuigschrift van de tweede graad van het secundair onderwijs. Migranten worden tot de basiseducatie toegelaten als zij ten hoogste 10 jaar onderwijs genoten hebben in het land van herkomst. Door de geringe of beperkte schoolopleiding beschikken deze mensen over onvoldoende basiskennis, - vaardigheden, - attitudes om te functioneren in persoonlijke, maatschappelijke 24


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 25

2.3.1 Centra voor leerlingenbegeleiding Het centrum voor leerlingenbegeleiding of clb is een door de overheid gefinancierde dienst waar2.3

Actuele aandachtspunten

op leerlingen, ouders, leerkrachten en schooldirecties een beroep kunnen doen voor informatie, hulp en begeleiding. Het clb bewaakt het welbevinden van de leerlingen. Het speelt ook een belangrijke rol bij de contacten tussen de leerlingen, de ouders, de school en de welzijns- en gezondheidsinstellingen. Deze gratis begeleiding steunt op 4 belangrijke pijlers: • het leren en studeren; • de schoolloopbaan; • de preventieve gezondheidszorg; • de sociaal-emotionele ontwikkeling. Bij de begeleiding staat de leerling centraal. Alles gebeurt in een sfeer van vertrouwen en dialoog. Het initiatief gaat in principe altijd uit van de vraagsteller. Een begeleiding start dus pas nadat een leerling of een ouder daartoe het initiatief neemt. Vraagt een school het clb om een leerling te begeleiden, dan zal het centrum altijd eerst de uitdrukkelijke toestemming vragen aan de ouders (voor een leerling jonger dan 14 jaar) of aan de leerling zélf (vanaf 14 jaar). De begeleiding door het clb is multidisciplinair en vooral gericht op leerlingen die leerbedreigd zijn door hun sociale achtergrond en leefsituatie. Het clb staat in voor de geheimhouding van de gegevens en werkt onafhankelijk. Begeleiding door een clb is enkel verplicht bij spijbelgedrag en sommige medische onderzoeken. Naast het medisch onderzoek doet het clb aan preventieve jeugdgezondheidszorg. Hiermee wil men de gezondheidstoestand van leerlingen bewaken, behouden of bevorderen. De samenwerking tussen school en clb wordt vastgelegd in een beleidsplan of -contract. Om de kwaliteit te waarborgen, moet een clb een kwaliteitshandboek en een kwaliteitsplan uitwerken. Een onafhankelijke clb-inspectie* kijkt toe op de uitvoering hiervan.

25


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 26

2.3.2 Communicatie

bevordert samenwerking, dialoog en actieve betrokkenheid. De bladen worden gemaakt

Bij goed onderwijs is iedereen sterk betrokken:

door een autonome redactie binnen het depar-

directies, leerkrachten, ouders én leerlingen.

tement Onderwijs. Er werken leerkrachten,

Daarom informeert het departement Onderwijs

leerlingen, opvoeders en begeleiders mee. De

elk van deze groepen op een eigen manier. We

redactie werkt samen met een breed netwerk

geven enkele voorbeelden van deze aanpak.

van andere ministeries, diensten, organisaties, specialisten, onderzoekers, adviesorganen enz.

• In folijn On derwijs: eerste aanspreek-

Klasse is een uniek communicatieproject dat

punt voor iedereen die vragen over onderwijs

ook in andere landen navolging krijgt.

heeft. De Infolijn beantwoordt de vragen zelf en waar nodig verwijst ze de vraagsteller door

• Ron des van Vlaan deren: schooldirecties

naar de juiste persoon/instantie. De dienstver-

zijn een cruciale schakel om een goed onder-

lening gebeurt hoofdzakelijk telefonisch (gra-

wijsbeleid te kunnen voeren. Daarom gaat het

tis 0800- nummer) maar veel vragen worden

departement Onderwijs minstens eenmaal

ook via e-mail, fax of brief gesteld.

per schooljaar op ‘ronde in Vlaanderen’. Per provincie zit de administratie (per onderwijs-

• Klasse: elke maand ontvangen leerkrachten,

niveau) samen met de directies: ze geeft toe-

ouders en leerlingen een gratis maandblad. De

lichting over nieuwe initiatieven/regelgeving

3 tijdschriften zijn realistisch en praktisch en

en wisselt hierover met de directies van

worden veel gelezen. De totale oplage van de

gedachten. De agenda van dergelijke rondes

bladen bedraagt meer dan 1 miljoen exempla-

wordt samen met de directies opgesteld: zij

ren per maand. Deze eigentijdse vorm van

kunnen aangeven welke topics zij besproken

overheidscommunicatie informeert elke doel-

willen zien.

groep over opvoeding en onderwijs, stimuleert actie en participatie, werkt aan vorming en

• Schooldi rect: een elektronisch communi-

preventie van probleemgedrag… Zo wordt één

catiekanaal voor directies van het leerplicht-

probleem (drugs, spijbelen, faalangst…) op het-

onderwijs. Het bestaat uit een elektronische

zelfde ogenblik in elke publicatie op een eigen

nieuwsbrief die wekelijks via e-mail naar de

manier aangepakt. Deze horizontale aanpak

directies wordt verstuurd en een website

Titel

Doelgroep

Berei k

Klasse voor leerkrachten

leerkrachten basis- en secundair onderwijs +

100 %

studenten in de lerarenopleiding

(180.000 exemplaren)

Klasse voor ouders

Maks! (Klasse voor jongeren)

Klasse voor kinderen

www.klasse.be

ouders met kinderen tussen 2,5 en 14 jaar

92 %

(basisonderwijs + eerste graad secundair onderwijs)

(670.000 exemplaren)

leerlingen tussen 14 en 18 jaar

90 %

(tweede en derde graad secundair onderwijs)

(210.000 exemplaren)

leerlingen tussen 10 en 12 jaar

verschijnt in het

(derde graad lager onderwijs)

schooljaar 2001-2002

iedereen kan via het internet de publicaties voor de andere doelgroepen lezen, het onderwijsnieuws van de dag volgen, dossiers raadplegen, deelnemen aan discussieforums, enz.

26


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 27

annex uitwisselingsforum. Zo beschikken de

Andere initiatieven die er hoofdzakelijk uit

schooldirecties over een rechtstreeks kanaal

bestaan dat scholen een beroep kunnen doen op

met de overheid: ze kunnen reageren op

extralestijden zijn de ‘gewaarborgde lestijden en

beleidsvoorstellen, suggesties doen en ze wor-

bewarende maatregelen’ in het kader van het

den snel, efficiënt en rechtstreeks geïnfor-

non-discriminatiebeleid, ‘scholen in rand- en

meerd over onderwijsnieuws dat voor hun

taalgrensgemeenten’ en het nieuwe project

functie relevant is.

‘scholen met bijzondere noden’.

•

• Studi e- en i n formati edagen

Ondersteuning

(si d-i n’s): een verantwoorde studiekeuze

Scholen die extralestijden krijgen, kunnen beroep

na het secundair onderwijs voorkomt in veel

doen op verschillende ondersteunende maatre-

gevallen ‘mislukking’ in het hoger onderwijs.

gelen. Er zijn netoverschrijdend gedetacheerde

Deze keuze begint met informatie over de

pedagogische begeleiders die de scholen begelei-

verschillende studiemogelijkheden.

den. Het steunpunt Nederlands als Tweede Taal

Daarom organiseert het departement

(nt2), het steunpunt Intercultureel Onderwijs

Onderwijs samen met de centra voor leer-

(ico) en het project Wetenschappelijke onder-

lingenbegeleiding* (clb’s) in elke provincie

steuning zorgverbreding hebben als belangrijk-

studie- en informatiedagen voor laatstejaars

ste opdrachten onderzoek, vorming en materiaal-

secundair onderwijs. Op de sid-in’s zijn de

ontwikkeling. Ze werken veelal gratis ten aan-

instellingen voor hoger onderwijs en andere

zien van de betrokken scholen. Brusselse scholen

opleidingen aanwezig zodat de jongeren een

kunnen daarbovenop nog een beroep doen op

goed overzicht krijgen van de studiemogelijk-

extra-ondersteuning bij de implementatie van

heden en de kans krijgen om vragen te stellen

onderwijsvoorrang en zorgverbreding.

aan de deskundigen van de verschillende

Tot slot zijn er een aantal projecten, gericht naar

opleidingen.

specifieke doelgroepen. Zo bestaat er voor schipperskleuters een ligplaatskleuterklas in

2.3.3 Doelgroepenbeleid

Antwerpen en probeert men een scholennetwerk op te bouwen waar deze kinderen terechtkunnen

De Vlaamse overheid schenkt bijzondere aan-

op het ogenblik dat zij meevaren met hun

dacht aan de onderwijsleerproblemen van speci-

ouders. Er zijn ook enkele scholen die bijkomende

fieke doelgroepen. Daarom ontstonden tijdens

leerkrachten hebben kunnen aanwerven voor

het laatste decennium verschillende projecten,

onderwijs specifiek voor kinderen van woonwa-

zowel binnen elk onderwijsniveau als over de

genbewoners. Een ander project in het basis-

onderwijsniveaus heen. Deze projecten verschil-

onderwijs wil interactie tussen school en buurt

len sterk van elkaar wat doelstellingen, admi-

bevorderen via het medium kunst. Binnen de

nistratief management, wijze van financieren,

vlor* wordt een leerplan voor onderwijs in eigen

begeleiden en opvolgen betreft.

taal en cultuur (oetc) verder uitgewerkt en de implementatie ervan gecoördineerd. Voor het

•

Extralestijden8

hoger onderwijs subsidieert de overheid een

8

De projecten onderwijsvoorrang (gericht naar

Opleiding Leraar Islamitische Godsdienst aan de

In het basisonderwijs

kinderen van allochtone afkomst in het basis- en

Erasmushogeschool te Brussel en werken een

spreekt men over

secundair onderwijs) en zorgverbreding (gericht

aantal lerarenopleidingen mee aan een project

‘lestijden’; in het

naar onderwijskansarme kinderen in het basis-

dat zowel de in- en doorstroom van allochtone

secundair onderwijs

onderwijs) laten aan scholen toe een beroep te

studenten wil bevorderen, als de opleiding zélf

spreekt men over

doen op extralestijden. De scholen moeten o.a.

beter wil afstemmen op de recente ontwikkelin-

‘lesuren’.

aantonen dat zij in voldoende mate de beoogde

gen in het onderwijsveld qua onderwijsvoorrang

doelgroep bereiken en moeten een aanwendings-

en zorgverbreding.

plan laten goedkeuren waarin zij beschrijven hoe

Voor minderjarige anderstalige nieuwkomers

zij de lestijden willen aanwenden.

worden zowel in het basis- als secundair onder27


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 28

wijs onthaalklassen ingericht waar het snel ver-

• Om scholen verder bij de invoering van ict te

werven van voldoende vaardigheden in het

ondersteunen, werden diverse projecten opge-

Nederlands centraal staat om zo te kunnen aan-

start. De publicatie van een ict-stappenplan

sluiten bij een regulier onderwijstraject. De cen-

moet scholen toelaten een eigen beleid rond

tra voor volwassenenonderwijs en de centra voor

ict uit te werken. Verder werden databanken

basiseducatie organiseren cursussen Nederlands

ontwikkeld met beschrijvingen van Neder-

als Tweede Taal voor respectievelijk hoger en

landstalige educatieve software. Via het pro-

lager geschoolde volwassen anderstaligen.

ject ‘Virtuele school’ werden de mogelijkheden

Binnen het begeleid individueel studeren (BIS),

van online leermiddelen verkend.

werden eveneens recent schriftelijke cursussen

• In de eerste plaats moeten de leerkrachten van de meerwaarde van ict-gebruik overtuigd

nt2 opgestart.

worden. Voorts wordt van hen verwacht dat 2.3.4 Informatie- en communicatie-

zij voldoende ict-geletterd zijn om die ver-

technologie (ict)

nieuwingen in hun lespraktijk te integreren. Het beleid dient qua vorming dan ook op

Sinds 1996 voert de Vlaamse overheid een stimu-

2 vlakken tegelijk te werken. Eerst en vooral is

leringsbeleid inzake ict in het onderwijs. Aan de

er de opleiding van de volgende generatie

hand van informatie- en sensibiliseringscampag-

leerkrachten. Aandacht voor ict-implementa-

nes, nascholing, subsidiëring van infrastructuur

tie in de lerarenopleiding is een beleidsprio-

en projectfinanciering wil ze scholen ertoe aan-

riteit op korte en middellange termijn. Ten

zetten ict in hun concrete lespraktijk te integre-

tweede dient er ook gewerkt te worden met de

ren. De klemtoon ligt hierbij op het pedagogisch

huidige generatie leerkrachten via nascholing.

gebruik van de nieuwe media. Daarom wordt

Momenteel zijn 5 regionale expertisenetwer-

bewust niet geopteerd voor aparte vakken.

ken actief die een inhaalbeweging moeten

Leerlingen leren wat ict is en hoe ze ermee moe-

realiseren inzake ict-nascholing op pedago-

ten omgaan terwijl ze de leerstof in de diverse vakken en leergebieden verwerven.

gisch, technisch en organisatorisch vlak. • De Europese landen kennen gelijkaardige behoeften en problemen op vlak van de in-

Het stimuleringsbeleid berust op 5 pijlers:

voering van nieuwe media in hun onderwijs.

• Het voorzien van de nodige aangepaste basis-

De oprichting van een internationaal gemeen-

infrastructuur: het actieprogramma pc/kd,

schappelijk platform waar ervaringen kunnen

waarbij subsidies ter beschikking worden

worden uitgewisseld en gezamenlijke initia-

gesteld om de nodige hard- en software en

tieven uitgewerkt, was dan ook geen overbodi-

nascholing aan te kopen, zorgt ervoor dat de

ge luxe. In september 1998 werd het European

Vlaamse scholen over een moderne basisinfra-

Schoolnet opgericht, dat een kader vormt voor

structuur beschikken. De oorspronkelijke doel-

netwerking en voor de uitwisseling van infor-

stelling van pc/kd bestond erin tegen 2002

matie en projecten.

over 1 pc per tien leerlingen te beschikken in

Maar internationale samenwerking kan ook

de 3 hoogste jaren van het lager onderwijs en

op andere vlakken belangrijk zijn. Educatieve

het hele secundair onderwijs. Door de doel-

software bijvoorbeeld is sterk taalgebonden.

9

groep intussen uit te breiden naar het volledi-

In het kader van de gent9-akkoorden is er op

GENT: Gehele

ge lager onderwijs en kleuteronderwijs (voor

Europese Nederlandse

kinderen vanaf 4 jaar) zal deze doelstelling

Taalgebied.

pas later bereikt worden. De federale Telecom-

met wetenschappelijk onderzoek en moet ver-

wet zorgde er bovendien voor dat scholen de

der regelmatig geëvalueerd worden. In decem-

kans kregen om op een goedkope wijze via

ber 2000 vond in dit verband een driedaags

isdn-technologie op het internet aangesloten

ict-forum plaats, waar leerkrachten, directies,

te worden.

jeugdwerk, bedrijfsleven en beleidsmakers het

dit vlak nauwe samenwerking met Nederland. • Het ict-beleid dient onderbouwd te worden

ict-beleid onder de loupe namen. N.a.v. dit 28


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 29

forum zal een nieuw beleidsplan ontwikkeld

• Op initiatief van de Europese Unie loopt tot

worden waarin nieuwe accenten worden ge-

2006 het tweede programma van Socrates,

legd zoals uitbreiding van de infrastructuurpro-

dat verschillende actiegebieden omvat, waar-

gramma’s, optimalisering van het ict-gebruik,

onder Erasmus, Comenius, Lingua, … Het

aandacht voor veilig internetgebruik, de crea-

ondersteunt acties op het domein van uitwis-

tie van een nieuwe educatieve portaalsite, …

seling van personen, van informatie en ervaringen in verband met het onderwijssysteem

2.3.5 Internationalisering

en het onderwijsbeleid. • Het Leonardo da Vi nci-programma

Deelname aan internationale programma’s is

beoogt de ontwikkeling van de Europese

voor het onderwijs in Vlaanderen reeds lange tijd

dimensie in het beroeps- en technisch onder-

een belangrijke zaak. We onderscheiden 2 soor-

wijs en de verbetering van de kwaliteit, het

ten programma’s: enerzijds de samenwerking

innoverend vermogen en de toegankelijkheid

met andere landen onder een bilaterale of een

van de beroepsopleidingsystemen en

multilaterale vorm en anderzijds de participatie

-voorzieningen in de participerende landen.

aan de onderwijs- en opleidingsprogramma’s van

Binnen dit programma worden transnationale

de Europese Unie.

partnersschapprojecten, uitwisselingen, onderzoeken en analyses gesubsidieerd.

Een voorbeeld van bilaterale samenwerking is het Klavertje Dri eprogramma, dat, in

In het kader van de Raad van Europa neemt het

samenwerking met het Prins Filipfonds, de uit-

departement Onderwijs deel aan de activiteiten

wisseling van leerlingen in basis- en secundaire

van het ‘Comité Directeur pour la Coopération

scholen uit de drie gemeenschappen van België

Culturelle’ en de daaronder ressorterende subco-

ondersteunt.

mités voor onderwijs. De aandacht gaat vooral naar projecten rond mensenrechten, democratie en tolerantie.

Via de gent-akkoorden (1990) werkt Vlaanderen op onderwijskundig vlak nauw samen met Nederland door onder meer semina-

In de oeso is het departement Onderwijs ver-

ries in te richten en samenwerking tussen onder-

tegenwoordigd in het ‘Education Committee’, het

wijsinstellingen te stimuleren. In 1995 is het pro-

‘Institution for Management of Higher

ject Grensoversch rijden de On derwijs-

Education’ en het ‘Centre for Educational

samenwerki ng (gros) met Nederland opge-

Research and Innovation’, waarbij aan verschil-

start voor het basis- en secundair onderwijs,

lende projecten rond onderwijsindicatoren en

waarin voorzien wordt in de uitwisseling van

levenslang leren* wordt deelgenomen.

klassen. Sinds 1999 werd gros voor het basisonderwijs opgenomen in het bredere

In het kader van de Unesco wordt er

Buurlan den belei d.

deelgenomen aan verschillende internationale congressen. Zo wordt er gewerkt

Verder is er ook bilaterale samenwerking moge-

aan de follow-up van het Wereldcongres

lijk in het kader van culturele akkoorden

voor het Hoger Onderwijs (Parijs, 1998)

en samenwerkingsakkoorden. Op dit ogenblik

en aan deze van het ‘Education for all’-

lopen er ongeveer 40 dergelijke akkoorden. Ze

Congres (Dakar 2000).

kunnen betrekking hebben op alle onderwijsniveaus en onder meer specialisatie- en onderzoeksbeurzen en uitwisseling van experts, ambtenaren of hoogleraren omvatten. In de Europese Unie zijn er twee specifieke onderwijs- en opleidingsprogramma’s: Socrates en Leonardo Da Vinci. 29


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 30

2.3.6 Kwaliteitsbewaking en -bevordering

De kerntaken van de inspectie zijn: • controle van de onderwijskwaliteit;

•

Kwaliteitszorg in het basis-, secundair, deel-

• erkenning van onderwijsinstellingen en clb’s.

tijds kunstonderwijs, volwassenenonderwijs

Om deze kerntaken te realiseren, onderzoekt zij

en de clb’s*

of de eindtermen en ontwikkelingsdoelen effec-

Kwaliteitsbewaking en -bevordering in het

tief gerealiseerd worden en of de andere orga-

Vlaamse onderwijs steunt op 3 pijlers:

nieke verplichtingen correct worden nageleefd

• de eindtermen: een duidelijk maatschappelijk

(b.v. het volgen van een minimumlesrooster).

verankerd referentiekader voor kwaliteit; • de inspectie: een professioneel extern toezichtsapparaat; • de pedagogische begeleiding: professionele interne ondersteuning.

Dit doet zij aan de hand van een ‘schooldoorlichting’ of ‘centrumdoorlichting’ (voor clb’s en volwassenenonderwijs). Bij een doorlichting treedt de inspectie als team op en licht ze in één keer de werking van de hele school/centrum door. Alle instellingen worden in

Met de ei n dtermen geeft de Vlaamse

principe eens om de 6 jaar doorgelicht. De door-

Gemeenschap duidelijk aan welke verwachtin-

lichting gebeurt aan de hand van het cipo-

10

gen zij minimaal heeft ten opzichte van het

instrument10, telkens aangepast per onderwijsni-

CIPO: Context - Input -

basis- en secundair onderwijs. Op die manier kan

veau. Dankzij dit instrument slagen de inspectie-

Proces - Output.

ze haar inwoners een kwalitatief onderwijs

teams erin een vrij genuanceerd beeld te krijgen

garanderen.

van de sterke en zwakke punten van een

Eindtermen zijn minimumdoelstellingen die de

school/centrum. De resultaten worden gepubli-

meerderheid van de leerlingen van een bepaald

ceerd in een verslag dat openbaar is.

studieniveau en -richting moeten nastreven en

Na de doorlichting geeft de inspectie een advies

bereiken. Concreet gaat het over kwaliteiten

aan de minister in verband met de verdere

inzake kennis, inzicht, attitudes en vaardigheden.

erkenning van de instelling. Regelmatig gaat het

Er bestaan zowel vakgebonden als vakoverschrij-

om een erkenning onder bepaalde voorwaarden,

dende eindtermen.

waardoor scholen/centra gestimuleerd worden in

Voor het kleuteronderwijs, het buitengewoon

hun groei naar kwaliteit.

onderwijs en het eerste leerjaar b (secundair

Jaarlijks rapporteert de inspectie haar bevindin-

onderwijs) spreken we niet over eindtermen,

gen in een uitgebreid verslag (Onderwijsspiegel)

maar over ontwi kkeli ngsdoelen. Dit zijn

aan het Vlaams Parlement, zodat de kwaliteits-

vaardigheden die een school moet nastreven,

evaluaties door het beleid kunnen opgevolgd

maar niet noodzakelijk moet bereiken.

worden.

Elke inrichtende macht* of schoolbestuur moet de eindtermen en ontwikkelingsdoelen in leer-

Elk onderwijsnet beschikt over eigen pedago-

plannen verwerken. Een leerplan bevat een

gisch e begelei ders. Op vraag van de scholen

systematische inventaris van de doelstellingen

staan zij in voor pedagogische en methodologi-

en inhouden die men in een vak of leergebied

sche begeleiding (innovatieprojecten, zelfevalua-

wenst te bereiken en beschrijft de hiertoe aange-

tieprojecten, ondersteuningsinitiatieven).

wende pedagogische methode.

Jaarlijks dienen zij een rapport en begeleidingsplan in om zich ten opzichte van de overheid te

De i nspecti e van de Vlaamse Gemeenschap

verantwoorden.

bestaat uit 5 inspectiekorpsen: • de onderwijsinspectie met een inspectie voor

•

Kwaliteitszorg in het hoger onderwijs

het basisonderwijs, het secundair onderwijs,

In het hele hoger onderwijs bestaat één systeem

het deeltijds kunstonderwijs en het volwasse-

van (interne en externe) kwaliteitszorg. De klem-

nenonderwijs;

toon ligt hierbij op de gezamenlijke zorg die de

• de inspectie voor de centra voor leerlingenbegeleiding.

instellingen moeten dragen voor de externe kwaliteitsbeoordeling van hun onderwijsactiviteiten. 30


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 31

Concreet betekent dit dat hogescholen en univer-

larisering* van het onderwijs op alle niveaus.

siteiten moeten samenwerken via gezamenlijke

De centra voor volwassenenonderwijs staan in

visitatiecommissies. De vlhora* en vlir* spelen

voor de concrete invulling van de mogelijkheid

een belangrijke rol in de coördinatie van deze

tot levenslang leren voor volwassenen. Het decre-

visitatiecommissies.

tale kader creëert voor de centra de mogelijkheid

De overheid beschikt eveneens over de mogelijk-

om vlot en adequaat te beantwoorden aan de

heid om visitaties te organiseren, maar zij

voortdurend veranderende opleidingsbehoeften

beperkt zich in essentie tot een meta-evaluatie.

van het individu en van de arbeidsmarkt. Het onderwijs voor sociale promotie is momenteel op

Het voorwerp van de kwaliteitsbeoordeling in

transparante wijze gestructureerd en het sluit

het hoger onderwijs is de opleiding, zowel de

aan bij het secundair onderwijs. Op korte termijn

basisopleiding als de voortgezette opleiding. Dit

wordt onderzocht hoe de aantrekkingskracht van

is nieuw voor de hogescholen, maar een traditie

het volwassenenonderwijs voor bekwame en

voor de universiteiten. Ook een cluster van ver-

ervaren leerkrachten kan vergroot worden.

wante basisopleidingen of voortgezette opleidin-

Ook de modernisering van het BIS die moet uit-

gen kan het voorwerp van een kwaliteitsbeoor-

monden in een volwaardig elektronisch leerplat-

deling vormen. In de toekomst kunnen ook ver-

form is een belangrijk element in het faciliteren

wante opleidingen in hogescholen en univer-

van levenslang leren voor volwassenen. Het ont-

siteiten gezamenlijk gevisiteerd worden. Om de

wikkelen van gecombineerd onderwijs in de cen-

gezamenlijkheid en doelmatigheid van de kwali-

tra voor volwassenenonderwijs past eveneens in

teitsbeoordeling maximaal te garanderen,

dit kader.

bepaalt het decreet dat de beoordeling van een zelfde (cluster van) opleiding(en) door dezelfde

Het aanbod van het volwassenenonderwijs moet

visitatiecommissie moet gebeuren binnen de

duidelijk worden gesitueerd ten overstaan van

24 maanden, met inbegrip van het openbaar

het aanbod van de opleidingen en vorming van

rapport.

de Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding (vdab) en van het Vlaams

2.3.7 Levenslang leren

Instituut voor Zelfstandig Ondernemen (vizo). Bepaalde opleidingen verstrekt door het departe-

Leren is een proces dat de hele levensloop

ment Onderwijs, de vdab en het vizo zijn nauw

omspant. Leergierigheid kan door de overheid

met elkaar verbonden waardoor samenwerking

gestimuleerd worden door van het basis- tot en

zich opdringt.

met het hoger onderwijs leerinhouden en lessitu-

Om de reeds lang gewenste en noodzakelijke

aties aan te bieden die de vaardigheden om een

coördinatie van het educatieve aanbod voor vol-

leven lang te leren aanscherpen en bruikbaar

wassenen effectief te kunnen realiseren, werden

maken naar de toekomst toe. Zelfgestuurd leren

13 Edufora opgericht. De Edufora begeleiden per

en probleemoplossend denken zijn vaardigheden

subregio het noodzakelijke overleg, de behoefte-

die in de basisvorming van elke jongere moeten

verkenning en de planmatige uitbouw van het

voorkomen. Dit vereist uitdagende eindtermen*,

vormingsaanbod. Om de cursist een verantwoor-

soms vakoverschrijdend, en basiscompetenties.

de keuze te laten maken, zal het aanbod van

Belangrijk in dit opzicht is dat jongeren de infor-

bestaande volwasseneneducatie in kaart

matie- en communicatietechnologie* gericht

gebracht worden via een geïnformatiseerde

leren gebruiken in hun zoektocht naar informa-

bewegwijzering.

tie en kennis en om zelf informatie te verspreiden en uit te wisselen. Om een positieve attitude

In het kader van levenslang leren wordt in

ten opzichte van het levenslang leren te verkrij-

Vlaanderen de nodige aandacht besteed aan de

gen en te behouden is de opbouw van tussentijd-

certificering van opleidingen. Een actieplan voor

se succesbelevingen een must. Daarom wordt

een betere coördinatie van de certificering van

concrete aandacht besteed aan de verdere modu-

opleidingen bij vdab, vizo, osp en basiseducatie

31


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 32

is in de maak. Volwassenen kunnen ook leererva-

ganiseerd, los van graden of leerjaren. Per beëin-

ringen opdoen en competenties ontwikkelen bui-

digde module krijgt de student een door de over-

ten deze formele opleidingsstelsels, onder andere

heid erkend (deel)certificaat. Elke afgewerkte

via concrete werkervaring. In de toekomst moe-

module biedt de mogelijkheid in te treden op de

ten ook deze ‘elders verworven competenties’

arbeidsmarkt of verder te gaan met de opleiding.

kunnen gevaloriseerd worden. Dit streefdoel wordt gekaderd in een Europees perspectief.

In het secundair onderwijs richt het experiment

Met ingang van september 2002 worden de

modularisering zich in de eerste plaats naar

opleidingen van het huidige hoger onderwijs

beroepsopleidingen met een duidelijke finaliteit

voor sociale promotie (hoktsp) geïntegreerd in

(kwalificatie praktisch) en eindtermen* en basis-

het hoger onderwijs, hetgeen de waarde van de

competenties die rekening houden met deze

studiebewijzen ten goede zal komen. De hoge-

finaliteit. Met de uitwerking van modulaire

scholen hebben immers als opdracht op hun

beroepsopleidingen verdwijnen de beschotten

niveau te fungeren als leercentra voor perma-

tussen de onderwijsvormen. Dit betekent dat zij

nent leren. Hun taak bestaat erin volwassenen

identiek zijn voor alle onderwijsvormen en zelfs

een basisopleiding onder aangepaste vorm aan

voor alle onderwijsverstrekkers. Het is duidelijk

te bieden en permanent bij- en omscholing

dat er een verschil zal zijn qua pedagogische aan-

mogelijk te maken. Door de geplande integratie

pak en duurtijd. Om ‘het watervaleffect’ tegen te

zullen de hogescholen deze opdracht beter kun-

gaan, wordt geen topdown benadering, maar een

nen waarmaken.

bottom-up strategie aangewend. Dit houdt enerzijds het inbouwen van een getrapt succes-

Een evaluatieonderzoek naar aanleiding van 10

systeem in d.m.v. step by step learning, waarbij

jaar basiseducatie in Vlaanderen bestudeert de

lerenden kunnen doorgroeien naar het hoogst

realisatie van de beleidsdoelstellingen, het bereik

haalbare niveau. Anderzijds houdt dit een stre-

van de doelgroepen, de effectiviteit van het edu-

ven naar een betere oriëntering aan de basis in

catieve aanbod en de doelmatigheid van de

(= na de eerste graad) door een meer adequate

bestuurlijke organisatie. In het kader van de

invulling van het opleidingenaanbod. Dit leidt

functionele geletterdheid van de Vlaamse bevol-

dan weer tot de nodige transparantie en een

king wordt momenteel een specifiek beleidsplan

flexibele afstemming op de arbeidsmarkt.

voor de basiseducatie uitgewerkt. Binnen het geheel van het volwassenenonder-

Het experiment modularisering pleit voor dis-

wijs gaat in het multiculturele Vlaanderen bij-

continuïteit tussen eerste en tweede graad en

zondere aandacht naar het onderwijs in

continuïteit via vergaande integratie van tweede

Nederlands tweede taal. Zowel basiseducatie,

en derde graad met het oog op tussentijdse

osp als bis zijn ingeschakeld om een behoefte-

succeservaringen en een doorzichtig onderwijs-

dekkend aanbod Nederlands als tweede taal te

aanbod. Bovendien komt men door deze aanpak

realiseren. Via bijkomende middelen wordt

inhoudelijk tegemoet aan de aanbeveling voor

getracht de wachtlijsten progressief weg te wer-

grotere gemeenschappelijkheid in de tweede

ken, te beginnen bij basiseducatie. Deze midde-

graad, door aan de basis van de leertrajecten

len worden eveneens benut om de kwaliteit van

modules op te nemen die gemeenschappelijk zijn

het aanbod te verbeteren.

voor verschillende opleidingen.

2.3.8 Modularisering

Een modulaire opbouw maakt het mogelijk om de tussentijdse succeservaringen van de lerenden

Modularisering - momenteel nog in een experi-

om te zetten in (deel)certificaten waarbij zij ‘op

mentele fase - heeft tot doel een opleiding in te

elk moment’ gecertificeerd op de arbeidsmarkt

delen in welomlijnde gehelen of modules m.b.t.

terechtkunnen. Zo wordt tegemoet gekomen aan

kennis, vaardigheden en attitudes.

de beleidsvisie om de ongekwalificeerde uit-

Modulair onderwijs wordt per studiegebied geor-

stroom tegen te gaan in functie van het civiel 32


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 33

effect en om bij lerenden succeservaring te sti-

De Vlaamse i nterun iversitai re raad

muleren. Dit laatste geeft niet alleen een impuls

(vlir) adviseert en doet voorstellen aan de

tot een leven lang leren*, het draagt bovendien

minister met betrekking tot het universitair

ook bij tot een attitudevorming tot een leven

onderwijs. De vlir doet zelf aan onderzoek of

lang leren.

besteedt onderzoek uit.

Het is een wezenlijke opdracht van onderwijs om

Elke universiteit is in deze raad door maximaal

naast de beroepsgerichte component, de nodige

2 personen vertegenwoordigd.

aandacht te besteden aan de maatschappelijke

De Vlaamse hogescholen raad (vlhora)

component.

heeft een analoge taak als de vlir, maar dan voor

In het experiment modularisering zullen elemen-

het hogeschoolonderwijs.

ten van algemene vorming zoveel mogelijk worden geïntegreerd in de beroepsgerichte context.

Sterke lokale structuren zijn noodzakelijk om de

Alle lerenden worden in staat gesteld om naast

grote autonomie* en de verantwoordelijkheid

de beroepsgerichte certificering een diploma

voor de onderwijsinstellingen te kunnen dragen.

secundair onderwijs te behalen.

Voor het gemeenschapsonderwijs* wordt op het lokale vlak de participatie van alle onderwijsbe-

2.3.9 Participatie

trokkenen geregeld via de schoolraden (advies- en overlegorganen).

Zowel op het centrale als op het lokale vlak wer-

Deze schoolraden hebben een algemeen informa-

den wettelijke initiatieven genomen om de parti-

tierecht en een welomschreven advies- en over-

cipatie in het onderwijsveld te stimuleren. We

legbevoegdheid. Ze bestaan uit:

geven een overzicht.

• 3 leden rechtstreeks verkozen door de ouders; • 2 leden gecoöpteerd uit de lokale sociale,

Op het centrale vlak functioneert sedert 1991

economische en culturele milieus;

de Vlaamse on derwijsraad (vlor). De

• 3 leden rechtstreeks verkozen door en

Vlaamse Onderwijsraad kan op eigen initiatief,

uit het personeel.

op vraag van de minister van Onderwijs of de

De directeur woont de vergaderingen van de

Vlaamse regering studies uitvoeren, overleg ple-

schoolraad bij met een raadgevende stem.

gen en advies geven inzake onderwijsmateries.

Voor het secundair onderwijs worden de leerlin-

De vlor adviseert alle ontwerpdecreten en

gen bij de werking van de schoolraad betrokken.

beleidsteksten in verband met onderwijs.

Daartoe kan een leerlingenraad worden op-

De Vlaamse Onderwijsraad omvat een algemene

gericht.

raad en een aantal afzonderlijke raden per onder-

Per scholengroep is er in het gemeenschaps-

wijsniveau en onderwijsvorm. De algemene raad

onderwijs een raad van bestuur waarin eveneens

is samengesteld uit vertegenwoordigers van:

ouders, personeel, directie en de lokale sociale,

• de inrichtende machten*;

economische en culturele milieus vertegenwoor-

• het onderwijspersoneel en de centra voor leer-

digd zijn. Zij beslissen mee over het materiële en

lingenbegeleiding*;

financiële beheer van een school zowel op onder-

• de representatieve ouderverenigingen*;

wijskundig als op personeelsvlak.

• de economische en sociale organisaties, voor-

Voor het gesubsidieerd onderwijs* wordt

gedragen door de sociaal-economische raad

inspraak en overleg gerealiseerd via de werking

van Vlaanderen (serv);

van de partici pati eraden.

• deskundigen (ambtenaren van het departe-

Ze zijn samengesteld uit een gelijk aantal:

ment Onderwijs en deskundigen voorgedra-

• vertegenwoordigers van de inrichtende macht;

gen door de universiteiten). Om de inspraak van de jongeren te bevorderen

• verkozen vertegenwoordigers van de ouders;

werden de Vereniging van Vlaamse Studenten

• vertegenwoordigers verkozen door de gesubsi-

(vvs) en de Vlaamse Scholierenkoepel (vsk)

dieerde personeelsleden van de betrokken

opgenomen in de vlor.

onderwijsinstelling(en); 33


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 34

• vertegenwoordigers van de lokale gemeen-

Om het lerarentekort op korte termijn terug op

schap gecoöpteerd door de bovengenoemde

peil te brengen, werden sinds september 2000

geledingen.

een aantal nieuwigheden ingevoerd:

Zij hebben een ruime adviesbevoegdheid en een

• voortaan is het voor leraren aantrekkelijker

welomschreven overlegbevoegdheid t.a.v. het

om overuren te presteren; er geldt ook een

schoolbeleid.

soepeler regeling om tijdelijk uit een verlof of pensioen terug te keren in actieve dienst;

De verschillende actoren op school organiseren

• de vervangi ngspool creëert een beter sta-

ook vaak apart informele comités en raden.

tuut voor de interimaire leraren: de pool biedt

In de meeste basis- en secundaire scholen groe-

hen zekerheid van werk en inkomen, in ruil

peren ouders zich in een ouderveren igi ng

voor een regionale inzetbaarheid in vervan-

die op vrijwillige basis schoolgebonden activitei-

gingen van afwezige collega’s.

ten organiseren, meestal van lucratieve aard.

Wegens de enorme krapte op de arbeidsmarkt

Om de competentie van ouders inzake het

zijn onlangs nog bijkomende maatregelen geno-

schoolbeleid aan te scherpen, subsidieert de over-

men die ingaan vanaf september 2001:

heid centra die ouderverenigingen ondersteunen

• bijkomende ondersteuning bieden aan leer-

en vorming aanbieden.

krachten en directies vanuit beroepssegmenten die nog over voldoende arbeidsreserves

Een secundaire school is vanaf 1 januari 2000

beschikken. Zo zullen er kinderverzorgsters in

verplicht een leerli ngen raad op te richten

het kleuteronderwijs worden ingezet en zal de

als een derde van haar leerlingen dat vraagt. De

administratieve omkadering in het basis-

raad heeft een adviserende bevoegdheid voor alle aangelegenheden die de scholieren rechtstreeks

onderwijs worden versterkt; • studenten stimuleren om te kiezen voor een

aangaan. Hij moet van de directeur alle nodige

lerarenopleiding via een wervingscampagne

informatie en infrastructurele en administratie-

in de media;

ve ondersteuning krijgen. Er werd een Steunpunt

• een premie aan leerkrachten geven die in

11

voor leerlingenparticipatie opgericht om leerlin-

Brussel werken11 en slagen in een taal-

Het lerarentekort is

gen en begeleiders te sensibiliseren en te onder-

het grootst in Brussel.

steunen via vorming.

examen; • langere, aaneensluitende stageperiodes introduceren (2 maanden) voor laatstejaarsstuden-

In al de bestuursorganen van de Vlaamse hoge-

ten in de lerarenopleiding. Het pedagogische

scholen en universiteiten zijn zowel de perso-

doel van de lerarenopleiding blijft echter prio-

neelsleden als de studenten vertegenwoordigd.

ritair;

Studenten aan de hogescholen en de universitei-

• formules uitwerken om (werkloze en werken-

ten hebben ook een eigen raad. Deze raden wor-

de) kleuteronderwijzers en regenten lichame-

den democratisch verkozen. Zij worden geraad-

lijke opvoeding bij te scholen tot onderwijzer.

pleegd en brengen advies uit over alle aangelegenheden die hen aanbelangen (onderwijs- en

Om van het lerarenberoep op middellange

examenregeling en evaluatie…).

termijn opnieuw een aantrekkelijke en gewaardeerde functie te maken, werd een

2.3.10 Waardering van de leerkracht

coherent en omvattend actieplan opgestart, met diverse beleidsprojecten:

De scholen van het Vlaamse onderwijs kijken

• in 2000 startten de visitaties van de leraren-

aan tegen een groeiend tekort aan leraren.

opleidingen. Zowel de gebruikers van de lera-

De Vlaamse overheid wil dat scholen op middel-

renopleidingen, de afnemers en aanbieders

lange termijn kunnen beschikken over voldoen-

ervan, evenals andere deskundigen zijn

de bekwame en gemotiveerde leerkrachten.

betrokken partij. De resultaten van deze evaluatie zullen medio 2001 bekend zijn en richting

34


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 35

geven aan de herziening van de initiële opleidingen en de nascholing; • in 2000 kon de overheid één cao (v) afsluiten. Zij voerde onderhandelingen over een volgende overeenkomst. Cao v legt de nadruk op het verbeteren van de arbeidsomstandigheden van het onderwijspersoneel en bevat voornamelijk investeringen om het werkcomfort te verhogen via bijkomende omkadering en vermindering van de planlast; • de besprekingen in 2001 resulteerden in een cao vi die geldig is voor 2001 en 2002. Cao vi bevat naast een algemene loonsverhoging voor alle leerkrachten een belangrijke verlaging van de werkdruk. Daarnaast worden een aantal belangrijke maatregelen genomen om het tekort aan leerkrachten terug te dringen. Omtrent de loonvoorwaarden heeft de overheid een studie besteld die de onderwijssalarissen in Vlaanderen vergelijkt met de salarissen in andere sectoren en in andere landen en richting geeft aan een nieuw verloningsbeleid voor de Vlaamse leerkrachten; • een professionele schoolleiding: de rechtspositiedecreten zullen worden aangepast zodat scholen over alle ruimte, instrumenten en capaciteiten beschikken om hun rol als werkgever zo goed mogelijk te kunnen vervullen en een personeelsbeleid te voeren dat leerkrachten ontwikkelt en stuurt, coacht en waardeert; • omtrent het actieplan voor de waardering van de leerkracht, heeft de minister een breed maatschappelijk debat geïnitieerd. Het leraarschap stond in 2000 op de agenda tijdens hoorzittingen in de onderwijscommissie van het Vlaams parlement. Het is de intentie van de minister om ook de brede samenleving in dit debat te betrekken. Aanvullend heeft zij een aantal wetenschappelijke onderzoeken besteld om dit debat te ondersteunen. Het maatschappelijk debat en de evaluatie van de lerarenopleiding zullen uitmonden in een globaal concept over het leraarschap met daaraan gekoppelde beleidsvoorstellen.

35


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 36

Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap Departement Onderwijs website www.ond.vlaanderen.be 2.4

Nuttige adressen

Administratie Basisonderwijs Koning Albert II-laan 15 - 4de verdieping 1210 Brussel tel +32 2 553 93 76 fax +32 2 553 93 75 e-mail scholen.basisonderwijs@vlaanderen.be Administratie Secundair Onderwijs Koning Albert II-laan 15 - 2de en 3de verdieping 1210 Brussel tel +32 2 553 89 01 fax +32 2 553 89 05 e-mail scholen.secundaironderwijs@vlaanderen.be Administratie Hoger Onderwijs en Wetenschappelijk Onderzoek Koning Albert II-laan 15 Toren A 6de en 7de verdieping 1210 Brussel tel +32 2 553 98 32 fax +32 2 553 98 35 e-mail hogescholen@vlaanderen.be universiteiten@vlaanderen.be Administratie Permanente Vorming Koning Albert II-laan 15 Toren C 6de en 7de verdieping 1210 Brussel tel +32 2 553 98 61 fax +32 2 553 98 65 e-mail deeltijdskunstonderwijs@vlaanderen.be volwassenenonderwijs@vlaanderen.be Afdeling Begroting en Gegevensbeheer Koning Albert II-laan 15 1210 Brussel tel +32 2 553 95 46 fax +32 2 553 95 45 e-mail begrotingengegevensbeheer@ond.vlaanderen.be

36


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 37

Afdeling Beleidscoördinatie

Inspectie-generaal Basisonderwijs

Koning Albert II-laan 15

Koning Albert II-laan 15

1210 Brussel

1210 Brussel

tel +32 2 553 95 64

tel + 32 2 553 94 74

fax +32 2 553 95 65

fax + 32 2 553 94 15

e-mail beleid@ond.vlaanderen.be

e-mail inspectie.basisonderwijs@vlaanderen.be

Cel CLB Koning Albert II-laan 15

Inspectie-generaal Secundair Onderwijs

1210 Brussel

Koning Albert II-laan 15

tel + 32 2 553 86 94

1210 Brussel

fax + 32 2 553 86 85

tel + 32 2 553 88 62

e-mail clb@vlaanderen.be

fax + 32 2 553 88 75 e-mail inspectie.secundaironderwijs@vlaanderen.be

Afdeling Informatie en Documentatie Onderwijs Koning Albert II-laan 15

Dienst voor Onderwijsontwikkeling -

1210 Brussel

Informatiecel

tel +32 2 553 96 52

Koning Albert II-laan 15

fax +32 2 553 96 55

1210 Brussel

e-mail

tel + 32 2 553 88 29

www.ond.vlaanderen.be/infolijn

fax + 32 2 553 88 35

onderwijspublicaties@vlaanderen.be

e-mail dvo.ice@ond.vlaanderen.be

Afdeling Studietoelagen

Klasse

Koning Albert II-laan 15

Koning Albert II-laan 15

1210 Brussel

1210 Brussel

tel + 32 2 553 86 64

tel +32 2 553 96 94

fax + 32 2 553 86 65

fax +32 2 553 96 85

e-mail studietoelagen@vlaanderen.be

e-mail info@klasse.be

Dienst Beroepsopleiding Koningstraat 93 bus 3 1000 Brussel tel + 32 2 227 14 11

Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en

fax + 32 2 227 14 00

Beroepsopleiding (VDAB)

e-mail dbo@vlaanderen.be

Keizerslaan 11, 1000 Brussel tel + 32 2 506 15 11 fax + 32 2 511 29 60 e-mail info@vdab.be

Coördinerend Inpecteur-generaal Koning Albert II-laan 15 1210 Brussel tel + 32 2 553 88 06 fax + 32 2 553 88 05

Vlaams Instituut voor het Zelfstandig

e-mail onderwijsinspectie@vlaanderen.be

Ondernemen (VIZO) Kanselarijstraat 19, 1000 Brussel tel + 32 2 227 63 93 fax + 32 2 217 46 12 e-mail info@vizo.be

37


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 38

•

Beleidsnota 2000-2004. Onderwijs en Vorming, Marleen Vanderpoorten, 2000.

•

Gids voor ouders met kinderen in het basisonderwijs, Ministerie van de Vlaamse

Bibliografie

Gemeenschap, departement Onderwijs, 2000. •

Het onderwijs in Vlaanderen, Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, departement Onderwijs, 1997.

•

Het onderwijs in Vlaanderen. Conferentietekst van de Inspectie Secundair Onderwijs, Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, Inspectie Secundair Onderwijs, 1999.

•

Het Vlaams Onderwijs in beeld. 1999-2000, Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, departement Onderwijs, 2000.

•

Vlaams Onderwijs in cijfers. 1999-2000, Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, departement Onderwijs, 2000.

•

Vlaanderen, deelstaat van België, Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, departement Coördinatie, 1997.

38


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 39

1.

Situering van Vlaanderen

2

1.1 Vlaanderen in België en Europa 3 1.2 Vlaanderen als deelstaat 3

Inhoud

1.3 Maximale armslag, ook voor onderwijsmateries 4 1.4 Een kleine regio met een grote schoolbevolking 5 2.

Onderwijs in Vlaanderen

6

2.1 Algemene principes 7 2.1.1 Leerplicht voor alle kinderen tot 18 jaar 7 2.1.2 Vrijheid van onderwijs 8 2.1.3 Onderwijsnetten 8 2.1.4 Financiering van het onderwijs 9 2.1.5 Op weg naar autonomie 10 2.1.6 De rechtspositie van het personeel 10 2.1.7 Organisatie van het school- en academiejaar 11 2.2 Onderwijsniveaus 12 2.2.1 Onderwijsstructuur 12 2.2.2 Het basisonderwijs 13 2.2.3 Het secundair onderwijs 15 2.2.4 Het hoger onderwijs 17 2.2.5 Permanente vorming 22 2.3 Actuele aandachtspunten 25 2.3.1 Centra voor leerlingenbegeleiding 25 2.3.2 Communicatie 26 2.3.3 Doelgroepenbeleid 27 2.3.4 Informatie- en communicatietechnologie (ICT) 28 2.3.5 Internationalisering 29 2.3.6 Kwaliteitsbewaking en -bevordering 30 2.3.7 Levenslang leren 31 2.3.8 Modularisering 32 2.3.9 Participatie 33 2.3.10 Waardering van de leerkracht 34 2.4 Nuttige adressen 36 Bibliografie 38

39


onderwijs in Vlaanderen def

22-06-2001

13:19

Pagina 40

Colofon

Tekst Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap Afdeling Informatie en Documentatie Onderwijs in samenwerking met de andere administraties en afdelingen van het departement Onderwijs Eindredactie en productcoördinatie Afdeling Informatie en Documentatie Onderwijs Verantwoordelijke uitgever Georges Monard, Secretaris-generaal Koning Albert II-laan 15 - 1210 Brussel Ontwerp SignBox Druk: Enschedé-Van Muysewinkel Wettelijk depot d/2000/3241/121


onderwijscovergrijs

22-06-2001

13:17

Pagina 5


onderwijscovergrijs

22-06-2001

13:16

Pagina 2

Naast deze brochure, geeft het departement Onderwijs ook tal van andere publicaties uit. Voor een overzicht kan u terecht op de website van het departement:

Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, Cel Publicaties Onderwijs, Hendrik Consciencegebouw, Koning Albert II-laan 15, 1210 Brussel.

www.ond.vlaanderen.be/publicaties

tel 02-553 66 53

Een papieren versie van de catalogus

fax 02-553 66 54

kan u bekomen bij:

e-mail onderwijspublicaties@vlaanderen.be


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook