JAARVERSLAG
2020
WAT EEN JAAR IN UITDAGENDE TIJDEN ONZE RUG RECHTEN
Mijn lijn, altijd in beweging
INHOUD
VOORWOORD 03
BELEIDSVERSLAG 04 ➔ Wat een jaar In uitdagende tijden onze rug rechten
04
➔ Corona Vlot en veilig voor onze reizigers
08
➔ Rug gerecht We staan sterker in onze schoenen
12
➔ Investeren in onze toekomst Grote uitdagingen
2
16
CIJFERS EN RESULTATEN
22
➔ 2020 in cijfers
24
➔ Jaarrekening en financiële resultaten
38
➔ Samenstelling bestuur
72
➔ Ondernemingsraden
79
2020 was een jaar vol uitdagingen, maar bood ook tal van kansen voor De Lijn. In de meest uitzonderlijke en onverwachte omstandigheden hebben we onze rug gerecht. Na het moeilijke jaar 2019 hebben we in 2020 mooie resultaten neergezet. We wierven het afgelopen jaar meer chauffeurs en technici aan, verminderden het aantal niet-gereden ritten, zorgden voor betere én meer betrouwbare realtime-informatie, … En dit alles terwijl het coronavirus onze samenleving overhoop haalde. Nooit eerder werden we geconfronteerd met een pandemie – en toch bleven we rijden en bevestigden we dat we niet ‘zomaar een bedrijf zijn’. We hebben een maatschappelijke rol en deze vervullen we met trots. Eind vorig jaar bevestigde de Vlaamse Regering ons als interne operator voor het kern- en aanvullend net voor de komende tien jaar (met tussentijdse evaluatie na vijf jaar). Zo kregen onze medewerkers en onze organisatie een duidelijk toekomstperspectief. Maar dat wil niet zeggen dat ‘we er al zijn’. Ook in 2021 blijft er heel wat werk voor de boeg. Dat bleek onder andere uit de benchmark, de studie die aan de basis lag van de beslissing van de Vlaamse Regering. De studie vergeleek De Lijn met tien gelijkaardige vervoermaatschappijen uit het buitenland. Als referentiejaar werd 2019 gekozen, net een van onze zwaarste jaren. Het rapport is streng, maar ook gefundeerd en genuanceerd. De werkpunten die kwamen bovendrijven, erkennen we. Onze betrouwbaarheid, productiviteit en kostenefficiëntie kunnen beter en daarom moeten we ook dit jaar blijven inzetten op beschikbare mensen én voertuigen. Maar deze benchmark heeft niet alleen de werking van De Lijn beoordeeld, ook het beleid. Een aantal punten zoals doorstroming of tarievenpolitiek kunnen we niet aanpakken zonder nieuwe beleidskeuzes. We treden dan ook de komende maanden in nauw overleg met onze hoofdaandeelhouder en onze partners. Verder staat 2021 in het teken van basisbereikbaarheid. We richten ons op de implementatie van het nieuwe kern- en aanvullend net, want vanaf 1 januari 2022 kent het Vlaams openbaarvervoermodel zijn grootste verandering sinds onze oprichting. We gaan van een aanbodsgericht openbaar vervoer naar een vraaggestuurd en gelaagd model. En wij zullen er alles aan doen om deze grote omwenteling goed uit te rollen met zorg voor medewerkers en reizigers.
Ann Schoubs
Marc Descheemaecker
Directeur-generaal
Voorzitter raad van bestuur
3
WAT EEN JAAR IN UITDAGENDE TIJDEN ONZE RUG RECHTEN
COVID-19 Dat het coronavirus 2020 tekende, hoeven wij u niet meer te vertellen.
Natuurlijk volgen we het advies en de
Het virus legde onze hele samenleving stil en De Lijn schakelde snel
maatregelen van de overheid. Sinds mei
vanaf het begin van de crisis. Het beleid en de samenleving rekenden
zijn al onze reizigers (vanaf 13 jaar) verplicht
immers op ons. Ons personeel bleef rijden, werken, sleutelen aan
om een mondmasker te dragen op onze
voertuigen, … Kortom: ondanks de vele bezorgd- en ongerustheden
bussen en trams, aan onze perrons en haltes,
bleven we er adequaat en professioneel voor gaan.
in onze Lijnwinkels, … Sinds begin november wordt dit alles grondig gecontroleerd door
Veiligheid stond centraal. Daarom sloten we de voordeuren van onze
onze lijncontroleurs en indien nodig schrijven
voertuigen en installeerden we een folie tussen de stuurpost en het
zij boetes uit.
reizigersgedeelte. Ook schaften we cashbetalingen af en voerden we contactloos betalen versneld in.
Tijdens de eerste lockdown piekte het aantal zieke chauffeurs en daarom pasten we onze
Daarnaast zetten we extra in op hygiëne. Sinds de start van de
dienstregeling aan. In mei keerden we terug
coronacrisis poetsen en desinfecteren we onze voertuigen frequenter
naar ons normale ritme en in september
– en dit met extra aandacht voor raakoppervlakken zoals halte- en
moesten we onze dienstregeling opnieuw
deurknoppen, stangen, …
evalueren. Dit vanwege de toegenomen drukte tijdens de spits bij de start van het nieuwe school- en academiejaar. Waar mogelijk zetten we grotere of extra voertuigen in en pasten we onze dienstregeling aan. Ook gingen we een samenwerking met autocarbedrijven aan. Zo bieden we meer zitplaatsen, want 424 autocars zorgen dagelijks voor 850 extra ritten. Daarnaast wilden we onze reizigers digitaal tegemoetkomen. Dit deden we met de lancering van de druktebarometer in onze app. Op basis van geregistreerde MOBIB-scans en fysieke tellingen geven we een inschatting van hoe druk het is op onze voertuigen.
4
Goede resultaten Zelfs tijdens een wereldwijde pandemie wisten we successen te boeken. Meer nog: in 2020 rechtten we onze rug en de bedrijfsresultaten bewezen het:
673
chauffeurs
147
technici
Î Onze aanwervingen … … bleven op een hoog peil. Het afgelopen jaar wierven we 673 chauffeurs en 147 technici aan. Dat was broodnodig, want door personeelstekorten moesten we in 2019 te veel ritten schrappen. De ervaringen die we in coronatijd opdeden met digitaal opleiden en aanwerven komen in 2021 zeker van pas.
Î Onze geschrapte ritten … … zaten gemiddeld rond 1,5 %. Dit is een immens verschil met 2019. We kregen ons personeelstekort weggewerkt en zetten bij de Technische Diensten sterk in op preventief onderhoud. Zo voorkwamen we dat te veel voertuigen vanwege defecten aan de kant kwamen te staan. Toch kenden onze geschrapte ritten drie pieken in 2020. De eerste was tijdens de lockdown in maart. Toen werden we geconfronteerd met een grote afwezigheid bij onze chauffeurs. De andere pieken zagen we in oktober en december. Het verder naar beneden krijgen van de geschrapte ritten blijft ook in 2021 een werkpunt.
Î Onze realtime-reisinformatie … … was eind 2020 voor 90 % betrouwbaar en voor 96 % beschikbaar. Zowel onze halteborden als onze applicaties werden aangesloten op hetzelfde systeem. Zo konden we onze reizigers beter informeren bij vertragingen, stakingen of onregelmatigheden.
5
De Lijn blijft interne operator In december 2020 bevestigde de Vlaamse Regering ons in onze rol als interne operator. Hiervoor baseerden ze zich op een benchmark. Dit was een studie waarbij we vergeleken werden met tien vervoermaatschappijen uit het buitenland, waarvan velen binnen de sector van het openbaar vervoer bekend staan als rolmodel. Als referentiejaar werd 2019 gekozen, net een van onze zwaarste jaren. De studie gaf ons een gematigd negatieve eindbeoordeling. Daarmee wordt bedoeld dat we niet zonder meer ‘slecht’ presteren, maar op een aantal vlakken wel minder dan het gemiddelde van de vergelijkbare gebieden en bedrijven. Op basis van het rapport werd bevestigd dat we nog tien jaar mogen rijden, met een tussentijdse evaluatie na vijf jaar. Maar wat hield deze studie concreet in? De vergelijking tussen ons en tien andere vervoermaatschappijen werd gemaakt, net omdat we op hen lijken qua geografische context en diensten. Onze dienstverlening werd zo beoordeeld op tien indicatoren en vier parameters. Hier komen we later in dit verslag op terug.
6
7
CORONA VLOT EN VEILIG VOOR ONZE REIZIGERS
Onze preventieve maatregelen Om onze reizigers toch vlot en veilig op hun bestemming te krijgen, zetten we alles op alles om elkaar te beschermen. We volgden de maatregelen en stonden in nauw contact met de verschillende overheden en collega-openbaarvervoerbedrijven. Onze aanpak was gebaseerd op twee pijlers:
Î Sensibilisering We moedigden onze collega’s aan om zich strikt aan de gouden regels te houden. Afstand bewaren, nauwkeurig en regelmatig de handen wassen, fysiek contact vermijden, thuis blijven als ze ziek waren, ... Onder andere via affiches in onze gebouwen en onderhoudscentra maakten we hen hier bewust van.
Î Preventieve maatregelen We speelden ook in op hun noden. Alle collega’s die in direct contact kwamen met klanten ontvingen begin mei een pakket met vijf mondmaskers. En ten laatste begin juni schonken we dit ook aan de rest van onze personeelsleden. Daarnaast voorzagen we alcoholgels en ontsmettende doekjes voor de medewerkers op de werkvloer.
8
Maar daar stopte het niet. Onder het motto ‘Vlot & Veilig’ zetten we concrete stappen om zowel onze reizigers als onze collega’s veilig te
VLOT VEILIG
houden.
Op- en afstappen zag er anders uit … … want we vroegen onze reizigers om dit midden of achteraan onze voertuigen te doen. Ook schermden we onze chauffeurs af door beschermingsfolies te installeren.
Extra investeren in ontsmetten en poetsen … … voor de veiligheid van onze reizigers en medewerkers. Professionele poetsfirma’s nemen regelmatig alle stuurposten en gevoelige onderdelen in het reizigersgedeelte onder handen: de knoppen, de stangen, … Ook onze collega’s dragen hun steentje bij. Chauffeurs ontsmetten hun stuurpost na hun dienst met poetskits.
De rol van onze lijncontroleurs … … veranderde doorheen de crisis. Eerst lag de focus op het sensibiliseren van onze reizigers en het detecteren van problemen. Vanaf november 2020 kregen ze dezelfde handhavingsbevoegdheid als de politie. Als reizigers hun mondmasker niet (correct) dragen op onze voertuigen of aan onze haltes, perrons of stations* schrijven onze lijncontroleurs een administratieve boete van 250 euro uit. Op het terrein dragen ze volgelaatmaskers en nitril handschoenen, in hun dienstvoertuigen vinden ook zij alcoholgels en ontsmettende doekjes. *als ze ouder zijn dan 13 jaar
9
De dienstregeling werd aangepast … … en dit startte op 18 maart 2020. We zagen het aantal zieke chauffeurs stijgen en konden geen normale dienstregeling garanderen. We zorgden voor een verantwoorde spreiding en hielden rekening met het woonwerkverkeer, in het bijzonder voor de zorgsector, ook al schrapten we 14 % van de bus- en 10 % van de tramritten.
Versterking gezocht … … want de start van het nieuwe schooljaar beroerde de publieke opinie. In coronatijden, in een ‘anderhalve meter maatschappij’ bleek de gevoeligheid voor drukte op de voertuigen groter. Vanaf de eerste schooldag speelden we in op de vragen van onze klanten. Vooral onze spitsritten stonden onder druk. We monitorden de drukte aan de hand van onze mobiliteitstool, meldingen van chauffeurs en controleurs én reacties van klanten en lokale besturen. Zo kregen we zicht op de lijnen waar extra capaciteit nodig was. Hierna troffen we tal van maatregelen: we zetten bussen in met grotere capaciteit, verschoven in uren en/of trajecten en legden extra ritten in. Om extra soelaas te bieden maakte Minister van Mobiliteit en Openbare werken Lydia Peeters budget vrij en konden we een samenwerking aangaan met autocarbedrijven. Sinds 5 oktober 2020 rijden privébussen samen met de onze en vangen zo mee onze reizigers op.
10
Impact op onze reizigers Onze reizigersaantallen zakten drastisch in 2020. Afgelopen maart – bij de start van de pandemie – vervoerden we amper 50 % van de reizigers die we in het voorjaar van 2019 zagen. In april 2020 bereikten we ons dieptepunt en zagen we slechts 10 % van onze normale reizigersaantallen. Dit wordt verklaard door de eerste lockdown.
VOEGPPEN OP SHO ARKT TOEE DE MJE NIEUW AAN OONTES. OEG OOK V BA A R GEW EN HET OP TOE.
Onze abonnees bleven ons vorig jaar gelukkig trouw: zo’n 80 % vernieuwde zijn/haar abonnement, we verwelkomden wel minder nieuwe abonnees en we raakten veel occasionele reizigers kwijt. De verkoop van losse tickets lag zo’n 60 % lager dan in 2019. Deze cijfers inspireerden ons om het vertrouwen van onze reizigers terug te winnen en om hen te overtuigen om opnieuw voor het
ER VERVO
openbaar vervoer te kiezen. Daarom werkten we in september samen met de andere openbaarvervoermaatschappijen een campagne uit. Deze kopte ‘Voeg het openbaar vervoer toe aan je nieuwe gewoonten!’ en kon gespot worden op affiches, krantenadvertenties, sociale media, … Het zal zaak zijn om ook in 2021 en zeker post-corona campagne te blijven voeren om onze reizigers terug te winnen.
advertentie_nieuwswijzer_165x240.indd 1
22/09/2020 14:53:08
Daarbovenop stelden we in het najaar van 2020 de druktebarometer voor. Deze tool in onze app toont reizigers hoe druk het is op bus of tram. Hiervoor baseren we ons onder andere op de geregistreerde MOBIB-scans van de week ervoor.
Wij zijn blijven rijden Naast alle praktische maatregelen en innovaties, gebeurde er vorig jaar ook veel op emotioneel vlak. De solidariteit voor essentiële beroepen was groot tijdens de eerste coronagolf. Ons personeel ging meermaals – op eigen initiatief – applaudisseren voor de zorg en we wijdden onze busflanken en
Bedankt aan iedereen die helpt
advertentieruimte aan de anonieme helden van de coronacrisis. Artsen,
Voor jullie blijven we in beweging
Ook wij ontvingen vele dankbetuigingen: we verschenen regelmatig in
arbeiders, technici, koeriers, bakkers, supermarktmedewerkers, … Ze werden in de kijker gezet met de woorden: ‘Bedankt aan iedereen die helpt’.
de pers en de zoekmachine Google zette het openbaar vervoer in het zonnetje op 14 april 2020.
Mijn lijn, altijd in beweging
11
RUG GERECHT WE STAAN STERKER IN ONZE SCHOENEN
nog 5 min!
96 %
betrouwbare realtime-informatie
Realtime-info beter dan ooit Naast onze aanwervingen werkten we ook hard aan de beschik- en betrouwbaarheid van onze realtime-informatie. Deze landden eind vorig jaar op 96 % en 90 %, terwijl we in 2019 amper 50 % scoorden.
Aanwervingen nu op punt Niet alleen zijn nu de voorspellingen over aankomende en vertrekkende Om onze reizigers een goede dienstverlening
bussen en trams in onze app, site en realtime-halteborden veel correcter,
te garanderen, hebben we continu nieuwe
ze zijn ook gebruiksvriendelijker. Dit komt door een grondige facelift
medewerkers nodig. De Lijn telt immers
van de weergave. Wordt er ergens een rit afgeschaft? Dan ziet de reiziger
een aanzienlijk aantal oudere chauffeurs,
‘rijdt niet’ verschijnen en kan hij eventueel op zoek naar een alternatief.
ongeveer 20 % van onze chauffeurs is ouder dan 55 jaar. Dat betekent dat we jaarlijks fors
Daarnaast werd er aanzienlijk geïnvesteerd in de borden zelf.
moeten aanwerven om ons personeelsbestand
We plaatsten meer dan 300 extra borden, verminderden sterk het
op peil te houden omdat chauffeurs met
aantal defecte toestellen en zorgden ervoor dat de 45 schermen
pensioen of vervroegd pensioen gaan. Het
in de Antwerpse premetro vorige zomer verschillende configuratie-
feit dat er in 2020 een wereldwijde pandemie
aanpassingen ondergingen. Daarbovenop sloten we ze aan op
plaatsvond, veranderde daar niets aan. We
3G-modems. Eerst kwamen de belangrijkste haltes aan bod: Astrid,
voerden meermaals campagne om de
Opera en Diamant, de rest volgde snel. Nu tonen ze correcte en actuele
nodige profielen aan te trekken.
informatie over het tramverkeer én kunnen onze collega’s vanop afstand ingrijpen bij problemen.
In juni en juli bijvoorbeeld speelden we handig in op onze veiligheidscampagne ‘Vlot & Veilig’, terwijl we in het najaar eerder aandacht trokken met getuigenissen. Mét resultaat. Het afgelopen jaar verwelkomden we 673 nieuwe chauffeurs. Ook vonden we in 2020 147 nieuwe technische profielen. En in 2021 willen we verder op dit elan. We zoeken dit jaar ongeveer 520 nieuwe chauffeurs en 120 technici, maar ook 125 andere profielen.
12
Daling in geschrapte ritten Nu onze realtime-informatie op punt stond, konden we duidelijker communiceren over de geschrapte ritten. Dat aantal daalde tot op een aanvaardbaar niveau in 2020. Deze verbetering kwam er onder andere door de pas aangeworven collega’s, maar ook door het preventief onderhoud van ons voertuigenpark. Het is onze ambitie om dat cijfer verder omlaag te krijgen in 2021.
Innovatie voor onze vervoerbewijzen Het is duidelijk: in 2020 zetten we op meerdere vlakken grote stappen vooruit en dat gold ook voor onze vervoerbewijzen en betalingsmogelijkheden. Zo startte op 6 april 2020 een versnelde uitrol van contactloos betalen. Eerst gebeurde het als een proefproject op onze Kusttram, maar vanaf 1 juli volgden onze trams en trambussen al. Reizigers konden nu voor hun rit betalen met een contactloze bankkaart of een ander medium (smartphone of wearable, zoals slimme horloges). Dit leverde hen comfort en veiligheid op, zowel op financieel als hygiënisch vlak. Met succes: want vorig jaar verkochten we zo 105 000 tickets. Wie met de bus reist en contactloos wil betalen, moet nog even wachten. Vanwege de beschermingsfolies zijn de terminals momenteel niet toegankelijk
Neem je tijd in eigen handen
voor reizigers. Daarnaast wilden we ook inspelen op de nieuwe noden en werkelijkheid van onze reizigers. Dit deden we met de pauzeknop. Onder het motto
Pauzeer je abonnement voortaan wanneer je wilt.
‘Neem je tijd in eigen handen’ lanceerden we deze actie in oktober 2020. Abonnees moesten zich vóór 1 februari 2021 registreren en konden dan hun jaarabonnement maximaal 20 dagen pauzeren. Zo boden we meer flexibiliteit aan de thuiswerkers, mensen die hun been braken, studenten die afstandsonderwijs volgden, … De actie liep op z’n einde in april 2021 en hierna betaalden we de gepauzeerde dagen terug. Een volledig overzicht van de verkochte vervoerbewijzen en onze abonnementen vind je in het cijfergedeelte.
Registreer je vóór 19 november op delijn.be/pauzeknop
Mijn lijn, altijd in beweging
13 flyer_100x170_pauzeknop.indd 1
13/10/2020 11:23:28
Bevestigd als interne operator En we sloten 2020 af met goed nieuws: na een benchmarkstudie
De benchmark bevestigde wat wij
bevestigde de Vlaamse Regering ons als interne operator voor het kern-
zelf ook zagen na 2019 – een jaar
en aanvullend net. De studie gaf ons globaal een gematigd negatieve
dat gekenmerkt werd door stakingen,
eindbeoordeling. Daarmee wordt bedoeld dat we niet zonder meer
personeelstekorten en niet-gereden
‘slecht’ presteren, maar op een aantal vlakken wel minder dan het
ritten.
gemiddelde van de vergelijkbare bedrijven. Sindsdien boekten we al veel De studie nam 2019 als referentiejaar en vergeleek ons met tien Europese
vooruitgang en voor 2021 houden we
openbaarvervoerbedrijven, waarvan velen bekend staan als rolmodel
ons aan een actieplan.
binnen de openbaarvervoersector. We willen productiever werken, zowel qua inzet van mensen als voertuigen. Zo willen we persoonsvriendelijk plannen verder uitrollen – dit laat een efficiëntere chauffeursplanning toe met meer aandacht voor de werkprivébalans. Daarnaast gaan we actief kort ziekteverzuim tegen, zetten we onze voertuigen beter in én brengen we ons aantal reservevoertuigen op een marktconform aantal. In 2021 wordt er een nieuwe beheersovereenkomst opgesteld tussen De Lijn en de overheid. De werkpunten uit de benchmark worden zeker meegenomen.
14
We gaan nu concreet in op de vier grote parameters die de basis voor de vergelijking vormden. 1. We scoorden gematigd negatief op ‘Productieve efficiëntie’ Hierbij stond de vraag ‘Hoeveel output halen we uit onze middelen?’ centraal. Het ging om de kwaliteit van onze bedrijfsprocessen, de huidige arbeidsvoorwaarden en de dienstregeling die we uitvoeren. De productiviteit van onze personeel- en voertuigeninzet moet verbeterd en geoptimaliseerd worden. Ook het relatief hoge percentage reservevoertuigen is een verbeterpunt. 2. We scoorden gematigd negatief op ‘Kostenefficiëntie’ Haalden we voldoende kwaliteit tegen minimale kosten? Op het vlak van aanbodskosten (euro per reizigerskilometer) staat De Lijn op de derde plaats. Het rapport vermeldt wel dat verder onderzoek aangewezen is. Er moet een duidelijk verschil gemaakt worden tussen de kosten voor het intern operatorschap (de pure uitvoering van de bus- en tramdiensten) en de kosten voor de vervoersautoriteit (mobiliteitsontwikkeling, vervoerregiomanagement, … ). 3. We scoorden gematigd negatief op ‘Allocatieve efficiëntie’ Dit concept toonde hoe bereid onze klanten zijn om ons aanbod te gebruiken en hiervoor te betalen. Maar ook of we de Vlaamse en lokale overheden hielpen om hun (sociale) bedrijfsdoelstellingen te realiseren. De bezetting van onze voertuigen was goed, maar we hebben een relatief lage kostendekking. Die wordt echter grotendeels gedreven door onze lage tarieven en dat is een duidelijke beleidskeuze. De Lijn vervult een maatschappelijke rol en biedt inclusief openbaar vervoer aan. 4. We scoorden neutraal op ‘Dynamische efficiëntie’ ‘In welke mate is het bedrijf mee met zijn tijd?’ – dat was de vraag die in dit onderdeel beantwoord werd. Het ging om de kwaliteit die we leverden, ons aanpassingsvermogen en onze (technische) innovatie. Het rapport was positief over ons netwerk en onze reizigersbezetting. Met een gemiddelde van 17,5 reizigerskilometer per dienstregelingskilometer laten we de meeste bedrijven achter ons. Zeker als u weet dat onze bussen zo’n 58 % meer haalden dan het gemiddelde. Ook op het vlak van reizigersinformatie, duurzaamheid en verantwoord ondernemen scoort De Lijn goed.
15
INVESTEREN IN ONZE TOEKOMST GROTE UITDAGINGEN
Vernieuwingen in het openbaarvervoerlandschap
2021
Basisbereikbaarheid
De grootste uitdaging van 2021? Dat wordt zonder twijfel de implementatie van het decreet basisbereikbaarheid. Vanaf 2022 wordt het Vlaams openbaar vervoer op een nieuwe manier ingedeeld: het aanbod wordt vraaggestuurd en gelaagd. De ambitie is om met hetzelfde budget méér reizigers te bedienen.
Het nieuwe openbaarvervoernetwerk bestaat uit vier lagen: Î Treinnet De ruggengraat van het openbaar vervoer. Î Kernnet De basis van het stads- en streekvervoer. Bussen en trams verbinden voor- en andere steden met elkaar én bedienen centraal gelegen attractiepolen. Î Aanvullend net Bussen vormen de link tussen kleinere steden en gemeenten. Ze zorgen voor de aanvoer naar het kern- en treinnet. Ook het woon-werkverkeer en het woon-schoolvervoer kunnen hier deel van uitmaken. Î Vervoer op maat Dit zijn de lokale vervoeroplossingen. Leerlingenvervoer in het bijzonder onderwijs, vraagafhankelijk vervoer, aangepast vervoer voor rolstoelgebruikers, buurtbussen, collectieve taxi’s, … Deze laag speelt in op specifieke individuele mobiliteitsvragen. Het gaat hier om personen die geen toegang hebben tot andere vervoerlagen vanwege hun doelgroep, locatie of tijdstip.
16
OK
15
Om dit nieuwe net te introduceren, werd Vlaanderen ingedeeld in 15 vervoerregio’s. Elk heeft haar eigen vervoerregioraad. Hier komen de betrokken lokale overheden samen met de nodige mobiliteitspartners en
vervoerregio’s
werken ze een mobiliteitsplan uit voor hun regio. De Lijn heeft hier een drievoudige taak: we zijn bevoegd om het kernnet te ontwerpen, om
15
voorstellen te doen over het aanvullend net en we zijn de interne operator voor de twee. De vervoerregioraad geeft advies en maakt de finale beslissing.
regionale openbaarvervoerplannen
Tegen eind 2020 werd in elke vervoerregio een regionaal openbaarvervoerplan opgemaakt. Hier tekenden wij al in 2018 een eerste voorstel voor uit, specifiek voor het kern- en aanvullend net. Dit werd in 2020 uitgebreid besproken en verder uitgewerkt. Het hield ook in dat we berekenden hoeveel extra reizigers basisbereikbaarheid zou kunnen opleveren. De winst varieert per regio: in sommige vervoerregio’s halen we 14 % en Midwest (nieuwe naam voor de vervoerregio Roeselare) vormt de uitzondering met wel 27,2 %.
Antwerpen +7,1 %
Oostende +4,0 %
Brugge +4,2 %
Gent +10,2 %
Kempen +8,7 %
Waasland +9,1 %
Limburg +2,6 %
Mechelen +6,0 % Westhoek +14,2 %
Roeselare +27,2 %
Kortrijk +9,3 %
Vlaamse Ardennen +3,5 %
Aalst +10,9 % Vlaamse Rand +7,0 %
Leuven +5,4 %
= huidig net = groei reizigerssimulatie basisbereikbaarheid
17
Naast deze reizigerswinst raamden we de theoretische kostprijs van dit plan. Hiervoor keken we hoeveel beladen kilometers (dit betekent ‘met reizigers’) en personeelsuren nodig waren om de netten uit te voeren. Vervolgens bepaalden we de kostprijs dankzij een kostenmodel dat werd geattesteerd door PwC. Dit model hield rekening met tal van parameters. De kosten van een gereden kilometer variëren immers naargelang het type dag, ingezette voertuig of tijdstip van de rit. Zo is een tramrit duurder dan een met bus en kost het meer om op zondagavond te rijden dan op dinsdagochtend. Dit vanwege de personeelskosten. De ‘echte’, ook wel ‘operationele’ genoemde, kostprijs van het nieuwe net zullen we pas kennen als het vertaald is in dienstregelingen. Wat staat er dan in 2021 op de planning? We zetten dit jaar die nieuwe netten om in concrete trajecten, haltes en dienstregelingen en leggen de doorstromingsmaatregelen vast – samen met onze partners in de vervoerregioraden. Zo zijn we klaar om in 2022 een kwaliteitsvol aanbod te garanderen en globaal 7,2 % meer reizigers aan te trekken.
18
Investeren in een groene toekomst De Lijn vervult een belangrijke maatschappelijke rol. Als openbaarvervoermaatschappij bouwen we mee aan leefbare en bereikbare steden en willen we mensen overtuigen om voor duurzame verplaatsingen te kiezen. We investeren dagelijks in een groene toekomst en daarom: • vergroenen we onze vloot … … en willen we tegen 2035 volledig emissieloos rijden in Vlaanderen. Onze trams rijden al op groene energie, maar er kwamen in 2020 ook 88 hybride bussen bij. Dit is een stijging van 14 % ten opzichte van 2019. Deze voertuigen rijden een bepaalde afstand volledig elektrisch, en kunnen voor langere afstanden overschakelen op dieselaandrijving.
13
volledig elektrische bussen
Daarnaast telt onze vloot nu 13 volledig elektrische bussen. Deze vindt u in Vlaamse steden als Leuven, waar het begon als een proefproject, maar binnenkort ook in Gent en Antwerpen. Ook sloten we een samenwerkingsovereenkomst met Fluvius af. Zij zijn nu onze partner voor de laadinfrastructuur van onze vloot. Een onmisbare samenwerking omdat elektrische bussen deze technologie nodig hebben om te kunnen opladen. Natuurlijk vraagt dit ook om aanpassingen van onze stelplaatsen: als eersten zijn Destelbergen, Kortrijk en Winterslag-Genk aan de beurt.
• investeren we in combimobiliteit … … en participeren we in cambio autodelen en Blue-bikedeelfietsen. Het aantal Bluebikeleden nam in 2020 toe met 2,3 %. In totaal telde Blue-bike eind 2020 21 091 klanten. Ook het aantal cambio-gebruikers steeg in 2020 met 12,6 %, eind 2020 tikte cambio af op 25 706 klanten. • zetten we – samen met 53 andere organisaties – onze schouders onder de Belgian Alliance for Climate Action. In het najaar van 2020 beloofden we om onze activiteiten af te stemmen op de doelstellingen van het Parijse klimaatakkoord.
19
• zorgen we voor groene stelplaatsen …
1
… onder andere door wasinstallaties te gebruiken die werken met
2
3
regen- en recuperatiewater en door efficiënt om te gaan met energie. Groendaken, bodem-gekoppelde warmtepompen, … Stuk voor stuk verantwoorde keuzes. • kiezen we voor een duurzaam aankoopbeleid … … wat een onmisbaar hoofdstuk is van ons duurzaamheidsverhaal. We passen de nodige labels en criteria toe in onze bestekken – een goed voorbeeld is ons drukwerk dat via een ‘klimaatneutrale’ drukkerij komt. • En rapporteren we over onze inspanningen …
OK
… zo publiceerden we in 2020 voor het eerst een duurzaamheidsverslag. Dit zal voortaan tweejaarlijks gebeuren, in 2022 komt het volgende rapport uit.
Warm welkom voor onze nieuwe trambus Onmisbaar zijn ze, als we het hebben over onze toekomst: de nieuwe trams en trambussen. Kent u onze Ringtrambus al? Deze reed op zondag 28 juni 2020 voor het eerst uit. Hij volgt het traject van lijn 820 (Zaventem – Vilvoorde – Jette) en vervoerde sindsdien al meer dan 100 000 reizigers. Na enkele maanden waren we benieuwd naar de reacties van onze reizigers en chauffeurs. Wat vonden zij van onze langste bus? Onze reizigers berichtten positief over het toestel: 87 % was enthousiast over het comfort, traject en stiptheid. Maar ook onze chauffeurs waren tevreden, vooral over het rijgedrag en het comfort in de cockpit.
20
87 %
reizigers enthousiast over trambus
Evaluatie door chauffeurs ‘wat vind jij van de nieuwe Ringtrambus?’
Wel ondervonden we enkele
100 %
doorstromingsproblemen in en rond
80 %
Vilvoorde, maar hier wordt naarstig aan
60 %
gewerkt. Als alle vrije busbanen klaar zijn,
40 %
zal een rit met de Ringtrambus amper 40
20 %
minuten duren.
0%
Comfort cockpit
Rijgedrag beter dan verwacht
Technische kwaliteit gewoon
Veiligheid reizigers
In- & uitstapcomfort
minder dan verwacht
Autonoom vervoer in steden te vroeg bevonden In 2018 zijn we gestart met een proefproject ‘autonoom vervoer’, een zelfrijdende shuttle op Brussels Airport. Daarnaast startten we haalbaarheidsstudies voor Antwerpen, Genk, Leuven en Mechelen. Samen met de betrokken steden onderzochten we de vervoermogelijkheden voor complexe en stedelijke situaties. Technische haalbaarheid, reizigerspotentieel, betaalbaarheid, … Aan al deze criteria moest voldaan worden. Helaas bleek in november 2020 dat de technologie nog niet op punt stond. In gemeenschappelijk overleg met de partnersteden werd beslist om nog geen project autonoom vervoer op te starten. Het proefproject met autonome shuttles op Brussels Airport blijft wél doorlopen.
Welkom nieuwe Kusttram Aan de kust rijdt vanaf de paasvakantie van 2021 een gloednieuw model tram: de CAFtram. Na een investering van zo’n 100 miljoen euro maakte de eerste tram afgelopen zomer de verre reis van Zaragoza naar Oostende. Er werden in totaal 48 stuks besteld, dit voorjaar kwamen er 18 aan – ook al liep de levering vertraging op wegens corona. Na aankomst worden de nieuwe trams afgestemd op de lokale infrastructuur en krijgen al onze rijschoolinstructeurs, rangeerders, lijnverantwoordelijken, technici en 220 Kusttramchauffeurs de nodige opleidingen zodat ze ermee aan de slag kunnen. De nieuwe trams namen in de paasvakantie van 2021 voor het eerst reizigers mee.
21
CIJFERS EN RESULTATEN
22
CIJFERS EN RESULTATEN
22
➔ 2020 in cijfers
24
➔ Jaarrekening en financiële resultaten
38
➔ Samenstelling bestuur
72
➔ Ondernemingsraden
79
23
2020 IN CIJFERS
to ta al
ne n an m
vr ou we n
ja ar ta l
MEDEWERKERS - VERDELING MANNEN EN VROUWEN
2010
1 514
6 883
8 397
2011
1 535
7 030
2012
1 517
6 790
2013
1 492
6 713
8 205
2014
1 493
6 673
8 166
2015
1 479
6 679
8 158
2016
1 467
6 600
8 067
2017
1 452
6 598
8 050
2018
1 357
6 251
7 608
2019
1 402
6 332
7 734
2020
1 410
6 608
8 565 8 307
8 018
mannen vrouwen
47
34
15
2
%
%
%
%
53
66 Directeurs & managers
24
85 Bedienden
98 Chauffeurs
Technici
2020 IN CIJFERS
236
247
192
214 222 227 199 208
234 232
224
190
Leeftijd
19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46 47 48 49 50 51 52 53 54 55 56 57 58 59 60 61 62 63 64 65 66
1
Aantal
3 4
10
22
35
50
57 54
73
75
88
120
133 121
144 133 138 143 142 147 150 156 163
180 183
264 257
265
301 282 294 309 300 305 291
MEDEWERKERS - LEEFTIJDSPIRAMIDE
40
30 40
JA A R
JAAR SE N EN 50 5 JA A R 60 0 E N 60 JA JAA AR RE N OU DE R
60
N
40
40
JA A R
JAAR
EN 50 J 50 AAR E JAA N 6 0 JA A R RE N OU DE R
N
61 6
1 561
56 30
11
AN
EN
N
0
40
197
TOTAAL 743
1 75 8
43 2 76
297
AN
30 JA A R 40 JAAR N EN 50 5 JA A R 60 0 E N 60 JA JAA AR RE N OU DE R
SE
275
40
EN
19 0
TOTAAL 5 656
0
LOONTREKKENDEN TECHNISCHE DIENSTEN
D 3 ER JO NG N SE E TUS USS S T TU
D 3 ER JO NG N SE E TUS USS S T TU SE
0
126
2 049
LOONTREKKENDEN CHAUFFEURS
N
187
4 23
AN
30 JA A R 40 JAAR SE N EN 50 5 JA A R 60 0 E N 60 JA JAA AR RE N OU DE R
76
13
AN
EN
147
N
0
335
2 312 16 78
8
D 3 ER JO NG N SE E TUS USS S T TU
83
2 239
TOTAAL 6 399
554
TOTAAL 1 619
528
LOONTREKKENDEN
D 3 ER JO NG N SE E TUS USS S T TU
D 3 ER JO NG N SE E TUS USS S T TU
TOTAAL 8 018
AN 30 J E N 4 AAR N 4 0 JA AR SE 0 E N N 50 J 5 AAR 60 0 E N 60 JA JAA AR RE N OU DE R
0
WEDDETREKKENDEN
2 767
PERSONEEL
EN
22
25
2020 IN CIJFERS
272 258
70 40 64 99 54 76 79 59 56 23 34 20
Aantal
2 12 27 23 28 13 12 4 1
187 148 162 139 141
227 164
160
164
202
267
301
327 360 368
317 323 285
263
374
424
665
724
MEDEWERKERS - ANCIËNNITEIT
Dienstjaren 0 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45
26
9 1 89
EN STJ EN A R E N STJ A REN EN D IE NS 4 DI EN 0 D I T J A R E N ENS ST TJ AR E JAR N 181 EN EN ME E R 16 30
DI
666
EN STJ EN A R E N STJ A REN EN D IE NS 4 DI 61 EN 0 D I T J A R E N ENS ST TJ AR E JAR 35 N EN EN ME ER 10 30
DI
407
TOTAAL 743
DI
3 301 9 2 12
579
46
I 0D 0 M IN DE R DA N 1 2 EN N TUSSEN 10 20 E N 30 TUSSE SEN 40 TUS
I 0D 0 M IN DE R DA N 1 2 EN N TUSSEN 10 20 E N 30 TUSSE SEN 40 TUS
TOTAAL 5 656
179
LOONTREKKENDEN TECHNISCHE DIENSTEN
2 894
LOONTREKKENDEN CHAUFFEURS
30
0
4
TOTAAL 6 399
EN STJ EN A R E N STJ A REN EN D IE NS 4 DI 725 EN 0 D I T J A R E N E ST JAR NSTJAREN 209 EN EN ME E R 35
DI
23
1 10
EN STJ EN A R E N STJ A REN EN D IE NS 4 DI EN 0 D I T J A R E N E ST JAR NSTJAREN EN EN ME ER 30
436
3 737 2 708
DI
TOTAAL 1 619
I 0D 0 M IN N1 D A 2 E D R EN N TUSSEN 10 20 E N 30 TUSSE SEN 40 TUS
EN STJ EN A R E N STJ A REN EN D IE NS 4 DI EN 0 D I T J A R E N E ST JAR NSTJAREN 388 EN EN ME E R 81 30
I 0D 0 M IN DE R DA N 1 2 EN N TUSSEN 10 20 E N 30 TUSSE SEN 40 TUS
I 0D 0 M IN DE DA N 1 2 R EN N TUSSEN 10 20 E N 30 TUSSE SEN 40 TUS
TOTAAL 8 018
LOONTREKKENDEN
WEDDETREKKENDEN
379
PERSONEEL
2020 IN CIJFERS
ARBEIDSONGEVALLEN ONGEVALLEN ZONDER WERKVERLET
ONGEVALLEN MET WERKVERLET
DODELIJK
TOTAAL
in dienst
wegwerk
in dienst
wegwerk
in dienst
wegwerk
in dienst met en zonder werkverlet
wegwerk
54
10
377
110
0
0
431
120
27
2020 IN CIJFERS
AFGELEGDE KILOMETERS AUTOBUSDIENSTEN Tram
Eigen beheer
Totaal autobusdiensten
Exploitanten Geregeld
alle diensten tesamen
Leerlingenvervoer
Antwerpen
10 246 374
21 803 805
16 976 052
4 121 447
42 901 304
53 147 678
Oost-Vlaanderen
2 926 878
16 741 083
11 088 936
3 902 938
31 732 957
34 659 835
Vlaams-Brabant
23 074 226
19 048 286
2 347 814
44 470 326
44 470 326
Limburg
13 400 259
11 580 807
2 415 178
27 396 245
27 396 245
2 978 943
13 419 442
7 343 947
3 053 098
23 816 487
26 795 430
16 152 195
88 438 817
66 038 028
15 840 475
170 317 319
186 469 514
West-Vlaanderen TOTAAL
VERHOUDING AUTOBUSDIENSTEN Met leerlingenvervoer
Zonder leerlingenvervoer
Regie
Exploitant
Regie
Exploitant
Antwerpen
51%
49%
56%
44%
Oost-Vlaanderen
53%
47%
60%
40%
Vlaams-Brabant
52%
48%
55%
45%
Limburg
49%
51%
54%
46%
West-Vlaanderen
56%
44%
65%
35%
Totaal
52%
48%
57%
43%
28
2020 IN CIJFERS
ONGEVALLEN
VERKEERSONGEVALLEN
TOTAAL AANTAL DOSSIERS
SCHADEDOSSIERS met reizigers
zonder reizigers
160
380
Spoor
660
Gedeeld verantwoordelijk
106
1
14
121
Niet verantwoordelijk
518
146
348
1 012
Verantwoordelijk
36
13
18
67
4 573
755
643
5 971
219
3
3
225
Niet verantwoordelijk
1 735
649
503
2 887
Verantwoordelijk
2 619
103
137
2 859
Eindtotaal
5 233
915
1 023
7 171
2020
2019
Wegverkeer Gedeeld verantwoordelijk
1 200
BEZOLDIGINGEN EN SOCIALE LASTEN
A
Bezoldigingen 6 082 505,31
6 781 758,62
Bedienden
85 067 803,22
81 478 041,12
Loontrekkenden
214 452 397,53
206 376 294,83
305 602 706,06
294 636 094,57
Directie en afdelingshoofden
Totaal B
Patronale lasten op bezoldigingen
145 246 292,17
139 534 910,1
C
Aanvullende rust-overlevingspensioenen
16 044 460,75
17 867 341,54
D
RSZ-afhoudingen op bezoldigingen
45 058 574,21
43 635 412,71
466 893 458,98
452 038 346,21
Totaal A + B + C
29
2020 IN CIJFERS
ROLLEND MATERIEEL Aanschaffingen Omvormingen Vervoer over de weg Er werd 10 autobussen omgevormd naar dienstvoertuig. Er werden 155 nieuwe autobussen in dienst gesteld, nl:
6
222A - 12 m streek VDL Citea SLE hybride
16
222A2 - 12m streek VDL Citea SLE-H
36
222C - Van Hool City A309 hybride
Er werden 103 autobussen effectief buiten dienst gesteld.
2
222D - Van Hool Exquicity
46 voertuigen van diverse aard (vrachtwagens, bestel-
39
222F – VDL gelede bus lage vloer streek Citea SLFA
wagens, personenwagens, wagens voor dubbel gebruik,
10
222GHI - 12m stad VDL citea SLF-E
46
223B - 12m streek VDL Citea SLE hybrid
Slopingen
gemengde voertuigen, enz.) werden eveneens buiten dienst gesteld. Er werd 1 tram (PCC) - Gent effectief buiten dienst gesteld.
Er werden 30 nieuwe voertuigen van diverse aard (vrachtwagens, bestelwagens, personenwagens, wagens voor dub-
Er werden 2 trams (BN-ACEC) – Kust effectief buiten dienst
bel gebruik, aanhangwagens, moto’s, enz.) in dienst gesteld.
gesteld.
Vervoer per spoor Er werden 10 CAF urbos trams geleverd.
30
2020 IN CIJFERS
Effectief op 31.12.2020
Vooruitzichten voor het jaar 2021
Vervoer over de weg
Leveringen
2 337 531
autobussen andere voertuigen (vrachtwagens, bestelwagens, personenwagens, enz.)
35 120 + 20 32
Hybride standaard Gelede hybride bussen CAF Urbos trams
Vervoer per spoor 46
gelede trams Kust
136
trams (PCC) Antwerpen + Gent
125
Hermelijntrams waarvan 41 tweerichting en 84 eenrichting. Ongeveer 15 (elk jaar te bepalen) voertuigen worden tijdens het hoogseizoen ingezet aan Kust.
88
Albatros trams
10
CAF Urbos trams
31
2020 IN CIJFERS
BUSVLOOT OP 31 DECEMBER 2020 12-m bussen Bouwjaar / Merk & Type
Reeks
1999
Aantal bussen
Aantal zitpl.
Gelede bussen Aantal staanpl.
1
Van Hool A 600
3689 à 3719
Van Hool AG 500
3774 à 3794
2000
1
3689 à 3719
Van Hool AG 500
3774 à 3794
39
Jonckheere Transit 2000
3829 à 3978
2001
Aantal zitpl.
Aantal staanpl.
39
39
59
91
7 25
60
2 59
102
1
64
22 21
46
Van Hool A 360
4043 à 4093
Van Hool AG 300
4158 à 4164
6
48
100
6
Jonckheere Transit 2000
3986 à 4010
8
59
99
8
Jonckheere Transit 2000
3893 à 3978
Van Hool AG500
4139 à 4157
2002
9
39
Totaal 8
1
25 16
Aantal bussen
1
1 22
Aantal staanpl.
60 7
2
Aantal zitpl.
7
24
Van Hool A 600
Aantal bussen
Kleine bussen
39
66
16
64
9 7
28
59
95
7
9
37
Van Hool A 330
4094 à 4126
5
26
78
5
Van Hool A 330
4225 à 4243
18
26
78
18
Van Hool A 360
4043 à 4093
5
39
66
Van Hool AG 300
4295 à 4317
2003
5 9
41
48
102
24
Van Hool A 308
4244 à 4277
Van Hool A 360
4174 à 4224
37
39
66
Van Hool A 360
4338 à 4404
4
39
64
Van Hool AG 300
4295 à 4317
Van Hool AG 300 Van Hool AG 500
9 13 13
78 18
53
13 37 4
8
48
102
4515 à 4519
1
48
102
1
4278 à 4294
15
59
95
15
2004
53
239
8
34
Van Hool A 309
4664 à 4707
Van Hool A 360
4338 à 4404
Van Hool AG 300
4515 à 4519
4
48
102
4
Van Hool AG 300
4603 à 4663
57
55
98
57
Van Hool AG 300
4708 à 4837
126
55
98
126
Jonckheere Transit
4405 à 4459
52
53
95
52
Jonckheere Man
4460 à 4501
32
16
326
53
39
18
71
64
16 53
18
17
57
18
2020 IN CIJFERS
12-m bussen Bouwjaar / Merk & Type
Reeks
2005
Aantal bussen
Aantal zitpl.
Gelede bussen Aantal staanpl.
75
Van Hool A 309
4664 à 4707
Van Hool AG 300
4603 à 4663
Jonckheere Transit
4524 à 4602
2006
Aantal bussen
Aantal zitpl.
Kleine bussen
Aantal staanpl.
3
Aantal bussen
75
39
Aantal staanpl.
28 28
3
Aantal zitpl.
55
106 17
54
98
28 3
65
44
Totaal
75 57
15
Van Hool A 309
4964 à 4979
Van Hool A 330
4880 à 4901
19
26
76
19
Jonckheere Transit
4838 à 4879
25
39
65
25
Jonckheere Transit
4902 à 4963
2007
15
116
57 102
56
18
52
98
15
57
37
139
Van Hool A 330
5016 à 5029
12
25
78
12
Van Hool A 330
5084 à 5088
3
26
76
3
Van Hool AG 300
5030 à 5063
Jonckheere Transit
4838 à 4879
17
39
65
Jonckheere Transit
5079 à 5083
5
39
65
5
Jonckheere Transit
4980 à 5015
34
39
65
34
Jonckheere Transit
5095 à 5167
31
39
65
Jonckheere Transit
4902 à 4963
2008
34
5276 à 5306
Van Hool A 330
5016 à 5029
2
25
78
Van Hool A 330
5089 à 5091
3
25
82
Van Hool AG 300
5168 à 5275
Jonckheere Transit
5095 à 5167
34
31 56
98
107
Van Hool A 309
2009
96
17
3 46
56
3 31 31
39
17
55
3 55
95
107
65
1
31 2
107 41
184
41 14 1
15 55
30
Van Hool AG 300
5168 à 5275
Van Hool A 309
5334 à 5347
95
1
Van Hool AG 300
5324 à 5333
10
55
95
10
Van Hool AG 300 Hybride
5358 à 5382
3
54
82
3
Van Hool A 300 Hybride
5348 à 5352
Van Hool A 308 Hybride
5353 à 5357
14
1
35
17
55
50
14
1 1
17
42
1
33
2020 IN CIJFERS
12-m bussen Bouwjaar / Merk & Type
Reeks
2010
Aantal bussen
Aantal zitpl.
Gelede bussen Aantal staanpl.
43
Aantal zitpl.
Aantal staanpl.
64 39
Aantal bussen
Aantal zitpl.
Aantal staanpl.
18
Totaal 125
Van Hool A 360
5446 à 5519
Van Hool AG 300
5520 à 5596
Jonckheere Procity
5383 à 5401
Jonckheere Transit
5309 à 5323
15
39
65
15
Van Hool A 360 Hybride
5402 à 5445
3
35
50
3
Van Hool AG 300 Hybride
5358 à 5382
Van Hool A 300 Hybride
5348 à 5352
Van Hool A 308 Hybride
5353 à 5357
2011
21
Aantal bussen
Kleine bussen
61
5446 à 5519
Van Hool AG 300
5520 à 5596
Van Hool A 360 Hybride
5402 à 5445
2012
22 4
39
5446 à 5519
Van Hool AG 300
5520 à 5596
2014
101
42
54
22
12
42
35
39 53
101
24
50
41 11
35
23
50
170
12 53
101
26
11 41
237
Iveco Crossway
5606 à 5762
Van Hool AG 300
5790 à 5816
Jonckheere Midcity
5817 à 5857
Van Hool A 330 FC
5601 à 5605
5
39
64
5
Jonckheere Citea
5763 à 5789
26
25
80
26
2015
37
4 104
61
11
139
17
24 39
14
4
24 41
10
82
4
39
12
50
12
Van Hool A 360
53
14
80
Van Hool A 360
21 42
62
139 26
53
98
26 41
79 37
11
9
41
89
Iveco Crossway
5606 à 5762
Van Hool AG 300
5790 à 5816
VDL Citea Hybride
5877 à 5996
Van Hool A 309 Hybride
5858 à 5875
6
17
55
6
Van Hool A 308 EB
5598 à 5600
3
17
38
3
34
16
1
11
62
16 1
63
25
53
98
1
70
63
2020 IN CIJFERS
12-m bussen Bouwjaar / Merk & Type
Reeks
2016
Aantal bussen
Aantal zitpl.
Gelede bussen Aantal staanpl.
51
Van Hool AG 300
2188 à 2218
VDL Citea Hybride
5877 à 5996
Van Hool A 309 Hybride
5858 à 5875
2017
31 51
5877 à 5996
VDL Citea SLFA
2219 à 2227
VDL Citea SLE
2000 à 2187
2018
Aantal zitpl.
Aantal staanpl.
31
25
Aantal bussen
Aantal zitpl.
Aantal staanpl.
12 53
95
31 51 12
17
55
9
5
25
70
176
31
73
Totaal 94
70
181
VDL Citea Hybride
Aantal bussen
Kleine bussen
12 190 5
9
47
114
9 176
87
87
VDL Citea Hybride
5877 à 5996
1
25
70
1
VDL Citea SLE
2000 à 2187
11
31
73
11
VDL Citea SLE Hybride
2228 à 2293
20
39
57
20
VDL Citea SLE
2294 à 2348
55
37
66
55
2019
110
28
138
VDL Citea SLE Hybride
2228 à 2293
39
39
57
39
VDL Citea SLE Hybride
2363 à 2446
68
39
57
68
Van Hool ExquiCity 24M *
2349 à 2362
12
51
120
12
VDL Citea SLE
2483 à 2537
16
47
114
16
VDL Citea SLF-E
2538 à 2544
2020
3
25
67
78
3 41
36
155
VDL Citea SLE Hybride
2228 à 2293
6
39
57
6
VDL Citea SLE Hybride
2363 à 2446
16
39
57
16
Van Hool A309 Hybride
2447 à 2482
Van Hool Exquicity 24M
2349 à 2362
VDL Citea SLE
2483 à 2537
VDL Citea SLF-E
2538 à 2544
10
25
67
10
VDL Citea SLE-H
2551 à 2630
46
37
59
46
Eindtotaal
36
1 331
17
53
36
2
51
120
2
39
47
114
39
754
252
2 337
35
2020 IN CIJFERS
VERKOCHTE VERVOERBEWIJZEN Abonnementen in omloop
Buzzy Pazz Omnipas 25-64
Nettovervoerontvangsten in euro 2020
2019
145 959
188 882
2019
Biljetten
4 028 804
20 663 108
Mobiele biljetten
12 341 649
23 435 636
55 571
74 934
247 816
294 908
cEMV
VT-netabonnementen
112 314
149 079
Kaarten
12 336 104
30 396 873
VG-netabonnementen
33 441
42 296
Mobiele kaarten
3 593 983
4 447 644
595 101
750 099
Dagpassen
477 266
1 705 017
Mobiele dagpassen
198 744
299 858
33 066 867
36 393 221
Omnipas
41 074 573
46 930 709
MIVB, MTB
1 507 249
1 817 727
12 361 802
16 980 820
4 785 311
5 933 991
Omnipas 65+
Totaal
Uitgezonderd Vrijverkeerkaarten, gratis vervoerbewijzen personen met een handicap, DBS 4, VDAB, gecombineerde abonnementen, studentenpassen.
Buzzy Pazz
NMBS/De Lijn
Geregistreerde ritten
Biljetten Mobiele biljetten Biljetten CEMV
*
2020
*
Tussenkomst derden 2020
2019
1 686 227
8 304 933
5 673 063
12 341 526
106 935
Kaarten
9 521 041
22 748 236
Mobiele kaarten *
2 523 457
3 212 686
bij mobiele vervoerbewijzen gaat het om aantal geactiveerde.
36
Bijzondere diensten Diversen Totaal
246 434
903 216
3 018 219
2 023 297
4 465 800
128 945 299
196 488 623
37
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN
BALANS OP 31 DECEMBER 2020 ACTIVA in duizenden euro 2020
VASTE ACTIVA Immateriële activa Materiële activa Terreinen en gebouwen Installaties, machines en uitrusting
2 000 109
1 979 628
38 997
29 324
1 950 473
1 939 662
600 499
606 948
134 165
115 908
Meubilair en rollend materieel
593 602
556 933
Leasing en soortgelijke rechten
340 865
356 417
2 636
3 280
278 706
300 176
10 639
10 642
1 970
1 970
1 970
1970
Overige materiële vaste activa Activa in aanbouw en vooruitbetalingen Financiële vaste activa Verbonden ondernemingen Deelnemingen Ondernemingen waarmee een deelnemingsverhouding bestaat
8 608
8 608
Deelnemingen
1 422
1 422
Vorderingen
7 186
7 186
61
64
6
6
Andere financiële vaste activa Aandelen Vorderingen en borgtochten in contanten VLOTTENDE ACTIVA Vorderingen op meer dan één jaar Overige vorderingen Voorraden en bestellingen in uitvoering Voorraden Grond- en hulpstoffen Vorderingen op ten hoogste één jaar
55
58
663 719
708 289
2 035
2 366
2 035
2 366
41 117
38 589
41 117
38 589
41 117
38 589
418 216
600 185
Handelsvorderingen
14 118
25 065
Overige vorderingen
404 098
575 120
637
637
637
637
Geldbeleggingen Overige beleggingen Liquide middelen Overlopende rekeningen TOTAAL ACTIVA
38
2019
124 030
1 294
77 684
65 218
2 663 828
2 687 917
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN
PASSIVA in duizenden euro 2020
EIGEN VERMOGEN Kapitaal Geplaatst kapitaal Reserves Beschikbare reserves Overgedragen winst (verlies) +/-
2019
1 857 668
1 811 748
53 951
53 951
53 951
53 951
1 542
1 542
1 542
1 542
99 884
99 862
1 702 291
1 656 393
VOORZIENINGEN EN UITGESTELDE BELASTINGEN
98 513
115 430
Voorzieningen voor risico’s en kosten
98 513
115 430
Pensioenen en soortgelijke verplichtingen
22 982
29 166
Grote herstellings- en onderhoudswerken
31 984
32 506
4 385
4 408
Kapitaalsubsidies
Milieuverplichtingen Overige risico’s en kosten SCHULDEN Schulden op meer dan één jaar Financiële schulden Leasingschulden en soortgelijke schulden
39 198
49 350
707 647
760 739
387 469
398 036
386 649
397 216
386 649
393 716
Kredietinstellingen Overige schulden Schulden op ten hoogste 1 jaar Schulden op meer dan 1 jaar die binnen het jaar vervallen
3 500 820
820
189 972
216 672
12 199
14 519
Financiële schulden
25 813
Kredietinstellingen
25 813
Handelsschulden
88 961
86 908
Leveranciers
88 961
86 908
25
1 737
82 209
81 134
Ontvangen vooruitbetalingen op bestellingen Schulden met betrekking tot belastingen, bezoldigingen en sociale lasten Belastingen Bezoldigingen en sociale lasten Overige schulden Overlopende rekeningen TOTAAL PASSIVA
13 581
13 529
68 628
67 605
6 578
6 561
130 206
146 031
2 663 828
2 687 917
39
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN
RESULTATENREKENING OP 31 DECEMBER 2020 in duizenden euro
2020
Bedrijfsopbrengsten Omzet
1 132 117
1 099 740
1 068 817
1 043 133
Geproduceerde vaste activa
7 731
3 985
Andere bedrijfsopbrengsten
48 481
50 765
Niet recurrente bedrijfsopbrengsten
7 088
1 857
1 242 135
1 197 509
80 843
76 016
Aankopen
83 345
80 055
Voorraad: afname (toename) +/-
-2 502
-4 039
Bedrijfskosten Handelsgoederen, grond- en hulpstoffen
Diensten en diverse goederen
516 511
512 714
Bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen
489 358
476 208
Afschrijvingen en waardeverminderingen op oprichtingskosten, op immateriële en materiële vaste activa
157 533
140 899
Waardeverminderingen op voorraden, bestellingen in uitvoering en handelsvorderingen: toevoegingen (terugnemingen) +/-
-14
10
-16 918
-10 460
Voorzieningen voor risico’s en kosten: toevoegingen (bestedingen en terugnemingen) +/Andere bedrijfskosten
1 984
1 574
Niet-recurrente bedrijfskosten
12 838
548
Bedrijfswinst (Bedrijfsverlies) +/-
-110 018
-97 769
Financiële opbrengsten
137 492
124 945
Recurrente financiële opbrengsten
137 492
124 945
Opbrengsten uit financiële vaste activa
425
396
Opbrengsten uit vlottende activa
573
573
136 494
123 976
27 036
26 314
Andere financiële opbrengsten Financiële kosten Recurrente financiële kosten
27 036
26 314
Kosten van schulden
26 936
26 084
Waardeverminderingen op vlottende activa andere dan voorraden, bestellingen in uitvoering en handelsvorderingen: toevoegingen (terugneming) +/-
16
8
Andere financiële kosten
84
222
Winst (Verlies) van het boekjaar voor belasting +/-
438
862
Belastingen op het resultaat +/-
416
784
Belastingen
40
2019
416
784
Winst (Verlies) van het boekjaar +/-
22
78
Te bestemmen winst (verlies) van het boekjaar +/-
22
78
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN
RESULTAATVERWERKING 2020
Te bestemmen winst (verlies) Te bestemmen winst (verlies) van het boekjaar +/Overgedragen winst (verlies) van het vorige boekjaar +/Over te dragen winst (verlies) +/-
2019
99 884
99 862
22
78
99 862
99 784
99 884
99 862
41
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN
STAAT VAN IMMATERIËLE VASTE ACTIVA in duizenden euro 2020
2019
KOSTEN VAN ONTWIKKELING Aanschaffingswaarde per einde van het boekjaar
93 452
Mutaties tijdens het boekjaar Aanschaffingen, met inbegrip van de geproduceerde activa
4 549
Overdrachten en buitengebruikstellingen
27 382
Overboekingen van een post naar een andere +/-
35 588
Aanschaffingswaarde per einde van het boekjaar
106 207
Afschrijvingen en waardeverminderingen per einde van het boekjaar
64 128
Mutaties tijdens het boekjaar
42
Geboekt
30 445
Afgeboekt na overdrachten en buitengebruikstellingen
27 363
Afschrijvingen en waardeverminderingen per einde van het boekjaar
67 210
NETTOBOEKWAARDE PER EINDE VAN HET BOEKJAAR
38 997
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN
STAAT VAN MATERIËLE VASTE ACTIVA in duizenden euro 2020
2019
TERREINEN EN GEBOUWEN Aanschaffingswaarde per einde van het boekjaar
1 088 407
Mutaties tijdens het boekjaar Aanschaffingen, met inbegrip van de geproduceerde vaste activa
6 804
Overdrachten en buitengebruikstellingen
53 969
Overboekingen van een post naar een andere +/-
32 291
Aanschaffingswaarde per einde van het boekjaar
1 073 533
Afschrijvingen en waardeverminderingen per einde van het boekjaar
481 459
Mutaties tijdens het boekjaar Geboekt
38 956
Afgeboekt na overdrachten en buitengebruikstellingen
47 381
Afschrijvingen en waardeverminderingen per einde van het boekjaar
473 034
NETTOBOEKWAARDE PER EINDE VAN HET BOEKJAAR
600 499
2020
2019
INSTALLATIES, MACHINES EN UITRUSTING Aanschaffingswaarde per einde van het boekjaar
335 917
Mutaties tijdens het boekjaar Aanschaffingen, met inbegrip van de geproduceerde vaste activa
8 719
Overdrachten en buitengebruikstellingen
60 434
Overboekingen van een post naar een andere +/-
29 569
Aanschaffingswaarde per einde van het boekjaar
313 771
Afschrijvingen en waardeverminderingen per einde van het boekjaar
220 009
Mutaties tijdens het boekjaar Geboekt Afgeboekt na overdrachten en buitengebruikstellingen Overgeboekt van een post naar een andere +/-
19 125 59 528 1
Afschrijvingen en waardeverminderingen per einde van het boekjaar
179 607
NETTOBOEKWAARDE PER EINDE VAN HET BOEKJAAR
134 164
43
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN
2020
2019
MEUBILAIR EN ROLLEND MATERIEEL Aanschaffingswaarde per einde van het boekjaar
1 196 386
Mutaties tijdens het boekjaar Aanschaffingen, met inbegrip van de geproduceerde vaste activa
78 439
Overdrachten en buitengebruikstellingen
2 779
Overboekingen van een post naar een andere +/Aanschaffingswaarde per einde van het boekjaar
-14 497 1 257 549
Afschrijvingen en waardeverminderingen per einde van het boekjaar
639 453
Mutaties tijdens het boekjaar Geboekt
52 849
Afgeboekt na overdrachten en buitengebruikstellingen Overboekingen van een post naar een andere +/-
2 742 -25 613
Afschrijvingen en waardeverminderingen per einde van het boekjaar
663 947
NETTOBOEKWAARDE PER EINDE VAN HET BOEKJAAR
593 602
2020
2019
LEASING EN SOORTGELIJKE RECHTEN Aanschaffingswaarde per einde van het boekjaar
435 210
Mutaties tijdens het boekjaar Aanschaffingen, met inbegrip van de geproduceerde vaste activa Aanschaffingswaarde per einde van het boekjaar
52 435 262
Afschrijvingen en waardeverminderingen per einde van het boekjaar
78 793
Mutaties tijdens het boekjaar Geboekt Afschrijvingen en waardeverminderingen per einde van het boekjaar NETTOBOEKWAARDE PER EINDE VAN HET BOEKJAAR
15 604 94 397 340 865
waarvan Terreinen en gebouwen Meubilair en rollend materieel
44
332 327 8 538
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN
2020
2019
OVERIGE MATERIËLE VASTE ACTIVA Aanschaffingswaarde per einde van het boekjaar
21 854
Mutaties tijdens het boekjaar Aanschaffingen, met inbegrip van de geproduceerde vaste activa
61
Overdrachten en buitengebruikstellingen
18 245
Overboekingen van een post naar een andere +/-
25 837
Aanschaffingswaarde per einde van het boekjaar
29 507
Afschrijvingen en waardeverminderingen per einde van het boekjaar
18 574
Mutaties tijdens het boekjaar Geboekt
848
Afgeboekt na overdrachten en buitengebruikstellingen
18 163
Overboekingen van een post naar een andere +/-
25 612
Afschrijvingen en waardeverminderingen per einde van het boekjaar
26 871
NETTOBOEKWAARDE PER EINDE VAN HET BOEKJAAR
2 636
2020
2019
ACTIVA IN AANBOUW EN VOORUITBETALINGEN Aanschaffingswaarde per einde van het boekjaar
300 176
Mutaties tijdens het boekjaar Aanschaffingen, met inbegrip van de geproduceerde vaste activa Overboekingen van een post naar een andere +/-
87 318 -108 788
Aanschaffingswaarde per einde van het boekjaar
278 706
NETTOBOEKWAARDE PER EINDE VAN HET BOEKJAAR
278 706
45
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN
STAAT VAN FINANCIËLE VASTE ACTIVA in duizenden euro 2020
2019
VERBONDEN ONDERNEMINGEN - DEELNEMINGEN EN AANDELEN Aanschaffingswaarde per einde van het boekjaar
1 970
Aanschaffingswaarde per einde van het boekjaar
1 970
NETTOBOEKWAARDE PER EINDE VAN HET BOEKJAAR
1 970
2020
2019
ONDERNEMINGEN MET DEELNEMINGSVERHOUDING DEELNEMINGEN EN AANDELEN Aanschaffingswaarde per einde van het boekjaar
1 422
Aanschaffingswaarde per einde van het boekjaar
1 422
NETTOBOEKWAARDE PER EINDE VAN HET BOEKJAAR
1 422
2020
2019
ONDERNEMINGEN WAARMEE EEN DEELNEMINGSVERHOUDING BESTAAT - VORDERINGEN Netto boekwaarde per einde van het boekjaar NETTOBOEKWAARDE PER EINDE VAN HET BOEKJAAR
46
7 186 7 186
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN
2020
2019
ANDERE ONDERNEMINGEN - DEELNEMINGEN EN AANDELEN Aanschaffingswaarde per einde van het boekjaar
6
Aanschaffingswaarde per einde van het boekjaar
6
NETTOBOEKWAARDE PER EINDE VAN HET BOEKJAAR
6
2020
2019
ANDERE ONDERNEMINGEN - VORDERINGEN Nettoboekwaarde per einde van het boekjaar
58
Mutaties tijdens het boekjaar Terugbetalingen Overige mutaties NETTOBOEKWAARDE PER EINDE VAN HET BOEKJAAR
DEELNEMINGEN EN MAATSCHAPPELIJKE RECHTEN IN ANDERE ONDERNEMINGEN Rechtstreekse deelneming (99,99%) in nv Lijncom Rechtstreekse deelneming (18,59%) nv Belgian Mobility Card Rechtstreekse deelneming (0,00%) in nv Optimobil Vlaanderen Rechtstreekse deelneming (98,46%) nv Blue-Mobility Rechtstreekse deelneming (24,00%) nv Project Brabo 1 Rechtstreekse deelneming (26,00%) nv Livan Infrastructure Rechtstreekse deelneming (87,18%) in nv Optimobil ingebracht in Blue-Mobility
-3 55
aantal aandelen 599 999 970 0 3 640 36 024 52 1 700
47
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN
GELDBELEGGINGEN EN OVERLOPENDE REKENINGEN (ACTIVA) in duizenden euro 2020
2019
OVERIGE GELDBELEGGINGEN Aandelen en geldbeleggingen andere dan vastrentende beleggingen Vastrentende beleggingen Termijnrekeningen bij kredietinstellingen Hierboven niet-opgenomen overige geldbeleggingen
637
637
2020
OVERLOPENDE REKENINGEN Uitsplitsing van post 490/1 van de activa indien daaronder een belangrijk bedrag voorkomt Verkregen opbrengsten: provisie Cliquet
3 787
Verkregen opbrengsten: verschil PPS beschikbaarheidsvergoeding
66 203
Over te dragen kosten: contracten, abonnementen
6 237
2020
2019
STAAT VAN HET KAPITAAL Maatschappelijk kapitaal Geplaatst kapitaal per einde van het boekjaar
53 951
53 951
bedragen
aantal aandelen
53 951
2 706 052
Samenstelling van het kapitaal: soorten aandelen Aandelen zonder nominale waarde Aandelen op naam
48
2 706 052
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN
VOORZIENINGEN VOOR OVERIGE RISICO’S EN KOSTEN in duizenden euro 2020
UITSPLITSING VAN DE POST 164/5 VAN DE PASSIVA INDIEN DAARONDER EEN BELANGRIJK BEDRAG VOORKOMT Voorziening hangende geschillen
10 793
Voorziening Lijnwerk
1 459
Nog te vereffenen schadegevallen
23 826
Voorziening beroepsziekte
3 120
STAAT VAN SCHULDEN EN OVERLOPENDE REKENINGEN (PASSIVA) in duizenden euro 2020
UITSPLITSING VAN DE SCHULDEN MET EEN OORSPRONKELIJKE LOOPTIJD VAN MEER DAN ÉÉN JAAR, NAARGELANG HUN RESTERENDE LOOPTIJD Schulden op meer dan één jaar die binnen het jaar vervallen Financiële schulden Leasingschulden en soortgelijke schulden Kredietinstellingen Schulden met een resterende looptijd van méér dan één jaar doch hoogstens 5 jaar Financiële schulden Leasingschulden en soortgelijke schulden Overige schulden Schulden met een resterende looptijd van méér dan 5 jaar Financiële schulden Leasingschulden en soortgelijke schulden
12 199 12 199 8 699 3 500 35 941 35 121 35 121 820 351 528 351 528 351 528
49
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN
2020
GEWAARBORGDE SCHULDEN Door Belgische overheidsinstellingen gewaarborgde schulden Financiële schulden Leasingschulden en soortgelijke schulden
399 668 398 847 395 347
Kredietinstellingen
3 500
Overige schulden
821
2020
SCHULDEN MET BETREKKING TOT BELASTINGEN, BEZOLDIGINGEN EN SOCIALE LASTEN 13 581
Belastingen (post 450/3 en 178/9 van de passiva) Niet-vervallen belastingschulden
13 581 68 628
Bezoldigingen en sociale lasten (post 454/9 en 178/9 van de passiva) Andere schulden met betrekking tot bezoldigingen en sociale lasten
68 628
OVERLOPENDE REKENINGEN in duizenden euro 2020
UITSPLITSING VAN DE POST 492/3 VAN DE PASSIVA INDIEN DAARONDER EEN BELANGRIJK BEDRAG VOORKOMT Te affecteren investeringsprovisie Afschrijvingen/financieringen Voorverkoop distributeurs
1 077
Project Livan/Cluster II
4 538
Gesubsidieerde vaste activa
6 274
ESR exploitatietekort
6 251
Toe te wijzen concessie Lijncom
2 011
Toelage PPS Oostende
4 901
Smartticket spreiding
12 171
Abonnementen spreiding Over te dragen dotatie Gasolie en Hoogspanning
50
2 936 43 910
35 737 6 323
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN
BEDRIJFSRESULTATEN in duizenden euro 2020
2019
BEDRIJFSOPBRENGSTEN Netto-omzet per bedrijfscategorie Openbaar vervoer
1 068 817
1 043 133
1 068 817
1 043 133
Netto-omzet per geografische markt Vlaanderen BEDRIJFSKOSTEN Werknemers waarvoor de onderneming een DIMONA-verklaring heeft ingediend of die zijn ingeschreven in het algemeen personeelsregister Totaal aantal op afsluitingsdatum
7 520
7 713
7 379,7
7 604,6
11 569 959
11 319 669
Bezoldigingen en rechtstreekse sociale voordelen
305 603
294 636
Werkgeversbijdragen voor sociale verzekeringen
145 246
139 535
137
92
Andere personeelskosten
22 328
24 078
Ouderdoms- en overlevingspensioenen
16 044
17 867
-6 184
-9 740
Gemiddeld personeelsbestand berekend in voltijdse equivalenten Aantal daadwerkelijk gepresteerde uren Personeelskosten
Werkgeverspremies voor bovenwettelijke verzekeringen
Voorzieningen voor pensioenen en soortgelijke verplichtingen Toevoegingen (bestedingen en terugnemingen) +/Waardeverminderingen Op voorraden en bestellingen in uitvoering Geboekt
1 315
1 517
Teruggenomen
1 341
1 404
Op handelsvorderingen Geboekt
12
Teruggenomen
103
Voorzieningen voor risico’s en kosten Toevoegingen
14 796
15 406
Bestedingen en terugnemingen
31 714
25 866
Andere bedrijfskosten Bedrijfsbelastingen en -taksen Andere
815
886
1 169
688
164
184
Uitzendkrachten en ter beschikking van de onderneming gestelde personen Totaal aantal op de afsluitingsdatum Gemiddeld aantal berekend in voltijdse equivalenten Aantal daadwerkelijk gepresteerde uren Kosten voor de onderneming
250,2
266,7
426 132
426 132
17 635
17 223
51
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN
FINANCIËLE RESULTATEN in duizenden euro 2020
2019
RECURRENTE FINANCIËLE OPBRENGSTEN Andere financiële opbrengsten
136 205
123 644
136 205
123 644
19
10
3
2
Door de overheid toegekende subsidies, aangerekend op de resultatenrekening Kapitaalsubsidies RECURRENTE FINANCIËLE KOSTEN Waardeverminderingen op vlottende activa Geboekt Teruggenomen
OPBRENGSTEN EN KOSTEN VAN UITZONDERLIJKE OMVANG OF UITZONDERLIJKE MATE VAN VOORKOMEN in duizenden euro 2020
2019
NIET-RECURRENTE OPBRENGSTEN 7 088
1 857
44
204
7 044
1 653
12 838
548
293
293
Minderwaarden bij de realisatie van immateriële en materiële vaste activa
7 633
11
Andere niet-recurrente bedrijfskosten
4 912
244
Niet-recurrente bedrijfsopbrengsten Meerwaarden bij de realisatie van immateriële en materiële vaste activa Andere niet-recurrente bedrijfsopbrengsten NIET-RECURRENTE KOSTEN Niet-recurrente bedrijfskosten Niet-recurrente afschrijvingen en waardeverminderingen op oprichtingskosten, op immateriële en materiële vaste activa
52
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN
BELASTINGEN EN TAKSEN in duizenden euro 2020
BELASTINGEN OP HET RESULTAAT 416
Belastingen op het resultaat van het boekjaar Verschuldigde of betaalde belastingen en voorheffingen
416 2020
2019
BELASTINGEN OP DE TOEGEVOEGDE WAARDE EN BELASTINGEN TEN LASTE VAN DERDEN In rekening gebrachte belasting op de toegevoegde waarde Aan de onderneming (aftrekbaar)
126 670
130 654
Door de onderneming
50 650
66 037
13 581
13 524
Ingehouden bedragen ten lasten van derden als Bedrijfsvoorheffing
NIET IN DE BALANS OPGENOMEN RECHTEN EN VERPLICHTINGEN in duizenden euro 2020
ZAKELIJKE ZEKERHEDEN Zakelijke zekerheden die door de onderneming op haar eigen activa werden gesteld of onherroepelijk beloofd als waarborg voor schulden en verplichtingen van de onderneming Zekerheden op de nog door de onderneming te verwerven activa - Bedrag van de betrokken activa
340 865
Zakelijke zekerheden die door de onderneming op haar eigen activa werden gesteld of onherroepelijk beloofd als waarborg voor schulden en verplichtingen van derden Zekerheden op de nog door de onderneming te verwerven activa - Bedrag van de betrokken activa
340 865
GOEDEREN EN WAARDEN GEHOUDEN DOOR DERDEN IN HUN NAAM MAAR TEN BATE EN OP RISICO VAN DE ONDERNEMING, VOOR ZOVER DEZE GOEDEREN EN WAARDEN NIET IN DE BALANS ZIJN OPGENOMEN Te vervallen intresten van investeringsleningen Voor diverse dossiers werden er waarborgen ontvangen
138 133 326
Langetermijn verhuurovereenkomsten
2 470
Voor diverse dossiers zijn er bankwaarborgen door De Lijn gesteld
8 444
Verplichtingen tot aankoop
566 706
53
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN
Betrekkingen met verbonden ondernemingen, geassocieerde ondernemingen en de andere ondernemingen waarmee een deelnemingsverhouding bestaat in duizenden euro 2020
2019
VERBONDEN ONDERNEMINGEN Financiële vaste activa Deelnemingen
1 970
1 970
1 970
1 970
4 190
5 633
4 190
5 633
189
114
189
114
8 608
8 608
Deelnemingen
1 422
1 422
Achtergestelde vorderingen
7 186
7 186
Vorderingen Op hoogstens één jaar Schulden Op hoogstens één jaar ANDERE ONDERNEMINGEN WAARMEE EEN DEELNEMINGSVERHOUDING BESTAAT Financiële vaste activa
Financiële betrekkingen met in duizenden euro 2020
BESTUURDERS EN ZAAKVOERDERS, NATUURLIJKE OF RECHTSPERSONEN DIE DE ONDERNEMING RECHTSTREEKS OF ONRECHTSTREEKS CONTROLEREN ZONDER VERBONDEN ONDERNEMINGEN TE ZIJN, OF ANDERE ONDERNEMINGEN DIE DOOR DEZE PERSONEN RECHTSTREEKS OF ONRECHTSTREEKS GECONTROLEERD WORDEN Rechtstreeks en onrechtstreekse bezoldigingen en ten laste van de resultatenrekening toegekende pensioenen, voor zover deze vermelding niet uitsluitend of hoofdzakelijk betrekking heeft op de toestand van een enkel indentificieerbaar persoon Aan bestuurders en zaakvoerders
134
DE COMMISSARIS(SEN) EN DE PERSONEN MET WIE HIJ (ZIJ) VERBONDEN IS (ZIJN) Bezoldiging van commissaris(sen)
134
Bezoldiging voor uitzonderlijke werkzaamheden of bijzondere opdrachten uitgevoerd binnen de vennootschap door de commissaris(sen) Andere controleopdrachten
54
5
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN
SOCIALE BALANS Werknemers ingeschreven in het personeelsregister BOEKJAAR 2020
Mannen
Vrouwen
Totaal
Gemiddeld aantal werknemers Voltijds
5 224,6
Deeltijds
951
6 175,6
1 245
448,4
1 693,4
6 116,2
1 263,5
7 379,7
Voltijds
8 511 679
1 439 577
9 951 256
Deeltijds
1 227 130
391 573
1 618 703
9 738 809
1 831 150
11 569 959
Voltijds
348 203
58 891
407 094
Deeltijds
50 200
16 019
66 219
398 403
74 910
473 313
30 317
5 700
36 017
Totaal in voltijdse equivalenten Aantal daadwerkelijke gepresteerde uren
Totaal Personeelskosten*
Totaal Bedrag van voordelen bovenop het loon*
BOEKJAAR 2019
Mannen Gemiddeld aantal werknemers in VTE Aantal daadwerkelijke gepresteerde uren Personeelskosten* Bedrag van de voordelen bovenop het loon
Vrouwen
Totaal
5 913,6
1 225,9
7 139,5
9 560 621
1 759 048
11 319 669
376 201
82 139
458 341
26 781
5 686
32 467
* in duizenden euro
55
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN
Op de afsluitingsdatum van het boekjaar Aantal werknemers
Voltijds
TOTAAL in VTE
Deeltijds
6 309
1 691
7 520,2
6 247
1 688
7 456,4
60
2
61,3
2
1
2,5
5 334
1 260
6 241,5
906
268
1 110,9
3 344
737
3 862,4
963
227
1 125,9
Volgens de aard van de arbeidsovereenkomst Overeenkomst voor onbepaalde tijd Overeenkomst voor bepaalde tijd Overeenkomst voor een duidelijk omschreven werk Vervangingsovereenkomst Volgens het geslacht en het studieniveau Mannen lager onderwijs secundair onderwijs hoger niet-universitair onderwijs universitair onderwijs Vrouwen
121
28
142,3
975
431
1 278,7
lager onderwijs
210
91
263,5
secundair onderwijs
605
260
799,9
hoger niet-universitair onderwijs
133
66
175,2
27
14
40,1
universitair onderwijs Volgens de beroepscategorie
6
0
6,0
Bedienden
Directiepersoneel
1 244
351
1 503,4
Arbeiders
5 048
1 340
5 999,8
11
0
11,0
Andere
Uitzendkrachten en ter beschikking van de onderneming gestelde personen Tijdens het boekjaar Gemiddeld aantal tewerkgestelde personen Aantal daadwerkelijke gepresteerde uren Kosten voor de onderneming* * in duizenden euro
56
Uitzendkrachten
Ter beschikking van de onderneming gestelde personen
173,4
76,8
337 099
89 033
8 028
9 607
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN
Personeelsverloop tijdens het boekjaar Ingetreden Aantal werknemers waarvoor de onderneming tijdens het boekjaar een DIMONA-verklaring heeft ingediend of tijdens het boekjaar werden ingeschreven in het algemeen personeelsregister
Voltijds
Deeltijds
TOTAAL in VTE
385
2
386,6
309
2
310,6
Volgens de aard van de arbeidsovereenkomst Overeenkomst voor onbepaalde tijd Overeenkomst voor bepaalde tijd
76
76,0
Voltijds
Deeltijds
TOTAAL in VTE
489
91
553,7
Overeenkomst voor onbepaalde tijd
432
90
496,2
Overeenkomst voor bepaalde tijd
57
1
57,5
79
48
113,5
Werkloosheid met bedrijfstoeslag
10
6
14,2
Afdanking
121
3
123,1
Andere reden
279
34
302,9
Uitgetreden Aantal werknemers met een DIMONA-verklaring aangegeven of een in het algemeen personeelsregister opgetekende datum waarop hun overeenkomst tijdens het boekkjaar een einde nam Volgens de aard van de arbeidsovereenkomst
Volgens de reden van beëindiging van de overeenkomst Pensioen
Inlichtingen over de opleiding voor de werknemers tijdens het boekjaar Totaal van de formele voortgezette beroepsopleidingsinitiatieven ten laste van de werkgever Aantal betrokken werknemers Aantal gevolgde opleidingsuren Nettokosten voor de onderneming* waarvan brutokosten rechtstreeks verbonden met de opleiding Totaal van de minder formele en informele voortgezette beroepsopleidingsinitiatieven ten laste van de werkgever Aantal betrokken werknemers Aantal gevolgde opleidingsuren Nettokosten voor de onderneming*
Mannen
Vrouwen
4 771
1 023
163 697
30 238
8 343
1 497
8 343
1 497
Mannen
Vrouwen 346
57
3 505
868
155
39
* in duizenden euro
57
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN
SAMENVATTING VAN DE WAARDERINGSREGELS Immateriële- en materiële vaste activa De immateriële en materiële vaste activa wor-
De afschrijvingspercentages werden vast-
den op het actief van de balans geboekt voor
gelegd door de raad van bestuur in zitting
hun aanschaffingswaarde (aanschaffings-
van 19 november 1991 en aangepast volgens
waarde of vervaardigingsprijs). Er zijn geen
nieuwe ontwikkelingen.
herwaarderingen toegepast. Voor de vaste activa die via een overeenkomst De afschrijvingen worden gedaan op basis
gedeeltelijk door derden worden gefinan-
van de lineaire methode, tegen de jaarlijkse
cierd, kan in de overeenkomst een levensduur
percentages die hieronder worden vermeld.
worden bepaald die afwijkt van de algemene regel (o.a. PPS-contracten).
Op de vaste activa in aanbouw worden geen afschrijvingen verricht.
Levensduur Onderzoek en ontwikkeling
5 jaar
20%
Gebouwen
40 jaar
2,5%
Verbouwingswerken gebouwen en vernieuwingswerken
20 jaar
5%
Schuilhuisjes
10 jaar
10%
schuilhuisjes aanhorigheden
5 jaar
20%
Sporen
25 jaar
4%
Bovenleiding
20 jaar
5%
Tractiestations
20 jaar
5%
Zware uitrustingsgoederen (en installaties)
20 jaar
5%
Machines
10 jaar
10%
Materieel
5 jaar
20%
Spoorrijtuigen
30 jaar
3,3%
Autobussen
14 jaar
7,14%
Trolleybussen
25 jaar
4%
Wegvoertuigen
10 jaar
10%
Personenwagens
5 jaar
20%
afschrijvingen binnen 1 boekjaar
100%
Meubilair
10 jaar
10%
Midibussen
10 jaar
10%
3 jaar
33,33%
Historisch rollend materieel
Informaticamateriaal: Hardware en software Vernieuwing activa en aankoop tweedehands goederen Rollend materieel in cross border leasing Prototypes Voertuigen uit dienst
58
Voet
Op de overblijvende levensduur Afschrijving over de levensduur volgens oorspronkelijk afschrijvingsplan Afschrijving volgens dossier Op de overblijvende levensduur
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN
Vorderingen op meer dan 1 jaar, vorderingen op ten hoogste 1 jaar en borgtochten in contanten
Geldbeleggingen en liquide middelen De vastrentende effecten worden in de balans opgenomen voor hun aanschaffingswaarde.
De vorderingen en borgtochten in contanten worden geboekt voor hun nominale waarde. Waardeverminderingen worden geboekt in geval van oninbaarheid.
Overlopende rekeningen
Er werd ten laste van voorgaande jaren een
De overlopende rekeningen omvatten…
waardevermindering geboekt van het resterende saldo van de compensatievergoeding
Op het actief :
van 1985 (ten bedrage van 0,64 miljoen onder
de kosten die betrekking hebben op de vol-
de handelsvorderingen) alsook voor het saldo
gende boekjaren, evenals de opbrengsten met
op de staatstoelage van 1985 (ten bedrage van
betrekking tot het boekjaar die zullen ont-
3,86 miljoen euro onder de vlottende activa).
vangen worden in de loop van het volgende boekjaar. Om het aandeel van ieder boekjaar te berekenen, wordt een evenredigheidsregel toegepast, die wat betreft de vooruitbetaalde
Voorraden en bestellingen in uitvoering
huur op de sale-and-rent-back transacties nagenoeg gelijk loopt met de initiële afschrij-
De voorraden en hulpstoffen worden gewaar-
vingstermijn.
deerd tegen aanschaffingswaarde, bepaald door toepassing van de methode van gewo-
Op het passief :
gen gemiddelde aanschaffingsprijzen.
De kosten met betrekking tot het boekjaar, maar te betalen tijdens het volgende boekjaar
Binnen de voorraadsoftware werd een module
evenals de opbrengsten, verworven in de loop
ontwikkeld om de waardevermindering te
van het boekjaar of vorige boekjaren, maar
bepalen, op basis van ouderdom voertuigen
toe te rekenen aan volgende boekjaren.
(belangrijke wisselstukken) of op basis van voorraadrotatie.
Om het aandeel van ieder boekjaar te berekenen, wordt een evenredigheidsregel
De goederen in bewerking en de bestellingen
toegepast die aansluit met de betreffende
in uitvoering worden geboekt tegen vervaar-
afschrijvingstermijnen en/of de duurtijd van
digingsprijs, die zowel directe als indirecte
de betrokken contracten.
kosten omvat. Krachtens de beslissing van de Vlaamse Regering kon De Lijn de meerontvangsten affecteren aan investeringen. Deze werkwijze stopte in 2016. Het saldo van de in eerdere boekjaren geaffecteerde meerontvangsten bedraagt eind 2020 2,9 miljoen euro.
59
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN
ESR exploitatietekort Als gevolg van de overschrijding in 2016 van
• niettegenstaande CBN advies 163 aan de
het ESR-vorderingensaldo werd 6,3 miljoen
leasingschulden, gezien de door De Lijn
euro gereserveerd op een afzonderlijke ba-
gedane vooruitbetalingen en in het licht
lansrekening voor later gebruik.
van de door de raad van bestuur vastgestelde onderlinge samenhang der contrac-
Vaste activa gefinancierd via leningen, aflos-
ten, geen uitdrukking gegeven. Voor de in
singen versus afschrijvingen
2000 t.e.m. 2006 afgesloten verrichtingen bedraagt deze leasingschuld 18,7 miljoen
Een gedeelte van de investeringen van De
euro per 31 december 2020 (20,3 miljoen
Lijn werd in het verleden gefinancierd door
euro in 2019).
bankleningen. De financiering, die De Lijn jaarlijks ontvangt, deel van de exploitatie-
De raad van bestuur is van oordeel dat met
toelage, is gelijk aan de aflossingen van de
gebeurlijke risico’s, verbonden aan dergelijke
leningen (ESR-uitgave). Deze aflossingen van
verrichtingen, in het specifiek contractueel
de leningen stemmen echter niet overeen met
kader werd rekening gehouden, zoals bv.
de afschrijvingen, die bedrijfseconomisch in
een wijziging aan de voor de verrichtingen
resultaat worden genomen.
relevante fiscale wetgeving en, alhoewel de gedane vooruitbetalingen aan in het kader
De laatste aflossing van de leningen is voor-
van de verrichtingen gecreëerde entiteiten
zien in 2021, de afschrijvingen lopen tot 2050.
(PUA), de verplichting in hoofde van De Lijn
ESR-matig wordt de volledige toelage als
tot betaling van de leaseterms.
ontvangst opgenomen t.o.v. de aflossingen van de leningen als uitgave. Bedrijfseconomisch wordt het bedrag aan toelage op een overlopende rekening geboekt. Op het einde boekjaar 2020 bedraagt dit 43,9 miljoen euro. Het resultaat m.b.t. het rollend materieel opgenomen in sale-and-lease-back verrichtingen In toepassing van de betreffende boekhoudwetgeving en ingevolge ingewonnen advies, wordt: • het resultaat op deze verrichtingen gespreid over de looptijd van de leasings;
60
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN
Voorzieningen voor risico’s en kosten Bij de afsluiting van ieder boekjaar wordt
De opbouw van de provisies groot onderhoud
overgegaan tot een onderzoek van alle
en saneringskosten worden getoetst aan
gekende risico’s en latente verplichtingen,
externe studies rond spoorinfrastructuur en
teneinde toevoegingen, terugnemingen of
interne evaluaties inzake milieu en ontmante-
annulaties te doen aan de staat van de
lingsrisico’s. De voorzieningen zijn gebaseerd
voorzieningen.
op inschattingen en hypothesen waaraan
• De Lijn is eigen verzekeraar voor schade-
elementen van onzekerheid verbonden zijn.
gevallen voortvloeiend uit schade aan derden tot 500 000 euro. Voor deze schadegevallen wordt het risico telkens ingeschat en dit steeds op een meer accurate wijze. De voorziening bedraagt 23,8 miljoen euro (22,3 miljoen euro in 2019). • Vanaf 2006 wordt er een voorziening aangelegd voor alle toekomstige sane-
Schulden op meer dan een jaar en schulden op ten hoogste een jaar De schulden worden geboekt voor hun nominale waarde.
ringskosten. De milieurisico’s hebben voornamelijk betrekking op vervuilde sites. De toekomstige saneringskosten worden begroot op basis van een inventaris. Per 31 december 2020 is 4,4 miljoen euro (4,4 miljoen euro in 2019) voorzien voor milieurisico’s. Genoemde voorziening wordt jaarlijks geactualiseerd in functie van voormelde inventaris en van de begroting van de saneringskosten. • Voor haar activiteiten gebruikt De Lijn vaste activa die intensief en met een vooropgestelde levensduur worden gebruikt. Teneinde de vooropgestelde levensduur te bereiken zijn periodiek grote herstellingen en groot onderhoud nodig. Om de kost van groot onderhoud en grote herstellingen te spreiden over een levensduur van de activa werd hiervoor een voorziening
Voorzieningen overuren en verlofdagen De voorziening voor overgedragen vakantiedagen werd gealigneerd op de instructies van de Vlaamse Overheid binnen het Rekendecreet. Vanaf 2016 wordt een provisie aangelegd ten belope van 0,1 % van de loonmassa (bruto lonen en wedden) voor vakantiedagen. De provisie voor overgedragen vakantiedagen blijft stabiel in vergelijking met vorig jaar. Op basis van de berekening volgens de effectieve dagen zou de voorziening voor overgedragen vakantiedagen en overuren respectievelijk 26,06 miljoen euro en 1,7 miljoen euro moeten bedragen per 31 december 2020:
aangelegd van 31,9 miljoen euro (32,5 miljoen euro in 2019).
Verlofdagen
Overuren
2020
2019
Delta
116 374
103 697
+ 12 677
26,06 mio euro
23,34 mio euro
+2,72 mio euro
7 572
7 633
-61
1,7 mio euro
1,7 mio euro
0
61
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN
Kapitaalsubsidies
De PPS-projecten worden afgeschreven voor de periode van de contracttermijn en de
De vrijval van de kapitaalsubsidies ten gunste
daaropvolgende huuroptie. Indien er geen
van de resultatenrekening gebeurt naar even-
huuroptie is voorzien in het contract bedraagt
redigheid van de afschrijvingen van de vaste
de afschrijvingstermijn de contracttermijn.
activa waarop de subsidies betrekking hebben.
Dit is consistent met de richtlijnen van advies
In 2020 bekwam De Lijn een subsidie van 179,7
2016/1 van de commissie van boekhoud-
miljoen euro.
kundige normen inzake de opbouw van de aflossingstabel.
Het verschil tussen de vastleggingen en geboekte activa bedraagt 459,3 miljoen euro
Hieronder een overzicht van de investerings-
(457,0 miljoen euro in 2019). Hiervoor ver-
waarden per project:
wacht De Lijn volgens dossieruitvoering nog facturen.
PPS op balans
investeringswaarde
Tongeren
6 600 000,00
BOvZo - Brugge
22 785 112,00
PPS-projecten
BOvZo - Zomergem
3 886 293,00
Boekhoudkundig referentiekader
Brabo 1 - stelpl + DW
59 728 893,35
Brabo 1 - MB
23 838 810,66
Livan
87 789 264,77
Cluster 2 - Sint-Niklaas
9 584 553,04
De boekhoudkundige verwerking van PPS-projecten werd geanalyseerd in functie van de door De Lijn toe te passen referentiekaders. Volgende PPS-constructies werden geherkwalificeerd als ‘on balance’: stelplaats Tongeren, Brabo I, Brugge - Overijse- Zomergem (BOvZO). Het Advies van de Commissie voor Boekhoudkundige Normen 2015/5 is richtinggevend voor de bedrijfseconomische boekhoudkundige verwerking. Het verschil van het effect van de verhoogde kosten, afschrijvingen en renten, t.o.v. de beschikbaar-
BOvZo - Overijse
6 930 446,99
Cluster 2 - Leuven
19 224 259,88
Cluster 2 - Hasselt
36 523 102,45
Brabo 2 - BCT 1
9 228 697,31
Brabo 2 - BCT 2
14 303 865,68
Brabo 2 - BCT 3
17 282 312,08
Brabo 2 - BCT 4
14 168 282,22
Brabo 2 - BCT 5 a
31 698 635,56
Brabo 2 - BCT 5 b
6 822 228,61
Oostende
37 768 569,83 408 163 327,42
heidsvergoedingen, wordt op een overlopende rekening gezet die terug zal afnemen op het moment dat de vooropgestelde beschikbaarheidsvergoedingen de som van afschrijvingen
62
Livan 1 en Cluster 2
en renten zal overschrijden. De overlopende
Voor de projecten Livan en Cluster 2 werden
rekening bedraagt met het historisch deel
respectievelijk 4,0 miljoen en 2,3 miljoen aan
inbegrepen 66,2 miljoen euro (56,9 miljoen
entreevergoedingen ontvangen. De interne
euro per einde 2019). De overlopende rekening
gemaakte kosten voor deze projecten worden
zal in 2031 pieken met een bedrag van 122,9
geneutraliseerd door opname van dit deel in
miljoen euro.
andere bedrijfsopbrengsten.
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN
Na het jaar van in exploitatie nemen, wordt
Geschillen
het resterend deel gespreid in opbrengsten genomen over de looptijd van het project.
De Lijn is betrokken bij een aantal geschillen. Hiervoor wordt telkens het risico ingeschat
Overgedragen winst/verlies
en indien nodig een voorziening aangelegd. Deze bedraagt 9,1 miljoen euro in 2020 (16,3
Naar aanleiding van de inbreng bij de op-
miljoen euro in 2019).
richting van De Lijn werd een overgedragen verlies tot uitdrukking gebracht van 20,0 mil-
In verband met het project Brabo II werd
joen euro. De historische resultaten sindsdien
De Lijn op de hoogte gebracht van een claim/
verantwoorden de toepassing van de waarde-
vordering van de opdrachthouder op de ver-
ringsregels in de optiek van continuïteit.
schillende opdrachtgevers waaronder De Lijn. De juridische gegrondheid noch de omvang
In 2012 werd het eigen vermogen in deze
van deze vordering kunnen op heden objec-
rubriek aangevuld met 138,6 miljoen euro, een
tief ingeschat worden en moeten nog aan
gevolg van de toepassing en het inwerking-
verder onderzoek onderworpen worden. Deze
treden van het Rekendecreet. Dit bedrag werd
voorzieningen hebben een onvermijdelijk
rechtstreeks op de klasse 14 geboekt en loopt
aleatoir karakter en/of er zijn geen objectieve
niet over verlies en winst.
beoordelingscriteria voorhanden.
Derhalve staat de rubriek ‘overgedragen winst/verlies’ in saldo met een overgedragen winst.
63
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN SWT
Wegens het ontbreken van een schriftelijke neerslag dat de juridische verantwoorde-
Vorige boekjaren werd er bij de bepaling van
lijkheid niet bij De Lijn ligt, heeft De Lijn de
de provisie enkel rekening gehouden met de
bevestiging gevraagd aan de Vlaamse Rege-
bestaande SWT-ers en de personeelsleden die
ring dat de juridische verantwoordelijkheid
al een aanvraag hebben ingediend voor SWT.
van deze oude pensioenverplichtingen bij de
Gezien de verlenging van de cao voor 2 jaar
Vlaamse gemeenschap ligt. De Vlaamse Rege-
wordt er vanaf 2016 ook provisie voorzien
ring heeft dit bevestigd met een schrijven op
voor de groep van de potentiële SWT-ers die
24 februari 2021 getekend door de ministers
hun aanvraag nog niet hebben ingediend. De
Lydia Peeters en Matthias Diependaele.
provisie voor SWT bedraagt 23,0 miljoen euro (29,2 miljoen euro in 2019). Vanaf 2019 worden er geen nieuwe SWT-dossiers voorzien.
Deltaregeling Voor de personeelsleden, in dienst op 31
Pensioenen
december 1991 met een arbeidsovereenkomst van onbepaalde duur, wordt bij pensionering
De pensioenen van De Lijn en haar rechts-
en invaliditeit nagegaan of de voordelen uit
voorgangers worden gefinancierd via het re-
het vorige statuut niet hoger liggen dan de
partitiestelsel, via het pensioenfonds dat sinds
nieuwe waarborgen. Zij zullen steeds over het
1992 voorziet in een aanvullende pensioentoe-
hoogste bedrag kunnen beschikken.
lage voor de personeelsleden in actieve dienst en via een groepsverzekering.
Indien bij pensionering de pensioentoelage, in toepassing van een van de vorige statuten
De pensioenverplichtingen van de personeels-
weerhouden wordt, zullen op de pensioen-
leden, die werkzaam waren bij de rechtsvoor-
datum de persoonlijke bijdragen integraal
gangers van De Lijn en die op 31 december
terugbetaald worden, verhoogd met de gecu-
1991 niet zijn overgegaan naar De Lijn,
muleerde, bij K.B. vastgestelde, intrest.
situeren zich niet bij De Lijn maar op federaal
64
en regionaal niveau. De Lijn fungeert wel als
Op vraag van FSMA werd er vanaf 1 juli 2015
betalingsinstelling met als gevolg dat het pen-
een afzonderlijk vermogen binnen het fonds
sioen van deze personeelsleden betaald wordt
gecreëerd voor het verschil tussen enerzijds
via De Lijn met dotaties die afkomstig zijn
de verplichtingen voortvloeiend uit het oude
van de Vlaamse Overheid. De Lijn is dus lou-
plan (in voege vóór 1992) en anderzijds het
ter doorgeefluik tussen de Vlaamse Overheid
nieuwe plan in voege vanaf 1992 - de zoge-
en de personeelsleden die op 31 december
naamde Deltaregeling, enkel de verplichtingen
1991 niet langer werkzaam waren bij De Lijn.
die opgebouwd zijn met de diensttijd vanaf
Deze verplichting werd dan ook niet voorzien
2007. Per 31 december 2020 is de geraamde
in de jaarrekening per 31 december 2020.
situatie van de Deltaregeling als volgt: korte
Per 31 december 2020 bedraagt het geraamd
termijnverplichtingen voor 8,40 miljoen euro,
geactualiseerd bedrag van de desbetreffende
lange termijnverplichtingen voor 12,33 miljoen
verplichting circa 91,14 miljoen euro berekend
euro en een boekhoudkundig belegd vermo-
met een rekenvoet van 3,1 % naar analogie
gen van 10,66 miljoen euro. Bijgevolg bestaat
van het pensioenfonds.
er een overschot ten opzichte van de korte
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN termijn verplichtingen en een tekort ten op-
de bijdrage als volgt samengesteld: 0,5 % van
zichte van de lange termijn verplichtingen van
het gedeelte van het pensioensalaris onder
1,67 miljoen euro. De gehanteerde actualisa-
het plafond en 3 % van het gedeelte boven
tievoet werd verlaagd van 3,5 % naar 3,1 % en
het plafond.
er werden prudentere assumpties gebruikt op basis van FSMA-richtlijnen.
De financiering betekent voor de maatschappij een zeer belangrijke supplementaire uitgave, omdat zij enerzijds haar verplichtingen tegenover haar gepensioneerde personeelsleden
Pensioenfonds IBP de lijn OFP
verder moet nakomen, wat wil zeggen dat de bestaande pensioenlast blijft, en ze ander-
Voor de opstart van De Lijn genoten de werk-
zijds al een reservering moet doen voor de
nemers van de drie ex-vervoermaatschappijen
aanvullende pensioenen van de personeelsle-
(MIVA, MIVG en NMVB) aanvullende toelagen
den in activiteit, d.w.z. dat zij nu al gelden ter
bij het pensioen bij overlijden, ziekte en
beschikking moet stellen om de toekomstige
invaliditeit.
aanvullende pensioenen veilig te stellen.
De Lijn vond het noodzakelijk het risicoplan
Hiervoor werd door De Lijn voor de dienstja-
aan te passen aan de nieuwe noden van onze
ren vanaf 1992 tot 2020 een bedrag van 190,7
samenleving door de oprichting van IBP
miljoen euro betaald vanuit de exploitatiere-
De Lijn OFP, met het doel volgende voordelen
kening.
te verstrekken vanaf 01/01/1992. • Het aanvullend rustpensioen. • Aanvullende toelagen ten gunste van de weduwe of weduwnaar en van de wezen. • De aanvullende uitkeringen bij ziekte en invaliditeit.
De Vlaamse regering besliste eind 2017 om aan De Lijn een bedrag van 21 miljoen euro over te dragen vanuit de provisie Financiën & Begroting om door te storten aan de IBP De Lijn OFP ter ondersteuning van het vermogen voor de jaren 2018 tot 2020.
Het nieuwe pakket aan voordelen wordt ge-
Per 31 december 2020 is de geraamde situatie
financierd door bijdragen van De Lijn en van
van het pensioenfonds als volgt: korte ter-
de personeelsleden zelf.
mijnverplichtingen voor 186,81 miljoen euro en lange termijnverplichtingen voor 295,17
Omdat het totale pakket aan voordelen
miljoen euro. Op 31 december 2020 is er een
gevoelig verbeterd werd, moeten de perso-
boekhoudkundig belegd vermogen van 264,56
neelsleden een kleine financiële inspanning
miljoen euro.
leveren. De persoonlijke bijdrage is vastgesteld op 0,5 % van het pensioensalaris en wordt
Bijgevolg bestaat er een overschot ten
vanaf 1 januari 1992 van de bezoldigingen
opzichte van de kortetermijnverplichtingen
afgehouden, dit voor de personeelsleden die
en een tekort ten opzichte van de langeter-
op 31 december 1991 in dienst waren met een
mijnverplichtingen van 30,61 miljoen euro. De
arbeidsovereenkomst van onbepaalde duur.
gehanteerde actualisatievoet werd verlaagd
Vanaf 1 januari 1993 gebeurt de afhouding
van 3,5 % naar 3,1 % en er werden prudentere
maandelijks. Voor de personeelsleden die na
assumpties gebruikt op basis van FSMA-richt-
deze datum werden aangeworven met een
lijnen.
arbeidsovereenkomst van onbepaalde duur, is
65
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN
Herstelplannen IBP De Lijn OFP De geraamde financieringstekorten, van 30,61
Corona-crisis
miljoen euro voor het Pensioenplan 1992 en 1,67 miljoen euro voor het Deltaplan, op de
De Corona-crisis die volop uitgebarsten is in
lange termijnverplichtingen leiden tot twee
de loop van maart 2020 heeft grote effecten
herstelplannen, die de FSMA moet goed-
teweeg gebracht op de kosten en opbreng-
keuren. Eind februari 2021 heeft de IBP een
sten boekjaar 2020.
voorstel gedaan aan de FSMA om de tekorten lineair te spreiden over 7 jaar met een
Op het gebied van reizigersontvangsten
jaarlijkse minimumstorting van 1/7de van het
stelde De Lijn een sterke daling vast van 68,9
tekort. De goedkeuring van de herstelplannen
miljoen euro. De verschillende lockdowns,
door de FSMA gebeurt in de loop van 2021.
sluiting van de horeca, het verplichte thuiswerk en afkoelperiodes in het onderwijs zijn
Omdat er geen finale goedkeuring is van de
hiervan de grote oorzaken.
FSMA en het aleatoir karakter van deze benadering zal De Lijn geen voorziening opnemen
Aan kostenzijde waren er niet enkel meer-
in deze jaarrekening.
kosten met betrekking tot mondmaskers en ontsmetting van de voertuigen, maar ook
De eerste betaling van het herstelplan is voor-
minderkosten voor niet uitgevoerde ritten.
zien in boekjaar 2022.
Dit alles ging gepaard met een toename in de communicatiekosten om onze klanten correct te informeren. Voorgaande effecten zorgden voor een kostendaling van 1,6 miljoen euro. De totale impact komt zo op 67,3 miljoen euro. De Lijn ontving ter compensatie een dotatie van 65,5 miljoen euro.
66
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN
COMMENTAAR OP DE JAARREKENING Materiële vaste activa in miljoen euro
Kapitaalsubsidies in miljoen euro
Op 31 december 2020 steeg de nettowaarde van de materiële vaste activa met 18,4 miljoen
Totaal aan kapitaalsubsidies per einde 2020
1 702,3
euro ten opzichte van 31 december 2019. Dit bedrag vertegenwoordigt de waarde die in Het verschil verklaart zich als volgt:
de toekomst zal gebruikt worden om afschrijvingen van de investeringen gefinancierd met
Aanschaffingen met inbegrip van de geproduceerde vaste activa
181,4
Afschrijvingen geboekt via de resultatenrekening
-127,4
overgeboekt naar immateriële vaste activa
-35,6 18,4
kapitaalsubsidie te compenseren. In resultaat opgenomen d.m.v. afschrijvingen of rechtstreeks verbruik
138,2
De kapitaalsubsidies worden vanaf 2011 geboekt op basis van de dotatiebesluiten. Voor 2020 bedroegen deze 179,7 miljoen euro.
Overige vorderingen op ten hoogste 1 jaar
Toewijzing aan de privésector in miljoen euro
in miljoen euro Van het totaal aan gerealiseerde investeringen Deze rubriek daalde in 2020 met 171 miljoen
en kosten met betrekking tot verbruiken
euro.
en goederen en diensten worden volgende bedragen gerealiseerd door de privésector:
Voornaamste elementen van deze rubriek:
Het nog door het Vlaamse Gewest verschuldigde saldo voor exploitatiebijdragen
250,6
Nog te ontvangen kapitaalsubsidies
129,2
Saldo van de rekening courant BTW
22,3
Investeringen
181,4
Verbruiken
80,8
Goederen en diensten
516,5
404,1
67
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN
Resultaten
De Lijn heeft zo de ambitie om de tussentijdse evaluatie zeker goed te
De VVM heeft het boekjaar 2020 met een
doorstaan. Bovendien staat in het
winst afgesloten (22 K euro). De tussenkomst
Vlaamse Regeerakkoord dat De Lijn in één
van het Vlaams Gewest in de omzet bedroeg
vervoerregio zal uitgedaagd worden: het is
940,7 miljoen euro, waarvan 49,2 miljoen euro
de bedoeling om tijdens deze legislatuur
voor beschikbaarheidsvergoeding PPS en een
het busvervoer in één regio openbaar aan te
bijkomende dotatie gezien de uitzonderlijke
besteden. De Lijn heeft er dus alle belang bij
omstandigheden door de corona-pandemie
om de beste in de markt te zijn en te blijven.
voor 65,5 miljoen euro. Corona-crisis De Corona-crisis, die volop uitgebarsten is in
Art 3:6 § 1 – 1° Wetboek van Vennootschappen - Risico’s en onzekerheden
de loop van maart 2020, had grote effecten
De Lijn werd eind 2020 bevestigd door de
Dit was zowel merkbaar aan een daling langs
Vlaamse Regering als interne operator voor
de kant van de netto-vervoeropbrengsten,
het kernnet en het aanvullend net. De Lijn
als langs kostenzijde. De Lijn ontving van
blijft dé uitvoerder voor deze twee lagen
de Vlaamse Regering een dotatie voor
binnen het nieuwe openbaarvervoermodel
het afdekken van de meerkosten ten
voor Vlaanderen (vraaggestuurd, gelaagd,
gevolge van de pandemie. De middelen
15 vervoerregio’s) tot en met 2030 (met
werden o.a. gebruik om het verlies aan
tussentijdse evaluatie na vijf jaar).
reizigersontvangsten te compenseren, voor
op het resultaat van het boekjaar 2020.
het nemen van extra veiligheidsmaatregelen Het benchmark-rapport, dat De Lijn vergeleek
voor onze klanten en chauffeurs, voor
met andere vergelijkbare openbaarvervoer-
communicatiekosten naar klanten,
regio’s, lag aan de basis van de beslissing
wijzigingen aan de exploitatiekosten
van de Vlaamse Regering om het intern
van De Lijn als gevolg van verschillende
operatorschap opnieuw toe te kennen en
lockdowns, aanpassingen aan schoolverlof,
gaf een aantal aanbevelingen mee, zowel
controleopdrachten, de versterkingsritten
voor De Lijn zelf als voor het beleid. In 2021
door autocars en minderkosten als gevolg van
is er alvast voorzien om verder te werken
technische werkloosheid.
aan de verhoging van onze productiviteit, de klantentevredenheid en de kostenefficiëntie. Een aantal punten, zoals doorstroming of tarievenpolitiek, kan De Lijn niet aanpakken zonder nieuwe beleidskeuzes. De komende maanden vindt dan ook nauw overleg plaats met onze hoofdaandeelhouder en al onze partners.
68
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN
Art 3:6 § 1 – 3° Wetboek van Vennootschappen - Inlichtingen over omstandigheden die de ontwikkeling van de vennootschap aanmerkelijk kunnen beïnvloeden
Dit nieuw gelaagd vervoermodel brengt ook een eigen overlegstructuur met zich mee. Dat is de vervoerregioraad waarbij verschillende partners samen rond de tafel zitten: het departement Mobiliteit en Openbare Werken, het Agentschap Wegen en Verkeer,
Voor een optimale combimobiliteit moeten
De Lijn en de lokale besturen. De raad is
de verschillende vervoernetten elkaar
verantwoordelijk voor het opstellen van een
aanvullen en dus perfect op elkaar inspelen.
strategisch vervoerplan voor de regio.
De carpoolparking en de park-and-ride, de deelfiets aan de bushalte: het is cruciaal
In 2019 werd de werking van de
dat alle mobiliteitspartners samen voor een
vervoerregioraad, waarvan De Lijn deel
slimme en vlotte overstap zorgen, én voor
uitmaakt, in elke vervoerregio opgestart. In
tevreden reizigers.
2019 werd in elke vervoerregio gestart met de opmaak van een mobiliteitsplan, waar ook
Dit kadert in het decreet basisbereikbaarheid
het openbaar vervoer deel van uitmaakt. Het
dat de Vlaamse Regering heeft goedgekeurd.
is de bedoeling dat elke vervoerregio tegen
Om de mobiliteit van morgen te realiseren
eind 2021 een regionaal mobiliteitsplan heeft
zet de Vlaamse Overheid een geïntegreerd
opgemaakt, in samenspraak met alle steden
vervoersysteem op in 4 lagen:
en gemeenten, via de vervoerregioraden. In
• Het treinnet als ruggengraat van het
2019 en 2020 lag de focus op de uitwerking
openbaar vervoer. • Het kernnet bestaat uit lijnen die aansluiten op het treinnet: ze verbinden stadskernen met elkaar en bedienen centrale attractiepolen. • Het aanvullend net omvat lijnen die zorgen voor de aanvoer naar het kernnet en ontsluiten het anderzijds ook. Ook functionele ritten zoals woon-schoolverkeer vallen hieronder. • Het vervoer op maat zijn lokale vervoer-
van het openbaarvervoerplan voor de vier lagen. Voor het luik openbaar vervoer (kernnet en aanvullend net) tekende De Lijn een voorstel uit in 2018. Dat voorstel werd uitgebreid besproken en verder uitgewerkt in de vervoerregioraad. Zo kwamen alle regio’s tot gedragen plannen in juni van 2020. De plannen werden in het najaar (met uitzondering van de Vlaamse Rand en Antwerpen) in alle regio’s goedgekeurd. De uitrol van dit plan van de vervoerregio’s
oplossingen zoals leerlingenvervoer in het
is voorzien voor 1 januari 2022. De Lijn werkt
bijzonder onderwijs, aangepast vervoer
in 2021 dan ook hard aan de succesvolle
voor rolstoelgebruikers, buurtbussen,
implementatie van de grootste verandering
collectieve taxi’s, bedienen van bedrijven-
van haar netwerk sinds haar bestaan.
zones, …
69
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN
Art 3:6 § 1 – 6° Wetboek van Vennootschappen - Overgedragen winst/verlies
Art 3:6 § 1 – 8° Wetboek van Vennootschappen - Financiële instrumenten
Naar aanleiding van de inbreng bij de
In 2020 heeft De Lijn geen nieuwe specifieke
oprichting van De Lijn werd een overgedragen
financiële instrumenten opgezet.
verlies tot uitdrukking gebracht van 20,03 miljoen euro. De historische resultaten
De eerste projecten in kader van PPS-dos-
sindsdien verantwoorden de toepassing
siers werden in gebruik genomen in 2011, het
van de waarderingsregels in de optiek van
betreft de realisatie van 4 nieuwe stelplaatsen
continuïteit.
(Tongeren, Brugge, Zomergem en Overijse).
Het verlies van 19,0 miljoen euro van
In 2012 kwam daar het project Brabo 1 bij
het boekjaar 2011 gaf geen aanleiding
(tramverlenging naar Wijnegem en Boechout
tot toepassing van art. 633 van de
en de tramstelplaats in Deurne). In 2015 werd
vennootschapswetgeving, dit door het saldo
het project Livan 1 in exploitatie genomen.
van de rubriek 15 – kapitaalsubsidies, die mee tot het eigen vermogen behoort.
Ook PPS ‘Cluster 2’ (stelplaatsen Sint-Niklaas, Leuven en Hasselt) is in exploitatie. In 2017
In 2012 werd het eigen vermogen in deze
zijn de eerste 3 deelprojecten van Brabo 2
rubriek aangevuld met 138,6 miljoen euro,
opgeleverd en in 2018 het vierde deelproject.
een gevolg van de toepassing en het
Einde 2019 werden fase 5a en 5b in exploita-
inwerkingtreden van het Rekendecreet. Dit
tie genomen, daarmee is het project Brabo 2
bedrag werd rechtstreeks op de klasse 14
volledig afgewerkt.
geboekt en loopt niet over verlies en winst. Door nieuwe beslissingen rond de ESR-neuDerhalve staat de rubriek ‘overgedragen
traliteit werd De Lijn opgelegd om in 2016
winst/verlies’ in saldo met een overgedragen
ook de al bestaande PPS projecten op balans
winst.
te nemen. Dit betreft de projecten Brabo1, stelplaats Tongeren en BOvZo (stelplaatsen Brugge, Overijse en Zomergem). Deze worden eveneens onder leasing geboekt (actief) en lange termijnschuld (passief) en volgen zoals de andere projecten het ritme van jaarlijkse afschrijvingen en boeking van de financiële kosten (renten).
70
JAARREKENING EN FINANCIËLE RESULTATEN
AANDEELHOUDERSSTRUCTUUR In het Belgisch staatsblad van 4 februari
aandelen toegekend in de Vlaamse Vervoer-
1994 werd volgend bericht gepubliceerd.
maatschappij overeenkomstig de bepalingen
Verwerving van aandelen op naam van de
van het Koninklijk Besluit van 31 december
VlaamseVervoermaatschappij door bepaalde
1991 houdende de verdeling van de Nationale
houders van aandelen aan toonder van de
Maatschappij van Buurtspoorwegen aan het
Nationale Maatschappij van Buurtspoorwe-
Vlaams Gewest en aan het Waals Gewest na
gen. Houders van aandelen aan toonder van
afsluiting van de ontbinding. Overeenkomstig
de lijnen van de Nationale Maatschappij van
artikel 8, tweede lid van het decreet van 31 juli
Buurtspoorwegen, zoals vermeld in bijlage
1990 tot oprichting van de Vlaamse Vervoer-
2 bij het Koninklijk Besluit van 31 december
maatschappij, zoals gewijzigd in artikel 67 van
1991, worden verzocht zich vanaf 7 maart 1994
het Decreet van 18 december 1992 houdende
aan te bieden op de maatschappelijke zetel
bepalingen tot begeleiding van de begro-
van de Vlaamse Vervoermaatschappij om aan-
ting 1993, zijn alle aandelen van de Vlaamse
delen van de Vlaamse Vervoermaatschappij te
Vervoermaatschappij op naam. Ondertussen
verwerven, overeenkomstig de bepalingen en
werd een aantal aandelen aan toonder van de
van het hoger vermeld Koninklijk Besluit en
NMVB aangeboden.
van het Decreet van 31 juli 1990 tot oprichting van de Vlaamse Vervoermaatschappij, tegen inschrijving in het aandelenregister.
Kapitaalverhoging De aandeelhouders moeten volgende documenten voorleggen:
Het kapitaal van De Lijn werd krachtens
• de betreffende aandelen van de Nationale
beslissing van de Vlaamse Regering de dato
Maatschappij van Buurtspoorwegen • identiteitskaart
14 november 2007 verhoogd met 24,44 miljoen EUR. Deze kapitaalverhoging gaf aanleiding tot de uitgifte van 977 600 aandelen. Deze
artikel 6§2 van het Decreet van 31 juli 1990
beslissing werd ter kennis gebracht van de
tot oprichting van de Vlaamse Vervoermaat-
aandeelhouders op de Bijzondere Algemene
schappij bepaalt dat de activa en passiva van
Vergadering van 12 november 2007. Op deze
de Maatschappij voor het Intercommunaal
Algemene Vergadering werd tevens meege-
Vervoer in Antwerpen, van de Maatschappij
deeld ‘dat alle andere aandeelhouders van de
voor het Intercommunaal Vervoer in Gent
beslissing tot kapitaalverhoging schriftelijk op
en van het Vlaamse gedeelte van de Nati-
de hoogte zullen gebracht worden, waarna zij
onale Maatschappij van Buurtspoorwegen,
eveneens de kans zullen krijgen om middels
worden ingebracht in de Vlaamse Vervoer-
uitoefening van hun voorkeurrecht te partici-
maatschappij tegen verwerving van aandelen.
peren in de kapitaalverhoging van De Lijn‘. Er
Aan de aandeelhouders van de Nationale
werd ingetekend voor 6 961 nieuwe aandelen.
Maatschappij van Buurtspoorwegen worden
71
SAMENSTELLING BESTUUR
SAMENSTELLING RAAD VAN BESTUUR
RAAD VAN BESTUUR Voorzitter
De samenstelling van de raad van bestuur
Marc Descheemaecker
werd licht gewijzigd in 2020. Overeenkomstig het Besluit van de Vlaamse Regering van
Ondervoorzitter
24 april 2020 (gepubliceerd in het Belgisch
Johan Sauwens
Staatsblad op 29 april 2020) is de raad van bestuur begonnen aan een nieuwe termijn
Bestuurders
van vijf jaar. Sinds het Ministerieel Besluit van
Irina De Knop
8 mei 2020 (in werking getreden op 15 mei
Bruno De Saegher
2020) is ook elke vakorganisatie vertegen-
Luc Martens
woordigd door een waarnemer.
Evelien Putman Goedele Sannen
De samenstelling van het auditcomité en
Birre Timmermans
remuneratie- en benoemingscomité bleef
Jean-Paul Van Avermaet
in 2020 ongewijzigd.
Katrien Vanhulle Arend Van Itterbeek Waarnemer Koen Repriels Commissarissen van de Vlaamse Regering Tom Van Laere (tot 30 april 2020) Maarten Van Onckelen (vanaf 1 mei 2020) Dries Verhaeghe (tot 30 april 2020) Erwin Vermeulen (vanaf 1 mei 2020) Waarnemers van een representatieve vakorganisatie Rita Coeck (tot 31 oktober 2020) Jan Coolbrandt Erik Quisthoudt (vanaf 15 mei 2020) Stan Reusen (vanaf 4 december 2020)
72
SAMENSTELLING BESTUUR
AUDITCOMITÉ
REMUNERATIE- EN BENOEMINGSCOMITÉ
Voorzitter Katrien Vanhulle
Voorzitter Marc Descheemaecker
Leden Marc Descheemaecker
Leden
Evelien Putman
Irina De Knop
Johan Sauwens
Luc Martens Jean-Paul Van Avermaet Overeenkomstig het Bestuursdecreet van 7 december 2018 nemen de regeringscommissarissen sinds 1 oktober 2020 deel aan de vergaderingen van het auditcomité en renumeratie- & benoemingscomité als waarnemer.
73
SAMENSTELLING BESTUUR
MANAGEMENTCOMITÉ
BEDRIJFSREVISOREN
directeur-generaal
Mazars
Roger Kesteloot
Bedrijfsrevisoren vertegenwoordigd door Sara Steyaert
directeur Operaties Dirk Busschaert
RSM InterAudit Bedrijfsrevisoren vertegenwoordigd door
directeur Human Resources Filip Claes directeur CC Operaties Heidi Roubben directeur Financiën & ICT Sylvie Verroken directeur Techniek & Supply Chain Management Jacques Verspeek directeur Marketing & Mobiliteit Guy Weyns
74
Gert Van Leemput
SAMENSTELLING BESTUUR
UITVOERING BESTUURSDECREET vanaf 1 april 2020
In uitvoering van artikel III (31) van het Bestuursdecreet van 7 december 2018, rapporteert de raad van bestuur over de in 2020 aan zijn leden betaalde vaste vergoedingen, zitpenningen en verplaatsingskosten. Regelgeving voor jaarvergoeding en presentiegeld
Presentiegeld per bijgewoonde vergadering van de raad van bestuur, auditcomité of remuneratie- en benoemingscomité
312,12 euro
Vaste jaarvergoeding (op jaarbasis)
3 121,2 euro
Maximum vergoeding (op jaarbasis)
6 762,6 euro
De sinds het Besluit van de Vlaamse Regering
Voor de voorzitter worden voormelde vergoe-
van 9 maart 2007 toegepaste regels en bedra-
dingen verdubbeld. De regeringscommissaris-
gen werden gewijzigd door het Besluit van
sen worden enkel vergoed voor deelname aan
de Vlaamse Regering van 28 september 2018.
de vergaderingen van de raad van bestuur.
Deze zijn van toepassing vanaf 1 januari 2019. Waarnemers De belangrijkste regels zijn:
De waarnemer en de waarnemers van een re-
• een aanpassing van de vaste jaarver-
presentatieve vakorganisatie ontvangen voor
goeding en van het presentiegeld per
hun deelname aan de raad van bestuur een
vergadering;
onkostenvergoeding van 1 800 euro per jaar.
• de aftopping van de totale vergoeding op Vervoerkosten
jaarbasis; • betaling van de vaste vergoeding pas na
De leden krijgen de vervoerkosten terug-
het verloop van het jaar en op voorwaar-
betaald voor hun verplaatsingen naar de
de van een aanwezigheid op minstens 2/3
vergaderingen van de raad van bestuur of
van de vergaderingen;
naar activiteiten die verbonden zijn aan de
• mogelijkheid tot betaling van een presen-
uitoefening van hun mandaat (inhuldigingen,
tiegeld voor deelname aan het auditco-
vertegenwoordiging van De Lijn, …). De terug-
mité en het remuneratie- en benoemings-
betaling vervoerkosten gebeurt op dezelfde
comité.
wijze als voor de personeelsleden van De Lijn: voorleggen van vervoerbewijzen of terugbeta-
Bedragen (geïndexeerd)
ling autokosten volgens het officiële tarief van de overheid. De leden die het wensen ontvan-
tot 31 maart 2020 Presentiegeld per bijgewoonde vergadering van de raad van bestuur, auditcomité of remuneratie- en benoemingscomité
gen tijdens de looptijd van hun mandaat een 306 euro
Vaste jaarvergoeding (op jaarbasis
3 060 euro
Maximum vergoeding (op jaarbasis)
6 630 euro
abonnement geldig op het net van De Lijn.
75
SAMENSTELLING BESTUUR
Betaalde bedragen In 2020 werden volgende vergoedingen betaald: RAAD VAN BESTUUR BRUTOBEDRAGEN Presentiegeld
NETTOBEDRAGEN
Functie
Aantal bijgewoonde vergaderingen*
Vaste vergoeding
Marc Descheemaecker
Voorzitter
12 op 12 (100,00 %)
€7 454,16
€6 004,74
€13 458,90
€1 136,39
Johan Sauwens
Ondervoorzitter
12 op 12 (100,00 %)
€3 727,08
€3 002,37
€6 729,45
€265,93
Irina De Knop
Bestuurder
9 op 12 (75,00%)
€2.796,84
€3 105,90
€5 902,74
€100,83
Bruno De Saegher
Bestuurder
12 op 12 (100,00 %)
€3 727,08
€3 002,37
€6.729,45
€39,46
Luc Martens
Bestuurder
12 op 12 (100,00 %)
€3 727,08
€3 002,37
€6 729,45
€46,02
Evelien Putman
Bestuurder
11 op 12 (91,67%)
€3 421,08
€3 105,90
€6 526,98
€186,30
Goedele Sannen
Bestuurder
12 op 12 (100,00%)
€3 727,08
€3 002,37
€6 729,45
Birre Timmermans
Bestuurder
9 op 12 (75,00 %)
€2 802,96
€3 105,90
€5 908,86
Jean-Paul Van Avermaet
Bestuurder
8 op 12 (66,67%)
€2 490,84
€3 105,90
€5 596,74
Katrien Vanhulle
Bestuurder
12 op 12 (100,00 %)
€3 727,08
€3 002,37
€6 729,45
Arend Van Itterbeek
Bestuurder
11 op 12 (91,67%)
€3 421,08
€3 105,90
€6 526,98
Tom Van Laere
Regeringscommissaris
4 op 4 (100,00 %)
€1 230,12
€990,93
€2 221,05
Dries Verhaeghe
Regeringscommissaris
4 op 4 (100,00 %)
€1 230,12
€990,93
€2 221,05
Maarten Van Onckelen
Regeringscommissaris
8 op 8 (100,00 %)
€2 496,96
€2 011,44
€4 508,40
Erwin Vermeulen
Regeringscommissaris
8 op 8 (100,00 %)
€2 496,96
€2 011,44
€4 508,40
Totaal
Verplaatsingskosten**
€16,80
NETTOBEDRAGEN Koen Repriels
Waarnemer
€1 800
€1 800
Rita Coeck
Waarnemer
€1 500
€1 500
Jan Coolbrandt
Waarnemer
€1 800
€1 800
Erik Quisthoudt
Waarnemer
€1 200
€1 200
Stan Reusen
Waarnemer
€150
€150
TOTAAL
* Vergaderingen met schriftelijke beraadslaging zijn niet inbegrepen en worden niet vergoed. ** Inclusief verplaatsingskosten naar auditcomité, remuneratie- en auditcomité, vergaderingen, persconferenties, ... vanuit hun functie als lid van de raad van bestuur.
76
€ 97 477,35
€ 1 791,73
SAMENSTELLING BESTUUR
AUDITCOMITÉ BRUTOBEDRAGEN Functie
Aantal bijgewoonde vergaderingen
Voorzitter
22 op 22
€13 672,08
Marc Descheemaecker
Lid
21 op 22
€6 530,04
Evelien Putman
Lid
19 op 22
€5 911,92
Johan Sauwens
Lid
21 op 22
€6 530,04
Tom Van Laere
Regeringscommissaris
Katrien Vanhulle
Presentiegeld
€306,00
TOTAAL
€ 32 950,08
REMUNERATIE- EN BENOEMINGSCOMITÉ BRUTOBEDRAGEN Functie
Aantal bijgewoonde vergaderingen*
Voorzitter
7 op 7
4 345,20
Irina De Knop
Lid
7 op 7
2 172,60
Luc Martens
Lid
6 op 7
1 860,48
Jean-Paul Van Avermaet
Lid
6 op 7
1 866,60
Marc Descheemaecker
TOTAAL
*
Presentiegeld
€ 10 244,88
Vergaderingen met schriftelijke beraadslaging zijn niet inbegrepen en worden niet vergoed.
77
SAMENSTELLING BESTUUR
VERLONING TOPMANAGER In uitvoering van artikel III (31) van het
Op 18 maart 2020 keurde de raad van bestuur
Bestuursdecreet van 7 december 2018, volgt
de doelstellingen van de directeur-generaal
hierna rapportering over de verloning van de
goed. Begin 2021 gebeurde de evaluatie door
topmanager.
de mandaathouder zelf, door de minister en door het remuneratie- en benoemingscomité
De heer Roger Kesteloot, directeur-generaal
van de raad van bestuur.
en CEO van De Lijn, wordt bezoldigd in salarisschaal KL18 van de Vlaamse Vervoermaat-
Het resultaat hiervan wordt, op voorstel van
schappij De Lijn. Deze bedroeg in 2020
de raad van bestuur, finaal ter goedkeuring
196 249,71 euro, opsplitsbaar in een vast loon
voorgelegd aan de voogdijminister, zijnde de
van 131 941,05 euro, een mandaattoelage van
Vlaams minister van Mobiliteit & Openbare
34 372,26 euro en een managementoelage van
Werken.
29 936,40 euro. Vermelde bedragen zijn bruto. De managementtoelage bedraagt maximum 20 % van de vaste wedde. Dit percentage wordt bepaald op basis van een jaarlijkse evaluatie die begeleid wordt door een extern bureau dat aangesteld wordt door de Vlaamse Regering.
78
ONDERNEMINGSRADEN
CENTRALE DIENSTEN
OOST-VLAANDEREN
Voorzitter
Voorzitter
Filip Claes
Marc Feys
Werkgeversafvaardiging
Werkgeversafvaardiging
Kurt Cuijpers en Veerle Bussens
An De Bel en Peter Van Overvelt
Werknemersafvaardiging
Werknemersafvaardiging
Björn Cool, Carla De Grande, Frans De
Aljosja Geirnaert, Bart Goeman, Bruno De
Decker, Gaston Boutchon, Glenn Vancoillie,
Cock, Freddy Baert, Kenneth De Rick, Kenneth
Joeri Mestdag, Lieve Paumen, Nathalie De
Vranken, Kristoff D’haese, Patrick Oosterlinck,
Bruyne, Nico Van Hees, Tom Rondas, Veerle
Tolga Öner, Wendy Wittevrongel
Berckmans
ANTWERPEN
VLAAMS-BRABANT
Voorzitter
Voorzitter
Jacques Verspeek
Patrick Reynders
Werkgeversafvaardiging
Werkgeversafvaardiging
Birgit Victor en Sylvie Verroken
Karen Pieters en Koen De Broeck
Werknemersafvaardiging
Werknemersafvaardiging
Abdelhalim Lahsini, Abdelilah Sekkaki, Ahmet
Gunther Uytterhoeven, Hicham Boushaba,
Bingol, Cynthia Claes, Hafid Aâzzab, Jerry Van
Johnny Buellens, Jouri de Bruin, Martin
Camp, Luc Wandelen, Marc Verborgh, Rudy
Vasteravendts, Mathias Du Bois, Mauro Di
Mous, Stefan Braeckmans, Walter Brack, Yana
Legami, Pascal De Hertogh, Stefaan Laroy,
Waegemans, Youssef Boukhrissi.
Wim Verbist
DE LIJN WEST-VLAANDEREN
LIMBURG
Voorzitter
Voorzitter
Dirk Busschaert
Heidi Roubben
Werkgeversafvaardiging
Werkgeversafvaardiging
Brita Verniest en Els Schrauwen
Dirk De Smet en Wim Claes
Werknemersafvaardiging
Werknemersafvaardiging
Bart Pieters, Chantal Creyf, Francine
Aytun Kutlu, Dominique Peeters, Gert Bocken,
Blomme, Frederik Devloo, Glenn Lambrecht,
Gery Nuyts, Jim Vaes, Leon Versluys, Patrick
Jeffry Loones, Pascal Hugelier, Stefaan
Rouwet, Steven Vanderheyden
Dierickx, Stefaan Vanderhaeghen, Stefaan Vansteenkiste
79
De Lijn Motstraat 20 – 2800 Mechelen delijn.be Verantwoordelijke uitgever: Anneliese Meynaerts Dit jaarverslag wordt in beperkte oplage gedrukt.
80