Provincies
ANTWERPEN Beheerplannen Uitgebreid bosbeheerplan Merode afgerond In januari 2004 kreeg de Vlaamse Landmaatschappij groen licht voor de aankoop van het domein van de familie de Merode, zo’n 1.500 hectare bos en landerijen. De bedoeling was, en dat is het nog steeds, het domein als één geheel te bewaren en een mogelijke versnippering van dat belangrijke groengebied te voorkomen. Op 30 november 2005 werd het oorspronkelijke gebied doorverkocht aan verschillende partners. ANB verwierf zo het bosreservaat Helschot en de domeinbossen Hertberg-Oost en Varenbroek. Zowel Kempisch Landschap vzw als de provincie Antwerpen besliste nadien om het volledige beheer van hun boscomplexen (o.a. Beeltjens-
50
Kwarekken en Hertberg-West) over te dragen aan het ANB. Het agentschap gaf de aanzet tot een gezamenlijk uitgebreid bosbeheerplan om zo de eenheid van de Antwerpse boscomplexen nog te versterken. Alle boseigenaars (ANB, provincie Antwerpen, Kempisch landschap vzw, gemeenten, privé-eigenaars…) participeerden. De lokale bevolking kreeg heel wat inspraak via enquêtes, werkgroepen en infowandelingen.. Medio 2008 werd het beheerplan afgerond en ingediend voor goedkeuring. Het bosbeheerplan vertrekt vanuit een globale visie zonder de eigenheid van elk deelcomplex
uit het oog te verliezen: de drevenstructuur in de Beeltjens, het vallei-aspect van de Kwarekken, het recreatieve medegebruik van het provinciale domein Hertberg-West, de hogere ecologische waarde van Varenbroek … Recreatief medegebruik krijgt niet alleen in dit bosbeheerplan een belangrijke plaats, maar is voor het hele Merodeproject belangrijk. In 2009 start de opmaak van het beheerplan voor het bosreservaat Helschot (65 hectare) in Herselt en Laakdal. Meer info: hildegarde.quintens @lne.vlaanderen.be
2008, het jaar Eén
Teunenberg: uitgebreid bosbeheerplan Het uitgebreide bosbeheerplan voor het domeinbos Teunenberg (61 hectare) werd in 2007 afgerond. In mei 2008 werd het openbaar onderzoek georganiseerd en op 28 december 2008 werd het beheerplan goedgekeurd. Domeinbos Teunenberg, een voormalig militair domein, ligt deels in de gemeente Olen en deels in Westerlo. De voorbije jaren investeerde ANB hier heel wat in natuurherstel: bouwvallige, voormalige militaire loodsen werden afgebroken, overbodige betonverhardingen uitgebroken. Vóór de afbraak figureerden de loodsen nog in de VTM-reeks ‘Zone Stad’. Op de plaats van een aantal opgebroken betonnen pleinen en afgebroken loodsen, ontwikkelde er zich een pioniersvegetatie. Enkele open vegetaties bestaan reeds geruime tijd en hebben zich ontwikkeld tot droge heide met struikheide, struisgrasvegetaties …
Het bosbeheerplan van Teunenberg focust op de heischrale graslanden en de bossen. De graslanden krijgen een aangepast cyclisch maaibeheer en de creatie van open ruimte zodat een pioniersvegetatie zich kan ontwikkelen. Voor de bossen streeft men naar structuurrijke, gemengde inheemse bestanden. Deze aandacht voor ecologisch meer waardevolle bossen verliest echter de economische functie niet uit het oog. Dunningen, omvormingen,
creatie van open plekken en mantel- en zoomvegetaties zullen houtopbrengst garanderen. Teunenberg is toegankelijk voor wandelaars, joggers en fietsers. Ook de spelende jeugd kan zijn hartje ophalen want de oppervlakte speelbos is verdubbeld (totale oppervlakte 3,5 hectare). Meer info: hildegarde.quintens @lne.vlaanderen.be
Beheerplan Vordenstein Eind vorige eeuw hing de dreiging van verkaveling als een zwaard van Damocles boven het domein Vordenstein. Gelukkig kocht de overheid dit prachtige gebied, gelegen in Schoten, en begon het her in te richten als het landschapspark van weleer. Op het terrein gebeurde er dus al heel veel, maar een uitgewerkt beheerplan ontbrak nog. Daarom kreeg een studiebureau de opdracht om voor dit gebied een geïntegreerd beheerplan op te stellen. Vordenstein bestaat immers zowel uit “echt” park als “echt” bos. Voor het eerste gelden de regels van Harmonisch Park- en Groenbeheer, voor het tweede de wettelijke bepalingen van het Bosdecreet dat vastlegt wat een bosbeheerplan moet omvatten. De eerste stap was een gedetailleerde inventaris van alle elementen die van belang zijn om een goede afweging te kunnen maken: bossen, open ruimten, alleenstaande bomen, ornamenten, gebouwen, wegen, ... Gewapend met die informatie zocht men naar een goed evenwicht tussen behoud en vernieuwing. Het resultaat is een gedetailleerd 2008, het jaar Eén
werkplan per jaar, waarin de beheerder kan terugvinden wat er juist moet gebeuren met de bosbestanden, de solitaire bomen, de wegen en al de andere waardevolle elementen. De planperiode voorziet nog belangrijke investeringen, onder meer in vernieuwing van de dreven. Dankzij dit kersverse beheerplan is het vakkundige en duurzame beheer van Vordenstein voor de volgende 20 jaar gegarandeerd. Meer info: erik.vanboghout@lne.vlaanderen.be
51
Uitgebreid Bosbeheerplan KaBraS (Kapellen – Brasschaat – Schoten) In samenwerking met de gemeenten Kapellen, Brasschaat en Schoten, het OCMW van Antwerpen en de bosgroep Antwerpen Noord startte in 2008, onder coördinatie van ANB, de opmaak van een uitgebreid bosbeheerplan voor een oppervlakte bos van ongeveer 2.000 hectare. In het beheerplan zijn alle openbare eigendommen van de betrokken besturen opgenomen. ANB heeft hierbij de grootste inbreng met de domeinbossen Peerdsbos, De Inslag, de Uitlegger en het Mastenbos. Via de bosgroep participeren daarnaast ook verschillende grote particuliere boseigenaars.
De samenwerking met verschillende partijen over dergelijke oppervlakte biedt verschillende voordelen. De visievorming kan over een uitgebreide regio gebeuren, met aandacht voor de specifieke kwaliteiten en mogelijkheden van ieder bos. Ook naar de organisatie van zachte recreatie geeft dit bijzondere kansen. Bovendien kun je de beheermaatregelen in aansluitende domeinen nu op elkaar afstemmen en de spreiding ervan in tijd en ruimte optimaliseren.
overleg, discussiewandelingen en informatiesessies kunnen de verschillende gebruikers en betrokken sectoren hun wensen en verzuchtingen kenbaar maken.
Participatie is een belangrijk aandachtspunt bij de opmaak van het beheerplan. Via gericht
www.bosbeheerplankabras.be
Eind 2009 zal het bosbeheerplan afgerond zijn en kan de aanvraag voor FSC-certificering een aanvang nemen. Meer informatie: erik.vanboghout@lne.vlaanderen.be of guy.heutz@lne.vlaanderen.be
Uitgebreid bosbeheerplan voor de Openbare Bossen in Herentals In 2008 werden behoorlijk wat inspanningen geleverd voor de opmaak van het vroeger al opgestarte uitgebreide bosbeheerplan van de Openbare Bossen in Herentals. De bossen, gelegen rondom het BLOSOsportcentrum zijn in hoofdzaak eigendom van OCMW Herentals maar via een erfpachtovereenkomst overgedragen aan BLOSO. De rest is in eigendom van Stad Herentals en de Kerkfabriek. Het ANB staat in voor het technische beheer van het domein.
52
De situatie is er uniek: het boscomplex herbergt ecologisch vrij waardevolle zones maar het recreatieve medegebruik is er hoog. Het verzoenen van deze twee was de belangrijkste uitdaging. Maar waar een wil is, is een weg en eind 2008 lag er een bosbeheerplan op tafel, dat voldoet aan de criteria duurzaam bosbeheer. Het uiteindelijke resultaat is een mooi voorbeeld van hoe je recreatie, ecologie en bosbeheer met elkaar kunt verzoenen. De belangrijkste uitgestippelde
beheermaatregelen zijn exotenbestrijding en omvorming van de naaldhoutbestanden naar meer gemengde bestanden. In een ecologisch waardevollere zone in het noorden zal er aandacht zijn voor open plekken met heide. In het waardevolle Ferrarisbos nabij de Kleine Nete is niets doen aan de orde en wordt de toegankelijkheid op punt gesteld. Meer info: hildegarde.quintens@lne. vlaanderen.be
2008, het jaar Eén
Ecohydrologische studies in de provincie Antwerpen In 2008 werden de ecohydrologische studies afgerond voor de natuurreservaten Arkenbos te Willebroek, Mosselgoren te Geel en De Ronde Put te Mol-Postel. Het uitgangspunt van een ecohydrologisch onderzoek is na te gaan hoe de bodem en de hydrologie van een natuurreservaat ‘werkt’, en wat daarvan de gevolgen zijn voor de mogelijkheden die een gebied biedt voor natuur en bos. Daarbij maken we een onderscheid tussen de natuurlijke en de actuele systeemwerking. De natuurlijke systeemwerking gaat uit van weinig tot geen verstoring van het systeem door menselijk ingrijpen. Het beschrijft dus de mogelijkheden die in een gebied aanwezig zijn indien er zich geen verdroging, voedselaanrijking, versnippering of andere knelpunten
zouden manifesteren. De actuele systeemwerking beschrijft hoe het systeem werkt in de actuele context, dus wel inclusief alle aanwezige verstoringen. Uit de confrontatie van beide kunnen we afleiden welke herstelingrepen noodzakelijk en/of haalbaar zijn, zodat we voor ieder gebied een realistisch doel kunnen vooropstellen. Arkenbos, Mosselgoren en de Ronde Put zijn door hun verschillende ligging ook drie zeer verschillende natuurreservaten, gaande van zeer voedselarme vennen en heiden aan de Ronde Put, over mesotrofe
graslanden en broekbossen in de Mosselgoren, tot van nature rijkere laagveensystemen met zeggenvegetaties en broekbossen in het Arkenbos en omgeving. De ecohydrologische studies geven voor deze ANB domeinen een goede onderbouwing voor de opmaak van het beheerplan. Meer informatie: guy.heutz@lne.vlaanderen.be
Natuur en industrie realiseren samen de drijvende eilanden in Rauw Midden jaren negentig startte ANB (toen nog onder de naam ‘afdeling Natuur’) met het creëren van een natuurvriendelijke oever aan de zandwinningsplas van Rauw, een gehucht van Mol. Het uiteindelijke doel van de werken die men jaar na jaar uitvoerde, was het creëren van een plas-dras-situatie en een windluwe zone waar vissen de mogelijkheid zouden hebben om te paaien en vogels om te broeden. ANB voerde grondwerken uit voor de plas-dras-zone en bouwde aan zandarmen in de plas om hieraan een drijvend eiland te bevestigen, want dit zou het sluitstuk worden. Door drijvende eilanden te bevestigen tussen de landarmen zou een soort lagune ontstaan. De hele planning en uitvoering van deze werken gebeurde in nauw overleg tussen zandwinningsbedrijf Sibelco en ANB. Het plaatsen van de drijvende eilanden kwam er echter maar niet van: onvoldoende kennis van de mogelijkheden, 2008, het jaar Eén
financiële belemmeringen, gebrek aan tijd … elk jaar dook er wel een andere reden op. In 2008 nam het zandwinningsbedrijf Sibelco de draad terug op. Een student werkte het project concreet uit, een bouwvergunning werd aangevraagd en verkregen. In de loop van oktober 2008 startte men met de bouw van de eilanden. Op 13 november was het dan zover: de drijvende eilanden werden voorgesteld aan pers en publiek. De keuze ging naar een drijvende structuur van verschillende eilanden. Op deze eilanden zijn verschillende substanties (keien, verschillende soorten veen, …) en vegetaties (zoals kleine zegge) aangebracht. Een student zal samen met de Universiteit Hasselt het project opvolgen. Hopelijk mogen we in 2009 hier broedende visdiefjes verwelkomen! Meer info: hildegarde.quintens@lne. vlaanderen.be
53
Hoge Bergen-Ekstergoor open voor publiek Inwoners van de provincie Antwerpen mochten in 2008 een nieuwe groene oase en recreatiegebied toevoegen aan het lijstje. Zondag 1 juni opende het ANB samen met het gemeentebestuur van Beerse en Rijkevorsel het natuurgebied Hoge Bergen-Ekstergoor. Tweehonderd wandelaars kwamen de drie wandelpaden in dit 170 hectare grote domein inwandelen. Het grootste gedeelte van het gebied bestaat uit naaldbos maar daarnaast vind je hier ook eikenberkenbos, elzen- en berkenhakhout, heischraal grasland, cultuurgraslanden, enkele oude veedrinkpoelen, droge en vochtige heide en enkele venrestanten. De ecologische waarde van het gebied zullen we in de komende jaren nog vergroten door een aantal gerichte ingrepen zoals de afbraak van het centraal gelegen vliegveld. In de
toekomst zullen we ook nog een aantal vogelkijkhutten in het gebied plaatsen en de boerderij omvormen tot een ‘groen huis’. Dit groen huis zal dienst doen als een educatief centrum. Rond het domein is er ook een elektrisch raster geplaatst aangezien er gallowayrunderen en konikpaarden zullen grazen. Meer info: luc.vanassche@lne.vlaanderen.be
Bomen planten, ook bedrijfswereld doet duit in het zakje Boomplantacties kennen al jaren een groot succes. Overheden, jeugdbewegingen, verenigingen, gezinnen en scholen participeren massaal. Ook de bedrijfswereld sluit zich hierbij aan. Bayer plantte in 2008 samen met Vlaams minister van Leefmilieu en Natuur Hilde Crevits en het ANB de eerste bomen van de 20.000 bomen, die men op het ANB domein Ertbrugge zal aanplanten. Een mooie samenwerking tussen de overheid en een chemiebedrijf leidde tot een nieuw bos dat voor iedereen toegankelijk zal zijn. De opbrengst van de bomen ging naar “Kom op tegen Kanker”. Zo zorgt het bos voor een beter milieu en een goede gezondheid. Ook in domeinbos De Reukens in Aartselaar stak men de handen uit de mouwen om bomen te planten in het kader van Kom op Tegen Kanker.
basis vormen van een grote groene long van ongeveer 75 hectare. Het wordt een gevarieerd gebied met bos, extensieve landbouw en recreatieve verbindingen. In het kader van het Boompjesweekend werd zeven hectare beplant. Deze strook is in de eerste plaats bedoeld als buffer tegen de nabijgelegen industrie en de A12. De inrichting van de overige percelen wordt momenteel verder uitgewerkt in samenspraak met de gemeente Aartselaar. Hier zal het recreatieve aspect belangrijker zijn.
In de ruime omgeving van Antwerpen zoekt het ANB samen met andere partners naar verantwoorde bosuitbreiding, onder meer voor de realisatie van stadsrandsbossen. Het ANB kocht samen met de gemeente Aartselaar twintig hectare gronden aan die de
54
2008, het jaar Eén
LIMBURG Mijnterrils Beringen en Heusden-Zolder weer open Beheerwerken waar mens én natuur van profiteren De inrichtingswerken op de mijnterrils van Beringen en Heusden-Zolder zijn grotendeels afgerond. Deze werken hebben als doel natuurontwikkeling te stimuleren, stabiliteit te verbeteren en de toeristische infrastructuur beter uit te bouwen. Zaterdag 21 juni 2008 gingen de beide mijnterrils tussen zonsopgang en -ondergang weer open voor publiek. Sinds februari 2008 is hard gewerkt op de mijnterrils van Beringen en Heusden-Zolder. In het kader van het Interreg III project ‘Industrielle Folgelandschaft’ investeerde het Agentschap voor Natuur en Bos van de Vlaamse Overheid 595.000 €. De middelen kunnen gedeeltelijk bij de Europese Unie worden gerecupereerd en zijn voor diverse doelstellingen aangewend.
Heusden-Zolder In Heusden-Zolder is ter verbetering van de toegankelijkheid een nieuwe parking aan de Halstraat aangelegd met overdekte fietsenstalling en picknicktafels. De wandelpaden zijn gestabiliseerd met gebroken beton. Wie zich waagt aan de stevige klim naar de top van de terril, wordt getrakteerd op een prachtig uitzicht dankzij de spotter die in samenwerking met Toerisme Limburg is geplaatst. Naast een mooi vergezicht verschaft de spotter ook interessante informatie. Met het oog op de stabiliteit (erosiegevaar) mogen bezoekers alleen de aangelegde wandelpaden gebruiken. Het fietspad dat aan de westzijde langs de terril loopt en het raster rondom de terril zijn hersteld.
2008, het jaar Eén
Voor het begrazingsbeheer met schapen op de noordzijde van de terril zijn tussenrasters geplaatst, evenals diverse poorten en klaphekken. De stabiliteit is verbeterd door het herstellen van de ontstane erosiegeulen alsook door het herstellen en aanleggen van draineerbuizen voor de waterafvoer. Voor de rugstreeppadden zijn diverse nieuwe poeltjes uitgeprofileerd. De nachtzwaluwen kunnen profiteren van open gekapte plaatsen in het bosmilieu. Streekvreemde aanplantingen zijn verwijderd.
Beringen Bij de terril II van Beringen is de parking met fietsenstalling aan de Orgelwinningsstraat verbeterd. Het oude parkeerterrein aan de Steenstortstraat is opgeruimd. Langs het fietsroutenetwerk installeerde men een picknickplek. De wandelpaden zijn verbeterd met gebroken beton en op het steile gedeelte vlak bij de top zijn nieuwe trappen met reling geplaatst. Ook op deze terril mogen met het oog op de stabiliteit (erosiegevaar) alleen de aangelegde wandelpaden gebruikt worden. Het plateau op de top is voorzien van houten hekken.
55
Op deze terril is een pad aangelegd dat ook geschikt is voor minder mobiele bezoekers. Net als op de terril van HeusdenZolder is ook hier gekozen voor een informatieve spotter in plaats van panoramatafels. Deze spotter biedt naast een zicht vanaf de zuidhelling van de terril ook heel wat interessante informatie. Voor het begrazingsbeheer zijn naast rasters ook poorten geplaatst en is de doorgang voor de schapen naar de nieuwe schapenstal verzekerd. Op enkele plaatsen
is verouderde infrastructuur opgebroken en verwijderd. De verlande poel is geruimd en tegelijkertijd opnieuw geprofileerd ten bate van de amfibieën- en libellensoorten. Door het regelmatig controleren (monitoren) van de aanwezige soorten, wordt het resultaat van deze natuurontwikkelingswerken nauw opgevolgd. Voor beide terrils zijn nieuwe informatiepanelen en wandelfolders in voorbereiding.
Het gemeentebestuur HeusdenZolder, het gemeentebestuur Beringen, Toerisme Limburg en het Vlaams Mijnmuseum verleenden hun medewerking aan dit project. Meer info: Agentschap voor Natuur en Bos Limburg Koningin Astridlaan 50 bus 5 3500 Hasselt Tel: 011 74 24 50 lim.anb@vlaanderen.be
Groene long van Noord-Limburg heet Bosland Het ANB, de gemeenten Hechtel-Eksel en Overpelt en de stad Lommel zijn sinds 30 september 2006 verenigd in de Interlokale Vereniging ‘Bossen van de Lage Kempen’. Op 20 oktober 2008 hield dit partnership, in aanwezigheid van Vlaams minister van Leefmilieu Hilde Crevits, haar nieuwe naam en logo boven het doopvont. ‘Bosland’ is de naam van deze nieuwe spruit onder de Limburgse natuurparels.
Bosland, waar kinderen thuis zijn De partners kozen voor de naam Bosland omdat het de unieke waarde van dit grootste bosgebied van Vlaanderen het best vat. Door
56
haar uitgestrektheid is het een echt ‘land’. Dit is zeker zo in de beleving van kinderen. En net zij zijn hier vanaf nu een beetje koning. Bosland moet de komende jaren uitgroeien tot het meest kindvriendelijke bos van Vlaanderen. Spelenderwijs kunnen kinderen zo al het moois
ontdekken dat het bos te bieden heeft. De voorbije jaren werden al heel wat plannen gesmeed en de eerste realisaties zijn ondertussen een feit. Reeds 75% heeft een goedgekeurd bosbeheerplan, enkele nieuwe 2008, het jaar Eén
speelzones zagen het levenslicht, ruiterroutes en wandelgebieden werden aangelegd en een ambitieus herstelplan voor landduinen ging van start. De komende jaren moet de grootste zandbak van Vlaanderen een plaats krijgen in het gebied, naast een klim- en klauterpark, boomhutten, en andere kindvriendelijke attracties. Daarnaast werken de partners verder aan duurzaam bosbeheer en natuurherstel op niveau van het volledige werkingsgebied. Bij de bekendmaking van de naam, onthulde men een eerste maquette van een boomhut gemaakt uit FSC gecertificeerd hout. De burgemeesters van Lommel, Overpelt en Hechtel-Eksel hebben beloofd om als eersten in zo’n boomhut te overnachten. Wij houden hen aan hun woord!
Smaakvol bos Op 18 december werd in het domeinbos Pijnven het Dennenknopje voorgesteld, het eerste streekproduct van Bosland. De jenever is gemaakt
van dennenappels afkomstig uit de bossen van Bosland. Het wordt gedistilleerd in het familiebedrijf Leukenheide, de oudste ambachtelijke stokerij van Vlaanderen en gevestigd in Hechtel-Eksel. Deze jenever is meteen ook het eerste streekproduct van Vlaanderen gemaakt van ingrediënten uit duurzaam beheerde, FSC gecertificeerde bossen. Meer info: dries.gorissen@lne. vlaanderen.be
De Watersnip: een Vlaams bezoekerscentrum op maat van de bezoeker Gelegen in de Vallei van de Zwarte Beek, één van de grootste, meest gevarieerde en ecologisch waardevolste natuurgebieden van Vlaanderen, is het bezoekerscentrum De Watersnip een ideale uitvalsbasis voor een nadere verkenning.
Bron van informatie Binnen krijg je een ruime waaier aan informatie over de omgeving die je buiten meteen op het terrein kan toetsen. De Watersnip speelt daardoor een heel belangrijke rol in het sensibiliseren van heel uiteenlopende doelgroepen over de uitzonderlijke natuurwaarde van de Vallei van de Zwarte Beek en het gevoerde beleid en beheer. Ook de permanente tentoonstelling, in
2008, het jaar Eén
2008 opgefrist en uitgebreid, draagt hiertoe een steentje bij.
Bruisend jaarprogramma Voor de doelgroep ‘individuele bezoekers’ is een gevarieerd jaarprogramma uitgewerkt: een wandelkalender met 40 themawandelingen, waaronder voor het eerst midweekwandelingen. Het aanbod bevat verder een zomerprogramma met een
57
tentoonstelling over vlinders, een tekenwedstrijd en wekelijkse themawandelingen. Voor groepen en scholen is het standaardaanbod aangepast aan de specifieke wensen van de aanvrager.
Bezoekers Steeds meer mensen vinden de weg naar De Watersnip. Sinds de opening van het bezoekerscentrum is het bezoekersaantal gestegen van 7.585 in 1997 naar 13.139 in 2008. Die stijging is vooral te danken aan het ruimere wandel- en vormingsaanbod. En we mogen ook de vele medewerkers niet vergeten. De goede werking van De Watersnip is enkel mogelijk dankzij de dagelijkse inzet van de medewerkers van het ANB en Natuurpunt en de vele vrijwilligers. Meer info:mathilde.bartels@lne. vlaanderen.be of rosetta.ianicelli@ lne.vlaanderen.be
Regio Hoge Kempen: 2008 in het teken van vernatting Al enige tijd staat de regio Hoge Kempen in het teken van ‘vernatting’. In verschillende domeinen is ANB druk in de weer om verdroging tegen te gaan en waterminnende vegetaties opnieuw natte voetjes te bezorgen. We zetten een aantal realisaties op een rijtje.
Greppels opstuwen in De Ziepbeekvallei In de Ziepbeekvallei zijn we sinds enkele jaren bezig met het opstuwen van afwateringsgreppels. De resultaten mogen alvast gezien worden: herstel van natte heidevegetaties met veenpluis, moeraswolfsklauw, blauwe zegge en een uitbreiding van populaties van beenbreek. Door dichting van afwateringsgreppels en aanvoer van beekwater is het grondwater in totaal met 30-50 cm opgestuwd over een oppervlakte van circa 9,5 hectare. Hierdoor herstellen zich natte en venige heide- en gagelvegetaties. Het jaarlijks weerkerende maaibe-
58
heer van natte en venige gagelheide begint aardige resultaten op te leveren in de vorm van een sterke uitbreiding van veenorchis en heideorchis. Onze kleinschalige experimenten met bevloeiing door beekwater laten een vestiging zien van beenbreek, klokjesgentiaan, moeraswolfsklauw, veelstengelige veenbies, sterzegge en veel dwergzegge en blauwe zegge.
Omvorming naaldbos Naast het opstuwen van grachten vormen we ook naaldbospercelen, nabij kwelzones of in vochtige valleitjes, om tot loofbos of boom- en struweelrijke heide. Die
omvorming mildert de input van nitraten en verzurende deeltjes in het grondwater en zorgt voor een verhoogde kweldruk. Het uittredende grondwater in de natuurgebieden van de Hoge Kempen is van een uitzonderlijke kwaliteit. Het is echter weinig gebufferd tegen verzuring en gevoelig voor stikstofverrijking. Vandaar dat we naaldbossen in valleitjes en nabij kwelzones versneld omvormen. Zo werd in 2008 in de bovenloop van de Ziepbeek de bosrand teruggezet over een lengte van 550 meter. Vrijwel al de bomen en het takhout zijn geruimd. Deze bosrand ligt juist boven een belangrijke kwelzone. De bomen onttrekken een 2008, het jaar EĂŠn
deel van het kwelwater. Het ruimen van de bomen moet een toename van de kweldruk mogelijk maken.
De heide in vuur en vlam Sinds de oprichting van het natuurreservaat de Mechelse Heide in 1967 verjongt men de heidegebieden in de Hoge Kempen via een maai-, branden plagbeheer. Tot 1996 werd nagenoeg elk heideperceel om de 10 tot 12 jaar gemaaid of afgebrand. Sinds 2000 past men er weer een variabel beheer toe. Percelen heide verjongt men om de 12 jaar, om de 5 jaar of zelfs helemaal niet. Houtopslag in de heide zet men op regelmatige tijdstippen terug, zodanig dat het open heidelandschap behouden blijft. In 2008 vonden in de Mechelse heide en de Vallei van de Ziepbeek over een aanzienlijke heideoppervlakte maaiwerken plaats. In totaal werd 19 hectare gemaaid, 3 hectare geplagd en 1 hectare afgebrand. Volgens het beheerplan VNR Hoge Kempen moet er jaarlijks 25 hectare heide verjongen.
Schraal en toch vol leven? Naast de heideterreinen kent de regio Hoge Kempen een aanzienlijke oppervlakte schrale graslanden. Deze graslanden zijn van belang voor tal van ongewervelden. Bijzondere aandacht gaat uit naar de populatie van de veldparelmoervlinder op het militaire domein van Wiemesmeer en naar het klaverblauwtje en boswitje in het Pietersembos. De grauwe klauwier broedt al enige jaren in en nabij de Mechelse Heide. Via een aangepast beheer van de schrale graslanden trachten we een duurzame populatie op te bouwen. Momenteel beheren we circa 140 hectare schraal grasland, variĂŤrend in oppervlakte van 6 hectare tot maximaal 35 hectare. Het merendeel van deze graslanden is droog. Enkel in het Asbroek, gelegen in het domeinbos Pietersembos, ligt een beperkte oppervlakte nat schraal grasland. In 2008 werd circa 40 hectare gemaaid en 40 hectare begraasd. Meer info: joseph.gorissen@lne. vlaanderen.be
2008, het jaar EĂŠn
59
Vissen nemen de trap
Herstel van vismigratie vanuit de Grensmaas naar de Bosbeek De Bosbeek ontspringt ter hoogte van Waterschei en mondt na 24 km uit in de Maas ter hoogte van Maaseik (Aldeneik). Er lag echter een addertje onder het wateroppervlak. Tot voor kort stortte het water uit de Bosbeek via een betonnen constructie 3 meter naar beneden in de Grensmaas. Voor vissen uit de Grensmaas was het dan ook onmogelijk de Bosbeek op te zwemmen. Het ANB besloot de natuur een handje te helpen. Om deze onoverkomelijke hindernis voor vismigratie uit de weg te helpen, is een visdoorgang van ongeveer 700 meter aangelegd om het grote hoogteverschil op te vangen. De verschillende trappen in deze visdoorgang zijn opgebouwd uit natuurstenen. Naast zijn functie voor vrije migratie kan deze visdoorgang ook dienst doen als paai- en opgroeiplaats of tijdelijke verblijfplaats voor onder meer stroomminnende vissoorten. Van april tot en met juli 2008 onderzocht het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO) in opdracht van het ANB, en met kredieten van het Visserijfonds, de
60
migratie en de aanwezigheid van vissen in de visdoorgang. Tijdens het onderzoek zijn 20 verschillende vissoorten gevangen. Bijzonder was de vangst van rivierdonderpad en bittervoorn. Beide vissoorten genieten in Vlaanderen een volledige bescherming door de Wet op de riviervisserij. Bittervoorn geniet in de Grensmaasregio bovendien speciale bescherming in het kader van de Habitatrichtlijn. Ook kopvoorn, serpeling, beekforel en sneep lieten zich vangen. Dit zijn stroomminnende vissoorten, die in de Rode Lijst van bedreigde diersoorten onder de categorie ‘zeldzaam’ vermeld staan.
Het project illustreert het belang van het herstel van beekmondingen als leefgebieden voor riviervissen. In de toekomst kunnen er meer vissen vanuit de Grensmaas de Bosbeek optrekken als we ook de watervervuiling op de Bosbeek kunnen terugdringen en kleine aanpassingen doorvoeren aan de toegang tot de visdoorgang. Hierdoor wordt deze visdoorgang, ook bij een laag waterpeil van de Grensmaas, permanent optrekbaar voor vissen.
2008, het jaar Eén
Verscholen in het riet
Paaiplaatsen en bescherming van rietkragen op het Kanaal Bocholt-Herentals Veel vissoorten zijn voor voortplanting afhankelijk van ondiepe, rustige en plantenrijke zones van de waterloop waar ze kunnen paaien en het jonge broed kan opgroeien. Het bekkenbeheerplan voor de Grensmaas vraagt aandacht voor natuurlijke kanaalbiotopen. In 2008 heeft het ANB in samenspraak met de kanaalbeheerder, NV De Scheepvaart, de Provinciale Visserijcommissie Limburg en deskundigen op het vlak van natuurtechnische milieubouw
2008, het jaar EĂŠn
(NTMB) in Sint-Huibrechts-Lille het project opgestart om de rietkragen te beschermen met een vooroever. In de plasbermen en tussen de rietstengels vinden vissen paaimogelijkheden en ontstaat een streepje boeiende natuur. Meer info: bart.denayer@lne. vlaanderen.be Agentschap voor Natuur en Bos Limburg Team Fauna en Flora
61
OOST-VLAANDEREN Achter ieder cijfer schuilt een verhaal
Nieuw wandelparcours Fort Steendorp uitgetest op Nacht van de Vleermuis In 2008 realiseerde het ANB het wandelparcours Ontelbaar mooi! rondom het Fort Steendorp. Dit parcours houdt 15 keer halt bij verrassende telpunten. Het cijfer van dit telpunt verwijst telkens naar een stukje boeiende geschiedenis of waardevolle natuur van het fort. De informatie op het telpunt licht hiervan telkens een tipje van de ssluier op. Met de begeleidende brochure in de hand kom je meer te b weten over dit raadselachtige cijfer. w O de (Dag &) Nacht van de Op V Vleermuis konden de inwoners van Temse en omgeving deelnemen T aaan de zoekwedstrijd langs dit ffonkelnieuwe wandelparcours. Fort-gidsen van het Simon Stevin F - Vlaams Vestingbouwkundig
Centrum gaven honderden mensen een boeiende rondleiding binnen de muren van het fort. En ’s avonds stonden de mensen van Natuurpunt en Ecotest paraat om in de duisternis te speuren naar ‘de fluwelen fladderaars’. Deze realisaties kaderden in het LIFE project BatAction en kwamen tot stand dankzij een geslaagde samenwerking tussen het ANB, de gemeente Temse, het Vlaams Instituut voor Onroerend Erfgoed, Natuurpunt, Ecotest vzw en Simon Stevin - Vlaams Vestingbouwkundig Centrum vzw. Meer info: patrick.verheye@lne. vlaanderen.be
Hengelsport en natuurontwikkeling ontmoeten elkaar in De Melkader De Melkader is een gekanaliseerd kreekrestant dat aansluit op de Groene Ring, een groengordel rondom Kallo. Dit water dankt zijn naam aan de aanwezigheid van een melkbedrijf in het dorp. De Melkader biedt aan hengelaars en andere natuurliefhebbers een rustige en natuurlijke plek om te genieten. Om de hengelsport een duurzame en ecologische inpassing in deze groene omgeving te bieden, hebben de Provinciale Visserijcommissie van Oost-Vlaanderen en het ANB de handen in elkaar geslagen. Zes hengelsteigers zijn aangelegd op een zodanige manier dat de aanwezige oevervegetatie intact blijft. Daarnaast herstelde men
62
de eerder aangelegde vooroever met natuurlijke materialen zoals wilgentakken. In deze vooroever
ontwikkelde zich her en der al een mooie rietkraag waarin vissen paaien en zangvogels broeden.
2008, het jaar Eén
Roofvogels varen wel bij samenwerking ANB en Federale Diensten Vogelbescherming is een wezenlijk onderdeel van de natuurinspectietaak van het ANB. Onze gevederde vrienden blijken betrokken te zijn in 27 % van misdrijven inzake de bijzondere wetgeving waarvoor ANB bevoegd is. Sinds 2006 werkt de handhavingscel van ANB OostVlaanderen nauw samen met de inspecteurs van de Federale Overheidsdienst Dierenwelzijn en CITES (Convention on International Trade in Endangered Species).
Complexe materie In het bijzonder voor de controle bij roofvogelhouders waar bij de meeste soorten zowel de CITES-wetgeving als het KB 9/9/81 (Koninklijk Besluit betreffende de bescherming van vogels in het Vlaamse Gewest) van toepassing is, bleek de noodzaak om samen controles uit te voeren groot. De complexe wetgevingen zijn niet volledig op elkaar afgestemd en zowel voor de controlerende ambtenaar van ANB als voor de roofvogelhouder niet steeds even gemakkelijk uit elkaar te houden. Een onvoldoende kennis van de complexe CITES-wetgeving speelde de ANB-inspecteur in bepaalde situaties al eens parten. Bovendien kregen de Federale Dienst en het ANB in deze periode steeds meer signalen van fraude, bijvoorbeeld door nestroof van jonge roofvogels.
Het actiejaar 2008 Op initiatief van de dienst CITES werd begin 2008 een roofvogelwerkgroep opgericht, met 2008, het jaar EĂŠn
daarin vertegenwoordigers van CITES, een vertegenwoordiger van het ANB, een deskundige op het vlak van roofvogelherkenning en de Federale Politie Cel Leefmilieu. Een eerste stap in de gestructureerde aanpak is het opstellen van een databank met DNA-materiaal van gevoelige roofvogelsoorten. Deze methode leidde in buurland Nederland tot een spectaculaire daling van het aantal aanvragen van kweekcertificaten van bepaalde soorten. Op basis van een aantal parameters, zoals zeldzaamheid in Europa, moeilijkheidsgraad van kweek in gevangenschap en gevoeligheid voor nestroof, selecteerde men vijftien roofvogelsoorten. Deze soorten zijn tijdens de controle de aandachtsoorten, waarbij men op basis van DNA-analyses nagaat of de aangegeven kweek afstamt van de opgegeven oudervogels. Onder de 15 roofvogelsoorten zijn er 5 die bijzondere aandacht krijgen.
Deze soorten zijn weerhouden om het DNA volledig in kaart te brengen. Tijdens een controle worden van alle aanwezige vogels van deze soorten DNA-stalen genomen. Tijdens de voorbereiding van de actie is eveneens een eerste selectie gemaakt van roofvogelhouders die de voorbije jaren gevoelige soorten kweekten en dus in aanmerking komen voor controle.
Controles 2008 en beknopte resultaten In het jaar 2008 zijn in OostVlaanderen in totaal 11 roofvogelhouders gecontroleerd. Er werden in het totaal 400 vogels gecontroleerd. Door een goede taakverdeling verliepen deze controles zeer vlot. Slechts drie roofvogelhouders waren volledig in orde; vier roofvogelhouders zijn geverbaliseerd voor het bezit van illegale roofvogels.
63
EĂŠn roofvogelhouder is geverbaliseerd omdat er illegale zangvogels zijn aangetroffen. Drie roofvogelhouders waren administratief niet in orde omdat ze geen rode inventaris of CITESdocumenten konden voorleggen of omdat zij in het bezit waren van CITES-documenten waarvan de vogel dood of niet in meer in hun bezit was. Documenten van dode vogels moeten worden vernietigd om fraude met deze documenten te vermijden. De voornaamste overtredingen zijn: - invoer vanuit het buitenland van wildvang roofvogels - fraude met roofvogels uit eigen regio (buizerd, sperwer, torenvalk, steenuil) - niet correct gebruik van gesloten voetringen. Onder andere het gebruik van eigen ringen die niet afkomstig zijn van een erkende vogelhoudersvereniging.
64
Daarnaast komen regelmatig administratieve overtredingen voor zoals het niet correct bijhouden van registers (zowel voor de CITES-wetgeving als voor het KB 9/9/81) of het niet vernietigen van CITES-documenten van overleden roofvogels. Tenslotte worden de handhavers geconfronteerd met een niet steeds op elkaar afgestemde wetgeving in verband met het gebruik van voor ons niet geldige ringen (splitring) en het gebruik van microchips zonder gesloten voetring. Roofvogelhouders die in het bezit zijn van zulke geringde vogels riskeren op basis van het KB 9/9/81 een procesverbaal. In de Vlaamse wetgeving staan die microchips niet vermeld. De internationale en dus ook Federale Regering erkennen die microchips wel als geldige ringen. Een aanpassing en afstemming in de wetgeving is dan ook noodzakelijk.
Conclusie Ondanks niet perfecte afstemming van de wet op de vogelbescherming met de CITES-wetgeving is gebleken dat samenwerking tussen de Federale Diensten en Natuurinspectie van het ANB wel succesvol kan zijn. Zeker is wel dat 2008 in de annalen van de Natuurinspectie in OostVlaanderen geboekstaafd zal staan als het jaar van de doorbraak in de bestrijding van de illegale vogelhandel. Of daarmee ook de doodsteek gegeven is aan de malafide praktijk in Vlaanderen, en bij uitbreiding in de ons omringende landen, zal de komende jaren moeten blijken. In elk geval zal het succes afhangen van de blijvende aandacht voor het fenomeen op Vlaams niveau in de komende jaren.
2008, het jaar EĂŠn
SCHELDEPROJECT Eerste spadesteek voor Rietveld Kallo De noodzakelijke ingrepen voor de aanleg van het Rietveld Kallo zijn gestart. Het project maakt deel uit van de robuuste natuurkerngebieden rondom de haven van Antwerpen. Een deel hiervan vormt een compensatie voor de natuurwaarden die verloren zijn gegaan in de Steenlandpolder en de Haasop bij de aanleg van de Liefkenshoekspoortunnel.
Compensatie en robuuste natuur
Samenwerken: hefboom voor de toekomst
Aaneengesloten rietmoeras
In 2008 startte de aanleg van een tweede goederenspoorlijn onder de Schelde: de Liefkenshoekspoortunnel. Doordat de aanleg door middel van een ondergrondse boring gebeurt, heeft het geen significante effecten op het habitatrichtlijngebied. Er gaat wel waardevol rietmoeras verloren in de natuurgebieden Haasop en Steenlandpolder. Een gedeelte van het Rietveld Kallo geldt als compensatie hiervoor. De overige oppervlakte is een eerste stap in de creatie van robuuste natuur zoals voorzien in het Strategisch Plan voor de Haven van Antwerpen. Om de natuurdoelstellingen in het kader van de Europese Vogelrichtlijn te behalen, is ervoor gekozen om de natuur te concentreren binnen aaneengesloten natuurkerngebieden. Zo ontstaan schaaleffecten en worden allerlei verstorende invloeden kleiner. Bovendien is er een relatief kleiner oppervlak nodig om de vooropgestelde natuurwaarden te bereiken. Met deze integrale aanpak worden de win-win kansen voor ecologie en economie maximaal benut.
Het veilig stellen van de waardevolle natuur is een noodzakelijke voorwaarde om de haven verder te kunnen ontwikkelen. Samenwerken aan een duurzame oplossing is hierbij de leidraad. Ook bij de realisatie van het Rietveld Kallo werken we op dit elan verder. Verwerving, inrichting, financiering, beheer … alle betrokken partijen (ANB, MOW, GHA, VLM en de Maatschappij Linkerscheldeoever) engageerden zich elk voor een deelopdracht via een samenwerkingsovereenkomst. ANB maakte het onteigeningsbesluit op en zorgde voor de inhoudelijke begeleiding bij de opmaak van het inrichtingsplan. De plannen werden ook overlegd met de gemeente Beveren en afgestemd op het beeldkwaliteitplan voor Kallo. In een latere fase zal het ANB instaan voor het beheer van dit waardevolle rietmoeras.
Door op de vroegere akkers de teellaag af te graven, zullen uitgestrekte ondiepe plassen ontstaan, waarin het riet zich verder kan uitbreiden. De uitgegraven grond wordt gebruikt voor de bouw van een bufferdijk die moet bijdragen tot de leefbaarheid van de dorpskern Kallo. Het 47 hectare rietveld zal samen met het aangrenzende Groot Rietveld (80 hectare) een aaneengesloten rietmoeras vormen, naar Vlaamse normen één van ongezien formaat. Het moet onderdak bieden aan beschermde vogels als bruine kiekendief, baardmannetje en blauwborst. En met een beetje geluk vindt ook een roerdomp, een zeldzame en schuwe ‘rietreiger’, het een geschikte plek om er te broeden. Ook andere vogels als waterral en porseleinhoen verwachten we in dit rietmoeras. Vanaf 2010 kan iedereen het Rietveld Kallo komen beleven via een echt ‘beleefpad’ met aangepaste infrastructuur en de aangeduide wandelpaden.
2008, het jaar Eén
65
Flankerend landbouwbeleid Sigmaplan krijgt vorm Voor de landbouwers die grond verliezen bij de realisatie van het geactualiseerde Sigmaplan is er een uitgebreid pakket aan begeleidende maatregelen voorzien. Beter bekend onder de noemer ‘flankerend landbouwbeleid’. Afgelopen jaar werkte het ANB samen met de projectpartners en de landbouwsector aan de concrete invulling daarvan. De Kalkense Meersen fungeert als voorbeeldgebied.
Geïntegreerde visie In het dichtbevolkte Vlaanderen is een effectieve en betrouwbare bescherming tegen overstromingen van groot belang. Het Sigmaplan, oorspronkelijk een zuiver veiligheidsplan, werd geactualiseerd in 2005. De Vlaamse Regering besliste om het natuurluik van de Ontwikkelingsschets 2010 integraal deel uit te laten maken van het geactualiseerde Sigmaplan. Veiligheid en natuurlijkheid worden er maximaal geïntegreerd. Ruimte voor water is daarbij een leidend principe. Maar ook het flankerend landbouwbeleid is een fundamenteel onderdeel van het Sigmaplan. Er is een budget van 43 miljoen euro (bovenop de kosten van verwerving) voorzien voor de begeleiding van de landbouwsector.
66
De weg van de minste impact Bij het uittekenen van het Sigmaplan hield men van bij de aanvang ook rekening met de landbouwsector. Zo werden bij de selectie van de overstromingsgebieden de meest landbouwgevoelige gebieden niet opgenomen. Voor de landbouwers in hoofdberoep, die wel binnen het projectgebied vallen, werkte men concrete maatregelen uit. De VLM bracht de impact op de landbouw in kaart via een landbouweffectenrapport (LER). De resultaten hebben diverse processen mee helpen sturen. Maar het gaf in de eerste plaats een indicatie van de gevolgen voor de individuele landbouwer.
Als antwoord hierop gebeurden grenscorrecties om de leefbaarheid van de getroffen landbouwbedrijven te garanderen (uitsparen van huiskavels). Verder worden percelen met een grote impact zoveel mogelijk in een latere fase meegenomen. De grondenbank tracht om voor de getroffen landbouwers zoveel mogelijk ruilgrond te bekomen. Wanneer geen ruilgrond voor handen is, ontvangen de eigenaars en de gebruikers een billijke vergoeding.
Aangepaste overgangsmaatregelen De landbouwsector krijgt tijd en ruimte om zich gradueel aan te passen aan de nieuwe situatie. Er zijn maatregelen ontwikkeld die het opnemen van natuurbeheer 2008, het jaar Eén
in de bedrijfsvoering interessant maken of een uitloopfase voor oudere landbouwers creëren. In het vakjargon spreken we over ‘dienstenconvenanten’. Door middel van contracten krijgt de landbouwer de nodige rechtszekerheid op het gebruiksrecht van de percelen. Na vrijwillige verkoop kan de landbouwer op een onderhoudscontract intekenen. Hiermee willen we de vrijwillige verkoop stimuleren. De landbouwer kan het huidige grondgebruik voor de duur van het contract verder zetten. De beperkingen zijn minimaal, enkel scheuren van bestaand grasland kan niet. Er is een eenmalige premie voorzien voor het omzetten van akker- naar grasland. Bij aanvang van de projectfase krijgt de landbouwer een omvormingscontract aangeboden. Hiermee kan hij, na onteigening, 5 jaar het omvormingsbeheer van zijn voormalig perceel op zich nemen tegen een redelijke vergoeding. Het is de zittende landbouwer die hierop als eerste kan intekenen.
Omvormingsbeheer Bij het zuivere hooilandbeheer engageert de landbouwer zich om twee maal per jaar te maaien. Bemesten en het gebruik van bestrijdingsmiddelen zijn verboden. In ruil ontvangt de landbouwer een vergoeding. Ook de opbrengst en eventuele inkomsten uit premies zijn voor de landbouwer. In beperkte mate wordt ook een specifiek weidevogelbeheer uitgebouwd.
Na het flankerend landbouwbeleid Na de beheerperiode van 5 jaar treedt de fase van het reguliere natuurbeheer in. Ook hierin kan de landbouwer een prominente rol spelen. Gebruiksovereenkomsten bevorderen de samenwerking tussen landbouw en natuur. Zo’n overeenkomst heeft voordelen voor beide partijen. De ervaring van de boer wordt meegenomen in het beheer. En de overheid moet
zelf geen afzet zoeken voor de grote h hoeveelheden lh d h hooi.i V Voor d de landbouwer zijn enkele percelen met een extensief hooilandbeheer meestal goed in te passen in de bedrijfsvoering. Bovendien kan men de gebruiksgronden aanmelden om de Europese premierechten te verkrijgen. Het is een goed voorbeeld van hoe landbouw en natuur de krachten bundelen op zoek naar een win-winsituatie.
Broedvogels Schelde in kaart gebracht De instandhoudingsdoelstellingen voor het Schelde-estuarium leggen concrete voorwaarden op om 21 broedvogelsoorten opnieuw alle kansen te geven. Om te weten of we na de realisatie van het Sigmaplan deze doelstellingen halen, is het belangrijk om de nulsituatie te kennen. Daarom bracht ANB in 2008 de broedvogels voor de eerste keer in kaart.
2008, het jaar Eén
Doelsoorten in stand houden
inderdaad leidt tot de vestiging en/of toename van de beoogde doelsoorten.
De instandhoudingsdoelstellingen voor het Schelde-estuarium schrijven voor dat er voor 21 specifieke broedvogelsoorten voldoende ruimte en een geschikte habitat beschikbaar moet zijn om minimaal 1 leefbare kernpopulatie te onderhouden. Het geactualiseerde Sigmaplan voorziet daarvoor de creatie van vele hectare nieuw habitat. Om effecten van de ingrepen te kunnen evalueren moeten we de huidige situatie kennen. Latere tellingen kunnen we dan daaraan toetsen. Op deze wijze kunnen we onderzoeken of de creatie van geschikt habitat
Nulmeting In 2008 werden de broedvogels voor de eerste keer in kaart gebracht. De professionele vogelspotters van het ANB en het INBO speurden naar vogels met de bedoeling de nulsituatie vast te leggen. Dit gebeurde in meerdere projectgebieden van het Sigmaplan (zie kaart) waarvan de werken in 2010 starten. De overige 2010-gebieden (Kalkense Meersen, Durmevallei) komen volgend jaar aan de beurt.
67
±
h Sc
Temse
Durmevallei
el
de
oe M rv
Waasmunster
aa rt
Durme
Lokeren
Bornem Ru
pe
Rumst
l
Dijlemonding
Hamme
Grote Vijver
Hamme - Dendermonde
Zele
F !
Zennegat en Oude Dijlearm Sc
he
ld
e
Vlassenbroek
F !
F !
Grote Wal-Kleine Wal-Zwijn
Willebroek
F ! le ij
Kalkense Meersen
D
Laarne
Mechelen n Ze
Berlare
n
Bergenmeersen
e
Dendermonde
F ! Wetteren
F !
Paardeweide Paardebroek
F !
F !
Wijmeers Wichelen
De 2010-gebieden met aanduiding van de gebieden waar de broedvogels al in kaart zijn gebracht
Elk gebied werd minstens 6 maal bezocht tussen zonsopgang en enkele uren na zonsopgang en één keer ’s avonds rond zonsondergang. Alle waarnemingen die duiden op een broedgeval, zoals een zangpost, een nest of voederende ouders, … werden zorgvuldig genoteerd. De verzamelde gegevens werden per soort gegroepeerd en volgens vaste regels geïnterpreteerd.
Eerste voorlopige resultaten Van alle doelsoorten kwamen er slechts 4 soorten (dodaars, blauwborst, grutto en slobeend) tot broeden in de onderzochte gebieden, zij het slechts in zeer lage aantallen. De meest voorkomende van de onderzochte soorten zijn bosrietzanger en kleine karekiet. De grootste variëteit werd aangetroffen in Wijmeers (22 soorten) en het Zennegat/Oude Dijlemonding (21 soorten). Deze gebieden vertonen ook de grootste diversiteit aan habitats. In Paardebroek, Paardeweide en Bergenmeersen kwamen de minste soorten voor. Dit is deels te verklaren doordat dit kleine gebieden zijn met beperkte habitatvariatie en/of intensief landbouwgebruik. De meest verspreide eendensoort is de krakeend. Wintertaling en zomertaling komen niet tot broeden. Andere soorten die verrassend weinig werden waargenomen zijn fitis (geen enkel territorium in de onderzochte gebieden), matkop, zomertortel, nachtegaal en roodborsttapuit. Positief zijn de 9 koppels wielewaal in Grote Wal – Kleine Wal – Zwijn en Vlassenbroek en 35 à 40 koppels fuut op Grote Vijver.
Natuurlijke toekomst Uit de eerste inventarisatie blijkt dat de onderzochte 2010-gebieden momenteel niet geschikt zijn als broedgebied voor de doelsoorten van de instandhoudingsdoelstellingen voor het Schelde-estuarium. De geplande natuurinrichting is noodzakelijk om geschikt broedhabitat te creëren. Andere soorten met gelijkaardige habitatvereisten zullen hiervan mee profiteren. Enkel voor de wielewaal ziet de toekomst er minder rooskleurig uit. Deze vogel is in Vlaanderen gebonden aan volwassen populierenbossen, die bij de inrichting van de 2010-gebieden voornamelijk zullen verdwijnen. Meer info: evelien.demunter@lne.vlaanderen.be
68
2008, het jaar Eén
Een duurzame toekomstvisie voor de Durmevallei Het geactualiseerde Sigmaplan kijkt vooruit en maakt werk van een veiligheidssysteem dat op een natuurlijke manier bescherming biedt tegen overstromingen. Een duurzame inrichting van de Durme en haar vallei maken daar een wezenlijk onderdeel van uit. Om daar een concrete invulling aan te geven werden de noodzakelijke maatregelen gebundeld in een globaal inrichtingsplan voor de Durmevallei.
Meerwaarde opsporen De actualisering van het Sigmaplan staat garant voor een verdere beveiliging van de Scheldevallei en haar bijrivieren tegen overstromingen. Het geeft gestalte aan het herstel van de natuurwaarden die de voorbije decennia verloren zijn gegaan. De Vlaamse Regering duidde een eerste reeks prioritair op te starten projecten aan, waaronder de inrichting van de Durmevallei. De leden van de projectmatige werkgroep zetten in 2008 hun schouders onder de opmaak van een globaal inrichtingsplan. Een duurzame inrichting moet bijdragen aan een verhoogde bescherming tegen overstromingen en het vergroten van de natuurwaarden in de vallei. Het globale inrichtingsplan gaat ook na waar er mogelijkheden schuilen voor de lokale bevolking, cultuurhistorische identiteit van de regio en de toeristische en recreatieve ontwikkeling van de Durmevallei. Uiteraard
2008, het jaar EĂŠn
wordt alles afgestemd op de hoofddoelstellingen natuur en veiligheid.
Natuurbeleving en streektoerisme
Degelijke maatregelen
De Durmevallei is nu al een grote trekpleister voor fietsers en wandelaars. De nieuwe natuurgebieden zullen een extra troef zijn voor het streektoerisme. Vogelkijkhutten en wandelpaden zullen een nieuwe impuls geven aan de natuurbeleving langs de Durme. Het globale inrichtingsplan is eveneens een kans om de ontbrekende schakels in lokale en boven lokale fiets- en wandelpaden weg te werken. Er is ook aan mogelijkheden voor hengelen en paardrijden gedacht. Bedoeling is dat de nieuwe overstromings- en natuurgebieden niet enkel een trekpleister zijn voor bijzondere planten en dieren maar ook voor mensen.
De Durme is een zijrivier van de Schelde die eveneens onder invloed van het getij staat. Nieuwe overstromingsgebieden in het mondingsgebied zullen het getij stroomopwaarts temperen en bieden kansen aan estuariene natuur. Hier ontstaan zoetwater slikken en schorren, een zeldzaam habitat op Europese schaal. Het herstel van het historische meersenlandschap meer stroomopwaarts is eveneens een onderdeel van het plan. Het ontwikkelen van soortenrijke graslanden is het streefdoel. Heel wat dijken zullen verstevigd en verhoogd worden om te voldoen aan de nieuwe veiligheidsnormen. De start van de werken is voorzien voor 2010.
Meer info: evelien.demunter@lne. vlaanderen.be
69
VLAAMS-BRABANT Hallerbos: beheerplan en monitoring in één De manier waarop we bossen inventariseren, in het kader van de opmaak van een beheerplan, is in de loop der jaren sterk geëvolueerd. Het Hallerbos was twintig jaar geleden echter zeer vooruitstrevend wat betreft de inventarisatiemethode. Doordat de toenmalige methodiek erg vergelijkbaar was met de huidige, kunnen we de resultaten naast elkaar leggen en vergelijken. Een unieke monitoringkans met andere woorden. In 1988 werd een beheerplan voor het Hallerbos afgewerkt met een voor die tijd vooruitstrevende inventarisatiemethode. Veeleer dan de volledige opmeting van de diameters van àlle bomen (volinventaris) werkte men met proefvlakken waarin verschillende parameters werden opgemeten. Hoewel het de oorspronkelijke bedoeling was om elk jaar een beperkt aantal proefvlakken op te meten, is dat uiteindelijk niet gebeurd.
70
Beheerplan Hallerbos: zijn tijd ver vooruit Maar wat men in 1988 nog niet kon vermoeden, is dat het inventarisatiemodel van de Vlaamse bossen (Vlaamse bosinventarisatie 1997-2001) en het opnamemodel ‘Criteria Duurzaam Bosbeheer’, ten behoeve van uitgebreide bosbeheerplannen, zoals die vandaag standaard zijn, bijna identiek zou worden aan het model van het Hallerbos. Ook voor die inventarismethodes
zijn steekproefcirkels het werkinstrument.
Hermeting na 20 jaar Twintig jaar later, tegen 2008, is een nieuw beheerplan voor Hallerbos opgemaakt. Omdat de inventarisatiemethode van het vorige beheerplan voorop liep op zijn tijd was het meteen de allereerste keer dat een hermeting na twintig jaar kon plaatsvinden volgens de huidige methoden.
2008, het jaar Eén
Op die manier is het beheerplanningsproces meteen ook een monitoring van de evoluties en trends in de bosbouwkundige gegevens van de laatste twintig jaar.
Resultaten Uit de vergelijking van de cijfergegevens van toen en nu blijkt dat er vandaag minder bomen staan dan in 1987. Dat is logisch omdat het Hallerbos vooral bestaat uit relatief jonge bestanden (vooral aangeplant in de periode 19301950), waarin boompjes afsterven of gedund worden als het bestand ouder wordt. Minder voorspelbaar, en daarom interessanter is de conclusie dat het grondvlak van het bestand (dit is de som van de doorsnede van alle bomen op borsthoogte, cijfer dat uitgedrukt wordt in m²) is toegenomen. Dat wijst erop dat de
2008, het jaar Eén
‘houtvoorraad’ in Hallerbos verder is aangegroeid. Oorzaak is dat de overblijvende bomen uiteraard dikker worden (figuur 3), en dat die aangroei niet wordt ‘weggewerkt’ door de gekapte volumes hout. De gemiddelde grondvlakken van de bestanden liggen vandaag net onder 30 m² / ha, wat vrij hoog is. Met het oog op de houtproductie betekent dit dat de bestanden iets sterker gedund mogen worden. Plaatselijk zal dat ook gebeuren. Toch zal dit uiterst behoedzaam gebeuren. Het Hallerbos is immers beroemd voor zijn blauwe bloemenpracht van hyacinten. Sterkere dunningen brengen meer lichtinval, waardoor het risico bestaat dat kruidachtigen beter gaan gedijen en de hyacinten gaan overwoekeren. Meer info: patrick.huvenne@lne. vlaanderen.be
71
Kasteel van Groenendaal schittert als nooit tevoren De laatste jaren zijn er grote inspanningen geleverd bij het renoveren van het kasteel van Groenendaal, de omliggende vijvers en buitenomgeving. Deze restauratiewerken passen perfect in de structuurvisie van het Zoniënwoud, en moeten deze site opnieuw haar glansrijke uitstraling van weleer geven. De resultaten van deze noeste arbeid mogen alvast gezien worden.
Het kasteel Goed twee jaar geleden startte de restauratie van het voormalige 18e eeuwse wagenhuis van de priorij van Groenendaal, vandaag gekend als ‘Château de Groenendaal’. Deze unieke enclave in het Zoniënwoud ademt vandaag nog steeds een bijzondere sfeer uit. De prachtige ligging van het kasteel tussen enkele vijvers langs de IJse en de aanwezigheid van vele archeologische en cultuurhistorische verwijzingen maken deze site tot één van de mooiste plekken in het woud. Ideaal dus om ook meteen plaats te maken voor de beheerregio Zoniën, die hier historisch thuis was en die in haar huidige kantoren veel te krap behuisd is. Naast ruimte voor onze ANB-diensten zijn er ook opleidings- en vergaderruimtes, o.a. voor Inverde, en een ‘Vlaams café’.
De buitenomgeving De buitenaanleg rond dit onderdeel van de voormalige Groenendaalpriorij gebeurde met maximaal respect voor het historische karakter en de groene omgeving. De aanleg beperkte zich tot het functioneel inrichten van verhardingen rondom het gebouw, een houten terras aan de taverne en een parkeerplein in waterdoorlatend
72
materiaal. De toegang via een kastanjehouten poort staat perfect in de as tussen het toegangspleintje aan de inkom van het kasteel en de Keizer Karelvijver verder stroomafwaarts.
De vijvers De tuin rond het kasteel is even eenvoudig: gras met aan de boszijde een heesterboord met inheems plantgoed en aan de straatzijde een heg in haagbeuk. De bestaande bomen kregen verzorging en enkele nieuwe exemplaren zijn aangeplant. Door het vrijmaken van de vista naar de Putsel- en Lindevijver ten westen van het kasteel vormen de vijvers weer één geheel met de historische priorij. De Putselvijver, dicht bij het kasteel, is uitgebaggerd en de oevers zijn verstevigd omwille van het dichtslibben en verlanden. De betonnen oevers van de Lindenvijver zijn afgewerkt met een houten beplanking en deels aan het zicht onttrokken door een nieuw aangelegde moeraszone. Nieuwe wandelpaden ontsluiten deze twee vijvers, zodat de restauratie van het kasteel en zijn onmiddellijke omgeving rond is. Meer info: filip.hubin@lne. vlaanderen.be
2008, het jaar Eén
Rivierdonderpad maakt comeback in bovenlopen van het Demerbekken De rivierdonderpad is één van de meest zeldzame vissoorten in Vlaanderen. De soort komt nog slechts in een tiental beken voor, voornamelijk in kleine, heldere, zuurstofrijke en structuurrijke bovenlopen. Zelfs op Europees vlak is de soort sterk bedreigd. Aan de basis hiervan ligt een onvoldoende water- en habitatkwaliteit. Al lijkt het tij stilaan te keren…
De grote verdwijntruc De laatste vangst rivierdonderpadden in het Demerbekken, het grootste deelbekken van de Schelde, dateert van 1957. Ondanks vrij intensieve bemonsteringen door visstandbeheerders, zijn nadien geen vangsten meer gemeld. Tijdens een staalname van de waterkwaliteit in 2003 ving de Vlaamse Milieumaatschappij een jong exemplaar. Verder onderzoek toonde aan dat er zich nog een populatie bevond in een kort traject van een zijbeekje van de Kleine Gete, de Dorpbronbeek. Verkennend genetisch onderzoek toonde aan dat het gaat om de enige gekende relictpopulatie van het Demerbekken. Omwille van een recente achteruitgang van de leefomgeving en de beperkte afmetingen van de Dorpbronbeek is de toestand er echter zorgwekkend. Het is dus zaak deze relictpopulatie en deze soort, die voorkomt op Bijlage II van de Europese Habitatrichtlijn, in stand te houden.
Private ‘allelen’ In Vlaanderen komen twee soorten rivierdonderpad voor: Cottus perifretum in het Scheldebekken en Cottus rhenanus in het Maasbekken. Een studie toonde aan dat in de Dorpbronbeek Cottus perifretum voorkwam. Uit een onderzoek van de KU Leuven blijkt dat de genetische diversiteit binnen C. perifretum in Vlaanderen relatief laag is. Toch bevat deze kleine geïsoleerde stam uit de 2008, het jaar Eén
Dorpbronbeek een aantal ‘private allelen’. Dit betekent dat een deel van de genetische variatie op geen enkele andere plaats wordt teruggevonden. Populaties met een groot aantal private allelen hebben een hoge prioriteit om beschermd te worden. Deze populatie in de Dorpbronbeek vertoont een zeer hoge waarde voor het aantal private allelen, waardoor we kunnen vermoeden dat het hier gaat om een echte relictpopulatie. Toch ziet de situatie er niet rooskleurig uit. Een zeer lage genetische diversiteit, een grote mate van afwijking van de andere Scheldepopulaties en de extreme graad van isolatie zetten de leefbaarheid op korte termijn op losse schroeven.
De wedergeboorte ANB werkt nu samen met het INBO aan een herstelprogramma voor deze relictpopulatie. In eerste instantie is het de bedoeling om het risico op verdwijnen van deze stam te reduceren. In de viskwekerij in Linkebeek (INBO) stimuleerde men ouderdieren uit de Dorpbronbeek tot ei-afzet. De nakweek van deze rivierdonderpadden (met de juiste genetische afstamming) kan men vervolgens - in het kader van risicospreiding - verplaatsen naar andere geschikte bovenlopen in het Demerbekken. Na screening op basis van belangrijke parameters zoals de heersende waterkwaliteit, de voedselbeschikbaarheid, stroomsnelheid, diepte en substraattype, viel de
Zevenbronnenbeek in Landen als meest geschikte uit de bus, waardoor ze werd gekozen als pilootproject. In oktober 2008 startte men voor het eerst in Vlaanderen met het uitzetten van rivierdonderpad. Na de eigenlijke herintroductie volgde het uitwerken van een monitoringsprogramma, waarbij men de populatie opvolgt naar habitatgebruik, overleving, groei en voortplanting. Bovendien is het interessant te weten hoe de genetische structuur van de geherintroduceerde populaties evolueert. De eerste jaarlijkse ecologische evaluatie is gepland in de zomer van 2009 om na te gaan of de populatie al dan niet goed gedijt. Hoewel het vooronderzoek duidde op een goede uitgangssituatie voor de nieuwe uitgezette populatie (voldoende geschikt habitat voor opgroei en voortplanting, voldoende waterkwaliteit en voldoende voedselaanbod), kan het nog steeds zijn dat andere parameters een negatieve invloed kunnen hebben op het uitzetsucces. Het is daarom heel belangrijk om de uitgezette populatie gedurende de eerstvolgende jaren goed op te volgen, om zo de uitzetstrategie eventueel bij te kunnen sturen. Chris van Liefferinge (ANB) en Daniel De Charleroy (INBO) Meer info: chris.vanliefferinge@lne. vlaanderen.be
73
Kasteeldomein van Horst: versmelting van historisch erfgoed met duurzaam natuurbeheer Sinds 1 januari 2008 is ANB de trotse eigenaar en volle gebruiker van het kasteeldomein van Horst. Dit kasteel in Holsbeek prijkt bovenaan het lijstje historische parels van het Hageland. De roemruchte verhalen van de heren van Horst waaien je tegemoet wanneer je een bezoek brengt aan deze waterburcht, gelegen in de weelderige vallei van de Wingebeek. Ook het uitgestrekte domein dat het kasteel omringt, herbergt heuse schatten. Het ANB laat het brede publiek daarvan graag meegenieten. Het domein heeft een oppervlakte van 113 ha en omvat 70,5 ha bossen, 36 ha landbouwgronden en een perceel van ongeveer 6 ha bestaande uit het eigenlijke kasteelgebouw, het wagenhuis en de omliggende vijvers en gronden. Erfgoed Vlaanderen staat via een erfpachtovereenkomst in voor het beheer van het kasteel en het wagenhuis. Het bosgebied achter het kasteel, dat voordien ontoegankelijk was, is op 1 juni 2008 onder zeer ruime belangstelling officieel geopend. Met de aanleg van
74
drie gemarkeerde wandelpaden van telkens een drietal kilometer kunnen wandelaars genieten van de mooiste delen in en rondom het domein en het afwisselende landschap van de Wingevallei. Het ANB wenst de komende jaren nog flink te investeren in het nieuwe domein. Het moet uitgroeien tot het belangrijkste vertrek- en herkenningspunt voor natuurgerichte recreatie in de streek tussen Leuven en Aarschot.
Erfgoed Vlaanderen kreeg voor de eerste fase van de restauratiewerken een toezegging van 575.000 ₏ Interreg-financiering. De uitdaging is nu om in de loop van de komende maanden nog eens 550.000 ₏ eigen financiering te vinden, zodat de eerste restauratiewerken in 2010 van start kunnen gaan. Meer info: filip.hubin@lne.vlaanderen.be
Door de aankoop van het kasteel kan men beginnen met de dringend noodzakelijke restauratie ervan.
2008, het jaar EĂŠn
Vlaams-Brabant bouwt verder aan groen netwerk In de provincie Vlaams-Brabant werkt het ANB zich al jarenlang uit de naad om er groene aantrekkingspolen voor mens en milieu te creëren. Bijkomende aankopen in 2008 brengen ons alweer een stapje dichter bij de concrete realisatie van dit ambitieuze plan.
Stadsrandbos Houtem In de noordelijke rand bouwde het ANB verder aan de ontwikkeling van het stadsrandbos in Houtem, een deelgemeente van Vilvoorde. Ter hoogte van de woonwijk zijn bijkomende percelen aangekocht en deels bebost. De geluidshinder van de autosnelweg Brussel-Antwerpen neemt hierdoor af en de inwoners en wandelaars krijgen terug een landschap op mensenmaat. Na enkele jaren van hard werken op het terrein krijgt het hele project stilaan vorm met een grote hoogstamboomgaard, nieuwe bossen, wandelpaden, speelveld …
Van groene pool tot groene pool: Vilvoorde Grimbergen Aan de andere kant van Vilvoorde is het zo mogelijk nog bedrijviger. Het ANB slaat samen met de stad Vilvoorde en de gemeente Grimbergen de handen in elkaar om een groen netwerk te creëren dat zich uitstrekt van hartje Vilvoorde tot Grimbergen-centrum. In dat netwerk worden bestaande groene polen, zoals domein Drie Fonteinen of het Prinsenbos, via een erfpachtovereenkomst met stad of gemeente aangepast aan
de eisen die gesteld worden aan drukbezochte parken en bossen in een grotendeels stedelijk weefsel. Enkele hectare aangekochte grond in de Tangebeekvallei, samen met gronden die het ANB in erfpacht kreeg van de stad Vilvoorde en zijn OCMW, worden bebost. Vanaf de basiliek van Troost in het centrum van Vilvoorde, realiseren we een wandel- en fietstracé om al die groene eilanden te verbinden, om zo te eindigen bij de basiliek van Grimbergen. De voorbije jaren kocht het ANB bijna 70 ha aan in Houtem en de Tangebeekvallei en nam nog eens zoveel hectare in erfpacht.
Structuurvisie Zoniënwoud Het Zoniënwoud is het enige bos in ons land, dat zich over de drie gewesten uitstrekt. Het Vlaamse, Waalse en Brussels Hoofdstedelijk Gewest werken sinds een paar jaar aan een structuurvisie voor het Zoniënwoud. Niet alleen voor de delen op hun grondgebied, maar samen en voor het hele woud zoeken ze oplossingen voor belangrijke knelpunten in het ecosysteem. En die worden met de dag concreter.
Allen voor één Zowel het Waalse, het Vlaamse als het Brussels Hoofdstedelijke Gewest afzonderlijk hadden al eigen initiatieven in hun deel van het woud. Maar er was duidelijk nood aan een interregionale aanpak: samen wilden ze de krijtlijnen voor de toekomst uittekenen en de plannen qua ruimtelijke ontwikkeling en ecologisch beheer op elkaar afstemmen. Er zou een heuse structuurvisie komen, over de gewestgrenzen heen. Centraal in dit alles stond het behoud en de versterking van het ecosysteem. Een team van experts maakte daarvoor een complete inventaris op van alle aspecten die het woud een interessant, 2008, het jaar Eén
ecologisch uniek en waardevol gebied maken. Na een onderzoek van twee jaar werd duidelijk wat de problemen precies waren en waar de nieuwe mogelijkheden voor gezamenlijke initiatieven lagen. De experts legden de vinger op twee belangrijke knelpunten: de infrastructuur die het woud langs alle kanten doorkruist én de druk van een massa mensen die het woud als recreatiegebied gebruiken, met heel wat overlast en zwerfvuil tot gevolg.
Een visie met toekomst Nu de knelpunten blootgelegd zijn, komt het erop aan om de opdracht van Natura 2000 waar te maken en concrete oplossingen uit te werken.
En wel op vier vlakken. 1) Eerst en vooral, in het belang van zowel de natuur als haar bezoekers, wordt de recreatie in het bos gekanaliseerd via goed uitgeruste toegangspoorten tot het woud. 2) In het bos zelf moeten de ecologische en recreatieve netwerken beter verbonden worden met elkaar en met de omgeving van het bos. 3) Een zware dobber wordt ook het wegwerken van de verstoring
75
en ruimtelijke versnippering die de infrastructuur in het bos gebracht heeft. Auto- en spoorwegen moeten beter afgeschermd worden, vervuild water uit de stad mag niet meer het bos in vloeien. 4) En ten slotte willen de gewesten achter de structuurvisie af van hun verschillende aanpak en het woud werkelijk zijn eigen identiteit geven. Allen voor één woud, één woud voor allen!
Drie handtekeningen Op 10 november 2008 plaatsten de verantwoordelijke milieuministers van de drie gewesten hun handtekening onder een intentieverklaring. Door die plechtigheid kreeg de structuurvisie alvast een ‘officieel’ karakter. De ministers namen zich voor om op korte termijn
een overlegstructuur voor het Zoniënwoud op te richten en een stappenplan op te stellen dat de structuurvisie concreet moet maken in talrijke uitvoeringsprojecten. Meer info: patrick.huvenne@lne. vlaanderen.be
Nieuw bezoekerscentrum ‘Webbekoms Broek’ in Diest
Een bezoekerscentrum rond natuurontwikkeling en waterbeheersing Voor wie zich wil onderdompelen in het natuurschoon van het betoverende Hageland, is er sinds kort een nieuwe uitvalsbasis. Bezoekerscentrum Webbekoms Broek in Diest opende maart 2008 de deuren. Op een speelse en interactieve manier valt er heel wat te ontdekken rond natuurontwikkeling en waterbeheersing: twee belangrijke begrippen in deze boeiende regio. De Vlaamse overheid verwierf de voorbije 15 jaar in de omgeving van Diest ongeveer 800 ha natuurterreinen
76
en die oppervlakte neemt nog verder toe. De aankoop en de inrichting van natuurterreinen in de overstromingsvlakte van de Demer stroomop- en stroomafwaarts van Diest, vormt één van de belangrijkste projecten van het ANB in deze regio. De aankopen kaderen in een geïntegreerde ontwikkelingsvisie voor waterbeheersing en natuurontwikkeling in de Demervallei: de inrichting van waardevolle natuurterreinen gaat hand in hand met het terug overstroombaar maken van de
vallei, wat moet leiden tot een hoogwaterbeveiliging voor Diest, Zichem, Testelt en Aarschot.
werd het ANB beheerder van zo’n 220 ha natuurgebied aan de Diestse stadsrand.
De Vlaamse Milieumaatschappij en het ANB werken al langer samen rond de inrichting en het beheer van de overstromingszone ‘Webbekoms broek’, stroomopwaarts van de Diestse stadskern. De bijkomende onteigening door het ANB van ongeveer 80 ha in het buitenbekken van het Webbekoms broek en het Schaffens broek, werd in de loop van 2008 zo goed als afgerond. Hierdoor
In maart 2008 opende aan de rand van het Webbekoms broek het gelijknamige bezoekerscentrum. Het bezoekerscentrum kwam tot stand in het kader van een samenwerkingsovereenkomst met de provincie Vlaams-Brabant. Het bezoekerscentrum maakt deel uit van het provinciale domein ‘De Halve Maan’, dat in de oude militaire vestinggordel ligt tussen
2008, het jaar Eén
de Diestse stadskern en het Webbekoms en Schaffens Broek. In het bezoekerscentrum wordt met spelelementen en met veel foto-, video- en klankmateriaal, op een interactieve manier ingegaan op natuur en landschap in het gebied, de Demer, de historiek van het Diestse vestinglandschap, het functioneren van het overstrominggebied en de concrete uitwerking van een geïntegreerd natuur- en waterbeheer rondom Diest. Tegelijkertijd legt men ook de link naar andere natuurgebieden in de omgeving, zoals het Vlaams natuurreservaat Vallei van de Drie Beken en de Begijnenbeekvallei. Rondom het centrum zijn een ecotuin en een reeks educatieve poelen aangelegd. Wandelpaden zorgen voor de aansluiting met het verderop gelegen overstromingsgebied en met de groene
2008, het jaar Eén
militaire vestingswal. De kosten voor de inrichting en de werking van het bezoekerscentrum worden gedeeld: de provincie Vlaams-Brabant stelt het gebouw ter beschikking en zal ook instaan voor de personeelskost voor de bemanning van het centrum. Het ANB stond in voor de binneninrichting van het centrum en draagt de werkingskosten. In het provinciale domein was er voordien ook al een ‘ecocentrum’ werkzaam, dat jaarlijks grote aantallen schoolkinderen begeleidde. Door de inrichting van het bezoekerscentrum worden de educatieve mogelijkheden gevoelig uitgebreid en verkrijgen het Webbekoms Broek en het geïntegreerde natuur- en waterbeheer van de Vlaamse overheid, een prominente plaats in het aanbod.
In de korte periode dat het bezoekerscentrum sindsdien actief is, werd al een enthousiaste groep van een 50-tal vrijwillige medewerkers samengebracht en bezochten al meer dan 6.000 bezoekers het centrum. Bezoekerscentrum Webbekoms Broek Provinciedomein Halve Maan Omer Vanaudenhovelaan 48 3290 Diest Tel: 013/35 86 61 E-mail: webbekomsbroek@ vlaamsbrabant.be Meer info: frank.saey@lne. vlaanderen.be
77
WEST-VLAANDEREN De West-Vlaamse wetlands
De IJzer- en Handzamevallei in 2008: een momentopname De IJzer- en Handzamevallei vormen een quasi aaneengesloten waterrijk gebied van ongeveer 4000 hectare overstroombare graslanden. Het gebied is internationaal erkend als Ramsar-gebied een waterrijk gebied van wereldbelang - en als Europees vogelrichtlijngebied. In de winterperiode lokken de ondiep overstroomde hooilanden tienduizenden watervogels en ook zeldzame moerasen graslandvogels komen er broeden. Om dit winterbed van de IJzer en Handzamevaart te beschermen en optimaal te beheren heeft het ANB al ruim 15 jaar een aankoopproject lopen. In 2008 kreeg het bestaande Vlaamse natuurreservaat van ongeveer 550 hectare er nog eens 43 hectare laaggelegen graslanden bij.
Vroeger en nu: op onderzoek De IJzer- en Handzamebroeken zijn de voorbije eeuw steeds verder weggegleden van de boeiende bloem- en vogelrijke gebieden die ze vroeger waren. Door de aangekochte reservaatspercelen
78
natuurvriendelijk te beheren, tracht het ANB deze negatieve trend om te buigen. Het resultaat van zo’n natuurvriendelijk beheer blijft echter soms uit, of gaat maar zeer traag. Om een beter beeld te krijgen van hoe het beheer er vroeger aan toe ging en op welke manier de achteruitgang van de natuurwaarden begon en evolueerde, startte men in 2007 een historisch-ecologisch onderzoek op. Gedurende het verloop van 2008 werden heel wat oude landbouwers, jagers, waterbeheerders en plaatselijke bewoners geïnterviewd om hier zicht op te krijgen. De resultaten uit dit onderzoek zullen in
de eerste helft van 2009 gebundeld worden tot aanbevelingen om vanuit de nieuw verkregen inzichten het beheer nog beter te sturen.
Vlaams Bezoekerscentrum De Otter, even binnen kijken om buiten meer te zien Het jaar 2008 was het eerste volledige jaar van de nieuwe tentoonstelling in het Vlaams bezoekerscentrum De Otter. De verwachte toename aan bezoekers werd ruimschoots ingelost. In 2008 zijn meer dan 8800 individuele
2008, het jaar Eén
bezoekers geregistreerd naast een goeie 4000 deelnemers aan geleide bezoeken en activiteiten. Daarnaast namen een kleine 1500 mensen deel aan vergaderingen in het centrum. In 2008 is ook de laatste hand gelegd aan een nieuwe zaal, ‘het nachtleven’, waarin bezoekers de nachtelijke sfeer van het gebied (vooral) auditief kunnen beleven. In 2008 kreeg ook de werking van het centrum opnieuw aandacht met investeringen in de bibliotheek en de klaslokalen. Daarnaast mocht het bezoekerscentrum in april 2008 het Regionaal Landschap IJzer & Polder verwelkomen als nieuwe bewoners. Het RLIJ&P betrekt voortaan het bovenste verdiep van het infocentrum. Op deze manier krijgt het bezoekerscentrum nog meer elan als hét centrum voor
natuur, milieu en landschap in de IJzer- en Handzamevallei. Daarnaast bevordert het samenhuizen van het RLIJ&P, het ANB en Natuurpunt de onderlinge samenwerking en de versterking van elkaars initiatieven, in het bijzonder de promotie van bezoekerscentrum De Otter.
Meer info: Vlaams Bezoekerscentrum De Otter Iepersteenweg 56 8600 Woumen Tel: 051 54 59 48 Fax: 051 54 59 50 otter.anb@lne.vlaanderen.be
Een uitgebreid bosbeheerplan voor Brugge Zuid … door samenwerking! In 2008 is werk gemaakt van een uitgebreid bosbeheerplan (UBBP) ten zuiden van Brugge. Dit beheerplan bracht een grote groep eigenaars, zowel private boseigenaars als de provincie West-Vlaanderen, stad Brugge en het Vlaams Gewest, samen om tot een duurzaam en op elkaar afgestemd beheer van de verschillende bossen te komen. De totale oppervlakte bos opgenomen in dit beheerplan bedraagt 375,7 ha. Daarvan is slechts het Smisjesbos (7,8 ha) in beheer van het Agentschap voor Natuur en Bos. De betrokkenheid van de overige boseigenaars was hier dan ook van onschatbare waarde bij de totstandkoming van het uitgebreid bosbeheerplan voor Brugge Zuid. Samenwerking was het sleutelwoord! Een uitgebreid beheerplan wordt opgesteld volgens de criteria duurzaam bosbeheer. Zowel de economische opbrengst binnen een boscomplex als de ecologische aspecten en recreatieve noden krijgen hierbij de nodige aandacht. Vooral dat laatste aspect is in een verstedelijkte omgeving een belangrijk gegeven. 2008, het jaar Eén
Het beheerplan bestaat uit vier grote onderdelen: 1. het zuiver administratieve gedeelte met een beschrijving van de eigendomsstructuur en planologische context (indeling van de beschikbare ruimte) 2. een gedeelte met een beschrijving van de inventarisatiegegevens, waaronder. bodemkundige, bosbouwkundige en floristische beschrijvingen van de verschillende delen van de bossen 3. de visie en doelstellingen binnen de bossen 4. de maatregelen die de komende twintig jaar zullen genomen worden om de doelstellingen te realiseren
79
Bij de opmaak van het bosbeheerplan (inventarisatiegedeelte) is in een eerste fase nagegaan hoeveel bomen in het bos staan, hoe oud die zijn en hoeveel hout deze bevatten. Ook de kruidlaag onder bomen kreeg een grondige doorlichting. Deze kruidlaag kan immers aanwijzigingen geven voor de ecologische mogelijkheden van de bosbestanden. Open plekken in het bos gingen eveneens onder de loep. Ze bieden immers een welkome afwisseling voor tal van organismen binnen het bos. Zo kunnen onder meer heiderelicten een aantal waardevolle soorten herbergen. Hierbij ging niet alleen aandacht naar de flora, maar ook de fauna passeerde de revue. Ook de recreatieve paden zijn op kaart aangeduid. De wirwar van wandel- en ruiterpaden zijn daarbij grondig geanalyseerd om mogelijke
tekortkomingen en knelpunten te ontdekken. De informatie uit de inventarisatie vormde de basis voor een aantal doelstellingen en eindbeelden. Met andere woorden: Waar wil men de komende 20 jaar naar toe met het bos, welk bosbeeld heeft men voor ogen? Op deze vragen moet een antwoord komen zodat men een visie voor de toekomst kan ontwikkelen. Dit gebeurt in overleg met de verschillende eigenaars en met deskundig advies van de boswachter en de bosgroepcoördinator. Om uiteindelijk de visie en de streefbeelden te realiseren, dienen de komende jaren een aantal beheermaatregelen genomen te worden. Ook deze zijn op aangeven van de boswachter en
de bosgroepcoördinator op papier gezet. Tijdens enkele wandelingen kregen de eigenaars toelichting op het terrein. Het ganse document, dat door de West-Vlaamse Intercommunale is opgemaakt in opdracht van het ANB, werd ten slotte aan een openbare raadpleging onderworpen. Zo kon ook de burger zijn mening geven over de voorgestelde maatregelen. Op de vragen en opmerkingen uit dit openbaar onderzoek is een antwoord geformuleerd en toegevoegd aan het document. Waar nodig zijn aanpassingen voorzien in de maatregelen. Meer info: stijn.loose@lne. vlaanderen.be
Het sternenschiereiland Werk maken van meer ruimte …
De geschiedenis van het sternenschiereiland in de voorhaven van Zeebrugge vertelt een heel apart verhaal waarbij ecologie en economie zo goed mogelijk met elkaar worden verzoend. Het verhaal is er ook één van uitbreiding. In 1985 broedden er in Zeebrugge, na lange afwezigheid, weer koppels dwergstern op de voor industrie bestemde zandopspuitingen ter hoogte van de westelijke strekdam. Al gauw vonden ook strandplevier, kokmeeuw, grote stern, visdief … hun weg naar deze geschikte broedbiotoop. Tijdens de eerste helft van de jaren ’90 tekende zich een ware explosie van de sternenpopulatie af. In 1997 werd een absoluut maximum opgetekend van 425 koppels dwergstern. Dit betekende dat op dat moment bijna 4% van de totale West-Europese populatie in Zeebrugge broedde! Toch stelde er zich een probleem. De ‘natuurlijke’ broedgebieden die werden ingenomen waren aangelegd met het oog op havenactiviteiten. Om conflicten tussen natuurbehoud en economie te vermijden, zochten alle betrokken partijen (Havenbestuur, Agentschap
80
2008, het jaar Eén
voor Natuur en Bos, Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek, Natuurpunt, Agentschap voor Maritieme Toegang) naar een oplossing. Dwergstern, visdief en grote stern zijn opgenomen in Bijlage I van de Europese Vogelrichtlijn en genieten dus een streng Europees beschermingsstatuut. Als alternatief broedgebied voor de sternen werden in 1999 de eerste 3 hectare van het sternenschiereiland opgespoten langs de oostelijke strekdam ten noorden van de LNG-terminal (het huidige Fluxys). In verschillende fasen breidde men het schiereiland verder uit tot de huidige 9 hectare. Al meteen in 2000 kwamen de eerste dwergsternen tot broeden op het prille sternenschiereiland. De eerste visdieven volgden in 2002 en ook de grote stern vestigde zich in 2004 op het schiereiland. Maar het zijn niet alleen sternen die deze nieuwe biotoop weten te appreciëren. Ook bergeend, scholekster, stormmeeuw, zwartkopmeeuw, kleine
2008, het jaar Eén
mantelmeeuw, witte kwikstaart, kneu, strand- en bontbekplevier vinden er een plekje om te broeden. Maar met dit alles is de ‘uitbreidingskous’ niet af. In 2008 werd verder werk gemaakt van de geplande uitbreiding naar 22 hectare in de loop van 2009-2010. Deze uitbreiding is gekoppeld aan de verdieping en verbreding van ‘De Pas van ’t Zand’. Dit is de vaargeul die de toegang tot de haven moet verzekeren, en werd afgesproken bij de aanduiding van het vogelrichtlijngebied ‘Kustbroedvogels te ZeebruggeHeist’. Daarbij moet de verdere uitbreiding volgens de instandhoudingsdoelstelling een voldoende oppervlakte bieden om de ganse Zeebrugse sternenpopulatie te herbergen. Het uit te breiden eiland is in samenspraak met het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek, Agentschap voor Maritieme Toegang, Waterbouwkundig Laboratorium en het Havenbestuur op een dergelijke
manier ontworpen dat er voor de sternen een zo geschikt mogelijk broedgebied wordt gecreëerd. Op die manier en door het nemen van de nodige beheermaatregelen hoopt het ANB de resultaten uit vorige jaren te behouden en zelfs te verbeteren. Naast een oppervlakte-uitbreiding krijgen ook windmolenslachtoffers de nodige aandacht. De windmolens op de oostelijke strekdam zijn aan vervanging toe. In afspraak met de uitbater van het windmolenpark zullen de kleinere windmolens vervangen worden door minder maar grotere windmolens. Deze grote windmolens zullen operationeel zijn vanaf het broedseizoen 2009. Doordat er minder windmolens zullen zijn, moet het aantal aanvaringsslachtoffers van sternen en andere broedvogels in de toekomst afnemen. Meer info: wim.pauwels@lne. vlaanderen.be
81
Werken aan beter onthaal: West-Vlaamse domeinen zetten deuren wagenwijd open Het Agentschap voor Natuur en Bos zet de voorbije jaren alles in het werk om, binnen de draagkracht van het ecosysteem, toeristen en plaatselijke recreanten maximaal van het natuurschoon te laten genieten. Investeren in een goede infrastructuur is daarbij een belangrijk element. We geven hier enkele voorbeelden vanuit West-Vlaanderen.
Kijkhut en kijkwanden in de IJzermonding Op 14 juni 2008 zijn de nieuwe kijkwanden en kijkhut in het Vlaamse natuurreservaat ‘de IJzermonding’ feestelijk ingehuldigd. De kijkhut bestaat uit een deels ingegraven betonnen onderstel, waarop een houten constructie gemonteerd werd en een groendak met schelpenbekleding. Via een breed spectrum van wel 300 ° kan men de Kreek van Lombardsijde, de IJzer en het nieuwe schor bewonderen. De kijkhut is ook geschikt voor minder validen en is voorzien van informatieborden om de bezoekers nog beter te informeren. Wat verderop in hetzelfde natuurgebied zijn twee nieuwe kijkwanden opgetrokken. Deze zijn ook deels verzonken in het dijklichaam, om verstoring naar het vogelvolkje maximaal te beperken. Ze bieden een prachtig uitzicht op de slikken en schorren van de IJzermonding. Hier is gewerkt met een trapvloer, zodat jong en oud, klein en groot een ideaal plekje kan vinden om de vogels te bespieden.
82
Schuilhut h ilh t iin d de Huwynsbossen Ondertussen werkte de arbeidersploeg van Koekelare hard aan de schuilhut voor de Huwynsbossen in Lichtervelde, die we feestelijk mochten inhuldigen op 7 oktober 2008, tijdens de Week van het Bos. De skeletstructuur van deze hut is gemaakt met het hout van Wijnendaelebos. De bouw van deze schuilhut en ontvangstruimte is een zoveelste zichtbare stap in de ontwikkeling van de zachte recreatie op de Heihoek tussen Lichtervelde en Hooglede.
Publiek P bli k verwelkomen lk Ook op vele andere plaatsen proberen we het publiek zo goed mogelijk te verwelkomen en te informeren in onze domeinen. Een mooi voorbeeld hiervan zijn de 40-tal gloednieuwe onthaal- en informatieborden verspreid over de diverse domeinen in WestVlaanderen. Het Rhodesgoed kreeg nieuwe borden ter gelegenheid van de Week van het Bos. De zes nieuwe en acht herwerkte domeinfolders van 2008 kaderen eveneens in deze inspanningen. Ook de komende jaren zullen we stevig werk maken van een nog beter onthaal in onze domeinen. Meer info: wouter.mortier@ lne.vlaanderen.be of regine. vanallemeersch@lne.vlaanderen.be
2008, het jaar Eén
Een blik achter de ANB-schermen Wat we doen is de voorbije 80 bladzijden uitvoerig beschreven: we proberen meer en betere natuur te ontwikkelen, samen met ‘de wereld rond ons’. Om dat te kunnen doen moeten we als agentschap natuurlijk ook intern meer en beter samenwerken. Een uitdaging waar elke organisatie voor staat, zeker na een reorganisatie. Een strijd van elke dag, die op elke ANB teamdag tot een climax komt. De oorlog in Horst is dit jaar duidelijk door iedereen gewonnen. Meer dan 800 medewerkers bouwden er een collegiaal feestje...
84
2008, het jaar Eén
2008, het jaar Eén
85
Medewerkers Absillis Steven ; Achten Luc ; Adriaens Herman ; Adriaens Jos ; Adriaenssens Jean-Pierre ; Aerts Bert ; Aerts Willy Alfons ; Aerts Willy ; Agten Johan ; Agten Jozef ; Alaerts Nancy ; Allegaert Jan ; Appermont Jan ; Arslan Ismail ; Aspeslagh Gino ; Baeskens Lien ; Baeté Hans ; Baeyens Josephus ; Ballet Alex ; Balleux Anke ; Barbier-Madou Dominiek ; Bartels Mathilde ; Bartholomees Erik ; Batselier Tom ; Bauwens Danny ; Beckers Geert ; Beckers Griet ; Beeckman Eric ; Beeckman Franky ; Beliën Lothar ; Bennekens Johan ; Berghmans Peter ; Bergmans Lucas ; Bernaers Jean ; Bernar François ; Beullens Evi ; Beutels Steven ; Bieseman Dirk ; Bisschop Danny ; Biva Jelle ; Blockx Ludo ; Boddez Catharina ; Bogaert Dirk ; Bogaerts Elly ; Bogataj Thomas ; Bollen Jacobus ; Bollen Jozeph ; Bonhomme Geert ; Boogaerts Rudi ; Boon Filip ; Borgerhoff Didier ; Borloo Hendrik ; Bormans Augustin ; Bormans Kris ; Bosman Werner ; Bosmans Maria ; Bosmans Robert ; Bot Jeroen ; Boucheta Bekhta – Samira ; Boucquez Kris ; Boutens Tobias ; Boutens Tobias ; Bouts Evi ; Brichau Inge ; Brichau Tom ; Briers Pieter ; Briers Pieter ; Briesen Lucas ; Broeckmans Michel ; Broes Emma ; Brouckxou Tom ; Bruninx Rudi ; Brusselaers Jan ; Brusselman Annick ; Bryon Anuschka ; Buekenhoudt Mark ; Buntinx Luc ; Bussche Brenda ; Buteneers Inge ; Buys Hans ; Buys Julien ; Buyse Griet ; Buysse Frank ; Buysse Wim ; Callens Maurine ; Caluwe Arnold ; Cammaer Tom ; Cannaerts Bram ; Cannaerts Bram ; Canniere Dominique ; Cardoen Filiep ; Casier Geert ; Casteels Karl ; Cerulus Frank ; Ceulemans René ; Ceulemans Werner ; Ceyssens Eddy ; Claes Kristof ; Claesen Stijn ; Claeys Geert ; Claeys José ; Clarysse Annemie ; Cloet John ; Cockx Raymond ; Cocquyt Johnny ; Cogghe Eddie ; Collaer Suzanna ; Coninx Geert ; Cools Corina ; Coosemans Tania ; Coppens Xavier ; Coppens Yves ; Cordier Johan ; Cornelis Guy ; Cornelis Johnny ; Cosijn Johan ; Courtmans Denise ; Cousaert Koen ; Cox Jan ; Cox Jerry ; Cox Steve ; Creemers Henri ; Creve Hedwig ; Cromphout Reinhart ; Cumps Steven ; Cuyvers Ruddi ; Daelemans Danny ; Daenen Marijke ; Damiaans Wout ; David Pascal ; David Paul ; De Baerdemaeker Hans ; De Baets Didier ; De Beuf Ann ; De Bie Myriam ; De bisschop Louis ; De Block Mario ; De Bock Michaël ; De Boeck Hendrik ; De Boeck Luc ; De Bosscher Ludo ; De Bruyn Daniel ; De Cat Luc ; De Ceulaer Leander ; De Clippeleir ; Reinhilde ; De Cock Veerle ; De Decker Hubert ; De Flo Djordi ; De Grande Ann ; De Grande Roeland ; De Hauwere Erik ; de Hemptinne Delphine ; De Heyn Dominique ; De Kinderen Werner ; De Langhe Tijs ; De Leener David ; de Leenheer Nico ; De Maeseneer Joachim ; De Maeyer Wim ; De Meyer Jozef ; De Mol Rudy ; de Munter Evelien ; De Proost René ; De Rijck Jan ; De Roeck Marc ; De Roeck Pascal ; De Roos Jeffrey ; De Ruysscher Roger ; De Rycke Ann ; De Ryst Dirk ; De Scheerder Kenny ; De Schepper Carl ; De Schoenmaeker Caroline ; De Schryver Else ; De Schryver Hans ; De Schutter Franciscus ; De Smedt Rosita ; De Smet Ivan ; De Sterck Frauke ; De Vos Anneke ; De Vos Marc ; De Vreeze Bettina ; De Waele Guy ; De Wever Brigitte ; De Winter Jef ; De Winter Luc ; De Zutter John ; Debandt Jeannot ; Debecker Willy ; Deblier Willy ; Deboeuf Christophe ; Debonnet Thomas ; Decat Steven ; Deceuninck Joost ; Deckers Bart ; Deckers Patrick ; Declercq Jeroen ; Decleyre Dominiek ; Decoster Mieke ; Decreton Martine ; Decuypere Yves ; Deduytsche Björn ; Deduytsche Iris ; Deferm Wouter ; Defoort Thomas ; Degraen Erik ; Dehaudt Jurgen ; Dehaudt Rik ; Deheegher Koen ; Dejonghe Steve ; Dekeyser Luc ; Delameillieure Rik ; Delbecque Frank ; Delcroix Daniël ; Delcroix Ludovicus ; Demarest Leni ; Demarest Lutgart ; Demey Carolina ; Demey Jeremy ; Demeyer Christophe ; Demeyere Dirk ; Denayer Bart ; Denis Jan ; Denys Johan ; Depickere Vera ; Deruyter Stijn ; Desloover Dries ; Desseyn Yvan ; Destrycker Kim ; Detienne Dieter ; Deturck Pieter ; Devroye Peter ; Dewulf Evy ; D’Exelle Willy ; D’Hamers Wouter ; D’hondt Maria ; Di Paolo Wilhelm ; Dierckx Wies ; Dierick Dieter ; Dillen Alain ; Dioos Willy ; Doms Tom ; Dufoer Geert ; Dufraing Leo ; Duhayon Marc ; Dumortier Jean-Paul ; Dupont Dirk ; Eeckhout Frans ; Eggers Kris ; El Barham Marwan ; Elinck Saar ; Elshout Magda ; Empereur André ; Engels Patrick ; Enis Elisabeth ; Evenepoel Marleen ; Everaert Frederique ; Eylenbosch Paul ; Eyletten Eric ; Faveyts Wouter ; Feyen Eddy ; Feytens Constant ; Fierens Geert ; Flamand Geert ; Flamand José ; Flipkens Karel ; Flostroy Laurent ; Foqué Johan ; Foré Mathieu ; Francis Chantal ; Franken Daniël ; Franken Joannes ; Fransaert Kimmy ; Fripont Marc ; Galle Walter ; Geenens Vanessa ; Geirnaert Baud ; Geldhof Jo ; Geldof Jannick ; Gellynck Jan ; Gesquière Bart ; Geukens Jeroen ; Ghysels Lucien ; Gijsbrechts Luc ; Gijsbrechts René ; Gillijns Marc ; Godderis Hans ; Godderis Wilfried ; Goethals Valerie ; Goethuys Theophile ; Goetschalckx Jan ; Goossens Joris ; Goossens Louis ; Gora Liliane ; Gorissen Dries ; Gorissen Jos ; Gorissen Joseph ; Govaere Bart ; Govaere Leen ; Goyens Robert ; Goyvaerts Katrin ; Graf Hugo ; Guillemin Paul ; Guldentops Richard ; Hamakers Sonnina ; Hamers Alfons ; Hamers Xavierius ; Hansen Karin ; Hardies Nele ; Hautman Bram ; Heerinckx Sara ; Heerwegh Marc ; Heirbaut Wannes ; Helsen Gustaaf ; Helsen Vicky ; Henckaerts Benoit ; Hendriks Jo ; Hens Geert ; Heremans Geert ; Hermans Maria ; Herrier Jean-Louis ; Hessel Kenny ; Hesters Filip ; Heutz Guy ; Heyens Veerle ; Heylen Christiaan ; Heymans Marc ; Heyns Franciscus ; Heyvaert Sarah ; Hoebrechts Tom ; Hoeymans Bart ; Hofkens Rudi ; Hollevoet André ; Holsters Johan ; Holsters Rafaël ; Hooybergs Stefan ; Houthoofd Christophe ; Hubau Pierre ; Hubin Filip ; Hubrechts Eddy ; Hugo Maria ; Hulstaert Martin ; Huvenne Patrick ; Huwel Michèle ; Huygens Wouter ; Iannicelli Rosetta ; Jacobs Melchior ; Jacques Elvira ; Jansegers Willy ; Jansen Erik ; Janssens Dora ; Janssens Joris ; Janssens Matthias ; Jespers Jan ; Jochems Hans ; Joillet Patricia ; Jooren Gudrun ; Josten Daniël ; Keldermans Daniël ; Kellens Patrick ; Keppens Yves ; Kestemont Pierre ; Keteleer Godelieve ; Keunen Stijn ; Keyaerts Henri ; Kiekens Jozefien ; Killemaes Ilse ; Kim Dmitri ; Kino Jan ; Kint Vincent ; Kleynen Patricia ; Knockaert Cyreen ; Knops Danny ; Kuzmenko Jan ; Lafort Steven ; Lamaire Johan ; Lamberts Jan ; Lambrichts Monique ; Landrie Elien ; Lanis Jean-Pierre ; Lanszweert Lieven ; Lantmeeters Johan ; Lantmeeters Kristof ; Lapere Johan ; Lathouwers Paul ; Laureys Steven ; Laurijssen Rudi ; Lauwen Ludo ; Lauwers Tim ; Leestmans Jozef ; Lemmens Hugo ; Lemmens Ludo ; Leten Marc ; Levrau Sven ; Leyman Anja ; Leyssens Dirk ; Lievens Filip ; Lodewyckx Leo ; Longueville Rudi ; Loose Stijn ; Lozie Piet ; Luwaert Albert ; Luyck Stefan ; Luyckx Eduard ; Luyten Eric ; Maddelein Danny ; Maebe Lutgarde ; Maelfait Vanessa ; Maertens Koen ; Maes Tom ; Malfait Erik ; Mannaerts Tom ; Marcoux Michel ; Maréchal Koen ; Marissens Marc ; Martens Els ; Martens Kathleen ; Martens Wilfried ; Mathijs Benny ; Meert Etienne ;
20
86
2008, het jaar Eén
Mees Ghislain ; Mees Veerle ; Meesters Myriam ; Meeus Joseph ; Meeuwis René ; Meeuwissen Edgard ; Meganck Christian ; Melis Jurgen ; Mellaerts Martine ; Menschaert Jan ; Merken Michel ; Merken Urbanus ; Mertens Stijn ; Mertens Wim ; Mestdach Andy ; Meuleman Bart ; Meulemans Bart ; Meulemans Jan ; Meulemans Paul ; Meurisse Hilde ; Missoorten Marc ; Moermans Kate ; Molenberghs Karel ; Mommaerts Johan ; Mommens Pierre-Frans ; Moortgat Annouck ; Moreau Ann ; Moreel Gilbert ; Mortier Norbert ; Mortier Wouter ; Mourmans François ; Mues Norbert ; Nachtergaele Jeroen ; Nachtergale Lieven ; Nackaerts Hugo ; Naesens Hilde ; Nagels Katia ; Neels Tom ; Nicaise Jean-Pierre ; Nicolaij Danny ; Nijs Jos ; Nijs Sandra ; Nijs Staf ; Nijsten Mario ; Noels Ludo ; Noels Roger ; Nossol Christel ; Nulens Myriam ; Nuyts Stijn ; O Hugo ; Oliviers Tom ; Onkelinx Clement ; Otten Jean-Pierre ; Oyen Angelica ; Oyen Jean-Pierre ; Oyen René ; Packu Victor ; Panis Jeroen ; Panné Viviane ; Pappaert JeanMarie ; Pappens Jan ; Pareyn Andy ; Parijs Caroline ; Paumen Dominique ; Pauwels Erik ; Pauwels Wim ; Peeters Bart ; Peeters Jozef ; Peeters Leo ; Peeters Lesley ; Peeters Marc ; Persijn Steven ; Persoons Noël ; Peyskens Eric ; Pierard Marc ; Pieters Geert ; Poelmans Gilberta ; Polspoel Gino ; Premereur Gert ; Princen Paul ; Proot Pieter-Jan ; Quintens Hildegarde ; Raes Dirk ; Ramaekers Marnix ; Rams Catharina ; Raymaekers Peter ; Reekmans Danny ; Reekmans Joseph ; Reinquin Louis ; Renaerts Oscar ; Reniers Joost ; Reniers Vincent ; Rentmeesters Wilfried ; Reynders Patrick ; Reyniers Joost ; Rijckmans Erwin ; Roelandt Bart ; Rogiers Johnny ; Rombouts Kris ; Rombouts Marita ; Roose Bart ; Roothooft Gilke ; Rosseel Diederik ; Rosseel Eric ; Rubbens Julka ; Rummens Joseph ; Rutten Jan ; Rutten Jozef ; Ruysen Dany ; Ryckx Dimitri ; Sablain Johan ; Saey Frank ; Sannen Kurt ; Sannen Peter ; Schauvliege Mieke ; Scheelen Trudo ; Schepens Johan ; Schepers Jean ; Scheys Aloïs ; Schoemans Ivan ; Schoenmaekers Peter ; Schols Jeroen ; Schoofs François ; Schoonjans Eddy ; Schoovaerts Carina ; Schotsmans Elfriede ; Schouteden Mathieu ; Schreurs Jos ; Schreurs Koen ; Schrey Luc ; Schrey Raf ; Schuermans Marc ; Schuermans Roel ; Schuermans Steffen ; Schuurmans Patrick ; Seeuws Pieter ; Segers Noël ; Segers Sybille ; Sellekaerts Etienne ; Serbruyns Inge ; Sezgin Semra ; Sgaraglino Sabrina ; Shiri Harzevili Alizera ; Simoen Raymond ; Slabbaert Wim ; Sleypen Serge ; Slootmaekers Steven ; Smeets Lieve ; Smet Jan ; Smets Koen ; Smeulders Sofie ; Smeyers Luc ; Snijders Sigrid ; Spanhove Marc ; Spelkens Rafael ; Sporidis Prodromos ; Sprangers Jozef ; Spronkmans Gilbert ; Sterckx Geert ; Stoops Frankie ; Storme Eddy ; Storms Luc ; Stouten Marc ; Stroobandt Jean-Pierre ; Struelens Marc ; Strumane Jean ; Surinx Frank ; Swannet Martinus ; Swillen Danny ; Swinnen Greet ; Symons Ronny ; Theuninck Ivan ; Thys Harry ; Tielemans Gretel ; Tielemans Guillaume ; Timmermans Hilde ; Timmermans Peter ; Toebat Johan ; Trippas Jos ; Troch Eva ; T’Syen Erik ; T’Syen Jean ; Tyberghein Hugo ; Tzouvadakis Stylianos ; Ulenaers Eddy ; Ulgar Öznur ; Uylenbroeck Willy ; Vaes Zjef ; Vaeyens Luk ; Vallons Maurits ; Van Assche Luc ; Van Baelen Kristine ; Van Bavel Koen ; Van Boghout Erik ; Van Boven Filip ; Van Breda Louis ; Van Buggenhout Michel ; Van Buynder Femke ; Van Camp Bart ; Van Camp Kathleen ; Van Cappellen Gilbert ; Van Cauwenbergh Eli ; Van de Casteele Koenraad ; Van De Leest Louis ; Van De Moortel Marleen ; Van de Velde Johan ; Van de Velde Patrick ; Van De Velde Philippe ; Van de Wiele Hannelore ; Van den Berghe Ann ; Van den Berghe Kurth ; Van Den Berghe Patrick ; Van den Borre Marnick ; Van Den Bosch Herman ; Van den Bosch Rafaël ; Van den Bosch Veerle ; Van den Brande Frank ; Van Den Branden Peter ; Van den Broeck Kristiaan ; Van den Broeke Steven ; Van den Eynde Veerle ; Van den Eynde Vincent ; Van den Meersschaut Mark ; Van den Schoor Eveline ; Van denbempt Christian ; Van der Aa Bart ; Van Der Auwera Herman ; Van der Cruijssen Jurgen ; Van der Meersch Marie-Kristine ; Van der Veken Christian ; Van der Veken Herwig ; Van Der Weeën Marc ; van der Wielen Eddy ; van der Wielen Eric ; Van der Wilt Cesarina ; Van Doorslaer Benjamin ; Van Durme Elsje ; Van Elegem Bernard ; Van Elsen Stijn ; Van Engelgom Wim ; Van Eynde Alfons ; Van Geertruyden Wim ; Van Geysel Rudy ; Van Gils Jozef Adriaan ; Van Gils Jozef Emiel ; Van Gool Rudy ; Van Gucht Gustaaf ; Van Haelst Nadia ; Van Hassel Joris ; Van Hassel Pieter ; Van Hassel Pieter ; Van Haute Bettina ; Van Herck Willy ; Van Hertem Johan ; Van Hoof Frans ; Van Hoof Jan ; Van Hoorebeke Ronny ; Van Houtvin Sandra ; Van Hove Werner ; Van Hoydonck Bart ; Van Hoydonck Gert ; Van Immerseel Jan ; Van Laethem Pieter ; Van Langenhove Gudrun ; Van Liefferinge Chris ; Van Loocke Pieter ; Van Mol Alexis ; Van Mullem Franky ; Van Nevel Frans ; Van Nieuwenhuyse Hannah ; Van Oost Marcel ; Van Opdenbosch Sandro ; Van Overstijns Marc ; Van Overstraeten Jacques ; Van Oystaeyen Jan ; Van Petegem Elsie ; Van Praet Bartolomeus ; Van Praet Hans ; Van Raemdonck Philip ; Van Roey Willem ; Van Roy Pierre ; Van Santberghe Josephina ; Van Uytsel Rudy ; Van Waerebeke Marcel ; Van Zeebroeck Vicky ; Vanallemeersch Regine ; Vanberghen Bart ; Vanbriel Erwin ; Vancoillie Claude ; Vandaele Bart ; Vandamme Paul ; Vande Capelle Geert ; Vandebon Alexander ; Vandebosch Bert ; Vandebuerie Pierre ; Vandecaetsbeek Eveline ; Vandecandelaere Luc ; Vanden Abeele Laurent ; Vanden Bil Viviane ; Vanden Bossche Kristiaan ; Vandenabeele Paul ; Vandenberghe Jenike ; Vandenberghen Luc ; Vandenberghen Marc ; Vandenbossche Viviane ; Vandenbroeck Johan ; Vandenbulcke Koenraad ; Vandenbulcke Koenraad ; Vandeput Jan ; Vander Mijnsbrugge Kristine ; Vandereyt Ludo ; Vandersteegen Jan ; Vanderstraten Nicole ; Vandervelden Joris ; Vandeuren Ronny ; Vandevelde Danny ; Vandevorst Hugo ; Vandewinkel Hendrik ; Vaneygen Francois ; Vangeel Jozef ; Vanhaeren Raoul ; Vanhimbeeck Dirk ; Vanhoedenaghe Raymond ; Vanholen Bert ; Vanhoutte Dirk ; Vanhove Ogier ; Vanlerberghe Wouter ; Vanlook Willy ; Vanotterdijk Luc ; Vanpoecke Kurt ; Vanrietvelde Dieter ; Vansteenbrugge Hans ; Vanswijgenhoven Johan ; Vanvinckenroye Wilfried ; Vanwanseele Marie-Laure ; Vanweddingen Rafaël ; Velter Claude ; Verbanck Elias ; Verbist Véronique ; Verboven Eliane ; Verbraeken Dirk ; Verbruggen Ann ; Verbruggen Gert ; Verbrugghe Johan ; Vercammen Edgard ; Vercauteren Marc ; Verdonck Vanessa ; Verdonckt Frederik ; Verelst Iris ; Verhaeghe Floris ; Verhaeghe Roland ; Verhaeghe Steve ; Verhelle Dirk ; Verhelst Annemieke ; Verheye Patrick ; Verhoeven Jean-Paul ; Verhoeven Werner ; Verledens Fries ; Vermaut Bert ; Vermeulen Eveline ; Vermeulen Manuel ; Verreydt Benny ; Verschaeve Bart ; Verschelde Torkild ; Verschraegen Tom ; Verschueren Raf ; Vervaeke Muriel ; Vervaet Guido ; Verwimp Nico ; Veuchelen Johan ; Vileyn Guy ; Vilijn Dirk ; Vinci Silvia ; Vincx Joris ; Vints Els ; Vitse Theophile ; Vlaeminck Patrick ; Vleminckx Kathleen ; Vleugels Rudy ; Vlietinck Kristof ; Vloemans Henri ; Volders Jan ; Vossen Marcel ; Vrancken Marc ; Vrielynck Sven ; Waterinckx Martine ; Wauters Jean-Pierre ; Wellekens Jan ; Weltens Martinus ; West Danny ; Weyn Katrien ; White Rodney ; Wiertz David ; Willeghems Peter ; Willems Diederik ; Willems Franciscus ; Willems Ingrid ; Willems Koenraad ; Willems Mario ; Winters Guido ; Wouters An ; Wouters Els ; Wouters Els ; Wouters Luc ; Wuytack Jan ; Wuyts Joris ; Wuyts Kris ; Wynant Joeri ; Yseboodt Rudi ; Ysewijn Mark ; Zeevaert Dany ; Zoeter Karin ; Zukauskaite Rasa
08 2008, het jaar Eén
87
Contactgegevens Agentschap voor Natuur en Bos Koning Albert II-laan 20 1000 Brussel Tel. 02 553 81 02 Fax. 02 553 81 05 E-mail: anb@vlaanderen.be De provinciale diensten in uw buurt zijn:
Colofon Verantwoordelijke uitgever: Dirk Bogaert Eindredactie: Marie-laure Vanwanseele, Eveline Vandecaetsbeek Samenstelling: Wouter Mortier, Regine Vanallemeersch, Patrick Verheye, Evelien de Munter, An Wouters, Mathilde Bartels, Rosetta Ianicelli, Filip Hubin, Griet Buyse, Dirk Bogaert Met dank aan: Alle medewerkers van het ANB en specifiek zij die met een helpende pen de realisatie van deze editie mogelijk maakten. Foto’s: Tom Linster, Alex Van Mol, Marc De Vos, Griet Buyse, Joachim De Maeseneer, Vildaphoto, Yves Adams, Hans De Schryver, Dries Gorissen, Patrick Verheye, Misjel Decleer, Luc De Keersmaecker, An Wouters, Rudy Yseboodt, Patrick Huvenne, Hendrik Vandewinkel, Piet Lozie, Hannah Van Nieuwenhuyse, Regine Vanallemeersch, Bart Vandepoele, Lieven Lanszweert, Wouter Faveyts, Bettina De Vreeze Vormgeving: Patrick Van den Berghe Druk: Print marketing
www.natuurenbos.be
ANB - Antwerpen Gebouw Anna Bijns Lange Kievitstraat 111/113 bus 63 2018 Antwerpen T. 03 224 62 62 F. 03 224 60 90 E. ant.anb@vlaanderen.be ANB – Limburg Koningin Astridlaan 50 bus 5 3500 Hasselt T. 011 74 25 00 F. 011 74 25 39 E. lim.anb@vlaanderen.be ANB – Oost-Vlaanderen Gebr. Van Eyckstraat 4-6 9000 Gent T. 09 265 46 40 F. 09 265 45 88 E. ovl.anb@vlaanderen.be ANB – Vlaams Brabant Vaartkom 31 bus 9 3000 Leuven T. 016 21 12 20 F. 016 21 12 30 E. vbr.anb@vlaanderen.be ANB – West-Vlaanderen Zandstraat 255 8200 Brugge T. 050 45 41 76 F. 050 45 41 75 E. wvl.anb@vlaanderen.be