Skip to main content

2016_Grind_Jaarverslag.pdf

Page 1

JAARVERSLAG 2016 BETREFFENDE HET GRINDFONDS

1. ALGEMEEN Op 14 juli 1993 keurde de Vlaamse Regering het decreet tot oprichting van het Grindfonds en tot regeling van de grindwinning (hierna Grinddecreet genoemd) goed. Op 6 juli 2001 werd het wijzigingsdecreet goedgekeurd. Het hieraan gekoppelde uitvoeringsbesluit van de Vlaamse Regering werd goedgekeurd op 27 september 2002. Het decreet regelt de geleidelijke afbouw van de grindwinning in de provincie Limburg met een volledige stopzetting tegen 31.12.2005. Hierbij dienen vrijgegeven ontginningsgebieden zo goed mogelijk hersteld te worden, dient de sociale begeleiding te worden aangepakt en dient onderzoek naar alternatieve materialen voor grind te worden bevorderd. Op 15 juli 2005 werd het decreet een tweede maal gewijzigd en werd het mogelijk gemaakt overmachttonnen ook na 2005 te ontginnen totdat de toegewezen quota van 41.400.000 ton berggrind en 59.500.000 ton valleigrind bereikt zijn. Via artikel 43 en 44 van het decreet van 22 december 2006 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 2007 werd het Grinddecreet nogmaals aangepast. Het betreft meer bepaald de artikelen 14, §1, en 15, §1, van het Grinddecreet die zodanig werden aangepast dat bovenop de quota, in het kader van zuinig ruimtegebruik en de uitvoering van het principe van optimale ontginning, in de vergunde grindwinningsgebieden nog zekere resthoeveelheden grind kunnen ontgonnen worden. Bij decreet van 3 april 2009 werd aan het Grinddecreet een hoofdstuk betreffende de projectgrindwinning ingevoegd. Projectgrindwinning is grindwinning die gepaard gaat met de realisatie van een maatschappelijk project van groot openbaar belang dat op zichzelf niet gericht is op het winnen van grind. De projectgrindwinning in het kader van de realisatie van het maatschappelijk project van groot openbaar belang “Elerweerd” te Dilsen-Stokkem en Maaseik werd door de Vlaamse regering goedgekeurd op 19 juli 2013. In 2016 was er evenwel nog geen projectgrindwinning effectief in uitvoering. De projectgrindwinning is hoe dan ook niet onderhevig aan de heffingsplicht en heeft langs de inkomstenzijde geen budgettaire implicaties voor het Grindfonds. Ingevolge de wijziging van het grinddecreet van 3 april 2009 werd er ook expliciet een uitzondering op de heffingsplicht voorzien voor grind gewonnen bij infrastructuurwerken. Voor het bepalen van de modaliteiten voor de winning van grind bij infrastructuurwerken werd artikel 14 bis toegevoegd. In de periode 2010 tot 2016 werden er 4 infrastructuurgrindwinningsprojecten goedgekeurd, maar deze hebben dus eveneens geen budgettaire implicaties voor het Grindfonds. Via het decreet van 5 juli 2013 houdende bepalingen tot begeleiding van de aanpassing van de begroting 2013 werd het Grinddecreet aangepast waarbij in het artikel 3, §4, bijkomende bepalingen werden opgenomen met betrekking tot nieuwe uitgaven van het Grindfonds, namelijk de punten 3°, 4°, 5°, 6° en 7°: 3° de financiering van sociaal-economische en ecologische hefboomprojecten in de grindgebieden; 4° de financiering van wetenschappelijke projecten met het oog op de versterking van het sociaal-economisch weefsel in Limburg;


5° de financiering van een reconversieproject in de landbouw; 6° de financiering van de administratieve en technische ondersteuning van het projectgrindwinningscomité, vermeld in artikel 20 sexies; 7° de overdracht van een deel van de middelen van het fonds naar de algemene middelen van het Vlaamse Gewest in het begrotingsjaar 2013. Het Grindfonds heeft rechtspersoonlijkheid. Het werd opgericht als een instelling van categorie A in de zin van de wet van 16 maart 1954 betreffende de controle op sommige instellingen van openbaar nut. Voor zover in het decreet tot oprichting van het Grindfonds en tot regeling van de grindwinning niet van deze wet wordt afgeweken, zijn de bepalingen ter zake van toepassing. 2. SPECIFIEK 2.1. Inkomsten De middelen van het Grindfonds worden omschreven in artikel 3 §3 van het decreet. Zij omvatten: 1 de opbrengsten van de in artikel 15 bedoelde grindheffing ; 2 de intresten op de overeenkomstig 1 aan het fonds toegewezen middelen. Decretaal worden geen andere inkomsten voorzien dan de grindheffingen en de intresten die deze grindheffingen genereren. De inkomsten voor 2016 waren de volgende:

Overdracht op 31/12/15 Uit de afsluiting van de jaarrekening 2015 blijkt het gecumuleerd resultaat per 31.12.15 21.340.527 euro te bedragen.

Inkomsten 2016 De inkomsten 2016 uit grindheffingen werden oorspronkelijk geraamd op 120.000 euro, bestaande uit 95.000 euro voor de grindwinning in het tweede semester 2015 en 25.000 euro voor de grindwinning in het eerste semester 2016. Bij de begrotingscontrole 2016 werd het geraamd bedrag van 120.000 euro behouden. Voor het tweede semester 2015 werd een totaal bedrag gevestigd van 68.931,49 euro en ook betaald. Met betrekking tot het eerste semester 2016 werd een totaal bedrag gevestigd van 27.488,39 euro en ook volledig betaald. De totale inkomsten 2016 uit grindheffingen bedragen bijgevolg 96.419,88 euro. Het Grindfonds is met ingang van 1 januari 2011 uit het CFO getreden. De intresten over 2016 bedroegen 54.959 euro. Dit is de bruto-intrest. De roerende voorheffing ten bedrage van 14.839 euro wordt geboekt langs de uitgavenzijde.


2.2. Uitgaven Het Grindfonds dient volgende uitgaven te dragen : 1 de maatregelen die in het kader van het decreet worden getroffen door de Vlaamse Regering of het grindcomité en de subcomités, bedoeld in artikel 4 van het Grinddecreet; 2 de schadevergoedingen die voortvloeien uit de maatregelen genomen in het kader van het Grinddecreet en, in voorkomend geval, nadat de bevoegde gerechtelijke instanties hierover een in kracht van gewijsde gedane uitspraak hebben verricht. In het kader van de begrotingsopmaak 2004 heeft het Rekenhof de bemerking geformuleerd dat het Grindfonds per comité één rubriek voor alle uitgaven van dat comité gebruikte, ongeacht de aard van de uitgaven. Hierdoor stemden de uitgavenrubrieken inhoudelijk niet altijd overeen met de ESR-code van die uitgavenrubriek. Het Rekenhof merkte bijgevolg op dat het Grindfonds zijn inkomsten en uitgaven moet registreren in functie van hun aard. Een aanpassing van de ESR-codes werd uitgewerkt in overleg met het Rekenhof, waarbij een volledige ontkoppeling gebeurde van deze codes met het Grindcomité en zijn subcomités. Vermits via het decreet van 5 juli 2013 houdende bepalingen tot begeleiding van de aanpassing van de begroting 2013 het Grinddecreet werd aangepast zodat in het nieuwe artikel 3, §4, bijkomende bepalingen werden opgenomen met betrekking tot nieuwe uitgaven van het Grindfonds, werden hiervoor nieuwe ESR-codes in het leven geroepen. Voor 2016 werden volgende ESR-codes gehanteerd langs de uitgavenzijde: 12.11-0

Algemene werkingskosten van de verschillende comités niet vergoed binnen de sector overheid, inclusief presentiegelden en werkingskosten verbonden aan studies en herinrichtingsprojecten.

12.11-1

Onderzoeksopdrachten uitgevoerd door niet-overheid en organisatie van symposia in opdracht van het onderzoekscomité.

12.11-2

Financiering van de administratieve en technische ondersteuning van het projectgrindwinningscomité

12.21

Algemene werkingskosten van de verschillende comités vergoed binnen de sector overheid o.a. ingevolge overeenkomsten.

12.50

Indirecte belastingen betaald aan subsectoren van de overheidssector (roerende voorheffing)


32.00-0

Subsidies voor wetenschappelijk onderzoek in het kader van de ontwikkeling van grindsubstituten.

32.00-1

Financiering van het Applicatiecentrum Beton aan de Universiteit Hasselt

34.31

Uitvoering van het sociaal begeleidingsplan van het Sociaal Comité.

43.12

Werkingskosten POM Limburg

51.12-0

Herstructureringskosten van de grindwinningzones

51.12-1

Financiering van het project Rivierpark Maasvallei

51.12-2

Financiering van het Reconversieproject in de landbouw

03.22

Over te dragen overschot van het boekjaar

Hierna wordt per ESR-code weergegeven ten gevolge van welke kostenposten, overeenkomsten, studies, enz., uitgaven werden gedaan. 2.2.1. Code 12.11-0 *

Presentiegelden van de leden van de comités.

*

Uitbetaling facturen aan studiebureaus die uitvoeringsdossiers voor herstructureringswerken.

*

Werkingskosten van de comités.

*

Bankkosten.

*

De uitgaven op deze code bedroegen in totaal 45.833,58 euro.

instaan

voor

de opmaak van

2.2.2. Code 12.11-1 *

Deze post bevatte alle uitgaven in opdracht van het Onderzoekscomité, behoudens de subsidies voor concrete grindbesparende onderzoeksprojecten die voortvloeien uit haar “call for proposals”.

*

Het Onderzoekscomité heeft zijn werkzaamheden eind 2011 beëindigd. Op deze code werden in 2016 geen uitgaven meer gedaan.

2.2.3. Code 12.11-2 (nieuwe uitgave) *

Voor de administratieve en technische ondersteuning van het Projectgrindwinningscomité werd in 2016 slechts een bedrag van 653,40 euro betaald.

2.2.4. Code 12.21 *

Het Fonds voor Bestaanszekerheid treedt op als beleidsuitvoerend orgaan van het Sociaal comité in de zin van artikel 13, §2, van het grinddecreet. Op 18 december 1995 werd de basisovereenkomst afgesloten tussen het Grindcomité en het Fonds voor


Bestaanszekerheid. Het Fonds voor Bestaanszekerheid wordt hiervoor vergoed ten laste van deze code. *

De uitgaven op deze code bedroegen in totaal 23.810,19 euro.

2.2.5. Code 12.50 *

Dit is een ESR-code die, omwille van de uitstap van het Grindfonds uit het CFO sinds 1 januari 2011, werd ingevoerd om de roerende voorheffing op de bruto rente-ontvangsten te boeken als uitgave.

*

De uitgaven op deze code bedroegen in totaal 14.839,00 euro.

2.2.6. Code 32.00-0 *

Het Onderzoekscomité heeft zijn werkzaamheden eind 2011 beëindigd. Op deze code werden in 2016 geen uitgaven meer gedaan.

2.2.7. Code 32.00-1 (nieuwe uitgave) *

In het kader van nieuwe uitgaven voor de financiering van wetenschappelijke projecten met het oog op de versterking van het sociaal-economisch weefsel in Limburg, werd op 13 december 2013 een overeenkomst opgesteld tussen het Grindfonds en de UHasselt inzake het toekennen van een financiering voor de ondersteuning van het applicatiecentrum voor beton (ACB).

*

Het project heeft in 2014 al vertraging opgelopen omdat een meer uitgebreide voorstudie nodig was en ook overleg nodig was met de KU Leuven als geïnteresseerde partner. Deze vertraging heeft ook zijn weerslag op het gebruik van de middelen vermits in 2015 slechts 117.681,83 euro van de voorziene 694.035 euro werd uitbetaald en hierdoor volgens de overeenkomst niet alleen voor 2022 het maximumbedrag van 500.000 euro is bereikt maar ook voor 2023. Er is in 2015 een bedrag van 125.213,51 euro ontstaan waarvoor eventueel met een nieuwe overeenkomst een overdracht na 2023 moet worden geregeld. De overeenkomst voorziet voor het jaar 2016 een uitgave van 408.998 euro. In 2016 is het project op gang gekomen vermits voor 410.406,46 euro aan stavingstukken werden ingediend. Een bedrag van 1.408,46 euro kan bijgevolg in 2017 verrekend worden.

*

De uitgaven op deze code bedroegen bijgevolg het volledige voor 2016 voorziene bedrag van 408.998,00 euro.

2.2.8. Code 34.31 *

Voor de toekenning van brugpensioenen en andere sociale begeleidingsmaatregelen van het sociaal begeleidingsplan uit de middelen van het Grindfonds werd de overeenkomst afgesloten d.d. 20 februari 1996 tussen het Grindfonds en het Fonds voor Bestaanszekerheid, de zogenaamde voorschottenovereenkomst.

*

De uitgaven op deze code bedroegen in totaal 113.386,34 euro.


2.2.9. Code 43.12 *

In uitvoering van het Grinddecreet werd er op 23 juni 1995 een overeenkomst afgesloten met de GOM-Limburg. Krachtens deze overeenkomst dient zij in te staan voor de logistieke ondersteuning van het Grindcomité en het Onderzoekscomité. Op 26 maart 2002 werd een nieuwe overeenkomst afgesloten tussen het Grindcomité en de GOM-Limburg die de overeenkomst van 23 juni 1995 vervangt. Deze nieuwe overeenkomst richt ten behoeve van het Grindcomité en de subcomités de grindcel op en stelt de nodige medewerkers beschikbaar voor de logistieke ondersteuning van hun werking.

*

Ingevolge de Dienstenovereenkomst dd. 27 januari 1997 met betrekking tot activiteiten rond de concessieovereenkomsten inzake het beschikbaar stellen van de grindgebieden worden de onkosten van de GOM-Limburg aangerekend aan het Grindfonds ten laste van deze code.

*

In 2006 werd de Gewestelijke Ontwikkelingsmaatschappij in het kader van een herstructurering van de Vlaamse Overheid, omgevormd tot een Provinciale Ontwikkelingsmaatschappij en werd de GOM dus omgevormd tot de POM. Hierdoor dienden de uitgaven ook niet meer geboekt te worden op code 41.30 maar op 43.12.

*

De uitgaven op deze code bedroegen in totaal 287.795,07 euro.

2.2.10. Code 51.12-0 (reguliere en nieuwe uitgaven) *

Op deze post worden de uitgaven geboekt die gepaard gaan met herinrichtingsactiviteiten. De uitgaven op deze code bedroegen in totaal 2.936.446,56 euro. Hierin zit ook een uitgave van 475.173,14 euro, te beschouwen als een nieuwe uitgave en bestaande uit 204.353,10 euro voor de stad Maaseik, 231.345 euro voor de gemeente Dilsen-Stokkem en 39.475,04 euro voor de gemeente Kinrooi. Dit is het gevolg van de overeenkomst van 20 december 2013 inzake het financieren van het uitrusten van de grindwinningsgebieden via maatregelen die in het kader van het decreet van 14 juli 1993 tot oprichting van het Grindfonds en tot regeling van de grindwinning worden getroffen door het Herstructureringscomité. Deze overeenkomst bepaalt dat, naast een maximaal totaal bedrag aan reguliere uitgaven van 15.100.000 euro (waarvan in de periode 1993-2011 al 5.906.780 euro was gerealiseerd), nog een bedrag van 6.850.000 euro in drie gelijke delen zal verdeeld worden over de valleigrindgebieden in de gemeenten Kinrooi, Maaseik en Dilsen-Stokkem en een bedrag van 500.000 euro moet worden verdeeld over de berggrindgebieden in de gemeenten Dilsen-Stokkem, Maasmechelen en As. In 2016 werd volgens de overeenkomst voor de gemeenten Kinrooi, Maaseik en DilsenStokkem een bedrag van 231.345,00 euro voorzien. De gemeente Kinrooi heeft in 2016 slechts 39.475,04 euro benut. Volgens de overeenkomst van 20 december 2013 is voor Kinrooi het niet aangewende bedrag opgelopen tot 423.214,96 euro. Dit bedrag wordt overgedragen naar het jaar 2022. De stad Maaseik heeft 204.353,10 euro benut zodat een niet aangewend bedrag van 26.991,90 euro wordt overgedragen naar 2022. De gemeente


Dilsen-Stokkem heeft in 2016 haar volledig bedrag van 231.345 euro benut. De reguliere herstructureringskosten bedroegen in 2016 bijgevolg 2.461.273,42 euro (2.936.446,56 - 475.173,14) waaruit blijkt dat de lang voorspelde uitgavenpiek er in 2016 is gekomen. De voorbije jaren bleken de ramingen, nochtans op basis van goedgekeurde dossiers, immers telkens te hoog ingeschat omdat de herstructureringswerken vertragingen hadden opgelopen. 2.2.11. Code 51.12-1 (nieuwe uitgave) *

In het kader van nieuwe uitgaven voor de financiering van sociaal-economische en ecologische hefboomprojecten in de grindgebieden, werd op 10 oktober 2013 een overeenkomst opgesteld tussen het Grindfonds en het Regionaal Landschap Kempen en Maasland vzw voor de ondersteuning van het projectbureau en de werking van het project Rivierpark Maasvallei. Deze overeenkomst voorziet voor het jaar 2016 een uitgave van 271.969 euro. Het Regionaal Landschap Kempen en Maasland vzw heeft hiervan 239.126,82 euro benut. De overdracht naar 2021 is bijgevolg met 32.842,18 euro verhoogd tot in totaal 100.746,55 euro.

2.2.12. Code 51.12-2 (nieuwe uitgave) *

In het kader van nieuwe uitgaven voor de financiering van een reconversieproject in de landbouw, werd op 13 december 2013 een overeenkomst opgesteld tussen het Grindfonds en de Coöperatieve Irrigatie Ruilverkaveling Ophoven cvba.

*

Deze overeenkomst voorziet voor het jaar 2016 een uitgave van 66.667 euro. Dit bedrag werd ook uitbetaald.

2.3. Verplichtingen op langere termijn

Via artikel 43 en 44 van het decreet van 22 december 2006 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 2007 werd het Grinddecreet aangepast zodat bovenop de quota, in het kader van zuinig ruimtegebruik en de uitvoering van het principe van optimale ontginning, in de vergunde grindwinningsgebieden nog zekere resthoeveelheden grind kunnen ontgonnen worden. De berggrindsector is in 2016 op zijn einde gelopen. De valleigrindsector had voor 2015 al geen inkomsten uit heffingsplichtige grind meer voortgebracht. Enkel nog de regeling van het overblijvende zogenaamde KOMATCO-saldo van 63.636 quotumton zal nog een klein beetje inkomsten genereren in het jaar 2017. In april 2008 werd aan KOMATCO immers 157.770 heffingsplichtige quotumton teruggegeven dat haar was aangerekend voor de niet legale grindwinning in 1996 in het gebied Bergerven (Maaseik). De teruggegeven quotumtonnen werden al deels gerealiseerd in het tweede semester 2008 voor 29.284 ton en in het eerste semester 2009 voor 64.850 ton. TV REKIN realiseerde de productie in opdracht van KOMATCO (loonbaggering) en aan de heffingsplicht werd voldaan via aangifte door KOMATCO. TV REKIN heeft het resterend KOMATCO-saldo van 63.636 quotumton, verdeeld over het 1ste sem en 2de sem 2016 aangegeven.


Wat de uitgavenzijde betreft, kan voor de reguliere uitgaven gesteld worden dat voornamelijk voor het Herstructureringscomité en het Sociaal comité uitlopend na de ontginning van de quota en de resthoeveelheden nog betalingen moeten gebeuren. Op basis van de meerjarenbegrotingen bleek duidelijk dat er hiervoor voldoende middelen gegenereerd zijn. Voor de saldi werden nieuwe uitgaven geconcretiseerd:  Financiering Applicatiecentrum Beton: uitgaven zijn voorzien tot 2021 met mogelijks verrekeningen tot 2023 bij onderbenutting. De onderbenutting is nu reeds van die orde dat de maximumbedragen voor overdracht naar 2022 en 2023 zijn overschreden. Er zal een regeling moeten worden getroffen met verrekeningen in of na 2023.  Financiering van het project Rivierpark Maasvallei: uitgaven zijn voorzien tot 2020 met mogelijks verrekeningen tot 2022 bij onderbenutting.  Financiering van het Reconversieproject in de landbouw: uitgaven zijn voorzien tot 2021 met mogelijks verrekeningen tot 2023 bij onderbenutting.  Nieuwe uitgaven herstructurering: uitgaven zijn voorzien tot 2021 met mogelijks verrekeningen tot 2023 bij onderbenutting.

____________________________________________________________________________


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
2016_Grind_Jaarverslag.pdf by Vlaanderen-be - Issuu