Skip to main content

Catalogus agromilieu-en klimaatsteun.pdf

Page 1

Vlaanderen is open ruimte

Catalogus AGROMILIEU-EN KLIMAATSTEUN VLAAMSE LAND MAATSCHAPPIJ

VLM.be VLAANDEREN.be\PDPO


V.U. Vlaamse Landmaatschappij Toon Denys Koning Albert II-laan 15 1210 Brussel Redactie: Vlaamse Landmaatschappij April 2019 Uit deze catalogus kunnen geen rechten geput worden. Deze catalogus is geen regelgevende tekst en bevat bijgevolg geen bindende bepalingen. Het is de discretionaire bevoegdheid van gemeenten of provinciebesturen om deze maatregelenpakketten om te zetten in reglementen.

2


INHOUD INLEIDING ................................................................................................................................................ 5 1 Aanbevelingen voor het inzetten van de 17 maatregelenpakketten ...................................... 6 1.1 1.1.1 1.1.2 1.2 1.3 1.4

Goedkeuren van een aanvraag Landbouwgrond De minimissteun Controle uitvoering maatregelen Uitbetalen van de vergoedingen Rapporteren aan VLM

2

Overzicht agromilieu- en klimaatsteun .................................................................................... 8

2.1 2.1.1

BOTANISCH BEHEER Beheerovereenkomsten VLM Ontwikkeling soortenrijk grasland (BOTB1) Instandhouding soortenrijk grasland (BOTB2) Maatregelenpakketten lokale besturen Botanisch beheer akkerland (BOTB3) Aanleg en onderhoud botanisch waardevolle grasrand (BOTB4) SOORTENBESCHERMING Beheerovereenkomsten VLM Uitstel maaidatum 22 juni (SB1) Uitstel beweidingsdatum 20 mei (SB2) Standweide 15 juni (SB3) Kuikenweide (SB4) Aanleg of onderhoud vluchtstrook (SB5) Faunavoedselgewas (SB6) Aanleg en onderhoud faunastrook (SB7) Onderhoud faunastrook (SB8) Aanleg en onderhoud faunastrook plus (SB9) Onderhoud faunastrook plus (SB10) Luzernestrook vogelakker (SB11) Graskruidenstrook vogelakker (SB12) Luzernestrook hamster (SB13) Hamstervriendelijke nateelt (SB14) Maatregelenpakketten lokale besturen Omzetten van akkerland in meerjarig grasland en maaien (SB15) Omzetten van akkerland in meerjarig grasland en beweiden (SB16) Nestbescherming weidevogels (SB17) Leeuwerikvlakjes (SB18) Bloemrijke graanstroken (SB19) Graanstroken (SB20) Faunastrook spontane evolutie (SB21) Winterstoppel (SB22) Aanleg en onderhoud ecologische verbindingsstrook (SB23) BODEMBEHEER Beheerovereenkomsten VLM Aanleg of onderhoud erosiestrook (BODB1) Aanleg en onderhoud erosiedam uit plantaardig materiaal (strobalen) (BODB2) Aanleg en onderhoud strategisch gelegen grasland (BODB3) PERCEELSRANDENBEHEER Beheerovereenkomsten VLM Aanleg of onderhoud bufferstrook 15 juni (PRB1) Aanleg en onderhoud bloemenstrook (PRB2) Maatregelenpakketten lokale besturen Bufferstrook spontane evolutie (PRB3) Aanleg of onderhoud bufferstrook milieu (PRB4) KLEINE LANDSCHAPSELEMENTEN Beheerovereenkomsten VLM Onderhoud haag (KLE1) Onderhoud kaphaag (KLE2) Onderhoud (struweel)heg (KLE3) Onderhoud houtkant (KLE4)

2.1.2

2.2 2.2.1

2.2.2

2.3 2.3.1

2.4 2.4.1

2.4.2

2.5 2.5.1

6 6 6 7 7 7 9 9 9 10 11 11 12 14 14 14 15 16 17 18 19 20 22 24 26 28 30 32 34 35 35 36 37 38 39 40 41 42 43 45 45 45 46 47 48 48 48 50 51 51 52 53 53 53 54 55 56

3


2.5.2

2.6 2.6.1 2.6.2 2.7 2.7.1

Omvormingsbeheer houtkant (KLE5) Onderhoud houtsingel (KLE6) Onderhoud knotbomenrij (KLE7) Provincies en gemeenten Onderhoud hoogstamboomgaard (KLE8) Onderhoud Struweelkant (KLE9) Onderhoud poel (KLE10) WATERBEHEER Beheerovereenkomsten VLM Waterkwaliteit (WA1) Maatregelenpakketten lokale besturen Regelen stuwtjes (WA2) NATURA 2000 Beheerovereenkomsten VLM Fosfaat uitmijnen (IHD1) Verminderde bemesting bouwland (100 % reductie) (IHD2) Verminderde bemesting grasland (100 % reductie) (IHD3)

57 58 59 60 60 61 62 63 63 63 65 65 66 66 66 67 68

3 4

Meer informatie ..................................................................................................................... 69 BIJLAGEN ................................................................................................................................ 70

4.1.1 4.1.2 4.1.3 4.1.4 4.1.5 4.1.6 4.1.7 4.1.8

Bijlage 1: kwetsbare elementen perceelsrandenbeheer Bijlage 2: soortenlijst haag Bijlage 3: soortenlijst kaphaag Bijlage 4: soortenlijst heg Bijlage 5: soortenlijst houtkant Bijlage 6: soortenlijst houtsingel Bijlage 7: soortenlijst knotbomen Bijlage 8: soortenlijst hoogstamboomgaard

70 73 74 76 77 78 79 80

4


INLEIDING Landbouwers kunnen extra inspanningen doen voor milieu, natuur en biodiversiteit, en daarvoor beheerovereenkomsten sluiten met de Vlaamse Landmaatschappij. Aanvullend op de beheerovereenkomsten, geven ook een aantal gemeenten en provincies gelijksoortige subsidies aan landbouwers en andere grondgebruikers. Het doel van deze catalogus is het aanbod van subsidies in Vlaanderen in kaart te brengen en te stroomlijnen. De catalogus omvat 49 maatregelen en bijhorende vergoedingen voor het verlenen van agromilieu-en klimaatsteun1 aan grondgebruikers die vrijwillig maatregelen uitvoeren die goed zijn voor het milieu, het landschap en het klimaat: enerzijds alle beheerovereenkomsten die landbouwers momenteel kunnen sluiten met de VLM (Vlaamse overheid), en anderzijds 17 maatregelenpakketten. Gemeenten en provincies kunnen die 17 maatregelenpakketten, als aanvulling op de beheerovereenkomsten, inzetten via eigen financiering. De beheerovereenkomsten2 van de VLM zijn opgenomen in het Vlaams programma voor Plattelandsontwikkeling (PDPO) en kunnen hierdoor rekenen op Europese cofinanciering. Enkel actieve landbouwers kunnen beheerovereenkomsten sluiten met de VLM. Alle informatie over de beheerovereenkomsten kunt u ook vinden op www.vlm.be < thema’s < beheeroveereenkomsten. De 17 maatregelenpakketten uit de catalogus die geen deel uitmaken van het PDPO, moeten beschouwd worden als een aanvulling op de beheerovereenkomsten. Die pakketten kunnen provincies en gemeenten sluiten met landbouwers en met andere grondgebruikers, en staan in de catalogus in een lichtgroene achtergrond. De catalogus is een opsomming van veelvoorkomende maatregelen. Ze zijn uitgewerkt in de vorm van maatregelenpakketten en opgedeeld in 8 thema’s: botanisch beheer, soortenbescherming (fauna), bodembeheer, perceelsrandenbeheer (bufferen), kleine landschapselementen, waterbeheer en Natura 2000. We geven enkele aanbevelingen mee aan gemeenten en provincies die de 17 maatregelenpakketten willen inzetten. Zo is het is de bedoeling dat provincies en gemeenten die gebruik maken van de 17 maatregelenpakketten in de catalogus, die instellen onder de-minimissteun. U leest daar meer over in punt 2 ‘aanbevelingen voor het inzetten van de 17 maatregelenpakketten’. Het gebruik van de maatregelenpakketten en bijhorende vergoedingen zoals voorgesteld in deze catalogus kan niet afgedwongen worden, maar verdient wel aanbeveling. Lokale besturen die een nieuwe regeling voor subsidies willen instellen, kunnen de 17 maatregelen uit de catalogus als richtlijn gebruiken. Gemeenten en provincies met bestaande subsidiereglementen voor vergelijkbare maatregelen, bevelen we aan om die in de mate van het mogelijke aan te passen aan de voorwaarden en vergoedingen uit de catalogus. We hopen alvast dat deze catalogus kan bijdragen aan het harmoniseren en stroomlijnen van subsidieregelingen voor deze maatregelen in Vlaanderen. Veel leesplezier! 1

De catalogus beperkt zich tot maatregelen die kaderen binnen de Europese definitie van ‘agromilieu-en klimaatsteun’1. Het gaat om steun die gericht is op het behoud en de bevordering landbouwpraktijken die een positieve bijdrage leveren tot het milieu en het klimaat. De steun wordt verleend aan landbouwers, groepen van landbouwers of andere grondgebruikers die op vrijwillige basis agromilieu- en klimaatverbintenissen1 op landbouwgrond aangaan. 2

Voor deze maatregelen is het Besluit van de Vlaamse regering inzake beheerovereenkomsten van toepassing, en het bijbehorende ministerieel besluit.

5


1 AANBEVELINGEN VOOR HET INZETTEN VAN DE 17 MAATREGELENPAKKETTEN Gemeenten en provincies die aanvullende subsidies willen geven kunnen vanaf nu gebruik maken van de kant-en klare maatregelenpakketten en bijhorende vergoedingen uit deze catalogus. Het verdient aanbeveling voorafgaand af te wegen of de gewenste resultaten kunnen behaald worden via de inzet van de VLM beheerovereenkomsten. Als dat niet mogelijk is, kan teruggevallen worden op één of meerdere van de 17 maatregelenpakketten. Lokale besturen moeten dan een subsidiebesluit op maken en publiceren met de gewenste maatregelenpakketten. In de overeenkomsten die de gemeente of provincie vervolgens sluit met een begunstigde, wordt best een paragraaf opgenomen die vermeldt dat de begunstigde toestemming verleent om bepaalde gegevens over te maken aan de Vlaamse Landmaatschappij (zie 2.4 -rapportering aan VLM)

1.1 GOEDKEUREN VAN EEN AANVRAAG Als een grondgebruiker een aanvraag indient voor het inzetten van een maatregelenpakket op een bepaald perceel, beslist de provincie of gemeente of ze die aanvraag goedkeurt. Op het moment van de aanvraag, dus voorafgaand aan de uitvoering van de maatregel, moet voldaan zijn aan alle instapvoorwaarden (zie ‘3 overzicht agromilieu – en klimaatsteun, waar per maatregel de instapvoorwaarden vermeld worden). De provincie/gemeente beslist zelf hoe die instapvoorwaarden best geverifieerd worden.

1.1.1 Landbouwgrond Een instapvoorwaarde die geldt voor alle maatregelenpakketten, is dat de maatregelen uitgevoerd worden op landbouwgrond. De gebruiker hoeft daarvoor geen actieve landbouwer te zijn (en een minimumniveau aan inkomsten uit landbouwactiviteiten halen), maar het moet wel gaan om percelen bouwland of grasland of blijvende teelten (sierteelt, fruitteelt) waarop een minimumactiviteit wordt verricht (maaien, begrazen). Particuliere siertuinen, gazon, erf, openbaar domein (park, plantsoen of ander openbaar groen), wegbermen, kampeerterreinen, sportvelden, enz. komen niet in aanmerking voor maatregelen uit de catalogus.

1.1.2 De minimissteun Tenzij de aanvrager een particulier is, valt de subsidie onder de minimissteun3. Dat betekent dat het maximaal toegekende bedrag per landbouwonderneming het plafond van 20.000 euro niet mag overschrijden over een periode van 3 belastingjaren. Daarvoor kan best gewerkt worden met een verklaring op eer die de begunstigde landbouwer moet ondertekenen. Daarvoor kan dit sjabloon gebruikt worden. Hoewel de regels m.b.t. de-minimis enkel van toepassing zijn voor ondernemingen die goederen op de markt brengen, wordt voorgesteld dit formulier standaard door elke begunstigde te laten invullen 3

Meer info over de minimissteun

6


en ondertekenen, ook door particulieren. Het vergt meer tijd om na te gaan of een begunstigde al dan niet onder de noemer ‘onderneming’ valt, dan om te vragen om het formulier te ondertekenen.

1.2 CONTROLE UITVOERING MAATREGELEN De controle op het correct uitvoeren van de maatregelen is de verantwoordelijkheid van de gemeente/provincie. Voor agromilieuklimaatsteun is het aanbevolen om jaarlijks een steekproef van begunstigden ter plaatse te controleren, op een weloverwogen controletijdstip. Als vastgesteld wordt dat bepaalde voorwaarden niet correct zijn nageleefd, wordt de vergoeding voor dat jaar proportioneel verlaagd, niet uitbetaald of teruggevorderd.

1.3 UITBETALEN VAN DE VERGOEDINGEN Het berekenen en uitbetalen van de vergoedingen, inclusief verlagingen of terugvorderingen als gevolg van vaststellingen bij controles, is de verantwoordelijkheid van de gemeente/provincie.

1.4 RAPPORTEREN AAN VLM In het kader van de de-minimisregeling en met het oog op het beheer van de catalogus, vraagt de VLM dat gemeenten/provincies jaarlijks bepaalde gegevens doorgeven over de ingestelde steunregelingen en uitbetaalde bedragen per gemeente/provincie. Het sjabloon voor die rapportering vindt u hier. De ingevulde tabellen over de uitgevoerde betalingen in het voorbije kalenderjaar N worden jaarlijks bezorgd aan beheerovereenkomsten@vlm.be, tegen eind februari N+1. Daarom wordt in de overeenkomsten die gesloten worden met elke begunstigde een paragraaf opgenomen waarbij de begunstigde toestemming verleent om bepaalde gegevens over te maken aan de Vlaamse Landmaatschappij.

7


2 OVERZICHT AGROMILIEU- EN KLIMAATSTEUN De beheerovereenkomsten en maatregelenpakketten worden opgedeeld in 8 thema’s: botanisch beheer, soortenbescherming (fauna), bodembeheer, perceelsrandenbeheer (bufferen), kleine landschapselementen, waterbeheer en Natura 2000. Voor alle pakketten werd volgende informatie opgenomen: a) Naam van het pakket + code b) Korte omschrijving van de doelstelling c) Bevoegde instantie: voor ieder pakket wordt aangegeven door wie het kan aangeboden worden (VLM en/of andere instanties: gemeente, provincies…) d) Basisnormen: dat zijn wettelijke verplichtingen die sowieso nageleefd moeten worden. Aangezien die wettelijk verplicht zijn, kunnen daarvoor geen subsidies verleend worden e) Instapvoorwaarden: hieraan moet voldaan zijn in het jaar van de aanvraag en tijdens de looptijd van de overeenkomst f) Verbintenisvoorwaarden: die voorwaarden zijn de acties die tijdens de looptijd moeten uitgevoerd worden en die de basis vormen voor het berekenen van de beheervergoeding en het toekennen en betalen van de steun g) Subsidiabele kosten: bestaan afhankelijk van het pakket uit jaarlijkse opbrengstderving, uitgespaarde kosten, extra kosten, transactiekosten h) Steunbedrag: Voor de maatregelenpakketten die de gemeenten en provincies kunnen inzetten, worden altijd twee bedragen vermeld: een (hoger) bedrag voor landbouwers, en een bedrag voor andere grondgebruikers. Voor landbouwers wordt ook het onderdeel ‘opbrengstderving’ vergoed, daarom ligt het bedrag voor landbouwers iets hoger. In de catalogus is daarom steeds verduidelijkt welke (maximale) vergoeding mogelijk is per beheerpakket in functie van de doelgroep.

8


2.1 BOTANISCH BEHEER 2.1.1 Beheerovereenkomsten VLM Titel

Doelstelling

Bevoegde instantie Basisnormen

Instapvoorwaarden

Ontwikkeling soortenrijk grasland (BOTB1) Soortenrijke graslanden ontwikkelen door geen meststoffen, bodemverbeteraars en bestrijdingsmiddelen te gebruiken en een aangepast maai- en/of beweidingsregime toe te passen op basis van het advies van een deskundige. VLM • • • • • • •

• • • Verbintenisvoorwaarden • • • • • • Subsidiabele kosten • • Steunbedrag

Correct begrazingsregister bijhouden op het perceel Minimumactiviteit uitvoeren om verruiging en verbossing tegen te gaan De begunstigde is een actieve landbouwer Het perceel is gelegen in een beheergebied afgebakend door de bevoegde overheid Het perceel is geregistreerd als landbouwgrond Het perceel is grasland Een deskundige bepaalt voor de start van de overeenkomst het vegetatietype als een grassenmix of dominant stadium, en legt het beheer vast De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst Het grasland is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde Het grasland wordt beheerd volgens het advies van de deskundige Behoudens het maaibeheer/beweiding, geen enkele andere activiteit op het perceel uitvoeren Geen meststoffen en bodemverbeteraars toedienen, met uitzondering van bemesting door beweiden indien toegestaan Geen bestrijdingsmiddelen gebruiken De maaidata per perceel noteren in het register opbrengstderving uitgespaarde kosten: o bemesting kunstmest o gewasbescherming extra kosten transactiekost

881 EUR/ha

9


Titel

Doelstelling Bevoegde instantie Basisnormen

Instapvoorwaarden

Instandhouding soortenrijk grasland (BOTB2) Soortenrijke graslanden in stand houden door geen meststoffen, andere bodemverbeteraars en bestrijdingsmiddelen te gebruiken en een aangepast maai- en/of beweidingsregime toe te passen op basis van een advies van een deskundige. VLM • • • • • •

• • • Verbintenisvoorwaarden • • • • • • Subsidiabele kosten • • Steunbedrag

Correct begrazingsregister bijhouden op het perceel Minimumactiviteit uitvoeren om verruiging en verbossing tegen te gaan De begunstigde is een GLB-actieve landbouwer Het perceel is grasland Het perceel is geregistreerd als landbouwgrond Een deskundige bepaalt voor de start van de overeenkomst het vegetatietype als een graskruidenmix, bloemrijk grasland of schraalland, en legt het beheer vast De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst Het grasland is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde Het grasland wordt beheerd volgens het advies van de deskundige Behoudens het maaibeheer/beweiding, geen enkele andere activiteit op het perceel uitvoeren Geen meststoffen en bodemverbeteraars toedienen, met uitzondering van bemesting door beweiden indien toegestaan Geen bestrijdingsmiddelen gebruiken De maaidata van het perceel noteren in het register opbrengstderving uitgespaarde kosten: o bemesting kunstmest o gewasbescherming extra kosten transactiekost

1174 EUR/ha

10


2.1.2 Maatregelenpakketten lokale besturen Titel Doelstelling Bevoegde instantie Basisnormen

Botanisch beheer akkerland (BOTB3) De ontwikkeling van akkerkruiden bevorderen door een extensief gebruik van akkers Provincies en gemeenten \ • • •

Het perceel is landbouwgrond Het perceel is in gebruik als akkerland en wordt jaarlijks bewerkt De akker is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde • De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst • De teelt van maïs is niet toegelaten • Er wordt op het perceel een vruchtwisseling toegepast met ten minste eenmaal om de twee jaar een graangewas en ten minste eenmaal om de Verbintenisvoorwaarden zes jaar een vlinderbloemig gewas • Geen bestrijdingsmiddelen gebruiken • Op het perceel mag meststof worden aangebracht tot maximaal 50% van de geldende bemestingsnorm (bij voorkeur stalmest van rundvee) • Het aanbrengen van mengmest op het perceel is alleen toegestaan in de periode van 1 april tot en met 31 augustus • Opbrengstderving • Uitgespaarde kosten: besparing kunstmest Subsidiabele kosten • Extra kosten • Transactiekosten GLB-actieve landbouwers: 860 EUR/ha Steunbedrag Andere grondgebruikers: 402 EUR/ha Instapvoorwaarden

11


Titel

Doelstelling Bevoegde instantie

Aanleg en onderhoud botanisch waardevolle grasrand (BOTB4) Soortenrijke grasranden ontwikkelen door geen meststoffen, bodemverbeteraars en bestrijdingsmiddelen te gebruiken en een aangepast maaibeheer toe te passen. Zo wordt ook habitat gecreëerd voor aan het landbouwlandschap verbonden faunasoorten. Provincies en gemeenten •

Basisnormen

Instapvoorwaarden

• • • • • • • • • •

• • Verbintenisvoorwaarden • • • • • • • • • Subsidiabele kosten • •

Verbod op gebruik van meststoffen tot 5 meter landinwaarts vanaf de bovenste rand van het talud van een waterloop (10 m in VEN of langs helling) Verbod op aanbrengen bestrijdingsmiddelen op oeverzones (tot 1 meter landinwaarts vanaf de bovenste rand van het talud van een waterloop) Minimumactiviteit uitvoeren om verruiging en verbossing tegen te gaan Het perceel is landbouwgrond Het perceel is bouwland of grasland De gemiddelde breedte van de grasstrook schommelt tussen 6 en 18 meter De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst De grasstrook is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde Indien aangelegd op bouwland: de strook inzaaien voor 31 mei van het eerste werkjaar De breedte van de strook bedraagt over de gehele lengte minstens 5 meter Indien inzaaien nodig, de strook inzaaien met een goedgekeurd gras(kruiden)mengsel De factuur van het zaaizaad en het zaaizaadetiket bijhouden De bestaande strook behouden, als het perceel grasland is De grasvegetatie als een ononderbroken geheel in stand houden Geen bestrijdingsmiddelen gebruiken, uitgezonderd voor de pleksgewijze bestrijding van ongewenste soorten Geen meststoffen of bodemverbeteringsmiddelen opbrengen Ofwel de strook jaarlijks maaien vanaf 15 juni. Na de eerste maaibeurt is een tweede maaibeurt toegestaan. Ofwel de strook jaarlijks maaien vanaf 15 juni en een tweede keer vanaf 1 september Het maaisel moet afgevoerd worden. Klepelen is niet toegestaan. Behoudens het maaibeheer, geen enkele andere activiteit uitvoeren op de strook opbrengstderving uitgespaarde kosten: o bemesting kunstmest o gewasbescherming extra kosten transactiekost 12


Steunbedrag

GLB-actieve landbouwers: 1331 EUR/ha Andere grondgebruikers: 435 EUR/ha

13


2.2 SOORTENBESCHERMING 2.2.1 Beheerovereenkomsten VLM Titel

Doelstelling Bevoegde instantie Basisnormen

Uitstel maaidatum 22 juni (SB1) Weidevogels kansen bieden op een hoger broedsucces door alle activiteiten op het perceel te verbieden tijdens het broedseizoen en de maaidatum uit te stellen. VLM •

Minimumactiviteit uitvoeren om verruiging en verbossing tegen te gaan

• •

•

De begunstigde is een GLB-actieve landbouwer Het perceel ligt in een beheergebied afgebakend door de bevoegde overheid Het perceel is geregistreerd als landbouwgrond Het perceel is grasland De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst Het grasland is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde Vanaf 20 maart tot en met 22 juni geen enkele activiteit op het perceel uitvoeren De bestaande grasvegetatie in stand houden (elke activiteit die de grasvegetatie wijzigt, is niet toegestaan) De maaidata van het perceel noteren in het register

Subsidiabele kosten

• • •

Opbrengstderving Extra kosten Transactiekost

Steunbedrag

698 EUR/ha

Instapvoorwaarden • • • • Verbintenisvoorwaarden

• •

14


Titel

Doelstelling Bevoegde instantie Basisnormen

Uitstel beweidingsdatum 20 mei (SB2) Weidevogels kansen bieden op een hoger broedsucces door alle activiteiten op het perceel te verbieden tijdens het broedseizoen en de beweidingsdatum uit te stellen. VLM • • • •

Instapvoorwaarden • • • •

Verbintenisvoorwaarden

• • •

Correct begrazingsregister bijhouden op het perceel Minimumactiviteit uitvoeren om verruiging en verbossing tegen te gaan De begunstigde is een GLB-actieve landbouwer Het perceel ligt in een beheergebied afgebakend door de bevoegde overheid Het perceel is geregistreerd als landbouwgrond Het perceel is grasland De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst Het grasland is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde Vanaf 20 maart tot en met 20 mei geen enkele activiteit op het perceel uitvoeren Tussen 20 mei en 15 juni mag het perceel beweid worden met een veebezetting van maximaal 4 dieren per ha De bestaande grasvegetatie in stand houden (elke activiteit die de grasvegetatie wijzigt, is niet toegestaan) Opbrengstderving Transactiekost

Subsidiabele kosten

• •

Steunbedrag

116 EUR/ha

15


Titel

Standweide 15 juni (SB3)

Doelstelling

Weidevogels kansen bieden op een hoger broedsucces door alle activiteiten op het perceel te verbieden tijdens het broedseizoen uitgezonderd het gebruik als standweide met een beperkte veebezetting.

Bevoegde instantie

VLM

Basisnormen

• • • •

Instapvoorwaarden • • • • Verbintenisvoorwaarden

•

•

Correct begrazingsregister bijhouden op het perceel Minimumactiviteit uitvoeren om verruiging en verbossing tegen te gaan De begunstigde is een GLB-actieve landbouwer Het perceel is gelegen in een beheergebied afgebakend door de bevoegde overheid Het perceel is geregistreerd als landbouwgrond Het perceel is grasland De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst Het grasland is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde Vanaf 20 maart tot en met 15 juni geen enkele activiteit op het perceel uitvoeren, behalve het gebruik als standweide met een veebezetting van maximaal 2 dieren per ha De bestaande grasvegetatie in stand houden (elke activiteit die de grasvegetatie wijzigt, is niet toegestaan) Opbrengstderving Transactiekost

Subsidiabele kosten

• •

Steunbedrag

661 EUR/ha

16


Titel

Doelstelling Bevoegde instantie Basisnormen

Kuikenweide (SB4) Weidevogelkuikens kansen bieden om uit te vliegen op kruidenrijke graslanden door alle activiteiten te verbieden tot 1 juli uitgezonderd het gebruik als standweide. VLM • • • •

Instapvoorwaarden • • • • • Verbintenisvoorwaarden

•

Correct begrazingsregister bijhouden op het perceel Minimumactiviteit uitvoeren om verruiging en verbossing tegen te gaan De begunstigde is een GLB-actieve landbouwer Het perceel ligt in een beheergebied afgebakend door de bevoegde overheid Het perceel is geregistreerd als landbouwgrond Het perceel is grasland De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst Het grasland is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde Keuzemogelijkheid: o Ofwel: tussen 20 maart en 1 juli geen enkele activiteit op het perceel uitvoeren, met uitzondering van het gebruik als standweide met een veebezetting van maximaal 2 dieren per ha; o Ofwel: tussen 20 maart en 1 juli geen enkele activiteit op het perceel uitvoeren, ook geen gebruik als standweide De bestaande grasvegetatie in stand houden (elke activiteit die de grasvegetatie verandert, is niet toegestaan) Opbrengstderving Transactiekost

Subsidiabele kosten

• •

Steunbedrag

761 EUR/ha

17


Titel

Aanleg of onderhoud vluchtstrook (SB5)

Doelstelling

Door een aangepast maaibeheer een geschikt habitat voor een aantal soorten (o.a. weidevogels) creëren.

Bevoegde instantie

VLM

Basisnormen

Instapvoorwaarden

• • • • • • • • • • • •

Verbintenisvoorwaarden

• • • • • • •

Subsidiabele kosten • • Steunbedrag

Minimumactiviteit uitvoeren om verruiging en verbossing tegen te gaan Tijdens het broedseizoen opzettelijke handelingen vermijden die vogels en hun nesten verstoren De wettelijke bemestingsnormen respecteren op het perceel De begunstigde is een GLB-actieve landbouwer Het perceel is geregistreerd als landbouwgrond De vluchtstrook heeft een gemiddelde breedte tussen 6 en 30 meter Het perceel ligt in een beheergebied afgebakend door de bevoegde overheid De strook ligt niet langs een VHA-waterloop De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst De grasstrook is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde De grasstrook tot stand brengen voor 31 mei van het eerste werkjaar De breedte van de strook bedraagt over de gehele lengte minstens 5 meter De grasvegetatie als een ononderbroken geheel in stand houden Geen bestrijdingsmiddelen gebruiken, uitgezonderd voor de pleksgewijze bestrijding van ongewenste soorten Geen meststoffen of bodemverbeteringsmiddelen opbrengen De strook wordt pas gemaaid of geklepeld vanaf 22 juni. Behalve het maaibeheer, geen enkele andere activiteit uitvoeren op de strook opbrengstderving uitgespaarde kosten: o bemesting kunstmest o gewasbescherming extra kosten transactiekost

1616 EUR/ha

18


Titel

Doelstelling

Bevoegde instantie Basisnormen

Instapvoorwaarden

Faunavoedselgewas (SB6) Faunasoorten verbonden aan het landbouwlandschap alle kansen bieden door tijdens de winterperiode geschikte habitatcondities (voedsel, dekking,…) te voorzien zodat deze soorten voldoende fit de winter doorkomen. Specifiek voor grauwe kiekendief en hamster naast wintervoedsel ook een gunstige zomersituatie aanbieden met het oog op de vestiging en een hoger broedsucces voor grauwe kiekendief en dekking en voedsel voor hamster. VLM Geen handelingen verrichten met het opzet vogels of hun nesten te verstoren of te vernielen • • • • •

Verbintenisvoorwaarden

• • •

De begunstigde is een GLB-actieve landbouwer Het perceel ligt in een beheergebied afgebakend door de bevoegde overheid Het perceel is geregistreerd als landbouwgrond De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst Het perceel is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde Het beheerobject wordt tijdens de looptijd van de overeenkomst jaarlijks als één perceel aangegeven met eenzelfde teelt Telen van een specifiek zaadleverend gewas(mengsel) vermeld in de overeenkomst en ingezaaid voor 31 mei. Het gewas mag niet geoogst worden en mag niet ondergewerkt worden voor 15 maart van het volgende teeltjaar

Subsidiabele kosten

• • •

Steunbedrag

1931 EUR/ha

Opbrengstderving Extra kosten Transactiekost

19


Titel

Doelstelling

Bevoegde instantie

Aanleg en onderhoud faunastrook (SB7) Faunasoorten verbonden aan het landbouwlandschap voldoende geschikte habitat bieden door het aanleggen van kruidenrijke grasranden waarop een aangepast maaibeheer wordt uitgevoerd, zodat een deel van de rand structuurrijk de winter ingaat, of de maaidatum uitstellen tot 15 juli. VLM •

• Relevante bestaande wetgeving

• • •

Instapvoorwaarden

• • • • • • • •

Verbintenisvoorwaarden

• • • • •

• •

Subsidiabele kosten

• •

Verbod op gebruik van meststoffen tot 5 meter landinwaarts vanaf de bovenste rand van het talud van een waterloop (10 m in VEN of langs helling) Verbod op aanbrengen bestrijdingsmiddelen op oeverzones (tot 1 meter landinwaarts vanaf de bovenste rand van het talud van een waterloop) Minimumactiviteit uitvoeren om verruiging en verbossing tegen te gaan Instandhouding en algemene zorgplicht voor het gebufferde kwetsbaar element Tijdens het broedseizoen opzettelijke handelingen vermijden die vogels en hun nesten verstoren De begunstigde is een GLB-actieve landbouwer Het perceel is geregistreerd als landbouwgrond Bij meerjarige teelten wordt de strook aangelegd naast de werkgang Het perceel ligt in een beheergebied afgebakend door de bevoegde overheid De gemiddelde breedte van de grasstrook schommelt tussen 6 en 30 meter De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst De strook is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde De breedte van de strook bedraagt over de gehele lengte minstens 5 meter De strook inzaaien voor 31 mei van het eerste werkjaar De strook inzaaien met een goedgekeurd gras (kruiden)mengsel De factuur van het zaaizaad en het zaaizaadetiket bijhouden De grasvegetatie als een ononderbroken geheel in stand houden De strook maaien/klepelen en minstens 1/3 over de gehele lengte van de strook laten staan gedurende het volledige kalenderjaar of de strook volledig maaien/klepelen vanaf 15 juli Behalve het maaibeheer, geen enkele andere activiteit uitvoeren op de strook Geen bestrijdingsmiddelen gebruiken, uitgezonderd voor de pleksgewijze bestrijding van ongewenste soorten Geen meststoffen of bodemverbeteringsmiddelen opbrengen opbrengstderving

20


•

• • Steunbedrag

uitgespaarde kosten: o bemesting kunstmest o gewasbescherming extra kosten transactiekost

1812 EUR/ha

21


Titel

Doelstelling

Bevoegde instantie

Basisnormen

Instapvoorwaarden

Verbintenisvoorwaarden

Subsidiabele kosten

Onderhoud faunastrook (SB8) Faunasoorten verbonden aan het landbouwlandschap voldoende geschikt habitat bieden door kruidenrijke grasranden te behouden, een aangepast maaibeheer toe te passen zodat een deel van de rand structuurrijk de winter ingaat of de maaidatum uit te stellen tot 15 juli. VLM • Verbod op gebruik van meststoffen tot 5 meter landinwaarts vanaf de bovenste rand van het talud van een waterloop (10 m in VEN of langs helling) • Verbod op aanbrengen bestrijdingsmiddelen op oeverzones (tot 1 meter landinwaarts vanaf de bovenste rand van het talud van een waterloop) • Minimumactiviteit uitvoeren om verruiging en verbossing tegen te gaan • Instandhouding en algemene zorgplicht voor het gebufferde kwetsbaar element • Tijdens het broedseizoen opzettelijke handelingen vermijden die vogels en hun nesten verstoren • De begunstigde is een GLB-actieve landbouwer • Het perceel is geregistreerd als landbouwgrond • Bij meerjarige teelten wordt de strook aangelegd naast de werkgang • Het perceel ligt in een beheergebied afgebakend door de bevoegde overheid • De gemiddelde breedte van de grasstrook schommelt tussen 6 en 30 meter • De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst • De strook is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde • De bestaande strook behouden • De breedte van de strook bedraagt over de gehele lengte minstens 5 meter • De grasvegetatie als een ononderbroken geheel in stand houden • De strook maaien/klepelen en minstens 1/3 over de gehele lengte van de strook laten staan gedurende het volledige kalenderjaar of de strook volledig maaien/klepelen vanaf 15 juli • Behalve het maaibeheer, geen enkele andere activiteit uitvoeren op de strook • Geen bestrijdingsmiddelen gebruiken, uitgezonderd voor de pleksgewijze bestrijding van ongewenste soorten • Geen meststoffen of bodemverbeteringsmiddelen opbrengen • opbrengstderving • uitgespaarde kosten: o bemesting kunstmest o gewasbescherming 22


• • Steunbedrag

extra kosten transactiekost

1700 EUR/ha

23


Titel

Doelstelling Bevoegde instantie

Aanleg en onderhoud faunastrook plus (SB9) Faunasoorten verbonden aan het landbouwlandschap voldoende geschikte habitat bieden door de aanleg van een kruidenrijke grasstrook, een aangepast maaibeheer van de kruidenrijke rand voorzien zodat er een structuurrijke vegetatie bekomen wordt in de winter. VLM •

• Basisnormen

• • •

Instapvoorwaarden

• • • • • • • •

Verbintenisvoorwaarden

• • • • •

• • • •

Verbod op gebruik van meststoffen tot 5 meter landinwaarts vanaf de bovenste rand van het talud van een waterloop (10 m in VEN of langs helling) Verbod op aanbrengen bestrijdingsmiddelen op oeverzones (tot 1 meter landinwaarts vanaf de bovenste rand van het talud van een waterloop) Minimumactiviteit uitvoeren om verruiging en verbossing tegen te gaan Instandhouding en algemene zorgplicht voor het gebufferde kwetsbaar element Tijdens het broedseizoen opzettelijke handelingen vermijden die vogels en hun nesten verstoren De begunstigde is een GLB-actieve landbouwer Het perceel is geregistreerd als landbouwgrond Bij meerjarige teelten wordt de strook aangelegd naast de werkgang Het perceel ligt in een beheergebied afgebakend door de bevoegde overheid De gemiddelde breedte van de grasstrook schommelt tussen 6 en 30 meter De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst De strook is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde De breedte van de strook bedraagt over de gehele lengte minstens 5 meter De strook inzaaien voor 31 mei van het eerste werkjaar De grasvegetatie als een ononderbroken geheel in stand houden De strook inzaaien met een goedgekeurd gras (kruiden)mengsel De factuur van het zaaizaad en het zaaizaadetiket bijhouden De strook wordt gemaaid volgens een vooraf in de overeenkomst bepaald maai- en/of klepelschema (bv. duorandenbeheer, triorandenbeheer of maaien/klepelen vanaf 15 augustus, … ) Minstens 1/3 over de gehele lengte van de strook laten staan tijdens het volledige kalenderjaar Behalve het bovenvermeld maai- en/of klepelbeheer, geen enkele andere activiteit uitvoeren op de strook Geen bestrijdingsmiddelen gebruiken, uitgezonderd voor de pleksgewijze bestrijding van ongewenste soorten Geen meststoffen of bodemverbeteringsmiddelen opbrengen

24


• • Subsidiabele kosten • • Steunbedrag

opbrengstderving uitgespaarde kosten: o bemesting kunstmest o gewasbescherming extra kosten transactiekost

2108 EUR/ha

25


Titel

Doelstelling

Bevoegde instantie

Onderhoud faunastrook plus (SB10) Faunasoorten verbonden aan het landbouwlandschap voldoende geschikt habitat bieden door het behouden van een kruidenrijke grasstrook en een aangepast beheer op de kruidenrijke rand toe te passen zodat de rand structuurrijker wordt. VLM •

• Basisnormen

• • •

Instapvoorwaarden

• • • • • • • • • • •

Verbintenisvoorwaarden • • • •

Subsidiabele kosten

• •

Verbod op gebruik van meststoffen tot 5 meter landinwaarts vanaf de bovenste rand van het talud van een waterloop (10 m in VEN of langs helling) Verbod op aanbrengen bestrijdingsmiddelen op oeverzones (tot 1 meter landinwaarts vanaf de bovenste rand van het talud van een waterloop) Minimumactiviteit uitvoeren om verruiging en verbossing tegen te gaan Instandhouding en algemene zorgplicht voor het gebufferde kwetsbaar element Tijdens het broedseizoen opzettelijke handelingen vermijden die vogels en hun nesten verstoren De begunstigde is een GLB-actieve landbouwer Het perceel is geregistreerd als landbouwgrond Bij meerjarige teelten wordt de strook aangelegd naast de werkgang Het perceel ligt in een beheergebied afgebakend door de bevoegde overheid De gemiddelde breedte van de grasstrook schommelt tussen 6 en 30 meter De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst De strook is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde De bestaande strook behouden De breedte van de strook bedraagt over de gehele lengte minstens 5 meter De grasvegetatie als een ononderbroken geheel in stand houden De strook wordt gemaaid volgens een vooraf in de overeenkomst bepaald maai- en/of klepelschema (bvb. duorandenbeheer, triorandenbeheer of maaien/klepelen vanaf 15 augustus ,…) Minstens 1/3 over de gehele lengte van de strook laten staan gedurende het volledige kalenderjaar Behalve het bovenvermeld maai- en/of klepelbeheer, geen enkele andere activiteit uitvoeren op de strook Geen bestrijdingsmiddelen gebruiken, uitgezonderd voor de pleksgewijze bestrijding van ongewenste soorten Geen meststoffen of bodemverbeteringsmiddelen opbrengen opbrengstderving uitgespaarde kosten o bemesting kunstmest o gewasbescherming 26


• • Steunbedrag

extra kosten transactiekost

1996 EUR/ha

27


Titel

Luzernestrook vogelakker (SB11) Binnen de beheergebieden voor grauwe kiekendief percelen inrichten als foerageergebied voor grauwe kiekendief. De grauwe kiekendief is als soort vermeld in de bijlagen van de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn (Natura2000). De acties voor grauwe kiekendief kaderen binnen de uitvoering van het soortenbeschermingsplan voor de grauwe kiekendief, dat gericht is op het verkrijgen van de gunstige staat van instandhouding (instandhoudingsdoelstellingen (IHD)).

Doelstelling

Bevoegde instantie

Door deze maatregel te combineren met SB21 graskruidenstrook vogelakker kunnen volledige percelen ingericht worden door deze stroken af te wisselen. In de graskruidenstroken kunnen zich door het aangepaste beheer veldmuizenpopulaties ontwikkelen. Via de luzernestroken worden deze veldmuizen beschikbaar voor jagende kiekendieven. Door in de luzernestroken een maai-interval te respecteren kunnen die ook interessant zijn als broedplaats voor veldleeuwerik. De combinatie met SB21 graskruidenstrook vogelakker is verplicht. VLM •

Basisnormen

Instapvoorwaarden

• • • • • • • • • •

Verbintenisvoorwaarden

• • •

Verbod op aanbrengen bestrijdingsmiddelen op oeverzones (tot 1 meter landinwaarts vanaf de bovenste rand van het talud van een waterloop) Minimumactiviteit uitvoeren om verruiging en verbossing tegen te gaan Tijdens het broedseizoen opzettelijke handelingen vermijden die vogels en hun nesten verstoren De begunstigde is een GLB-actieve landbouwer De luzernestrook is gelegen in een beheergebied voor grauwe kiekendief De ligging van de strook wordt geschikt bevonden door een deskundige De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst De luzernestrook is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde De luzernestrook is gemiddeld 9 tot 18 m De luzernestrook wordt tijdens het eerste jaar ingezaaid voor 1 mei met luzerne (aangevuld met rode klaver en eventueel voederwikke) De luzernestrook wordt jaarlijks 2 keer geoogst tussen 1 mei en 31 augustus, met een interval van minstens 60 dagen tussen de oogstbeurten. (Uitgezonderd in het 1ste jaar mag de 1ste oogstbeurt gemaaid of geklepeld worden) De luzernestrook wordt jaarlijks geoogst of geklepeld tussen 1 oktober en 1 maart Behalve bovenstaand beheer, geen enkele andere activiteit uitvoeren op de strook uitgezonderd het opbrengen van meststoffen Geen bestrijdingsmiddelen gebruiken, uitgezonderd voor de pleksgewijze bestrijding van ongewenste soorten

28


• •

•

Geen meststoffen of bodemverbeteringsmiddelen gebruiken Een register bijhouden waarin jaarlijks alle oogst- en maai/klepeldata genoteerd worden Vanaf het 3de jaar mag de strook 1 keer opnieuw ingezaaid worden met luzerne voor 1 mei (aangevuld met rode klaver en eventueel voederwikke) De factuur van het zaaizaad en het zaaizaadetiket bijhouden

Subsidiabele kosten

• • •

Opbrengstderving Extra kosten Transactiekost

Steunbedrag

1764 EUR/ha

•

29


Titel

Graskruidenstrook vogelakker (SB12) Binnen de beheergebieden voor grauwe kiekendief percelen inrichten als foerageergebied voor grauwe kiekendief. De grauwe kiekendief is als soort vermeld in de bijlagen van de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn (Natura2000). De acties voor grauwe kiekendief kaderen binnen de uitvoering van het soortenbeschermingsplan voor de grauwe kiekendief dat gericht is op het verkrijgen van de gunstige staat van instandhouding (instandhoudingsdoelstellingen (IHD)). Andere muizenetende roofvogels zoals de bruine kiekendief kunnen mee profiteren van deze maatregel.

Doelstelling

Bevoegde instantie

Door deze maatregel te combineren met SB21 luzernestrook vogelakker kunnen volledige percelen ingericht worden door deze stroken af te wisselen. De combinatie met de luzernestrook (SB20) is verplicht . In de graskruidenstroken kunnen zich door het aangepaste beheer veldmuizenpopulaties ontwikkelen. Het graskruidenmengsel bestaat uit grassen, kruiden en granen. Polvormende grassen zorgen daarbij voor microstructuur die door veldmuizen en zangvogels gewaardeerd wordt. De kruiden worden gekozen vanwege hun nectar voor insecten, en/of zaden voor overwinterende vogels. Granen zorgen voor een snelle bedekking van de bodem na het inzaaien en fungeren in het eerste jaar als wintervoedsel. VLM •

Basisnormen

• • •

Instapvoorwaarden

• • • • •

Verbintenisvoorwaarden

• • •

Verbod op gebruik van meststoffen tot 5 meter landinwaarts vanaf de bovenste rand van het talud van een waterloop (10 m in VEN of langs helling) Verbod op aanbrengen bestrijdingsmiddelen op oeverzones (tot 1 m landinwaarts vanaf de bovenste rand van het talud van een waterloop) Minimumactiviteit uitvoeren om verruiging en verbossing tegen te gaan Tijdens het broedseizoen opzettelijke handelingen vermijden die vogels en hun nesten verstoren De begunstigde is een GLB-actieve landbouwer De graskruidenstrook is gelegen in een beheergebied voor grauwe kiekendief De ligging van de strook wordt geschikt bevonden door een deskundige De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst De graskruidenstrook is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde De graskruidenstrook is gemiddeld 9 tot 18 m breed De graskruidstrook wordt tijdens het eerste jaar ingezaaid voor 31 mei met een goedgekeurd mengsel (grassen, granen en kruiden) De graskruidenstrook moet jaarlijks gemaaid (en afgevoerd) worden tussen 15 augustus en 31 oktober voor minstens 1/3 en maximaal 1/2

30


•

•

Behoudens bovenstaande beheer, geen enkele andere activiteit uitvoeren op de strook Geen bestrijdingsmiddelen gebruiken, uitgezonderd voor de pleksgewijze bestrijding van ongewenste soorten Geen meststoffen of bodemverbeteringsmiddelen gebruiken Een register bijhouden waarin jaarlijks de maaidata en datum van afvoer genoteerd worden De factuur van het zaaizaad en het zaaizaadetiket bijhouden

Subsidiabele kosten

• • •

Opbrengstderving Extra kosten Transactiekost

Steunbedrag

2247 EUR/ha

• • •

31


Titel

Luzernestrook hamster (SB13) Binnen de beheergebieden voor hamster luzernestroken aanleggen.

Doelstelling

Bevoegde instantie

De hamster is als soort vermeld in de bijlagen van de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn (Natura2000). De acties voor hamster kaderen binnen de uitvoering van het soortenbeschermingsplan voor de hamster dat gericht is op het verkrijgen van de gunstige staat van instandhouding ( instandhoudingsdoelstellingen (IHD)). Deze maatregel richt zich op de noden van de hamster die in andere maatregelen ontbreken, meer bepaald het zowel ruimtelijk als in de tijd onafgebroken voorzien in voedsel en dekking tijdens hun ganse activiteitsperiode. VLM •

Basisnormen

• • •

Instapvoorwaarden

• • • • • • •

• Verbintenisvoorwaarden • • • • •

Verbod op gebruik van meststoffen tot 5 meter landinwaarts vanaf de bovenste rand van het talud van een waterloop (10 m in VEN of langs helling) Verbod op aanbrengen bestrijdingsmiddelen op oeverzones (tot 1 meter landinwaarts vanaf de bovenste rand van het talud van een waterloop) Minimumactiviteit uitvoeren om verruiging en verbossing tegen te gaan Tijdens het broedseizoen opzettelijke handelingen vermijden die vogels en hun nesten verstoren De begunstigde is een GLB-actieve landbouwer De luzernestrook ligt in een beheergebied voor hamster De ligging van de strook wordt geschikt bevonden door een deskundige De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst De luzernestrook is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde De luzernestrook is gemiddeld minstens 20 m breed De luzernestrook wordt in het eerste jaar ingezaaid voor 1 mei (bij voorkeur half april) met luzerne (aangevuld met rode klaver en eventueel voederwikke) De luzernestrook wordt in het 1ste jaar minstens 2 keer gemaaid of geklepeld voor 1 oktober De luzernestrook wordt in het 2de en 3de jaar geklepeld tussen 1 oktober en 1 maart De luzernestrook wordt in het 4de jaar ingezaaid met wintertarwe tussen 1 november en 31 december Behalve bovenstaand beheer geen enkele andere activiteit uitvoeren op de strook Geen bestrijdingsmiddelen gebruiken, uitgezonderd voor de pleksgewijze bestrijding van ongewenste soorten Geen meststoffen of bodemverbeteringsmiddelen gebruiken

32


•

Een register bijhouden waarin jaarlijks alle maai-, klepel- en inzaaidata genoteerd worden

Subsidiabele kosten

• • •

Opbrengstderving Extra kosten Transactiekost

Steunbedrag

1871 EUR/ha

33


Titel

Hamstervriendelijke nateelt (SB14) Binnen de beheergebieden voor hamster via het vroeg inzaaien van een aangepast mengsel na vroege teelten voldoende dekking en voedsel bieden tijdens een groot deel van hun activiteitsperiode op percelen waarop regulier geoogst kan worden.

Doelstelling

De hamster is als soort vermeld in de bijlagen van de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn (Natura2000). De acties voor hamster kaderen binnen de uitvoering van het soortenbeschermingsplan voor de hamster dat gericht is op het verkrijgen van de gunstige staat van instandhouding (instandhoudingsdoelstellingen (IHD)). VLM Bevoegde instantie Verbod op aanbrengen bestrijdingsmiddelen op oeverzones (tot 1 meter Basisnormen landinwaarts vanaf de bovenste rand van het talud van een waterloop) • De begunstigde is een GLB-actieve landbouwer • Minstens 0,5 ha percelen bouwland in beheergebied voor hamster Instapvoorwaarden • De ligging van percelen die de contractoppervlakte bepalen, wordt bij het sluiten van de overeenkomst geschikt bevonden door een deskundige • Jaarlijks minstens de contractoppervlakte percelen melden. • Jaarlijks de percelen melden waarop de vroeg oogstbare gewassen geteeld worden, voor zover ze binnen het beheergebied gelegen zijn. • De percelen die gemeld worden voor toepassing van de actie, moeten een volledig jaar in gebruik zijn bij de begunstigde • De percelen die gemeld worden voor toepassing van de actie inzaaien met een goedgekeurd mengsel binnen 2 weken na de oogst van de hoofdteelt en voor 1 augustus Verbintenisvoorwaarden • Een register bijhouden waarin jaarlijks de oogst- en inzaaidata geregistreerd worden • Geen bestrijdingsmiddelen gebruiken op het perceel na inzaai van het mengsel • Het mengsel behouden tot 1 maart van het daaropvolgende kalenderjaar of tot 1 november indien een wintergraan als vervolgteelt wordt ingezaaid. • De factuur van het zaaizaad en het zaaizaadetiket bijhouden • Extra kosten Subsidiabele kosten • Transactiekost Steunbedrag

584 EUR/ha

34


2.2.2 Maatregelenpakketten lokale besturen Titel Doelstelling Bevoegde instantie Basisnormen Instapvoorwaarden

Omzetten van akkerland in meerjarig grasland en maaien (SB15) Een geschikt habitat creëren voor weidevogels en kansen bieden op een hoger broedsucces door alle activiteiten op het perceel te verbieden tijdens het broedseizoen en de maaidatum uit te stellen. Provincies en gemeenten •

Minimumactiviteit uitvoeren om verruiging en verbossing tegen te gaan

• •

Het perceel is landbouwgrond Het perceel werd tijdens de laatste vijf jaar uitsluitend als bouwland (uitgezonderd tijdelijk grasland) uitgebaat

•

Het perceel is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst Het perceel wordt omgezet in grasland voor 31 mei van het eerste werkjaar Het perceel tijdens de verdere looptijd van de overeenkomst uitsluitend als meerjarig grasland gebruiken Tussen 1 april en 22 juni geen enkele activiteit op het perceel uitvoeren De maaidata van het perceel noteren in een register

• • Verbintenisvoorwaarden • • •

Subsidiabele kosten Steunbedrag

• Opbrengstderving • Extra kosten • Transactiekosten GLB-actieve landbouwer: 1221 EUR/ha Andere grondgebruikers: 94 EUR/ha

35


Titel Doelstelling Bevoegde instantie Basisnormen

Instapvoorwaarden

Omzetten van akkerland in meerjarig grasland en beweiden (SB16) Een geschikt habitat creëren voor weidevogels en kansen bieden op een hoger broedsucces door alle activiteiten op het perceel te verbieden tijdens het broedseizoen en de beweidingsdatum uit te stellen. Provincies en gemeenten • •

Correct begrazingsregister bijhouden op het perceel Minimumactiviteit uitvoeren om verruiging en verbossing tegen te gaan

• •

Het perceel is landbouwgrond Het perceel werd gedurende de laatste vijf jaar uitsluitend als bouwland (excl. tijdelijk grasland) uitgebaat

•

Het perceel is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst Het perceel wordt omgezet in grasland voor 31 mei van het eerste werkjaar Het perceel tijdens de verdere looptijd van de overeenkomst uitsluitend als meerjarig grasland gebruiken Tussen 1 april en 22 juni geen enkele (landbouwkundige) activiteit op het perceel uitvoeren, behalve het gebruik als standweide met een veebezetting van maximaal 2 dieren per ha

• • Verbintenisvoorwaarden

• •

Subsidiabele kosten

Steunbedrag

• • •

Opbrengstderving Extra kosten Transactiekosten

GLB-actieve landbouwer: 1274 EUR/ha Andere grondgebruikers: 94 EUR/ha

36


Titel Doelstelling Bevoegde instantie Basisnormen

Nestbescherming weidevogels (SB17) Nesten van weidevogels beschermen zodat reproductiesucces toeneemt (broedsucces en kuikenoverleving) Provincies en gemeenten •

Tijdens het broedseizoen opzettelijke handelingen vermijden die vogels en hun nesten verstoren

•

De percelen waarop het beheerpakket wordt toegepast, zijn landbouwgrond Het beheerpakket wordt toegepast via een bedrijfsgerichte aanpak

Instapvoorwaarden • • • Verbintenisvoorwaarden •

Subsidiabele kosten

Steunbedrag

• • •

Een deskundige bepaalt jaarlijks het aantal nesten op het bedrijf en bepaalt de wijze van bescherming De begunstigde beschermt de nesten van de weidevogelsoorten vermeld in de beheerovereenkomst volgens de richtlijnen van de deskundige De begunstigde heeft de percelen waarop het beheerpakket wordt toegepast tijdens het volledige kalenderjaar in gebruik Opbrengstderving Extra kosten Transactiekosten

GLB-actieve landbouwers: 55,03 EUR/nest Andere grondgebruikers: 55,03 EUR/nest

37


Titel Doelstelling Bevoegde instantie Basisnormen Instapvoorwaarden

Leeuwerikvlakjes (SB18) Geschikte voedsel- en broedplaatsen creëren tot in de zomer door het niet inzaaien van vlakjes in een graanveld, waardoor leeuweriken meerdere broedsels per jaar kunnen grootbrengen Provincies en gemeenten Tijdens het broedseizoen opzettelijke handelingen vermijden die vogels en hun nesten verstoren • De contractuele minimale oppervlakte bedraagt minstens 0,5 hectare • De percelen waarop het beheerpakket wordt toegepast, zijn landbouwgrond • • •

• •

Verbintenisvoorwaarden

•

•

•

•

Subsidiabele kosten Steunbedrag

De begunstigde meldt jaarlijks aan de bevoegde overheid op welke percelen het beheerpakket zal worden toegepast De begunstigde heeft de percelen waarop het beheerpakket wordt toegepast gedurende het volledige kalenderjaar in gebruik Het beheerpakket jaarlijks toepassen op minstens de minimaal overeengekomen oppervlakte; de maximale oppervlakte bedraagt 1,2 keer de minimale oppervlakte Op de percelen waarop het beheerpakket wordt toegepast, wordt een graangewas, ander dan maïs, geteeld De percelen waarop het beheerpakket wordt toegepast, zijn minstens 0,5 hectare groot Op de percelen waarop het beheerpakket wordt toegepast, worden vlakjes van minimaal 16 vierkante meter niet ingezaaid; die vlakjes worden leeuwerikvlakjes genoemd Op de percelen waarop het beheerpakket wordt toegepast, minstens twee leeuwerikvlakjes per hectare aanleggen met een minimum van twee leeuwerikvlakjes per perceel De leeuwerikvlakjes liggen verspreid over het perceel op minimaal 100 meter van opgaande elementen zoals gebouwen, bomenrijen of houtkanten, op minimaal 100 meter van drukke wegen, op minimaal 250 meter van een bos en op minimaal 20 meter van de rand van het perceel Een sproeigang of insporing mag niet door of vlak langs een leeuwerikvlakje lopen

• Opbrengstderving • Extra kosten • Transactiekosten GLB-actieve landbouwers: 30 EUR/vlakje Andere grondgebruikers: 28 EUR/vlakje

38


Titel Doelstelling Bevoegde instantie

Bloemrijke graanstroken (SB19) Het voedselaanbod voor akkervogels vergroten, door op percelen met graangewassen stroken te voorzien waarop geen bestrijdingsmiddelen en geen meststoffen worden gebruikt,. Provincies en gemeenten •

Basisnormen

Instapvoorwaarden

Verbod op gebruik van meststoffen tot 5 meter landinwaarts vanaf de bovenste rand van het talud van een waterloop (10 m in VEN of langs helling) • Verbod op aanbrengen bestrijdingsmiddelen op oeverzones (tot 1 meter landinwaarts vanaf de bovenste rand van het talud van een waterloop) • Geen handelingen verrichten met het opzet vogels of hun nesten te verstoren of te vernielen De percelen waarop het beheerpakket wordt toegepast, zijn landbouwgrond •

De begunstigde meldt jaarlijks aan de bevoegde overheid op welke percelen het beheerpakket zal worden toegepast • De begunstigde heeft de percelen waarop het beheerpakket wordt toegepast het volledige kalenderjaar in gebruik • Het beheerpakket toepassen op minstens de minimaal overeengekomen oppervlakte; de maximale oppervlakte bedraagt 1,2 keer de minimale oppervlakte • Op de percelen waarop het beheerpakket wordt toegepast, wordt een graangewas, ander dan maïs, geteeld • Op de percelen waarop het beheerpakket wordt toegepast, een bloemrijke graanstrook voorzien door tussen 15 maart en de oogst geen Verbintenisvoorwaarden bestrijdingsmiddelen te gebruiken op de bloemrijke graanstrook, uitgezonderd voor de pleksgewijze bestrijding van ongewenste soorten • De oppervlakte van de bloemrijke graanstroken bedraagt minstens 10 procent van de oppervlakte van de percelen waarop het beheerpakket wordt toegepast • De gemiddelde breedte van de bloemrijke graanstrook schommelt tussen 6 en 30 meter • Geen meststoffen of bodemverbeteringsmiddelen opbrengen op de bloemrijke graanstrook • De bloemrijke graanstrook kan mee geoogst worden • Opbrengstderving • Uitgespaarde kosten Subsidiabele kosten • Extra kosten • Transactiekosten GLB-actieve landbouwers: 1248 EUR/ha bloemrijke graanstrook Steunbedrag Andere grondgebruikers: 377 EUR/ha bloemrijke graanstrook

39


Titel Doelstelling Bevoegde instantie Basisnormen Instapvoorwaarden

Graanstroken (SB20) Het voedselaanbod voor akkervogels vergroten, door op een perceel een strook graan aan te leggen en die de hele winter te behouden Provincies en gemeenten Geen handelingen verrichten met het opzet vogels of hun nesten te verstoren of te vernielen De percelen waarop het beheerpakket wordt toegepast, zijn landbouwgrond • • •

Verbintenisvoorwaarden

• • • • • •

Subsidiabele kosten

Steunbedrag

De begunstigde meldt jaarlijks aan de bevoegde overheid op welke percelen het beheerpakket zal worden toegepast De begunstigde heeft de percelen waarop het beheerpakket wordt toegepast, in gebruik tijdens het volledige kalenderjaar Het beheerpakket toepassen op minstens de minimaal overeengekomen oppervlakte; de maximale oppervlakte bedraagt 1,2 keer de minimale oppervlakte De percelen waarop het beheerpakket wordt toegepast, zijn bouwland Op de percelen waarop het beheerpakket wordt toegepast, een strook met een graangewas telen, ander dan maïs De oppervlakte van de graanstroken bedraagt minstens 10 procent van de oppervlakte van de percelen waarop het beheerpakket wordt toegepast De gemiddelde breedte van de graanstrook schommelt tussen 6 en 30 meter De graanstrook niet aanleggen langs bebouwing of langs waterlopen De graanstrook wordt minstens behouden tot 15 februari van het daaropvolgende jaar

• Opbrengstderving • Uitgespaarde kosten • Extra kosten • Transactiekosten GLB-actieve landbouwers: 1291 EUR/ha graanstrook Andere grondgebruikers: 263 EUR/ha graanstrook

40


Titel Doelstelling Bevoegde instantie Basisnormen

Instapvoorwaarden

Faunastrook spontane evolutie (SB21) Faunasoorten verbonden aan het landbouwlandschap een verbindingshabitat bieden, door op randen de natuurlijke vegetatie spontaan te laten evolueren zodat deze structuurrijker worden. Provincies en gemeenten • • • •

Tijdens het broedseizoen opzettelijke handelingen vermijden die vogels en hun nesten verstoren Het perceel is landbouwgrond Het perceel is bouwland of grasland De gemiddelde breedte van de faunastrook schommelt tussen 6 en 12 meter

•

De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst • De strook is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde • De breedte van de bufferstrook bedraagt over de gehele lengte minstens 5 meter Verbintenisvoorwaarden • De spontane vegetatie op de strook laten evolueren tijdens de looptijd van de overeenkomst • Geen bestrijdingsmiddelen gebruiken, uitgezonderd voor de pleksgewijze bestrijding van ongewenste soorten • Geen meststoffen of bodemverbeteringsmiddelen opbrengen • Behoudens eenmalig maaibeheer in het vijfde jaar van de overeenkomst, geen cultuurtechnische werkzaamheden uitvoeren op de strook • Opbrengstderving • Extra kosten Subsidiabele kosten • Transactiekosten GLB-actieve landbouwers: 1973 EUR/ha Steunbedrag Andere grondgebruikers: 432 EUR/ha

41


Titel Doelstelling Bevoegde instantie Basisnormen

Winterstoppel (SB22) Het voedselaanbod voor akkervogels vergroten, door een niet met bestrijdingsmiddelen behandelde stoppel te laten staan tijdens de winter. Provincies en gemeenten • •

Instapvoorwaarden • • • •

• Verbintenisvoorwaarden •

• •

Subsidiabele kosten Steunbedrag

Geen handelingen verrichten met het opzet vogels of hun nesten te verstoren of te vernielen De percelen waarop het beheerpakket wordt toegepast, zijn landbouwgrond De begunstigde kan het beheerpakket aangaan voor maximaal 5 hectare De begunstigde meldt jaarlijks aan de bevoegde overheid op welke percelen het beheerpakket zal worden toegepast De begunstigde heeft de percelen waarop het beheerpakket wordt toegepast gedurende het volledige kalenderjaar in gebruik Het beheerpakket toepassen op minstens de minimaal overeengekomen oppervlakte; de maximale oppervlakte bedraagt 1,2 keer de minimale oppervlakte Op de percelen waarop het beheerpakket wordt toegepast, wordt een graangewas, ander dan maïs, geteeld of worden vlas, erwten of veldbonen geteeld Op de percelen waarop het beheerpakket wordt toegepast, tussen de oogst en 1 maart van het daaropvolgende jaar geen bestrijdingsmiddelen gebruiken, uitgezonderd voor de pleksgewijze bestrijding van ongewenste soorten De winterstoppel minstens behouden tot 1 maart van het daaropvolgende jaar De percelen waarop het beheerpakket wordt toegepast na de oogst, in het najaar niet bemesten

• Extra kosten • Transactiekosten GLB-actieve landbouwers: 156 EUR/ha Andere grondgebruikers: 156 EUR/ha

42


Titel

Aanleg en onderhoud ecologische verbindingsstrook (SB23)

Doelstelling

Aanleggen van graskruidenstroken in functie van het creëren van ecologische verbindingen i.f.v. specifieke faunasoorten in het gebied

Bevoegde instantie

Provincies en gemeenten •

• Relevante bestaande wetgeving

• • •

Instapvoorwaarden

• • •

Verbod op gebruik van meststoffen tot 5 meter landinwaarts vanaf de bovenste rand van het talud van een waterloop (10 m in VEN of langs helling) Verbod op aanbrengen bestrijdingsmiddelen op oeverzones (tot 1 meter landinwaarts vanaf de bovenste rand van het talud van een waterloop) Minimumactiviteit uitvoeren om verruiging en verbossing tegen te gaan Instandhouding en algemene zorgplicht voor het gebufferde kwetsbaar element Tijdens het broedseizoen opzettelijke handelingen vermijden die vogels en hun nesten verstoren Het perceel is landbouwgrond Het perceel is bouwland of grasland De gemiddelde breedte van de verbindingsstrook schommelt tussen 6 en 30 meter

•

Verbintenisvoorwaarden

Subsidiabele kosten

Steunbedrag

De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst • De strook is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde • De breedte van de strook bedraagt over de gehele lengte minstens 5 meter • De strook inzaaien voor 31 mei van het eerste werkjaar • De strook inzaaien met een goedgekeurd gras (kruiden)mengsel • De factuur van het zaaizaad en het zaaizaadetiket bijhouden • De grasvegetatie als een ononderbroken geheel in stand houden • De strook maaien/klepelen en minstens 1/3 over de gehele lengte van de strook laten staan gedurende het volledige kalenderjaar of de strook volledig maaien/klepelen vanaf 15 juli • Behalve het maaibeheer, geen enkele andere activiteit uitvoeren op de strook • Geen bestrijdingsmiddelen gebruiken, uitgezonderd voor de pleksgewijze bestrijding van ongewenste soorten • Geen meststoffen of bodemverbeteringsmiddelen opbrengen • opbrengstderving • uitgespaarde kosten: o bemesting kunstmest o gewasbescherming • extra kosten • transactiekost GLB-actieve landbouwers: 1812 EUR/ha Andere grondgebruikers: 803 EUR/ha 43


44


2.3 BODEMBEHEER 2.3.1 Beheerovereenkomsten VLM Titel

Aanleg of onderhoud erosiestrook (BODB1)

Doelstelling

Erosie op erosiegevoelige percelen verminderen door de afspoelende bodem op te vangen door aanleg of behoud van een grasstrook.

Bevoegde instantie

VLM •

Basisnormen • • • • • • Instapvoorwaarden • •

• • • • • Verbintenisvoorwaarden • •

•

Minimale bodembedekking en minimaal landbeheer op erosiegevoelige percelen (zie randvoorwaarden en goede landbouw- en milieucondities) Minimumactiviteit uitvoeren om verruiging en verbossing tegen te gaan De begunstigde is een GLB-actieve landbouwer Het perceel is geregistreerd als landbouwgrond Het perceel is bouwland Het perceel is erosiegevoelig volgens het GBCS De grasstrook wordt aangelegd op de plaats waar water en sediment afstromen De grasstrook ligt niet langs een VHA-waterloop De gemiddelde breedte van de grasstrook wordt vastgelegd overeenkomstig de erosiegevoeligheid van het perceel en de functie van de strook, en schommelt tussen 6 en 30 meter Bij meerjarige teelten wordt de strook aangelegd naast de werkgang De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst De grasstrook is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde De grasstrook aanleggen voor 31 mei van het eerste werkjaar De breedte van de strook bedraagt over de gehele lengte minstens 5 meter. De grasvegetatie als een ononderbroken geheel in stand houden Het beheerobject wordt niet gebruikt om te voldoen aan een inzaaiverplichting in het kader van de vergroeningsmaatregel tot behoud van blijvend grasland Een ploegvoor of ploegwal naast de erosiestrook nivelleren om te voorkomen dat water en sediment naast de strook afstromen Opbrengstderving Extra kosten Transactiekost

Subsidiabele kosten

• • •

Steunbedrag

1047 EUR/ha

45


Titel

Doelstelling Bevoegde instantie Basisnormen

Instapvoorwaarden

Aanleg en onderhoud erosiedam uit plantaardig materiaal (strobalen) (BODB2) Erosie op erosiegevoelige percelen beperken door de afspoelende bodem op te vangen via een dam. VLM Minimale bodembedekking en minimaal landbeheer op erosiegevoelige percelen (zie randvoorwaarden en goede landbouw- en milieucondities) • • • •

De begunstigde is een GLB-actieve landbouwer Het perceel is erosiegevoelig volgens het GBCS Het perceel is geregistreerd als landbouwgrond De dam wordt gecombineerd met de aanleg van een erosiestrook of strategisch gelegen grasland

•

De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst De erosiedam wordt aangelegd met stro-of hooibalen voor 31 mei van het eerste werkjaar conform de technische richtlijnen De hoogte van de dam bedraagt minimaal 50 cm Afgezet slib verwijderen zodat de opvanghoogte van de dam overal minstens 30 cm bedraagt Opbrengstderving Extra kosten Transactiekosten

• Verbintenisvoorwaarden • •

Subsidiabele kosten

• • •

Steunbedrag

12,86 euro per m dam

46


Titel

Aanleg en onderhoud strategisch gelegen grasland (BODB3)

Doelstelling

Erosie beperken aan de bron door op strategische plaatsen grasland aan te leggen en te onderhouden.

Bevoegde instantie

VLM •

Basisnormen • • • • Instapvoorwaarden

•

• • •

Verbintenisvoorwaarden

• • •

Minimale bodembedekking en minimaal landbeheer op erosiegevoelige percelen (zie randvoorwaarden en goede landbouw- en milieucondities) Minimumactiviteit uitvoeren om verruiging en verbossing tegen te gaan De begunstigde is een GLB-actieve landbouwer Het perceel is geregistreerd als landbouwgrond Het perceel werd gedurende de laatste vijf jaar uitsluitend als bouwland (uitgezonderd tijdelijk grasland) uitgebaat Het perceel is door de bevoegde instanties van het Departement Omgeving aangeduid als een strategisch gelegen perceel binnen het plangebied van een goedgekeurd gemeentelijk erosiebestrijdingsplan Het perceel is erosiegevoelig volgens het GBCS De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst Het perceel is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde Het perceel wordt omgezet in grasland voor 31 mei van het eerste werkjaar De grasvegetatie als een ononderbroken geheel in stand houden Het beheerobject wordt niet gebruikt om te voldoen aan een inzaaiverplichting in het kader van de vergroeningsmaatregel tot behoud van blijvend grasland Opbrengstderving Transactiekosten

Subsidiabele kosten

• •

Steunbedrag

619 EUR/ha

47


2.4 PERCEELSRANDENBEHEER 2.4.1 Beheerovereenkomsten VLM Titel

Doelstelling Bevoegde instantie

Aanleg of onderhoud bufferstrook 15 juni (PRB1) Kwetsbare landschapselementen beschermen door het aanleggen of behouden van een grasstrook waarop geen bemesting en geen bestrijdingsmiddelen mogen gebruikt worden. De maaidatum wordt uitgesteld tot 15 juni. VLM •

Basisnormen

• • • • • • •

Instapvoorwaarden

• •

• • • • Verbintenisvoorwaarden • • • • •

Subsidiabele kosten

• •

Verbod op gebruik van meststoffen tot 5 meter landinwaarts vanaf de bovenste rand van het talud van een waterloop (10 m in VEN of langs helling) Verbod op aanbrengen bestrijdingsmiddelen op oeverzones (tot 1 meter landinwaarts vanaf de bovenste rand van het talud van een waterloop) Minimumactiviteit uitvoeren om verruiging en verbossing tegen te gaan Instandhouding en algemene zorgplicht voor het gebufferde kwetsbaar element De begunstigde is een GLB-actieve landbouwer Het perceel is geregistreerd als landbouwgrond Het perceel is bouwland Het perceel ligt in een beheergebied afgebakend door de bevoegde overheid De strook grenst voor minstens 75% aan een kwetsbaar landschapselement uit de lijst in bijlage 1 De gemiddelde breedte van de grasstrook wordt vastgelegd overeenkomstig de erosiegevoeligheid van het perceel in het GBCS en schommelt tussen 6 en 30 meter De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst De grasstrook is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde De grasstrook tot stand brengen voor 31 mei van het eerste werkjaar De breedte van de strook bedraagt over de gehele lengte minstens 5 meter De grasvegetatie als een ononderbroken geheel in stand houden Geen bestrijdingsmiddelen gebruiken, uitgezonderd voor de pleksgewijze bestrijding van ongewenste soorten Geen meststoffen of bodemverbeteringsmiddelen opbrengen De strook wordt pas gemaaid of geklepeld vanaf 15 juni. Behalve het maaibeheer, geen enkele andere activiteit uitvoeren op de strook opbrengstderving uitgespaarde kosten:

48


• • Steunbedrag

o bemesting kunstmest o gewasbescherming extra kosten transactiekost

1317 EUR/ha

49


Titel

Aanleg en onderhoud bloemenstrook (PRB2)

Doelstelling

Bestuivers voldoende voedselaanbod bieden door de aanleg van een bloemenrand.

Bevoegde instantie Basisnormen

VLM / • • •

Instapvoorwaarden •

• • • • • Verbintenisvoorwaarden • • •

Subsidiabele kosten Steunbedrag

• • • • •

De begunstigde is een GLB-actieve landbouwer Het perceel is geregistreerd als landbouwgrond De gemiddelde breedte van de aan te leggen bloemenstrook zoals opgenomen in de aanvraag schommelt tussen 6 en 12 meter De aanvraag vermeldt de ligging van de aan te leggen bloemenstrook. De ligging wordt geschikt bevonden door een deskundige ten aanzien van potentieel leefgebied voor bestuivers De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst De strook is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde De breedte van de strook bedraagt over de gehele lengte minstens 5 meter De strook wordt voor 31 mei ingezaaid met een éénjarig bloemenmengsel of een meerjarig mengsel van vlinderbloemigen De strook wordt ingezaaid met een goedgekeurd mengsel met minimaal 6 bloeiende soorten De factuur van het zaaizaad en het zaaizaadetiket bijhouden Als een meerjarig mengsel van vlinderbloemigen wordt ingezaaid, jaarlijks het maai-of klepelbeheer uitvoeren zoals opgenomen in de overeenkomst Behalve het (her)inzaaien (inclusief frezen voorafgaand aan de herinzaai) of het (gedeeltelijk) maaien en afvoeren van de strook, geen enkele andere activiteit uitvoeren op de strook Geen bestrijdingsmiddelen gebruiken Geen meststoffen of bodemverbeteringsmiddelen opbrengen opbrengstderving extra kosten transactiekost

1972 EUR/ha

50


2.4.2 Maatregelenpakketten lokale besturen Titel Doelstelling Bevoegde instantie

Bufferstrook spontane evolutie (PRB3) Kwetsbare landschapselementen beschermen door op akkerranden de natuurlijke vegetatie spontaan te laten evolueren en geen bestrijdingsmiddelen en bemesting te gebruiken Provincies en gemeenten •

Basisnormen

• •

Verbod op gebruik van meststoffen tot 5 meter landinwaarts vanaf de bovenste rand van het talud van een waterloop (10 m in VEN of langs helling) Verbod op aanbrengen bestrijdingsmiddelen op oeverzones (tot 1 meter landinwaarts vanaf de bovenste rand van het talud van een waterloop) Instandhouding en algemene zorgplicht voor het gebufferde kwetsbaar element

• • •

Het perceel is landbouwgrond Het perceel is bouwland De gemiddelde breedte van de bufferstrook schommelt tussen 6 en 12 Instapvoorwaarden meter • De bufferstrook grenst voor minstens 75% aan een kwetsbaar landschapselement uit de lijst in bijlage 1 • De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst • De bufferstrook is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde • De breedte van de bufferstrook bedraagt over de gehele lengte minstens 5 meter Verbintenisvoorwaarden • De spontane vegetatie op de strook laten evolueren tijdens de looptijd van de overeenkomst • Geen bestrijdingsmiddelen gebruiken, uitgezonderd voor de pleksgewijze bestrijding van ongewenste soorten • Geen meststoffen of bodemverbeteringsmiddelen opbrengen • Geen cultuurtechnische werkzaamheden uitvoeren op de strook • opbrengstderving • Extra kosten Subsidiabele kosten • Transactiekosten GLB-actieve landbouwers: 1352 EUR/ha Steunbedrag Andere grondgebruikers: 302 EUR/ha

51


Titel

Doelstelling Bevoegde instantie

Aanleg of onderhoud bufferstrook milieu (PRB4) Kwetsbare landschapselementen beschermen door het aanleggen of behouden van een grasstrook waarop geen bemesting en geen bestrijdingsmiddelen mogen gebruikt worden. De grasstrook kan gebruikt worden als wendakker en voor het uitvoeren van activiteiten die het oogsten vereenvoudigen Provincies en gemeenten •

Basisnormen

• • • • •

Instapvoorwaarden • • • • •

Verbintenisvoorwaarden

•

• •

Subsidiabele kosten

Steunbedrag

Verbod op gebruik van meststoffen tot 5 meter landinwaarts vanaf de bovenste rand van het talud van een waterloop (10 m in VEN of langs helling) Verbod op aanbrengen bestrijdingsmiddelen op oeverzones (tot 1 meter landinwaarts vanaf de bovenste rand van het talud van een waterloop) Minimumactiviteit uitvoeren om verruiging en verbossing tegen te gaan Instandhouding en algemene zorgplicht voor het gebufferde kwetsbaar element Het perceel is landbouwgrond De gemiddelde breedte van de bufferstrook schommelt tussen 6 en 12 meter De bufferstrook grenst voor minstens 75% aan een kwetsbaar landschapselement uit de lijst in bijlage 1 De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst De bufferstrook is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde De begunstigde houdt een bestaande grasstrook in stand of zaait voor 31 mei van het eerste werkjaar een strook in met een grasmengsel De breedte van de bufferstrook bedraagt over de gehele lengte minstens 5 meter Op de bufferstrook mogen geen cultuurtechnische maatregelen worden uitgevoerd die de vegetatie wijzigen, met uitzondering van het gebruiken van de strook als wendakker en het uitvoeren van activiteiten op de strook die het oogsten vereenvoudigen. Zo kunnen er tijdelijk kratten geplaatst worden, en kan er tijdelijk geoogst materiaal opgeslaan worden, op voorwaarde dat de strook nadien in zijn oorspronkelijke staat wordt hersteld Geen bestrijdingsmiddelen gebruiken, uitgezonderd voor de pleksgewijze bestrijding van ongewenste soorten Geen meststoffen of bodemverbeteringsmiddelen opbrengen

• Opbrengstderving • Extra kosten • Uitgespaarde kosten: bemesting & gewasbescherming • Transactiekosten GLB-actieve landbouwers: 1094 EUR/ha Andere grondgebruikers: 625 EUR/ha

52


2.5 KLEINE LANDSCHAPSELEMENTEN 2.5.1 Beheerovereenkomsten VLM Titel

Onderhoud haag (KLE1)

Doelstelling

Hagen onderhouden volgens technische richtlijnen zodat haag goed kan ontwikkelen.

Bevoegde instantie

VLM

Basisnormen

• • • • • •

Instapvoorwaarden

• • • • • • •

• Verbintenisvoorwaarden • •

Subsidiabele kosten Steunbedrag

• • • •

Instandhouding van kleine landschapselementen en algemene zorgplicht Geen werken uitvoeren tijdens het broedseizoen om broedende vogels niet te verstoren De begunstigde is een GLB-actieve landbouwer Het beheerobject is een lijnvormig landschapselement bestaande uit boomen struiksoorten dat door jaarlijkse snoei compact wordt gehouden Het beheerobject ligt op of grenst volledig aan een perceel geregistreerd als landbouwgrond Het beheerobject ligt in het beheergebied afgebakend door de bevoegde overheid Het beheerobject maakt geen deel uit van een tuin en kan niet worden omschreven als erfbeplanting of windscherm De lengte bedraagt minstens 25 meter De contractuele lengte bedraagt maximaal 500 meter per ha De snoeihoogte bedraagt minstens 0,8 m Het beheerobject bestaat voor minstens 75% uit soorten uit de lijst in bijlage 2 Geen gaten in het landschapselement De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst De stambasis van de planten beschermen tegen het vee Jaarlijks scheren op een snoeihoogte van minstens 0,8 m, niet klepelen Exoten (amerikaanse vogelkers, amerikaanse eik, robinia etc.), opslag inbegrepen, bestrijden Dode planten vervangen door geschikte soorten opbrengstderving extra kosten transactiekost

1,87 EUR per lopende meter

53


Titel

Onderhoud kaphaag (KLE2)

Doelstelling

Kaphaag onderhouden volgens technische richtlijnen zodat kaphaag goed kan ontwikkelen.

Bevoegde instantie

VLM

Basisnormen

• • • •

• Instapvoorwaarden

• • • • • • •

Verbintenisvoorwaarden

• • •

Subsidiabele kosten

Steunbedrag

• • • • •

Instandhouding van kleine landschapselementen en algemene zorgplicht Geen werken uitvoeren tijdens het broedseizoen om broedende vogels niet te verstoren De begunstigde is een GLB-actieve landbouwer Het beheerobject is een: o Kaphaag: lijnvormig landschapselement bestaande uit halfstammige knotbomen. o Eénrijige houtkant: lijnvormig landschapselement bestaande uit hakhout. Het beheerobject ligt op of grenst volledig aan een perceel geregistreerd als landbouwgrond Het beheerobject is gelegen in het beheergebied afgebakend door de bevoegde overheid Het beheerobject maakt geen deel uit van een tuin en kan niet worden omschreven als erfbeplanting of windscherm De lengte bedraagt minstens 25 meter De contractuele lengte bedraagt maximaal 500 meter per ha Het beheerobject bestaat voor minstens 75% uit soorten uit de lijst in bijlage 3 Geen gaten in het landschapselement De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst De stambasis van de planten beschermen tegen het vee Het beheer uitvoeren zoals bepaald in de beheerovereenkomst en binnen de vermelde termijn (binnen de eerste 4 jaar) Exoten (amerikaanse vogelkers, amerikaanse eik en robinia), opslag inbegrepen, bestrijden Dode planten vervangen door geschikte soorten opbrengstderving extra kosten uitgespaarde kosten: opbrengst hout transactiekost

1,51 EUR per lopende meter

54


Titel

Onderhoud (struweel)heg (KLE3)

Doelstelling

(Struweel)heg onderhouden volgens technische richtlijnen zodat (struweel)heg goed kan ontwikkelen.

Bevoegde instantie

VLM

Basisnormen

• • • • • •

Instapvoorwaarden

• • • • • • • • •

Verbintenisvoorwaarden

• •

Subsidiabele kosten Steunbedrag

• • • •

Instandhouding van kleine landschapselementen en algemene zorgplicht Geen werken uitvoeren tijdens het broedseizoen om broedende vogels niet te verstoren De begunstigde is een GLB-actieve landbouwer Het beheerobject is een lijnvormig landschapselement bestaande uit struiken struweelsoorten. Het beheerobject is gelegen op of grenst volledig aan een perceel geregistreerd als landbouwgrond Het beheerobject ligt in het beheergebied afgebakend door de bevoegde overheid Het beheerobject maakt geen deel uit van een tuin en kan niet worden omschreven als erfbeplanting Indien de heg dient als windscherm rond een (fruit)teelt, bestaat ze minstens uit 5 verschillende soorten met elk een aandeel van maximaal 20% Het beheerobject bestaat voor minstens 75% uit soorten uit de lijst in bijlage 4 De lengte bedraagt minstens 25 meter De contractuele lengte bedraagt maximaal 500 meter per ha Geen gaten in het landschapselement De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst De stambasis van de planten beschermen tegen het vee Tijdens het eerste werkjaar van de beheerovereenkomst moet de heg gesnoeid (niet klepelen) worden, daarna mag dat niet meer De snoeihoogte bedraagt minstens 1,5 meter, de snoeibreedte minstens 1 meter Exoten (amerikaanse vogelkers, amerikaanse eik, robinia etc.), inclusief opslag (jonge scheuten), bestrijden Dode planten vervangen door geschikte soorten opbrengstderving extra kosten transactiekost

2,76 EUR per lopende meter

55


Titel

Onderhoud houtkant (KLE4)

Doelstelling

Houtkant onderhouden volgens technische richtlijnen zodat houtkant goed kan ontwikkelen.

Bevoegde instantie

VLM

Basisnormen

• • • • • • •

Instapvoorwaarden • • • • •

Instandhouding van kleine landschapselementen en algemene zorgplicht Geen werken uitvoeren tijdens het broedseizoen om broedende vogels niet te verstoren De begunstigde is een GLB-actieve landbouwer Het beheerobject is een lijnvormig landschapselement dat bestaat uit meerdere rijen hakhout Het beheerobject ligt op of grenst volledig aan een perceel geregistreerd als landbouwgrond Het beheerobject ligt in het beheergebied afgebakend door de bevoegde overheid Het beheerobject maakt geen deel uit van een tuin en kan niet worden omschreven als erfbeplanting of windscherm Variant 1: het beheerobject bestaat voor minstens 75% uit geschikte soorten uit de lijst in bijlage 5 Variant 2: het beheerobject bestaat voor minstens 50 % uit geschikte soorten uit de lijst in bijlage 5 Variant 3: het beheerobject bestaat voor minstens 25 % uit geschikte soorten uit de lijst in bijlage 5 De oppervlakte bedraagt minstens 1 are Geen gaten in het landschapselement

•

Verbintenisvoorwaarden

Subsidiabele kosten

Steunbedrag

De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst • Het beheerobject is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde • De stambasis van de planten beschermen tegen het vee • Het beheer uitvoeren zoals bepaald in de beheerovereenkomst en binnen de vermelde termijn (binnen de eerste 4 jaar) en in overeenstemming met de gekozen variant (aandeel geschikte soorten) • Geen snoeihout in de houtkant • Exoten (amerikaanse vogelkers, amerikaanse eik, robinia etc.), inclusief opslag (jonge scheuten), bestrijden • Dode planten vervangen door geschikte soorten • opbrengstderving • extra kosten • uitgespaarde kosten: opbrengst hout • transactiekost Variant 1 (75 % geschikte soorten): 40,2 EUR/are Variant 2 (50 % geschikte soorten): 26,7 EUR/are Variant 3 (25 % geschikte soorten): 17,8 EUR/are 56


Titel

Omvormingsbeheer houtkant (KLE5)

Doelstelling

Houtkanten met exoten en/of achterstallig beheer onderhouden volgens technische richtlijnen zodat houtkanten opnieuw goed kunnen ontwikkelen.

Bevoegde instantie Basisnormen

VLM • • • •

• Instapvoorwaarden

• • • • • •

• Verbintenisvoorwaarden •

Subsidiabele kosten

Steunbedrag

• • • • • •

Instandhouding van kleine landschapselementen en algemene zorgplicht Geen handelingen uitvoeren met het opzet vogels of hun nesten te verstoren of te vernielen De begunstigde is een GLB-actieve landbouwer De aanvraag gebeurt in het kader van een door de beheerdienst goedgekeurd projectvoorstel, dat duidelijk definieert op welke manier de aanwezige exoten bestreden zullen worden of hoe achterstallig onderhoud zal worden uitgevoerd Het beheerobject ligt op of grenst volledig aan een perceel geregistreerd als landbouwgrond Het beheerobject ligt in het beheergebied afgebakend door de bevoegde overheid Het beheerobject maakt geen deel uit van een tuin en kan niet worden omschreven als erfbeplanting of windscherm De oppervlakte bedraagt minstens 1 are Geen gaten in het landschapselement De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst Het beheerobject is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde De stambasis van de planten beschermen tegen het vee Het achterstallig onderhoud en de exotenbestrijding (amerikaanse vogelkers, amerikaanse eik, robinia etc.) worden uitgevoerd binnen de eerste 4 jaren van de beheerovereenkomst (volgens methodiek en stappenplan in het projectvoorstel) Geen snoeihout in de houtkant Dode planten vervangen door geschikte soorten opbrengstderving extra kosten uitgespaarde kosten: opbrengst hout transactiekost

80,9 EUR/are

57


Titel

Onderhoud houtsingel (KLE6)

Bevoegde instantie

Houtsingel onderhouden volgens technische richtlijnen zodat houtsingel goed kan ontwikkelen. VLM

Basisnormen

• •

Doelstelling

• • •

Instapvoorwaarden

• • • • • • •

Verbintenisvoorwaarden

• • • •

Subsidiabele kosten Steunbedrag

• • • •

Instandhouding van kleine landschapselementen en algemene zorgplicht Geen werken uitvoeren tijdens het broedseizoen om broedende vogels niet te verstoren De begunstigde is een GLB-actieve landbouwer De houtsingel is een lijnvormig landschapselement bestaande uit één of meerdere bomenrijen met één of meerdere rijen struik- en struweelsoorten De houtsingel ligt op of grenst volledig aan een perceel geregistreerd als landbouwgrond De houtsingel is gelegen in het beheergebied De houtsingel maakt geen deel uit van een tuin en kan niet worden omschreven als erfbeplanting of windscherm De houtsingel bestaat voor minstens 75% geschikte soorten uit de lijst in bijlage 6 De oppervlakte bedraagt minstens 1 are en de breedte bedraagt maximum 10 meter Geen gaten in het landschapselement De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst Het beheerobject is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde De stambasis van de planten beschermen tegen het vee Het beheer uitvoeren zoals bepaald in de beheerovereenkomst en binnen de vermelde termijn (binnen de eerste 4 jaar) Snoeihout mag op stapels of rillen verwerkt worden voor zover het de ondergroei en/of stoven niet schaadt Exoten (amerikaanse vogelkers, amerikaanse eik, robinia etc.), opslag inbegrepen, bestrijden Dode planten vervangen door geschikte soorten opbrengstderving extra kosten transactiekost

45,4 EUR/are

58


Titel

Onderhoud knotbomenrij (KLE7)

Doelstelling

Knotbomen onderhouden volgens technische richtlijnen zodat knotbomen goed kunnen ontwikkelen

Bevoegde instantie

VLM

Basisnormen

• •

• •

Instandhouding van kleine landschapselementen en algemene zorgplicht Geen werken uitvoeren tijdens het broedseizoen om broedende vogels niet te verstoren De begunstigde is een GLB-actieve landbouwer Het beheerobject bestaat uitsluitend uit soorten uit de lijst in bijlage 7 Het beheerobject ligt op of grenst volledig aan een perceel geregistreerd als landbouwgrond Het beheerobject ligt in het beheergebied afgebakend door de bevoegde overheid Het beheerobject maakt geen deel uit van een tuin en kan niet worden omschreven als erfbeplanting of windscherm Het beheerobject is een lijnvormig landschapselement bestaande uit minstens 10 hoogstammige knotbomen De plantafstand bedraagt 2 tot 10 meter Geen gaten in het landschapselement De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst De stambasis van de planten beschermen tegen het vee Het beheer uitvoeren zoals bepaald in de beheerovereenkomst en binnen de vermelde termijn (binnen de eerste 4 jaar) De knothoogte bedraagt minstens 1,8 meter Dode planten vervangen door geschikte soorten

Subsidiabele kosten

• • • •

opbrengstderving extra kosten uitgespaarde kosten: opbrengst hout transactiekost

Steunbedrag

2,83 EUR/boom

• • • • Instapvoorwaarden

• • • • •

• Verbintenisvoorwaarden •

59


2.5.2 Provincies en gemeenten Titel

Onderhoud hoogstamboomgaard (KLE8)

Onderhouden van boomgaarden met hoogstammige fruitbomen volgens technische richtlijnen zodat de boomgaarden goed kunnen ontwikkelen Bevoegde instantie Provincies en gemeenten • Instandhouding van kleine landschapselementen en algemene zorgplicht • Geen werken uitvoeren tijdens het broedseizoen om broedende vogels Basisnormen niet te verstoren • De hoogstamboomgaard ligt op een perceel landbouwgrond • De boomgaard bestaat uit fruitboomsoorten uit de lijst in bijlage 9 Instapvoorwaarden • De boomgaard bestaat uit minstens 10 hoogstammige fruitbomen • De takvrije stamhoogte bedraagt minstens 180 cm • De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst • De boomgaard is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde • Dode planten vervangen door geschikte soorten • De stambasis van de planten beschermen tegen het vee Verbintenisvoorwaarden • De bomen snoeien volgens de richtlijnen opgenomen in de overeenkomst in de periode van 1 november tot 1 maart: o Bij jonge aanplant: vormsnoei o Bij gevestigde aanplant: onderhoudssnoei d.m.v. het weghalen van overtollige takken, zodat het licht maximaal benut wordt o Bij achterstallig onderhoud: herstel van de boomvorm en vruchthoutverjonging • Extra kosten Subsidiabele kosten • Transactiekosten GLB-actieve landbouwers: 29,17 EUR/stuk Steunbedrag Andere grondgebruikers: 29,17 EUR/stuk Doelstelling

60


Titel Doelstelling Bevoegde instantie

Onderhoud Struweelkant (KLE9) Struweelkant onderhouden volgens technische richtlijnen zodat het struweel en de bijhorende vegetatie spontaan vrij kan uitgroeien. Provincies en gemeenten • •

Instandhouding van kleine landschapselementen en algemene zorgplicht Geen werken uitvoeren tijdens het broedseizoen om broedende vogels niet te verstoren • Het beheerobject is een vrijliggend lijnvormig landschapselement bestaande uit een houtige begroeiing van struik- of struweelsoorten (bijlage 4 en 5), en/of braam en/of brem én een strook waarop een vegetatie zich spontaan kan ontwikkelen. • Het beheerobject ligt op of grenst volledig aan een perceel landbouwgrond Instapvoorwaarden • Het beheerobject maakt geen deel uit van een tuin en kan niet worden omschreven als erfbeplanting • Van de in het beheerobject aanwezige houtige struik- en struweelsoorten bestaat minimum 50% uit de lijst in bijlage 4 en 4 en/of braam en/of brem • De contractuele oppervlakte bedraagt minstens één are en de breedte maximaal 10 meter • De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst • Het beheerobject is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde • De stambasis van de planten beschermen tegen het vee • Het beheer uitvoeren zoals in de overeenkomst bepaald en binnen de vermelde termijn: de struweelkant (met name de niet-houtige vegetatie op de strook) het derde en het vijfde jaar voor telkens min 40% en max 50% van de oppervlakte maaien of klepelen. Verbintenisvoorwaarden • Exoten (Amerikaanse vogelkers, Amerikaanse eik, robinia etc.), inclusief opslag (jonge scheuten), bestrijden • De breedte van het object bedraagt over de gehele lengte minstens 2 meter • Geen bestrijdingsmiddelen gebruiken • Geen meststoffen of bodemverbeteringsmiddelen opbrengen • Behalve het maaibeheer geen enkele andere activiteit op de struweelkant uitvoeren • opbrengstderving Subsidiabele kosten • extra kosten • transactiekost GLB-actieve landbouwers: 18 EUR/are Steunbedrag Andere grondgebruikers: 6,2 EUR/are Basisnormen

61


Titel

Doelstelling Bevoegde instantie Basisnormen

Instapvoorwaarden

Onderhoud poel (KLE10) Onderhouden volgens technische richtlijnen (opgesteld door provincie/gemeente) van een uitgegraven klein waterelement met natuurlijke oevers dat gevoed wordt door regen- en/of grondwater en het grootste deel van het jaar van nature waterhoudend is Provincies en gemeenten Instandhouding van kleine landschapselementen en algemene zorgplicht • De poel is gelegen op een perceel landbouwgrond • Het perceel is grasland • De poel heeft een oppervlakte tussen 25 vierkante meter en 500 vierkante meter • De poel heeft een waterdiepte tussen 0,5 meter en 1,5 meter •

De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst • De poel is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde • De poel onderhouden volgens de richtlijnen opgenomen in de overeenkomst zodat het dichtgroeien van de poel door planten en Verbintenisvoorwaarden verlanden van de poel voorkomen wordt • Het water van de poel mag alleen gebruikt worden ten behoeve van het vee • In de poel mogen geen waterplanten worden aan- of ingebracht • Er mogen geen vissen of watervogels worden uitgezet in de poel • Opbrengstderving • Extra kosten Subsidiabele kosten • Transactiekosten GLB-actieve landbouwer: 25 m2 – 100 m2: 111 EUR/poel 101 m2 – 300 m2: 202 EUR/poel 301 m2 – 500 m2: 269 EUR/poel Steunbedrag Andere grondgebruikers: 25 m2 – 100 m2: 100 EUR/poel 101 m2 – 300 m2: 173 EUR/poel 301 m2 – 500 m2: 225 EUR/poel

62


2.6 WATERBEHEER 2.6.1 Beheerovereenkomsten VLM Titel

Waterkwaliteit (WA1)

Doelstelling

Lokaal bijdragen aan de verbetering van de waterkwaliteit door een hoog percentage (90 %) teelten met een laag risicoprofiel op te nemen in het teeltplan (bouwland) van het bedrijf. Het risicoprofiel van een teelt wordt bepaald door de nitraatgevoeligheid van de teelt, de erosiegevoeligheid van de teelt en de mate waarin de teelt organische C aanvoert.

Bevoegde instantie

VLM •

Basisnormen

Instapvoorwaarden

•

• • • • • • • • •

Verbintenisvoorwaarden •

• • •

Tijdens de looptijd van de overeenkomst is de mestbalans van het bedrijf in evenwicht Een bodemanalyse uitvoeren, waarbij minstens het C gehalte en de pH bepaald worden, door een erkend labo op minimum aantal percelen (geen permanente bedekking/grasland) van het bedrijf De begunstigde is een GLB-actieve landbouwer Minimaal 2 ha bouwland gebruiken in de afgebakende gebieden De contractoppervlakte bedraagt minimaal 2 ha Kan enkel toegepast worden op percelen geregistreerd als landbouwgrond Het totale areaal bouwland wordt bepaald door percelen die in gebruik zijn op de uiterste indieningsdatum van de verzamelaanvraag bij de begunstigde Op bouwlandpercelen minstens voor de minimaal overeengekomen oppervlakte laag-risicoteelten verbouwen. De maximale oppervlakte bedraagt 1,2 keer de minimale oppervlakte De percelen die gebruikt worden voor het voldoen aan de minimale contractoppervlakte en het minimumareaal laag-risicohoofdteelten, moeten een volledig jaar in gebruik zijn bij de begunstigde Het minimum areaal laag-risicohoofdteelten bedraagt minimaal 90% van het totale areaal bouwland De laag-risicohoofdteelten, die gemeld worden voor toepassing van de actie, moeten gevolgd worden door een nateelt met een laag risico met uitzondering van de in de Vlaamse regelgeving vastgestelde teelten waarvoor het teelttechnisch niet mogelijk is om een nateelt in te zaaien. Minstens 4 hoofdteelten waarvan 3 laag-risicohoofdteelten verbouwen andere dan blijvend grasland, waarbij het oppervlakte aandeel van 3 laag risicohoofdteelten minstens elk 5 % is t.o.v. het totaal areaal bouwland. Het nitraatresidu laten bepalen door een erkend labo op alle percelen in gebruik door het bedrijf Het gemiddeld nitraatresidu van het perceel is lager dan een nader te bepalen waarde Een bodemanalyse uitvoeren, waarbij minstens het C gehalte en de pH bepaald worden, door een erkend labo op alle bouwlandpercelen van het bedrijf in het eerste jaar van de overeenkomst

63


Subsidiabele kosten

Steunbedrag

• • •

opbrengstderving extra kosten transactiekost

245 EUR/ha

64


2.6.2 Maatregelenpakketten lokale besturen Titel Doelstelling Bevoegde instantie Basisnormen Instapvoorwaarden

Regelen stuwtjes (WA2) Het regelen van het lokale waterpeil met behulp van schotbalkstuwtjes in grachten zodat verdroging en overstroming voorkomen worden Provincies en gemeenten / • •

Verbintenisvoorwaarden

Subsidiabele kosten Steunbedrag

• • •

De stuw ligt in een gracht gelegen langs een perceel landbouwgrond Manueel regelen van schotbalkstuw zodat een optimaal waterpeil bereikt wordt Registreren van de handelingen m.b.t. schotbalkstuw Extra kosten Transactiekosten

GLB-actieve landbouwers: 212 EUR/stuw Andere grondgebruikers: 212 EUR/stuw

65


2.7 NATURA 2000 2.7.1 Beheerovereenkomsten VLM Titel

Doelstelling

Fosfaat uitmijnen (IHD1) Bijdragen aan het verbeteren van de abiotische condities op gronden gelegen in Natura2000-gebieden of zones daarbuiten, door het verbouwen van specifieke teelten en door een geschikte N- en K-bemesting, in functie van het uitmijnen van fosfaat

Bevoegde instantie

VLM

Basisnormen

• •

Verplicht bijhouden correct bemestingregister De bemestingsnormen respecteren op het perceel

• • • • • •

De begunstigde is een GLB-actieve landbouwer Het perceel is geregistreerd als landbouwgrond Het perceel is gelegen in beheergebied voor fosfaatuitmijning Het perceel is geschikt bevonden door een deskundige Het perceel is bouwland Het teeltschema wordt bepaald voor het sluiten van de overeenkomst

Instapvoorwaarden

• • •

Verbintenisvoorwaarden • • •

De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst Het perceel is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde Teeltschema uitvoeren volgens keuze in de overeenkomst o ofwel ▪ Meerjarig mengsel van grassen, witte en rode klaver (5 jaar) o ofwel ▪ In het eerste jaar een graangewas, vlas, boekweit verbouwen op perceel, gevolgd door een mengsel van meerjarige grassen, witte en rode klaver, in het vijfde jaar kan opnieuw een graangewas verbouwd worden Jaarlijks oogsten van de teelt is verplicht Geen fosfaatmeststoffen aanwenden op het perceel De factuur en het zaaizaadetiket van het grasklavermengsel bewaren

•

Subsidiabele kosten Steunbedrag

In het eerste en het laatste jaar de fosfaatvoorraad in de bodem meten door een bodemanalyse door een erkend labo • In het eerste en het derde jaar de N-, de K-voorraad en de zuurtegraad meten door een bodemanalyse door een erkend labo. • Vanaf het eerste werkjaar het perceel bemesten (N, K en pH) volgens het bemestingsadvies op basis van de bodemanalyses rekening houdend met de geldende bemestingsnormen. • opbrengstderving • extra kosten • transactiekost 704 EUR/ha 66


Titel

Doelstelling

Bevoegde instantie

Verminderde bemesting bouwland (100 % reductie) (IHD2) Geschikte abiotische condities creëren met het oog op Natura2000 doelstellingen, door geen enkele vorm van bemesting toe te passen in of rond Natura2000 gebieden. VLM

Tijdens de looptijd van de overeenkomst is de mestbalans van het bedrijf in evenwicht • De begunstigde is een GLB-actieve landbouwer • Het perceel ligt in een beheergebied • Het perceel is geregistreerd als landbouwgrond • Het perceel is bouwland volgens het GBCS Instapvoorwaarden • Gebruik maken van het systeem van werkzame stikstof. • Op het perceel is er geen bemestingsbeperking of geen bemestingsverbod van toepassing • Minimaal 2 ha bouwland gebruiken in het beheergebied • De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst • Het perceel is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde • Het beheerobject wordt gedurende de looptijd van de overeenkomst als één perceel aangegeven met eenzelfde teelt Verbintenisvoorwaarden • Het aanwenden van elke vorm van P of N meststoffen (beweiding inbegrepen) is niet toegestaan. • Nitraatresidubepaling laten uitvoeren door een erkend labo op alle percelen in gebruik door het bedrijf • Het gemiddeld nitraatresidu van de percelen voldoet aan een nader te bepalen waarde • Op het perceel dient een vruchtwisseling toegepast te worden • opbrengstderving • extra kosten Subsidiabele kosten • uitgespaarde kosten • transactiekost Steunbedrag 1391 EUR/ha Basisnormen

67


Titel

Doelstelling

Bevoegde instantie

Basisnormen

Instapvoorwaarden

Verminderde bemesting grasland (100 % reductie) (IHD3) Geschikte abiotische condities creëren met het oog op Natura2000 doelstellingen, door geen enkele vorm van bemesting toe te passen in of rond Natura2000 gebieden. VLM • Gedurende de looptijd van de overeenkomst is de mestbalans van het bedrijf in evenwicht • Minimumactiviteit uitvoeren om verruiging en verbossing tegen te gaan • • • • • • • • • •

Verbintenisvoorwaarden

• • •

Subsidiabele kosten

Steunbedrag

• • • •

De begunstigde is een GLB-actieve landbouwer Het perceel ligt in een beheergebied Het perceel is geregistreerd als landbouwgrond Het perceel is grasland volgens het GBCS Gebruik maken van het systeem van werkzame stikstof. Op het perceel is er geen bemestingsbeperking of geen bemestingsverbod van toepassing Minimaal 2 ha grasland gebruiken in het beheergebied De begunstigde respecteert tijdens de looptijd van de overeenkomst de afmetingen vastgelegd in de overeenkomst Het perceel is tijdens de volledige looptijd van de overeenkomst in gebruik bij de begunstigde Het aanwenden van elke vorm van P of N meststoffen (beweiding inbegrepen) is niet toegestaan. De graslandvegetatie in stand houden Nitraatresidubepaling laten uitvoeren door een erkend labo op alle percelen in gebruik door het bedrijf Het gemiddeld nitraatresidu van het perceel voldoet aan een nader te bepalen “waarde” Opbrengstderving uitgespaarde kosten extra kosten transactiekost

1036 EUR/ha

68


3 MEER INFORMATIE • • •

Over de beheerovereenkomsten van VLM: o www.vlm.be <thema’s < beheerovereenkomsten o Mail naar beheerovereenkomsten@vlm.be Over de 17 maatregelenpakketten voor gemeenten en provincies in deze catalogus: o Mail naar beheerovereenkomsten@vlm.be Over andere subsidiemogelijkheden door de Vlaamse overheid o Aanleg niet-productieve investeringen (zoals hagen, heggen, houtkanten ea.): https://lv.vlaanderen.be/nl/subsidies/vlif-steun/niet-productieve-investeringssteun o Bebossing van landbouwgrond: https://www.natuurenbos.be/bebossing o Agromilieuverbintenissen Departement Landbouw & Visserij: https://lv.vlaanderen.be/nl/subsidies/agromilieumaatregelen

69


4 BIJLAGEN 4.1.1 Bijlage 1: kwetsbare elementen perceelsrandenbeheer KW1.

Berm Weg- en spoorwegberm, talud, wal, tumulus, en dijk met een breedte van minstens 2 meter met een waardevolle graslandvegetatie (zie KW9.).

KW2.

Bos Alle types, met uitzondering van populieren, naaldhout en andere exoten zonder gevarieerde ondergroei (geen struik- of kruidlaag, of kruidlaag enkel bestaande uit grassen).

KW3.

Gracht (geen VHA) Beek, gracht of sloot met een goed ontwikkelde rietvegetatie (riet, rietgras, liesgras, lisdodde, gele lis, zwanenbloem, ...); Beek, gracht of sloot met een goed ontwikkelde waardevolle moeras- of waterflora (liesgras, rietgras, gele lis, zwanenbloem, poelruit, moerasmelkdistel, pijlkruid, dotterbloem, ...). Continu watervoerende bronbeken op valleiflanken in bosrijke omgeving, die omwille van het grote verval weinig of geen vegetatie herbergen, maar sterk verbonden zijn aan bronbosvegetaties (BWK: ‘vc’) Beek, gracht of sloot met een actief peilbeheer doormiddel van stuwtjes of andere infrastructuur met de bedoeling de afvoer van het water te vertragen Onder goed ontwikkeld wordt verstaan dat de genoemde vegetatie hetzij aaneengesloten voorkomt, hetzij een dekkingsgraad heeft van meer dan 50% verdeeld over de volledige lengte van het kwetsbaar element.

KW4.

Graft Aangeduid op de topokaart en/of hoogteverschil tussen maaivelden minstens 1 meter.

KW5.

Holle weg Aangeduid op de topokaart en/of maaiveld minstens 1 meter boven het wegdek. 70


KW6.

Houtig landschapselement Struweel met een breedte van minimaal 2 meter (braam-, brem-, doorn- en wilgenstruwelen); Houtkant en houtwal (al dan niet in hakhoutbeheer); Kaphaag; Heg; (Knot)bomenrij – minstens 10 bomen met maximaal 10 meter tussenafstand, met uitzondering van populieren en exoten; Dreef – minstens 20 bomen met maximaal 10 meter tussenafstand, met uitzondering van populieren en exoten. Hagen en windschermen voldoen niet.

KW7.

Waterloop Alle waterlopen opgenomen in de Vlaamse Hydrografische Atlas (VHA).

KW8.

Poel (Veedrink-)poelen, walgrachten, poelensnoeren en vennen die behoudens uitzonderlijke droogteperiodes waterhoudend zijn (watergebonden flora en fauna). Siervijvers en recreatievijvers voldoen niet.

KW9.

Soortenrijk grasland Alle graslandtypes die in aanmerking komen voor instandhoudingsbeheer soortenrijk grasland: •

Graskruidenmix (o.m. reukgras, rood zwenkgras, gewoon struisgras, veldzuring, scherpe boterbloem, gewone hoornbloem, smalle weegbree, pinksterbloem, echte koekoeksbloem, kleine klaver, gewoon biggenkruid, ...);

•

Zilverschoonweide (o.m. fioringras, geknikte vossenstaart, liesgras, mannagras, zilverschoon, waterbies, moeras-vergeet-mij-niet, zompvergeet-mij-niet, watermunt, heelblaadjes, zeegroene rus, valse voszegge, ...);

•

Bloemrijk grasland (o.m. gewoon struisgras, rood zwenkgras, grasklokje, muizenoor, margriet, knoopkruid, brunel, kale jonker, beemdlangbloem, kamgras, witte klaver, madelief, vertakte leeuwentand, ruwe smele, tijmereprijs, hazenzegge, geel walstro, ruige weegbree, sikkelklaver, kattendoorn, kleine bevernel, dotterbloem, pinksterbloem, moerasrolklaver, waterkruiskruid, rietorchis, brede orchis, grote ratelaar, ...);

•

Schrale graslanden (dotterbloemgraslanden, kleine zeggebegroeiïngen, blauwgraslanden, heischraal grasland, ...).

Algemene regel: Vegetatie is een mix van grassen en kruiden en omvat minstens een dertigtal verschillende soorten.

71


72


4.1.2 Bijlage 2: soortenlijst haag Nederlandse benaming Beuk Eenstijlige meidoorn Gewone vlier Gladde iep (veldolm) Haagbeuk Hazelaar Hondsroos Hulst Rode kornoelje Sleedoorn Spaanse aak (veldesdoorn) Tweestijlige meidoorn Wilde kardinaalsmuts Wilde liguster Wintereik Zomereik

Wetenschappelijke benaming Fagus sylvatica Crataegus monogyna Sambucus nigra Ulmus minor Carpinus betulus Corylus avellana Rosa canina Ilex aquifolium Cornus sanguinea Prunus spinosa Acer campestre Crataegus laevigata Euonymus europaeus Ligustrum vulgare Quercus petraea Quercus robur

73


4.1.3 Bijlage 3: soortenlijst kaphaag Type 1: halfstammige knotbomen Nederlandse benaming Fladderiep (steelolm) Gewone es Gladde iep (veldolm) Grootbladige linde (zomerlinde) Haagbeuk Kleinbladige linde (winterlinde) Kraakwilg Ratelpopulier Ruwe iep (bergolm) Schietwilg Spaanse aak (veldesdoorn) Wintereik Zomereik Zwarte els Zwarte populier

Wetenschappelijke benaming Ulmus laevis Fraxinus excelsior Ulmus minor Tilia platyphyllos Carpinus betulus Tilia cordata Salix fragilis Populus tremula Ulmus glabra Salix alba Acer campestre Quercus petraea Quercus robur Alnus glutinosa Populus nigra

Type 2: eenrijig hakhout Nederlandse benaming Boswilg Eenstijlige meidoorn Fladderiep (steelolm) Gelderse roos Gele kornoelje Geoorde wilg Gewone es Gewone esdoorn Gewone vlier Gewone vogelkers Gladde iep (veldolm) Grauwe abeel Grauwe/rosse wilg Grauwe els Grootbladige linde (zomerlinde) Haagbeuk Hazelaar Katwilg Kleinbladige linde (winterlinde) Kraakwilg Laurierwilg Ratelpopulier Rode kornoelje Ruwe berk Ruwe iep (bergolm)

Wetenschappelijke benaming Salix caprea Crataegus monogyna Ulmus laevis Viburnum opulus Cornus mas Salix aurita Fraxinus excelsior Acer pseudoplatanus Sambucus nigra Prunus padus Ulmus minor Populus x canescens Salix cinerea Alnus incana Tilia platyphyllos Carpinus betulus Corylus avellana Salix viminalis Tilia cordata Salix fragilis Salix pentandra Populus tremula Cornus sanguinea Betula pendula Ulmus glabra

74


Schietwilg Sleedoorn Spaanse aak (veldesdoorn) Sporkehout (vuilboom) Tamme kastanje Tweestijlige meidoorn Wegedoorn Wilde kardinaalsmuts Wilde liguster Wilde lijsterbes Wintereik Zachte berk Zomereik Zwarte els

Salix alba Prunus spinosa Acer campestre Rhamnus frangula Castanea sativa Crataegus laevigata Rhamnus cathartica Euonymus europaeus Ligustrum vulgare Sorbus aucuparia Quercus petraea Betula pubescens Quercus robur Alnus glutinosa

75


4.1.4 Bijlage 4: soortenlijst heg Nederlandse benaming Amandelwilg Beklierde heggenroos Berijpte viltroos Beuk Bittere wilg Bosroos Duindoorn Duinroos Eenstijlige meidoorn Egelantier Gaspeldoorn Gelderse roos Gele kornoelje Geoorde wilg Gewone vlier Gewone vogelkers Gladde iep (veldolm) Haagbeuk Hazelaar Heggeroos Hondsroos Hulst Katwilg Kleinbloemige roos Koraalmeidoorn Kraagroos Mispel Rode kornoelje Schijnegelantier Sleedoorn Spaanse aak (veldesdoorn) Sporkehout (vuilboom) Tweestijlige meidoorn Viltroos Wegedoorn Wilde aalbes Wilde kardinaalsmuts Wilde kruisbes Wilde liguster Wilde lijsterbes Wintereik Wilde zwarte bes Zomereik Zuurbes

Wetenschappelijke benaming Salix triandra Rosa tomentella Rosa sherardii Fagus sylvatica Salix purpurea Rosa arvensis Hippophae rhamnoides Rosa pimpinellifolia Crataegus monogyna Rosa rubiginosa Ulex europaeus Viburnum opulus Cornus mas Salix aurita Sambucus nigra Prunus padus Ulmus minor Carpinus betulus Corylus avellana Rosa corymbifera Rosa canina Ilex aquifolium Salix viminalis Rosa micrantha Crataegus rosiformis Rosa agrestis Mespilus germanica Cornus sanguinea Rosa columnifera Prunus spinosa Acer campestre Rhamnus frangula Crataegus laevigata Rosa preudoscabriusculla Rhamnus cathartica Ribes rubrum Euonymus europaeus Ribes uva-crispa Ligustrum vulgare Sorbus aucuparia Quercus petraea Ribes nigrum Quercus robur Berberis vulgaris

76


4.1.5 Bijlage 5: soortenlijst houtkant Nederlandse benaming Boswilg Eenstijlige meidoorn Fladderiep (steelolm) Gelderse roos Gele kornoelje Geoorde wilg Gewone es Gewone esdoorn Gewone vlier Gewone vogelkers Gladde iep (veldolm) Grauwe abeel Grauwe/rosse wilg Grauwe els Grootbladige linde (zomerlinde) Haagbeuk Hazelaar Katwilg Kleinbladige linde (winterlinde) Kraakwilg Laurierwilg Ratelpopulier Rode kornoelje Ruwe berk Ruwe iep (bergolm) Schietwilg Sleedoorn Spaanse aak (veldesdoorn) Sporkehout (vuilboom) Tamme kastanje Tweestijlige meidoorn Wegedoorn Wilde kardinaalsmuts Wilde liguster Wilde lijsterbes Wintereik Zachte berk Zomereik Zwarte els

Wetenschappelijke benaming Salix caprea Crataegus monogyna Ulmus laevis Viburnum opulus Cornus mas Salix aurita Fraxinus excelsior Acer pseudoplatanus Sambucus nigra Prunus padus Ulmus minor Populus x canescens Salix cinerea Alnus incana Tilia platyphyllos Carpinus betulus Corylus avellana Salix viminalis Tilia cordata Salix fragilis Salix pentandra Populus tremula Cornus sanguinea Betula pendula Ulmus glabra Salix alba Prunus spinosa Acer campestre Rhamnus frangula Castanea sativa Crataegus laevigata Rhamnus cathartica Euonymus europaeus Ligustrum vulgare Sorbus aucuparia Quercus petraea Betula pubescens Quercus robur Alnus glutinosa

77


4.1.6 Bijlage 6: soortenlijst houtsingel Struik- en struweelsoorten Nederlandse benaming Amandelwilg Beklierde heggenroos Berijpte viltroos Beuk Bittere wilg Bosroos Duindoorn Duinroos Eenstijlige meidoorn Egelantier Gaspeldoorn Gelderse roos Gele kornoelje Geoorde wilg Gewone vlier Gewone vogelkers Gladde iep (veldolm) Haagbeuk Hazelaar Heggeroos Hondsroos Hulst Katwilg Kleinbloemige roos Koraalmeidoorn Kraagroos Mispel Rode kornoelje Schijnegelantier Sleedoorn Spaanse aak (veldesdoorn) Sporkehout (vuilboom) Tweestijlige meidoorn Viltroos Wegedoorn Wilde aalbes Wilde kardinaalsmuts Wilde kruisbes Wilde liguster Wilde lijsterbes Wintereik Wilde zwarte bes Zomereik Zuurbes

Wetenschappelijke benaming Salix triandra Rosa tomentella Rosa sherardii Fagus sylvatica Salix purpurea Rosa arvensis Hippophae rhamnoides Rosa pimpinellifolia Crataegus monogyna Rosa rubiginosa Ulex europaeus Viburnum opulus Cornus mas Salix aurita Sambucus nigra Prunus padus Ulmus minor Carpinus betulus Corylus avellana Rosa corymbifera Rosa canina Ilex aquifolium Salix viminalis Rosa micrantha Crataegus rosiformis Rosa agrestis Mespilus germanica Cornus sanguinea Rosa columnifera Prunus spinosa Acer campestre Rhamnus frangula Crataegus laevigata Rosa preudoscabriusculla Rhamnus cathartica Ribes rubrum Euonymus europaeus Ribes uva-crispa Ligustrum vulgare Sorbus aucuparia Quercus petraea Ribes nigrum Quercus robur Berberis vulgaris

78


4.1.7 Bijlage 7: soortenlijst knotbomen Nederlandse benaming Fladderiep (steelolm) Gewone es Gladde iep (veldolm) Grootbladige linde (zomerlinde) Haagbeuk Kleinbladige linde (winterlinde) Kraakwilg Ratelpopulier Ruwe iep (bergolm) Schietwilg Spaanse aak (veldesdoorn) Wintereik Zomereik Zwarte els Zwarte populier

Wetenschappelijke benaming Ulmus laevis Fraxinus excelsior Ulmus minor Tilia platyphyllos Carpinus betulus Tilia cordata Salix fragilis Populus tremula Ulmus glabra Salix alba Acer campestre Quercus petraea Quercus robur Alnus glutinosa Populus nigra

79


4.1.8 Bijlage 8: soortenlijst hoogstamboomgaard APPEL (10m x 10m)

PEER (8m x 8m)

KERS (12m x 12m)

PRUIM (7m x 7m)

NECTARINE (7m x 7m)

PERZIK (7m x 7m)

abondance

abbé fétel

abesse de mouland

abquinen

brugnon

abquinen

akenaar

alexandrine douillard

alkense

abrikoospruim

brugnon blanc

abricotée

alkmene

amandelpeer

anabelle

altesse

brugnon de féligny

admirable jaune

ananasreinette

ananas de courtrai

ander zeldzaam ras

altesse de juillet

brugnon de zelhem

alberge jaune

ander zeldzaam ras

ander zeldzaam ras

anglaise hatif

altesse dubbele

fantasia

amsden

anna boelens

andré desportes

anglaise hâtif

altesse enkele

galopin

ander zeldzaam ras

antonowka

avezaath kapel

bakkerskriek

ander zeldzaam ras

gros violet

barbara

api d'orange

bakpeer

bampkers

angelina burdet

nectared

béguine de termonde

api noire

beau présent

bastaarddikke

anna späth

nectarine galopin

belle bausse

argilière

belle angevine

belle-de-saint-trond

avalon

nectarose

belle conquête (de bavay)

assumpta

bellekens

bellense bruine

bakpruim dubbel

ruby gold

belle de vitry

astrakan rode

bergamotte

bigarreau

bakpruim enkel

sungrand (early)

belle et bonne

astrakan witte

bergamotte dubbel

bigarreau blanc et rose

belle de louvain

victoria

belle impériale

baron de pitteurs

bergamotte esperen

bigarreau burlat

belle de thuin

violet ou musqué

benedicte

bataafse bellefleur

bergamotte heibrik

bigarreau cardinaels

belpruim

vroege delespaul

bloedperzik

batard

bergamotte hertrich

bigarreau de mai

betuwse kwets

bonne de malines

batard (bastaard)

bergamotte rapertingen

bigarreau de mézele

bleue de belgique

bonouvrier

beauty of bath

bergamotte speelhof

bigarreau de putte

boerenblauwe

bredase (abrikoos)

belle de furnes

bergamotte zomer

bigarreau elton

bryanston gage

broechemse

belle de lippe

besi de chaumontel

bigarreau esperen

bühler frühwesche

champion

belle de nord

besi dubost

bigarreau helshoven

bühler wiesenheim

chanceliore

belle de nordhausen

beurré

bigarreau jaboulay

bulgarie

charles inghouf

belle de pontoise

beurré alexandre lucas

bigarreau moreau

bullens blauwe

chevreuse tardive

belle et bonne

beurré bâchelier

bigarreau napoléon

burbank

chrevreuse hâtive

bellefleur

beurré bosc

bigarreau noir d'espagne

burmosa

comtesse de hainaut

bellefleur brabantse

beurre capiaumont

bigarreau ossekop

cambridge gage

de schutter

bellefleur de sergemy

beurré capiaumont

bigarreau van ordingen

coe's golden drop

delespaul

bellefleur defournis

beurré chaboceau

bigarreau van piringen

conducta de wallon

dixired

80


APPEL (10m x 10m)

PEER (8m x 8m)

KERS (12m x 12m)

PRUIM (7m x 7m)

bellefleur dubbele

beurré clairgeau

bigarreau van schrieck

corso bleu

early pourpre

bellefleur engelse

beurre d'amanlis

bigarreau victor

czar

early victoria eiserner kanzler

bellefleur enkele

beurré d'amanlis

bigarreau witte

damas c

fertile de septembre

bellefleur franse

beurré d'angleterre

blankette - dubbel

des béjonnières

fidelia

bellefleur gele

beurré de ghélin

blauwe bigarreau

diepenbeekse pruim

gailly

bellefleur large mouche

beurré de l'assomption

bodson kriek

drap d'or esperen

galande

bellefleur limburgse

beurré de merode

boterkers

dubbele boerewitte

grégoire

benoni

beurré de naghin

bourtoulse

dubbele priesterkes

grijze muizen

berglander

beurré d'enghien

brabanders

early laxton

grosse mignonne

bismarck

beurré d'hardenpont

broechemse

early rivers prolific

grosse noir de montreuil

bloemeezoet

beurré diel

brugse kortsteel

early transparent gage

grosse violette

blokappel

beurré dumont

bruine bigarreau

edwards

hale's early

bohnapfel

beurré giffard

bruine kers

eierpruim

hambledon

borowicki

beurré goubalt

bruine krakers

elena

hâtive de hollande

boskoop bovey

beurré gris

bruine van ordingen

frühzwetsche

hongaarse abrikoos

braeburn

beurré hardy

canada giant

gelbe hauszwetsche

impératrice eugénie

bramley's seedling

beurré lebrun

capucienen

golden japan

jefkesperzik

brede ogen

beurré leon de loof

castor

gros damas de tours

kernechter von vorgebirge

brugger renette

beurré napoleon

cerise blanche d'harcigny

grove's late victoria

lakperzik

callaertappel

beurré neulandt

coeur de noyon

hauszwetsche

leopold I

calville

beurré rose

cuvelieren

hongaarse kwets

lievelingen

calville blanc d'été

beurré six

dikke waalse

italiaanse kwets

lord napier

calville blanc d'hiver

beurré sterckmans

dönissens gelbe knoppelkirsche

jefferson

louis grognet

calville d'archangelsk

beurré superfin

dubbele meikers

jojo

ludo

calville de luxembourg

beurré unique

durone

jubileum

luizet (abrikoos)

calville duquesne

beurré van den ham

early rivers

kattebeekse (witte)

madame blanchet

calville rouge d'automne

blarenpeer

empereur françois

kattetongen

madame gaujard

calville rouge d'eté

blinkmadammen

fleur de bruxelles

kerspruim

madeleine blanche

calville rouge d'hiver

bloedpeer

franse vroege

kirke's plum

madeleine rouge

81

NECTARINE (7m x 7m)

PERZIK (7m x 7m)


APPEL (10m x 10m)

PEER (8m x 8m)

KERS (12m x 12m)

PRUIM (7m x 7m)

cellini

blooskens

frühe rote meckenheimer

krombekken

may flower

ciderappel

bonne cuvigne

gascogne tardive de seninghem

kroosjespruim

melcaton d'anvers

citroenappel

bonne de bry

glazen

magna glauca

mignonne hâtive

colapuis

bonne de malines

gorsemkriek

mirabelle

monstrueuse de douai noblesse

court pendu

boschpeer

griotte saint-jean

mirabelle de metz

pêche colombia

court pendu de tournay

boterpeer

grosse royal

mirabelle de nancy

pêche congrès

court pendu gris

brederode

guigne d'annonay

mirabelle d'octobre

pêche d'ath

court pendu plat

bretanjes

guigne noire de ruesnes

mirabelle herrenhauser

pêche d'oignies

court pendu regeneré

brijzepeer

harde vellen

mirobalaan (geel of rood)

pêche drap d'or (d'avoine)

court pendu rosat

bronzée d'enghien

hardkers

monarch

pêche duquesnoy

court pendu rouge

brusselsche

hedelfinger riesenkirsche

monsieur hâtif

pêche ernoult

court pendu violette

brusselse dame

hoeve dobbelstein

monsieur jaune

pêche lepère

cox pomona

brusselse dame (tongeren 1933)

imperatrice eugenie

ontario

peregrine

cox's orange pippin

calebasse

inspecteur löhnis

oogstpruim

perkel

cwatresse double

calebasse à la reine

johanna

opal

petite mignonne

dabinet

calebasse bosc

kaaskers

palokes

pourprée hâtive

delcorf

calebasse de tirlemont

karina

pamelse datjes

précoce alexandre

dello

calebasse d'hiver

kassins frühe

pastoorspruim

précoce de hale

dijkmanszoet

callebasse d'hiver

kastanjekers

pond's seedling

précoce d'esperen (abrikoos)

dikkop

canadapeer

kelleris nr 16

précoce favourite

prune-pêche

discovery

canapinpeer

kelson

président

pucelle de malines

dolgo

catillac

kernielse zwarte

priesterkes dubbel

red top

donja

charles ernest

kleine waalse

prince englebert

redhaven

dorée de tournai

clapp's favourite

koningskers

professor collumbien

reine des vergers

douce coet ligné

clapp's favourite rood

kordia

prune abricot

remi van den brande

dr. jules gaudy

clara frijs

kortstaarten

prune d'agen

rhode islands

drentsche

colmar d'ete

krakers

prune de prince

rode muizen

dubbele speeckaert

colmar d'été

krakers bruine

prune-pêche

roter ellerstadter

dubbele zoete aagt

comte de flandre

krakers late

queen victoria

roter ingelheimer

82

NECTARINE (7m x 7m)

PERZIK (7m x 7m)


APPEL (10m x 10m)

PEER (8m x 8m)

KERS (12m x 12m)

PRUIM (7m x 7m)

duchesse d'oldenburg

comtesse de paris

krakers vroege

r.c. morros

sanguine rose ad mirable

duffelke

conference

krakers witte

reine claude

saturne

eersteling

conseiller à la cour

krakers zwarte

reine claude crottée

starcrest

elisa rathke

cooremans

lamotten

reine claude d'altan

suncrest

ellison's orange

corsoneispeer

lapins

reine claude de bavay

surprise de jodoigne

elstar

crausspeer

lievelingen

reine claude d'eculy

téton de vénus

espanjola

cuisse madam

margrieten

reine claude descardre

triomphe de saint laurent

essingh

cuisse madame

meikers

reine claude d'oullins

truinyck

esterbine

de curé

merchant

reine claude morros

vaes oogst

evac

delices de huy

merton glory

reine claude souffriau

wassemberger

eysdener klumpke

désirée cornélis

merton premier

reine claude van schouwen

waterloo

eytjes groen

diamantpeer

merton reward

reine claude verte

willermoz

eytjes rood

dikstaarten

mierlose zwarte

reine claude violette

witte montagne

fenouillet rouge

docteur jules guyot

momtmorency langsteel

royal de vilvorde

fijnsteel keiing

doyenné amelinckx

montmorency à courte queue

ruth gerstetter

framboosappel

doyenné de juillet

morelle

sainte cathérine

francatu romani

doyenné d'hiver

neskora

sanktus hubertus

franse kroon

doyenne d'hiver rouge

newstar

schudderkes

franse zure

doyenné d'hiver rouge

noordkriek

scrazinski

freiherr von berlepsch

doyenné du comice

octavia

sint katrien

frieslandse reinette

doyenné du comice rood

ossekop

stanley

gascoyne's scarlet

duchesse d'angoulême

pater van mansfeld

sultan

gauthier

durondeau

platkoppen

talvana

germaine

dyzeling

pollux

thames cross

glockenapfel

emile d'heyst

polse

tonneboer

glorie van holland

épargne

puntkers

top

gloster

eva baltet

puthers dikke

tragedie

godivert

flippen dubbel

ramon oliva

valse condukken

golden delicious

flippen enkele

regina

victoria 83

NECTARINE (7m x 7m)

PERZIK (7m x 7m)


APPEL (10m x 10m)

PEER (8m x 8m)

KERS (12m x 12m)

PRUIM (7m x 7m)

golden noble

flippen grauwe

reine hortense

vilvoordse

goldparmaine

flippen rode

rheinische schattenmorelle

violette pruim

goudreinette

flippen valse

ridders

vliermaalse pruim

goudreinette van blenheim

flippen witte

rotzakken

voyageur

graafappel

fondante de cuerne

sam

vroege tolse

gravenstein

fondante de moulins-lille

satin

warwickshire drooper

gravenstein gaustener

fondante des bois

schaarbeekse kriek

washington

gravensteiner geel

fondante thirriot

schneiders spate knorpelkirsche

wignon

gravensteiner rood

foppenpeer

semis s.z.

yacima

grenadier

forelle

sint-antoniuskers

zaailing swerts

grijze herfstreinette

franse spikkelpeer

skeena

zaailing zevergem

grijze rabauwen

ganzebekken

sommerset

zoete kwets

grijze vlaamse renet

ganzenbollen

souvenir d'antoine nomblot

grijze winterreinette

ganzenbollen (aalst-meldergem)

spijtige duivels

gris baudet

gendarmen

star

gris braibant

général leclerq

starking hardy giant

groninger kroon

général tottleben

stella

groninger pippeling

gieser wildeman

stella compact

gronsvelder klumpke

glorie van hasselt

summit

grouwijning

gracioenpeer

sumtare

halve oogstappel

grauwvellen

sunburst

hauchecorne

groene juffer

sweetheart

heikoekappel

grosse louise

sylvia

hoge schaapneus

gulden knoppen

tardive de putte

hollands glorie

haveroogstpeer

tempurii

hondekop

herenpeer

timpurii

honingzoet

herselosse

tôt et tard

idared

honingpeer

troswalse

impérial

honingpeer (hoenderingen)

udense spaanse 84

NECTARINE (7m x 7m)

PERZIK (7m x 7m)


APPEL (10m x 10m)

PEER (8m x 8m)

KERS (12m x 12m)

ingrid marie

houtpeer

varikse zwarte

jacob fischer

hughe's victoria

viola

jacques lebel

ijsbout

vittoria

james grieve

jeanne d'arc

vleeskers

james grieve rode

jefkespeer

vroege van gelmen

jan steen

jodenpeer

vroege van werder

jonagold

joséphine de malines

vroegste der markt

jonagored

jules d'airolles

waterkriek

jonared

jut

wijnkers

jonathan

kaneelpeer

wimmertingse bigareau

jonathan rood

kerkhofpeer

witbuiken

joorecies

kleipeer

witte van alken

joseph musch

klispeer

zwarte zittaert

kalvijn

klomppeer

kaneelappel

klotjespeer

kanting

knotspeer

kaprijkse bellefleur

koningspeer

karmijn de sonnaville

koolstok

kasteelappel

korsoneipeer

kasteleyn

kortbijter

kattekop

korte stelen

keiing groene

kraaipeer

keiing rode

kraaipeer (sleidinge-waarschoot)

keizer alexander

kraanpeer

keuleman

krauspeer

keuleman dubbel

kriekpeer

keuleman rood

kriekpeer bruine

kiliaan

kriekpeer dubbele

king russet

kriekpeer groene

PRUIM (7m x 7m)

85

NECTARINE (7m x 7m)

PERZIK (7m x 7m)


APPEL (10m x 10m)

PEER (8m x 8m)

koekappel

kriekpeer witte

kortbijter

kriekpeer zepperse

kruisappel

krijgse

la paix

kruidenierspeer

landsberger reinette

kweepeer (alle rassen)

lange tootappel

lange stelen

late rode

le lectier

laxton's superb

légipont

lemoenappel

louise bonne d'avranche

lemon pippin

maagdenpeer

lombartscalville

maaspeer

london pippin

maaspeer (crijfse, krijgse)

lord lambourne

madame bonnefond

luitenant generaal biebuyck

madame fravre

luntersche present

madame verté

lunterse pippeling

mahieupeer

madame delvoi

maidenpeer

madame macors

marguérite marillat

marbrée de hert

marie louise

marbrée de watervliet

marie louise duquesne

margrater reinette

meelpeer

marie doudou

michielspeer

marie joseph d'othée

minister dr. lucius

marseigna

munsterbirne

mavac

muurpeer

meekersappel

nec plus meuris

meersman

noordhollandse suikerpeer

melkappel

notaire lepin

melrose

nouveau poiteau

KERS (12m x 12m)

PRUIM (7m x 7m)

86

NECTARINE (7m x 7m)

PERZIK (7m x 7m)


APPEL (10m x 10m)

PEER (8m x 8m)

mere de menage

nouvelle fulvie

mère de ménage

olivier de serres

mutsu

o.l.v.-peer

normandie blanc

oogstpeer

notarisappel

oranjepeer

notarisappel rode

panachée

ontario

passe colmar

oogstappel

passe crassane

oost sterrebintjes

pastorale

oranje reinette

paterspeer

oranjezoet

peer thijssen

orleans reinette

pépin de bovelingen

otava

pirus

oude wijven

pistoolpeer

panappel

plovine

paradijsappel

poire à cote d'or

pareining

poire de pâques

pastoorappel

poire de spy

pater van den elsen

pompeer

peasgood non such

pondspeer

peerappel

potesoyen

peet baron

précoce de trévoux

peperappel

président drouard

pepin d'or

proosten vroege

perzikrode zomerappel

prosten

pinova

putpeer

pladei

ratioenen

pomme d'api

rijnpeer

pomme d'api étoilée

rode anjou

KERS (12m x 12m)

PRUIM (7m x 7m)

87

NECTARINE (7m x 7m)

PERZIK (7m x 7m)


APPEL (10m x 10m)

PEER (8m x 8m)

pomme de rose

roem van althena

pomme de rosea

roosjespeer

pomme d'or

saint mathieu

pomme du verger

saint remy

pomme duchêne

schoenmakerspeer

pomme framboise

seigneur esperen

pomme henri

sint michielspeer

pomme jerusalem

sleidingse keizerin

pomme victor

sletzing

pommische (dubbele)

smetspeer

pommische (enkele)

smoutpeer

pondappel

soldat laboureur

poorting

souvenir de jules guindon

posson

souvenir du congres

posson gaillard

spikkelpeer (franse)

posson groene

spineelpeer

posson rode

steenpeer

précoce de wirwignes

st-germain d'hiver

present van engeland

st-nicolaaspeer

present van holland

stoofpeer

président defays-dumonceau

straatpeer

président gaudy

straatpeer (limburg)

president roulin

suikerpeer (sleidinge-waarschoot)

president van dievoet

supertrévoux

priam

suzette de bavay

princesse noble

tafelpeer (limb)

purpurroter cousinot

tesselaar

queen cox

tonpeertje

rabaen

triomphe de jodoigne

KERS (12m x 12m)

PRUIM (7m x 7m)

88

NECTARINE (7m x 7m)

PERZIK (7m x 7m)


APPEL (10m x 10m)

PEER (8m x 8m)

rabau

triomphe de vienne

radoux

trosjespeer

rambo

urbanist

rambour d'automne

valse clapp's

rambour d'été

valse flip

rambour d'hiver

valse triomphe de jodoigne

rambour mortier

van marum

rambour papeleu

vauquelin

rammelaar

vereertbrugghen

rayka

vijgepeer

reine des reinettes

waassche langsteel

reine des reinettes - rood

waterzakken late

reinette

waterzakken vroege

reinette à la reine

williams' bon chretien

reinette bakker parmentier

williams' bon chretien - rood

reinette baumann

williams' duchess

reinette blanche

winterkeizerin

reinette burchardt

winternelis

reinette clochard

winterrietpeer

reinette coulon

witte kozijn

reinette d'angleterre

witteken

reinette d'armorique

zandsmoutpeer

reinette de blenheim

zepperse keizerin

reinette de bristol

zoete brederode

reinette de caux

zoeteman

reinette de champagne

zomerkeizerin (witte)

reinette de chênée

zomerrietpeer

reinette de france

zwijndrechtse wijnpeer

KERS (12m x 12m)

PRUIM (7m x 7m)

reinette de france - rode 89

NECTARINE (7m x 7m)

PERZIK (7m x 7m)


APPEL (10m x 10m)

PEER (8m x 8m)

KERS (12m x 12m)

PRUIM (7m x 7m)

reinette de fugélan reinette de furnes reinette de geer reinette de limbourg reinette de pitteurs reinette de wattripont reinette de zandvliet reinette delporte reinette des flandres reinette descardre reinette d'espagne reinette dewaleffe reinette dorée reinette d'orléans reinette du canada reinette du canada blanche reinette du canada grise reinette evagil reinette grise reinette grise de furnes reinette grise de saintogne reinette hermans reinette hernaut reinette lecrenier reinette parmentier reinette parmentier x cox reinette sans pareille reinette van ekenstein reinette von zuccalmaglio 90

NECTARINE (7m x 7m)

PERZIK (7m x 7m)


APPEL (10m x 10m)

PEER (8m x 8m)

KERS (12m x 12m)

PRUIM (7m x 7m)

reinette vurenveld remo renora rewena rode bonheider rode boskoop rode koolappel rode tulpappel rode walschaert roem van noorderloos roem van vlaanderen roquet de bretagne roter berlepsch roter eisenapfel roter eiserapfel royen rozenblaadje rubensappel rubinola ruisschaard santana schaapneus schellinkhout schimmerts rozeblaadje schone van boskoop schöner van nordhausen septemberrood sevenummer striepke severin's striepke 91

NECTARINE (7m x 7m)

PERZIK (7m x 7m)


APPEL (10m x 10m)

PEER (8m x 8m)

KERS (12m x 12m)

PRUIM (7m x 7m)

seylena siberische glasappel signe tillisch sint bernardappel sletsing smeedsappel snelappel speeckaert spyon stark's earliest sterappel sterappel (dubbele) streepappel streepjesappel strepeling striepke stropneuzen suntan superman superman rood tarweappel the queen topaz tradika transparante blanche transparante jaune transparente de croncels trezeke meyers tydemans early worchester 92

NECTARINE (7m x 7m)

PERZIK (7m x 7m)


APPEL (10m x 10m)

PEER (8m x 8m)

KERS (12m x 12m)

PRUIM (7m x 7m)

van doveren's reinette verdin d'automne veurenaar veurnse reinet vlaamsche schijveling vondeling lovendegem walschaert rode walschaert witte warner's king weldragende wijdogen wijning rode wijning winter wijning witte wijning zomer winston winston rood winterbanana wintercitroenen zabergau reinette zagerijappel zigeunerin zijden hemdje zilverling zoete appel zoete bellefleur zoete bloemee zoete champagner zoete compet 93

NECTARINE (7m x 7m)

PERZIK (7m x 7m)


APPEL (10m x 10m)

PEER (8m x 8m)

KERS (12m x 12m)

PRUIM (7m x 7m)

zoete ermgaard zoete grauwe reinette zoete kroon zoete pippeling zoete rode ossekop zoete roemeling zoete van brabant zoete veen zoete winterparadijs zoeting zomercitroenen zure kannetje zure paradijs

94

NECTARINE (7m x 7m)

PERZIK (7m x 7m)


VLM2INTRANET-1299858237-97

www.vlm.be


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Catalogus agromilieu-en klimaatsteun.pdf by Vlaanderen-be - Issuu