Skip to main content

MOB_221_sept_2021.pdf

Page 1

Mobiliteitsbrief voor een duurzaam lokaal mobiliteitsbeleid

nr 221 · september 2021

verschijnt maandelijks behalve in juli en augustus P 309279 Afgiftekantoor Gent

STEFAAN DEWICKERE - VSV

Mobiliteitsambtenaren We nemen de job van mobiliteits­ ambtenaar onder de loep. Hoe is deze job geëvolueerd? En hoe vullen mobiliteitsambtenaren hun taken in? Hoe blijf je up-to-date en waar kan je als mobiliteitsambtenaar terecht voor opleidingen, input en tips?

interview

‘Mobiliteitsambtenaren hebben brede expertise nodig’ Welke rol heeft een mobiliteitsambtenaar? “Een mobiliteitsambtenaar heeft een divers takenpakket. Hij of zij is niet alleen bezig met de dagelijkse lokale mobiliteitsproblemen, maar doet ook beleidsondersteunend werk voor de burgemeester en schepenen. Na een beleidsmatige beslissing is het vaak de mobili­ teitsambtenaar die de maatregel dan praktisch uitwerkt. De invulling van de job verschilt in elk lokaal bestuur. In sommige gemeenten zijn meerdere mensen bezig met mobiliteit. Die kunnen zich dan specialiseren in deeldomeinen waardoor interne expertise ontstaat. In andere gemeenten is de mobiliteitsambtenaar ook bevoegd voor andere domeinen als milieu of ruimtelijke ordening. Dat heeft het voordeel dat hij of zij automatisch vanuit verschillende brillen naar mobiliteitsproblemen kijkt.” Welke evoluties merk je in de job? “De job van mobiliteitsambtenaar wordt steeds veelzijdiger. Er zijn nog altijd de traditi­ onele thema’s zoals trage wegen en verkeers­ veiligheid, maar er zijn ook actuele thema’s die snel evolueren, zoals fietsbeleid, deelmobiliteit en elektrische mobiliteit. Daarnaast heeft de reorganisatie van het openbaar vervoer sowie­ so een impact en is de mobiliteitsambtenaar

ook betrokken bij het globaal regionaal mobi­ liteitsplan via de vervoerregioraad. Naast de expertise in het eigen domein ‘mobiliteit’ zijn er ook steeds vaker raakvlakken met aanver­ wante beleidsdomeinen als ruimtelijke orde­ ning en klimaat. Dat alles samen maakt dat mobiliteitsambtenaren vaak van vele markten moeten thuis zijn en heel wat werk op de plank hebben. Er is dan ook veel vraag naar extra mobiliteitsdeskundigen. Het is zelfs een knelpuntberoep. Al zijn er vandaag al merk­ baar meer mobiliteitsambtenaren dan pakweg 10 jaar geleden.” Welke ondersteuning geeft VVSG aan mobiliteitsambtenaren? “De gemeenten kunnen bij ons terecht met hun vragen over regelgeving of beleidsinitia­ tieven. Daarnaast organiseren we driemaande­ lijks het ‘netwerk mobiliteitsambtenaren’. Dat zijn samenkomsten waar mobiliteitsambtena­ ren elkaar vragen kunnen stellen en overleg­ gen. Sinds de coronapandemie organiseren we die meetings digitaal. Tegenwoordig zijn er zo’n 80 deelnemers per sessie. Als we over bepaalde onderwerpen veel vragen krijgen, stellen we die informatie ook beschikbaar op onze website (enkel toegankelijk voor leden)

VVSG

“Mobiliteit evolueert razendsnel en heeft ook steeds meer raakvlakken met andere domeinen”, zegt Erwin Debruyne van de Vereniging van Vlaamse steden en gemeenten (VVSG). “De job van mobiliteitsambtenaar wordt in elke stad en gemeente anders ingevuld, maar in het algemeen is het takenpakket heel gevarieerd, met een combinatie van theorie én praktijk.”

Erwin Debruyne, stafmedewerker Mobiliteit en Wegenbeheer VVSG: “Aarzel niet om raad te vragen aan VVSG of aan je collega’s.”

of organiseren we een thematische infosessie. Dat gebeurde bijvoorbeeld al voor parkeren en voor de taxireglementering. Indien nodig koppelen we ook terug naar de hogere over­ heden.” Heb je nog tips? “Voor beginnende mobiliteitsambtenaren lijkt het me noodzakelijk om achtergrond­kennis op te bouwen via opleidingen. Maar ook voor geroutineerde mobiliteitsambtenaren is het belangrijk om de actualiteit te volgen en infosessies bij te wonen, ondanks hun drukke agenda. Verder is samenwerken met aanverwante beleidsdomeinen vandaag van essentieel belang. Een geïntegreerd project is altijd een beter project. Tot slot kan je veel tijd en problemen besparen door te leren van je collega’s. Je hoeft niet steeds opnieuw het warm water uit te vinden. Onder meer via het ‘netwerk mobiliteitsambtenaren’ of bij VVSG vind je praktische input en tips.”

Meer info Surf naar www.vvsg.be/omgeving/mobiliteit of mail naar Erwin.Debruyne@VVSG.be


Wat vinden mobiliteits­ ambtenaren interessant aan hun job? Welke evoluties merken ze op en welke tips geven ze graag mee aan hun collega’s? De redactie van Mobiliteitsbrief stelde deze en andere vragen aan vijf mobiliteitsambtenaren, een uit elke provincie. Wat vind je (minder) leuk aan je job?

Waar ben je fier op?

Wat is de grootste uitdaging in je job?

Hoe zie je je job evolueren?

Heb je tips voor je collega’s?

Als je carte blanche krijgt, wat wil je dan graag verwezenlijken?

Vijf mobiliteitsambtenaren  Lucy Simon

Stijn Piette

■ Gooik (9.000 inwoners) ■ Vooropleiding:

■ Genk (66.000 inwoners) ■ Vooropleiding:

Gegradueerde in Landbouw en Biotechnologie ■ Bevoegd voor: duurzaamheid en mobiliteit ■ Sinds 2008

Bewegingswetenschappen

■ Bevoegd voor: mobiliteit ■ Sinds 2020

“Ik vind het leuk dat de job zo afwisselend is, en dat je zowel met burgers als met professionals in contact komt. Het wetgevende aspect en de vernieuwende evoluties in de mobiliteitssector boeien mij ook erg. De werkdruk wordt wel steeds groter.”

“De maatschappelijke relevantie van deze job was een van de redenen waarom ik er bewust voor gekozen heb. Ik krijg nu de kans om mee na te denken over hoe we de kwaliteit van de samenleving kunnen verbeteren. En dat doet mobiliteit, want daar heeft iedereen elke dag mee te maken.”

“Dat ik via mijn job kan meewerken aan een leefbare omgeving. De thema’s mobiliteit en duurzaamheid lenen zich daar uitstekend toe. Ons fietsbeleidsplan is bijvoorbeeld een concrete realisatie die daar duidelijk toe bijdraagt.”

“Ik kan nu actief meewerken aan de modal shift. Dat past perfect in mijn persoonlijke overtuiging dat we ons anders moeten voortbewegen. Dat we zo een deeltje van de klimaatproblematiek aanpakken, geeft mij veel voldoening.”

“De grootste uitdaging vind ik de verkeersveiligheid voor iedere weggebruiker. Elke mobiliteitsgebruiker bekijkt de openbare ruimte vanuit zijn eigen bril en verwacht dat we daaraan tegemoetkomen. Maar voetgangers, fietsers, landbouwers, autobestuurders en andere mobiliteitsgebruikers hebben allemaal andere wensen en de ruimte is nu eenmaal beperkt.”

“Ik merk dat veel mensen, zowel burgers als beleid, nog gevangen zitten in het ‘voorruitper­ spectief’ waarbij we vanuit de auto denken. Het is moeilijk om dat gedrag te veranderen en het vraagt veel tijd en inspanningen. Daarnaast merk ik ook dat we als kleine centrumstad heel veel werk op de plank hebben liggen om alle doelstel­ lingen waar te maken.”

“Toen ik begon als mobiliteitsambtenaar bestond het woord ‘mobiliteit’ eigenlijk niet. De term mobiliteit zat verweven in openbare werken/ wegenwerken. Doorheen de jaren is er steeds meer aandacht gekomen voor het beleidsmatige aspect van mobiliteit. Er wordt nu veel meer nagedacht over hoe we de weg willen indelen en gebruiken. Burgers zijn ook veel meer betrokken dan vroeger. Op administratief vlak is er bovendien een duidelijke evolutie van papier naar het gebruik van databanken.”

“Ik hoop op een snelle evolutie naar duurzamere mobiliteit. Als die ‘grote verandering’ eenmaal een feit is, kunnen we in de diepte verder wer­ ken en de modal shift verder gaan verfijnen.”

“Voldoende capaciteit op de dienst is belangrijk, zodat je alle evoluties mee kan opvolgen. Zowel inhoudelijk – door opleidingen en infosessies te volgen – als administratief.”

“Blijf het ideaalbeeld nastreven. Blijf ook radicaal genoeg zonder extreem te worden. En vooral: blijf jezelf inspireren. In Vlaanderen en ook in Nederland zijn er veel inspirerende mensen in deze sector die een zeer duidelijke en onderbouwde visie hebben van waar we met onze mobiliteit heen moeten. Ik haal daar zelf heel veel inspiratie en motivatie uit.”

“Ik zou een mobiliteitssysteem willen uitvinden waar iedere gebruiker zich in kan vinden. Als je iedereen tevreden kan stellen, zullen er ook maar weinig mensen klagen. Maar voorlopig is dat nog een utopie, vrees ik.”

“Ik zou van de woonstraten opnieuw echte woonstraten willen maken in de letterlijke zin van het woord. Kinderen zouden er zorgeloos op straat kunnen spelen en mensen zouden er elkaar kunnen ontmoeten. In de ideale woon­ straat zijn zachte weggebruikers de norm en is de auto ondergeschikt.”


over hun job, hun motivatie en hun ambities Werner Torfs

Arnout Laureys

Griet Maenhout

■ Kalmthout

■ De Pinte (11.000 inwoners) ■ Vooropleiding: Sociaal-

■ Koksijde

(19.000 inwoners) ■ Vooropleiding: Tuin- en landschapsarchitectuur, opleiding Verkeerskunde ■ Bevoegd voor: mobiliteit ■ Sinds 2003

economische geograaf ■ Bevoegd voor: openbare infrastructuur (wegen, riolering…), patrimonium, groen en mobiliteit ■ Sinds 2018

(22.000 inwoners)

■ Vooropleiding:

industrieel ingenieur optie landbouw- en voedingstechnologieën, opleiding Verkeerskunde ■ Bevoegd voor: mobiliteit ■ Sinds 2014

“Vooral de variatie van het werk vind ik leuk en het feit dat je voortdurend op zoek moet gaan naar oplossingen voor problemen als sluipverkeer, te hoge snelheid, conflicten tussen fietsers, voetgangers en gemotoriseerd verkeer, ... Minder leuk is de trage uit­ voering van projecten en de lange looptijd van fiets­ padendossiers langs gewestwegen. Vaak is er ook te veel administratief werk waardoor het beleidswerk blijft liggen.”

“Mobiliteit is een actueel thema. Het heeft veel raakvlakken met ‘hot topics’ zoals de klimaatopwarming, onze ecologische voetafdruk, bestrijding van armoede, gezondheid, (verkeers) leefbaarheid van buurten, … Het is boeiend om al deze maatschappelijke puzzelstukken naast elkaar te leggen en op zoek te gaan naar oplossingen voor zo veel mogelijk problemen.”

“In deze job is er veel afwisseling. Er komt administratie aan te pas, maar ook veel overleg en plaatsbezoeken. Voor mij is dat een groot pluspunt. Minder leuk is dat je onmogelijk voor alle problemen een pasklare oplossing kunt vinden. Jammer is ook dat je besliste maatregelen niet altijd meteen kunt implementeren.”

“We hebben in Kalmthout al veel verwezenlijkt op het vlak van fietsbeleid. Zo waren we voortrekker van een fietsostrade langs de spoorlijn. Kalmthout heeft ook al vier fietsstraten. We werken nu aan een grote zone 30 in de woonkern.”

“Op gemeentelijk niveau is het moeilijk om een grote impact te hebben op de modal shift. Via de vervoerregio’s worden gemeentelijke ambtenaren nu ook op een hoger niveau betrokken. Het is leuk om zo te kunnen bijdragen aan deze langetermijnvisie.”

“Vorig jaar werden we genomineerd voor fietsgemeente 2020. De voorbije jaren bouwden we ook een fietsdeelsysteem uit, samen met Veurne en De Panne. Jaarlijks organiseer ik mee de dag van de mobiliteit, daar haal ik telkens veel voldoening uit.”

“De mobiliteitsoplossingen laten matchen met de politieke gevoeligheden blijft vaak een uitdaging. Samenwerken en tot een gezamenlijke en maat­ schappelijk gedragen oplossing komen schept wel veel voldoening.”

“Er zijn 6,5 miljoen Vlamingen en dus 6,5 mobiliteits­ deskundigen in Vlaanderen. Iedereen denkt een mobiliteitsexpert te zijn, maar concentreert zich meestal op de eigen woning, straat of omgeving. Maar mobiliteit is veel breder en doorkruist verschillende thema’s die tegenover elkaar afgewogen moeten worden. Deze kunnen aanpassingen van de mensen vragen die men als hinderlijk ervaart, maar nodig zijn voor een duurzamere mobiliteit. De mensen daarvan overtuigen is volgens mij de grootste uitdaging van elke mobiliteitsambtenaar.”

“Mobiliteit is geen exacte wetenschap en kan je niet zwart-wit bekijken. Er zijn altijd meerdere factoren waarmee je rekening moet houden. Op het terrein is het faciliteren van elektrisch rijden een uitdaging voor de nabije toekomst. Daarnaast is het vaak niet eenvoudig om met verschillende overheidsdiensten tot een consensus te komen.”

“Mensen worden steeds kritischer en mondiger. Er komen steeds meer klachten. Positief daarin is de betrokkenheid en de wil om samen te werken aan een comfortabele infrastructuur en een goede mobiliteit. De maatschappij staat nu meer open voor een gebiedsgerichte aanpak van snelheid en het probleem van ongewenst doorgaand verkeer. Het leefbaarder maken van woonwijken wordt ook veel hoger op de agenda geplaatst, waardoor je gerichter kan sturen.”

“Ik merk dat hoe langer je in een gemeente werkt, hoe meer inzicht je krijgt in mobiliteitskwesties. Zo heb ik meegewerkt aan ons mobiliteitsplan dat in juni 2018 is goedgekeurd. Ondertussen ken ik De Pinte en haar mobiliteitsproblemen beter, waardoor ik nieuwe ideeën heb om de mobiliteit te verbeteren. Ik kijk daarom ambitieus naar de toekomst. Ik ben er bijvoorbeeld van overtuigd dat ik het college steeds grondiger zal kunnen informeren met duidelijke argumenten voor bepaalde keuzes.”

“Vroeger was mobiliteit vooral gericht op het autoverkeer. Nu focust men steeds meer op de fietser, de voetganger en andere vervoersmiddelen. De burger wil ook meer betrokken worden bij het mobiliteitsbeleid van de stad.”

“Het is belangrijk om te beseffen dat je als ambtenaar het beleid mee kan bepalen, maar dat uiteindelijk de politiek beslist. Dat moet je kunnen aanvaarden.”

“We moeten niet allemaal het warm water opnieuw uitvinden. Ik vind het daarom belangrijk om regelmatig over de gemeentegrenzen te kijken en contacten te leggen met de collega’s van de buurgemeenten. De ini­ tiatieven van de VVSG en Veneco om mobiliteitsamb­ tenaren samen rond tafel te zetten, zijn bijvoorbeeld een echte meerwaarde. Je krijgt de kans om eens met collega’s van gedachten te wisselen. Een aanrader!”

“Als je aan iets twijfelt, overleg dan altijd met je collega’s.”

“Ik wil in onze gemeente graag het dorpsgevoel en het landelijk karakter behouden en zelfs versterken. De mix van een goede, hertekende ruimtelijke ordening en een goed uitgewerkt fiets- en voetgangersnetwerk kunnen daar een grote rol in spelen. Ik denk aan leuke doorsteekjes, zoals smalle zandpadjes tussen tuinen en velden, maar evengoed aan comfortabele en brede fietssnelwegen om de langere afstanden te overbrug­ gen. Daarom zou ik een comfortabel fietspad leggen langs alle gewestwegen in Kalmthout.”

“Ik ben voorstander van rekeningrijden. Dat zou er vol­ gens mij voor zorgen dat de vervuiler effectief betaalt en dat het duurder wordt om tijdens spitsuren met de wagen te rijden. Ongeacht het brandstoftype van het voertuig zou dit een positieve impact hebben op het ‘gratis’ rondrijden met bedrijfswagens, de filevorming, het afleggen van korte afstanden met de wagen, … Uiteraard moeten er dan enkele randvoorwaarden vervuld worden, zoals sociale correcties en een sterk openbaarvervoersnet.”

“Ik zou enkele grote randparkings aanleggen, waardoor er minder verkeer is in het centrum. En ik zou een fiets­verbinding langs het strand en de duinen aanleggen, zoals in Nederland. Om kruisingen voor fietsers veiliger te maken, zou ik over of onder drukke assen fietstunnels of fietsbruggen voorzien.”


Blijf bij met cursussen en opleidingen Mobiliteitsbeleid is voortdurend in beweging. Verschillende opleidingsinstellingen bieden dan ook opleidingen aan waar je als mobiliteitsambtenaar je kennis kan aanscherpen en actualiseren. Mobiliteitsacademie

mobiliteitsnieuws

Bij de VSV (Vlaamse Stichting Verkeerskunde) kan je terecht voor allerlei opleidingen op maat van mobiliteitsprofessionals. Het hele jaar door organiseert de VSV onder de noemer van de Mobiliteitsacademie opleidingen, webinars en congressen over verkeersveiligheid en duur­ zame mobiliteit. Wil je je verder specialiseren in de verkeerswereld of wil je je basiskennis verruimen? Dan vind je in de kalender van de Mobiliteitsacademie zeker een opleiding op maat. Er zijn eendaagse en meerdaagse

opleidingen. Een steeds terugkerende klassie­ ker is bijvoorbeeld de reeks ‘De basisprincipes van de verkeerskunde’. Die geeft een inleiding in de verkeerskunde in 8 lessen van 3 uren. Op www.lokalemobiliteit.be/werknemers/ mobiliteitsacademie vind je meer info over de Mobiliteitsacademie.

Graduaatsopleiding Verkeerskunde Voor een graduaatsopleiding verkeerskunde kan je terecht bij PXL Hasselt en VIVES Kortrijk. Deze hogescholen bieden een aanvullende opleiding

Verkiezing Fietsgemeente/-stad 2022 start

De VSV (Vlaamse Stichting Verkeerskunde) gaat, in samenwerking met de Fietsersbond en het Departement Mobiliteit en Openbare Werken, voor de tweede keer via een publieksbevraging na in welke gemeenten het aangenaam fietsen is. Het grote publiek kan de enquête invullen tussen 20 september en 31 oktober 2021. Gemeenten moeten minstens 50 enquêtes binnenhalen (of 1 % van het aantal inwoners). Je kunt je inwoners stimuleren om de enquête in te vullen met kant-en-klaar campagnemateriaal op www.fietsgemeente.be.

 Meer info op https://www.fietsgemeente.be/

Vlaamse Regering keurt Mobiliteitsvisie 2040 definitief goed

De Vlaamse Regering heeft op 9 juli de Vlaamse Mobiliteitsvisie 2040 defi­ nitief goedgekeurd. Deze strategische visietekst is een blik op de toekomst en zal dienen als open, inspirerend en adaptief kader voor onze mobili­ teitsbeslissingen vandaag en de komende 20 jaar: Vlaams, op niveau van de vervoerregio’s én lokaal. De Mobiliteitsvisie 2040 zal in werking treden op 1 oktober 2021. Op 4 juni had de Vlaamse Regering de Mobiliteitsvisie 2040 al principieel goedgekeurd. Daarna is de visie voor advies overge­ maakt aan de MORA, de federale overheid, het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en het Waals Gewest. Op basis van hun advies waren er geen aan­ passingen aan de visietekst nodig.

 Meer info vind je:

• In het juninummer van de Mobiliteitsbrief: https://tinyurl.com/mobiliteitsbrief. • Op de website: https://tinyurl.com/Mobiliteitsvisie2040. • Op het burgerplatform: https://mobiliteitsvisie2040.vlaanderen.be.

Projectoproep Infopunt Publieke Ruimte 2022

Ben je als gemeentebestuur, opdrachtgever, ontwerper of aannemer betrokken bij de totstandkoming van een project in de openbare ruimte? Stel je realisatie kandidaat voor publicatie in het praktijkboek Publieke Ruimte 2022 en maak kans op de gelijknamige onderscheiding. Je kunt projecten indienen tot 30 september 2021. Alleen opgeleverde projecten die gereali­ seerd zijn in België na 1 januari 2017 komen in aan­ merking.

 Alle info en voorwaarden vind je op

www.publiekeruimte.info/projectoproep-2022

aan van meerdere jaren die je kan combineren met je job. Kijk voor meer info op www.pxl.be of www.vives.be.

Thematische sessies Verder zijn er ook thematische congressen en informatiesessies van allerlei andere instanties die inspiratie kunnen geven voor je gemeen­ telijk mobiliteitsbeleid. In de agenda van deze Mobiliteitsbrief en op www.mobielvlaanderen. be/overheden verzamelen we voor jou maande­ lijks een greep uit het aanbod.

Doe mee met de Business Mobility Awards

Heeft jouw organisatie een duurzaam en veilig mobiliteitsbeleid? Of ontwik­ kelde je bedrijf een slimme mobili­ teitstechnologie? Dan verdien je een Business Mobility Award. De awards worden uitgereikt door de VSV, Agoria, Prebes en de Vlaamse overheid op 22 november tijdens een boeiende netwerkmeeting bij KPMG Zaventem. Profit, non-profit, groot of klein, alle organisaties maken kans binnen ver­ schillende categorieën. En of je nu wint of niet, dit is het moment om je inspanningen aan de buitenwereld te tonen.

 Wil je een voorstel indienen? Dat gaat gemakkelijk en snel via

www.businessmobilityawards.be (deadline: 10 oktober). Veel succes!

Agenda

Deze data zijn afhankelijk van de coronamaatregelen. Check online voor de laatste stand van zaken.

september 13  Basisprincipes verkeerskunde (start reeks 5 - online) 16  Opfrissing van de wegcode 16  Inspiratiedag steden en gemeenten 16 - 22  Week van de Mobiliteit 20  Start verkiezing Fietsgemeente/-stad 23  ITS-congres

oktober 5  Studiebezoek kindvriendelijke publieke ruimte Gent 7  Studiedag Ontwerp ruimte voor de fiets 14, 21, 28  Opstellen advies wegenwerken 16 -17  Dag van de Trage Weg 19  Inspiratiedag ‘Een speelplaats met toekomst’ 22  Dag van de mobiliteitsprofessional 26  Basisprincipes verkeerskunde (herfst)

november 8 en 29  Minder borden, meer verkeersveiligheid 9  Verkeerstekens en signalisatieplannen 25  Opfrissing van de wegcode

 Zie ook de agenda op www.mobielvlaanderen.be/overheden.

Mobiliteitsbrief is er ook als e-zine. Abonnees op het e-zine krijgen de Mobiliteitsbrief digitaal in hun persoonlijke mailbox. Je kunt voor de papieren en/of digitale versie gratis in- en uitschrijven via www.mobielvlaanderen.be/overheden/mobbrief-inschrijving.php. Op deze website vind je ook alle Mobiliteitsbrieven terug en meer informatie over het lokaal mobiliteitsbeleid. Voor suggesties en vragen over deze publicatie of je abonnement kun je mailen naar info@mobiliteitsbrief.be. Voor meer informatie over privacy verwijzen wij naar de privacy policy van de Vlaamse overheid: https://departement-mow.vlaanderen.be/nl/privacyverklaring Mobiliteitsbrief biedt lokale overheden informatie over hoe een duurzaam lokaal mobiliteitsbeleid uitgewerkt kan worden in samenwerking met andere partners en overheden. Alle Vlaamse burgemeesters, schepenen voor mobiliteit, mobiliteitsambtenaren en andere geïnteresseerde mobiliteitsprofessionals krijgen een exemplaar. Redactie en vormgeving: Wolters Kluwer. Redactieadres: info@mobiliteitsbrief.be. Redactieraad: Vertegenwoordigers van het Departement Mobiliteit en Openbare Werken, het kabinet van de Vlaamse minister bevoegd voor Mobiliteit en Openbare Werken, het Agentschap Wegen en Verkeer, De Lijn, Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten, Vlaamse Stichting Verkeerskunde, Vias Institute. Verantwoordelijke uitgever: Filip Boelaert, Departement Mobiliteit en Openbare Werken (MOW), Koning Albert II-laan 20 bus 2, 1000 Brussel. © 2021 Vlaamse overheid – Departement Mobiliteit en Openbare Werken.


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook