Skip to main content

Natuurinrichting_Dijlevallei_infokrant_3.pdf

Page 1

juni 2006

d e

p r o c e d u r e

onderzoek naar de haalbaarheid natuurinrichtingsproject

P r o j

e c t

Vlaamse minister bevoegd voor het natuurbehoud richt een projectcomité en een projectcommissie op

de Dijlevallei

Agentschap voor Natuur en Bos stelt het projectrapport op (6 maanden) comité maakt een naamlijst van de belanghebbenden (3 maanden)

w o o r d openbaar onderzoek (30 dagen)

openbaar onderzoek (30 dagen)

s a m e n w e r k i n g Bij natuurinrichting werken verschillende instanties samen. Het Agentschap voor Natuur en Bos en de Vlaamse Landmaatschappij leveren het voorbereidende werk. Het projectcomité en de projectcommissie begeleiden de verder uitvoering van het natuurinrichtingsproject.

comité hoort belanghebbenden voor verduidelijking van bezwaren en opmerkingen bij de naamlijst van belanghebbenden

Het natuurinrichtingsproject in de Dijlevallei nadert stilaan een eerste fase van werken. Na het openbaar onderzoek in 2000 werden de opmerkingen en de bezwaren die daarbij zijn ingediend, een voor een besproken. In 2001 kreeg iedereen een tweede natuurinrichtingskrantje waarin dieper werd ingegaan op de belangrijkste knelpunten. Al wie een bezwaar had ingediend, kreeg toen ook een persoonlijk antwoord. Binnenkort volgt er een nieuw openbaar onderzoek waarin de maatregelen worden voorgesteld zoals die daarna wellicht kunnen worden uitgevoerd. Vandaar dit nieuwe informatiekrantje over het natuurinrichtingsproject.

Agentschap voor Natuur en Bos

o p e n b a a r

Het Agentschap voor Natuur en Bos maakt deel uit van het Ministerie van Leefmilieu, Natuur en Energie. Het Agentschap voor Natuur en Bos (ANB) is de fusie van de vroegere afdelingen Natuur en Bos & Groen van het vroegere AMINAL. Het Agentschap voor Natuur en Bos staat in voor het uitvoeren en het ondersteunen van het beleid, het duurzaam beheren en het versterken van natuur, bos, parken en openbaar groen in Vlaanderen en dit van in de stadskern tot in het buitengebied.

Vlaamse Landmaatschappij

v o o r a f

VLAAMSE LANDMAATSCHAPPIJ

UW PARTNER IN DE OPEN RUIMTE

De Vlaamse Landmaatschappij, afgekort VLM, is een Vlaamse openbare instelling met als missie ‘uw partner in de open ruimte’. De VLM bereidt de uitvoering van het natuurinrichtingsproject voor, houdt toezicht bij de werken en begeleidt de financiële afwikkeling van het project.

comité stelt lijst van belanghebbenden vast Vlaamse regering stelt de natuurinrichtingsmaatregelen en de manier om ze uit te voeren vast

comité maakt uitvoeringsplan op met raadpleging van de commissie

openbaar onderzoek (30 dagen)

advies van de commissie (binnen 3 maanden)

het projectcomité In het projectcomité zetelen vertegenwoordigers van de betrokken overheden en organisaties. Het comité adviseert de bevoegde minister over de maatregelen die het voor natuur in het gebied wil nemen. Daarnaast voert het comité het natuurinrichtingsproject ook uit.

de projectcommissie De projectcommissie geeft advies aan het projectcomité. De commissie is samengesteld uit enkele mensen die bij het project betrokken zijn (bijvoorbeeld eigenaars en gebruikers) en uit deskundigen. Het gaat telkens om personen uit het projectgebied of personen die vertrouwd zijn met dat gebied.

comité hoort belanghebbenden voor verduidelijking van bezwaren en opmerkingen

comité stelt uitvoeringsplan vast

comité laat natuurinrichtingsmaatregelen uitvoeren

comité laat een natuurinrichtingsakte opmaken

c o l o f o n

i n l i c h t i n g e n Wie meer informatie wil over het Dijlevallei-project, kan terecht bij volgende instanties: Agentschap voor Natuur en Bos 016/21.11.98 - Greet Swinnen VLM Vlaams-Brabant 016/31.17.16 - Dieter Devolder 016/31.17.03 - Luc Vander Elst (communicatieverantwoordelijke)

Deze natuurinrichtingskrant werd, met een oplage van 20.000 exemplaren, gedrukt op gerecycleerd papier. Eindredactie, grafische vormgeving en foto’s: Vlaamse Landmaatschappij, in samenwerking met het Agentschap voor Natuur en Bos, juni 2006.

o n d e r z o e k

In dit krantje krijgt u meer informatie over de stand van zaken en over wat u kunt terugvinden in het dossier van het volgende openbaar onderzoek. We willen u graag uitnodigen om het dossier bij dit openbaar onderzoek te komen inkijken, eventueel informatie te vragen en, indien nodig, tijdig en gepast te reageren. Het dossier ligt ter inzage van donderdag 1 juni tot en met vrijdag 30 juni 2006. U kunt de detailkaarten en het dossier bekijken op volgende plaatsen. - in Bertem, Huldenberg en Oud-Heverlee in het gemeentehuis, bij de milieudienst of bij de technische dienst tijdens de openingsuren - in Leuven bij de milieudienst, Aarschotsesteenweg 68, 3016 Wilsele van 9 tot 16.30 uur - bij de Vlaamse Landmaatschappij, Diestsevest 25, 3000 Leuven, alle weekdagen van 9 tot 16.30 uur. Indien u uitleg wilt, bel dan het best vooraf even voor een afspraak: 016/ 31.17.16. Meer info vindt u ook op de website van de Vlaamse Landmaatschappij, www.vlm.be. Voorts kunt u voor persoonlijke uitleg ook terecht tijdens de zitdagen in een van de vier gemeentehuizen: - Bertem (Tervuursesteenweg 178, 3060 Bertem) op maandag 12 juni van 18 tot 20 uur - Oud-Heverlee (Gemeentestraat 2, 3054 Oud-Heverlee) op dinsdag 13 juni van 18 tot 20 uur - Huldenberg (Gemeenteplein 1, 3040 Huldenberg) op woensdag 14 juni van 9.30 tot 11.30 uur - Leuven (raadzaal deelgemeentehuis Heverlee, Waversebaan 66, 3001 Heverlee) op donderdag 15 juni van 9.30 tot 11.30 uur Uw mening telt! Een openbaar onderzoek heeft weinig zin, als u niet reageert. U kunt uw eventuele opmerkingen van 1 tot en met 30 juni schriftelijk doorgeven aan het natuurinrichtingscomité Dijlevallei, VLM Vlaams-Brabant, Diestsevest 25, 3000 Leuven.

n a a r

e e n

e e r s t e

s i t u e r i n g De 883 ha van het natuurinrichtingsproject liggen ten zuiden van Leuven. Het gebied beslaat de hele Dijlevallei van de Celestijnenlaan in Heverlee tot de Neerijsebaan in Oud-Heverlee. Ook delen van Bertem en Huldenberg behoren tot het projectgebied. De spoorweg LeuvenOttignies in het oosten en de Nijvelsebaan-Wolfshagen in het westen begrenzen het gebied. Op het plateau in het oosten liggen Heverleebos en Meerdaalwoud. In het westen ligt een leemplateau met vooral akkers. Deze twee plateaus vormen een geheel met de vallei. Op het gewestplan ligt het gebied grotendeels in natuur- en reservaatgebied. Zowat 80 ha heeft een andere gewestplanbestemming, voornamelijk landschappelijk waardevol agrarisch gebied.

u i t v o e r i n g s p l a n

Op basis van de reacties op het vorige openbaar onderzoek en de besprekingen daaromtrent is een voorstel opgemaakt met mogelijke maatregelen die in het natuurinrichtingsproject kunnen worden genomen. Enige tijd later belandde dat dossier bij de minister, maar omdat er vanuit de dienst bevoegd voor financiën, enkele opmerkingen bij het dossier waren gemaakt, kon de minister toen nog geen beslissing nemen. Er volgde een opdracht om de plannen en de maatregelen in het projectgebied meer in detail uit te werken en een volgorde van belangrijkheid te bepalen. Ondertussen konden we wel beschikken over de resultaten van een ecohydrologische studie die met het oog op het natuurinrichtingsproject was uitgevoerd. Die studie onderzocht de invloed van het oppervlakte- en het grondwater op de plantengroei. De resultaten van de studie, de bestaande beheersplannen en de verplichtingen, opgelegd door de Europese vogel- en habitatrichtlijnen leidden tot het concrete en gedetailleerde plan met maatregelen. Op basis van dat gedetailleerde dossier keurde toenmalig minister Tavernier op 15 juli 2004 het besluit goed om volgende maatregelen te nemen in de Dijlevallei. - kavelruil, met inbegrip van herverkaveling - infrastructuur- en kavelwerken - aanpassing van wegen en wegenpatroon - tijdelijke beperkingen - werken aan de waterhuishouding - grondwerken - uitbouw van natuureducatieve voorzieningen

Drukwerk: drukkerij Van der Poorten, Kessel-Lo Verantwoordelijke uitgever: ir. Roland de Paepe, administrateur-generaal VLM, Gulden-Vlieslaan 72, 1060 Brussel. VLAAMSE LANDMAATSCHAPPIJ

UW PARTNER IN DE OPEN RUIMTE


Terwijl de procedures liepen om tot een eerste projectuitvoeringsplan te komen, hebben we natuurlijk niet stilgezeten. Een overzichtje van wat er ondertussen is gebeurd.

l a n d b o u w s t u d i e In 2003 werden de 41 landbouwgebruikers die ons bekend zijn in de Dijlevallei, uitvoerig bevraagd. Met die landbouweconomische studie wilden we de invloed kennen die de voorgestelde maatregelen zouden hebben op de afzonderlijke landbouwbedrijven. Er werd gepolst naar de bedrijfsvoering en de toekomstplannen van het bedrijf. Ook wilden we weten of landbouwers bereid waren om gronden te laten uitruilen of te verkopen, of ze wilden vergoed worden in bepaalde gevallen, of ze iets zagen in het kosteloos gebruik van gronden en of ze het zagen zitten om eventueel ingeschakeld te worden bij natuurbeheer, zoals graas- en maaibeheer. De belangrijkste maatregelen die binnen het project worden genomen hebben geen enkele invloed op de bedrijfsvoering voor 21 van de 41 bedrijven. De twintig overige bedrijven – in totaal gaat het over 57 ha van de 242 ha landbouwgebruik in het projectgebied – ondervinden wel invloed van de maatregelen. Voor 16 van die 20 bedrijven blijft de invloed beperkt tot laag of matig, voor drie bedrijven is de invloed matig tot hoog en één bedrijf zal in hoge mate invloed ondervinden van de voorgestelde maatregelen. Belangrijk is dat er gezocht wordt naar een volwaardig alternatief, zoals bijvoorbeeld het ter beschikking stellen van ruilgrond in landbouwgebied. Enkele landbouwers vinden het ook een realistische oplossing, als zij vergoed worden voor het gebruik van hun gronden of als hun gronden worden aangekocht, op voorwaarde dat er wordt rekening gehouden met de leefbaarheid van hun bedrijf en met hun bedrijfsvoering. Interessant is dat de natuurvisie 200 ha graslanden bevat die moeten worden begraasd. Dat biedt mogelijkheden om bij die begrazing het vee van plaatselijke landbouwers in te schakelen. Dat gebeurt trouwens nu ook al op enkele tientallen hectare in het gebied. Bij de maatregelen, die in 2007 zullen worden uitgevoerd en in dit krantje worden toegelicht, zijn geen landbouwers betrokken. De maatregelen die invloed kunnen hebben op landbouwgronden, zijn gepland in een latere fase.

e e n g e s p r e k v a n m a n t o t m a n We hebben het plan opgevat om met alle eigenaars en gebruikers individueel een kort gesprek aan te gaan over het project. Het gaat natuurlijk wel om meer dan 900 mensen. In 2004 en 2005 zijn de eigenaars van percelen in het noordelijke deel van het projectgebied en een komgrond ten zuiden van de Stationsstraat al uitgenodigd voor zo’n gesprek. In de loop van de volgende jaren zullen ook de andere belanghebbenden uitgenodigd worden. Tijdens dat gesprek wordt de visie toegelicht en de invloed daarvan op de percelen. We gaan na wat de betrokkenen nu doen met het perceel, hoe ze dat in de toekomst zien, wat ze vinden van het natuurstreefbeeld en welke mogelijke knelpunten ze zien. Er wordt gepraat over de verschillende mogelijkheden om samen tot een oplossing te komen om het project te kunnen uitvoeren: welk perceel willen ze houden of verkopen, kan een ruiling of een vergoeding een oplossing bieden bij bv. vernatting, enz. Er wordt ook getracht om een antwoord te geven op allerlei vragen waar iedereen mee zit.

w e r k e n

f a s e

1

De maatregelen die we nemen in het kader van het natuurinrichtingsproject, worden uitgevoerd in drie verschillende fases. In een eerste fase voeren we werken uit op gronden die momenteel eigendom zijn van onder andere de overheid, de plaatselijke natuurvereniging en enkele andere partners. In een tweede fase richten we dan de hoeve Hinnemeure in als beheersgebouw voor het gebied. De derde fase bevat tot slot alle resterende maatregelen Vooraleer die maatregelen effectief op terrein kunnen worden uitgevoerd, moet er een projectuitvoeringsplan gemaakt worden. Zo’n projectuitvoeringsplan of PUP bevat gedetailleerde technische plannen die nodig zijn om de vereiste vergunningen aan te vragen en de werken op het terrein uit te voeren. De technische plannen die onder andere het voorwerp zijn van het openbaar onderzoek, worden in principe uitgevoerd in 2007. Het gaat om werken zoals de kapping en de ontstronking van bomen, de plaatsing van een vogelkijkhut of veerasters, enz. Alle maatregelen vindt u terug op het kaartje hieronder. De meeste maatregelen spreken voor zich, maar aan de hand van enkele voorbeelden krijgt u zeker een beter idee over de geplande werken.

Veiliger en makkelijker wandelen Sommige wegen worden als toegangsweg gebruikt door zowel beheerders als recreanten, maar de wegen zijn soms in erg slechte staat. Ze worden nu hersteld. We verbeteren in totaal zowat 3,75 km bekende en vaak gebruikte wandelwegen in de Doode Bemde. Op verscheidene plaatsen zijn ze stukgereden en daardoor nog maar moeilijk bruikbaar voor wandelaars en fietsers. De herstelling van die paden kan nu definitief, want op de meeste plaatsen komen er nu geen voertuigen meer. Waar in het ‘nat seizoen’ wel nog gemotoriseerd verkeer rijdt, komt een stevigere verharding met grind. Ook de parking aan de Reigerstraat wordt hersteld.

Nieuwe bomen Onder andere in Korbeek-Dijle worden er enkele ha hoogstamboomgaard met oude rassen van fruitbomen aangeplant.

Voor een beter natuurbeheer Percelen grasland of rietland die lange tijd niet beheerd zijn, kunnen nu niet zomaar weer gemaaid worden. Vaak moeten er eerst jonge bomen weggehaald worden en moeten hun stronken worden verwijderd, vooraleer het perceel opnieuw kan worden gemaaid en beheerd met het oog op een rijkere natuur. In moerasgebied wordt een dikke laag afgestorven plantendelen verwijderd om het riet weer vitaal te maken.

Vleermuizenslaapkamer De bunker bij de nieuwe stuw op de Dijle in Egenhoven wordt ingericht als slaapplaats voor vleermuizen. Dat kan vrij eenvoudig door de openingen af te sluiten en een stevige deur met een smalle invliegopening, vergelijkbaar met een brievenbus, te plaatsen.

Vogeltjes kijken Aan de zuidelijke vijver in Oud-Heverlee komt er een vogelkijkhut die toegankelijk zal zijn voor rolstoelgebruikers. Een gordel bomen die het zicht belemmeren, wordt er weggehaald. Vanuit verschillende hoeken rees de vraag om in de Dijlevallei tussen Leuven en de taalgrens aan een grote waterplas een vogelkijkhut te plaatsen die toegankelijk is voor mindervaliden. De hut wordt zodanig ingericht dat mindervaliden er gemakkelijker gebruik van kunnen maken. Op de toegangsweg zelf wordt het nog wel even wachten, maar Aquafin legt die aan bij de collecteringswerken voor rioolwater uit Oud-Heverlee. De hut zal wel al toegankelijk zijn voor wie aan een klein paadje genoeg heeft.

Vogeltjes kijken bis Aan de zuidelijke en aan de noordelijke vijver van Oud-Heverlee plaatsen we telkens een vogelkijkwand. Wie gewoon langs de kant naar vogels kijkt, verstoort de dieren en als bewonderaar heeft u weinig aan vluchtende vogels. Daarom leggen we een eenvoudige houten wand met kijkgaten aan waarachter u rustig de watervogels kunt bekijken.

Natuur in de natuur Infrastructuur zoals weekendhuisjes, die zich op percelen bevinden die aangekocht zijn door de overheid of door een natuurvereniging, wordt verwijderd.

Vijvers in ere herstellen De IJsevijvers, vlak bij het kasteel van Neerijse, worden weer hersteld: we regelen de toevoer en de afvoer van het water beter, verlagen de dijken deels en verwijderen dood plantenmateriaal.

Veilige dijken De dijk van de Langerodevijver is op enkele plaatsen door de golfslag afgekalfd. Daardoor is de dijk in slechte staat en dringt een herstelling zich op.

Grond verkopen of ruilen?

Behalve gronden in het gebied willen we ook buiten het projectgebied pachtvrije gronden in landbouwgebied aankopen om ze nadien te ruilen met landbouwers die nu actief zijn in het natuurgebied. De Vlaamse Landmaatschappij heeft nu al 12,5 ha pachtvrije grond in eigendom buiten het eigenlijke projectgebied, maar er is meer nodig om de betrokken landbouwers een volwaardige oplossing te kunnen aanbieden. Een lokale grondenbank zou dat probleem voor een stuk kunnen oplossen en momenteel wordt er dus ook gewerkt aan zo’n grondenbank.

Wie grond wil verkopen in de Dijlevallei of grond in de Dijlevallei wil ruilen tegen grond buiten het projectgebied, kan contact opnemen met Heidi Devos - 016/31.17.62 - heidi.devos@vlm.be. Ook voor verkoop van pachtvrije landbouwgrond buiten het projectgebied kunt u bij haar terecht. U kunt mevrouw Devos ook spreken over een eventuele verkoop van uw gronden tijdens de zitdagen op dinsdag 13 en woensdag 14 juni: zie kadertje in verband met het openbaar onderzoek op pagina 1 van deze krant.

r e c r e a t i e Ook over fietsen, wandelen en andere vormen van recreatie bestaan er plannen en ideeën voor het natuurinrichtingsproject Dijlevallei. De visie op recreatie is een onderdeel van een ‘netwerk’, dat moet worden uitgebouwd voor zachte recreanten in en om het projectgebied. Naast de al bestaande infrastructuur komen er duidelijke vertrekplaatsen, routeaanwijzingen en infopanelen. De ontbrekende links worden aangevuld. In het projectuitvoeringsplan dat nu voorligt, zitten voor recreatie een vogelkijkhut, aangepast voor mindervaliden, twee vogelkijkwanden en de verbetering van bestaande, vaak gebruikte wandelwegen in de Doode Bemde. Meer uitleg over die maatregelen vindt u naast het kaartje.

Fase 2: hoeve Hinnemeure

n o g ?

Sinds het project van start is gegaan, zijn er in het kader van het natuurinrichtingsproject 28,5 ha gronden aangekocht in het projectgebied. Dat gebeurde grotendeels in der minne naar aanleiding van het openbaar onderzoek en de consultatieronde. Daarnaast hebben de overheid en de plaatselijke natuurvereniging samen zelf al meer dan 400 ha in eigendom en/of beheer in het projectgebied.

Lokale grondenbank

v o l g t

Aankopen binnen het projectgebied

a a n k o p e n

w a t

g r o n d e n

In de Dijlevallei en omgeving liggen verschillende natuurreservaten: Vijvers van Oud-Heverlee, Grootbroek, Rodebos en Laanvallei en IJsevallei worden beheerd door het Vlaams Gewest en de Doode Bemde wordt beheerd door de vzw Vrienden van Heverleebos en Meerdaalwoud. Om het beheer van die gebieden praktisch te kunnen organiseren is er nood aan een beheersgebouw voor het stallen van materiaal en als werkplek voor natuurarbeiders. De vierkantshoeve Hinnemeure in Neerijse is aangekocht door de overheid om er het beheersgebouw voor de Dijlevallei en de nabijgelegen natuurgebieden in onder te brengen. Het zou onder meer kunnen dienen om er machines te stallen, als atelier, als sanitair en eetzaal voor de arbeiders, enz. De overige delen van het gebouw komen in aanmerking voor o.a. bewoning. Momenteel werkt een architect de ideeën voor het concept van alle gebouwen uit om na te gaan hoe de verschillende functies eventueel kunnen worden ondergebracht in de hoeve Hinnemeure. Fase 3: overige natuurinrichtingsmaatregelen Een belangrijk deel van de natuurinrichtingsmaatregelen zullen pas in een latere fase uitgevoerd worden. Het gaat onder andere over de maatregelen die raken aan de waterhuishouding. Vooraleer die maatregelen uitgevoerd worden, moet er een compensatieregeling uitgewerkt worden voor eigenaars en gebruikers van gronden die beïnvloed worden door de grondwaterstijging. Bij zulke compensaties kan het gaan om de uitbetaling van een vergoeding, het uitruilen van landbouwers van natuurgebied naar landbouwgebied, de aankoop van gronden door de overheid of de inschakeling van landbouwers bij het beheer van het gebied. Bij zo’n compensatieregeling wordt er zoveel mogelijk op maat gewerkt. Om een goed beeld te krijgen van de individuele situatie van alle betrokkenen werden alle landbouwers bevraagd in het kader van een landbouweconomische studie en worden de eigenaars en gebruikers individueel uitgenodigd voor een gesprek. Die maatregelen komen er dus niet zonder een grondige voorbereiding en de uitvoering ervan is daarom pas over enkele jaren gepland.


Terwijl de procedures liepen om tot een eerste projectuitvoeringsplan te komen, hebben we natuurlijk niet stilgezeten. Een overzichtje van wat er ondertussen is gebeurd.

l a n d b o u w s t u d i e In 2003 werden de 41 landbouwgebruikers die ons bekend zijn in de Dijlevallei, uitvoerig bevraagd. Met die landbouweconomische studie wilden we de invloed kennen die de voorgestelde maatregelen zouden hebben op de afzonderlijke landbouwbedrijven. Er werd gepolst naar de bedrijfsvoering en de toekomstplannen van het bedrijf. Ook wilden we weten of landbouwers bereid waren om gronden te laten uitruilen of te verkopen, of ze wilden vergoed worden in bepaalde gevallen, of ze iets zagen in het kosteloos gebruik van gronden en of ze het zagen zitten om eventueel ingeschakeld te worden bij natuurbeheer, zoals graas- en maaibeheer. De belangrijkste maatregelen die binnen het project worden genomen hebben geen enkele invloed op de bedrijfsvoering voor 21 van de 41 bedrijven. De twintig overige bedrijven – in totaal gaat het over 57 ha van de 242 ha landbouwgebruik in het projectgebied – ondervinden wel invloed van de maatregelen. Voor 16 van die 20 bedrijven blijft de invloed beperkt tot laag of matig, voor drie bedrijven is de invloed matig tot hoog en één bedrijf zal in hoge mate invloed ondervinden van de voorgestelde maatregelen. Belangrijk is dat er gezocht wordt naar een volwaardig alternatief, zoals bijvoorbeeld het ter beschikking stellen van ruilgrond in landbouwgebied. Enkele landbouwers vinden het ook een realistische oplossing, als zij vergoed worden voor het gebruik van hun gronden of als hun gronden worden aangekocht, op voorwaarde dat er wordt rekening gehouden met de leefbaarheid van hun bedrijf en met hun bedrijfsvoering. Interessant is dat de natuurvisie 200 ha graslanden bevat die moeten worden begraasd. Dat biedt mogelijkheden om bij die begrazing het vee van plaatselijke landbouwers in te schakelen. Dat gebeurt trouwens nu ook al op enkele tientallen hectare in het gebied. Bij de maatregelen, die in 2007 zullen worden uitgevoerd en in dit krantje worden toegelicht, zijn geen landbouwers betrokken. De maatregelen die invloed kunnen hebben op landbouwgronden, zijn gepland in een latere fase.

e e n g e s p r e k v a n m a n t o t m a n We hebben het plan opgevat om met alle eigenaars en gebruikers individueel een kort gesprek aan te gaan over het project. Het gaat natuurlijk wel om meer dan 900 mensen. In 2004 en 2005 zijn de eigenaars van percelen in het noordelijke deel van het projectgebied en een komgrond ten zuiden van de Stationsstraat al uitgenodigd voor zo’n gesprek. In de loop van de volgende jaren zullen ook de andere belanghebbenden uitgenodigd worden. Tijdens dat gesprek wordt de visie toegelicht en de invloed daarvan op de percelen. We gaan na wat de betrokkenen nu doen met het perceel, hoe ze dat in de toekomst zien, wat ze vinden van het natuurstreefbeeld en welke mogelijke knelpunten ze zien. Er wordt gepraat over de verschillende mogelijkheden om samen tot een oplossing te komen om het project te kunnen uitvoeren: welk perceel willen ze houden of verkopen, kan een ruiling of een vergoeding een oplossing bieden bij bv. vernatting, enz. Er wordt ook getracht om een antwoord te geven op allerlei vragen waar iedereen mee zit.

w e r k e n

f a s e

1

De maatregelen die we nemen in het kader van het natuurinrichtingsproject, worden uitgevoerd in drie verschillende fases. In een eerste fase voeren we werken uit op gronden die momenteel eigendom zijn van onder andere de overheid, de plaatselijke natuurvereniging en enkele andere partners. In een tweede fase richten we dan de hoeve Hinnemeure in als beheersgebouw voor het gebied. De derde fase bevat tot slot alle resterende maatregelen Vooraleer die maatregelen effectief op terrein kunnen worden uitgevoerd, moet er een projectuitvoeringsplan gemaakt worden. Zo’n projectuitvoeringsplan of PUP bevat gedetailleerde technische plannen die nodig zijn om de vereiste vergunningen aan te vragen en de werken op het terrein uit te voeren. De technische plannen die onder andere het voorwerp zijn van het openbaar onderzoek, worden in principe uitgevoerd in 2007. Het gaat om werken zoals de kapping en de ontstronking van bomen, de plaatsing van een vogelkijkhut of veerasters, enz. Alle maatregelen vindt u terug op het kaartje hieronder. De meeste maatregelen spreken voor zich, maar aan de hand van enkele voorbeelden krijgt u zeker een beter idee over de geplande werken.

Veiliger en makkelijker wandelen Sommige wegen worden als toegangsweg gebruikt door zowel beheerders als recreanten, maar de wegen zijn soms in erg slechte staat. Ze worden nu hersteld. We verbeteren in totaal zowat 3,75 km bekende en vaak gebruikte wandelwegen in de Doode Bemde. Op verscheidene plaatsen zijn ze stukgereden en daardoor nog maar moeilijk bruikbaar voor wandelaars en fietsers. De herstelling van die paden kan nu definitief, want op de meeste plaatsen komen er nu geen voertuigen meer. Waar in het ‘nat seizoen’ wel nog gemotoriseerd verkeer rijdt, komt een stevigere verharding met grind. Ook de parking aan de Reigerstraat wordt hersteld.

Nieuwe bomen Onder andere in Korbeek-Dijle worden er enkele ha hoogstamboomgaard met oude rassen van fruitbomen aangeplant.

Voor een beter natuurbeheer Percelen grasland of rietland die lange tijd niet beheerd zijn, kunnen nu niet zomaar weer gemaaid worden. Vaak moeten er eerst jonge bomen weggehaald worden en moeten hun stronken worden verwijderd, vooraleer het perceel opnieuw kan worden gemaaid en beheerd met het oog op een rijkere natuur. In moerasgebied wordt een dikke laag afgestorven plantendelen verwijderd om het riet weer vitaal te maken.

Vleermuizenslaapkamer De bunker bij de nieuwe stuw op de Dijle in Egenhoven wordt ingericht als slaapplaats voor vleermuizen. Dat kan vrij eenvoudig door de openingen af te sluiten en een stevige deur met een smalle invliegopening, vergelijkbaar met een brievenbus, te plaatsen.

Vogeltjes kijken Aan de zuidelijke vijver in Oud-Heverlee komt er een vogelkijkhut die toegankelijk zal zijn voor rolstoelgebruikers. Een gordel bomen die het zicht belemmeren, wordt er weggehaald. Vanuit verschillende hoeken rees de vraag om in de Dijlevallei tussen Leuven en de taalgrens aan een grote waterplas een vogelkijkhut te plaatsen die toegankelijk is voor mindervaliden. De hut wordt zodanig ingericht dat mindervaliden er gemakkelijker gebruik van kunnen maken. Op de toegangsweg zelf wordt het nog wel even wachten, maar Aquafin legt die aan bij de collecteringswerken voor rioolwater uit Oud-Heverlee. De hut zal wel al toegankelijk zijn voor wie aan een klein paadje genoeg heeft.

Vogeltjes kijken bis Aan de zuidelijke en aan de noordelijke vijver van Oud-Heverlee plaatsen we telkens een vogelkijkwand. Wie gewoon langs de kant naar vogels kijkt, verstoort de dieren en als bewonderaar heeft u weinig aan vluchtende vogels. Daarom leggen we een eenvoudige houten wand met kijkgaten aan waarachter u rustig de watervogels kunt bekijken.

Natuur in de natuur Infrastructuur zoals weekendhuisjes, die zich op percelen bevinden die aangekocht zijn door de overheid of door een natuurvereniging, wordt verwijderd.

Vijvers in ere herstellen De IJsevijvers, vlak bij het kasteel van Neerijse, worden weer hersteld: we regelen de toevoer en de afvoer van het water beter, verlagen de dijken deels en verwijderen dood plantenmateriaal.

Veilige dijken De dijk van de Langerodevijver is op enkele plaatsen door de golfslag afgekalfd. Daardoor is de dijk in slechte staat en dringt een herstelling zich op.

Grond verkopen of ruilen?

Behalve gronden in het gebied willen we ook buiten het projectgebied pachtvrije gronden in landbouwgebied aankopen om ze nadien te ruilen met landbouwers die nu actief zijn in het natuurgebied. De Vlaamse Landmaatschappij heeft nu al 12,5 ha pachtvrije grond in eigendom buiten het eigenlijke projectgebied, maar er is meer nodig om de betrokken landbouwers een volwaardige oplossing te kunnen aanbieden. Een lokale grondenbank zou dat probleem voor een stuk kunnen oplossen en momenteel wordt er dus ook gewerkt aan zo’n grondenbank.

Wie grond wil verkopen in de Dijlevallei of grond in de Dijlevallei wil ruilen tegen grond buiten het projectgebied, kan contact opnemen met Heidi Devos - 016/31.17.62 - heidi.devos@vlm.be. Ook voor verkoop van pachtvrije landbouwgrond buiten het projectgebied kunt u bij haar terecht. U kunt mevrouw Devos ook spreken over een eventuele verkoop van uw gronden tijdens de zitdagen op dinsdag 13 en woensdag 14 juni: zie kadertje in verband met het openbaar onderzoek op pagina 1 van deze krant.

r e c r e a t i e Ook over fietsen, wandelen en andere vormen van recreatie bestaan er plannen en ideeën voor het natuurinrichtingsproject Dijlevallei. De visie op recreatie is een onderdeel van een ‘netwerk’, dat moet worden uitgebouwd voor zachte recreanten in en om het projectgebied. Naast de al bestaande infrastructuur komen er duidelijke vertrekplaatsen, routeaanwijzingen en infopanelen. De ontbrekende links worden aangevuld. In het projectuitvoeringsplan dat nu voorligt, zitten voor recreatie een vogelkijkhut, aangepast voor mindervaliden, twee vogelkijkwanden en de verbetering van bestaande, vaak gebruikte wandelwegen in de Doode Bemde. Meer uitleg over die maatregelen vindt u naast het kaartje.

Fase 2: hoeve Hinnemeure

n o g ?

Sinds het project van start is gegaan, zijn er in het kader van het natuurinrichtingsproject 28,5 ha gronden aangekocht in het projectgebied. Dat gebeurde grotendeels in der minne naar aanleiding van het openbaar onderzoek en de consultatieronde. Daarnaast hebben de overheid en de plaatselijke natuurvereniging samen zelf al meer dan 400 ha in eigendom en/of beheer in het projectgebied.

Lokale grondenbank

v o l g t

Aankopen binnen het projectgebied

a a n k o p e n

w a t

g r o n d e n

In de Dijlevallei en omgeving liggen verschillende natuurreservaten: Vijvers van Oud-Heverlee, Grootbroek, Rodebos en Laanvallei en IJsevallei worden beheerd door het Vlaams Gewest en de Doode Bemde wordt beheerd door de vzw Vrienden van Heverleebos en Meerdaalwoud. Om het beheer van die gebieden praktisch te kunnen organiseren is er nood aan een beheersgebouw voor het stallen van materiaal en als werkplek voor natuurarbeiders. De vierkantshoeve Hinnemeure in Neerijse is aangekocht door de overheid om er het beheersgebouw voor de Dijlevallei en de nabijgelegen natuurgebieden in onder te brengen. Het zou onder meer kunnen dienen om er machines te stallen, als atelier, als sanitair en eetzaal voor de arbeiders, enz. De overige delen van het gebouw komen in aanmerking voor o.a. bewoning. Momenteel werkt een architect de ideeën voor het concept van alle gebouwen uit om na te gaan hoe de verschillende functies eventueel kunnen worden ondergebracht in de hoeve Hinnemeure. Fase 3: overige natuurinrichtingsmaatregelen Een belangrijk deel van de natuurinrichtingsmaatregelen zullen pas in een latere fase uitgevoerd worden. Het gaat onder andere over de maatregelen die raken aan de waterhuishouding. Vooraleer die maatregelen uitgevoerd worden, moet er een compensatieregeling uitgewerkt worden voor eigenaars en gebruikers van gronden die beïnvloed worden door de grondwaterstijging. Bij zulke compensaties kan het gaan om de uitbetaling van een vergoeding, het uitruilen van landbouwers van natuurgebied naar landbouwgebied, de aankoop van gronden door de overheid of de inschakeling van landbouwers bij het beheer van het gebied. Bij zo’n compensatieregeling wordt er zoveel mogelijk op maat gewerkt. Om een goed beeld te krijgen van de individuele situatie van alle betrokkenen werden alle landbouwers bevraagd in het kader van een landbouweconomische studie en worden de eigenaars en gebruikers individueel uitgenodigd voor een gesprek. Die maatregelen komen er dus niet zonder een grondige voorbereiding en de uitvoering ervan is daarom pas over enkele jaren gepland.


juni 2006

d e

p r o c e d u r e

onderzoek naar de haalbaarheid natuurinrichtingsproject

P r o j

e c t

Vlaamse minister bevoegd voor het natuurbehoud richt een projectcomité en een projectcommissie op

de Dijlevallei

Agentschap voor Natuur en Bos stelt het projectrapport op (6 maanden) comité maakt een naamlijst van de belanghebbenden (3 maanden)

w o o r d openbaar onderzoek (30 dagen)

openbaar onderzoek (30 dagen)

s a m e n w e r k i n g Bij natuurinrichting werken verschillende instanties samen. Het Agentschap voor Natuur en Bos en de Vlaamse Landmaatschappij leveren het voorbereidende werk. Het projectcomité en de projectcommissie begeleiden de verder uitvoering van het natuurinrichtingsproject.

comité hoort belanghebbenden voor verduidelijking van bezwaren en opmerkingen bij de naamlijst van belanghebbenden

Het natuurinrichtingsproject in de Dijlevallei nadert stilaan een eerste fase van werken. Na het openbaar onderzoek in 2000 werden de opmerkingen en de bezwaren die daarbij zijn ingediend, een voor een besproken. In 2001 kreeg iedereen een tweede natuurinrichtingskrantje waarin dieper werd ingegaan op de belangrijkste knelpunten. Al wie een bezwaar had ingediend, kreeg toen ook een persoonlijk antwoord. Binnenkort volgt er een nieuw openbaar onderzoek waarin de maatregelen worden voorgesteld zoals die daarna wellicht kunnen worden uitgevoerd. Vandaar dit nieuwe informatiekrantje over het natuurinrichtingsproject.

Agentschap voor Natuur en Bos

o p e n b a a r

Het Agentschap voor Natuur en Bos maakt deel uit van het Ministerie van Leefmilieu, Natuur en Energie. Het Agentschap voor Natuur en Bos (ANB) is de fusie van de vroegere afdelingen Natuur en Bos & Groen van het vroegere AMINAL. Het Agentschap voor Natuur en Bos staat in voor het uitvoeren en het ondersteunen van het beleid, het duurzaam beheren en het versterken van natuur, bos, parken en openbaar groen in Vlaanderen en dit van in de stadskern tot in het buitengebied.

Vlaamse Landmaatschappij

v o o r a f

VLAAMSE LANDMAATSCHAPPIJ

UW PARTNER IN DE OPEN RUIMTE

De Vlaamse Landmaatschappij, afgekort VLM, is een Vlaamse openbare instelling met als missie ‘uw partner in de open ruimte’. De VLM bereidt de uitvoering van het natuurinrichtingsproject voor, houdt toezicht bij de werken en begeleidt de financiële afwikkeling van het project.

comité stelt lijst van belanghebbenden vast Vlaamse regering stelt de natuurinrichtingsmaatregelen en de manier om ze uit te voeren vast

comité maakt uitvoeringsplan op met raadpleging van de commissie

openbaar onderzoek (30 dagen)

advies van de commissie (binnen 3 maanden)

het projectcomité In het projectcomité zetelen vertegenwoordigers van de betrokken overheden en organisaties. Het comité adviseert de bevoegde minister over de maatregelen die het voor natuur in het gebied wil nemen. Daarnaast voert het comité het natuurinrichtingsproject ook uit.

de projectcommissie De projectcommissie geeft advies aan het projectcomité. De commissie is samengesteld uit enkele mensen die bij het project betrokken zijn (bijvoorbeeld eigenaars en gebruikers) en uit deskundigen. Het gaat telkens om personen uit het projectgebied of personen die vertrouwd zijn met dat gebied.

comité hoort belanghebbenden voor verduidelijking van bezwaren en opmerkingen

comité stelt uitvoeringsplan vast

comité laat natuurinrichtingsmaatregelen uitvoeren

comité laat een natuurinrichtingsakte opmaken

c o l o f o n

i n l i c h t i n g e n Wie meer informatie wil over het Dijlevallei-project, kan terecht bij volgende instanties: Agentschap voor Natuur en Bos 016/21.11.98 - Greet Swinnen VLM Vlaams-Brabant 016/31.17.16 - Dieter Devolder 016/31.17.03 - Luc Vander Elst (communicatieverantwoordelijke)

Deze natuurinrichtingskrant werd, met een oplage van 20.000 exemplaren, gedrukt op gerecycleerd papier. Eindredactie, grafische vormgeving en foto’s: Vlaamse Landmaatschappij, in samenwerking met het Agentschap voor Natuur en Bos, juni 2006.

o n d e r z o e k

In dit krantje krijgt u meer informatie over de stand van zaken en over wat u kunt terugvinden in het dossier van het volgende openbaar onderzoek. We willen u graag uitnodigen om het dossier bij dit openbaar onderzoek te komen inkijken, eventueel informatie te vragen en, indien nodig, tijdig en gepast te reageren. Het dossier ligt ter inzage van donderdag 1 juni tot en met vrijdag 30 juni 2006. U kunt de detailkaarten en het dossier bekijken op volgende plaatsen. - in Bertem, Huldenberg en Oud-Heverlee in het gemeentehuis, bij de milieudienst of bij de technische dienst tijdens de openingsuren - in Leuven bij de milieudienst, Aarschotsesteenweg 68, 3016 Wilsele van 9 tot 16.30 uur - bij de Vlaamse Landmaatschappij, Diestsevest 25, 3000 Leuven, alle weekdagen van 9 tot 16.30 uur. Indien u uitleg wilt, bel dan het best vooraf even voor een afspraak: 016/ 31.17.16. Meer info vindt u ook op de website van de Vlaamse Landmaatschappij, www.vlm.be. Voorts kunt u voor persoonlijke uitleg ook terecht tijdens de zitdagen in een van de vier gemeentehuizen: - Bertem (Tervuursesteenweg 178, 3060 Bertem) op maandag 12 juni van 18 tot 20 uur - Oud-Heverlee (Gemeentestraat 2, 3054 Oud-Heverlee) op dinsdag 13 juni van 18 tot 20 uur - Huldenberg (Gemeenteplein 1, 3040 Huldenberg) op woensdag 14 juni van 9.30 tot 11.30 uur - Leuven (raadzaal deelgemeentehuis Heverlee, Waversebaan 66, 3001 Heverlee) op donderdag 15 juni van 9.30 tot 11.30 uur Uw mening telt! Een openbaar onderzoek heeft weinig zin, als u niet reageert. U kunt uw eventuele opmerkingen van 1 tot en met 30 juni schriftelijk doorgeven aan het natuurinrichtingscomité Dijlevallei, VLM Vlaams-Brabant, Diestsevest 25, 3000 Leuven.

n a a r

e e n

e e r s t e

s i t u e r i n g De 883 ha van het natuurinrichtingsproject liggen ten zuiden van Leuven. Het gebied beslaat de hele Dijlevallei van de Celestijnenlaan in Heverlee tot de Neerijsebaan in Oud-Heverlee. Ook delen van Bertem en Huldenberg behoren tot het projectgebied. De spoorweg LeuvenOttignies in het oosten en de Nijvelsebaan-Wolfshagen in het westen begrenzen het gebied. Op het plateau in het oosten liggen Heverleebos en Meerdaalwoud. In het westen ligt een leemplateau met vooral akkers. Deze twee plateaus vormen een geheel met de vallei. Op het gewestplan ligt het gebied grotendeels in natuur- en reservaatgebied. Zowat 80 ha heeft een andere gewestplanbestemming, voornamelijk landschappelijk waardevol agrarisch gebied.

u i t v o e r i n g s p l a n

Op basis van de reacties op het vorige openbaar onderzoek en de besprekingen daaromtrent is een voorstel opgemaakt met mogelijke maatregelen die in het natuurinrichtingsproject kunnen worden genomen. Enige tijd later belandde dat dossier bij de minister, maar omdat er vanuit de dienst bevoegd voor financiën, enkele opmerkingen bij het dossier waren gemaakt, kon de minister toen nog geen beslissing nemen. Er volgde een opdracht om de plannen en de maatregelen in het projectgebied meer in detail uit te werken en een volgorde van belangrijkheid te bepalen. Ondertussen konden we wel beschikken over de resultaten van een ecohydrologische studie die met het oog op het natuurinrichtingsproject was uitgevoerd. Die studie onderzocht de invloed van het oppervlakte- en het grondwater op de plantengroei. De resultaten van de studie, de bestaande beheersplannen en de verplichtingen, opgelegd door de Europese vogel- en habitatrichtlijnen leidden tot het concrete en gedetailleerde plan met maatregelen. Op basis van dat gedetailleerde dossier keurde toenmalig minister Tavernier op 15 juli 2004 het besluit goed om volgende maatregelen te nemen in de Dijlevallei. - kavelruil, met inbegrip van herverkaveling - infrastructuur- en kavelwerken - aanpassing van wegen en wegenpatroon - tijdelijke beperkingen - werken aan de waterhuishouding - grondwerken - uitbouw van natuureducatieve voorzieningen

Drukwerk: drukkerij Van der Poorten, Kessel-Lo Verantwoordelijke uitgever: ir. Roland de Paepe, administrateur-generaal VLM, Gulden-Vlieslaan 72, 1060 Brussel. VLAAMSE LANDMAATSCHAPPIJ

UW PARTNER IN DE OPEN RUIMTE


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Natuurinrichting_Dijlevallei_infokrant_3.pdf by Vlaanderen-be - Issuu