Vlaanderen
is onderwijs & vorming
STEM- monitor
juni 2019
DEPARTEMENT ONDERWIJS & VORMING
www.onderwijs.vlaanderen.be
2
Inhoudsopgave Inleiding ................................................................................................................................................... 4 Uitgangspunten ....................................................................................................................................... 6 I.
STEM-instroom (studiekeuze)...................................................................................................... 6
II.
STEM-doorstroom (onderwijsprestaties) .................................................................................... 6
III.
Gekwalificeerde STEM-uitstroom (studiebewijzen) ................................................................ 6
Vaststellingen bij de indicatoren vooropgesteld door het STEM-Platform ............................................. 7 Meer in detail: STEM-evoluties in het Secundair Onderwijs ............................................................... 8 Meer in detail: STEM-evoluties in het Hoger Onderwijs ................................................................... 12 Verschil tussen de OESO-STEM-cijfers en de Vlaamse Monitor-cijfers ............................................. 13 Volwassenenonderwijs...................................................................................................................... 17 Focus op ICT .......................................................................................................................................... 19 Conclusies STEM-Monitor 2019 ............................................................................................................ 25 Indicatoren ............................................................................................................................................ 26 I.
STEM-instroom (studiekeuze) ................................................................................................... 26 a.
Secundair onderwijs .............................................................................................................. 26
b.
Hoger Onderwijs.................................................................................................................... 38
II.
STEM-doorstroom (onderwijsprestaties) .................................................................................. 39 a.
Secundair onderwijs .............................................................................................................. 39
b.
Hoger Onderwijs.................................................................................................................... 39
III.
Gekwalificeerde STEM-uitstroom (studiebewijzen) .............................................................. 41
a.
Secundair onderwijs .............................................................................................................. 41
b.
Hoger onderwijs .................................................................................................................... 44
Data provinciale monitor: zie de aparte bijlage .................................................................................... 48
3
Inleiding Het STEM-Actieplan 2012-2020 van de Vlaamse Regering bepaalt dat de STEM-Stuurgroep de algemene monitoring van het actieplan uitvoert. Hiervoor werd in 2012 de STEM-Monitor ontwikkeld: hij geeft inzicht in evoluties van relevante STEM – indicatoren zoals instroomdoorstroom en uitstroomgegevens van leerlingen in het secundair onderwijs, cursisten volwassenenonderwijs en studenten hoger onderwijs. De evoluties worden bekeken tegenover een overeengekomen ‘nuljaar’ (de zgn.”nulmeting”), waarvoor we de gegevens van het referentiejaar 2010-2011 gebruiken. De STEM-Monitor geeft inzicht in evoluties maar levert uiteraard geen harde bewijslast naar de oorzaken van deze evoluties (causaliteit). Op basis van de indicatoren worden cijfermatige doelstellingen geformuleerd op korte en (middel)lange termijn. Doelstellingen op korte termijn zijn enkel zinvol voor indicatoren die voldoende ‘beleidsgevoelig’ zijn. Hieronder verstaan we indicatoren waarvan hypothetisch kan verondersteld worden dat ze relatief snel kunnen wijzigen als gevolg van acties of beleid (voorbeeld: instroom of studiekeuze). Het heeft weinig zin om kortetermijndoelstellingen te formuleren op loggere (maar daarom niet minder relevante) indicatoren (bijvoorbeeld STEMstudiebewijzen). Deze laatste gebruiken we dus voor (middel)lange termijndoelstellingen. Initieel actualiseerden we de gegevens om de twee jaar, maar ondertussen levert het departement Onderwijs en Vorming een jaarlijkse STEM-Monitor aan: de evoluties en tendensen zijn immers relevant en ze geven informatie om het STEM-beleid verder vorm te geven. Deze 5de editie van de Monitor (informatie van het school- en academiejaar 2017-2018) bevat opnieuw een aantal specifieke invalshoeken: •
een overzicht van de STEM-instroom in het hoger onderwijs per provincie. Deze info (in een aparte bijlage) kan -naast de relevante STEM-info over het hoger onderwijs- ook van belang zijn voor de STEM-inspanningen in de vrije tijd (op niveau van bv. de gemeenten, de STEMAcademies die verspreid zijn over heel Vlaanderen, maar ook bv. voor de RTC’s/de Regionale Technologische Centra).
•
een detailoverzicht voor de STEM-studierichtingen in het voltijds gewoon technisch en beroepssecundair onderwijs. Wat daar al een aantal jaar zichtbaar is, wordt ook in deze Monitor bevestigd: er is weinig evolutie zichtbaar, een uitzondering daar gelaten. De arbeidsmarkgerichte STEM-expertise van het bso en de dubbele finaliteit van STEM-tso (arbeidsmarktgericht of gericht op verdere studies) verdienen dus alle aandacht in de verdere uitrol van het STEM-Actieplan. We zoomen in deze editie dus opnieuw gedetailleerd in op de evolutie van de instroom in alle STEM-studierichtingen tso en bso . De professionele STEM, net zoals de hele economie, heeft immers nood aan alle profielen.
•
Specifiek zetten we dit jaar een vergrootglas op de ICT-opleidingen in het hoger onderwijs. Er is immers een heel grote nood aan ICT-experten. Op het vlak van ICT levert deze Monitor dus een specifieke nulmeting aan.
•
Samen met Onderwijskiezer en de VDAB worden de STEM-categorieën van de opleidingen jaarlijks afgestemd. Indien er in de toekomst nieuwe opleidingen bijkomen, zal de Stuurgroep (departement Onderwijs en Vorming, VDAB en Onderwijskiezer) afstemmen in welke van de 4 categorieën deze thuishoren . Aangezien vorig jaar bepaalde academische opleidingen werden geherclassificeerd als 4
STEM werd deze herclassificatie naar het verleden hebben doorgetrokken. Aangezien de doelstelling voor 2020 qua marktaandeel STEM voor academische bachelors een beoogde groei van 4% was, is deze target dus eveneens aangepast. De categorisatie is gebaseerd op de VRWI-studie “Kiezen voor STEM” (Van den Berghe, W. & D. De Martelaere (2012). Kiezen voor Stem. De keuze van jongeren voor technische en wetenschappelijke studies. VRWI studiereeks 25. Voor de definitie en classificatie van STEM-studierichtingen: zie pagina 36-37):
•
1. STEM 2. Opleidingen met een STEM-component a. Zorg-STEM b. Lichte STEM 3. Niet-STEM De percentages STEM in de Monitor hebben betrekking op de eerste categorie (de ‘zuivere’ STEM). (Lichte STEM in aso is bv.: sportwetenschappen, in bso: etalage en standendecoratie, in kso: industriële kunst). •
Als consequentie van de Modernisering Secundair Onderwijs (start 1/9/2019) keurde de Vlaamse Regering ook nieuwe benamingen goed voor de STEM-studierichtingen in het secundair onderwijs. Zij geven voortaan beter de finaliteit van de opleiding weer, zijnde: - doorstroomfinaliteit (bereidt voor op studies in het hoger onderwijs) - dubbele finaliteit (bereidt voor op verdere studies én op de arbeidsmarkt) - arbeidsmarktfinaliteit. De nieuwe benamingen van de STEM- studierichtingen werden gekozen in functie van deze ordening. Enkele voorbeelden van de nieuwe benamingen: -
-
Finaliteit doorstroom (abstract theoretisch en bereiden leerlingen voor op verder studeren in het hoger onderwijs): Bouw- en houtwetenschappen (tso/kso) Dubbele finaliteit (bereiden leerlingen zowel voor op hoger onderwijs als op rechtstreekse intrede arbeidsmarkt): Bouwtechnieken (tso) Finaliteit arbeidsmarkt (concreet en praktisch en bereiden leerlingen voor op rechtstreekse intrede arbeidsmarkt): (d)bso : Afwerking Bouw, Ruwbouw, Schrijn- en timmerwerk + buso OV3: Voeger, Machinaal houtbewerker
Op deze manier worden alle studierichtingen geordend en vormen ze een inhoudelijk samenhangend thematisch geheel (een studiedomein) dat structuuronderdelen bevat van zeer theoretisch tot zeer praktisch. Lezing van de STEM-Monitor 2019 Zoals de voorgaande jaren, presenteert ook deze Monitor in het eerste deel de belangrijkste vaststellingen voor de instroom-, doorstroom- en uitstroomindicatoren in het secundair en hoger onderwijs. De nieuwe vaststellingen worden afgezet tegen het referentiejaar 2010-2011, ook als er gegevens beschikbaar zijn van de jaren daarvoor.
5
Uitgangspunten Het STEM-Actieplan (januari 2012) bevatte de initiële referentiecijfers voor de jaarlijkse STEMMonitor: de onderwijsdata van het schooljaar 2010-2011 leveren de nulmeting – voor zover beschikbaar. Gegevens van vroegere jaren worden eveneens weergegeven, maar de doelstellingen van het STEM-Actieplan 2012-2020 worden gemeten ten opzichte van de evolutie sinds 2010-2011. Vanuit het oogpunt van kosten-batenefficiëntie (her)gebruiken we in de mate van het mogelijke beschikbare data. Hierdoor moeten we geen nieuwe gegevens opvragen en vermijden we planlast bij de instellingen. De voorkeur gaat uit naar data die beschikbaar zijn in een datawarehouseomgeving of in andere, relatief vlot toegankelijke datasystemen. De indicatoren zijn als volgt onderverdeeld:
STEM-instroom (studiekeuze)
I.
a. secundair (S): gewoon secundair onderwijs (eerste leerjaar tweede graad en eerste leerjaar derde graad) b. hoger (H) onderwijs
II.
STEM-doorstroom (onderwijsprestaties)
a. van secundair naar hoger onderwijs (S-H) b. hoger (H) onderwijs
III.
Gekwalificeerde STEM-uitstroom (studiebewijzen)
a. secundair (S) b. hoger (H) onderwijs Voor het hoger onderwijs wordt HBO5 afzonderlijk vermeld. De Monitoring van operationele processen valt buiten de scope van de STEM-Monitor.
6
Vaststellingen bij de indicatoren vooropgesteld door het STEMPlatform 2010‘16-‘17 ‘17-‘18 2011 27,46 % 30,67% 31,27%
20202021 33,33%
23,82%
26,41%
26,64%
27,82%
3 Vrouwenaandeel in Professionele STEM-Bachelors (instroom) 4 Marktaandeel STEM in Academische bachelors (instroom)
21,13%
22,88%
24,09%
25,20%
31,60%
34,41%
34,45%
35,60%
5 Vrouwenaandeel in Academische STEM-bachelors (instroom)
37,07%
40,27%
39,37%
37,07%
1 Vrouwenaandeel in secundair onderwijs (instroom derde graad) 2 Marktaandeel STEM in professionele Bachelors (instroom)
De 5 doelstellingen voor 2020 geformuleerd door het STEM-Platform komen (globaal genomen) in zicht: •
•
• •
•
•
•
Het aandeel meisjes dat in een STEM-richting start neemt in 2017-2018 (t.o.v. 2016-2017) opnieuw toe en dit zowel in het secundair onderwijs (+ 0,6 procentpunt in het eerste leerjaar van de derde graad) als in de professionele bachelor (+ 1,2 procentpunt). Het percentage meisjes in STEM-studierichtingen in het eerste leerjaar van de derde graad secundair onderwijs is ten opzichte van het referentiejaar 2010-2011 met 3,8 procentpunt toegenomen. De tendens wordt dus ook in 2017-2018 bevestigd: meisjes kiezen meer voor STEM. In 2017-2018 zitten we op 31,27% STEM-meisjes-instroom in het eerste leerjaar van de derde graad secundair onderwijs. Nog 2 procentpunten te gaan in de resterende 3 metingsjaren De instroom in de professionele bachelor stabiliseert (+0,2 procentpunt), maar het aandeel meisjes in de professionele bachelor stijgt opmerkelijk op 1 jaar tijd: + 2,8 procentpunt. De instroom in de academische STEM-opleidingen is het laatste jaar gestabiliseerd (34,4%), maar sinds de nulmeting sterk gestegen (+ 2,8 procentpunt). 34,45% van de academische bachelor- studenten stromen in een STEM-opleiding in. De 5de indicator voor het vrouwenaandeel bij de academische bachelors (37,07% tegen 2020) was reeds gehaald. Het cijfer van 2016-2017 van 40,27% daalt evenwel met 0,9 procentpunt tot 39,37%, wat nog altijd 1,67 procentpunten méér is dan het beoogde cijfer voor 2020 (37,07%). Van de 5 doelstellingen (laatste meetmoment: 2020-2021) is er in 2017-2018 1 behaald. Voor de resterende indicatoren is de doelstelling in zicht. De terugval vrouwenaandeel in de professionele bachelor in 2016-2017 is helemaal rechtgezet. De terugval in de vrouwelijke instroom bij de academische bachelor is beheersbaar, gezien de ruime marge die er reeds was. Met nog 3 jaarmetingen te gaan (2018-2019/2019-2020 en 2020-2021) lijken de doelstellingen van het STEM-actieplan 2012-2020 haalbaar. De doelstellingen waren m.a.w. ambitieus maar ook realistisch gesteld. De aandachtspunten worden aangepakt d.m.v. 7
acties die inzetten op de vaststellingen van de opeenvolgende Monitors. Voor het secundair onderwijs zal de impact van de modernisering secundair onderwijs en van de verdere uitrol van Duaal Leren wellicht ook nog een rol spelen.
Meer in detail: STEM-evoluties in het Secundair Onderwijs Instroom Bij de STEM-instroom in het secundair onderwijs kijken we naar de evolutie van de leerlingenaantallen en percentages in het eerste leerjaar van de tweede graad en in het eerste leerjaar van de derde graad voltijds gewoon secundair onderwijs. De leerlingenaantallen 20172018 zijn t.o.v. het referentiejaar 2010-2011 nog steeds dalend, daarom focussen we in de vaststellingen op het percentage leerlingen in STEM-studierichtingen i.p.v. op de absolute getallen. T.o.v. de nulmeting is er een stijging in de keuze pro STEM: + 2,65 procentpunt in het eerste leerjaar van de tweede graad en + 1,3 procentpunt in het eerste leerjaar van de derde graad. T.o.v. 2016-2017 zien we een lichte stijging in het totale percentage leerlingen in STEMstudierichtingen in het eerste leerjaar van de tweede graad. In het eerste leerjaar van de derde graad daalt dit aandeel heel licht. We spreken hier dus eerder van een stabilisering. Het percentage STEM-meisjes ligt in het eerste leerjaar van de tweede graad op 26,07%, een heel lichte stijging met 0,2 procentpunt t.o.v. 2016-2017. In het eerste leerjaar van de derde graad zijn er 31,27% STEM-meisjes (+ 0,6 procentpunt t.o.v. 2016-2017). T.o.v. de nulmeting is dit een stijging met bijna 3,8 procentpunt, maar er zijn grote verschillen tussen de onderwijsvormen van het secundair onderwijs. In aso zijn er voldoende meisjes die in STEM-studierichtingen instromen. In het bso en tso zijn we echter nog steeds zeer ver verwijderd van de gevraagde 33,33% van het Platform. ASO Binnen de onderwijsvormen is de stijging van het percentage STEM-leerlingen t.o.v. 2010-2011 het grootst in het aso (eerste leerjaar van de tweede graad: van 29,78% naar 34,36%) . T.o.v. 20102011 is het percentage leerlingen in STEM-studierichtingen in aso dus gestegen met bijna 4,6 procentpunt. Het percentage meisjes in aso-STEM-studierichtingen is in het eerste leerjaar van de tweede graad bijna 46%. In het eerste leerjaar van de derde graad zien we een stijging van 51,81% naar 55,14% (stijging t.o.v. de nulmeting met 3,3 procentpunt). In het eerste leerjaar van de derde graad aso piekt het aandeel STEM-meisjes op 51%. BSO en TSO In het bso zien we t.o.v. 2010-2011 het percentage leerlingen in STEM-studierichtingen aangroeien in het eerste leerjaar van de tweede graad - zij het veel minder dan in het aso (van 40,47% naar 41,84%), maar licht dalen in het eerste leerjaar van de derde graad (van 37,90% naar 37,53%). Het aandeel meisjes in STEM-studierichtingen is 5,44% in het eerste leerjaar van de tweede graad en 3,77% in het eerste leerjaar van de derde graad. In het tso zien we t.o.v. 2010-2011 een stijging in het percentage leerlingen in een STEMstudierichting in het eerste leerjaar van de tweede graad (van 36,13% naar 37,59%), en een 8
stabilisering in het eerste leerjaar van de derde graad (van 40,1% naar 40%). Als we de percentages vergelijken met die van het schooljaar 2016-2017 zien we in het eerste leerjaar van de tweede graad een daling (van 38,31% naar 37,59%). Het aantal meisjes in tso is in het eerste leerjaar van de tweede graad 10,98% (stabilisering t.o.v. de vorige meting) en in het eerste leerjaar van de derde graad 15,67% (+ 0,5 procentpunt). Omdat deze tendens al een aantal jaren aanhoudt - zowel wat de eerder lage groeipercentages als wat het aandeel meisjes betreft- zoomt de Monitor 2019 opnieuw in de diepte in op de diverse STEM-studierichtingen in het tso en bso én op de evolutie binnen deze studierichtingen. De nulmeting voor deze specifieke diepere peiling slaat eveneens op 2010-2011. De voornaamste vaststellingen zijn: - De totale leerlingenpopulatie daalt in de STEM-bso-richtingen van het eerste leerjaar van de tweede graad (- 589 leerlingen) en in het eerste leerjaar van de derde graad (- 369 leerlingen). Ook in het tso gaat het aantal leerlingen in STEM-studierichtingen zowel in het eerste leerjaar van de 2degraad (- 266 leerlingen) als in het eerste leerjaar van de derde graad (- 424 leerlingen) naar beneden. Vaak net in dié studierichtingen met tekorten op de arbeidsmarkt, bv. bouw, hout, lassen-constructie, elektrotechnieken, elektrische installatietechnieken … -
-
Als we binnen het bso naar het procentueel aandeel leerlingen kijken, zien we t.o.v. 2010-2011 o.a. een daling in: Þ het eerste leerjaar van de tweede graad: studiegebieden Bouw, Hout, … Þ het eerste leerjaar van de derde graad: studierichtingen Ruwbouw, Lassen-constructie, studiegebied Koeling en Warmte, … We zien een stijging in o.a. volgende bso-studierichtingen: Þ In het eerste leerjaar van de tweede graad: Elektrische installaties, Lasser-Monteerder BMBE. Þ In het eerste leerjaar van de derde graad: Elektrische installaties, Mechanisch Onderhoud, Duurzaam wonen… Als we binnen het tso naar het procentueel aandeel leerlingen kijken, zien we t.o.v. 2010-2011 een daling in volgende studierichtingen: Þ In het eerste leerjaar van de tweede graad: Bouwtechnieken, Houttechnieken, ElektroMechanica, Elektrotechnieken… Þ In het eerste leerjaar van de derde graad: Autotechnieken, Bouwtechnieken, Mechanische technieken, ... We zien een stijging in volgende studierichtingen: Þ In het eerste leerjaar van de tweede graad: Industriële wetenschappen, Grafische media, … Þ In het eerste leerjaar van de derde graad: Chemie, Techniek-Wetenschappen, Elektromechanica, Industriële Wetenschappen, Industriële ICT, Informaticabeheer…
In de tso-studierichting Industriële wetenschappen stijgt de leerlingenpopulatie t.o.v. 2010-2011. Het IW-aandeel daalt dus niet, zoals vaak wordt gezegd. T.o.v. het referentiejaar kwamen er in het eerste leerjaar van de tweede graad 186 leerlingen bij, in het eerste leerjaar van de derde graad zijn er 23 leerlingen extra. De tso/bso-STEM-tendens krijgt in de editie van 2019 dus een tweede keer “een gezicht” door de opleidingen in detail te bekijken. Omwille van de waarde van het technisch en beroepsonderwijs in het algemeen, en van de STEM-doelstellingen in het bijzonder, is het noodzakelijk dat we de oorzaken die aan de basis liggen van deze tendensen zo scherp mogelijk in beeld brengen en de 9
scholen en leerkrachten waar mogelijk assisteren. De detailcijfers in deze Monitor zijn ook van groot belang voor de bedrijven en de sectoren en hun sectorconsulenten, die we hierbij uitnodigen om samen met ons de specifieke aandachtspunten te benoemen en aan te pakken. Uiteraard zijn er ook talloze voorbeelden van wat er wél goed loopt en deze dienen zeker ingezet bij de verdere aanpak, want globaal zijn deze cijfers niet echt goed te noemen. Het dient wel opgemerkt dat opleidingen die de innovatieweg ingeslagen zijn (bv. IW, Chemie, Duurzaam Wonen…) wél stijgende cijfers vertonen. Toch iets om op te volgen? Enkele elementen die wellicht een rol spelen: - De maatschappelijke verwachtingen rond een academisch diploma zijn groot. Daar is op zich uiteraard ook niets fout mee, zolang iedereen binnen de eigen competenties/motivatie weloverwogen studiekeuzes kan maken en geïnformeerd kennis neemt van het bredere menu. - Duaal Leren is als leermethode nog maar recent gestart: daar is m.a.w. nog groeimarge om de maatschappelijke positionering van tso en vooral bso te verbeteren - De infrastructuur in sommige bso - en tso -scholen verdient aandacht, maar het zal hoedanook echt niet langer mogelijk zijn om alle nieuwe machines en productiesystemen in de scholen te voorzien. Daarvoor gaat de evolutie nu eenmaal té snel. Misschien moeten alle actoren samen nadenken over de wijze van inzet van nieuwe technologieën binnen alternatieve leermethodes? (bv. een virtueel aanbod van praktijkwerk?) - Innovatie binnen tso en bso verdient alle aandacht. Focus op innovatie in relatie tot maatschappelijke uitdagingen is essentieel om: (1) jongeren positief aan te trekken voor STEM-uitvoerende beroepen, (2) hen te laten inzien dat door de snelle ontwikkelingen, levenslang leren een boeiende uitdaging wordt, (3) die bovendien essentieel is om de concurrentie aan te kunnen in alle sectoren. Idealiter zouden net dié studierichtingen waar tekorten zichtbaar zijn, dienen in te zetten op innovatie. Want net dààr liggen misschien ook de grootste opportuniteiten (het “laag hangend fruit”). De detailgegevens voor tso en bso bieden m.a.w. dus zeker mogelijkheden voor een gefocuste en nog meer gecoördineerde actie met de sectoren/sectorconsulenten, met de RTC’s én met de bedrijven die het STEM-Charter ondertekenden. Vanuit dit perspectief loopt vanaf het schooljaar 2019-2020 het InnoVET-traject/Innovatie in Technisch en Beroepsonderwijs in samenspraak met de onderwijsverstrekkers. (http://onderwijs.vlaanderen.be/STEM). Dit werkprogramma zet volop in op didactische materiaalontwikkeling, waarbij de tso - en bso-leerkrachten en hun scholen het voortouw nemen in samenwerking met bedrijven en sectoren die inzetten op innovatie en transitie. Uitstroom Steeds meer leerlingen met een STEM-diploma secundair onderwijs stromen door naar een STEM-richting in het hoger onderwijs. Zeker bij de meisjes wordt hier grote vooruitgang geboekt. Het totale percentage uitstromende leerlingen met een STEM-studiebewijs is t.o.v. 2016-2017 met 0,8 procentpunt gestegen tot 45,88%. T.o.v. de nulmeting is er een procentuele stijging van bijna 2 procentpunten. In aso loopt dit op tot 55,46% (bij de nulmeting was dit 51,12%). In bso daalt het percentage STEM10
studiebewijzen t.o.v. de nulmeting met 0,5 procentpunt tot 37,67%. In tso is er weinig evolutie in het percentage uitgereikte studiebewijzen: 40,23% in 2010-2011 en 40,51% in 2017-2018. Het globale percentage STEM-studiebewijzen zit daarmee op 45,88%, wat echter in grote mate gerealiseerd wordt door het hoge percentage STEM in aso. Het percentage meisjes dat met een STEM-studiebewijs uit het secundair onderwijs uitstroomt is 33,14%.
11
Meer in detail: STEM-evoluties in het Hoger Onderwijs In het hoger onderwijs noteren we een zeer lichte % stijging van het aantal studenten dat instroomt in STEM-studierichtingen in de professionele gerichte bachelor (+ 0,2 procentpunt t.o.v. 2016-2017 tot 26,64) en in de eerste master (+ 0,5% tot 30,98%). De academisch gerichte bachelor stabiliseert op 34,4%. Het genderverschil blijft bestaan. Het aandeel vrouwen in STEM neemt wel toe met 1,2 procentpunt in de academische bachelor (nu 24%), daalt met 0,5 procentpunt in de academische bacheloropleidingen en stijgt met hetzelfde cijfer in de masteropleidingen. Het % vrouwen blijft het grootst in de academische opleidingen. In HBO5 daalt het totaal aantal cursisten dat instroomt lichtjes (17.757 cursisten in referteperiode 2010-2011 vs. 16.610 studenten in referteperiode 2017-2018). De instroom van het aantal STEMcursisten is in 2017-2018 evenwel gestegen met goed 350 eenheden, een stijging met 2,7 procentpunten). In het refertejaar 2017-2018 bedraagt het aandeel STEM-cursisten in HBO5 27,44%. Dat is een groter aandeel dan het aandeel STEM-cursisten in het referentiejaar: plus 4 procentpunten. Het % vrouwen in STEM binnen HBO5 bedraagt 2017-2018 9,5%, zijnde een daling t.o.v. het referentiejaar 2010-2011 waar 11.64% van de cursisten in STEM-richtingen vrouw waren. STEM-richtingen zijn vandaag binnen HBO5 samen goed voor iets meer dan 1/4 van het totaal aantal cursisten maar meisjes blijven er nog altijd een minderheid (1/10). In de professionele bachelor neemt het totaal aantal STEM-studenten verder toe tot 26,64%. Dat is een stijging met 2,8 procentpunt t.o.v. het referentiejaar. Het % vrouwen stijgt met bijna 3 procentpunten tot 24% t.o.v. 2016-2017 (doelstelling 2020: 25,20%). In de academische bachelor stabiliseert het aandeel STEM-studenten op 34,4%. Het aandeel vrouwen staat op 39,4%, 0,6 procentpunten minder dan het voorgaande academiejaar, maar meer dan voldoende versus het gevraagde % vrouwen (37,07 %) door het STEM- Platform. In de masteropleidingen staat het % STEM 1,6 % hoger dan in het referentiejaar. Het aandeel vrouwen in STEM- opleidingen in het eerste masterjaar blijft eveneens stijgen. Met 36,5 % zijn de meisjes 4 %-punten gestegen t.o.v. het referentiejaar. Het studierendement (doorstroom) van STEM-studenten hoger onderwijs blijft lager dan in 20102011. Dit terwijl het studierendement van de niet-STEM studenten licht stijgt. De daling voor de STEM-studenten situeert zich vooral in de professionele bachelor. Het studierendement tussen STEM-studenten en niet STEM-studenten is -globaal genomen en voor het derde jaar op rij- goed vergelijkbaar: 73,1 % STEM-studierendement/73,7 % niet-STEM-studierendement. Het studierendement in de professionele bachelor ligt lager bij STEM-studenten dan bij de andere studenten. In de academische opleidingen is het studierendement van STEM-studenten hoger dan dat van de niet-STEM-studenten. Het aantal studiebewijzen (uitstroom) HO blijft stijgen. Het aantal STEM-studiebewijzen volgt deze evolutie (van 13.486 STEM-studiebewijzen in 2010-2011 naar 16 249 STEM-studiebewijzen in 20172018). Het marktaandeel van STEM in de uitstroom hoger onderwijs stijgt met 1 procentpunt en het aandeel meisjesstudenten met 2,5 procentpunten. Het % STEM-diploma’s op de populatie met een diploma ho staat op 27,5% (blijft dus meer dan 1 op 4). Per 1000 inwoners van de populatie 20-29 – jarigen is er een stijgend aantal jongeren met een STEM-diploma: het referentiejaar stijgt dit aandeel van 17,20 naar 19,79%. 12
Verschil tussen de OESO-STEM-cijfers en de Vlaamse Monitor-cijfers Ook internationaal krijgt STEM veel aandacht. Soms lijkt het alsof de Vlaamse en de internationale STEM- metingen elkaar tegenspreken. Zo verscheen in de OESO-publicatie Education at a Glance (2017) een internationale vergelijking betreffende de initiële inschrijvingen in het hoger onderwijs. De eerste tabel hieronder geeft weer welke studiegebieden worden gekozen door wie zich voor het eerst inschrijft in het hoger onderwijs. In Vlaanderen kiest ongeveer één op vijf jongeren die zich voor het eerst inschrijven in het hoger onderwijs voor een STEM-opleiding; de meeste (opgenomen) Europese landen doen het wat dat betreft beter dan Vlaanderen. Vooral het hoge aandeel inschrijvingen in het studiegebied ‘Health and Welfare’ valt op in Vlaanderen; enkel in Finland vinden we een vergelijkbaar aandeel. Enkele voorbeelden van opleidingen die in de Vlaamse definitie wel tot STEM behoren maar niet volgens de EUROSTAT/OESO-definitie: -
bij de academische bachelors: biomedische wetenschappen (zitten internationaal bij ‘Health’), verkeerskunde (zit internationaal bij ‘Transport’)
-
bij de professionele bachelors: meerdere opties van Audiovisuele technieken (zitten internationaal bij ‘Arts’), Agro- en biotechnologie (zit internationaal bij ‘Agriculture’), medische beeldvorming (zit internationaal bij ‘Health’), biomedische laboratoriumtechnologie (zitten internationaal bij ‘Health’). Engineering zit in Vlaanderen uiteraard helemaal in STEM, maar niet in de Eurostat/OESO-definitie…
Er worden voor studiegebieden m.a.w. verschillende definities (en de bijhorende classificatiesystemen) gehanteerd. Dat maakt dat verschillende cijfers gecommuniceerd worden onder dezelfde of zeer gelijkaardige benamingen. Tabel 2 hieronder toont dit verschil: vooral in de studiegebieden ‘Arts and humanties’, ‘Agriculture’ en in het bijzonder ‘Health and welfare’ en ‘Engineering’ zitten een aantal opleidingen die we in Vlaanderen beschouwen als STEM-opleidingen maar die dat volgens de internationale definitie dus niet zijn. Terugdenkend aan het relatief hoge aandeel Vlaamse inschrijvingen in ‘Health and welfare’ vinden we hier een stuk van de verklaring voor het verschil tussen de Vlaamse en de internationale STEM-cijfers.
13
Tabel 1: Vlaanderen internationaal vergeleken
Schooljaar 2015-2016 Educa tion
Arts and human ities
Social science s, journali sm and informa tion
Business, administr ation and law
Natural sciences , mathem atics and statistics
Informati on and Communi cation Technolo gies
Enginee STEM ring, manufa cturing and construc tion
Health and welfar e
Belgium
8%
11%
11%
23%
4%
3%
13%
19,45 %
24%
Vlaamse Gemeens chap
8
11
10
24
4
3
14
20,48
23
Denmark
6%
12%
11%
22%
6%
5%
12%
22,64 %
21%
Germany
8%
11%
8%
24%
10%
6%
23%
39,15 %
6%
Ireland
7%
16%
7%
22%
9%
9%
9%
27,83 %
15%
Greece
7%
12%
12%
20%
10%
3%
20%
33,18 %
9%
Spain
13%
12%
12%
20%
7%
3%
13%
23,54 %
14%
France
4%
16%
11%
26%
13%
3%
10%
26,82 %
12%
Italy
4%
20%
13%
20%
10%
2%
18%
29,58 %
10%
Cyprus
14%
8%
8%
45%
3%
4%
7%
13,10 %
9%
Luxembo urg
7%
16%
9%
37%
7%
6%
9%
23,09 %
5%
Netherla nds
8%
8%
12%
28%
7%
4%
10%
19,90 %
15%
Austria
12%
12%
12%
22%
11%
5%
15%
31,96 %
8%
Portugal
6%
11%
12%
23%
7%
2%
18%
26,43 %
13%
14
Finland
4%
9%
5%
20%
5%
9%
19%
32,49 %
23%
Sweden
14%
13%
13%
14%
6%
4%
17%
26,60 %
17%
United Kingdom
7%
16%
13%
21%
16%
4%
9%
29,37 %
12%
15
Tabel 2: Vergelijking tussen 'distribution of first entrace by field' volgens de Eurostat STEM definitie en de Vlaamse VRWI definitie
2015-2016
Arts and humanities
Social sciences, journalism and information
Business, administration and law
Information and communicati on technologies (ICTs) Natural Engineering, Agriculture, sciences, manufacturin Forestry, Health and mathematics g and Fisheries and welfare and statistics construction Veterinary
Education
Services
STEM
Niet STEM
STEM
Niet Niet STEM STEM STEM
STEM
Niet STEM
Vlaan deren
Vlaan deren
Vlaan deren
Vlaan Vlaan Vlaan dere deren deren n
Vlaan Vlaan deren deren
STEM
Niet Niet Niet Niet Niet Niet STEM STEM STEM STEM STEM STEM STEM STEM STEM STEM STEM
Vlaan Vlaan Vlaan Vlaan Vlaan Vlaan Vlaan Vlaan Vlaan Vlaan Vlaan Vlaan deren deren deren deren deren deren deren deren deren deren deren deren
0
7,70
1,9
8,80
0
10,40
0,6
23,80
3,9
0 %
3,2
0,1
13,8
0
1,2
1
4
18
0,4
1,2
16
Volwassenenonderwijs Tabel 3: Secundair Volwassenenonderwijs
referteperiode* 2013-2014 2014-2015 2015-2016 2016-2017 2017-2018
aantal cursisten 322.942 325.881 316.860 311.776 306.334
aantal STEM 92.263 89.128 80.274 80.396 76.591
aantal zorg-STEM 36 71 55 81 152
aantal lichte STEM 14.407 15.431 14.298 13.633 13.683
aantal niet-STEM 216.236 221.251 222.233 217.666 215.908
% STEM vrouw 47,16% 46,74% 45,83% 46,80% 46,48%
% STEM 28,57% 27,35% 25,33% 25,79% 25,00%
*Een referentieperiode loopt van 1/4/X tot 31/3/X+1
Voor het secundair volwassenenonderwijs geldt als nulmeting referteperiode 2013-2014 omdat vanaf dat moment de databank opgestart is. Vaststellingen: 1. Het totaal aantal studenten dat instroomt in het secundair volwassenenonderwijs neemt opnieuw af (-5.442 studenten t.o.v. 2016-2017) 2. De instroom van het aantal STEM-cursisten daalt eveneens (-3805 t.o.v. 2016-2017) 3. Het percentage cursisten dat instroomt in een STEM-opleiding dis t.o.v. de nulmeting (2013-2014) gedaald met 15 672 eenheden 4. Het percentage vrouwen dat een STEM-opleiding volgt, daalt met 0,3 procentpunt t.o.v. 2016-2017. Tabel 4: HBO5 Verpleegkunde (zorg-STEM)1
schooljaar
aantal cursisten
aantal STEM
aantal zorg-STEM
aantal lichte STEM
aantal niet-STEM
% zorg-STEM
% zorg-STEM vrouw
2009-2010
1.983
-
1.983
-
-
100,00%
85,78%
2010-2011 2011-2012
2.176 2.242
-
2.176 2.242
-
-
100,00% 100,00%
86,17% 88,09%
2012-2013
2.439
-
2.439
-
-
100,00%
87,29%
2013-2014
2.785
-
2.785
-
-
100,00%
86,14%
2014-2015
2.507
-
2.507
-
-
100,00%
86,92%
2015-2016
2.707
-
2.707
-
-
100,00%
84,89%
2016-2017
2.399
-
2.399
-
-
100,00%
84,79%
2017-2018
2.155
-
2.155
-
-
100,00%
85,80%
1
In de tabel zijn enkel de cursisten HBO5 verpleegkunde opgenomen die op 1 oktober ingeschreven zijn in de eerste module: initiatie verpleegkunde (20 weken). HBO5 behoort tot het niveau hoger onderwijs. De opleidingen HBO5 kunnen worden ingericht door centra voor volwassenenonderwijs of door hogescholen. HBO5 verpleegkunde wordt als enige uitzondering ingericht door instellingen van het voltijds secundair onderwijs.
17
Vaststellingen: 1. 2.
Het totaal aantal cursisten dat instroomt in HBO5 Verpleegkunde is opnieuw gedaald (- 244 cursisten). Het percentage vrouwen dat een opleiding HBO5 verpleegkunde volgt, is 1 procentpunt gestegen en is zeer hoog: bijna 86%.
Tabel 5: HBO5 exclusief HBO5 Verpleegkunde2
Referteperiode*
A
B
Aantal cursisten
Aantal STEM
Aantal zorg-STEM
Aantal lichte STEM
Aantal niet-STEM
B/A*100
B/B*100
% STEM
% STEM vrouw
2008-09
17.093
4.246
178
0
12.669
24,84%
11,28%
2009-10
17.930
4.363
119
0
13.448
24,33%
11,37%
2010-11
17.757
4.149
111
0
13.497
23,36%
11,64%
2011-12
18.235
4.210
110
0
13.914
23,09%
12,76%
2012-13
17.913
4.355
93
0
13.465
24,31%
11,37%
2013-14
17.989
4.597
86
0
13.306
25,55%
16,58%
2014-15 2015-16
17.862 17.442
4.095 4.103
111 124
0 0
13.656 13.215
22,93% 23,52%
11,62% 11,60%
2016-17
16.947
4.198
109
0
12.640
24,77%
10,62%
16.610
4.557
79
0
11.974
27,44%
9,46%
2017-18
*Een referentieperiode loopt van 1/4/X tot 31/3/X+1
Vaststellingen: 1. 2. 3. 4.
Het totaal aantal cursisten dat instroomt in HBO5 volwassenenonderwijs is gedaald (-337 eenheden t.o.v. 2016-2017) De instroom van het aantal STEM-cursisten in HBO5 – volwassenenonderwijs stijgt (+ 359 eenheden) Het percentage cursisten dat instroomt in een STEM-studierichting in HBO5 - volwassenenonderwijs stijgt naar 27,44% in 2017- 2018 t.o.v. 24,77% in 2016-2017, of plus 2,7 procentpunt. Het percentage vrouwen dat een STEM-studierichting volgt in het HBO5 - volwassenenonderwijs daalt met meer dan 1 procentpunt, van 10,62% naar 9,46%
2
Voor deze tabel werd gebruik gemaakt van het aantal unieke inschrijvingen van een cursist in een bepaalde opleiding per referteperiode en niet het aantal generatiestudenten per academiejaar. Het is immers op dit ogenblik niet mogelijk om de eerste module die een bepaalde cursist in een HBO5- opleiding heeft afgelegd eenduidig vast te stellen. Deze wijze van berekenen heeft als gevolg dat bepaalde unieke cursisten in een bepaalde opleiding mogelijk in twee verschillende referteperioden kunnen worden meegeteld. Dit zal de cijfers van het totaal aantal HBO5-cursisten bij een CVO licht vertekenen (t.o.v. de gegevens voor HO en SO) in die zin dat het effectief aantal generatiestudenten/cursisten lager zal liggen dan de aangeleverde cijfers.
18
Focus op ICT Tabel 6: Selectie opleidingen ICT Type opleiding
Cluster studiegebieden HO
Opleiding HO
Aantal inschrijvingen in 2018
Professioneel gerichte bachelor
Handelswetenschappen en bedrijfskunde
Bachelor in de toegepaste informatica
5 492
Academisch gerichte bachelor
Industriële wetenschappen en technologie
Bachelor of Science in de industriële wetenschappen: elektronica-ICT
64
Academisch gerichte bachelor
Industriële wetenschappen en technologie
Bachelor of Science in de industriële wetenschappen: informatica
84
Professioneel gerichte bachelor
Industriële wetenschappen en technologie
Bachelor in de elektronica-ICT
Master
Industriële wetenschappen en technologie
Master of Science in de industriële wetenschappen: informatica
102
Master
Industriële wetenschappen en technologie
Master of Science in de industriële wetenschappen: elektronica-ICT
509
Academisch gerichte bachelor
Wetenschappen
Bachelor of Science in de informatica
778
Master
Wetenschappen
Master of Science in de wiskundige informatica
Master
Wetenschappen
Master of Science in de toegepaste informatica
Master
Wetenschappen
Master of Science in de informatica
1 526
51 67 104
19
Tabel 7: Doorstroom van jongeren met een STEM diploma secundair onderwijs naar een ICT-STEM studierichting hoger onderwijs (met opdeling naar geslacht) Academiejaar generatiestudent
Aantal lln dat STEM diploma in SO behaalde in jaar x-1
Aantal lln met STEMdiploma SO doorstromen naar ICT opleiding in het HO
% van lln met SO STEM diploma dat instroomt in ICT opleiding in het HO
Aantal vrouwelijke lln dat STEM diploma in SO behaalde in jaar x-1
Aantal vrouwelijke lln met STEM-diploma SO doorstromen naar ICT opleiding in het HO
% berekend enkel op de populatie meisjes
2007-08
24 100
1 325
5,50%
7 763
46
0,59%
2008-09
24 614
1 300
5,28%
8 030
52
0,65%
2009-10
25 108
1 352
5,38%
7 940
43
0,54%
2010-11
25 478
1 258
4,94%
8 167
35
0,43%
2011-12
24 638
1 181
4,79%
7 749
37
0,48%
2012-13
24 133
1 244
5,15%
7 494
49
0,65%
2013-14
24 373
1 319
5,41%
7 760
46
0,59%
2014-15
24 378
1 295
5,31%
7 909
42
0,53%
2015-16
24 893
1 253
5,03%
8 051
53
0,66%
2016-17
25 243
1 411
5,59%
8 259
53
0,64%
2017-18
25 297
1 406
5,56%
8 369
62
0,74%
20
Tabel 8: Studiekeuze voor ICT/STEM in hoger onderwijs. Percentage studenten die ICT/STEM studiekeuze maken en percentage meisjes in de ICT/STEM categorie
Type opleiding: Academisch gerichte bachelor
Aantal Academiejaar inschrijvingen in ICT
Aantal inschrijvingen
% inschrijvingen in ICT op totaal aantal inschrijvingen
Aantal STEM HO
% inschrijvingen in ICT op totaal aantal STEMinschrijvingen
% vrouwen STEM HO
2008-2009
241
20329
1,2%
6461
3,7%
5,39%
2009-2010
236
20891
1,1%
6537
3,6%
4,66%
2010-2011
205
21224
1,0%
6707
3,1%
4,39%
2011-2012
249
21050
1,2%
6972
3,6%
6,43%
2012-2013
242
20740
1,2%
7087
3,4%
5,79%
2013-2014
236
20747
1,1%
6883
3,4%
6,36%
2014-2015
209
20519
1,0%
6843
3,1%
6,70%
2015-2016
191
20843
0,9%
7226
2,6%
7,85%
2016-2017
201
20 948
1,0%
7 209
2,8%
8,46%
2017-2018
207
21 427
1,0%
7 381
2,8%
6,76%
Type opleiding: Professioneel gerichte bachelor
Aantal Academiejaar inschrijvingen in ICT
% inschrijvingen Aantal Aantal in ICT op inschrijvingen STEM HO totaal aantal inschrijvingen
% inschrijvingen in ICT op totaal % vrouwen aantal STEMSTEM HO inschrijvingen
2008-2009
1 356
22960
5,9%
5568
24,4%
5,46%
2009-2010
1 371
23894
5,7%
5791
23,7%
4,38%
2010-2011
1 302
24535
5,3%
5844
22,3%
3,53%
2011-2012
1 183
24991
4,7%
5938
19,9%
3,72%
2012-2013
1 331
24990
5,3%
6071
21,9%
3,61%
2013-2014
1 422
25388
5,6%
6343
22,4%
4,36%
2014-2015
1 475
26031
5,7%
6656
22,2%
3,80%
2015-2016
1 519
26614
5,7%
6986
21,7%
4,67%
2016-2017
1 645
26992
6,1%
7129
23,1%
4,26%
2017-2018
1 627
26 538
6,1%
7 064
23,0%
5,59%
21
Studenten in hun eerste masterjaar
Huidig Aantal academiejaar inschrijvingen verkorte in ICT omschrijving
% inschrijvingen Aantal Aantal in ICT op inschrijvingen STEM HO totaal aantal inschrijvingen
% inschrijvingen in ICT op totaal % vrouwen aantal STEMSTEM HO inschrijvingen
2008-2009
430
18034
2,4%
5007
8,6%
5,81%
2009-2010
465
18513
2,5%
5183
9,0%
4,95%
2010-2011
458
18890
2,4%
5547
8,3%
4,80%
2011-2012
397
19815
2,0%
5753
6,9%
5,29%
2012-2013
457
20485
2,2%
5970
7,7%
5,47%
2013-2014
462
20417
2,3%
6074
7,6%
5,63%
2014-2015
385
20071
1,9%
6021
6,4%
5,97%
2015-2016
400
19323
2,1%
5947
6,7%
5,25%
2016-2017
392
19 977
2,0%
6 091
6,4%
7,65%
2017-2018
439
20 030
2,2%
6 205
7,1%
7,52%
22
Tabel 9: Doorstroom in hoger onderwijs-ICT-opleidingen: studierendement van generatiestudenten Academi ejaar 20082009
Soort opleiding Academisch gerichte bachelor Professioneel gerichte bachelor Master Totaal
20092010
430
21 160
19 133
90,42%
2 027
63,49%
1 371
79 592
52 452
65,90%
22 228 115 607
20 193 81 398
90,84% 70,41%
205
11 462
6 636
57,90%
1 302
74 927
49 829
66,50%
458
20 579
18 839
91,54%
106 968
75 304
70,40%
249
14 196
8 936
62,95%
1 183
67 027
42 725
63,74%
397
19 025
17 122
90,00%
1 829
100 248
68 783
68,61%
242
13 745
8 688
63,21%
1 331
74 621
43 975
58,93%
457 2 030
21 524 109 890
18 768 71 431
87,20% 65,00%
236
13 421
8 293
61,79%
1 422
79 217
47 566
60,05%
462
21 693
19 393
89,40%
2 120
114 331
75 252
65,82%
209
11 973
7 634
63,76%
1 475
81 897
47 416
57,90%
385 2 069
17 573 111 443
15 620 70 670
88,89% 63,41%
191
10 934
7 217
66,01%
1 519
84 438
50 671
60,01%
400
17 192
15 499
90,15%
2 110
112 564
73 387
65,20%
201
11 290
7 201
63,78%
1 645
90 318
53 598
59,34%
392 2 238
16 391 117 999
14 807 75 606
90,34% 64,07%
207
11 574
7 759
67,04%
1 627
89 015
51 388
57,73%
439
19 808 120 397
17 755 76 902
Studierendem ent Rest
70,71% 8 753
1 965
2 273
81 089 13 787
465
Academisch gerichte bachelor Professioneel gerichte bachelor Master Totaal
114 671 236
2 072
Academisch gerichte bachelor Professioneel gerichte bachelor Master Totaal
20172018
67,91%
Academisch gerichte bachelor Professioneel gerichte bachelor Master Totaal
20162017
54 011
Academisch gerichte bachelor Professioneel gerichte bachelor Master Totaal
20152016
79 528
Academisch gerichte bachelor Professioneel gerichte bachelor Master Totaal
20142015
1 356
Academisch gerichte bachelor Professioneel gerichte bachelor Master Totaal
20132014
Studierendement ICT-STEM 56,82%
Academisch gerichte bachelor Professioneel gerichte bachelor Master Totaal
20122013
Totaal verworven studiepunten ICT-STEM 7 945
Academisch gerichte bachelor Professioneel gerichte bachelor Master Totaal
20112012
Totaal opgenomen studiepunten ICT-STEM 13 983
Academisch gerichte bachelor Professioneel gerichte bachelor Master Totaal
20102011
Aantal ICTSTEM HO 241
89,64% 63,87%
23
Tabel 10: Studiebewijzen hoger onderwijs / ICT opleidingen Huidig academiejaar verkorte omschrijving
Totaal Totaal % ICT Aantal % ICT Aantal Diploma's Populatie diploma's diploma's diploma's STEM- diploma's studiebewijzen ICT per 20-29 jaar op totaal diploma's op aantal en % vrouw in 1000 ICT aantal STEMICT inwoners HO 20-29 diploma's diploma's opleidingen jaar
2008-2009
1 400
46 442
3,0%
12 356
11,3%
3,86%
1,80
776 646
2009-2010
1 445
47 711
3,0%
12 782
11,3%
5,05%
1,85
782 165
2010-2011
1 599
51 007
3,1%
13 486
11,9%
5,63%
2,04
784 177
2011-2012
1 558
53 348
2,9%
14 189
11,0%
5,07%
1,97
791 803
2012-2013
1 479
54 884
2,7%
14 372
10,3%
3,99%
1,85
797 564
2013-2014
1 436
54 964
2,6%
14 732
9,7%
4,39%
1,79
802 145
2014-2015
1 360
56 153
2,4%
14 894
9,1%
5,44%
1,69
805 003
2015-2016
1 447
57 602
2,5%
15 480
9,3%
4,91%
1,79
807 087
2016-2017
1 559
58 242
2,7%
15 876
9,8%
6,03%
1,92
811 190
2017-2018
1 702
59 093
2,9%
16 249
10,5%
6,82%
2,09
813 707
24
Conclusies STEM-Monitor 2019 1. De 5 doelstellingen van het STEM-actieplan 2012-2020 lijken medio 2019 haalbaar, indien het huidige groeitempo zich voortzet. Er is inderdaad een blijvende evolutie merkbaar in de richting van de vooropgestelde kwantitatieve doelstellingen voor wat betreft een hogere instroom in STEM-richtingen. 2. De evoluties verschillen echter sterk tussen de verschillende onderwijsvormen. 3. In het secundair onderwijs kiest 36% van de leerlingen die instromen in het eerste leerjaar van de tweede graad voor STEM. De stijging binnen aso is eerder gestabiliseerd, met een stijging van 0,53 procentpunt t.o.v. 2016-2017. 4. In het tso daalt het percentage leerlingen in STEM-studierichtingen zowel in het eerste leerjaar van de tweede graad (- 0,7 procentpunt) als in het eerste leerjaar van de derde graad (- 0,8 procentpunt) t.o.v. 2016-2017. Het blijft van belang om in tso de studierichtingen die onder druk staan, nader op te volgen. 5. In bso zien we in de tweede graad weliswaar nog een stijging t.o.v. de nulmeting met 1,4 procentpunt tot 41,84%, maar in de derde graad zien we een daling met 0,4 procentpunt. 6. Het aandeel meisjes in STEM-studierichtingen neemt toe maar blijft over het algemeen lager dan het aandeel jongens. In tso en bso blijft het aandeel meisjes in STEM zeer laag (tso) tot extreem laag (bso). 7. Ook de tendens qua uitstroom van leerlingen met een STEM-diploma van de afgelopen jaren zet zich door. Meer dan de helft van de leerlingen in aso behaalt een STEM-diploma (55,46%). Dat is 4,34 procentpunten hoger dan de nulmeting. STEM-kso zit 2,2 procentpunt onder de nulmeting. De daling van het percentage STEM- studiebewijzen binnen bso vraagt bijzondere aandacht (- 0,5 procentpunt t.o.v. de nulmeting). In tso is het percentage STEMstudiebewijzen 0,3 procentpunt hoger dan bij de nulmeting. 8. Het aantal leerlingen met een STEM-studiebewijs secundair dat doorstroomt naar een STEMrichting in het hoger onderwijs stijgt met 50, maar het aantal studenten dat in het HO instroom in een STEM-opleiding stijgt met 250! De STEM-instroom in het HO staat nu op 46,80 %. Bij de STEM-meisjes instroom in het HO is er sedert de nulmeting een vooruitgang met 7,1 procentpunt! 9. In het hoger onderwijs is er in 2016-2017 een duidelijk verschil tussen de professionele bachelor (quasi stagnering op 26,64 % (wat wel bijna 3 % groei is t.o.v. de nulmeting) en de academische bachelor waar we in 2017-2018 34,45% meten (2016-2017: 34,41%) – tegenover de nulmeting betekent dat een groei met bijna 3 %. 10. Het aandeel meisjes dat instroomt in de professionele bachelor stijgt in 2017-2018 met 1,2 procentpunten t.o.v. 2016-2017 tot 24,09%. T.o.v. de nulmeting is dat een stijging met bijna 3 %punten. 11. In de academische master zien we bij de meisjesstudenten een lichte daling van 40,27% (2016-2017) naar 39,37% (2017- 2018). De reeds gehaalde doelstelling wordt evenwel nog steeds ruim overschreden. De doelstelling voor 2020 is 37,07%. 12. De prestaties voor STEM in het hoger onderwijs (studierendement) verschillen nauwelijks (min 0,5 procentpunten) van de prestaties van niet-STEM studenten. 13. Het STEM-studierendement is gedaald (73,12%) t.o.v. de nulmeting (75,09%). De daling bij het studierendement in de STEM-professionele bacheloropleidingen is het sterkst (van 67,28% in de nulmeting naar 63,76 in het laatst gemeten academiejaar). Bij de MasterSTEM-opleidingen is het studierendement van STEM-studenten licht hoger dan dat van de andere studenten.
25
Indicatoren I.
STEM-instroom (studiekeuze) a. Secundair onderwijs Leerlingen eerste leerjaar tweede graad3
Tabel 11: Totaal
schooljaar
aantal leerlingen
aantal STEM
aantal zorg-STEM
aantal lichte STEM
aantal niet-STEM
% STEM
% STEM vrouw
2006-2007
75.208
24.551
164
1.169
49.324
32,64%
19,61%
2007-2008
74.223
24.579
168
1.246
48.230
33,12%
20,91%
2008-2009
71.541
23.772
168
1.232
46.369
33,23%
20,73%
2009-2010
70.550
24.001
-
1.906
44.643
34,02%
22,54%
2010-2011
70.912
23.758
-
2.018
45.136
33,50%
23,21%
2011-2012
71.142
23.876
-
2.113
45.153
33,56%
24,15%
2012-2013
70.456
23.944
-
2.062
44.450
33,98%
23,86%
2013-2014
69.197
23.685
-
2.057
43.455
34,23%
24,15%
2014-2015
69.201
24.567
-
1.935
42.699
35,50%
24,68%
2015-2016
68.646
24.436
-
2.012
42.198
35,60%
25,05%
2016-2017
67.968
24.516
-
2.018
41.434
36,07%
25,88%
2017-2018
68.793
24.871
-
2.152
41.770
36,15%
26,07%
Per onderwijsvorm Tabel 42: ASO
schooljaar
aantal leerlingen
aantal STEM
aantal zorg-STEM
aantal lichte STEM
aantal niet-STEM
% STEM
% STEM vrouw
2006-2007
34.264
9.086
-
-
25.178
26,52%
42,89%
2007-2008
33.570
9.453
-
-
24.117
28,16%
44,81%
2008-2009
32.322
9.174
-
-
23.148
28,38%
44,06%
2009-2010
32.568
9.616
-
650
22.302
29,53%
44,09%
2010-2011
32.684
9.733
-
726
22.225
29,78%
44,85%
2011-2012
33.129
10.122
-
773
22.234
30,55%
44,80%
2012-2013
32.887
10.169
-
753
21.965
30,92%
45,08%
2013-2014
32.648
10.135
-
780
21.733
31,04%
45,40%
2014-2015
32.845
10.718
-
756
21.371
32,63%
46,20%
2015-2016
33.084
10.816
-
867
21.401
32,69%
46,22%
3
Dit zijn alle leerlingen voltijds gewoon secundair onderwijs op 1 februari (of de eerstvolgende schooldag), inclusief de leerlingen in het modulair stelsel op het niveau van het eerste leerjaar van de tweede graad. De leerlingen in Franstalige afdelingen van Nederlandstalige scholen onder de bevoegdheid van het Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming zijn niet opgenomen in de cijfers.
26
2016-2017
33.182
11.226
-
846
21.110
33,83%
46,21%
2017-2018
34.051
11.701
-
943
21.407
34,36%
45,88%
Tabel 53: BSO
schooljaar
aantal leerlingen
aantal STEM
aantal zorg-STEM
aantal lichte STEM
aantal niet-STEM
% STEM
% STEM Vrouw
2006-2007
16.562
6.774
-
325
9.463
40,90%
3,19%
2007-2008
16.400
6.748
-
323
9.329
41,15%
3,28%
2008-2009
16.284
6.580
-
350
9.354
40,41%
3,54%
2009-2010
15.718
6.510
-
361
8.847
41,42%
6,04%
2010-2011
16.221
6.565
-
405
9.251
40,47%
5,73%
2011-2012
16.104
6.312
-
416
9.376
39,20%
5,69%
2012-2013
15.517
6.191
-
400
8.926
39,90%
5,14%
2013-2014
14.877
6.004
-
348
8.525
40,36%
5,31%
2014-2015
15.009
6.228
-
363
8.418
41,50%
5,14%
2015-2016
14.779
6.270
-
324
8.185
42,43%
5,53%
2016-2017
14.362
5.959
-
320
8.083
41,49%
5,81%
2017-2018
14.284
5.976
-
338
7.970
41,84%
5,44%
Tabel 64: KSO
schooljaar
aantal leerlingen
aantal STEM
aantal zorg-STEM
aantal lichte STEM
aantal niet-STEM
% STEM
% STEM Vrouw
2006-2007
1.214
-
-
844
370
0,00%
0,00%
2007-2008
1.377
-
-
923
454
0,00%
0,00%
2008-2009
1.350
-
-
882
468
0,00%
0,00%
2009-2010
1.359
-
-
895
464
0,00%
0,00%
2010-2011
1.362
-
-
887
475
0,00%
0,00%
2011-2012
1.424
-
-
924
500
0,00%
0,00%
2012-2013
1.435
-
-
909
526
0,00%
0,00%
2013-2014
1.376
-
-
929
447
0,00%
0,00%
2014-2015
1.288
-
-
816
472
0,00%
0,00%
2015-2016
1.262
-
-
821
441
0,00%
0,00%
2016-2017
1.288
-
-
852
436
0,00%
0,00%
2017-2018
1.321
-
-
871
450
0,00%
0,00%
27
Tabel 75: TSO
schooljaar
aantal leerlingen
aantal STEM
aantal zorg-STEM
aantal lichte STEM
aantal niet-STEM
% STEM
% STEM Vrouw
2006-2007
23.168
8.691
164
-
14.313
37,51%
8,08%
2007-2008
22.876
8.378
168
-
14.330
36,62%
8,14%
2008-2009
21.585
8.018
168
-
13.399
37,15%
8,13%
2009-2010
20.905
7.875
-
-
13.030
37,67%
9,88%
2010-2011
20.645
7.460
-
-
13.185
36,13%
10,38%
2011-2012
20.485
7.442
-
-
13.043
36,33%
11,70%
2012-2013
20.617
7.584
-
-
13.033
36,79%
10,71%
2013-2014
20.296
7.546
-
-
12.750
37,18%
10,59%
2014-2015
20.059
7.621
-
-
12.438
37,99%
10,37%
2015-2016
19.521
7.350
-
-
12.171
37,65%
10,56%
2016-2017
19.136
7.331
-
-
11.805
38,31%
11,06%
2017-2018
19.137
7.194
-
-
11.943
37,59%
10,98%
28
Per studierichting STEM – bso en tso Tabel 86: BSO
Studiegebied
Studierichting STEM Hulpmec. personen- en lichte bedrijfsw. Plaatwerker Spuiter Bouw Duurzaam wonen Schilderwerk en decoratie Werfbediener ruwbouw
Auto
Bouw Grafische communicati e en media Hout Juwelen Koeling en warmte
Mechanicaelektriciteit Textiel
Drukken en voorbereiden
80
77
0,49%
0,54%
12,99%
Binnenschrijnwerker Hout Machinaal houtbewerker Diamantbewerking Goud en juwelen Koelmonteur Loodgieter
15 1.446 17 7 23 9 3
1.271 4 5 9 -
0,09% 8,91% 0,10% 0,04% 0,14% 0,06% 0,02%
8,90% 0,03% 0,04% 0,06% -
2,36% 0,00% 0,00% 11,11% -
8
-
0,05%
-
-
Plant, dier en milieu
611
537
3,77%
3,76%
35,01%
Maritieme vorming
9
2
0,06%
0,01%
0,00%
Rijn- en binnenvaart
14
12
0,09%
0,08%
0,00%
2.398 976 12 9 10 8 2 2 6.565 405 9.251 16.221
2.315 1.201 15 8 5.976 338 7.970 14.284
14,78% 6,02% 0,07% 0,06% 0,06% 0,05% 0,01% 0,01% 40,47% 2,50% 57,03% 100,00%
16,21% 8,41% 0,11% 0,06% 41,84% 2,37% 55,80% 100,00%
1,47% 0,92% 0,00% 0,00% 5,44% 57,69% 69,47% 42,40%
Monteur centrale verwarming
Land- en tuinbou w Maritieme opleidingen
Basismechanica Elektrische installaties Hoeklasser Lasser monteerder BMBE Lasser monteerder MIG/MAG Residentieel elektrotechn. Installateur Stopper/randafwerker Textiel
Totaal STEM Zorg-STEM Lichte STEM4 Niet-STEM Totaal eerste leerjaar tweede graad bso
4
aantal aantal % % % vrouw leerlingen leerlingen 2010-2011 2017-2018 2017-2018 2010-2011 2017-2018 33 9 0,20% 0,06% 11,11% 11 0,08% 0,00% 10 0,06% 558 323 3,44% 2,26% 1,86% 34 27 0,21% 0,19% 7,41% 243 147 1,50% 1,03% 28,57% 28 3 0,17% 0,02% 0,00%
Studierichting Publiciteit en Etalage
29
Tabel 97: TSO
Studiegebied Bouw Chemie Fotografie Grafische communicati e en media Hout Land- en tuinbou w Maritieme opleidingen
Mechanicaelektriciteit Textiel
Studierichting STEM Bouw- en houtkunde Bouwtechnieken Techniek-wetenschappen Fotografie Grafische communicatie
aantal aantal % % % vrouw leerlingen leerlingen 2010-2011 2017-2018 2017-2018 2010-2011 2017-2018 148 118 0,72% 0,62% 5,08% 204 106 0,99% 0,55% 0,94% 917 887 4,44% 4,64% 36,53% 52 60 0,25% 0,31% 71,67% 38 75 0,18% 0,39% 22,67%
Grafische media Houttechnieken Biotechnische wetenschappen
254 627 237
307 534 206
1,23% 3,04% 1,15%
1,60% 2,79% 1,08%
18,57% 2,62% 36,89%
Plant-, dier- en milieutechnieken Maritieme technieken Dek
452 35
382 29
2,19% 0,17%
2,00% 0,15%
33,77% 6,90%
Maritieme technieken Motoren Elektriciteit-elektronica Elektromechanica Elektrotechnieken Industriële wetenschappen
18 414 1.114 1.037 999
9 395 1.091 961 1.185
0,09% 2,01% 5,40% 5,02% 4,84%
0,05% 2,06% 5,70% 5,02% 6,19%
0,00% 2,53% 1,56% 1,56% 5,32%
Mechanische technieken Textiel- en designtechnieken Textieltechnieken Voedingstechnieken
900 2 6 6 7.460 13.185
826 11 5 7 7.194 11.943
4,36% 0,01% 0,03% 0,03% 36,13% 63,87%
4,32% 0,06% 0,03% 0,04% 37,59% 62,41%
1,21% 18,18% 0,00% 57,14% 10,98% 59,09%
Voeding Totaal STEM Zorg-STEM Lichte STEM Niet-STEM Totaal eerste leerjaar tweede graad tso
20.645
19.137
100,00%
100,00%
41,00%
30
Leerlingen eerste leerjaar derde graad5 Tabel 108: Totaal
schooljaar
aantal leerlingen
aantal STEM
aantal zorg-STEM
aantal lichte STEM
aantal niet-STEM
% STEM
% STEM vrouw
2006-2007
70.312
31.812
138
950
37.412
45,24%
27,64%
2007-2008
71.682
32.180
134
983
38.385
44,89%
27,34%
2008-2009
72.074
32.160
146
974
38.794
44,62%
27,70%
2009-2010
71.209
30.894
145
1.464
38.706
43,38%
27,55%
2010-2011
68.805
30.048
137
1.521
37.099
43,67%
27,46%
2011-2012
68.043
29.988
-
1.524
36.531
44,07%
28,49%
2012-2013
68.021
29.775
-
1.570
36.676
43,77%
29,45%
2013-2014
68.560
29.875
-
1.607
37.078
43,57%
29,73%
2014-2015
68.583
30.183
-
1.516
36.884
44,01%
29,70%
2015-2016
68.270
30.244
-
1.466
36.560
44,30%
30,15%
2016-2017
67.819
30.541
-
1.603
35.675
45,03%
30,67%
2017-2018
67.345
30.282
-
1.737
35.326
44,97%
31,27%
Per onderwijsvorm Tabel 119: ASO
schooljaar
aantal leerlingen
aantal STEM
aantal zorg-STEM
aantal lichte STEM
aantal niet-STEM
% STEM
% STEM vrouw
2006-2007
27.493
14.486
-
-
13.007
52,69%
48,35%
2007-2008
28.156
14.664
-
-
13.492
52,08%
47,57%
2008-2009
28.007
14.835
-
-
13.172
52,97%
47,64%
2009-2010
27.470
13.958
-
562
12.950
50,81%
48,04%
2010-2011
26.709
13.839
-
564
12.306
51,81%
47,01%
2011-2012
26.660
13.840
-
550
12.270
51,91%
47,73%
2012-2013
26.746
14.050
-
587
12.109
52,53%
48,73%
2013-2014
26.570
14.105
-
584
11.881
53,09%
48,75%
2014-2015
26.559
14.165
-
590
11.804
53,33%
49,50%
2015-2016
26.604
14.404
-
588
11.612
54,14%
50,08%
2016-2017
26.790
14.749
-
589
11.452
55,05%
50,71%
2017-2018
26.923
14.845
-
668
11.410
55,14%
51,01%
5
Dit zijn alle leerlingen voltijds gewoon secundair onderwijs op 1 februari (of de eerstvolgende schooldag), inclusief de leerlingen in het modulair stelsel op het niveau van het eerste leerjaar van de derde graad. De leerlingen in Franstalige afdelingen van Nederlandstalige scholen onder de bevoegdheid van het Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming zijn niet opgenomen in de cijfers.
31
Tabel 20: BSO
schooljaar
aantal leerlingen
aantal STEM
aantal zorg-STEM
aantal lichte STEM
aantal niet-STEM
% STEM
% STEM vrouw
2006-2007
16.697
6.480
-
437
9.780
38,81%
3,32%
2007-2008
16.832
6.580
-
463
9.789
39,09%
3,43%
2008-2009
16.983
6.489
-
464
10.030
38,21%
3,22%
2009-2010
16.860
6.399
-
448
10.013
37,95%
3,56%
2010-2011
16.426
6.225
-
495
9.706
37,90%
3,68%
2011-2012
15.892
6.017
-
447
9.428
37,86%
3,84%
2012-2013
16.101
5.938
-
502
9.661
36,88%
3,84%
2013-2014
16.448
5.850
-
507
10.091
35,57%
4,17%
2014-2015
16.365
5.931
-
467
9.967
36,24%
3,66%
2015-2016
16.115
5.893
-
435
9.787
36,57%
3,55%
2016-2017
15.829
5.864
-
495
9.470
37,05%
3,77%
2017-2018
15.602
5.856
-
477
9.269
37,53%
3,77%
Tabel 21: KSO
schooljaar
aantal leerlingen
aantal STEM
aantal zorg-STEM
aantal lichte STEM
aantal niet-STEM
% STEM
% STEM vrouw
2006-2007
1.727
373
-
513
841
21,60%
62,73%
2007-2008
1.731
373
-
520
838
21,55%
56,30%
2008-2009
1.662
339
-
510
813
20,40%
65,19%
2009-2010
1.738
396
-
454
888
22,78%
53,54%
2010-2011
1.677
349
-
462
866
20,81%
52,72%
2011-2012
1.796
396
-
527
873
22,05%
60,35%
2012-2013
1.677
328
-
481
868
19,56%
56,10%
2013-2014
1.750
370
-
516
864
21,14%
61,08%
2014-2015
1.708
339
-
459
910
19,85%
61,36%
2015-2016
1.674
347
-
443
884
20,73%
59,08%
2016-2017
1.740
338
-
519
883
19,43%
62,72%
2017-2018
1.843
370
-
592
881
20,08%
62,70%
32
Tabel 122: TSO
schooljaar
aantal leerlingen
aantal STEM
aantal zorg-STEM
aantal lichte STEM
aantal niet-STEM
% STEM
% STEM vrouw
2006-2007
24.395
10.473
138
-
13.784
42,93%
12,79%
2007-2008
24.963
10.563
134
-
14.266
42,31%
13,11%
2008-2009
25.422
10.497
146
-
14.779
41,29%
13,42%
2009-2010
25.141
10.141
145
-
14.855
40,34%
13,45%
2010-2011
23.993
9.635
137
-
14.221
40,16%
13,81%
2011-2012
23.695
9.735
-
-
13.960
41,08%
15,07%
2012-2013
23.497
9.459
-
-
14.038
40,26%
15,95%
2013-2014
23.792
9.550
-
-
14.242
40,14%
16,08%
2014-2015
23.951
9.748
-
-
14.203
40,70%
15,66%
2015-2016
23.877
9.600
-
-
14.277
40,21%
15,52%
2016-2017
23.460
9.590
-
-
13.870
40,88%
15,16%
2017-2018
22.977
9.211
-
-
13.766
40,09%
15,67%
Per studierichting STEM – tso en bso Tabel 133: BSO
Studiegebied
Studierichting STEM
%
% 2010-2011
20172018
% vrouw 20172018
665
678
4,05%
4,35%
1,92%
Carrosserie
242
187
1,47%
1,20%
1,07%
35
7
0,21%
0,04%
0,00%
-
12
-
0,08%
0,00%
15
5
0,09%
0,03%
0,00%
-
5
-
0,03%
0,00%
Tweewielers & lichte verbrandingsmotoren
30
31
0,18%
0,20%
0,00%
Vrachtwagenchauffeur
93
86
0,57%
0,55%
9,30%
Bouwplaatsmachinist
38
47
0,23%
0,30%
0,00%
-
7
-
0,04%
14,29%
Duurzaam wonen
24
31
0,15%
0,20%
16,13%
Metselaar
11
5
0,07%
0,03%
0,00%
Onderhoudsmechanica auto duaal Plaatwerker Spuiter
Bouw
aantal leerlingen 2017-2018
Auto
Mecanicien personen- & lichte bedrijfsw.
Auto
aantal leerlingen 2010-2011
Decoratie en schilderwerken duaal
33
Metselaar siermetselwerk
8
-
0,05%
-
-
462
269
2,81%
1,72%
0,74%
-
18
-
0,12%
0,00%
29
36
0,18%
0,23%
0,00%
201
176
1,22%
1,13%
28,98%
4
7
0,02%
0,04%
0,00%
100
71
0,61%
0,46%
14,08%
47
67
0,29%
0,43%
13,43%
3
3
0,02%
0,02%
0,00%
1.248
1.172
7,60%
7,51%
1,71%
Houtbewerking-snijwerk
4
3
0,02%
0,02%
0,00%
Werkplaatsschrijnwerker
34
-
0,21%
-
-
Diamantbewerking
12
7
0,07%
0,04%
28,57%
Goud en juwelen
34
11
0,21%
0,07%
9,09%
Uurwerkmaken
9
7
0,05%
0,04%
14,29%
Airco-technieker
12
-
0,07%
-
-
415
379
2,53%
2,43%
0,00%
60
34
0,37%
0,22%
2,94%
Monteur centrale verwarming
7
-
0,04%
-
-
Sanitair installateur
4
-
0,02%
-
-
Landbouw
114
113
0,69%
0,72%
28,32%
Tuinbouw
255
-
1,55%
-
-
Tuinbouw en groenvoorziening
-
328
-
2,10%
10,67%
Binnenvaart en beperkte kustvaart duaal
-
9
-
0,06%
0,00%
Maritieme vorming
7
-
0,04%
-
-
Rijn- en binnenvaart
14
-
0,09%
-
-
815
927
4,96%
5,94%
1,29%
-
37
-
0,24%
0,00%
11
-
0,07%
-
-
Ruwbouw Ruwbouw duaal Ruwbouwafwerking Schilderwerk en decoratie Steen- en marmerbewerking Grafische Drukken en afwerken communicatie en Drukvoorbereiding media Buitenschrijnwerker Hout
Juwelen
Houtbewerking
Centrale verwarming en san. installaties Koeling en warmte
Land- en tuinbouw
Maritieme opleidingen
Koelinstallaties
Elektrische installaties Mechanicaelektriciteit
Elektrische installaties duaal Hoeklasser
34
Kunststofverwerking
10
-
0,06%
-
-
707
658
4,30%
4,22%
1,67%
Lassen-constructie duaal
-
2
-
0,01%
0,00%
Lasser monteerder BMBE
4
6
0,02%
0,04%
0,00%
Lasser monteerder MIG/MAG
3
2
0,02%
0,01%
0,00%
16
51
0,10%
0,33%
3,92%
2
6
0,01%
0,04%
0,00%
24
11
0,15%
0,07%
0,00%
385
333
2,34%
2,13%
0,60%
11
8
0,07%
0,05%
0,00%
Textiel
-
4
-
0,03%
25,00%
Tufter
1
-
0,01%
-
-
6.225
5.856
37,90%
37,53%
3,77%
-
-
-
-
-
495
477
3,01%
3,06%
52,83%
9.706
9.269
59,09%
59,41%
68,61%
16.426
15.602
100,00%
100,00%
43,79%
%
% vrouw 20172018
Lassen-constructie
Mechanisch onderhoud MIG/MAG-lasser Residentieel elektrotechn. installateur Werktuigmachines Muziekinstrumentenbouw Textiel
Muziekinstrumentenbouw
Totaal STEM Zorg-STEM Lichte STEM6 Niet-STEM Totaal eerste leerjaar derde graad bso
Tabel 144: TSO
Studiegebied
Studierichting STEM
Auto
Autotechnieken
340
287
1,42%
1,25%
0,70%
Bouw- en houtkunde
136
127
0,57%
0,55%
7,09%
Bouwtechnieken
179
104
0,75%
0,45%
1,92%
Chemie
267
386
1,11%
1,68% 32,64%
Farmaceutisch-technisch assistent
188
194
0,78%
0,84% 70,10%
Techniek-wetenschappen
868
931
3,62%
4,05% 32,98%
Bouw
Chemie
6
aantal aantal % leerlingen leerlingen 2010201020172011 2011 2018
20172018
Studierichtingen Etalage en standendecoratie en Publiciteitsgrafiek.
35
Fotografie
Fotografie
49
86
0,20%
0,37% 65,12%
Fotografische technieken
18
-
0,08%
-
-
Fotografische vorming
16
-
0,07%
-
-
Grafische communicatie
42
25
0,18%
0,11% 32,00%
281
378
1,17%
1,65% 15,61%
Grafische
Multimedia
Communicatie
Multimediale technieken
30
-
0,13%
-
-
en media
Multimediale vorming
25
-
0,10%
-
-
109
73
0,45%
0,32% 27,40%
1.133
922
4,72%
4,01% 32,97%
Informaticabeheer
796
864
3,32%
3,76%
5,32%
Hout
Houttechnieken
501
439
2,09%
1,91%
1,82%
Koeling en warmte
Koel- en warmtechnieken
61
52
0,25%
0,23%
0,00%
306
236
1,28%
1,03% 37,29%
-
235
-
1,02% 50,64%
91
-
0,38%
-
42
-
19
-
0,08%
-
136
-
200
-
0,83%
Maritieme technieken Dek
35
21
0,15%
0,09% 14,29%
Maritieme technieken Motoren
20
9
0,08%
0,04%
0,00%
Elektriciteit-elektronica
347
248
1,45%
1,08%
0,00%
Elektrische installatietechnieken
924
753
3,85%
3,28%
1,73%
Elektromechanica
944
994
3,93%
4,33%
1,91%
-
21
-
0,09%
0,00%
29
21
0,12%
0,09%
0,00%
Industriële ICT
137
229
0,57%
1,00%
0,44%
Industriële wetenschappen
692
715
2,88%
3,11%
5,03%
Mechanische vormgevingstechnieken
681
526
2,84%
2,29%
0,76%
Podiumtechnieken
67
43
0,28%
0,19%
4,65%
Vliegtuigtechnieken
36
32
0,15%
0,14%
3,13%
Printmedia Handel
Boekhouden-informatica
Biotechnische wetenschappen Dier- & landbouwtechnische wetenschappen Landbouwtechnieken Land- en tuinbouw
Natuur- en groentechnische wetenschappen Natuur- en landschapsbeheertechnieken Planttechnische wetenschappen Tuinbouwtechnieken
Maritieme opleidingen
Elektromechanische technieken duaal Mechanicaelektriciteit
Elektronische installatietechnieken
-
-
0,18% 30,95% -
-
0,59% 12,50% -
36
-
Optiek
Optiektechnieken
10
15
0,04%
0,07% 60,00%
Orthopedische technieken
Orthopedietechnieken
14
16
0,06%
0,07% 56,25%
30
32
0,13%
0,14% 62,50%
Textiel- en designtechnieken
7
14
0,03%
0,06% 21,43%
Textielproduktietechnieken
3
-
0,01%
Voedingstechnieken
4
5
0,02%
0,02% 60,00%
9.635
9.211
40,16%
40,09% 15,67%
Zorg-STEM7
137
-
0,57%
-
-
Lichte STEM
-
-
-
-
-
Niet-STEM
14.221
13.766
59,27%
Totaal eerste leerjaar derde graad tso
23.993
22.977 100,00% 100,00% 42,63%
Tandtechnieken Tandtechnieken Textiel Voeding Totaal STEM
7
-
-
59,91% 60,66%
Studierichting Dierenzorgtechnieken.
37
b. Hoger Onderwijs Tabel 155: Generatiestudenten in een Professioneel gerichte bachelor
Academiejaar 2008-2009
Aantal inschrijvingen 22.960
Aantal STEM HO 5.568
Aantal Zorg STEM HO 3.125
Aantal Lichte STEM HO 11
Aantal NietSTEM HO 14.256
24,25%
% vrouwen STEM HO 21,10%
% STEM HO
2009-2010
23.894
5.791
3.464
11
14.628
24,24%
20,07%
2010-2011
24.535
5.844
3.755
13
14.923
23,82%
21,13%
2011-2012
24.991
5.938
3.867
18
15.168
23,76%
22,63%
2012-2013 2013-2014
24.990
6.071
3.851
11
15.057
24,29%
20,77%
25.388
6.343
3.783
8
15.254
24,98%
21,88%
2014-2015
26.031 26.614 26.992 26 538
6.656 6.986 7.129 7 064
4.208 4.263 4.464 4 013
25 37 33 39
15.142 15.328 15.366 15 422
25,57% 26,25% 26,41% 26,64%
22,54% 23,63% 22,88% 24,09%
2015-2016 2016-2017 2017-2018
Tabel 166: Generatiestudenten in een Academisch gerichte bachelor
2008-2009
Aantal inschrijvingen 20.329
Aantal STEM HO 6.461
Aantal Zorg STEM HO 2.195
Aantal Lichte STEM HO 1291
Aantal NietSTEM HO 10.382
2009-2010
20.891
6.537
2.528
1253
2010-2011 2011-2012
21.224 21.050
6.707 6.972
2.667 2.457
2012-2013 2013-2014 2014-2015 2015-2016 2016-2017 2017-2018
20.740 20.747 20.519 20.843 20 948 21 427
7.087 6.883 6.843 7.226 7 209 7 381
2.636 2.881 2.845 2.756 2 844 3 041
Academiejaar
31,78%
% vrouwen STEM HO 37,08%
10.573
31,29%
34,92%
1237 1281
10.613 10.340
31,60% 33,12%
37,07% 37,59%
1289 1201 1160 1217 1 213 1 214
9.728 9.782 9.671 9.644 9 682 9 791
34,17% 33,18% 33,35% 34,67% 34,41% 34,45%
35,90% 36,68% 37,10% 38,58% 40,26% 39,37%
% STEM HO
Tabel 177: Master
Eerste academiejaar master 2008-2009
18.034
5.007
2.090
658
% STEM HO 10.279 27,76%
2009-2010
18.513
5.183
2.077
740
10.513 28,00%
30,31%
2010-2011
18.890
5.547
2.044
704
10.595 29,36%
32,43%
2011-2012
19.815
5.753
2.404
739
10.919 29,03%
32,87%
2012-2013 2013-2014
20.485 20.417
5.970 6.074
2.583 2.648
792 680
11.140 29,14% 11.015 29,75%
32,86% 33,98%
2014-2015
20.071
6.021
2.472
756
10.822 30,00%
35,34%
2015-2016 2016-2017 2017-2018
19.323 19 977 20 030
5.947 6 091 6 205
2.535 2 915 2 950
667 716 689
10.174 30,78% 10 255 30,49% 10 186 30,98%
34,76% 36,05% 36,50%
Aantal inschrijvingen
Aantal STEM HO
Aantal Zorg STEM HO
Aantal Lichte STEM HO
Aantal NietSTEM HO
% vrouwen STEM HO 31,06%
38
II.
STEM-doorstroom (onderwijsprestaties) a. Secundair onderwijs
Academiejaar generatiestudent
Aantal lln met STEMdiploma SO doorstromen naar HO STEM richting
Aantal lln dat STEM diploma in SO behaalde in jaar x-1
% van lln met SO STEM diploma dat instroom in HO STEM
% berekend enkel op de populatie meisjes
2007-08
24 100
9 910
41,12%
32,14%
2008-09
24 614
10 383
42,18%
34,05%
2009-10
25 108
10 685
42,56%
32,28%
2010-11
25 478
10 743
42,17%
32,90%
2011-12
24 638
10 794
43,81%
36,42%
2012-13
24 133
10 894
45,14%
36,59%
2013-14
24 373
11 070
45,42%
36,68%
2014-15
24 378
11 117
45,60%
37,24%
2015-16
24 893
11 475
46,10%
39,75%
2016-17
25 243
11 587
45,90%
39,44%
2017-18
25 297
11 839
46,80%
40,02%
b. Hoger Onderwijs Studierendement is een doorstroomindicator en geeft de verhouding weer van het aantal verworven studiepunten ten opzichte van het aantal opgenomen studiepunten. De meeste variatie in deze indicator vinden we bij generatiestudenten (1ste inschrijvingen). Om de indicator voldoende gevoelig te maken, maken we de berekeningen voor de bacheloropleidingen op de generatiestudenten. Voor de masteropleidingen kijken we naar de 1ste inschrijvingen (proxy generatiestudenten).
Academiejaar
Aantal Soort STEM opleiding HO
Totaal opgenomen studiepunten STEM
Totaal verworven studiepunten STEM
Studierendement Studierendement STEM Rest
2008 - 2009
Academisch gerichte bachelor
6.461
380.876
259.087
68,02%
65,21%
2008 - 2009
Professioneel gerichte bachelor
5.568
326.488
222.704
68,21%
70,00%
2008 - 2009
Master*
5.007
267.245
246.848
92,37%
90,25%
Totaal
17.036
974.609
728.639
74,76%
74,06%
2009 - 2010
Academisch gerichte bachelor
6.537
384.899
258.296
67,11%
65,63%
2009 - 2010
Professioneel gerichte bachelor
5.791
336.666
229.529
68,18%
69,66%
2009 - 2010
Master*
5.183
273.042
254.068
93,05%
90,33%
Totaal
17.511
994.607
741.893
74,59%
73,92%
39
2010 - 2011
Academisch gerichte bachelor
6.707
393.759
269.380
68,41%
64,03%
2010 - 2011
Professioneel gerichte bachelor
5.844
336.655
226.499
67,28%
69,37%
2010 - 2011
Master*
5.547
287.634
268.593
93,38%
90,67%
Totaal
18.098
1.018.048
764.472
75,09%
73,24%
2011 - 2012
Academisch gerichte bachelor
6.972
406.827
277.007
68,09%
65,36%
2011 - 2012
Professioneel gerichte bachelor
5.938
340.542
226.347
66,47%
68,66%
2011 - 2012
Master*
5.753
295.841
274.448
92,77%
90,89%
Totaal
18.663
1.043.210
777.802
74,56%
73,74%
2012 - 2013
Academisch gerichte bachelor
7.087
411.632
270.854
65,80%
63,48%
2012 - 2013
Professioneel gerichte bachelor
6.071
345.581
224.295
64,90%
67,42%
2012 - 2013
Master*
5.970
304.809
281.968
92,51%
90,81%
Totaal
19.128
1.062.022
777.117
73,17%
72,87%
2013 - 2014
Academisch gerichte bachelor
6.883
398.280
265.264
66,60%
64,23%
2013 - 2014
Professioneel gerichte bachelor
6.343
359.153
237.275
66,07%
67,23%
2013 - 2014
Master*
6.074
309.603
286.849
92,65%
91,07%
Totaal
19.300
1.067.036
789.388
73,98%
72,89%
2014-2015
Academisch gerichte bachelor
6.843
396.615
268.452
67,69%
65,88%
2014-2015
Professioneel gerichte bachelor
6.656
376.653
241.503
64,12%
68,33%
2014-2015
Master*
6.021
308.045
286.742
93,08%
91,83%
Totaal
19.520
1.081.313
796.697
73,68%
73,96%
2015-2016
Academisch gerichte bachelor
7.226
418.526
283.737
67,79%
64,75%
2015-2016
Professioneel gerichte bachelor
6.986
394.890
259.636
65,75%
68,55%
2015-2016
Master*
5.947
299.438
278.741
93,09%
92,58%
Totaal
20.159
1.112.854
822.114
73,87%
73,61%
2016-2017
Academisch gerichte bachelor
7.209
416.605
282.058
67,70%
65,58%
2016-2017
Professioneel gerichte bachelor
7.129
401.205
260.249
64,87%
67,83%
2016-2017
Master*
6 091
308 332
287 080
93,11%
92,50%
Totaal
20 429
1 126 142
829 387
73,65%
73,71%
2017-2018
Academisch gerichte bachelor
7 381
424 466
284 929
67,13%
65,72%
2017-2018
Professioneel gerichte bachelor
7 064
395 455
252 149
63,76%
67,37%
2017-2018
Master*
6 205
312 076
290 687
93,15%
92,90%
Totaal
20 650
1 131 997
827 765
73,12%
73,68%
*Hiertoe behoort eveneens de master na professioneel gerichte bachelor
40
III.
Gekwalificeerde STEM-uitstroom (studiebewijzen) a. Secundair onderwijs
Indicator III.S (a) STEM Studiebewijzen secundair onderwijs8
Studiebewijzen: diploma secundair onderwijs (aso, kso, tso) of studiegetuigschrift van het tweede leerjaar van de derde graad (bso) voltijds gewoon secundair onderwijs Tabel 28: Totaal
schooljaar
aantal studiebewijzen
aantal STEM en % vrouw
aantal zorg-STEM en % vrouw
aantal lichte STEM en % vrouw
% STEM studiebewijzen
aantal niet-STEM en % vrouw
2006-2007
57.235
26.306
29,92%
44
68,18%
570
62,28%
30.315
69,69%
45,96%
2007-2008
58.764
26.858
30,10%
114
78,95%
684
63,74%
31.108
69,33%
45,70%
2008-2009
60.033
27.169
29,54%
114
76,32%
690
63,77%
32.060
68,96%
45,26%
2009-2010
60.735
27.439
30,02%
126
76,98%
684
61,99%
32.486
69,13%
45,18%
2010-2011
60.230
26.458
29,58%
133
74,44%
1.109
51,58%
32.530
68,70%
43,93%
2011-2012
58.529
25.906
29,29%
115
77,39%
1.197
53,38%
31.311
68,24%
44,26%
2012-2013
58.084
25.952
30,17%
-
-
1.177
53,53%
30.955
67,97%
44,68%
2013-2014
58.154
25.817
30,98%
-
-
1.259
50,20%
31.078
67,82%
44,39%
2014-2015
59.049
26.009
31,38%
-
-
1.280
51,02%
31.760
67,93%
44,05%
2015-2016
58.928
26.299
31,64%
-
-
1.189
50,38%
31.440
67,08%
44,63%
2016-2017
58.377
26.316
32,14%
-
-
1.151
49,52%
30.910
67,53%
45,08%
2017-2018
55.016
25.241
33,14%
-
-
1.155
50,48%
28.620
68,73%
45,88%
Per onderwijsvorm Tabel 29: ASO
schooljaar
aantal studiebewijzen
aantal STEM en % vrouw
aantal zorg-STEM en % vrouw
aantal lichte STEM en % vrouw
aantal niet-STEM en % vrouw
% STEM studiebewijzen
2006-2007
24.542
12.953
49,84%
-
-
-
-
11.589
66,28%
52,78%
2007-2008
25.056
13.307
50,03%
-
-
-
-
11.749
65,61%
53,11%
2008-2009
25.601
13.426
48,98%
-
-
-
-
12.175
65,36%
52,44%
2009-2010
25.612
13.609
49,28%
-
-
-
-
12.003
65,09%
53,14%
2010-2011
25.176
12.870
49,22%
-
-
460
35,65%
11.846
66,05%
51,12%
2011-2012
24.479
12.765
48,12%
-
-
506
34,78%
11.208
66,47%
52,15%
2012-2013
24.548
12.802
48,90%
-
-
467
34,48%
11.279
66,08%
52,15%
2013-2014
24.569
12.991
49,70%
-
-
515
34,37%
11.063
66,09%
52,88%
2014-2015
24.459
13.068
49,77%
-
-
507
34,52%
10.884
66,30%
53,43%
8
De cijfers voor 2017-2018 zijn voorlopige cijfers zoals gekend in de databank Beleidsinformatie O&V op 05/04/2019.
41
2015-2016
24.486
13.166
50,80%
-
-
504
34,33%
10.816
65,97%
53,77%
2016-2017
24.608
13.457
51,10%
-
-
517
33,46%
10.634
67,23%
54,69%
2017-2018
23.654
13.119
52,42%
-
-
468
37,82%
10.067
68,46%
55,46%
Tabel 30: BSO
Schooljaar
aantal studiebewijzen
aantal STEM en % vrouw
aantal zorg-STEM en % vrouw
aantal lichte STEM en % vrouw
aantal niet-STEM en % vrouw
% STEM Studiebewijzen
2006-2007
12.718
5.027
3,86%
-
-
266
65,04%
7.425
75,70%
39,53%
2007-2008
12.974
5.000
3,02%
-
-
331
67,67%
7.643
75,77%
38,54%
2008-2009
13.134
5.099
3,39%
-
-
326
65,03%
7.709
75,54%
38,82%
2009-2010
13.438
5.217
3,03%
-
-
322
65,84%
7.899
76,44%
38,82%
2010-2011
13.310
5.082
3,27%
-
-
304
62,50%
7.924
74,86%
38,18%
2011-2012
13.071
5.031
3,74%
-
-
339
67,26%
7.701
74,28%
38,49%
2012-2013
12.741
4.874
3,53%
-
-
307
69,38%
7.560
73,66%
38,25%
2013-2014
13.006
4.870
3,53%
-
-
366
59,02%
7.770
73,00%
37,44%
2014-2015
13.423
4.835
4,05%
-
-
356
61,80%
8.232
73,63%
36,02%
2015-2016
13.238
4.844
3,61%
-
-
325
60,31%
8.069
71,67%
36,59%
2016-2017
12.790
4.730
3,45%
-
-
298
63,09%
7.762
72,28%
36,98%
2017-2018
11.724
4.416
3,92%
-
-
349
55,87%
6.959
72,93%
37,67%
Tabel 31: KSO
schooljaar
aantal studiebewijzen
aantal STEM en % vrouw
aantal zorg- STEM en % vrouw
aantal lichte STEM en % vrouw
aantal niet- STEM en % vrouw
% STEM studiebewijzen
2006-2007
1.207
269
60,22%
-
-
304
59,87%
634
72,24%
22,29%
2007-2008
1.329
293
63,48%
-
-
353
60,06%
683
70,57%
22,05%
2008-2009
1.328
289
60,21%
-
-
364
62,64%
675
73,04%
21,76%
2009-2010
1.298
270
71,85%
-
-
362
58,56%
666
70,57%
20,80%
2010-2011
1.373
310
56,45%
-
-
345
63,19%
718
74,37%
22,58%
2011-2012
1.331
270
56,30%
-
-
352
66,76%
709
72,36%
20,29%
2012-2013
1.418
313
64,22%
-
-
403
63,52%
702
70,80%
22,07%
2013-2014
1.354
263
58,56%
-
-
378
63,23%
713
71,53%
19,42%
2014-2015
1.436
301
63,12%
-
-
417
61,87%
718
71,59%
20,96%
2015-2016
1.363
280
63,21%
-
-
360
63,89%
723
70,68%
20,54%
2016-2017
1.349
295
63,73%
-
-
336
62,20%
718
70,19%
21,87%
2017-2018
1.240
253
67,59%
-
-
338
62,43%
649
74,73%
20,40%
42
Tabel 32: TSO
schooljaar
aantal studiebewijzen
aantal STEM en % vrouw
aantal zorg-STEM en % vrouw
aantal lichte STEM en % vrouw
aantal niet-STEM en % vrouw
% STEM studiebewijzen
2006-2007
18.768
8.057
13,13%
44
68,18%
-
-
10.667
69,07%
42,93%
2007-2008
19.405
8.258
13,18%
114
78,95%
-
-
11.033
68,75%
42,56%
2008-2009
19.970
8.355
13,20%
114
76,32%
-
-
11.501
68,13%
41,84%
2009-2010
20.387
8.343
14,13%
126
76,98%
-
-
11.918
68,27%
40,92%
2010-2011
20.371
8.196
14,04%
133
74,44%
-
-
12.042
66,91%
40,23%
2011-2012
19.648
7.840
14,09%
115
77,39%
-
-
11.693
65,71%
39,90%
2012-2013
19.377
7.963
15,04%
-
-
-
-
11.414
65,89%
41,10%
2013-2014
19.225
7.693
15,82%
-
-
-
-
11.532
65,77%
40,02%
2014-2015
19.731
7.805
16,28%
-
-
-
-
11.926
65,28%
39,56%
2015-2016
19.841
8.009
15,98%
-
-
-
-
11.832
64,75%
40,37%
2016-2017
19.630
7.834
15,73%
-
-
-
-
11.796
64,51%
39,91%
2017-2018
18.398
7.453
15,36%
-
-
-
-
10.945
65,95%
40,51%
43
b. Hoger onderwijs Tabel 33: Indicator III-S (b) Studiebewijzen hoger onderwijs
Academiejaar
Totaal studiebewijzen
2008 – 2009
46.442
2009 – 2010
47.711
2010 – 2011
51.007
2011 – 2012
53.348
2012 – 2013
54.884
2013 – 2014
54.964
2014 – 2015
56.153
2015 – 2016
57.602
2016 – 2017
58.241
2017 – 2018
59.093
Aantal studiebewijzen STEM HO en % vrouw 12.356 30,52% 12.782 30,58% 13.486 31,19% 14.189 30,78% 14.372 31,05% 14.732 32,26% 14.894 32,68% 15.480 32,24% 15.876 33,75% 16 249 33,75%
Aantal studiebewijzen Zorg- STEM HO en % vrouw 4.964 77,60% 5.499 76,85% 6.563 76,78% 7.494 76,46% 7.813 75,87% 7.872 75,61% 8.331 75,31% 8.761 74,73% 9.102 75,41% 9 996 75,41%
Aantal studiebewijzen Lichte STEM HO en % vrouw 1.251 39,89% 1.284 44,47% 1.413 40,34% 1.307 41,85% 1.430 41,61% 1.431 40,32% 1.357 40,46% 1.457 40,36% 1.422 41,84% 1 482 41,84%
Aantal studiebewijzen % STEM Niet STEM HO en diploma's % vrouw 27.871 66,30% 28.146 65,98% 29.545 66,24% 30.358 66,76% 31.269 66,32% 30.929 67,06% 31.571 66,50% 31.904 66,62% 31.841 66,38% 31 366 66,38%
Diploma's STEM per 1000 inwoners 2029 jaar
Populatie 20-29 jaar
26,61%
15,91
776.646
26,79%
16,34
782.165
26,44%
17,20
784.177
26,60%
17,92
791.803
26,19%
18,02
797.564
26,80%
18,37
802.145
26,52%
18,50
805.003
26,87%
19,18
807.087
27,26%
19,57
811.190
27,50%
19,79
813.707
44
Tabel 34: Studiegetuigschriften hoger onderwijs naar soort opleiding - Professioneel gerichte bachelor
Totaal Academiejaar studiebewijzen
2008 - 2009
2017 - 2018
87,98%
31,25%
70,68%
23.045
4.927 26,39% 5.356 26,10%
3.697 87,69% 3.721 86,89%
9 44,44% 7 42,86%
13.644 71,23% 13.961 71,20%
24.073
5.636 27,08%
24.533
5.903 27,58%
3.982 88,02% 4 271 87,26%
24 58,33% 37 62,16%
14.431 70,18% 14 322 68,81%
21.462
2014 - 2015
2016 - 2017
25,46%
21.482
2013 - 2014
2015 - 2016
11.753 70,80% 11.684 70,37% 12.257 70,34% 12.797 70,83% 13.468 70,29% 13.231
20.788
2012 - 2013
22.277
Aantal studiebewijzen Niet STEM HO en % vrouw
19 31,58% 8 25,00% 12 25,00% 13 15,38% 10 20,00% 16
19.624
2011 - 2012
Aantal studiebewijzen Lichte STEM HO en % vrouw
2.439 89,50% 2.664 88,29% 2.892 88,38% 3.298 90,02% 3.457 88,95% 3.510
18.466
2010 - 2011
Aantal studiebewijzen Zorg- STEM HO en % vrouw
4.079 24,22% 4.110 23,82% 4.463 25,32% 4.680 24,36% 4.547 23,62% 4.705
18.290
2009 - 2010
Aantal studiebewijzen STEM HO en % vrouw
Diploma's STEM per % STEM 1000 Populatie diploma's inwoners 20-29 jaar 20-29 jaar 22,30%
5,25
776.646
22,26%
5,25
782.165
22,74%
5,69
784.177
22,51%
5,91
791.803
21,17%
5,70
797.564
21,92%
5,87
802.145
22,12%
6,12
805.003
23,24%
6,64
807.087
23,41%
6,95
811.190
24,06%
7,25
813.707
45
Tabel 35: Studiegetuigschriften hoger onderwijs naar soort opleiding - Academisch gerichte bachelor
Totaal Academiejaar studiebewijzen
2008 - 2009 2009 - 2010 2010 - 2011 2011 - 2012 2012 - 2013 2013 - 2014 2014 - 2015 2015 - 2016 2016 - 2017 2017 - 2018
13.411
13.581
14.099 14.570
14.729
14.594
14.317
14.864
14.878
14.515
Aantal studiebewijzen STEM HO en % vrouw 3.831 35,34% 4.100 36,49% 4.186 37,12% 4.275 34,97% 4.375 37,42% 4.497 39,20% 4.299 37,80% 4.502 36,98% 4.566 38,85% 4.624 37,52%
Aantal studiebewijzen Zorg- STEM HO en % vrouw 1.626 64,27% 1.658 64,78% 1.884 65,61% 2.153 64,14% 2.158 62,70% 2.173 61,48% 2.171 63,01% 2.444 63,54%
Diploma's STEM per Aantal Aantal studiebewijzen studiebewijzen % STEM 1000 Populatie Lichte STEM HO Niet STEM HO diploma's inwoners 20-29 jaar en % vrouw en % vrouw 20-29 jaar 679 7.275 28,57% 4,93 776.646 39,62% 63,12% 673 7.150 30,19% 5,24 782.165 44,58% 62,83% 751 7.278 29,69% 5,34 784.177 40,08% 63,88% 710 7.432 29,34% 5,40 791.803 40,56% 63,35% 692 7.504 29,70% 5,49 797.564 41,91% 62,66% 727 7.197 30,81% 5,61 802.145 39,34% 64,37% 709 7.138 30,03% 5,34 805.003 40,62% 61,95% 717 7.201 30,29% 5,58 807.087 38,91% 62,56%
2.554
752
7.006
65,15%
43,22%
62,73%
2 364
708
6 819
65,27%
42,37%
63,00%
30,69%
5,63
811.190
31,68%
5,68
813.707
46
Tabel 36: Master
Totaal studiebewijzen
Academiejaar
2008 - 2009 2009 - 2010 2010 - 2011 2011 - 2012 2012 - 2013 2013 - 2014 2014 - 2015 2015 - 2016 2016 - 2017 2017 - 2018
14.741
15.664
17.284
17.990
18.673
18.908
19.559
19.693
19.290
20.045
Aantal studiebewijzen STEM HO en % vrouw 4.446 32,14% 4.572 31,36% 4.837 31,47% 5.234 33,11% 5.450 32,13% 5.530 32,39% 5.668 34,28% 5.622 34,29% 5.674 36,27% 5 722 35,42%
Aantal studiebewijzen Zorg- STEM HO en % vrouw 899 69,41% 1.177 67,97% 1.787 69,78% 2.043 67,55% 2.198 68,24% 2.189 69,80% 2.463 67,56% 2.596 67,84% 2.566 66,06% 3 361 63,82%
Diploma's STEM per Aantal Aantal studiebewijzen studiebewijzen % STEM 1000 Populatie Lichte STEM HO Niet STEM HO diploma's inwoners 20-29 jaar en % vrouw en % vrouw 20-29 jaar 553 8.843 30,16% 5,72 776.646 40,51% 62,93% 603 9.312 29,19% 5,85 782.165 44,61% 62,89% 650 10.010 27,99% 6,17 784.177 40,92% 62,94% 584 10.129 29,09% 6,61 791.803 44,01% 64,11% 728 10.297 29,19% 6,83 797.564 41,62% 63,79% 688 10.501 29,25% 6,89 802.145 41,57% 64,34% 639 10.789 28,98% 7,04 805.003 40,22% 63,53% 733 10.742 28,55% 6,97 807.087 41,75% 63,41% 646 10.404 29,41% 6,99 811.190 39,63% 63,57% 737 10 225 28,55% 7,03 813.707 42,20% 63,53%
47
Data provinciale monitor: zie de aparte bijlage
48
V.U.: Ann Verhaegen, Secretaris-Generaal departement Onderwijs en Vorming, Koning Albert II-laan 15, 1210 Brussel • Eindredactie: Christel Op de beeck • Werkten mee: Anton Derks, Wendy Smits, Hilde Goeman, Paul Cornelis, Maddy Bollen, Goele Bosschaert. Vormgeving: Kim Baele • Met dank aan de beeldbank van TechniekTalentNU • Depotnummer D/2019/3241/188
DEPARTEMENT ONDERWIJS EN VORMING Koning Albert II-Laan 15 1210 Brussel www.onderwijs.vlaanderen.be