Skip to main content

STEM_MONITOR_2022.pdf

Page 1

Vlaanderen

is onderwijs & vorming

STEM-monitor juni 2022

DEPARTEMENT ONDERWIJS & VORMING

www.onderwijs.vlaanderen.be 1


2


Inhoud

Inleiding 4 Uitgangspunten 7 I.

STEM-instroom (studiekeuze)

II.

STEM-doorstroom (onderwijsprestaties)

III.

Gekwalificeerde STEM-uitstroom (studiebewijzen)

Vaststellingen bij de indicatoren vooropgesteld door het STEM-Platform

8

Meer in detail: STEM-evoluties in het Secundair Onderwijs

10

Meer in detail: STEM-evoluties in het Hoger Onderwijs

13

Verschil tussen de internationale STEM-cijfers en de Vlaamse monitor-cijfers

14

Volwassenenonderwijs 17 Conclusies STEM-monitor 2020 18 Indicatoren 20 I.

II.

III.

STEM-instroom (studiekeuze) 20 a.

Secundair onderwijs

b.

Hoger onderwijs

STEM-doorstroom (onderwijsprestaties) 35 a.

Secundair onderwijs

b.

Hoger onderwijs

Gekwalificeerde STEM-uitstroom (studiebewijzen) 38 a.

Secundair onderwijs

b.

Hoger onderwijs

Data provinciale monitor: zie de aparte bijlage

3


Inleiding Het eerste STEM-Actieplan 2012-2020 van de Vlaamse Regering bepaalde dat de STEM-Stuurgroep de monitoring zou uitvoeren. Hiervoor werd in 2012 de STEM- monitor ontwikkeld: hij geeft inzicht in evoluties van relevante STEM- indicatoren zoals instroom, doorstroom en uitstroom van leerlingen in het secundair onderwijs, cursisten in het volwassenenonderwijs en studenten hoger onderwijs. De evoluties worden bekeken tegenover een overeengekomen ‘nuljaar’ (de zogenaamde ”nulmeting”) waarvoor we de gegevens van het referentiejaar 2010-2011 gebruiken. De STEM-monitor 2022 met de data van het school- en academiejaar 2020-2021 geef dus al voor de achtste keer inzicht in STEM- evoluties binnen het onderwijs op basis van de VRWI-studie ‘Kiezen voor STEM. De keuze van jongeren voor technische en wetenschappelijke studies’ (Van den Berghe en W. & D. De Martelaere, 2012) in de VRWI-studiereeks 251 maar levert uiteraard geen harde bewijslast naar de oorzaken ervan (causaliteit). De voorliggende Monitor is de laatste van het eerste STEM-Actieplan. Vanaf 2023 komt er op drie punten een verandering aangezien vanaf 2021-2022 de nieuwe STEM-Agenda 20302 wordt gemeten. Daarnaast zal ook voor de eerste keer de impact van de modernisering van het secundair onderwijs met zijn eigen STEMdomein zichtbaar zijn3. Voor het hoger onderwijs wordt vanaf dan gekozen voor de Europese indeling op basis van de ISCED Field of Study4. Het departement Onderwijs en Vorming zal ook in de toekomst een jaarlijkse STEM- monitor aanleveren: de evoluties en tendensen die uit de cijfers blijken, geven het STEM-beleid vorm. De jaarlijkse update van de monitors zal vanaf 2023 niet langer in juni verschijnen maar in het najaar om beter af te stemmen met de publicatieagenda van Statistiek Vlaanderen. Voor de monitoring van de STEM-agenda 2030 zullen nieuwe streefcijfers geformuleerd worden. Bovendien zal het nieuwe actieplan niet langer gebruik maken van de VRWI- classificatie. Voor het hoger onderwijs aligneren we ons met de Europese indicator die gebaseerd is op de internationale ISCED Field of Study. Met de modernisering van het secundair onderwijs vonden 8 studiedomeinen hun intrede, waaronder STEM. De nieuwe monitor zal gebaseerd zijn op de studierichtingen uit het STEM-domein. De informatie over de classificatie binnen het STEM-domein n.a.v. de modernisering van het secundair onderwijs vindt u via de voetnoot5. In 2022 worden dus nog een laatste keer de vooropgestelde doelstellingen voor 2020 gemeten en vergeleken op korte en (middel)lange termijn. We overzien met deze editie het totale plaatje tussen 2010 en 2020. Doelstellingen op korte termijn zijn enkel zinvol voor indicatoren die voldoende ‘beleidsgevoelig’ zijn. Hieronder verstaan we indicatoren waarvan hypothetisch kan worden verondersteld dat ze relatief snel kunnen wijzigen als gevolg van acties of beleid (voorbeeld: instroom of studiekeuze). Het heeft weinig zin om kortetermijndoelstellingen te formuleren op loggere - maar daarom niet minder relevante - indicatoren (bijvoorbeeld STEM-studiebewijzen).

1 https://www.vlaanderen.be/publicaties/kiezen-voor-stem-de-keuze-van-jongeren-voor-technische-en- wetenschappelijke-studies-studiereeks 2 https://onderwijs.vlaanderen.be/nl/onderwijspersoneel/van-basis-tot-volwassenenonderwijs/lespraktijk/stem-science-technology-engineering-mathematics/wat-is-het-stem- actieplan 3 https://www.onderwijs.vlaanderen.be/index.php/nl/directies-en-administraties/onderwijsinhoud-en-leerlingenbegeleiding/secundair-onderwijs/ modernisering-secundair-onderwijs/krachtlijnen-van-modernisering- secundair-onderwijs 4 https://ec.europa.eu/eurostat/statistics- explained/index.php?title=International_Standard_Classification_of_Education_(ISCED)#:~:text=ISCED%20 is%20the%20r eference%20international,EU%20data%20collections%20since%202014 5https://www.onderwijs.vlaanderen.be/index.php/nl/directies-en-administraties/onderwijsinhoud-en-leerlingenbegeleiding/ secundair-onderwijs/modernisering-van-het-secundair-onderwijs

4


Dergelijke indicatoren gebruiken we voor (middel)lange termijndoelstellingen. De editie 2022 bevat de gekende invalshoeken: •

een detailoverzicht van de STEM-studierichtingen in het voltijds algemeen, technisch en beroepssecundair onderwijs. Wat daar al een aantal jaar zichtbaar is, wordt bevestigd: er is binnen tso en bso weinig evolutie pro STEM, uitzonderingen en (heel) lichte schommelingen daar gelaten. De arbeidsmarktgerichte STEM-expertise van het bso en de dubbele finaliteit van STEM-tso (arbeidsmarktgericht of gericht op verdere studies) verdienen dus blijvende aandacht in de nieuwe STEM-Agenda 2030, zoals dan ook is voorzien. De professionele STEM en de economie hebben immers nood aan deze profielen;

•

een overzicht van de STEM-instroom in het hoger onderwijs per provincie. Deze info (in een aparte bijlage) kan - naast de algemene STEM-info over het hoger onderwijs - van belang zijn voor STEM in de vrije tijd, bv. in de gemeenten, voor de STEM- Academies en voor de werking van RTC’s/de Regionale Technologische Centra.

•

Voor de definitie en classificatie van STEM-studierichtingen: zie pagina 36-37 van de genoemde VRWI-publicatie: 1.

STEM

2.

Opleidingen met een STEM-component

3.

a.

Zorg-STEM

b.

Lichte STEM

Niet-STEM

De STEM-percentages in de Monitor hebben betrekking op de eerste categorie (de ‘zuivere’ STEM). Lichte STEM in aso is bv. sportwetenschappen, in bso: etalage en standendecoratie, in kso: industriële kunst. •

•

Binnen de Modernisering Secundair Onderwijs (gestart op 1/9/2019) keurde de Vlaamse Regering ook de nieuwe ordeningen in het secundair onderwijs goed. Zij geven beter de finaliteit van de opleidingen weer: •

doorstroomfinaliteit (bereidt voor op studies in het hoger onderwijs),

•

dubbele finaliteit (bereidt voor op verdere studies én op de arbeidsmarkt) en

•

arbeidsmarktfinaliteit.

De nieuwe benamingen van de STEM- studierichtingen werden gekozen in functie van deze ordening. Enkele voorbeelden van de nieuwe benamingen: •

Finaliteit doorstroom (abstract theoretisch, bereidt leerlingen voor op verder studeren in het hoger onderwijs): Bouw- en houtwetenschappen (tso/kso)

•

Dubbele finaliteit (bereidt leerlingen zowel voor op hoger onderwijs als op rechtstreekse intrede op de arbeidsmarkt): Bouwtechnieken (tso)

•

Finaliteit arbeidsmarkt (concreet en praktisch, bereidt leerlingen voor op rechtstreekse intrede op de arbeidsmarkt): (d)bso: Afwerking Bouw, Ruwbouw, Schrijn- en timmerwerk + buso OV3: Voeger, Machinaal houtbewerker

5


Op deze manier worden alle studierichtingen geordend en vormen ze een inhoudelijk samenhangend thematisch geheel (een studiedomein) dat structuuronderdelen bevat van zeer theoretisch tot zeer praktisch.

Lezing van de STEM-monitor 2022 Zoals de voorgaande jaren presenteert deze monitor in het eerste deel de belangrijkste vaststellingen voor de instroom-, doorstroom- en uitstroomindicatoren in het secundair en hoger onderwijs. De nieuwe vaststellingen worden afgezet tegen het referentiejaar 2010-2011, ook als er gegevens beschikbaar zijn van de jaren ervoor.

6


Uitgangspunten Het STEM-Actieplan 2012-2020 bevatte de initiële referentiecijfers. Gegevens van voor 2010-2011 worden - voor zover beschikbaar - eveneens weergegeven, maar de doelstellingen van het eerste STEM-Actieplan 2012-2020 worden gemeten ten opzichte van de evolutie sinds 2010-2011. De cijfers van het studie- en academiejaar 2020-2021 zijn dus de laatste van het eerste STEM-Actieplan. Vanuit het oogpunt van kosten-batenefficiëntie (her)gebruiken we in de mate van het mogelijke de beschikbare data. Hierdoor moeten we geen nieuwe gegevens opvragen en vermijden we planlast bij de instellingen. De voorkeur gaat uit naar data die beschikbaar zijn in de datawarehouse-omgeving van het Departement Onderwijs en Vorming of in andere, relatief vlot toegankelijke datasystemen. De indicatoren zijn als volgt onderverdeeld: I.

II.

III.

STEM-instroom (studiekeuze) a.

secundair (S): gewoon secundair onderwijs (eerste leerjaar tweede graad en eerste leerjaar derde graad)

b.

hoger (H) onderwijs

STEM-doorstroom (onderwijsprestaties) a.

van secundair naar hoger onderwijs (S-H)

b.

hoger (H) onderwijs

Gekwalificeerde STEM-uitstroom (studiebewijzen) a.

secundair (S)

b.

hoger (H) onderwijs

Voor het hoger onderwijs wordt HBO5 afzonderlijk vermeld. De monitoring van operationele processen valt buiten de scope van de STEM-monitor.

7


Vaststellingen bij de indicatoren vooropgesteld door het STEM-Platform

INSTROOM STEM

Nulmeting 2020-2011

20192020

20202021

Doel 2020-2021

1

Vrouwenaandeel STEM in secundair onderwijs (instroom derde graad)

27,46%

32,06%

31,93%

33,33%

2

Marktaandeel STEM in Professionele Bachelors (instroom)

23,82%

27,70%

28,05%

27,82%

3

Vrouwenaandeel STEM in Professionele Bachelors (instroom)

21,13%

25,06%

28,51%

25,20%

4

Marktaandeel STEM– richtingen in Academische bachelors (instroom)

31,60%

34,70%

34,44%

35,60%

5

Vrouwenaandeel STEM in Academische Bachelors (instroom)

37,07%

41,28%

42,68%

37,07%

De 5 doelstellingen voor 2020-2021 geformuleerd door het STEM-Platform werden (globaal genomen) gehaald: •

Het aandeel meisjes dat in de derde graad secundair onderwijs in een STEM-richting start blijft in 2020-2021 (t.o.v. 2019-2020) gelijk: 32%. Deze indicator blijft 1,4 procentpunten onder de doelstelling.

•

Tussen de diverse onderwijsvormen blijven de verschillen pro-STEM bij vrouwelijke leerlingen groot. In het aso staan STEM-meisjes voor 51,16% van de instroom in de derde graad, in het bso voor 4,24%, in het kso voor 68,22% en in het tso voor 16,29%. Het percentage meisjes in STEM- studierichtingen in het eerste leerjaar van de derde graad secundair onderwijs is ten opzichte van het referentiejaar 2010-2011 met 4,5 procentpunt toegenomen. Dit was meteen één van de belangrijkste doelstellingen van het STEM-Actieplan 2012-2020: de vijver vergroten via het bereiken van STEM-meisjes.

•

Het STEM-marktaandeel bij de professionele bachelors ging van 23,82% (2010-2011) naar 28,05% of een stijging met 7 procentpunten. Indicator gehaald.

•

In de professionele bachelor neemt het aantal dames in 2020-2021 met 3,5 procentpunten toe t.o.v. 2019-2020. Het “eindcijfer” staat daarmee op 28,51% (2010-2011: 21,13%) of een stijging met 7,38 procentpunten! Indicator (25,20%) gehaald.

•

De bachelor instroom in de academische STEM-opleidingen is in 2020-2021 quasi gelijk gebleven (34,44%) t.o.v. het voorgaande academiejaar (34,70% 2019-2020). Sedert de nulmeting is er een stijging met bijna 3 procentpunt. Indicator niet gehaald op 1 procentpunt na.

8


•

De vijfde indicator voor het vrouwenaandeel bij de academische bachelors (37,07% tegen 2020- 2021) was al gehaald. Het cijfer van 2019-2020 van 41,28% stijgt opnieuw tot 42,68% in 2020- 2021. Indicator gehaald, zelfs 5,61 procentpunten méér dan de beoogde indicator en dan het startcijfer.

•

Bij de afsluiting van het STEM-Actieplan 2012-2020 kunnen we nu met zekerheid stellen dat de STEM-onderwijsdoelstellingen voor 2020 ambitieus maar ook realistisch waren gesteld. De aandachtspunten worden verder aangepakt d.m.v. de nieuwe STEM-Agenda 2030 en acties zoals InnoVET/InnoVET-XR, de uitrol van het STEM-domein in het secundair onderwijs, de verderzetting van de Lerende Netwerken i-STEM via de VLIR,…). De impact van strategische beleidslijnen zoals de bredere uitrol van Duaal Leren, Digisprong en Edusprong zullen ook de komende jaren nog impact hebben in de verspreiding en verdieping van STEM.

•

STEM heeft zich via het STEM-Actieplan 2012-2020 gepositioneerd en verankerd in het onderwijslandschap. We hebben geleerd uit buitenlandse voorbeelden. Er werden unieke trajecten opgezet zoals de ontwikkeling van de STEM-didactiek voor het basis- en het secundair onderwijs sedert 2014-2015 (een traject dat nog steeds verderloopt via de VLIR) en InnoVET/InnoVET-XR. Ook Digisprong/Edusprong bevestigen de noodzaak van STEM.. STEM is een beweging die nog lang niet ten einde is, maar waarvan de realisaties ondertussen voldoende krachtig zijn om richting 2030 voluit voor de aanpak van de hardnekkige aandachtspunten te gaan.

9


Meer in detail: STEM-evoluties in het Secundair Onderwijs Instroom Bij de STEM-instroom in het secundair onderwijs kijken we naar de evolutie van de leerlingenaantallen en percentages in het eerste leerjaar van de tweede graad en in het eerste leerjaar van de derde graad voltijds gewoon secundair onderwijs. De leerlingenaantallen 2020-2021 zijn t.o.v. het referentiejaar 2010-2011 voor het vierde schooljaar op rij niet langer dalend in het eerste leerjaar van de 2de graad. Dat is het gevolg van de demografische evolutie die zich ook de volgende jaren nog zal verderzetten. T.o.v. de nulmeting is er in het eerste leerjaar van de tweede graad een stijging in de keuze voor STEM: 36,65% (2020-2021) tegenover 33,50% (2010-2011). T.o.v. 2019-2020 (36,07%) is het percentage leerlingen in STEM-studierichtingen in het eerste leerjaar van de tweede graad quasi gelijk gebleven. In het eerste leerjaar van de derde graad blijft het aandeel eveneens quasi gelijk: 44,54% (2020-2021) versus 44,66% (2019-2020). Het percentage STEM-meisjes staat in het eerste leerjaar van de tweede graad op 28,74% (2020- 2021 tegenover 27,41% in 2019-2020). In het eerste leerjaar van de derde graad zijn er 31,93% STEM-meisjes (32,06% in 2019-2020). T.o.v. de nulmeting geeft dat bij het meisjes-aandeel in de derde graad een stijging met 4,5 procentpunt (2010-2011: 27,46%), maar er zijn grote verschillen tussen de onderwijsvormen van het secundair onderwijs. In het aso zijn er voldoende meisjes die in STEM-studierichtingen instromen. In het bso en tso zijn we echter nog steeds zeer ver verwijderd van de gevraagde 33,33% meisjes door het STEM-Platform.

ASO Binnen de onderwijsvormen is de stijging van het percentage STEM-leerlingen t.o.v. 2010-2011 het grootst in het aso (eerste leerjaar van de tweede graad: van 29,78% (2010-2011) naar 36,18% in 2020-2021. Het percentage meisjes in aso-STEM-studierichtingen bedraagt in 2020-2021 in het eerste leerjaar van de tweede graad 46,59%. In het eerste leerjaar van de derde graad aso zien we een globale stijging van 51,81% (2010-2011) naar 54,13% (2020-2021). In het eerste leerjaar van de derde graad aso bedraagt het aandeel STEM-meisjes in 2020-2021 51,16%.

BSO en TSO In het bso is het percentage leerlingen in STEM-studierichtingen doorheen de voorbije jaren van het eerste STEM-Actieplan altijd min of meer gelijk gebleven. In het eerste leerjaar van de tweede graad(van 40,47% in 2010-2011 - 40,78% in 2020-2021) net zoals in het eerste leerjaar van de derde graad (van 37,90% in 2010-2011 naar 37,21% in 2020-2021). Het aandeel meisjes in bso-STEM- studierichtingen bedraagt 7,27% in 2020-2021 toch 0,8 procentpunten meer dan het schooljaar ervoor in het eerste leerjaar van de tweede graad, maar dit aandeel daalt opnieuw naar 4,24% in het eerste leerjaar van de derde graad. De % waren in 2010-2011 respectievelijk 5,73% en 3,68%. In het tso zien we t.o.v. 2010-2011 (36,13%) een lichte stijging naar 37,31 % (2020-2021) of 1,2 procentpunten in het percentage leerlingen in een STEM- studierichting in het eerste leerjaar van de tweede graad. Het eerste leerjaar van de derde graad is in 2020-2021 met 39,92% identiek aan het percentage van 2019-2020. Het aandeel meisjes in tso bedraagt in 2020- 2021 in het eerste leerjaar van de tweede graad 13,75% (1,75 procentpunten meer dan in 2019- 2020). In 2010-2011 bedroeg het aantal meisjes 10,38%. In het eerste leerjaar van de derde graad zijn de STEM-meisjes nu met 16,29% (tegenover 15,95% in 2019-2020 en tegenover 13,81 %

10


in 2010- 2011). De stijging van 1,75 procentpunten bij de tso-meisjes is opmerkelijk. Omdat de globale tendens van STEM binnen tso en bso geen grote vooruitgang laat zien zoomt de monitor 2022 opnieuw in op de diverse STEM-studierichtingen in het tso en bso én op de evolutie binnen deze studierichtingen. De nulmeting voor deze diepere peiling is zoals steeds het referentiejaar 2010-2011. Positief is uiteraard dat het aantal tso-meisjes tegenover de nulmeting én tegenover de vorige monitor stijgt. De ruimte voor extra STEM-meisjes in tso (16%) en al helemaal in bso (4%) is evenwel nog groot. De voornaamste vaststellingen (schooljaar 2020-2021) zijn: •

De studierichtingen met tekorten op de arbeidsmarkt, bv. bouw, hout, lassen- constructie, koeling en warmte, werktuigmachines,… blijven zorgwekkend laag. Hopelijk zet de stijging binnen mechanicaelektriciteit, chemie en techniek- wetenschappen - die zich evengoed al enkele jaren in positieve zin manifesteert - ook in de toekomst door.

•

Als we binnen het bso naar het procentueel aandeel leerlingen kijken, zien we t.o.v. 2010-2011 o.a. een daling in: •

het eerste leerjaar van de tweede graad: studiegebieden Bouw, Hout, Schilderwerk en Decoratie…

•

het eerste leerjaar van de derde graad: studierichtingen Ruwbouw, Lassen-constructie, houtbewerking, … We zien een stijging in o.a. volgende bso-studierichtingen: •

In het eerste leerjaar van de tweede graad stijgen de opleidingen Elektrische installaties en Plant, Dier en Milieu.

•

In het eerste leerjaar van de derde graad: Elektrische installaties, Landbouw en Mechanisch Onderhoud.

Een deel van deze opleidingen is ondertussen overgegaan in Duaal Leren. Als we binnen het tso naar het procentueel aandeel leerlingen kijken, zien we t.o.v. 2010- 2011 een daling in de volgende studierichtingen: •

in het eerste leerjaar van de tweede graad: Bouwtechnieken, Houttechnieken, ElektriciteitElektronica, …

•

in het eerste leerjaar van de derde graad: Bouwtechnieken, Houttechnieken, Elektrische Installatietechnieken, Elektriciteit-elektronica, Mechanische vormgevingstechnieken, Boekhouden-Informatica ... .

We zien een stijging in de volgende studierichtingen: •

in het eerste leerjaar van de tweede graad: Industriële wetenschappen, Techniek- Wetenschappen, Grafische media, …

•

in het eerste leerjaar van de derde graad: Chemie, Techniek-Wetenschappen, Multimedia, Industriële Wetenschappen, Industriële ICT, Informaticabeheer…

In de tso-studierichting/tweede graad Industriële Wetenschappen stijgt de leerlingenpopulatie t.o.v. 2010-2011. Het IW-aandeel daalt dus niet, zoals vaak wordt gezegd. T.o.v. het referentiejaar (2010-2011: 999 leerlingen) waren er in 2020-2021 in het eerste leerjaar van de tweede graad 1.325 leerlingen. In het eerste leerjaar van de derde graad IW zijn er 760 leerlingen (in 2010-2011: 692).

11


Omwille van de waarde van het technisch en beroepsonderwijs in het algemeen, en van de STEMdoelstellingen binnen deze opleidingen in het bijzonder, blijft het noodzakelijk dat alle betrokkenen stilstaan bij de oorzaken van deze hardnekkige en globaal genomen niet zo positieve tendensen, hen zo scherp mogelijk in beeld brengen en de scholen en leerkrachten assisteren bij het keren van het tij. De detailcijfers in deze monitor zijn ook van groot belang voor de bedrijven, de sectoren en hun sectorconsulenten die we hierbij nogmaals uitnodigen om samen met het onderwijsveld de specifieke aandachtspunten te benoemen en aan te pakken. Uiteraard zijn er ook talloze voorbeelden van wat er wél goed loopt en deze elementen dienen ingezet bij de verdere aanpak, maar de tso/bso-cijfers zijn niet goed te noemen. De (weinige) (bekende) stijgers blijven het goed doen, maar voor belangrijke sectoren blijft de situatie uiterst precair voor wat de instroom vanuit het onderwijs betreft. Het dient opgemerkt dat opleidingen die de innovatieweg ingeslagen zijn én die innovatie ook uitdragen (bv. Industriële Wetenschappen, Industriële ICT, Chemie, …) wel duurzaam stijgen. Ook dit is een aanhoudende tendens over diverse jaren. Idealiter kan de wending die zij maken, zich herhalen in andere opleidingen, die daar ondertussen dringend nood aan hebben, gezien hun (soms extreem) dalende STEM-leerlingenaantallen.

Enkele elementen die vermoedelijk een rol spelen bij de positionering van bso en tso: •

De maatschappelijke verwachtingen rond een academisch diploma zijn groot. Daar is op zich uiteraard niets fout mee, zolang iedereen binnen de eigen competenties en motivatie weloverwogen studiekeuzes maakt en op een geïnformeerde wijze kennis neemt van het bredere menu, de opportuniteiten en de mogelijkheden voor de toekomst.

•

Duaal Leren is als leermethode nog maar redelijk recent gestart: daar is m.a.w. nog groeimarge om de maatschappelijke positionering van tso en vooral bso te verbeteren.

•

De infrastructuur in sommige bso- en tso-scholen verdient aandacht, maar het zal hoe dan ook niet mogelijk zijn om steeds nieuwe machines en productiesystemen binnen de scholen te voorzien. Daarvoor gaat de technische evolutie nu eenmaal té snel. Misschien moeten alle actoren samen nadenken over de wijze van inzet van nieuwe technologieën binnen alternatieve leermethodes (bv. een virtueel aanbod van praktijkwerk)? Corona heeft ook dit aandachtspunt, dat al langer bestond, op scherp gezet.

•

Innovatie binnen tso en bso verdient alle aandacht. Deze focus in relatie tot de maatschappelijke uitdagingen is zonder meer essentieel, zeker om extra meisjes aan te trekken. Hun aandeel van 16% in tso en 4% in bso is niet voldoende tot uiterst laag.

Vanuit het innovatie- en technologieperspectief dat tegelijk inzet op maatschappelijke uitdagingen zal ook in het schooljaar 2022-2022 InnoVETXR-traject lopen6. Dit programma zet volop in op didactische materiaalontwikkeling, waarbij de tso- en bso-leerkrachten en hun scholen die inzetten op innovatie en transitie het voortouw nemen, samen met bedrijven en sectoren.

6

https://www.onderwijs.vlaanderen.be/nl/nieuwsoverzicht/dien-een-innovet-xr-project-in-voor-je-tso-of-bso-school

12


Uitstroom uit het secundair onderwijs en overstap naar STEM in het hoger onderwijs Steeds meer leerlingen met een STEM-diploma secundair onderwijs stromen door naar een STEM- richting in het hoger onderwijs: van 42,17% in 2010-2011 naar 47,04% in 2020-2021. Zeker bij de meisjes wordt hier grote vooruitgang geboekt: van 32,90% in 2010-2011 naar 43,04% in 2020- 2021. We zien nochtans een dalend aantal behaalde studiebewijzen aan het einde van het voltijds gewoon secundair onderwijs: van 60.230 l (2010-2011) naar 58.097 (2020-2021). •

In het aso loopt het percentage STEM-studiebewijzen op tot 54,93% in 2020-2021 (bij de nulmeting bedroeg dit 51,12%).

•

In het bso daalt het percentage STEM-studiebewijzen van 38,18% bij de nulmeting naar 37,46% in 2020-2021.

•

In het tso daalt het percentage STEM-studiebewijzen van 40,23% bij de nulmeting naar 39,57% in 2020-2021.

•

In het kso daalt het percentage STEM-studiebewijzen naar 21,46% in 2020-2021 (bij de nulmeting bedroeg dit 22,58%).

Meer in detail: STEM-evoluties in het hoger onderwijs In het hoger onderwijs noteren we in 2020-2021 opnieuw een lichte stijging naar 28,05% (27,70%/2019-2020) van het aantal studenten dat instroomt in STEM-studierichtingen in de professionele gerichte bacheloropleidingen. In 2010-2011 bedroeg dit echter nog 23,82%. We zien dus een stijging met in totaal 4,23 procentpunten binnen de looptijd van het eerste STEM-Actieplan. Het percentage vrouwen in de professionele STEM-Bachelors stijgt tegenover 2010-2011 (21,13%) naar 28,51% in 2020-2021. Tegenover 2019-2020, dus op 1 academiejaar tijd, is er zelfs een stijging met 3,5 procentpunten! (2019-2020: 25,06%). De doelstelling voor 2020 was 25,20%. Niet alleen is deze indicator dus ruimschoots gehaald, het is over het hele STEM-Actieplan bekeken een van de grootste successen: de vrouwelijke STEM-studenten in de professioneel gerichte bachelor stijgen van 21,13% in 2010-2011 naar 28,51% in 2020-2021 – of een stijging met 7,38 procentpunten! De academisch gerichte bachelor stagneert in 2020-2021 op 34,44% (2019-2020: 34,70%). Ter vergelijking: in 2010-2011 ging het om 31,60%. Ook hier is er dus een stijging met 2,84 procentpunten tussen 2010- 2011 en 2020-2021. Het aandeel STEM-dames in de academische bachelor groeit van 41,28% (2019-2020) naar 42,68% (2020-2021). In 2010-2011: 37,07%. Het % STEM-studentes is dus groot in de academische opleidingen en ligt ruim hoger dan het vooropgestelde percentage van 37,07% tegen 2020. HBO5 werd in 2019-2020 ingekanteld in het Hoger Onderwijs. In de graduaatsopleidingen STEM waren in 2020-2021 1.589 studenten ingeschreven. Dit komt neer op 35% van het totaal aantal inschrijvingen. 6,5% van de STEM-studenten zijn vrouw. De studenten in een STEM-graduaatsopleiding hadden een studierendement van 68,48% (versus 70,39%).

13


In de masteropleidingen is het % STEM-diploma’s gestegen van 27,99% (2010-2011) naar 29,59% (2020-2021). Het aandeel master-uitstroom studiebewijzen voor studentes in STEM- opleidingen in het eerste masterjaar stijgt naar 40,16% (2020-2021). In 2010-2011 vertrokken ze van 31,47% - of een stijging t.o.v. de nulmeting van 8,7 procentpunten! T.o.v. vorig academiejaar 2019- 2020 is er zelfs een stijging met maar liefst 4 procentpunten. Het studierendement (doorstroom) van STEM-studenten hoger onderwijs is evenwel lager dan in 20102011 (rendement lag op 75,09%) - in 2020-2021 op 73,37%. Dit terwijl het studierendement van de nietSTEM-studenten in 2010-2011 73,24% bedroeg en in 2020-2021 75,42%. Het studierendement tussen STEM-studenten en niet-STEM-studenten loopt al een aantal jaar uit elkaar. Het aantal studiebewijzen (uitstroom) in het HO kende in 2020-2021 een stijging met goed 3.000 eenheden t.o.v. 2019-2020. Het aantal STEM-studiebewijzen stijgt daarbinnen met 1.630 eenheden. Het percentage STEM- diploma’s stijgt van 27,43% (2019-2020) naar 28,67% (2020-2021). Het aandeel STEM-studiebewijzen bij de meisjesstudenten stijgt van 34,78% (2019-2020) naar 35,01 % (2020-2021). 28,67% STEM-diploma’s op de totale populatie van mensen met een diploma hoger onderwijs blijft dus een stuk meer dan de beoogde 1 op 4. Per 1.000 inwoners van de populatie 20 tot 29 -jarigen is er een stijgend aantal jongeren met een hoger onderwijs STEM-diploma: 21,18% (2019- 2020) - 23,19% (2020-2021). In 2010-2011 bedroeg dit nog 17,20%. In de looptijd van het eerste STEM- Actieplan 2012-2020 zien we hier dus een stijging met 6 procentpunten.

Verschil tussen de internationale STEM-cijfers en de Vlaamse monitor-cijfers

Ook internationaal krijgt STEM veel aandacht. Soms lijkt het alsof de Vlaamse en de internationale STEM-metingen elkaar tegenspreken. Zo verscheen in de OESO-publicatie ‘Education at a Glance’ (2017) een internationale vergelijking tussen de initiële inschrijvingen in het hoger onderwijs. De eerste tabel hieronder geeft weer welke studiegebieden worden gekozen door wie zich voor het eerst inschrijft in het hoger onderwijs. Internationaal worden opleidingen als STEM- opleidingen beschouwd als ze, volgens de internationale ISCED-classificatiemethode, thuishoren in ‘Natural sciences, mathematics and statistics’, ‘ICT’ of ‘Engineering, manufacturing and construction’. In Vlaanderen kiest ongeveer één op vijf jongeren die zich voor het eerst inschrijven in het hoger onderwijs, voor een STEM-opleiding (volgens de internationale definitie). De meeste - opgenomen - Europese landen doen het wat dat betreft duidelijk beter dan Vlaanderen. Vooral het hoge aandeel inschrijvingen in het studiegebied ‘Health and Welfare’ valt op in Vlaanderen; enkel in Finland en Denemarken vinden we een vergelijkbaar aandeel. Hoe is het verschil tussen de internationale en de Vlaamse STEM-cijfers te verklaren? Er worden voor studiegebieden verschillende definities (en bijhorende classificatiesystemen) gehanteerd. Dat resulteert in verschillende cijfers die gecommuniceerd worden onder dezelfde of zeer gelijkaardige benamingen. Enkele voorbeelden van opleidingen die in de Vlaamse definitie wel tot STEM behoren maar niet volgens de EUROSTAT/ OESO-definitie: •

bij de academische bachelors: biomedische wetenschappen (zitten internationaal bij ‘Health’), verkeerskunde (zit internationaal bij ‘Transport’)

•

bij de professionele bachelors: meerdere opties van Audiovisuele technieken (zitten internationaal bij ‘Arts’), Agro- en biotechnologie (zit internationaal bij ‘Agriculture’), medische beeldvorming (zit internationaal bij ‘Health’) en biomedische laboratoriumtechnologie (zitten internationaal bij ‘Health’).

14


Vanaf de STEM-monitor 2023 zal Vlaanderen énkel nog de internationale ISCED-definitie volgen. Samen met de nieuwe indeling op basis van het STEM-domein in het secundair onderwijs laten we dus ook in het hoger onderwijs de VRWI-classificatie “los”. De eerste meting van de STEM-Agenda 2030 zal op deze nieuwe leest geschoeid zijn. Om de te verwachten wijzigingen concreet te maken, hebben we alvast een voorafspiegeling gemaakt van de data 2020-2021 binnen de ISCED-classificatie. Aan het einde van dit hoofdstuk vindt u de vertaalslag/prognose van de wijzigingen die dit zal teweegbrengen. Tabel 1.1. hieronder toont dit verschil (tot de monitor 2022) dus nog één keer in de cijfers: per internationaal studiegebied wordt weergegeven wat we, volgens de Vlaamse VRWI-definitie, beschouwen als STEM. Vooral in de studiegebieden ‘Arts and Humanities’, ‘Agriculture’ en in het bijzonder ‘Health and welfare’ zitten een aantal opleidingen die we in Vlaanderen beschouwen als STEM-opleidingen maar die dat volgens de internationale definitie dus niet zijn. Terugdenkend aan het relatief hoge aandeel Vlaamse inschrijvingen in ‘Health and welfare’ vinden we hier een stuk van de verklaring voor het verschil tussen de Vlaamse en de internationale STEM-cijfers. Anderzijds zien we in het internationale studiegebied ICT een klein aandeel opleidingen dat internationaal als STEM wordt bestempeld, maar niet in de Vlaamse definitie.

Tabel 1: Vlaanderen internationaal vergeleken – Initiële inschrijvingen in het hoger onderwijs (2018-2019)

Education Arts and Humanities Social sciences, Journalism and Information Business, Administration and Law Natural sciences, Mathematics and Statistics Information and Communication Technologies Engineering, Manufacturing and Construction Agriculture, Forestry, Fisheries and Veterinary Health and Welfare Services

STEM Vlaanderen 0% 2,1%

Niet-STEMVlaanderen 7,9% 8,5%

0%

9,6%

0,7%

22,1%

4,4%

0%

3,5%

0,1%

12,7%

0%

1,1 %

0,9%

4,5% 0,4%

20,4% 1,2%

15


16

Vlaanderen

8,1

9,0

11,7

23,6

4,3

Belgium

8,1

9,2

11,2

22,8

3,9

Education

Arts and humanities

Social sciences, journalism and information

Business, administration and law

Natural sciences, mathematics and statistics

Tabel 2: Vergelijking tussen ‘distribution of first entrance by field’ volgens de Eurostat STEM definitie en de Vlaamse VRWI-definitie (2019-2020)

5,3

26,1

10

10,6

5,2

Denmark

7,8

25,5

6,9

9,5

9,5

Germany

7,7

26,6

6,1

10,2

8,9

9,4

20,9

15,8

10,7

7,1

Ireland Greece

4,7

19,2

7,5

8,9

17,4

Spain

8,2

35,4

7,5

8,3

4

France

7,4

17,2

13,9

15,8

12,6

Italy

2,7

38,6

8,3

8

20,9

Cyprus

5

37,5

11,4

10,4

13,4

Luxembourg

6,8

27,9

14,3

8,3

8,6

6,2

21,3

11,4

9,5

4,1

Nether- Portulands gal

5,2

19,9

7,3

11,3

7

Finland

4

15,7

12,1

6,3

13,8

Sweden

:

:

:

:

:

United Kingdom


Volwassenenonderwijs

Tabel 3: Secundair Volwassenenonderwijs. De cijfers voor het schooljaar 2020-2021 zijn voorlopig.

schooljaar 2013-2014 2014-2015 2015-2016 2016-2017 2017-2018 2018-2019 2019-2020 2020-2021

aantal cursisten

aantal STEM

318.175 319.190 307.499 304.362 298.335 294.707 284.967 239.329

90.669 86.896 77.874 78.472 73.440 71.126 68.080 57.266

aantal zorgSTEM 35 70 49 74 150 158 250 215

aantal lichte STEM 14.538 15.365 14.241 13.617 13.635 13.124 12.574 9.849

aantal niet- STEM

% STEM

% STEM vrouw

212.933 216.859 215.335 212.199 211.110 210.299 204.063 171.999

28.5 % 27.22 % 25.32 % 25.78 % 24.62 % 24.13 % 23.89 % 23.93 %

47.45 % 47.18 % 46.21 % 47.51 % 46.83 % 46.2 % 45.92 % 46.24 %

Tabel 3: Secundair Volwassenenonderwijs. De cijfers voor het schooljaar 2020-2021 zijn voorlopig. Voor het secundair volwassenenonderwijs geldt als nulmeting het schooljaar 2013-2014 omdat vanaf dat moment de databank opgestart is. Het aantal cursisten is gedefinieerd op opleidingsniveau. Eenzelfde cursist in twee opleidingen wordt dus twee keer geteld, maar eenzelfde cursist die binnen een opleiding voor meerdere modules inschrijft, wordt slechts eenmaal geteld per schooljaar. De inschrijvingen voor 2020-2021 zijn nog niet geverifieerd en kunnen nog licht wijzigen.

Vaststellingen 1.

1Het totaal aantal cursisten in het secundair volwassenenonderwijs neemt in 2020-2021 opnieuw af (met meer dan 45.000 cursisten). De daling is veel groter dan die van de voorgaande schooljaren. Hier is het effect van de coronacrisis duidelijk te zien. Voor het schooljaar 2019-2020 was de impact van de coronacrisis nog beperkt omdat de meeste inschrijvingen voor modules in de tweede helft van dat schooljaar reeds gerealiseerd waren bij het uitbreken van de crisis in Vlaanderen (maart 2020).

2. Het aantal STEM-cursisten in 2020-2021 daalt eveneens (met meer dan 10.000 eenheden), in lijn met de algemene trend. Het percentage STEM-cursisten blijft met 23,93% evenwel stabiel. 3. Het aantal cursisten in een STEM-opleiding is t.o.v. de nulmeting (schooljaar 2013- 2014) gedaald met meer dan 33.000 eenheden. Relatief gezien (t.o.v. het totale aantal cursisten) gaat het om een daling met 4,57 procentpunten. 4.

De STEM-opleidingen bestaan voor de kleine helft (46,24%) uit vrouwelijke cursisten. Dit aandeel blijft de laatste schooljaren zeer stabiel.

17


Conclusies STEM-monitor 2022

1.

Het STEM-Actieplan behaalde in 2020-2021, het laatste meetjaar van het STEM-Actieplan 2012- 2020, drie van de vijf doelstellingen. Twee ervan zelfs in ruime mate.

2. De twee resterende doelstellingen werden bijna gerealiseerd: op 1 procentpunt na voor wat de indicator STEM Academische Bachelors betreft, op 1,3 procentpunt na voor wat instroom STEM- meisjes in de derde graad van het secundair onderwijs betreft. Meten is weten: sinds de nulmeting is er een duidelijke evolutie merkbaar in de richting van de vooropgestelde kwantitatieve doelstellingen voor de hogere instroom in STEM-richtingen. 3. De evoluties blijven wel sterk verschillen tussen de verschillende onderwijsvormen. 4. Globaal kiest in 2020-2021 36,65% van de leerlingen die instromen in de tweede graad secundair onderwijs voor STEM. In het referentiejaar 2010-2011 was dat 33,50%. We zien dus 3 procentpunten vooruitgang in de tweede graad over alle onderwijsvormen heen. 5. De stijging van de STEM-instroom is het grootst in de tweede graad van het aso. Het betreft een stijging van maar liefst 6,4 procentpunten (van 29,78% in 2010-2011 naar 36,18% in 2020- 2021. De STEM-instroom in de derde graad aso stijgt van 51,81% (2010-2011) naar 54,13% (2020- 2021). Het percentage meisjes in aso-STEM-studierichtingen bedraagt in 2020-2021 in het eerste leerjaar van de tweede graad 46,59% (2020-2021). In het eerste leerjaar van de derde graad aso bedraagt het aandeel STEM-meisjes 51,16%. 6. In het bso zien we weinig verandering in de evolutie van de STEM-instroom: in de tweede graad van 40,47% (2010-2011) naar 40,78% (2020-2021) en in de derde graad van 37,90% (2010- 2011) naar 37,21% (2020-2021) – zij het wel met (voor deze 2 leerjaren) bijna 1.000 leerlingen minder dan in 2010-2011. Het aandeel meisjes in STEM bso-studierichtingen bedraagt 7,27% in 2020-2021 (1ste leerjaar 2de graad) - toch 0,8 procentpunten meer dan het schooljaar ervoor - en 4,24% in het eerste leerjaar van de derde graad. Dat was in 2010-2011 respectievelijk 5,73% en 3,68%. Het aandeel meisjes in bso blijft hoe dan ook echt wel extreem laag. In het tso zien we t.o.v. 2010-2011 (36,13%) een stijging van 1,18 procentpunten van het percentage leerlingen in een STEM- studierichting in het eerste leerjaar van de tweede graad naar 37,31% in 2020-2021. Het eerste leerjaar van de derde graad is in 2020-2021 met 39,92 % identiek aan de 39,91% van 2019-2020 . Dit is dus net iets minder dan de 40,16% van 2010- 2011 (toen er wel bijna 700 leerlingen meer zaten in het 1ste leerjaar 3de graad tso). Het percentage meisjes in tso bedraagt in 2020-2021 in het eerste leerjaar van de tweede graad 13,75% (1,75 procentpunten meer dan in 2019-2020). In 2010-2011 bedroeg het percentage nog 10,38%. In het eerste leerjaar van de derde graad tso zijn de STEM-meisjes nu met 16,29% (tegenover 15,95% in 2019-2020 en 13,81 % in 2010-2011). Hoewel het instromende meisjesaandeel in tso mooi gestegen is, blijft het van belang om verder in te zetten op hun aandeel zowel in tso als in bso. Hier is immers nog ruime groeimarge. Het aandeel meisjes in STEM-studierichtingen neemt toe maar blijft over het algemeen veel lager dan het aandeel jongens. In tso en bso blijft het aandeel meisjes in STEM laag (tso: 16%) tot extreem laag (bso: 4%). 7.

De specifieke STEM-studierichtingen in tso en bso die onder druk staan en lage leerlingenaantallen vertonen, dienen verder opgevolgd, idealiter door alle betrokkenen samen, in een sterker samenwerkingsverband en wellicht met grote(re) focus op innovatie en op de maatschappelijke relevantie van deze opleidingen. De opleidingen die resoluut deze weg zijn ingeslagen, stijgen duurzaam. De overige cijfers spreken (helaas) voor zich.

8. De positieve tendens qua uitstroom van leerlingen met een STEM-diploma in het secundair onderwijs van de afgelopen jaren zet zich door. Het globale percentage STEM-studiebewijzen 18


steeg van 43,93% (2010-2011) naar 45,36% (2020-2021) maar opnieuw met grote verschillen tussen de onderwijsvormen. Meer dan de helft van de leerlingen in het aso behaalt in 2020- 2021 een STEM-diploma (54,93%). Dat is bijna 4 procentpunten hoger dan de nulmeting (51,12% in 2010-2011). Het tso tikt in 2020-2021 af met een STEM-uitstroom van 39,57% (2010-2011: 40,23%). Dit is dus een lichte achteruitgang t.o.v. de nulmeting, zij het met goed 400 leerlingen minder. Het bso heeft in 2020-2021 een STEM-uitstroom van 37,46% (2010-2011: 38,18 %). Ook hier dus een achteruitgang t.o.v. de nulmeting. Het kso klopt in 2020-2021 af op 21,46% (2010-2011:22,58%). 9.

De STEM-instroom in hoger onderwijs tikt in 2020-2021 af op 47,04 %. Bij de meisjes bedraagt dit percentage 43 , 04 % (ter vergelijking in 2019-2020: 41,45%). Sedert de nulmeting is er een vooruitgang met 10 procentpunten!

10. Het aantal cursisten in een STEM-opleiding in het secundair volwassenenonderwijs is t.o.v. de nulmeting (schooljaar 2013-2014) gedaald met meer dan 33.400 eenheden. Een groot deel van deze daling doet zich voor in het schooljaar 2020-2021 en dus tijdens de coronacrisis. De inschrijvingen in de andere opleidingen van het secundair volwassenenonderwijs dalen eveneens, zij het iets minder snel. Het aandeel cursisten in een STEM-opleiding in 2020-2021 daalt met 4,57 procentpunten t.o.v. de nulmeting in 2013-2014. 11. Bij de professionele bachelors noteren we in 2020-2021 28,05% STEM-instroom (27,86% in 2019- 2020). In 2010-2011 werd gestart met 23,82% - of een globale stijging met 4,23 procentpunten. Het percentage studentes in de professionele STEM-bachelors stijgt tegenover 2010-2011 (21,13%) naar 28,51% (2019-2020: 25,06%). We zien dus over de looptijd van het STEM- Actieplan een stijging van 7,38 procentpunten. De doelstelling voor 2020 was: 25,20%. Deze doelstelling is dus ruim behaald. Opmerkelijk is de stijging met ruim 3 procentpunten in de laatste 2 academiejaren. 12. Bij de academisch bachelors bedraagt de STEM-instroom in 2020-2021 34,44% (in 2019-2020: 34,70% en in 2010-2011: 31,60%). Het aandeel STEM-studentes groeit in de academische bachelor tot 42,68% (2010-2011: 37,07%). Het percentage studentes is dus groot in de academische bacheloropleidingen en ligt 5,61 procentpunten hoger dan de beoogde indicator van 37,07 % tegen 2020. 13. In het hoger onderwijs wordt in 2020-2021 de kloof weer wat gedicht tussen de professionele STEM-bachelor met 28,05% (0,3 procentpunten hoger dan in 2019-2020, maar vooral iets meer dan 4% groei t.o.v. de nulmeting) en de academische bachelor waar we in 2019-2020 34,44% STEM marktaandeel meten (2018- 2019: 34,77%): tegenover de nulmeting betekent dat een groei met bijna 3 procentpunten 14. Bij de STEM-masterstudenten zien we het aandeel vrouwen in 2020-2021 stijgen naar 39,50 % tegenover 32,43% in 2010-2011. Dat is een stijging met maar liefst 7 procentpunten tijdens de looptijd van het eerste STEM-Actieplan. 15. Het studierendement in het hoger onderwijs ligt in 2020-2021 bij STEM studenten 2 procentpunten lager dan bij de niet-STEM-studenten (73,37% STEM versus 75,42% niet-STEM). 16. Het studierendement van STEM studenten ligt in 2020-2021 lager (73,37%) dan in de nulmeting (75,09%). De STEM-professionele bacheloropleidingen scoren qua studierendement 1 procentpunt lager dan tijdens de nulmeting (66,01% in 2020-2021 – 67,28% in 2010-2011). Bij de Masteropleidingen is het studierendement van STEM-studenten (92,58%) quasi identiek aan dat van de niet-STEM-studenten (92,79%).

19


Indicatoren

I.

STEM-instroom (studiekeuze)

a.

Secundair onderwijs Leerlingen7

schooljaar 2006-2007 2007-2008 2008-2009 2009-2010 2010-2011 2011-2012 2012-2013 2013-2014 2014-2015 2015-2016 2016-2017 2017-2018 2018-2019 2019-2020 2020-2021

aantal leerlingen

aantal STEM

aantal zorg-STEM

aantal lichte STEM

aantal niet-STEM

% STEM

% STEM vrouw

75.208 74.223 71.541 70.550 70.912 71.142 70.456 69.197 69.201 68.646 67.968 68.793 71.300 73.722 74.335

24.551 24.579 23.772 24.001 23.758 23.876 23.944 23.685 24.567 24.436 24.516 24.871 25.763 26.590 27.247

164 168 168 -

1.169 1.246 1.232 1.906 2.018 2.113 2.062 2.057 1.935 2.012 2.018 2.152 2.154 2.325 2.310

49.324 48.230 46.369 44.643 45.136 45.153 44.450 43.455 42.699 42.198 41.434 41.770 43.383 44.807 44.778

32,64% 33,12% 33,23% 34,02% 33,50% 33,56% 33,98% 34,23% 35,50% 35,60% 36,07% 36,15% 36,13% 36,07% 36,65%

19,61% 20,91% 20,73% 22,54% 23,21% 24,15% 23,86% 24,15% 24,68% 25,05% 25,88% 26,07% 27,27% 27,41% 28,74%

7 Dit zijn alle leerlingen voltijds gewoon secundair onderwijs op 1 februari (of de eerstvolgende schooldag), inclusief de leerlingen in het modulair stelsel op het niveau van het eerste leerjaar van de tweede graad. De leerlingen in Franstalige afdelingen van Nederlandstalige scholen onder de bevoegdheid van het Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming zijn niet opgenomen in de cijfers.

20


Per onderwijsvorm •

ASO schooljaar

aantal leerlingen

aantal STEM

2006-2007 2007-2008 2008-2009 2009-2010 2010-2011 2011-2012 2012-2013 2013-2014 2014-2015 2015-2016 2016-2017 2017-2018 2018-2019 2019-2020 2020-2021

34.264 33.570 32.322 32.568 32.684 33.129 32.887 32.648 32.845 33.084 33.182 34.051 35.301 36.132 37.708

9.086 9.453 9.174 9.616 9.733 10.122 10.169 10.135 10.718 10.816 11.226 11.701 12.415 12.837 13.642

•

aantal zorgSTEM -

aantal lichte STEM 650 726 773 753 780 756 867 846 943 972 964 948

aantal niet- STEM

% STEM

% STEM vrouw

25.178 24.117 23.148 22.302 22.225 22.234 21.965 21.733 21.371 21.401 21.110 21.407 21.914 22.331 23.118

26,52% 28,16% 28,38% 29,53% 29,78% 30,55% 30,92% 31,04% 32,63% 32,69% 33,83% 34,36% 35,17% 35,53% 36,18%

42,89% 44,81% 44,06% 44,09% 44,85% 44,80% 45,08% 45,40% 46,20% 46,22% 46,21% 45,88% 46,22% 46,56% 46,59%

aantal niet- STEM

% STEM

% STEM vrouw

9.463 9.329 9.354 8.847 9.251 9.376 8.926 8.525 8.418 8.185 8.083 7.970 8.292 8.772 8.483

40,90% 41,15% 40,41% 41,42% 40,47% 39,20% 39,90% 40,36% 41,50% 42,43% 41,49% 41,84% 40,29% 40,10% 40,78%

3,19% 3,28% 3,54% 6,04% 5,73% 5,69% 5,14% 5,31% 5,14% 5,53% 5,81% 5,44% 5,83% 6,46% 7,27%

BSO schooljaar

2006-2007 2007-2008 2008-2009 2009-2010 2010-2011 2011-2012 2012-2013 2013-2014 2014-2015 2015-2016 2016-2017 2017-2018 2018-2019 2019-2020 2020-2021

aantal leerlingen

aantal STEM

16.562 16.400 16.284 15.718 16.221 16.104 15.517 14.877 15.009 14.779 14.362 14.284 14.479 15.239 14.969

6.774 6.748 6.580 6.510 6.565 6.312 6.191 6.004 6.228 6.270 5.959 5.976 5.833 6.111 6.105

aantal zorgSTEM -

aantal lichte STEM 325 323 350 361 405 416 400 348 363 324 320 338 354 356 381 21


•

KSO schooljaar

2006-2007 2007-2008 2008-2009 2009-2010 2010-2011 2011-2012 2012-2013 2013-2014 2014-2015 2015-2016 2016-2017 2017-2018 2018-2019 2019-2020 2020-2021

•

aantal leerlingen

aantal STEM

1.214 1.377 1.350 1.359 1.362 1.424 1.435 1.376 1.288 1.262 1.288 1.321 1.353 1.535 1.557

-

aantal leerlingen

aantal STEM

23.168 22.876 21.585 20.905 20.645 20.485 20.617 20.296 20.059 19.521 19.136 19.137 20.167 20.816

8.691 8.378 8.018 7.875 7.460 7.442 7.584 7.546 7.621 7.350 7.331 7.194 7.515 7.642

aantal zorgSTEM -

aantal lichte STEM 844 923 882 895 887 924 909 929 816 821 852 871 828 1.005 981

aantal zorgSTEM 164 168 168 -

aantal lichte STEM -

aantal niet- STEM

% STEM

% STEM vrouw

370 454 468 464 475 500 526 447 472 441 436 450 525 530 576

0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00%

0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00%

aantal niet- STEM

% STEM

% STEM vrouw

14.313 14.330 13.399 13.030 13.185 13.043 13.033 12.750 12.438 12.171 11.805 11.943 12.652 13.174

37,51% 36,62% 37,15% 37,67% 36,13% 36,33% 36,79% 37,18% 37,99% 37,65% 38,31% 37,59% 37,26% 36,71%

8,08% 8,14% 8,13% 9,88% 10,38% 11,70% 10,71% 10,59% 10,37% 10,56% 11,06% 10,98% 12,60% 12,00%

TSO schooljaar

2006-2007 2007-2008 2008-2009 2009-2010 2010-2011 2011-2012 2012-2013 2013-2014 2014-2015 2015-2016 2016-2017 2017-2018 2018-2019 2019-2020

22


Per studierichting STEM – bso en tso

•

BSO

Studiegebied

Auto

Bouw

Studierichting STEM Hulpmec. personen- en lichte bedrijfsw Spuiter Plaatwerker Bouw Duurzaam wonen Schilderwerk en decoratie Werfbediener ruwbouw

Grafische communicatie Drukken en voorbereiden en media Binnenschrijnwerker Hout

Juwelen Koeling en warmte Land- en tuinbouw Maritieme opleidingen

Mechanicaelektriciteit

Textiel Totaal STEM

Hout Machinaal houtbewerker Diamantbewerking Goud en juwelen Koelmonteur Loodgieter Monteur centrale verwarming Plant, dier en milieu Maritieme vorming Rijn- en binnenvaart Basismechanica Elektrische installaties Hoeklasser Lasser monteerder BMBE Lasser monteerder MIG/ MAG Residentieel elektrotechn. installateur Stopper/randafwerker Textiel

aantal leerlingen 2010-2011

% aantal % % leerlingen vrouw 2020-2021 2010-2011 2020-2021 2020-2021

33

0,20%

10

0,06% 12 345 30 139

558 34 243 28 80

101

15

3,44% 0,21% 1,50% 0,17% 0,49%

0,08% 2,30% 0,20% 0,93%

0,29% 30,00% 33,09%

0,67%

25,74%

8,18%

4,00%

0,02% 0,03%

50,00%

0,09%

1.446 17 7 23 9 3

1.225 3 4

8

8,91% 0,10% 0,04% 0,14% 0,06% 0,02% 0,05%

611

666

3,77%

4,45%

36,34%

9 14 2.398 976 12 9

9 11 2.302 1.226

0,06% 0,09% 14,78% 6,02% 0,07% 0,06%

0,06% 0,07% 15,38% 8,19%

11,11%

16

10

2,00% 1,79%

0,11%

0,06%

8 2 2 6.565 23

9

0,05%

0,06%

7 6.105

0,01% 0,01% 40,47%

0,05% 40,78%

7,27%


Lichte STEM Niet-STEM

405 9.251

381 8.483

2,50% 57,03%

2,55% 56,67%

55,64% 67,29%

Totaal eerste leerjaar tweede graad bso

16.221

14.969

100%

100%

42,51%

•

TSO

Studiegebied

Bouw Chemie

Studierichting STEM

aantal leerlingen 2020-2021

%

%

2010-2011

2020-2021

148 204

146 104

0,72% 0,99%

0,73% 0,52%

917

973

4,44%

4,84%

37,10%

52

58

0,25%

0,29%

68,97%

38

45

0,18%

0,22%

17,78%

254 627

358 552

1,23% 3,04%

1,78% 2,75%

27,93% 3,62%

237

250

1,15%

1,24%

46,40%

452

470

2,19%

2,34%

43,83%

35

22

0,17%

0,11%

4,55%

18

5

0,09%

0,02%

414 1.114 1.037

367 1.056 898

2,01% 5,40% 5,02%

1,83% 5,25% 4,47%

1,91% 2,46% 1,67%

999

1.325

4,84%

6,59%

7,09%

900

850

4,36%

4,23%

2,82%

2

18

0,01%

0,09%

5,56%

6 6

3

0,03% 0,03%

0,01%

33,33%

Bouw- en houtkunde Bouwtechnieken Techniekwetenschappen Fotografie

Fotografie Grafische communicatie Grafische communicatie en media Grafische media Hout Houttechnieken Biotechnische wetenschappen Land- en tuinbouw Plant-, dier- en milieutechnieken Maritieme opleidingen

Mechanica -elektriciteit

Textiel Voeding

Maritieme technieken Dek Maritieme technieken Motoren Elektriciteit-elektronica Elektromechanica Elektrotechnieken Industriële wetenschappen Mechanische technieken Textiel- en designtechnieken Textieltechnieken Voedingstechnieken

%

aantal leerlingen 2010-2011

24

vrouw 2020-2021 7,53%


Totaal STEM Niet-STEM

7.460 13.185

7.500 12.601

36,13% 63,87%

37,31% 62,69%

13,75% 58,23%

Totaal eerste l e e r j a a r tweede graad TSO

20.645

20.101

100%

100%

41,63%

Leerlingen eerste leerjaar derde graad8 schooljaar 2006-2007 2007-2008 2008-2009 2009-2010 2010-2011 2011-2012 2012-2013 2013-2014 2014-2015 2015-2016 2016-2017 2017-2018 2018-2019 2019-2020 2020-2021

aantal leerlingen

aantal STEM

70.312 71.682 72.074 71.209 68.805 68.043 68.021 68.560 68.583 68.270 67.819 67.345 66.591 66.794 68.692

31.812 32.180 32.160 30.894 30.048 29.988 29.775 29.875 30.183 30.244 30.541 30.282 29.726 29.833 30.593

aantal zorgSTEM 138 134 146 145 137 -

aantal lichte STEM 950 983 974 1.464 1.521 1.524 1.570 1.607 1.516 1.466 1.603 1.737 1.785 1.799 1.746

aantal niet- STEM

% STEM

% STEM vrouw

37.412 38.385 38.794 38.706 37.099 36.531 36.676 37.078 36.884 36.560 35.675 35.326 35.080 35.162 36.353

45,24% 44,89% 44,62% 43,38% 43,67% 44,07% 43,77% 43,57% 44,01% 44,30% 45,03% 44,97% 44,64% 44,66% 44,54%

27,64% 27,34% 27,70% 27,55% 27,46% 28,49% 29,45% 29,73% 29,70% 30,15% 30,67% 31,27% 31,54% 32,06% 31,93%

8 Dit zijn alle leerlingen voltijds gewoon secundair onderwijs op 1 februari (of de eerstvolgende schooldag), inclusief de leerlingen in het modulair stelsel op het niveau van het eerste leerjaar van de derde graad. De leerlingen in Franstalige afdelingen van Nederlandstalige scholen onder de bevoegdheid van het Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming zijn niet opgenomen in de cijfers.

25


Per onderwijsvorm •

ASO

schooljaar

aantal leerlingen

aantal STEM

2006-2007 2007-2008 2008-2009 2009-2010 2010-2011 2011-2012 2012-2013 2013-2014 2014-2015 2015-2016 2016-2017 2017-2018 2018-2019 2019-2020 2020-2021

27.493 28.156 28.007 27.470 26.709 26.660 26.746 26.570 26.559 26.604 26.790 26.923 26.663 26.895 28.072

14.486 14.664 14.835 13.958 13.839 13.840 14.050 14.105 14.165 14.404 14.749 14.845 14.637 14.709 15.196

schooljaar

aantal leerlingen

aantal STEM

2006-2007 2007-2008 2008-2009 2009-2010 2010-2011 2011-2012 2012-2013 2013-2014 2014-2015 2015-2016 2016-2017 2017-2018 2018-2019 2019-2020 2020-2021

16.697 16.832 16.983 16.860 16.426 15.892 16.101 16.448 16.365 16.115 15.829 15.602 15.154 14.951 15.449

6.480 6.580 6.489 6.399 6.225 6.017 5.938 5.850 5.931 5.893 5.864 5.856 5.606 5.535 5.749

•

aantal zorgSTEM -

aantal lichte STEM 562 564 550 587 584 590 588 589 668 773 727 709

aantal zorgSTEM -

aantal lichte STEM 437 463 464 448 495 447 502 507 467 435 495 477 465 521 491

aantal niet-STEM

% STEM

% STEM vrouw

13.007 13.492 13.172 12.950 12.306 12.270 12.109 11.881 11.804 11.612 11.452 11.410 11.253 11.459 12.167

52,69% 52,08% 52,97% 50,81% 51,81% 51,91% 52,53% 53,09% 53,33% 54,14% 55,05% 55,14% 54,90% 54,69% 54,13%

48,35% 47,57% 47,64% 48,04% 47,01% 47,73% 48,73% 48,75% 49,50% 50,08% 50,71% 51,01% 50,63% 51,83% 51,16%

aantal niet-STEM

% STEM

% STEM vrouw

9.780 9.789 10.030 10.013 9.706 9.428 9.661 10.091 9.967 9.787 9.470 9.269 9.083 8.895 9.209

38,81% 39,09% 38,21% 37,95% 37,90% 37,86% 36,88% 35,57% 36,24% 36,57% 37,05% 37,53% 36,99% 37,02% 37,21%

3,32% 3,43% 3,22% 3,56% 3,68% 3,84% 3,84% 4,17% 3,66% 3,55% 3,77% 3,77% 4,03% 4,21% 4,24%

BSO

26


•

KSO

schooljaar

aantal leerlingen

aantal STEM

2006-2007 2007-2008 2008-2009 2009-2010 2010-2011 2011-2012 2012-2013 2013-2014 2014-2015 2015-2016 2016-2017 2017-2018 2018-2019 2019-2020 2020-2021

1.727 1.731 1.662 1.738 1.677 1.796 1.677 1.750 1.708 1.674 1.740 1.843 1.801 1.806 1.864

373 373 339 396 349 396 328 370 339 347 338 370 369 353 343

•

aantal zorgSTEM -

aantal lichte STEM 513 520 510 454 462 527 481 516 459 443 519 592 547 551 546

aantal niet-STEM

% STEM

% STEM vrouw

841 838 813 888 866 873 868 864 910 884 883 881 885 902 975

21,60% 21,55% 20,40% 22,78% 20,81% 22,05% 19,56% 21,14% 19,85% 20,73% 19,43% 20,08% 20,49% 19,55% 18,40%

62,73% 56,30% 65,19% 53,54% 52,72% 60,35% 56,10% 61,08% 61,36% 59,08% 62,72% 62,70% 63,69% 66,01% 68,22%

TSO

2006-2007 2007-2008 2008-2009 2009-2010 2010-2011 2011-2012 2012-2013 2013-2014 2014-2015 2015-2016 2016-2017

24.395 24.963 25.422 25.141 23.993 23.695 23.497 23.792 23.951 23.877

10.473 10.563 10.497 10.141 9.635 9.735 9.459 9.550 9.748 9.600

aantal zorgSTEM 138 134 146 145 137 -

23.460

9.590

-

-

13.870

40,88%

15,16%

2017-2018 2018-2019 2019-2020 2020-2021

22.977 22.973 23.142 23.307

9.211 9.114 9.236 9.305

-

-

13.766 13.859 13.906 14.002

40,09% 39,67% 39,91% 39,92%

15,67% 16,51% 15,95% 16,29%

schooljaar

aantal leerlingen

aantal STEM

aantal lichte STEM -

27

aantal niet-STEM

% STEM

% STEM vrouw

13.784 14.266 14.779 14.855 14.221 13.960 14.038 14.242 14.203 14.277

42,93% 42,31% 41,29% 40,34% 40,16% 41,08% 40,26% 40,14% 40,70% 40,21%

12,79% 13,11% 13,42% 13,45% 13,81% 15,07% 15,95% 16,08% 15,66% 15,52%


Per studierichting STEM – tso en bso

•

BSO

Studiegebied

Auto

Bouw

Grafische communicatie en media Hout

Juwelen

Studierichting STEM Auto Carrosserie Mecanicien personen- & lichte bedrijfsw. Plaatwerker Tweewielers & lichte verbrandingsmotoren Vrachtwagenchauffeur Onderhoudsmechanica auto duaal Spuiter Bouwplaatsmachinist Duurzaam wonen Metselaar Metselaar siermetselwerk Ruwbouw Ruwbouwafwerking Schilderwerk en decoratie Steen- en marmerbewerking Afwerking bouw duaal Decoratie en schilderwerken duaal Ruwbouw duaal Drukken en afwerken

aantal leerlingen 2010-2011 665 242

aantal leerlingen 2020-2021 688 202

15

0,09%

4,45% 1,31%

% vrouw 1,60% 1,49%

30

38

0,18%

0,25%

93

108

0,57%

0,70%

12,04%

0,05% 0,43% 0,19%

1,52% 10,34%

1,49% 0,09% 1,00%

31,17%

6

0,04%

16,67%

1

0,01%

100

9 51

0,61%

0,06% 0,33%

9,80%

47

75

0,29%

0,49%

18,67%

6,73%

3,08%

0,02% 0,06% 0,02%

70,00%

0,10% 8 66 29

230 14 154

4

3 1.248 4 34 12 34 9

28

4,05% 1,47% 0,21%

38 24 11 8 462 29 201

Buitenschrijnwerker Houtbewerking Houtbewerking-snijwerk Werkplaatsschrijnwerker Diamantbewerking Goud en juwelen Uurwerkmaken

%

2010-2011 2020-2021

35

16

Drukvoorbereiding

%

0,23% 0,15% 0,07% 0,05% 2,81% 0,18% 1,22% 0,02%

1.040

3 10 3

0,02% 7,60% 0,02% 0,21% 0,07% 0,21% 0,05%


Koeling en warmte

Airco-technieker Centrale verwarming en san. installaties Koelinstallaties Monteur centrale verwarming Sanitair installateur

12

0,07%

415

348

2,53%

2,25%

0,57%

60

61

0,37%

0,39%

1,64%

7

0,04%

4

0,02%

Sanitaire en verwarmingsinstallaties DL

Land- en tuinbouw groenvoorziening

Maritieme opleidingen

Mechanicaelektriciteit

Textiel

Landbouw Tuinbouw Tuinbouw en groenvoorziening Dier en milieu duaal Groenaanleg en -beheer duaal Plant en milieu duaal Maritieme vorming Rijn- en binnenvaart Binnenvaart en beperkte kustvaart duaal Elektrische installaties Hoeklasser Kunststofverwerking Lassen-constructie Lasser monteerder BMBE Lasser monteerder MIG/ MAG Mechanisch onderhoud MIG/MAG-lasser Residentieel elektrotechn. installateur Werktuigmachines Elektrische installaties duaal Lassen-constructie duaal Muziekinstrumentenbouw Tufter Textiel

6 114 255

156

7 14

0,04% 1,01%

25,64%

289

1,87%

9,34%

1

0,01%

0,00%

9

0,06%

11,11%

5

0,03%

20,00%

0,01%

50,00%

2

0,69% 1,55%

0,04% 0,09%

7 815 11 10 707 4

1.037

646 8

3

0,05% 4,96% 0,07% 0,06% 4,30% 0,02%

6,71%

1,16%

4,18% 0,05%

1,55%

1,18%

0,02%

16 2

85

0,10% 0,01%

0,55%

24

13

0,15%

0,08%

385

276

2,34%

1,79%

1,81%

30

0,19%

3,33%

3

0,02%

11

11

1

0,07%

0,07%

0,01% 5

29

0,03%

36,36%


Totaal STEM Lichte STEM Niet-STEM Totaal eerste leerjaar derde graad bso

•

16.426

6.225 495 9.706

5.749 491 9.209

37,90% 3,01% 59,09%

37,21% 3,18% 59,61%

15.449

100,00%

100,00%

42,83%

4,24% 58,66% 66,08%

TSO

Studiegebied Auto Bouw

Chemie

Fotografie

Studierichting STEM Autotechnieken Autotechnieken duaal Bouw- en houtkunde Bouwtechnieken Chemie Farmaceutischtechnisch assistent Techniekwetenschappen Fotografie Fotografische technieken Fotografische vorming Grafische communicatie

Grafische communicatie en media

Handel Hout Koeling en warmte

Multimedia Multimediale technieken Multimediale vorming Printmedia Boekhoudeninformatica Informaticabeheer Houttechnieken

aantal leerlingen 2010-2011

aantal leerlingen 2020-2021

340 136 179 267

329 4 145 94 337

188

%

%

%

2010-2011

2020-2021

1,42% 0,57% 0,75% 1,11%

1,41% 0,02% 0,62% 0,40% 1,45%

169

0,78%

0,73%

69,82%

868

940

3,62%

4,03%

32,23%

49

80

0,20%

0,34%

67,50%

18

0,08%

16

0,07%

vrouw 2020-2021 1,52% 7,59% 3,19% 29,08%

42

36

0,18%

0,15%

33,33%

281

359

1,17%

1,54%

20,61%

30

0,13%

25 109

72

0,10% 0,45%

0,31%

38,89%

1.133

984

4,72%

4,22%

28,46%

796 501

857 422

3,32% 2,09%

3,68% 1,81%

4,78% 3,55%

61

30

0,25%

0,13%

Koel- en warmtechnieken

30


Land- en tuinbouw

Maritieme opleidingen

Mechanicaelektriciteit

Optiek Orthopedischetechnieken Tandtechnieken

Biotechnische wetenschappen Landbouwtechnieken Natuur- en landschapsbeheertechnieken Tuinbouwtechnieken Dier- & landbouwtechnische wetenschappen Natuur- en groentechnische wetenschappen Planttechnische wetenschappen Maritieme technieken Dek Maritieme technieken Motoren Elektriciteit-elektronica Elektrische installatietechnieken Elektromechanica Elektronische installatietechnieken Industriële ICT Industriële wetenschappen Mechanische vormgevingstechnieken duaal Podiumtechnieken Vliegtuigtechnieken Elektromechanische technieken duaal Elektrotechnieken duaal Mechanische vormgevingstechnieken duaal Optiektechnieken

306

270

1,28%

1,16%

45,93%

260

1,12%

60,38%

30

0,13%

26,67%

147

0,63%

11,56% 4,76%

91

0,38%

19

0,08%

200

0,83%

35

21

0,15%

0,09%

20

15

0,08%

0,06%

347

225

1,45%

0,97%

1,78%

924

793

3,85%

3,40%

0,88%

944

912

3,93%

3,91%

2,74%

29

9

0,12%

0,04%

137

281

0,57%

1,21%

3,20%

692

760

2,88%

3,26%

8,42%

681

561

2,84%

2,41%

2,50%

67 36

35 32

0,28% 0,15%

0,15% 0,14%

11,43% 3,13%

21

0,09%

1

0,00%

1

0,00%

10

10

0,04%

0,04%

60,00%

Orthopedietechnieken

14

13

0,06%

0,06%

61,54%

Tandtechnieken

30

27

0,13%

0,12%

62,96%

31


Textiel Voeding Totaal STEM Niet-STEM Zorg-STEM Totaal eerste leerjaar derde graad tso

Textiel- en designtechnieken Textielproduktietechnieken Voedingstechnieken

23.993

7

17

0,03%

0,07%

3

3

0,01%

0,01%

4 9.635 14.221 137

3 9.305 14.002

0,02% 40,16% 59,27% 0,57%

0,01% 39,92% 60,08%

23.307

100,00%

100,00%

42,84%

32

35,29%

66,67% 16,29% 60,48%


b.

Hoger onderwijs

Generatiestudenten in een professioneel gerichte bachelor

Academiejaar 2008-2009 2009-2010 2010-2011 2011-2012 2012-2013 2013-2014 2014-2015 2015-2016 2016-2017 2017-2018 2018-2019 2019-2020 2020-2021

aantal studenten

aantal STEM

aantal zorg-STEM

22.960 23.894 24.535 24.991 24.990 25.388 26.031 26.614 26.992 26.538 25.868 25.174 25.041

5.568 5.791 5.844 5.938 6.071 6.297 6.615 6.947 7.070 7 016 7.312 6.972 7.023

3.125 3.464 3.755 3.867 3.851 3.783 4.208 4.263 4.464 4 013 3.777 3.630 3.561

aantal lichte STEM 11 11 13 18 11 8 25 37 33 39 50 43 36

aantal niet-STEM

% STEM

% STEM vrouw

14.256 14.628 14.923 15.168 15.057 15.300 15.183 15.367 15.425 15 470 14.729 14 529 14.421

24,25% 24,24% 23,82% 23,76% 24,29% 24,80% 25,41% 26,10% 26,19% 26,44% 28,27% 27,70% 28,05%

21,10% 20,07% 21,13% 22,63% 20,77% 21,76% 22,39% 23,61% 22,66% 23,97% 24,11% 25,06% 28,51%

aantal niet-STEM

% STEM

% STEM vrouw

3.210 2.952

32,53% 34,99%

4,91% 6,54%

Generatiestudenten in een graduaatsopleiding

Academiejaar 2019-2020 2020-2021

aantal studenten

aantal STEM

aantal zorg-STEM

4.758 4.541

1.548 1.589

0 0

33

aantal lichte STEM 0 0


Generatiestudenten in een academisch gerichte bachelor

Academiejaar 2008-2009 2009-2010 2010-2011 2011-2012 2012-2013 2013-2014 2014-2015 2015-2016 2016-2017 2017-2018 2018-2019 2019-2020 2020-2021

aantal studenten

aantal STEM

aantal zorg-STEM

20.329 20.891 21.224 21.050 20.740 20.747 20.519 20.843 20.948 21.427 21.766 21.972 22.204

6.461 6.537 6.707 6.972 7.087 6.883 6.843 7.226 7.209 7.381 7.544 7.624 7.647

2.195 2.528 2.667 2.457 2.636 2.881 2.845 2.756 2.844 3.041 2.843 2.813 2.943

aantal lichte STEM 1.291 1.253 1.237 1.281 1.289 1.201 1.160 1.217 1.213 1.214 1.335 1.257 1.334

aantal niet-STEM

% STEM

% STEM vrouw

10.382 10.573 10.613 10.340 9.728 9.782 9.671 9.644 9.682 9.791 10.044 10.278 10.280

31,78% 31,29% 31,60% 33,12% 34,17% 33,18% 33,35% 34,67% 34,41% 34,45% 34,36% 34,70% 34,44%

37,08% 34,92% 37,07% 37,59% 35,90% 36,68% 37,10% 38,58% 40,26% 39,37% 40,97% 41,28% 42,68%

Master

Eerste academiejaar master 2008-2009 2009-2010 2010-2011 2011-2012 2012-2013 2013-2014 2014-2015 2015-2016 2016-2017 2017-2018 2018-2019 2019-2020 2020-2021

aantal inschrijvingen

aantal STEM HO

aantal zorg-STEM HO

aantal lichte STEM HO

aantal niet-STEM HO

% STEM HO

% STEM vrouwen HO

18.034 18.513 18.890 19.815 20.485 20.417 20.071 19.323 19.977 20.030 20.777 22.343 22.742

5.007 5.183 5.547 5.753 5.970 6.074 6.021 5.947 6.091 6.205 6.550 7.093 6.988

2.090 2.077 2.044 2.404 2.583 2.648 2.472 2.535 2.915 2.950 2.824 3 075 3.018

658 740 704 739 792 680 756 667 716 689 757 718 784

10.279 10.513 10.595 10.919 11.140 11.015 10.822 10.174 10.255 10.186 10.604 11.457 11.952

27,76% 28,00% 29,36% 29,03% 29,14% 29,75% 30,00% 30,78% 30,49% 30,98% 31,53% 31,75% 30,73%

31,06% 30,31% 32,43% 32,87% 32,86% 33,98% 35,34% 34,76% 36,05% 36,50% 36,18% 39,42% 39,50%

34


II.

STEM onderwijsprestaties en doorstroom

a.

Secundair onderwijs

Academiejaar generatiestudent

2007-2008 2008-2009 2009-2010 2010-2011 2011-2012 2012-2013 2013-2014 2014-2015 2015-2016 2016-2017 2017-2018 2018-2019 2019-2020 2020-2021

Aantal lln dat STEM Aantal lln met diploma in SO STEM-diploma SO behaalde in jaar x- 1 doorstromen naar HO STEM richting 24.100 9.910 24.614 10.383 25.108 10.685 25.478 10.743 24.638 10.794 24.133 10.894 24.373 11.070 24.378 11.117 24.893 11.475 25.243 11.587 25.297 11.839 25.367 11.998 24.985 11.805 24.798 11.664

35

% van lln met SO STEM diploma dat instroom in HO STEM 41,12% 42,18% 42,56% 42,17% 43,81% 45,14% 45,42% 45,60 % 46,10% 45,90 % 46,80 % 47,30% 47,25% 47,04%

% berekend enkel op de populatie meisjes 32,14% 34,05% 32,28% 32,90% 36,42% 36,59% 36,68% 37,24% 39,75% 39,44% 40,02% 40,72% 41,45% 43,04%


b.

Hoger Onderwijs

Academiejaar

Soort opleiding

Academisch gerichte bachelor Professioneel 2008 - 2009 gerichte bachelor Master* Totaal Academisch gerichte bachelor Professioneel 2009 - 2010 gerichte bachelor Master* Totaal Academisch gerichte bachelor Professioneel 2010 - 2011 gerichte bachelor Master* Totaal Academisch gerichte bachelor Professioneel 2011 - 2012 gerichte bachelor Master* Totaal Academisch gerichte bachelor Professioneel 2012 - 2013 gerichte bachelor Master* Totaal Academisch gerichte bachelor Professioneel 2013-2014 gerichte bachelor Master* Totaal

Aantal STEM HO

Totaal Totaal StudieStudieopgenomen verworven rendement rendement studiepunt studiepuntSTEM Rest en STEM en STEM

6.461

380.876

259.087

68,02%

65,21%

5.568

326.488

222.704

68,21%

70,00%

5.007

267.245

246.848

92,37%

90,25%

17.036

974.609

728.639

74,76%

74,06%

6.537

384.899

258.296

67,11%

65,63%

5.791

336.666

229.529

68,18%

69,66%

5.183 17.511

273.042 994.607

254.068 741.893

93,05% 74,59%

90,33% 73,92

6.707

393.759

269.380

68,41%

64,03%

5.844

336.655

226.499

67,28%

69,37

5.547 18.098

287.634 1.018.048

268.593 764.472

93,38% 75,09%

90,67 % 73,24 %

6.972

406.827

277.007

68,09%

65,36%

5.938

340.542

226.347

66,47%

68,66%

5.753 18.663

295.841 1.043.210

274.448 777.802

92,77% 74,56%

90,89% 73,74%

7.087

411.632

270.854

65,80%

63,48%

6.071

345.581

224.295

64,90%

67,42%

5.970 19.128

304.809 1.062.022

281.968 777.117

92,51% 73,17%

90,81% 72,87%

6.883

398.280

265.264

66,60%

64,23%

6.297

356.396

235.068

65,96%

67,27%

6.074 19.254

309.603 1.064.279

286.849 787.181

92,65% 73,96%

91,07% 72,89%

36


2014-2015

Academisch gerichte bachelor Professioneel gerichte bachelor Master* Totaal

2015-2016

2016-2017

2017-2018

2018-2019

2019-2020

2020-2021

Academisch gerichte bachelor Professioneel gerichte bachelor Master* Totaal Academisch gerichte bachelor Professioneel gerichte bachelor Master* Totaal Academisch gerichte bachelor Professioneel gerichte bachelor Master* Totaal Academisch gerichte bachelor Professioneel gerichte bachelor Master* Totaal Academisch gerichte bachelor Professioneel gerichte bachelor Master* Graduaatsopleiding Totaal Academisch gerichte bachelor Professioneel gerichte bachelor Master* Graduaatsopleiding Totaal

6.843

396.615

268.452

67,69%

65,88%

6.615

374.373

239.385

63,94%

68,38%

6.021

308.045

286.742

93,08%

91,83%

19.479

1.079.033

794.579

73,64%

73,98%

7.226

418.526

283.737

67,79%

64,75%

6.947

392.553

257.557

65,61%

68,59%

5.947 20.120

299.438 1.110.517

278.741 820.035

93,09% 73,84%

92,58% 73,62%

7.209

416.605

282.058

67,70%

65,58%

7.070

397.758

257.264

64,68%

67,88%

6.091 20.370

308.332 1.122.695

287.080 826.402

93,11% 73,61%

92,50% 73,73%

7.381

424.466

284.929

67,13%

65,72%

7.016

392.575

249.715

63,61%

67,42%

6.205 20.602

312.076 1.129.117

290.687 825.331

93,15% 73,10%

92,90% 73,69%

7.544

434.268

287.196

66,13%

64,66%

7.312

409.370

258.519

63,15%

68,00%

6.566 21.422

324.864 1.168.502

302.106 847.821

92,99% 72,56%

92,65% 73,69%

7.624

437.597

298.567

68,23%

67,89%

6.972

386.523

259.434

67,12%

71,88%

7.093

357.430

333.870

93,41%

93,96%

1.548

77.808

49.766

63,96%

70,95%

23.237

1.259.358

941.637

74,77%

76,74%

7.647

439.419

288.540

65,66%

65,95%

7.023

390.467

257.744

66,01%

70,58%

6.988

347.056

321.312

92,58%

92,79%

1.589

82.131

56.247

68,48%

70,39%

23.247

1.259.073

923.843

73,37%

75,42%

* Hiertoe behoort eveneens de master na professioneel gerichte bachelor 37


III.

Gekwalificeerde STEM-uitstroom (studiebewijzen)

a.

Secundair onderwijs

Indicator III.S (a) STEM Studiebewijzen secundair onderwijs99

Studiebewijzen: diploma secundair onderwijs (aso, kso, tso) of studiegetuigschrift van het tweede leerjaar van de derde graad (bso) voltijds gewoon secundair onderwijs.

Aantal studiebewijzen 2006-2007 57.235 2007-2008 58.764 2008-2009 60.033 2009-2010 60.735 2010-2011 60.230 2011-2012 58.529 2012-2013 58.084 2013-2014 58.154 2014-2015 59.049 2015-2016 58.928 2016-2017 58.377 2017-2018 57.614 2018-2019 56.934 2019-2020 57.147 2020-2021 58.097 Schooljaar

aantal STEM en % vrouw 26.306 26.858 27.169 27.439 26.458 25.906 25.952 25.817 26.009 26.299 26.316 26.464 26.193 26.022 26.354

29,92% 30,10% 29,54% 30,02% 29,58% 29,29% 30,17% 30,98% 31,38% 31,64% 32,14% 32,53% 33,09% 33,25% 34,06%

aantal zorgSTEM en % vrouw 44 68,18% 114 78,95% 114 76,32% 126 76,98% 133 74,44% 115 77,39% -

aantal lichte STEM en % vrouw 570 62,28% 684 63,74% 690 63,77% 684 61,99% 1.109 51,58% 1.197 53,38% 1.177 53,53% 1.259 50,20% 1.280 51,02% 1.189 50,38% 1.151 49,52% 1.213 49,96% 1.350 47,26% 1.439 49,34% 1.477 48,88%

aantal nietSTEM en % vrouw 30.315 69,69% 31.108 69,33% 32.060 68,96% 32.486 69,13% 32.530 68,70% 31.311 68,24% 30.955 67,97% 31.078 67,82% 31.760 67,93% 31.440 67,08% 30.910 67,53% 29.937 68,15% 29.391 67,79% 29.686 66,89% 30.266 66,43%

% STEM studie bewijzen 45,96% 45,70% 45,26% 45,18% 43,93% 44,26% 44,68% 44,39% 44,05% 44,63% 45,08% 45,93% 46,01% 45,54% 45,36%

9 De cijfers over het aantal studiebewijzen en 2019-2020 in de vorige monitor waren voorlopige cijfers, en werden in deze monitor opnieu De cijfers over het aantal studiebewijzen en 2019-2020 in de vorige monitor waren voorlopige cijfers, en werden in deze monitor opnieuw verwerkt. De cijfers voor 2020-2021 zijn voorlopige cijfers zoals gekend in de databank Beleidsinformatie O&V op 27/04/2022 w verwerkt. De cijfers voor 2020-2021 zijn voorlopige cijfers zoals gekend in de databank Beleidsinformatie O&V op 27/04/2022.

38


Per onderwijsvorm

•

ASO

Aantal studiebewijzen 2006-2007 24.542 2007-2008 25.056 2008-2009 25.601 2009-2010 25.612 2010-2011 25.176 2011-2012 24.479 2012-2013 24.548 2013-2014 24.569 2014-2015 24.459 2015-2016 24.486 2016-2017 24.608 2017-2018 24.533 2018-2019 24.711 2019-2020 24.628 2020-2021 25.246 Schooljaar

•

aantal STEM en % vrouw 12.953 13.307 13.426 13.609 12.870 12.765 12.802 12.991 13.068 13.166 13.457 13.593 13.782 13.628 13.868

49,84% 50,03% 48,98% 49,28% 49,22% 48,12% 48,90% 49,70% 49,77% 50,80% 51,10% 51,98% 51,95% 51,42% 52,84%

aantal zorgSTEM en % vrouw -

aantal lichte STEM en % vrouw 460 35,65% 506 34,78% 467 34,48% 515 34,37% 507 34,52% 504 34,33% 517 33,46% 492 37,40% 589 34,47% 695 39,14% 663 33,79%

aantal niet% STEM STEM en % studie vrouw bewijzen 11.589 66,28% 52,78% 11.749 65,61% 53,11% 12.175 65,36% 52,44% 12.003 65,09% 53,14% 11.846 66,05% 51,12% 11.208 66,47% 52,15% 11.279 66,08% 52,15% 11.063 66,09% 52,88% 10.884 66,30% 53,43% 10.816 65,97% 53,77% 10.634 67,23% 54,69% 10.448 67,94% 55,41% 10.340 68,32% 55,77% 10.305 67,14% 55,34% 10.715 66,64% 54,93%

aantal zorgSTEM en % vrouw -

aantal lichte STEM en % vrouw 266 65,04% 331 67,67% 326 65,03% 322 65,84% 304 62,50% 339 67,26% 307 69,38% 366 59,02% 356 61,80% 325 60,31% 298 63,09% 360 55,28% 321 57,94% 336 59,52% 372 62,90%

aantal niet% STEM STEM en % studie vrouw bewijzen 7.425 75,70% 39,53% 7.643 75,77% 38,54% 7.709 75,54% 38,82% 7.899 76,44% 38,82% 7.924 74,86% 38,18% 7.701 74,28% 38,49% 7.560 73,66% 38,25% 7.770 73,00% 37,44% 8.232 73,63% 36,02% 8.069 71,67% 36,59% 7.762 72,28% 36,98% 7.370 72,21% 37,76% 7.196 72,19% 37,83% 7.254 72,32% 37,22% 6.968 70,34% 37,46%

BSO

Aantal studiebewijzen 2006-2007 12.718 2007-2008 12.974 2008-2009 13.134 2009-2010 13.438 2010-2011 13.310 2011-2012 13.071 2012-2013 12.741 2013-2014 13.006 2014-2015 13.423 2015-2016 13.238 2016-2017 12.790 2017-2018 12.419 2018-2019 12.092 2019-2020 12.089 2020-2021 11.737 Schooljaar

aantal STEM en % vrouw 5.027 5.000 5.099 5.217 5.082 5.031 4.874 4.870 4.835 4.844 4.730 4.689 4.575 4.499 4.397

3,86% 3,02% 3,39% 3,03% 3,27% 3,74% 3,53% 3,53% 4,05% 3,61% 3,45% 3,77% 3,52% 3,91% 4,12%

39


•

KSO

Aantal studiebewijzen 2006-2007 1.207 2007-2008 1.329 2008-2009 1.328 2009-2010 1.298 2010-2011 1.373 2011-2012 1.331 2012-2013 1.418 2013-2014 1.354 2014-2015 1.436 2015-2016 1.363 2016-2017 1.349 2017-2018 1.315 2018-2019 1.436 2019-2020 1.408 2020-2021 1.468 Schooljaar

•

aantal STEM en % vrouw 269 293 289 270 310 270 313 263 301 280 295 271 289 305 315

60,22% 63,48% 60,21% 71,85% 56,45% 56,30% 64,22% 58,56% 63,12% 63,21% 63,73% 66,05% 65,40% 65,57% 66,98%

aantal zorgSTEM en % vrouw -

aantal lichte STEM en % vrouw 304 59,87% 353 60,06% 364 62,64% 362 58,56% 345 63,19% 352 66,76% 403 63,52% 378 63,23% 417 61,87% 360 63,89% 336 62,20% 361 61,77% 440 56,59% 408 58,33% 442 59,73%

aantal zorgSTEM en % vrouw 44 68,18% 114 78,95% 114 76,32% 126 76,98% 133 74,44% 115 77,39% -

aantal lichte STEM en % vrouw -

aantal nietSTEM en % vrouw 634 72,24% 683 70,57% 675 73,04% 666 70,57% 718 74,37% 709 72,36% 702 70,80% 713 71,53% 718 71,59% 723 70,68% 718 70,19% 683 74,23% 707 71,99% 695 70,65% 711 72,15%

% STEM studie bewijzen 22,29% 22,05% 21,76% 20,80% 22,58% 20,29% 22,07% 19,42% 20,96% 20,54% 21,87% 20,61% 20,13% 21,66% 21,46%

TSO

Aantal studiebewijzen 2006-2007 18.768 2007-2008 19.405 2008-2009 19.970 2009-2010 20.387 2010-2011 20.371 2011-2012 19.648 2012-2013 19.377 2013-2014 19.225 2014-2015 19.731 2015-2016 19.841 2016-2017 19.630 2017-2018 19.347 2018-2019 18.695 2019-2020 19.022 2020-2021 19.646 Schooljaar

aantal STEM en % vrouw 8.057 8.258 8.355 8.343 8.196 7.840 7.963 7.693 7.805 8.009 7.834 7.911 7.547 7.590 7.774

13,13% 13,18% 13,20% 14,13% 14,04% 14,09% 15,04% 15,82% 16,28% 15,98% 15,73% 15,03% 15,34% 16,72% 16,14%

40

aantal niet% STEM STEM en % studie vrouw bewijzen 10.667 69,07% 42,93% 11.033 68,75% 42,56% 11.501 68,13% 41,84% 11.918 68,27% 40,92% 12.042 66,91% 40,23% 11.693 65,71% 39,90% 11.414 65,89% 41,10% 11.532 65,77% 40,02% 11.926 65,28% 39,56% 11.832 64,75% 40,37% 11.796 64,51% 39,91% 11.436 65,36% 40,89% 11.148 64,20% 40,37% 11.432 66,89% 45,54% 11.82 63,60% 39,57%


46.442

47.711

51.007

53.348

54.884

54.964

56.153

57.602

58.242

59.093

58.201

63.080

66.031

2009-2010

2010-2011

2011-2012

2012-2013

2013-2014

2014-2015

2015-2016

2016-2017

2017-2018

2018-2019

2019-2020

2020-2021

Totaal studiebewijzen

2008-2009

Academiejaar

41

18.931

17.301

16.562

16.197

15.804

15.402

14.804

14.684

14.372

14.189

13.486

12.782

12.356

Aantal STEM HO

35,01%

34,78%

34,60%

33,17%

33,71%

32,26%

32,67%

32,26%

31,05%

30,78%

31,19%

30,58%

30,52%

% vrouw

Aantal studiebewijzen STEM HO en % vrouw

8.840

9.039

8.275

9.996

9.102

8.761

8.331

7.872

7.813

7.494

6.563

5.499

4.964

Aantal Zorg STEM HO

1.413 1.307

76,85% 76,78% 76,46%

75,11%

73,86%

72,93%

74,18%

75,41%

74,73%

75,31%

75,61%

1.559

1.534

1.377

1.482

1.422

1.457

1.357

1.431

1.430

1.284

77,60%

75,87%

1.251

% vrouw

41,37%

40,68%

43,43%

42,78%

41,84%

40,36%

40,46%

40,32%

41,61%

41,85%

40,34%

44,47%

39,89%

% vrouw

Aantal studie bewijzen zorgSTEM HO en % vrouw Aantal Lichte STEM HO

Aantal studie bewijzen zorgSTEM HO en % vrouw

36.701

35.206

31.987

31.418

31.914

31.982

31.661

30.977

31.269

30.358

29.545

28.146

27.871

Aantal Niet STEM HO

66,79%

66,14%

65,97%

65,77%

66,33%

66,53%

66,41%

67,00%

66,32%

66,76%

66,24%

65,98%

66,30%

% vrouw

Aantal studiebewijzen NietSTEM HO en % vrouw

28,67%

27,43%

28,46%

27,41%

27,14%

26,74%

26,36%

26,72%

26,19%

26,60%

26,44%

26,79%

26,61%

% STEM studie bewijzen

816.504

816.927

816.829

813.707

811.190

807.087

805.003

802.145

797.564

791.803

784.177

782.165

776.646

Populatie 20-29 jaar

15,91 16,34 17,20 17,92 18,02 18,31 18,39 19,08 19,48 19,91 20,28 21,18 23,19

Aantal studiebewijz en STEM per 1000 inwoners 20-29 jaar

b. Hoger onderwijs

Indicator III-S (b) Studiebewijzen hoger onderwijs


42

24.073

24.533

23.224

24.531

25.082

2017-2018

2018-2019

2019-2020

2020-2021

21.462

2013-2014

2016-2017

21.482

2012-2013

22.277

20.788

2011-2012

23.045

19.624

2010-2011

2015-2016

18.466

2009-2010

2014-2015

18.290

Totaal studiebewijzen

2008-2009

Academiejaar

6.173

5.928

5.867

5.851

5.564

5.278

4.837

4.657

4.547

4.680

4.463

4.110

4.079

Aantal STEM HO

29,89%

28,90%

28,07%

27,52%

26,87%

26,07%

26,24%

25,40%

23,62%

24,36%

25,32%

23,82%

24,22%

% vrouw

Aantal studiebewijzen STEM HO en % vrouw

3.307

3.287

2.723

4.271

3.982

3.721

3.697

3.510

3.457

3.298

2.892

2.664

2.439

Aantal Zorg STEM HO

12 13

88,29% 88,38% 90,02%

87,93%

86,80%

87,07%

87,26%

88,02%

86,89%

87,69%

87,98%

49

43

44

37

24

7

9

16

10

8

89,50%

88,95%

19

% vrouw

71,43%

79,07%

72,73%

62,16%

58,33%

42,86%

44,44%

31,25%

20,00%

15,38%

25,00%

25,00%

31,58%

% vrouw

Aantal studie bewijzen zorgSTEM HO en % vrouw Aantal Lichte STEM HO

Aantal studie bewijzen zorgSTEM HO en % vrouw

15.553

15.273

14.590

14.374

14.503

14.039

13.734

13.279

13.468

12.797

12.257

11.684

11.753

Aantal Niet STEM HO

68,84%

68,96%

68,60%

68,69%

70,04%

70,96%

70,98%

70,54%

70,29%

70,83%

70,34%

70,37%

70,80%

% vrouw

Aantal studiebewijzen NietSTEM HO en % vrouw

24,61%

24,17%

25,26%

23,85%

23,11%

22,90%

21,71%

21,70%

21,17%

22,51%

22,74%

22,26%

22,30%

% STEM studie bewijzen

816.504

816.927

816.829

813.707

811.190

807.087

805.003

802.145

797.564

791.803

784.177

782.165

776.646

Populatie 20-29 jaar

7,56

7,26

7,18

7,19

6,86

6,54

6,01

5,81

5,70

5,91

5,69

5,25

5,25

Aantal studiebewijz en STEM per 1000 inwoners 20-29 jaar

Studiegetuigschriften hoger onderwijs naar soort opleiding - Professioneel gerichte bachelor


488

3.036

2020-2021

Totaal studiebewijzen

2019-2020

Academiejaar

1.078

41

Aantal STEM HO

6,12%

0,00%

% vrouw

Aantal studiebewijzen STEM HO en % vrouw

0

0

Aantal Zorg STEM HO % vrouw

Aantal studie bewijzen zorgSTEM HO en % vrouw

0

0

Aantal Lichte STEM HO % vrouw

Aantal studie bewijzen zorgSTEM HO en % vrouw

1.958

447

Aantal Niet STEM HO

66,14%

74,27%

% vrouw

Aantal studiebewijzen NietSTEM HO en % vrouw

35,51%

8,40%

% STEM studie bewijzen

782.165

776.646

Populatie 20-29 jaar

1,38

0,05

Aantal studiebewijz en STEM per 1000 inwoners 20-29 jaar

Studiegetuigschriften hoger onderwijs naar soort opleiding - graduaatsopleiding

43


13.411

13.581

14.099

14.570

14.729

14.594

14.317

14.864

14.879

14.515

14.957

16.176

15.676

2009-2010

2010-2011

2011-2012

2012-2013

2013-2014

2014-2015

2015-2016

2016-2017

2017-2018

2018-2019

2019-2020

2020-2021

Totaal studiebewijzen

2008-2009

Academiejaar

44

5.101

4.963

4.740

4.624

4.566

4.502

4.299

4.497

4.375

4.275

4.186

4.100

3.831

Aantal STEM HO

40,68%

40,60%

40,11%

37,52%

38,85%

36,98%

37,80%

39,20%

37,42%

34,97%

37,12%

36,49%

35,34%

% vrouw

Aantal studiebewijzen STEM HO en % vrouw

2.555

2.748

2.538

2.364

2.554

2.444

2.171

2.173

2.158

2.153

1.884

1.658

1.626

Aantal Zorg STEM HO

751 710

64,78% 65,61% 64,14%

65,87%

65,28%

65,33%

65,27%

65,15%

63,54%

63,01%

61,48%

822

762

685

708

752

717

709

727

692

673

64,27%

62,70%

679

% vrouw

38,93%

37,66%

41,61%

42,37%

43,22%

38,91%

40,62%

39,34%

41,91%

40,56%

40,08%

44,58%

39,62%

% vrouw

Aantal studie bewijzen zorgSTEM HO en % vrouw Aantal Lichte STEM HO

Aantal studie bewijzen zorgSTEM HO en % vrouw

7.198

7.703

6.994

6.819

7.007

7.201

7.138

7.197

7.504

7.432

7.278

7.150

7.275

Aantal Niet STEM HO

64,62%

64,53%

64,17%

63,00%

62,72%

62,56%

61,95%

64,37%

62,66%

63,35%

63,88%

62,83%

63,12%

% vrouw

Aantal studiebewijzen NietSTEM HO en % vrouw

32,54%

30,68%

31,69%

31,86%

30,69%

30,29%

30,03%

30,81%

29,70%

29,34%

29,69%

30,19%

28,57%

% STEM studie bewijzen

816.504

816.927

816.829

813.707

811.190

807.087

805.003

802.145

797.564

791.803

784.177

782.165

776.646

Populatie 20-29 jaar

6,25

6,08

5,80

5,68

5,63

5,58

5,34

5,61

5,49

5,40

5,34

5,24

4,93

Aantal studiebewijz en STEM per 1000 inwoners 20-29 jaar

Studiegetuigschriften hoger onderwijs naar soort opleiding - academisch gerichte bachelor


45

21.885

22.237

2019-2020

2020-2021

19.693

2015-2016

20.020

19.559

2014-2015

2018-2019

18.908

2013-2014

19.290

18.673

2012-2013

20.045

17.990

2011-2012

2017-2018

17.284

2010-2011

2016-2017

14.741

15.664

2009-2010

Totaal studiebewijzen

2008-2009

Academiejaar

6.579

6.369

5.955

5.722

5.674

5.622

5.668

5.530

5.450

5.234

4.837

4.572

4.446

Aantal STEM HO

40,16%

35,94%

36,66%

35,42%

36,27%

34,29%

34,28%

32,39%

32,13%

33,11%

31,47%

31,36%

32,14%

% vrouw

Aantal studiebewijzen STEM HO en % vrouw

2.978

3.004

3.014

3.361

2.566

2.596

2.463

2.189

2.198

2.043

1.787

1.177

899

Aantal Zorg STEM HO

584

69,78% 67,55%

68,80%

67,54%

66,56%

63,82%

66,06%

67,84%

67,56%

69,80%

688

729

648

737

646

733

639

688

728

650

67,97%

68,24%

553 603

69,41%

% vrouw

42,15%

41,56%

43,36%

42,20%

39,63%

41,75%

40,22%

41,57%

41,62%

44,01%

40,92%

44,61%

40,51%

% vrouw

Aantal studie bewijzen zorgSTEM HO en % vrouw Aantal Lichte STEM HO

Aantal studie bewijzen zorgSTEM HO en % vrouw

11.992

11.783

10.403

10.225

10.404

10.742

10.789

10.501

10.297

10.129

10.010

9.312

8.843

Aantal Niet STEM HO

65,54%

63,24%

63,49%

63,53%

63,57%

63,41%

63,53%

64,34%

63,79%

64,11%

62,94%

62,89%

62,93%

% vrouw

Aantal studiebewijzen NietSTEM HO en % vrouw

29,59%

29,10%

29,75%

28,55%

29,41%

28,55%

28,98%

29,25%

29,19%

29,09%

27,99%

29,19%

30,16%

% STEM studie bewijzen

816.504

816.927

816.829

813.707

811.190

807.087

805.003

802.145

797.564

791.803

784.177

782.165

776.646

Populatie 20-29 jaar

8,06

7,80

7,29

7,03

6,99

6,97

7,04

6,89

6,83

6,61

6,17

5,85

5,72

Aantal studiebewijz en STEM per 1000 inwoners 20-29 jaar

Master


V.U.: Ann Verhaegen, Secretaris-Generaal Departement Onderwijs en Vorming, Koning Albert II-laan 15, 1210 Brussel • Eindredactie: Christel Op de beeck • Werkten mee: Anton Derks, Wendy Smits, Cincinnato Sebastiano, Hilde Goeman, Paul Cornelis, Thomas Wouters, Isabelle Erauw, Guy Stoffelen en Caroline Domogala. Lay-out: Kim Baele • foto’s: Getty Images • Depotnummer: D/2022/3241/171


DEPARTEMENT ONDERWIJS EN VORMING Koning Albert II-Laan 15 1210 Brussel www.onderwijs.vlaanderen.be


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
STEM_MONITOR_2022.pdf by Vlaanderen-be - Issuu