Skip to main content

dossier 2021-252.pdf

Page 1

Uitspraak beroepsinstantie OVB/2021/252

Vlaamse overheid Beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie Afdeling openbaarheid van bestuur Havenlaan 88, bus 20 1000 BRUSSEL T : 02 553 57 25 Mail: openbaarheid@vlaanderen.be Dossiernummer: OVB/2021/252

DE BEROEPSINSTANTIE - Afdeling openbaarheid van bestuur Bevoegdheid beroepsinstantie Bestuursdecreet van 7 december 2018, titel II, hoofdstuk 3, afdeling 6. Besluit van de Vlaamse Regering van 19 juli 2007 tot oprichting van de beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie. Voorafgaande procedure Op 31 mei 2021 diende xxx een verzoek in bij de gemeente Wielsbeke om een uittreksel te bezorgen van de door de gemeenteraad in geheime zitting genomen beslissingen over de financieel directeur, in het bijzonder punt 20 en 21 GR 07.05.2021 en punt 23 GR 27.05.2021. De gemeente Wielsbeke weigerde op 14 juni 2021 om verzoeker de gevraagde documenten te bezorgen. Verzoeker diende op 14 juni 2021 bij de beroepsinstantie beroep in tegen die beslissing van de gemeente Wielsbeke. Het beroepschrift werd geregistreerd op 15 juni 2021. Ontvankelijkheid van het beroep Het oorspronkelijke verzoek dateert van 31 mei 2021. De in beroep aangevochten beslissing van de gemeente Wielsbeke van 14 juni 2021 maakt melding van de beroepsmogelijkheden en -modaliteiten, zoals voorgeschreven in artikel II.43, §1, derde lid van het Bestuursdecreet.

www.vlaanderen.be


Het ingediende beroep van verzoeker d.d. 15 juni 2021 is bijgevolg tijdig ingesteld binnen de decretaal voorgeschreven termijn, conform artikel II.48, §1, derde lid van het Bestuursdecreet. Verzoeker is lid van het bijzonder comité van de sociale dienst (BCSD) van de gemeente Wielsbeke. In die hoedanigheid heeft de gemeente Wielsbeke hem een afschrift geweigerd van de gevraagde notulen van de gemeenteraad, met als volgende motivering: “leden van het BCSD (die geen gemeente- noch ocmw

raadsleden zijn) hebben recht van inzage voor stukken, akten en dossiers die het bestuur van het OCMW betreffen. De eerder vermelde leden van het BCSD hebben echter geen recht van inzage voor akten, stukken en dossiers die het bestuur van de gemeente betreffen. Een financieel directeur is een personeelslid van de gemeente (art. 162 § 2 DLB). Bijgevolg hebben leden van het BCSD geen recht van inzage en afschrift van stukken, notulen die handelen over het instellen van een tuchtprocedure tegen de financieel directeur.”

Op basis van artikel 110 jo. 75 van het decreet over het lokaal bestuur hebben de leden van het bijzonder comité voor de sociale dienst recht van inzage in dossiers, stukken en akten, ongeacht de drager, die het bestuur van het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn betreffen. Verzoeker betwist dat hij volgens de gemeente Wielsbeke niet van dit decretaal voorziene inzagerecht gebruik kan maken om een afschrift te kunnen krijgen van de gevraagde notulen. Voornoemde bepalingen verlenen een specifiek recht van toegang aan de leden van het BCSD omwille van hun hoedanigheid, dat moet worden onderscheiden van het in artikel 32 van de Grondwet gewaarborgde recht op openbaarheid van bestuur en de wetgevingen op de openbaarheid in uitvoering van dit Grondwetsartikel, zoals het Bestuursdecreet. Die bepalingen hebben dan ook een bijzondere finaliteit, namelijk dat leden van het BCSD over alle informatie zouden beschikken om met kennis van zaken hun mandaat te kunnen uitoefenen. De draagwijdte van het recht van toegang van leden van het BCSD verschilt zodoende van het Grondwettelijke recht op openbaarheid van bestuursdocumenten, waardoor ook de beroepsmogelijkheden verschillen. Ingeval de inzage of een afschrift op grond van artikel 110 jo. 75 van het decreet over het lokaal bestuur wordt geweigerd, kan het lid van het BCSD dan ook enkel een beroep doen op de toezichthoudende overheid. De beroepsprocedure georganiseerd in het Bestuursdecreet staat hier volledig los van, de beroepsinstantie mist aldus de bevoegdheid om zich uit te spreken over de rechtmatigheid van de beslissing van de gemeente Wielsbeke van 14 juni 2021 voor zover die is gesteund op artikel 110 jo. 75 van het decreet over het lokaal bestuur. Het staat aan verzoeker vrij, zo hij van oordeel is dat de gemeente deze bepaling heeft geschonden, zich tot de toezichthoudende overheid te wenden. Het onderzoek van het beroepschrift, wat de grond van de zaak betreft, blijft omwille van het voorgaande beperkt tot de toets aan de uitzonderingsgronden bepaald in het Bestuursdecreet. De beroepsinstantie stelt daarnaast vast dat er doorheen de door verzoeker gevraagde notulen informatie voorkomt van persoonlijke aard, informatie die betrekking heeft op een beoordeling, een waardeoordeel of de beschrijving van een gedrag van een bij name genoemd of een gemakkelijk identificeerbaar natuurlijk persoon, in casu de financieel directeur. Volgens artikel II.40 §3 Bestuursdecreet moet de aanvrager voor de openbaarmaking van informatie van persoonlijke aard aantonen dat hij rechtstreeks en persoonlijk in zijn rechtssituatie kan worden geraakt door ofwel: 1° de informatie; 2° de beslissing waarop de informatie betrekking heeft; 3° de beslissing ter voorbereiding waarvan het document dat de informatie bevat, is opgesteld. De beroepsinstantie oordeelt dat verzoeker geen belang aantoont op grond waarvan de informatie van persoonlijke aard openbaar kan worden gemaakt en beschouwt het beroep op dit punt als onontvankelijk.

https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur

uitspraak beroepsinstantie OVB/2021/252

pagina 2 van 4


Het beroepschrift wordt bijgevolg als deels ontvankelijk beschouwd, met name wat betreft de andere informatie dan de informatie van persoonlijke aard, waarvoor het verder onderzoek (ten gronde) van de beroepsinstantie zich beperkt tot de toetsing aan de regels van het Bestuursdecreet. Gegrondheid van het beroep Overeenkomstig artikel II.31, eerste lid Bestuursdecreet heeft het recht op passieve openbaarheid betrekking op bestuursdocumenten. Op grond van deze bepaling is elke instantie in principe verplicht aan eenieder die erom verzoekt inzage te geven in, uitleg te verschaffen over of een afschrift te bezorgen van de gewenste bestuursdocumenten. De openbaarmaking kan slechts geweigerd worden mits toepassing wordt gemaakt van één of meerdere uitzonderingen, zoals gestipuleerd in de artikelen II.33 tot en met II.39 van voormeld decreet.

1.

Toelichting door de gemeente Wielsbeke

Om met voldoende kennis van zaken te kunnen oordelen heeft de beroepsinstantie de gemeente Wielsbeke om een toelichting gevraagd, die zij op 22 juni 2021 samen met de betreffende notulen ontving. De gemeente Wielsbeke deelt daarin mee dat verzoeker weliswaar de dossierstukken opvraagt van punt 20 en 21 van de zitting van 7 mei 2021, maar dat er op de zitting van 7 mei slechts 1 punt stond geagendeerd, waardoor de vraag van verzoeker dus gedeeltelijk als zonder voorwerp zou kunnen worden beschouwd. De gemeente Wielsbeke gaat er echter van uit dat verzoeker de zitting van 29 april 2021 bedoelt, daarom heeft zij de uittreksels van punt 20 en 21 van de raad van 29 april toegevoegd. Het lijkt de gemeente Wielsbeke immers overbodig om daar een punt van te maken. Volgens de gemeente Wielsbeke kaderen deze punten allemaal in een tucht- en schorsingsprocedure die zij als gemeentebestuur hebben opgestart tegen de financieel directeur en waarbij de nodige juridische ondersteuning werd ingeroepen. De gemeente Wielsbeke gaat daarbij met de nodige behoedzaamheid te werk, uit vrees voor procedurefouten die de stuiting of stopzetting van de huidige procedure met zich zouden kunnen meebrengen. Zij zou het jammer vinden dat de hele procedure op losse schroeven zou komen te staan omwille van een (vermeende) schending van de privacy van de beklaagde, hetgeen enigszins gevreesd wordt indien uittreksels van deze beslissingen aan (naar de mening van de gemeente Wielsbeke) niet-bevoegden zouden worden verstrekt. De gemeente Wielsbeke is bij haar beslissing omtrent de vraag van verzoeker niet over één nacht ijs gegaan en heeft ook advies ingewonnen bij zowel de VVSG als bij het agentschap Binnenlands Bestuur – waaruit moet blijken dat het inzagerecht van verzoeker als lid van het BCSD hier inderdaad niet van toepassing zou zijn.

2. Beoordeling door de beroepsinstantie De notulen waar verzoeker naar vraagt, hebben allen betrekking op een tuchtprocedure die de gemeente Wielsbeke heeft opgestart tegen haar financieel directeur. Zoals al uiteengezet onder het luik ‘Ontvankelijkheid’ is het beroepschrift deels onontvankelijk voor wat betreft de informatie van persoonlijke aard, aangezien verzoeker niet het vereiste belang kan aantonen. Voor het overige stelt de beroepsinstantie vast dat de tuchtprocedure nog lopende is en dat hieromtrent bijgevolg nog geen finale beslissing is genomen. Artikel II.34, 5° van het Bestuursdecreet bepaalt dat, tenzij de aanvraag betrekking heeft op milieu-informatie, de overheidsinstanties, vermeld in artikel II.28, § 1, een aanvraag tot openbaarmaking afwijzen als het om bestuursdocumenten gaat die uitsluitend ten behoeve van de mogelijke toepassing van tuchtmaatregelen zijn opgesteld, zolang de mogelijkheid om een

https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur

uitspraak beroepsinstantie OVB/2021/252

pagina 3 van 4


tuchtmaatregel te nemen blijft bestaan. Deze uitzonderingsgrond beoogt te beletten dat het goede verloop van het disciplinaire onderzoek wordt verstoord of dat de rechten van de verdediging worden geschonden terwijl dit onderzoek loopt (Vlaams Parlement, Parl. St. 2017-2018, nr. 1656/1, blz. 60). Aangezien uit nazicht van de gevraagde notulen is gebleken dat het gaat om niet-milieu-informatie en dat zij uitsluitend betrekking hebben op een tuchtprocedure ten aanzien van de financieel directeur van de gemeente Wielsbeke en dat bovendien deze procedure nog niet werd afgerond, dient het beroepschrift dan ook als ongegrond te worden beschouwd. Na beraadslaging,

BESLUIT: Het beroepschrift van xxx d.d. 14 juni 2021 tegen de weigeringsbeslissing van de gemeente Wielsbeke d.d. 14 juni 2021 wordt als deels onontvankelijk en deels ontvankelijk doch ongegrond beschouwd. Brussel, 30 juni 2021 Voor de beroepsinstantie, afdeling openbaarheid van bestuur, Bruno ASSCHERICKX Voorzitter

https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur

uitspraak beroepsinstantie OVB/2021/252

pagina 4 van 4


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
dossier 2021-252.pdf by Vlaanderen-be - Issuu