november 2001 krant 1
p r o j e c t Bergerven
w o o r d
(
v o o r a f
)
Bergerven is in de streek een bekend natuurgebied. Niet alleen voor de talrijke wandelaars die het gebied opzoeken, maar zeker ook voor de echte natuurliefhebber. Bergerven was vroeger immers het brongebied van de Zanderbeek. Grindwinning heeft dit natuurgebied een heel ander aanzicht gegeven, maar de kansen voor echte natuur zijn in Bergerven zeker nog volop aanwezig. De vroegere grindplassen zijn deels heringericht en in de bosranden vinden we nog bijzondere plantensoorten. Het gebied heeft nog heel wat mogelijkheden als natuurgebied. Precies daarom komt er een natuurinrichtingsproject, want natuurinrichting kan aan de natuur net datgene teruggeven wat de natuur nodig heeft om terug 'natuurlijk' te worden. Natuurinrichting bestaat nog niet zolang. Ook voor Maaseik, Dilsen-Stokkem en omgeving is natuurinrichting wellicht een nieuwe term. We willen daarom graag eventjes uitleggen wat de term 'natuurinrichting' precies inhoudt en welke de mogelijkheden zijn. Wat staat er te gebeuren met Bergerven? Als u dit krantje krijgt, dan is dat omdat u op de een of andere manier bij het natuurinrichtingsproject Bergerven betrokken bent. U woont in de buurt van het gebied of u hebt er gronden in eigendom of u gebruikt gronden als landbouwer‌ Bergerven is op dit moment immers niet uitsluitend natuur. Er zijn nog heel wat mensen die het gebied op een andere manier of voor andere doeleinden gebruiken. Als we in Bergerven opnieuw meer kansen willen geven aan natuur, dan moeten we keuzes maken. En die keuzes hebben misschien ook invloed op de manier waarop u Bergerven tot nu toe zag. Af en toe verschijnt er daarom een krantje zoals dit. Met deze infokrantjes willen we u op de hoogte houden van de stand van zaken in het natuurinrichtingsproject Bergerven. Op die manier wordt u niet alleen geïnformeerd, maar krijgt u ook de kans om zelf suggesties of voorstellen te doen of om vragen te stellen.
natuurinrichting, wat is dat?
(
)
Hierna schetsen we even de mogelijkheden van het instrument natuurinrichting. Let wel: meestal zijn niet alle maatregelen nodig. In elk natuurinrichtingsproject, ook in Bergerven, wordt slechts van enkele maatregelen gebruikgemaakt.
s i t u e r i n g
(
)
Het natuurinrichtingsproject Bergerven is ongeveer 577 ha groot. Het ligt op het grondgebied van Neeroeteren (Maaseik) en Rotem (Dilsen-Stokkem). Het gebied ligt voor het grootste gedeelte tussen de Europalaan (N771) en de Zuid-Willemsvaart. In het noorden ligt de grens bij benadering op de rand van de zandgroeve en het Eilandje. 533 ha van Bergerven zijn op het gewestplan ingekleurd als groengebied of natuurgebied. De rest is industriegebied (9 ha), recreatiegebied (7 ha), waterweg (16 ha) en landbouwgebied (2 ha). De zone rond de grindplassen beheert de Stichting Limburgs Landschap vooral met een begrazings- en maaibeheer. Op de steilrand van het Kempens Plateau bevinden zich gemeentebossen met heiderelicten.
Natuurinrichting wil gebieden op zo'n manier inrichten dat de natuur er alle kansen krijgt om voort te bestaan, zich te herstellen of te ontwikkelen. Dat is niet vanzelfsprekend, want soms belemmert de bestaande toestand de behouds- of groeikansen van natuur. Bebouwing, wegen, de manier waarop de gronden worden gebruikt of de waterhuishouding kunnen de leefwereld van planten en dieren verstoren of bedreigen. Om de natuur in die gevallen een handje te helpen heeft de Vlaamse regering natuurinrichting in het leven geroepen. Natuurinrichting beschikt over een brede waaier van mogelijkheden. Uit die mogelijkheden kiest men voor elk project die maatregelen die het best geschikt zijn om het project te realiseren. Natuurinrichting kan bijvoorbeeld het wegenpatroon aanpassen of wegen van een andere verharding voorzien. Verkeer kan in het gebied ontraden worden, zodat broedgebieden de stilte en de rust krijgen die de broedende vogelsoorten daar nodig hebben. Of natuurinrichting kan maatregelen nemen die de verplaatsing van dieren en de verspreiding van planten vergemakkelijken. Bij grondwerken in het kader van natuurinrichting kunnen poelen gegraven worden, kan de bodemlaag afgegraven worden of kunnen leefgebieden hersteld worden. Door eigendom of gebruik van percelen te ruilen kan natuurinrichting oplossingen aanreiken voor situaties waar bijvoorbeeld landbouw of bebouwing in een natuurgebied een probleem vormen. Natuurinrichting werkt binnen de grenzen van een afgebakend gebied. De gebieden die voor natuurinrichting in aanmerking komen, zijn groengebieden op het gewestplan. Ze hebben als bestemming o.a. natuur- of bosgebied. Hooguit tien procent van de totale oppervlakte van het projectgebied mag een andere gewestplanbestemming hebben. Om een natuurinrichtingsproject te realiseren is er een hele procedure uitgewerkt. U vindt hiernaast een overzichtje. Bij die procedure is er natuurlijk ook overleg. Verschillende partners worden bij het project betrokken. De bevolking krijgt inspraak. Deze infokrant is een eerste vorm van informatie voor het grote publiek. In de loop van het project krijgt u via deze infokranten geregeld informatie over de plannen, de uitvoering en de stand van zaken.
Openbaar onderzoek: zie pagina 4 afdeling Natuur Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap
Hoe zag Bergerven er vroeger uit?
(
Procedure
)
We geven hier kort een historische kijk op Bergerven. Dat levert niet alleen een beter inzicht op in de evolutie van het gebied. Het verheldert wellicht ook waarom het projectgebied zo'n interessant gebied is om er aan natuurinrichting te doen.
Een natuurinrichtingsproject doorloopt een hele procedure, die enkele jaren duurt. Hieronder vindt u een schematische voorstelling van die procedure. Het gekleurde vak geeft aan in welke fase van de procedure het project Bergerven nu zit. Tot vandaag is er dus alleen maar onderzocht of het project Bergerven realistisch en haalbaar is als natuurinrichtingsproject. Op basis van dat onderzoek heeft de Vlaamse regering het project goedgekeurd. Minister Vera Dua heeft opdracht gegeven om een projectcomité en een projectcommissie op te richten (zie ook laatste pagina). Nu wordt er een projectrapport opgesteld waarin concreet zal beschreven worden welke maatregelen nuttig en nodig zijn voor Bergerven. Ondertussen stelt het natuurinrichtingscomité een lijst op van alle betrokkenen. Zowel dat projectrapport als de naamlijst zijn het voorwerp van een openbaar onderzoek, in de maand november. Dat openbaar onderzoek wordt uitvoerig aangekondigd, zodat iedereen de kans krijgt om opmerkingen en suggesties te formuleren of vragen te stellen.
onderzoek naar de haalbaarheid -
Bebossing
Heidegebied Op de kaart van Ferraris (1770-1775) kreeg het grootste deel van Bergerven de benaming 'Neder Heyde' en dat betekende zoveel als 'woeste grond of heide'. In het noordoosten kwamen ook toen al landbouwpercelen voor. De landbouwgronden grensden in het zuiden aan enkele moerassige zones. Enkele wegen doorsneden het heidegebied. In het gebied zelf was er weinig of geen bewoning en het kanaal was nog niet gegraven.
Kanaal en spoorweg Vanaf 1808 begon de aanleg van het kanaal. In 1825 werd de Zuid-Willemsvaart voor de scheepvaart geopend. In de jaren dertig van de 20ste eeuw, werd het kanaal plaatselijk rechtgetrokken en ontstond de eigenaardige bocht of het 'eilandje'. In 1889 was er al een spoorwegverbinding tussen Maaseik en Hasselt. Nu ligt er een toeristisch fietspad op die vroegere spoorlijn.
natuurinrichtingsproject
Woeste gronden en heide zijn in de loop der tijden geleidelijk aan omgezet naar bos. De omzetting begon rond de periode 1830 - 1850. Door de aanleg van een bosstrook met naaldhout werd het gebied opgesplitst in twee delen: 'Neer Heide' in het noorden en 'Schoots Hei' in het zuiden. In 1849 waren al delen van de steilrand en een deel in het zuiden van het gebied bebost. 'Neer Heide' was al bijna volledig bebost in 1878 en 'Schoots Hei' in 1898. In die periode verschenen ook de bosexploitatiewegen in het gebied: rechte, evenwijdig gelegen lanen vergemakkelijkten het verwijderen van het hout uit het bos. De naam 'Neer Heide' veranderde in Bergerven en in die periode nam de landbouw de eerder beboste heide in gebruik als landbouwgrond. Grove den werd door de mijnbouw populair als stuthout en dus werden grote delen van de Kempense Heide met naaldhout beplant.
Grindwinning Vanaf de jaren 1970 greep de mens nogmaals in het gebied Bergerven in door het te ontgrinden. Een gevolg van die grindwinning zijn de grote en diepe plassen die in het landschap achterbleven.
Vlaamse regering stelt een natuurinrichtingsproject in
ferrariskaart
Vlaamse minister bevoegd voor het natuurbehoud richt een projectcomité en een projectcommissie op afdeling Natuur stelt het projectrapport op (6 maanden) comité maakt een naamlijst van de belanghebbenden (3 maanden) openbaar onderzoek
advies van het comité
(30 dagen)
(binnen 6 maanden)
comité hoort belanghebbenden voor verduidelijking van bezwaren en opmerkingen bij de naamlijst van belanghebbenden comité stelt lijst van belanghebbenden vast Vlaamse regering stelt de natuurinrichtingsmaatregelen en de manier om ze uit te voeren vast comité maakt uitvoeringsplan op met raadpleging van de commissie openbaar onderzoek
advies van de commissie
(30 dagen)
(binnen 3 maanden)
comité hoort belanghebbenden voor verduidelijking van bezwaren en opmerkingen comité stelt uitvoeringsplan vast comité laat natuurinrichtingsmaatregelen uitvoeren comité laat een natuurinrichtingsakte opmaken
grens projectgebied Bergerven (bij benadering)
Waar willen we met Bergerven naartoe?
(
Natuurvriendelijke grindplassen
Voor vele planten en dieren zijn sommige grindplassen te diep en de oevers te steil. Daarom ligt er een voorstel ter discussie om deze plassen deels op te vullen met materiaal van ter plaatse. We zouden de dijk, die kunstmatig is aangelegd, kunnen afgraven en de grond die daarbij vrijkomt kunnen gebruiken als opvulmateriaal. Voorts kunnen de oevers dan ingericht worden tot plas-drassituaties met hier en daar een landtong. Deze ingrepen zijn nodig voor de ontwikkeling van moerasplanten met riet en moerasbosjes van wilgen. Zo creëren we meer kansen voor broedvogels in en langs het water. Langs het kanaal willen we de waardevolle broekbossen uitbreiden.
)
Terug naar de heide van weleer
Vroeger was het gebied één groot de loop der eeuwen zijn die heideg en in 'cultuur' gebracht. Maar er zi mogelijkheden om de heide v herstellen. Heide en heischrale te een arme bodem nodig. Zo'n vinden we in sommige boss overgangszone tussen de grindpla van de steile rand. Daar ku heideherstel doen. Maar dat betek Bergerven bomen gekapt moeten w is er op die open plaatsen een aa nodig. Wel moet nog beslist worden heide zich verder kan ontwikkel herstel van de rode dopheide, o dopheide genoemd, is belangrijk.
Bergerven, zoals we het nu kennen
(
Grindplassen
Heide
In Bergerven getuigen vier grindplassen van de voormalige grindwinningsactiviteit. De grote plas is gemiddeld tussen 6 en 10 meter diep en heeft een oppervlakte van ruim 33 ha. De andere plassen zijn ongeveer 10 ha, 3 ha en 1 ha groot. Rond alle plassen, behalve rond de grootste vinden we plasdrassituaties. Dat betekent dat rond de grindgaten nog kleine, ondiepe plassen voorkomen die zelfs in de zomer nog water kunnen bevatten. Daartussen zijn er vochtige, deels zompige delen die in de zomer droger kunnen worden. In deze overgangszone van zeer nat naar droog kunnen zich rietkragen en wilgenstruiken ontwikkelen. Het struikgewas op de oevers is aantrekkelijk voor vogels die zowel water als riet nodig hebben, zoals bijvoorbeeld de blauwborst en de rietgors. De kwaliteit van het water is erg goed. Behalve in de grootste en de kleinste plas zijn de meeste oevers van de plassen zeer steil. Dat is niet interessant voor de meeste waterplanten of -vogels. In steile oevers vinden watervogels niet gemakkelijk een broedplaats, maar voor bijvoorbeeld oeverzwaluwen kan een steile, zachte wand een mooie broedgelegenheid zijn. De waterplassen vriezen niet gemakkelijk dicht, omdat ze vrij diep zijn en omdat er water uit de grond opborrelt. Dat maakt hen aantrekkelijk voor zowel broedende, doortrekkende als overwinterende watervogels. Vooral eenden, ganzen en zelfs zwanen weten het gebied te vinden. Op de ondiepere, kleinere plassen broeden futen, meerkoeten, waterhoentjes en verschillende soorten eenden. In het najaar verzamelen honderden kieviten op de zandplaten in de middelgrote plas. Vooral de kleinere plassen en de Bergervenbeek zijn zeer aantrekkelijk voor libellen, waaronder enkele bedreigde soorten.
egronden
t heideterrein. In gronden bewerkt ijn nog heel wat van weleer te erreinen hebben schrale bodem sen en in de assen en de voet unnen we aan kent wel dat er in worden. Achteraf angepast beheer n waar en hoe de len. Vooral het ook wel grauwe
)
Ten noorden van de plassen en in sommige naaldhout- en loofhoutbossen zijn er nog resten van de eens zo uitgestrekte heidevelden. Zowel droge als natte heide komt voor met nog enkele typische soorten, zoals de vleesetende zonnedauw, de stekelbrem en verschillende soorten korstmossen op de drogere heide.
Struikgewas Naast braamstruiken en spontane begroeiing van berken en wilgen komt er tussen de grindplassen veel brem voor. Gaspeldoornstruiken zijn ondertussen bijna geheel uit het gebied verdwenen. Voor kleine zangvogels waren deze struiken interessante uitkijkposten en broedgelegenheden.
Water De aanleg van het kanaal en de grindwinning heeft ook de waterhuishouding van Bergerven en het omliggende gebied grondig verstoord. Bij de grindwinning is men op meerdere plaatsen door waterdragende lagen gegaan. Nu komt er in de grindplassen en aan de voet van de kanaaldijk kalkrijk kwelwater naar boven. Kwelwater is water dat vanuit de ondergrond aan de oppervlakte komt. Doordat het lang in de ondergrond zat, is het meestal rijk aan bepaalde mineralen en ijzerverbindingen. Langs de westelijke zijde van het kanaal komt al het water samen in de Bergervenbeek die door een elzenbroekbos loopt.
vegetatiekaart
Graslanden Binnen het projectgebied komen ook verschillende graslandtypes voor, gaande van intensief begraasde graslanden, droge schrale graslanden tot nattere graslanden met russen en biezen. De schrale graslanden zijn vooral voor sprinkhanen en krekels interessant, waaronder enkele zeldzame soorten.
projectgrens grindplas kanaal akker heide / heiderelict grasland droog grasland houtkant dijk populierenbos naaldhoutaanplant eikenbos bebouwing elzenbos spontane (boom)opslag loofhoutaanplant
Bossen Het overgrote deel van het gebied is bos. In sommige naaldhoutbossen vinden we o.a. blauwe bosbes, berk, vuilboom, vlier en eik. Naast de drogere bossen liggen er in Bergerven in de buurt van het kanaal ook nattere elzenbroekbossen aan beide zijden van het kanaal.
Naar een ander soort bos De naaldhoutbossen die we nu in Bergerven vinden, zijn niet de natuurlijke bossen van dat gebied. Op de schrale gronden in Bergerven komt van nature meestal een zuur eikenberkenbos of eiken-beukenbos voor. Ook om dat bostype opnieuw te laten ontwikkelen zijn er veel mogelijkheden. Als we de naaldhoutbossen op een aangepaste manier beheren, kunnen we de bossen geleidelijk aan omvormen tot een meer natuurlijk bos. We spreken dan van een bosomvormingsbeheer. Omdat bomen slechts langzaam groeien, zal er van een volwaardig eiken-berkenbos pas sprake zijn over 50 tot 100 jaar.
Totaalbeeld De belangrijkste natuur- en landschapswaarde van Bergerven ligt in de verschillen tussen droog en nat, hoog en laag, open en gesloten terreinen in het gebied. Zo'n mozaĂŻeklandschap levert een grote verscheidenheid aan planten en dieren. Dat is uiteindelijk ook de bedoeling van het natuurinrichtingsproject: ervoor zorgen dat de natuur er wel bij vaart. Maar ook de mens krijgt een plaats in het geheel. Mensen kunnen in dit gebied blijven wandelen en fietsen op die plaatsen waar dat niet storend is voor zeldzame planten en dieren. Bij een mogelijke herschikking van de wandel-, fietsof ruiterpaden houden we met twee dingen rekening. De wandelaar of fietser moet zoveel mogelijk kunnen genieten van de natuur en de echte natuur zelf mag zo weinig mogelijk gestoord worden. Daarom wordt de ligging van de wegen en paden herbekeken en kunnen er eventueel verschuivingen in dit patroon voorgesteld worden. In Bergerven zal er na natuurinrichting veel meer variatie zitten in het landschap en dat is dan weer aangenamer om te wandelen of te fietsen.
de financiering
(
Het Vlaams Gewest neemt nagenoeg alle kosten voor de voorbereiding en de uitvoering van het project voor zijn rekening.
)
openbaar onderzoek Het projectrapport en de vermoedelijke lijst van belanghebbenden liggen gedurende 30 dagen ter inzage. Iedereen kan daar opmerkingen, suggesties of bezwaren bij indienen. Die reacties kunnen leiden tot aanpassing van het projectrapport en van de lijst van belanghebbenden. Het openbaar onderzoek loopt van maandag 19 november 2001 tot dinsdag 18 december 2001. In die periode kunt u het rapport en de lijst inkijken in het gemeentehuis van Maaseik of Dilsen-Stokkem. Indien u opmerkingen, suggesties of bezwaren hebt, kunt u die vóór dinsdag 18 december 2001 schriftelijk indienen bij het College van Burgemeester en Schepenen van Dilsen-Stokkem (Europalaan 25, 3650 Dilsen-Stokkem) of van Maaseik (Lekkerstraat 10, 3680 Maaseik). U kunt uw bezwaren ook mondeling kenbaar maken aan de Burgemeester of aan een door hem gemachtigde ambtenaar. De projectverantwoordelijke staat ter beschikking om bijkomende informatie te geven en om vragen te beantwoorden op dinsdag 4 december in Dilsen-Stokkem en op dinsdag 11 december in Maaseik (telkens tijdens de openingsuren van het gemeentehuis). Openingsuren gemeentehuizen: maandag, donderdag en vrijdag dinsdag woensdag
d e
(
Dilsen-Stokkem 9 - 12 uur 9 - 12 en 13 - 18 uur 9 - 12 en 13 - 17 uur
Maaseik 9 - 12 uur 9 - 12 en 14 - 17.45 uur 9 - 12 en 14 - 16 uur
p a r t n e r s
het projectcomité
)
In het projectcomité zetelen vertegenwoordigers van de betrokken overheden en organisaties. Het comité adviseert de bevoegde minister over de maatregelen die het voor natuur in het gebied wil nemen. Daarnaast voert het comité het natuurinrichtingsproject ook uit. In het projectcomité van Bergerven zetelen, naast een voorzitter van de Afdeling Natuur en een secretaris van de VLM, ook de afdelingen Natuur, Bos en Groen, Land, Afd e l i n g S t e d e n b o u w k u n d i g e V e r g u n n i n gen en Monumenten en Landschappen. Ook de provincie Limburg en de gemeenten Maaseik en Dilsen-Stokkem vaardigen telkens één lid af. Verder is er één afgevaardigde van de Stichting Limburgs Landschap (voorgedragen door de Minaraad van Vlaanderen) en één afgevaardigde van de Provinciale Landbouwkamer van Limburg.
de projectcommissie De projectcommissie geeft advies aan het projectcomité. De commissie is samengesteld uit enkele mensen die bij het project betrokken zijn (bijvoorbeeld eigenaars en gebruikers) en uit deskundigen. Het gaat telkens om personen uit het projectgebied of personen die vertrouwd zijn met dat gebied. De voorzitter en de secretaris van het comité oefenen dezelfde functie uit bij de commissie. De projectcommissie Bergerven bestaat verder uit twee leden van de Stichting Limburgs Landschap en twee leden van de vzw Natuurreservaten (straks Natuurpunt) en twee leden gekozen uit de eigenaars en gebruikers van gronden in het gebied. Daarnaast zetelen er ook telkens twee streekdeskundigen in voor de sectoren natuur, landbouw en bos.
VLAAMSE LANDMAATSCHAPPIJ
DE ZORG VOOR DE OPEN RUIMTE IN VLAANDEREN
afdeling Natuur
afdeling Natuur
Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap
De afdeling Natuur is één van de afdelingen onder de koepel van de administratie Milieu-, Natuur-, Land- en Waterbeheer (Aminal) van het ministerie van de Vlaamse gemeenschap. Andere afdelingen zijn de afdeling Bos en Groen, de afdeling Land en de afdeling Water. De afdeling Natuur zorgt voor de voorbereiding, de uitvoering en de evaluatie van het Vlaams natuurbeleid. Dat houdt een brede waaier aan activiteiten in, onder meer adviesverlening, aankoop van gronden, natuureducatie en het beheer van de eigen natuurreservaten. De afdeling Natuur ondersteunt ook natuurinitiatieven van gemeenten, provincies en natuurverenigingen. Natuur, daar zorgen wij voor' is het motto van de afdeling. Dat kan ze onder meer realiseren via natuurinrichting, het nieuw instrument van het natuurdecreet. Door een natuurinrichtingsproject als Bergerven vult ze voor een gebied de bestemming in die het op het gewestplan heeft. Bij de realisatie van natuurinrichtingsprojecten stuurt de afdeling Natuur de Vlaamse Landmaatschappij, die haar uitvoerende partner is. In dat opzicht zit de afdeling bijvoorbeeld de vergaderingen van het projectcomité van het natuurinrichtingsproject voor.
Vlaamse Landmaatschappij De Vlaamse Landmaatschappij, afgekort VLM, is een Vlaamse openbare instelling met als opdracht 'de zorg voor de open ruimte in Vlaanderen'. Om die zorg voor de open ruimte in de praktijk te kunnen waarmaken heeft de VLM vijf taken, die alle vijf steunen op een eigen wetgeving. Het zijn ruilverkaveling, landinrichting, natuurinrichting, de mestbank en het Ondersteunend Centrum van het Geografisch Informatiesysteem Vlaanderen (OC-GIS). Ruilverkaveling, landinrichting en natuurinrichting kan men samenbrengen onder de noemer: inrichting van de open ruimte. De inrichting gebeurt gebiedsgericht. Dat betekent dat er eerst een gebied - van enkele honderden hectare voor natuurinrichting tot enkele tienduizenden hectare voor landinrichting - wordt afgebakend, waarin dan op maat van deze regio kan gepland en uitgevoerd worden. Natuurinrichting is de nieuwste taak van de VLM. Bij het voorbereiden en uitvoeren van natuurinrichtingsprojecten, zoals Bergerven, heeft de VLM een ondersteunende rol. Dat betekent bijvoorbeeld dat zij het secretariaat van het projectcomité van Bergerven waarneemt, dat zij helpt bij het opstellen van plannen of dat ze zorgt voor informatie rond en inspraak bij het project. De VLM bereidt de uitvoering van het natuurinrichtingsproject voor, houdt toezicht bij de werken en begeleidt de financiële afwikkeling van het project.
i n l i c h t i n g e n
(
Wie meer informatie wil over het project Bergerven, kan terecht bij volgende instanties: Aminal afdeling Natuur: 011/26.44.33 - Elvira Jacques
)
Vlaamse Landmaatschappij - provinciale afdeling Diest 013/35.87.14 - Paula Ulenaers (projectleider) 013/35.87.13 - Luc Vander Elst (communicatie)
c o l o f o n
(
)
Deze natuurinrichtingskrant werd, met een oplage van 7.000 exemplaren, gedrukt op gerecycleerd papier.
Eindredactie, grafische vormgeving en foto’s: Vlaamse Landmaatschappij, in samenwerking met de afdeling Natuur, november 2001. Drukwerk: Drukkerij Pre & Press, Ham Verantwoordelijke uitgever: ir. Paul Demeester, administrateur-generaal VLM, Gulden-Vlieslaan 72, 1060 Brussel.