Activiteitenverslag
2016
www.vlm.be
Inhoud Voorwoord - Toon Denys, gedelegeerd bestuurder
3
Samen-werken voor een duurzame open ruimte en platteland
VLM zet het plattelandsbeleid op de kaart
5
De VLM werkt aan een effectief dorpenbeleid 5 De VLM organiseert dialoogdagen dorpenbeleid 6 De VLM steunt de projectoproep ‘Buurten op den Buiten’ van de Koning Boudewijnstichting 6 De VLM werkt mee aan het voorjaarscongres ‘Open ruimte open blik’ 7 De VLM organiseert de projectoproepen voor volkstuinen waarin jongeren of de welzijnssector een centrale rol spelen 8
VLM is hoofdpartner van het EIP-AGRI Service Point dat de uitbouw van het EIP-AGRI netwerk ondersteunt en faciliteert Vijf nieuwe EIP-AGRI Focusgroepen gelanceerd in 2016
VLM dringt de nutriëntenbelasting van de waterlopen en het grondwater terug en ondersteunt het duurzaam bodembeheer
9 9
10
Sensibiliseringscampagne MAP-man rond bemesting en waterkwaliteit 10 De VLM biedt twee programma’ s aan om landbouwers te helpen bij hun bemesting 12 Nitraatresidurapport 2016 13 Mestrapport 2016: waterkwaliteit stagneert 14 4000 landbouwers ontvangen financiële toelage voor hun fosfaatanalyses 15 Slotmoment Demeter – Duurzaam bodembeheer: een gezonde bodem en proper water 16 VODKA-actie 2016 17
VLM realiseert een instrumentenkoffer voor de uitvoering van plannen, programma’s en projecten Scherpenheuvel als belangrijke toegangspoort en onthaalzone voor het gebied de Merode Prinsheerlijk ruiteren en mennen in de Merode Het winnen van een archeologieprijs voor de inrichting in Haacht Feestelijke opening van buurtpark ‘Heerlyckheid van Roost’ – Antitankgracht Haacht De ondertekening van de ruilverkavelingsakten Jesseren en Zondereigen
VLM versterkt de open ruimte en verbetert de omgevingskwaliteit in randstedelijke omgevingen onder sterke druk Investeringen in de leefbaarheid van Sint-Kruis-Winkel van start in 2016 De inhuldiging van de snelle fietsverbinding naar Gent – de oude spoorwegbedding Reportages op RingTV over de inrichting van openruimteclusters en de aanleg van fietssnelwegen in de Vlaamse rand De summerschool Green4Grey leverde mooie ideeën op om Curange-Les-Bains in te richten
VLM realiseert een waardevolle omgeving en oplossingen voor openruimte-eigenaars en -gebruikers, gekoppeld aan havenuitbreidingen De realisatie en inwandeling van koppelingsgebieden in de Gentse Kanaalzone
VLM is performant in het ondersteunen van noodzakelijke grondmobiliteit voor Vlaamse partners via de Vlaamse Grondenbank 10 jaar Vlaamse Grondenbank in cijfers
VLM investeert in het agronatuurbeheer in samenwerking met de landbouwers
18 18 19 20 20 22
24 24 25 26 27
28 28
29 29
30
Vergoedingen voor de beheerovereenkomsten 2016 uitbetaald 30 Het plaatsen van plas-draszonnepanelen in weidevogelgebied 31
Informatica De VLM bouwt een klachtenbeheersysteem / TOMAS / AWBM - Administratie Werken Betalingsmodule De VLM lanceert het online plattelandsloket
32 33
VLM in cijfers
34
Algemene Diensten
36
Nieuwe waarden Vlaamse overheid zijn ook nieuwe waarden VLM De VLM werkt een gedragscode uit voor de medewerkers van de Mestbank Personeelspeiling 2016 en werkbelevingsstudie KU Leuven Buitenkans 2.0 – nieuwsbrief en magazine over de open ruimte in Vlaanderen
2
32
36 37 38 38
Samen-werken voor een duurzame open ruimte en platteland
Het thema ‘open ruimte’ stond het afgelopen jaar prominent op de agenda van het beleid en vond via de algemene pers ruim ingang bij de publieke opinie.
Eind 2016 onderstreepten zowel het Vlaams Parlement als de Vlaamse Regering het belang van open ruimte via de resolutie over het Vlaams klimaatbeleid, de engagementen van de Vlaamse Regering in het Vlaams klimaat en energiepact en het Witboek Beleidsplan Ruimte Vlaanderen. Ook de nieuwe Vlaams Bouwmeester neemt de open ruimte ter harte. In het decembernummer van het VLM-magazine Buitenkans publiceerden we een dubbelinterview met minister Joke Schauvliege. Daarin houden de minister en de Vlaams Bouwmeester een pleidooi voor kernverdichting, een functionele ruimtelijke ordening en open ruimte als bouwsteen voor de toekomst. Op voorstel van minister Joke Schauvliege keurde de Vlaamse Regering op 30 november 2016 het Witboek Beleidsplan Ruimte Vlaanderen (BRV) goed. Het Witboek is een beleidsverklaring van de Vlaamse Regering die de strategische krachtlijnen schetst voor de ruimtelijke ontwikkeling in de komende decennia. Op basis van dit witboek zal de bevoegde minister voor ruimtelijke ordening, na consultaties, een ontwerp Beleidsplan Ruimte Vlaanderen voorleggen aan de Vlaamse Regering. Het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen moet de opvolger worden van het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen dat door doordacht en zuinig ruimtegebruik ruimte creëert voor kwalitatief wonen en ondernemen, terwijl het tegelijkertijd de waardevolle open ruimte maximaal vrijwaart. Het beleid heeft de intentie om de inname van open ruimte af te remmen en op termijn te stoppen en te focussen op de herbestemming van bestaande gebouwen en terreinen, zuinig ruimtegebruik, verdichting, kernversterking en inbreiding. In de toekomst mag geen openruimtebestemming worden omgezet naar een harde bestemming tenzij dit na onderzoek van alle alternatieven de beste oplossing blijkt te zijn. We zijn als Vlaamse Landmaatschappij uiteraard zeer tevreden over het feit dat het beleid de zorg voor de openruimtefuncties centraal stelt voor de leefbaarheid van Vlaanderen en het halen van de klimaatdoelstellingen, en zo de visie die we als VLM uitdragen volledig onderschrijft. De intentie om zeer zorgvuldig om te gaan met de verdere inname van open ruimte, maar ook mee te werken aan de verdere ontwikkeling van Vlaanderen is de missie van het Open Ruimte Platform, opgericht door VLM, Ruimte Vlaanderen, VVP en VVSG. Dit platform wil de openruimteontwikkeling laten samensporen met dorps- en stedelijke ontwikkeling. De uitdaging hierbij is dit operationeel te kunnen maken. Daartoe zoeken we momenteel naar mogelijke pistes in dialoog met de partners van het openruimteplatform, rekening houdend met het feit dat mensen en middelen schaars zijn. Daarom zoeken we naar nieuwe werkmodellen waarbij we op Vlaams niveau openruimteprogramma’s ontwikkelen. Voor het concreet uitwerken van oplossingen op het terrein willen we lokale groepen engageren in de verschillende gebieden in Vlaanderen waar zich een analoge opgave stelt. In de loop van 2017 willen we concreet een waterprogramma in het kader van de klimaatproblematiek opzetten in samenwerking met de Vlaamse Milieumaatschappij
VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
3
en het departement Landbouw. Met de Vlaams Bouwmeester verkennen we andere programma‘s. Het is alvast positief dat de Vlaams Bouwmeester hiervoor een openruimteadviseur heeft aangetrokken die de VLM-expertise kent. Het is immers niet de bedoeling dat VLM alleen de nieuwe uitdagingen in de open ruimte aangaat. Het is zeker de betrachting dat de innovatieve aanpak die het Open Ruimte Platform beoogt in de uitvoering wordt opgenomen door de meest gerede partners. De VLM zal daarbij, samen met de leden van het Open Ruimte Platform, vanuit haar kennis van het buitengebied de nodige ontwikkelingen blijven stimuleren en voorstellen tot aanpak formuleren. Via de opmaak van een instrumentendecreet, in samenwerking met de entiteiten in ons beleidsdomein en Ruimte Vlaanderen, breiden we het instrumentarium uit en stemmen we dit af om nieuwe uitdagingen aan te kunnen. Wat betreft een klimaatvriendelijk natuurbeleid en integraal waterbeleid wil de Vlaamse Regering natuurinrichting koppelen aan de doelstellingen van klimaatadaptatie en –mitigatie. Ze wil ook werk maken van een versnelling van de realisatie van natuurinrichtingsprojecten waarvoor via inspraak en overleg een groot draagvlak is bekomen en aangetoond. Indien zich complexe projecten aandienen is de VLM ook hier paraat. Ook voor de landbouw bevatten de engagementen van de Vlaamse Regering in het kader van het Vlaams klimaat- en energiepact heel wat voorstellen. Zo formuleerde minister Joke Schauvliege het engagement van de Vlaamse Regering om de stikstofefficiëntie van de Vlaamse agrobusinessketen te verdubbelen tegen 2030 en het organisch koolstofgehalte van landbouwbodems te verhogen door de lokale organische stromen te valoriseren. Samen met het behalen van de doelen van de nitraatrichtlijn en de kaderrichtlijn water ligt er een hele uitdaging klaar voor de landbouwsector en het meststoffenbeleid waarbij een meer holistische aanpak nodig zal zijn. Ook hiervoor zal de expertise van de VLM blijvend bevraagd en uitgedaagd worden. We vertrouwen erop dat we hierbij met onze competente ploeg medewerkers voluit het beleid mee vorm kunnen geven. Openruimtefuncties versterken en aanpassen is onze missie omdat we overtuigd zijn van haar essentiële rol in de samenleving. In onze aanpak hebben we samenwerking met externen altijd hoog in het vaandel gedragen. We zetten voortdurend in op het smeden van nieuwe partnerschappen omdat het onze overtuiging is dat samenhangende problemen van verschillende partijen een gezamenlijke aanpak vereisen om goede en kostenefficiënte oplossingen te bereiken. In die zin is het VLM-project voor de aanpak van uitdagingen niet anders dan het Europese project van samenwerking tussen lidstaten. Zo concludeerde Angela Merkel in haar dankwoord voor haar eredoctoraat, toegekend door de universiteiten KUL en UGent, dat Europa verder dient te worden versterkt om een aantal belangrijke uitdagingen aan te gaan. Naar analogie hiervan wil ik besluiten dat we samen de uitdaging aangaan om de open ruimte verder te versterken. Om een Vlaanderen te creëren waar het goed is om te leven, wonen en werken, met omgevingskwaliteit en lokale leefkwaliteit als topprioriteit.
Toon Denys
Gedelegeerd bestuurder
4
De VLM werkt aan een effectief dorpenbeleid De VLM werkt aan een effectief dorpenbeleid. Daarbij gaat het niet zozeer over een dorp in de zin van een verzameling woningen en gebouwen, maar veeleer over het dorp als leefgemeenschap met eigen, specifieke noden en een eigen identiteitsgevoel. Een effectief dorpenbeleid biedt maatwerk bij het inspelen op die specifieke, lokale noden en bezit hierdoor verschillende dimensies (stedenbouwkundig, economisch, sociaal ‌). Het opzetten en uitvoeren van gedegen, participatieve trajecten kan een belangrijke succesfactor zijn voor het realiseren van het gewenste maatwerk. De VLM levert ook de nodige steun aan het faciliteren van processen in dorpen tussen het lokale bestuur en bewonersverenigingen. Dergelijke processen stimuleren de ontwikkeling van structurele allianties tussen lokale overheid, sociaal middenveld en inwoners rond de eigen omgeving. De Vlaamse Vereniging voor Dorpsbelangen (VVD) kan als middenveldactor een cruciale rol spelen in de uitwisseling van expertise die in de verschillende dorpsraden wordt opgedaan. De VVD is ook gestart met netwerkinitiatieven die een verdere integratie van nieuwe bewonersgroepen uit de verschillende provincies bewerkstelligen. Een gedragen dorpenbeleid start aan de basis, vanuit de eigen dorpsbewoners. Door experts uit diverse disciplines erbij te betrekken krijg je een inhoudelijk sterk plan waarin toch de eigenheid van het dorp wordt bewaard.
VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
Ook de Koning Boudewijnstichting onderkent de noodzaak van sociale cohesie op het platteland en in onze dorpen. Op het platteland vestigen zich veel nieuwe inwoners die vaak stedelijke denkbeelden en gewoontes met zich meebrengen. Dit plaatst traditionele lokale verenigingen voor een belangrijke uitdaging. De nood aan initiatieven die dorpsbewoners samenbrengen is groot. De lokale overheid heeft niet altijd de mogelijkheid om dergelijke initiatieven te ondersteunen. Daarom organiseert de VLM samen met de Koning Boudewijnstichting de jaarlijkse oproepen ‘Buurten op de Buiten’. Hiermee ondersteunen we actieve inwoners of inwonersverenigingen die zelf initiatieven ontwikkelen om de sociale cohesie, het samenlevingsgevoel in eigen dorp, buurt of wijk te versterken. De VLM zal een drietal dialoogdagen organiseren. Die hebben tot doel om via een participatief traject met de belangrijkste stakeholders een Vlaams dorpenbeleid concreet vorm te geven. De wisselwerking tussen de leefgemeenschap in dorpen met evoluties zoals migratie, vergrijzing en ontgroening en de ontwikkeling van de fysieke dorpsomgeving vormt de rode draad doorheen deze dialoogdagen. De conclusies ervan moeten toelaten om een aantal beleidsinitiatieven naar voren te schuiven die op een zo effectief mogelijke manier bijdragen aan de verdere ontwikkeling van leefbare en duurzame dorpen in Vlaanderen.
5
Paul Van der Sluys – afdelingshoofd Platteland en Mestbeleid VLM
De VLM organiseert dialoogdagen dorpenbeleid Op 27 oktober 2016 organiseerde de Vlaamse Landmaatschappij een eerste dialoogdag dorpenbeleid. Doel van de dialoogdagen is om samen te verkennen hoe het Vlaams dorpenbeleid verder kan worden uitgetekend. De deelnemers van de dialoogdag dorpenbeleid namen deel aan verschillende dialoogsessies. Tijdens de dialoogsessies bespraken ze telkens de knelpunten en mogelijke oplossingen voor vier thema’s: dorpsontwikkeling door cocreatie (Dorpsontwikkeling: kan dit nog zonder cocreatie met
inwoners?), detailhandel in dorpen, bestuurlijke organisatie en dorpsontwikkeling, en de inzet van actieve burgers om de leefbaarheid van dorpen te stimuleren (Leefbaarheid in dorpen en de actieve vrijwillige inzet van inwoners). Tijdens elke dialoogsessie gaf een spreker een inleiding over het thema, waarna de deelnemers van de dialoogsessie aan de slag gingen. De volgende twee dialoogdagen worden georganiseerd op 21 februari 2017 in Leuven en op 28 september 2017 in Hasselt.
De VLM steunt de projectoproep ‘Buurten op den Buiten’ van de Koning Boudewijnstichting Met de Vlaamse Landmaatschappij als partner ontwikkelt de Koning Boudewijnstichting al jaren het project ‘Buurten op den Buiten’ en steunt ze landelijke bewonersinitiatieven. ‘Buurten op den Buiten’ is bedoeld voor bewonersgroepen, verenigingen en lokale besturen in een landelijke omgeving die een blijvende dynamiek onder de bewoners op gang willen brengen. Het gaat om projecten met een lokale, participatieve dynamiek die de levens-
6
kwaliteit in een dorp ten goede komen en de contacten tussen uiteenlopende bevolkingsgroepen stimuleren. Met de projectoproep ‘Buurten op den Buiten’ creëert de Koning Boudewijnstichting een sterkere aanwezigheid en zichtbaarheid in landelijke gebieden. De stichting wil initiatieven van burgers ondersteunen met als doel de kwaliteit van de leefomgeving te verbeteren en een harmonieus samenleven te bevor-
deren, met aandacht voor de specifieke noden van het platteland. De projectoproep 2016 werd eind november 2016 afgerond. Dit jaar werden in totaal 105 projectaanvragen ingediend bij de Koning Boudewijnstichting. 84 dossiers werden doorgestuurd naar de uitgebreide jury die besliste om 54 projecten te subsidiëren voor een globaal bedrag van net geen 300.000 euro.
VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
De VLM werkt mee aan het voorjaarscongres ‘Open ruimte, open blik’ Op 17 en 18 maart 2016 organiseerde de VLM met partners het congres ‘Open ruimte, open blik’ in Brussel. Het is een gezamenlijk initiatief van de VRP (Vlaamse Vereniging voor Ruimte en Planning), Ruimte Vlaanderen, Vlaamse Landmaatschappij (VLM), Team Vlaams Bouwmeester, Departement Landbouw en Visserij, ILVO (Instituut voor Landbouw- en Visserijonderzoek), INBO (Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek), VVSG (Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten), VVP (Vereniging van de Vlaamse Provincies), Erasmushogeschool (Opleiding Landschaps- en Tuinarchitectuur), HoGent School of Arts, KU Leuven (Faculteit Architectuur), Universiteit Antwerpen (Faculteit Ontwerpwetenschappen), Universiteit Gent (Vakgroep Geografie), Universiteit Hasselt (Departement Architectuur en Kunst) en Vrije Universiteit Brussel (Opleiding Stedenbouw en Ruimtelijke Planning). Open ruimte is veel meer dan het restje dat overblijft als we de ruimte gepland en bebouwd hebben. De schaarse open ruimte die Vlaanderen rijk is, moet oplossingen bieden voor tal van prangende kwesties: waterbeheer als antwoord op hevige regenbuien of langdurige periodes van droogte, productie van hernieuwbare energie als alternatief voor fossiele brandstoffen, een gezonde voedselproductie als antwoord op de alsmaar groeiende bevolking … Open ruimte is van cruciaal belang en moet offensief ingezet worden. Dat betekent dat de open ruimte zou moeten bepalen hoe de rest van de ruimte kwalitatief kan worden ontwikkeld – en niet omgekeerd.
(midden) Griet Celen – afdelingshoofd Landinrichting en Grondenbank
Het congres heeft op een originele manier de kracht en het belang van open ruimte in de verf gezet. Zowel insiders als outsiders hebben vanuit verschillende perspectieven hun licht op open ruimte laten schijnen. Keynotesprekers waren de Amerikaanse landschapsurbanist Julia Czerniak en de Nederlandse éminence grise Dirk Sijmons. Daarnaast kregen de deelnemers een tiental creatieve ‘ogenblikken’ voorgeschoteld: korte bijdragen in de vorm van filmpjes, beelden of lezingen die ze zelf hadden ingezonden, soms gingen ze zelf aan de slag tijdens doesessies om zo eventueel hun blik op de open ruimte te veranderen.
VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
7
De VLM organiseert de projectoproepen voor volkstuinen waarin jongeren of de welzijnssector een centrale rol spelen Joke Schauvliege, Vlaams minister van Omgeving, Natuur en Landbouw, stelde in 2016 een budget van 320.000 euro ter beschikking voor de inrichting van volkstuinen. De projectoproep 2016 had bijzondere aandacht voor jongeren en de welzijnssector. Het eigenlijke gebruik van die volkstuinen is niet uitsluitend bedoeld voor die doelgroepen, maar kan worden gerealiseerd met buurtbewoners of andere doelgroepen. De projectoproep volkstuinen 2016 was een succes. In totaal werden 57 dossiers ingediend waarvan 25 projecten kunnen worden betoelaagd voor 320.000 euro. De middelen ter ondersteuning van volkstuinprojecten kunnen door de projectindieners aangewend worden, hetzij om een bestaande volkstuin uit te breiden, hetzij om een nieuwe tuin aan te leggen. Met de projectoproep 2016 wou Vlaams minister Joke Schauvliege vooral aandacht besteden aan jongeren en de welzijnssector. Om die reden lag de klemtoon in 2016 op projecten die uitgaan van lokale besturen, scholen, organisaties
8
en verenigingen die de samenwerking met jongeren of de welzijnssector centraal stellen. Het eigenlijke gebruik van die volkstuinen is niet uitsluitend bedoeld voor die doelgroepen, maar kan worden gerealiseerd met buurtbewoners of andere doelgroepen. Initiatiefnemers rond volkstuinen konden in de periode juni tot eind augustus 2016 projectvoorstellen indienen bij de Vlaamse Landmaatschappij. Een jury beoordeelde de kwaliteit van de projecten op basis van een aantal criteria, zoals de theoretische en reĂŤle behoefte aan volkstuinen, de vergunningen, de bijdrage tot de verhoging van de omgevingskwaliteit door aandacht voor bodem, gezondheid, sociale cohesie, samenwerking met de jongeren en de welzijnssector, landschappelijke inkleding en de voorbeeldfunctie van de projecten. De projecten moeten een duurzaam karakter hebben. Een project kan voor 75 procent gesubsidieerd worden met een plafond van 15.000 euro per project. De projecten krijgen een uitvoeringstermijn van 3 jaar.
VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
Vijf nieuwe EIP-AGRI Focusgroepen gelanceerd in 2016 In het Europees Innovatiepartnerschap ‘Productieve en duurzame landbouw’ (EIP-AGRI) staat kennis delen centraal. Jaarlijks worden binnen dit Europese netwerk een aantal thematische focusgroepen georganiseerd. Hierbij komen 20 experts uit een bepaald veld samen om kennis te verzamelen en innovatieve oplossingen te vinden rond een specifiek thema of een bepaalde problematiek uit land- of bosbouw. De afgelopen jaren vonden al meer dan twintig focusgroepen plaats, met thema’s zoals antibioticareductie in de varkensproductie, ecologische focusgebieden, een stabiele oogst in de biologische landbouw, precisielandbouw, en korte voedselketens. Ook in 2016 werden vijf nieuwe focusgroepen gelanceerd. Zo kwamen praktijk experts en onderzoekers samen in Finland en Slovenië om innovatieve kennis te verzamelen rond het duurzaam mobiliseren van biomassa uit bosbouw. Andere topics die in 2016 gelanceerd werden, waren het duurzaam gebruik van gerecycleerde nutriënten, boslandbouw, duurzame zuivelproductiesystemen, en ziekten en plagen in de wijnbouw. Elke focusgroep komt twee keer samen en produceert na afloop ook een eindverslag met daarin alle bevindingen over het onderwerp. Hierin worden voorstellen gedaan voor verder onderzoek, manieren om kennis te verspreiden en om resultaten beter toe te passen in de praktijk. Ook inspirerende voorbeelden en suggesties voor het opstarten van Europese ‘operationele groepen’ dragen bij tot een brede verspreiding van de verzamelde resultaten. Alle focusgroepresultaten worden verspreid via het EIP-AGRI netwerk, zodat Europese onderzoekers, landbouwers en netwerkleden uit de agri-industrie kunnen gebruikmaken van de bevindingen. De resultaten en publicaties van de afgelopen focusgroepen werden intussen al vertaald in 17 verschillende Europese talen.
Joke Schauvliege zegt dat volkstuinen zorgen voor een verhoging van de sociale cohesie en een ontmoetingsplaats vormen tussen verschillende generaties en culturen. Met de projectoproep 2016 wou ze niet enkel het belang van volksof samentuinen onderstrepen, maar ook speciaal aandacht schenken aan jongeren en de welzijnssector. Door samen te tuinieren krijgen mensen voeling met gezonde voeding, smaken, de eigen productie van voedsel, actief leven in de buitenlucht en alternatieve vormen van lichaamsbeweging.
VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
Elk jaar worden nieuwe oproepen voor experts gelanceerd. Alle publicaties, nieuwe thema’s en oproepen voor experts kunnen worden gevonden op de EIPAGRI website. Voor nieuwsupdates, publicaties, focusgroepresultaten, Europese evenementen en andere informatie over het EIP-AGRI netwerk kan je terecht op www.eip-agri.eu. Het EIP-AGRI Service Point ondersteunt en faciliteert de uitbouw van het EIP-AGRI netwerk. Het Service Point heeft partners in zeven Europese landen, waaronder ook de Vlaamse Landmaatschappij die hoofdpartner is. Meer informatie over het EIPAGRI Service Point en het EIP-AGRI netwerk vind je op www.eip-agri.eu.
9
Sensibiliseringscampagne MAP-man rond bemesting en waterkwaliteit
UITGEBREID PARTNERSCHAP Onder de slogan ‘Zeg niet te gauw ’t steekt niet zo nauw!’ werd op 21 maart 2016 een sensibiliseringscampagne rond bemesting en waterkwaliteit gelanceerd. Om de doelstellingen voor waterkwaliteit in Vlaanderen te behalen moeten we dringend extra actie ondernemen. Het idee komt uit de landen tuinbouwsector zelf en wordt ondersteund door de overheid. Een uitgebreid partnerschap van landbouworganisaties, het Coördinatiecentrum Voorlichting en Begeleiding duurzame Bemesting vzw (CVBB) en de Vlaamse erkende praktijkcentra en betrokken administraties zetten hun schouders onder de campagne. De partners engageren zich om gedurende het jaar hun acties en communicatie-initiatieven rond bemesting en verbetering van de waterkwaliteit op mekaar af te stemmen en te communiceren naar land- en tuinbouwers. Bij de lancering van de sensibiliseringscampagne werd ook MAP-man voorgesteld, een stripfiguur die gedurende de campagne regelmatig iedereen bij de les houdt.
10
VERBETERING WATERKWALITEIT: GEEN TIJD MEER TE VERLIEZEN Vlaanderen kende de afgelopen 15 jaar een gestage verbetering van de kwaliteit van zowel het oppervlakte- als het grondwater maar lang niet overal en lang niet snel genoeg. De voorbije jaren is er eerder sprake van stagnatie. Met de sensibiliseringscampagne rond bemesting en waterkwaliteit willen de partners de urgentie benadrukken en een kantelmoment in de resultaten van de waterkwaliteit veroorzaken. MAP5 loopt van 2015 tot en met 2018 maar al in de tweede helft van 2017 is een tussentijdse evaluatie (de zogenaamde ‘mid-termreview’) voorzien voor Europa. De tussentijdse evaluatie heeft tot doel een stand van zaken op te maken van MAP5 over de aanpak, uitvoering, resultaten en effectiviteit. We hebben geen tijd te verliezen en moeten nu actie ondernemen. Iedereen zal zijn verantwoordelijkheid moeten nemen willen we de waterkwaliteit verder verbeteren.
VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
(v.l.n.r.) Joris Relaes, administrateur-generaal, Instituut voor Landbouw- en Visserijonderzoek Bart Naeyaert, gedeputeerde, provincie West-Vlaanderen; Philippe D’ Hondt, administrateur-generaal Vlaamse Milieumaatschappij; Georges Van Keerberghen, Boerenbond - lid van het Hoofdbestuur; Guy Depraetere, Algemeen Boerensyndicaat; Toon Denys, gedelegeerd bestuurder Vlaamse Landmaatschappij
PARTNERS IN LAND- EN TUINBOUW BUNDELEN DE KRACHTEN Om het grote belang van de bemestingspraktijken en de impact op de waterkwaliteit te benadrukken slaan de landbouworganisaties, het CVBB en de praktijkcentra en betrokken administraties de handen in mekaar om die kernboodschap de wereld in te sturen. Ze willen met een sensibiliseringscampagne, praktisch advies, begeleiding en aanwezigheid op het terrein die boodschap versterken en waarmaken. De rode draad in de communicatie over bemesting in 2016 is het benadrukken van de urgentie én het aanreiken van praktisch bruikbare tips en oplossingen om efficiënt(er) te bemesten en nutriëntenverliezen en pesticiden in het milieu te voorkomen. Het thema wordt het ganse jaar door in de aandacht gehouden.
ZEG NIET TE GAUW ’T STEEKT NIET TE NAUW! Met de campagneslogan ‘Zeg niet te gauw ’t steekt niet te nauw!’ willen de partners de nodige bewustwording creëren bij land- en tuinbouwers. Zowel vóór, tijdens als na het bemesten kunnen betere resultaten worden bereikt door het toepassen van de beste praktijken. Voor landbouw én milieu. Land- en tuinbouwers hebben meer in de hand dan doorgaans wordt gedacht. De onderzoeksinstellingen, praktijkcentra, bedrijfsbegeleiders, consulenten en erfbetreders worden opgeroepen hun kennis te delen en land- en tuinbouwers waar mogelijk te adviseren, begeleiden en ondersteunen. De voorbije jaren werden duidelijk stappen vooruit gezet, maar er zijn bijkomende inspanningen nodig. Zorgvuldig en oordeelkundig bemesten volgens de MAP-normen is van het grootste belang. Het is een kwestie van solidariteit dat iedereen op dat vlak zijn verantwoordelijkheid neemt en er zo mee voor zorgt dat we samen de economische impact van het mestbeleid zo veel mogelijk kunnen beperken, én de kwaliteit van zowel het oppervlakte- als het grondwater verder verbeteren.
De voorbije jaren werden duidelijk stappen vooruit gezet, maar er zijn bijkomende inspanningen nodig VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
11
De VLM biedt twee programma’s aan om landbouwers te helpen bij hun bemesting Door het gewijzigde landbouwbeleid en de aangepaste erosie- en mestwetgeving hebben heel wat landbouwers af te rekenen met bemestingsbeperkingen of bijkomende teelten in het areaal. Daardoor moeten ze hun bemesting bijsturen. Om de bemestingsstrategie voor hun bedrijf op punt te stellen, kunnen ze de BASsistent Balanssimulator 2016 en de Demetertool van de dienst Bedrijfsadvies van de VLM inzetten.
2Â of 3 hebben. Of omdat ze te weinig stikstofstalen hebben laten nemen in 2015 voor groenten, aardbeien, sierteelt en boomkweek. Het positieve aan MAP 5 is evenwel dat de landbouwers meer keuzevrijheid hebben bij het bemesten van hun percelen. Waar vroeger de stikstof- en fosfaatbemestingsnorm als een individueel maximum werd beschouwd voor elk perceel, geldt nu een bedrijfsbenadering.
Meer teelten in het areaal brengen om monoculturen te doorbreken, daar kunnen de meeste landbouwers mee leven. Ook groenbedekkers inzaaien om erosie te weren zien de meesten wel zitten. Maar lagere bemestingsnormen toepassen? Dat is een ander paar mouwen. Nochtans is het de realiteit voor veel landbouwers sinds MAP 5 van kracht is. Concreet door de fosfaatklasse waarin hun percelen zijn ingedeeld of doordat ze een focusbedrijf van categorie (rechts) Peter Van Der Straeten van VLM-Bedrijfsadvies in overleg met een landbouwer
BASsistent Balanssimulator 2016 als hulpmiddel voor optimale bemesting Met de BASsistent Balanssimulator 2016 kunnen de landbouwers een optimale bemesting uitwerken en het effect daarvan op de mestbalans inschatten. Het programma rekent voor hen uit hoeveel mest ze op overschot hebben of hoeveel ruimte er is om organische meststoffen aan te voeren. In het licht van strengere fosfaatnormen kunnen bedrijven berekenen of (en in welke mate) derogatie bijkomende mestgebruiksruimte doet ontstaan. Daarnaast kunnen ze een simulatie maken van het verplicht aantal derogatiestalen. Verder
is het eenvoudig om sommige keuzes te optimaliseren. De landbouwers kunnen de Balanssimulator ook als bemestingsregister gebruiken of voor lastenboeken, zoals IKM, IKKB of Vegaplan. Landbouwers kunnen de Balanssimulator 2016 gratis downloaden van op de website van de VLM.
Demetertool helpt langetermijneffecten bemesting in te schatten De Demetertool van de VLM helpt de landbouwers om bemestingskeuzes te maken voor de toekomst. De Demetertool begeleidt hen naar een betere bodemkwaliteit en berekent bovendien hun stikstof- en fosfaatbalans op perceelsniveau. De Demetertool kan hen bijvoorbeeld helpen om het fosfaatgehalte te doen dalen zonder een gelijktijdige daling van het organisch stofgehalte. Dat gebeurt door na te gaan wat het
12
langetermijneffect is van hun keuzes rond bemesting, teeltrotatie en groenbedekkers. De landbouwers kunnen een eigen profiel voor hun bedrijf aanmaken via deze volgende link.
VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
Nitraatresidurapport 2016 Om het oppervlakte- en grondwater te beschermen tegen de uitspoeling van nitraten volgt de Mestbank het nitraatresidu van de landbouwgronden op. Er is immers een duidelijk verband tussen het nitraatresidu in de bodem op het einde van het groeiseizoen en het risico op uitspoeling van nitraten naar oppervlakte- en grondwater tijdens de winter. Hoe hoger het nitraatresidu, hoe groter het risico op uitspoeling van nitraten. Het nitraatresidu in het bodemprofiel op het einde van het groeiseizoen moet dan ook zo laag mogelijk zijn. Een oordeelkundige bemesting is van cruciaal belang om een laag nitraatresidu te behalen. Elk najaar worden in de periode van 1 oktober tot en met 15 november heel wat landbouwpercelen bemonsterd voor een nitraatresidubepaling. Een perceel kan om verschillenden redenen geselecteerd worden. De reden van selectie bepaalt of de nitraatresidubepaling in opdracht en op kosten van de Mestbank of van de betrokken landbouwers gebeurt.
VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
Tot 2014 werd het nitraatresidu in hoofdzaak ingezet als een begeleidend instrument om de landbouwers te helpen bij het realiseren van een beter nitraatresidu. Met het vijfde actieprogramma wordt de nitraatresidu-evaluatie op bedrijfsniveau ook gehanteerd als controle-instrument. Bij een negatieve evaluatie kunnen landbouwers aangeduid worden als focusbedrijf. Afhankelijk van de ernst van de vastgestelde overschrijdingen moeten landbouwers steeds ingrijpender maatregelen toepassen. Deze bijbehorende maatregelen moeten op zich een gedragswijziging bij de landbouwers teweegbrengen, een stimulans vormen voor meer oordeelkundige bemesting en bijgevolg bijdragen aan de verlaging van het nitraatresidu. De Vlaamse Landmaatschappij evalueert de metingen van het nitraatresidu en bundelt de resultaten elk jaar in een nitraatresidurapport. Het nitraatresidurapport 2016 is beschikbaar op de VLM-website.
13
Mestrapport 2016: waterkwaliteit stagneert Vlaanderen kende de afgelopen 15 jaar een gestage verbetering van de kwaliteit van zowel het oppervlakte- als het grondwater maar lang niet overal zoals verhoopt. Uit de resultaten van het MAP-meetnet oppervlaktewater blijkt bovendien dat het percentage meetpunten met een overschrijding van de drempelwaarde van 50 mg nitraat per liter de laatste drie winterjaren stagneert op 20 procent. De doelstelling van het vierde mestactieprogramma (MAP4) van maximaal 16 procent meetpunten met overschrijding in 2014, werd niet gehaald. Het vijfde mestactieprogramma (MAP5) legt een nog ambitieuzere doelstelling van maximaal 5 procent op. MAP5 loopt van 2015 tot en met 2018 maar al in de tweede helft van 2017 is een tussentijdse evaluatie (de zogenaamde mid-termreview) voorzien voor Europa. Het is dus absoluut noodzakelijk dat in het lopende winterjaar 2016-2017 al een sterke verbetering optreedt van de nitraatgehalten in het MAP-meetnet, en dat die zich verder zet in de daaropvolgende winterjaren. Uit de resultaten van het MAP-meetnet blijkt dat er grote regionale verschillen zijn. Zo haalt het Denderbekken momenteel al de doelstelling van MAP5 voor 2018 (maximaal 5 procent). Zes bekkens halen de doelstelling voor 2014 (maximaal 16 procent), namelijk de bekkens van de Gentse Kanalen, Nete, BenedenSchelde, Demer, Dijle-Zenne en Brugse polders. De bekkens van de Boven-Schelde, IJzer, Leie en Maas zijn de bekkens waar de grootste problemen zich situeren. Ook voor grondwater worden regionale en lokale verschillen vastgesteld. Op basis van de meest recente vierjaarlijkse trend van de nitraatgehalten in het grondwater werden de nitraatgehalten in 2018 voorspeld. Bij 31 van de 38 hydrogeologisch homogene zones (HHZ), overeenkomend met 91,6 procent van het Vlaamse landbouwareaal, zal worden voldaan aan de regionale doelstellingen van MAP5, en dat is een duidelijke verbetering. De toets van de voorspelde nitraatgehalten in 2018 aan de lokale doelstellingen van MAP5 is iets minder gunstig dan bij de vorige evaluatie (Mestrapport 2015), onder meer door de stijging van de nitraatgehalten in het najaar van 2015. Bij deze stijging maakt de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) de kanttekening dat die mogelijkerwijze aan specifieke warme en droge weersomstandigheden in de zomer en het najaar te wijten is, waardoor minder filters bemonsterd werden. Ondanks deze trendafbuiging lijkt de doelstelling op Vlaams niveau nog steeds realistisch, wat neerkomt op een maximale nitraatconcentratie van 32 mg nitraat per liter in de bovenste filter in 2018.
14
De grote regionale verschillen in oppervlakte- en grondwater kwaliteit liggen aan de grondslag van de gebiedsgerichte aanpak van MAP5, waarbij strengere maatregelen worden opgelegd voor de bedrijven in focusgebieden met een onvoldoende waterkwaliteit. Waarom de waterkwaliteit niet overal even snel verbetert, vormt voorwerp van een recent opgestarte studie in opdracht van de VLM. In deze studie worden, via statistische analyse van de waterkwaliteitsgegevens en de mest-gerelateerde gegevens, verklaringen gezocht voor de goede of slechte waterkwaliteit in bepaalde gebieden. De resultaten van deze studie worden verwacht tegen het najaar van 2017. Over de ganse evaluatieperiode, sinds de start van het MAP-meetnet tot het laatste winterjaar, wordt geen duidelijke trend vastgesteld van de fosfaatgehalten in het oppervlaktewater. Fosfaat heeft een andere dynamiek dan nitraat, waardoor effecten van het mestbeleid veel later zichtbaar zijn in de evolutie van de fosfaatgehalten in oppervlaktewater. Met het vijfde mestactieprogramma wordt versterkt ingezet op een aanpak van de fosfaatproblematiek. Maar door de historisch opgebouwde fosforvoorraad in de bodem kan het nog jaren duren vooraleer de fosfaatgehalten in oppervlaktewater dalen. Verder onderzoek naar het transport van fosfaat in de bodem zal beter inzicht geven in de uitspoeling van fosfaat.
Het Mestrapport 2016 staat online. Het rapport geeft een stand van zaken van het mestbeheer in Vlaanderen in 2016.
VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
4000 landbouwers ontvangen een financiële toelage voor hun fosfaatanalyses MAP 5 bepaalt dat vanaf 1 januari 2017 op alle percelen in Vlaanderen automatisch de strengste fosfaatnormen van klasse IV gelden. De landbouwers hebben de mogelijkheid om bij de Mestbank een afwijking van die strengste normen aan te vragen. Daarvoor moeten ze met een bodemanalyse aantonen dat het gehalte aan plantbeschikbaar fosfaat (P-AL) van hun percelen tot een lagere klasse behoort. Het Mestdecreet voorziet ook in een financiële tegemoetkoming als aan alle voorwaarden voldaan is. De Mestbank heeft voor 2016 in totaal 583.350 euro uitbetaald aan de landbouwers die een aanvraag ingediend hebben tot en met 6 november 2016. Om in 2017 een afwijking te kunnen verkrijgen van de referentieklasse IV moet de aanvraag tijdig ingediend zijn bij de Mestbank. De uiterste indieningsdatum voor fosfaatstalen werd door de uitzonderlijke weersomstandigheden in het voorjaar uitgesteld van 31 augustus naar 31 december 2016.
VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
De verwerking van de ontvangen fosfaatanalyses van 2016 gebeurde in twee stappen. De Mestbank heeft alle aanvragen verwerkt die ten laatste op 6 november 2016 zijn ingediend. Die landbouwers kregen eind december op het Mestbankloket een rapport met de definitieve klassetoewijzing en het bedrag van terugbetaling. Zij werden hiervan persoonlijk geïnformeerd per e-mail of brief. De resultaten zijn ook zichtbaar in de bemestingsprognoses 2017 en op het e-loket van het Departement Landbouw en Visserij. De fosfaatstalen die ingediend werden vanaf 7 november tot en met 31 december 2016 worden in het voorjaar van 2017 verwerkt en uitbetaald. Ook voor die stalen geldt de afwijking van de referentieklasse vanaf 1 januari 2017. Die definitieve klassetoewijzing kan in de bemestingsprognoses 2017 niet meer meegenomen worden. De landbouwers kunnen wel op hun overzicht ‘bemestingsnormen 2017’ de klassewijzigingen bekijken.
15
Slotmoment Demeter – Duurzaam bodembeheer: een gezonde bodem en proper water De landbouwbodems in Vlaanderen en Nederland hebben een dubbel probleem. Enerzijds hebben ze een hoog nutriëntengehalte veroorzaakt door de hoge bemestingsdruk. Daardoor spoelen vaak veel nutriënten uit naar het oppervlakte- en grondwater. Anderzijds daalde de bodemkwaliteit en de hoeveelheid organische stof er de voorbije 15 jaar. Na het startschot door Vlaams minister Joke Schauvliege in 2012 zetten de partners van het Demeterproject extra in op de aanpak van deze dubbele problematiek. Vier jaar later, op 7 maart 2016 , hebben de projectpartners, de deelnemende landbouwers uit beide landen en belanghebbenden het project samen afgerond op het landbouwbedrijf van de familie Van Acker in Huldenberg. Het Europese LIFE-project Demeter bood veel kansen om de bodem meer onder de aandacht te brengen. De partners die binnen dit project aan de slag gingen zijn de Vlaamse Landmaatschappij (VLM), het Nederlandse Nutriënten Management Instituut (NMI) en de Universiteit Gent (UGent). Dit complementair partnerschap slaat een brug tussen wetenschappelijke kennis en de dagelijkse praktijk. De belangrijkste doelstelling van het project was om de verbetering van de bodemkwaliteit (bv. de opbouw van bodemorganische stof) te verzoenen met een goede waterkwaliteit
16
(minimale uitspoeling van nutriënten). Om de landbouwers hierbij te helpen werd een online rekenprogramma ‘Demetertool’ ontwikkeld. De Demetertool is gratis beschikbaar voor alle Vlaamse en Nederlandse land- en tuinbouwers. De Demetertool levert aan de landbouwers een handig adviesrapport met de organischestofevolutie en de stikstof- en fosforbalans van hun percelen. Landbouwers kunnen ook simulaties maken om te kijken hoe de bodemkwaliteit kan verbeteren door bv. groenbedekkers in te zetten, aanpassingen te doen in de rotatie of bemestingsstrategie. Ondertussen is de Demetertool al ruim een jaar in gebruik. Om het nut van de Demetertool te garanderen, werd deze de voorbije jaren getest door wetenschappers van de Universiteit Gent, bedrijfsadviseurs van de VLM en NMI, en vooral ook door 80 Vlaamse en Nederlandse landbouwers. Bij deze landbouwers werd bovendien een intensieve staalnamecampagne georganiseerd. Hiervan werden de resultaten gebruikt om de praktijkwaarde van de Demetertool te verzekeren. Tijdens het slotmoment gingen de partners in op de mogelijkheden van de Demetertool, de resultaten van de staal namecampagne en de samenwerking met de landbouwers.
VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
VODKA-actie 2016 Overzicht VODKA en opvolggebieden 2016 Opvolggebied Kemelbeek Opvolggebied tuinbouw
DE VODKA-GEBIEDEN 2016 WERDEN BRUIN INGEKLEURD. DE OPVOLGGEBIEDEN WORDEN DOOR DE DIENST HANDHAVING GERICHTER OPGEVOLGD, MAAR BEHOREN STRIKT GENOMEN NIET TOT DE VODKA-ACTIE.
VODKA Oost 1
VODKA Oost 2 Antwerpen West-Vlaanderen
Oost-Vlaanderen Limburg Vlaams-Brabant Brussel
VODKA West
In navolging van de voorgaande jaren kondigde de dienst Handhaving van de Mestbank ook in 2016 een nieuwe VODKA-actie aan. VODKA staat voor het Verantwoord Omgaan met Dierlijke mest, Kunstmest en Andere meststoffen. Met de VODKA-actie wil de dienst Handhaving zich voornamelijk toespitsen op die gebieden waarvan de waterkwaliteit nog onvoldoende is. In die gebieden wordt de kans op een controle door de Mestbankinspecteurs gevoelig verhoogd aangezien onze middelen in een beperktere ruimte worden ingezet. De gebieden buiten de VODKA-zones worden uiteraard niet vergeten, want ook hier blijven de Mestbankinspecteurs controles uitvoeren. 60 tot 70 procent van de capaciteit wordt ingezet in de VODKA-gebieden. Uit de resultaten van de voorgaande jaren is gebleken dat de VODKA-actie daadwerkelijk zijn nut elke keer opnieuw bewijst. In 2014 organiseerde de VLM voor het eerst een VODKA-actie. Die actie situeerde zich rond 22 MAP-meetplaatsen waar de nitraatnorm van 50 mg nitraat per liter in het winterjaar 2011-2012 of 2012-2013 licht werd overschreden en waar de nitraatnorm vlak voor het begin van het bemestingsseizoen goed was. In de algemene mestuitrijperiode 2014 is toen slechts in één van de 22 MAP-meetpunten in de betreffende VODKA-gebieden meer dan 50 mg nitraat per liter gemeten. In 2015 lag het accent op de sterk overschreden, rode MAP-meetpunten in het winterjaar 2013-2014. Van de 49
VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
rode MAP-meetpunten die door de VODKA-actie werden opgevolgd, zijn er 10 groen geworden tijdens onze actie en werden er 6 procent minder metingen met een overschrijding vastgesteld. Ook voor de VODKA-actie 2016 hopen we positieve resultaten te bekomen. De volgende 33 gemeenten werden voor 2016 geselecteerd als VODKA-gemeente: Diksmuide, Houthulst, Langemark-Poelkapelle, Wervik, Zonnebeke, Dentergem, Tielt, Wingene, Ardooie, Hooglede, Ingelmunster, Izegem, Kortemark, Ledegem, Lichtervelde, Meulebeke, Moorslede, Oostrozebeke, Pittem, Roeselare, Staden, Brecht, Hoogstraten, Merksplas, Ravels, Rijkevorsel, Wuustwezel, Essen, Kalmthout, Hamont-Achel, Peer, Bree en Kinrooi. In die gemeenten hebben de inspecteurs van de Mestbank intensiever gecontroleerd op het correct opbrengen en tijdig onderwerken van mest, de bemestingsdosis, het respecteren van de afstandsregels (5 of 10 m) tot waterlopen en de mestopslag (zowel op de kopakker als op het landbouwbedrijf). Als uitbreiding van de vorige VODKA-acties liep de campagne van 2016 over een volledig jaar. Door de VODKA-aanpak kunnen we gericht en gezamenlijk (de landbouwer én de Mestbank) verder bouwen aan een verbeterende waterkwaliteit. Het vermijden van mestverliezen op de land- en tuinbouwbedrijven komt de waterkwaliteit steeds ten goede.
17
Scherpenheuvel als belangrijke toegangspoort en onthaalzone voor het gebied de Merode Na de inrichting van poort Gerhagen en poort Averbode willen de Vlaamse Landmaatschappij (VLM) en de stad Scherpenheuvel-Zichem Scherpenheuvel ontwikkelen als belangrijke toeristisch-recreatieve poort voor de Merode. Ook daar zullen recreanten en toeristen in de toekomst goed onthaald en geïnformeerd worden. Enkele belangrijke maatregelen in het plan zijn onder andere de inrichting van een parking aan de basiliek, de inrichting en promotie van zeven landelijke wandeltracés als bedevaartroutes, de uitwerking van een toeristische erf-
18
goedwandeling in Zichem langs de vernieuwde Maagden toren en de realisatie van een veilige wandelverbinding tussen het station van Zichem en huize Ernest Claes. Aan dit plan werd al drie jaar intensief gewerkt. Gedurende die periode werden diverse partners en ook het ruimere publiek betrokken bij de planvorming. Op 8 juni werd het plan in zijn geheel voor het eerst voorgesteld aan het grote publiek. Het plan ging in openbaar onderzoek van 1 juni tot 30 juni. Betrokken partijen werden op voorhand rechtstreeks en persoonlijk gecontacteerd.
VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
Prinsheerlijk ruiteren en mennen in de Merode: nieuw ruiter- en mennetwerk de Merode geopend 230 KILOMETER RUITER- EN MENPLEZIER IN DE MERODE In het grensgebied van de provincies Antwerpen, Vlaams-Brabant en Limburg ligt een prachtig stuk natuur-, erfgoed- en cultuurlandschap verscholen. Dat prinselijke landschap kan je vanaf nu ook ontdekken te paard, met behulp van het recent voltooide ruiter- en mennetwerk. Het gloednieuwe netwerk omvat 230 kilometer aan ruiterpaden. Na de realisatie van het wandelnetwerk de Merode en het mountainbikenetwerk de Merode volgde in 2016 ook het langverwachte ruiter- en mennetwerk de Merode. Net zoals de overige recreatieve netwerken strekt het ruiter- en mennetwerk zich uit over drie provincies (Antwerpen, Vlaams-Brabant en Limburg) en acht gemeentes (Geel, Herselt, Laakdal, Westerlo, Scherpenheuvel-Zichem, Tessenderlo, Aarschot en Diest). Het netwerk brengt de ruiter en menner doorheen bosrijke gebieden, doorwaadplaatsen, landelijk uitgestrekte landschappen en andere markante punten zoals de abdij van Tongerlo of Averbode. De nodige rustpunten zijn aangeduid en ruitervriendelijke horecazaken maken je verder wegwijs in het gebied. Ruiters en menners die van verder komen, kunnen parkeren op de daarvoor voorziene nieuwe trailerparkings die her en der verspreid zijn in het gebied de Merode. Vandaar uit kunnen ze zich op het netwerk begeven. Het netwerk wordt aangeduid door de typisch rechthoekige lichtbruine borden, bevestigd op een houten of ander bestaande paal. De tracÊs voor de ruiters en de menners worden aangegeven via duidelijke icoontjes van een paard of van een paard en kar. Het ruiter- en mennetwerk de Merode is verbonden met het ruiter- en mennetwerk de Campinia, zodat meerdaagse stappers probleemloos verder kunnen naar andere oorden. De gedetailleerde overzichtskaart is gemaakt in waterbestendig en scheurvrij polyartmateriaal. Met behulp van de handige knooppunten kun je thuis alvast je route op voorhand uitstippelen. Een heel gebruiksvriendelijk systeem voor zowel de recreatieve eendagstoerist als de meerdaagse stapper. Op zaterdag 30 april werd de gloednieuwe ruiter- en menkaart feestelijk gelanceerd. De kaart is het resultaat van een samenwerking tussen de ruitergemeenschap, de Vlaamse Landmaatschappij en de provinciaal toeristische diensten. Ruiters en menners kregen de gelegenheid een praatje te slaan met de terreineigenaars en beheerders, de ruiter- en menkaart tegen verminderd tarief aan te schaffen en een fijne dag te beleven. Tegelijkertijd was het de aftrap van een hoffelijkheidscampagne voor alle recreatieve gebruikers: ruiters en menners kregen de mogelijkheid om een hoffelijkheidsparcours te doorlopen. Het gebied de Merode is een zeer aantrekkelijk gebied voor een heel divers publiek. Met de nodige hoffelijkheidstips voor allen blijft het voor iedereen prinsheerlijk genieten. De kaart van het ruiter- en mennetwerk de Merode (6,5 euro) is verkrijgbaar bij de toeristische infokantoren van bovenvermelde gemeenten. Online bestellen kan via www.antwerpsekempen.be, www.toerismevlaamsbrabant.be en www.toerismelimburg.be.
VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
19
Het winnen van een archeologieprijs voor de inrichting in Haacht Het Forum Vlaamse Archeologie (FVA) heeft op 16 november de tweede ‘Forum Archeologieprijs’ uitgereikt aan de gemeente Haacht voor de realisatie van het buurtpark ‘Heerlyckheid van Roost’, dat werd gerealiseerd op de archeologische site van het Kasteel van Roost. In het buurtpark brengen de grondvesten, een speeltoren en boomgaard de geschiedenis van deze historische plek weer tot leven. De laatste jaren was de berichtgeving rond archeologie niet altijd onverdeeld positief … Toch zijn er ook vaak positieve bijdragen geleverd voor een goede archeologie in Vlaanderen, of werden er initiatieven genomen die de archeologische resultaten vertalen naar het grote publiek. Het FVA wil met de Forum Archeologieprijs zijn bijzondere waardering uiten voor dergelijke initiatieven. Voor deze tweede editie is gewerkt met een jury van vijf personen die actief zijn in de archeologische wereld en/of
David Depraetere, archeoloog bij VLM
bredere erfgoedsector: Luc Bauters (Provincie Oost-Vlaanderen), Dries Tys (Vrije Universiteit Brussel), Tijl Vereenooghe (Archeonet Vlaanderen/ETWIE vzw), Carolien Van Hecke (Ex situ/musea Dendermonde) & Ruben Pede (Solva). Uit de verschillende inzendingen koos de jury met grote eens gezindheid voor het project van de gemeente Haacht. Dankzij oud en nieuw archeologisch onderzoek werd de kasteelsite van Roost in kaart gebracht en konden de resultaten op een originele en verfrissende manier vertaald worden naar een breed publiek. Het resultaat is een buurtpark dat geschiedenis ademt en deelt met de inwoners. Door de toekenning van de prijs wil het FVA aan de gemeente Haacht zijn bijzondere waardering tonen voor dit initiatief. Het tijdschrift ‘Ex situ’ besteedde met een uitgebreide fotoreportage ook al aandacht aan de winnaar van de Forum Archeologieprijs.
Feestelijke opening van buurtpark ‘Heerlyckheid van Roost’ – Antitankgracht Haacht Na jaren voorbereiden, ontwerpen en dromen werd het buurtpark ‘Heerlyckheid van Roost’ aan de Antitankgracht in Haacht werkelijkheid. Tijdens de Open Monumentendag op zondag 11 september werd het park geopend met een middeleeuws volksfeest. De kasteelsite werd in opdracht van de Vlaamse Landmaatschappij ingericht. Aan de inrichting ging een uitgebreid archeo logisch onderzoek vooraf.
foto: Kris Vandevorst
20
VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
Sluitstuk van het landinrichtingsproject Antitankgracht De inrichting van het buurtpark vormt het sluitstuk van het landinrichtingsproject Antitankgracht Haacht. Dat project had als doel de omgeving van de oude Antitankgracht ecologisch op te waarderen en open te stellen voor zachte recreatie. Met behulp van het instrument landinrichting kon de Vlaamse Landmaatschappij de afgelopen jaren de gracht ruimen, de wandelpaden verbeteren, een parking inrichten aan de Oude Hansbrug, een bunker uit WOII inrichten en het buurtpark aan de Site van Roost vormgeven en inrichten met speelelementen, wandelpaden, grachten en een kasteelmuurtje.
DE VLAAMSE OVERHEID INVESTEERDE 179.874 EURO IN HET GEBIED, DE GEMEENTE HAACHT 190.481 EURO EN NATUURPUNT 3.529 EURO. Joke Schauvliege: “Via de bijna 180.000 euro die ik via landinrichting aan het project toekende, konden we niet alleen de natuurlijke maar ook de specifiek historische, educatieve en toeristisch-recreatieve waarden van de Antitankgracht in Haacht opwaarderen. Het is uniek dat het buurtpark ‘Heerlyckheid van Roost’ geënt is op de historische structuur, waardoor de site voor de recreant opnieuw ‘leesbaar’ is in het landschap”.
Middeleeuws volksfeest De site van Roost heeft altijd tot de verbeelding gesproken. De grondvesten, een speeltoren en een boomgaard brengen de geschiedenis van deze plek weer tot leven. Tijdens een middeleeuws volksfeest voerden troubadours, de waarzegster, de bedelaar en andere middeleeuwse figuren bezoekers mee naar de vijftiende eeuw. In de schildknapenschool leerden kinderen alle vaardigheden die nodig zijn om als heuse middeleeuwer door het leven te gaan: zwaardvechten, munten slaan, kruisboogschieten, armbandjes maken uit maliën … Je kon proeven van middeleeuwse honingwijn en ook de honger kon op vijftiende-eeuwse wijze gestild worden. De feestelijkheden werden geopend met een middeleeuws huwelijk en bruidsstoet. Daarin was een bijzondere rol weggelegd voor Mon Fillet, de vroegere burgemeester van Haacht die dit project een warm hart toedraagt. De dag werd afgesloten met een vuurspektakel. Het publiek kon genieten van begeleide wandelingen door het natuurgebied Antitankgracht en van begeleide bezoeken aan de bunker, die dag opengesteld voor het publiek.
foto: Kris Vandevorst
VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
foto: Kris Vandevorst
21
De ondertekening van de ruilverkavelingsakten Jesseren en Zondereigen
Ruilverkavelingsakte Jesseren ondertekend Op donderdag 28 juli werd in Abdij Mariënlof in Borgloon de ruilverkavelingsakte ondertekend van de ruilverkaveling Jesseren. De eigendom van de nieuwe percelen, gelegen in de ruilverkaveling, zijn daarmee officieel overgedragen aan de nieuwe eigenaars. Een belangrijke stap in het voltooien van dit ruilverkavelingsproject. De Vlaamse overheid heeft aanzienlijk geïnvesteerd in de toekomst van een duurzame landbouw in de fruitstreek en in de omgevingskwaliteit van de Haspengouwse open ruimte. De ruilverkaveling Jesseren heeft oog voor alle factoren die een leefbaar platteland mogelijk maken. Voor de landbouw werden verspreide kavels gegroepeerd tot grotere kavels met een regelmatige vorm (= herverkaveling), zorgden nieuwe of verbeterde wegen voor beter bereikbare gronden en werden de knelpunten in de hoofdafwatering weggewerkt. Daarnaast waren er heel wat inspanningen voor natuur, recreatie, erfgoed en veilig verkeer.
ENKELE CIJFERS Het ruilverkavelingsproject Jesseren beslaat een oppervlakte van ongeveer 1.822 ha. In dit project waren in totaal 1.446 eigenaars en 796 gebruikers betrokken. Door de uitgevoerde herverkaveling werd het aantal kadastrale percelen verminderd van 4.078 tot 1.581. Daardoor kunnen gebruikers op een efficiëntere manier aan bedrijfsvoering doen.
REALISATIES In combinatie met de herverkaveling van de landbouw percelen werden ook andere inrichtingswerken uitgevoerd die allemaal bijdragen aan de plaatselijke omgevingskwaliteit. Zo is er bijvoorbeeld de inrichting van het domein het Hemelspark in Kortessem. Naast de recreatieve inrichting kreeg ook de natuur daar een duwtje in de rug. Er kwam een poel voor de bedreigde kamsalamander en de bestaande vijvers werden ecologisch aangepast. Op vraag van het stadsbestuur Borgloon kwamen er vier wachtbekkens rond de dorpskern van Jesseren. Sindsdien is Jesseren van alle waterellende gespaard gebleven. Bij de aanleg van de wachtbekkens kwamen trouwens tal van Romeinse overblijfselen aan het licht. De omgeving van de abdij Mariënlof werd via de ruilverkaveling verfraaid (o.a. nieuwe parking, aanleg pleintje en verharding landbouwweg). Ook de dorpskernen van Haren en Jesseren, het schoolplein van Jesseren en de pastorietuin van Gors-Opleeuw werden opnieuw ingericht. Met bijna 200 hectare nieuwe natuurgebieden heeft de ruilverkaveling aanzienlijk geïnvesteerd in het beschermen van de unieke, bedreigde natuurwaarden rond Borgloon. Nu is het aan Natuurpunt, Lila, ANB, provincie en gemeenten om al die bijzondere soorten, van groene nachtorchis tot knolsteenbreek, verder te koesteren. Voor het beheer van al die nieuwe natuurgebieden wordt samengewerkt met lokale landbouwers en sociale tewerkstelling. Daarvoor werd het project De Cirkel in het leven geroepen. Dat is een samenwerkingsverband van onder meer het Regionaal Landschap Haspengouw en Voeren, de Agrobeheergroep, de nationale boomgaardenstichting en vzw de Wroeter.
NOG TE REALISEREN In 2017 worden nog enkele ontbrekende wegen aangelegd en een laatste reeks kavelinrichtingswerken uitgevoerd. In de volgende jaren ligt voor de werken het accent op de inrichting van de gebieden die uit landbouwgebruik zijn genomen en een landschaps- of natuurfunctie krijgen.
22
VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
ruilverkaveling Zondereigen
Ruilverkavelingsakte Zondereigen ondertekend Op donderdag 21 april werd in zaal de Kunstvrienden in Merksplas de ruilverkavelingsakte ondertekend van de ruilverkaveling Zondereigen. De eigendom van de nieuwe percelen, gelegen in de ruilverkaveling, zijn daarmee officieel overgedragen aan de nieuwe eigenaars. Een belangrijke stap in het voltooien van dit ruilverkavelingsproject. De Vlaamse overheid heeft aanzienlijk geïnvesteerd in de toekomst van een duurzame landbouw en in de kwaliteit van de open ruimte in een gebied, gelegen op het grondgebied van Merksplas, Baarle-Hertog, Turnhout en Hoogstraten. De ruilverkaveling Zondereigen heeft oog voor alle factoren die een leefbaar platteland mogelijk maken: landbouw, landschap en natuur, fietsen en wandelen, veilig verkeer, de kwaliteit van het water en het erfgoed van de streek. Voor landbouw werden verspreide kavels gegroepeerd tot grotere kavels met een regelmatige vorm (= herverkaveling), zorgden nieuwe of verbeterde wegen voor beter bereikbare gronden en werden de knelpunten in de hoofdafwatering weggewerkt. Nieuwe of verbeterde verkeersveilige paden leiden de fietser en wandelaar naar hoekjes van Zondereigen die tot nog toe onbereikbaar waren, bijvoorbeeld in de vallei van het Markske, Merkske en Noordermark.
ENKELE CIJFERS Het ruilverkavelingsproject Zondereigen beslaat een oppervlakte van ongeveer 1.450 ha. In dit project waren in totaal 650 eigenaars, vruchtgebruikers en/of gebruikers betrokken. Door de uitgevoerde herverkaveling werd het aantal kadastrale percelen verminderd van 2.163 tot 764. Daardoor
VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
kunnen gebruikers op een efficiëntere manier aan bedrijfsvoering doen. In combinatie met de herverkaveling werden ook inrichtingswerken uitgevoerd. Op meer dan 1.000 ha landbouwgrond zijn werken uitgevoerd, zoals bijvoorbeeld het dempen van oude kavelsloten en het graven van nieuwe kavelsloten. Verder werd een 17-tal kilometer bestaande en nieuwe wegen (her)aangelegd in zand, steenslag, betonstraatstenen, beton of tweesporenbeton.
KANSEN VOOR NATUUR Grondruil in de vallei van het Merkske en Markske maakte het mogelijk om een grensoverschrijdend natuurgebied aan te leggen. Hetzelfde instrument wordt toegepast om een aaneengesloten natuurgebied te creëren ter hoogte van de depressie van het Moer. Door natuurinrichtingswerken worden o.a. in de vallei van Merkske en Markske, het Moer, aan het Bootjesven en het Strikkeven de natuurpotenties verhoogd. Door de aanleg van enkele rietmoerassen op zijlopen van het Merkske en de Noordermark en de aanleg van plasbermen langs enkele waterlopen is er aandacht voor de waterkwaliteit. Ongeveer een 100-tal hectare voormalige landbouwgronden werd tijdens het project ingericht om natuurdoelen te realiseren ter hoogte van Wortel-Kolonie, het Moer en het beekdal van Merkske/Markske en Noordermark. Daarvoor werd grosso modo 100.000 m³ voedselrijke bouwvoor afgegraven. Er werden ook aanplantingen uitgevoerd van ongeveer 1.200 bomen en 22.000 struiken en kleine bomen.
23
Investeringen in de leefbaarheid van Sint-Kruis-Winkel van start in 2016 Joke Schauvliege, Vlaams minister van Omgeving, Natuur en Landbouw, investeert in de inrichting van koppelingsgebieden om de leefbaarheid van de dorpen in de Gentse kanaalzone te verbeteren. Op het grondgebied van de stad Gent wordt het koppelingsgebied Sint-Kruis-Winkel-Zuid gerealiseerd. In totaal zullen de inrichtingswerken ruim 550.000 euro kosten. Naast de Vlaamse overheid zullen ook de stad Gent en het Havenbedrijf Gent het project financieren. De werken zijn gestart in het najaar van 2016. Joke Schauvliege: “Koppelingsgebieden zijn gebieden met meerdere functies (bos, natuur, landbouw, recreatie …) die de overgang maken tussen de woonkernen en economische zones. Deze gebieden hebben een belangrijke bufferende en verbindende functie. Na realisatie zullen zij de leefbaarheid van de kanaaldorpen verbeteren.” Het koppelingsgebied Sint-Kruis-Winkel-Zuid heeft een oppervlakte van 18 hectare en ligt ten oosten van de Kennedylaan en ten zuiden van de Barkstraat en de dorpskern van Sint-Kruis-Winkel. Het gebied vormt een buffer tussen het kanaaldorp en het lager gelegen en deels voor bedrijvigheid nog bouwrijp te maken terrein ‘Moervaart-Noord reserve’. In dit koppelingsgebied wordt een natuurgebied gerealiseerd dat deel uitmaakt van de natuurcompensatie voor de uitbreiding van de haven. Bij de aanleg is het streefdoel de ontwikkeling van een rietvegetatie. De natuurzone sluit nauw aan bij de bestaande natuurzone ‘Oude Moervaartarm’. In het verlande deel van de oude Moervaartarm worden beheerwerken uitgevoerd. Het deel met open water wordt gebaggerd en voorzien van hengelsteigers. Het pad langs de Oude Moervaartarm wordt verbeterd en verbonden met de Spanjeveerstraat zodat bewoners kunnen genieten van een aangename wandellus. Het eerste deel van het pad zal toegankelijk blijven voor landbouwverkeer. De wandellus wordt voorzien van een aantrekkelijke inkleding met een rustzone en infopunt. Het inrichtingsplan Sint-Kruis-Winkel-Zuid werd opgemaakt door de Vlaamse Landmaatschappij (VLM) in samenwerking met de planbegeleidingsgroep en met medefinanciering van de stad Gent en het Havenbedrijf Gent. Eind 2016 ging de uitvoering op het terrein van start, na het verkrijgen van de bouwvergunning. De diensten van minister Joke Schauvliege coördineren het geheel van de werken.
24
VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
oude spoorwegbedding De Pinte
De inhuldiging van de snelle fietsverbinding naar Gent – de oude spoorwegbedding Op 17 juni 2016 openden minister Joke Schauvliege, minister Ben Weyts, gedeputeerde Peter Hertog, burgemeester Hilde Claeys van De Pinte, schepen Filip Watteeuw van Gent en gouverneur Jan Briers al fietsend de Oude Spoorweg in Gent en De Pinte. Op de bedding van de oude spoorlijn werd een nieuw fiets-, wandel- en ruiterpad aangelegd tussen de Rijvisschestraat en de Klossestraat in Gent.
EERSTE FASE OPENGESTELD De aanleg van een fiets- en wandelas op de Oude Spoorweg kadert in een land inrichtingsproject van de Vlaamse Landmaatschappij (VLM), in samenwerking met de Provincie Oost-Vlaanderen, de stad Gent en de gemeente De Pinte. Het project bestaat uit drie fasen: 1) de inrichting tussen de Klossestraat en de Rijvisschestraat, inclusief het fietspad tussen het L. Van Houttepark en het station van De Pinte (einde uitvoering zomer 2016), 2) de inrichting van de Oude Gentweg in De Pinte (gestart voorjaar 2016), 3) de inrichting tussen de Rijvisschestraat en de E40. Deze werken sluiten aan bij het dossier Parkbosbruggen waarvan de uitvoering eind 2016 is gestart. De eerste fase is nu toegankelijk voor het grote publiek.
DRIE KILOMETER EXTRA FIETSSNELWEG De Provincie investeert in tien fietssnelwegen. De Oude Spoorweg is een belangrijk sluitstuk van de fietssnelweg van Gent – Oudenaarde – Deinze. Met de opening van de eerste fase van het project is er drie kilometer bijkomend netwerk gerealiseerd. Het project zet met andere woorden sterk in op duurzame mobiliteit. Doel: jong en oud motiveren om de fiets te nemen naar school en/of werk.
NATUURVRIENDELIJKE EN VERKEERSVEILIGE MAATREGELEN Bij de inrichting hadden de partners een aangename, natuurvriendelijke en veilige omgeving voor ogen. Picknicktafels, infoborden en banken in de parkboshuisstijl verfraaien het pad. Daarnaast kreeg het een waterdoorlatende halfverharding en aangepaste verlichting. Een nieuwe dreef van zomereiken versterkt het beschermde landschap van de Kastelensite. Vervolgens werden ter hoogte van het kruispunt Rijvisschestraat / Rijvisschepark verkeersremmende maatregelen genomen. De halfverharde bermen in Rijvisschepark zullen natuurvriendelijk worden beheerd. Het kruispunt Klossestraat/Oude Spoorweg is opnieuw aangelegd met een veilige oversteek voor wandelaars en fietsers via een middeneiland. In een volgende fase zullen auto’s in het laatste gedeelte van de Oude Gentweg, ter hoogte van de Klossestraat, afgeleid worden via de Kleine Hemelrijkstraat. Op het grondgebied van De Pinte kreeg het bestaande fietspad langs de spoorlijn meer ruimte en het werd aangelegd in beton. Er zal een nieuwe brug over de Duivebeek komen en er is een rustpunt voorzien bij de rode beuk langs de spoorweg.
VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
25
Reportages op RingTV over de inrichting van openruimteclusters en de aanleg van fietssnelwegen in de Vlaamse rand Ruimte voor de Rand zet natuurprojecten Vlaamse Landmaatschappij in de kijker De Vlaamse Landmaatschappij wil haar natuurprojecten in de Vlaamse Rand bekender maken bij het grote publiek. Daarom richtte het de Facebookpagina ‘Ruimte voor de Rand’ op waarop bezoekers kunnen zien welke locaties de VLM onder handen neemt om de beperkte open ruimte waardevoller te maken.
De VLM realiseerde met de steun van de provincie Vlaams-Brabant en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest twee nieuwe fietswegen in Zaventem en Diegem. Zowel ministers Pascal Smet en Ben Weyts als gedeputeerde Tom Dehaene zijn enthousiast! Lees meer in ons nieuwsbericht op de VLM-website.
De site aan de Tiendeschuurveld in Sint-Stevens-Woluwe is één van de open ruimtes in de Vlaamse Rand waarvan de VLM een mooi stukje natuur wil maken. Maar er zijn nog veel meer natuurprojecten die de VLM op poten zet in de 19 gemeenten van de Rand. Die bundelt de VLM onder de noemer ‘Ruimte voor de Rand’. “Wij proberen verschillende kleine open ruimtes met mekaar te verbinden, te versterken en te zorgen dat een natuurgebied een natuurgebied is. Dat moet duidelijk zijn voor de wandelaars. Hetzelfde geldt voor het landbouwgebied in onze regio. We proberen dus de karakteristieken naar boven te brengen”, zegt projectleider Luc Vander Elst.Om al de projecten in de belangstelling van de mensen te brengen, communiceert de VLM vanaf nu ook via sociale media. Via de Facebookpagina ‘Ruimte voor de Rand’ kunnen de verschillende projecten gevolgd worden.
26
VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
De summerschool Green4Grey leverde mooie ideeën op om Curange-Les-Bains in te richten DE VLAAMSE LANDMAATSCHAPPIJ (VLM) EN HET DEPARTEMENT LEEFMILIEU, NATUUR & ENERGIE (LNE, ECOCAMPUS) ORGANISEERDEN SAMEN DE SUMMERSCHOOL ‘CURANGE-LES BAINS’.
De uitkomst van de summerschool bood heel wat inspirerende, duurzame ideeën voor een mogelijk nieuw landinrichtingsplan voor De Wijers.
Van 13 t.e.m. 17 september 2016 werkten 20 studenten en 20 experten uit 10 verschillende richtingen aan de gebiedsinrichting van ‘Curange-Les-Bains’, een vergeten stukje groene ruimte in de Demervallei tussen Hasselt en Herkenrode. In de jaren ’40-‘60 was die locatie the place to be voor Hasselaars die zich in het groen wilden ontspannen, en voor jonge knapen die op deze ‘Plage-Crapule’ op de loer lagen voor vrouwelijk schoon aan het kanaal. Nu is het een vergeten groene ruimte die nood heeft aan frisse ideeën.
Volgens de studenten kan water opnieuw de spil worden voor de toekomstige ontwikkeling. Hiervoor bieden ze een aantal inspirerende praktijken en willen ze buurtbewoners stimuleren tot ontmoeting en actie. Voorbeelden zijn het versterken van biodiversiteit via paaiplaatsen en een natuurlijke vijver, een actieve belevingsroute langs Demer en Kanaal met o.a. een speelbos, een natuurrijk begraafbos, watereducatie met een waterspeeltuin en een uitkijkplatform. Daarnaast kan een functionele fiets- en wandelroute inwoners opnieuw verbinden met water en landschap.
Studenten en experten uit verschillende disciplines (sociale, exacte en toegepaste wetenschappen van PXL, EhB, UGent, KU Leuven en UHasselt), werkten een week intensief samen. Na een volledige onderdompeling in het gebied werd er nagedacht over de multifunctionele toekomst ervan. Doel is om dit buitengebied in de stadsrand van Hasselt een duurzaam toekomstperspectief te geven. Daarbij hielden ze rekening met de uitdagingen waar we vandaag voor staan en met wat er leeft in de buurt.
VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
Op zaterdag 17 september deelden de studenten hun enthousiasme en voorstellen met buurtbewoners, beleidsmakers, toevallige wandelaars ... tijdens het Buurtlab@Curange. Op een creatieve manier stelden ze hun visie voor in interactie met de buurt. Ook tijdens de Dag van De Wijers (op zondag 25 september) bezochten heel wat geïnteresseerden de tentoonstelling in Tuiltermolen.
27
De realisatie en inwandeling van koppelingsgebieden in de Gentse Kanaalzone GENTSE HAVEN WORDT GROENER MINISTER SCHAUVLIEGE WANDELT SAMEN MET BEWONERS GROENE BUFFER IN Het eerste deel van de werken in de koppelingsgebieden van Doornzele en Rieme is uitgevoerd. Hierdoor zullen op termijn de Vogelwijk in Rieme en de dorpskern in Doornzele worden afgeschermd van het industriegebied Kluizendok. Joke Schauvliege, Vlaams minister van Omgeving, Natuur en Landbouw, verkende de nieuwe bufferzone samen met de kanaalbewoners en de projectpartners. In de koppelingsgebieden Doornzele-Noord en Rieme-Zuid werd het voorbije jaar hard gewerkt om de leefbaarheid van de dorpskernen te verbeteren. Bufferen blijft voor de bewoners van Doornzele en Rieme de belangrijkste bekommernis. De ruim 110.000 aangeplante struiken en hoogstammige bomen zullen het gebied steeds groener kleuren en het Kluizendok minder zichtbaar maken voor de bewoners van beide dorpen. De keuze ging hoofdzakelijk naar inheemse soorten zoals hazelaar, grauwe abeel, veldesdoorn, zomereik, els, haagbeuk, sporkehout, Gelderse roos, sleedoorn en wilg, maar ook naar hoogstammige bomen zoals eik, els en linde. De nieuw ingerichte noordelijke oever van het Molenvaardeken maakt deel uit van de natuurcompensatie voor de haven. Hiervoor werd 33.000 m³ grond vergraven. Dit unieke stukje natuur met oeverzwaluwwand zal op termijn evolueren naar een rietland maar blijft toegankelijk voor de bewoners. Hiervoor zorgen ruim 2 kilometer verharde
28
en onverharde paden en twee brugjes over het Molenvaardeken. Om de aantrekkingskracht van het koppelingsgebied te verhogen werd ter hoogte van het Abdijstraatje een speelheuvel aangelegd met natuurlijke speelelementen zoals boomstammen die gerecupereerd werden bij de werken. Een takkenril zoomt de speelzone af. Ter hoogte van de Twaalfroedenstraat, bij de wijk Terdonk, kwam een meer parkachtige bufferzone aansluitend bij het dorp en het kasteel van het voormalige zoopark. Hier heb je een bos met open plekken en waterpartijen met zicht op het kasteel. In functie van natuurontwikkeling kregen de oevers van de bestaande vijvers een zachte helling en werden zij met elkaar verbonden. Ook deze zone kreeg zitelementen en picknickbanken. Aan de inrichting hangt natuurlijk een kostenplaatje. De totale prijs van dit eerste deel van de werken in Doornzele en de aanleg van de bosbuffer in Rieme bedraagt 1.445.500 euro. De Vlaamse overheid neemt 39 procent (560.000 euro) van deze investering voor haar rekening (via AMT, MOW (fietspaden), ALBON (subsidies landinrichting)). Ook het Havenbedrijf Gent (247.500 euro), de gemeente Evergem (32.500 euro), de stad Gent (373.500 euro), en het provinciebestuur Oost-Vlaanderen (232.000 euro) dragen aanzienlijk bij.
VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
10 jaar Vlaamse Grondenbank in cijfers Al meer dan tien jaar beheert de Vlaamse Landmaatschappij haar onroerend goed via de Grondenbank. Elk jaar wordt 200 tot 400 hectare grond aangekocht. “We gebruiken die gronden onder meer voor bosuitbreiding, rivierherstel en natuurbehoud”, zegt Hendrik Vermeulen, diensthoofd Grondzaken bij de VLM. Landbouw, natuurcompensatie, recreatie, rivierherstel … In een kleine regio als Vlaanderen moet de open ruimte heel wat functies vervullen. De Grondenbank is een nuttig instrument om alle noden optimaal in te vullen.
WAT DOET DE VLAAMSE GRONDENBANK? Met de Grondenbank kan de Vlaamse Landmaatschappij: – onroerende goederen uit de agrarische structuur verwerven, ruilen, beheren en/of overdragen; – grondreserves aanleggen voor ruil (in het kader van bosuitbreiding of natuur behoud); – landbouwbedrijven die niet in de agrarische structuur liggen naar die structuur verplaatsen. In het kader van concrete projecten worden gronden vaak onderverdeeld in lokale grondenbanken. Landbouwers kunnen landbouwgrond via de Grondenbank aan kopen, verkopen of ruilen.
VRIJBLIJVEND De VLM verwerft gronden voor allerlei ruimtelijke projecten. Landbouwers die gronden willen verkopen, mogen de VLM steeds (vrijblijvend) op de hoogte brengen. Andersom biedt de VLM ook gronden te koop aan die ze niet meer voor haar projecten zal inzetten. Een dergelijke verkoop wordt duidelijk vooraf aangekondigd. In sommige gevallen neemt de VLM zelf contact op met kandidaat-kopers in de ruime omgeving. Ook landbouwers die een grond willen ruilen, kunnen bij de Grondenbank terecht.
WAARVOOR WORDEN DE AANGEKOCHTE GRONDEN GEBRUIKT? In totaal heeft de VLM sinds 2002 zo’n 6.500 hectare grond aangekocht. Dat zijn ongeveer 9.000 voetbalvelden, of de volledige oppervlakte van de stad Mechelen.
HOEVEEL HECTARE GAAT ER NAAR ELK PROJECT? Niet elk project waar de VLM aan meewerkt, vraagt evenveel grond. De afgelopen jaren namen vooral watergebonden projecten veel hectaren in beslag. De projecten van het Sigmaplan (uitgevoerd door Waterwegen en Zeekanaal NV en het Agentschap voor Natuur en Bos) werken aan waterveiligheid en natuurherstel in overstromingsgebieden. De VLM is ook betrokken bij natuurcompensatie. Zo is een uitbreiding van de havens van Antwerpen en Zeebrugge enkel mogelijk als de ver loren natuur elders wordt gecompenseerd.
VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
29
Vergoedingen voor de beheerovereenkomsten 2016 uitbetaald Begin 2017 worden de vergoedingen voor de beheerovereenkomsten 2016 uitbetaald. In totaal ontvangen 3.044 landbouwers met een lopende beheerovereenkomst in 2016 samen ruim 8.000.000 euro. Door het sluiten van een beheerovereenkomst werken landbouwers o.a. aan een betere waterkwaliteit, gaan ze de strijd aan met erosie en voorzien ze in betere leefomstandigheden voor akker vogels, weidevogels en hamsters. De vergoedingen zijn een
compensatie voor het inkomstenverlies die landbouwers hebben ten gevolge van de inspanningen die ze met hun beheerovereenkomst doen voor het milieu, de natuur en de biodiversiteit in Vlaanderen. Een opsplitsing van het volledige bedrag aan vergoedingen per beheerovereenkomst vind je in de onderstaande tabel:
3,5%
Verdeling vergoedingen per beheerovereenkomst
7% RANDENBEHEER
€ 3.905.514,16
FAUNABEHEER
€ 1.689.586,27
*
ONDERHOUD KLE
€ 1.216.454,50
BEHEER WATER & WATERKWALITEIT € 1.017.061,78 EROSIEBESTRIJDING
€ 590.792,89
BOTANISCH BEHEER
€ 309.651,58 TOTAAL € 8.729.061,18
*
30
11,5%
14%
2016
45%
19%
Akker-en weidevogelbeheer & hamsterbescherming
VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
Het plaatsen van plas-draszonnepanelen in weidevogelgebied INSTALLATIE PLAS-DRASPOMP VOOR DE VERNATTING VAN GRONDEN IN DE VALLEI VAN DE ZWARTE BEEK De VLM organiseerde op 10 maart 2016 een persmoment in de Vallei van de Zwarte Beek (Lummen), samen met het Regionaal Landschap Lage Kempen en Natuurpunt. De aanleiding is de inzet van twee tijdelijke plas-draszonnepompen. Die dienen om zowel landbouw- als natuurpercelen te vernatten en zo een betere leefomgeving te creëren voor weidevogels. De onderlinge afspraken tussen de betrokken partners werden vastgelegd in een overeenkomst die de partners op dat moment ondertekenden.
VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
Het Regionaal Landschap Lage Kempen stelt gedurende een periode van 3 jaar één plas-draspomp ter beschikking aan de afdeling Lummen van Natuurpunt en één aan landbouwer dhr. Guedens voor de lokale vernatting van gronden. Het doel van de inzet van de pompen is de habitat voor weidevogels in de middenstroom van de Zwarte Beek te verbeteren. Een plas-draszonnepomp zorgt voor gerichte tijdelijke vernatting van valleipercelen. De installatie wordt gericht ingezet tijdens en vlak voor en na de broedperiode. De plaatsing van de pomp en de opvolging van de resultaten gebeuren in nauw overleg en samenwerking met de bedrijfsplanner van de VLM. Het betreft een testproject, waarbij een totaal nieuwe manier van samenwerken ervoor zorgt dat met één aanpak zowel landbouw- als natuurpercelen worden vernat, voor eenzelfde doelstelling.
31
De medewerkers van de afdeling Informatica zetten dagelijks hun tanden in complexe informaticavraagstukken. Door de invoering van het project ‘demand en releasemanagement’ in 2015 worden informaticaprojecten opgestart met het indienen van een projectvoorstel. Als dat aanvaard wordt en als vervolgens de projectfiche wordt goedgekeurd, komt het informaticaproject in een stroomversnelling. De verantwoordelijke IT’ers werken vanaf dan nauw samen met de hoofdgebruikers, zodat de projecten tijdig en kwaliteitsvol worden opgeleverd. Hieronder laten we enkele collega’s aan het woord die nieuwe of recent aangepaste IT-toepassingen gebruiken.
Klachtenbeheersysteem Wie niet tevreden is over de dienstverlening van de VLM kan een klacht indienen om gehoord te worden. Om de binnengekomen klachten vlot te kunnen afhandelen en erover te rapporteren, gebruiken de collega’s van de juridische dienst een CRM-systeem. Hilde Janssens van de dienst Juridische zaken: “Het CRM-systeem 3.0. dat we gebruikten, werd technisch niet meer ondersteund. Begin dit jaar konden we gelukkig een nieuw CRM 2016 klachtenbeheersysteem in gebruik nemen. De VLM is een goede leerling voor de opvolging en behandeling van klachten. Bovendien heeft de Vlaamse Ombudsdienst het jaarlijks klachtenrapport en de klachtenbehandeling van de VLM al publiekelijk als voorbeeld binnen het departement geprezen. In het recent verschenen jaarverslag van de Vlaamse ombudsman 2016 werd het jaarverslag van de VLM andermaal positief onthaald. Daarbij helpt het nieuwe CRM-systeem de klachtenbehandelaars om de klachtenbehandeling nog vlotter te laten verlopen. Ondertussen overweegt de VLM om de code van het nieuwe CRM-systeem ook aan te bieden aan mogelijk geïnteresseerde entiteiten binnen de Vlaamse overheid.”
TOMAS Het programma TOMAS is ontwikkeld voor de afdeling Mestbank en is belangrijk voor de landbouwers. Het is niet vernoemd naar de ongelovige apostel, maar staat voor TOepassing voor MAatregelen en Sancties. Annick Goossens van de dienst Mestbeleid: “TOMAS berekent en bundelt alle maatregelen of gevolgen die aan een landbouwer worden opgelegd, hetzij na doorlichting hetzij door zijn status als focusbedrijf/niet-focusbedrijf, en zorgt ervoor dat hij die kan bekijken op het Mestbankloket. Zo is de landbouwer op de hoogte van de beslissingen van de Mestbank en heeft hij een volledig overzicht van de hem opgelegde maatregelen of gevolgen. Een belangrijke mijl-
32
paal elk jaar is de publicatie bij het begin van het bemestingsseizoen van de status niet-focusbedrijf/focusbedrijf met bijbehorende maatregelen. Een spannende bedrijvigheid, waarbij de Mestbank telkens intens samenwerkt met de collega’s van de afdeling Informatica.”
AWBM - Administratie Werken Betalingsmodule De softwaretoepassing AWBM (Administratie Werken Betalingsmodule) zorgt ervoor dat de overheidsopdrachten in het kader van de afdeling Landinrichting en Grondenbank financieel vlot kunnen worden afgehandeld. Carine De Geyter en Bart De Schutter zijn de hoofdgebruikers van het programma. Bart De Schutter van de dienst Werken: “Het is belangrijk dat de bedrijven die prestaties leveren in het kader van de afdeling Landinrichting en Grondenbank tijdig en correct worden betaald voor hun prestaties. Sinds begin dit jaar worden de bedrijven door de Vlaamse overheid verplicht om hun facturen elektronisch in te dienen. Om de verwerking van de e-facturen mogelijk te maken, moest AWBM aangepast worden. Dat is ondertussen gebeurd. Het voordeel voor de VLM is dat de ongeveer 500 facturen die jaarlijks worden betaald nu veel vlotter kunnen worden afgehandeld. Zo vervalt de papierstroom tussen de regionale afdelingen en de centrale diensten van VLM in Brussel.” Carine De Geyter van de dienst Werken: “De collega’s van de afdeling Informatica hebben recent ook andere aanpassingen aan het programma gedaan. Zo hebben ze ervoor gezorgd dat voortaan de facturen, die door de subsidiërende partner rechtstreeks betaald worden aan de begunstigde, nu ook opgevolgd en geregistreerd worden in AWBM. Dat noemen we betalingen ‘Externe Betaler’. Ook alle recuperaties bij de verschillende subsidiërende partners worden via AWBM uitgevoerd. Zo is er steeds een overzicht van het gehele dossier zichtbaar in AWBM.”
VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
De VLM lanceert het online plattelandsloket De Vlaamse Landmaatschappij lanceerde in september 2016 een nieuw loket op haar website: het plattelandsloket. Dat loket maakt het gemakkelijk om plattelandssubsidies aan te vragen en op te volgen. De VLM heeft haar online dienst verlening de jongste jaren stelselmatig uitgebreid. In de afgelopen jaren werden het Mestbankloket en het e-voorkooploket ontwikkeld. Nu komt er dus een derde loket bij, het plattelandsloket. De drie loketten zijn bereikbaar via de website van de Vlaamse Landmaatschappij. Nadine Vervaet van de dienst Vlaams plattelandsbeleid: “De VLM beheert verschillende projectsubsidies: PDPO-maatregelen (Leader en Omgevingskwaliteit), Platteland Plus, de Quick-wins, de Volkstuinen … Dat beheer verliep naast elkaar en was slechts beperkt gedigitaliseerd. Met de komst van het plattelandsloket worden de verschillende processen gestroomlijnd in één subsidieloket. De indiener (vzw, lokaal bestuur, landbouwer…) kan via dat loket zijn projectvoorstel online indienen en het dossier doorheen de looptijd eenvoudig opvolgen. De verschillende dossierbehandelaars (medewerkers van de VLM, de provincie en de Plaatselijke Leader-groepen) kunnen nu snel en efficiënt dossiers beheren en rapporten genereren. Een hele stap vooruit.” Het plattelandsloket is gemakkelijk te bereiken via www.vlm.be. Om veilig in te loggen hebben de gebruikers hun eID of federaal token nodig.
VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
33
VLM in cijfers 6
Personeel AANTAL PERSONEN (M/V) IN DIENST, GESPREID OVER DE ZEVEN AFDELINGEN + ALGEMENE DIRECTIE EN STAF
32
46 331
349
324
340
313
330
34
40
80
195
210
680
664
643
2014
2015
2016
7
AFDELINGEN
ALGEMENE DIRECTIE EN STAF PLATTELAND EN MESTBELEID LANDINRICHTING EN GRONDENBANK INFORMATICA & GIS-VLM ALGEMENE DIENSTEN MESTBANK REGIO WEST REGIO OOST
34
0,93 4,97 5,28 6,22 7,15 12,44 30,32 32,65
% VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
Vorming
2016
BUDGET BESTEED AAN VORMING
188.218
*
* INCLUSIEF BETALING € 30.395,20 BUREAUTICA-TRAINING VOORZIEN VOOR 2017
€ 235,91
per
2015
176.316
€ 265,54
2014
+ € 11.902
210.066
€ 308,92
per
per
GEMIDDELDE VORMINGSDUUR
3 tot 4
25u
IN TOTAAL GEMIDDELD 2,48 DAGEN
vormingen per
25u
22u % PERSONEEL DAT EEN VORMING VOLGDE
78%
85% VAN DE TOTALE MANNELIJKE POPULATIE
71% VAN DE TOTALE VROUWELIJKE POPULATIE
% PERSONEELSLEDEN GEVORMD PER LEEFTIJDSCATEGORIE
84%
<30j <30-39j <40-49j <50j
55% 79% 81% 77%
79% 35
De nieuwe waarden van de Vlaamse overheid zijn ook de nieuwe waarden van de VLM De Vlaamse overheid lanceerde vier nieuwe waarden: openheid, daadkracht, vertrouwen en wendbaarheid. Het zijn waarden die we voortaan gemeenschappelijk hebben met alle andere entiteiten van de Vlaamse overheid. Ze kleuren sinds enige tijd de missie van de VLM, zijn opgenomen in onze meerjarenplanning en geven richting aan ons beleid en onze dienstverlening.
1. OPENHEID We zijn een bruggenbouwer die verschillende belangen met elkaar kan verzoenen en bemiddelt waar nodig. Door samenwerking met alle betrokkenen in een gebied zorgen we voor een draagvlak. We verdiepen ons in de behoeften en belangen van onze belanghebbenden en investeren in vertrouwensrelaties.
2. DAADKRACHT We zijn oplossingsgericht. Onze aanpak is afgestemd op het gebied en de betrokkenen. Door samenwerking met collega’s en partners komen we tot innovatieve oplossingen en realiseren we een aantrekkelijk landschap met een goede omgevingskwaliteit.
3. VERTROUWEN Met respect voor onze belanghebbenden nemen we beslissingen die de omgeving ten goede komen en het algemeen belang dienen. We zijn correct en integer. We komen onze afspraken na.
4. WENDBAARHEID Onze dienstverlening is steeds op maat en actueel. We houden voeling met de behoeften van onze belanghebbenden en van de maatschappij en stemmen onze aanpak er op af. Van 1 april 2016 tot 31 december 2017 loopt een organisatieproject om de waarden bekend en vertrouwd te maken in de VLM. Documenten waarin de waarden van de VLM opgenomen zijn, zullen we aanpassen. De vijf ‘oude’ VLM-waarden worden dus vervangen door de vier nieuwe: openheid, daadkracht, vertrouwen en wendbaarheid. Daarnaast wordt een communicatieplan opgemaakt en uitgevoerd. Het zal ons de kans bieden om via allerlei actieve werkvormen de nieuwe waarden verder in te vullen en ze ons eigen te maken. Een eerste actie werd uitgevoerd op 10 oktober 2016, op de ontmoetingsdag voor projectleiders en leidinggevenden. Meer info over de nieuwe waarden van de Vlaamse overheid vind je op de site van de Vlaamse overheid.
36
VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
De VLM werkt een gedragscode uit voor de medewerkers van de Mestbank AANLEIDING Sinds 1 januari 2016 werkt de Mestbank met een nieuwe organisatiestructuur die is aangepast aan de uitvoering van het vijfde mestactieplan. In die structuur werd een nieuwe entiteit binnen de Mestbank opgericht, de dienst Bedrijfsdoorlichting in de centrale diensten en de cel Bedrijfsdoorlichting in de regio. De medewerkers van die dienst zorgen voor de uitvoering van bedrijfsdoorlichtingen. Daaruit worden bedrijfsspecifieke maatregelen opgelegd en opgevolgd met als doel een effectieve impact op de waterkwaliteit. De reorganisatie heeft dus als gevolg dat naast de inspecteurs ook een groep bedrijfsdoorlichters bedrijven zullen controleren. Daarnaast werden de cellen Dossierbeheer in het leven geroepen in beide regio’s. Medewerkers van die cellen fungeren sindsdien des te meer als eerstelijnscontacten. Daarom werd in de periode maart-mei een gedragscode voor alle medewerkers van de Mestbank uitgewerkt: medewerkers die dossiers behandelen op kantoor, medewerkers die eerstelijnscontacten verzorgen, medewerkers die bedrijven bezoeken en medewerkers die controles uitvoeren op het terrein.
DOEL De gedragscode voor de medewerkers van de Mestbank heeft enerzijds als doel de goede werking van de Mestbank te bevestigen, anderzijds de geloofwaardigheid en het vertrouwen naar de burgers te doen toenemen.
HOE Een eerste versie van de gedragscode werd uitgewerkt door een 20-tal medewerkers van de VLM (Mestbank, Bedrijfsadvies, themanetwerk Integriteit) tijdens een workshop die plaatsvond op 18 maart. Daarna werd de tekst in verschillende overlegorganen besproken en telkens lichtjes aangepast. Ten slotte keurde de directieraad de code goed in haar zitting van 25 mei.
WAT De vier waarden van de Vlaamse overheid (openheid, daadkracht, wendbaarheid en vertrouwen) zijn van toepassing op alle medewerkers van de Vlaamse overheid. De gedragscode voor de medewerkers van de Mestbank is gestoeld op die vier waarden en vormt een verdere concretisering ervan. De code omvat principes die aansluiten bij de specifieke taken van de medewerkers van de Mestbank en bestaat uit negen principes:
7
Professionele houding
Ik ben plichtmatig, correct, beleefd, respectvol en assertief in alle omstandigheden en heb respect voor het materiaal dat me ter beschikking wordt gesteld. Bij controles of bedrijfsbezoeken rook ik niet en gebruik ik geen alcoholische dranken. Bij het betreden van bewoonde ruimtes pas ik mij aan de huisregels aan en eventueel vraag ik ernaar. Mijn kledij, voorkomen, lichaamstaal, woordkeuze en intonatie zijn neutraal en in overeenstemming met het uitvoeren van mijn professionele opdracht. Bij controles of bedrijfsbezoeken draag ik, ook voor mijn veiligheid, de mij ter beschikking gestelde kledij en schoeisel. Ik verbind mij ertoe de mij door het bedrijf opgelegde maatregelen inzake veiligheid, hygiĂŤne, sanitaire en fytosanitaire aspecten na te leven. Ik vraag actief naar de te nemen voorschriften.
Onpartijdig
Vlaanderen is open ruimte
8
9
Transparant proces
Bij elk contact met externen maak ik mij kenbaar en maak ik duidelijk wat de reden is van het contact. In mijn verslagen neem ik alle feiten op. Ik leg de gecontroleerde personen uit welke controles er zullen gebeuren, hoe die zullen verlopen, hoe de Mestbank hen zal informeren over de resultaten van de controle, wat de mogelijkheden tot beroep zijn en hoe ze de wetgeving kunnen raadplegen. Ik geef de gecontroleerde personen altijd de kans tot wederwoord en neem dat mee in een verslag. Ik hou rekening met de specifieke familiale omstandigheden en stel zo nodig een controle of contactmoment uit. Als gemachtigd toezichthouder heb ik toegang tot alle bedrijfsgebouwen met uitzondering van de bewoonde lokalen. Ik betreed de bewoonde lokalen alleen op uitnodiging van de personen bij wie ik controles uitvoer. Om milieu-inbreuken op heterdaad te kunnen vaststellen, kan ik onaangekondigde controles uitvoeren en kan ik zakelijke gegevens opvragen, metingen uitvoeren, monsters nemen en registraties doen via audiovisuele middelen zoals video en fotografie.
V.U.: Toon Denys, gedelegeerd bestuurder Vlaamse Landmaatschappij - juni 2016
Ik voer mijn controle autonoom en onafhankelijk uit binnen de vastgelegde prioriteiten van mijn dienst. Ik aanvaard geen enkel geschenk van de gecontroleerde personen. Door elk aanbod resoluut te weigeren komt mijn objectiviteit niet in het gedrang. Ik voer geen Mestbanktaken uit bij actoren waarbij een schijn van partijdigheid kan bestaan. Al mijn beroepsactiviteiten zijn bekend bij mijn werkgever.
Gedragscode
voor de medewerkers van de Mestbank
VLAAMSE LAND MAATSCHAPPIJ
VLM.be
1. Vertrouwen en verantwoordelijkheid 2. Menselijkheid 3. Gelijkheid van behandeling en proportionaliteit 4. Loyauteit 5. Deskundig informatief 6. Discretie 7. Professionele houding 8. Onpartijdig 9. Transparant proces
De code biedt aan alle medewerkers van de Mestbank een set van principes die ze actief toepassen. Medewerkers waken erover dat iedereen de principes naleeft. Andere medewerkers van de VLM kunnen de principes ook als houvast gebruiken. De gedragscode is beschikbaar op de VLM-website.
VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
37
Personeelspeiling 2016 en werkbelevingsstudie KU Leuven Zet je mening aan het werk!
Ook VLM doet mee!
PERSONEELSPEILING 2016 Hoe beleef jij je werk? Laat het horen!
V.U. Wim Verheyen, waarnemend administrateur-generaal, Agentschap Overheidspersoneel, Boudewijnlaan 30, 1000 Brussel
De VLM nam in 2016 deel aan de personeelspeiling. De bevraging van de medewerkers liep van dinsdag 24 mei 2016 t.e.m. maandag 20 juni 2016. De oproep tot deelname aan de Personeelspeiling 2016 werd gelanceerd door Liesbeth Homans, Vlaams minister van Bestuurszaken. Via deze peiling kunnen medewerkers laten weten wat zij vinden van hun werk, hun loopbaan en loopbaanmogelijkheden bij VLM, kortom, hoe zij hun werk beleven. Via een persoonlijke e-mail riep de gedelegeerd bestuurder van VLM alle medewerkers op om deel te nemen en de vragenlijst in te vullen. Alleen zo kunnen we een beeld krijgen van wat echt leeft bij alle medewerkers. De personeelspeiling is belangrijk en het management wil weten hoe de medewerkers hun werk bij de Vlaamse Landmaatschappij ervaren. Zo kon elke medewerker laten weten wat goed loopt en welke punten voor verbetering vatbaar zijn. Want daarmee willen we verder aan de slag bij de Vlaamse Landmaatschappij.
1 VUL IN! Doe mee en vul in tussen 24 mei en 20 juni 2016. Je krijgt een uitnodiging (online of op papier). Grijp je kans, want jouw mening daar gebeurt iets mee!
2 ANONIEM! Anonieme verwerking is gegarandeerd. Je antwoorden worden vertrouwelijk behandeld.
3 VERBETERACTIES Uit de resultaten volgen waar nodig gerichte (verbeter)acties, zowel in je entiteit als in de Vlaamse overheid. De resultaten zijn beschikbaar in het najaar 2016.
MEER WETEN? overheid.vlaanderen.be/personeelspeiling-2016 | personeelspeiling@vlaanderen.be Jouw contactpersoon: Franky Wijnant | E franky.wijnant@vlm.be | T +32 (0)2 543 72 27
In 2016 konden VLM-personeelsleden een enquête invullen over de werkbeleving bij de VLM. De bevraging liep van 7 maart tot 28 maart 2016. De bevraging werd OVERHEID.VLAANDEREN.BE/PERSONEELSPEILING-2016 georganiseerd door de KU Leuven, faculteit economie en bedrijfswetenschappen, onderzoeksgroep werk en organisatie studies, die een ruimer onderzoek naar de werkbeleving van werknemers in België voeren. Dit onderzoek peilt naar persoonlijke en werkgerelateerde factoren, sociale relaties en welzijn op het werk aan de hand van een vragenlijst. Als deelnemende organisatie ontving de VLM een rapport met de belangrijkste resultaten die in de organisatie werden geregistreerd. vlm gepersonaliseerd 2016.indd 1
De Personeelspeiling is een initiatief van het Agentschap Overheidspersoneel.
7/04/2016 14:56:47
De werkbelevingsstudie is de vroegere risicoanalyse psychosociaal welzijn op het werk. De deelname van de VLM aan dit onderzoek kadert in het jaaractieplan GDPB waarin we beogen om een risicoanalyse te maken van het psychosociaal welzijn van onze medewerkers. De resultaten van dit onderzoek zullen samen met de resultaten van het onderzoek naar personeelstevredenheid gebruikt worden om een aangepast actieplan op te maken.
Buitenkans 2.0 – nieuwsbrief en magazine over de open ruimte in Vlaanderen De VLM maakt een doorstart en zorgt voor een herpositionering van het plattelandsmagazine Buitenkans. De VLM gaf begin 2016 een bredere invulling aan haar visie, waarbij de VLM als ‘motor van het Vlaamse platteland’ nu uitgaat van een offensieve openruimtepolitiek. Buitenkans wordt vanaf 2017 een medium voor beleidscommunicatie van VLM over open ruimte en omgevingskwaliteit. Via artikels op de VLM corporate website, het delen van die artikels via sociale media van VLM, een opname van artikels in een integrale lay-outversie (twee nummers per jaar) en de mailing van een elektronische nieuwsbrief (vier keer per jaar) worden de beleidsthema’s van VLM onder de aandacht gebracht van prioritaire stakeholders: de Vlaamse regering en de voogdijminister van VLM, lokale overheden en de partners van VLM in de Vlaamse overheid. Voor belevingscommunicatie naar het brede publiek (‘de burger’) ontwikkelt VLM een apart traject in 2017.
38
VLM ACTIVITEITENVERSLAG 2016
COLOFON Verantwoordelijke uitgever Toon Denys, gedelegeerd bestuurder VLM Vlaamse Landmaatschappij Gulden Vlieslaan 72, 1060 Brussel Contact info@vlm.be Meer informatie www.vlm.be Copyrights Kris Jacobs, milo-profi, Michel Vaerewijck, Jan D’Hondt, Jan Darthet, Kris Vandevorst Ontwerp & lay-out www.magelaan.be Alle rechten voorbehouden. Behoudens de uitdrukkelijk bij wet bepaalde uitzonderingen mag niets uit deze uitgave worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand of openbaar gemaakt, op welk wijze ook, zonder de voorafgaande en schriftelijke toestemming van de uitgever.
39
​VLAAMSE LANDMAATSCHAPPIJ VLM Centrale Directie Gulden Vlieslaan 72 1060 Brussel www.vlm.be