Kaartenbijlage
Figuur 9.5. Rode-Lijstsoorten hot spots van dagvlinders in de verschillende ecoregio’s.
Figuur 11.4. Rode-Lijstsoorten hot spots van libellen in de verschillende ecoregio’s.
Instituut voor Natuurbehoud Natuurrapport 1999. Toestand van de natuur in Vlaanderen: cijfers voor het beleid
Kaartenbijlage
Figuur 12.3. Rode-Lijstsoorten hot spots van spinnen in de verschillende ecoregio’s.
Figuur 13.4. Rode-Lijstsoorten hot spots van hogere planten in de verschillende ecoregio’s.
Instituut voor Natuurbehoud Natuurrapport 1999. Toestand van de natuur in Vlaanderen: cijfers voor het beleid
Kaartenbijlage
Figuur 21.1a: Oppervlakte van de verschillende bodembestemmingsfamilies in Vlaanderen, geprojecteerd op de oppervlakte van Vlaanderen.
Figuur 21.1b: Oppervlakte van de verschillende bodembestemmingsfamilies in Vlaanderen na uitvoering van het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen, geprojecteerd op de oppervlakte van Vlaanderen.
Instituut voor Natuurbehoud Natuurrapport 1999. Toestand van de natuur in Vlaanderen: cijfers voor het beleid
Kaartenbijlage
Š 1999, Instituut voor Natuurbehoud Figuur 21.3: Herkomstbestemming van 3236 ha die in de 6 ontwerpplannen tot gewestplanwijziging werden gewijzigd naar N- en R-gebied en vergelijking met de herkomstbestemming van 6669 ha die door het Instituut voor Natuurbehoud werden voorgesteld.
Instituut voor Natuurbehoud Natuurrapport 1999. Toestand van de natuur in Vlaanderen: cijfers voor het beleid
Š 1999, Instituut voor Natuurbehoud
Figuur: 2.10: Percelen met kruidige moerasvegetaties als biotoop.
Š 1999, Instituut voor Natuurbehoud
Figuur 2.1: Zeldzaamheid van biotopen in Vlaanderen.
Š 1999, Instituut voor Natuurbehoud
Figuur 2.2: Percelen met biotopen waarvoor Vlaanderen een internationale verantwoordelijkheid heeft.
Š 1999, Instituut voor Natuurbehoud
Figuur 2.3: Percelen met heiden en vennen als biotoop.
Š 1999, Instituut voor Natuurbehoud
Figuur 2.22: Percelen met historisch permanent grasland als biotoop.
alluviale bossen en struwelen (Va, Vn, Vf, Sf) oligotrofe tot mesotrofe elzen - en berkenbossen en wilgen - en gagelstruwelen (Vm, Vo, Vt, Sm, So) elzen - essenbos van bronnen en bronbeken (Vc) ecoregio
N
hoofdrivier
Š 1999, Instituut voor Natuurbehoud
Figuur 2.14: Percelen met moerasbos en -struweel als biotoop.
Š 1999, Instituut voor Natuurbehoud
Figuur 2.17: Percelen met eutrofe plassen als biotoop.
Š 1999, Instituut voor Natuurbehoud
Figuur 2.19: Percelen met zoute en brakke milieus of zilte graslanden als biotoop.
Š 1999, Instituut voor Natuurbehoud
Figuur 2.34: Percelen met een aantal mesofiele bostypen als biotoop.
Š 1999, Instituut voor Natuurbehoud
Figuur 2.23: Percelen met kalkgrasland of kalkrijk duingrasland als biotoop.
Š 1999, Instituut voor Natuurbehoud
Figuur 2.28: Percelenmet onbemest, vochtig pijpestrootjesgrasland als biotoop.
Š 1999, Instituut voor Natuurbehoud
Figuur 2.31: Pecelen met mesofiel hooiland en dotterbloemhooiland als biotoop.
Š 1999, Instituut voor Natuurbehoud
Figuur 18.12: Overzicht van de biologisch zeer waardevolle en biologisch waardevolle ecotopen in Vlaanderen die niet beschermd zijn als groengebied (s.l.), agrarisch gebied met ecologisch belang of militair domein. Niet aangeduid op de kaart zijn de ruim 60.000 ha kleinschalig agrarisch gebied met veel kleine landschapselementen.
Š 1999, Instituut voor Natuurbehoud
Figuur 2.37: Typologie van waterlopen in Vlaanderen volgens Scheiders et al. (1995).
Š 1999, Instituut voor Natuurbehoud
Figuur 18.10: Overzicht van de biologisch zeer waardevolle en biologisch waardevolle ecotopen in Vlaanderen volgens de Biologische waarderingskaart (karteringsperiode 1978-1986), inclusief de biologisch waardevolle, kleinschalige, agrarische gebieden met veel kleine landschapselementen.
Š 1999, Instituut voor Natuurbehoud
Figuur 18.11: Overzicht van de biologisch zeer waardevolle en biologisch waardevolle ecotopen in Vlaanderen die niet beschermd zijn als N-, R-, of Bosgebied. Niet op de kaart weergegeven zijn de ca. 60.000 ha kleinschalig agrarische gebied met veel kleine landschapselementen.