Skip to main content

dossier 2022-096.pdf

Page 1

Uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/096

Vlaamse overheid Beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie Afdeling openbaarheid van bestuur Havenlaan 88, bus 20 1000 BRUSSEL T : 02 553 57 25 Mail: openbaarheid@vlaanderen.be Dossiernummer: OVB/2022/096

DE BEROEPSINSTANTIE - Afdeling openbaarheid van bestuur Bevoegdheid beroepsinstantie Bestuursdecreet van 7 december 2018, titel II, hoofdstuk 3, afdeling 6. Besluit van de Vlaamse Regering van 19 juli 2007 tot oprichting van de beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie. Voorafgaande procedure Op 17 februari 2022 diende xxx (verder: verzoeker) een verzoek in bij de stad Mechelen om, naar aanleiding van het bericht dat hij op 14 februari 2022 ontving van de stad Mechelen waarbij hem werd meegedeeld dat hij niet tot de geselecteerde kandidaten behoorde betreffende de vacature jurist in het kader van wijkverbetering, formeel gemotiveerd te zien en uitleg te krijgen waarom de aangehaalde criteria, in vergelijking met andere kandidaten, niet vervuld werden. Daarnaast wenste verzoeker een afschrift - zodra mogelijk - van het volledige administratief dossier te verkrijgen. Op 9 maart 2022 verzocht verzoeker de beroepsinstantie om een advies te willen verstrekken omwille van het uitblijven van een beslissing vanwege de stad Mechelen. In haar uitspraak van 21 maart 2022 (beroepsdossier OVB/2022/071) heeft de beroepsinstantie geoordeeld dat, gelet op de vaststelling dat de stad Mechelen volgens verzoeker niet tijdig heeft geantwoord op zijn openbaarheidsverzoek, deze vraag van verzoeker kon worden beschouwd als een beroep tegen de ontstentenis van beslissing vanwege de stad Mechelen. De beroepsinstantie beschouwde dit beroepschrift in voormelde uitspraak als onontvankelijk, aangezien het vroegtijdig werd ingediend. Verzoeker diende op 22 maart 2022 vervolgens opnieuw beroep in bij de beroepsinstantie, nu de antwoordtermijn van 20 dagen (zoals vastgesteld in artikel II.43 §1 Bestuursdecreet) van de stad Mechelen inmiddels was verstreken.

www.vlaanderen.be


De beroepsinstantie stelt echter vast dat de stad Mechelen verzoeker op 9 maart 2022 wel degelijk een antwoord heeft bezorgd naar aanleiding van zijn oorspronkelijke aanvraag van 17 februari 2022. Diezelfde dag heeft verzoeker de stad Mechelen ervan in kennis gesteld geen genoegen te nemen met die reactie van de stad Mechelen (zie infra). De beroepsinstantie oordeelt dan ook dat voorliggend beroepschrift moet worden beschouwd als een beroep tegen de beslissing van de stad Mechelen d.d. 9 maart 2022 Dit beroep werd geregistreerd bij de beroepsinstantie op 23 maart 2022. Ontvankelijkheid van het beroep Het oorspronkelijke verzoek dateert van 17 februari 2022. De in beroep aangevochten beslissing van de stad Mechelen van 9 maart 2022 maakt geen melding van de beroepstermijn en -modaliteiten, zoals voorgeschreven in artikel II.43, §1, derde lid van het Bestuursdecreet, zodat de beroepstermijn pas aanvangt vier maanden na kennisgeving van de beslissing. Verzoeker verkreeg van de stad Mechelen op 30 maart 2022 het selectieverslag betreffende de vacature jurist in het kader van wijkverbetering, dat gedeeltelijk onleesbaar werd gemaakt. Diezelfde dag verklaarde verzoeker ten aanzien van de beroepsinstantie niet akkoord te gaan met die gedeeltelijke openbaarmaking. Voor wat betreft de onleesbaar gemaakte delen uit punt A. CV Screening van het bezorgde selectieverslag, stelde de stad Mechelen hieromtrent het volgende: In puntje A. CV screening zijn de namen van de andere

kandidaten geschrapt omwille van privacy.

Onder dit punt van het selectieverslag worden de vier selectiecriteria (gewenste diploma, ervaring, motivatie, zichtbaar sociaal engagement) gewogen per kandidaat. Het gaat hier zonder twijfel om informatie die betrekking heeft op een beoordeling of een waardeoordeel en bijgevolg om informatie van persoonlijke aard zoals bedoeld in artikel II.40 §3 Bestuursdecreet. In casu oordeelt de beroepsinstantie dat verzoeker wel degelijk door deze informatie persoonlijk en rechtstreeks in zijn rechtssituatie wordt geraakt, aangezien hij omwille van die informatie niet werd geselecteerd om deel te nemen aan het verdere verloop van de selectieprocedure. Verzoeker toont aldus het vereiste belang aan en kan principieel toegang krijgen tot de informatie. Het beroep met betrekking tot dit onderdeel (punt A van het selectieverslag) dient bijgevolg als ontvankelijk te worden beschouwd. Voor wat betreft het onleesbaar gemaakte punt B. Selectiegesprek van het bezorgde selectieverslag, stelde de stad Mechelen hieromtrent het volgende: “Puntje B. Selectiegesprek kunnen we niet openbaar maken

omdat het om informatie gaat van persoonlijke aard. Bovendien bent u niet betrokken in deze fase van de selectie en kunt u dus geen belang aantonen om toegang te krijgen tot die informatie.”

De beroepsinstantie treedt de stad Mechelen erin bij dat punt B. Selectiegesprek van het selectieverslag betrekking heeft op een beoordeling of een waardeoordeel en dat het hier dan ook zonder twijfel gaat om informatie van persoonlijke aard zoals bedoeld in artikel II.40 §3 Bestuursdecreet. Verzoeker dient bijgevolg aan te tonen dat hij rechtstreeks en persoonlijk in zijn rechtssituatie kan worden geraakt door ofwel: 1° de informatie; 2° de beslissing waarop de informatie betrekking heeft;

https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur

uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/096

pagina 2 van 7


3° de beslissing ter voorbereiding waarvan het document dat de informatie bevat, is opgesteld. De betreffende selectieprocedure vond plaats in twee selectieronden. Tijdens de eerste ronde werden de ingediende CV’s gescreend aan de hand van een aantal criteria. Hieruit werden vier kandidaten geselecteerd die konden deelnemen aan de tweede ronde, het selectiegesprek. De beroepsinstantie kan enkel vaststellen dat verzoeker niet werd geselecteerd voor het selectiegesprek en dus niet deelnam aan de tweede ronde. De beroepsinstantie kan de stad Mechelen er bijgevolg enkel in bijtreden dat verzoeker het vereiste belang mist om toegang te krijgen tot de door de stad Mechelen onleesbaar gemaakte informatie, aangezien hij door die informatie – de beoordeling van de geselecteerde kandidaten – niet rechtsreeks en persoonlijk in zijn rechtssituatie wordt geraakt. Verzoeker werd immers uitgesloten van de tweede selectieronde – het selectiegesprek – en maakte bijgevolg sowieso geen kans meer om geselecteerd te worden voor de vacante functie. Betreffende dit beroepsonderdeel (punt B van het selectieverslag) dient het beroepschrift dan ook als onontvankelijk te worden beschouwd. In zijn bericht van 30 maart 2022 gericht aan de beroepsinstantie stelde verzoeker eveneens: “Ik wens een uitspraak over de wettigheid op basis van de initieel bezorgde reacties. Het lijkt niet geloofwaardig dat een verslag op basis van waar naar de volgende ronde wordt gegaan nog niet af zou zijn. Trouwens, dit is de eerste keer dat dit argument wordt aangehaald. Vandaar. Ik wil er op wijzen dat het antidateren, en het achteraf produceren van documenten om toch maar in orde te zijn, een misdrijf is.” De beroepsinstantie kan vanzelfsprekend geen uitspraken doen omtrent strafrechtelijke aantijgingen. De beroepsinstantie is in haar werking beperkt tot de beoordeling van beroepschriften in toepassing van artikel II. 48 §1 Bestuursdecreet. Het beroepschrift is op dit punt bijgevolg onontvankelijk. Voor het overige wordt het beroepschrift als ontvankelijk beschouwd. Gegrondheid van het beroep Overeenkomstig artikel II.31, eerste lid Bestuursdecreet heeft het recht op passieve openbaarheid betrekking op bestuursdocumenten. Op grond van deze bepaling is elke instantie in principe verplicht aan eenieder die erom verzoekt inzage te geven in, uitleg te verschaffen over of een afschrift te bezorgen van de gewenste bestuursdocumenten. De openbaarmaking kan slechts geweigerd worden mits toepassing wordt gemaakt van één of meerdere uitzonderingen, zoals gestipuleerd in de artikelen II.33 tot en met II.39 van voormeld decreet.

1.

Toelichting door de stad Mechelen en bijkomende reacties van verzoeker

Om voldoende geïnformeerd te kunnen oordelen, vroeg de beroepsinstantie de stad Mechelen naar aanleiding van de beroepsprocedure in het dossier OVB/2022/071 naar een reactie. Op 17 maart 2022 verduidelijkte de stad Mechelen aan de beroepsinstantie het volgende. Verzoeker heeft volgens de stad Mechelen op 18 februari 2022 telefonisch reactie gekregen op zijn vraag om toelichting. Omdat dit voor hem een moeilijk moment was om te praten, heeft men voorgesteld om terug te bellen. Dat heeft hij niet gedaan. Op 9 maart 2022 heeft verzoeker vervolgens een antwoord per mail gekregen:

https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur

uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/096

pagina 3 van 7


“Geachte xxx, Wij hebben uw email van 18 februari jl. met aandacht gelezen. Selecties en aanwervingen bij de stad verlopen evident gedepolitiseerd en dus is de burgemeester niet de aangewezen instantie om tussen te komen. Desalniettemin hebben we ons geïnformeerd en kunnen u het volgende meedelen: xxx (afdelingshoofd sociale dienst) heeft u inderdaad gecontacteerd n.a.v. uw reactie op de mail van xxx (consulent personeelsdienst). Beiden hebben immers samen de CV-screening gedaan voor de functie van jurist Wijkverbetering. Ons selectiereglement, dat een bijlage vormt van de Rechtspositieregeling, bepaalt daarover het volgende: CV-screening: De aanstellende overheid beslist bij de vacant verklaring welke criteria bepalend zijn voor het weerhouden van kandidaten. O.a. diploma, werkervaring, kennis, … Op basis van de criteria, bepaald bij de vacant verklaring, worden de CV’s gescreend. Enkel de beste kandidaten (maximum 12) worden uitgenodigd voor de selectieprocedure. Indien er een werfreserve wordt aangelegd, kan de aanstellende overheid bij de vacant verklaring beslissen om meer kandidaten te weerhouden na de CV-screening. De CV-screening resulteert in een gemotiveerde lijst van weerhouden en niet-weerhouden kandidaten. De CV’s voor deze functie werden gescreend op de 4 criteria die u reeds werden meegedeeld: 1. diploma 2. affiniteit met de materie 3. zichtbaar sociaal engagement 4. betrokkenheid op vlak van armoede Helaas werd uw kandidatuur niet geselecteerd. Wij concluderen dat de CV-selectie is verlopen volgens de voorziene procedure en u van het resultaat tijdig op de hoogte werd gebracht.” De stad Mechelen meende dat verzoeker aldus een antwoord op zijn vraag naar toelichting heeft gekregen. Op de vraag van verzoeker naar een afschrift, kreeg hij echter nog geen antwoord, aangezien er volgens de stad Mechelen geen afschrift kon worden bezorgd omdat er nog geen document was. Het document, het aanstellingsbesluit, was volop in de maak. Verzoeker antwoordde de stad Mechelen op 9 maart 2022 als volgt op dit bericht:

“Ik betreur het dat een beroep nodig was om vooralsnog een antwoord te ontvangen. Ook dit antwoord lijkt mij onvoldoende gemotiveerd en is qua uitleg te karig waardoor ik van oordeel ben dat de CV-selectie op onwettige wijze werd afgesloten. Wanneer een kandidaat zo´n motivatiebrief zou schrijven, zou dit terecht een reden zijn om de kandidatuur niet te weerhouden, lijkt mij. Zo wordt onder meer het criterium "diploma" dat mijn niet selectie mede zou verantwoorden in de motivering aangehaald. Hoe kan iemand met een rechtendiploma niet voldoen aan het criterium met als voorwaarde het hebben van een rechtendiploma? Enz.

https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur

uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/096

pagina 4 van 7


Voorts verwijs ik naar mijn vraag om het administratief dossier over te maken, ook hier wordt opnieuw niet op ingegaan. Het bekijken van het volledige (beslissingsproces in het) aanwervingsdossier, met de nodige uitleg, stelt mij in staat om met kennis van zaken te beslissen of een beroep zinvol is. Vandaar. Daarnaast worden, opnieuw, de rechtsmiddelen niet vermeld; nochtans een reglementaire verplichting, zoals hieronder uiteengezet, met gevolgen. Gaat dat bezorgd worden?” Naar aanleiding van voorliggend beroepsdossier heeft de beroepsinstantie de stad Mechelen bijkomend om een reactie gevraagd. De stad Mechelen heeft verzoeker vervolgens op 30 maart 2022 als volgt geantwoord op zijn hierboven vermeld bericht:

“Toen u een afschrift vroeg van het dossier was het verslag nog niet af. Ondertussen is het wel afgewerkt en voorgelegd aan de algemeen directeur, de aanstellende overheid. In bijlage vindt u het verslag, althans het gedeelte dat we openbaar kunnen maken. In puntje A. CV screening zijn de namen van de andere kandidaten geschrapt omwille van privacy. Zoals u kunt zien zijn er meerdere kandidaten die hoger scoorden dan u op ervaring, motivatie en sociaal engagement. Van de 17 kandidaten werden er vier uitgenodigd, die met een score van 5 of hoger, voor een selectiegesprek. Als u meer toelichting wil, mag u het stadbestuur contacteren. Puntje B. Selectiegesprek kunnen we niet openbaar maken omdat het om informatie gaat van persoonlijke aard. Bovendien bent u niet betrokken in deze fase van de selectie en kunt u dus geen belang aantonen om toegang te krijgen tot die informatie.” Diezelfde dag gaf verzoeker te kennen aan de beroepsinstantie dat hij niet akkoord kon gaan met de gedeeltelijke openbaarmaking van het selectieverslag. De beroepsinstantie contacteerde de stad Mechelen daarop met de vraag om het volledige selectieverslag te bezorgen, wat zij ook deed op 1 april 2022.

2. Beoordeling door de beroepsinstantie In zijn bericht van 30 maart 2022 gericht aan de beroepsinstantie komt verzoeker niet meer terug op zijn vraag om uitleg te krijgen waarom de aangehaalde criteria, in vergelijking met de andere kandidaten, niet vervuld werden. De beroepsinstantie meent dat verzoeker hieromtrent dan ook genoegdoening heeft verkregen na ontvangst van de stad Mechelen van een afschrift van het (gedeeltelijk onleesbaar gemaakte) selectieverslag, waarin hij onder punt A. CV screening de weging van de criteria per kandidaat – waarbij de persoonsgegevens van de andere kandidaten onleesbaar werden gemaakt – heeft kunnen nagaan. Dit beroepsonderdeel dient bijgevolg als zonder voorwerp te worden beschouwd. In het selectieverslag werd volgende informatie onleesbaar gemaakt door de stad Mechelen: De persoonsgegevens van de overige kandidaten (naam, voornaam, e-mailadres) onder punt A. CV Screening en punt B. Selectiegesprek. De beroepsinstantie oordeelde al dat verzoeker geen toegang kan worden verleend tot dit laatste punt B., aangezien hij daartoe niet het vereiste belang kan aantonen. Betreffende punt A. van het verslag oordeelde de beroepsinstantie reeds dat verzoeker wel degelijk het vereiste belang aantoont en bijgevolg principieel toegang kan krijgen tot de informatie (zie supra).

https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur

uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/096

pagina 5 van 7


Het is evenwel niet zo dat met het vereiste belang alle informatie zonder meer openbaar kan worden gemaakt. De memorie van toelichting stelt hieromtrent het volgende: Het is evident dat informatie van

persoonlijke aard niet zomaar kan openbaar gemaakt worden. Het beschrijven van een gedrag of het beoordelen/evalueren houdt immers het omgaan in met sterk individu-gebonden informatie. Dit is een delicate aangelegenheid die om de nodige discretie vraagt. Om voormelde redenen wordt de inzagemogelijkheid in informatie van persoonlijke aard gekoppeld aan een nader omschreven belang. De vereiste van een belang is dan ook een eerste filter en in die zin een ontvankelijkheidsvoorwaarde voor het openbaarheidsverzoek. Daarna kan het zijn dat de openbaarmaking van de informatie van persoonlijke aard moet of kan geweigerd worden omdat er één van de inhoudelijke uitzonderingen moet of kan ingeroepen worden. Er bestaat een wezenlijk verschil tussen “informatie van persoonlijk aard” en de bescherming van de persoonlijke levenssfeer (zie artikel II.34, 2°, en artikel II.36, §1, 1°): informatie van persoonlijke aard heeft vaak te maken met de beroepsactiviteiten, zoals evaluatiedossiers van ambtenaren, en in principe hebben zij geen betrekking op het privé-leven (tenzij dat elementen uit het privé-leven het functioneren van de beroepsactiviteiten zouden beïnvloeden). Wanneer de aanvrager het vereiste belang aantoont, dan moet het bestuursdocument waarop zijn aanvraag betrekking heeft, nadien volledig onderworpen worden aan een onderzoek naar de eventuele inroepbaarheid van de inhoudelijke uitzonderingsgronden. Zo moet een bestuur aan een derde de toegang tot een gedeelte van een evaluatierapport van een andere ambtenaar weigeren, ook al toont hij aan dat hij het vereiste belang heeft, wanneer de openbaarmaking van dat gedeelte een inbreuk pleegt op de bescherming van de persoonlijke levenssfeer (een van de voorziene uitzonderingen).” (Parl.St. Vl.Parl. 2017-18, 1656/1, 72).

In het selectieverslag dat aan verzoeker werd bezorgd heeft de stad Mechelen onder punt A. CV Screening de persoonsgegevens van de overige kandidaten (naam, voornaam, e-mailadres) onleesbaar gemaakt. Volgens het oordeel van de beroepsinstantie valt die informatie onder de uitzonderingsgrond van artikel II. 34, 2° Bestuursdecreet. Dit artikel bevat de verplichting om, behoudens toestemming van de betrokkene, een aanvraag af te wijzen als de openbaarmaking afbreuk doet aan de bescherming van de persoonlijke levenssfeer. Deze bepaling laat niet toe dat gegevens worden verstrekt die de identificatie van derden mogelijk maken, in de mate dat daarmee afbreuk zou worden gedaan aan de bescherming van hun persoonlijke levenssfeer. Hoewel het hier om een absolute uitzonderingsgrond gaat waardoor er geen belangenafweging moet plaatsvinden tussen het door de uitzonderingsgrond beschermde belang met het belang van de openbaarheid, vertoont de in artikel II.34, 2° van het Bestuursdecreet voorziene uitzonderingsgrond niettemin een relatief aspect. De decreetgever was weliswaar van oordeel dat er geen afweging vereist is met het openbaar belang dat met de openbaarheid is gediend, maar wijst er desondanks op dat telkens en in concreto geoordeeld moet worden of er al dan niet een inbreuk is gepleegd op de bescherming van de persoonlijke levenssfeer (Vlaams Parlement, Parl. St. 2017-2018, nr. 1656/1, blz. 58). Artikel 22 van de Grondwet waarborgt uitdrukkelijk het recht op eerbiediging van het privéleven, net zoals artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens dit doet. De bedoeling en het fundamentele uitgangspunt van de in artikel II.34, 2° van het Bestuursdecreet bedoelde uitzonderingsgrond bestaat er precies in om het aan iedereen toegekende grondwettelijke recht op de eerbiediging van zijn privéleven te beschermen. De naam, voornaam en het e-mailadres van de overige kandidaten behoren ontegensprekelijk tot de persoonlijke levenssfeer en het privéleven van de betrokkenen. Het vrijgeven van deze gegevens zou wel degelijk een inbreuk uitmaken op de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer van die personen. Het privéleven vormt de kern van de persoonlijke levenssfeer (F. SCHRAM, Het decreet openbaarheid van bestuur. Een juridische analyse in historisch perspectief, Brugge, Vanden Broele, 247; Concl. Adv.Gen. bij HvJ 8 april 2014, nr. C-293/12, Digital Rights Ireland Ltd, nr. 61). Het openbaar maken van deze gegevens heeft aldus betrekking op de kern van een belang – het door artikel 22 van de Grondwet en het door artikel 8 EVRM

https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur

uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/096

pagina 6 van 7


aan eenieder toegekende recht op eerbiediging van zijn privéleven – dat de uitzonderingsgrond uit artikel II.34, 2° van het Bestuursdecreet wenst te beschermen tegen de openbaarheid van bestuur (RvS, nr. 234.609 dd. 2 mei 2016). De beroepsinstantie is bijgevolg van oordeel dat de openbaarmaking van voormelde gegevens afbreuk doet aan het recht op eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer van de betrokkenen en dat deze gegevens dan ook moeten worden afgeschermd in toepassing van artikel II.34, 2° van het Bestuursdecreet. Artikel II.50 §1 Bestuursdecreet bepaalt dat als de aanvraag tot openbaarmaking wordt afgewezen op grond van artikel II.34, 2°, de beroepsinstantie contact opneemt met de betrokkene en vraagt of de aanvrager toestemming krijgt om alsnog toegang te krijgen tot het gevraagde bestuursdocument, als die toestemming nog niet is gevraagd door de betrokken overheidsinstantie. De beroepsinstantie heeft bij de overige kandidaten nagevraagd of de hierboven vermelde informatie betreffende de persoonlijke levenssfeer kon worden vrijgegeven, maar heeft die toestemming niet verkregen. Het beroepsonderdeel wordt bijgevolg als ongegrond beschouwd. Na beraadslaging,

BESLUIT: Het beroepschrift van xxx d.d. 22 maart 2022 tegen de ontstentenis van beslissing vanwege de stad Mechelen wordt als deels onontvankelijk en deels ontvankelijk, deels zonder voorwerp en deels ongegrond beschouwd. Brussel, 7 april 2022 Voor de beroepsinstantie, afdeling openbaarheid van bestuur, Bruno ASSCHERICKX Voorzitter

https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur

uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/096

pagina 7 van 7


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
dossier 2022-096.pdf by Vlaanderen-be - Issuu