Skip to main content

In_de_kijker_2009-gecomprimeerd.pdf

Page 1

In de kijker

Een project van het beleidsdomein Landbouw en Visserij In samenwerking met dienst Emancipatiezaken September 2009


Colofon

Deze publicatie is een uitgave van de Vlaamse overheid, beleidsdomein Landbouw en Visserij. Verantwoordelijke uitgever J. Van Liefferinge Secretaris-generaal, Departement Landbouw en Visserij Samenstelling Departement Landbouw en Visserij Coördinatie en eindredactie Team Communicatie en ICT Landbouw en Visserij in samenwerking met dienst Emancipatiezaken van de Vlaamse overheid, Blindenzorg Licht en Liefde vzw Illustraties GAL Floris PielOot Stijn Gisquière Jacques Debroux Piet Hendrickx Vormgeving en druk Vlaamse overheid Nummer wettelijk depot D/2009/3241/324 Overname van de teksten is toegestaan mits bronvermelding.


Voorwoord Misschien zullen sommigen eerder verrast zijn door het feit dat het beleidsdomein Landbouw en Visserij samen met de dienst Emancipatiezaken ‘In de Kijker’ organiseert. Om dit te begrijpen moeten we even teruggaan in de tijd, namelijk april 2006 toen de selectie van een contractueel A1-communicatiemedewerker werd georganiseerd.

Ik kan u verzekeren dat het heel verrassend is als een blinde persoon vergezeld van een weliswaar prachtige hond zich bij het selectie-interview aanmeldt. Pas dan stelt u vast hoe onwennig u als ‘ziende’ (leidinggevende) omgaat met dergelijke personen in ‘ongewone’ omstandigheden. Als dan nog op het einde van de selectie blijkt dat deze kandidaat er zeer sterk uitkomt, dan beginnen pas de vragen op te wellen: hoe werkt die persoon op PC, hoe moet hij op landbouwbedrijven interviews afnemen, een persconferentie organiseren, brochures samenstellen, meehelpen landbouwbeurzen organiseren,….. en wat met die hond die minstens 7.36 uur op de werkvloer is. Is dat dier rustig, blaft het niet te pas en te onpas????

Ik herinner mij dat binnen de jury de hoop praktische vragen steil groeide, maar onze blinde kandidaat met hond was nu eenmaal de sterkste deelnemer. Dus met hem maar overleggen wat kon en wat niet. Als dan die jongen met vrij veel zelfzekerheid zegt wat hij kan, hoe hij bepaalde zaken op zijn manier moet doen, welke IT hem daarbij kan helpen, en waar sommige opdrachten iets minder haalbaar zijn, dan bleek dat we best eens het risico mochten nemen. Daarenboven, het was geen statutaire benoeming (sic).

Sedertdien heeft Gert bewezen zijn plaats in het communicatieteam zeker waard te zijn. En ik kan u geruststellen, hij is ondertussen ‘vast’ ambtenaar. Zijn aanwezigheid bracht ook meer belangstelling voor deze problematiek op de werkvloer teweeg. Plots was het doelgroepenbeleid heel reëel. De inzamelactie voor een geleidehond vond niemand een sleur. Bij een verkeersongeval, waarbij zijn hond zwaar gewond werd en later diende in te slapen, leefden velen sterk emotioneel mee. Speelde in de beginperiode sterk de nieuwsgierigheid naar het ‘geval Gert’, werd hij vervolgens een soort ‘mascotte of uithangbord’ voor het Departement LV, dan is hij vandaag gewoon de passende collega op de juiste plaats.


Landbouw en Visserij ondersteunt daarom actief het diversiteitsbeleid zowel in zijn communicatie als in zijn personeelsbeleid. Zo haalden we in december 2008 het AnySurfer label voor onze website www.vlaanderen.be/landbouw en de site van het Vlaams Ruraal netwerk. In juli 2009 volgde ook de website van ILVO.

In deze brochure zijn enkele praktische tips opgenomen voor wie toegankelijke documenten wil uitwerken. Met ‘In de Kijker’ willen we iedereen aanzetten om oog te hebben om op een correcte manier informatie aan een blinde of beperkt ziende collega te bezorgen. We vinden dit een zaak van ons allen!

In dit project staat visuele handicap als concreet voorbeeld centraal. Wie dit met een open geest benadert, zal er ook uit leren voor andere handicaps en diversiteit in het algemeen.

Jules Van Liefferinge Secretaris-generaal Departement Landbouw en Visserij


Diversiteit Het beleidsdomein Landbouw en Visserij streeft naar een divers en gekleurd personeelsbestand dat de samenleving beter weerspiegelt. Aan elke werknemer wil het gelijkwaardige tewerkstellings- en ontplooiingskansen bieden, ongeacht ras, geloof, seksuele voorkeur of functionele beperking. Er wordt gewerkt aan een duurzaam personeelsbeleid met aandacht voor oudere werknemers; zij vormen een belangrijke bron van kennis en ervaring in de organisatie. Vrouwen worden aangespoord om door te stoten naar het top- of middenkader.

Ook aan kortgeschoolde collega’s biedt men kansen om een loopbaan uit te bouwen. In zijn communicatie naar de personeelsleden ijvert het beleidsdomein Landbouw en Visserij voor openheid en interne bewustwording rond diversiteit. Mensen met een verschillende achtergrond brengen immers een andere benadering en nieuwe ideeën met zich mee. Bovendien stimuleert diversiteit het inlevingsvermogen zodat ieder van ons de levenscontext van personen met een functionele beperking, gekleurde collega’s, holebi’s, oudere werknemers, werkende moeders, kortom elke medemens beter kan begrijpen.


Een toegankelijke website = … Een toegankelijke website = meer bezoekers. Omdat de website beter scoort in zoekmachines.

Een toegankelijke website = goed voor je imago. Met een toegankelijke website geef je aan dat men de informatie beschikbaar stelt voor een brede bevolkingsgroep. De website is niet afhankelijk van een browser.

Een toegankelijke website = sexy.

Een toegankelijke website = niet duurder. Om een toegankelijke website te maken en te onderhouden zijn geen extra middelen nodig.

Een toegankelijke website = sneller. Goed toegankelijke websites zijn sneller omdat er minder programmeercode nodig is.


Een toegankelijke website = evenveel werk. Om informatie correct aan te leveren zijn geen speciale kunstgrepen nodig. Met enkele courante basisbegrippen en -technieken, wordt een tekst toegankelijk.

Een toegankelijke website = tof.

Een toegankelijke website = reden om te feesten. Minder dan 15% van de websites van de Vlaamse overheid heeft het label behaald. Elke bijkomende site is een stap dichter bij het streefdoel.

Een toegankelijke website = een recht.


AnySurfer AnySurfer is een Belgisch kwaliteitslabel voor toegankelijke websites.

Beter voor kleine beeldschermen zoals GSM. Websites die voldoen aan de eisen van het AnySurfer label, kunnen bezocht worden zonder muis of toetsenbord, ideaal voor kleine beeldschermen zoals op GSM’s.

Beter voor problemen met zicht (handicap, slechte leesomstandigheden). De zichtbaarheid kan beperkt zijn door enerzijds een handicap van de bezoeker en anderzijds door problemen met de computer of andere omgevingsfactoren. Bij toegankelijke websites is het geen probleem om al de informatie toch volledig en correct te raadplegen. Voor mensen die gebruik maken van de voorleesfunctie bijvoorbeeld personen met dyslexie of visuele handicap is dit erg belangrijk. Ook tijdelijke zichtproblemen door de computer of omgevingsfactoren zoals fel invallend zonlicht, worden opgevangen.

Beter voor problemen met hoorbaarheid (handicap, computer, omgeving). Problemen met de hoorbaarheid kunnen zowel te wijten zijn aan een gehoorprobleem van de bezoeker als aan de computer of de omgeving. Storende omgevingsfactoren of het ontbreken van de nodige apparatuur zorgen er eveneens voor dat men geen geluidsfragmenten kan beluisteren. Doordat ze steeds worden voorzien van een beschrijvende tekst, kan men toch de juiste informatie krijgen. Ook wanneer men personen in de omgeving niet wenst te storen en het geluid dempt, kan dit een oplossing zijn.

Toegankelijke website is gebruiksvriendelijker voor iedereen. Door de vele parallellen met andere principes van modern webdesign, zoals aandacht voor de algemene gebruiksvriendelijkheid en de internationale webstandaarden, heeft het respecteren van de AnySurfer toegankelijkheidsrichtlijnen voordelen voor alle internetgebruikers.

Beter voor problemen met bediening (handicap, computer). Een toegankelijke website is beter voor mensen die problemen hebben met de bediening. Dit kan door een handicap of een kwetsuur bijvoorbeeld een gebroken arm. Ook wanneer geen muis aanwezig is, kan je moeiteloos de website bezoeken.


Toegankelijke websites scoren hoger bij zoekmachines. Toegankelijke websites zijn beter vindbaar in zoekmachines zoals Google omdat ze eenvoudig, logisch en tekstueel opgebouwd zijn.

Geen muis nodig dus minder risico op RSI. RSI (Repetitive Strain Injury) is een verzamelnaam voor allerlei klachten die te maken hebben met het gedurende lange tijd herhaaldelijk uitvoeren van dezelfde, soms kleine en op zich niet inspannend lijkende bewegingen. Gekend is de zogenaamde muisarm door het overmatig gebruik van de computermuis.

AnySurfer label voor Landbouw en Visserij Eind 2008 haalden 2 websites van het beleidsdomein Landbouw en Visserij het label: www.vlaanderen.be/landbouw www.ruraalnetwerk.be

In juli 2009 volgde ook de website van de wetenschappelijke instelling ILVO. www.ilvo.vlaanderen.be Meer info: Meer info over AnySurfer en het toegankelijk maken van documenten vindt u op: www.vlaanderen.be/toegankelijkweb Rubriek: andere aspecten van toegankelijkheid. http://lv.vonet.be/toegankelijkheid


Hoe lever ik een toegankelijke tekst aan? Wanneer een gedrukte tekst niet rechtstreeks leesbaar is voor iemand met een visuele handicap, zijn er vereisten aan de digitale tekst opdat deze leesbaar is of kan gemaakt worden. Informatie is toegankelijk als alle informatie tekstueel kan worden weergegeven. Sla het document op als tekst (txt-formaat) en kijk of alle informatie correct, volledig en in de juiste volgorde is weergegeven. Braille of grootdruk zijn niet nodig. Bezorg de documenten digitaal zodat de collega zelf het geschikte formaat kan aanmaken.

Iedereen kan toegankelijke informatie aanleveren. Er zijn enkele eenvoudige richtlijnen die ervoor zorgen dat de documenten gebruiksvriendelijker zijn voor iedereen.

Geef een beknopte beschrijving van de illustratie of grafiek. Illustraties of grafieken worden niet waargenomen. Door een korte beschrijving te geven wordt de informatie toch toegankelijk.

Hoe doe ik dit in Word? • Dubbelklik op de afbeelding • Ga naar tabblad “Web” • Vul het vak “Alternatieve tekst” in

Bij illustraties wordt het onderscheid gemaakt tussen afbeeldingen louter ter opmaak of met inhoudsvolle betekenis.


Voorbeeld illustratie 1

Voorbeeld illustratie 2

Louter illustratief:

Louter illustratief:

“Slateelt in een serre”

“Vier mannen wachtend bij een witte tent”

Betekenisvol:

Betekenisvol:

“Sla geteeld in NFT-goten in

“Noël Van Ginderachter, Johny Demaiter,

een serre”

Erik van Bockstaele en Jules Van Liefferinge bij de tent van het beleidsdomein Landbouw en Visserij op de Werktuigendagen Oudenaarde 2005.”


Voorbeeld grafiek Evolutie van de toegekende steun (euro) aan land- en tuinbouwproducenten van 1993 tot 2007 Landbouw

Eur

Tuinbouw

Totaal

100.000.000 90.000.000 80.000.000 70.000.000 60.000.000 50.000.000 40.000.000 30.000.000 20.000.000 10.000.000 0 1993

1994

1995

1996

1997

1998

1999

2000

2001

2002

2003

2004

2005

2006

2007

Alternatieve tekst: Verloop van de toegekende steun in euro van 1993 tot 2007 aan land- en tuinbouwproducenten. In 1993 was er een sterke daling van de steun in zowel de land- als tuinbouw van bijna 20 miljoen euro. In de tuinbouw schommelt de toegekende steun tussen de 10 miljoen en 20 miljoen euro. Uitschieters zijn er in 2001, 2002 en 2007. De bedragen in de landbouw liggen gemiddeld 10 miljoen euro hoger in de landbouw dan in de tuinbouw. In 2001 was het bedrag in de tuinbouw lichtjes hoger dan in de landbouw. Door de sterke stijging in de landbouw in 2005 en de stagnatie in de tuinbouw, vergroten de verschillen vanaf 2005.

Tekst in logo’s of afbeeldingen is onleesbaar. Wanneer de afbeelding informatie bevat bijvoorbeeld een telefoonnummer, dan mist de bezoeker deze gegevens. Herhaal daarom de informatie in de tekst.

Voorbeeld: logo 1700

Herhaal de informatie: 1700. Een vraagje? Bel gratis, elke werkdag van 9u tot 19u.


Werk met opmaak. Het markeren van titels met koppen is belangrijk voor een goede navigatie en omzetting naar PDF. Het geeft tevens structuur aan de tekst. Het aanduiden van titels in vet of andere opmaak is een visuele markering en voldoet dus niet.

Hoe doe ik dit in Word? • Kies de rubriek Opmaak • Ga vervolgens naar Opmaakprofielen en opmaak

Of via:

Ook het gebruik van opsommingstekens en nummering zorgt voor een logische structuur.

Hoe doe ik dit in Word? • Kies de rubriek Opmaak • Ga vervolgens naar Opsommingstekens en nummering

Of via het icoontje:


Ingescande documenten zijn niet toegankelijk. Wanneer documenten worden ingescand, worden ze opgeslagen als een afbeelding. De tekst zelf is dus niet beschikbaar. Enkel met een aangepast scanprogramma met tekstherkenning kunnen documenten worden ingescand die wel toegankelijk zijn.

Gebruik voor de opmaak van tekst kolommen in de plaats van tabellen of tabs. Teksten in kolommen worden in een andere volgorde gelezen dan in tabellen of met het gebruik van tabs (of spaties). In tabellen of met tabs wordt regel per regel gelezen. Als de tekst in kolommen staat, is er wel een juiste leesvolgorde.

Hoe doe ik dit in Word? • Kies de rubriek Opmaak • Ga vervolgens naar Kolommen

Voorbeeld Als uw leidinggevende u volgende tekst stuurt:

Ik hou

van u

eraan u te

en uw team

wijzen op

moet

het feit dat

worden

het plan

bijgestuurd

wordt het gelezen als: ‘Ik hou van u ..’ als het in tabellen staat. Als het in kolommen is opgemaakt, zal u wel de juiste boodschap horen.


Houd tabellen eenvoudig. Beperk het aantal rijen en kolommen. Gebruik geen lege, gesplitste of samengevoegde cellen. Ingewikkelde tabellen worden vereenvoudigd. In een tabel wordt cel per cel gelezen. Lege cellen worden niet voorgelezen en moeten dus vermeden worden.

Voorbeeld tabel. Tabel met een overzicht van aantallen, opbrengsten,… per dier/gewas, per jaar: Akkerbouw

Veeteelt Varkens

Kippen

Maïs

Aardappelen

Peren

100

300

5000

kg

20.000

15.000

10

30 4000

kg

19.000

14.000

25.000

euro

5000

6.000

kg

30.000

18.000

5.000

kg

25.000

15.000

27.500

euro

Koeien Aantal

2007

geslacht geoogst opbrengst Aantal

100.000 2008

geslacht

euro

25.000

120

150

380

10

5

5

euro

geoogst opbrengst Aantal

80.000 2009

geslacht

euro

10.000

euro

10.000

95

130

390

15

30

50

euro

euro

35.000

geoogst opbrengst

7.500

euro

euro

20.000

euro

20.000

euro

Beter alternatief: Tabel 1: Veeteelt Per jaar:

Koeien

Varkens

Kippen

Aantal 2007

100

geen

300

Geslacht 2007

10

-

30

Opbrengst 2007

100.000 euro

0

25.000 euro

Aantal 2008

120

150

380

Geslacht 2008

10

5

5

Opbrengst 2008

80.000 euro

10.000 euro

10.000 euro

Aantal 2009

95

130

390

Geslacht 2009

15

30

50

Opbrengst 2009

75.000 euro

20.000 euro

20.000 euro

6.000

20.000

euro

euro

17.000

33.000 75.000

25.000

15.000 euro

30.000

euro


Tabel 2: Akkerbouw Per jaar:

Maïs

Aardappelen

Peren

Aantal 2007

5.000 kg

20.000 kg

15.000 kg

Geoogst 2007

4.000 kg

19.000 kg

14.000 kg

Opbrengst 2007

25.000 euro

5.000 euro

25.000 euro

Aantal 2008

6.000 kg

30.000 kg

18.000 kg

Geoogst 2008

5.000 kg

25.000 kg

15.000 kg

Opbrengst 2008

27.500 euro

7.500 euro

20.000 euro

Aantal 2009

geen

35.000 kg

17.000 kg

Geoogst 2009

-

33.000 kg

15.000 kg

Opbrengst 2009

0

6.000 euro

30.000 euro

Wat is er gebeurd om deze tabel toegankelijk te maken? • grote complexe tabel opgesplitst in 2 eenvoudige tabellen en overbodige rijen weggelaten => dus minder kolommen en rijen per tabel; • maximaal één rij kolomhoofdingen bovenaan; • maximaal één kolom rijhoofdingen links; • geen gesplitste of samengevoegde cellen; • geen lege cellen (opgevuld met tekst, nul “0” of een streepje “-”); • titel bovenaan tabel; • groter lettertype; De gegevens zijn dezelfde gebleven maar het resultaat is overzichtelijker en duidelijker.

Gebruik geen kleuren om extra betekenis te geven. Kleuren die een informatieve rol hebben (bijvoorbeeld rood om extra aandacht te geven) kunnen niet worden gelezen.

Bijvoorbeeld: De volgende rassen waren vertegenwoordigd. Voor de rundveerassen in rood gemarkeerd, kan men subsidie aanvragen bij de Vlaamse overheid. • Charolais • Witrood Rundveeras • Rood Rundveeras • Witblauw Dubbeldoel Rundveeras • Blonde d’Aquitaine


Beter alternatief: De volgende rassen waren vertegenwoordigd: • Charolais • Witrood Rundveeras • Rood Rundveeras • Witblauw Dubbeldoel Rundveeras • Blonde d’Aquitaine Voor het Witrood Rundveeras, het Rood Rundveeras en het Witblauw Dubbeldoel Rundveeras kan men subsidie aanvragen bij de Vlaamse overheid.

Zorg dat het lettertype voldoende groot is. Een klein lettertype is voor iedereen moeilijker en vermoeiender om te lezen.

Slechtziend of blind? Slechtziendheid kan aangeboren zijn maar dit is niet altijd het geval. Verlies van gezichtsvermogen kan iedereen overkomen, ook u. Er zijn verschillende oorzaken bekend: een hersenbloeding, een ongeval, gevorderde leeftijd, diabetes, hoge bloeddruk,...

Slechtziendheid bestaat in verschillende vormen met elk hun specifieke kenmerken en nodige aanpassingen. Sommige mensen zien helemaal niets, ook geen verschil tussen licht en donker. De parameters die bepalen of iemand als blind of slechtziend wordt beschouwd zijn gezichtsscherpte en gezichtsveld. Gezichtsscherpte is het vermogen om details waar te nemen. Gezichtsveld is het geheel dat in één keer kan overzien worden.

Men wordt als blind beschouwd als het gezichtsveld ≤ 20 graden is of als de gezichtsscherpte ≤ 1/10 met beide ogen. De breuk 1/10 betekent dat pas op 1 meter afstand (deels) zichtbaar wordt wat een normaal ziende op 10 meter afstand ziet. Dus iemand die wettelijk als blind beschouwd wordt, heeft soms nog een beetje restzicht of lichtwaarneming. Zo is het mogelijk dat iemand met een witte stok toch een boek kan lezen.


Men wordt als slechtziend beschouwd als men een gezichtsscherpte heeft van ≤ 3/10 met beide ogen of als het gezichtsveld ≤ 40 graden is.

Verlies van gezichtsscherpte: wazig zicht Wazig zicht kan het gevolg zijn van bijvoorbeeld cataract waarbij er een vertroebeling van de lens is. Dit kan medisch vaak verholpen worden door de inplant van een nieuwe lens.

Simulatie wazig zicht. Beeld op straat

Simulatie wazig zicht. Tekst

Verlies van gezichtsveld Defecten in het gezichtsveld kunnen perifeer of centraal zijn.

Een bekend voorbeeld van verstoord perifeer gezichtsveld is retinitis pigmentosa. In extreme gevallen, waar er nog maar 10 graden gezichtsveld overblijft, spreekt men van kokerzicht of tunnelzicht. In het centrale veld kan de detailwaarneming nog zeer scherp zijn. De slechtziende kan bijvoorbeeld nog gemakkelijk kleine letters lezen. Maar het is niet altijd duidelijk wanneer er een opstap of een trap aankomt. Zich oriënteren is vaak ook moeilijk.

Simulatie kokerzicht. Beeld op straat

Simulatie kokerzicht. Tekst


Bij macula degeneratie is er een verstoord centraal gezichtsveld. De slechtziende zal niet steeds recht voor zich uit kijken. Details zijn moeilijk waar te nemen. Personen worden moeilijk herkend maar oriëntatie is makkelijker.

Simulatie verlies centraal zicht.

Simulatie verlies centraal zicht.

Beeld op straat

Tekst

Het gezichtsveld kan verstoord zijn door vlekken. Diabetische retinopathie is een netvliesafwijking ten gevolge van suikerziekte. Een sterk schommelend suikergehalte in het bloed kan een nadelig effect hebben op de bloedvaten ter hoogte van het netvlies. Daardoor kunnen ‘zwarte vlekken’ ontstaan op het beeld.

Simulatie vlekkenzicht.

Simulatie vlekkenzicht.

Beeld op straat

Tekst


Kleurzinstoornis Bij een kleurzinstoornis is er een probleem met de kleurwaarneming en is het oog minder gevoelig of totaal ongevoelig voor één of meerdere kleuren: rood, groen en/of blauw. Ongeveer 1 op 25 mannen en 1 op 250 vrouwen zijn in enige mate kleurenblind. Kleurenblindheid is geen ziekte, maar een erfelijke afwijking die nog niet te genezen valt. De meest voorkomende vorm is rood-groenblindheid (daltonisme). Een sterk gestoorde kleurzin kan problemen geven bij het interpreteren van bijvoorbeeld aardrijkskundige kaarten, gekleurde tabellen en grafieken. Andere herkenningskenmerken dan kleur bijvoorbeeld arceringen worden dan best gebruikt.

Simulatie kleurzinstoornis

Gevoeligheid voor licht en donker In het netvlies zijn twee verschillende soorten zintuigcellen die allebei gevoelig zijn voor licht: de kegeltjes en de staafjes. De kegeltjes zijn gevoelig voor kleuren (rood, groen en blauw). De staafjes nemen enkel verschillen tussen licht en donker waar. Kegeltjes en staafjes zijn verschillend verdeeld over het netvlies.

Het oog past zich voortdurend aan naarmate er meer of minder licht op valt. Dat gebeurt met verschillende mechanismen, zoals de regeling van de pupilgrootte. Naarmate de hoeveelheid licht vermindert, worden vooral de staafjes actief. Ze zorgen ervoor dat we ook in de schemering nog wat kunnen zien. De kegeltjes hebben veel licht nodig om geprikkeld te worden. Ze reageren snel op het licht en onderdrukken de staafjes.

Bij een gestoorde lichtadaptatie functioneren de kegeltjes onvoldoende, waardoor de staafjes minder onderdrukt worden. Deze slechtzienden zijn dan lichtschuw. Zij worden vlug verblind en ondervinden grote hinder wanneer ze zich verplaatsen van een duistere naar een heldere ruimte.


Personen met een storing in het functioneren van de staafjes hebben een gestoorde donkeradaptatie en zijn nachtblind. Dit betekent dat zij problemen ondervinden bij verplaatsingen in het schemerdonker of ’s avonds en bij verplaatsingen van een heldere naar een duistere ruimte.

Halfzijdig zicht Het kan ook zijn dat er op zich niets mis is met het oog, maar wel met de oogzenuw of visuele cortex. Door een uitval van het gezichtsveld links of rechts, bijvoorbeeld door een hersentumor, neemt de persoon door beide ogen halfzijdig waar en worden allerlei obstakels links of rechts niet opgemerkt.

Simulatie halfzijdig zicht

Er bestaan nog andere vormen van slechtziendheid. Ook combinaties van bovengenoemde soorten van slechtziendheid zijn mogelijk. Soms is het voor een slechtziende persoon niet gemakkelijk om duidelijk te beschrijven wat hij/zij nu eigenlijk echt kan zien. De verschillende mogelijkheden tonen aan dat de ene slechtziende de andere niet is. Externe factoren zoals lichtinval beïnvloeden eveneens in belangrijke mate de beperking.


Samenwerking tussen collega’s met en zonder een visuele handicap … Zo zorg ik voor een aangename samenwerking.

Onze zintuigen zoals zicht worden zo vaak en bijna altijd onbewust gebruikt dat het moeilijk voor te stellen is hoe we functioneren zonder. Daarom enkele praktische tips die de samenwerking met een visueel gehandicapte collega aangenamer maken. Let wel, iedere persoon heeft zijn eigen stijl en manier van omgang. Ook zijn er verschillende vormen van slechtziendheid met elk hun eigen noden en behoeften die vaak ook afhankelijk zijn van lichtintensiteit en -inval. Een open dialoog en wederzijds respect zijn de belangrijkste voorwaarden voor een vlotte samenwerking. Veel van wat volgt is dan ook van toepassing op diverse handicaps.

Waar moet je op letten als je naaste collega blind of slechtziend is? • Een veilige omgeving is in ieders belang. o Houd de gangen zo veel mogelijk vrij. Let bijvoorbeeld op met rolwagentjes, dozen, leveringen. Dit is voor iedereen veiliger en makkelijker. o Zet je stoel tegen je bureau als je even weggaat, zo belemmert hij de doorgang niet. o Maak geen hoge stapels van kopjes, borden, glazen, … die omver kunnen vallen. o Berg kabels over de vloer veilig weg. o Verwittig als er een tijdelijk obstakel is dat een vrije doorgang belemmert bijvoorbeeld een ladder. o Laat deuren niet half open of half dicht. Ze zijn gevaarlijk om tegen te lopen als je niet ziet. Dus ofwel volledig dicht ofwel volledig open. o Zet vuilnis- en papierbakken zo veel mogelijk onder tafel. • Eigen werkomgeving versus nieuwe omgeving. Na verloop van tijd kent je collega zijn/haar weg in de eigen werkomgeving probleemloos. Maar in een andere werkomgeving bijvoorbeeld bedrijfsbezoek, ander gebouw, … kan extra aandacht nodig zijn. o Zorg voor vaste en gemakkelijk bereikbare plaatsen voor telefoon, kastje, …. o Is er een verandering in de werkomgeving, overloop dit samen even.


o In een nieuwe omgeving bijvoorbeeld bij dienstreis, vergadering, .. is extra aandacht nodig. o Andere ruimtes dan de eigen kantoren zijn ook voor je collega van belang, bijvoorbeeld restaurant, cafetaria, … Neem je tijd om die samen te verkennen. Als je het toilet toont, toon dan de deur en het slot van de deur. Check even of het toilet proper is. Zeg waar de toiletpot staat, hoe het doorspoelsysteem werkt en waar het papier en de wastafel te vinden zijn. • Niet gezegd is niet gezien. o Leg geen zaken op zijn/haar bureau zonder dit te signaleren. o Gebruik een vaste plaats voor traktaties bij bijvoorbeeld verjaardagen. • Toegankelijke informatie. o Informatie die enkel bekend wordt gemaakt onder gedrukte vorm is niet toegankelijk bijvoorbeeld poster, geboortekaartje, interessante info. Wijs je collega op deze informatie. o Zorg dat er van elk document dat gebruikt wordt of nuttig kan zijn, ook een toegankelijke versie bestaat. • In conversatie o Als je na of tijdens een conversatie weggaat, zeg je dit even. o Ben je in groep, zeg even wie er nog aanwezig is. o Als je een blinde collega aanspreekt, begin dan met je naam te zeggen. Niet elke stem is makkelijk herkenbaar. Na een tijd kent de collega jouw stem of stap wel. o Als je een hand wil geven, zeg dit even. Zo blijf jij niet met uitgereikte hand staan of schrikt de persoon in kwestie niet van het onverwachtse contact. o Als je wilt begeleiden, vraag dit eerst. De meest gangbare manier is dat de begeleider zijn/haar arm aanbiedt aan de blinde maar je kan ook altijd vragen wat de persoon zelf wil.

Waar moet je op letten in een vergadering met een blinde of slechtziende? Een goed voorbereide en gestructureerde vergadering waarbij alle deelnemers actief worden betrokken, verbetert de kwaliteit van de ganse vergadering. • Als er drank of koekjes aanwezig zijn, bied hem/haar iets aan. • Toon je collega waar een lege plaats is. Je doet dit door de rugleuning van de stoel te tonen. • Signaleer even wie er nog aanwezig is. • Als het een nieuwe werkgroep is, laat iedereen zichzelf even voorstellen. Ook voor de andere aanwezigen is dit nuttig. • Gebruik niet enkel lichaamstaal om informatie te geven. Bedoel je ‘nee’, zeg dit in plaats van enkel met je hoofd te schudden.


• Bezorg de documenten die gebruikt worden tijdens een vergadering op voorhand digitaal. Dit maakt het voor alle deelnemers efficiënter. • Indien bij een vergadering documenten niet vooraf bezorgd kunnen worden, overleg dan met de collega over de beste vorm. • Als je hem/haar wenst aan te spreken, gebruik dan de voornaam. • Waak er over dat de vergadering rustig verloopt en dat er niet door elkaar wordt gesproken. • Laat iedereen uitspreken.

Waar moet je op letten in een presentatie met een blinde of slechtziende? Volgende regels zijn van toepassing voor een kwaliteitsvolle presentatie voor alle toehoorders. • Spreek zo veel mogelijk dingen uit en benoem ze concreet. Gebruik geen vage verwijzingen, bijvoorbeeld ‘zoals je hier ziet…’, ‘zoals links op het scherm’. • Zorg dat je uitleg ook verstaanbaar is voor wie het presentatiescherm niet kan zien. • Als je een powerpoint gebruikt, overlaad de slides dan niet met onnodige informatie. • Gebruik je een illustratie of grafiek, licht deze dan even toe. • Hou een presentatie sober zonder te veel effecten. Eenvoud siert.

Respecteer de hulphond in zijn functie • Geef hulphonden geen voedsel, zeker geen snoep. • Vraag vooraf wanneer je de hulphond mag strelen. Strelen op verkeerde momenten kan er toe leiden dat zijn baasje hem hiermee niet meer kan belonen. • Wanneer een hulphond aan het werk is (bij geleidehonden te zien aan de beugel die hij draagt), laat je hem met rust. Raak hem dan niet aan of leid hem niet af. • Als er een externe plaats wordt bezocht bijvoorbeeld restaurant, vermeld even dat er een hulphond bij is.

Verder • Probeer niet te politiek correct te zijn en doe als anders. • Woorden als ‘tot ziens’, ‘heb je die film gezien?’, … zijn geen taboe.


Tips voor personen met een handicap • Sta open voor vragen. • Neem zelf initiatief en vraag hulp wanneer je ze nodig hebt. • Kweek geen slechte gewoontes en maak van in het begin duidelijk wat je noden zijn en wat kan en wat niet. • Zorg dat je weet waar de nooduitgangen en brandtrappen zijn. Maak duidelijke afspraken met je collega’s en de verdiepingsverantwoordelijken in geval van nood. • Als er praktische problemen zijn, zoek dan samen naar de beste oplossing. • Maak op voorhand afspraken met het cateringpersoneel voor hulp. Zo kan rekening gehouden worden met jouw planning en het drukke schema van het restaurant.


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook