Uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/099
Vlaamse overheid Beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie Afdeling openbaarheid van bestuur Havenlaan 88, bus 20 1000 BRUSSEL T : 02 553 57 25 Mail: openbaarheid@vlaanderen.be Dossiernummer: OVB/2022/099
DE BEROEPSINSTANTIE - Afdeling openbaarheid van bestuur Bevoegdheid beroepsinstantie Bestuursdecreet van 7 december 2018, titel II, hoofdstuk 3, afdeling 6. Besluit van de Vlaamse Regering van 19 juli 2007 tot oprichting van de beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie. Voorafgaande procedures Op 2 maart 2022 diende xxx (verzoekster) een openbaarheidsverzoek in bij de stad Landen tot het verkrijgen van een afschrift van een aantal documenten die verband houden met de terugvordering van een starterssubsidie ten bedrage van 4.000 euro: 1) Afschrift, eensluidend met het origineel, van het besluit van de gemeenteraad van 28 april 2020 waarop uw college zich baseerde om mijn bezwaar niet te aanvaarden; 2) Afschrift, eensluidend met het origineel, van het ondertekend besluit van het college van burgemeester en schepenen van 10 november 2020 waarbij een beslissing zou genomen zijn met betrekking tot de terugvordering van de mij toegekende starterssubsidie; 3) Afschrift, eensluidend met het origineel, van de registratie in het register van de uitgaande briefwisseling (art. 290 Decreet Lokaal Bestuur) van de betekening en/of kennisgeving aan mijn adres van het besluit van 10 november 2020; 4) Afschrift, eensluidend met het origineel, van het document waarbij ‘de dienst’ aan ‘het onthaal’ het bewijs van de postzending (waarover sprake in het besluit van 8 februari 2022) aan mijn adres werd opgevraagd; 5) Afschrift, eensluidend met het origineel, van al de e-mails, niets uitgezonderd, van en met de cel Lokale Economie (zie uw brief van 23 februari 2022 waarin naar e-mails verwezen werd) en van en met de verantwoordelijke schepen(en) met betrekking tot de stopzetting van de handelsactiviteit en de terugvordering van de ontvangen starterssubsidie; 6) Afschrift, eensluidend met het origineel, van het proces-verbaal van de hoorzitting van 1 februari 2022; 7) Afschrift, eensluidend met het origineel, van het e-mailbericht en van het aangetekend schrijven van de cel Lokale Economie d.d. 18/02/2022 en waarover sprake in uw aangetekende brief van 23 februari 2022;
www.vlaanderen.be
8) Afschrift, eensluidend met het origineel, van het verslag van de Welzijnswerker van de stad Landen waar hulp werd gezocht en waarmee contact werd opgenomen ter bemiddeling alsmede van de emailberichten van de welzijnswerker aan uw college over mijn verzoek de starterssubsidie niet te moeten terugbetalen. Op 21 maart 2022 kreeg verzoekster een antwoord van de stad Landen, waarin gesteld werd dat haar in bijlage een aantal van de gevraagde documenten bezorgd werden. De documenten in kwestie zouden echter niet in bijlage van het antwoord van de stad gezeten hebben. Een aantal gevraagde documenten zouden niet bestaan en daarvan zou dus ook geen afschrift kunnen bezorgd worden. Op 22 maart 2022 diende xxx beroep in bij de beroepsinstantie tegen deze (impliciete) niet-uitvoering van de beslissing en tegen de gedeeltelijke weigeringsbeslissing. Het beroepschrift werd geregistreerd op 24 maart 2022. Ontvankelijkheid van het beroep Het oorspronkelijk verzoek dateert van 2 maart 2022 De beslissing van de stad Landen dateert van 21 maart 2022. De beslissing maakt melding van de beroepsmogelijkheden en -modaliteiten. Het beroepschrift is tijdig ingediend en bijgevolg ontvankelijk. Gegrondheid van het beroep Overeenkomstig artikel II.31, eerste lid Bestuursdecreet heeft het recht op passieve openbaarheid betrekking op bestuursdocumenten. Op grond van deze bepaling is elke instantie in principe verplicht aan eenieder die erom verzoekt inzage te geven in, uitleg te verschaffen over of een afschrift te bezorgen van de gewenste bestuursdocumenten. De openbaarmaking kan slechts geweigerd worden mits toepassing wordt gemaakt van één of meerdere uitzonderingen, zoals gestipuleerd in de artikelen II.33 tot en met II.39 van voormeld decreet.
1.
Bestreden beslissing
In haar bestreden beslissing van 21 maart 2022 stelt de stad Landen het volgende: ‘Volgende documenten kunnen ter beschikking worden gesteld: 1) Gemeenteraadsbesluit van 28/4/2020 punt 9: subsidiereglement startende handelsverenigingen (zie bijlage) 2) Collegebesluit van 10/11/2020 mbt terugvordering starterssubsidie (zie bijlage) 3) Brief is vertrokken met de gewone postverdeling, geen aangetekende zending. Hiervan vinden we geen digitaal nummer terug van uitschrijving. 4) Vraag is idem aan vraag 3. 5) E-mails mbt de stopzetting van de handelszaak en de terugvordering van de starterssubsidie (zie bijlage) 6) Verslag van hoorzitting van 1/2/2022 is verwerkt in de collegebeslissing van 8/2/2022 (zie bijlage) 7) E-mail van 31/8/2020 en bewijs aangetekende zending (zie bijlage) 8) Dit document is onbestaande. Dit gesprek is enkel mondeling gebeurd.’
https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur
uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/099
pagina 2 van 4
2. Inhoud van het beroepschrift Verzoekster dient beroep in tegen de hierboven vermelde beslissing omdat de bijlagen waarnaar verwezen werd, niet bijgevoegd waren. Verzoekster verklaart expliciet in haar beroepschrift dat zij de opgevraagde documenten waarvan de stad beweert dat zij niet bestaan, natuurlijk niet kan opvragen, maar wel de documenten waarvan gezegd werd dat deze wel bestaan, doch die haar niet bezorgd werden. 3. Toelichting door de stad Landen De beroepsinstantie nam contact op met de stad Landen om de gevraagde informatie en nadere toelichting te verkrijgen. Op 25 maart 2022 bezorgde de stad Landen, met de beroepsinstantie in cc, alsnog een aantal documenten aan verzoekster. Het feit dat dit niet meegestuurd werden met de beslissing van 21 maart 2022 betrof louter een vergissing.
4. Aanvullend schrijven van verzoekster Op 4 april 2022 liet verzoekster aan de beroepsinstantie weten dat haar beroep voor de gevraagde documenten onder punt 1 en 2 zonder voorwerp is geworden. Voor wat betreft de documenten onder punt 3, 4 en 6 verklaarde verzoekster dat zij moet aanvaarden dat deze stukken niet bestaan, en dat er haar bijgevolg geen afschrift van kan worden bezorgd. Voor wat betreft het gevraagde document onder punt 8, verklaart verzoekster dat zij niet gelooft dat deze stukken niet bestaan. Voor wat betreft het gevraagde document onder punt 5 stelt verzoekster dat zij inderdaad afschrift ontving van een aantal e-mails uitgaande van de stad, opgesteld in de Franse taal. Verzoekster stelt echter dat zij vreest dat het college van burgemeester en schepenen haar in de toekomst zal dagvaarden voor de rechtbank in terugbetaling van een starterssubsidie en dat volgens haar informatie, in voorkomend geval, de rechtbank geen Franstalige documenten van de stad Landen zal accepteren. Zij vraagt of de stad haar de gevraagde stukken dan ook niet in het Nederlands moet afleveren, en handhaaft haar beroep op dit punt. Wat betreft het gevraagde document onder punt 7, stelt verzoekster dat het haar afgeleverde stuk niet is wat zij vroeg en dat zij hiervoor dan ook het beroep dient te handhaven.
5. Standpunt van de beroepsinstantie De beroepsinstantie stelt vast dat het beroep voor wat betreft de documenten onder punt 1 en 2 effectief zonder voorwerp zijn geworden en dat verzoekster dit ook erkent. Voor wat betreft de documenten onder punt 3, 4 en 6, aanvaardt verzoekster inmiddels dat deze niet bestaan. In artikel I.4, 3° Bestuursdecreet is bepaald dat onder een bestuursdocument moet worden verstaan: alle informatie, ongeacht de drager ervan, die in het bezit is van een overheidsinstantie. De beroepsinstantie
https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur
uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/099
pagina 3 van 4
kan enkel maar vaststellen dat deze door verzoekster gevraagde documenten niet in het bezit zijn van de stad Landen. Bijgevolg kan de stad Landen hier ook geen afschrift van geven. Dit onderdeel van het beroepschrift wordt bijgevolg als ongegrond beschouwd. Voor wat betreft de e-mails onder punt 5 van het verzoek, stelt de beroepsinstantie vast dat er wel degelijk een aantal e-mails (d.d. 19 maart 2020, 5 juni 2020, 12 augustus 2020 en 31 augustus 2020) aan verzoekster bezorgd werden op 25 maart 2022. Het feit dat deze in de Franse taal zijn, is niet relevant in het kader van de openbaarheidsregelgeving. Dit zijn wel degelijk de bestaande mails m.b.t. de stopzetting van de handelszaak en de terugvordering van de starterssubsidie. De regelgeving inzake openbaarheid van bestuur legt niet op dat van documenten in een andere taal dan de bestuurstaal, een vertaling naar het Nederlands moet gemaakt worden. Dit zou een verwerking van een bestuursdocument zijn, wat conform artikel II.31 Bestuursdecreet niet onder de verplichting tot openbaarheid van bestuur valt. Voor wat betreft dit onderdeel wordt het beroepschrift dus ook als ongegrond beschouwd. Voor wat betreft de gevraagde documenten onder punt 7, ‘het afschrift van het e-mailbericht en van het aangetekend schrijven van de cel Lokale Economie d.d. 18 februari 2022’, stelt de beroepsinstantie vast dat de stad deze documenten alsnog per mail van 11 april 2022 aan verzoekster heeft bezorgd, waarbij de beroepsinstantie in cc stond. Voor wat betreft dit onderdeel wordt het beroepschrift bijgevolg eveneens als zonder voorwerp beschouwd. Voor wat betreft het gevraagde document onder punt 8 ten slotte, heeft de stad Landen per mail van 11 april 2022 formeel bevestigd aan de beroepsinstantie dat deze gevraagde stukken onbestaande zijn. In zulke zaken worden nooit schriftelijke aantekeningen gemaakt, er wordt enkel mondeling advies verleend, aldus de stad. Eventueel is er wel een dossier lopende bij ABVV zoals de aanvrager aangeeft, maar hiervan is de stad niet op de hoogte. Voor wat betreft dit onderdeel wordt het beroepschrift bijgevolg eveneens als ongegrond beschouwd. Na beraadslaging,
BESLUIT: Het beroepschrift van xxx d.d. 22 maart 2022 tegen de niet-uitvoering en de gedeeltelijke weigeringsbeslissing van de stad Landen inzake haar openbaarheidsverzoek d.d. 2 maart 2022 is ontvankelijk en deels zonder voorwerp, deels ongegrond. Brussel, 21 april 2022 Voor de beroepsinstantie, afdeling openbaarheid van bestuur, Bruno ASSCHERICKX Voorzitter
https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur
uitspraak beroepsinstantie OVB/2022/099
pagina 4 van 4