Skip to main content

Brexit_landbouw_.pdf

Page 1

Advies Wrijvingsloze agrohandel post-brexit Perspectieven op een duurzaam handelsakkoord voor landbouw en agrovoeding

Brussel, 29 mei 2020

Strategische Adviesraad voor Landbouw en Visserij  Wetstraat 34-36, 1040 Brussel  T +32 2 209 01 11 info@salv.be  www.salv.be


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

De Strategische Adviesraad voor Landbouw en Visserij adviseert de beleidsmakers, in hoofdzaak de Vlaamse Regering en het Vlaams Parlement, over landbouw en visserij in de brede zin van het woord. De adviezen, zoals vastgesteld door de belanghebbenden vertegenwoordigd in de adviesraad, passen in een gedragen politieke besluitvorming.

Advies op eigen initiatief Advies verleend aan: Hilde Crevits - viceminister-president van de Vlaamse Regering en Vlaams minister van Economie, Innovatie, Werk, Sociale economie en Landbouw en Zeevisserij; Jan Jambon – Minister-president van de Vlaamse Regering en Vlaams minister van Buitenlandse Zaken, Cultuur, ICT en Facilitair Management; Nathalie Muylle – federaal minister van Werk, Economie en Consumenten, belast met Armoedebestrijding, Gelijke Kansen en Personen met een handicap; Bart Dochy – voorzitter van de Commissie voor Landbouw, Visserij en Plattelandsbeleid van het Vlaams Parlement; kopie aan Patricia De Clercq – secretaris-generaal van het departement Landbouw en Visserij; kopie aan Joris Relaes – administrateur-generaal van het Instituut voor Landbouw-, Visserij- en Voedingsonderzoek (ILVO); kopie aan Filip Fontaine – algemeen directeur van het Vlaams Centrum voor Agro- en Visserijmarketing (VLAM) Adviestermijn: 73 dagen Decretale opdracht: SALV-decreet van 6 juli 2007, art. 4 (SAR-functie) Goedkeuring raad: 29 mei 2020 Adviesnummer: 2020-03 Dossierhouder: Pieter De Graef – pdgraef@serv.be Contactpersoon: Koen Carels – kcarels@serv.be

2


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

Inhoud Inhoud ................................................................................................................................ 3 Inleiding ............................................................................................................................... 4 Krachtlijnen ......................................................................................................................... 5 Situering............................................................................................................................... 6 1

Onderhandelingsmandaten en processtappen ................................................... 6

2

Landbouw en voeding: what’s at stake?.............................................................. 7

3

Visienota brexit Vlaamse Regering ...................................................................... 10

4

Impact van brexit op de agrohandelsrelaties ...................................................... 10

Advies ................................................................................................................................ 16 5

Algemene strategische aanbevelingen ................................................................ 16

6

Specifieke aanbevelingen ..................................................................................... 20

7

Operationele aanbevelingen ................................................................................. 23

Bibliografie .......................................................................................................................... 28 Lijst met figuren en tabellen ............................................................................................... 32 Bijlagen ................................................................................................................................ 33

3


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

Inleiding Met de ingang van de ‘politieke brexit’ op 31 januari 2020, trad een overgangsperiode in werking die tot 31 december 2020 strekt en waarbinnen de onderhandelingen voor een toekomstig vrijhandelsakkoord tussen de EU en het VK moeten worden beklonken. De onderhandelingsteams van beide partijen stonden eind februari 2020 in de startblokken met elk hun eigen onderhandelingsmandaat. Drie onderhandelingsrondes zijn intussen gehouden (2-5 maart 2020 in Londen, 20-24 april 2020 en 11-15 mei 2020 via videoconferentie omwille van de coronacrisis). Na afloop van de tweede gespreksronde gaf hoofdonderhandelaar van de Europese Unie, Michel Barnier, aan dat ten laatste tegen 30 juni zal beslist moeten worden of de transitieperiode verlengd zal worden (hoewel de Britten reeds te kennen gaven hier geen voorstander van te zijn, ondanks de coronacrisissituatie). Op 31 december 2020 moet duidelijk worden hoe de ‘economische brexit’ vorm zal krijgen. Een toekomstige handelsrelatie tussen de EU en het VK die de handel in agrovoedingsproducten wrijvingsloos kan blijven garanderen, is van groot belang voor de Vlaamse land-, tuinbouw- en de brede agrovoedingssector. De SALV reikt daarom, vanuit zijn decretale mogelijkheid om op eigen initiatief te adviseren aan zowel de Vlaamse als de federale beleidsmakers, algemene, strategische aanbevelingen aan voor de toekomstige economische partnerschapsovereenkomst tussen de EU en het VK, naast specifieke en operationele aanbevelingen die daarop aansluiting vinden. Om tot voorliggend advies te komen, werkte een werkcommissie brexit binnen de SALV via een eerste vergadering (via videoconferentie) op 17 maart 2020 een ontwerpadvies uit. Natuurpunt/Bond Beter Leefmilieu beslisten zich te onthouden bij de opmaak van dit advies en bij de stemming ervan binnen de SALV-raad. Dit ontwerpadvies werd via een schriftelijke feedbackronde (met deadline 4 mei 2020) en een finale vergadering op 20 mei 2020 binnen de werkcommissie goedgekeurd. De SALV-raad bekrachtigde het advies tijdens zijn zitting van 29 mei 2020.

4


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

Krachtlijnen Een toekomstige handelsrelatie tussen de EU en het VK die de handel in agrovoedingsproducten wrijvingsloos kan blijven garanderen, is van groot belang voor de Vlaamse land-, tuinbouw- en de brede agrovoedingssector. Het cijfer van €1,98 miljard dat de Vlaamse agrohandel aan handelsoverschot met het VK in 2019 wist te genereren, duidt op prominente wijze dit belang. Daarom geeft de SALV zowel algemene strategische aanbevelingen, alsook specifieke en operationele aanbevelingen die daar aansluiting op vinden, mee aan de betrokken beleidsmakers. Deze aanbevelingen zijn voor de sector van cruciaal belang in de totstandkoming van een economische partnerschapsovereenkomst tussen de EU en het VK. De SALV meent dat een duurzaam handelsakkoord tussen de EU en het VK prioritair is voor de Vlaamse land-, tuinbouw- en de brede agrovoedingssector en vraagt om de sector ‘top of mind’ te laten blijven gedurende het hele onderhandelingsproces. De raad vraagt daarbij om enkele algemene principes in acht te nemen en te streven naar een tijdig en volledig akkoord dat: • • • •

frictieloze agrohandel garandeert een gelijk speelveld waarborgt een geruisloze aansluiting op de transitieperiode mogelijk maakt interferentie van VK-onderhandelingen met derde handelsblokken afwendt

Deze algemene principes vormen de richtsnoeren waarop verdere specifieke en operationele aanbevelingen binnen het advies aansluiting vinden. De adviesraad beklemtoont nog dat de Europese Unie enkel met vereende stem een evenwichtig akkoord kan sluiten met het VK dat beantwoordt aan deze algemene principes. Aangezien zowel bij een soft als een hard brexit de sector een economische impact zal ondervinden, is het volgens de SALV zaak om zowel op korte als op lange termijn die impact op te (blijven) volgen en er adequaat naar te handelen. Een solide handelsakkoord moet worden uitgebouwd, waarbij de SALV vraagt om de toepassing van de regelgeving ervan in de praktijk te bewaken en die tijdig bij te sturen wanneer het akkoord een oneigenlijke invulling krijgt. Ondersteuning van de sector, sociale maatregelen voor werkgevers, voorbereiding van de betrokken overheidsdiensten en sensibilisering en vorming op maat van de betrokken marktdeelnemers maken volgens de raad deel uit van brexit preparedness, waar tijdig werk van gemaakt moet worden.

5


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

Situering 1

Onderhandelingsmandaten en processtappen

Op 31 januari 2020 trad het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie. Het uittredingsakkoord dat de Britse regering en de EU-onderhandelaars op 14 november 2018 hadden bereikt en herbevestigd mits een aantal aanpassingen1 op 17 oktober 2019, voorziet in een overgangsperiode tijdens dewelke onderhandelingen over de toekomstige economische relatie tussen beide partijen (handelsakkoord) worden gevoerd. Tijdens deze overgangsperiode, die tot 31 december 2020 strekt, blijft de bestaande regelgeving van toepassing.2 Na deze overgangsperiode zal een bilateraal vrijhandelsakkoord tussen de EU en het VK de toekomstige relaties tussen beide blokken moeten stroomlijnen. De Europese Raad bevestigt in zijn Richtsnoeren van 23 maart 2018 dat “hij bereid is besprekingen te beginnen met het oog op een evenwichtige, ambitieuze en brede vrijhandelsovereenkomst, voor zover er voldoende garanties zijn voor een gelijk speelveld. Deze overeenkomst zal worden voltooid en gesloten zodra het VK geen lidstaat meer is. Een dergelijke overeenkomst kan evenwel niet dezelfde voordelen bieden als lidmaatschap en kan niet neerkomen op deelname aan de eengemaakte markt of delen daarvan. Die overeenkomst zou betrekking hebben op: de handel in goederen, met de bedoeling alle sectoren te bestrijken en een nultarief te behouden, en geen kwantitatieve beperkingen met passende bijbehorende oorsprongsregels.”3 In tegenstelling tot eerdere ontwerpversies van het uittredingsakkoord, stipuleert de door het Britse Lagerhuis goedgekeurde Withdrawal Agreement Bill van 20 december 2019 dat de overgangsperiode niet verlengd kan worden. Dit zorgt ervoor dat een ‘No Deal’-scenario op 1 januari 2021 blijft bestaan. De Raad van de Europese Unie keurde op 25 februari 2020 het onderhandelingsmandaat voor de Europese Commissie goed.4 Dat mandaat geeft richtlijnen mee aan de Taskforce voor de betrekkingen met het Verenigd Koninkrijk (in de schoot van de Europese Commissie en onder leiding van hoofdonderhandelaar Michel Barnier)5 volgens dewelke gesprekken over de 1

In hoofdzaak rond de status van Noord-Ierland en het afvoeren van de zogenaamde backstop.

2

TF50 (2019) 66, artikel 126, https://ec.europa.eu/commission/sites/betapolitical/files/consolidated_withdrawal_agreement.pdf; zie https://www.vlaanderen.be/economie-enondernemen/brexit: “Tijdens de overgangsperiode verandert er vrijwel niets. Het vrije verkeer van personen en goederen blijft gewaarborgd: voor vakantiegangers van en naar het VK verandert er dus niets. De douane hoeft geen Britse goederen te controleren en vice versa. De rechten van Belgen die in het VK wonen, en vice versa, blijven onveranderd. Alle EU-regels en wetten blijven gelden voor het VK gedurende deze periode, maar het VK heeft niet langer een beslissingsrecht. Burgers, bedrijven en andere organisaties krijgen gedurende deze periode de tijd om zich voor te bereiden op de nieuwe regels die zullen gelden na afloop van die overgangsperiode.”

3

Europese Raad, Richtsnoeren, EUCO XT 20001/18, punt 8 i), http://data.consilium.europa.eu/doc/document/XT-20001-2018-INIT/nl/pdf.

4

Raad van de Europese Unie, 5870/20 ADD 1 REV 3, Directives for the negotiation of a new partnership with the United Kingdom of Great Britain and Northern Ireland, Brussel, 25 februari 2020, https://www.consilium.europa.eu/media/42736/st05870-ad01re03-en20.pdf.

5

Europese Commissie, Taskforce voor de betrekkingen met het Verenigd Koninkrijk, https://ec.europa.eu/info/departments/task-force-relations-united-kingdom_nl, website geraadpleegd op 4 mei 2020.

6


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

toekomstige (handels)relatie met het VK dienen te worden gevoerd. Daarbij is een specifieke rolverdeling en stappenplan afgesproken over de manier waarop de Europese Commissie terugkoppelt met de andere Europese instellingen. Nadat de Raad de Europese Commissie de machtiging via het onderhandelingsmandaat heeft verleend om de onderhandelingen op te starten, zal de Europese Commissie in de loop van de gespreksrondes de Raad en Parlement dienen te informeren en de Raad te consulteren. Nadat een akkoord tussen het onderhandelingsteam van de Europese Commissie en het VK zal worden bereikt, koppelt de Europese Commissie terug met de Raad. Die zal het commissievoorstel bediscussiëren en formeel moeten bekrachtigen alvorens tot de ondertekening kan worden overgegaan. Het Europees Parlement buigt zich nadien over het akkoord, waarna het akkoord officieel kan worden aangenomen. Indien er geen akkoord kan worden bereikt over de gehele tekst, zal een afzonderlijke ratificatie van het akkoord door de lidstaten nodig zijn.6 Langs Britse zijde werd eveneens in februari 2020 de benadering van het VK uitgebracht voor de onderhandelingen over de toekomstige relatie met de EU.7 Er werden reeds drie onderhandelingsrondes gehouden (2-5 maart 2020 in Londen, 20-24 april 2020 en 11-15 mei 2020 via videoconferentie omwille van de coronacrisis). Parallelle thematische werkgroepen voerden tijdens deze rondes gesprekken over specifieke deelaspecten van het handelsakkoord. Na afloop van de tweede gespreksronde gaf hoofdonderhandelaar Michel Barnier aan dat ten laatste tegen 30 juni zal beslist moeten worden of de transitieperiode verlengd zal worden (hoewel de Britten reeds te kennen gaven hier geen voorstander van te zijn, ondanks de coronacrisissituatie). Over de derde gespreksronde rapporteerde Michel Barnier op 15 mei 2020 ontgoocheld te zijn in de voortgang van de thematische werkgroepen en gaf hij aan dat ‘with the exception of some modest overtures, we failed to make any progress on any of the other more difficult topics’.8 Op 31 december 2020 moet duidelijk worden hoe de ‘economische brexit’, in navolging van de ‘politieke brexit’, vorm zal krijgen.9

2

Landbouw en voeding: what’s at stake?

De onderhandelingsmandaten van de EU en het VK stellen tot doel toe te werken naar een brede economische partnerschapsovereenkomst. Het partnerschap dat de EU voor ogen heeft, steunt op drie pijlers: (1) een gelijk speelveld waarborgen, (2) efficiënt management en toezicht en (3) geschillenbeslechting en voorzieningen om het akkoord te implementeren.10 Waar in normale

6

Raad van de Europese Unie, EU-UK negotiations, https://www.consilium.europa.eu/en/infographics/eu-uknegotiations/, website geraadpleegd op 4 mei 2020.

7

HM Government, The Future Relationship with the EU. The UK’s Approach to Negotiations, https://assets.publishing.service.gov.uk/government/uploads/system/uploads/attachment_data/file/868874/The _Future_Relationship_with_the_EU.pdf.

8

Europese Commissie, Onderhandelingen tussen EU en VK over toekomstige https://www.consilium.europa.eu/nl/policies/eu-uk-negotiations-on-the-future-relationship/, geraadpleegd op 20 mei 2020.

9

Europese Commissie, Negotiation rounds on the future partnership between the European Union and the United Kingdom, https://ec.europa.eu/info/european-union-and-united-kingdom-forging-newpartnership/future-partnership/negotiation-rounds-future-partnership-between-european-union-and-unitedkingdom_en#second-round-of-negotiations, website geraadpleegd op 7 mei 2020.

10

V. Vennekens, “9 uitdagingen voor het EU-VK vrijhandelsakkoord”, VLEVA, 26 februari 2020, https://www.vleva.eu/nl/economisch-beleid/handel/eu-nieuws/_-uitdagingen-voor-het-eu-vkvrijhandelsakkoord, website geraadpleegd op 9 april 2020.

betrekkingen, website

7


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

onderhandelingen over een vrijhandelsakkoord wordt gestreefd om de kloof in de regelgeving tussen beide partijen zoveel mogelijk te dichten, vertrekken de onderhandelingen tussen de EU en het VK net vanuit dezelfde startpositie. Een analyse door Chris Horseman in IEG Policy maakt duidelijk wat beide onderhandelingsmandaten over landbouw en voeding meedelen en welke belangen beide partijen meenemen aan de onderhandelingstafel:11 •

Tarieven en quota

Beide partijen streven een handelsrelatie na zonder tarieven en kwantitatieve restricties voor alle goederen, met inclusie van landbouwproducten. Het VK geeft te kennen dat Special Agricultural Safeguards van de EU niet van toepassing horen te zijn op de onderlinge handel. De EU staat eveneens een handelsrelatie voor zonder belemmeringen, maar houdt een slag om de arm om oneerlijk competitief gedrag uit te sluiten.12 •

Oorsprongsregels

Deze regels bepalen de herkomst van een product en houden verband met de mate waarin invoerrechten al dan niet van toepassing zijn. Het uitgangspunt van de EU in de onderhandelingen is dat de preferentiële oorsprongsregels van de Unie zouden gelden voor de toekomstige handelsrelatie met het VK. Die preferentiële oorsprongsregels bepalen of een product voldoende ‘lokale’ componenten bevat om vervolgens verhandeld te kunnen worden tegen een verlaging of vrijstelling van invoerrechten.13 De voedingsindustrie van het VK is bezorgd dat deze preferentiële oorsprongsregels niet voldoende zouden zijn om te verhinderen dat in het VK vervaardigde producten uitgesloten worden van tariefvrijstelling bij binnenkomst in de EU. •

Sanitaire en fytosanitaire afspraken (SPS)

11

Zie analyse in Ch. Horseman, “The EU-UK free trade agreement – what’s at stake for food and agriculture?, 2 maart 2020, https://iegpolicy.agribusinessintelligence.informa.com/PL223206/The-EUUK-free-tradeagreement--whats-at-stake-for-food-and-agriculture, website geraadpleegd op 14 april 2020; vergelijk met de onderhandelingsmandaten van de EU en het VK (noot 6 en 7).

12

Vergelijk de algemene passage rond het gelijke speelveld binnen de onderhandelingsrichtlijnen van de Raad van de Europese Unie, 5870/20 ADD 1 REV 3, Directives for the negotiation, https://www.consilium.europa.eu/media/42736/st05870-ad01re03-en20.pdf, p. 26: “Given the Union and the United Kingdom’s geographic proximity and economic interdependence, the envisaged partnership must ensure open and fair competition, encompassing robust commitments to ensure a level playing field. These commitments should be commensurate with the scope and depth of the overall envisaged partnership and the economic connectedness of the Parties. These commitments should prevent distortions of trade and unfair competitive advantages so as to ensure a sustainable and long-lasting relationship between the Parties. To that end, the envisaged agreement should uphold common high standards, and corresponding high standards over time with Union standards as a reference point, in the areas of State aid, competition, state-owned enterprises, social and employment standards, environmental standards, climate change, relevant tax matters and other regulatory measures and practices in these areas. In so doing, the agreement should rely on appropriate and relevant Union and international standards. It should include for each of those areas adequate mechanisms to ensure effective implementation domestically, enforcement and dispute settlement, including appropriate remedies. The Union should also have the possibility to apply autonomous, including interim, measures to react quickly to disruptions of the equal conditions of competition in relevant areas, with Union standards as a reference point”.

13

Zie ook: Europese Commissie, Rules of origin, https://ec.europa.eu/taxation_customs/business/calculationcustoms-duties/rules-origin_en, website geraadpleegd op 7 mei 2020; zie ook informatie bij: FOD Financiën, ‘Oorsprong’, https://www.naforna.be/sites/default/files/news/Oorsprong.pdf, website geraadpleegd op 9 april 2020.

8


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

Sanitaire en fytosanitaire maatregelen worden genomen om:14 -

-

het leven van personen en dieren te beschermen tegen de risico’s als gevolg van additieven, contaminanten, toxines of ziekteverwekkende organismen die voorkomen in levensmiddelen; de gezondheid van personen te beschermen tegen ziekten die planten of dieren meedragen; het leven van dieren te beschermen of planten te beschermen tegen parasieten, ziekten of ziekteverwekkende organismen; in een land, andere schade te voorkomen of te beperken die voortvloeit uit de invoer, de vestiging of de verspreiding van parasieten.

Vermits de onderhandelingen starten vanuit een gelijke uitgangspositie zal de sleutelvraag zijn hoe equivalentie van standaarden kan bereikt en gewaarborgd worden wanneer niet langer identieke standaarden in voege zullen zijn. Het VK zal een afweging moeten maken tussen enerzijds de wens om zich te beroepen op de eigen soevereiniteit en anderzijds verlies aan markttoegang tot de EU vermijden. Voor de EU dient het akkoord de Unieregels te respecteren en het voorzorgsbeginsel overeind te blijven. •

Biologische voeding

Het VK vraagt om een extra bijlage ‘organic products’ binnen het luik ‘Technische belemmeringen (TBT)’ toe te voegen. Het VK wenst een wederzijdse erkenning in te bouwen rond de bepalingen van bio, opdat producten die binnen het grondgebied van de ene handelspartner als bio verhandeld kunnen worden, dat eveneens kunnen binnen dat van de andere partij. Er wordt daarbij door het Britse onderhandelingsmandaat verwezen naar het akkoord tussen de EU en Chili. •

Kwaliteitsregelingen

De EU-kwaliteitsregelingen beschermen productnamen waarbij de kwaliteit of kenmerken van het product eigen zijn aan de geografische herkomst ervan. Het gaat om:15 -

beschermde oorsprongsbenamingen voor landbouwproducten, levensmiddelen en wijnen beschermde geografische aanduidingen voor landbouwproducten, levensmiddelen en wijnen geografische aanduidingen voor gedestilleerde dranken en gearomatiseerde wijnen

Het uittredingsakkoord tussen de EU en het VK bepaalt dat de bestaande kwaliteitsregelingen (en degene die tot en met december 2020 geregistreerd worden) door beide partijen erkend worden. Het toekomstige handelsakkoord zal dus een systeem voor erkenning van nieuwe kwaliteitsregelingen na 2020 moeten omvatten. Voor de EU is het van belang dat kwaliteitsregelingen van de EU in het VK worden erkend. Het VK kan hier een onderhandelingsvoordeel in zien. Tezelfdertijd wil het VK de mogelijkheden open houden voor onderhandelingen met derde partijen die zich in het verleden reeds sceptisch over de Europese kwaliteitsregelingen hebben geuit.

14

FOD Economie, ‘Sanitaire en fytosanitaire maatregelen (SFS)’, https://economie.fgov.be/nl/themas/handelsbeleid/markttoegang/niet-tarifaire-belemmeringen/sanitaire-enfytosanitaire, website geraadpleegd op 7 mei 2020.

15

Europese Unie, ‘Kwaliteitsregelingen’, https://europa.eu/youreurope/business/running-business/intellectualproperty/geographical-indications/index_nl.htm, website geraadpleegd op 7 mei 2020.

9


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

Het grootste gevaar schuilt in de mogelijke overschrijding van de termijn die vooropgesteld werd om een vrijhandelsakkoord te beklinken (i.e. de datum waarop de transitieperiode eindigt, namelijk 31 december 2020). De opties in dat geval zijn: (1) de deadline verlengen (waar het VK geen voorstander van blijkt, cf. supra), (2) een ‘bare bones’-deal afsluiten (i.e. een partiële overeenkomst voor die aspecten die rijp zijn voor een deal, terwijl open kwesties nog hangende blijven), (3) het totale pakket terzijde schuiven (en alsnog tot een harde brexit overgaan).

3

Visienota brexit Vlaamse Regering

Op 7 februari 2020 bracht de minister-president van de Vlaamse Regering en Vlaams minister van Buitenlandse Zaken, Cultuur, ICT en Facilitair Management, Jan Jambon, een visienota aan de Vlaamse Regering uit met Vlaamse uitgangspunten voor de brexit-onderhandelingen.16 Daarin wordt gesteld dat: “Vlaanderen streeft […] naar een brede “PLUS”-samenwerking met het VK, o.a. op het vlak van landbouw, visserij, onderzoek, onderwijs, mobiliteit, transport, milieu, energie, cultuur en veiligheid.”17 De visienota onderkent dat de handel in goederen tussen Vlaanderen en het VK substantieel is. Daarbij worden specifieke landbouw- en visserijproducten erkend als categorie van goederen die voor Vlaanderen van bijzonder belang zijn.18 Een no-dealscenario dient volgens de visienota te worden afgewend. Eveneens wordt benadrukt dat zelfs met een klassiek vrijhandelsakkoord brexit nefaste gevolgen zou hebben voor de Vlaamse economie (i.e. een verlies van 1,8% van het Vlaamse bbp in zulk scenario).19

4

Impact van brexit op de agrohandelsrelaties

Recente studies wezen reeds op het belang van het Verenigd Koninkrijk als handelspartner binnen de Vlaamse economie in zijn geheel en op de agrohandel20 in het bijzonder. Hylke Vandenbussche omschrijft het in haar impactstudie als volgt: “We find Belgium to be amongst the most badly affected countries in the EU-27 relative to its size. For many sectors we find Belgium to belong to the top 3 of the most affected countries in the EU-27. This holds both under a soft Brexit scenario as well as a hard Brexit scenario. This conclusion is independent of how we measure the losses.”21 De land- en tuinbouw- en de brede agrovoedingssector behoort volgens de inschattingen van KU Leuven, Vives en het departement Landbouw en Visserij tot de zwaarst getroffen sectoren, zowel op het vlak van jobs als op het vlak van toegevoegde waarde.22 16

Vlaamse Regering, VR 2020 0702 DOC.0087/1BIS, Visienota aan de Vlaamse Regering. Vlaamse uitgangspunten brexit-onderhandelingen, 7 februari 2020, https://www.ewivlaanderen.be/sites/default/files/visienota_-_vlaamse_uitgangspunten_brexit-onderhandelingen.pdf.

17

Ibidem, p. 3.

18

Ibidem, p. 5.

19

Ibidem, p. 3.

20

Begrepen als de handel in producten van de land-, tuinbouw- en de brede agrovoedingssector.

21

H. Vandenbussche, Sector-level analysis of the impact of Brexit on the EU-28, Rapport voor Vlaamse overheid, departement Buitenlandse Zaken, KUL, Leuven, juni 2019.

22

T. Van Bogaert en J. Platteau, De Vlaamse agrohandel in 2018¸Departement Landbouw en Visserij, Brussel, 2019, https://lv.vlaanderen.be/sites/default/files/attachments/agrohandelsrapport_2018_versie_2_website_0.pdf; G. Lambrechts, E. Van Buggenhout en V. Samborski, Gevolgen van de brexit voor de Vlaamse landbouw en visserij, Departement Landbouw en Visserij, Brussel, 2018, 10


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

Het belang van een goed onderhandeld akkoord over de toekomstige agrohandelsrelatie met het Verenigd Koninkrijk kan goed geïllustreerd worden door te wijzen op de grootteorde van die onderlinge agrohandelsrelaties (cf. infra). Het wordt dan ook duidelijk wat er rechtstreeks op het spel staat voor de land- en tuinbouw- en de brede agrovoedingssector binnen de Vlaamse economie. Voor de onderstaande analyse wordt een keuze gemaakt in de wijze waarop gerapporteerd wordt. Deze keuze kunnen we als volgt toelichten en staven:23 •

•

•

De rechtstreekse impact op de land- en tuinbouw- en de brede agrovoedingssector wordt in de analyse weergegeven door een selectie te maken binnen de goederencodes uit het uitgebreide classificatiesysteem, dat opgesteld is door Eurostat (i.e. de Gecombineerde Nomenclatuur – GN-codes). Er werd geopteerd om te rapporteren over de GN-codes 0105 binnen afdeling I ‘Levende dieren’, 06-14 binnen afdeling II ‘Producten van het plantenrijk’, 15 binnen afdeling III ‘Vetten en oliën’, en 16 tot 24 binnen afdeling IV ‘Producten van de voedselindustrie; dranken, alcoholhoudende vloeistoffen en azijn; tabak en tot verbruik bereide tabakssurrogaten’ (zie grafieken 1 en 2 en de tabellen 1 en 2 in bijlage).24 De rapportering gebeurt volgens ‘communautair concept’. Hierbij zijn de cijfers opgemaakt volgens de regels en methoden opgelegd door de Europese Unie en zijn ze dus vergelijkbaar over de EU-lidstaten heen. Daarenboven zijn de cijfers die opgemaakt zijn volgens dit concept meer gelijklopend met de richtlijnen van de Verenigde Naties, waardoor de internationale vergelijkbaarheid toeneemt. In het kader van economische analyses kan een ruimere vergelijkbaarheid wenselijk zijn.25 Grafieken 1 en 2 geven een overzicht over respectievelijk de Vlaamse uitvoer naar en invoer uit het VK van agrovoedingsproducten. Daarbij vertegenwoordigen sommige productcategorieën in verhouding tot de grootste productcategorieën een dermate kleine waarde dat zij niet tot uiting kunnen komen in de grafiek. Daarom voegen we de cijfers van alle productcategorieën als tabellen toe in bijlagen 1 en 2 van dit advies.

Grafiek 1 toont de cijfers (in waarde x1000 euro) van de Vlaamse uitvoer van agrovoedingsproducten richting het VK in 2019 en maakt de onderlinge verhouding naar exportwaarde tussen de productcategorieën duidelijk (zie eveneens tabel 1 in bijlage voor een vergelijking met 2017 en 2018). Groente- en fruitbereidingen, dranken, cacao en chocolade, zuivel, koekjes en gebak en verse groenten vormen de grootste groep. Zij genereren samen €1,96 miljard aan exportwaarde en zijn goed voor 67,8% van de totale exportwaarde aan agrovoedingsproducten.

https://lv.vlaanderen.be/sites/default/files/attachments/rapport_brexit_nieuwe_versie.pdf; H. Vandenbussche, W. Connell, W. Simons, ‘De impact van brexit op de Vlaamse economie. Een analyse van het output- en jobverlies’, Vives beleidspaper, november 2017, https://feb.kuleuven.be/VIVES/publications/policy_papers/Beleidspapers/2017/2017-11-policy-paper-VIVES. 23

De data werden aangeleverd door Flanders Investment & Trade (FIT). De wijze van rapporteren volgt de suggestie vanuit FIT.

24

Voor meer informatie over het classificatiesysteem en de productcodes: Nationale Bank van België (NBB), ‘Statistieken, Buitenlandse handel, Nomenclatuur’, https://www.nbb.be/nl/statistieken/buitenlandsehandel/nomenclatuur, website geraadpleegd op 12 mei 2020. Zie ook: Uitvoeringsverordening (EU) 2018/1602 van de Commissie van 11 oktober 2018 tot wijziging van bijlage I bij Verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad met betrekking tot de tarief- en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief, Brussel, 2018, https://www.nbb.be/doc/dq/n_pdf_ex/nomclat2019pubbladnl.pdf.

25

Informatie aangeleverd door Flanders Investment & Trade (FIT). Naast rapportering volgens communautair concept kan gerapporteerd worden volgens nationaal concept.

11


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

De totale waarde van de Vlaamse uitvoer van agrovoedingsproducten bedraagt in 2019 €2,89 miljard en vertegenwoordigt daarmee 11,2% van de gehele export (van alle productcategorieën) richting het VK.26 De invoer van agrovoedingsproducten uit het VK bedraagt in zijn geheel €0,91 miljard. Zuivel, vetten en oliën, koekjes en gebak, cacao en chocolade en vlees vormen hierbij de voornaamste productcategorieën (grafiek 2 en tabel 2 in bijlage). Voor het merendeel van de afzonderlijke productcategorieën is de uitvoer groter dan de invoer, wat resulteert in een duidelijk handelsoverschot van €1,98 miljard over het geheel van de agrohandelsrelatie van Vlaanderen met het VK.

26

Flanders Investment & Trade.

12


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

13


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

14


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

Aanvullend op de grafische visualisering van het Vlaamse agrohandelsoverschot met het VK in waarde (grafieken 1 en 2 vergeleken), kan het belang van de handelsrelatie en de concurrentiepositie nader worden toegelicht door te wijzen op de exporthoeveelheden van enkele producten (op basis van informatie van het Vlaams Centrum voor Agro- en Visserijmarketing VLAM).27 Als één van de grootste exporteurs van aardappelproducten verzorgt België (en daarbinnen voornamelijk Vlaanderen) met 402.007 ton aan verse en verwerkte aardappelen in 2019 41% van de totale import in het VK. De ingevoerde aardappelbereidingen en consumptieaardappelen in het VK komen respectievelijk voor 99% en 69 % uit Europa. Israël is voor consumptieaardappelen de eerste toeleverancier van het VK met een aandeel van 27%. 7% van het kippenvlees en 8% van het varkensvlees in het VK in 2019 komt uit België. Opvallend is dat het VK één van de grootste afzetmarkten vormt voor het Thaise kippenvlees (vooral in verwerkte vorm). Thailand kon onder bepaalde quota kippenvlees binnenbrengen op de EUmarkt. Met brexit zal het VK nieuwe quota dienen af te spreken met Thailand, wat effecten kan ressorteren op de overige handelspartners van het VK. Wat zuivelproducten betreft, bedraagt het Belgische aandeel in de zuivelimport van het VK in 2019 9,5% met een totaal van 163.189 ton. Binnen de zuivelproducten vormen de zuivelbereidingen het grootste exportproduct, naast kaas, smeltkaas en melkpoeder. Met 4.006 ton aardbeien is België in 2019 de derde toeleverancier aan het VK (met een aandeel van 7% op de totale import in het VK). Brexit zal maken dat het VK nieuwe quota zal moeten afspreken met landen als Marokko en Egypte, wat mogelijk een invloed heeft op de aanvoermogelijkheden uit de EU-landen. 7.181 ton appelen werden vanuit België in 2019 in het VK aangeleverd, wat een aandeel van 2,2% vormde. Wat peren betreft, is België in 2019 de tweede toeleverancier aan het VK met 28.662 ton of 25,7% marktaandeel. Op het vlak van de aanvoer van groenten naar het VK vormen prei, paprika en tomaten de Belgische sterkhouders met respectievelijk een uitvoer van 1.242, 1.887 en 9.535 ton in 2019. In de toekomst zouden eventuele gunstigere voorwaarden voor Marokko, Egypte en Turkije aanvoer vanuit België minder aantrekkelijk kunnen maken. Voor sierteeltproducten is het VK in sterke mate afhankelijk van import om aan zijn consumentenbehoefte te voldoen. Met een exportwaarde van €39 miljoen vormt het VK voor Belgische sierteeltproducten een belangrijke afzetmarkt. Bij de brexit-onderhandelingen vormen de sanitaire en fytosanitaire maatregelen de belangrijkste van de non-tarifaire maatregelen. Indien het VK dezelfde importheffingen zou opleggen als degene die de EU oplegt bij invoer uit landen buiten de EU/douane-unie (bv. snijbloemen uit Kenya, Ethiopië of Ecuador), dan zou dit sierteeltproducten uit de EU in het VK merkelijk duurder maken. Tot slot kan benadrukt worden dat het VK een grote importeur is van agrovoedingsproducten. EU-landen vormen de grootste leveranciers van het VK met, uitgedrukt in waarde, Nederland, Ierland en Spanje als koplopers, gevolgd door Duitsland en Frankrijk. Uitgedrukt in volume is Nederland nog steeds topleverancier, maar volgen België en Spanje op respectievelijk de tweede en de derde plaats.

27

Op basis van gegevens van Eurostat voor geheel België.

15


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

Advies In voorliggend advies richt de SALV zich tot de Vlaamse en federale beleidsmakers. Daarbij reikt de raad hen enerzijds aandachtspunten aan om over te maken aan het Europees niveau en anderzijds ook aanbevelingen om op Vlaams en federaal niveau mee aan de slag te gaan. De raad structureert het adviesluik als volgt: algemene strategische, specifieke en operationele aanbevelingen.

5

Algemene strategische aanbevelingen

[1] Een duurzaam handelsakkoord tussen de Europese Unie en het Verenigd Koninkrijk is prioritair voor de Vlaamse land- en tuinbouw- en de brede agrovoedingssector. Zoals de situering bij dit advies duidelijk maakt, voert Vlaanderen in 2019 voor €2,89 miljard aan agrovoedingsproducten uit naar het Verenigd Koninkrijk, resulterend in een handelsoverschot van €1,98 miljard. Dit maakt het VK tot de vierde voornaamste afzetmarkt voor de sector. Bij afwezigheid van een duurzaam akkoord zal de Vlaamse land- en tuinbouw samen met de agrovoedingsindustrie impact van de brexit op de afzetcijfers ondervinden. Daarnaast zullen bepaalde deelsectoren binnen land- en tuinbouw, die rechtstreekse handelsrelaties met het VK onderhouden, de gevolgen ervan op meer directe wijze ervaren (bijvoorbeeld de sierteeltsector en de groente- en fruitsector). Een brexit zonder duurzaam akkoord kan bovendien de huidige crisissituatie door de covid-19-pandemie verder aanscherpen en de economische relance na deze crisis bemoeilijken. Vanuit de erkenning van de land- en tuinbouw en de brede agrovoedingsketen als zwaar getroffen sector vraagt de SALV aan de Vlaamse/federale beleidsmakers om op Europees niveau de sector ‘top of mind’ te laten blijven tijdens het gehele onderhandelingsproces. [2]

Streef naar een tijdig en volledig handelsakkoord dat a. frictieloze agrohandel garandeert Het handelsakkoord benadert idealiter het huidige handelskader dat wrijvingsloos agrohandelsrelaties laat plaatsgrijpen (i.e. status quo). Aandacht voor tarieven en quota, voor zowel de invoer als de uitvoer van agrovoedingsproducten, is de eerste betrachting met het oog op het behoud van de status quo. Tarieven en quota zouden het status quo immers opbreken en transactiekosten rechtstreeks doen verhogen. Daarnaast is het van belang dat transactiekosten, die voortspruiten uit bijkomende administratie en langere wachttijden als gevolg van douaneverplichtingen en voedselveiligheidscontroles, zo veel als mogelijk worden geminimaliseerd. b. een gelijk speelveld waarborgt Eerlijke concurrentie op basis van gelijkwaardige productie- en productstandaarden is eveneens een belangrijk element van de toekomstige handelsrelatie. Gelijkwaardig blijvende normen en standaarden zijn cruciaal om een gelijk speelveld tussen de EU en het VK in de toekomst te waarborgen en een verdere verduurzaming binnen de land- en tuinbouw en de agrovoeding te garanderen. Het risico is immers reëel dat Britse productie- en productstandaarden op langere termijn afdrijven van de Europese normen en standaarden. Zulke drift in normenafstand tussen de EU en het VK zou kunnen leiden tot: 16


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

•

een afnemende of zelfs afgesloten markttoegang voor hoogwaardige Europese producten op de Britse markt.

•

een dalende concurrentiepositie op de interne markt als gevolg van de opening voor Britse producten die aan andere voorwaarden dan de Europese zouden kunnen geproduceerd worden.

•

doorsluizing van minderwaardige producten uit derde landen, al dan niet na bewerking, tot de interne markt. Dat het VK tot zulke doorgangsluis zou verworden, vormt een doembeeld dat alleszins vermeden moet worden. Dit zou immers een ernstige verstoring van op dit moment al voor de sector moeilijke handelsbalansen kunnen betekenen en de inspanningen van de Vlaamse land- en tuinbouwers en de agrovoedingsketen op vlak van milieu, klimaat, dierenwelzijn en voedselveiligheid teniet doen.28

•

prijsdruk voor agrovoedingsproducten op de interne markt als gevolg van een afnemende markttoegang en dalende concurrentiepositie. Een groter aanbod op de interne markt in confrontatie met de kenmerkende prijsinelasticiteit voor agrovoedingsproducten geeft een meer dan evenredige druk op de prijsvorming.29 c. een geruisloze aansluiting op de transitieperiode mogelijk maakt

Het is van belang dat het handelsakkoord geruisloos aansluit bij de overgangsperiode, zodat er geen regelvacuüm gecreëerd wordt. Zulk vacuüm – in het geval wanneer geen overeenkomst over agrovoeding kan worden bereikt – geeft aanleiding tot de toepassing van algemene regelgeving van de Wereldhandelsorganisatie (WTO) op het vlak van de algemene meestbegunstiging (Most Favoured Nation treatment of MFN) en tarificatie van handelsbelemmeringen.30 Dit zal de transactiekosten sterk verhogen en betekent aldus een harde brexit.31 Snelheid in de onderhandelingen mag niet leiden tot een onvolledig en ondoeltreffend akkoord. Bij uitzicht op een overschrijding van de deadline geniet een verlenging van de

28

In hun gezamenlijk advies over de communicatie van de Europese Commissie ‘De toekomst van voeding en landbouw’ vragen SALV en Minaraad om ‘er op Europees niveau voor [te zorgen] dat de import uit de wereldmarkt de verduurzaming van de Europese landbouw- en bosbouwproductie niet afremt’, cf. SALV en Minaraad, Gezamenlijk advies. De toekomst van voeding en landbouw, https://www.salv.be/sites/default/files/documenten/SALV_ADV_20180427_GLB_post_2020.pdf.

29

Over de marktwerking van landbouwproducten en agrovoedingsmiddelen, zie E. Mathijs en J. Relaes, Landbouw en voedsel, verrassend actueel, p. 35-38.

30

Over de principes van het handelssysteem volgens de normen van de WTO, zie: https://www.wto.org/english/thewto_e/whatis_e/tif_e/fact2_e.htm#nondiscrimination, website geraadpleegd op 7 april 2020.

31

Het tariefschema dat het VK op 8 oktober 2019 bij de WTO indiende, neemt volgens MFN-principes ook tariefzettingen en quotabepalingen voor bepaalde agrovoedingsproducten op, zie: UK Government, DIT, Statutory guidance, 8 oktober 2019, https://www.gov.uk/government/publications/temporary-rates-of-customsduty-on-imports-after-eu-exit/mfn-and-tariff-quota-rates-of-customs-duty-on-imports-if-the-uk-leaves-the-euwith-no-deal#bovine-meat-beef, website geraadpleegd op 7 april 2020; de bevestiging van het UK Global Tariff volgde op 19 mei 2020. Dit vervangt het gemeenschappelijke buitentarief van de EU in het VK, geldt voor landen waarmee het VK geen vrijhandelsakkoord zal gesloten hebben en omvat ook specifieke agrovoedingsproducten: UK Government, DIT, UK tariffs from 1 January 2021, 19 mei 2020, https://www.gov.uk/guidance/uk-tariffs-from-1-january-2021#what-the-tariff-applies-to, website geraadpleegd op 19 mei 2020; zie ook G. Lambrechts, E. Van Buggenhout en Vincent Samborski, Gevolgen van de brexit voor de Vlaamse landbouw en visserij, Departement Landbouw en Visserij, Brussel, 2018, p. 7-10, https://lv.vlaanderen.be/sites/default/files/attachments/rapport_brexit_nieuwe_versie.pdf.

17


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

transitieperiode de voorkeur boven een partiële overeenkomst om de rechtszekerheid van alle betrokken operatoren in die situatie te borgen. Daar zal de Britse zijde van overtuigd moeten worden. Onder een tijdig en volledig akkoord begrijpt de SALV eveneens dat zijn eerder geformuleerde adviespunten over een duurzaam akkoord voor de Vlaamse visserij postbrexit er deel vanuit maken. Het onderstaande kaderstuk vat de voornaamste adviespunten voor de visserijsector samen. Met het oog op een duurzaam akkoord met het VK voor de Vlaamse visserij vraagt de adviesraad aan de Vlaamse en federale beleidsmakers om ervoor te zorgen dat: •

de EU het behoud van de huidige regeling over toegang tot de Britse wateren en de toekenning van vangstrechten bepleit en duurzaam weet vast te leggen;

•

een gelijk speelveld tussen de EU en het VK, alsook tussen de lidstaten onderling wat betreft visserijactiviteiten en visserijhandel wordt gewaarborgd;

•

administratie en wachttijden bij douane- en voedselveiligheidscontroles van materiaalen vistransporten tussen beide handelspartners tot een minimum te beperken. Het visserijadvies rond brexit geeft hiertoe een aanzet met enkele specifieke aanbevelingen.

Lees het advies: SALV, Advies. Een duurzaam akkoord voor de Vlaamse visserij post-brexit, https://www.salv.be/sites/default/files/documenten/SALV_20200124_ADV_202001_Brexit.pdf. d. interferentie van VK-onderhandelingen met derde handelsblokken afwendt De adviesraad pleit ervoor om de handelsbesprekingen tussen het VK en derde handelsblokken van nabij op te volgen, zodat erop geanticipeerd kan worden binnen of buiten het kader van de brexitonderhandelingen. Zulke anticipatie houdt rekening met de cumulatieve effecten op de agrohandel32 van het ruimere gamma aan onderhandelde en te onderhandelen partnerschapsovereenkomsten en handelsakkoorden. In de context van brexit kunnen parallelle handelsbesprekingen van het VK met derde handelsblokken (onder meer met de Verenigde Staten, Egypte, Marokko en Thailand) immers mogelijk verschuivingen teweegbrengen in de agrohandelsrelaties met de Europese Unie (cf. supra). Vaart houden in de onderhandelingen is volgens de SALV een strategie om zulke interferentie voor te zijn. Deze algemene principes (a., b., c. en d.) vormen de richtsnoeren waarop de specifieke en operationele aanbevelingen binnen dit advies aansluiting vinden (cf. infra). [3] De Europese Unie moet vanuit één stem spreken. De Vlaamse en federale beleidsmakers moeten volgens de adviesraad de algemene principes uit adviespunt [2] hoog op de Europese onderhandelingsagenda houden en erover consensus vinden tussen de lidstaten. De Europese Unie kan immers enkel met vereende stem een evenwichtig akkoord sluiten met het VK dat beantwoordt aan deze algemene principes. Dit houdt ook in dat een gelijk speelveld tussen de EU-lidstaten onderling in hun relatie tot het VK bewaard en bewaakt wordt.

32

Agrohandel begrepen als de handel in producten van de land- en tuinbouw- en de brede agrovoedingssector.

18


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

[4] Monitor de impact op de land- en tuinbouw- en de brede agrovoedingssector. De erkenning als zwaar getroffen sector moet gepaard gaan met een gedegen en aanhoudende impactmonitoring met het oog op een adequate ondersteuning van de sector. Zowel bij een soft als een hard brexit-scenario zal de sector een economische impact ondervinden. Het is van belang om die economische impact zowel op korte als op lange termijn op te (blijven) volgen en er adequaat naar te handelen. Op korte termijn situeert de impact zich hoofdzakelijk in tarifaire en niet-tarifaire belemmeringen. Op lange termijn kan een groeiende divergentie in normen en standaarden tussen de EU en het VK en ruimte-inname door derde spelers op de Britse markt voor grote ruis zorgen in de markttoegang, de concurrentiepositie en de prijsvorming (cf. supra). [5] Bouw een solide handelsakkoord uit, bewaak de toepassing van de regelgeving ervan in de praktijk en stuur die tijdig bij wanneer het akkoord oneigenlijk wordt ingevuld. De SALV stelt vast dat handelsakkoorden bijwijlen een invulling kunnen krijgen die de wetgever op voorhand niet beoogd had.33 Een solide akkoord is nodig om zogenaamde ‘achterpoortjes’ te voorkomen. Via een adequate monitoring van de concrete toepassing van het akkoord kan volgens de raad het oneigenlijke gebruik van het handelsakkoord tijdig gesignaleerd worden. Daaropvolgend dient de wetgever over de vereiste sleutels te beschikken om zulke poorten te sluiten. [6]

Maak tijdig werk van brexit preparedness. ondersteun de Vlaamse land- en tuinbouwsector adequaat door het Europees solidariteitsfonds en het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering toegankelijk te maken voor het Vlaamse landbouwbedrijf, zowel bij een soft als hard brexit. Wanneer deze vorm van ondersteuning op Europees niveau niet mogelijk blijkt, vraagt de SALV om op Vlaams/federaal niveau de mogelijkheden te verkennen om in toereikende middelen te voorzien. voorzie sociale maatregelen voor werkgevers om de negatieve impact op de tewerkstelling op te vangen. Naar analogie met de huidige maatregelen in het kader van de covid-19-crisis vraagt de adviesraad om een verlenging van de duur van tijdelijke werkloosheid voor arbeiders en bedienden, alsook om een versnelde en vereenvoudigde procedure voor tijdelijke werkloosheid voor bedienden. bereid de betrokken overheidsdiensten optimaal voor op de toekomstige (handels)relatie met het VK (in het bijzonder de douane- en voedselveiligheidsautoriteiten) in relatie tot de betrokken economische operatoren in de land- en tuinbouw- en de brede agrovoedingssector (cf. operationele aanbevelingen). organiseer sensibilisering en vorming op maat van de betrokken economische operatoren in de land- en tuinbouw- en de brede agrovoedingssector (cf. infra).

33

Cf. VILT, “EU schort import Oekraïense kip op”, 27 januari 2020, https://www.vilt.be/eu-schort-importoekraiense-kip-op.

19


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

6

Specifieke aanbevelingen

Tarief- en quotavrije handel [7] De SALV meent dat aandacht voor tarieven en quota de eerste betrachting is in de stap naar een post-brexitrelatie in het licht van het behoud van een wrijvingsloze agrohandel (cf. algemene principe [2]a.). Een tarief- en quotavrij handelsverkeer moet zowel voor de invoer als de uitvoer van agrovoedingsproducten en hun ingrediënten gelden. Het sterk geïntegreerde karakter van de productieketens in de agrovoedingssector zorgt er immers voor dat agrovoedingsproducten of bepaalde componenten ervan soms meermaals de landsgrenzen overgaan tijdens het productieproces. Een gedegen en aanhoudende impactmonitoring is hierin van groot belang om tijdig signalen van marktverstoring op te merken en er adequaat naar te handelen (cf. adviespunt [4]). [8] Bij toepassing van beschermende maatregelen tegen invoer met dumping of subsidiëring dient volgens de adviesraad volledige transparantie te worden nagestreefd. Wanneer na grondig onderzoek invoer met dumping of subsidiëring wordt vastgesteld, kunnen de bevoegde autoriteiten anti-dumpingrechten en anti-subsidierechten opleggen, wat tot aanzienlijke tariefverhogingen kan leiden.34 Zulke onderzoeken zijn tijdrovend en kostelijk voor de marktdeelnemers. Transparantie over de wijze waarop onderzoeken worden gevoerd en infoverstrekking over onder meer de consultatievoorwaarden alvorens een onderzoek wordt geïnitieerd, kunnen helpen om een dispuut voorafgaand te regelen zonder dat marktdeelnemers belast worden met een onderzoek.

Productie- en productstandaarden [9] Streef naar reglementaire harmonisatie met het oog op het behoud van een gelijk speelveld en eerlijke concurrentie (cf. algemene principe [2]b.). Het te negotiëren akkoord met het VK wijkt af van de doorsnee vrijhandelsovereenkomsten in de zin dat niet toegewerkt dient te worden naar gelijke spelregels, maar dat net de vertreksituatie met gelijke spelregels gevrijwaard moet worden. Drift van VK-standaarden weg van Uniestandaarden moet op langere termijn zoveel mogelijk beperkt worden, omdat dit negatieve gevolgen voor de Vlaamse agrovoedingshandel heeft op het vlak van toegang tot de Britse markt, concurrentiepositie op de interne markt – zeker wanneer doorsluiseffecten zouden optreden, en prijsvorming (cf. algemene principe [2]b.). De SALV vraagt voor de brede agrovoedingssector in het bijzonder aandacht voor regelgeving omtrent additieven, residuen, (fyto)sanitaire eisen (quarantaineorganismen), microbiologie, contaminanten, novel foods, genetisch gemodificeerde organismen en hormonen, alsook informatie aan consumenten via etikettering. Zulke reglementaire harmonisatie slaat volgens de raad ook op de onderlinge relatie tussen EU-lidstaten, waarbij de gelijke toepassing van de regelgeving het behoud van het gelijke speelveld tussen lidstaten moet waarborgen (cf. adviespunt [3]). Volgens de raad dienen Vlaamse/federale beleidsmakers reglementaire

34

Over anti-dumping en anti-subsidie, raadpleeg respectievelijk de volgende websites van de Europese Commissie: https://ec.europa.eu/trade/policy/accessing-markets/trade-defence/actions-against-imports-intothe-eu/anti-dumping/ en https://ec.europa.eu/trade/policy/accessing-markets/trade-defence/actions-againstimports-into-the-eu/anti-subsidy/; zie Verordening (EU) 2016/1036 (anti-dumping) en Verordening (EU) 2016/1037 (anti-subsidie) en lees Europese Commissie, TDI. Trade Defence Instruments, Anti-Dumping & Anti-Subsidy, https://trade.ec.europa.eu/doclib/docs/2018/may/tradoc_156892.pdf.

20


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

harmonisatie hoog op de Europese onderhandelingsagenda te houden. Reglementaire harmonisatie kan volgens de raad bevorderd worden door: De wederzijdse erkenning van conformiteitsbeoordelingen en van de betrokken overheidsdiensten, certificeringsautoriteiten en conformiteitsbeoordelingsinstanties. De oprichting van fora die samenwerking en overleg faciliteren tussen de EU en het VK (bv. rond thema’s als voedselveiligheid en standaardisering). [10] Indien de normenafstand toch zou vergroten, vraagt de SALV alsnog beschermingsmaatregelen voor kwetsbare deelsectoren binnen de Vlaamse land- en tuinbouw en binnen de agrovoedingsketen. In zulk scenario kan het alsnog instellen van invoerheffingen en tariefcontingenten bij invoer/doorvoer van agrovoedingsproducten vanuit het VK naar Europa een ernstige verstoring van handelsbalansen indijken. Het uitgangspunt van de EU stelt immers dat het toekomstige economische partnerschap met het VK enkel wederzijdse voordelen kan bieden als het ontwrichtingen van handelsbewegingen en oneerlijk competitief gedrag voorkomt en bijdraagt aan duurzame ontwikkeling. Vanuit dat oogpunt zorgt het nieuwe partnerschap volgens het EU-standpunt ervoor dat er gebruik kan worden gemaakt van antidumping, compensatie- en vrijwaringsmaatregelen in lijn met WTO-regels.35

Oorsprongsregels [11] De SALV wijst op het belang van duidelijke en sterke oorsprongsregels als onderdeel van de economische partnerschapsovereenkomst om preferentieel handelsverkeer mogelijk te maken. Met een adequaat onderhandelde vaststelling van preferentiële oorsprongsregels, waarbij de algemene principes uit [2] als leidraad worden aangehouden, kan rechtszekerheid geboden worden aan alle betrokken marktdeelnemers.

Sanitaire en fytosanitaire afspraken (SPS) [12] Gelijkwaardige normen voor de productie en de producten van de land- en tuinbouw- en de brede agrovoedingssector, zowel bij vervaardiging binnen de Europese Unie als bij import, vereisen volgens de SALV een gedegen afstemming van SPSstandaarden. Het is volgens de raad van cruciaal belang dat de na te streven harmonisering van de regelgeving zowel op het productieproces als op het eindproduct van toepassing is. Een vergelijking van producten die voortvloeien uit een hoogwaardig productieproces met producten die merendeels volgens ‘end-of-pipe’-maatregelen tot stand komen, vergen een adequate toetsing op zowel het eindproduct als het productieproces en een navenante beoordeling bij de opzet van handelstransacties. Alleen zo kunnen de inspanningen van de producenten van hoogwaardige producten op het vlak van onder meer dierenwelzijn, voedselveiligheid in de keten, milieu en klimaat de nodige erkenning krijgen. Alleen zo kan een wrijvingsloze agrohandel behouden blijven.

35

‘The Parties affirm their common understanding that their economic partnership can only deliver benefits in a mutually satisfactory way if it prevents distortions of trade and unfair competitive advantages and contributes to sustainable development. To that end, the Parties are determined to maintain high standards in the areas of state aid, competition, state-owned enterprises, taxation, social and employment standards, environmental standards and the fight against climate change’, zie UKTF (2020) 14, Part Two, Title III, p. 18, https://ec.europa.eu/info/sites/info/files/200318-draft-agreement-gen.pdf; zie ook Vennekens, V., 9 uitdagingen voor het EU-VK vrijhandelsakkoord, VLEVA, 26 februari 2020, https://www.vleva.eu/nl/economischbeleid/handel/eu-nieuws/_-uitdagingen-voor-het-eu-vk-vrijhandelsakkoord, website geraadpleegd op 9 april 2020.

21


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

[13] De SALV meent dat in het licht van adviespunt [12] de organisatie van vrijwillige regelgevende samenwerking op het vlak van onder meer volgende SPS-thema’s wenselijk zou zijn: Invulling van het regionaliseringsprincipe in het kader van dier- en plantenziekten. Ziekten bij dieren en planten kunnen in een zeer beperkt geografisch gebied voorkomen. Wanneer deze ziekten goed onder controle kunnen gehouden worden, hoeft de uitvoer uit het volledige grondgebied van de betreffende handelspartner niet geblokkeerd te worden. Eenduidige afspraken over de invulling van dit beginsel zijn van groot belang. Vereisten voor voedselveiligheid en traceerbaarheid met inbegrip van de wederzijdse erkenning van certificatiesystemen.36 Gelijkwaardige gezondheidseisen en gerelateerde certificaten aan beide zijden kunnen er immers voor zorgen dat het grensverkeer in beide richtingen vlot blijft verlopen. Specifieke eisen met betrekking tot gewasbescherming, waaronder de afstemming van procedures voor de erkenning van werkzame stoffen, de toelating van middelen en de bepaling van maximale residulimieten op basis van uniform uitgevoerde beoordelingen.37 [14] Wanneer in voorkomend geval extra sanitaire en fytosanitaire eisen van Britse zijde worden opgelegd, is een tijdige communicatie hierover aan de telers en handelaars noodzakelijk. Tijdige informatie over nieuwe SPS-eisen is nodig, zodat de nodige controles en keuringen op tijd kunnen worden aangevraagd. Deze controles dienen immers in vele gevallen gedurende het groeiseizoen plaats te grijpen (bv. in het kader van sierteelt-, groente- en fruitproductie), opdat het eindproduct aan de eisen zou voldoen. Een niet-tijdige communicatie hierover kan resulteren in een handelsbelemmering op het moment dat een vergevorderd groeistadium veldcontroles, en dus conformiteit aan de regels, onmogelijk maakt.

Technische belemmeringen (TBT) [15] De SALV meent dat een adequate administratief-technische afstemming tussen beide handelspartners van belang is om transactiekosten te minimaliseren. Om onnodige of specifiek opgezette handelsbarrières te voorkomen, dienen er duidelijke provisies in de economische partnerschapsovereenkomst te worden ingebouwd op het vlak van normen en standaarden, algemene productstandaarden en technische voorschriften (i.e. andere normen en standaarden dan deze die onder het SPS-hoofdstuk en die binnen het TBT-luik worden behandeld). Daarbij denkt de raad aan volgende aspecten: Verse voeding verdient in het bijzonder aandacht, zodat er geen vertraging komt op de handel. Zulke vertraging zou immers kwaliteitsverlies, voedselverspilling en onnodige kosten tot gevolg hebben. Een wrijvingsloze handel vermijdt transactiekosten die met zulke vertragingseffecten gepaard gaan.

36

Denk bijvoorbeeld aan de certificaten binnen TRACES (TRAde Control and Expert System), het onlinebeheersysteem van de Europese Commissie dat de bewegingen volgt van de levende dieren, de dierlijke producten, de dierlijke bijproducten, de levensmiddelen, het diervoeder en de planten die worden ingevoerd in de Europese Unie en verhandeld worden binnen de lidstaten van de Europese Unie: zie de website van TRACES, https://webgate.ec.europa.eu/cfcas3/tracesnt-webhelp/Content/Home.htm, geconsulteerd op 13 april 2020.

37

Voor de gevolgen van brexit op de erkenningsprocedures, zie https://fytoweb.be/nl/gewasbeschermingsmiddelen/toelatingsprocedure/toelating-middel/brexit.

22


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

Wanneer plantenpaspoorten volstaan om export mogelijk te maken, komt dit de kwaliteit van verhandelde planten en plantaardige producten ten goede. Plantenpaspoorten maken immers snellere doorlooplijnen mogelijk dan een werking met fytosanitaire certificaten. Dit komt met andere woorden kwaliteitsbehoud van de verhandelde producten ten goede. Mits een jaarlijkse bedrijfsinspectie van het FAVV kunnen operatoren (i.c. telers of handelaars) zelf plantenpaspoorten afleveren bij het in de handel brengen van hun producten. Fytosanitaire certificaten dienen daarentegen telkens bij vertrek van een lading door een FAVV-controleur te worden opgemaakt en brengen dusdoende tijdsverliezen met zich mee. EU-uitvoer van fruit en groenten richting het VK zonder fytosanitaire certificaten. Het gebruik van fytosanitaire certificaten dient beperkt te blijven tot hoogrisicoproducten. Deze regeling werd eerder reeds vooropgesteld door het VK in het scenario van een harde brexit en wordt idealiter bekrachtigd in het nieuwe handelsakkoord. Gezien de grote uitvoervolumes van fruit en groenten naar het VK zou de introductie van fytosanitaire certificaten aanleiding geven tot een aanzienlijke verhoging van transactiekosten en een serieuze belemmering betekenen van de handel. Wederzijdse erkenning van producten volgens biologische productiewijze. Volgens de SALV dient de Europese Unie de vraag van het VK om een extra annex ‘organic products’ te voorzien binnen het TBT-hoofdstuk te honoreren met het oog op een vlotte verhandeling van producten volgens biologische productiewijze.38 Naast de vermelde voorbeelden die betrekking hebben tot de plantaardige sectoren gelden gelijkaardige bekommernissen eveneens voor de dierlijke sectoren. Het eerder uitgebrachte SALV-advies over een duurzaam akkoord voor de Vlaamse visserijsector post-brexit vestigde de aandacht op de specifieke situatie dat de Vlaamse visserij actief is in Britse wateren en de vistransporten als een vorm van importbeweging vanuit het VK tot België komen. Hieraan zijn specifieke aanbevelingen gekoppeld: SALV, Advies. Een duurzaam akkoord voor de Vlaamse visserij post-brexit, https://www.salv.be/sites/default/files/documenten/SALV_20200124_ADV_2020-01_Brexit.pdf.

7

Operationele aanbevelingen

[16] De SALV meent dat de algemene en specifieke aanbevelingen moeten worden gekoppeld aan volgende operationele aanbevelingen om een frictieloze agrohandel waar te maken. Vereenvoudigingen op vlak van vergunningen en IT-systemen zijn nodig om het verzenden en het ontvangen van goederen zo eenvoudig mogelijk te maken en de administratieve last te beperken. De status van het VK als derde land zal namelijk maken dat agrovoedingsbedrijven en rechtstreeks exporterende land- en tuinbouwbedrijven zich in orde dienen te stellen met invoer- en uitvoerformaliteiten, douaneprocedures en exportcertificatie in het kader van voedselveiligheid. Met de algemene principes uit [2] indachtig, het doel van een wrijvingsloze agrohandel en de minimalisering van transactiekosten voor ogen, vraagt de SALV om volgende concrete, operationele aanbevelingen te verbinden aan de meer strategische algemene en specifieke aanbevelingen: 38

Zie het VK-onderhandelingsmandaat HM Government, The Future Relationship with the EU, https://assets.publishing.service.gov.uk/government/uploads/system/uploads/attachment_data/file/868874/The _Future_Relationship_with_the_EU.pdf, p. 8; zie ook Ch. Horseman, ‘The EU-UK free trade agreement – what’s at stake for food and agriculture?’, IEG Policy, 2 maart 2020, https://iegpolicy.agribusinessintelligence.informa.com/PL223206/The-EUUK-free-trade-agreement--whats-atstake-for-food-and-agriculture, website geraadpleegd op 14 april 2020.

23


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

Sensibiliseer bedrijven om in het kader van de douanereglementering de status van toegelaten exporteur of van geregistreerd exporteur - zelfcertificatie aan te vragen en zorg dat deze aanvragen vlot verwerkt kunnen worden. Vermits de meeste bedrijven die actief zijn in de agrohandel, veelal geen expertise hebben in de export naar landen buiten de EU en de douane-unie, meent de SALV dat een goede sensibilisering van deze bedrijven wenselijk is met het oog op het bekomen van de vermelde statussen. Een status van toegelaten exporteur biedt het exporterende bedrijf de machtiging om oorsprongsverklaringen aan te brengen op zijn handelsdocumenten (i.e. het preferentieel oorsprongsbewijs waarnaar klanten uit het land van bestemming kunnen vragen).39 Een status van geregistreerd exporteur (REX) – zelfcertificatie houdt eveneens verband met het aantonen van de preferentiële oorsprong, maar geeft de mogelijkheid om zelf, zonder tussenkomst van de douane en zonder voorafgaand oorsprongsonderzoek, een zogenaamd ‘attest van oorsprong’ aan te brengen op een handelsdocument.40 Bepleit op EU-niveau de wederzijdse erkenning als Authorized Economic Operator (AEO) als onderdeel van het handelsakkoord met het VK en voorzie in eigen land een snellere en efficiëntere erkenning van het AEO-statuut Bedrijven die vrijwillig een AEO-statuut aanvragen, voldoen aan een aantal criteria in het Douanewetboek van de Unie en werken nauw samen met de douaneautoriteiten om de internationale toeleveringsketen te beveiligen. De erkenning als AEO geldt niet enkel in de EU, maar ook in de derde landen waarmee de EU een akkoord inzake wederzijdse erkenning heeft gesloten. Het statuut van geautoriseerde marktdeelnemer biedt een onderneming enkele wettelijke voordelen inzake douane en veiligheid en maakt dat een onderneming kan genieten van douanevereenvoudigingen (zoals self-assessment en het indienen van summiere aangiften).41 De SALV vraagt om de wederzijdse erkenning van dit AEO-statuut in de economische partnerschapsovereenkomst. Daarnaast vestigt de raad de aandacht op de nood aan een vlottere doorloopprocedure om als AEO te worden erkend, in het bijzonder voor KMO’s. Voorzie een eenvoudige toepassing van actieve en passieve veredeling. Vanuit de praktijk begrijpt de SALV dat de toepassing van de regelingen actieve en passieve veredeling vaak omslachtig is voor de betrokken marktdeelnemers. Daarom vraagt de raad om te onderzoeken of de vereiste procedures vereenvoudigd kunnen worden. De regeling Actieve Veredeling (AV) laat toe om niet-Uniegoederen binnen het douanegebied van de Unie te bewerken, verwerken, herstellen of gebruiken (i.e. veredelen) met vrijstelling van invoerrechten. De regeling AV kan ook aangewend worden om goederen 39

Zie FOD Financiën, ‘Toegelaten exporteur’, https://financien.belgium.be/nl/douane_accijnzen/ondernemingen/douane/oorsprong/toegelaten-exporteur#q1, website geraadpleegd op 14 april 2020.

40

FOD Financiën, ‘Geregistreerd exporteur (REX) – zelfcertificatie’, https://financien.belgium.be/nl/douane_accijnzen/ondernemingen/facilitatie/rex-de-zelfcertificatie#q1, website geraadpleegd op 14 april 2020.

41

Douanewetboek van de Unie (DWU), artikels 38-39, https://eur-lex.europa.eu/legalcontent/NL/TXT/PDF/?uri=CELEX:32013R0952&from=NL; FOD Financiën, ‘AEO’, https://financien.belgium.be/nl/douane_accijnzen/ondernemingen/douane/aeo/wat-moet-u-weten-0#q2, website geraadpleegd op 14 april 2020.

24


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

in overeenstemming te brengen met de technische eisen, zodat ze in het vrije verkeer kunnen worden gebracht of om de goederen te onderwerpen aan de gebruikelijke handelingen. De veredelde producten kunnen vervolgens terug uitgevoerd worden of op de Europese markt in het vrije verkeer worden gebracht tegen betaling van invoerrechten op het veredelde product.42 De regeling Passieve Veredeling (PV) maakt het mogelijk om Uniegoederen tijdelijk uit te voeren om deze buiten het douanegebied van de Unie te bewerken, verwerken of herstellen. De veredelingsproducten die uit deze goederen voortkomen, kunnen nadien terug op de Europese markt in het vrije verkeer worden gebracht met gehele of gedeeltelijke vrijstelling van invoerrechten.43 De regelingen AV en PV werken onder meer kostenbesparend (respectievelijk vrijstelling van invoerrechten en btw bij invoer van niet-Uniegoederen en enkel betaling van invoerrechten op de gerealiseerde meerwaarde) en vergen minder administratie (cf. één periodieke aanzuiveringsrekening).44 Zorg voor toegankelijke IT-systemen en platformen, waar het VK gebruik van kan blijven maken. De raad denkt hierbij onder meer aan: •

het TRAde Control and Expert System (TRACES), het online-beheersysteem van de Europese Commissie dat de bewegingen volgt van de levende dieren, de dierlijke producten, de dierlijke bijproducten, de levensmiddelen, het diervoeder en de planten die worden ingevoerd in de Europese Unie en verhandeld worden binnen de lidstaten van de Europese Unie.45 Een connectie met het Britse Import of Products, Animals, Food and Feed System (IPAFFS)46 (i.e. het Britse equivalent van TRACES) strekt hierbij tot aanbeveling.

•

een koppeling tussen het online-douanesysteem van de EU, voor België beschikbaar via Paperless Douane en Accijnzen (PLDA)47 met het online-douanesysteem van het

42

Douanewetboek van de Unie (DWU), artikel 256-258, https://eur-lex.europa.eu/legalcontent/NL/TXT/PDF/?uri=CELEX:32013R0952&from=NL; FOD Financiën, ‘Vergunning actieve veredeling’, https://financien.belgium.be/nl/douane_accijnzen/ondernemingen/facilitatie/douanevergunningen/bijzondereregelingen-0/actieve#q3, website geraadpleegd op 14 april 2020.

43

Douanewetboek van de Unie (DWU), artikel 259-262, https://eur-lex.europa.eu/legalcontent/NL/TXT/PDF/?uri=CELEX:32013R0952&from=NL; FOD Financiën, ‘Vergunning passieve veredeling’, https://financien.belgium.be/nl/douane_accijnzen/ondernemingen/facilitatie/douanevergunningen/bijzondereregelingen-0/passieve, website geraadpleegd op 14 april 2020.

44

FOD Financiën, ‘Vergunning actieve veredeling’, https://financien.belgium.be/nl/douane_accijnzen/ondernemingen/facilitatie/douanevergunningen/bijzondereregelingen-0/actieve#q3 en ‘Vergunning passieve veredeling’, https://financien.belgium.be/nl/douane_accijnzen/ondernemingen/facilitatie/douanevergunningen/bijzondereregelingen-0/passieve, websites geraadpleegd op 14 april 2020.

45

Zie de website van TRACES, https://webgate.ec.europa.eu/cfcas3/tracesnt-webhelp/Content/Home.htm, geconsulteerd op 13 april 2020.

46

UK Government, Import of products, animals, food and feed system (IPAFFS), https://www.gov.uk/guidance/import-of-products-animals-food-and-feed-system, website geraadpleegd op 20 mei 2020.

47

FOD Financiën, ‘PLDA’, https://financien.belgium.be/nl/E-services/PLDA/plda, website geraadpleegd op 20 mei 2020.

25


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

VK, namelijk de Customs Handling of Import Export Freight (CHIEF)/Customs Declaration Service (CDS)48. •

het Information and Communication System on Market Surveillance (ICSMS), het online-platform dat de communicatie faciliteert tussen de markttoezichthouders binnen de EU en de Europese Vrijhandelsassociatie over veiligheid en conformiteit van producten (EFTA).49

•

het Excise Movement Control System (EMCS), het elektronisch systeem om de beweging van accijnsgoederen in real-time te volgen om te verzekeren dat de accijnzen bij eindverbruik worden betaald.50

Voorzie de nodige operationele steun bij de douane- en voedselveiligheidsinstanties. De SALV vraagt voldoende aandacht voor kennisverspreiding via specifieke opleidingen en toegankelijke informatiekanalen die geënt zijn op de doelgroepen. Daarnaast dienen zowel douanediensten als voedselveiligheidsinstanties over voldoende capaciteit te beschikken om vergunningsaanvragen binnen een redelijke termijn te verwerken en alle controles rond de veiligheid van de voedselketen efficiënt (bv. elektronische certificatie) uit te voeren. De adviesraad vraagt om voldoende overleg en coördinatie tussen de douane- en voedselveiligheidsinstanties om tot een goede wisselwerking te komen en op die manier de voedselveiligheid en de vlotte werking van de ketens te garanderen. Overweeg praktische maatregelen voor een vlotte afhandeling van transport Om de kwaliteit van de agrovoedingsproducten te waarborgen, is het volgens de SALV noodzakelijk om de transactiekosten tussen beide handelspartners als gevolg van administratie en wachttijden bij douane- en voedselveiligheidscontroles zoveel als mogelijk te minimaliseren. Enkele praktische maatregelen kunnen hier volgens de adviesraad toe bijdragen: •

Het gebruik van inland clearance.

•

De uitbreiding van ‘naast-elkaar-geplaatste douanekantoren’ in havens om een vlottere afhandeling te bekomen van bederfbare goederen die in lijn ligt met de procedure in het kader van voedselveiligheid binnen het TRACES-systeem (i.e. preclearance).

48

UK Government, Customs Handling of Import Export Freight, https://www.gov.uk/government/publications/customs-handling-of-import-export-freight-chief-serviceavailability-and-issues, website geraadpleegd op 20 mei 2020; UK Government, Customs Declaration Service, https://www.gov.uk/government/publications/customs-declaration-service-communication-pack, website geraadpleegd op 20 mei 2020.

49

Zie Europese Commissie, ‘Interne markt en normen: Information and Communication System on Market Surveillance’, https://ec.europa.eu/growth/single-market/goods/building-blocks/icsms_nl, website geraadpleegd op 14 april 2020.

50

Zie Europese Commissie, ‘Taxation and Customs Union: EMCS: how it works’, https://ec.europa.eu/taxation_customs/business/excise-duties-alcohol-tobacco-energy/excise-movementcontrol-system/emcs-how-it-works_en, website geraadpleegd op 14 april 2020.

26


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

Indien deze optie niet tot de mogelijkheden behoort, vraagt de raad om te onderzoeken of speciale smart and secure trade lanes51 voor goederen geregistreerd in TRACES wel kunnen voorzien worden om vlottere passages aan de grenzen te faciliteren. •

De inzet van smart and secure trade lanes voor goederen onder transit, zowel in het VK als in de EU. Zo kan voorkomen worden dat goederen onder transit vast komen te staan.

•

De vrijstelling van douaneaangifte of minstens een vereenvoudigde aangifte voor zogenoemde low value consignments (i.e. verzendingen van goederen onder een bepaald bedrag).

•

Een factuurverklaring, waarbij de verzender de preferentiële oorsprong van goederen verklaart, in plaats van het opmaken van een specifiek EUR1-document (wat dus extra administratieve stappen vergt). Deze mogelijkheid is momenteel gelimiteerd tot goederen met een waarde van niet meer dan 6.000 euro.52 Binnen de nieuwe economische partnerschapsovereenkomst met het VK kan deze limietwaarde omhoog worden bijgesteld.

•

Een onbeperkte geldigheidsduur van leveranciersverklaringen. Een leverancier voorziet de exporteur of de handelaar van de informatie die nodig is om de oorsprong van de goederen vast te stellen voor de toepassing van het preferentiële handelsverkeer tussen de EU en de betrokken handelspartners (i.c. het VK) met een leveranciersverklaring. Bij een zending van goederen van diverse aard dient de leverancier zulke verklaring te maken met nauwkeurige omschrijving van de goederen. Wanneer een leverancier regelmatig een exporteur of handelaar voorziet van zendingen van goederen, waarvan de oorsprong naar verwachting hetzelfde zal zijn, kan een langlopende leveranciersverklaring worden opgemaakt met een geldigheidsduur van maximaal 2 jaar.53 Er zou kunnen onderzocht worden om deze tijdslimiet op te heven in voorkomend geval.

•

Voldoende beschikbaarheid en snelle uitreiking van CEMT-vergunningen voor Europese transporteurs, wanneer het VK zulke vergunningen zou vragen bij toekomstige transportbewegingen.

51

Zie bijvoorbeeld het pilootproject EU/China Smart and Secure Trade Lanes, https://ec.europa.eu/taxation_customs/general-information-customs/customs-security/smart-secure-tradelanes-pilot-sstl_en, website geraadpleegd op 15 april 2020.

52

Uitvoeringsverordening (EU) 2015/2447 van de Commissie van 24 november 2015 houdende nadere uitvoeringsvoorschriften voor enkele bepalingen van Verordening (EU) nr. 952/2013 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van het douanewetboek van de Unie, https://eur-lex.europa.eu/legalcontent/NL/TXT/PDF/?uri=CELEX:32015R2447&from=NL, artikel 77.

53

Ibidem, artikels 61-62.

27


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

Bibliografie Europese Commissie, Task Force for Relations with the United Kingdom UKTF (2020) 14, Draft text of the Agreement on the New Partnership with the United Kingdom, https://ec.europa.eu/info/sites/info/files/200318-draft-agreement-gen.pdf Europese Commissie, ‘Interne markt en normen: Information and Communication System on Market Surveillance’, https://ec.europa.eu/growth/single-market/goods/building-blocks/icsms_nl, website geraadpleegd op 14 april 2020. Europese Commissie, Negotiation rounds on the future partnership between the European Union and the United Kingdom, https://ec.europa.eu/info/european-union-and-united-kingdomforging-new-partnership/future-partnership/negotiation-rounds-future-partnership-betweeneuropean-union-and-united-kingdom_en#second-round-of-negotiations, website geraadpleegd op 7 mei 2020. Europese Commissie, Rules of origin, https://ec.europa.eu/taxation_customs/business/calculation-customs-duties/rules-origin_en, website geraadpleegd op 7 mei 2020. Europese Commissie, Taskforce voor de betrekkingen met het Verenigd Koninkrijk, https://ec.europa.eu/info/departments/task-force-relations-united-kingdom_nl, website geraadpleegd op 4 mei 2020. Europese Commissie, ‘Taxation and Customs Union: EMCS: how it works’, https://ec.europa.eu/taxation_customs/business/excise-duties-alcohol-tobacco-energy/excisemovement-control-system/emcs-how-it-works_en, website geraadpleegd op 14 april 2020. Europese Commissie, TDI. Trade Defence Instruments, Anti-Dumping & Anti-Subsidy. A Guide for Small and Medium-Sized Businesses, 2018, https://trade.ec.europa.eu/doclib/docs/2018/may/tradoc_156892.pdf. Europese Commissie, TF50 (2019) 66 – Commission to EU27, Task Force for the Preparation and Conduct of the Negotiations with the United Kingdom under Article 50 TEU, Working document. Consolidated version of the Withdrawal Agreement following revision of Protocol on Ireland/Northern Ireland and technical adaptations to Article 184 “Entry into force and application” (document TF50(2019)64), as agreed at negotiators’ level and endorsed by the European Council, https://ec.europa.eu/commission/sites/betapolitical/files/consolidated_withdrawal_agreement.pdf. Europese Raad, Richtsnoeren, EUCO XT 20001/18, Nota van het secretariaat-generaal van de Raad aan de delegaties, Brussel, 23 maart 2018, http://data.consilium.europa.eu/doc/document/XT-20001-2018-INIT/nl/pdf. Europese Unie, ‘Kwaliteitsregelingen’, https://europa.eu/youreurope/business/runningbusiness/intellectual-property/geographical-indications/index_nl.htm, website geraadpleegd op 7 mei 2020.

28


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

Fevia Vlaanderen, Toekomstige handelsrelatie EU-VK. Prioriteiten voor de Belgische voedingsindustrie, Brussel, 2020. FOD Economie, ‘Sanitaire en fytosanitaire maatregelen (SFS)’, https://economie.fgov.be/nl/themas/handelsbeleid/markttoegang/niet-tarifairebelemmeringen/sanitaire-en-fytosanitaire, website geraadpleegd op 7 mei 2020. FOD Financiën, ‘AEO’, https://financien.belgium.be/nl/douane_accijnzen/ondernemingen/douane/aeo/wat-moet-uweten-0#q2, website geraadpleegd op 14 april 2020. FOD Financiën, ‘Oorsprong’, https://www.naforna.be/sites/default/files/news/Oorsprong.pdf, website geraadpleegd op 9 april 2020. FOD Financiën, ‘Geregistreerd exporteur (REX) – zelfcertificatie’, https://financien.belgium.be/nl/douane_accijnzen/ondernemingen/facilitatie/rex-dezelfcertificatie#q1, website geraadpleegd op 14 april 2020. FOD Financiën, ‘PLDA’, https://financien.belgium.be/nl/E-services/PLDA/plda, website geraadpleegd op 20 mei 2020. FOD Financiën, ‘Toegelaten exporteur’, https://financien.belgium.be/nl/douane_accijnzen/ondernemingen/douane/oorsprong/toegelatenexporteur#q1, website geraadpleegd op 14 april 2020. FOD Financiën, ‘Vergunning actieve veredeling’, https://financien.belgium.be/nl/douane_accijnzen/ondernemingen/facilitatie/douanevergunninge n/bijzondere-regelingen-0/actieve#q3, website geraadpleegd op 14 april 2020. FOD Financiën, ‘Vergunning passieve veredeling’, https://financien.belgium.be/nl/douane_accijnzen/ondernemingen/facilitatie/douanevergunninge n/bijzondere-regelingen-0/passieve, website geraadpleegd op 14 april 2020. HM Government, The Future Relationship with the EU. The UK’s Approach to Negotiations, Londen, februari 2020, https://assets.publishing.service.gov.uk/government/uploads/system/uploads/attachment_data/fi le/868874/The_Future_Relationship_with_the_EU.pdf. Horseman, Ch., ‘The EU-UK free trade agreement – what’s at stake for food and agriculture?’, IEG Policy, 2 maart 2020, https://iegpolicy.agribusinessintelligence.informa.com/PL223206/TheEUUK-free-trade-agreement--whats-at-stake-for-food-and-agriculture, website geraadpleegd op 14 april 2020. Lambrechts, G., E. Van Buggenhout en Vincent Samborski, Gevolgen van de brexit voor de Vlaamse landbouw en visserij, Departement Landbouw en Visserij, Brussel, 2018, https://lv.vlaanderen.be/sites/default/files/attachments/rapport_brexit_nieuwe_versie.pdf. Mathijs, E. en J. Relaes, Landbouw en voedsel, verrassend actueel, Leuven, 2012.

29


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

Nationale Bank van België (NBB), ‘Statistieken, Buitenlandse handel, Nomenclatuur’, https://www.nbb.be/nl/statistieken/buitenlandse-handel/nomenclatuur, website geraadpleegd op 12 mei 2020. Raad van de Europese Unie, EU-UK negotiations, https://www.consilium.europa.eu/en/infographics/eu-uk-negotiations/, website geraadpleegd op 4 mei 2020. Raad van de Europese Unie, 5870/20 ADD 1 REV 3, Directives for the negotiation of a new partnership with the United Kingdom of Great Britain and Northern Ireland, Brussel, 25 februari 2020, https://www.consilium.europa.eu/media/42736/st05870-ad01re03-en20.pdf. SALV, Advies. Een duurzaam akkoord voor de Vlaamse visserij post-brexit, Brussel, 2020, https://www.salv.be/sites/default/files/documenten/SALV_20200124_ADV_2020-01_Brexit.pdf. SALV en Minaraad, Gezamenlijk advies. De toekomst van voeding en landbouw (GLB post 2020), Brussel, 2018, https://www.salv.be/sites/default/files/documenten/SALV_ADV_20180427_GLB_post_2020.pdf. Van Bogaert, T. en J. Platteau, De Vlaamse agrohandel in 2018¸Departement Landbouw en Visserij, Brussel, 2019, https://lv.vlaanderen.be/sites/default/files/attachments/agrohandelsrapport_2018_versie_2_web site_0.pdf. Vandenbussche, H., W. Connell, W. Simons, ‘De impact van brexit op de Vlaamse economie. Een analyse van het output- en jobverlies’, Vives beleidspaper, november 2017, https://feb.kuleuven.be/VIVES/publications/policy_papers/Beleidspapers/2017/2017-11-policypaper-VIVES. Vandenbussche, H., Sector-level analysis of the impact of Brexit on the EU-28, Rapport voor Vlaamse overheid, departement Buitenlandse Zaken, KUL, Leuven, juni 2019. Vennekens, V., “9 uitdagingen voor het EU-VK vrijhandelsakkoord”, VLEVA, 26 februari 2020, https://www.vleva.eu/nl/economisch-beleid/handel/eu-nieuws/_-uitdagingen-voor-het-eu-vkvrijhandelsakkoord, website geraadpleegd op 9 april 2020. Verordening (EU) Nr. 952/2013 van het Europees Parlement en van de Raad van 9 oktober 2013 tot vaststelling van het douanewetboek van de Unie, https://eur-lex.europa.eu/legalcontent/NL/TXT/PDF/?uri=CELEX:32013R0952&from=NL. Verordening (EU) 2016/1036 van het Europees Parlement en de Raad van 8 juni 2016 betreffende beschermende maatregelen tegen invoer met dumping uit landen die geen lid zijn van de Europese Unie, https://eur-lex.europa.eu/legalcontent/NL/TXT/PDF/?uri=CELEX:02016R1036-20180608&from=EN. Verordening (EU) 2016/1037 van het Europees Parlement en de Raad van 8 juni 2016 betreffende bescherming tegen invoer met subsidiëring uit landen die geen lid zijn van de Europese Unie, https://eur-lex.europa.eu/legalcontent/NL/TXT/PDF/?uri=CELEX:32016R1037&from=NL.

30


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

VILT, “EU schort import Oekraïense kip op”, 27 januari 2020, https://www.vilt.be/eu-schortimport-oekraiense-kip-op. Vlaamse Regering, VR 2020 0702 DOC.0087/1BIS, Visienota aan de Vlaamse Regering. Vlaamse uitgangspunten brexit-onderhandelingen, 7 februari 2020, https://www.ewivlaanderen.be/sites/default/files/visienota_-_vlaamse_uitgangspunten_brexitonderhandelingen.pdf. UK Government, Customs Declaration Service, https://www.gov.uk/government/publications/customs-declaration-service-communication-pack, website geraadpleegd op 20 mei 2020. UK Government, Customs Handling of Import Export Freight, https://www.gov.uk/government/publications/customs-handling-of-import-export-freight-chiefservice-availability-and-issues, website geraadpleegd op 20 mei 2020. UK Government, Department for International Trade (DIT), Statutory guidance. Non-preferential tariff rates and quotas on imports if the UK leaves the EU with no deal, 8 oktober 2019, https://www.gov.uk/government/publications/temporary-rates-of-customs-duty-on-imports-aftereu-exit/mfn-and-tariff-quota-rates-of-customs-duty-on-imports-if-the-uk-leaves-the-eu-with-nodeal#bovine-meat-beef, website geraadpleegd op 7 april 2020. UK Government, DIT, UK tariffs from 1 January 2021, 19 mei 2020, https://www.gov.uk/guidance/uk-tariffs-from-1-january-2021#what-the-tariff-applies-to, website geraadpleegd op 19 mei 2020. UK Government, Import of products, animals, food and feed system (IPAFFS), https://www.gov.uk/guidance/import-of-products-animals-food-and-feed-system, website geraadpleegd op 20 mei 2020. Uitvoeringsverordening (EU) 2015/2447 van de Commissie van 24 november 2015 houdende nadere uitvoeringsvoorschriften voor enkele bepalingen van Verordening (EU) nr. 952/2013 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van het douanewetboek van de Unie, https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/PDF/?uri=CELEX:32015R2447&from=NL, artikel 77. Uitvoeringsverordening (EU) 2018/1602 van de Commissie van 11 oktober 2018 tot wijziging van bijlage I bij Verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad met betrekking tot de tarief- en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief, Brussel, 2018, https://www.nbb.be/doc/dq/n_pdf_ex/nomclat2019pubbladnl.pdf.

31


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

Lijst met figuren en tabellen Figuren Grafiek 1. Vlaamse uitvoer in 2019 van agrovoedingsproducten naar het VK (waarde per productcategorie in x1000 euro)………………………………………………………………………13 Grafiek 2. Vlaamse invoer in 2019 van agrovoedingsproducten vanuit het VK (waarde per productcategorie in x1000 euro)………………………………………………………………………14

32


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

Bijlagen

33


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

Tabel 1. Vlaamse uitvoer van agrovoedingsproducten naar het Verenigd Koninkrijk

Vlaamse uitvoer naar Verenigd Koninkrijk volgens productniveau: GN2 Concept: communautair Periode: januari - december Eenheid: waarde (x 1000 euro)

Productniveau: GN2 Totaal VK

2017

2018

2019

27.433.941

26.839.282

25.798.976

Aandeel 2019 in % 100%

-2,17%

-3,88%

10.301

12.265

11.442

0,04%

+19,07%

-6,71%

126.301

132.078

128.645

0,50%

+4,57%

-2,60%

18.812

16.721

17.730

0,07%

-11,12%

+6,03%

222.861

224.481

220.618

0,86%

+0,73%

-1,72%

23.174

25.563

28.186

0,11%

+10,31%

+10,26% +12,52%

2017 - 2018 2018 - 2019

01

- Levende dieren

02

- Vlees

03

- Vis, schaal- en weekdieren

04

- Zuivel

05

- Overige dierlijke producten

06

- Sierteelt

41.266

41.786

47.017

0,18%

+1,26%

07

- Verse groenten

191.696

183.265

175.834

0,68%

-4,40%

-4,05%

08

- Fruit

123.315

117.539

119.625

0,46%

-4,68%

+1,77%

09

- Koffie, thee, specerijen

22.679

21.754

22.689

0,09%

-4,08%

+4,30%

10

- Granen

31.455

30.832

21.150

0,08%

-1,98%

-31,40%

11

- Meelproducten

17.528

19.032

22.858

0,09%

+8,58%

+20,10%

12

- Zaden en zaaigoed

27.262

16.117

22.783

0,09%

-40,88%

+41,36%

13

- Plantenextracten

1.909

1.884

2.877

0,01%

-1,32%

+52,75%

14

- Plantaardigde vezels voor vlechtwerk

296

162

97

0,00%

-45,19%

-40,42%

15

- Vetten en oliĂŤn (dierlijke en plantaardige)

106.269

102.458

92.511

0,36%

-3,59%

-9,71%

16

- Vlees- en visbereidingen

57.185

51.604

48.376

0,19%

-9,76%

-6,26%

17

- Suiker(goed)

98.489

83.703

87.132

0,34%

-15,01%

+4,10%

18

- Cacao en chocolade

243.957

247.729

323.224

1,25%

+1,55%

+30,47%

19

- Koekjes en gebak

293.227

329.418

291.259

1,13%

+12,34%

-11,58%

20

- Groente- en fruitbereidingen

539.514

505.264

555.593

2,15%

-6,35%

+9,96%

21

- Extracten, essences, concentraten, sausen, roomijs, gist...

144.555

146.664

137.259

0,53%

+1,46%

-6,41%

22

- Dranken

366.344

405.548

392.934

1,52%

+10,70%

-3,11%

23

- Dierenvoer

119.857

90.226

90.047

0,35%

-24,72%

-0,20%

24

- Tabak

7.947

15.831

29.672

0,12%

+99,21%

+87,44%

34


Wrijvingsloze agrohandel post-brexit

Tabel 2. Vlaamse invoer van agrovoedingsproducten uit het Verenigd Koninkrijk

Vlaamse invoer uit Verenigd Koninkrijk volgens productniveau: GN2 Concept: communautair Periode: januari - december Eenheid: waarde (x 1000 euro)

15.308.081

15.705.075

14.783.971

Aandeel 2019 in % 100%

+2,59%

-5,87%

01

- Levende dieren

4.420

2.772

3.569

0,02%

-37,27%

+28,74%

02

- Vlees

46.555

49.662

54.056

0,37%

+6,67%

+8,85%

03

- Vis, schaal- en weekdieren

39.007

45.245

46.689

0,32%

+15,99%

+3,19%

04

- Zuivel

178.548

226.922

201.063

1,36%

+27,09%

-11,40%

05

- Overige dierlijke producten

6.222

5.905

5.088

0,03%

-5,10%

-13,83%

06

- Sierteelt

313

338

732

0,00%

+7,99%

+116,75%

07

- Verse groenten

28.511

20.715

36.889

0,25%

-27,34%

+78,08%

08

- Fruit

15.018

13.779

11.367

0,08%

-8,25%

-17,50%

09

- Koffie, thee, specerijen

2.972

5.826

6.738

0,05%

+96,06%

+15,64%

10

- Granen

43.452

37.220

28.835

0,20%

-14,34%

-22,53%

11

- Meelproducten

11.418

18.424

12.937

0,09%

+61,35%

-29,78%

12

- Zaden en zaaigoed

12.808

7.567

4.426

0,03%

-40,92%

-41,50%

13

- Plantenextracten

2.097

2.170

2.190

0,01%

+3,48%

+0,91%

14

- Plantaardigde vezels voor vlechtwerk

454

244

52

0,00%

-46,14%

-78,91%

15

- Vetten en oliĂŤn (dierlijke en plantaardige)

88.659

96.552

99.381

0,67%

+8,90%

+2,93%

16

- Vlees- en visbereidingen

7.393

7.450

8.063

0,05%

+0,78%

+8,23%

17

- Suiker(goed)

46.001

60.980

49.182

0,33%

+32,56%

-19,35%

18

- Cacao en chocolade

53.838

61.462

57.287

0,39%

+14,16%

-6,79%

19

- Koekjes en gebak

73.655

83.683

88.307

0,60%

+13,62%

+5,52%

20

- Groente- en fruitbereidingen

13.583

11.973

14.942

0,10%

-11,85%

+24,80%

21

- Extracten, essences, concentraten, sausen, roomijs, gist...

29.412

35.327

33.164

0,22%

+20,11%

-6,12%

22

- Dranken

120.095

117.760

114.163

0,77%

-1,94%

-3,05%

23

- Dierenvoer

33.147

26.336

18.439

0,12%

-20,55%

-29,99%

24

- Tabak

1.336

28.656

10.802

0,07%

+2045,46%

-62,30%

Productniveau: GN2 Totaal VK

2017

2018

2019

2017 - 2018 2018 - 2019

35


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook