Skip to main content

dossier 2021-411.pdf

Page 1

Uitspraak beroepsinstantie OVB/2021/411

Vlaamse overheid Beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie Afdeling openbaarheid van bestuur Havenlaan 88, bus 20 1000 BRUSSEL T : 02 553 57 25 Mail: openbaarheid@vlaanderen.be Dossiernummer: OVB/2021/411

DE BEROEPSINSTANTIE - Afdeling openbaarheid van bestuur Bevoegdheid beroepsinstantie Bestuursdecreet van 7 december 2018, titel II, hoofdstuk 3, afdeling 6. Besluit van de Vlaamse Regering van 19 juli 2007 tot oprichting van de beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie. Voorafgaande procedure Op 29 september 2021 diende xxx (verzoeker), een verzoek in bij de gemeente Melle tot afschrift van: -

Alle documenten die geleid hebben tot de persoonlijke tussenkomst van de Burgemeester in de energievoorziening van verzoeker Alle documenten die geleid hebben tot de schrapping van xxx uit het bevolkingsregister van Melle

Op 11 oktober 2021 diende verzoeker een verzoek in bij de gemeente Melle tot afschrift van: -

Alle documenten die geleid hebben tot het opstellen van Model 6 en het Model 6 zelf in dit dossier, waarnaar wordt verwezen door de gemeente Wetteren.

De gemeente reageerde niet op deze openbaarheidsverzoeken. Op 2 november 2021 diende verzoeker beroep in tegen deze ontstentenis van beslissingen. Het beroep werd geregistreerd op 9 november 2021. Ontvankelijkheid van het beroep

www.vlaanderen.be


De oorspronkelijke verzoeken dateren van 29 september en 11 oktober 2021. De gemeente Melle reageerde niet tijdig binnen de decretaal voorgeschreven termijn. De beroepstermijn heeft bijgevolg geen aanvang genomen. Het beroep werd ingediend op 2 november 2021 en is bijgevolg ontvankelijk. Gegrondheid van het beroep Overeenkomstig artikel II.31, eerste lid Bestuursdecreet heeft het recht op passieve openbaarheid betrekking op bestuursdocumenten. Op grond van deze bepaling is elke instantie in principe verplicht aan eenieder die erom verzoekt inzage te geven in, uitleg te verschaffen over of een afschrift te bezorgen van de gewenste bestuursdocumenten. De openbaarmaking kan slechts geweigerd worden mits toepassing wordt gemaakt van één of meerdere uitzonderingen, zoals gestipuleerd in de artikelen II.33 tot en met II.39 van voormeld decreet.

1.

Ontstentenis van beslissingen

De gemeente nam geen beslissingen in de openbaarheidsverzoeken binnen de decretaal bepaalde termijn.

2. Inhoud van het beroepschrift Gelet op het gebrek aan reactie van de gemeente, zag verzoeker zich genoodzaakt om beroep in te dienen. 3. Toelichting door de gemeente Melle De beroepsinstantie nam op 9 en 25 november 2021 en 2, 3 en 8 december 2021 contact op met de gemeente Melle om nadere toelichting te verkrijgen, en kreeg de volgende informatie: 1.

Er bestaan geen documenten die geleid hebben tot de persoonlijke tussenkomst van de burgemeester in de energievoorziening van verzoeker

2. Een mail van 29 oktober 2019 van de algemeen directeur, gericht aan xxx, naar aanleiding van zijn exact zelfde vraag van 7 oktober 2019. Hierin wordt medegedeeld dat xxx werden ingeschreven in Oosterzele op 27 september 2017. Deze adreswijziging werd door xxx zelf aangevraagd. Er wordt tevens toegelicht dat xxx nooit is ingeschreven geweest in de gemeente Wetteren én nooit is geschrapt uit het bevolkingsregister van Melle. Per mail van 8 december 2021 bezorgde de gemeente nog het Model 5 en 5bis m.b.t. de adreswijziging van xxx aan de beroepsinstantie. Per mail van 9 december 2021 verklaarde de gemeente aan de beroepsinstantie dat er geen enkel ander document afkomstig van de gemeente Oosterzele beschikbaar is, en dat het zou moeten bestaan gelet op het verstuurde model 5, maar dat de gemeente het niet voorhanden heeft. 3. Het Model 6, dat ook al eerder aan verzoeker werd bezorgd. De gemeente verklaarde dat er geen documenten bestaan die geleid hebben tot het opstellen van het Model 6.

https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur

uitspraak beroepsinstantie OVB/2021/411

pagina 2 van 5


4. Standpunt van de beroepsinstantie -

Alle documenten die geleid hebben tot de persoonlijke tussenkomst van de Burgemeester in de energievoorziening van verzoeker

De beroepsinstantie stelt vast dat de gemeente verklaart dat deze documenten niet bestaan, en kan hier enkel akte van nemen. Artikel I.4, 3° Bestuursdecreet bepaalt wat onder een bestuursdocument moet worden verstaan: alle informatie, ongeacht de drager ervan, die in het bezit is van een overheidsinstantie. In casu bestaat er geen drager waarin de gevraagde informatie gematerialiseerd is. Van een onbestaand bestuursdocument kan bijgevolg uiteraard ook geen afschrift worden verleend. Het beroep is wat betreft dit onderdeel dan ook ongegrond. -

Alle documenten die geleid hebben tot de schrapping van xxx uit het bevolkingsregister van Melle

Het gaat hier dan om het Model 5 en 5 bis: het formulier waarmee de gemeente Oosterzele aan de gemeente Melle vraagt om de persoonlijke dossiers van xxx aan xxx te bezorgen, en het ontvangstbewijs horend bij dit verzoek. De gemeente verklaarde uitdrukkelijk dat ze geen andere documenten hieromtrent heeft. In deze documenten staan persoonsgegevens vermeld van xxx: het rijksregisternummer en de naam en voornamen. De beroepsinstantie is van oordeel dat deze persoonsgegevens in principe in toepassing van artikel II.34, 2° van het Bestuursdecreet moeten worden afgeschermd van de openbaarheid. Voormelde decreetbepaling bevat de verplichting om, behoudens toestemming van de betrokkene, een aanvraag af te wijzen als de openbaarmaking afbreuk doet aan de bescherming van de persoonlijke levenssfeer. Deze bepaling laat niet toe dat gegevens worden verstrekt die de identificatie van derden mogelijk maken, in de mate dat daarmee afbreuk zou worden gedaan aan de bescherming van hun persoonlijke levenssfeer. Hoewel het hier om een absolute uitzonderingsgrond gaat waardoor er geen belangenafweging moet plaatsvinden tussen het door de uitzonderingsgrond beschermde belang met het belang van de openbaarheid, vertoont de in artikel II.34, 2° van het Bestuursdecreet voorziene uitzonderingsgrond niettemin een relatief aspect. De decreetgever was weliswaar van oordeel dat er geen afweging vereist is met het openbaar belang dat met de openbaarheid is gediend, maar wijst er desondanks op dat telkens en in concreto geoordeeld moet worden of er al dan niet een inbreuk is gepleegd op de bescherming van de persoonlijke levenssfeer (Vlaams Parlement, Parl. St. 2017-2018, nr. 1656/1, blz. 58). Artikel 22 van de Grondwet waarborgt uitdrukkelijk het recht op eerbiediging van het privéleven, net zoals artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens dit doet. De bedoeling en het fundamentele uitgangspunt van de in artikel II.34, 2° van het Bestuursdecreet bedoelde uitzonderingsgrond bestaat er precies in om het aan iedereen toegekende grondwettelijke recht op de eerbiediging van zijn privéleven te beschermen. De beroepsinstantie merkt op dat bij het onderzoek naar de uitzonderingsgrond met betrekking tot de persoonlijke levenssfeer moet worden nagegaan of er al dan niet sprake is van informatie in een bestuursdocument die op de persoonlijke levenssfeer betrekking heeft. In casu stelt de beroepsinstantie

https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur

uitspraak beroepsinstantie OVB/2021/411

pagina 3 van 5


vast dat het gaat om het rijksregisternummer, de naam en voornamen van drie natuurlijke personen: xxx. Dergelijke gegevens behoren ontegensprekelijk tot de persoonlijke levenssfeer en het privéleven van de betrokkene. Het vrijgeven van al deze gegevens zou in principe wel degelijk een inbreuk kunnen uitmaken op de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer van die personen. Het privéleven vormt de kern van de persoonlijke levenssfeer (F. SCHRAM, Het decreet openbaarheid van bestuur. Een juridische analyse in historisch perspectief, Brugge, Vanden Broele, 247; Concl. Adv.Gen. bij HvJ 8 april 2014, nr. C-293/12, Digital Rights Ireland Ltd, nr. 61). Het openbaar maken van deze gegevens heeft aldus betrekking op de kern van een belang – het door artikel 22 van de Grondwet en het door artikel 8 EVRM aan eenieder toegekende recht op eerbiediging van zijn privéleven – dat de uitzonderingsgrond uit artikel II.34, 2° van het Bestuursdecreet wenst te beschermen tegen de openbaarheid van bestuur (RvS, nr. 234.609 dd. 2 mei 2016). De beroepsinstantie is in casu echter van oordeel dat de openbaarmaking van voormelde gegevens geen afbreuk doet aan het recht op eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer van de betrokkenen, aangezien het om xxx van de verzoeker gaat. Het lijdt geen enkele twijfel dat verzoeker deze gegevens reeds kent, als xxx van de betrokkenen. Deze informatie thans vrijgeven door het (gedeeltelijk) openbaar maken aan verzoeker van de betrokken Modellen 5 en 5 bis kan bijgevolg volgens het oordeel van de beroepsinstantie geen afbreuk doen aan de bescherming van hun persoonlijke levenssfeer. Daarnaast bevat het Model 5 ook de aanduiding van de onderdelen waaruit de persoonlijke dossiers van de betrokkenen bestaan. Het gaat hierbij over informatie m.b.t. het strafregister, de laatste wilsbeschikking, rijbewijs e.d.m. De beroepsinstantie is van oordeel dat deze informatie eveneens de persoonlijke levenssfeer betreft, zoals hierboven uiteengezet. Het openbaar maken van deze informatie aan verzoeker zou bijgevolg een inbreuk betekenen op de persoonlijke levenssfeer van xxx. Het Bestuursdecreet voorziet weliswaar dat dergelijke informatie toch openbaar mag worden gemaakt indien de betrokkenen hiermee instemmen, maar in casu is een dergelijke instemming niet voorhanden. Gelet op het gebrek aan contactgegevens heeft de beroepsinstantie er ook van af gezien om deze toestemming zelf alsnog te vragen. Bijgevolg wordt het beroepschrift voor wat betreft dit onderdeel als deels gegrond, deels ongegrond beschouwd. -

Alle documenten die geleid hebben tot het opstellen van Model 6 en het Model 6 zelf in dit dossier, waarnaar wordt verwezen door de gemeente Wetteren

Volgens de gemeente bestaan er geen ‘documenten die geleid hebben tot het opstellen van Model 6.’ De beroepsinstantie herhaalt dat er van onbestaande documenten uiteraard ook geen afschrift kan worden verleend. Artikel I.4, 3° Bestuursdecreet bepaalt wat onder een bestuursdocument moet worden verstaan: alle informatie, ongeacht de drager ervan, die in het bezit is van een overheidsinstantie. In casu bestaat er geen drager waarin de gevraagde informatie gematerialiseerd is. Van een onbestaand bestuursdocument kan bijgevolg uiteraard ook geen afschrift worden verleend. Het ingestelde beroep is op dit punt dan ook als ongegrond te beschouwen. Het Model 6 bestaat wel en werd in het verleden ook al aan verzoeker bezorgd. De beroepsinstantie ziet bijgevolg niet in waarom dit document thans, naar aanleiding van het nieuwe openbaarheidsverzoek, niet nogmaals aan verzoeker zou kunnen worden bezorgd. De beroepsinstantie merkt wel op dat het herhaaldelijk verzoeken van steeds hetzelfde document, zonder dat hiervoor een goede reden voorhanden lijkt te zijn, uiteindelijk als kennelijk onredelijk zou kunnen worden beschouwd. Doch op dit moment

https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur

uitspraak beroepsinstantie OVB/2021/411

pagina 4 van 5


meent de beroepsinstantie dat dit wat betreft het gevraagde Model 6 nog niet het geval is; de vorige keer dat dit Model 6 aan verzoeker werd bezorgd dateert van oktober 2019. Dit onderdeel van het beroep wordt bijgevolg als deels gegrond, deels ongegrond beschouwd. Na beraadslaging,

BESLUIT: Het beroepschrift van xxx d.d. 2 november 2021 tegen de ontstentenis van beslissingen op zijn openbaarheidsverzoeken d.d. 29 september en 11 oktober 2021 is ontvankelijk en deels gegrond, deels ongegrond. Bijgevolg dient de gemeente Melle de volgende documenten openbaar te maken door er een afschrift van te bezorgen: - Het Model 5 en 5 bis m.b.t. de adreswijziging van xxx, met weglating van de informatie m.b.t. de samenstelling van de persoonlijke dossiers; - Het Model 6.

Geen toestemming tot hergebruik van bestuursdocumenten In zoverre dit beroep geheel of gedeeltelijk gegrond werd verklaard, geldt dat deze inwilliging van de aanvraag tot openbaarmaking GEEN toestemming inhoudt om het/de gevraagde bestuursdocument(en) te hergebruiken, als vermeld in titel II, hoofdstuk 4 van het Bestuursdecreet van 7 december 2018.

Brussel, 9 december 2021 Voor de beroepsinstantie, afdeling openbaarheid van bestuur, Bruno ASSCHERICKX Voorzitter

https://www.vlaanderen.be/openbaarheid-van-bestuur

uitspraak beroepsinstantie OVB/2021/411

pagina 5 van 5


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
dossier 2021-411.pdf by Vlaanderen-be - Issuu