EVALUATIE VAN HET VLAAMSE STELSEL VAN DE DIENSTENCHEQUES VOOR BUURTDIENSTEN EN -BANEN Jaarrapport 2016
Inhoud Managementsamenvatting ..................................................................................................................... 3 1
Inleiding ........................................................................................................................................... 4 1.1
Korte schets van het dienstencheque-systeem ...................................................................... 4
1.2
Doel van het rapport ............................................................................................................... 4
1.3
Bronnen ................................................................................................................................... 4
1.3.1
DWSE-gegevens ............................................................................................................... 4
1.3.2
Data-aanvraag KSZ........................................................................................................... 5
1.3.3
Sodexo-gegevens ............................................................................................................. 5
1.4 2
3
4
5
Kerncijfers van het dienstenchequesysteem .................................................................................. 6 2.1
Aantal uitgegeven en terugbetaalde cheques ........................................................................ 6
2.2
Gebruikers ............................................................................................................................... 9
2.2.1
Aantal dienstenchequegebruikers en evolutie sinds de opstart van het systeem ......... 9
2.2.2
Intensiteit van het dienstenchequegebruik .................................................................. 10
2.3
Erkende ondernemingen ....................................................................................................... 11
2.4
Werknemers .......................................................................................................................... 12
Analyse van de dienstenchequegebruiker .................................................................................... 14 3.1
Profiel van de dienstenchequegebruiker .............................................................................. 14
3.2
Elektronische dienstencheques............................................................................................. 15
3.3
Intensiteit .............................................................................................................................. 15
3.4
Regionale spreiding ............................................................................................................... 16
Analyse van de erkende dienstencheque-onderneming .............................................................. 17 4.1
Evolutie per type onderneming............................................................................................. 17
4.2
Redenen voor intrekking van erkenning ............................................................................... 18
Analyse van de dienstenchequewerknemer ................................................................................. 19 5.1
6
Structuur van het rapport ....................................................................................................... 5
Profiel van de dienstenchequewerknemers ......................................................................... 19
Kostprijs van het dienstenchequesysteem.................................................................................... 22
///////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////// 20.12.2017
Evaluatie Dienstencheques 2016
pagina 2 van 23
Managementsamenvatting In 2016 is het Vlaamse dienstenchequesysteem verder gegroeid met +3,8%. Het stelsel lijkt enigszins te stabiliseren, na groeicijfers van meer dan 10% in de voorbije jaren. In 2016 hebben 668.066 Vlaamse gebruikers samen 81,8 miljoen dienstencheques gekocht bij 1.473 ondernemingen. Daarmee werden 88.334 dienstenchequewerknemers aan het werk gezet, gemiddeld gedurende 2,4 uur per week en per gebruiker. De gebruikers zijn ouder dan gemiddeld. Mensen jonger dan 30 jaar gebruiken nauwelijks dienstencheques (3,8% van de gebruikers), ze zijn vooral populair bij dertigers en veertigers (de leeftijd waarop veel mensen kinderen hebben) en bij 65-plussers (29,1%). 41% van de gebruikers gebruikte in 2016 elektronische dienstencheques, maar hier zijn het vooral de jongere generaties die er het snelst hun weg naartoe vinden. Meer dan 60% van de gebruikers tussen twintig en veertig jaar gebruikt het elektronische systeem. Ondanks de voortdurende groei van het aantal verkochte dienstencheques, daalt het aantal dienstencheque-ondernemingen. De sector zit in een consolidatiebeweging, waarbij vooral kleinere spelers de sector verlaten via vrijwillige stopzettingen en faillissementen, en grotere ondernemingen een groeiend marktaandeel veroveren. De sector blijft vooral vrouwelijk personeel aantrekken, slechts 2% van de werknemers zijn mannen. Er werken relatief weinig jongeren in de dienstencheques, maar veel dertigers en veertigers. Iets meer dan de helft van de werknemers heeft een Belgische herkomst (=als Belg geboren en beide ouders als Belg geboren). De werknemers van Belgische herkomst zijn vooral sterk vertegenwoordigd bij de oudere leeftijdsklassen, terwijl de jongere werknemers veel vaker een herkomst van buiten België kennen. Naarmate de oudere werknemers – die voornamelijk een Belgische herkomst hebben - op pensioen gaan en vervangen moeten worden, diversifiëert de sector steeds verder. Het aantal werknemers met roots in de nieuwe Europese lidstaten (+10,3%) en van buiten de EU-28 (+8,2%) stijgt gestaag. In totaal kostte het dienstenchequestelsel in 2016 1.296,5 miljoen euro, inclusief 177,3 miljoen euro voor de fiscale aftrek van dienstencheques. De terugverdieneffecten (via bijkomende inkomsten voor de sociale zekerheid en lagere uitgaven voor werkloosheidsuitkeringen) werden in deze evaluatie niet berekend. Deze effecten situeren zich immers uitsluitend bij de federale overheid.
///////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////// 20.12.2017
Evaluatie Dienstencheques 2016
pagina 3 van 23
1 Inleiding 1.1 Korte schets van het dienstencheque-systeem Het dienstenchequestelsel is een initiatief ter bevordering van buurtdiensten en -banen en stelt particulieren in staat om een erkende onderneming te betalen voor hulp van huishoudelijke aard, waarbij de dienstencheque als betaalmiddel wordt gebruikt. Sinds 1 januari 2016 zijn de drie gewesten bevoegd voor de opvolging en uitvoering van de dienstenchequemarkt. In Vlaanderen wordt de materie beheerd door het Departement Werk en Sociale Economie (hierna: DWSE). Het stelsel van de dienstencheques had bij aanvang een drieledig doel voor ogen: -
-
-
Voldoen aan de vraag van particulieren naar hulp bij een hele reeks huishoudelijke taken, op een administratief eenvoudige manier en tegen een prijs die voor de gebruiker van de diensten concurrentieel is met de prijzen die hij normaal zou betalen in het zwarte of grijze circuit; De creatie van volwaardige jobs, waarbij laaggeschoolde werkzoekenden of personen, activiteiten die vroeger werden uitgevoerd in het grijze of zwarte circuit, kunnen uitvoeren in een werknemersstatuut met behoorlijke loon- en arbeidsvoorwaarden verbonden met een arbeidsovereenkomst bij een erkende onderneming; Het bestrijden van zwartwerk in de sector van huishoudelijke diensten.
1.2 Doel van het rapport In het licht van bovenstaand drieledig doel wil DWSE evalueren hoe het stelsel evolueert. Deze evaluatie heeft betrekking op de 3 actoren van het stelsel, namelijk de gebruiker, de erkende ondernemingen en de werknemers, en analyseert zowel hun aantallen als hun profielkenmerken. Daarnaast geeft het rapport op basis van beschikbare administratieve gegevens en databanken een overzicht van de omvang van het dienstencheque-systeem in 2016. Enkele kerncijfers van het stelsel betreffende het totale gebruik worden gerapporteerd, alsook de brutokost van het systeem. Per type deelnemer van het stelsel zal dieper worden ingegaan op enkele belangrijke profielkenmerken, zoals bijvoorbeeld leeftijd, geslacht en herkomst. Voor de gebruikers en werknemers wordt enkel gekeken naar de personen die gedomicilieerd zijn in het Vlaams Gewest. Voor de erkende dienstencheque-ondernemingen wordt gekeken naar de ondernemingen met maatschappelijke zetel in het Vlaams Gewest.
1.3 Bronnen Om het systeem en alle betrokken actoren in kaart te brengen, werd voornamelijk gebruik gemaakt van onderstaande administratieve bronnen.
1.3.1 DWSE-gegevens Het Departement WSE beschikt over een applicatie voor het interne dossierbeheer rond de erkenningen van dienstencheque-ondernemingen. Op basis van deze applicatie worden de belangrijkste gegevens van de erkende ondernemingen bijgehouden, de evolutie van het aantal erkenningen gemonitord en beslissingen van de erkenningscommissie verwerkt. Deze applicatie is de belangrijkste gegevensbron voor de evaluatie van de erkende ondernemingen in dit rapport.
///////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////// 20.12.2017
Evaluatie Dienstencheques 2016
pagina 4 van 23
1.3.2 Data-aanvraag KSZ Voorheen waren de erkende ondernemingen wettelijk verplicht gegevens te verstrekken over de tewerkstelling in het dienstenchequestelsel, via de jaarlijkse bevraging van de RVA. Sinds 2016 is dit niet meer het geval. Daarom werd door DWSE een gecoördineerde databevraging gedaan van het Datawarehouse Arbeidsmarkt & Sociale bescherming van de Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid. De bevraging van het Datawarehouse situeerde zich enkel rond de werknemers en gebruikers van het dienstencheque-stelsel. Via een aantal vooraf gedefinieerde variabelen werd getracht om in deze evaluatie de belangrijkste profielkenmerken in kaart te brengen, zoals leeftijd, herkomst en type tewerkstelling. Aangezien deze gegevensbron verschilt van de bron die in voorgaande evaluaties werd gebruikt, zijn er verschillen tussen de gerapporteerde aantallen. Daarom wordt in dit rapport steeds de evolutie weergegeven sinds 2013, op basis van de nieuwe KSZ-gegevens. Hierin werden alle werknemers geteld die in het betreffende jaar minstens één dag actief waren met een dienstencheques-contract. Aangezien deze cijfers gebaseerd zijn op werkelijke RSZ-aangiften, kunnen we ervan uitgaan dat ze een correcter beeld geven dan de vroegere RVA-enquête.
1.3.3 Sodexo-gegevens De uitgiftemaatschappij beschikt over alle gegevens in verband met de uitgifte en verwerking van dienstencheques. Alle gegevens in dit onderzoek over het verbruik van een bepaalde deelnemer (gebruiker of onderneming), alsook de gegevens die voorkomen op de dienstencheque zelf, zijn afkomstig van de uitgiftemaatschappij. Deze gegevens worden via een automatische gegevensflux uitgewisseld met DWSE. Voor de bevraging van het Datawarehouse Arbeidsmarkt & Sociale bescherming werd een overzicht gemaakt van alle werknemers en gebruikers die in het systeem van de uitgiftemaatschappij als actief staan voor 2016. Onder actieve gebruikers wordt verstaan elke gebruiker die minstens 1 bestelling voor dienstencheques plaatste bij Sodexo in de loop van 2016.
1.4 Structuur van het rapport Dit evaluatierapport bestaat uit 5 delen. Na de inleiding, wordt in het tweede deel een algemeen beeld geschetst van de stand van zaken in het stelsel. Dat gebeurt door middel van enkele kerncijfers betreffende het gebruik, waarbij ook de evolutie van het systeem doorheen de jaren in kaart wordt gebracht. In het derde deel wordt dieper ingegaan op het profiel van de dienstenchequegebruiker. Hierbij wordt gekeken naar de leeftijd, de herkomst en de regionale spreiding. In het vierde deel wordt ingegaan op de erkende dienstencheque-ondernemingen. De evolutie van het aantal erkenningen per type onderneming wordt in kaart gebracht, alsook de redenen waarom een erkenning werd ingetrokken in de afgelopen periode. In het vijfde deel wordt het profiel van de dienstenchequewerknemer geëvalueerd, met aandacht voor het geslacht, de leeftijd en de herkomst van de tewerkgestelde werknemers. In het zesde deel wordt de kostprijs van het stelsel geëvalueerd. Hierbij wordt enkel nog de brutokostprijs van het systeem in kaart gebracht. De terugverdieneffecten worden niet meer gekwantificeerd omdat deze geen invloed hebben op het budget van het Vlaams Gewest. Het laatste deel bevat de algemene conclusies van het rapport.
///////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////// 20.12.2017
Evaluatie Dienstencheques 2016
pagina 5 van 23
2 Kerncijfers van het dienstenchequesysteem Hier wordt een overzicht gegeven van het belang van het systeem van de dienstencheques in 2016 voor het Vlaamse Gewest. Onderstaande tabel weerspiegelt de omvang van het systeem van de dienstencheques, met aandacht voor de basiscijfers betreffende de belangrijkste actoren van het systeem. Voor de gebruikers en de werknemers wordt enkel gekeken naar de personen die gedomicilieerd zijn in het Vlaamse Gewest. Voor de ondernemingen wordt in deze sectie enkel gekeken naar de ondernemingen met maatschappelijke zetel in het Vlaams Gewest. Tabel 1 Overzicht kerncijfers dienstenchequestelsel 2016 Actor Gebruikers
Aantal gebruikers die minstens 1 bestelling plaatsten Aantal aangekochte dienstencheques Aantal erkende ondernemingen actief in de loop van het jaar (met maatschappelijke zetel in Vlaanderen)
2016 668.066 81.802.554 1.473 (867)
Ondernemingen
Aantal erkende ondernemingen op het einde van het jaar (met maatschappelijke zetel in Vlaanderen)
1.853 (916) 32 (27)
Werknemers
Aantal nieuwe erkenningen in het afgelopen jaar (met maatschappelijke zetel in Vlaanderen) Aantal terugbetaalde cheques1 Aantal werknemers in de loop van het jaar
81.571.014 88.334
Bron: Sodexo en DWSE
In dit deel van de evaluatie worden de kerncijfers uit de overzichtstabel reeds kort toegelicht. Verder in het evaluatieverslag zal dan voor elk van de actoren dieper ingegaan worden op enkele typische profielkenmerken en tendensen.
2.1 Aantal uitgegeven en terugbetaalde cheques Onderstaande grafiek geeft de evolutie van het aantal door Vlaamse gebruikers aangekochte dienstencheques weer. Eind 2016 bevindt de dienstenchequemarkt zich op het hoogste punt ooit sinds het begin van het stelsel. De stagnatie en daling van de markt in de periode 2013-2014 wordt verklaard door enkele prijsverhogingen die elkaar kort opvolgden en een belangrijke invloed hadden op het koopgedrag van de gebruikers. Hierna groeide het stelsel in 2015 sterk, met een stijging van 10,30% in de aankoop van dienstencheques. De markt lijkt ondertussen gestabiliseerd en wordt in 2016 gekenmerkt door een lagere, maar nog steeds aanzienlijke groei van 3,82% in de aankoop van dienstencheques.
1
Aantal terugbetaalde cheques die door Vlaamse gebruikers werden aangekocht en in het jaar ter terugbetaling werden ingediend.
///////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////// 20.12.2017
Evaluatie Dienstencheques 2016
pagina 6 van 23
Grafiek 1 Uitgegeven dienstencheques (Vlaams Gewest) 90.000.000
14,00%
12,47%
12,00%
80.000.000 70.000.000
10,00%
11,71%
8,00%
3,82%
0,31%
60.000.000
10,30%
6,00%
50.000.000
4,00% 40.000.000
2,00%
30.000.000
0,00% -4,83%
20.000.000
-2,00%
10.000.000 59.575.845
66.552.336
74.851.784
75.085.377
71.457.717
78.793.761
81.802.554
2010
2011
2012
2013
2014
2015
2016
-
-4,00% -6,00%
Aantal cheques
Groei
Bron: Sodexo
Onderstaande grafiek geeft de evolutie van het aantal aan de ondernemingen uitbetaalde dienstencheques weer.2 Na de daling in 2014, gevolgd door een sterke stijging in 2015, merken we ook in 2016 terug een stijging op. Deze stijging is iets hoger dan de stijging in de aangekochte dienstencheques, maar in absolute aantallen werden er in 2016 wel meer cheques aangekocht door de gebruikers dan uitbetaald aan de ondernemingen. Dit valt onder andere te verklaren doordat cheques kunnen vervallen indien deze niet tijdig gebruikt worden. Grafiek 2 Uitbetaalde dienstencheques (Vlaams Gewest) 90.000.000
12%
80.000.000
10%
8,43%
70.000.000 60.000.000
6,77%
10,13%
8% 6%
50.000.000
5,13%
40.000.000
4,44%
-0,14%
30.000.000
4% 2%
20.000.000 0%
10.000.000 58.353.760
64.264.356
69.681.253
74.395.634
74.294.249
78.104.611
81.571.014
2010
2011
2012
2013
2014
2015
2016
-
-2%
Aantal cheques
Groei
Bron: Sodexo
In onderstaande grafiek wordt de evolutie van de uitgegeven en uitbetaalde dienstencheques vergeleken. Sinds 2010 lag het aantal aangekochte dienstencheques steeds hoger dan het aantal 2
Dit betreft enkel dienstencheques die door gebruikers met een domicilie in het Vlaams Gewest werden aangekocht.
///////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////// 20.12.2017
Evaluatie Dienstencheques 2016
pagina 7 van 23
uitbetaalde dienstencheques. Enkel in 2014 was dit uitzonderlijk niet het geval omwille van de prijsstijging die vanaf 1 januari 2014 gold. Hierdoor kochten gebruikers op het einde van 2013 extra veel cheques aan, wat voor een daling van de aankoop in 2014 zorgde. Sinds 2015 werd de normale situatie terug hersteld. Het verschil tussen het aantal aangekochte en uitbetaalde dienstencheques valt te verklaren doordat gebruikers cheques kunnen omruilen of laten terugbetalen. Maar ook doordat er een vervaltermijn gekoppeld is aan de dienstencheque, waardoor gebruikers soms niet tijdig gebruik maken van hun aangekochte cheques en deze geen waarde meer hebben. Grafiek 3 Vergelijking uitgegeven en uitbetaalde dienstencheques (Vlaams Gewest) 85.000.000
81.802.554 78.793.761
80.000.000
75.085.377
75.000.000
81.571.014
71.457.717
74.851.784
78.104.611 70.000.000
74.395.634
66.552.336
74.294.249
69.681.253 65.000.000 59.575.845 60.000.000 55.000.000
64.264.356
58.353.760
50.000.000 2010
2011
2012
Aantal uitgegeven cheques
2013
2014
2015
2016
Aantal uitbetaalde cheques
Bron: Sodexo
In onderstaande grafiek wordt het aankoopgedrag van de gebruikers van dienstencheques op maandelijkse basis vergeleken met de voorgaande jaren. Algemeen ligt de aankoop inderdaad hoger in 2016. Maar net zoals voorgaande jaren worden de zomermaanden gekenmerkt door een daling in de aankoop van dienstencheques. Wel lijkt er in 2016 een constantere vraag te zijn naar dienstencheques, waar dit voorgaande jaren vaker schommelde tussen bepaalde maanden.
///////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////// 20.12.2017
Evaluatie Dienstencheques 2016
pagina 8 van 23
Grafiek 4 Maandelijkse uitgifte dienstencheques (Vlaams Gewest) 10.500.000 9.500.000 8.500.000 7.500.000 6.500.000 5.500.000 4.500.000 3.500.000 Jan
Feb
2010
Mar
Apr
2011
2012
Mei
Jun 2013
Jul
Aug
Sep
2014
2015
Okt
Nov
Dec
2016
Bron: Sodexo
2.2 Gebruikers In deze sectie worden reeds enkele van de kerncijfers betreffende de dienstenchequegebruikers gedomicilieerd in het Vlaams Gewest besproken. In deel 3 wordt een verdere analyse van het profiel van de gebruiker gemaakt.
2.2.1 Aantal dienstenchequegebruikers en evolutie sinds de opstart van het systeem Onderstaande tabel geeft de cijfers weer van het aantal actieve Vlaamse dienstenchequegebruikers sinds 2008, alsook de jaarlijkse groei van het totaal aantal gebruikers. Een gebruiker wordt als actief beschouwd als hij in het betrokken jaar minstens 1 maal dienstencheques besteld heeft. Tabel 2 Evolutie actieve gebruikers van het stelsel dienstencheques Periode 2008 2009 2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016
Actieve Vlaamse gebruikers 349.005 407.794 460.957 504.259 544.239 582.108 603.132 642.012 668.066
Groei Vlaamse gebruikers 16,84% 13,04% 9,39% 7,93% 6,96% 3,61% 6,45% 4,06%
Bron: Sodexo
In 2016 kende het stelsel terug een aanzienlijke groei van 4,06% tot 668.066 gebruikers. Deze groeitrend doet zich al sinds 2008 voor. Na de start van het dienstenchequestelsel meer dan 10 jaar geleden, is de Vlaamse gebruikersmarkt dus nog niet verzadigd. De groei van het aantal gebruikers was in 2016 sterker dan de groei van het aantal aangekochte dienstchencheques, wat verklaard kan
///////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////// 20.12.2017
Evaluatie Dienstencheques 2016
pagina 9 van 23
worden door fiscale redenen. In 2013 werd de fiscale aftrekbaarheid van dienstencheques voor gezinnen ingeperkt, waardoor in sommige gezinnen beide partners gebruiker werden om toch het volledige fiscale voordeel te kunnen genieten. In dergelijke gevallen is er dus een extra gebruiker, maar niet noodzakelijk meer verbruikte dienstencheques.
2.2.2 Intensiteit van het dienstenchequegebruik In 2016 kende het stelsel 668.066 actieve Vlaamse gebruikers, die samen een totaal van ongeveer 81,8 miljoen cheques aankochten. Dit betekent een gemiddeld aantal van 122 aangekochte cheques per gebruiker, wat overeenkomt met een equivalent van 2,4 diensturen per week. Dit is stagnatie ten opzichte van 2015. Sinds 2013-2014 heeft het gemiddelde gebruik zich dus niet volledig hersteld. Het is onduidelijk of de gezinnen hun aankopen nu meer spreiden over meerdere gebruikers omwille van het fiscale voordeel, of dat de prijsstijgingen van 2013-2014 algemeen geleid hebben tot een lager verbruik per huishouden. Tabel 3 Aantal aangekochte dienstencheques per gebruiker Vlaams Aantal uur Gewest per week 2009 119 2,3 2010 129 2,5 2011 132 2,5 2012 138 2,7 2013 129 2,5 2014 118 2,3 2015 123 2,4 2016 122 2,4 Bron: Sodexo
De evolutie van het aantal aangekochte dienstencheques per gebruiker wordt in onderstaande grafiek afgebeeld voor de periode 2009-2015. Hieruit blijkt dat de Vlaamse gebruiker sterk beïnvloed geweest is door de prijsstijgingen in 2013 en 2014, met een daling van 6,5% en 8,5% in het gemiddelde gebruik. Dit effect werd al deels rechtgetrokken in 2015, maar dit lijkt niet verdergezet te worden in 2016, aangezien het gemiddelde verbruik stagneert op 122 cheques per gebruiker.
///////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////// 20.12.2017
Evaluatie Dienstencheques 2016
pagina 10 van 23
Grafiek 5: Aangekochte dienstencheques per gebruiker 140
10,0% 8,4%
8,0%
135
6,0% 4,5%
130
4,2%
4,0%
2,3%
125
2,0%
120
-0,4%0,0% -2,0%
115
-4,0% -6,0%
-6,5%
110
-8,0%
-8,5% 105
-10,0% 2009
2010
2011
2012
2013
Gemiddeld gebruik Vlaams Gewest
2014
2015
2016
Groei gemiddeld gebruik
Bron: Sodexo en DWSE
2.3 Erkende ondernemingen De kerncijfers betreffende de erkende ondernemingen die in dit deel besproken worden, hebben betrekking op de ondernemingen met een erkenning in het Vlaams Gewest. Hierbij wordt een onderscheid gemaakt tussen de ondernemingen met maatschappelijke zetel in het Vlaams Gewest en daarbuiten. In deel 4 wordt een bredere analyse gemaakt van deze cijfers waarbij gekeken wordt naar de evolutie van het aantal ondernemingen per type onderneming en de redenen voor de intrekking van de erkenning. In 2016 werden in totaal 81.571.014 cheques uitbetaald aan de ondernemingen met een erkenning in het Vlaams Gewest. Dit was een stijging van 4,44% ten opzichte van het jaar voorheen. Deze cheques werden uitbetaald aan de 1.473 ondernemingen die in de loop van 2016 actief waren, waarvan 867 met maatschappelijke zetel in het Vlaams Gewest. Dit totaal aantal ligt een stuk lager dan het aantal erkende ondernemingen in het begin van het jaar, 1.940, en het aantal erkende ondernemingen aan het eind van 2016, 1.853. Dit kan verklaard worden door de regionalisering. Alle ondernemingen die voorheen federaal erkend waren, kregen immers vanaf 1 januari 2016 een aparte erkenning in alle 3 de Gewesten. Veel van deze ondernemingen met een maatschappelijke zetel in een ander Gewest, zijn echter niet actief in Vlaanderen en zolang hun erkenning niet wordt ingetrokken wegens inactiviteit, blijven deze ondernemingen dus voorkomen in de cijfers. Daarom wordt indien mogelijk ook een onderscheid gemaakt tussen ondernemingen met maatschappelijke zetel in Vlaanderen en erbuiten. Let wel dat doorheen het jaar de maatschappelijke zetel van een onderneming kan verhuizen. Hiervan wordt geen historiek bijgehouden, waardoor een onderneming hier wordt toegewezen aan een gewest op basis van het meest recente adres. In onderstaande tabel wordt het detail van de evolutie in aantal ondernemingen weergegeven. Dit illustreert opnieuw de dynamiek die zich al enkele jaren stelt in de sector, waarbij nieuwe ondernemingen een erkenning verkrijgen, maar een groter aantal ondernemingen uit het systeem stapt, zowel vrijwillig, door stopzetting, fusie of overname van de activiteiten, als ten gevolge van een intrekking van hun erkenning, ambtshalve of via de erkenningscommissie.
///////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////// 20.12.2017
Evaluatie Dienstencheques 2016
pagina 11 van 23
Tabel 4 Evolutie aantal Erkende Ondernemingen Overzicht evolutie Erkende Ondernemingen 2016 MZ in Vlaams Gewest
MZ buiten Vlaams Gewest
Totaal
932
1.008
1.940
43 27 916
76 5 937
119 32 1.853
Aantal ondernemingen begin van het jaar Intrekkingen Nieuwe erkenningen Aantal ondernemingen eind van het jaar Bron: DWSE
De daling van het aantal erkende ondernemingen is reeds enkele jaren ingezet. In onderstaande grafiek wordt de evolutie van het aantal erkende ondernemingen voor het Vlaams Gewest weergegeven, alsook op nationaal niveau, sinds 2005. Voor ondernemingen met maatschappelijke zetel in Vlaanderen, maar ook nationaal, daalt het aantal sinds 2012. Dit is een teken dat de dienstenchequemarkt zich aan het consolideren is en niet-winstgevende, niet-efficiënte spelers uit de markt worden verdreven. Deze daling staat in contrast met de groei van het aantal gebruikers en aantal aangekochte dienstencheques. De spelers die dus in de markt blijven, groeien wel en hun positie wordt sterker. Op die manier zullen kleinere en/of niet-efficiënte spelers ook in de toekomst hoogstwaarschijnlijk verder uit de markt verdwijnen. Grafiek 6 Evolutie aantal erkende ondernemingen per Gewest 3000 2500 2000 1500 1000 652
841 921
1023
1132
1166
1193
1195
1096
999
932
916
500 0 2004
2006
2008
MZ in Vlaams Gewest
2010
2012
2014
MZ in ander Gewest
Totaal
2016
Bron: DWSE
2.4 Werknemers Hierna worden al kort enkele kerncijfers betreffende de werknemers in het dienstenchequestelsel besproken. Een diepgaandere analyse gebeurt in deel 5, met aandacht voor de leeftijd, het geslacht en de herkomst van de werknemer. Onderstaande tabel geeft de evolutie weer van het aantal Vlaamse werknemers in het stelsel. Zoals aangegeven in de inleiding werd hiervoor een nieuwe databron geraadpleegd, namelijk het
///////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////// 20.12.2017
Evaluatie Dienstencheques 2016
pagina 12 van 23
Datawarehouse Arbeidsmarkt & Sociale bescherming van de KSZ3. Dit gebeurde voor de periode 20132016. Tabel 5 Dienstenchequewerknemers met woonplaats Vlaams Gewest Aantal dienstencheque werknemers (woonplaats Groei Vlaams Gewest) 2013 79.831 2014 82.097 2,84% 2015 85.141 3,71% 2016 88.334 3,75% Bron: Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid (Bewerking Departement WSE)
De enorme groei van het aantal werknemers die vastgesteld werd in de jaren 2008-2011 lijkt afgezwakt. Dit komt overeen met de stagnatie in de groei van het aantal aangekochte dienstencheques die we opmerken de laatste jaren. Het aantal gebruikers en totaal aangekochte dienstencheques blijft stijgen, maar niet meer zo sterk als in de beginjaren. Daarnaast komt deze beperkte groei ook overeen met de signalen die we vanuit de werkgeverszijde ontvangen, namelijk dat de zoektocht naar nieuwe werknemers (in bepaalde regio’s) moeizaam verloopt.
3
Iemand wordt als dienstenchequewerknemer geteld wanneer er minstens één dag in het betreffende jaar werd aangegeven bij de RSZ als ‘gewerkt met dienstencheques’. In voorgaande evaluaties werd gebruikt gemaakt van een enquête door de RVA bij de erkende dienstenchequeondernemingen. We merken dat het aantal werknemers volgens de KSZ lager ligt dan in de RVA-enquête, wat mogelijk te wijten is aan foutief ingevulde enquêtes, en aan werknemers die wel een contract hadden maar geen prestaties leverden (wegens langdurige ziekte, bijvoorbeeld).
///////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////// 20.12.2017
Evaluatie Dienstencheques 2016
pagina 13 van 23
3 Analyse van de dienstenchequegebruiker 3.1 Profiel van de dienstenchequegebruiker Onderstaande tabel geeft een beschrijving weer van de dienstenchequegebruikers in 2016. In totaal telden we 668.066 gebruikers van dienstencheques in 2016. De term ‘gebruiker’ is natuurlijk relatief: het gaat om de persoon die de dienstencheques bestelt. Wanneer het huishouden uit meer dan één persoon bestaat, zijn er in feite meerdere gebruikers van de diensten die via dienstencheques worden aangeboden. Zo blijken de meerderheid van de gebruikers vrouwen (58,6 %), wat wellicht betekent dat zij binnen (hetero)gezinnen het vaakst instaan voor het bestellen van dienstencheques. Een zeer klein aandeel van de gebruikers van dienstencheques zijn van buitenlandse herkomst (7,6%). Hierbij moet evenwel vermeld worden dat de afkomst niet gekend was voor een redelijk hoog aandeel van de aanvragers (23,7 %), waartoe ook mensen van buitenlandse herkomst zouden kunnen horen. Tabel 6: Geslacht, leeftijd en origine van de dienstencheque-aanvrager in 2016
668.066
Aandeel DCgebruikers 100%
Aandeel Vlaamse bevolking 100%
Man
276.517
41,4%
49,4%
Vrouw
391.549
58,6%
50,6%
18 - 29
25.136
3,8%
17,6%
30 - 39
122.479
18,3%
16,9%
40 - 49
148.414
22,2%
18,4%
50 - 64
177.482
26,6%
27,7%
65 +
194.555
29,1%
26,1%
België
458.689
68,7%
EU
39.158
5,9%
niet-EU
11.170
1,7%
159.049
23,8%
79,5% 9,2% 11,1% 0,2%
Aantal DC- gebruikers Totaal Geslacht
Leeftijd
Origine4
Onbekend
Bron: Sodexo, Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid (Bewerking Departement WSE)
Wat de leeftijd betreft, is een groot aandeel (bijna 30%) van de gebruikers ouder dan 64 jaar. Ouderen zijn, in vergelijking met de Vlaamse bevolking, zelfs licht oververtegenwoordigd bij de gebruikers. Dienstencheques dragen bijgevolg niet alleen bij tot een betere life-work balance voor mensen in de ‘drukke levensfase’, maar zijn ook van groot belang voor het verbeteren van de levenskwaliteit bij oudere gebruikers. We merken op dat de gebruikers van dienstencheques in de leeftijdscategorieën tussen 30-39 en 4049 jaar – die samenvallen met de ‘drukke levensfase’ - oververtegenwoordigd zijn in vergelijking met hun aandeel in de Vlaamse bevolking. Zeer weinig mensen onder de 30 maken gebruik van de dienstencheques in Vlaanderen; hun aandeel beperkt zich tot 3,8% van de aanvragers. Dat is tevens aanzienlijk lager dan hun aandeel in de Vlaamse bevolking (17,6%).
4
De herkomstcijfers voor de volledige Vlaamse bevolking zijn eveneens afkomstig van de KSZ, maar zijn voor het vierde kwartaal van 2015.
///////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////// 20.12.2017
Evaluatie Dienstencheques 2016
pagina 14 van 23
3.2 Elektronische dienstencheques In 2016 gebruikte 40,9% van de gebruikers elektronische dienstencheques5. Bij de jongste gebruikers zijn de elektronische dienstencheques al behoorlijk ingeburgerd, maar bij 50-plussers gebruikt meer dan 2 op 3 gebruikers nog steeds papieren dienstencheques. Grafiek 7: Aandeel gebruikers met elektronische dienstencheques, volgens leeftijd (Vlaams Gewest, 2016) 70,0%
65,3% 60,7%
60,0% 48,7%
50,0% 40,0%
30,3% 30,0%
25,0%
20,0% 10,0% 0,0% < 30
30 - 39
40 - 49
50 - 64
65 +
Bron: Sodexo, Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid (Bewerking Departement WSE)
3.3 Intensiteit Gemiddeld hebben de Vlaamse dienstenchequegebruikers in 2016 120,5 dienstencheques verbruikt. Het gaat om effectief gebruikte cheques, in tegenstelling tot het hoofdstuk ‘kerncijfers van het dienstchequesysteem’, waar aangekochte cheques gebruikt werden (gemiddeld 122 per gebruiker). Gebruikers van elektronische dienstencheques verbruiken gemiddeld iets meer dienstencheques dan gebruikers met papieren cheques. Het gebruik van dienstencheques is het hoogst bij veertigers, met vijftigers en dertigers op de tweede en derde plaats. Net als hierboven is het gebruik dus het hoogst in de ‘drukke levensfase’. Hoewel dertigers oververtegenwoordigd zijn bij de gebruikers, is hun verbruik wel lager dan bij de (minder vertegenwoordigde) 50-64-jarigen. Mogelijk spelen financiële motieven hier een rol, aangezien dertigers doorgaans nog minder ver staan in hun professionele loopbaan.
5
Minstens 1 elektronische dienstencheque besteld. Het is mogelijk dat ze in de loop van het jaar zijn overgestapt van papieren naar elektronische dienstencheques, en dus meer papieren cheques bestelden dan elektronische.
///////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////// 20.12.2017
Evaluatie Dienstencheques 2016
pagina 15 van 23
Grafiek 8: Aantal dienstencheques per gebruiker, volgens leeftijd en type (Vlaams Gewest, 2016) 160,0
140,1
140,0 115,2
120,0 100,0 80,0
78,3
81,0
115,1
136,5
134,9
133,2
129,1
125,5
114,9
123,3 108,3
109,1
120,5
118,5
109,4
86,1
60,0 40,0 20,0 0,0 < 30
30 - 39
40 - 49 Elektronisch
50 - 64 Papier
65 +
Totaal
Totaal
Bron: Sodexo, Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid (Bewerking Departement WSE)
3.4 Regionale spreiding Onderstaande grafiek geeft de regionale spreiding weer van de dienstencheque-aanvragers op basis van hun woonplaats. Overeenkomstig met de woonplaats van de dienstenchequewerknemers, zien we dat de meeste gebruikers in Antwerpen wonen (180.263), gevolgd door Oost-Vlaanderen (144.332) en West-Vlaanderen (136.593). Een kleiner aandeel gebruikers wonen in Vlaams-Brabant en Limburg met respectievelijk 125.914 en 80.964 gebruikers. Deze aandelen liggen grotendeels in de zelfde lijn van de regionale spreiding van de gehele Vlaamse bevolking. Grafiek 9: Regionale spreiding van de gebruikers en de Vlaamse bevolking (2016) 30,0%
27,0%
28,1%
25,0%
21,6%
22,9% 18,8%
20,0% 15,0%
12,1%
17,3%
20,4% 18,3%
13,3%
10,0% 5,0% 0,0% Antwerpen
Limburg
Oost-Vlaanderen
Aandeel gebruikers
Vlaams-Brabant
West-Vlaanderen
Vlaamse bevolking
Bron: Sodexo, Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid (Bewerking Departement WSE)
///////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////// 20.12.2017
Evaluatie Dienstencheques 2016
pagina 16 van 23
4 Analyse van de erkende dienstencheque-onderneming In dit deel wordt dieper ingegaan op de evolutie van de Vlaamse dienstenchequemarkt volgens de verschillende types ondernemingen en de redenen waarom de ondernemingen die actief zijn op de Vlaamse markt verdwijnen.
4.1 Evolutie per type onderneming In onderstaande tabel wordt de evolutie van het aantal ondernemingen in 2016 per type weergegeven. Er wordt enkel een overzicht gegeven van het aantal ondernemingen met maatschappelijke zetel in het Vlaams Gewest. Wegens de regionalisering was het in 2016 nog niet mogelijk om een erkenning in te trekken wegens inactiviteit. De federale erkenningen werden vanaf 1 januari 2016 automatisch omgezet in 3 aparte erkenningen per gewest. Bijgevolg was het nog niet mogelijk om de vele ondernemingen met een maatschappelijke zetel in een ander Gewest die niet actief zijn in Vlaanderen, te schrappen. Hierdoor geeft de opdeling van alle erkende ondernemingen uit alle gewesten naar type een vertekend beeld en worden enkel de ondernemingen met maatschappelijke zetel in Vlaanderen weergegeven. In 2016 werd ook geen enkele erkenning ingetrokken via de Commissie. Deze werd pas opgestart in het Vlaams Gewest eind april 2016. Inbreukdossiers die een negatief advies kregen hebben immers over het algemeen een langere doorlooptijd, omwille van het recht op verweer en het recht om gehoord te worden. Hierdoor werden de eerste dossiers pas volledig afgerond in 2017. Tabel 7: Evolutie van het aantal ondernemingen met maatschappelijke zetel in Vlaanderen naar type Type
Gemeente Handelsvennootschappen Interim Invoegbedrijf7 Natuurlijke persoon OCMW PWA VZW Totaal
Aantal ondernemingen met maatschappelijke zetel in Vlaanderen op einde van 2016 Eind 2015
Intrekkingen 2016
1 423 9 16 93 156 119 114 932
0 22 1 0 8 2 7 3 43
Nieuwe erkenningen 2016 0 186 0 0 4 1 0 4 27
Eind 2016
1 419 8 16 89 155 112 115 916
Bron: DWSE
Er zijn weinig verschuivingen merkbaar in . De commerciële vennootschappen vertegenwoordigen nog steeds het grootste aantal ondernemingen en hier wordt slechts een zeer lichte daling van het aantal ondernemingen waargenomen. Het grootste aantal nieuwe erkenningen valt ook binnen deze groep
6
1 onderneming verhuisde haar maatschappelijke zetel nog tijdens het jaar naar een ander gewest, waardoor deze niet wordt meegeteld in het totaal. 7 De Invoeg-maatregel is in uitdoof sinds 2014. Het gaat om ondernemingen die ooit een erkenning hebben gekregen als Invoegbedrijf, maar ondertussen wellicht onder een andere vorm actief zijn.
///////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////// 20.12.2017
Evaluatie Dienstencheques 2016
pagina 17 van 23
te situeren. Daarnaast zijn er vooral nog een aantal vzw’s en natuurlijke personen die met een dienstencheque-activiteit gestart zijn.
4.2 Redenen voor intrekking van erkenning Een erkenning kan omwille van verschillende redenen worden ingetrokken: -
Intrekking via de commissie naar aanleiding van vastgestelde inbreuken Vrijwillige stopzetting Ambtshalve intrekking: o Faillissement (of bestuurslid betrokken bij faillissement van andere dienstenchequeonderneming) o Schulden (bij RSZ, fiscus of Departement WSE) o Onderneming die meer dan 1 jaar niet actief was
In onderstaande tabel worden de redenen voor de intrekkingen van de erkenning voor 2016 weergegeven. Hieruit blijkt dat er in 2016 vooral vrijwillige stopzetting van de activiteiten werden aangevraagd. Daarnaast zijn er ook een belangrijk aantal faillissementen. Dit is opnieuw een teken dat de concurrentie op de markt toeneemt en dat minder efficiënte spelers uit de markt verdwijnen. Belangrijk voor de interpretatie van onderstaande cijfers is wel dat er door het Vlaams Gewest werd beslist om in 2016 nog geen erkenningen in te trekken wegens inactiviteit, aangezien de wetgeving voorschrijft dat dit wordt gerekend vanaf de datum van erkenning. Aangezien alle federale erkenningen vanaf 1 januari 2016 omgevormd werden naar Vlaamse erkenningen, werd dit in 2016 dus nog niet toegepast. Tabel 8 Intrekkingen 2016 Reden van intrekking 2016 Ambtshalve intrekking: Faillissement Schulden Bestuurslid betrokken bij faillissement Inactiviteit Intrekking via Commissie Vrijwillige intrekking Totaal
Aantal ondernemingen MZ in Vlaams Gewest
MZ buiten Vlaams Gewest
4 2 0 NB NB 37 43
24 2 0 NB NB 50 76
Bron: DWSE
///////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////// 20.12.2017
Evaluatie Dienstencheques 2016
pagina 18 van 23
5 Analyse van de dienstenchequewerknemer Hier wordt dieper ingegaan op de dienstenchequewerknemers met woonplaats in het Vlaamse gewest. Zowel de profielkenmerken van de werknemer (geslacht, leeftijd en origine) als de regionale spreiding van hun woonplaats wordt hier belicht. In het kader van de toenemende vergrijzing wordt ruim aandacht besteed aan de leeftijdsverdeling van de dienstenchequewerknemers en haar evolutie.
5.1 Profiel van de dienstenchequewerknemers Onderstaande tabel biedt een overzicht van de profielkenmerken van de werknemers tewerkgesteld in het dienstenchequestelsel tussen 2013 en 2016. Over alle jaren heen zien we dat het dienstenchequestelsel voornamelijk vrouwen tewerkstelt en dat deze verhouding stabiel blijft over de tijd. Zo waren over alle besproken jaren heen bijna 98% van de dienstenchequewerknemers vrouwen. Tabel 9: profielkenmerken van de dienstenchequewerknemers (Vlaams Gewest) Totaal Man
Geslacht
Origine
2013
2014
2015
2016
2013
2014
2015
2016
79.831
82.097
85.141
88.334
100%
100%
100%
100%
1.801
1.928
1.954
2.085
2,3%
2,3%
2,3%
2,4%
Vrouw
78.030
80.169
83.187
86.249
97,7%
97,7%
97,7%
97,6%
België
44.113
44.723
45.327
45.970
55,3%
54,5%
53,2%
52,0%
EU-15
6.784
6.911
7.376
7.749
8,5%
8,4%
8,7%
8,8%
EU-28
9.524
10.779
12.268
13.529
11,9%
13,1%
14,4%
15,3%
Niet-EU-28
13.167
13.666
14.470
15.653
16,5%
16,6%
17,0%
17,7%
Onbekend
6.243
6.018
5.700
5.433
7,8%
7,3%
6,7%
6,2%
Bron: Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid (Bewerking Departement WSE)
Met 48% was iets minder dan de helft van de dienstenchequewerknemers van niet-Belgische herkomst in 2016. Het aandeel werknemers met een andere origine is daarmee met iets meer dan 3 procentpunten gestegen sinds 2013, waar het aandeel werknemers van Belgische herkomst licht gedaald is. Ook binnen het dienstenchequestelsel stellen we de invloed van de voortschrijdende vergrijzing vast. In 2016 was meer dan 30% van de Vlaamse dienstenchequewerknemers ouder dan 50. Dat loopt ongeveer gelijk met de Vlaamse werkende bevolking (28,5%). Omgekeerd zien we ook dat jongeren niet alleen de minst vertegenwoordigde leeftijdsgroep zijn bij de dienstenchequewerknemers (15%), maar hier ook ondervertegenwoordigd zijn in vergelijking met de Vlaamse werkende bevolking (20%). Tabel 10: Leeftijdscategorie van de dienstenchequewerknemers (Vlaams Gewest) Totaal
Leeftijd
2013
2014
2015
2016
2013
2014
2015
2016
79.831
82.097
85.141
88.334
100%
100%
100%
100%
<30
13.793
13.331
13.287
13.258
17,3%
16,2%
15,6%
15,0%
30-39
21.495
22.050
22.748
23.601
26,9%
26,9%
26,7%
26,7%
40-49
23.997
24.207
24.472
24.886
30,1%
29,5%
28,7%
28,2%
50-54
11.013
11.752
12.330
12.768
13,8%
14,3%
14,5%
14,5%
55-59
7.101
7.862
8.793
9.687
8,9%
9,6%
10,3%
11,0%
60-64
2.060
2.450
2.974
3.509
2,6%
3,0%
3,5%
4,0%
372
445
537
625
0,5%
0,5%
0,6%
0,7%
65+
Bron: Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid (Bewerking Departement WSE)
///////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////// 20.12.2017
Evaluatie Dienstencheques 2016
pagina 19 van 23
Grafiek 10: De leeftijd van de DCH werknemers ivm. de Vlaamse werkende bevolking (2016) 30,0%
26,7% 25,5%
28,2% 25,8%
25,0% 20,2% 20,0% 15,0%
14,5%
15,0%
13,8% 11,0%
10,7%
10,0% 4,0% 3,4%
5,0%
0,7% 0,6% 0,0% < 30
30 - 39
40 - 49
50 - 54
DC-werknemers
55 - 59
60 - 64
65 +
Vlaamse werkende bevolking
Bron: Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid (Bewerking Departement WSE)
Wanneer de leeftijd van de werknemers onderzocht wordt in het licht van hun afkomst, zien we dat werknemers van andere origine sterk vertegenwoordigd zijn in de leeftijdscategorie 30 – 39 en 40 – 49 jaar. Opvallend is ook de zeer sterke vertegenwoordiging van werknemers van Belgische origine in de oudere leeftijdsgroepen, die tevens de grootste groep werknemers vormt. Dit betekent dat er de komende jaren, naarmate de oudere en hoofdzakelijk Belgische werknemers op pensioen gaan, mogelijk een verdere diversifiëring van de sector zal volgen. Grafiek 11: Leeftijd naar origine dienstenchequewerknemers 2016 80,0% 70,0% 60,0%
72,9%
69,0% 53,8%
50,0%
64,6% 56,3%
53,3% 44,6%
40,0% 30,0%
22,8%
20,0% 10,0%
23,4%
20,8% 15,5%
14,7% 9,6%
9,4%
8,3% 8,7% 14,0%
30 - 39
40 - 49
50 - 54
25,0% 9,9% 13,5%
22,5%
9,3% 8,3% 9,5%
9,4% 10,5%
55 - 59
60 - 64
9,8% 10,5%
0,0% < 30
België
EU 15
EU 28
65 +
nt. EU
Bron: Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid (Bewerking Departement WSE)
///////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////// 20.12.2017
Evaluatie Dienstencheques 2016
pagina 20 van 23
Dienstencheques worden voornamelijk gebruikt voor deeltijdse jobs, en daar zit geen evolutie in. Sinds 2013 bedraagt het aandeel deeltijdse jobs in de sector ongeveer 90%. Een verdere detaillering naar leeftijd toonde geen verschillen tussen jongere en oudere werknemers: op alle leeftijden wordt evenveel deeltijds gewerkt. Grafiek 12: Dienstenchequewerknemers naar arbeidsstelsel (2016) 100,0%
90,3%
90,5%
90,5%
90,4%
90,0% 80,0% 70,0% 60,0% 50,0% 40,0% 30,0% 20,0% 10,0%
7,1%
2,6%
6,9%
2,6%
6,6%
6,5%
2,9%
3,1%
0,0% 2013
2014 Voltijds
2015 Deeltijds
2016
Andere
Bron: Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid (Bewerking Departement WSE)
Onderstaande grafiek geeft de regionale spreiding van de dienstenchequewerknemers naar woonplaats weer. De regionale verdeling blijft stabiel tussen 2013 en 2016. Het grootste aantal werknemers woont in Antwerpen (25.194), gevolgd door Oost-Vlaanderen (19.750) en WestVlaanderen (17.450). Limburg en Vlaams-Brabant herbergt met respectievelijk 13.664 en 12.276 een kleiner aandeel dienstenchequewerknemers. Grafiek 13: de dienstenchequewerknemers naar woonplaats (2013 – 2016) 30,0%
28,5%
25,0%
22,4% 19,8%
20,0% 15,5%
13,9%
15,0% 10,0% 5,0% 0,0% Antwerpen
Limburg 2013
Oost-Vlaanderen 2014
2015
Vlaams-Brabant
West-Vlaanderen
2016
Bron: Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid (Bewerking Departement WSE)
///////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////// 20.12.2017
Evaluatie Dienstencheques 2016
pagina 21 van 23
6 Kostprijs van het dienstenchequesysteem De kosten voor het stelsel van de dienstencheques bestaan uit de tussenkomst bij de dienstencheques zelf, de omkaderingskost in de administratie en de kost van de fiscale aftrek. In mei 2016 werd de spilindex overschreden. Dit houdt in dat alle cheques die werden uitgegeven vanaf 1 juni 2016 een verhoogde inruilwaarde hadden. De indexering van de inruilwaarde is slechts ten belope van 73%, maar wordt volledig toegewezen aan de overheidsbijdrage. Dit betekent dat alle cheques die voor 1 juni 2016 werden uitgegeven een subsidiekost hadden van €13,04 voor de cheques ter waarde van €9 en €12,04 voor de cheques ter waarde van €10. Alle cheques die na 1 juni 2016 werden uitgegeven hadden een subsidiekost van €13,36 voor de cheques ter waarde van €9 en €13,36 voor de cheques ter waarde van €10. In totaal bedraagt de bruto-kost voor het Vlaamse dienstenchequestelsel €1.296,5 miljoen in 2016. De cijfers per type kost worden weergegeven in onderstaande tabel. Er wordt geen rekening gehouden met de verschillende terugverdieneffecten, aangezien die geen invloed hebben op het Vlaamse budget, en de netto-kostprijs wordt bijgevolg ook niet berekend. Bij de berekening van de bruto-kostprijs werd eveneens rekening gehouden met de dienstencheques die door de erkende ondernemingen ingediend werden voor terugbetaling in het kader van de regeling “moederschapshulp ten gunste van vrouwelijke zelfstandigen”. Tabel 11 Overzicht bruto-kost dienstenchequestelsel 2016 Financiële tussenkomst €1.109 mln. (subsidie) Omkaderingskosten €10,2 mln. Kostprijs van de fiscale €177,3 mln aftrekbaarheid Totale bruto-kostprijs €1.296,5 mln. Uit bovenstaande raming van de elementen van de bruto kostprijs van het stelsel blijkt dat de overheidstussenkomst de belangrijkste component is. De fiscale aftrekbaarheid van de dienstencheques kost de overheid €177,3 mln. in 2016. De budgettaire impact van deze fiscale kost valt echter niet ten laste van het jaar 2016, maar zal pas binnen 2 jaar voelbaar zijn.
///////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////// 20.12.2017
Evaluatie Dienstencheques 2016
pagina 22 van 23
Colofon Samenstelling Raf Boey, Lindsay Jacobs, Anke Storme Vlaamse overheid Departement Werk en Sociale Economie Koning Albert II-laan 35 bus 20 1030 Brussel 02 553 42 56 dienstencheques@wse.vlaanderen.be www.werk.be
Verantwoordelijke uitgever Dirk Vanderpoorten Secretaris-generaal
///////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////////// 20.12.2017
Evaluatie Dienstencheques 2016
pagina 23 van 23