17_119_1 WL rapporten
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse DEPARTEMENT MOBILITEIT & OPENBARE WERKEN
waterbouwkundiglaboratorium.be
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
Meire, D.; Vandenbruwaene, W.; De Bruyn, L.; Thant, S.; Vereecken, H.; Claeys, S.; Deschamps, M.
Cover figuur © Vlaamse overheid, Departement Mobiliteit en Openbare Werken, Waterbouwkundig Laboratorium Juridische kennisgeving Het Waterbouwkundig Laboratorium is van mening dat de informatie en standpunten in dit rapport onderbouwd worden door de op het moment van schrijven beschikbare gegevens en kennis. De standpunten in deze publicatie zijn deze van het Waterbouwkundig Laboratorium en geven niet noodzakelijk de mening weer van de Vlaamse overheid of één van haar instellingen. Het Waterbouwkundig Laboratorium noch iedere persoon of bedrijf optredend namens het Waterbouwkundig Laboratorium is aansprakelijk voor het gebruik dat gemaakt wordt van de informatie uit dit rapport of voor verlies of schade die eruit voortvloeit. Copyright en wijze van citeren © Vlaamse overheid, Departement Mobiliteit en Openbare Werken, Waterbouwkundig Laboratorium 2022 D/2022/3241/067 Deze publicatie dient als volgt geciteerd te worden: Meire, D.; Vandenbruwaene, W.; De Bruyn, L.; Thant, S.; Vereecken, H.; Claeys, S.; Deschamps, M. (2022). Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen: Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse. Versie 4.0. WL Rapporten, 17_119_1. Waterbouwkundig Laboratorium: Antwerpen Overname uit en verwijzingen naar deze publicatie worden aangemoedigd, mits correcte bronvermelding. Documentidentificatie Opdrachtgever: Trefwoorden (3-5): Kennisdomeinen:
Waterbouwkundig Laboratorium Ref.: WL2022R17_119_1 Conductiviteit, saliniteit, UNESCO, gevoeligheidsanalyse Waterbeheer > Waterkwaliteit > Zoutintrusie Waterbeheer > Statistiek > Gevoeligheidsanalyse Waterbeheer > Meetnetten > Fysico-chemische parameters
Tekst (p.): Vertrouwelijk:
29 ܈Nee
Auteur(s):
Meire, D.; Vandenbruwaene, W.; De Bruyn, L.; Thant, S.
Bijlagen (p.): ܈Online beschikbaar
8
Controle Naam Revisor(en):
Handtekening
Getekend door:Hans Vereecken (Signatu Getekend op:2022-05-03 09:39:43 +02:0 Reden:Ik keur dit document goed
Getekend door:Styn Claeys (Signature) Getekend op:2022-06-14 14:07:38 +02:0 Reden:Ik keur dit document goed
Vereecken, H.; Claeys, S. Getekend door:Wouter Vandenbruwaene Getekend op:2022-04-26 12:28:44 +02:0 Reden:Ik keur dit document goed
Projectleider:
Vandenbruwaene, W.
Goedkeuring Verantwoordelijke HIC:
Deschamps, M.
Getekend door:Maarten Deschamps (Sig Getekend op:2022-04-27 11:16:01 +02:0 Reden:Ik keur dit document goed
Getekend door:Abdelkarim Bellafkih (Sign Getekend op:2022-04-27 12:21:05 +02:0 Reden:Ik keur dit document goed
Afdelingshoofd:
F-WL-PP10-1 Versie 7 Geldig vanaf 03/01/2017
Bellafkih, K.
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
Abstract Het WL-HIC registreert hoogfrequent conductiviteit en temperatuur om de saliniteit in de waterwegen te berekenen op basis van de UNESCO formule. Staalanalyse toont aan dat het verschil tussen berekende UNESCO saliniteit en de werkelijke saliniteit minder dan 5% bedraagt. De continue conductiviteitsensoren die WL-HIC gebruikt om saliniteit berekenen zijn dus representatief voor de werkelijke saliniteit. Enkel voor de laagste zoutgehaltes (< 2‰, nagenoeg zoet water) onderschat de berekende saliniteit sterk de werkelijke saliniteit. Staalanalyse toont verder aan dat voor de verschillende type conductiviteitsensoren het verschil met de referentie over het algemeen minder dan 10% bedraagt. RBR, Valeport en Seaguard sensoren zijn hierbij het meest in overeenstemming met de referentie. Ook de YSI toestellen zijn in goede overeenstemming met de referentie, maar daar is het type kalibratie erg van belang.
Definitieve versie
WL2022R17_119_1
III
F-WL-PP10-1 Versie 7 Geldig vanaf 03/01/2017
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
Inhoudstafel Abstract ............................................................................................................................................................ III Inhoudstafel....................................................................................................................................................... V Lijst van de tabellen ......................................................................................................................................... VII Lijst van de figuren ......................................................................................................................................... VIII Lijst van afkortingen .......................................................................................................................................... X 1
Inleiding ..................................................................................................................................................... 1
2
Methodiek ................................................................................................................................................. 2 2.1
2.1.1
Algemeen ................................................................................................................................... 2
2.1.2
Specifieke conductiviteit ........................................................................................................... 2
2.1.3
Vergelijking conductiviteit per type meettoestel ...................................................................... 2
2.2
3
Meting van de conductiviteit............................................................................................................. 2
Bepaling van de saliniteit................................................................................................................... 4
2.2.1
Algemeen ................................................................................................................................... 4
2.2.2
Theoretische formules ............................................................................................................... 5
2.2.3
Bepalen ionenconcentraties met IC .......................................................................................... 7
2.2.4
Berekening saliniteit voor stalen genomen tijdens halftij-ebvaart ........................................... 8
Resultaten.................................................................................................................................................. 9 3.1
Vergelijking conductiviteit per type meettoestel .............................................................................. 9
3.1.1
Referentie .................................................................................................................................. 9
3.1.2
Analyse per locatie .................................................................................................................. 10
3.1.3
Analyse kalibratiestalen........................................................................................................... 16
3.1.4
Synthese alle stalen ................................................................................................................. 19
3.2
Saliniteit stalen halftij-ebvaart december 2020 .............................................................................. 21
3.2.1
Gemeten conductiviteit ........................................................................................................... 21
3.2.2
Bepaalde saliniteit ................................................................................................................... 23
3.2.3
Gevoeligheid type conductiviteitsmeting................................................................................ 24
3.2.4
Gevoeligheid omrekeningsformule ......................................................................................... 26
4
Conclusie.................................................................................................................................................. 28
5
Referenties .............................................................................................................................................. 29
Definitieve versie
WL2022R17_119_1
V
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
Bijlage: Overzicht uitgevoerde metingen met terreintoestellen .................................................................... B1 A.
CTD....................................................................................................................................................... B1
B.
Valeport ............................................................................................................................................... B3
C.
Seaguard .............................................................................................................................................. B4
D.
RBR....................................................................................................................................................... B5
E.
YSI ........................................................................................................................................................ B6
VI
WL2022R17_119_1
Definitieve versie
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
Lijst van de tabellen Tabel 1 – Overzicht van de gebruikte instrumenten voor de vergelijkende conductiviteitstest. ..................... 3 Tabel 2 – Tijdstip van staalname voor de stalen in de Zeeschelde ................................................................... 3 Tabel 3 – Verschillende waarden van de hi op basis van de waarde van Ghulp .................................................. 7 Tabel 4 - Moleculaire gewichten van de betrokken ionen ................................................................................ 7 Tabel 5 – Overzicht van de metingen met de IC voor de stalen afkomstig vanop het terrein.......................... 9 Tabel 6 – Overzicht van de metingen met de IC voor de kalibratiestalen ........................................................ 9 Tabel 7 – Overzicht van de karakteristieken voor de metingen van specifieke conductiviteit voor Dendersluis. ......................................................................................................................................................................... 10 Tabel 8 – Overzicht van de karakteristieken voor de metingen van specifieke conductiviteit voor Steendorp. ......................................................................................................................................................................... 11 Tabel 9 – Overzicht van de karakteristieken voor de metingen van specifieke conductiviteit voor Deurganckdok. ................................................................................................................................................. 12 Tabel 10 – Overzicht van de karakteristieken voor de metingen van specifieke conductiviteit voor B85a. .. 13 Tabel 11 – Overzicht van de karakteristieken voor de metingen van specifieke conductiviteit voor Emden. 14 Tabel 12 – Overzicht van de karakteristieken voor de metingen van specifieke conductiviteit voor Mariakerke (zeewater)........................................................................................................................................................ 15 Tabel 13 – Overzicht van de karakteristieken voor de metingen van specifieke conductiviteit voor het kalibratiestaal van 1 mS/cm (alle getallen in mS/cm) ..................................................................................... 16 Tabel 14 – Overzicht van de karakteristieken voor de metingen van specifieke conductiviteit voor de standaardoplossing van 10 mS/cm.................................................................................................................. 17 Tabel 15 – Overzicht van de karakteristieken voor de metingen van specifieke conductiviteit voor de standaardoplossing van 50 mS/cm.................................................................................................................. 18 Tabel 16 – Overzicht van de verschillende meetstappen voor beide gebruikte divers, met starttijd en aantal samples per meetstap ....................................................................................................................................... 1 Tabel 17 – Overzicht van de verschillende meetstappen, met starttijd en aantal opgemeten samples met de Valeport sonde .................................................................................................................................................. 3 Tabel 18 – Overzicht van de verschillende meetstappen, met starttijd en aantal opgemeten samples met de Seaguard sonde ................................................................................................................................................. 4 Tabel 19 – Overzicht van de verschillende meetstappen, met starttijd en aantal opgemeten samples met de RBR-ctd sonde ................................................................................................................................................... 5 Tabel 20 – Overzicht van de verschillende meetstappen, met starttijd en aantal opgemeten samples, voor de verschillende YSIs. ............................................................................................................................................. 6
Definitieve versie
WL2022R17_119_1
VII
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
Lijst van de figuren Figuur 1 – Overzicht staalnamelocaties voor conductiviteitsmetingen. ........................................................... 4 Figuur 2 – Overzicht van de staalnamelocaties voor bepaling zoutgehalte (halftij-ebvaart december 2020). 8 Figuur 3 – Specifieke conductiviteit (mS/cm) voor de samples van de Dendersluis, bemeten met de verschillende instrumenten............................................................................................................................. 10 Figuur 4 – Specifieke conductiviteit (mS/cm) voor de samples van Steendorp, bemeten met de verschillende instrumenten. .................................................................................................................................................. 11 Figuur 5 – Specifieke conductiviteit (mS/cm) voor de samples van Deurganckdok, bemeten met de verschillende instrumenten............................................................................................................................. 12 Figuur 6 – Specifieke conductiviteit (mS/cm) voor de samples van B85a, bemeten met de verschillende instrumenten. .................................................................................................................................................. 13 Figuur 7 – Specifieke conductiviteit (mS/cm) voor de samples van Emden, bemeten met de verschillende instrumenten. .................................................................................................................................................. 14 Figuur 8 – Specifieke conductiviteit (mS/cm) voor de samples van Mariakerke (zeewater), bemeten met de verschillende instrumenten............................................................................................................................. 15 Figuur 9 – Overzicht van de metingen van specifieke conductiviteit voor de standaardoplossing van 1 mS/cm ......................................................................................................................................................................... 16 Figuur 10 – Overzicht van de metingen van specifieke conductiviteit voor de standaardoplossing van 10 mS/cm.............................................................................................................................................................. 17 Figuur 11 – Overzicht van de metingen van specifieke conductiviteit voor de standaardoplossing van 50 mS/cm.............................................................................................................................................................. 18 Figuur 12 – XY-plot van de metingen voor specifieke conductiviteit (mS/cm) voor de verschillende meettoestellen, ten opzichte van de referentie (IC meting) ........................................................................... 19 Figuur 13 – Relatieve fout voor de verschillende meetstalen en meetinstrumenten .................................... 20 Figuur 14 – Verloop van de relatieve fout in relatie tot de opgemeten specifieke conductiviteit in het referentiestaal. ................................................................................................................................................ 20 Figuur 15 – De variatiecoëfficiënt voor alle meetinstrumenten en metingen ................................................ 21 Figuur 16 – Overzicht conductiviteitsmetingen stalen Beneden-Zeeschelde ................................................. 22 Figuur 17 – Overzicht conductiviteitsmetingen stalen Boven-Zeeschelde ..................................................... 22 Figuur 18 – Berekende saliniteit (UNESCO gebaseerd op IC meting gekalibreerd op 12,8 mS/cm) versus saliniteit op basis van ionengehaltes............................................................................................................... 23 Figuur 19 – Relatief verschil tussen berekende saliniteit (UNESCO gebaseerd op IC meting gekalibreerd op 12,8 mS/cm) en saliniteit berekend op basis van ionengehaltes. ................................................................... 24 Figuur 20 – Omgerekende saliniteit (UNESCO) op basis van verschillende type conductiviteitsmetingen versus saliniteit IC. ...................................................................................................................................................... 25
VIII
WL2022R17_119_1
Definitieve versie
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
Figuur 21 – Relatief verschil tussen berekende saliniteit (UNESCO) en saliniteit berekend op basis van ionengehaltes. ................................................................................................................................................. 25 Figuur 22 – Omgerekende saliniteit (UNESCO, RWS, WL o.b.v. IC gekalibreerd op 12,8 mS/cm) versus bepaalde saliniteit ........................................................................................................................................... 26 Figuur 23 – Relatief verschil tussen berekende saliniteit (UNESCO, RWS, WL o.b.v. IC gekalibreerd op 12,8 mS/cm) en saliniteit berekend op basis van ionengehaltes. ........................................................................... 27 Figuur 24 – Verloop van de conductiviteit over de volledige meetperiode - divers. ........................................ 2 Figuur 25 – Verloop van de conductiviteit over de volledige meetperiode - Valeport sonde. ......................... 3 Figuur 26 – Verloop van de conductiviteit over de volledige meetperiode - Seaguard sonde. ........................ 4 Figuur 27 – Verloop van de specifieke conductiviteit opgemeten met de RBR over de volledige meetperiode. ........................................................................................................................................................................... 5 Figuur 28 – Verloop van de specifieke conductiviteit opgemeten met de YSI_1 over de volledige meetperiode. ........................................................................................................................................................................... 7 Figuur 29 – Verloop van de specifieke conductiviteit opgemeten met de YSI_10 over de volledige meetperiode. ..................................................................................................................................................... 7 Figuur 30 – Verloop van de specifieke conductiviteit opgemeten met de YSI_50 over de volledige meetperiode. ..................................................................................................................................................... 8
Definitieve versie
WL2022R17_119_1
IX
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
Lijst van afkortingen Cond:
Conductiviteit
CTD:
Conductiviteit Temperatuur Druk
HIC:
Hydrologisch Informatiecentrum
IC:
Ionenchromatograaf
PSU:
Practical Salinity Unit
RBR:
fabrikant van oceanografische meetinstrumenten
RWS:
Rijkswaterstaat
T:
Temperatuur
UNESCO: United Nations Educational, Scientific and Cultural Organization WL:
Waterbouwkundig Laboratorium
YSI:
Yellow Springs Instrument Company
X
WL2022R17_119_1
Definitieve versie
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
1 Inleiding Vandaag de dag meet het WL-HIC op diverse locaties langsheen de bevaarbare waterlopen hoogfrequent de conductiviteit en temperatuur gebruik makende van multiparametersondes. Aan de hand van theoretische formules (bv. UNESCO) kunnen de conductiviteit en temperatuur omgezet worden naar saliniteit (zoutgehalte). De keuze voor hoogfrequente conductiviteitsmetingen versus het nemen van waterstalen (waarbij zoutgehalte nadien in het labo moet bepaald worden), heeft vooral te maken met de variabiliteit van deze parameter. Het merendeel van de meetlocaties bevindt zich immers in het Schelde estuarium, waar de saliniteit zowel ruimtelijk (afstand tot de zeemonding), als temporeel (als functie van het getij en de bovenafvoer) varieert. Daarnaast kan de saliniteit ook op langere termijn evolueren (bijvoorbeeld verzilting). Het hoogfrequent meten met multiparametersondes laat dus toe om deze variabiliteit in saliniteit gedetailleerd in beeld te brengen, zonder een grote hoeveelheid aan waterstalen te nemen op het terrein, en te analyseren in het labo. Conductiviteitsmetingen brengen echter ook een aantal onzekerheden met zich mee. Verschillende type conductiviteitssensoren kunnen gebruikt worden, sommige zijn eerder geschikt voor zoute condities, andere voor eerder zoete condities. Daarnaast moet de conductiviteit nog omgerekend worden naar saliniteit. Hiervoor zijn verschillende theoretische formules bruikbaar. Doel van dit rapport is om een overzicht te geven van de sensoren die WL-HIC gebruikt om conductiviteit te meten, de verschillen te bespreken tussen de verschillende type meettoestellen conductiviteit, inzicht te geven in hoe de saliniteit berekend wordt, en wat de te verwachten onzekerheid is op de berekende saliniteit ten gevolge type toestel en omrekeningsformule.
Definitieve versie
WL2022R17_119_1
1
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
2 Methodiek 2.1 Meting van de conductiviteit 2.1.1
Algemeen
De conductiviteit of geleidbaarheid van een waterige oplossing is afhankelijk van de hoeveelheid opgeloste ionen in een oplossing. De geleidbaarheid wordt niet alleen bepaald door de concentratie aan ionen, maar ook door de temperatuur van de oplossing. Bij hogere temperatuur gaan de ionen sneller bewegen en wordt de geleidbaarheid dus groter. Er is een exponentieel verband tussen de temperatuur van de vloeistof en de geleidbaarheid, waarbij de coëfficiënten van deze relatie afhankelijk zijn van de samenstelling van de oplossing. 2.1.2
Specifieke conductiviteit
In voorliggend rapport wordt het verschil in conductiviteit tussen verschillende type toestellen begroot (zie §2.1.3 en §3.1). Om de invloed van temperatuur bij deze vergelijking te elimineren wordt er gebruik gemaakt van de specifieke conductiviteit. Dit is de conductiviteit gemeten op een referentietemperatuur van 25°C. Bij de meeste toestellen die geschikt zijn om conductiviteit te meten, kan een keuze gemaakt worden tussen bepalingen van de gemeten conductiviteit (temperatuur wordt ook geregistreerd) en bepalingen van specifieke conductiviteit. Daartoe heeft elk toestel een voorgeprogrammeerde formule om de gemeten conductiviteit bij een bepaalde temperatuur om te rekenen naar de specifieke conductiviteit. Onderstaande formule wordt vaak gebruikt om de specifieke conductiviteit te bepalen: 𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆 𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐 =
gemeten conductiviteit 1 + 0,0191 ∙ (T − 25)
Hierbij is T de gemeten temperatuur in °C en 0,0191 een constante die bepaald is aan de hand van een zuivere KCl oplossing. 2.1.3
Vergelijking conductiviteit per type meettoestel
Om het verschil in conductiviteit tussen verschillende type toestellen te bepalen werden er metingen uitgevoerd op stalen genomen langsheen het Schelde estuarium. In totaal werden er 7 type toestellen gebruikt, elke met hun eigen meetprincipe en type kalibratie (Tabel 1). Het YSI toestel werd voor de vergelijkende conductiviteitstest gekalibreerd voor drie verschillende standaardvloeistoffen (1 mS/cm, 10 mS/cm en 50 mS/cm, respectievelijk aangeduid als YSI 1, YSI 10, YSI 50). Voor de CTD werden er dan weer twee verschillende toestellen gebruikt (firma Eijkelkamp, beide gekalibreerd volgens hetzelfde principe). De toestellen die normaal op het terrein gebruikt worden, werden voor de test naar het labo gehaald voor uitvoering van de metingen.
2
WL2022R17_119_1
Definitieve versie
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse Tabel 1 – Overzicht van de gebruikte instrumenten voor de vergelijkende conductiviteitstest.
Instrument
Meetprincipe
Type kalibratie
Waar gebruikt
CTD 1
Elektrode
Meerpuntskalibratie
Terrein
Meetfrequentie [Hz] 1
CTD 2
Elektrode
Meerpuntskalibratie
Terrein
1
Hanna
Elektrode
Meerpuntskalibratie
Labo
Continu
Ionenchromatograaf
Elektrode
Eénpuntskalibratie
Labo
Continu
RBR
Inductief
Tweepuntskalibratie
Terrein
0,5
Aanderaa Seaguard
Inductief
Eénpuntskalibratie
Terrein
0,25
Valeport
Inductief
Eénpuntskalibratie
Terrein
1
YSI 1
Elektrode
Eénpuntskalibratie
Terrein
2
YSI 10
Elektrode
Eénpuntskalibratie
Terrein
2
YSI 50
Elektrode
Eénpuntskalibratie
Terrein
2
Langsheen het Schelde estuarium werden er op 4 locaties stalen genomen (Figuur 1). Het conductiviteitsbereik van het Scheldewater gaat immers van zoet in het opwaarts gedeelte, naar brak tot zout richting afwaarts. Tabel 2 – Tijdstip van staalname voor de stalen in de Zeeschelde
Locatie
Staalname
Dendersluis
25/9/2017
Steendorp
26/9/2017
Deurganckdok
15/5/2018
B85a
27/9/2017
Bijkomend werd er 1 staal zeewater genomen ter hoogte van Mariakerke en 1 staal gebruikt van water afkomstig van Emden (Eems estuarium). Er werd telkens een voldoende groot staalvolume genomen om op die manier te kunnen meten met alle betrokken terreintoestellen. Vervolgens werd met elk type meettoestel de conductiviteit en temperatuur van de verschillende stalen gemeten. Naast de zes stalen werden ook 3 kalibratievloeistoffen doorgemeten (van 1 mS/cm, 10 mS/cm en 50 mS/cm). Enkel voor de Aanderaa was het niet mogelijk om deze kalibratievloeistoffen te bemeten. Een overzicht van de uitgevoerde meting per type terreintoestel wordt gegeven in Bijlage A: Overzicht uitgevoerde metingen met terreintoestellen. Het overzicht specifieert wanneer de meting werd uitgevoerd per locatie (staal), hoe lang de meting duurde, en hoeveel samples (meetpunten) iedere meetperiode omvat. Voor iedere meting werd er in eerste instantie naar gestreefd om een stabiel meetsignaal te hebben, vervolgens werd voldoende lang doorgemeten om een voldoende aantal samples te hebben onder stabiele omstandigheden. Het aantal samples weerhouden voor de berekening van de statistieken (zie § 3.1) is voor ieder staal gelijk, om op die manier de variabiliteit onafhankelijk te maken van het aantal metingen. Het aantal samples is hierbij per type meettoestel gebaseerd op het kleinst
Definitieve versie
WL2022R17_119_1
3
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
aantal stabiele samples beschikbaar over de verschillende stalen heen. De periode met weerhouden samples is eveneens terug te vinden in Bijlage A: Overzicht uitgevoerde metingen met terreintoestellen (aangeduid in de figuren met de grijze balken). Voor de metingen uitgevoerd met de labotoestellen (IC en Hanna) werd er continu doorgemeten tot een stabiele meetwaarde werd bekomen.
Figuur 1 – Overzicht staalnamelocaties voor conductiviteitsmetingen. De staalnamelocatie Emden is gelegen in de Eems (noorden grens Nederland-Duitsland).
2.2 Bepaling van de saliniteit 2.2.1
Algemeen
Saliniteit is het zoutgehalte van een waterige oplossing. Dit is dus de concentratie van alle ionen in water, zowel kationen als anionen. Dit gehalte wordt normaal uitgedrukt in promille (‰), wat ook (zo goed als) identiek is aan PSU (Practical Salinity Unit). De concentratie van ionen kan enkel bepaald worden op waterstalen die in het labo worden geanalyseerd. Om echter de dagelijkse saliniteitsvariatie in het estuarium in beeld te brengen wordt op het terrein gewerkt met continue, hoogfrequente sensoren. Deze sensoren meten de conductiviteit en temperatuur, en op basis van theoretische formules kan hieruit de saliniteit berekend worden. Hieronder wordt in §2.2.2 een overzicht gegeven van drie verschillende theoretische formules die conductiviteit en temperatuur gebruiken om saliniteit te berekenen: UNESCO, de formule van het Waterbouwkundig Laboratorium (WL) en de formule van Rijkswaterstaat (RWS). Daarnaast wordt besproken hoe de saliniteit bepaald wordt door de concentratiebepaling van ionen aan de hand van de ionenchromatograaf (§2.2.3). Om beide methodieken (theoretische formules en IC) te vergelijken met elkaar werden extra stalen genomen
4
WL2022R17_119_1
Definitieve versie
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
tijdens de halftij-ebvaart van december 2020 (§2.2.4). De resultaten van deze vergelijking worden besproken in §3.2. 2.2.2
Theoretische formules
Unesco De UNESCO formule gebruikt conductiviteit en temperatuur om de saliniteit in PSU te berekenen (Fofonoff & Millard, 1983). Hieronder wordt de UNESCO methodiek weergegeven, en de verschillende tussenparameters die moeten berekend worden om uiteindelijk te komen tot de saliniteit. •
stap 1 R=conductiviteit/4291,4 [mS/m] t=temperatuur* 1,00024 p=water pressure [bar]
•
stap 2 Rp=1+p*(e1+e2*p+e3*p2)/(1+d1+d2*t2+(d3+d4*t)*R) e1=2,070 e-5 e2=-6,370e-10 e3=3,989e-15 d1=3,426e-2 d2=4,464e-4 d3=4,215e-1 d4=-3,107e-3
•
stap 3 Rtempm= c0+c1*t+c2*t2+c3*t3+c4*t4 Met: c0=0,6766097 c1=2,00564e-2 c2=1,104259e-4 c3=-6,9698e-7 c4=1,0031e-9
•
stap 4 Rt=R/(Rp*Rtempm)
•
stap 5 𝑑𝑑𝑑𝑑 =
Met: b0=0,0005 b1=-0,0056 b2=-0,0066 b3=-0,0375 b4=0,0636 b5=-0,0144 k=0,0162
Definitieve versie
(𝑡𝑡 − 15) ∗ (𝑏𝑏0 +
1 𝑏𝑏1 ∗ 𝑅𝑅𝑡𝑡2
+ 𝑏𝑏2 ∗ 𝑅𝑅𝑡𝑡 + 𝑏𝑏3 ∗
3 𝑅𝑅𝑡𝑡2
�1 + 𝑘𝑘 ∗ (𝑡𝑡 − 15)�
WL2022R17_119_1
+
𝑏𝑏4 ∗ 𝑅𝑅𝑡𝑡2
+ 𝑏𝑏5 ∗
5 𝑅𝑅𝑡𝑡2 )
5
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
•
stap 6
1
3
2
5
𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆 = 𝑎𝑎0 + 𝑎𝑎1 ∗ 𝑅𝑅2𝑡𝑡 + 𝑎𝑎2 ∗ 𝑅𝑅𝑡𝑡 + 𝑎𝑎3 ∗ 𝑅𝑅2𝑡𝑡 + 𝑎𝑎4 ∗ 𝑅𝑅𝑡𝑡 + 𝑎𝑎5 ∗ 𝑅𝑅2𝑡𝑡 + 𝑑𝑑𝑑𝑑
Met: a0=0,0080 a1=-0,1692 a2=25,3851 a3=14,0941 a4=-7,0261 a5=2,7081
WL formule Onderstaande empirische relatie werd door het WL opgesteld ter bepaling van saliniteit (g/kg) in. Net zoals de UNESCO formule gebruikt deze formule conductiviteit (mS/cm) en temperatuur (°C) als inputparameters. Saliniteit = A*Cond2 + B*Cond – 0,1219 Waarbij B = 0,00036 *T2 – 0,02874 *T +1,06171 Als T<10°C A = −0,000208 *T + 0,00488 Als T>=10°C A = −0,000065 *T + 0,003492
RWS formule Bij de RWS formule (Kuijt, 2005) wordt de conductiviteit voor de laagste concentraties niet omgerekend naar saliniteit, maar wordt er enkel gewerkt met het chloridegehalte. Bij de hogere concentraties, wordt saliniteit berekend volgens UNESCO en wordt het chloridegehalte bepaald uit de saliniteit. Om het chloridegehalte te berekenen uit de gemeten conductiviteit voor de lage concentraties, wordt een empirische formule gebruikt. Bij de berekening wordt o.a. rekening gehouden met een temperatuurscorrectie en verhouding met de conductiviteit van standaard zeewater (35 mS/cm). De temperatuurscorrectie (rT) wordt als volgt bepaald: rT = c0 + c1*T + c2*T2 + c3*T3 + c4*T4 waarbij: c0 = 0,6766097 c1 = 2,00564 * 10-2 c2 = 1,104259 * 10-4 c3 = -6,9698 * 10-7 c4 = 1,0031 * 10-9 Met behulp van deze temperatuurscorrectie wordt dan RT berekend (conductiviteitsverhouding): 𝑅𝑅𝑇𝑇 = 6
𝐺𝐺𝐺𝐺𝐺𝐺𝐺𝐺𝐺𝐺𝐺𝐺𝐺𝐺 𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐𝑐
4,291 ∗ 𝑟𝑟𝑇𝑇
WL2022R17_119_1
Definitieve versie
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
Als deze RT < 0.1 is, wordt het chloride-gehalte met deze formule bepaald: 2 𝐶𝐶𝐶𝐶 = ℎ0 + ℎ1 ∗ 𝐺𝐺ℎ𝑢𝑢𝑢𝑢𝑢𝑢 + ℎ2 ∗ 𝐺𝐺ℎ𝑢𝑢𝑢𝑢𝑢𝑢
Waarbij: GHulp = RT * 45,89
En op basis van deze waarde, worden de juiste coëfficiënten afgeleid uit Tabel 3. Tabel 3 – Verschillende waarden van de hi op basis van de waarde van Ghulp
h0 h1 h2
0,2<=Ghulp <=1,2 -16 139 95.8
1,2<Ghulp <=2,5 -137 345 5.1
2,5<Ghulp <=12,5 -140 345 3
12,5<Ghulp <=19 -330 380 1.4
19<Ghulp <=19,97 -340 380 1.4
19,97<Ghulp <=33 -350 380 1.4
Ghulp>33 -1960 475 0
Als RT ≥ 0.1 dan wordt de formule van UNESCO toegepast. 2.2.3
Bepalen ionenconcentraties met IC
De ionenchromatograaf op het WL wordt gebruikt om de concentratie aan ionen te bepalen in een genomen waterstaal. Deze ionenconcentraties laten vervolgens toe om de saliniteit van het waterstaal te bepalen. Met de ionenchromatograaf worden momenteel enkel anionen (negatief geladen ionen) gemeten. Meer dan 80% van alle kationen (positief geladen ionen) in zeewater zijn natrium. Om de saliniteit van het water te berekenen op basis van de gemeten concentraties anionen, wordt er van uit gegaan dat alle kationen natriumionen zijn. Hiermee wordt dus een kleine fout gemaakt. Om deze fout correct te begroten, zou het nodig zijn om op zijn minst van een aantal stalen de volledige kationensamenstelling te bepalen. Indien nodig kan dan op basis van deze waarden de berekening bijgesteld worden. Om te kunnen berekenen wat de equivalente hoeveelheden natrium zijn die in de oplossing aanwezig zijn, is het nodig om de verhoudingen in moleculair gewicht tussen natrium en het tegenion te kennen. Deze gewichten zijn opgenomen in Tabel 4. Tabel 4 - Moleculaire gewichten van de betrokken ionen
Ion
Na+
Moleculair gewicht (MW)
22.99
Cl35.453
NO362.0037
SO4296.056
Om de massa van het aantal geassocieerde natriumionen aan een gemeten anion te kennen, is het dus nodig om de gemeten concentratie van dat anion te vermenigvuldigen met de verhouding van het moleculaire gewicht. Onderstaande formule geeft een voorbeeld van deze berekening weer voor de geassocieerde Na-ionen voor Chloride (ClNa), waarbij MWNa en MWCl respectievelijk de moleculaire gewichten van Na en Cl zijn zoals opgenomen in Tabel 4. 𝐶𝐶𝐶𝐶𝑁𝑁𝑁𝑁 = 𝐶𝐶𝐶𝐶 ∗
𝑀𝑀𝑀𝑀𝑁𝑁𝑁𝑁 𝑀𝑀𝑀𝑀𝐶𝐶𝐶𝐶
De andere geassocieerde Na-ionen worden op een gelijkaardige manier berekend.
Definitieve versie
WL2022R17_119_1
7
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
Sulfaat (SO42-) is een tweewaardig geladen anion, waardoor er twee geassocieerde Na-ionen zijn voor dit anion. In dit geval is het dus nodig om een factor 2 in rekening te brengen. De finale formule om de saliniteit uit de anionen te berekenen is dus als volgt, waarbij de factor 1000 afkomstig is van het feit dat de metingen van de anionen in ppm gebeuren (ppm = parts per milion en dus een factor 1000 groter dan promille): 𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆𝑆 = 2.2.4
(𝐶𝐶𝐶𝐶 + 𝐶𝐶𝐶𝐶𝑁𝑁𝑁𝑁 + 𝑁𝑁𝑁𝑁3 + (𝑁𝑁𝑁𝑁3 )𝑁𝑁𝑁𝑁 + 𝑆𝑆𝑆𝑆4 + 2 ∗ (𝑆𝑆𝑆𝑆4 )𝑁𝑁𝑁𝑁 ) 1000
Berekening saliniteit voor stalen genomen tijdens halftij-ebvaart
Tijdens een halftij-eb vaart wordt het grootste deel van de zoutgradiënt in het Schelde estuarium op een korte periode bemonsterd. Gespreid over 3 vaardagen, wordt in opwaartse richting gevaren en worden op regelmatige locaties watermonsters genomen zodat zowel de meest zoete als de brakke (vanaf Hansweert) zones bemonsterd worden. De halftij-ebvaarten worden in eerste instantie uitgevoerd om de hoeveelheid zwevende stof in beeld te brengen langsheen het estuarium. Tijdens de campagne van december 2020 werden er echter ook stalen genomen om het zoutgehalte te bepalen (Figuur 2). Op deze stalen werd de saliniteit zowel berekend met de verschillende theoretische formules (§2.2.2), als bepaald met de IC (zie §2.2.3). De resultaten van deze staalanalyse en de vergelijking tussen de verschillende methodieken wordt gepresenteerd in §3.2.
Figuur 2 – Overzicht van de staalnamelocaties voor bepaling zoutgehalte (halftij-ebvaart december 2020).
8
WL2022R17_119_1
Definitieve versie
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
3 Resultaten 3.1 Vergelijking conductiviteit per type meettoestel In onderstaande paragrafen worden de resultaten van de conductiviteitsmetingen uitgevoerd met de verschillende type meettoestellen besproken. Voor vergelijkbaarheid moet gekeken worden naar de conductiviteit onder dezelfde temperatuurscondities, en bijgevolg wordt de specifieke conductiviteit besproken (zie ook §2.1.2). Om de verschillen in conductiviteit tussen de verschillende type meettoestellen te visualiseren werden de metingen van één toestel als referentie gekozen. Er werd gekozen om de IC als referentietoestel te gebruiken (§3.1.1). In §3.1.2 en §3.1.3 wordt dan de vergelijking gemaakt met respectievelijk de terreinstalen en de kalibratiestalen. Per staal wordt de gemiddelde waarde weergegeven en de standaardafwijking hierop. De absolute afwijking en relatieve fout worden gedefinieerd als het verschil tussen de gemiddelde meting van het beschouwde toestel en de IC meting die als referentie wordt beschouwd. De variatiecoëfficiënt wordt gedefinieerd als de verhouding van de standaardafwijking op de gemiddelde waarde, en kan gezien worden als een relatieve spreidingsmaat voor de metingen van elk toestel op zich. Naast deze parameters (weergegeven in tabelvorm) is er ook steeds een grafische boxplotvoorstelling van de verschillen met de IC waarden. Tenslotte wordt in §3.1.4 de synthese gemaakt voor alle stalen. 3.1.1
Referentie
De resultaten van de metingen uitgevoerd met de IC (referentie) op de verschillende terreinstalen is terug te vinden in Tabel 5. Tabel 5 – Overzicht van de metingen met de IC voor de stalen afkomstig vanop het terrein
Locatie Dendersluis Steendorp Deurganckdok B85a Emden Zeewater - Mariakerke
Temperatuur [°C] 20,84 20,84 20,94 20,87 20,86 20,91
Sp. conductiviteit [mS/cm] 0,9841 5,1535 13,8929 27,9654 34,1065 50,0525
De resultaten van de IC voor de kalibratiestalen worden weergegeven in Tabel 6. De kalibratiestalen hebben een gekende specifieke conductiviteit van 1 mS/cm, 10 mS/cm en 50 mS/cm en de resultaten van de metingen kunnen beschouwd worden als een minimale maat voor de fout. Tabel 6 – Overzicht van de metingen met de IC voor de kalibratiestalen
Locatie 1 mS/cm 10 mS/cm 50 mS/cm
Definitieve versie
Temperatuur [°C] 21,05 20,93 20,99
Sp. conductiviteit [mS/cm] 1,0011 9,8632 48,9528
WL2022R17_119_1
9
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
3.1.2
Analyse per locatie
Dendersluis In Figuur 3 is een overzicht gegeven van de resultaten met de verschillende meetinstrumenten voor het meetstaal van Dendersluis. De meting met de IC gaf een specifieke conductiviteit van 0,984 mS/cm. Een overzicht van de statistieken is weergegeven in Tabel 7. Zowel een gemiddelde waarde als standaardafwijking wordt gegeven. Hiernaast wordt ook de absolute afwijking of bias 1 weergegeven, de relatieve fout 2, en de variatiecoëfficiënt 3. De meeste instrumenten hebben een positieve bias en geven dus een hogere meetwaarde dan de IC meting, dit met uitzondering van de Hanna. De Seaguard en YSI_1 hebben de kleinste relatieve fout t.o.v. de referentie. De YSI_10 en YSI_50 hebben de grootste afwijking t.o.v. de referentiemeting (rond 20%). De spreiding op de resultaten is voor alle metingen rond 1% of lager, met uitzondering van de YSI_10 waar deze rond 4% ligt.
Figuur 3 – Specifieke conductiviteit (mS/cm) voor de samples van de Dendersluis, bemeten met de verschillende instrumenten. De referentiemeting (IC) wordt weergegeven met de horizontale lijn.
Tabel 7 – Overzicht van de karakteristieken voor de metingen van specifieke conductiviteit voor Dendersluis. Resultaat referentiemeting (IC) wordt linksboven weergegeven in tabel (alle getallen in mS/cm).
0,984 Gemiddelde ST dev. Variatie-coëffiënt Absolute afw. Relatieve fout (%)
CTD 1 2 1,087 1,067 0,001 0,002 0,1% 0,2% 0,103 0,083 10,5% 8,4%
Hanna
Seaguard
Valeport
RBR
0,9017 / / -0,082 8,3%
0,988 0,005 0,6% 0,004 0,4%
1,076 0,002 0,2% 0,092 9,3%
1,063 0,010 1,1% 0,079 8,0%
1 1,013 0,003 0,3% 0,028 2,9%
YSI 10 1,169 0,042 4,3% 0,185 18,8%
50 1,190 0,006 0,6% 0,206 20,9%
Absolute afwijking: de afwijking van een meting (als absolute waarde) t.o.v. het gemiddelde van de metingen. Relatieve fout: de verhouding van bias over de gemiddelde waarde van de metingen. 3 Variatiecoëfficiënt: de verhouding van de spreiding t.o.v. de gemiddelde waarde. 1 2
10
WL2022R17_119_1
Definitieve versie
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
Steendorp In Figuur 4 is een overzicht gegeven van de resultaten met de verschillende meetinstrumenten voor het meetstaal van Steendorp. In Tabel 8 is een overzicht weergegeven van de karakteristieken van de metingen. De meting met de IC gaf een specifieke conductiviteit van 5,154 mS/cm. De grootste afwijkingen zijn waarneembaar bij de YSI toestellen, met een onderschatting voor de YSI_1 (ong. 5%) en een overschatting voor de YSI_10 (5%) en YSI_50 (8%). Voorde Hanna en Seaguard is eveneens een afwijking van 4 % t.o.v. de IC waargenomen, de andere metingen zijn gelijk met de IC waarde. Voor alle meetinstrumenten is de spreiding op de resultaten zeer klein, met een maximale variatiecoëfficiënt voor de Valeport van 1,2%.
Figuur 4 – Specifieke conductiviteit (mS/cm) voor de samples van Steendorp, bemeten met de verschillende instrumenten. De referentiemeting (IC) wordt weergegeven met de horizontale lijn.
Tabel 8 – Overzicht van de karakteristieken voor de metingen van specifieke conductiviteit voor Steendorp. Resultaat referentiemeting (IC) wordt linksboven weergegeven in tabel (alle getallen in mS/cm).
5,154 Gemiddelde ST dev. Variatie-coëffiënt Absolute afw. Relatieve fout (%)
Definitieve versie
CTD 1 2 5,156 5,142 0,005 0,014 0,1% 0,3% 0,003 -0,011 0,05% 0,02%
Hanna
Seaguard
Valeport
RBR
4,568 / / -0,208 4,0%
4,969 0,008 0,2% -0,185 3,6%
5,157 0,063 1,2% 0,003 0,07%
5,144 0,009 0,2% -0,009 0,2%
WL2022R17_119_1
1 4,914 0,002 0,03% -0,240 4,7%
YSI 10 5,392 0,005 0,01% 0,239 4,6%
50 5,571 0,001 0,02% 0,418 8,1%
11
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
Deurganckdok In Figuur 5 en Tabel 9 is een overzicht gegeven van de resultaten met de verschillende meetinstrumenten voor het meetstaal van Deurganckdok. De specifieke conductiviteit bedraagt hier 13,893 mS/cm. De maximale afwijking wordt hier opnieuw waargenomen op de metingen van de YSI_1 (een onderschatting van 6%), en de YSI_50 (overschatting van 6%). De metingen met de CTD divers zijn ca. 5% hoger dan de IC metingen. De spreiding op de resultaten is zeer klein, met een variatiecoëfficiënt die schommelt tussen 0,1 en 0,2.
Figuur 5 – Specifieke conductiviteit (mS/cm) voor de samples van Deurganckdok, bemeten met de verschillende instrumenten. De referentiemeting (IC) wordt weergegeven met de horizontale lijn.
Tabel 9 – Overzicht van de karakteristieken voor de metingen van specifieke conductiviteit voor Deurganckdok. Resultaat referentiemeting (IC) wordt linksboven weergegeven in tabel (alle getallen in mS/cm).
13,893 Gemiddelde ST dev. Variatie-coëffiënt Absolute afw. Relatieve fout (%)
12
CTD 1 2 14,674 14,527 0,002 0,006 0,01% 0,04% 0,781 0,634 5,6% 4,6%
Hanna
Seaguard
Valeport
RBR
13,61 / / -0,283 2,0%
13,764 0,020 0,14% -0,129 0,9%
13,967 0,006 0,04% 0,075 0,5%
13,978 0,015 0,2% 0,085 0,6%
WL2022R17_119_1
1 13,058 0,002 0,01% -0,835 6,1%
YSI 10 14,421 0,001 0,01% 0,529 3,8%
50 14,779 0,011 0,07% 0,886 6,4%
Definitieve versie
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
B85a In Figuur 6 en Tabel 10 is een overzicht gegeven van de resultaten met de verschillende meetinstrumenten voor het meetstaal van boei 86 a. De specifieke conductiviteit bedraagt hier 27,965 mS/cm. Eenzelfde patroon is waarneembaar als voor de metingen op het DGD staal, met de grootste afwijkingen voor de YSI_1 en YSI_50, die respectievelijk een onderschatting en overschatting van 7% en 6% vertonen. De CTD divers vertonen een overschatting van 5% en 3%. De andere metingen vertonen nagenoeg geen afwijking t.o.v. de IC meting (< 1%). De spreiding op de resultaten is opnieuw zeer klein (variatiecoëfficiënt kleiner dan 0,1%), met uitzondering van de YSI_50, die een variatiecoëfficiënt van 2% geeft.
Figuur 6 – Specifieke conductiviteit (mS/cm) voor de samples van B85a, bemeten met de verschillende instrumenten. De referentiemeting (IC) wordt weergegeven met de horizontale lijn.
Tabel 10 – Overzicht van de karakteristieken voor de metingen van specifieke conductiviteit voor B85a. Resultaat referentiemeting (IC) wordt linksboven weergegeven in tabel (alle getallen in mS/cm).
27,965 Gemiddelde ST dev. Variatiecoëfficiënt Absolute afw. Relatieve fout (%)
Definitieve versie
CTD 1 2 29,512 28,878 0,005 0,005
Hanna
Seaguard
Valeport
RBR 28,269 0,009
1 26,075 0,006
YSI 10 28,779 0,011
27,940 /
27,841 0,023
28,310 0,006
50 29,501 0,787
0,02%
0,022%
/
0,08%
0,02%
0,03%
0,02%
0,04%
2,8%
1,547
0,913
-0,025
-0,125
0,345
0,303
-1,890
0,814
1,536
5,5%
3,2%
0,1%
0,4%
1,2%
1,1%
6,8%
2,9%
5,5%
WL2022R17_119_1
13
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
Emden In Figuur 7 is een overzicht gegeven van de resultaten met de verschillende meetinstrumenten voor het meetstaal van Emden (specifieke conductiviteit: 34,107 mS/cm). In Tabel 11 zijn de karakteristieken voor deze metingen weergegeven. De spreiding op de metingen voor elke meettoestel is klein, met een variatiecoëfficiënt die in alle gevallen kleiner is dan 0.2%. Eenzelfde patroon blijft waarneembaar. Er is een duidelijk onderschatting opgemeten door de YSI_1 (ca. 7 %) en overschatting door de YSI_50 (ca. 6%). De metingen met de CTD divers vertonen eveneens een overschatting van respectievelijk 5,6% en 3,2%.
Figuur 7 – Specifieke conductiviteit (mS/cm) voor de samples van Emden, bemeten met de verschillende instrumenten. De referentiemeting (IC) wordt weergegeven met de horizontale lijn.
Tabel 11 – Overzicht van de karakteristieken voor de metingen van specifieke conductiviteit voor Emden. Resultaat referentiemeting (IC) wordt linksboven weergegeven in tabel (alle getallen in mS/cm).
34,107 Gemiddelde ST dev. Variatiecoëfficiënt Absolute afw. Relatieve fout (%)
14
CTD 1 2 36,024 35,188 0,004 0,004
34,546 0,030
1 31,797 0,065
YSI 10 35,104 0,027
50 36,171 0,002
Hanna
Seaguard
Valeport
RBR
33,490 /
34,045 0,020
33,156 0,020
0,01%
0,01%
/
0,06%
0,05%
0,08%
0,19%
0,07%
0,15%
1,917
1,082
-0,617
-0,062
-0,950
0,440
-2,310
0,997
2,065
5,6%
3,2%
1,8%
1,8%
2,7%
1,2%
6,7%
2,9%
6,1%
WL2022R17_119_1
Definitieve versie
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
Mariakerke (zeewater) In Figuur 8 en Tabel 12 is een overzicht gegeven van de resultaten met de verschillende meetinstrumenten voor het meetstaal van zeewater, met een specifieke conductiviteit van 50,053 mS/cm. Er wordt een duidelijke overschatting opgemeten door de YSI_50 en onderschatting door de YSI_1, beide van een grootte orde van 7%. De CTD divers vertonen een overschatting, de andere metingen zijn binnen 2% t.o.v. de referentie.
Figuur 8 – Specifieke conductiviteit (mS/cm) voor de samples van Mariakerke (zeewater), bemeten met de verschillende instrumenten. De referentiemeting (IC) wordt weergegeven met de horizontale lijn.
Tabel 12 – Overzicht van de karakteristieken voor de metingen van specifieke conductiviteit voor Mariakerke (zeewater). Resultaat referentiemeting (IC) wordt linksboven weergegeven in tabel (alle getallen in mS/cm).
50,053 Gemiddelde ST dev. Variatiecoëfficiënt Absolute afw. Relatieve fout (%)
Definitieve versie
CTD 1 2 52,897 51,496 0,074 0,011
50,905 0,042
1 46,475 0,060
YSI 10 51,118 0,030
50 53,959 0,080
Hanna
Seaguard
Valeport
RBR
49,800 /
50,021 0,043
50,452 0,422
0,14%
0,02%
/
0,09%
0,8%
0,08%
0,12%
0,06%
0,15%
2,845
1,444
-0,253
-0,031
0,400
0,852
-3,578
1,066
3,907
5,7%
2,9%
0,5%
0,06%
0,7%
1,7%
7,1%
2,1%
7,8%
WL2022R17_119_1
15
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
3.1.3
Analyse kalibratiestalen
Naast de samples die verzameld werden op het terrein, werden de toestellen eveneens in een standaardoplossing gebracht. Deze standaardoplossingen varieerden van 1 mS/cm over 10 mS/cm tot 50 mS/cm. De range hiervan is dus gelijkaardig dan deze van de terreinstalen. 1 mS/cm In Figuur 9 en Tabel 13 is een overzicht gegeven van de resultaten met de verschillende meetinstrumenten voor de standaardoplossing van 1 mS/cm. De meting met de IC voor dit staal bedroeg 1,001 mS/cm. Enkel een kleine onderschatting van de meting wordt opgemeten met Hanna, de andere meetinstrumenten geven iets hogere waarden. De spreiding op de metingen voor de CTD is veel groter dan gewoonlijk.
Figuur 9 – Overzicht van de metingen van specifieke conductiviteit voor de standaardoplossing van 1 mS/cm
Tabel 13 – Overzicht van de karakteristieken voor de metingen van specifieke conductiviteit voor het kalibratiestaal van 1 mS/cm (alle getallen in mS/cm)
1,001 Gemiddelde ST dev. Variatiecoëfficiënt Absolute afw. Relatieve fout (%)
16
1 1,143 0,205
CTD
2 0,980 0,201
1,091 0,008
1 0,989 0,001
YSI 10 1,110 0,002
50 1,282 0,001
Hanna
Seaguard
Valeport
RBR
0,962 /
/ /
1,120 0,002
20,4%
20,0%
/
/
0,2%
0,8%
0,04%
0,2%
0,2%
0,142
-0,021
-0,039
/
0,120
0,090
-0,012
0,109
0,281
14,2%
2%
3,8%
/
11,9%
9,0%
1,1%
10,9%
28,1%
WL2022R17_119_1
Definitieve versie
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
10 mS/cm In Figuur 10 en Tabel 14 is een overzicht gegeven van de resultaten met de verschillende meetinstrumenten voor het kalibratiestaal van 10 mS/cm. De meting met de IC voor dit staal bedroeg 9,863 mS/cm.
Figuur 10 – Overzicht van de metingen van specifieke conductiviteit voor de standaardoplossing van 10 mS/cm
Tabel 14 – Overzicht van de karakteristieken voor de metingen van specifieke conductiviteit voor de standaardoplossing van 10 mS/cm (alle getallen in mS/cm, tenzij anders aangegeven)
9,863 Gemiddelde ST dev. VariatieCoëfficiënt Absolute afw. Relatieve fout (%)
Definitieve versie
1 9,477 0,094
CTD
2 9,785 0,094
Hanna
Seaguard
Valeport
RBR
9,548 /
/ /
8,807 0,264
9,373 0,004
1 9,282 0,012
YSI 10 10,057 0,006
50 10,346 0,004
0,9%
1,0%
/
/
2,7%
0,04%
0,12%
0,06%
0,14%
0,386
-0,078
-0,315
/
-1,056
-0,490
-0,581
0,194
0,483
3,9%
0,7%
3,2%
/
10,7%
4,9%
5,8%
1,9%
4,9%
WL2022R17_119_1
17
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
50 mS/cm In Figuur 11 en Tabel 15 is een overzicht gegeven van de resultaten met de verschillende meetinstrumenten voor de standaardoplossing van 50 mS/cm. De meting met de IC voor dit staal bedroeg 48,954 mS/cm.
Figuur 11 – Overzicht van de metingen van specifieke conductiviteit voor de standaardoplossing van 50 mS/cm
Tabel 15 – Overzicht van de karakteristieken voor de metingen van specifieke conductiviteit voor de standaardoplossing van 50 mS/cm (alle getallen in mS/cm, tenzij anders aangegeven)
48,954 Gemiddelde ST dev. Variatiecoëfficiënt Absolute afw. Relatieve fout (%)
18
CTD
1 49,840 0,396
2 48,016 0,420
48,410 /
/ /
45,032 0,314
47,222 0,221
1 44,885 0,068
YSI 10 49,307 0,070
0,8%
0,9%
/
/
0,6%
0,5%
0,1%
0,1%
0,1%
0,887
-0,936
-0,543
-3,921
-1,731
-4,068
0,354
1,470
1,8%
1,9%
1,1%
8,0%
3,5%
8,3%
0,7%
3,0%
Hanna
Seaguard
Valeport
RBR
/ /
WL2022R17_119_1
50 50,423 0,072
Definitieve versie
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
3.1.4
Synthese alle stalen
In deze sectie wordt een overzicht gegeven van de resultaten die in voorgaande paragrafen werden besproken. In Figuur 12 is het duidelijk dat de absolute afwijking van de conductiviteitsmetingen toeneemt naarmate de oplossing zouter wordt. Wanneer men naar de relatieve fouten kijkt (dit is de verhouding van de absolute afwijking over de gemiddelde waarde van de metingen, zie ook §3.1.2) ziet men het tegenovergestelde. De relatieve fout ligt over het algemeen binnen de range van 10%, bij de lagere zoutgehaltes is de spreiding echter groter (Figuur 13 en Figuur 14). Voor de YSI is het duidelijk dat de kalibratie met de standaardoplossing een belangrijke invloed heeft op het resultaat. Voor de YSI_1 worden goede metingen geregistreerd voor de oplossingen met de laagste zoutgehaltes (standaardoplossing 1 mS/cm en Dendersluis). Voor de YSI_10 en YSI_50 wordt een tegengesteld patroon waargenomen. Er is een sterke overschatting van de waarde voor de laagste zoutoplossingen, die afneemt naarmate de zoutconcentratie toeneemt. Het is hierbij opvallend dat de YSI_50 geen betere meetresultaten levert bij de oplossingen met een hogere zoutconcentratie. Voor de Seaguard kon een goede overeenkomst worden gevonden, onafhankelijk van de concentratie. Er werden 2 CTD divers ingezet. Deze hebben op de terreinstalen steeds een bias van ca. 5 % tov de referentie. Dit patroon wordt echter niet bevestigd bij de standaardoplossingen, waar de divers eerder een onderschatting vertonen t.o.v. de referentie en de afwijking ook kleiner is. De Valeport, RBR en Hanna vertonen een goede overeenkomst met de referentie, binnen de 2% foutenmarge, met een grotere afwijking voor de laagste zoutoplossingen. Voor de Valeport, en in mindere mate de RBR, wordt dit niet bevestigd in de metingen op de standaardoplossingen. Eventueel zou het kleiner meetvolume een effect kunnen hebben op de meting zelf. Hetzelfde is nogmaals weergegeven in Figuur 14, waar de relatieve fout is weergegeven in relatie tot de specifieke conductiviteit van de referentie. In Figuur 15 is een overzicht weergegeven van de variatiecoëfficiënt in relatie tot de specifieke conductiviteit. Duidelijke patronen zijn niet waarneembaar en zoals eerder opgemerkt is de variatie van de metingen klein.
Figuur 12 – XY-plot van de metingen voor specifieke conductiviteit (mS/cm) voor de verschillende meettoestellen, ten opzichte van de referentie (IC meting)
Definitieve versie
WL2022R17_119_1
19
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
Figuur 13 – Relatieve fout voor de verschillende meetstalen en meetinstrumenten
Figuur 14 – Verloop van de relatieve fout in relatie tot de opgemeten specifieke conductiviteit in het referentiestaal.
20
WL2022R17_119_1
Definitieve versie
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
Figuur 15 – De variatiecoëfficiënt voor alle meetinstrumenten en metingen
3.2 Saliniteit stalen halftij-ebvaart december 2020 In deze paragraaf worden de resultaten getoond van de analyses uitgevoerd op de stalen van de halftijebvaart 2020 (zie ook §2.2.4). Eerst worden de gemeten conductiviteit getoond (§3.2.1). Nadien wordt dieper ingegaan op de bepaalde saliniteit (§3.2.2), en de gevoeligheid op de bepaalde saliniteit door de gebruikte conductiviteitsmeting (§3.2.3) en type omrekeningsformule (§3.2.4). 3.2.1
Gemeten conductiviteit
Figuur 16 en Figuur 17 geven de conductiviteitsmetingen weer uitgevoerd met de Hanna en de ionenchromatograaf (IC). De laatste is hierbij zowel gekalibreerd op 12,8 mS/cm als op 5 mS/cm. Zoals verwacht is er een duidelijk graduele afname in conductiviteit van afwaarts gelegen meetlocaties naar opwaarts gelegen posten, met een stagnatie ter hoogte van Baasrode. Algemeen is er een goede overeenkomst qua resultaten tussen de verschillende meettoestellen, met uitzondering van Boei 132 opwaarts waarbij een duidelijke afwijking van de Hanna kan vastgesteld worden.
Definitieve versie
WL2022R17_119_1
21
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
Hanna - 11/12/2020
IC 5 - 15/12/2020
IC 12,8 - 17/12/2020
40
Conductiviteit IC [mS/cm]
35 30 25 20 15 10 5 0
Figuur 16 – Overzicht conductiviteitsmetingen stalen Beneden-Zeeschelde (IC 5/IC 12,8 = gebaseerd op IC meting gekalibreerd op 5 en 12,8 mS/cm)
Hanna - 11/12/2020
IC 5 - 15/12/2020
IC 12,8 - 17/12/2020
3 2,5 2 1,5 1 0,5 0
Wintam Steendorp B132 opw… Temsebrug Boelwerf Durmemonding Lippenbroek Branst Veer Mariekerke St. Amands… Buggenhout(ou… Baasrode (veer) De Cramp Moerzeke Vlassenbroek Dendermonde… Dendersluis Zele kasteeltje Zele opw… Appels opw. veer Schoonaarde… Schoonaarde… Wichelen Uitbergen bocht Uitbergen brug… Schellebelle Kerk Schellebelle opw. Wetteren Kwatrecht afw. Kwatrecht Melle
Conductiviteit IC [mS/cm]
3,5
Figuur 17 – Overzicht conductiviteitsmetingen stalen Boven-Zeeschelde (IC 5/IC 12,8 = gebaseerd op IC meting gekalibreerd op 5 en 12,8 mS/cm)
22
WL2022R17_119_1
Definitieve versie
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
3.2.2
Bepaalde saliniteit
Figuur 18 geeft de berekende saliniteit weer ten opzichte van de saliniteit bepaald aan de hand van de ionengehaltes. De berekende saliniteit is gebaseerd op de UNESCO omrekeningsformule (§2.2.2), die de conductiviteit (gemeten met de IC gekalibreerd op 12,8 mS/cm) als input parameter gebruikt. Figuur 19 geeft het relatief verschil weer tussen de berekende saliniteit o.b.v. de UNESCO formule en de saliniteit bepaald op basis van ionengehaltes. Beide figuren tonen de goede overeenstemming aan tussen de berekende saliniteit (UNESCO) en de saliniteit op basis van ionengehaltes. Over het algemeen wijkt de berekende saliniteit minder dan 5 % af van de saliniteit IC (Figuur 19). Enkel voor stalen met een saliniteit <2 ‰ geeft de UNESCO formule een sterke onderschatting van de saliniteit IC.
25
Saliniteit berekend (‰)
20
15
10
5
0
0
5
10
15
20
25
Saliniteit IC (‰) Figuur 18 – Berekende saliniteit (UNESCO gebaseerd op IC meting gekalibreerd op 12,8 mS/cm) versus saliniteit op basis van ionengehaltes. Donkergrijze lijn stelt de 1:1 lijn voor.
Definitieve versie
WL2022R17_119_1
23
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
10
Δ Saliniteit (%)
0
0
5
10
15
20
25
30
-10
-20
-30
-40
-50
Saliniteit IC (‰) Figuur 19 – Relatief verschil tussen berekende saliniteit (UNESCO gebaseerd op IC meting gekalibreerd op 12,8 mS/cm) en saliniteit berekend op basis van ionengehaltes.
3.2.3
Gevoeligheid type conductiviteitsmeting
Figuur 18 geeft de berekende saliniteit weer. De saliniteit is berekend op basis van de UNESCO formule, met als input conductiviteitsmeting deze van de IC gekalibreerd op 12,8 mS/cm. Het type conductiviteitsmeting gebruikt als input voor het berekenen van de saliniteit (Hanna, IC gekalibreerd op 5 mS/cm of 12,8 mS/cm) heeft geen significante impact op de berekende saliniteit. Dit blijkt uit Figuur 20 waarin de berekende saliniteit op basis van de verschillende conductiviteitsmetingen wordt weergegeven. Bij toenemende saliniteit IC (20 – 25 ‰) lijken de resultaten bekomen op basis van de Hanna conductiviteitsmetingen echter in lichte mate af te wijken van deze van de ionenchromatograaf. Figuur 21 geeft gelijkaardige, doch iets grotere, relatieve verschillen weer voor de Hanna metingen ten opzichte van de IC metingen. Algemeen kan echter gesteld worden dat het type conductiviteitsmeting geen significante impact heeft op de berekende saliniteit (UNESCO).
24
WL2022R17_119_1
Definitieve versie
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
Hanna - 11/12/2020
IC 5 - 15/12/2020
IC 12,8 - 17/12/2020
Lineair (1:1)
30
Saliniteit berekend (‰)
25
20
15
10
5
0
0
5
10
15
20
25
30
Saliniteit IC (‰) Figuur 20 – Omgerekende saliniteit (UNESCO) op basis van verschillende type conductiviteitsmetingen versus saliniteit IC.
Hanna - 11/12/2020
IC 5 - 15/12/2020
IC 12,8 - 17/12/2020
10
Δ Saliniteit (%)
0
0
5
10
15
20
25
30
-10
-20
-30
-40
-50
Saliniteit IC (‰) Figuur 21 – Relatief verschil tussen berekende saliniteit (UNESCO) en saliniteit berekend op basis van ionengehaltes.
Definitieve versie
WL2022R17_119_1
25
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
3.2.4
Gevoeligheid omrekeningsformule
In §3.2.3 werd aangetoond dat verschillen in type conductiviteitsmeting geen significant effect hebben op de berekende saliniteit. Voor het berekenen van de saliniteit zijn er echter verschillende omrekeningsformules beschikbaar naast de UNESCO formule (gebruikt in §3.2.3). Deze formules (WL & RWS) worden beschreven in §2.2.2. Figuur 22 en Figuur 23 geven de afwijkingen weer tussen de verschillende omrekeningsformules (o.b.v. conductiviteit IC gekalibreerd op 12,8 mS/cm). Er kan worden vastgesteld dat de resultaten voor de drie berekeningswijzen sterk vergelijkbaar zijn met elkaar. Net als voor UNESCO wijkt de berekende saliniteit voor de WL en RWS omrekening minder dan 5 % af. Enkel voor stalen met een saliniteit <2 ‰ is er een sterke onderschatting van de saliniteit IC. De omrekening volgens RWS is niet weergegeven voor stalen met hogere zoutgehaltes aangezien vanaf dan de UNESCO methodiek van toepassing is (zie §2.2.2, RWS formule).
Figuur 22 – Omgerekende saliniteit (UNESCO, RWS, WL o.b.v. IC gekalibreerd op 12,8 mS/cm) versus bepaalde saliniteit
26
WL2022R17_119_1
Definitieve versie
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
Figuur 23 – Relatief verschil tussen berekende saliniteit (UNESCO, RWS, WL o.b.v. IC gekalibreerd op 12,8 mS/cm) en saliniteit berekend op basis van ionengehaltes.
Definitieve versie
WL2022R17_119_1
27
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
4 Conclusie Analyse van de conductiviteitsmetingen uitgevoerd op 6 stalen met sterk verschillende zoutconcentraties toont aan dat de variatie tussen de verschillende meettoestellen beperkt is, en dat de verschillen binnen de 10% afwijking liggen ten opzichte van de referentie (Figuur 12, Figuur 13 en Figuur 14). Enkel voor de laagste conductiviteiten (≤ 1 mS/cm) wordt de afwijking groter. Beschouwen we de toestellen afzonderlijk dan is het voor de YSI toestellen duidelijk dat de kwaliteit van de metingen zeer sterk afhankelijk is van de keuze van de standaardoplossing voor de kalibratie. Een kalibratie met een standaardoplossing van 1 mS/cm leidt enkel bij zeer lage zoutconcentraties tot goede resultaten, in de andere gevallen wordt steeds een duidelijke onderschatting t.o.v. de referentie waargenomen. De YSI_50 vertoont nooit de beste resultaten, de YSI_10 blijkt het meest geschikt. Voor de CTD divers wordt een continu verschil tussen beide toestellen waargenomen dat niet kan worden verklaard. De Hanna, RBR, Valeport en Aanderaa Seaguard vertonen de beste resultaten. De metingen voor RBR en Valeport voor de standaardoplossing liggen echter niet in lijn met de metingen van de in-situ oplossingen. Het volume van het recipiënt zou hier eventueel een rol kunnen spelen. Op basis van 42 halftij-eb stalen wordt aangetoond dat de berekende saliniteit (op basis van conductiviteit en temperatuur) minder dan 5% afwijkt van de saliniteit bepaald op basis van de ionenconcentraties (Figuur 18 en Figuur 19). Enkel voor de laagste zoutgehaltes (< 2‰, nagenoeg zoet water) onderschat de berekende saliniteit sterk de saliniteit IC. Voor alle omrekeningsformules (UNESCO, WL en RWS) die gebruikt worden om saliniteit te berekenen blijft de afwijking met werkelijke saliniteit binnen de 5% indien het zoutgehalte > 2‰ (Figuur 22 en Figuur 23). Ook het type conductiviteitsmeting heeft slechts een beperkte invloed op de berekende saliniteit en afwijking met saliniteit IC. Hier dient echter opgemerkt te worden dat de conductiviteitsmetingen van de halftij-eb stalen enkel uitgevoerd werden met Hanna en IC. Grotere afwijkingen kunnen mogelijks optreden indien andere meettoestellen gebruikt worden. Over het algemeen is de afwijking in conductiviteit met de referentie (IC) van de verschillende toestellen < 10%. Samenvattend kunnen we stellen dat de continue conductiviteitssensoren die WL-HIC gebruikt om saliniteit te berekenen representatief zijn voor de werkelijke saliniteit. Verschillende formules kunnen gebruikt worden om de saliniteit te berekenen. Het WL-HIC maakt gebruik van de UNESCO formule aangezien deze goed de werkelijke saliniteit benadert en algemeen wordt toegepast. Indien de saliniteit < 2 PSU 4 bedraagt (dit is wanneer de berekende saliniteit sterk begint af te wijken van de werkelijke saliniteit), wordt dit meegegeven in de kwaliteitsvlaggen van de berekende data in de HIC databank.
Practical Salinity Unit. Gebruikte eenheid voor berekende saliniteit met UNESCO formule. Stemt nagenoeg overeen met ‰. 4
28
WL2022R17_119_1
Definitieve versie
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
5 Referenties De Boeck, K.; Van Hoestenberghe, T.; Vanlierde, E.; Deschamps, M.; Verwaest, T.; Mostaert, F. (2014). Saliniteit – Chloriniteit – Chlorositeit: Relaties in gebruik in zeewater en in de BenedenZeeschelde. Versie 3.0. WL Rapporten, 12_076. Waterbouwkundig Laboratorium: Antwerpen, België. Fofonoff, N.P. and Millard Jr, R.C. (1983). Algorithms for the computation of fundamental properties of seawater. Paris, France, UNESCO, 53pp. (UNESCO Technical Papers in Marine Sciences; 44), http://hdl.handle.net/11329/109. Kuijt, A. (2005). Zoutafleiding – bijlage bij de RWS standaard. Vandenbruwaene, W.; Bertels, J.; Michielsen, S.; Thant, S.; van den Berg, M.; Brackx, M.; Hertoghs, R.; Claeys, S.; Plancke, Y.; Vereecken, H.; Meire, D.; Deschamps, M.; Mostaert, F. (2021). Monitoring Effecten Ontwikkelingsschets (MONEOS) – Jaarboek monitoring 2020: Data rapportage monitoring waterbeweging en fysische parameters in Zeeschelde en bijrivieren. Versie 4.0. WL Rapporten, PA047_10. Waterbouwkundig Laboratorium: Antwerpen.
Definitieve versie
WL2022R17_119_1
29
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
Bijlage: Overzicht uitgevoerde metingen met terreintoestellen A. CTD Er werden tijdens de testen 2 CTD divers ingezet, met name diver 1271 en diver 7983. Deze werden ingezet met een meetfrequentie van 1 seconde. Een overzicht van de verschillende meetstappen is weergegeven in Tabel 16 en Figuur 24. De metingen met beide toestellen werden steeds parallel uitgevoerd, met uitzondering van de kalibratievloeistof van 1 mS/cm, waar diver 2 iets later werd ingebracht, vergeleken met diver 1 (Tabel 16). Het is duidelijk uit Figuur 24 dat voor alle meetwaarden een constante meting werd bekomen, met uitzondering van de meting op de standaard van 50 mS/cm, waar voor beide instrumenten een licht stijgend verloop wordt geobserveerd voor deze meting (rond 10:05 in Figuur 24). De tijd om een stabiele meetwaarde te bekomen is ook verwaarloosbaar. Voor Emden wordt één uitschieter waargenomen (rond 10:15). De langste meting bevat 341 samples, de kortste meting heeft 56 samples. Om de variabiliteit onafhankelijk te maken van het aantal metingen, werden meetreeksen met een lengte van 55 samples geselecteerd. Deze periodes zijn aangeduid in Figuur 24 met een grijze achtergrond. Tabel 16 – Overzicht van de verschillende meetstappen voor beide gebruikte divers, met starttijd en aantal samples per meetstap
Staal Dendersluis Steendorp Deurganckdok B85a Emden Zeewater Mariakerke 1 mS/cm 10 mS/cm 50 mS/cm
Definitieve versie
Start (D1) 11:05:28 11:07:07 11:08:32 11:09:57 11:11:14
Start (D2) 11:05:28 11:07:07 11:08:32 11:09:57 11:11:14
Samples (D1) 79 56 56 94 84
Samples (D2) 32 56 56 94 84
11:16:58
11:16:58
80
80
11:00:00 11:02:42 11:04:04
11:01:14 11:02:42 11:04:04
80 341 89
80 341 89
WL2022R17_119_1
B1
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
Figuur 24 – Verloop van de conductiviteit over de volledige meetperiode - divers. De verticale lijnen geven de afbakening weer van de meting in de verschillende oplossingen.
B2
WL2022R17_119_1
Definitieve versie
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
B.
Valeport
Het Valeport toestel werd ingesteld met een meetfrequentie van 1 Hz. In de output files wordt de specifieke conductiviteit niet weergegeven, deze werd bepaald op basis van de vergelijking in §2.1.2. De metingen van de hoogste conductiviteiten vertonen een wat minder stabiele meting, voor de standaardvloeistof worden 2 stabilisatieniveaus waargenomen. Voor het zeewater eveneen,s maar is er minder ruis op de meting. Deze ruis zou eventueel te wijten kunnen zijn aan het kleiner recipiënt vna de standaardoplossing, aangezien deze ook te zien is voor de standaardoplossing van 10 mS/cm. Ook hier werd de de lengte van de kortste meetperiode weerhouden voor de analyse van alles samples, er werd dus gewerkt met 71 samples, zoals ook weergegeven in Figuur 25. Tabel 17 – Overzicht van de verschillende meetstappen, met starttijd en aantal opgemeten samples met de Valeport sonde
Staal 1 mS/cm 10 mS/cm 50 mS/cm Dendersluis Steendorp Deurganckdok B85a Emden Zeewater Mariakerke
Start 12:21:49 12:25:01 12:28:16 12:29:40 12:31:17 12:32:16 12:33:22 12:34:28
Samples 217 222 99 153 78 97 97 91
12:35:40
71
Figuur 25 – Verloop van de conductiviteit over de volledige meetperiode - Valeport sonde. De verticale lijnen geven de afbakening weer van de meting in de verschillende oplossingen.
Definitieve versie
WL2022R17_119_1
B3
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
C.
Seaguard
De Seaguard is ingesteld met een meetfrequentie van 0,25 Hz, m.a.w. 1 meting om de 4 seconde. De specifieke conductiviteit is niet als parameter weergegeven in de outputfile, en werd berekend op basis van de formule weergegeven in §2.1.2. Bij de Seaguard werden geen metingen gedaan met de kalibratievloeistoffen, de metingen op het terrein werden wel uitgevoerd, er zijn m.a.w. 6 meetstalen bemeten. Het kleinste aantal metingen in een meetstaal is 25, de statistieken werden dan ook bepaald met dit aantal metingen (Tabel 19). De aflijning van de verschillende metingen is weergegeven in Figuur 26, alsook de geselecteerde periode voor de analyse (grijze achtergrond). Tabel 18 – Overzicht van de verschillende meetstappen, met starttijd en aantal opgemeten samples met de Seaguard sonde
Staal Dendersluis Steendorp Deurganckdok B85a Emden Zeewater Mariakerke
Start 11:47:06 11:48:38 11:50:12 11:51:38 11:53:48
Samples 34 32 25 41 36
11:55:46
39
Figuur 26 – Verloop van de conductiviteit over de volledige meetperiode - Seaguard sonde. De verticale lijnen geven de afbakening weer van de meting in de verschillende oplossingen.
B4
WL2022R17_119_1
Definitieve versie
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
D. RBR Het RBR meettoestel werd Ingesteld met een meetfrequentie van 0.5 Hz. Een overzicht van de verschillende meetstappen is weergegeven in Tabel 19 en Figuur 27. Met uitzondering van de derde meetstap, lijken de waarden steeds stabiel en snel bereikt na het inbrengen van de sonde in de oplossing. De langste meting bevat 115 samples, de kortste meting heeft 41 samples. Om de variabiliteit onafhankelijk te maken van het aantal metingen, werden meetreeksen met een lengte van 41 samples geselecteerd. Tabel 19 – Overzicht van de verschillende meetstappen, met starttijd en aantal opgemeten samples met de RBR-ctd sonde
Staal 1 mS/cm 10 mS/cm 50 mS/cm Dendersluis Steendorp Deurganckdok B85a Emden Zeewater Mariakerke
Start (D1) 11:23:50 11:27:00 11:28:25 11:30:15 11:32:06 11:34:10 11:35:53 11:37:42
Samples 115 41 56 59 63 46 55 46
11:39:10
48
Figuur 27 – Verloop van de specifieke conductiviteit opgemeten met de RBR over de volledige meetperiode. De verticale lijnen geven de afbakening weer van de meting in de verschillende oplossingen.
Definitieve versie
WL2022R17_119_1
B5
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
E.
YSI
In deze test werden drie YSI multiparametersondes getest. Deze staan alle 3 ingesteld met een meetfrequentie van 2 Hz. Het verschil tussen de verschillende YSI’s is de kalibratievloeistof die gebruikt werd, de toestellen zijn respectievelijk gekalibreerd met een vloeistof van 1 mS/cm, 10 mS/cm en 50 mS/cm. Een overzicht van de starttijd en het aantal metingen per oplossing is weergegeven in Tabel 20. In Figuur 28, Figuur 29 en Figuur 30 is dit weergegeven voor respectievelijk de YSI_1, YSI_10 en YSI_50. Het is duidelijk, dat de meetwaarden direct stijgen tot nagenoeg een plateau, en dan nog even licht doorstijgen tot een constante waarde, zeker voor de stalen met een hogere specifieke conductiviteit. Er wordt in de analyse gewerkt met de gemiddelde waarde van 60 stalen, aangezien dit het minimum aantal samples is voor 1 meetstap. Tabel 20 – Overzicht van de verschillende meetstappen, met starttijd en aantal opgemeten samples, voor de verschillende YSIs.
Staal Dendersluis Steendorp Deurganckdok B85a Emden Zeewater Mariakerke 1 mS/cm 10 mS/cm 50 mS/cm
B6
YSI _ 1 Start Samples 9:38:08 98 9:39:09 96 9:40:07 123 9:41:35 60 9:42:15 72
YSI _ 10 Start Samples 9:49:30 65 9:50:13 133 9:51:38 114 9:52:55 60 9:53:31 75
YSI _ 50 Start Samples 10:03:56 163 10:05:30 126 10:06:40 162 10:08:21 105 10:09:17 218
9:42:58
137
9:54:14
108
10:11:09
179
9:44:11 9:45:01 9:45:51
93 87 83
9:55:10 9:56:08 9:56:52
105 79 122
10:12:40 10:14:02 10:15:20
158 144 684
WL2022R17_119_1
Definitieve versie
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
Figuur 28 – Verloop van de specifieke conductiviteit opgemeten met de YSI_1 over de volledige meetperiode. De verticale lijnen geven de afbakening weer van de meting in de verschillende oplossingen.
Figuur 29 – Verloop van de specifieke conductiviteit opgemeten met de YSI_10 over de volledige meetperiode. De verticale lijnen geven de afbakening weer van de meting in de verschillende oplossingen.
Definitieve versie
WL2022R17_119_1
B7
Bepaling saliniteit op basis van conductiviteits- en temperatuursmetingen - Rekenmethodiek en gevoeligheidsanalyse
Figuur 30 – Verloop van de specifieke conductiviteit opgemeten met de YSI_50 over de volledige meetperiode. De verticale lijnen geven de afbakening weer van de meting in de verschillende oplossingen.
B8
WL2022R17_119_1
Definitieve versie
DEPARTEMENT MOBILITEIT & OPENBARE WERKEN Waterbouwkundig Laboratorium Berchemlei 115, 2140 Antwerpen T +32 (0)3 224 60 35 F +32 (0)3 224 60 36 waterbouwkundiglabo@vlaanderen.be www.waterbouwkundiglaboratorium.be