Skip to main content

STUDIE 82 BEROEPSPROFIEL. logistieke technologie.pdf

Page 1

STUDIE 82 BEROEPSPROFIEL logistieke technologie


BEROEPSPROFIEL logistieke technologie

sector : studiegebied : opleiding : beroep :

metaal-elektriciteit-kunststoffen industriële wetenschappen en technologie logistieke technologie verantwoordelijke inkoop, productie, voorraad en magazijn, distributie, business to businessmarketing, zorgsystemen

Werkgroep beroepsprofiel van de Vlaamse Hogescholen in opdracht van de Vlaamse Onderwijsraad D/1998/6356/22 De leden van de werkgroep beroepsprofielen zijn inhoudelijk verantwoordelijk voor het beroepsprofiel. De Vlor heeft enkel ingestaan voor een uniforme en toegankelijke lay-out.


I N H O U D B E R O E P S P R O F IE L L O G IS T IE K E T E C H N O L O GI E

INHOUD

1

2

3

4

5

IDENTIFICATIE

1

1.1

Identificatiegegevens

1

1.2

Opdracht 1.2.1 Opdrachtgever 1.2.2 Doelstellingen

1 1 1

1.3

Procedure

3

1.4

Methode

4

VOORONDERZOEK

6

2.1

Socio-economische structurele ontwikkelingen in de sector 2.1.1 Macro-economische situering van de sector 2.1.2 Beschrijving van de ontwikkelingen in de sector

6 6 7

2.2

Analyse van de arbeidsmarkt 9 2.2.1 Gegevens van tewerkstelling in de sector 9 2.2.2 Gegevens over het beroep 10 2.2.3 Gegevens over de functies verbonden aan het beroep en relatering aan het beroep 11 2.2.4 Relateren van functies aan het beroep 12

VASTLEGGING VAN DE BEROEPENSTRUCTUUR EN DE BEROEPENCLUSTERS

14

IN KAART BRENGEN VAN RELATIE TUSSEN BEROEPEN EN OPLEIDINGEN

15

HET EIGENLIJKE BEROEPSPROFIEL

17

5.1

Benaming

17

5.2

Beschrijving van het beroep

17

5.3

Beschrijving van de activiteiten 5.3.1 Taken 5.3.2 Beroepscontext

17 17 49

5.4

Ondersteunende kennis 5.4.1 Gemeenschappelijke basiskennis 5.4.2 Algemene beroepsgerichte kennis 5.4.3 Specifieke kennis in functie van het beroep 5.4.4 Aanbeveling naar het leerplan

49 49 49 50 53

5.5

Beroepshoudingen

53

5.6

Beroepsdrempels

54


I N H O U D B E R O E P S P R O F IE L L O G IS T IE K E T E C H N O L O GI E

6

7

8

9

NIVEAU VAN HET BEROEP IN DE SECTOR

55

6.1

Omschrijving van het niveau

55

6.2

Criteria: verantwoordelijkheid, complexiteit, transfer

55

6.3

Niveaubepaling 6.3.1 Niveaubepaling 6.3.2 Motivatie

55 55 55

CONTROLE INTERNE CONSISTENTIE EN VERIFICATIE REALISTISCH KARAKTER

56

BIBLIOGRAFIE

57

8.1

Vraag naar de opleiding

57

8.2

Begrippenkader

57

8.3

Gebruikte bronnen 8.3.1 Inventaris beroepsprofiel 8.3.2 Bibliografie

57 57 58

MEDEWERKERS

59


B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

1

1.1

1

IDENTIFICATIE

Identificatiegegevens Sector

:

Elektriciteit, Metaal en Kunststoffen

Beroepen

:

verantwoordelijke inkoop verantwoordelijke productie verantwoordelijke voorraad en magazijn verantwoordelijke distributie verantwoordelijke business to businessmarketing verantwoordelijke zorgsystemen Noot De term "verantwoordelijke" is een algemene term voor de veelheid van functiebenamingen ("medewerker", "officer", “foreman", "supervisor", "buyer", "assistant", "manager") die in het moderne bedrijfsleven gangbaar zijn.

Diploma

:

graduaat in Logistieke Technologie

Opleiding

:

één cyclus in het studiegebied Industriële Wetenschappen en Technologie

1.2

Opdracht

1.2.1

Opdrachtgever Dit beroepsprofiel is tot stand gekomen op initiatief van de Vlaamse minister van Onderwijs, Luc van den Bossche, en met technische medewerking van de Vlaamse Onderwijsraad.

1.2.2

Doelstellingen Een fundamenteel uitgangspunt bij de ontwikkeling van beroepsprofielen is dat een opleiding de studenten minder en minder tot een specifiek beroep kan voorbereiden. Het bedrijfsleven is meer geïnteresseerd in het niveau van de afgestudeerde. De leerinhouden die tijdens de opleiding worden doorgegeven, krijgen daardoor een wat andere functie. Zij moeten in de eerste plaats degelijke basiskennis en basisvaardigheden tot gevolg hebben die verder leren, meer dan ooit een levenslange opdracht, kunnen steunen. Het gaat hier o.a. om inzicht in fundamentele principes, probleemoplossend denken, systematisch werken, creatieve bevraging binnen de grenzen van het kennisdomein, in teamverband werken, informatiestromen oproepen en verwerken, persoonlijk initiatief nemen als bijdrage in een gezamenlijk geheel, zorgvuldig en verantwoord handelen, kritisch denken.


2

B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

Dit betekent niet dat de leerinhouden de ontwikkelingen in techniek en wetenschappen niet hoeven te volgen. Het belang van relevante inhouden ligt voor een belangrijk deel in de motiverende meerwaarde voor studenten tijdens het studeerproces, vooral dan in het laatste deel van de opleiding. Het verschil met vroeger is wellicht dat een bepaalde leerinhoud geen beperking meer betekent naar een of andere specifieke taak op de arbeidsmarkt. Een van de meest opvallende gevolgen van deze stille omwenteling is dat afgestudeerden in principe een ruimer toekomstbeeld voor zich hebben als ze zich op de arbeidsmarkt begeven. Een actieve, marktexplorerende houding is hierbij de sleutel tot succes. Afgestudeerden moeten zelf op zoek gaan naar (vaak onvermoede) functies die vroeger niet of nauwelijks bestonden, of aan anders gediplomeerden werden toegewezen. De job die men wenst te vinden, zal gedefinieerd moeten worden in termen van functie- en verantwoordelijkheidsniveau, persoonlijke eigenschappen, bereidheid tot inhoudelijke bijscholing in domeinen die niet tot de schoolopleiding behoorden enz. Wie zich richt op klassieke, taakinhoudelijke functies, zal ondervinden dat de parameters bij aanwerving op dit punt aan het verschuiven zijn. Zoals hierboven al gesteld, zijn persoonlijke kwaliteiten minstens even belangrijk als de kennis-theoretische bagage van de sollicitant of werknemer. Doordacht initiatief nemen, zelfstandig werken, niet afwachten maar anticiperen, vooruitredeneren en consequenties voorzien, het zijn allemaal typische eigenschappen van functies waarbij het individu in een organisatie mee denkt en mee verantwoordelijkheid draagt, en niet uitsluitend uitvoert. Vooral in KMO's worden deze kwaliteiten bijzonder op prijs gesteld, of het gebrek eraan aangevoeld. Bij het omgaan met technische en wetenschappelijke inhouden is een doeltreffende, inhoudonafhankelijke methodologie veelal belangrijker dan parate kennis. Bedoeld worden: analyseren, probleemoplossend denken, creatieve transfer van vruchtbaar gebleken denkpatronen naar nieuwe inhouden en problemen, orde en stiptheid in uitvoering enz. Dat talenkennis, communicatievaardigheden en sociale vaardigheden bij dit alles een kardinale rol spelen en vanzelfsprekende vereisten geworden zijn, hoeft geen verder betoog. Beroepsprofielen opstellen is dus een zaak van lange adem, omdat zoveel verschillende partijen moeten worden geconsulteerd, en omdat zoveel verschillende gegevens moeten worden geïntegreerd. Het uiteindelijke doel van een beroepsprofiel (misschien is de term zelf ook wel aan herziening toe?) moet zijn dat een student(e) in spe zich een duidelijk beeld kan vormen van wat een bepaald diploma hem/haar op de arbeidsmarkt aan toekomstperspectief biedt. Het moet een visiedocument zijn van wat een afgestudeerde idealiter zou moeten kennen, en vooral, kunnen. Het moet duidelijk maken waarom bv. gegradueerden Logistieke Technologie geen TSO-ers zijn, of geen industrieel ingenieurs. Het moet de specifieke, onvervangbare eigenheid van een opleiding aantonen, en de student helpen in een verantwoorde studie-, arbeids- en levenskeuze.


B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

1.3

3

Procedure De opleiding graduaat Technologie werd eind 1995 omgevormd tot graduaat in Logistieke Technologie. Deze aanpassing had alles te maken met primo het profiel van het oude graduaat Technologie en secundo nieuwe en fundamenteel duurzame trends in het moderne bedrijfsleven. De oude opleiding graduaat Technologie had tot doel om studenten op te leiden voor taken in de industrie in de breedste zin van het woord. Deze opleiding leverde technisch geschoolden af die hun kennis en vaardigheden inzetten in omgevingen waarin techniek de primaire bron is van toegevoegde waarde, of waarin techniek een centraal aandachtspunt is. De eigenheid van deze opleiding lag in de benadering van de techniek. Het specifieke kenmerk bij uitstek van de afgestudeerde Technologie was dat hij/zij de techniek een meerwaarde moest geven in taken waarin de techniek moet worden geadministreerd, uitgelegd, aangekocht, gepland, verkocht, gestuurd, gecontroleerd, geoptimaliseerd. Het is precies deze benadering die de gegradueerde Technologie moest onderscheiden van andere technisch gegradueerden. Concreet leidde deze benadering tot vier beroepscategorieën en -omschrijvingen. Technisch-administratief medewerker De technisch-administratief medewerker verricht die administratie die het technisch proces binnen een bedrijf of organisatie moet begeleiden en ondersteunen. Het gaat hier om o.a. technische offertes, facturaties, prijscalculaties, procedures, technische rapporten, administratie en opvolging van service, aankoop en verkoop. Technisch-commercieel medewerker De technisch-commercieel medewerker verkoopt aan en onderhandelt met (mogelijke) klanten over technische inhouden. Hij/zij vangt klanten op, en geeft ondersteuning aan personen of diensten binnen het bedrijf die met klanten in contact komen. Het gaat hier o.a. om service na verkoop, vertegenwoordiging ter plaatse en klantendiensten. Logistiek medewerker De logistiek medewerker is verantwoordelijk voor binnenkomende, interne en uitgaande goederenstromen en productiemiddelen. Hij/zij plant en controleert deze stromen m.b.t. prijs, levering, opslag, orders- en afzetprognoses, intern transport, routing en verzending zo efficiënt mogelijk. Het gaat hier o.a. om voorraadbeheer, magazijnbeheer, planning en werkvoorbereiding, bestellingen, materials handling en lay-out. Productiemedewerker De productiemedewerker staat in voor het operationeel houden van de productie, en coördineert ze. Bovendien controleert hij de efficiëntie van de productieprocessen en de kwaliteit van de producten. Het gaat hier o.a. om procesbesturing, productiecoördinatie, kwaliteitszorg en afvalbeheersing. Het zal duidelijk zijn dat deze beroepen zich vooral situeren in het raakveld van techniek met domeinen als distributie, in- en verkoop, zorgsystemen (kwaliteit, veiligheid, milieu), voorraadbeheer. De term die het bedrijfsleven de laatste jaren op de integratie en efficiëntie-maximalisatie van deze domeinen is gaan plakken is "logistiek". De goederenstroombesturing, van aankoop over productie en opslag tot


4

B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

verkoop en distributie, is een aspect dat relatief recent naar het centrum van de industriële aandacht is geschoven. Lean Management, Just In Time, Theory Of Constraints, Systematic Handling Analysis enz. moeten kostenbesparend werken op zowat elke beweging of beslissing die zich binnen een bedrijf voordoet. Deze systemen zijn typisch afdelingoverschrijdend, en raken zowat elk onderdeel van de bedrijfsactiviteit. Na grondstoffen en arbeid is interne en externe "materials handling" de laatst overblijvende factor waarin meer efficiëntie en planning tot besparing moeten leiden. De overgang van de opleiding "Technologie" naar "Logistieke Technologie" lag dan ook voor de hand als we dezelfde taal als het bedrijfsleven wilden gaan spreken. Enquêtes bij afgestudeerden en stagebedrijven lagen aan de basis van het beroepsprofiel dat voor de oude opleiding Technologie in 1995 werd ontwikkeld. Dit beroepsprofiel was dus in essentie een gestructureerde afspiegeling van taken die afgestudeerden in het beroepsleven uitvoerden. Het beroepsprofiel dat nu ter tafel ligt, mist deze empirische onderbouw (zie verder bij 5 Het eigenlijke beroepsprofiel). Zonder de algemeen-technische achtergrond van de hier beschreven beroepen te vergeten, wil dit beroepsprofiel de nieuwe richting van de logistiek in haar takenpakket opnemen, om de toekomst-gerichtheid van de opleiding Logistieke Technologie te garanderen. De vernieuwing t.o.v. het oude beroepsprofiel schuilt in de radicale keuze voor logistiek zoals die zich nog aan het ontwikkelen is in het Vlaamse en Europese bedrijfsleven. In dat opzicht is dit profiel provocerend, omdat de hier beschreven functies vaak nieuw zijn en er dus (nog) niet voldoende afgestudeerden voorhanden zijn om te ondervragen.

1.4

Methode Enquêtes bij afgestudeerden waren om de hierboven beschreven redenen niet mogelijk. Toch zijn er voldoende professionele instanties in de logistiek op wie wij een beroep mochten doen. De bewandelde weg naar dit beroepsprofiel was de volgende. 1 Opstellen van een ontwerptekst door lesgevers Logistieke Technologie a.d.h.v. vakliteratuur en het Eindrapport Profielenonderzoek Logistieke Functies dat in Nederland voor de technische HBO-opleidingen logistiek is opgesteld. 2 Voorleggen van deze tekst aan een aantal beroepsfederaties, instanties en professionals, met name: – Studiegroep Logistiek Vlaamse Ingenieurskamer – Product and Inventory Control Society – Werkgroep Logistiek – Logistiek coördinator Limburg – Centrum voor Industrieel Beleid, Katholieke Universiteit Leuven – Nationale Vervoersacademie, Hogeschool Venlo – Fabrimetal – Vereniging voor Inkoop en Bedrijfslogistiek – Individuele professionals uit het bedrijfsleven (zie verder 9 Medewerkers) 3 Valideringsvergadering op 19 november 1997 op de Campus HIKempen Geel van de Katholieke Hogeschool Kempen met vertegenwoordigers van bovengenoemde groepen en van de Vlaamse Onderwijsraad. 4 Integratie van amendementen en opmerkingen tot eindtekst.


B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

5

Een beroepsprofiel is nooit af, en moet dus regelmatig geüpdatet worden. Het is trouwens de expliciete bedoeling van de Vlaamse Onderwijsraad om dit proces in handen te nemen en mee te begeleiden. Voor het beroepsprofiel dat nu voorligt, zullen de volgende elementen het toekomstig karakter mee beïnvloeden. − Op Europees niveau hebben de logistieke beroepsverenigingen binnen het ELA, de European Logistics Association, een kader uitgewerkt waarin zij hun beroepsprofielen positioneren. In een volgende aanpassing moet zeker rekening worden gehouden met de mate waarin het bedrijfsleven in Vlaanderen zich herkent in deze profielen, en dit om de relevantie van dit kader te toetsen aan de situatie op het terrein. Een eerste toetsing wees uit dat het beroepsprofiel dat hier voorligt alvast zeer dicht bij de ELA-profielen aanleunt. − Een functie die in opmars is, maar die nog niet is opgenomen in dit beroepsprofiel, is die van de verkoper binnendienst. Het gaat hier o.m. om taken als orderbeoordeling en -acceptatie, onderzoek naar technische alternatieven, koppeling tussen productie en verkoop m.b.t. bv. leverbetrouwbaarheid en customer service. Naarmate de verkoper binnendienst een meer uitgesproken profiel krijgt in de logistiek, moet in een volgende versie van dit profiel deze functie mee worden opgenomen. − Om kwaliteit, doorlooptijd, enz. op een adequate manier te organiseren, wordt meer en meer gesproken van "concurrent engineering". Dit betekent dat rond bepaalde taakgebieden een goede onderlinge communicatie tussen afdelingen nodig is om een gegeven resultaat te behalen. In een volgende beroepsprofiel moet er aandacht zijn voor dit soort van samenhang tussen de verschillende functies. − Verder kan de vraag worden gesteld of onderhoud en productontwikkeling niet in het profiel ontbreken: beide kunnen ook in het licht van de goederenstroom bekenen worden (bv. afstemming van nieuwe producten op bestaand productiesysteem). Een volgende versie moet hierover minstens een uitspraak doen.


6

B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

2

VOORONDERZOEK

2.1

Socio-economische structurele ontwikkelingen in de sector

2.1.1

Macro-economische situering van de sector De contouren van de (voornamelijk productie-)nijverheid in Europa zijn de laatste jaren ingrijpend veranderd en hertekend onder invloed van een aantal maatschappelijke tendensen. In alle geledingen van de maatschappij wordt de economischsociale context herdacht, omdat de West-Europese economieën sinds de jaren tachtig langzaam maar zeker de hete adem in de nek voelen van delen in de wereld die zich economisch aan het ontwikkelen zijn in een duizelingwekkend tempo. Zo is er de befaamde Pacific Rim, met al wat gevestigde maar nog steeds bijzonder solide en vernieuwende economische regio's als de Amerikaanse westkust en Japan. In die Rim zitten bovendien een aantal economische tijgers die hun economische ontwikkeling al ver hebben doorgevoerd (Singapore, Taiwan, Hong Kong) of aan het doorvoeren zijn (Maleisië, Indonesië, Thailand). De grootste economische krachtpatser van de volgende eeuw ligt precies ook in deze regio: China. Met een oneindig reservoir van mensen, grondstoffen, werkethiek en een "pragmatische" opvatting van de communistische leer is dit land al jaren een enorme aantrekkingspool van miljardeninvesteringen. Een tweede concurrentieblok vormt het voormalige oostblok. De succesrecepten van deze wereldregio zijn, alhoewel cultureel verschillend ingebed, zowat dezelfde als die van de Pacific Rim: relatief goedgeschoolde werkkrachten en een bevolking die snel materiële welstand wenst en dus bereid is om tegen lage lonen te werken. Een bijkomende troef voor dit deel van Europa is dat zijn afstand voor WestEuropese bedrijven in één of twee dagen fysisch overbrugbaar is, zodat delocalisatie een harde realiteit is geworden voor het economische weefsel in onze contreien. Ook de Verenigde Staten van Amerika zijn en blijven een performant en groot economisch machtsblok, dat zich met NAFTA nog uitbreidt naar Canada en Mexico, en (later) Zuid-Amerika. Anderzijds vormen deze regio's potentiële groeimarkten voor (meestal hoogwaardige) kwaliteitsproducten, daar waar de binnenlandse markt typisch een verzadigde markt is (vervanging van producten i.p.v. eerste aankoop). Een tweede stille revolutie in de West-Europese landen is die van de sterk vergrijzende bevolking. De sociale-zekerheidssystemen die de gemengde economieën van deze landen sinds de Tweede Wereldoorlog opgezet hebben, komen hierdoor onder zware druk te staan door stijgende kosten voor pensioenen en ziekteverzekering. Grote tekorten op de overheidsbegroting zijn het gevolg. Ook de grote werkloosheid onder alle lagen van de actieve bevolking is een zware dobber voor de sociale zekerheid. Deze werkloosheid heeft als structurele oorzaak het groter aanbod van werkzoekers sinds de jaren 60 (van éénverdiener- naar tweeverdienersgezinnen), de automatisering van de arbeid (van industriële economie naar diensteneconomie), de toegenomen concurrentie van de hierboven beschreven economische regio's en de in ver-


B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

7

gelijking met de rest van de wereld extreem zware belasting op arbeid o.m. om het systeem van sociale zekerheid in stand te houden.

2.1.2

Beschrijving van de ontwikkelingen in de sector 2.1.2.1 Socio-economische factoren De hierboven beschreven trends zijn niet van voorbijgaande aard en duiden op een vernieuwing die West-Europese economieën aan het ondergaan zijn. Produceren kan alleen nog in dit deel van de wereld als de kosten verminderd kunnen worden, en de meerwaarde voldoende hoog en uniek is door innovatie en kwaliteit. De arbeidskost is daarin een bedrijfseconomisch nadeel dat door een goed logistiek beheer (naast traditionele oplossingen als automatisering en informatisering) kan worden opgevangen. Logistiek is dan de beheersing van en de zorg voor de integrale goederen-, informatie- en geldstroom, van grondstof tot halffabrikaat en eindproduct (materials handling), en van eindproduct tot een juiste aflevering bij de klant (fysieke distributie). Het gaat concreet over inkoop, aanvoer, inslag, opslag, overslag, uitgifte grondstoffen, werkbeheer, voorraadbeheer van grondstoffen en eindproducten, orderverwerking, expeditie en distributie. Logistiek is een integraal management van deze lange doch samenhangende keten in inkoop, productontwikkeling, productieplanning en -uitvoering, intern en extern transport, opslag en voorraad, marketing, klantenservice. De logisticus is een generalist die deze complexe verscheidenheid overziet en daarin keuzes maakt of voorstelt. Het doel is steeds om de totale kosten van deze stromen zo laag mogelijk te houden met behoud of verbetering van de interne en externe service. Dit logistiek beheer gebeurt nog veelal met eigen mensen, maar ook hier komt outsourcing naar gespecialiseerde buitenbedrijven in logistieke dienstverlening de kop opsteken. Een stap verdergaand en nu al indicatief voor de weg die onze economie aan het opgaan is, zijn de zgn. distributiecentra. Deze centra produceren niets, maar krijgen geproduceerde goederen in bulk binnen (veelal uit regio's met een lage loonlast). Verpakking, opslag en gerichte distributie naar eindgebruikers zijn de enige meerwaarde die deze centra aan het product meegeven (warehousing, Value Added Logistics). In Vlaanderen zijn regio's als Limburg en het Waasland zich qua infrastructuur en investeringsklimaat expliciet aan het profileren als logistieke regio's, en dit met de expliciete bedoeling tot economische vernieuwing en jobcreatie. Dat deze politiek werkt, bevestigen de bedrijven in logistieke dienstverlening die er zich recentelijk vestigden en op korte tijd honderden jobs hebben gecreëerd. 2.1.2.2 Technologische factoren Drie ontwikkelingen bepalen het technologische kader waarin de logistiek zich begeeft op dit moment. Ten eerste is er de informatievoorziening resp. automatisering die een rechtstreeks gevolg is van de integratie en samenhang in de logistiek van alle bedrijfsactiviteiten, en die zich vertaalt in informaticatoepassingen (bv. geïntegreerde databases), procesautomatisering (bv. geautomatiseerde magazijnen en intern transport), robotisering (bv. in productie), computer integrated manufacturing. Dit alles heeft tot doel de goederenstroom direct en duidelijk te sturen, en zo in te spelen op techno-


8

B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

logische vernieuwingen en marktevoluties door samenwerking en afstemming tussen afdelingen binnen het bedrijf, en tussen bedrijven onderling. Gekoppelde geautomatiseerde systemen zijn in dit opzicht voor een volledig geïntegreerde goederenstroombeheersing onmisbaar geworden. De informatiestroom die de goederenstroom daarbij begeleidt, zorgt voor overzicht en besturing. Goederen moeten op het juiste moment, op de juiste plaats in de juiste hoedanigheid en de juiste hoeveelheid aanwezig zijn om voorraden te minimaliseren. Zo zal bv. de inkoper niet zo goedkoop mogelijk inkopen via grote hoeveelhedenkortingen, maar inkopen op basis van aanlevermoment, kwaliteit, flexibiliteit, ordergrootte, leverhoeveelheden, transportverpakking enz. Dit leidt tot een grotere selectie van leveranciers, waarbij de mate van voldoen aan de wensen van het bedrijf belangrijker zijn dan alleen de kostprijs. De inkoopkosten zullen misschien stijgen, maar de totale bedrijfskosten dalen omwille van bv. sterk gereduceerde voorraden, minder handling en flexibeler reacties op marktontwikkelingen. Voorraadbeheerders krijgen te maken met sterk wisselende en minieme voorraadhoeveelheden die op verschillende momenten worden aangeleverd bij de werkplaats of de klant. Centraal beheer van grote voorraden heeft hierin geen plaats meer. Ook het transport is gericht op aanlevering van het minimaal benodigde op het juiste moment. Ten tweede zijn er de zorgsystemen (kwaliteit, veiligheid, milieu) die op verregaande en alomtegenwoordige wijze elke bedrijfsactiviteit beïnvloeden. Vooral de kwaliteitseisen leiden tot beheersing van kosten en grotere klantgerichtheid. Besparingen worden verwezenlijkt door bv. integratie van intern en extern transport, beheersing van de pijplijn, integratie van bedrijven onderling (toeleveranciers, bedrijven uit eigen groep), kostenbeheersing in productie via IKZ-technieken. Klantgerichtheid wordt bereikt via productdifferentiatie, kortere productcycli, algemene flexibiliteit, service na productie. De eisen van de eindgebruiker zijn het uitgangspunt van waaruit men terugwerkt door het hele systeem tot aan de grondstoffenleverancier. Aan de milieuzijde zien we het toenemend belang van reverse logistics, waarbij bedrijven plannen hoe ze hun verpakkingsmaterialen, afval en gebruikte producten zullen terugnemen van klanten om ze te verwerken of te recycleren. Deze twee ontwikkelingen veranderen de interne organisatie van bedrijven fundamenteel. De gangbare praktijk is dat taakverdelingen binnen ondernemingen op basis van functionele en gespecialiseerde kennis en vaardigheden tot stand komen, wat vaak leidt tot het verdedigen van het eigen afdelingsbelang en het zo laag mogelijk houden van de kosten van diezelfde afdeling (suboptimalisatie). Het probleem hiervan is dat voor de hele onderneming de kosten hierdoor stijgen, omdat de goederenstroom met buffers af te rekenen heeft. Zo zal een inkoper in een traditionele, niet-geïntegreerde structuur zijn kosten drukken door grote hoeveelheden in te kopen. Maar die grote voorraden brengen de productieverantwoordelijke in moeilijkheden: hij/zij moet voor de opslag en het intern transport opdraaien, en zit met onbruikbare voorraden als de markt om andere producten vraagt. Ten derde is er de internationalisering van de economie, waardoor lokale en internationale markten volatiel worden, en bedrijven zich sneller dan voordien moeten herpositioneren door de grotere concurrentie. Een concreet gevolg hiervan is o.a. de toegenomen complexiteit van internationale goederenstromen. Door dergelijke veranderingen komen beheerders van goederenstromen steeds meer onder druk door eisen van korte en betrouwbare levertermijnen ("spoedopdrachten"), veranderingen in modellen, wijzigende vervoerstechnieken enz.


9

B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

Integratie en overzicht zijn dus van levensbelang, omdat ingrepen in de ene plaats van de goederenstroom altijd gevolgen hebben voor andere plaatsen. 2.1.2.3 Politiek-maatschappelijke factoren In het licht van de hierboven geschetste tendensen is het duidelijk dat de prestatiedruk voor personeel enorm gestegen is door toegenomen kostenbewustzijn en de competitie op de internationale markten. Onmiddellijke inzetbaarheid, flexibiliteit, motivatie en levenslang leren zijn de sleutels geworden tot succesvol functioneren in deze sector. 2.1.2.4 Structuur van de bedrijven Uit dit alles volgen twee specifieke fenomenen die de bedrijfsstructuur in toenemende mate kenmerken. Ten eerste is er de " KMO-isering" van de economie. Kleinere bedrijven die zich toeleggen op een marktsegment om daaraan met flexibele slagkracht diensten en producten met grote meerwaarde te leveren zijn dé bedrijven van de volgende eeuw. Grote bedrijven bewandelen hetzelfde pad, en splitsen zichzelf op in business units, met elk hun eigen beheer en marktpolitiek naar andere units in en buiten het moederbedrijf toe. Taken die niet tot de kernactiviteiten van een bedrijf behoren, worden afgestoten naar veelal gespecialiseerde kleinere ondernemingen. Verregaande afstemming met bv. toeleveranciers is hiervan een van de gevolgen, samen met het ontstaan van co-makershiprelaties tussen bedrijven, waarbij de toeleverancier medefabrikant wordt. Ook distributiepatronen veranderen snel, omdat vaker de detailhandel rechtstreeks vanuit de fabriek wordt bediend, zonder de groothandel. Ten tweede is de platte bedrijfsstructuur de structuur die vele bedrijven actief nastreven. Het wegvallen van tussenniveaus moet de communicatie en samenwerking tussen alle geledingen van een onderneming bevorderen, zodat iedereen weet krijgt van alles en zich niet meer kan verstoppen in het eigen vakhokje. Deze ketengedachte voorkomt suboptimalisatie door de toenemende bevoegdheden van de individuele werknemer. Projectmanagement is een typische werkwijze in dergelijke structuren omdat verschillende disciplines erin samengebracht worden om hetzelfde doel te verwezenlijken, rekening houdend met andere disciplines en mensen. Personeelsleden moeten in deze context van integratie en afstemming ook van meer markten thuis zijn, omdat taakinhouden veelzijdiger zijn en minder afgelijnd worden.

2.2

Analyse van de arbeidsmarkt

2.2.1

Gegevens van tewerkstelling in de sector 2.2.1.1 Huidige tewerkstelling

1991 1992 1993 1994 1995

aantal bij VDAB ingeschreven schoolverlaters na één jaar

nog werkloos

4 15 19 10 19

1 2 5 2 3


10

B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

Van de schoolverlaters juni 1996 en 1997 weten we uit een telefonische enquête dat ze allen, op één na, tewerkgesteld zijn, veelal in typisch logistieke functies. 2.2.1.2 Toekomstige tewerkstelling Uit alle commentaren van de beroepswereld kunnen wij enkel concluderen dat de logistiek als discipline zo actueel is dat voor hoger opgeleiden hierin de arbeidskansen rooskleurig zijn. 2.2.1.3 Instroomproblematiek Het belangrijkste probleem voor instromers is de relatieve onbekendheid van het diploma van gegradueerde in Logistieke Technologie. Het feit dat de Katholieke Hogeschool Kempen deze jonge opleiding als enige aanbiedt, maakt een beperkte regionale bekendheid via stages en promotie mogelijk, maar staat een Vlaamse bekendheid in de weg.

2.2.2

Gegevens over het beroep 2.2.2.1 Classificatie van het beroep In principe zijn de hier behandelde beroepen terug te vinden in zowat alle takken van de industrie en de technische dienstverlening. Het soort bedrijven waarin de afgestudeerden Logistieke Technologie zich in eerste instantie kunnen manifesteren, zijn productiebedrijven, groothandel, distributie- en/of transportbedrijven, aanbieders van logistieke diensten of hulpmiddelen en non-profit bedrijven. Voor wat betreft alternatieve werkvelden heeft de gegradueerde in Logistieke Technologie een breed-technische opleiding en is hij/zij beschikbaar tot bijscholing en specialisatie. Bijkomende opleidingen moeten hem/haar in staat stellen om specifieke technische inhouden een gerichte toepassing te geven. Het gaat hier o.a. om de volgende werkvelden: − onderwijs/instructie (bv. leraar technische vakken/bedrijfsinstructeur) − R&D (bv. research) 2.2.2.2 Beroepenveld Het specifieke kenmerk bij uitstek van deze beroepen is dat de beoefenaar een meerwaarde moet geven in taken waarin de techniek moet worden geadministreerd, uitgelegd, aangekocht, gepland, verkocht, gestuurd, gecontroleerd, geoptimaliseerd. Het vertrekpunt is dus veelal technisch. Het bedoelde takenveld is immers te vinden in het grensgebied tussen techniek en alles wat door techniek wordt beïnvloed of veroorzaakt. Meer specifiek is de goederenstroom naar, door en vanuit een bedrijf de verwantschap van de beroepen die hier beschreven worden, samen met de informatie- en geldstromen die de goederenstroom begeleiden. Deze rode draad noemen we logistiek. 2.2.2.3 Beschrijving van het beroep ♦ Beroep 1: verantwoordelijke inkoop De inkoopverantwoordelijke staat in voor de aankoop van materialen, grondstoffen en diensten. Zijn/haar aankoopbeleid wordt bepaald door parameters als kostprijs, levensduur van producten, binnenkomende orders, technische kwaliteitsvereisten,


B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

11

snelheid van levering naar de klant, beschikbaarheid en kost van intern en extern vervoer enz. ♦ Beroep 2: verantwoordelijke productie De verantwoordelijke productie staat in voor een tijdige en aan alle specificaties van het order beantwoordende productieoutput. Zijn/haar beleid wordt bepaald door parameters als beschikbare capaciteit, productielay-out, gevraagde leveringssnelheid, eigenheid van het fabricagesysteem, beschikbaarheid van intern en extern vervoer, technische kwaliteitsvereisten enz. ♦ Beroep 3: verantwoordelijke voorraad en magazijn De verantwoordelijke voorraad en magazijn staat in voor een correcte en vlotte in-, op- en uitslag van binnenkomende en uitgaande goederen en materialen. Zijn/ haar beleid wordt bepaald door parameters als conditioneringeisen, aansluiting op intern en extern vervoer, opslagcapaciteit en -vraag, productieritme, opslagtechnische mogelijkheden, productidentificatie enz. ♦ Beroep 4: verantwoordelijke distributie De verantwoordelijke distributie staat in voor de verdeling naar buiten van goederen (voornamelijk eindproducten). Zijn/haar beleid wordt bepaald door parameters als beschikbare gevraagde leveringssnelheid, beschikbaarheid en kost van intern en extern vervoer, verpakkingseisen, transport-technische mogelijkheden enz. ♦ Beroep 5: verantwoordelijke business to business-marketing De verantwoordelijke business to business-marketing staat in voor de verkoop van producten en diensten van voornamelijk logistieke aard (bv. in logistieke toeleveringsbedrijven). Zijn/haar beleid wordt bepaald door parameters als klanteneisen, productie-eigenheid en marktsituatie van klanten, technische mogelijkheden, haalbare logistieke oplossingen m.b.t. vervoer, opslag, productie enz. ♦ Beroep 6: verantwoordelijke zorgsystemen De verantwoordelijke zorgsystemen staat in voor de kwaliteits-, de veiligheids- en milieuzorg. Zijn/haar beleid wordt bepaald door parameters als wetgeving, kwaliteitseisen intern en extern, kostenbesparing, menselijke en sociale aspecten van bedrijfsvoering enz.

2.2.3

Gegevens over de functies verbonden aan het beroep en relatering aan het beroep 2.2.3.1 Functies ♦ − − − − − −

Functies op startniveau Functie A-1: inkoopplanner Functie A-2: productieplanner Functie A-3: voorraadbeheerder Functie A-4: distributieplanner Functie A-5: verkoopplanner Functie A-6: medewerker TQM, milieu en veiligheid


12

B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

♦ − − − − − −

Functies op doorgroeiniveau Functie B-1: inkoopmanager Functie B-2: hoofd productieplanning Functie B-3: hoofd magazijn/magazijnmeester Functie B-4: physical distribution manager Functie B-5: verkoopmanager (met adviestaken) Functie B-6: hoofd kwaliteit, milieu, veiligheid

♦ − − −

Functies op Functie C-1: Functie C-2: Functie C-3:

strategisch niveau productiemanager logistiek manager (transport en magazijn) manager zorgsystemen

2.2.3.2 Beschrijving van de functies Algemeen geldt het volgende uitvoeringsniveau van deze functies. De startfuncties zijn voornamelijk uitvoerend (bv. inkoopplanner voert bestelling uit). De doorgroeifuncties zijn voor werknemers die de verantwoordelijkheid dragen voor een geheel (bv. inkoopmanager is verantwoordelijk voor de inkoop van het bedrijf en bepaalt prioriteiten). De strategische functies zijn functies die bevoegdheid in zich hebben (bv. logistiek manager neemt commitment, zet handtekening). Verder geldt voor de strategische functies, en in mindere mate voor de uitvoeringsfuncties, dat ze algemene beheerstaken omvatten: opstellen van opleidingsplannen, opstellen en controle van kwaliteitsprocedures, motivatie van personeel, controle van kwaliteitsprocedures, coördinatietaken allerhande, personeelsbeheer (evaluatie, intake ...) enz.

2.2.4

Relateren van functies aan het beroep De structuur van beroep en functies ziet er als volgt uit. ♦ Beroep 1: verantwoordelijke inkoop − Functie A-1: inkoopplanner − Functie B-1: inkoopmanager ♦ − − −

Beroep 2: Functie A-2: Functie B-2: Functie C-1:

verantwoordelijke productie productieplanner hoofd productieplanning productiemanager

♦ − − −

Beroep 3: Functie A-3: Functie B-3: Functie C-2:

verantwoordelijke voorraad en magazijn voorraadbeheerder hoofd magazijn/magazijnmeester logistiek manager (transport en magazijn)


B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

♦ − − −

Beroep 4: Functie A-4: Functie B-4: Functie C-2:

13

verantwoordelijke distributie distributieplanner physical distribution manager logistiek manager (transport en magazijn)

♦ Beroep 5: verantwoordelijke business to business-marketing − Functie A-5: verkoopplanner − Functie B-5: verkoopmanager (met adviestaken) ♦ − − −

Beroep 6: Functie A-6: Functie B-6: Functie C-3:

verantwoordelijke zorgsystemen medewerker TQM, milieu en veiligheid hoofd kwaliteit, milieu, veiligheid manager zorgsystemen

Het zal duidelijk zijn dat de opleiding Logistieke Technologie in eerste instantie opleidt tot de functies op startniveau, de A-functies. De doorgroeifuncties (Bfuncties) en (eventueel) tactische functies (C-functies) worden in een latere beroepsfase bereikt door ervaring en bijscholing allerhande.


14

B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

3 VASTLEGGING VAN DE BEROEPENSTRUCTUUR EN DE BEROEPENCLUSTERS

Van alle beroepen die hierboven zijn beschreven, wordt een beroepsprofiel opgesteld. Dit is in die zin logisch, dat logistiek per definitie een integrerende discipline is die over de totale goederenstroom gaat waarmee bedrijven te maken hebben. Kunstmatige opdelingen of begrenzingen zijn dus vreemd aan de realiteit in bedrijf en organisatie. De benamingen van de beroepen zijn voldoende breed gekozen, zodat ze meteen ook als beroepenclusters kunnen gelden. Specifieke informatie over de beroepen is terug te vinden in de functies waaruit de beroepen bestaan, en in de opdeling in niveaus van ervaring en expertise (start, doorgroei, strategisch).


B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

15

4 IN KAART BRENGEN VAN RELATIE TUSSEN BEROEPEN EN OPLEIDINGEN

Buiten het graduaat in Logistieke Technologie bestaan er in Vlaanderen geen opleidingen die de integrale goederenstroombeheersing als rode draad nemen in hun beroeps- en opleidingsprofiel. Wel bestaan er in het universitair en niet-universitair hoger onderwijs opleidingen die logistiek, of delen ervan, in meer of mindere mate in hun curriculum opnemen. Een overzicht. 1 De klassieke universitaire economische opleidingen Toegepaste Economische Wetenschappen en Handelsingenieur, en de technische opleiding Burgerlijk Ingenieur, behandelen elk delen van de logistiek zoals hier beschreven. In de economische opleiding zal de klemtoon uiteraard liggen op bv. inkoop of transportkosten in de logistiek, daar waar de technische opleidingen bv. IKZ-systemen of productieplanning zullen behandelen. Verder heeft de Katholieke Universiteit Leuven een postgraduate vorming in Industrieel Beleid, verbonden aan de opleiding Burgerlijk Ingenieur. Voornamelijk aspecten rond materials handling, opslag, planningsystemen en zorgsystemen vormen er de kern van de opleiding. Hetzelfde geldt voor het programma GGS in Industriële Bedrijfskunde van de Universiteit Gent. 2 In het niet-universitair landschap zien we dat de technische (Industrieel Ingenieur) en economische (Licentiaat Handels- en Financiële Wetenschappen) opleidingen van twee cycli dezelfde parallel vertonen met hun tegenvoeters aan de universiteit. De Hogeschool Limburg heeft in september 1996 aan de opleiding Industrieel Ingenieur een optie Verpakking en Conditionering toegevoegd. Hierin wordt ingezoomd op de problematiek van verpakkingsmaterialen, -wijzen en tijdstippen, samen met het management van (voornamelijk bederfelijke) goederen. 3 Ook voor de economische (bv. bedrijfsbeheer) en technische opleidingen van één cyclus (bv. elektromechanica) geldt de hierboven beschreven toestand, maar in veel mindere mate. Deze opleidingen leveren beginnende beroepsbeoefenaars af die, in vergelijking met de bovengenoemde onderwijsvormen, in eerste instantie op een minder strategisch en meer taakgebonden niveau aan de slag gaan. Speciaal te vermelden in dit verband is de relatie tussen enerzijds de optie Expeditie, Distributie en Transport bij de basisopleiding Bedrijfsbeheer (studiegebied Handelswetenschappen en Bedrijfskunde), en, anderzijds, de basisopleiding Logistieke Technologie (studiegebied Industriële Wetenschappen en Technologie). Het eerste verschil tussen deze twee is er een van studieomvang. Expeditie, Distributie en Transport is een optie en beslaat dus minstens één derde en maximaal twee derden van het totaal aantal studiepunten in de hele basisopleiding Bedrijfsbeheer waarvan deze optie een onderdeel is. Logistieke Technologie is een volledige basisopleiding zonder opties. Het tweede verschil is inhoudelijk. Grosso modo behandelt Expeditie, Distributie en Transport de goederen- en documentenstroom wanneer deze het bedrijf verlaat, naar nationale of internationale bestemmingen. Logistieke Technologie heeft de integrale lo-


16

B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

gistieke keten tot studieobject, "van zand tot klant" (of, met reverse logistics, "van zand tot zand"). Het derde verschil betreft er een van invalshoek. Expeditie, Distributie en Transport is op de eerste plaats administratief-economisch georiënteerd. Logistieke Technologie heeft weliswaar een economische én een technische component, maar legt de klemtoon duidelijk op de laatste. 4 Tot slot is er nog de opleiding Facilitaire Dienstverlening die ook in het studiegebied Industriële Wetenschappen en Technologie zit. Deze opleiding richt zich primair op de hotelfuncties in grote (non-profit) organisaties, zoals ziekenhuizen, verzorgingsinstellingen enz. Inhoudelijk betreft deze opleiding voornamelijk de techniciteit van catering, hygiëne en materiële zorgverstrekking. Een logistieke benadering zoals in dit document beschreven zit, op een eerste kennismaking na, niet in het programma.


B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

17

5 HET EIGENLIJKE BEROEPSPROFIEL

5.1

Benaming − − − − − −

5.2

Beroep 1: verantwoordelijke inkoop Beroep 2: verantwoordelijke productie Beroep 3: verantwoordelijke voorraad en magazijn Beroep 4: verantwoordelijke distributie Beroep 5: verantwoordelijke business to business-marketing Beroep 6: verantwoordelijke zorgsystemen

Beschrijving van de beroepen Zie 2.2.2.3.

5.3

Beschrijving van de activiteiten

5.3.1

Taken 5.3.1.1 Taakgebieden ♦ Beroep 1: − Functie A-1: Typefuncties: − Functie B-1: Typefuncties:

verantwoordelijke inkoop inkoopplanner inkoopplanning, inkoopuitvoering inkoopmanager inkoopplanning, logistiek management, transportmanagement

♦ Beroep 2: − Functie A-2: Typefuncties: − Functie B-2: Typefuncties: − Functie C-1: Typefuncties:

verantwoordelijke productie productieplanner productieplanning hoofd productieplanning productieplanning, productontwikkeling, logistiek management productiemanager logistiek management, magazijnmanagement

♦ Beroep 3: verantwoordelijke voorraad en magazijn − Functie A-3: voorraadbeheerder Typefuncties: ontvangst-/voorraadadministratie, magazijnuitvoering, logistiek management, magazijnmanagement, inkoopuitvoering, berekenen logistieke prestatie (control) − Functie B-3: hoofd magazijn/magazijnmeester Typefuncties: ontvangst- en voorraadadministratie, administratie materialen magazijn, logistiek management, magazijnmanagement, expeditieplanning − Functie C-2: logistiek manager (transport en magazijn) Typefuncties: logistiek management, magazijnmanagement, expeditieplanning (management), transportmanagement, advisering


18

B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

♦ Beroep 4: verantwoordelijke distributie − Functie A-4: distributieplanner Typefuncties: ontvangst- en voorraadadministratie, administratie materialen magazijn, logistiek management, magazijnmanagement, expeditieplanning, magazijnuitvoering, transportmanagement, transportplanning − Functie B-4: physical distribution manager Typefuncties: transportmanagement, magazijnmanagement, expeditieplanning, logistiek management, transportplanning − Functie C-2: logistiek manager (transport en magazijn) Typefuncties: logistiek management, magazijnmanagement, expeditieplanning (management), transportmanagement, advisering ♦ Beroep 5: − Functie A-5: Typefuncties: − Functie B-5: Typefuncties:

verantwoordelijke business to business-marketing verkoopplanner marketing/verkoop verkoopmanager (met adviestaken) marketing/verkoop, productontwikkeling, inkoopplanning

♦ Beroep 6: verantwoordelijke zorgsystemen − Functie A-6: medewerker TQM, milieu en veiligheid Typefuncties: management van zorgsystemen, kwaliteitszorg, milieuzorg, veiligheid − Functie B-6: hoofd kwaliteit, milieu, veiligheid Typefuncties: management van zorgsystemen, kwaliteitszorg, milieuzorg, veiligheid − Functie C-3: manager zorgsystemen Typefuncties: management van zorgsystemen, implementatie en verbetering van zorgsystemen, advisering van zorgsystemen 5.3.1.2 Aanverwante taakgebieden − Beroepen in logistieke advisering en consulting (bv. logistiek advseur/consultant integrale logistiek) Typefuncties: advisering, marketing/verkoop − Beroepen in onderwijs/instructie (bv. leraar technische vakken/bedrijfsinstructeur) Typefuncties: informatieverstrekking, productieve informatieverwerking, informatieverzameling − Beroepen in R&D (bv. researcher) Typefuncties: research, ontwikkeling (software, systeem, product) 5.3.1.3 Clustering van de taakgebieden tot een beroep Zie 5.3.1.1 en 5.3.1.2.


B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

19

5.3.1.4 Specifieke beschrijving van de taakgebieden ♦ Beroep 1: verantwoordelijke inkoop Functie A-1: inkoopplanner − Inkoopplanning • Inkoopvoorbereiding De functionaris kan: – de inkoopmarkt verkennen – alternatieve inkoopmogelijkheden onderzoeken – adviseren over alternatieve inkoopmogelijkheden – concurrentenonderzoek verrichten – producttechnische eigenschappen en vereisten kenbaar maken en controleren – producttechnische mogelijkheden naar waarde schatten – offertes analyseren – onderhandelen over offertes – offertes aanvragen – contracten met leveranciers regelen – raamcontracten opstellen – inkoop voor zaken buiten het raamcontract regelen – kiezen welke leveranciers in aanmerking komen – producttechnische eigenschappen kenbaar maken en controleren – beoordelen of leveranciers voldoen aan gestelde criteria – verantwoording afleggen over de keuze van leveranciers – bedrijfsonderzoek bij leveranciers naar kwaliteit verrichten – producttechnische mogelijkheden naar waarde schatten – meerjarencontracten met leveranciers afsluiten – de strategie ten aanzien van leveranciers bepalen – de spreiding van leveranciers bepalen – criteria opstellen waaraan leveranciers moeten voldoen • Inkoopplanning De functionaris kan: – een bijdrage leveren aan het ondernemingsplan – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor beleidsvoorbereiding van inkoop – inkoopplannen opstellen – prestatie-indicatoren opstellen voor inkoop – inkoopprestaties meten – inkoopprestaties met indicatoren vergelijken – inkoopprocedures bijstellen – producttechnische eigenschappen en vereisten doorgeven aan leveranciers – een bestelmethodiek vaststellen – bestelprocedures opstellen – bestelparameters vaststellen – producttechnische vereisten en eigenschappen doorspelen aan leveranciers – het inkoopproces systematiseren – inkoopgegevens naar specificaties voor het informatiesysteem vertalen – inkoopgegevens bijhouden in het informatiesysteem – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor inkoopplanning • Inkoopadvisering intern De functionaris kan: – adviseren bij co-makership, prime vendor, co-designership en JIT- of DOL-


20

B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

leverancier – adviseren bij make or buy – technische ontwikkelingen bij leveranciers in termen van eigen bedrijfsbehoeften vertalen • Leveranciersonderzoek logistieke prestatie De functionaris kan: – bedrijfsonderzoek verrichten bij leveranciers naar logistieke prestaties – prestaties van een leverancier registreren − Inkoopuitvoering • Inkopen/bestellen De functionaris kan: – klachten formuleren bij leveranciers over bv. kwaliteit, technische tekorten – leveranciersprestaties beoordelen – inkoopbehoefte bepalen – aanlevermomenten plannen – feed-back op planningafwijkingen geven – orders plaatsen – spoedorders plaatsen – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor bestellen – bestellingen rappelleren – voortgang bewaken van het uitstaand orderpakket voor wat betreft leveringscondities – bij wijziging van bestelgegevens de consequenties nagaan • Inkoopadministratie De functionaris kan: – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor inkoopadministratie – leveranciersbestanden bijhouden Functie B-1: inkoopmanager − Inkoopplanning • Inkoopvoorbereiding De functionaris kan: – onderhandelen over offertes – kiezen welke leveranciers in aanmerking komen – beoordelen of een leverancier aan criteria voldoet (knowhow, technische productiemethoden) – verantwoording afleggen over keuze van leveranciers – meerjarencontracten met leveranciers afsluiten – strategie bepalen ten aanzien van leveranciers – spreiding van leveranciers bepalen – criteria opstellen waaraan leveranciers moeten voldoen – prestatie-indicatoren voor inkoop formuleren – inkoopprocedures bijstellen • Inkoopplanning De functionaris kan: – een bijdrage leveren aan het ondernemingsplan • Inkoop advisering intern De functionaris kan: – adviseren bij co-makership, prime vendor, co-designership en JIT- of DOLleverancier


B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

21

– technische ontwikkelingen bij leveranciers in termen van eigen bedrijfsbehoeften vertalen – leveranciersprestaties beoordelen – de nodige acties ondersteunen − Logistiek management • Planning en logistieke organisatie De functionaris kan: – algemene beleidszaken helpen bepalen m.b.t. de logistieke organisatie – adviseren over integratie van alle activiteiten m.b.t. het sturen van de goederenstroom – richting geven aan de integratie van logistieke inkoopaspecten in de bedrijfsvoering – adviseren over verbetering van de organisatiesystemen – adviseren over verbetering van overlegstructuren – projecten initiëren m.b.t. verbeteringen van de organisatiesystemen – projecten initiëren m.b.t. verbeteringen van overlegstructuren – de gebruikte systemen evalueren – prestatie-indicatoren helpen opstellen voor logistiek – logistieke prestaties meten – logistieke prestaties met indicatoren vergelijken – met simulaties veranderingen in inkoop analyseren − Transportmanagement • Transportmanagement De functionaris kan: – transportmogelijkheden evalueren – internationale contracten opstellen en erover onderhandelen – onderhandelen over internationale betalingsvoorwaarden – douanedocumenten hanteren – onderhandelen over transportverzekeringen ♦ Beroep 2: verantwoordelijke productie Functie A-2: productieplanner − Productieplanning • Productieplanning De functionaris kan: – de beschikbare productiecapaciteit bepalen – een knelpuntanalyse uitvoeren – de productieprioriteiten vaststellen – adviseren over maatregelen om achterstanden te vermijden – de productiebehoefte bepalen – de marktvraag en het productieniveau op elkaar afstemmen – de wensen van de klant naar productieschema vertalen – de consequenties van orders nagaan voor het lopend plan – noodzakelijke aanpassingen verwerken – de afzonderlijke fabricagestappen per product plannen – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor productieplanning – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor voorbereiding van productie – een (week-)productieplan opstellen – de realisatie van (week-)plan zowel in tijd als in aantallen bewaken


22

B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

• Productiebesturing De functionaris kan: – toezien op het verkorten van de doorlooptijd – productieprestaties meten – productieprestaties met indicatoren vergelijken – het productieproces organiseren – een (week-)productieplan opstellen aan de hand van gegevens van de productievoorbereiding en de productietechnische mogelijkheden – de productievoortgang bewaken – actie nemen om verstoringen te voorkomen of op te heffen – actie nemen bij onder- en overschrijdingen – de uitvoeringsrealisatie van (week-)plan zowel naar tijd als naar aantallen bewaken – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor uitvoering van productie – de kwaliteit van producten bewaken – de productieprocedures bijstellen – voorstellen doen tot productieverbetering (capaciteit, kostprijs, kwaliteit) • Productieprogrammering De functionaris kan: – binnenkomende orders op volume controleren – informatie verzamelen over grondstoffen, verpakkingen en onderdelen – werkorders geven aan productie – verstoringen in de materiaaltoevoer verwerken • Productie-informatiesystemen De functionaris kan: – de productiegegevens vertalen naar specificaties voor het informatiesysteem – de productiegegevens bijhouden in een informatiesysteem • Productieadministratie De functionaris kan: – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor de productieadministratie – kostprijsgegevens over productieprestaties registreren – productieprestaties in kostprijscalculaties verwerken Functie B-2: hoofd productieplanning − Productieplanning • Productiecapaciteitsplanning De functionaris kan: – een langetermijnbehoefteplan opstellen – gegevens leveren voor het ondernemingsplan – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor beleidsvoorbereiding van fabricage – de optimale bezetting bepalen van resources (machines, personeel, facilities) – de productiemiddelen en daarbij passende productiesnelheden bepalen • Productieplanning De functionaris kan: – de beschikbare productiecapaciteit bepalen


B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

23

– een hoofdproductieplan opstellen – het hoofdproductieplan op realiseerbaarheid onderzoeken rekening houdend met de productietechnische mogelijkheden – de productieprioriteiten vaststellen – adviseren over maatregelen om achterstanden te vermijden – de productiebehoefte bepalen – de marktvraag en het productieniveau op elkaar afstemmen – de consequenties van orders voor het lopend plan nagaan – de noodzakelijke aanpassingen verwerken in het systeem – het materiaalbehoefteplan opstellen – zorgen voor juiste combinaties van machines – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor productieplanning – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor voorbereiding van productie – een (week-)productieplan opstellen – de realisatie van een (week-)plan zowel in tijd als in aantallen bewaken – het productiesysteem bepalen – de optimale bezetting van machines bepalen – een eindassemblageplan opstellen – een knelpuntanalyse uitvoeren • Productiebesturing De functionaris kan: – toezien op het verkorten van de doorlooptijd door aanpassing van organisatie en techniek – prestatie-indicatoren opstellen voor productie – productieprestaties meten en evalueren – productieprestaties met indicatoren vergelijken – zorgen voor korte omsteltijden van machines (SMED) – het productieproces organiseren, rekening houdend met de technische mogelijkheden van de productie – hel productieplan opstellen aan de hand van gegevens van productievoorbereiding – de productievoortgang bewaken – uitvoeringsrealisatie van een plan zowel naar tijd als naar aantallen bewaken – productieprocedures bijstellen – de kwaliteit van producten bewaken – productiekosten bewaken – een geschikt productiesysteem kiezen en toepassen – planningmethodieken en -procedures kiezen en gebruiken – een productie lay-out ontwerpen en verbeteren – productiestappen plannen – productiehandling en -opslag verbeteren – via simulatie een bestaande of nieuwe productie analyseren – de noodzakelijke technische vereisten voor de handling toestellen vastleggen – materials handling beheren en plannen • Beheer productie-informatiesystemen De functionaris kan: – de productiegegevens naar specificaties voor het informatiesysteem vertalen en naar een informatiesysteem voor medewerkers materials handling – de productiegegevens bijhouden in het informatiesysteem – een informatiesysteem opzetten voor productiecontrole


24

B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

• Productieprogrammering De functionaris kan: – binnenkomende orders op volume controleren – binnenkomende orders indelen – informatie over grondstoffen, verpakkingen en onderdelen verzamelen – werkorders aan productie geven – cijfermateriaal voor activiteitenplanning leveren − Productontwikkeling • Beleidsvoorbereiding De functionaris kan: – adviseren m.b.t. make or buy, co-designership – voorstellen voor nieuwe producten (productontwikkeling) doen • Planning De functionaris kan: – ideeën van marketing in concrete functionele ontwerpen vertalen – informatie verzamelen over de commerciële aspecten – opdrachten geven aan toeleveranciers m.b.t. technische en kwalitatieve eisen waaraan het te leveren product moet voldoen • Commercièle tactiek De functionaris kan: – marktontwikkelingen analyseren – de ondernemingsdoelen naar commerciële doelen vertalen – een (meerjaren)plan maken over producten die de onderneming gaat voeren − Logistiek management • Planning en logistieke organisatie De functionaris kan: – adviseren over integratie van alle activiteiten m.b.t. het sturen van de goederenstroom – richting geven aan integratie van logistieke aspecten in de bedrijfsvoering – adviseren over verbeteringen van de organisatiesystemen – adviseren over verbetering van overlegstructuren – projecten m.b.t. verbeteringen van overlegstructuren initiëren – de gebruikte systemen evalueren – planningmethodes vaststellen – planningprocedures opstarten – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor algemene logistieke beleidsvoorbereiding – logistieke gegevens in het informatiesysteem bijhouden – prestatie-indicatoren voor logistiek opstellen – logistieke prestaties meten – logistieke prestaties met indicatoren vergelijken – logistieke procedures bijstellen (binnen de norm) – een jaarplanning voor de goederenstroom vaststellen – een bijdrage leveren aan het ondernemingsplan Functie C-1: productiemanager − Logistiek management • Planning en logistieke organisatie De functionaris kan: – algemene beleidszaken m.b.t. logistieke organisatie bepalen


B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

25

– adviseren over integratie van alle activiteiten m.b.t. het sturen van de goederenstroom – richting geven aan de integratie van logistieke aspecten in de bedrijfsvoering – adviseren over verbetering van de organisatiesystemen – adviseren over verbetering van overlegstructuren – projecten m.b.t. verbeteringen van de organisatiesystemen initiëren – projecten m.b.t. verbeteringen van overlegstructuren initiëren – de wijze van goederenbehandeling bepalen – de ontwikkeling bewaken – gebruikte systemen evalueren – planningmethodes vaststellen – planningprocedures opstarten – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor algemene logistieke beleidsvoorbereiding en planning – prestatie-indicatoren opstellen voor logistiek – logistieke prestaties vergelijken met indicatoren – logistieke procedures bijstellen (binnen de normen) – de door de klant vereiste logistieke prestaties in beeld brengen – de door de klant vereiste logistieke prestaties vertalen – een hoofdproductieplan opstellen • Logistieke strategie De functionaris kan: – een bijdrage leveren aan het ondernemingsplan − Magazijnmanagement • Opslagorganisatie De functionaris kan: – een opslagsysteembesturing kiezen – een opslagsysteem en -methode fysiek kiezen – het aantal magazijnen en de magazijnstructuur bepalen – het locatiesysteem kiezen – hulpmiddelen kiezen – een magazijnvloer kiezen – de locatie voor een magazijn bepalen – de opslaginfrastructuur bepalen – vorm geven aan veranderingen in het magazijn • Voorraadbesturing De functionaris kan: – de omvang van de buffervoorraad bepalen – de aansturing van de voorraad bepalen – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem t.b.v. beleidsvoorbereiding m.b.t. het (voorraad-)magazijn ♦ Beroep 3: verantwoordelijke voorraad en magazijn Functie A-3: voorraadbeheerder − Ontvangst-/voorraadadministratie • Ontvangst goederen (administratie/besturing) De functionaris kan: – de goederenontvangst plannen – afroeporders van inkomende goederen plannen


26

B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

– goederen aanvullen – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor planning van goederenontvangst in het (voorraad)magazijn – belemmeringen m.b.t. leveringen nagaan – openstaande orders signaleren – input-outputcontroles verrichten – technische controle van de geleverde goederen uitvoeren • Voorraadinformatiesystemen De functionaris kan: – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor de uitvoering van goederenontvangst en -opslag in het (voorraad)magazijn – de opslag controleren – afwijkingen van de geplande buffervoorraadhoogte signaleren – hiaten in de voorraad melden en oplossingen melden – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor uitvoering van verzendklaar maken in het (voorraad)magazijn – adviseren over de te gebruiken methodes in automatische identificatie van goederen – bepalen hoe de identificatie op de goederen aan te brengen – goederen voorzien van de nodige identificatie (barcode, RF-tag enz.) • Voorraadadministratie De functionaris kan: – gegevens over binnenkomende goederen registreren – goederenontvangst administreren – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor administratie van goederenontvangst in het (voorraad-)magazijn – retourformulieren opmaken – retourgoederen inboeken – retourgoederen registreren – gebruik maken van geautomatiseerd systeem voor administratie van verzendklaar maken in het (voorraad-)magazijn – sublocatie registreren – administreren van aanwezige goederen – voorraadstanden registreren en analyseren – het voorraadverbruik registreren en analyseren – historische gegevens registreren en analyseren – periodiek overzicht van voorraadstanden verstrekken – voorraden tellen via schematelling – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor administratie van goederenopslag in het (voorraad-)magazijn – voorraadkosten bepalen en beheersen − Magazijnuitvoering • Ontvangstgoederen (uitvoerend) De functionaris kan: – binnenkomende goederen ontvangen – transitogoederen ontvangen – vrachtbrieven controleren – goederen op beschadiging controleren – goederen op specificaties inspecteren – binnengekomen facturen met bestelling en levering vergelijken – goederen geschikt maken voor opslag – goederen uitpakken


B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

27

– de ontvangst van retourgoederen verzorgen – binnen een magazijn een sublocatie aangeven – binnen een magazijn de voorraadlocatie aangeven • Expeditie (uitvoerend) De functionaris kan: – controleren of uitslagen volgens opdracht geschieden – order op volledigheid van gegevens (codenummer) controleren – orderdocumenten verzamelen – goederen controleren – pickopdrachten uitsplitsen op methode van orderpicken – verzendingen groeperen – douane- en vervoersdocumenten opstellen en hanteren − Logistiek management • Logistieke strategie De functionaris kan: – een bijdrage leveren aan het ondernemingsplan − Magazijnmanagement • Opslagorganisatie De functionaris kan: – een opslagsysteem fysiek kiezen – een locatiesysteem kiezen – hulpmiddelen kiezen – de opslaginfrastructuur bepalen a.d.h.v. technische (bv. mechanische) vereisten en veiligheidseisen – een magazijntransportsysteem kiezen a.d.h.v. technische vereisten (bv. draagvermogen, aandrijving, verbruik, vloerbelasting) – procedures opstellen voor goederenopslag – de lay-out van een magazijn opstellen of optimaliseren – procedures invoeren – vorm geven aan veranderingen in een magazijn – een voorraadsysteem kiezen – transactiecodes opstellen voor registratie van verschillende goederenstromen – plannen opstellen voor speciale behandeling van producten • Voorraadbesturing De functionaris kan: – de omvang van de buffervoorraad bepalen – de aansturing van de voorraad bepalen – het voorraadniveau afstemmen op de verwachte vraagontwikkeling – adviseren m.b.t. te lage of te hoge voorraadstanden – het voorraadniveau bewaken – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor beleidsvoorbereiding m.b.t. het (voorraad-)magazijn – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor planning van goederenopslag in het (voorraad-)magazijn − Inkoopuitvoering • Inkopen/bestellen De functionaris kan: – leveranciersprestaties beoordelen – de inkoopbehoefte bepalen


28

B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

– – – – – – – – – –

toekomstige behoefte aan materialen plannen buffervoorraad vaststellen aanlevermomenten plannen feed-back geven op planningsafwijkingen orders plaatsen spoedorders plaatsen gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor bestellen gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor inkoopadministratie consequenties nagaan bij wijziging van bestelgegevens overschrijdingen van bestel- en voorraadnormen signaleren

• Berekenen logistieke prestatie (control) De functionaris kan: – de omkoopsnelheid berekenen – de voorraadkosten berekenen – de vullingsgraad van het magazijn berekenen – de risico's van de opgeslagen goederen opmeten m.b.t. incourante, brandbare of beperkt houdbare goederen – de dichtheid van de goederenstroom in het magazijn berekenen Functie B-3: hoofd magazijn/magazijnmeester − Ontvangst- en voorraadadministratie • Goederenontvangst (administratie en besturing) De functionaris kan: – de goederenontvangst plannen – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor de planning van goederenontvangst in het magazijn – belemmeringen m.b.t. leveringen nagaan – openstaande orders signaleren en acties ondernemen – orderdocumenten verzamelen – input-outputcontrole verrichten – gegevens over de ingangscontrole statistisch verwerken • Voorraadinformatiesystemen De functionaris kan: – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor de uitvoering van goederenontvangst en -opslag in het (voorraad)magazijn – de opslag controleren – afwijkingen van de geplande buffervoorraadhoogte signaleren – hiaten in de voorraad melden en oplossingen melden – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor uitvoering van verzendklaar maken in het (voorraad)magazijn – adviseren over de te gebruiken methodes in automatische identificatie van goederen – bepalen hoe de identificatie op de goederen aan te brengen • Voorraadadministratie De functionaris kan: – gegevens over binnenkomende goederen registreren – goederenontvangst administreren – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor administratie van goederenontvangst in het (voorraad-)magazijn – retourformulieren opmaken – retourgoederen inboeken


B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

29

– retourgoederen registreren – gebruik maken van geautomatiseerd systeem voor administratie van verzendklaar maken in het (voorraad-)magazijn – sublocatie registreren – administreren van aanwezige goederen – voorraadstanden registreren en analyseren – het voorraadverbruik registreren en analyseren – historische gegevens registreren en analyseren – periodiek overzicht van voorraadstanden verstrekken – voorraden tellen via schematelling – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor administratie van goederenopslag in het (voorraad-)magazijn – voorraadkosten bepalen en beheersen − Administratie materialen magazijn • Administratie materialen magazijn De functionaris kan: – een aanvraag voor materiaal vanuit een ander magazijn behandelen • Administratie orderbehandeling (expeditie) De functionaris kan: – verkooporders verwerken – afroeporders bewaken − Logistiek management • Planning en logistieke organisatie De functionaris kan: – adviseren over integratie van alle activiteiten m.b.t. het sturen van de goederenstroom – adviseren over verbetering van de organisatiesystemen – adviseren over verbetering van overlegstructuren – de gebruikte systemen evalueren – logistieke gegevens vertalen naar specificaties voor het informatiesysteem – logistieke gegevens bijhouden in een informatiesysteem – prestatie-indicatoren opstellen voor logistiek – logistieke prestaties meten – logistieke prestaties met indicatoren vergelijken – logistieke prestaties meten a.d.h.v. kostprijsindicatoren – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor algemene logistieke beleidsvoorbereiding – de toestellen voor de materials handling beheren • Logistieke strategie De functionaris kan: – bepalen waar het verzendklaar maken moet plaatsvinden – adviseren over de locatie van het magazijn − Magazijnmanagement • Voorraadbesturing De functionaris kan: – de omvang van de buffervoorraad, veiligheidsvoorraad en cyclusvoorraad bepalen – de aansturing van de voorraad bepalen – het voorraadniveau afstemmen op verwachte vraagontwikkeling – het voorraadniveau afstemmen op het ondernemingsplan


30

B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

– – – – – – – – –

een voorraadplan per artikel per magazijn maken het tijdstip plannen voor aanvulling van de buffervoorraad adviseren m.b.t. schaarse voorraadstanden adviseren m.b.t. te lage of te hoge voorraadstanden het voorraadniveau bewaken onder- of overschrijding van het bestelpeil signaleren de aanvullingshoeveelheid bepalen de voorraadaanvulling bestellen gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor beleidsvoorbereiding m.b.t. het (voorraad)magazijn – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor planning van goederenopslag in het (voorraad)magazijn • Opslagorganisatie De functionaris kan: – de besturing van een opslagsysteem kiezen – een auto-identificatiesysteem van goederen kiezen – een opslagsysteem fysiek kiezen – het aantal magazijnen en de magazijnstructuur bepalen – een locatiesysteem kiezen – hulpmiddelen kiezen – procedures opstellen voor goederenopslag – magazijnen inrichten – de procedures invoeren – vormgeven aan veranderingen in het magazijn – het voorraadsysteem kiezen – plannen opstellen voor speciale behandeling van producten – plannen opstellen voor het beheer van de toestellen voor de materials handling

− Expeditieplanning • Expeditieplanning (management) De functionaris kan: – criteria vaststellen voor orderverwerking – systemen opzetten voor spoedorders – richtlijnen opstellen voor verzendklaar maken – methoden voor orderpicken vaststellen – adviseren over projecten m.b.t. de verbetering van uitslag of order picking – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor planning, van verzendklaar maken in het (voorraad)magazijn – transportmogelijkheden buiten de onderneming evalueren – samenwerken met een douaneagent – internationale contracten opstellen en evalueren – douanedocumenten opstellen en hanteren – onderhandelen over transportverzekeringsmogelijkheden en ze evalueren – internationale betalingsmogelijkheden evalueren Functie C-2: logistiek manager (transport en magazijn) − Logistiek management • Planning en logistieke organisatie De functionaris kan: – algemene beleidszaken m.b.t. de logistieke organisatie bepalen – adviseren over integratie van alle activiteiten m.b.t. het sturen van de goede-


B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

– – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – – –

31

renstroom richting geven aan integratie van logistieke aspecten in de bedrijfsvoering adviseren over verbetering van de organisatiesystemen adviseren over verbetering van overlegstructuren projecten m.b.t. verbeteringen van de organisatiesystemen initiëren projecten m.b.t. verbeteringen van overlegstructuren initiëren de wijze van goederenbehandeling bepalen toestellen voor materials handling op logistiek-technische basis vergelijken en evalueren de ontwikkeling bewaken gebruikte systemen evalueren planningsmethodes vaststellen planningsprocedures opstarten gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor algemene logistieke beleidsvoorbereiding logistieke gegevens vertalen naar specificaties voor het informatiesysteem logistieke gegevens bijhouden in het informatiesysteem gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor algemene logistieke planning prestatie-indicatoren opstellen voor logistiek logistieke prestaties meten logistieke prestaties met indicatoren vergelijken logistieke procedures bijstellen (binnen de normen) de door de klant vereiste logistieke prestaties in beeld brengen de door de klant vereiste logistieke prestaties vertalen een jaarplanning vaststellen voor de goederenstroom een bijdrage leveren aan het ondernemingsplan een beheersplan opstellen voor de toestellen voor materials handling

• Logistieke strategie De functionaris kan: – een bijdrage leveren aan het ondernemingsplan – de vestigingsplaats van magazijnen bepalen – bepalen waar het verzendklaar maken moet plaatsvinden – voorraadstanden registreren en analyseren – het voorraadverbruik registreren en analyseren – historische gegevens registreren en analyseren – d.m.v. simulatie een bestaande of nieuwe magazijnwerking analyseren − Magazijnmanagement • Opslagorganisatie De functionaris kan: – de besturing van het opslagsysteem kiezen – het opslagsysteem fysiek kiezen – het aantal magazijnen en de magazijnstructuur bepalen – het locatiesysteem kiezen – de hulpmiddelen kiezen – de opslaginfrastructuur bepalen a.d.h.v. technische (bv. mechanische) vereisten en veiligheidseisen – een magazijntransportsysteem kiezen a.d.h.v. technische vereisten (bv. draagvermogen, aandrijving, verbruik, vloerbelasting) – procedures opstellen voor goederenopslag – magazijnen inrichten – procedures invoeren – de methodes voor automatische identificatie van goederen vastleggen (bv.


32

B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

– – – – – –

barcode, RF-toepassing) het type van gegevensoverdracht vastleggen bv. batch, on line, kabel, RF) vorm geven aan veranderingen in een magazijn een voorraadsysteem kiezen transacties opstellen voor registratie verschillende goederenstromen plannen opstellen voor speciale behandeling van producten de magazijnvloer bepalen m.b.t. draagsterkte, slijtage enz.

• Voorraadbesturing De functionaris kan: – de omvang van de buffervoorraad bepalen en analyseren – de aansturing van de voorraad bepalen en analyseren – de buffervoorraad bepalen en analyseren – adviseren m.b.t. te lage of te hoge voorraden en adequaat reageren – het voorraadniveau bewaken – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor beleidsvoorbereiding m.b.t. (voorraad-)magazijn, kiezen en verbeteren – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor planning van goederenopslag in het (voorraad-)magazijn, kiezen en verbeteren − Expeditieplanning (management) • Expeditieplanning (management) De functionaris kan: – criteria vaststellen voor orderverwerking – criteria vaststellen voor allocatie van materiaal – systemen opzetten voor spoedorders – systemen opzetten voor back orders – richtlijnen opstellen voor verzendklaar maken – methoden van orderpicken vaststellen – projecten opstellen m.b.t. verbetering van orderpicken of uitslag – een afleveringsplanning maken – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem t.b.v. planning van verzendklaar maken in het (voorraad-)magazijn – transportdocumenten opstellen – douanedocumenten lezen en analyseren − Transportmanagement • Transportmanagement De functionaris kan: – onderhandelen met transporteurs – informatie verzamelen over de transportdienstenmarkt – tendensen in de transportdienstenmarkt analyseren – bepalen of (gedeelte van) transport wordt uitbesteed – transporteurs op geschiktheid (condities e.d.) beoordelen – transporteurs selecteren – kosten-batenanalyse voor extern transport voorbereiden – de voortgang van extern transport bewaken – de uitvoerbaarheid van combinaties van vrachten onderzoeken – de noodzaak van extra vervoerscapaciteit onderzoeken – de kosten van transport bewaken – de kwaliteitszorg van extern transport bewaken – over transporttarieven onderhandelen – over transportcondities onderhandelen – alternatieve (transport)situaties doorrekenen


B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

– – – – – – – – –

33

vrachtkosten onderzoeken aanvullende vrachtberekeningen initiëren prestatie-indicatoren opstellen voor transport transportprestaties meten transportprestaties met indicatoren vergelijken transportprocedures bijstellen (binnen de normen) administratieve procedures opstellen transport- en douanedocumenten opstellen en hanteren transportmogelijkheden evalueren

• Intern transportmanagement De functionaris kan: – het intern goederentransport organiseren – een intern transportsysteem en interne transportmiddelen kiezen – de voortgang van intern transport bewaken – adviseren en beslissen over veranderingen m.b.t. procedures – adviseren en beslissen over veranderingen m.b.t. personen – adviseren en beslissen over veranderingen m.b.t. kwaliteitszorg – adviseren en beslissen over investeringen m.b.t. intern transport • Transportadministratie De functionaris kan: – de opbrengsten van transport bewaken • Transportinformatiesysteem De functionaris kan: – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor beleidsvoorbereiding van transport en expeditie − Advisering • Advisering en implementatie algemeen De functionaris kan: – met de opdrachtgever de logistieke problemen bespreken – (logistieke) problemen (voor de opdrachtgever) analyseren – oplossingen aangeven voor (logistieke) problemen (voor de opdrachtgever) – adviseren over optimalisatie van activiteiten m.b.t. het sturen van de goederenstroom (voor de opdrachtgever) – vernieuwingen en verbeteringen voorstellen m.b.t. gebruikte systemen (voor de opdrachtgever) ♦ Beroep 4: verantwoordelijke distributie Functie A-4: distributieplanner − Ontvangst- en voorraadadministratie • Ontvangst goederen De functionaris kan: – de goederenontvangst plannen – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor planning van goederenontvangst in het (voorraad)magazijn – bijhouden welke goederen onderweg zijn naar het magazijn – belemmeringen nagaan m.b.t. levering – openstaande orders signaleren – orderdocumenten verzamelen – input-outputcontrole verrichten (zowel technisch als administratief)


34

B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

• Voorraadinformatiesystemen De functionaris kan: – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor uitvoering van goederenontvangst en -opslag in een (voorraad-) magazijn – de opslag controleren – afwijkingen signaleren van de geplande buffervoorraadhoogte – hiaten in de voorraadstanden melden – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor uitvoering van verzendklaar maken in het (voorraad-)magazijn • Voorraadadministratie De functionaris kan: – gegevens registreren van binnenkomende goederen – de goederenontvangst administreren – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor administratie van goederenontvangst in het (voorraad-)magazijn – retourformulieren opmaken – retourgoederen inboeken – retourgoederen registreren – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor administratie van verzendklaar maken in het (voorraad-)magazijn – een sublocatie registreren – aanwezige goederen administreren – de voorraadstanden registreren – het voorraadverbruik registreren – een periodiek overzicht verstrekken van voorraadstanden – voorraden via schematelling tellen – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor administratie van goederenopslag in het (voorraad-)magazijn • Administratie materialen magazijn De functionaris kan: – een aanvraag behandelen voor materiaal vanuit het centraal magazijn of andere magazijnen – een magazijnorder maken – een picklijst maken, a.d.h.v. technische en menselijke mogelijkheden en capaciteiten − Logistiek management • Logistieke strategie De functionaris kan: – bepalen waar het verzendklaar maken moet plaatsvinden − Magazijnmanagement • Opslagorganisatie De functionaris kan: – hulpmiddelen kiezen – een magazijntransportsysteem kiezen – de magazijnen inrichten a.d.h.v. de technische eigenheid van de producten en opslagmiddelen en de wetgeving terzake – vorm geven aan veranderingen in het magazijn • Voorraadbesturing De functionaris kan: – adviseren m.b.t. schaarse voorraden


B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

35

– adviseren m.b.t. te lage of te hoge voorraden – goederenopslag in het (voorraad-)magazijn • Expeditieplanning De functionaris kan: – criteria vaststellen voor orderverwerking – criteria vaststellen voor allocatie van materiaal – een systeem opzetten voor spoedorders – richtlijnen opstellen voor verzendklaar maken – methoden vaststellen van orderpicken – een afleveringsplanning maken – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor planning van verzendklaar maken in het (voorraad-)magazijn – transportdocumenten opstellen – douanedocumenten lezen en analyseren − Magazijnuitvoering • Ontvangst goederen De functionaris kan: – binnenkomende goederen ontvangen – de vrachtbrief controleren – goederen controleren op beschadigingen – ontvangst verzorgen van retourgoederen – binnen het magazijn een sublocatie aangeven – binnen het magazijn de voorraadlocatie aangeven • Expeditie De functionaris kan: – controleren of de uitslag volgens opdracht geschiedt – een order controleren op volledigheid van gegevens (codenummer) – orderdocumenten verzamelen – goederen controleren – orders/goederen verzamelen – pickopdrachten uitsplitsen op methode van orderpicken – verzendingen groeperen – transportdocumenten opstellen – douanedocumenten lezen en analyseren − Transportmanagement • Transportmanagement De functionaris kan: – informatie verzamelen over de transportdienstenmarkt – bepalen of (gedeelte van) transport wordt uitbesteed – de voortgang bewaken van extern transport – de uitvoerbaarheid onderzoeken van combinaties van vrachten – de noodzaak onderzoeken van inzetten van extra vervoerscapaciteit – de kosten bewaken van transport – de kwaliteitszorg bewaken van extern transport – onderhandelen over transporttarieven – onderhandelen over transportcondities – vrachtkosten onderzoeken – administratieve procedures opstellen – transportdocumenten controleren – transportverzekeringsmogelijkheden evalueren – onderhandelingen voeren met transporteurs


36

B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

– – – –

tendensen in de transportdienstenmarkt analyseren transporteurs op geschiktheid (condities e.d.) beoordelen transporteurs selecteren een kosten-batenanalyse voor extern transport voorbereiden

• Intern transportmanagement De functionaris kan: – administratieve procedures opstellen – het intern goederentransport organiseren – het intern transportsysteem en de transportmiddelen kiezen – de voortgang van intern transport bewaken – adviseren over veranderingen m.b.t. procedures – adviseren over veranderingen m.b.t. personen – adviseren over veranderingen m.b.t. kwaliteitszorg – adviseren over investeringen over intern transport – inputgegevens controleren voor extern transport • Transportadministratie De functionaris kan: – zorgen voor melding van schaden via schadedossiers – transportschades afwikkelen – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor beleidsvoorbereiding van transport en expeditie − Transportplanning • Transport- en expeditieplanning De functionaris kan: – het intern transport plannen – een externe transportplanning maken – een expeditieplanning maken – een afleverplanning maken – een variabele routeplanning maken – een vaste-routeplanning maken – een retourvracht plannen – een beladingsplan maken – een personeelsplanning vaststellen Functie B-4: physical distribution manager − Transportmanagement • Intern transportmanagement De functionaris kan: – een intern transportsysteem en transportmiddelen kiezen – adviseren over veranderingen m.b.t. procedures – adviseren over veranderingen m.b.t. personen – adviseren over veranderingen m.b.t. kwaliteitszorg • Transportmanagement De functionaris kan: – onderhandelen met transporteurs – vervoerscontracten opstellen – informatie over de transportdienstenmarkt verzamelen – tendensen in de transportdienstenmarkt analyseren – bepalen of (gedeelte van) transport wordt uitbesteed – transporteurs op geschiktheid (condities e.d.) beoordelen


B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

– – – – – – – – – – – – – – – – – –

37

transporteurs selecteren verzekeringsvormen evalueren contacten met douaneagenten verzorgen en evalueren een kosten-batenanalyse voor extern transport voorbereiden de voortgang van extern transport bewaken de uitvoerbaarheid van combinaties van vrachten beoordelen de noodzaak van inzetten van extra vervoerscapaciteit onderzoeken de kosten van transport bewaken de kwaliteitszorg van extern transport bewaken over transporttarieven onderhandelen over transportcondities onderhandelen alternatieve (transport-)situaties doorrekenen vrachtkosten onderzoeken prestatie-indicatoren opstellen voor transport transportprestaties meten transportprestaties met indicatoren vergelijken transportprocedures bijstellen (binnen de normen) administratieve procedures opstellen

− Magazijnmanagement • Voorraadbesturing De functionaris kan: – de omvang van de buffervoorraad, veiligheidsvoorraad en cyclusvoorraad bepalen – de aansturing van de voorraad bepalen – het voorraadniveau afstemmen op verwachte vraagontwikkeling – het voorraadniveau afstemmen op het ondernemingsplan – een voorraadplan per artikel per magazijn maken – het tijdstip plannen voor aanvulling van de buffervoorraad – adviseren m.b.t. schaarse voorraadstanden – adviseren m.b.t. te lage of te hoge voorraadstanden – het voorraadniveau bewaken – onder- of overschrijding van het bestelpeil signaleren – de aanvullingshoeveelheid bepalen – de voorraadaanvulling bestellen – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor beleidsvoorbereiding m.b.t. het (voorraad)magazijn – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor planning van goederenopslag in het (voorraad)magazijn. • Opslagorganisatie De functionaris kan: – de besturing van een opslagsysteem kiezen – een auto-identificatiesysteem van goederen kiezen – een opslagsysteem fysiek kiezen – het aantal magazijnen en de magazijnstructuur bepalen – een locatiesysteem kiezen – hulpmiddelen kiezen – procedures opstellen voor goederenopslag – magazijnen inrichten – de procedures invoeren – vormgeven aan veranderingen in het magazijn – het voorraadsysteem kiezen


38

B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

– plannen opstellen voor speciale behandeling van producten – plannen opstellen voor het beheer van de toestellen voor de materials handling − Expeditieplanning • Expeditieplanning (management) De functionaris kan: – criteria vaststellen voor orderverwerking – systemen opzetten voor spoedorders – richtlijnen opstellen voor verzendklaar maken – methoden voor orderpicken vaststellen – adviseren over projecten m.b.t. de verbetering van uitslag of order picking – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor planning; van verzendklaar maken in het (voorraad)magazijn – transportmogelijkheden buiten de onderneming evalueren – samenwerken met een douaneagent – internationale contracten opstellen en evalueren – douanedocumenten opstellen en hanteren – onderhandelen over transportverzekeringsmogelijkheden en ze evalueren – internationale betalingsmogelijkheden evalueren − Logistiek management • Planning en logistieke organisatie De functionaris kan: – een bijdrage leveren aan het ondernemingsplan – algemene beleidszaken bepalen m.b.t. de logistieke organisatie – adviseren over integratie van alle activiteiten m.b.t. het sturen van de goederenstroom – richting geven aan integratie van logistieke aspecten in de bedrijfsvoering – adviseren over verbetering van de organisatiesystemen – adviseren over verbetering van overlegstructuren – projecten initiëren m.b.t. verbeteringen van de organisatiesystemen – de wijze van goederenbehandeling bepalen – de ontwikkeling bewaken – de gebruikte systemen evalueren – de planningsmethoden vaststellen – prestatie-indicatoren opstellen voor logistiek – logistieke prestaties meten – logistieke prestaties met indicatoren vergelijken – logistieke procedures bijstellen (binnen de normen) – d.m.v. simulatie een bestaande of nieuwe werking van de distributie kunnen analyseren − Transportplanning • Transport- en expeditieplanning De functionaris kan: – transportmiddelen (o.a. laad- en lossystemen), verpakking, aflevering en documenten op behoefte van de klant afstemmen – een personeelsplanning vaststellen – de transportverpakking bepalen – de stroom van lege emballages beheren


B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

39

Functie C-2: logistiek manager (transport en magazijn) − Logistiek management • Planning en logistieke organisatie De functionaris kan: – algemene beleidszaken m.b.t. de logistieke organisatie bepalen – adviseren over integratie van alle activiteiten m.b.t. het sturen van de goederenstroom – richting geven aan integratie van logistieke aspecten in de bedrijfsvoering – adviseren over verbetering van de organisatiesystemen – adviseren over verbetering van overlegstructuren – projecten m.b.t. verbeteringen van de organisatiesystemen initiëren – projecten m.b.t. verbeteringen van overlegstructuren initiëren – de wijze van goederenbehandeling bepalen – de ontwikkeling bewaken – gebruikte systemen evalueren – planningsmethodes vaststellen – planningsprocedures opstarten – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor algemene logistieke beleidsvoorbereiding – logistieke gegevens vertalen naar specificaties voor het informatiesysteem – logistieke gegevens bijhouden in het informatiesysteem – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor algemene logistieke planning – prestatie-indicatoren opstellen voor logistiek – logistieke prestaties meten – logistieke prestaties met indicatoren vergelijken – logistieke procedures bijstellen (binnen de normen) – de door de klant vereiste logistieke prestaties in beeld brengen – de door de klant vereiste logistieke prestaties vertalen – een jaarplanning vaststellen voor de goederenstroom – een bijdrage leveren aan het ondernemingsplan • Logistieke strategie De functionaris kan: – een bijdrage leveren aan het ondernemingsplan – de vestigingsplaats van magazijnen bepalen – bepalen waar het verzendklaar maken moet plaatsvinden − Magazijnmanagement • Opslagorganisatie De functionaris kan: – de besturing van het opslagsysteem kiezen – het opslagsysteem fysiek kiezen – het aantal magazijnen en de magazijnstructuur bepalen – het locatiesysteem kiezen – de hulpmiddelen kiezen – de opslaginfrastructuur bepalen – een magazijntransportsysteem kiezen – procedures opstellen voor goederenopslag – magazijnen inrichten – procedures invoeren – vorm geven aan veranderingen in een magazijn – een voorraadsysteem kiezen


40

B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

– transacties opstellen voor registratie verschillende goederenstromen – plannen opstellen voor speciale behandeling van producten • Voorraadbesturing De functionaris kan: – de omvang van de buffervoorraad bepalen – de aansturing van de voorraad bepalen – de buffervoorraad bepalen – adviseren m.b.t. te lage of te hoge voorraden – het voorraadniveau bewaken – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor beleidsvoorbereiding m.b.t. (voorraad-)magazijn – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor planning van goederenopslag in het (voorraad-)magazijn − Expeditieplanning (management) • Expeditieplanning (management) De functionaris kan: – criteria vaststellen voor orderverwerking – criteria vaststellen voor allocatie van materiaal – systemen opzetten voor spoedorders – systemen opzetten voor back orders – richtlijnen opstellen voor verzendklaar maken – methoden van orderpicken vaststellen – een afleveringsplanning maken – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem t.b.v. planning van verzendklaar maken in het (voorraad-)magazijn – transportdocumenten opstellen – douanedocumenten lezen en analyseren − Transportmanagement • Transportmanagement De functionaris kan: – onderhandelen met transporteurs – informatie verzamelen over de transportdienstenmarkt – tendensen in de transportdienstenmarkt analyseren – bepalen of (gedeelte van) transport wordt uitbesteed – transporteurs op geschiktheid (condities e.d.) beoordelen – transporteurs selecteren – kosten-batenanalyse voor extern transport voorbereiden – de voortgang van extern transport bewaken – de uitvoerbaarheid van combinaties van vrachten onderzoeken – de noodzaak van extra vervoerscapaciteit onderzoeken – de kosten van transport bewaken – de kwaliteitszorg van extern transport bewaken – over transporttarieven onderhandelen – over transportcondities onderhandelen – alternatieve (transport)situaties doorrekenen – vrachtkosten onderzoeken – aanvullende vrachtberekeningen initiëren – prestatie-indicatoren opstellen voor transport – transportprestaties meten – transportprestaties met indicatoren vergelijken – transportprocedures bijstellen (binnen de normen)


B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

41

– administratieve procedures opstellen – transport- en douanedocumenten opstellen en hanteren – transportmogelijkheden evalueren • Intern transportmanagement De functionaris kan: – het intern goederentransport organiseren – een intern transportsysteem en interne transportmiddelen kiezen – de voortgang van intern transport bewaken – adviseren over veranderingen m.b.t. procedures – adviseren over veranderingen m.b.t. personen – adviseren over veranderingen m.b.t. kwaliteitszorg – adviseren over investeringen m.b.t. intern transport • Transportadministratie De functionaris kan: – de opbrengsten van transport bewaken • Transportinformatiesysteem De functionaris kan: – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor beleidsvoorbereiding van transport en expeditie − Advisering • Advisering en implementatie algemeen De functionaris kan: – met de opdrachtgever de logistieke problemen bespreken – (logistieke) problemen (voor de opdrachtgever) analyseren – oplossingen aangeven voor (logistieke) problemen (voor de opdrachtgever) – adviseren over optimalisatie van activiteiten m.b.t. het sturen van de goederenstroom (voor de opdrachtgever) – vernieuwingen en verbeteringen voorstellen m.b.t. gebruikte systemen (voor de opdrachtgever) ♦ Beroep 5: verantwoordelijke business to business-marketing Functie A-5: verkoopplanner − Marketing/verkoop • Verkopen De functionaris kan: – een verkoopplan opstellen – verkoopdocumentatie samenstellen – verkoopdocumentatie verzenden – verkoopgesprekken voorbereiden – klanten ontvangen – verkoopgesprekken met klanten voeren – offertes opstellen voor klant – onderhandelen over verkoopcontracten en betalingsvoorwaarden • Voorspellen De functionaris kan: – gegevens verzamelen voor een prognose – een prognose produceren – een prognose bijstellen – verkoopprognoses maken


42

B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

– – – – –

rapporteren over nieuwe prognoses gebruik maken van gegevens uit voorraadbeheer en voorraadregistratie gebruik maken van gegevens uit artikelbestanden informatie voor afleverplanning leveren gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor planning van marketing en verkoop

• Commerciële tactiek De functionaris kan: – marktontwikkelingen analyseren – ondernemingsdoelen naar commerciële doelen vertalen – een strategie uitwerken over hoe de marktsectoren en doelgroepen benaderd gaan worden – een bijdrage leveren aan het ondernemingsplan – voorstellen voor prijsstelling maken • Orderbehandeling De functionaris kan: – orders van klanten ontvangen – een orderbevestiging maken – spoedorders behandelen – naleveringen behandelen – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor orderbehandeling bij verkoop • Orderadministratie De functionaris kan: – de verkoopadministratie bijhouden – de klantenadministratie bijhouden – orders administratief verwerken – de orderafhandeling bewaken – gebruik maken van een geautomatiseerd orderadministratiesysteem • Service De functionaris kan: – gebruik maken van geautomatiseerd systeem voor orderverwerving bij verkoop – klachten van klanten verwerken Functie B-5: marketing- of verkoopmanager (met adviestaken) − Marketing/verkoop • Service De functionaris kan: – klantenservice verzorgen – klanten adviseren over geleverde producten en diensten – klachten van klanten verwerken – de servicegraad naar klanten bewaken – controleren of de geleverde producten en diensten voldoen aan de eisen van de klant – klanten bij installatie van producten begeleiden – opleidingen bij klanten over geleverde producten en diensten organiseren – opleidingen en instructie aan klanten geven over geleverde producten en diensten – onderhoud organiseren bij klanten


B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

43

• Verkopen De functionaris kan: – verkoopdocumentatie samenstellen – verkoopdocumentatie verzenden – verkoopgesprekken voorbereiden – klanten ontvangen – klanten bezoeken – een presentatie van assortiment, collectie of stalen verzorgen – verkoopgesprekken met klanten voeren – onderhandelen over betalingsvoorwaarden – onderhandelen over verkoopcontracten – offertes opstellen voor klanten – voorstellen doen m.b.t. orderverwerving bij verkoop • Commerciële tactiek De functionaris kan: – de marktontwikkelingen analyseren – een concurrentieonderzoek verrichten – de ondernemingsdoelen naar commerciële doelen vertalen – een (meerjaren-)plan maken over producten die de onderneming gaat voeren – een (meerjaren-)plan maken voor welke marktsector of doelgroep geleverd gaat worden – een plan maken over welk percentage van de markt bediend gaat worden – een strategie uitwerken over hoe de marktsectoren en doelgroepen benaderd gaan worden – een bijdrage leveren aan het ondernemingsplan – voorstellen voor prijsstelling maken – invulling aan het marketingplan geven – een verkoopplan opstellen – verkoopprocedures bijstellen – criteria aan leveringen van afnemers stellen – criteria voor bijzondere orders stellen – de kredietwaardigheid van de afnemers evalueren. • Voorspellen De functionaris kan: – parameters kiezen – parameters bijstellen – gegevens verzamelen voor een prognose – een prognose produceren – een prognose bijstellen – externe marketinggegevens verzamelen om prognoses te maken – verkoopprognoses maken – rapporteren over nieuwe prognoses – rapporteren over voorwaarden waaronder prognoses tot stand komen – gebruik maken van gegevens uit voorraadbeheer en voorraadregistratie – gebruik maken van gegevens uit artikelbestanden – informatie voor voorraadbeheer leveren – informatie voor afleverplanning leveren – verkoopgegevens vertalen naar specificaties voor het informatiesysteem – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor planning van marketing en verkoop – een gebruikersonderzoek verrichten


44

B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

• Orderbehandeling De functionaris kan: – orders van klanten ontvangen – orderbevestigingen maken – spoedorders behandelen – gebruik maken van een geautomatiseerd systeem voor orderbehandeling bij verkoop • Orderadministratie De functionaris kan: – de verkoopadministratie bijhouden – de klantenadministratie bijhouden – de orderafhandeling bewaken – gebruik maken van een geautomatiseerd orderadministratiesysteem – kostprijzen berekenen − Productontwikkeling • Productontwikkeling • De functionaris kan: – ideeën van marketing in concrete functionele ontwerpen vertalen – logistieke parameters in productontwerp verwerken − Inkoopplanning • Inkoopvoorbereiding De functionaris kan: – alternatieve inkoopmogelijkheden onderzoeken – kiezen welke leveranciers in aanmerking komen ♦ Beroep 6: verantwoordelijke zorgsystemen Functie A-6: medewerker TQM, milieu en veiligheid − Management van zorgsystemen • Systeembeheer De functionaris kan: – meewerken aan de implementatie van een zorgsysteem – een zorgsysteem beheren – wijzigingen en aanpassingen aan het zorgsysteem beoordelen – tekortkomingen van het zorgsysteem identificeren – procedures en instructies opstellen, beheren en verbeteren – specificaties opstellen en verbeteren – rapporten opstellen en beheren voor de registratie van meetgegevens – de nodige informatiedoorstroming beheren – een documentbeheersysteem opzetten en gebruiken – meewerken aan een interne audit • Projectleiding De functionaris kan: – een project starten en plannen – doelstellingen omzetten in acties – verbeteracties op gang brengen – corrigerende en preventieve maatregelen m.b.t. kwaliteit, milieu of veiligheid nemen en opvolgen


B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

45

− Kwaliteitszorg • Kwaliteitskeuring De functionaris kan: – een keuring uitvoeren bij de ingang, tijdens het productie- of dienstverleningsproces en op het einde, en het resultaat analyseren – een keuring uitvoeren bij de leverancier en het resultaat analyseren – keuringsplannen voor ingangskeuring, tussentijdse en eindkeuring opstellen – hygiënecontroles van levensmiddelen en productiemiddelen uitvoeren, om de houdbaarheid van deze levensmiddelen te optimaliseren – een microbiologisch kwaliteitscontroleplan opstellen van het productieproces • Kwaliteitssysteembeheer en evaluatie De functionaris kan: – een statistisch onderzoek opzetten om prestaties te meten met kwaliteitsindicatoren – vaststellen waarvoor het proces geschikt is door procesgeschiktheidsstudies uit te voeren – vaststellen of de gebruikte productiemiddelen en de gebruikte meetmiddelen geschikt zijn voor het proces – vaststellen welke meetmiddelen nodig zijn – subjectieve specificaties verduidelijken – kalibratieplannen opvolgen en evalueren – leveranciers evalueren – opleidingsbehoeften vaststellen – het systeem voor de identificatie en naspeurbaarheid van producten en diensten evalueren en verbeteren – klantenklachten analyseren – maatregelen treffen om kwaliteitsverlies tijdens transport en opslag te voorkomen – de kwaliteit van de nazorg evalueren – de gepaste kwaliteitstechniek kiezen en gebruiken – kwaliteitskringen samenstellen, informeren, sturen om problemen te detecteren en de oorzaken ervan weg te nemen • Milieuzorg De functionaris kan: – metingen uitvoeren voor luchtemissies en -immissies, kwaliteit van grondwater, afvalwater, geproduceerde afvalstoffen en voortgebracht geluidsniveau – a.d.h.v. deze gegevens rapporten opstellen die de evolutie op korte of op langere termijn weergeven – meewerken aan het opstellen van een milieujaarverslag – maatregelen uitwerken ter voorkoming van zware ongevallen met het oog op de beperking van de gevolgen ervan voor mens en milieu – afvalstromen in een bedrijf optekenen en analyseren – uitwerken van reductieprogramma's voor afvalstromen in een bedrijf – meewerken aan het uitwerken van milieuvriendelijke productiemethodes – meewerken aan het ontwerpen van milieuvriendelijke producten en de haalbaarheid ervan onderzoeken in het productieproces – instaan voor het functioneren van installaties voor sanering van afvalstromen – meewerken aan de aanvraag voor een milieuvergunning


46

B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

• Veiligheid De functionaris kan: – risicoanalyses uitvoeren van werkposten, ondermeer a.d.h.v. controlelijsten – maatregelen voorstellen om risico's uit te schakelen of te beperken bij het ontwerp van werkposten of bij bestaande werkposten – maatregelen voorstellen om veilig gedrag bij de arbeid te stimuleren – risico-informatiekaarten opstellen van stoffen en preparaten – meewerken aan het opsporen van de oorzaken van een arbeidsongeval – aangeven aan welke vereiste veiligheidsaspecten machines en installaties moeten voldoen – meewerken aan het voorbereiden van de bestelling bij de aankoop van nieuwe machines of installaties – meewerken aan het opstellen van instructies bij nieuwe machines of installaties – meewerken aan het opstellen van maand- en jaarverslagen Functie B-6: hoofd kwaliteit, milieu, veiligheid − Management van zorgsystemen • Management van zorgsystemen De functionaris kan: – een zorgsysteem implementeren – een zorgsysteem beheren – een handboek voor het zorgsysteem opstellen, beheren en verbeteren – een documentbeheersysteem opstellen, beheren en verbeteren – de nodige informatiedoorstroming beheren en verbeteren – wijzigingen en aanpassingen aan het zorgsysteem beoordelen – tekortkomingen aan het zorgsysteem identificeren en aanpakken – de gebruikte systemen evalueren – nagaan of de doelstellingen gehaald zijn – verbeteracties op gang brengen – een project starten, plannen en leiden – corrigerende en preventieve maatregelen m.b.t. het zorgsysteem nemen en opvolgen – prestatie-indicatoren gebruiken voor het zorgsysteem – performance-indicatoren gebruiken voor het zorgsysteem – doelstellingen vertalen om tot acties te komen – meewerken aan een interne en externe audit − Kwaliteitszorg • Kwaliteitskeuring en -doorlichting De functionaris kan: – kwaliteitsindicatoren gebruiken en verbeteren – keuringsplannen voor keuring bij de ingang, tijdens het proces en op het einde opstellen en evalueren – een keuringsplan voor de keuringen bij de leverancier opstellen en evalueren, leveranciers auditen en begeleiden – een microbiologisch kwaliteitscontroleplan voor het productieproces bijsturen en verbeteren • Implementatie, beheer, evaluatie en verbetering kwaliteitssysteem De functionaris kan: – onderzoeken waarvoor het proces geschikt is, welke productiemiddelen en welke meetmiddelen nodig en geschikt zijn voor het proces en wat er moet


B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

47

verbeterd worden – een productie- of dienstverleningsproces effectiever en efficiënter laten verlopen en vereenvoudigen – specificaties opstellen, verduidelijken, evalueren en verbeteren – vastleggen welke inspectiestappen nodig/overbodig zijn – kalibratieplannen opstellen, evalueren en verbeteren – het systeem voor de identificatie en naspeurbaarheid van producten en diensten opstellen, evalueren en verbeteren – een systeem opstellen om kwaliteitsverlies tijdens transport en opslag te voorkomen – een leveranciersevaluatiesysteem opstellen, evalueren en verbeteren – een systeem opstellen om klachten van klanten te analyseren – een systeem opstellen om de kwaliteit van de nazorg evalueren – opleidingsbehoeftenplan opstellen en verbeteren – een kwaliteitssysteem verbeteren – een kwaliteitsplanning opstellen – kwaliteitskringen en -verbeterteams samenstellen, informeren, sturen om problemen te detecteren en de oorzaken ervan weg te nemen – de gepaste kwaliteitstechniek kiezen en gebruiken • Milieuzorg De functionaris kan: – erop toezien dat de milieureglementering wordt nageleefd in het bedrijf – waken over de uitvoering van en de eindverantwoordelijkheid dragen voor de voorgeschreven meet- en registratieverplichtingen – bijsturingen voorstellen in industriële processen om de metingen op afvalstromen binnen de wettelijk bepaalde voorschriften en normen te houden – de milieubelasting van het bedrijf in al zijn aspecten beheersen en beperken – een milieujaarverslag opstellen – documenten opstellen waarin het bedrijfsbeleid ter voorkoming van zware ongevallen en de beperking van de gevolgen ervan voor mens en milieu wordt beschreven – invoeren, opvolgen en bijsturen van reductieprogramma`s voor afvalstromen in een bedrijf – informeren over de milieutoestand van het bedrijf door het maken van interne milieurapporten – bijdragen tot de invoering, toepassing en evaluatie van milieuvriendelijke productiemethodes en producten – adviseren over elke voorgenomen investering die vanuit milieuoogpunt relevant kan zijn – opvolgen, verbeteren en bijsturen van saneringstechnieken voor afvalstromen – een milieuplanning opstellen – een milieuvergunning aanvragen en opvolgen • Veiligheid De functionaris kan: – erop toezien dat veiligheidsreglementering wordt nageleefd in een bedrijf – veiligheidscontroles uitvoeren van werkplaatsen – controlelijsten opstellen om risico's op te sporen op werkplaatsen – rapporteren over risico's op werkplaatsen die het gevolg zijn van werksituaties, werkmethodes, werkomstandigheden, veiligheidstechnische aspecten van apparatuur, installaties en werktuigen – rapporteren over de te nemen maatregelen om deze risico's uit te schakelen of te beperken


48

B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

– risico's evalueren die verbonden zijn aan het werken met stoffen en preparaten – a.d.h.v. deze risico-evaluatie vervangproducten voorstellen die minder risico's inhouden – opsporen van oorzaken van arbeidsongevallen en adviseren over de te nemen maatregelen – bij het ontwerpen van nieuwe werkposten rekening houden met vereiste veiligheidsaspecten – de bestelling voorbereiden bij de aankoop van nieuwe machines of installaties en de bestelbon viseren – een indienststellingsverslag opstellen van nieuwe machines of installaties – instructies opstellen voor nieuwe machines of installaties – adviseren over het uitschakelen van risico's aan de bron, collectieve bescherming en persoonlijke bescherming – een veiligheidsplanning opstellen – maand- en jaarverslagen opstellen Functie C-3: manager van zorgsystemen • Management van zorgsystemen De functionaris kan: – algemene beleidszaken bepalen in een organisatie m.b.t. het zorgsysteem – adviseren over integratie van alle activiteiten m.b.t. het zorgsysteem – richting geven aan de integratie van aspecten van het zorgsysteem in de bedrijfsvoering – adviseren over verbeteren van overlegstructuren – projecten initiëren m.b.t. verbeteringen van de organisatiesystemen – projecten initiëren m.b.t. verbeteringen van de overlegstructuren – de gebruikte systemen evalueren – prestatie-indicatoren opstellen voor het zorgsysteem – performance-indicatoren opstellen voor het zorgsysteem – doelstellingen formuleren en vertalen om tot acties te komen – nagaan of de doelstellingen gehaald zijn – verbeteracties op gang brengen – een project starten, plannen en leiden – corrigerende en preventieve maatregelen m.b.t. het zorgsysteem nemen en opvolgen – een jaarplanning vaststellen – een bijdrage leveren voor het ondernemingsplan – een zorgsysteem opstellen om kwaliteit, milieu en veiligheid in al zijn aspecten te beheren, beheersen, evalueren en verbeteren – een productie- of een dienstverleningsproces effectiever en efficiënter laten verlopen – een productieproces milieuvriendelijker of veiliger laten verlopen – het kwaliteits-, milieu- en veiligheidsgebeuren coördineren – geïntegreerde zorgsystemen opzetten en invoeren. • Implementatie en verbetering van zorgsystemen De functionaris kan: – een zorgsysteem implementeren – een zorgsysteem beheren – een handboek voor het zorgsysteem opstellen, beheren en verbeteren – een documentbeheersysteem opstellen, beheren en verbeteren – de nodige informatiedoorstroming beheren en verbeteren – wijzigingen en aanpassingen aan het zorgsysteem beoordelen


B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

49

– tekortkomingen aan het zorgsysteem identificeren en aanpakken – een interne en externe audit leiden

5.3.2

Beroepscontext 5.3.2.1 Contextgegevens Over werkomstandigheden, hulpmiddelen en vereiste resultaten valt weinig specifieks te zeggen m.b.t. deze beroepen. Ze worden uitgevoerd in kantoren, op de productievloer, in magazijnen of bij klanten buiten het bedrijf. Hulpmiddelen als computers en geautomatiseerde meet- en informatiesystemen zijn daarbij evident. Voor wat betreft resultaten moeten de hierboven vermelde taken met een voldoende hoge graad van autonomie en slagkracht uitgevoerd worden. Zoals reeds in 2.2.2.1 gesteld, komen deze beroepen voornamelijk voor in productiebedrijven, groothandel, distributie- en/of transportbedrijven en aanbieders van logistieke diensten of hulpmiddelen. 5.3.2.2 Organisatie van de arbeid Er zijn geen specifieke gegevens voor deze beroepen.

5.4

Ondersteunende kennis

5.4.1

Gemeenschappelijke basiskennis De gemeenschappelijke basiskennis is grosso modo die in het Algemeen Secundair Onderwijs en in het Technisch Secundair Onderwijs aangeboden wordt. Verder worden vaardigheden verondersteld als elementaire sociale vaardigheden en elementaire kennis van arbeidsverhoudingen in bedrijven en organisaties.

5.4.2

Algemene beroepsgerichte kennis Voor de zes beroepen geldt dat de beoefenaars weet moeten hebben van de technische aspecten van een productieproces (automatisering, elektriciteit, mechanica (statica en dynamica), elektronica, materialen, energietransport, informatica), de organisatie ervan (werkvoorbereiding, planning enz.), de zorgsystemen er rond (veiligheid, kwaliteit, milieu) en uiteraard van de geproduceerde producten of diensten zelf. Uiteraard geldt dat ze specifieke logistieke kennis nodig hebben i.v.m. inkoop, productie, opslag, distributie en transport. Dit betekent in de eerste plaats dat ze op analytische wijze deze deeldomeinen doorgronden, hun samenhang beseffen, en daarop technieken toepassen, zoals Lean Management, Just In Time, Systematic Handling Analysis, Systematic Lay-out Planning, Materials Requirement Planning, Enterprise Requirement Planning, Business Process Reengineering, die kostenverlagend en efficiëntieverhogend werken voor de hele goederenstroomketen.


50

5.4.3

B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

Specifieke kennis in functie van het beroep 5.4.3.1 Traditionele kennis ♦ Beroep 1: verantwoordelijke inkoop Kennis is vereist van: − de opbouw en ontkoppelpunten van een logistieke organisatie − verschillende productiebesturingssystemen − goederentransacties en hun financiële consequenties − de samenstelling van logistieke kosten − de samenhang in de goederenstroomketen − de samenhang in planningssystemen voor inkoop en voorraadbesturing − transportkosten − elementaire voorspeltechnieken − elementaire statistische technieken i.v.m. marktonderzoek en bedrijfsanalyse − elementaire marketing − kosten-batenanalyses − kengetallen en prestatie-indicatoren voor logistieke bedrijfsvoering − leveringsvoorwaarden en -certificering − kosten van leveringsbetrouwbaarheid − productidentificatie − kostprijscalculaties − juridische aspecten van internationaal aankopen − co-makership-, prime vendorship- en co-designershipovereenkomsten − elementaire bedrijfseconomische bedrijfsanalysemethodes − relatie van inkoop met rest van goederenstroomketen ♦ Beroep 2: verantwoordelijke productie Kennis is vereist van: − besturingstechnieken − capaciteitsplanning (MRP I, MRP II, ERP, DRP) − scheduling, omsteltijden (SMED) − Just In Time − doorlooptijden − prioriteitsregels voor bewerkingsvolgorde − knelpuntanalyses − kwaliteitsbeheersingstechnieken − types productiebedrijven en -processen, ontkoppelpunten − elementair operations research − inrichting van een logistieke organisatie − eigenschappen en kosten van grondstoffen, materialen en producten − veiligheid en ergonomie van producten − relatie van productie met rest van goederenstroomketen − samenhang tussen marketing, productie en inkoop − logistieke consequenties van productontwerp voor productbewerking (bv. verpakking) − consequenties en kosten van leveringsbetrouwbaarheid − ontwerp van productielay-out (SLP, SHA) en product handling − productie technologieën (freezen, draaien, CNC enz.) en FMS − kengetallen en prestatie-indicatoren voor logistieke bedrijfsvoering − shop floor control systemen


B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

51

♦ Beroep 3: verantwoordelijke voorraad en magazijn Kennis is vereist van: − pickordersystemen − principe van first in first out − opslagmethodes en pickvolgordes − gebruik en eigenschappen van goederen, materialen en producten − administratieve systemen voor distributieplanning en voorraadbesturing − veiligheid en ergonomie van magazijnen − ideale opslagomstandigheden (licht, vochtigheid, ruimte, temperatuur) − productidentificatie, barcodering − principes van materials handling en de apparatuur hiervoor − verschillende voorraadplanningstechnieken voor magazijnen − verschillende werkmethodes voor een magazijn − analysetechnieken (SLP, SHA, ABC) − kosten van materials handling − begrippen als verpakkingseenheid, inkoopgrootte, bestelgrootte, gewicht, maat − contracten met afnemers en gebruikers − documenten voor distributie (BTW, douane enz.) − Workhouse Management Systems − relatie van magazijn met rest van goederenstroomketen − wetgeving m.b.t. gevaarlijke en giftige stoffen en goederen (VLAREM) − verpakking van goederen − verschillende elementaire transportmogelijkheden − verschillende elementaire transportplanningstechnieken − werkbelasting − consequenties en kosten van leveringsbetrouwbaarheid − consequenties van leveringsvoorwaarden − verschillende telematicatechnieken (bv. EDI, RF) − bouwkundige aspecten van magazijnen − opslagmiddelen − simulatietechnieken ♦ Beroep 4: verantwoordelijke distributie Kennis is vereist van: − de samenhang van de goederenstroomketen − de financiële consequenties van alle goederentransacties − de samenstelling van logistieke kosten, transportmodi en distributietopologieën − verschillende planningssystemen voor transport, distributie en voorraadbeheer − de samenhang en afstemming in planningssystemen − koppelingssystemen (feedback, loop, netwerk) − meet- en regeltechnieken − begrippen uit de operations research (lineaire programmering, simulatietechnieken, netwerkplanning) − voorspeltechnieken − statistische technieken voor voorspelling en planning − logistieke consequenties van een marketingplan − kengetallen en prestatie-indicatoren voor logistieke bedrijfsvoering − leveringsvoorwaarden − consequenties en kosten van leringsbetrouwbaarheid − planningstechnieken in voorraadbeheer


52

B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

− − − −

materials handling planningtechnieken voor magazijnen transportadministratie simulatietechnieken

♦ Beroep 5: verantwoordelijke business to businessmarketing Kennis is vereist van: − de samenhang van de goederenstroomketen − de financiële consequenties van alle goederentransacties − voorspeltechnieken − statistische voorspeltechnieken − het opstellen van een marketingplan − verschillende kosten-batenanalyses, voor de afnemer en voor het eigen bedrijf − verschillende kostprijscalculaties − voorspellingsmethodieken − de financiële consequenties van marketinginspanningen − de samenhang tussen prognoses en hun consequenties voor de goederenstroomketen − de mogelijkheden van automatisering − kengetallen en prestatie-indicatoren voor logistieke bedrijfsvoering − verschillende werkmethodes voor voorraadbeheer − product life cycle − product engineering en specificatie − distributiesystemen − doorlooptijdmanagement − engineering change management − consequenties van palletbouw, verpakking op handling cost, mileuaspecten − productbewerkingsvolgorde − productiesystemen − capaciteitsberekeningen ♦ Beroep 6: verantwoordelijke zorgsystemen Kennis is vereist van: − de samenhang van de goederenstroomketen − de TQM-filosofie van het eigen bedrijf − het opzetten van een kwaliteitsproject − kwaliteitsindicatoren − systemen voor kwaliteitsborging (bv. ISO 9000, EFQM) − kwaliteitsplan en -handboek − kwaliteitstechnieken (bv. Pareto-analyse, Ishikawa-diagram, brainstorming, SORA, stroomschema's, poka yoke) − kwaliteitskringen en verbeterteams − ingangscontrole (Acceptable Quality Level) − Statistic Process Control − statistische technieken (bv. SPC, steekproeven, kengetallen, betrouwbaarheidsintervallen) − procesgeschiktheidsstudies (process capability) − milieuwetgeving en -reglementering − milieuvriendelijke productiemethodes − meet- en registratieverplichtingen − industriële processen en hun afvalstromen


B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

− − − − − − − − − − − − − −

53

milieubelasting milieujaarverslagen reductieprogramma`s milieuvriendelijke productiemethodes en producten houdbaarheid van levensmiddelen en grondstoffen hygiënecontroles van (veelal bederfbare) goederen microbiologische kwaliteitscontroleplannen veiligheidswetgeving en -reglementering risicoanalyses van werkposten. veiligheidscontroles werksituaties, -methodes en -omstandigheden veiligheidstechnische aspecten van apparatuur, installaties en werktuigen gevaarlijke stoffen en preparaten en hun vervangproducten preventie van arbeidsongevallen.

5.4.3.2 Nieuwe technologie Algemeen gesteld ontwikkelen nieuwe technologieën zich voornamelijk in de kwaliteitszorg, in de integratie van de drie zorgsystemen en uiteraard in de logistiek. Daar gaat het dan om geïntegreerde informatie- en sturingssystemen die grote delen van de (of zelfs de hele) goederen-, informatie- en geldstroom controleerbaar en bestuurbaar maken.

5.4.4

Aanbeveling naar het leerplan Vanuit het bedrijfsleven (zie deel 9) wordt de nadruk gelegd op het toepassingskarakter van de opleiding: aangeboden theorieën moeten door studenten nog tijdens de studie in concrete opdrachten kunnen gegoten worden, bv. metingen in een spreadsheet presenteren, uitrekenen voor een bestaand bedrijf welke diensten beter uitbesteed worden enz. Informatica wordt in dit verband met name genoemd, omdat de logistiek volledig onderbouwd wordt met software. Een grondige kennis van een aantal basisvaardigheden en -denkpatronen (bv. logisch denken) worden belangrijker geacht dan een oppervlakkig inzicht in veel verschillende werkmethodes en procedures. Zo zou bv. een elementaire cursus lineaire programmering zin hebben, met nadruk op modelleren, gebruik van softwarepakketten als LINDO en LINGO en het interpreteren van resultaten. Ook bedrijfsbeheer en -psychologie worden genoemd als belangrijke achtergrond voor een generalist die de logisticus is. Verder wordt gepleit voor een specifieke benadering van de logistiek voor KMO's. Studenten moeten gevoelig worden voor de specifieke problemen waar KMO's mee te kampen hebben.

5.5

Beroepshoudingen Gezien het afdelingsoverschrijdende karakter van bijna alle hier beschreven functies, zijn persoonlijke eigenschappen als mensenkennis, extrovertie, snelheid van denken, probleemanalyserend- en oplossend denken, in team werken, flexibiliteit, empathie voor mensen en situaties, contactbereidheid, aanspreekbaarheid belangrijk om mensen, producten, informatie en geld zoveel mogelijk op elkaar af te stemmen.


54

B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

Voor de doorgroeifuncties zijn eigenschappen als maturiteit, openheid van denken en algemene draagkracht van de werknemer minstens zo belangrijk als technischlogistieke kennisinhouden.

5.6

Beroepsdrempels Voor zover bekend zijn er geen specifieke beroepsdrempels.


B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

6

6.1

55

NIVEAU VAN HET BEROEP IN DE SECTOR

Omschrijving van het niveau Onder niveau vier wordt een kwalificatie begrepen die het mogelijk maakt op autonome of onafhankelijke manier verantwoordelijkheid op te nemen voor planning en/of leiding en/of beheer. De beroepsbeoefenaar is daarbij verantwoordelijk voor de uitvoering van het eigen takenpakket en moet zich daarvoor ook tegenover collega's kunnen verantwoorden (niet-hiërarchisch). Daarnaast draagt hij/zij uitdrukkelijk een hiërarchische verantwoordelijkheid m.b.t. planning, en/of administratie en/of beheer en/of ontwikkeling van de gehele productiecyclus. Hij/zij bedenkt of combineert nieuwe procedures. Hij/zij bezit specialistische vaardigheden en kennis en/of beroepsonafhankelijke vaardigheden en kennis.

6.2

Criteria: verantwoordelijkheid, complexiteit, transfer Als afgestudeerde van het hoger onderwijs van één cyclus staat de beroepsbeoefenaar in principe tussen de afgestudeerden van het (vooral Technisch) Secundair Onderwijs enerzijds, en van de afgestudeerden van het universitair onderwijs en het hoger onderwijs van twee cycli anderzijds. Het gaat om werknemers met bediendestatuut die in het lager kader beginnen te werken. Hij/zij intermedieert op operationeel niveau tussen arbeiders op de werkvloer en uitvoerende medewerkers in inkoop, magazijn, productie enz. enerzijds, en het middenkader of hoger kader anderzijds. Deze positionering is vooral in grote bedrijven en organisaties zichtbaar. In kleinere bedrijven lopen functies en taken vaak in en door elkaar, en is het onderscheid tussen start-, doorgroei- en zelfs finaliteitsfuncties kleiner of onbestaand. Het verschil tussen doorstroomfuncties en strategische functies is niet zelden moeilijk te vinden of te definièren, zeker in KMO's. Algemeen kan worden gesteld dat dergelijke functies een vergroting van de autonomie inhouden voor de betrokken werknemer, met een takenpakket dat met meer mensen, productiemiddelen, geldstromen en administratie te maken heeft dan de startfunctie van waaruit men vertrokken is.

6.3

Niveaubepaling

6.3.1

Niveaubepaling Het typische niveau voor de beroepsbeoefenaar die minstens twee à drie jaar professioneel actief is, ligt op niveau vier. In de huidige arbeidsmarkt worden de eerste werkjaren op startniveau drie doorgebracht. Na een lange werkervaring (vanaf 10 à 15 jaar) mag voor sommige afgestudeerden niveau vijf verwacht worden.

6.3.2

Motivatie Zoals uit het voorgaande blijkt, zijn de taakinhouden van de hier beschreven beroepen veelal uitvoeringoverschrijdend, discipline-integrerend en meerdere mensen en bedrijfsonderdelen beslaand. Niveau vijf daarentegen is van een te strategisch gehalte en te weinig op nabije implementatie gericht om voor deze beroepen in startfuncties in aanmerking te komen.


56

B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

7 CONTROLE INTERNE CONSISTENTIE EN VERIFICATIE REALISTISCH KARAKTER

Zie deel 1, 1.3 Procedure en 1.4 Legitimatie.


B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

8

8.1

57

BIBLIOGRAFIE

Vraag naar de opleiding Uit de aard van de hierboven beschreven beroepen en taken, volgt een aantal vereisten waaraan de beginnende beroepsbeoefenaar moet voldoen om deze beroepen en taken met de nodige professionele ernst aan te kunnen. Communicatief/bemiddelend Technische inhouden moeten overgebracht worden naar klanten, andere diensten binnen het bedrijf, operators op de vloer, supervisors, beleidsmensen enz. Communicatietechnieken in de eigen taal en in vreemde talen zijn hierbij (uiteraard) belangrijk in verkoop, service, coördinatie en administratie. Breed-technisch Uit de essentie van de logistiek zelf volgt een belangrijke consequentie voor de aard van de technische achtergrond die de beginnende beroepsbeoefenaar dient te hebben. Hij/zij is veelal verantwoordelijk voor de raakvlakken van het technische kernproces met andere diensten of betrokkenen, en komt daardoor met een verscheidenheid van technische aspecten in aanraking. Men zou kunnen stellen dat de beginnende beroepsbeoefenaar zich niet zozeer bezig houdt met het "Wat?" (d.w.z. met de eigelijke kernactiviteit), maar eerder met het "Wat nu?" (d.w.z. de implicaties van die kernactiviteit). Hij/zij moet dus een overzicht hebben van alle technische factoren die voor hem/haar van belang zijn, en niet van één bepaald onderdeel van het kernproces. Daarom moet hij/zij op de hoogte zijn van tal van technische disciplines, zonder er doorgedreven of specialistische kennis in te hebben. Vertrouwd met software Voor alle hierboven genoemde beroepen is kennis van softwarepakketten vanzelfsprekend. Tekstverwerking, rekenbladen, presentatieprogramma's, statistische programma's, tekenprogramma's, software toegesneden op logistiek of automatisering, het moet de beginnende beroepsbeoefenaar vertrouwd zijn door opleiding in de school of daarbuiten.

8.2

Begrippenkader Belangrijk in dit beroepsprofiel is een goed begrip van logistiek in het algemeen, met daarin de integrale goederenstroombeheersing als centraal aandachtspunt. Zie hiervoor o.m. deel 1 Identificatie, 1.3 Procedure en deel 2 Vooronderzoek, 2.1.2.1 Socio-economische factoren; 2.1.2.2 en 2.1.2.3.

8.3

Gebruikte bronnen

8.3.1

Inventaris beroepsprofiel Dit onderdeel is niet van toepassing.


58

8.3.2

B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

Bibliografie ♦ De Jager, J. (red.) 1991: Beroepsprofiel radiotherapeutisch laborant. Gevalideerde versie. Enschede: Stichting voor Leerplanontwikkeling Enschede. ♦ Janssens, L. (red.) 1993: Onderzoek naar een geactualiseerd en gerationaliseerd curriculum van de Assistent in de Psychologie op basis van een specifiek en toekomstgericht beroepsprofiel. Antwerpen: Katholieke Vlaamse Hogeschool. ♦ Lahuis, A. 1987: Beroepsprofielen en beroepsopleidingsprofielen in verband met leerplanontwikkeling door de SLO. Enschede: Stichting voor Leerplanontwikkeling Enschede. ♦ Ouwens, E.J. 1991: Methode herijking beroepsprofielen en eindtermen. Den Bosch: Centrum Innovatie Beroepsonderwijs Bedrijfsleven Den Bosch. ♦ Ouwens, E.J., C.E. Van Gaalen-Oordijk, J. Noord, G.M. Voets 1989: Eindrapport Profielenonderzoek Logistieke Functies. ♦ Visser H.M. en A.R. van Goor 1994: Werken met Logistiek. Leiden: Stenfert Kroese Educative Partners. ♦ VDAB 1997: Werkzoekende schoolverlaters in Vlaanderen. 12de Longitudinale studie juni 1995 - juni 1996. Brussel: Studiedienst VDAB. ♦ VDAB 1997: Werkzoekende schoolverlaters in Vlaanderen. 12de Longitudinale studie juni 1995 - juni 1996. Provinciale bijlage Vlaams-Brabant. Brussel: Studiedienst VDAB. ♦ VDAB 1997: Werkzoekende schoolverlaters in Vlaanderen. 12de Longitudinale studie juni 1995 - juni 1996. Provinciale bijlage Antwerpen. Brussel: Studiedienst VDAB. ♦ VDAB 1997: Werkzoekende schoolverlaters in Vlaanderen. 12de Longitudinale studie juni 1995 - juni 1996. Provinciale bijlage Limburg. Brussel: Studiedienst VDAB.


B E R O E P S P R O F IE L LO GIS T IE KE T E C H N O LO GIE

9

59

MEDEWERKERS

♦ Diane Van Roosendael, Belgische Logistiek voor Intensieve Training en Selectie, Bierbeek. ♦ Didier Timmermans, adviseur logistiek K&T Management en voorzitter van de werkgroep Logistiek van de Vereniging voor Inkoop en Bedrijfslogistiek, Antwerpen. ♦ Dirk Goossens, Fabrimetal, Brussel. ♦ Dominiek Callewier, Earnst & Young Consulting, Brussel. ♦ François Peeters, stafingenieur Afga-Gevaert nv, Mortsel. ♦ Gaston Kusé, voorzitter Studiegroep Logistiek Vlaamse Ingenieurskamer, Antwerpen. ♦ Hendrik Van Dessel, gedelegeerd bestuurder Applied logistics nv, Mechelen. ♦ Hendrik Van Doorslaer, productieplanner Zeneca nv, Destelbergen. ♦ P. Vermeiren, productieverantwoordelijke REM-B NV, Beerse. ♦ Prof. dr. Dirk Cattrysse, Centrum voor Industrieel beleid, Katholieke Universiteit Leuven. ♦ R. Yseboodt, logistiek manager Soudal NV, Turnhout. ♦ Rik Vanden Berk, gedelegeerd bestuurder Vectis nv, Lommel. ♦ Roger Gnat, voorzitter van de Vereniging voor Inkoop en Bedrijfslogistiek, Antwerpen. ♦ Rudi Vos, senior consultant Coopers & Lybrand, Brussel. ♦ Ruud Nijsen, Nationale Vervoersacademie, Hogeschool Venlo. ♦ Toon Bossuyt, supervisor Strategic Planning, Daikin Europe NV. ♦ Willy Vermorgen, Vlaamse Onderwijsraad, Brussel. ♦ Ann Van Asbroeck, lesgever Logistieke Technologie, Katholieke Hogeschool Kempen, Geel. ♦ Bert Van Hirtum, lesgever Logistieke Technologie, Katholieke Hogeschool Kempen, Geel. ♦ Greet Heylen, lesgever Logistieke Technologie, Katholieke Hogeschool Kempen, Geel. ♦ Jos Bastiaens, departementshoofd Technische Wetenschappen, Katholieke Hogeschool Kempen, Geel. ♦ Jos De Maeyer, lesgever Logistieke Technologie, Katholieke Hogeschool Kempen, Geel. ♦ Lina Matheussen, lesgever Logistieke Technologie, Katholieke Hogeschool Kempen, Geel. ♦ Raf Meylaers, lesgever Logistieke Technologie, Katholieke Hogeschool Kempen, Geel.


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
STUDIE 82 BEROEPSPROFIEL. logistieke technologie.pdf by Vlaanderen-be - Issuu