Rapportering ondernemingsplan 2020
Besproken op het uitgebreid directieoverleg: 13 januari 2021; voorgelegd aan de raad van bestuur 19 januari 2021; goedkeuring raad van bestuur: 23 maart 2021.
1
1
Beknopte uitvoeringsrapportering
3
2
Evolutie bedrijfsindicatoren
4
2.1
Bedrijfsindicator 1: wetenschappelijke output
4
2.2
Bedrijfsindicator 2: gerealiseerde betrokkenheid van het publiek
6
2.3
Bedrijfsindicator 3: gebruik van de collecties
7
2.4
Bedrijfsindicator 4: Valorisatie van expertises
9
2.5
Bedrijfsindicator 5: Duurzaamheid
10
2.6
Bedrijfsindicator 6: inkomsten (in KEUR)
12
3
Budgettaire analyse
13
4
Uitvoering personeelsplan 2020
13
5
Resultaten Audit Vlaanderen
13
2
1
BEKNOPTE UITVOERINGSRAPPORTERING
In het meerjarenplan 2020-2024 zijn zes strategische doelstellingen opgenomen: -
Plantentuin Meise neemt een prominente plaats in op het gebied van conservatie van plantendiversiteit. Onze collecties van wereldklasse worden toekomstbestendig beheerd en bewaard, zijn afgestemd op het informatietijdperk en toegankelijk voor wetenschap en maatschappij. Plantentuin Meise verricht excellent, collectiegebaseerd onderzoek naar de diversiteit, evolutie en duurzaam gebruik van planten en valoriseert zijn taxonomische expertise door samenwerking met en dienstverlening voor socio-economische belanghebbenden. Via publiekswerking, onderwijs en burgerwetenschap inspireert en informeert Plantentuin Meise nieuwe generaties en staat aan de top als internationale toeristische trekpleister. We beschikken over state-of-the-art faciliteiten en een duurzame infrastructuur voor onderzoek, collecties en bezoekers, ingebed in een ecologisch beheerd historisch domein. Plantentuin Meise is een open, efficiënte, effectieve, duurzame en warme organisatie.
Deze strategische doelstellingen vertalen zich in operationele doelstellingen en daaraan gekoppelde acties die elk jaar worden opgevolgd en indien nodig aangepast. Zes bedrijfsindicatoren monitoren de progressie op het vlak van de strategische doelstellingen. Verder in dit rapport wordt de evolutie van de bedrijfsindicatoren kort besproken met een projectie voor de komende jaren. In 2020 was de COVID-19 pandemie een zeer belangrijke factor in de werking van de Plantentuin. De maatregelen die werden genomen tegen de verspreiding van het virus hadden een negatieve invloed op onze bezoekersaantallen, de MICE-activiteiten en de daaraan gekoppelde inkomsten. Andere indicatoren evolueerden dan weer gunstig, misschien mede dankzij de uitzonderlijke omstandigheden die het afgelopen jaar werden gecreëerd. Door het wegvallen van wetenschappelijke conferenties en expedities was er bijvoorbeeld een sterke stijging van het aantal wetenschappelijke publicaties. Ook het gebruik van de collecties nam verder toe. We slaagden er ook in om heel wat vrijwilligers digitaal te betrekken bij de werking van de Plantentuin. Via het crowdsourcing platform DoeDat werden gegevens van meer dan 128.000 herbarium specimens geëncodeerd. Dit komt overeen met het werk van acht voltijds equivalenten. Covid-19 had een negatieve impact op de voortgang van de uitvoering van het masterplan. De culinaire belevingstuin en de welkomsttuin werden afgewerkt, maar de opening van de ingangsgebouwen werd opnieuw uitgesteld en staat nu gepland voor het tweede kwartaal 2021. Ook de oplevering van de 1ste fase van het serrecomplex is voorzien voor het tweede kwartaal. In 2020 haalde de Plantentuin enkele belangrijke projecten binnen: -
-
Het Departement Omgeving ondersteunt de Plantentuin in de realisatie van twee klimaatprojecten in Congo, meer bepaald in Virunga en Yangambi. Voor de Plantentuin is dit een unieke kans de wetenschappelijke expertise op vlak van herbebossing en boslandbouw op grote schaal te concretiseren. Het FWO keurde eind 2020 DiSSCo Flanders goed. Het is de implementatie van de Europese onderzoeksinfrastructuur in Vlaanderen. Dit project is erg belangrijk om de leidende rol van Vlaanderen en de Plantentuin binnen deze infrastructuur in Europa verder te versterken.
3
-
BiCIKL is een EU-project dat complementair is aan DiSSCo. Het verstevigt verder de positie van de Plantentuin binnen de Europese onderzoeksinstellingen. LIFE Connexions: “Priority actions for grasslands, meadows, humid forests and associated species in Wallonia (BE) and Great East regions (FR)” is een EU-project binnen het LIFE programma met als doel de instandhouding van 500 ha doelhabitats door middel van een geïntegreerde aanpak, waarbij zowel in situ als ex situ conservatietechnieken worden toegepast.
Deze projecten tonen de toegenomen competitiviteit aan van de Plantentuin in onderzoeksoproepen, zowel nationaal als internationaal. De maturiteit van de risicobeheersing bleef op hetzelfde niveau. De begroting werd met een klein overschot afgesloten, mede door het nauwgezet opvolgen van de inkomsten en uitgaven. Een aantal investeringen moesten wel worden uitgesteld. 2020 was zonder meer een uitzonderlijk jaar. Dankzij de wendbaarheid en weerbaarheid van de medewerkers is het toch een jaar geworden waar we trots mogen op terugblikken.
2
EVOLUTIE BEDRIJFSINDICATOREN
De strategische en operationele doelstellingen van Plantentuin Meise worden gemonitord aan de hand van een aantal objectieve indicatoren. Elke bedrijfsindicator is opgebouwd uit een aantal meetbare kerncijfers in dezelfde meeteenheid (dagen, personen, aantallen…). De bedrijfsindicatoren staan grotendeels los van concrete en tijdsgebonden realisaties; zij blijven bijgevolg hun objectieve waarde behouden en zijn perfect vergelijkbaar over de jaren. Voor elke indicator wordt een streefwaarde vastgelegd of een vooropgestelde trend gedefinieerd. Indien relevant worden mogelijk interne en externe risico’s gedefinieerd die de vooropgestelde streefwaarde of trend negatief kunnen beïnvloeden. Naast deze kwantitatieve indicatoren zijn, wanneer nuttig, ook belangrijke mijlpalen vermeld. Zij zijn meestal afhankelijk van een eenmalige investering/inspanning, maar door hun grootte en impact zijn ze essentieel om een aantal doelen te realiseren. De timing voor hun realisatie is cruciaal. Het gaat dan bijvoorbeeld over de realisatie van infrastructuurelementen, het aanwerven of ontwikkelen van cruciale competenties, het realiseren van een project, enz.
2.1
Bedrijfsindicator 1: wetenschappelijke output
Indicator 1: som van (aantal x gewicht). Deze indicator meet vooral het wetenschappelijke onderzoek van Plantentuin Meise en de mate waarin dit internationaal bekendgemaakt wordt. In vergelijking met de indicator gebruikt voor het vorige ondernemingsplan werd, op advies van de wetenschappelijke raad, het gewicht als laatste auteur van een artikel verhoogd. De indicator werd volgens de nieuwe formule berekend van 2011 tot 2020. Streefdoel: het jaarresultaat ligt minimaal op het niveau van het gemiddelde van de voorbije drie jaar (bij een gelijkblijvend aantal onderzoekers). Mijlpaal: versterkte samenwerking met de universiteiten via gedeelde bursalen. Publicaties
Gewicht
A1
(10 + IF)*
4
A2-4 (inclusief boekbesprekingen) Boek als auteur
2* 20*
Boek als editor Hoofdstuk van boek
5* 6*
Aantal nieuw beschreven soorten
1**
Aantal gereviseerde soorten
0,5**
*Voor publicaties waarvoor de eerste of laatste auteur niet behoort tot APM wordt het gewicht gedeeld door twee. **Voor publicaties waarvoor de eerste of laatste auteur niet behoort tot APM wordt het gewicht gedeeld door het totaal aantal auteurs en vermenigvuldigd met het aantal auteurs van APM.
Rapportering 2020: De productiviteit was in 2020 zeer hoog. Het aantal publicaties met impactfactor steeg van 99 naar 119 (99 in 2019; 103 in 2018; 89 in 2017; 74 in 2016; 74 in 2015, 75 in 2014). De gemiddelde impactfactor bleef stabiel op 2,7.
Daarnaast waren er vijftig artikels in andere tijdschriften, tien publicaties voor het grote publiek, negentien boeken, vier hoofdstukken in boeken en negen andere wetenschappelijke bijdragen (rapporten, boekrecensies,…). Het aantal wetenschappelijke posters en presentaties daalde dan weer sterk, omwille van het wegvallen van bijna alle wetenschappelijke bijeenkomsten. Het lijkt er dus op dat COVID-19 op korte termijn een positieve impact heeft gehad op de wetenschappelijke output van onze wetenschappers, onder meer omdat er meer tijd vrijkwam door het wegvallen van expedities, dienstreizen en wetenschappelijke bijeenkomsten. Op langere termijn zijn dergelijke activiteiten natuurlijk erg belangrijk om primaire data en onderzoeksmateriaal te verzamelen, het onderzoek up-to-date te houden en de onderzoeksnetwerken te behouden en te versterken. De nieuwe bedrijfsindicator ‘wetenschappelijke output’ steeg in 2020 van 1.489 naar 1.644 (driejaarsgemiddelde 2018-2020). De sterke stijging van de bedrijfsindicator van 2011 tot 2020 (+150%) wordt grotendeels verklaard door het groter aantal artikels in tijdschriften met impactfactor en het groter aantal florabijdragen. Beide evoluties werden gevraagd door de Wetenschappelijke Raad van Plantentuin Meise en de ontwikkelde bedrijfsindicator blijkt dus een geschikt instrument om dit op te volgen. 1800 1600 1400 1200 1000 800 600 400 200 0 2011-20132012-20142013-20152014-20162015-20172016-20182017-20192018-2020 Figuur 1 – Evolutie van de wetenschappelijke productie volgens bedrijfsindicator 1 gemiddeld over drie opeenvolgende jaren.
5
Projectie 2021-2024: De positieve impact van COVID-19 op de productiviteit van de wetenschappers in termen van publicaties zal wellicht ook nog in 2021 een gunstige invloed hebben. Daarna verwachten we een terugval van het aantal publicaties aangezien er terug meer tijd zal vrijgemaakt worden voor het uitbouwen van het wetenschappelijk netwerk via congressen en het vergaren van nieuwe data door middel van expedities en wetenschappelijke experimenten. Doordat de bedrijfsindicator gemiddeld verdeeld wordt over drie jaar denken we dat de indicator de volgende jaren nog licht zal stijgen om af te vlakken of licht te dalen tegen 2024.
2.2
Bedrijfsindicator 2: gerealiseerde betrokkenheid van het publiek
Indicator 2: som van alle aantallen. Deze indicator is een graadmeter voor het succes waarmee Plantentuin Meise de verschillende geledingen van het publiek bereikt. Streefdoel: stijging van dit aantal in functie van investeringen in de toeristische ontsluiting van de Plantentuin (volgens ZKA-studie: internationaal kengetal: per 10 miljoen EURO investering in toeristische infrastructuur 100.000 extra bezoekers). Mijlpalen: realisatie nieuwe ingangsgebouwen; realisatie nieuwe parking; aanleg tram Rapportering 2020: Door de maatregelen die werden genomen tegen de verspreiding van COVID-19 werd de Plantentuin van midden maart tot midden mei gesloten. Daarna ging de Plantentuin geleidelijk aan terug open, maar met een beperkt aantal bezoekers per half uur en per dag. Verhuur was slechts beperkt mogelijk van juli tot september. Alle grote evenementen werden afgelast. Er werd wel snel geschakeld en alternatieven bedacht zoals een #HOMEsafari in plaats van Bioblitz in de Plantentuin, mini zomerconcerten en activiteiten om in gezinsbubbel te doen, bezoek aan de scholen in plaats van de scholen op bezoek in de Plantentuin, Mijmerklokjes in plaats van Winterfloridylle.
De Covidmaatregelen hebben natuurlijk een negatieve impact op de bezoekerscijfers. Het totaal aantal bezoekers daalde met 21% naar 144.809. Dit is ongeveer op het niveau van 2017. Vooral het aantal bezoekers in schoolverband (-76%), de bezoekers in groep (-94%) en bezoekers in het kader van MICE (meetings, incentives, conferences en events) (-89%) daalden heel scherp. Het aantal bezoekers uit Meise (-3%) en bezoekers met jaarkaart (-16%) kenden een lichtere daling. Het aantal individuele bezoekers zonder jaarkaart steeg dan weer licht (+ 7%). De tevredenheid van de bezoekers bleef stabiel. Op Google Review behaalt de Plantentuin een gemiddelde score van 4,5/5. Globaal vertoont de bedrijfsindicator ‘gerealiseerde betrokkenheid van het publiek’ een sterke stijging tussen 2011 en 2019, met een kleine knik naar beneden in 2020.
6
180000 160000 140000 120000 # lokale bezoeken
100000
# bezoeken ext. evenementen
80000
# groepsbezoeken # bezoeken schoolverband
60000
# ind. bezoeken m jaarkaart
40000
# ind. bezoeken z jaarkaart
20000
20 11 -
20 13 20 12 -2 01 4 20 13 -2 01 5 20 14 -2 01 6 20 15 -2 01 7 20 16 -2 01 8 20 17 -2 01 9 20 18 -2 02 0
0
Figuur 2 – Evolutie van het aantal bezoeken gemiddeld over drie opeenvolgende jaren.
Projectie 2021-2024: 2021 wordt een overgangsjaar. Momenteel zitten we nog midden in de pandemie, wat een negatieve impact zal hebben op het aantal bezoekers tijdens de eerste maanden van het jaar. In januari kan het winterevent Winterfloridylle niet doorgaan en tijdens de topmaanden voor de Plantentuin, namelijk van maart tot mei, zal het aantal bezoekers wellicht nog begrensd blijven per uur en per dag. Groepsbezoeken, schoolbezoeken en externe evenementen zullen eveneens erg beperkt zijn tijdens de eerste zes maanden. Langs de andere kant is de kans klein dat de Plantentuin terug volledig zal moeten sluiten en zijn er heel wat mensen die genieten van een wandeling in het groen. Het is onze hoop dat vanaf deze zomer de Plantentuin terug normaal zal kunnen openen en dat school- en groepsbezoeken en events terug mogelijk zullen zijn. We hopen dan ook in de tweede helft van het jaar het voorziene verlies van de eerste zes maanden te kunnen goedmaken. We hopen dan ook in 2021 190,000 bezoekers te ontvangen. De doelstelling om tegen 2024 250.000 bezoekers te halen blijft realistisch op voorwaarde dat het structureel parkeerprobleem kan worden opgelost.
2.3
Bedrijfsindicator 3: gebruik van de collecties
Indicator 3: som van alle aantallen. Deze indicator meet vooral de wetenschappelijke dienstverlening van Plantentuin Meise. Het is onze taak om onze collecties te ontwikkelen, te bewaren en ze te ontsluiten en toegankelijk te maken voor onze gebruikers. Streefdoel: voortschrijdend gemiddelde van de voorbije drie jaren stijgt (door een verbeterde digitale ontsluiting van de collecties).
7
Mijlpaal: Realisatie VLAIO-project: ‘Digitale ontsluiting erfgoedcollecties’ Herbarium Aantal fysiek ontleende herbariumspecimens Aantal virtueel ontleende herbariumspecimens Aantal virtueel geconsulteerde specimens via eigen online databank Aantal virtueel geconsulteerde specimens via andere databanken
Bibliotheek/archief/iconotheek Aantal geraadpleegde items ter plaatse Aantal bezoekers en interbibliothecaire lenen Aantal virtueel ontleende publicaties/archieven Aantal items uitgeleend voor tentoonstellingen
Levende collecties Aantal geleverde stalen Aantal zoekopdrachten in online databank
Rapportering 2020: De consultatie van de collecties bleef stabiel in 2020. De bedrijfsindicator, die de evolutie bekijkt over drie jaar, stijgt zeer sterk, vooral door een sterke toename van het aantal consultaties van onze herbariumcollectie. 250000
200000
150000 Bibliotheek Levende collecties
100000
Herbarium 50000
20 20
20 18 -
20 19
20 17 -
20 18
20 16 -
20 17
20 15 -
20 16
20 14 -
20 15
20 13 -
20 15
20 12 -
20 11 -
20 13
0
8
Figuur 3 – Evolutie van het gebruik van de collecties gemiddeld over drie opeenvolgende jaren.
Projectie 2021-2024: Deze indicator zal de komende jaren licht blijven stijgen, vooral door het feit dat extra hoge-resolutie beelden van herbariumspecimens online beschikbaar zullen worden gemaakt. Op termijn zullen de collecties ook via andere portals geconsulteerd kunnen worden. Ook dit zal leiden tot een toename van de zichtbaarheid en het gebruik van onze collecties.
2.4
Bedrijfsindicator 4: Valorisatie van expertises
Indicator 4: Som van (aantallen x gewicht). Deze indicator is een graadmeter voor de mate waarin expertises van de Plantentuin ter beschikking worden gesteld voor socio-economische belanghebbenden. De indicator omvat zowel economische valorisatie (met de focus op commercialisering, bijvoorbeeld door samenwerking met de privésector) als maatschappelijke valorisatie (waar kennisdeling een antwoord kan bieden op maatschappelijke vraagstukken). Economische valorisatie wordt tevens gemonitord door bedrijfsindicator 6: inkomsten. Maatschappelijke valorisatie wordt ook gemonitord door bedrijfsindicator 2: gerealiseerde betrokkenheid van het publiek. Valorisatie van collecties wordt gemonitord in de bedrijfsindicator 3: gebruik van de collecties. Streefdoel: Voortschrijdend gemiddelde van de voorbije drie jaren stijgt.
Mijlpalen: Uitbouw van een expertisecentrum voor plantenidentificatie en biomonitoring. Elementen van indicator:
-
Aantal doctoraatsstudenten met APM (co-)promotor of begeleider (gewicht 2 per jaar met max van 5 jaar) - Aantal bachelor- en masterstudenten met APM (co-)promotor of begeleider (gewicht 1 per afgewerkte thesis) - Aantal opgeleide stagiairs (gewicht stage tot een maand: 0.25, stage van een tot drie maand: 0.5, stage van meer dan drie maand: 1) - Aantal onderwijsopdrachten van APM-onderzoekers aan universiteiten of hogescholen (titularis of co-titularis) (gewicht 2) - Aantal projecten in samenwerking met partners uit andere kennisinstellingen of universiteiten (berekening van gewicht: zie hieronder) - Aantal expertise- of consultancy-opdrachten (gewicht tot 1.000 EUR: 0,5; tussen 1.000 en 10.000 EUR: 2; meer dan 10.000 EUR: 5) - Aantal samenwerkingscontracten met de privésector (tot 10.000 EUR: 2; meer dan 10.000 EUR: 5) - Aantal samenwerkingscontracten met overheidsinstanties (tot 10.000 EUR: 2; meer dan 10.000 EUR: 5) - Berekening gewicht projecten: - [(plantentuin-budget in K€/het aantal jaren het loopt)/5] *2 indien APM hoofdpromotor Bijvoorbeeld, een project van vier jaar met APM-budget K€200, en APM als hoofdpromotor krijgt een jaarlijks gewicht van ((K€200/4)/10)*2 = 10 Rapportering 2020: Dit is een nieuwe bedrijfsindicator die gebruikt zal worden voor het ondernemingsplan 2020-2024. Om toch een startreferentie te hebben werd de berekening ook
9
gemaakt voor 2018 en 2019. Hieruit blijkt een stijging van de indicator met bijna 19% tussen 2018 en 2020. Opvallend hierbij is dat de Plantentuin beduidend minder studenten heeft begeleid in vergelijking met de vorige jaren, wellicht een gevolg van de maatregelen genomen tegen de bestrijding van COVID-19.
400 350 300 250 200 150 100 50 0 2018
2019
2020
Figuur 4 – Evolutie van valorisatie expertises tussen 2018 en 2019.
Projectie 2021-2024: Het ligt in de verwachting dat deze indicator licht zal blijven stijgen tot 2024. Daarbij gaan we ervan uit dat de financieringsmogelijkheden niet afnemen ten gevolge van eventuele besparingen om de COVID-19 kosten te dekken. Indien bij de relance volop zou worden ingezet op een groene economie zou ook de Plantentuin daarvan moeten kunnen profiteren.
2.5
Bedrijfsindicator 5: Duurzaamheid
Indicator 5: totale CO2-uitstoot (in # ton CO2) van alle installaties van de Plantentuin. Deze indicator geeft aan in hoeverre Plantentuin Meise in staat is om zijn technische installaties op een duurzame manier om te vormen en integrale milieuzorg door te voeren in zijn organisatie. Streefdoel: 50% reductie CO2-uitstoot tegen 2030; klimaatneutraal tegen 2050. Mijlpaal: volledige realisatie masterplan voor de Plantentuin. Rapportering 2020: Het energieverbruik is momenteel gelinkt met het aantal graaddagen. Toch zien we in 2020 een relatief groot verbruik ondanks de relatief warme winter. De voornaamste oorzaak hiervoor is wellicht de uitermate slechte staat van de collectie- en kweekkassen.Tegen 2021 zullen deze volledig uit gebruik zijn genomen. Dit zou een significante daling van het verbruik moeten meebrengen. Ook de sturing van de verwarming is volledig verouderd. Sommige sturingen zijn uitgevallen omdat geen wisselstukken meer beschikbaar zijn. In 2021 worden ook hier grote renovatiewerken gepland.
Eind 2020 werd de WKK in gebruik genomen. In 2021 zal ook dit een positieve impact hebben op de CO2-uitstoot.
10
Projectie 2021-2024: De doelstelling om de CO2-uitstoot met 50% te verminderen tegen 2030 is bijzonder uitdagend. Voor 2021 verwachten we een eerste significante daling van het energieverbruik door (1) lokale energieproductie door middel van de WKK, (2) het uit gebruik nemen van de kweekkassen en (3) de optimalisatie van de sturing van de ketels en het warmtenet. Tegen 2024 zullen ook de collectiekassen uit gebruik zijn genomen en zal de sturing verder zijn geoptimaliseerd. We hopen dan ook het energieverbruik tegen 2024 te verminderen met minstens 25%. CO2-uitstoot1 Onderwerp
2016
2017
2018
2019
2020
Verbruik
CO2 (ton)
Verbruik
CO2 (ton)
Verbruik
CO2 (ton)
Verbruik
CO2 (ton)
Verbruik
CO2 (ton)
Aardgas (kWh)
12100607
2219
11385505
2076
11036532
2013
12254920
2235
11810100
2154
Stookolie
18250
48
61920
176
77000
219
8200
23
12383
35
11832
34
10987
31
Stookolie machinepark
11
Brandstof wagenpark
5406
14
5210
13
4425
11
5476
12
4394
10
Elektriciteit (kWh)2
1216301
0
1305123
0
1227804
0
1199267
0
1146674
0
Totaal CO2 (ton)
2281
2299
2243
2270
2230
Tabel 1 – Evolutie 2015-2020 van verbruik gas en elektriciteit en gelinkte CO2-uitstoot (stookolie wordt gebruikt als alternatief voor aardgas dus beide verbruiken zijn samen te bekijken).
1
Omzetting: CO2-meter LNE, vanaf 2017 emissiefactoren klimaatplan VO
2
100% groene stroom
11
3000
3000,00
2500
2500,00
2000
2000,00
1500
1500,00
Graaddagen Ton CO2 verwarming
1000
1000,00
500
500,00
0
0,00 2013
2014
2015
2016
2017
2018
2019
2020
Figuur 5 – Uitstoot CO2 voor verwarming in functie van het aantal graaddagen (bron: synergrid - 16,5 °C-equivalent).
2.6
Bedrijfsindicator 6: inkomsten (in KEUR)
Indicator 6: totale som van (aantal x bedrag). Deze indicator geeft aan in hoeverre Plantentuin Meise erin slaagt om (nieuwe) geldstromen aan te boren. Hoe hoger de inkomsten uit externe bronnen, hoe beter de Plantentuin derden heeft kunnen overtuigen om van zijn diensten gebruik te maken. En hoe hoger de inkomsten, hoe beter Plantentuin Meise zich van zijn huidige en nieuwe taken kan kwijten. Streefdoel: voortschrijdend gemiddelde van de voorbije drie jaren stijgt. Rapportering 2020: De indicator evolueert verder in de goede richting. De globale stijging verbergt echter de grote schommelingen die er zijn voor de verschillende inkomstenstromen. De inkomsten uit projecten is bijvoorbeeld meer dan verdubbeld, voornamelijk door het binnenhalen van twee klimaatprojecten. Deze inkomsten werden echter grotendeels doorgestort naar de projectpartners. De coördinatie blijft wel bij de Plantentuin. De inkomsten uit ticketverkoop (-33%) en verhuur (52%) daalden dan weer scherp ten gevolge van COVID-19. Ondanks het feit dat de Plantentuin twee maanden gesloten werd, bleef de verkoop in de tuinwinkel op niveau (-0,5%). Ook de inkomsten uit expertises bleef stabiel (+1,5%). Voor de berekening van de indicator werden de FFEU-middelen niet meegenomen.
12
4000 3500 3000
TV
2500
Andere
2000
Verhuur Expertise
1500
Productverkoop Sponsoring
1000
Tickets
500
Projecten 20 20
20 18 -
20 19
20 17 -
20 18
20 16 -
20 17
20 15 -
20 16
20 14 -
20 15
20 13 -
20 14
20 12 -
20 11 -
20 13
0
Figuur 6 – Evolutie van inkomsten (in KEUR) gemiddeld over drie opeenvolgende jaren.
Projectie 2021-2024: We voorzien een verdere stijging van deze indicator. We nemen aan dat de inkomsten uit onze toeristische en MICE-activiteiten terug zullen stijgen. 2021 zal hierbij wellicht een overgangsjaar zijn. De inkomsten uit projecten zouden binnen enkele jaren onder druk kunnen komen indien er minder budgetten zouden worden vrijgemaakt via de verschillende financieringskanalen (Vlaams, Federaal, Europees, private stichtingen).
3
BUDGETTAIRE ANALYSE
Zie jaarrekening.
4
UITVOERING PERSONEELSPLAN 2020
Het personeelsplan 2020 werd in grote lijnen uitgevoerd zoals gepland (zie personeelsplan 2021). Er was een klein tekort op de personeelsuitgaven (zie jaarrekening), vooral een gevolg van het inzetten van extra jobstudenten voor het ontsmetten van de verschillende ruimtes en museumopstellingen.
5
RESULTATEN AUDIT VLAANDEREN
De maturiteit voor risicomanagement wat betreft risico-identificatie en –evaluatie bleef statusquo op 3. De maturiteit voor risicomanagement wat betreft risicobeheer bleef eveneens statusquo op 2,6.
13