Skip to main content

Ruimtelijke_herinrichting_Ring_Brussel.pdf

Page 1

Advies GRUP ‘Ruimtelijke herinrichting van de Ring rond Brussel (R0) – deel Noord’: openbaar onderzoek scopingnota 2

Brussel, 5 juli 2021

Strategische Adviesraad voor Landbouw en Visserij  Wetstraat 34-36, 1040 Brussel  T +32 2 209 01 11 info@salv.be  www.salv.be


GRUP ‘Ruimtelijke herinrichting van de Ring rond Brussel (R0) – deel Noord’: openbaar onderzoek scopingnota 2

De Strategische Adviesraad voor Landbouw en Visserij adviseert de beleidsmakers, in hoofdzaak de Vlaamse Regering en het Vlaams Parlement, over landbouw en visserij in de brede zin van het woord. De adviezen, zoals vastgesteld door de belanghebbenden vertegenwoordigd in de adviesraad, passen in een gedragen politieke besluitvorming.

Adviesvraag: GRUP ‘Ruimtelijke herinrichting van de Ring rond Brussel (R0) – deel Noord’: openbaar onderzoek scopingnota 2 Adviesvrager: departement Omgeving, Dienst Omgevingsplanning Advies gericht aan: Zuhal Demir – Vlaams minister van Justitie en Handhaving, Omgeving, Energie en Toerisme; kopie aan: Hilde Crevits – Vlaams minister van Economie, Innovatie, Werk, Sociale economie en Landbouw; Lydia Peeters – Vlaams minister van Mobiliteit en Openbare Werken; Elke Van den Brandt – minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met Mobiliteit, Openbare werken en Verkeersveiligheid; Alain Maron – minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met Klimaattransitie, Leefmilieu, Energie en Participatieve democratie; Patricia De Clercq – secretaris-generaal Departement Landbouw en Visserij Ontvangst adviesvraag: 24 mei 2021 Adviestermijn: 60 dagen Decretale opdracht: SALV-decreet van 6 juli 2007, art. 4 (SAR-functie) Goedkeuring raad: 5 juli 2021 Adviesnummer: 2021-10 Contactpersoon: Koen Carels – kcarels@serv.be Dossierhouder: Wouter Vanacker – wvanacker@serv.be

2


Mevrouw Zuhal Demir Vlaams minister van Justitie en Handhaving, Omgeving, Energie en Toerisme Martelaarsplein 7 B-1000 Brussel

contactpersoon Koen Carels kcarels@serv.be

ons kenmerk SALV_20210618_BRADV_R0_scopingnota2_zd

Brussel 5 juli 2021

Advies GRUP ‘Ruimtelijke herinrichting van de Ring rond Brussel (R0) – deel Noord’: openbaar onderzoek scopingnota 2 Mevrouw de minister De SALV ontving op 24 mei 2021 een vraag om schriftelijk advies over de scoping nota 2 van het Ruimtelijk uitvoeringsplan Ruimtelijke herinrichting van de Ring rond Brussel R0 deel Noord (RUP_02000_212_00497_00001). De adviesraad besloot tot het formuleren van onderhavig briefadvies. Ze keurde de aanbevelingen goed op 5 juli 2021.

Krachtlijnen De afwezigheid van specifieke landbouwgerichte projectdoelstellingen is een gemiste kans om de productie en consumptie van lokaal voedsel in de sterk verstedelijkende regio te behouden en de interactie tussen voedselproducent en consument te stimuleren. In de verdere uitwerking van het project moeten landbouwgerichte kansen actief opgezocht, geduid en benut worden, en uitdagingen geadresseerd. Verduidelijk de veelzijdige impact op landbouw, door middel van een verbeterde MKBA, een LER, en een volledig inzicht in de inname van landbouwgebied en in de effecten van geplande ecoducten. Realiseer de compenserende maatregelen zo veel mogelijk in reeds bestaande groene bestemmingen. Vrijwaar de herbevestigde agrarische gebieden. Pas het principe van zuinig ruimtegebruik toe.

Strategische Adviesraad voor Landbouw en Visserij  Wetstraat 34-36, 1040 Brussel  T +32 2 209 01 11 info@salv.be  www.salv.be


GRUP ‘Ruimtelijke herinrichting van de Ring rond Brussel (R0) – deel Noord’: openbaar onderzoek scopingnota 2

Situering Opzet van het project De ruimtelijke herinrichting van de Ring rond Brussel (R0) - deel Noord, is een onderdeel van het multimodale programma ‘Werken aan de Ring’, een geïntegreerd en samenhangend programma van wegenis-, fiets- en openbaar vervoersprojecten dat tevens inzet op combimobiliteit en de leefkwaliteit in de projectgebieden wil verbeteren. De startnota beschrijft de volgende plandoelstellingen1: Het herinrichten van oude en verouderde infrastructuur volgens het principe van het scheiden van doorgaand en lokaal verkeer om op die manier te komen tot een meer leesbare en verkeersveiligere infrastructuur met minder incidenten en een verbeterde doorstroming. Het verhogen van de leefbaarheid rond de R0, o.a. in de dorpskernen door de vermindering van het sluipverkeer naar aanleiding van de herinrichting van de R0 volgens bovenstaand principe. Bij de herinrichting van de R0 worden over, onder en langs de R0 bepaalde potenties voor fietsverkeer en openbaar vervoer mee ontwikkeld: onderdoorgangen worden veiliger en multimodaal gemaakt om de barrièrewerking van de ring voor voetgangers, fietsers, en openbaar vervoer te verminderen en op die manier de multimodale bereikbaarheid van de regio te verhogen. Daarbij wordt er over het hele projectgebied ingezet op de (landschappelijke) inpassing van de infrastructuur in de omgeving (zowel R0 als onderliggende wegenis) om de leefbaarheid in de onmiddellijke omgeving te verbeteren en bij te dragen tot (het herstel van) de groene, blauwe en ecologische verbindingen. Dit zal de barrièrewerking van de ring niet alleen voor de mens, maar ook voor de dieren verminderen. Het programma ‘Werken aan de Ring’ schrijft zich in een breder verhaal in de regio in, zowel geografisch als wat betreft de visie. De Werken aan de Regio spelen zich af op schaal van de functionele stedelijke regio van Brussel en de Vlaamse Rand. De functionele stedelijke regio is een gebied waar de bewoners op dagelijkse wijze gebruik maken van de beschikbare programma’s in dit gebied om te wonen, te werken en te recreëren. Proces Het geïntegreerd planningsproces is gestart op 18 mei 2018, na goedkeuring van de startnota door de Vlaamse Regering. De resultaten van de eerste inspraak- en adviesperiode zijn verwerkt in scopingnota 1. In september 2019 gaf de Werkvennootschap vorm aan een Visienota Programma Werken aan de Ring, waarin de ambities en plandoelstellingen werden verduidelijkt en de relatie met beleidsplannen en andere projecten wordt verduidelijkt.2 De resultaten uit de eerste loop worden in de scopingnota 2 (en haar bijlagen) – voorwerp van het advies – verder toegelicht: enerzijds welke alternatieven en varianten niet verder in het proces worden meegenomen (en de redenen hiervoor), anderzijds welke alternatieven en varianten in de tweede

1

VR, 18 mei 2018, Gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan ‘ruimtelijke herinrichting van de Ring rond Brussel (R0) – deel Noord. Startnota https://www.werkenaandering.be/sites/default/files/202004/Startnota%20mei%202018.pdf.

2

De Werkvennootschap, 2019, Visienota Werken aan de Ring, https://www.werkenaandering.be/sites/default/files/2020-04/Visienota%20september%202019.pdf.

4


GRUP ‘Ruimtelijke herinrichting van de Ring rond Brussel (R0) – deel Noord’: openbaar onderzoek scopingnota 2

loop worden meegenomen en hoe deze zijn ontstaan vanuit de beoordeling die in de eerste loop is gebeurd. De SALV ontving de adviesvraag in toepassing van artikel 2.2.8 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening.3

Advies De adviesraad waardeert dat zij in dit dossier om een advies wordt gevraagd, en formuleert de volgende aanbevelingen: [1] De afwezigheid van specifieke landbouwgerichte projectdoelstellingen is een gemiste kans om de productie en consumptie van lokaal voedsel in de sterk verstedelijkende regio te behouden en de interactie tussen voedselproducent en consument te stimuleren. Het project is ingebed in de bredere functionele stedelijke regio van Brussel en de Vlaamse Rand. Het is een regio waar de landbouw het hoofd tracht te bieden aan verstedelijking. Het is ook een regio met ruim een miljoen consumenten. Reeds in 2015 erkende de Brusselse Regering het behoud van lokale voedselproductie en de versterking van de interactie tussen stad en platteland, tussen consument en producent.4 Recenter heeft ook de Vlaamse Regering deze aandachtspunten voor het voedselbeleid onderlijnd.5 In de Visienota Werken aan de Ring zijn er geen specifieke doelstellingen opgenomen met het oog op het behoud van lokale voedselproductie en ter versterking van de interactie tussen stad en platteland, tussen producent en consument. Nochtans zijn er naast de hoofddoelstellingen op het vlak van mobiliteit ook andersoortige doelen gedefinieerd. Zo geeft de visienota aan dat het project volop zal inzetten op de versterking van het groenblauwe netwerk in en rond het projectgebied, en zo zowel de leefen woonkwaliteit zal verbeteren als natuurwaarden zal ontwikkelen en herstellen.6 De afwezigheid van een landbouwgerichte ambitie is in het licht van recent geformuleerde intenties op het vlak van voedselbeleid een lacune in de ruimtelijke planning. In de verdere uitwerking van het project moeten landbouwgerichte kansen actief opgezocht, geduid en benut worden, en uitdagingen geadresseerd. [2] Verduidelijk de impact op landbouw. De impact op landbouw moet volledig in beeld gebracht worden, en moet ook mee bepalend zijn in de keuze voor het voorkeuralternatief. Alleen op basis van een grondig inzicht in de verschillende effecten is een onderbouwde en transparante afweging mogelijk. Daarom acht de raad de volgende aanbevelingen onontbeerlijk: Breid de maatschappelijke kosten-batenanalyse uit met een impactstudie voor het ganse agrovoedingscomplex en neem de maatschappelijke waarde van de landbouw volledig mee. In de MKBA kunnen we lezen dat het bruto bedrijfsresultaat als indicator 3

Zie Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, https://codex.vlaanderen.be/portals/codex/documenten/1018245.html.

4

Brusselse Hoofdstedelijke Regering, 2015, De Strategie Good Food: naar een duurzaam voedingssysteem in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Van boer tot bord. https://document.environnement.brussels/opac_css/elecfile/Strat_GoodFood_NL.

5

Vlaamse Regering, 8 november 2019, Beleidsnota Landbouw en Visserij 2019-2024, ingediend bij het Vlaams Parlement door Hilde Crevits, Vlaams minister van Economie, Innovatie, Werk, Sociale economie en Landbouw, p. 7; Departement Landbouw en Visserij, 2021, Vlaamse Kost, https://lv.vlaanderen.be/nl/beleid/vlaamse-kost-voedselstrategie.

6

De Werkvennootschap, 2019, Visienota Werken aan de Ring, p. 69.

5


GRUP ‘Ruimtelijke herinrichting van de Ring rond Brussel (R0) – deel Noord’: openbaar onderzoek scopingnota 2

genomen wordt om de kosten van verlies aan landbouwgrond in beeld te brengen. Dat is een belangrijke basis, maar de SALV identificeert verschillende belangrijke elementen die niet meegenomen worden op niveau van het agrovoedingscomplex. Zo moet het mogelijk verlies aan directe tewerkstelling en andere effecten bij verwerkende bedrijven ook worden gekwantificeerd en meegenomen. De MKBA moet ook (op sectoraal niveau) de maatschappelijke waarde bevatten die de land- en tuinbouw naast voedselproductie levert: de vrijwaring en het beheer van de open ruimte, plattelandstoerisme, plattelandsonderwijs, verbredingsactiviteiten, enz. Maak een landbouweffectenrapport (LER) op voor de drie resterende alternatieven. Het verlies aan landbouwgrond dat in de scoping nota in beeld gebracht wordt, vloeit voort uit de LIS wat al een belangrijke eerste afweging vormt. In een vervolg is het belangrijk om voor de resterende alternatieven ook een LER bij dit plan op te maken, zodat de effecten op landbouw meer in detail in kaart gebracht en vergeleken kunnen worden. Kwantificeer de volledige directe en indirecte inname van landbouwgrond. Naast grondinname door infrastructuur en bestemmingswijzigingen naar natuur, bos en park vereisen de aanleg van parallelwegen en de optimalisatie van de R0 op bepaalde locaties de kap van bomen. Momenteel heerst er nog veel onduidelijkheid over de omvang van de mogelijke boscompensaties. Verduidelijk de effecten van geplande ecoducten of landschapsbruggen op het aansluitende landbouwgebied.

[3] Realiseer de compenserende maatregelen zo veel mogelijk in reeds bestaande groene bestemmingen en binnen het projectgebied. [4] Zorg ervoor dat de herbevestigde agrarische gebieden maximaal gevrijwaard blijven. Indien er toch een inname van herbevestigde agrarische gebieden in het vooruitzicht wordt gesteld, pas in dat geval de bepalingen in omzendbrief RO/2010/01 strikt toe.7 [5] Pas het principe van zuinig ruimtegebruik toe. De visienota BRV draagt het principe van zorgvuldig ruimtegebruik uit: “Ruimtelijk rendementsverhoging of bijkomend ruimtebeslag in de open ruimte mogen de waarden en kwaliteiten van het gebied niet aantasten. Dergelijke ontwikkelingen moeten passen binnen de ontwikkelingsrichting die voor een gebied is uitgezet en worden gekoppeld aan de realisatie van maatschappelijke doelen voor duurzaamheid en leefkwaliteit. Ze gaan zuinig en zorgvuldig om met de ruimte en de kwaliteiten van het gebied.”8 Ook de Visienota Ruimte Vlaams-Brabant onderstreept het belang van efficiënt ruimtegebruik.9 In het kader van de ruimtelijke herinrichting van de R0 betekenen zorgvuldigheid en efficiëntie dat gestreefd wordt naar een zuinig ruimtegebruik, waarbij de ruimtelijke hertekening geen afbreuk doet aan de kwaliteit en leefbaarheid van de landbouw in de regio.

7

RO/2010/01, https://omgeving.vlaanderen.be/sites/default/files/atoms/files/RO_2010_01_agnas.pdf.

8

VR, 2018, Strategische Visie BRV, p. 41: https://publicaties.vlaanderen.be/view-file/28360.

9

Provincie Vlaams-Brabant, Conceptnota Beleidsplan Ruimte Vlaams-Brabant, p. 17.

6


GRUP ‘Ruimtelijke herinrichting van de Ring rond Brussel (R0) – deel Noord’: openbaar onderzoek scopingnota 2

In deze tweede loop van de scoping fase liggen nog drie alternatieven voor. Uit de resultaten van loop 1 concludeert de SALV dat, onder voorbehoud van de resultaten van loop 2 – dewelke meer gedetailleerd zullen zijn en waarbij enkele aanpassingen aan de varianten worden aangebracht – dat de light-varianten wat betreft directe ruimte-inname het kleinst zijn. Onder voorbehoud van toekomstige wijzigingen en de gevraagde verduidelijkingen, gaat de voorkeur van de SALV daarom voorlopig uit naar de light-varianten.

Hoogachtend

Hendrik Vandamme

Koen Carels

voorzitter SALV

secretaris SALV

Bijlage(n): Kopie: Hilde Crevits – Vlaams minister van Economie, Innovatie, Werk, Sociale economie en Landbouw; Lydia Peeters – Vlaams minister van Mobiliteit en Openbare Werken; Elke Van den Brandt – minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met Mobiliteit, Openbare werken en Verkeersveiligheid; Alain Maron – minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met Klimaattransitie, Leefmilieu, Energie en Participatieve democratie; Patricia De Clercq – secretaris-generaal Departement Landbouw en Visserij

7


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Ruimtelijke_herinrichting_Ring_Brussel.pdf by Vlaanderen-be - Issuu