FACTSHEET Vrouw-manverdeling in de georganiseerde sport in Vlaanderen1
In sporten als dansen, ijsschaatsen, paardrijden en gymnastiek is ruim 70% van de sporters bij de Vlaamse sportclubs een vrouw. Bij sporten als zwemmen, atletiek, hockey en korfbal is de verdeling tussen vrouwen en mannen gelijk. Bij sporten als voetbal, worstelen en schieten is minder dan 12% een vrouw. De drop-out van meisjes in de sportclub is groter dan die van jongens en bereikt een piek als ze 19 jaar zijn. Bij de trainers die actief zijn binnen de Vlaamse sportclubs zijn er tot 25 jaar evenveel of zelfs meer vrouwelijke dan mannelijke trainers.
1.391.683
69.949
Vanaf 30 jaar daalt het aandeel vrouwelijke trainers zeer sterk, met op 35 jaar een aandeel van 31% vrouwelijke trainers en op 50 jaar nog slechts 18%. Tot de leeftijd van +/- 35 jaar zijn er meer of evenveel vrouwelijke als mannelijke bestuurders actief binnen de Vlaamse sportclubs. Daarna zien we dat enkel het aantal mannelijke bestuurders sterk toeneemt, met op 55 jaar een aandeel van 78% mannelijke bestuurders. Op het niveau van de Vlaams sportfederaties is in 2021 slechts 16% van de bestuurders een vrouw.
54.543
583
Figuur 1 Verdeling vrouw/man van sporters en trainers en bestuurders aangesloten bij Vlaamse sportclubs en verdeling vrouw/man bestuurders Vlaamse sportfederaties (2021),
1x
1 Cijfers van de sportclubs opgenomen in deze factsheet zijn afkomstig uit het Datawarehouse Sport Vlaanderen en betreffen gegevens van de gesubsidieerde of louter erkende Vlaamse sportfederaties in de periode 2014-2021. De kwaliteit van de data is daarom afhankelijk van de input gegenereerd door deze sportfederaties. In juli 2022 werden de gegevens weergegeven in deze factsheet uit het datawarehouse getrokken. Aangezien we continu de datakwaliteit verbeteren, is het mogelijk dat er later kleine verschillen zullen optreden in vergelijking met de data weergegeven in het kennisplatform of dat de data licht afwijken van de vorige editie van de factsheet vrouw/man verdeling in de sport. De cijfers bestuurders sportfederaties zijn afkomstig van het E-loket sportfederaties,
KENNISPLATFORM SPORT VLAANDEREN
In 2021 maken vrouwen 41% uit van de sporters, 35% van de trainers, 27% van de bestuursleden in Vlaamse sportclubs en 16% van de bestuurders in de Vlaamse sportfederaties.
41% VAN DE CLUBSPORTERS IS VROUW
Figuur 2 Verdeling vrouw/man van sporters aangesloten bij Vlaamse sportclubs (2014-2021)
41%
KENNISPLATFORM SPORT VLAANDEREN
Vrouwen maken in 2021 41% uit van de sporters binnen de Vlaamse sportclubs (aangesloten bij een louter erkende of bij een gesubsidieerde Vlaamse sportfederatie) (Figuur 2). In de periode van 2014 tot 2021 merken we een beperkte stijging van 2% tussen 2014 (39%) en 2018 (41%), en zien we een stagnatie tussen 2018 en 2021, namelijk 41%,
VAN DE SPORTERS IS VROUW
LEEFTIJD Tot 7 jaar zijn jongens en meisjes evenredig vertegenwoordigd in de sportclub. Het aandeel van meisjes vermindert met de leeftijd (Figuur 3), en is met 36% het kleinst op de leeftijd van 19 tot 25 jaar. Nadien zien we hun aandeel in het georganiseerd sportverband geleidelijk aan weer toenemen.
Figuur 3 Percentage vrouwelijke en mannelijke sporters aangesloten bij Vlaamse sportclubs per leeftijdscategorie (2021),
2 33
4,3% 5,4%
75 jaar en ouder
9,1%
4,2%
70-74 jaar 65-69 jaar
7,5%
9,6%
60-64 jaar
6,4%
9,0%
55-59 jaar
5,9%
8,9%
50-54 jaar
6,1%
9,4%
45-49 jaar
6,4%
9,9%
40-44 jaar
6,9%
10,7%
35-39 jaar
6,2%
10,4%
30-34 jaar
6,1%
11,7%
25-29 jaar
7,4%
20-24 jaar
8,5%
13,0% 14,9% 23,7%
15,3%
15-19 jaar
31,4%
23,%
10-14 jaar
25,8%
21,8%
5-9 jaar
KENNISPLATFORM SPORT VLAANDEREN
Als we het aantal sporters vergelijken met de bevolkingscijfers zien we dat op alle leeftijden, met uitzondering van kinderen jonger dan 5 jaar, de densiteit hoger is bij mannen t.o.v. vrouwen (figuur 4). Op de leeftijd tussen 10 en 14 jaar is de densiteit het hoogst, met bij de jongens een densiteit van een op drie en bij de meisjes iets minder dan een op vier.
5,3% 4,6%
4 jaar en jonger
V
M
Figuur 4 Densiteit aantal sporters (V/M) per leeftijdscategorie t.o.v. de populatie (2021),
POPULAIRSTE SPORTEN Zoals tabel 1 weergeeft, zijn er in dansen, ijsschaatsen, paardrijden en gymnastiek meer dan 70% vrouwelijke sporters actief. Voetbal, schieten en worstelen beschikken over het kleinste aandeel vrouwelijke sporters.
Top 8
Hoogste aandeel vrouwelijke sporters
Hoogste aandeel mannelijke sporters
1
Dansen
80%
Voetbal
90%
2
IJsschaatsen
80%
Schieten
88%
3
Paardrijden
77%
Worstelen
88%
4
Gymnastiek
71%
Kaatsen
85%
5
Fitness
68%
Squash
85%
6
Volleybal
60%
Motorrijden
84%
7
Wandelen
55%
IJshockey
78%
8
Fietsen
55%
Schermen
76%
Tabel 1 Top 8 van sporten met het hoogste aandeel vrouwelijke sporters en het hoogste aandeel mannelijke sporters in Vlaamse sportclubs (2021), 3
33
De sporten dansen, ijsschaatsen, paardrijden en gymnastiek hebben meer dan
70 %
vrouwelijke sporters.
32
4
Tabel 2 geeft een overzicht van alle sporten met minstens 10.000 vrouwelijke sporters. Het aandeel vrouwelijke sporters stijgt tussen 2015 en 2021 bij volgende sporttakken: zeilen (5,21%), paardrijden (+3,46%), basketbal (3,34%), wielrennen (+3,31%), voetbal (+3,13%), hockey (+1,70%) en dansen (+0,28%),
Sport
Aantal V Aantal V Verschil sporters in sporters in aantal 2021 2015 2021‐2015
Aandeel V sporters in 2021
Aandeel V Verschil sporters in aandeel 2015 2021‐2015
Alle sporten samen
573.410
446.852
126.558
41,20%
39,61%
1,59%
Gymnastiek
103.533
91.554
11.979
71,17%
74,38%
-3,21%
Wielrennen
101.094
73.381
27.713
42,79%
39,48%
3,31%
Tennis
81.823
64.016
17.807
42,22%
43,55%
-1,33%
Dansen
65.106
49.551
15.555
79,96%
79,68%
0,28%
Wandelen
61.730
23.073
38.657
55,34%
58,04%
-2,71%
Paardrijden
39.394
33.991
5.403
76,80%
73,35%
3,46%
Zwemmen
38.195
38.313
-118
49,46%
50,54%
-1,08%
Volleybal
33.095
28.878
4.217
59,77%
60,75%
-0,98%
Voetbal
32.459
18.384
14.075
10,31%
7,19%
3,13%
Fietsen/recreatief fietsen
28.131
22.238
5.893
55,05%
55,42%
-0,36%
Atletiek
25.823
21.867
3.956
45,65%
47,86%
-2,22%
Golf
15.864
2.734
13.130
35,52%
35,83%
-0,31%
Badminton
13.723
14.863
-1.140
39,96%
43,00%
-3,04%
Hockey
13.214
8.425
4.789
48,16%
46,46%
1,70%
Basketbal
11.209
8.387
2.822
25,48%
22,14%
3,34%
Zeilen
10.168
5.115
5.053
36,06%
30,85%
5,21%
KENNISPLATFORM SPORT VLAANDEREN
De laatste jaren is er een stijging van het aantal vrouwen die sporten in georganiseerd verband: van 446.852 vrouwelijke sporters in 2015 tot 573.410 in 2021. Het aandeel vrouwelijke sporters kent een lichte stijging van 1,59%
Tabel 2 Evolutie aantal en aandeel vrouwelijke sporters 2015-20212 van sporttakken met minstens 10.000 vrouwelijke sporters in Vlaamse sportclubs (2021) 2 Sporters 2015 zijn lid van een gesubsidieerde sportfederatie. Sporters 2021 zijn lid van een erkende sportfederatie.
5
33
GENDEREVENWICHT IN ENKELE SPORTEN
KENNISPLATFORM SPORT VLAANDEREN
Bij de sporten zwemmen, hockey, atletiek, rolschaatsen en korfbal is het aandeel van vrouwelijke en van mannelijke sporters nagenoeg gelijk en kunnen we spreken van een genderevenwicht (figuur 5). 100% 90% 80% 70%
51%
52%
54%
54%
56%
49%
48%
46%
46%
44%
60% 50% 40% 30% 20%
© belgaimage
10% 0% Zwemmen
Hockey
Atletiek %V
Rolschaatsen
Korfbal
%M
Figuur 5 Sporten met een percentage vrouwelijke sporters tussen 45% en 54% aangesloten bij Vlaamse sportclubs (2021) © belgaimage
DROP-OUT2 Gegevens over het aantal sporters dat stopt met sporten (drop-out) in georganiseerd verband maken duidelijk dat het vaker bij vrouwen dan bij mannen voorkomt. Het totale drop-out-percentage bij sporters van 10-19 jaar bedraagt in 2021 bij meisjes 20% en bij jongens 14%. Zowel bij jongens als bij meisjes is de drop-out het grootst op 19 jaar. Figuur 6 toont dat het drop-out-percentage op 19 jaar over de afgelopen jaren schommelt tussen 26% en 31% bij meisjes en tussen 18% en 23% bij jongens (in de periode van 2014 tot 2021). 35%
31%
31%
31%
30%
28%
29%
31%
29% 26%
25% 20%
22% 18%
15%
20%
23%
22%
22%
18%
20%
10% 5% 0% 2014
2015
2016
2017
Man 19 jaar
2018
2019
2020
2021
Vrouw 19 jaar
Figuur 3 Evolutie in drop-out bij mannelijke en vrouwelijke sporters op 19 jaar in georganiseerd verband (2014-2020),
2 Een persoon wordt als drop-out geteld als hij/zij bijvoorbeeld in 2019 wel lid was van één van de sportfederaties en in 2020 niet meer. Als een persoon wisselt van sportfederatie, sportclub of sporttak wordt die niet als drop-out geteld.
6 33
Met het project ‘Preventie van tienerdrop‐out’ dat in 2021 van start gegaan is, zet Sport Vlaanderen samen met de sector in op het verminderen van de uitval van adolescenten – en meisjes in het bijzonder ‐ uit de sportclubwerking. Sport Vlaanderen, samen met de KU Leuven, de Vlaamse Sportfederatie en het Netwerk Lokaal Sportbeleid, gebruikt daarvoor de grondslagen van het Europees project 'Keep Youngsters involved'. Dit wetenschappelijk onderzoek detecteerde 14 kritische succesfactoren waardoor jongeren afhaken of net in de sportclub blijven. In overleg met de sector (koepelstructuren, sportfederaties, clubs) en experten werden in 2012 en 2022 praktische instrumenten ter bestrijding van tienerdrop‐out ontwikkeld. Deze instrumenten worden eerst in een pilootfase getest door sportclubs/tieners van enkele geëngageerde sportfederaties, daarna geëvalueerd en indien nodig nog bijgestuurd. In september 2022 wordt het project onder de naam ‘Geef tieners een stem’ officieel gelanceerd en via verschillende kanalen gepromoot en uitgerold naar de sportsector. Vanaf najaar 2022 worden praktische bijscholingen en workshops voor trainers en tienerbetrokkenen ingepland die hen helpen om te leren werken met de tools. Op volgende webpagina vind je alle info over het project: www.sport.vlaanderen/geeftienerseenstem
7
35% VAN ONZE TRAINERS IS VROUW KENNISPLATFORM SPORT VLAANDEREN
In 2021 was 65% van de actieve trainers binnen de Vlaamse sportclubs (aangesloten bij een louter erkende of bij een gesubsidieerde sportfederatie) een man en 35% een vrouw. Tussen 2014 en 2021 is er een stijging van 31,17% naar 35,01%. Het aandeel vrouwelijke trainers daalt tot 29% (2021) als we alleen trainsters met een trainersdiploma bekijken. Van de gekwalificeerde trainers is 71% een man.
31%
31%
32%
35%
69%
69%
68%
65%
2014
2016
2018 Man
35%
VAN DE TRAINERS IS VROUW
2021
Vrouw
Figuur 7 Verdeling V/M van trainers aangesloten bij Vlaamse sportclubs (2014-2021)
LEEFTIJD Bij de trainers die actief zijn binnen een Vlaamse sportclub is het opmerkelijk dat in de jongste leeftijdscategorieën (nl. ≤ 20 jaar en 21-25j) er meer vrouwelijke dan mannelijke trainers zijn. Vanaf 31 jaar daalt het aandeel vrouwelijke trainers naar 34%. Vanaf 41 jaar is de verhouding min of meer stabiel, met slechts 17-21% trainsters.
34% 60%
52%
40%
21%
19%
19%
19%
17%
21%
75%
79%
81%
81%
81%
83%
79%
46%
66% 48%
25%
54%
20 jaar en 21‐25 jaar 26‐30 jaar 31‐35 jaar 36‐40 jaar 41‐45 jaar 46‐50 jaar 51‐55 jaar 56‐60 jaar 61‐65 jaar 66 jaar en jonger ouder Man
Vrouw
Figuur 8 Percentage vrouwelijke en mannelijke trainers per leeftijdscategorie (2021), 8 33
Leeftijd
Aantal V trainers in 2021
Aantal V Verschil trainers in aantal 2015 2021‐2015
Aandeel V trainers in 2021
Aandeel V trainers in 2015
Verschil aandeel 2021‐2015
Alle leeftijden samen
24.261
17.451
6.810
34,84%
30,86%
3,99%
20 jaar en jonger
6.336
4.510
1.826
59,51%
56,21%
3,30%
21-25 jaar
4.913
4.095
818
51,59%
48,37%
3,22%
26-30 jaar
3.541
2.422
1.119
45,65%
38,96%
6,70%
31-35 jaar
2.197
1.474
723
34,18%
27,99%
6,19%
36-40 jaar
1.694
1.104
590
24,83%
20,13%
4,70%
41-45 jaar
1.436
869
567
20,70%
15,46%
5,24%
46-50 jaar
1.050
793
257
19,39%
15,34%
4,06%
51-55 jaar
880
641
239
18,65%
15,59%
3,06%
56-60 jaar
724
407
317
19,49%
15,31%
4,18%
61-65 jaar
495
300
195
17,15%
16,88%
0,26%
66 jaar en ouder
995
836
159
20,80%
22,22%
-1,41%
KENNISPLATFORM SPORT VLAANDEREN
Tabel 3 geeft een overzicht van de evolutie van het aantal en aandeel vrouwelijke trainers per leeftijdscategorie. Het aandeel vrouwelijke trainers is de afgelopen 6 jaar in alle leeftijdscategorieën tot 65 jaar gestegen. Vooral in de leeftijdscategorieën tussen 26 en 45 jaar is de stijging het grootst. De totale stijging van het aandeel vrouwelijke trainers over alle leeftijdscategorieën heen is de afgelopen 5 jaar gestegen met 3,99%.
Tabel 3 Evolutie aantal en aandeel vrouwelijke trainers 2015-20213 per leeftijdscategorie
WELKE SPORTEN HEBBEN HET HOOGSTE AANTAL VROUWELIJKE TRAINERS? Vrouwelijke trainers zijn vooral actief in sporten die vrouwelijke sporters het vaakst beoefenen. Het hoogste aandeel vrouwelijke trainers vinden we terug in gymnastiek (79%,), dansen (70%), fitness (64%) en paardrijden (62%,). In sporten met vooral mannelijke sporters, zoals voetbal, schieten en kaatsen, zien we nauwelijks vrouwelijke trainers, respectievelijk 6%, 5% en 5%,
3 Trainers 2015 zijn lid van een gesubsidieerde sportfederatie. Trainers 2021 zijn lid van een erkende sportfederatie.
9
33
HET AANDEEL VROUWELIJKE TRAINERS IN VERHOUDING TOT HET AANDEEL VROUWELIJKE SPORTERS
Verschil in aandeel V sporters tov V trainers
Aandeel V sporters
Aandeel V trainers
Alle sporttakken
6%
41%
35%
Ijsschaatsen
22%
63%
41%
Golf
21%
36%
14%
Wielrennen
20%
43%
23%
Volleybal
18%
60%
42%
Oriëntatielopen
15%
37%
22%
Rolschaatsen
15%
46%
31%
Klimmen
15%
35%
20%
Paardrijden
14%
77%
62%
Taekwondo 13% 37% 3 Tabel 3 Evolutie aantal en aandeel vrouwelijke trainers 2015-2020 per leeftijdscategorie
25%
Hockey
12%
48%
36%
Roeien
12%
37%
25%
Wandelen
11%
45%
33%
Kano-kajak
11%
32%
21%
Karate
11%
33%
23%
Dansen
10%
80%
70%
Badminton
9%
40%
31%
Zeilen
8%
36%
28%
Waterskiën
7%
39%
32%
Tennis
4%
42%
38%
Atletiek
4%
46%
42%
Fitness
4%
68%
64%
Korfbal
3%
44%
41%
Krachtbal
3%
36%
33%
Handbal
2%
35%
33%
Skiën
1%
36%
35%
Reddend zwemmen
-1%
42%
43%
Zwemmen
-6%
49%
56%
Gymnastiek
-8%
71%
79%
KENNISPLATFORM SPORT VLAANDEREN
Voor alle sporttakken samen ligt het aandeel vrouwelijke trainers 6% lager dan het aandeel vrouwelijke sporters. In tabel 4 zien we dat bij de helft van de sporten met meer dan 30% vrouwelijke sporters het verschil in aandeel vrouwelijke trainers t.o.v. het aandeel vrouwelijke sporters nog groter is, Bij drie sporten bedraagt het verschil meer dan 20% (ijsschaatsen, golf en wielrennen). Bij drie sporten is het aandeel vrouwelijke trainers hoger dan het aandeel vrouwelijke sporters (reddend zwemmen, zwemmen, gymnastiek).
Tabel 4 Verschil in aandeel vrouwelijke sporters en vrouwelijke trainers in Vlaamse sportclubs bij sporten met meer dan 30% vrouwelijke sporters (2021).
1033
KENNISPLATFORM SPORT VLAANDEREN
27% VAN DE SPORTCLUBBESTUURDERS IS VROUW Vrouwen hebben een lage betrokkenheid in bestuurlijke functies op sportclubniveau: slechts 27% in 2021 (Figuur 9). Tussen 2014 en 2021 is wel een stijging merkbaar van 24% naar 27%.
24%
26%
26%
27%
76%
74%
74%
73%
2014
2016
2018 Man
27%
2021
VAN DE CLUB BESTUURDERS IS VROUW
Vrouw
Figuur 9 Verdeling V/M van bestuurders aangesloten bij Vlaamse sportclubs (2014-2021)
LEEFTIJD Bij de bestuurders die actief zijn binnen een Vlaamse sportclub is het opmerkelijk dat er tot 35 jaar evenveel of meer vrouwelijke dan mannelijke bestuurders. De kloof tussen mannelijke en vrouwelijke sportclubbestuurders is vooral opmerkelijk vanaf 46 jaar (M: 69% en V: 31%). Net zoals bij de sporters en de trainers daalt ook op bestuursniveau het aandeel vrouwen naarmate de leeftijd toeneemt. Minder dan 21% van de bestuurders ouder dan 56 jaar is een vrouw.
55% 69%
45% 31%
59%
41%
49%
51%
45%
55%
36%
64%
31%
69%
24%
21%
18%
76%
79%
82%
11%
89%
20 jaar en 21‐25 jaar 26‐30 jaar 31‐35 jaar 36‐40 jaar 41‐45 jaar 46‐50 jaar 51‐55 jaar 56‐60 jaar 61‐65 jaar 66 jaar en jonger ouder Man
Vrouw
Figuur 8 Percentage vrouwelijke en mannelijke bestuurders per leeftijdscategorie (2021),
11
33
Tabel 5 geeft een overzicht van de evolutie van het aantal en aandeel vrouwelijke bestuurders per leeftijdscategorie.
Leeftijd
Aantal V Aantal V Verschil bestuurders bestuurde aantal in 2021 rs in 2015 2021‐2015
Aandeel V Aandeel V Verschil bestuurders in bestuurders aandeel 2021 in 2015 2021‐2015
3.409
3.339
70
27,04%
22,27%
4,77%
20 jaar en jonger
82
44
38
69,49%
48,35%
21,14%
21-25 jaar
125
137
-12
54,82%
54,37%
0,46%
26-30 jaar
258
246
12
59,17%
52,23%
6,95%
31-35 jaar
353
288
65
48,89%
43,90%
4,99%
36-40 jaar
393
339
54
44,66%
37,21%
7,45%
41-45 jaar
417
434
-17
36,17%
28,72%
7,44%
46-50 jaar
468
485
-17
30,91%
23,53%
7,38%
51-55 jaar
381
508
-127
23,74%
20,94%
2,80%
56-60 jaar
362
329
33
20,53%
15,89%
4,64%
61-65 jaar
265
231
34
17,99%
13,49%
4,51%
66 jaar en ouder
305
298
7
11,23%
10,53%
0,70%
Alle leeftijden samen
KENNISPLATFORM SPORT VLAANDEREN
De totale stijging van het aandeel vrouwelijke bestuurders is de afgelopen 6 jaar toegenomen met 4,77%. In de leeftijdscategorieën 20 jaar en jonger is, hoewel het aantal bestuurders daar het laagst is, het aandeel vrouwelijke bestuurders het meest toegenomen. Ook in de leeftijdscategorieën tussen 26 en 50 jaar is het aandeel vrouwelijke bestuurders erg toegenomen.
Tabel 5 Evolutie aantal en aandeel vrouwelijke bestuurders 2015-20214 per leeftijdscategorie
HET AANDEEL VROUWELIJKE BESTUURDERS IN VERHOUDING TOT HET AANDEEL VROUWELIJKE SPORTERS Voor alle sporten samen ligt het aandeel vrouwelijke bestuurders 14% lager dan het aandeel vrouwelijke sporters. In tabel 6 zien we dat bij vier sporten het verschil 20% of meer bedraagt (wielrennen, volleybal, hockey en paardrijden). Bij geen enkele sport met minstens 30% vrouwelijke leden is het aandeel vrouwelijke bestuurders hoger dan het aandeel vrouwelijk sporters. Bij sporten als reddend zwemmen, zeilen, krachtbal en atletiek is het enerzijds opvallend dat er een groot verschil is tussen het aandeel vrouwelijke bestuurders en het aandeel vrouwelijke sporters hoewel het verschil tussen het aandeel vrouwelijke sporters en vrouwelijke trainers bij deze sporten niet zo groot is.
4 Bestuurders 2015 zijn lid van een gesubsidieerde sportfederatie. Bestuurders 2021 zijn lid van een erkende sportfederatie.
1233
Verschil in aandeel V sporters tov V bestuurders
Aandeel V sporters
Aandeel V bestuurders
Aandeel V trainers
Verschil in aandeel V sporters tov V trainers
Alle sporttakken
14%
41%
27%
35%
6%
Wielrennen
31%
43%
12%
23%
20%
Volleybal
21%
60%
39%
42%
18%
Hockey
21%
48%
28%
36%
12%
Paardrijden
20%
77%
57%
62%
14%
Reddend zwemmen
19%
42%
22%
43%
-1%
IJs schaatsen
19%
63%
44%
41%
22%
Zeilen
19%
36%
17%
28%
8%
Krachtbal Oriëntatielopen
18%
36%
18%
33%
3%
16%
37%
21%
22%
15%
Klimmen
16%
35%
19%
20%
15%
Atletiek
16%
46%
30%
42%
4%
Dansen
15%
80%
65%
70%
10%
Roeien
15%
37%
22%
25%
12%
Fitness
15%
68%
54%
64%
4%
Tennis
14%
42%
28%
38%
4%
Waterskiën
13%
39%
26%
32%
7%
Taekwondo
12%
37%
25%
25%
13%
Skiën
12%
36%
24%
35%
1%
Badminton
9%
40%
31%
31%
9%
Karate
9%
33%
24%
23%
11%
Kano-kajak
8%
32%
23%
21%
11%
Handbal
7%
35%
28%
33%
2%
Rolschaatsen
7%
46%
39%
31%
15%
Gymnastiek
5%
71%
66%
79%
-8%
Golf
5%
36%
30%
14%
21%
Korfbal
3%
44%
41%
41%
3%
Wandelen
3%
45%
42%
33%
11%
Zwemmen
2%
49%
47%
56%
-6%
KENNISPLATFORM SPORT VLAANDEREN
Anderzijds zien we bij golf en rolschaatsen dat het aandeel vrouwelijke bestuurders weinig verschilt van het aandeel vrouwelijke sporters (respectievelijk 5% en 7%), maar het aandeel vrouwelijke trainers wel veel verschilt van het aandeel vrouwelijke sporters (respectievelijk 21% en 15%, Zwemmen en korfbal zijn de enige sporten waar zowel het aandeel vrouwelijke bestuurders als het aandeel vrouwelijke trainers weinig verschilt van het aandeel vrouwelijke sporters,
Tabel 6 Verschil in aandeel vrouwelijke sporters en vrouwelijke bestuurders en trainers in Vlaamse sportclubs bij sporten met meer dan 30% vrouwelijke sporters (2021).
Het is duidelijk dat we nog veraf staan van een genderevenwicht in het bestuur van sportclubs. Met 41% vrouwelijke sporters in georganiseerd verband en slechts 27% vrouwelijke sportclubbestuurders in 2021 stellen we vast dat er voor vrouwen nog een duidelijke groeimarge is om een bestuurlijke functie binnen een Vlaamse sportclub op te nemen.
13
33
16% VAN DE SPORTFEDERATIE BESTUURDERS IS VROUW
Slechts 4% van de gesubsidieerde Vlaamse sportfederaties heeft een vrouw als voorzitter van het bestuursorgaan.
16%
VAN DE SPORTFEDERATIE BESTUURDERS IS VROUW
Bij de CEO’s of algemeen verantwoordelijken van de gesubsidieerde Vlaamse sportfederaties is het aantal vrouwen met 33% beduidend hoger.
KENNISPLATFORM SPORT VLAANDEREN
Bij het bestuur van de 71 erkende Vlaamse sportfederaties in 2021 ligt het percentage vrouwen met 16% nog een stuk lager ten opzichte van de 26% vrouwelijke bestuurders in de sportclubs. Als we enkel de 51 gesubsidieerde sportfederaties in 2021 in beschouwing nemen is het percentage vrouwelijke bestuurders 17%.
De gegevens over de vrouw/man verhouding bij de Vlaamse sportclubs kan je raadplegen op het dashboard op het kennisplatform van Sport Vlaanderen https://www.sport.vlaanderen/kennisplatform/thema-sportparticipatie/dbgender-in-de-sport/
Om te werken aan een betere balans tussen het aantal vrouwelijke sporters, trainers of bestuurders ten opzichte van het aantal mannelijke sporters, trainers of bestuurders kan een sportclub, sportfederatie en het beleid gebruikmaken van positieve acties. De Ombudsvrouw Gender bracht in juli 2021 een publicatie uit over de mogelijkheden van positieve acties in het kader van sport en recht. Je kan deze publicatie Sport zoekt vrouw; vrouw zoekt sport’ downloaden op de website van de Vlaamse Ombudsdienst: https://www.vlaanderen.be/vlaamse-ombudsdienst/nieuwsberichten/sport-zoektvrouw-vrouw-zoekt-sport-een-antwoord-op-enkele-vragen-over-gendergelijkheiden-sport-die-telkens-terugkeren
COLOFON De factsheet ‘Vrouw-man verdeling in de sport’ is een uitgave van Sport Vlaanderen, tot stand gekomen via een samenwerking tussen het Datawarehouse, het Kennis- en innovatiecentrum sport (KICS), de afdeling subsidiëring en het leescomité, Verantwoordelijke Uitgever: Philippe Paquay, Agentschap Sport Vlaanderen, Arenbergstraat 5, 1000 Brussel Depotnummer D/2022/3241/231 Voor meer info of vragen over deze factsheet hilde.caers@sport.vlaanderen
Juli 2022
1433
KENNISPLATFORM SPORT VLAANDEREN
15