Skip to main content

Social_return_on_investment_sport.pdf

Page 1

Social return on investment (SROI) van sporten en bewegen in Vlaanderen


Deze publicatie is een samenvatting van het Engelstalig eindrapport dat in december 2021 aan Sport Vlaanderen werd bezorgd. De onderzoekers van de Vrije Universiteit Brussel hebben dit document gevalideerd. Dit onderzoek werd uitgevoerd door volgende organisaties en onderzoekers: • Sheffield Hallam University (vertegenwoordigd door Prof. Larissa Davies, Dr. Girish Ramchandani, Elizabeth Christy, Dr. Themis Kokolakakis, Dr. Kerry Griffiths, Prof. Peter Taylor, Prof. Simon Shibli & David Leather). • Vrije Universiteit Brussel (vertegenwoordigd door Prof. Veerle De Bosscher, Prof. Inge Derom & Margot Ricour)

Dit onderzoek werd uitgevoerd in 2020 en 2021, tijdens de coronamaatregelen in België en Vlaanderen. De data voor deze studie zijn uit het jaar 2019, het meest recente jaar voor de coronamaatregelen.

SAMENGEVAT • Sport en beweging genereren een totale sociale meerwaarde van €12,28 miljard euro.

KENNISPLATFORM SPORT VLAANDEREN

SITUERING

• Het grootste aandeel in de sociale meerwaarde van sport en beweging wordt gecreëerd door sociaal kapitaal (€5,89 miljard) met een aandeel van 48% van de totale meerwaarde.

• De ratio voor sport en beweging in Vlaanderen is 3,56; met andere woorden: elke €1 die in Vlaanderen in sport en beweging wordt geïnvesteerd (financiële en niet-financiële inputs), levert een sociale meerwaarde van €3,56 euro op.

Op hetzelfde moment werd door de onderzoekers een gelijkaardige analyse gemaakt voor Wallonië, De dataverzameling voor Wallonië werd uitgevoerd door de Université catholique de Louvain (vertegenwoordigd door Prof. Thierry Zintz, Prof. Géraldine Zeimers en Dr. Arthur Lefebvre).

Complementair aan deze studie werd een economische analyse gemaakt van de sportsector in België; de satellietrekening voor sport.

2


INLEIDING Sport heeft net als beweging een grote maatschappelijke meerwaarde. Ze dragen bij bij aan een betere gezondheid en een hogere levensverwachting, verhogen het sociaal welzijn en geluk, en creëren via vrijwilligerswerk ook een grote mate van betrokkenheid en samenhorigheid. Maar in welke mate worden deze effecten daadwerkelijk behaald? In opdracht van Sport Vlaanderen onderzochten onderzoekers van de Sheffield Hallam University en de Vrije Universiteit Brussel (VUB) de sociale meerwaarde of ‘social return on investment’ (SROI) van sport en bewegen in Vlaanderen. Dit SROI-model zet de maatschappelijke investeringen en opbrengsten die gerelateerd zijn aan sporten en bewegen om in euro’s en weegt ze tegen elkaar af om zo het rendement van sporten en bewegen te bepalen. Hiermee proberen we een antwoord te bieden op volgende vraag: Hoeveel (sociale) waarde wordt er gecreëerd door te investeren in sport en bewegen? Het gaat dan over gerealiseerde opbrengsten, maar ook over opbrengsten die zich op basis van de geleverde investeringen in de toekomst nog zullen manifesteren (bv. minder toekomstige uitgaven in de gezondheidszorg).

Dit onderzoek past in een breder onderzoeksprogramma over de waarde van sport waarbij tevens de economische waarde van de sportsector in België in beeld werd gebracht.

EEN UNIEKE ONDERZOEKSMETHODE De onderzoekers van Sheffield Hallam University brachten eerder de SROI van Engeland (2018) en Wales (2016) in kaart. In de gehanteerde methode worden gemaakte kosten (private en publieke investeringen + vrijwilligersactiviteiten) afgewogen tegenover de verschillende opbrengsten van sportparticipatie en vrijwilligerswerk in de sportsector. Op basis van de niet-financiële opbrengsten kan de sociale (meer)waarde van sporten en bewegen bepaald worden. Bij het bepalen van de sociale meerwaarde worden niet enkel de persoonlijke voordelen van sporten en bewegen in kaart gebracht, maar ook de maatschappelijke voordelen. Deze voordelen bevatten:

KENNISPLATFORM SPORT VLAANDEREN

DE SOCIALE IMPACT VAN INVESTERINGEN IN SPORT EN BEWEGEN

• De waarde van veranderingen in de kosten van de gezondheidszorg, afgeleid van veranderingen in de gezondheid van individuen dat sporten en bewegen teweeg brengt. Kostenbesparingen in de gezondheidszorg en sociale zorg komen aan iedereen in de samenleving ten goede. • De waarde van veranderingen in het sociaal kapitaal, afgeleid van de verbeterde sociale netwerken, het vertrouwen en de wederkerigheid die door sport en bewegen tot stand worden gebracht. • De waarde van veranderingen in vrijwilligerswerk, afgeleid van de toegevoegde (niet-marktconforme) waarde aan sportorganisaties die er gebruik van maken (hoofdzakelijk via sportclubs).

3


‘Het SROI-model laat ons toe om de sociale impact van sport en bewegen te objectiveren, valideren en er een financiële waarde aan toe te wijzen.’ Prof. Davies

4


Kenmerken van het onderzoek

Ook onderwijsniveau en andere indicatoren voor gemeenschapsontwikkeling, zoals cohesie binnen de gemeenschap en sociale insluiting, werden buiten beschouwing gelaten. Daarom onderschat de Vlaamse SROI waarschijnlijk de echte maatschappelijke waarde van sport en bewegen.

KENNISPLATFORM SPORT VLAANDEREN

Enkel de (sociale) effecten waarvoor de nodige internationale wetenschappelijke evidentie bestaat worden in rekening genomen. Dit zijn bijvoorbeeld gezondheid, subjectief welzijn, sociaal kapitaal en de niet-marktconforme voordelen van vrijwilligerswerk. De effecten waarvoor onvoldoende wetenschappelijk bewijs is werden, net als bij eerdere SROI-studies, niet meegenomen. Dan gaat het bijvoorbeeld over gezondheidsuitkomsten, vermindering van criminaliteit en asociaal gedrag.

Assumpties doorheen het onderzoek

Data verzameld voor 2019, het jaar voor corona uitbrak. De studie focust op sporten en bewegen, niet op topsport. Er is te weinig evidentie voor sociale meerwaarde van topsport.

Bij afwezigheid van specifieke cijfers voor Vlaanderen of Wallonië (bv. prevalentie van borstkanker, kosten van behandelingen borstkanker), worden algemene cijfers van België toegepast op Vlaanderen.

De studie focust op volwassenen >16 jaar. Voor deze groep is de empirische kennis over de sociale impact van sport en bewegen het grootst.

Bij afwezigheid van specifieke cijfers voor Vlaanderen, Wallonië of België, zullen betrouwbare cijfers met empirische evidentie worden toegepast op Vlaanderen.

Om de sociale voordelen van sport en bewegen te bepalen, wordt de drempel van 150 minuten matige fysieke activiteit per week gehanteerd. Deze keuze is gebaseerd op een consensus in internationale gezondheidsliteratuur. Deze drempel werd ook in voorgaande SROI studies toegepast.

Deze SROI-studie is een foto van het jaar 2019. We gaan er vanuit dat dit jaar een betrouwbaar beeld geeft voor een ruimere (niet-covid) periode van investeringen in de sport- en beweegsector waarbij een langdurig voordeel wordt gecreëerd.

De doelgroep omvat alle inwoners van Vlaanderen en Nederlandstalige inwoners van Brussel.

5


• Voor sportdeelname werd gebruik Het SROI-model is gebaseerd op een gemaakt van de beschikbare cijfers uit de waardenmap (zie volgende pagina), waarbij Scienscano Health Survey van 2018. 37,1% investeringen en opbrengsten tegenover elkaar van alle volwassenen haalt in die studie de worden afgewogen. Op die manier worden de norm van minimum 150 minuten matige of minimum 75 minuten intensieve fysieke inputs (investeringen) die aangewend worden activiteit per week. om bepaalde programma’s of een aanbod te realiseren (sport en bewegen) naast de 3. De opbrengsten uit het SROI-model zijn bepalend voor het hele model. Data en resultaten en maatschappelijke opbrengsten expertise over deze opbrengsten zijn geplaatst. noodzakelijk om aan te tonen dat bepaalde De dataverzameling om de waardenmap in te sociale veranderingen plaatsvinden en in vullen, werd uitgevoerd door de onderzoekers welke mate dit het geval is. Alleen van de Vrije Universiteit Brussel. Daarvoor uitkomsten waarvoor voldoende empirisch voerden zij volgende activiteiten uit: wetenschappelijk bewijs is zijn weerhouden in het model. Zo zijn er twaalf opbrengsten 1. Een stakeholders- en documentenanalyse weerhouden; negen gezondheidsuitkomsten, om de financiële en niet-financiële subjectief welzijn, sociaal kapitaal en investeringen in de sport- en beweegsector vrijwilligerscapaciteit. in kaart te brengen. Dit gebeurde op basis van directe contacten met stakeholders en • Voor de gezondheidsuitkomsten deden de via samenwerking met Statistiek onderzoekers beroep op cijfers uit Vlaanderen. Bij de berekening van de internationale studies (uit de Richtlijnen investeringen werd gecontroleerd dat over lichaamsbeweging en sedentair middelen niet dubbel werden geteld. gedrag van de Sommige cijfers werden door de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO), de organisaties of Sport Vlaanderen UK Chief Medical Officers’ Physical Activity gevalideerd. Guidelines en de Physical Activity Guidelines for Americans). Voor elk van de • Consumentenuitgaven werden bepaald op negen gezondheidsparameters basis van een survey (zie pagina 14). (hartziekten, type 2 diabetes, borstkanker, • Bepaalde investeringen zijn niet darmkanker, dementie, depressie, opgenomen; bijvoorbeeld uitgaven van heupfracturen, rugpijn en sportblessures) generieke goede doelenorganisaties die werd een risicoreductie (bijvoorbeeld lokale sportclubs steunen. Hiervoor zijn 20%) berekend voor de populatie (>16geen kwaliteitsvolle databronnen ter jarigen) omdat men sport en beweegt. Dit beschikking. Bovendien zou de impact op gebeurt door het potentieel aantal cases de totale investering in sport en te vergelijken met de generieke actieve beweging eerder gering zijn. populatie en de gemiddelde jaarlijkse 2. De resultaten uit het SROI-model zijn medische kost van deze negen bepaald door sportdeelname en gezondheidsuitkomsten. In de tabel op p. 7 vrijwilligerswerk in de sportsector. wordt de waardeberekening van de gezondheidsuitkomsten weergegeven.

KENNISPLATFORM SPORT VLAANDEREN

HET SROI-MODEL

6


WAARDEMAP SROI-MODEL STAKEHOLDERS

Publieke overheid • Sport Vlaanderen • Kabinet Sport • Kabinet Welzijn • Brussels Hoofdstedelijk Gewest / Vlaamse Gemeenschapscommissie • Lokale overheden

Dienstensector • Vlaamse sportfederatie, sportfederaties, Netwerk Lokaal Sportbeleid • Sportwerk Vlaanderen • Sportclubs • Andere sportorganisaties

Private sector • Commerciële sportaanbieders

Consumenten • Sporters/bewegers • Vrijwilligers

INVESTERINGEN Wat investeren ze?

KENNISPLATFORM SPORT VLAANDEREN

STAP 1

Wie?

STAP 2

Financieel • Overheidsuitgaven voor sport (subsidies, programma’s, uitgaven voor administratie en personeel) • Uitgaven voor de bouw en renovatie van sportinfrastructuur in Vlaanderen en Brussel • Uitgaven voor sportprogramma’s in Brussel voor Nederlandstalige doelgroepen • Uitgaven van gebruikers in Vlaanderen en Brussel (vrijwilligerstijd, lidgeld, huurgeld, uitgaven voor sportkledij, schoenen en toebehoren, reiskosten en andere kosten in functie van sport en bewegen)

Niet-financieel • Vrijwilligerstijd

RESULTATEN

Activiteiten in cijfers Sportdeelname • Aandeel uit de populatie dat sport of beweegt (minstens 150 minuten per week) • Intensiteit van sport en bewegen (matig of intensief) Vrijwilligerswerk in de sportsector • Aandeel vrijwilligerswerk in de sport (minstens één keer per maand) • Aantal uren vrijwilligerswerk

OPBRENGSTEN Welke effecten? Welke waarde?

STAP 3

Gezondheid Verbeterde fysieke en mentale gezondheid Meer sportblessures (negatief effect)

Subjectief welzijn Hogere levenstevredenheid Verbeterde gelukzaligheid Verbeterde waardigheid Sociaal kapitaal Verhoogd gevoel van verbondenheid Grotere sociale integratie Verhoogd vertrouwen Vrijwilligers productiviteit Niet-financiële voordelen (arbeid) voor sportorganisaties die werken met vrijwilligers

7


De totale kostenbesparing voor de fysieke en mentale gezondheid door sporten en bewegen in Vlaanderen wordt geschat op €1,9 miljard. Het gaat daarbij om kostenbesparingen of fiscale besparingen voor de overheid. De kostenbesparing is het grootste voor dementie (€640 miljoen) door de hoge jaarlijkse kost per case en type 2 diabetes (€611 miljoen) door het hoge aantal cases die voorkomen kunnen worden door voldoende te sporten en te bewegen.

•

Persoonlijk welzijn en sociaal kapitaal werden berekend op basis van surveydata. Bestaande gegevens over beide indicatoren bleken immers onvoldoende voor deze studie. Op basis van een online survey, uitgestuurd door de organisatie Bilendi in de zomer van 2021, werden 2.708 inwoners van Vlaanderen of Nederlandstalige Brusselaars bevraagd over: 1. Sportdeelname, frequentie en intensiteit, 2. Uitgaven aan sport en bewegen, 3. Vrijwilligerswerk, het statuut verenigingswerk, frequentie en intensiteit, 4. Persoonlijk welzijn (op basis van de WHO (five) Well-Being Index), 5. Sociaal kapitaal (op basis van Vyncke et al. (2012) en het onderzoek van de Australian Sports Commission), 6. Demografische kenmerken en inkomen.

KENNISPLATFORM SPORT VLAANDEREN

In voorgaande SROI-studies werden ook kostenbesparingen van sociale zorg en productiviteitswinsten door terugdringen van chronische aandoeningen berekend. Omdat deze data voor Vlaanderen of België niet beschikbaar zijn, werden deze niet meegenomen in de analyse voor Vlaanderen.

Gezondheidsuitkomsten en besparingen door sport en beweging

Gezondheidsuitkomst

Voorkomen cases

Jaarlijkse kost per case

Kostenbesparing (€milj)

Hartziekten

10.654

€11.373

€121.17

Type 2 diabetes

52.797

€11.590

€611.92

Borstkanker

439

€24.703

€10.84

Darmkanker

379

€24.703

€9.36

Heupfractuur

3.401

€8.652

€29.42

153.643

€1.242

€190.83

Dementie

17.292

€37.068

€640.96

Depressie

46.269

€7.838

€362.66

Rugpijn

Subtotaal Sportblessures

Netto gezondheidseffect

€1,977.15 €65.49

€133.83

€1,843.32

8


KENNISPLATFORM SPORT VLAANDEREN

Voor punten 1 tot 5 werd gevraagd om niet alleen de huidige situatie te beschrijven, maar ook een beoordeling te maken van de situatie pre-covid, verwijzend naar het referentiejaar 2019. Om persoonlijk welzijn en sociaal kapitaal om te zetten naar een monetaire waarde werd een methode van inkomenscompensatie toegepast. Daarbij berekent men hoeveel aanvullend inkomen er noodzakelijk is om een gelijkaardig niveau van persoonlijk welzijn of sociaal kapitaal te behalen, in het geval dat sportof beweegdeelname niet mogelijk zijn. Zo blijkt uit het onderzoek dat een sporter/beweger een inkomenscompensatie nodig heeft van €1.813 om een gelijkaardig niveau van persoonlijk welzijn te behouden en €2.560 compensatie voor een gelijkaardig niveau van sociaal kapitaal. Dezelfde analyse werd gemaakt voor vrijwilligers in de sport; zij hebben een compensatie van €1.917 en €4.544 nodig om hun persoonlijk welzijn en sociaal kapitaal op peil te houden. Door deze inkomenscompensaties te vermenigvuldigen met het aantal sporters/bewegers (2.043.503) en vrijwilligers (143.808) wordt een sociale waarde van sport en bewegen van €3,98 miljard toegeschreven aan persoonlijk welzijn en €5,89 miljard aan sociaal kapitaal.

De waarde van de productiviteit van vrijwilligerswerk werd berekend op basis van het gemiddelde loon van een vrijwilliger en het totale aantal arbeidsuren van vrijwilligers in de sport- en beweegsector. Op die manier is de niet economische waarde van die arbeid voor sportorganisaties gelijk aan €574,12 miljoen.

9


De resultaten voor Vlaanderen, zoals ook weergegeven in de tabel op pagina 14 geven aan dat:

1.

Er een totale sociale meerwaarde door sport en bewegen wordt gegenereerd van €12,28 miljard.

2.

Het grootste aandeel in de sociale meerwaarde van sporten en bewegen wordt gecreëerd door sociaal kapitaal (€5,89 miljard) met een aandeel van 48% in de totale meerwaarde.

1.

De ratio voor sporten en bewegen in Vlaanderen 3,56 is. Met andere woorden: elke €1 die in Vlaanderen in sport en beweging wordt geïnvesteerd (financiële en niet-financiële inputs), levert een sociale meerwaarde op van €3,56.

KENNISPLATFORM SPORT VLAANDEREN

RESULTATEN VAN HET ONDERZOEK

10


11


Een investering van €1 in de sport- en beweegsector in Vlaanderen levert een sociale meerwaarde op van €3,56


In de survey werd gevraagd om de vragen voor persoonlijk welzijn en sociaal kapitaal in te vullen voor zowel de pre-covid periode (2019) als voor de huidige toestand (juli/augustus 2021). De verschillende scores voor beide concepten kunnen dan ook vergeleken worden. De eerste tabel maakt een vergelijking voor persoonlijk welzijn, de tweede tabel voor sociaal kapitaal. PERSOONLIJK WELZIJN

PRE-COVID 2019

COVID PERIODE 2021

Sportdeelname

€1.813

€2.590

Vrijwilligerswerk

€1.917

€2.895

KENNISPLATFORM SPORT VLAANDEREN

Impact van corona op persoonlijk welzijn en sociaal kapitaal

De inkomenscompensatie voor persoonlijk welzijn is hoger tijdens de covid-periode dan vóór de covid-periode. Dat zowel op basis van sportdeelname (sporten en bewegen) als vrijwilligerswerk. De onderzoekers wijzen daarvoor op twee mogelijke verklaringen. Mogelijks hebben respondenten systematisch hun mate van sociaal welzijn in 2019 onderschat, al is het gissen naar een specifieke reden waarom ze dat collectief gedaan zouden hebben. Een andere meer plausibele verklaring is dat respondenten tijdens de periode van beperkingen op hun sport en beweeggedrag (2021), een hogere inschatting hebben gemaakt van de bijdrage die sporten en bewegen levert aan hun welzijn. PRE-COVID 2019

COVID-PERIODE 2021

Sportdeelname

€2.560

€1.836

Vrijwilligerswerk

€4.544

€4.807

SOCIAAL KAPITAAL

Voor sociaal kapitaal zien we een omgekeerd fenomeen; de inkomenscompensatie precovid voor sportparticipatie is hoger dan de waarde tijdens de covid-periode. Sociaal kapitaal op basis van sportdeelname is voornamelijk gerealiseerd door teamsporten of sporten waarin een grote mate van interactie met anderen mogelijk is. Net die sportbeleving was door de coronamaatregelen niet meer mogelijk. Sociaal kapitaal op basis van vrijwilligerswerk in de sport scoort hoger tijdens de covid-periode dan precovid. Respondenten hebben hier mogelijks tijdens een periode van beperkende maatregelen (meer) beseft welke bijdrage vrijwilligerswerk geeft aan de ontwikkeling van hun sociaal kapitaal.

13


De resultaten van dit onderzoek voor Vlaanderen kunnen we vergelijken met de studie voor Wallonië die door dezelfde onderzoekers gelijktijdig werd gemaakt. Onderstaande tabel geeft een korte samenvatting van studies voor Vlaanderen en Wallonië.

Vlaanderen

Wallonië

Publieke investeringen

€ 1.159

€ 526

Uitgaven consumenten

€ 1.709

€ 653

€6

-

€ 574

€ 505

€ 3.449

€ 1.685

€ 1.843 (15%)

€ 759 (37%)

Persoonlijk welzijn

€ 3.980 (32%)

€ 430 (21%)

Sociaal kapitaal

€ 5.885 (48%)

€ 342 (17%)

€ 574 (5%)

€ 505 (25%)

€ 12.283

€ 2.037

3,56

1,21

Bedragen in miljoen INVESTERINGEN

Dienstensector

Tijd van vrijwilligers Totale investeringen

KENNISPLATFORM SPORT VLAANDEREN

REFLECTIE

OPBRENGSTEN

Fysieke en mentale gezondheid

Productiviteit vrijwilligerswerk Totale opbrengsten

SROI De verhoudingen tussen de twee studies zijn gelijkaardig. De maatschappelijke investeringen en opbrengsten zijn groter in Vlaanderen dan in Wallonië. Ook het netto resultaat is daardoor groter in Vlaanderen met een SROI score van 3,56 tegenover 1,21 in Wallonië. Als we kijken naar het aandeel van de verschillende maatschappelijke opbrengsten, dan zien we in Vlaanderen een sterk aandeel voor sociaal kapitaal (48%) en persoonlijk welzijn (32%). In Wallonië zijn de fysieke en mentale gezondheid (37%) en de productiviteit van vrijwilligers (25%) de grootste maatschappelijke opbrengsten van sporten en bewegen. In 2018 werd ook een SROI studie gemaakt voor Engeland, maar de databronnen voor Engeland zijn te sterk

verschillend van de studie voor Vlaanderen en Wallonië om een goede vergelijking te maken. De Engelse studie resulteerde in een SROI-score van 3,28. In Engeland werd echter ook de individuele ontwikkeling en de dalende criminaliteit in rekening gebracht omdat daarvoor een wetenschappelijk evidentie aanwezig was. Bovendien werd naast sport en beweging ook actief transport (active travel) als resultaat opgenomen (bv. fietsen of wandelen naar het werk, de winkel,…). We kunnen daardoor geen uitspraken doen in welke mate maatschappelijk opbrengsten groter of kleiner zijn in vergelijking met Engeland.

14


KENNISPLATFORM SPORT VLAANDEREN

CONCLUSIE Dit onderzoek toont aan dat sport en beweging een aanzienlijke sociale bijdrage leveren aan diverse maatschappelijke doelstellingen. Met dit onderzoek tonen we aan dat de investeringen in sporten en bewegen gerechtvaardigd zijn, aangezien de maatschappelijke toegevoegde waarde de investeringen ruimschoots overstijgt. We kunnen daarom concluderen dat investeren in sport en beweging kosteneffectief is voor het aanpakken van sociale kwesties op meerdere beleidsagenda's van de verschillende overheden in Vlaanderen. Om de maatschappelijke impact verder te vergroten, moet (investeringen in) sporten en bewegen verder gestimuleerd worden zodat nog meer mensen in Vlaanderen van de individuele en collectieve maatschappelijke voordelen kunnen genieten.

15


COLOFON D/2022/3241/098 Deze publicatie is een samenvatting van het Engelstalig eindrapport van Sheffield Hallam University en de Vrije Universiteit Brussel. Deze publicatie is ook te raadplegen via sport.vlaanderen/kennisplatform. Eindredactie

Jasper Truyens Maart 2022

Verantwoordelijke uitgever Philippe Paquay Administrateur-generaal Agentschap Sport Vlaanderen

Arenbergstraat 5, 1000 Brussel

16


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook